Inhoudelijk Kader #InDeBuurt 1. Ambitie Sociale verbanden en contacten tussen inwoners zijn de basis van de Amersfoortse samenleving. Inwoners helpen we om zelf hun leven in te richten, met ondersteuning waar nodig. Het geheel van sociale verbanden, contacten en ondersteuning noemen wij de sociale basisinfrastructuur. De ondersteuning binnen de sociale basisinfrastructuur richten we in Amersfoort opnieuw in. Gebleken is, dat we met de huidige wijze van aansturing en vormgeving van de SBI onvoldoende snel en vergaand de veranderingen kunnen vormgeven. Wij versterken met het nieuwe model met de naam #InDeBuurt - het netwerk van formele en informele voorzieningen en verbanden in de wijk en buurt. Dat doen we met laagdrempelige voorzieningen die inwoners de mogelijkheid bieden tot advies (persoonlijk of digitaal), ontmoeting en lichte ondersteuning en toerusting. Daarnaast spannen we ons in om vrijwilligers en mantelzorgers actief te ondersteunen bij hun waardevolle inzet. De combinatie van voorzieningen en functies in #InDeBuurt zorgt voor een stevig sociaal fundament met een preventieve en vroeg signalerende werking. De verbinding met het wijkteam moet daarvoor sterk zijn. Het wijkteam moet kunnen bouwen op de SBI om hulpvragers zoveel en zo snel mogelijk weer op eigen benen te zetten door gebruik te maken van collectief toegankelijke voorzieningen en formele en informele netwerken. Bovenstaande voorzieningen worden momenteel ingevuld door verschillende professionele welzijnsorganisaties. Vanaf 2017 is deze professionele ondersteuning nog steeds hard nodig, maar we verschuiven het accent nog meer dan nu al het geval is - naar het sociale netwerk van inwoners zelf. Onze ambitie is: - een focus per wijk waarin de kracht van bewoners en bewonersinitiatieven maximaal wordt benut - meerjarige resultaatgerichte afspraken - flexibiliteit in budget en inzet - eenduidige coördinatie op de SBI per wijk en op stedelijk niveau - meer ondersteuning voor initiatieven van (groepen) inwoners - meer aansluiting met de ondersteuning die de wijkteams vragen voor hun cliënten - meer zorg en ondersteuning voor in de keten en minder in de specialistische zorg In bijlage 1 hebben wij dit streefbeeld ook beschreven 2. Beleidskaders en uitgangspunten 2.1 Beleidskader sociaal domein gemeente Amersfoort De gemeente Amersfoort is verantwoordelijk voor het inrichten van het systeem van de sociale basisinfrastructuur. De uitvoering in de wijken en de stad wordt door derden gedaan. Wij zoeken één partij die de coördinatie van alle welzijnsactiviteiten op zich neemt én de basisfuncties zelf uitvoert. In het meerjarig beleidskader Beweging in het sociaal domein zijn de volgende doelstellingen opgenomen voor de sociale basisinfrastructuur: - Het stimuleren van initiatieven om collectieve vormen van ondersteuning op te zetten, zowel formele als informele initiatieven. - Zorgen dat bewoners weten waar zij terecht kunnen met vragen op het gebied van het sociaal domein en hun weg kunnen vinden naar zorg en ondersteuning en voorzien daartoe in goed toegankelijke informatie en advies
- Streven naar open en prettige plekken in wijken voor ontmoetingen, waarbij we aansluiten bij natuurlijk ontstane en bestaande plekken - De stad ook fysiek zoveel als mogelijk toegankelijk maken en houden voor mensen met een fysieke beperking. Voor de SBI geldt dat activiteiten en voorzieningen vrij toegankelijk moeten zijn, ook voor mensen met een fysieke beperking. - Mantelzorgers als specifieke groep te ondersteunen en te ontlasten bij hun taak en dat samen met mantelzorgers en mantelzorgorganisaties op te pakken. Daarnaast hebben wij in 2014 een aantal ontwikkelvragen geformuleerd, waarvan we verwachten dat de aanvrager deze verwerkt in de aanvraag: - Een goed pedagogisch klimaat draagt bij tot het voorkomen van problemen bij kinderen en jongeren en is daarmee een belangrijke versterking van de sociale basisinfrastructuur van de stad. Op welke wijze het leer- en ontwikkelklimaat voor kinderen en jongeren het beste versterkt kan worden vraagt nog om nadere uitwerking. - Formele en informele initiatieven lopen steeds meer door elkaar heen. Vrijwilligers helpen bijvoorbeeld formele zorgaanbieders en informele initiatieven worden steeds professioneler. Deze ontwikkeling vraagt de komende tijd aandacht van alle betrokkenen. Professionele organisaties kunnen informele initiatieven meer ondersteunen en inzetten. En er moet ook worden gesproken over de positie van vrijwilligers en inwoners in de hulpverlening. Hoeveel mag je doen? Waar ligt de grens? Hoe ga je om met privacy- regels? Daarnaast is een vraag hoe we overbelasting van vrijwilligers voorkomen. 3.2 Uitgangspunten Deze uitvraag voor de subsidieregeling gaat over drie thema s, die zowel wijkgericht als stedelijk tot uiting komen: 1. Opgroeien en opvoeden: kinderen en jongeren groeien op in een vertrouwde, veilige en uitdagende omgeving. Bijvoorbeeld het pedagogisch klimaat en netwerken rondom ABC scholen. 2. Samenredzaamheid bevorderen: inwoners die moeite hebben met participeren worden ondersteund om zelfstandig te kunnen leven en wonen. Denk aan ouderen en de ondersteuning van mantelzorgers en vrijwilligers 3. Sociale leefbaarheid: inwoners geven in hun wijk en buurt zelf vorm aan een vertrouwde, veilige, uitdagende en actieve sociale leefomgeving. Bijvoorbeeld initiatieven om buurten te versterken en het ontmoeten in buurtkamers en huizen. Binnen elk thema vragen we om een professionele basis op drie functies: 1. Advies en informatie: waar kan ik terecht met mijn vragen, hoe kan ik helpen, wie kan mij helpen? 2. Ontmoeten: het contact met buurt- en lotgenoten 3. Ondersteuning en toerusting: mensen helpen om hun leven op orde te krijgen of houden, of bijvoorbeeld mantelzorg te kunnen blijven bieden Bijlage 1 bevat een uitgewerkte versie van bovenstaande thema s en functies. Professionele basis in elke wijk en op stedelijk niveau Ons uitgangspunt is dat er altijd professionals aanwezig zijn in een wijk, die zorg dragen voor de drie functies. Om ondersteuning te bieden aan informele organisaties en om een vangnet te bieden als het informele netwerk dit niet biedt. Wij willen deze professionele basis hebben om te borgen dat er altijd ondersteuning is in een wijk en niemand wordt uitgesloten. Het uitgangspunt wijkgericht tenzij is voor ons leidend. Daarbij kijken we kritisch naar het aanbod van stedelijke voorzieningen. Voor enkele combinaties van thema en functie is het stedelijke schaalniveau meer passend, vanwege efficiency, of de kenmerken van de doelgroep. Wij hanteren bij de subsidieregeling de indeling in wijken zoals die ook door de sociale wijkteams wordt gehanteerd. Zie bijlage 2 voor een beschrijving van de wijkindeling en ook de stadsgebiedscans (link in bijlage 4) voor een inhoudelijke typering. Dialoognotitie 2
Rol arrangeur #InDeBuurt gaat primair over het koppelen van formele en informele inzet om inwoners een steuntje in de rug te bieden. Dat koppelen van formele en informele netwerken zal vanaf 2017 gebeuren door sociaal arrangeurs. Ervaringen met netwerken leert dat de kwaliteit en stabiliteit ervan sterk afhangt van de kwaliteit van de arrangeur. Onzichtbaar waar gewenst, aanwezig waar nodig. Arrangeurs zijn experts in het versterken van het sociaal functioneren van individuen en groepen. Zij zijn goed in verbinding, begeleiding, samenwerking, activering en inbedding. Professionele ondersteuning bestaat bovendien niet alleen uit het begeleiden en ondersteunen van inwoners en initiatieven, maar ook uit het appelleren aan de expertise en het organiserend vermogen van actieve inwoners om samen met of zonder professionals sociale vraagstukken op te lossen. De benodigde capaciteit van deze sociaal arrangeurs per wijk kan verschillen naar gelang de sociale vraagstukken in - en de draagkracht van - een wijk. Sociaal arrangeurs verbinden zich ook met bijvoorbeeld onderwijs, veiligheid, sport, cultuur en werken nauw samen met gebiedsmanager, wijkteams en kleinere gesubsidieerde welzijnsinitiatieven zoals natuur- en milieu-educatie centra. 3.3 Samenwerking Amersfoort werkt vanaf 2015 met sociale wijkteams in elke wijk. Zie ook onderstaande afbeelding. Deze wijkteams zijn een belangrijke schakel in de de zorg en ondersteuning van inwoners. Vanaf 2017 worden deze wijkteams in een externe stichting ondergebracht. Zie ook de link naar het raadsvoorstel in bijlage 4. De samenwerking met de wijkteams is zeer belangrijk in het bieden van zorg en ondersteuning en wij verwachten van de aanvrager dat deze in nauw overleg met de wijkteams zijn plan van aanpak opstelt en ook gedurende de uitvoering goed samenwerkt. Amersfoort werkt gebiedsgericht, waarbij een gebiedsmanager verantwoordelijk is voor het opstellen en realiseren van een plan van aanpak per wijk. Deze plannen van aanpak beschrijven de prioriteiten per wijk op de thema s sociaal, fysiek en veiligheid. Hier is dus een raakvlak met de plannen van aanpak vanuit de SBI. Figuur 1: Overzicht van het Amersfoortse zorgnetwerk Dialoognotitie 3
Afbakening Deze uitvraag gaat over het bieden van een professionele basis op de drie beschreven functies, en gericht op de drie effecten. Uitgezonderd van deze uitvraag zijn subsidiabele activiteiten op het gebied van onder andere: Beheer van gemeentelijke accommodaties Sport, cultuur en onderwijs Gezondheidszorg en gezonde wijk aanpak Lopende subsidies relaties met kleinere welzijnsinitiatieven Re-integratie en dagbesteding Zorg, zoals geleverd via de WMO Wel verwachten wij dat u samenwerkt met deze partners en in uw aanvraag laat zien hoe u deze samenwerking vormgeeft. 4. Eisen en voorwaarden Wij zoeken één partij die #InDeBuurt in Amersfoort gaat coördineren én de professionele basis (op de drie beschreven thema s én functies) zelf uitvoert. Deze partij is via een subsidierelatieeindverantwoordelijk voor de gehele aansturing en uitvoering. Dit mag een samenwerkingsverband zijn, maar wij willen één formele subsidiepartner. Figuur 2: Overzicht van de relaties tussen aanvrager en de gemeente Amersfoort, de subsidieregelingen en het Amersfoortse formele en informele netwerk Eisen De aanvrager moet in ieder geval aan de volgende vereisten voldoen: De aanvrager kan snel verbinding maken met de formele en informele netwerken in Amersfoort De subsidiabele activiteiten die de aanvrager uitvoert mogen geen winstoogmerk hebben De aanvrager is financieel gezond en kan stukken overleggen van de afgelopen 3 jaar waaruit dat blijkt Dialoognotitie 4
De aanvrager kan aantonen dat hij minimaal 3 jaar ervaring heeft met het aanbieden van de gevraagde taken en functies Planvorming De aanvrager stelt jaarlijks een plan van aanpak per wijk op, en een plan op stedelijk niveau. Hierbij maakt hij in ieder geval gebruik van: Belangrijke partners in de wijken en stad, zoals inwoners, gebiedsmanager en politie. De wijkscans (stadsgebiedscans), deze dient de aanvrager ook elke 2 jaar te vernieuwen De beschikbare informatie over zorg en ondersteuning vanuit onder meer de GGD monitor en onderzoek van de gemeente Analyses van de sociale wijkteams Subsidierelaties De uitvoering loopt via twee afzonderlijke subsidieregelingen. Zie figuur 2 voor een overzicht van de relaties tussen de subsidieregelingen en de verantwoordelijkheidsrelatie. De coördinerende partij ontvangt jaarlijks een subsidiebudget dat zij inzet om een professionele basis te leveren in elke wijk (en op onderdelen stedelijk) op de drie basisfuncties en thema s, door de inzet van sociaal arrangeurs. Dit budget voor de basiscapaciteit wordt jaarlijks vastgesteld (op basis van de gemeentelijke begroting en de plannen van aanpak) door het college van B&W van de gemeente Amersfoort. Naast het bieden van een professionele basis is de aanvrager verantwoordelijk voor een flexibel in te zetten budget (uitgevoerd via een afzonderlijke subsidieregeling) waarmee hij formele en informele organisaties (via onderaannemerschap) kan inschakelen om aanvullende welzijnsactiviteiten in te zetten in (een) wijk(en) en/of op stedelijk niveau. Bij het definiëren van de benodigde aanvullende inzet kijkt hij eerst naar wat inwonersinitiatieven al bieden - en in potentie kunnen bieden - alvorens afspraken te maken met formele organisaties. Informele initiatieven krijgen via het right to challenge ruimte als de initiatiefnemers ervan van mening zijn dat zij beter en efficiënter werken dan formele organisaties. Het flexibel in te zetten budget wordt jaarlijks per wijk vastgesteld, waarbij ook een deel gereserveerd wordt voor stedelijke voorzieningen. De partij (of leden van zijn coalitie) gecontracteerd via subsidieregeling 1 mag het flexibele budget niet inzetten om eigen activiteiten te bekostigen. Wat nodig is in een wijk varieert per jaar en soms gedurende het jaar. Daarom wordt een deel van het flexibel in te zetten budget per wijk niet vooraf in het plan van aanpak vastgelegd bij onderaannemers. De aanvrager zet dit onvoorziene budget in overleg met de belangrijkste partijen in de wijk in. Denk aan formele partijen als wijkteam en gebiedsmanager, maar ook inwoners en informele partijen. Om snel en flexibel te kunnen reageren op onverwachte omstandigheden krijgt de aanvrager daarnaast de mogelijkheid om te schuiven met een deel (maximaal 10 procent) van het budget per wijk of voor de stedelijke voorzieningen. Dialoognotitie 5
Sociaal arrangeurs Informele organisaties Formele organisaties Figuur 3 is een voorbeelduitwerking van de beschikbaarheid van vaste, flexibele en onvoorziene middelen, onderverdeeld in de twee subsidieregelingen Dialoognotitie 6
Bijlage 1: STREEFBEELD SBI Hierna een beschrijving van de toekomstige ondersteuning in de wijken. Er is één formele organisatie die de inzet van de SBI aanstuurt (hierna SBI-partner) en bepaalt hoe de drie SBI-functies (informatie & advies, ontmoeting, (lichte) ondersteuning en toerusting) ingevuld worden. Deze partij maakt jaarlijks een plan per wijk. Dat gebeurt op basis van een wijkscan, de beschikbare informatie over zorg en ondersteuning, gesprekken met inwoners, wijkteams, gebiedsmanagers en politie. Op basis hiervan bepaalt deze partij de professionele inzet die zij nodig acht voor de gewenste functies en om de afgesproken resultaten te behalen. Dit plan wordt vastgesteld door het college. Wat nodig is in een wijk varieert per jaar en soms gedurende het jaar. Daarom leggen wij een deel van het budget per wijk niet vooraf vast in projecten of vaste formatie. De SBI-partner beschikt over dit variabele budget en zet dit in overleg met de belangrijkste partijen in de wijk in. Denk aan formele partijen als wijkteam en gebiedsmanager, maar ook inwoners en informele partijen. Bij het definiëren van de benodigde inzet kijkt de SBI-partner eerst naar wat inwonersinitiatieven al bieden en in potentie kunnen bieden alvorens afspraken te maken met betaalde professionals. De SBI-partner kan in de praktijk bestaan uit een fusie van meerdere (bestaande) partijen, of juist een kleine coördinerende organisatie zijn die met onderaannemers werkt. Wij laten het graag over aan belangstellende partijen om met voorstellen te komen. Voor ons is het van belang dat er een duidelijke verantwoordelijke en één aanspreekpunt is. Ook moet uit de voorstellen van de partner blijken dat zij de kracht van informele partijen maximaal benut en hen ondersteunt. Wij verwachten dat dit ook daadwerkelijk tot uitdrukking komt in beschikbare middelen voor informele partijen, bijvoorbeeld via het right to challenge. Daar waar aanvullende inzet vereist is, organiseert de SBI-partner dit, deels met eigen personeel, deels met formele inzet van andere partners. Uitgangspunten hierbij zijn dat de formatie van de coördinerende partner niet groeit, dat we ruimte geven aan inwoners en dat informele ondersteuning voorrang krijgt. Hoe actief inwoners in een wijk ook zijn, wij vinden dat er altijd een basis aan professionele sociale ondersteuning in de wijk moet zijn. Dit noemen we vooralsnog sociaal arrangeurs. De benodigde capaciteit van deze arrangeurs per wijk kan verschillen naar gelang de problematiek in een wijk en de draagkracht van een wijk. Maar er is dus altijd een professionele structuur, die borgt dat de drie functies aanwezig zijn in een wijk. Ter illustratie 1. In een wijk is een goedlopend initiatief om vraag en aanbod voor eenvoudige klusjes zoals administratie, boodschappen doen of tuinonderhoud bij elkaar te brengen. Dan is hier geen aanvullend professioneel aanbod vereist. Wel is professionele ondersteuning bij het opzetten of versterken van zo n initiatief vaak gewenst. Als dit goed loopt laat de sociaal arrangeur los en volgt op afstand. 2. Gedurende het jaar wordt in een buurt geconstateerd dat extra inzet noodzakelijk is om eenzaamheid van inwoners te verminderen. Hiervoor kan variabel budget worden aangewend om initiatieven van inwoners te ondersteunen en waar nodig professionele capaciteit en deskundigheid in te zetten. Indien nodig worden activiteiten met lagere prioriteit stopgezet, in overleg met de partners in de wijk. Dialoognotitie 7
Budgetten kunnen ook schuiven tussen wijken. De raad bepaalt het jaarlijks beschikbare budget voor de SBI. Het college bepaalt jaarlijks de verdeling van het beschikbare budget tussen de wijken. Tussentijds wordt bekeken of deze inzet afdoende is, of dat verschuivingen van inzet tussen wijken of met stedelijke ondersteuning vereist zijn. Wijzigingen van het wijkbudget kunnen alleen in overleg met het college worden doorgevoerd. Ten tweede de stedelijke voorzieningen. Op stedelijk niveau bieden we informatie en advies aan voor inwoners en professionals. We willen graag dat iedere Amersfoorter toegang heeft tot informatie en advies. Telefonisch gebeurt dat via het KC. De SBI-partner voorziet hierin digitaal. Daarnaast zijn er een aantal voorzieningen denkbaar die vanwege de schaal van of vindbaarheid voor de doelgroep op stedelijk niveau georganiseerd worden. Zoals de ontmoetingsfunctie die Weekendtref biedt en onafhankelijke cliëntondersteuning (bijvoorbeeld voor mensen met een beperking en sociaal raadslieden). Uitgangspunt voor de taakverdeling tussen stedelijk en wijkgericht, is dat deze wijkgericht is. Een voorziening wordt alleen stedelijk georganiseerd als dit voordelen heeft voor vindbaarheid en efficiency. Ten derde is het belangrijk om te benoemen dat er op stedelijk en wijkniveau veel partijen actief zijn binnen de SBI die niet of beperkt gesubsidieerd worden, zoals de Voedselbank en het Geldloket. Daarnaast zijn er ook partners die een andere kerntaak hebben, maar wel van belang zijn voor de SBI: (sport)verenigingen, kerken, moskeeën, scholen. Er is dan ook actieve afstemming met deze partijen door de SBI-partner. Wij zijn verantwoordelijk voor de afstemming tussen SBI, wijkteams, veiligheid en het fysieke domein. De kennis van individuele problematiek is aanwezig bij professionals in de stad en wijken, en bij uitvoerende afdelingen in het stadhuis zoals de afdeling Werk, Inkomen en Zorg. Ons college kan aanwijzingen geven aan de SBI-partner om thema s met prioriteit op te pakken. De wijkteams schakelen ook regelmatig met SBI-partners zowel op casusniveau als op wijkniveau om de benodigde inzet en prioriteiten te bepalen. Wijkteams zijn formeel geen opdrachtgever voor de SBI, maar een belangrijke ketenpartner. Daar waar conflicterende belangen ontstaan in een wijk kan uiteindelijk ons college een uitspraak doen. Ter illustratie: Als in een wijk of buurt sprake is van jongerenoverlast en de SBI-partner onvoldoende (snel) maatregelen neemt kan de gebiedsmanager een aanwijzing geven om dit met prioriteit op te pakken. De gebiedsmanager is verantwoordelijk voor de brede afstemming tussen de peilers fysiek, sociaal en veilig. De raad bepaalt jaarlijks de beschikbare budgetten voor de SBI. Wij stellen het jaarplan en de begroting van de SBI-partner vast en monitoren de uitvoering hiervan. De SBI-partner verantwoordt jaarlijks de inzet van de middelen en de bereikte effecten op basis van vooraf vastgestelde indicatoren (we vragen om te tellen én vertellen). Op basis hiervan informeren wij de raad. Wij sturen op basis van beoogde effecten voor opgroeien en opvoeden, kwetsbaarheid en leefbaarheid. In de sturing geven wij ruimte aan de SBI-partner om per wijk te doen wat nodig is, maar houden een vinger aan de pols via de wijkteams en gebiedsmanagers. Daarnaast stellen wij eisen aan de betrokkenheid van inwoners en informele initiatieven bij het opstellen van de wijkplannen voor de SBI en de jaarverantwoording. Dialoognotitie 8
Ter illustratie: Uit de jaarverantwoording blijkt dat er in een wijk geen informele organisaties actief zijn. In dit geval bespreekt de accounthouder met de SBI-partner wat er aan de hand is, en wat vereist is om inwonersinitiatief op te bouwen. Dit wordt vastgelegd in een plan van aanpak en gemeente kan een directe aanwijzing geven. In het uiterste geval kan het niet voldoen aan de eisen leiden tot opzegging van de subsidierelatie. Tot slot de financiering van de SBI. Het totale budget voor de organisatie van de functies van de SBI willen wij voor meerdere jaren vaststellen. Het budget wordt door de SBI-partner per wijk verdeeld op basis van de bij ons beschikbare indicatoren en opgedane ervaring met de wijken. Daarnaast is er een budget beschikbaar voor stedelijke voorzieningen. Het budget per wijk wordt door de SBIpartner verdeeld in drie componenten: 1. Financiering van de basiscapaciteit aan professionele ondersteuning in een wijk (de sociaal arrangeurs en voorzieningen die de drie functies invullen). 2. Een variabel budget voor lopende inwonersinitiatieven, geplande inzet van deskundigen en specialisten. Dit budget is dus niet meerjarig ingevuld met vaste formatie. 3. Een derde deel voor onvoorziene situaties. Het college maakt afspraken met de SBI-partner over de verdeling en verantwoording van dit budget op jaarbasis. Hiermee geven wij ook invulling aan motie 2015-202M. Jaarlijks rapporteert het college aan uw raad over de bereikte resultaten in de SBI. Dialoognotitie 9
Bijlage 2: Gehanteerde wijkindeling Bovenstaande wijkindeling wordt ook gebruikt door de wijkteams Dialoognotitie 10
Bijlage 3: Relevante achtergrondinformatie Meerjarig beleidskader sociaal domein Amersfoort: https://amersfoort.notudoc.nl/cgi-bin/agenda.cgi/action=punt/id=426815 Relevante raadsdocumenten: Rondetafelgesprek 15 december: http://amersfoort.notudoc.nl/cgibin/showdoc.cgi/env=help/action=view/id=1412373/type=pdf/gespreksnotitie_sociale_ba sis_infrastructuur_2017_en_verder.pdf Peiling 19 januari: http://amersfoort.notudoc.nl/cgibin/showdoc.cgi/env=help/action=view/id=1430327/type=pdf/peiling_inrichting_sociale_b asisinfrastructuur_2017_en_verder.pdf Informatieronde 3 maart: http://amersfoort.notudoc.nl/cgibin/showdoc.cgi/env=help/action=view/id=1457646/type=pdf/gespreksnotitie_kaders_ten der_sociale_basis_infrastructuur_2017_en_verder.pdf Amersfoort in cijfers: https://amersfoortincijfers.nl Stadsgebiedscans Sociale Basisinfrastructuur Amersfoort: https://www.amersfoort.nl/web/file?uuid=41e2af0c-3467-4893-8e4de0ad76ef475a&owner=a46adc0b-3fdf-46de-afba-c11e346680c1&contentid=1934 Nieuwe organisatievorm sociale wijkteams Amersfoort: http://amersfoort.notudoc.nl/cgi- bin/showdoc.cgi/env=help/action=view/id=1457657/type=pdf/raadsvoorstel_en- _besluit_nieuwe_organisatievorm_wijkteams_amersfoort.pdf Monitoring sociaal domein: https://amersfoort.notudoc.nl/cgi-bin/showdoc.cgi/action=view/id=1386369/.pdf Mantelzorg 2016-2020 in Amersfoort: Vaststelling door de gemeenteraad in april 2016 Dialoognotitie 11