Annemarijn Verbeeck,

Vergelijkbare documenten
Toonhoogte. Toonaarden Groot of klein

GELUIDSLEER 1. TRILLINGEN

Hagelandse Academie voor Muziek en Woord OEFENINGENBOEK. Naam:...

De opbouw van notenladders

Kempische Steenweg Hasselt Tel. : Basistheorie m.b.t. de toelatingsproeven voor het 4 e en 5 e jaar

INLEIDING KLASSIEKE EN ALTERNATIEVE TOONSYSTEMEN

Hagelandse Academie voor Muziek en Woord OEFENINGEN BOEK L2 NAAM:... Hagelandse Academie voor Muziek en woord - AMV L 2 - Oefeningenboek p.

MUZIEK EN WISKUNDE: samen klinkt het goed! INTERVALLEN: KWINT EN OCTAAF

Hagelandse Academie voor Muziek en Woord THEORIE L3. Naam:...

Peter van Kranenburg. Klavierstemmingen in 17e-eeuwse geschriften

sample L E S 18 â. " % O O O O \ \ % O O O O . =75 Uit het fragment For Children :

De toonhoogte wordt hierbij bepaald door de lipspanning van de speler en de lengte van de buis.

sinusfuncties geluid muziek

Wiskunde in muziek: voormiddag. WiskuNde in-zicht. Pieter Belmans Matthias Roels

Harmonia Caelestium. Bart Dierickx, caeleste

Wiskunde in muziek: voormiddag. WiskuNde in-zicht. Pieter Belmans Matthias Roels

Intervallen. Een interval is de afstand tussen twee tonen. Dit kan melodisch of harmonisch zijn.

sample Les 17 - $. 2. G & \ \.. % \ \ #. " 2. Am ...#. -.# .! - %. # ... D -.!... E.! - Les 17: CD 2 nr 9 û $... & \ \ 1. D

DE JUISTE TOON. Seminar Hout- en Meubileringscollege. afdeling Pianotechniek. 17 december Jan van de Craats

sample G = sol Let op volgende zaken:

DE ZINGENDE TOREN pag. 1

Toonaarden. Grote en kleine tertstoonladders

Geschreven Harmonie. Annemarijn Verbeeck Page 0

Luister naar de muziekfragmenten en verbind de juiste bezetting met elk orkest.

Hagelandse Academie voor Muziek en Woord L 1 NAAM:... Hagelandse academie voor Muziek en Woord - AMV L1 : Theorie p.

Hagelandse Academie voor Muziek en Woord THEORIE L2 NAAM:... Hagelandse academie voor muziek en woord - AMV L2 : Theorie p.

Hagelandse Academie voor Muziek en Woord THEORIE L4. Naam:...

Viool RVDH Rob van der Haar Sneek Blz. 1

De hele noot Deze noot duurt 4 tellen

De horizontale lijnen geven de normale luchtdruk weer. Boven de horizontale lijn verhoogt de luchtdruk, onder de lijn vermindert de luchtdruk.

Waldhoorn-zijpaden. Inleiding

ALGEMENE MUZIEKLEER VOOR HET B-EXAMEN

Over afstanden in een toonladder, majeur en mineur (noodzakelijk voorproefje)

Alles over akkoorden en akkoordverbindingen. Klassieke Harmonieleer

De natuurlijke rij van de tonen Hoe de natuurlijke rij de toon kleurt, de harmonie bepaalt en de melodie mogelijk maakt

Impressionisme. Wanneer? Kenmerken van muziek uit het impressionisme

MOWGLI VAN DE WOLVENHORDE LESMAP

Thema: Multimedia/IT. Audio

WISKUNDE EN MUZIEK. Natuurkundig Gezelschap Middelburg februari Jan van de Craats. Universiteit van Amsterdam

THEORIE EXAMEN A 2019

Verdeling vakinhoud leerlijn muziek groep 1-8

wat betekent: wat betekent: al fine allegro wat betekent: wat betekent: andante crescendo cresc. wat betekent: wat betekent: da capo

samengesteld bovenste cijfer is 4 of meer

Gehoor AMV1. deel 1. mi sol la vierde noot 2 achtste noten vierde rust. Cecilia Gehoor deel1.indd 1 18/06/ :11:48

Samenvatting Muziek Instrumenten

De symfonie. Welke symfonie hoor je? Schrijf de juiste volgorde in de kaders bij de cd-hoezen.

Introductie in de muziektheorie oftewel Hoe zit muziek nou in elkaar?

s Morgens een halfuur als dagopener en voorbereiding op de feesten. Dit gebeurt bij voorkeur samen met de tweede en derde klas.

HOOFDSTUK 16 : DE VIERKLANKEN

Voorwoord bij het leerlingenboek

1. Het ritme wat ik voor ga spelen bestaat uit twee bouwstenen en extra halve noot. Schrijf de nummers van de goede bouwstenen op de juiste plek.

Grepen, gaten en tonen

?Theorie. Kort overzicht met de belangrijkste dingen die je wilt of moet weten over muzieknotatie.

Voor polyfone muziek bestaan er een aantal specifieke vormen. De belangrijkste daarvan zijn de canon en de fuga.

Stemmingen verschillende toonsystemen in de muziekpraktijk

Muziektheorie. Uitgave januari Tekst: DIRK VIAENE

Begrippenlijst muziektheorie

Toonladders en 3-klanken. Toonladders en 3-klanken. Toonladders en 3-klanken. PHCC-G Walk-in. Beginselen van muziek-theo-rie.

Les 1 C 1 D 1 E 1/2 F 1 G 1 A 1 B 1/2 C. Zeven letters voor alle noten. De zwarte toetsen. Deze kom je niet vaak tegen!

Afdeling I. 1. Zet er zelf een G- of F-sleutel voor (Wat voor instrument speel je?) en benoem dan de volgende noten:

De afgelopen weken hebben we ons in TIPS & TRUCS vooral gericht op het bewerken

Clarinéo DE EERSTE STAPPEN

Theorie A examen G I T A A R

Een handige link met wat basisinformatie over akkoorden is:

KSO STUDIERICHTING MUZIEK

Onthoud wel dat dit alleen een oefening is. Als je dit examen goed maakt, betekent dat niet dat je genoeg weet voor het echte examen!

Impressionisme. Wanneer? Kenmerken van muziek uit het impressionisme

AMV Algemene Muzikale Vorming. Volwassenen. Ph. Thiran

NIEUW een extra stukje MeNS, speciaal voor gebruik in de klas!

HOOFDSTUK 9 : INTERVALLEN EN JAZZANALYSE

DIDACTISCH LESMATERIAAL & DIDACTISCH TIPS TOOLBOX

Akkoorden op de gitaar. Marvin van Gessel

sample Inhoudstafel :

Theorie groep 1. Jazzcursus

Inhoudstafel DEEL 1: THEORIE EN TECHNIEK

Plaats van de frets op een gitaar

MUZIEK IN DE LAGERE SCHOOL EERSTE KLAS

, 7 traptreden (een septet heeft 7 spelers) Het octaaf is het interval tussen bijvoorbeeld een lage d en een hoge d, of een lage gis en een

Syllabus PDF van Introductie

SOLFEGE GEHOORVORMING

De notenbalk met vijf lijntjes

1 Voorwoord 2. 2 Inleiding Tonen Intervallen en akkoorden Stemmingen... 5

De akkoorden worden aangeduid met hoofdletters, eventueel gevolgd door één of meerdere aanduidingen in de vorm van letters of een cijfer.

THEORIEBOEK fase 1. Inhoudsopgave

1. Het ritme wat ik voor ga spelen, bestaat uit 2 bouwstenen en een extra halve noot. Schrijf de nummers van de juiste bouwstenen op de goede plek.

1. Een beetje (Westerse) geschiedenis

Noten lezen voor gitaar

Muzikale structuren. Grondbeginselen

Aan de slag bij het orkest

Muzikale structuren. Grondbeginselen

Creatief piano spelen

INSTITUUT VOOR DEELTIJD HTO

Les 2. Wat ga je leren in deze tweede les?

Tàakbladen. 1.[Jll I ll,[.t. Jll. J,h. "-rfi[n. Jil. ,;;;;.;;; c) ?),hj. *À*" nftg -*_***^ t o* u...e,*o\.*...\r.*-q.*..."*.à. Legato:,q*\^r."íà*}sJ!

Beknopte uitleg B. Duur en B. Mol.

EEN SELECTIE UIT: Algemene Muziekleer. Ch.Hendrikx & L.Jakobs

Thema 2 Activiteit 11 Beat it! 6 Auteur Kristoff Vosters van Radiowaka.be Coördinatie Yves Bondue en Steef Coorevits. Doelen. ET GO!

ANTWOORDBLAD D-EXAMEN THEORIE 2017

Algemene Muziektheorie

Transcriptie:

DEEL II 1. Akoestika 1.1 Geluid Definitie Menselijk gehoor Trilling Eigenschappen van toon Annemarijn Verbeeck, 2011 10

Combinatietonen Combinatietonen zijn tonen die zacht meeklinken bij 2 of meerdere tonen (sterker dan bonventonen en de twee tonen moeten dan samen klinken) a. Verschiltonen (differentietonen) Meeklinkende lagere toon met als trillingsgetal het frequentieverschil tussen de twee samenklinkende tonen. Dit kan enkel in bepaalde akoestische omstandigheden, de verschiltoon klinkt vrij zwak. Makkelijk bij orgelbouw want dan heeft men minder pijpen nodig 400 300 100 (400-300 ) b. Somtonen (summatietonen) Meeklinkende hogere toon met als trillingsgetal de frequentiesom van de twee samenklinkende tonen. 5 (3+2) 3 2 Opmerking: de frequenties van bovenstaande voorbeelden zijn niet juist! De frequentie bij de verschiltonen zijn: fa = 659,26; do = 523,27 => als je deze van elkaar aftrekt krijg je 136,99. De frequentie van de lage fa = echter 174,61. Bij de somtonen: la = 440; do = 277,18 => als je deze bij elkaar optelt krijg je 717,18. De frequentie van mi = echter 659,26. Flageolettonen Flageolettonen zorgen voor een ander timbre a. Natuurlijke De open snaar wordt in de helft zachtjes ingedrukt en daardoor krijg je het hoger octaaf in het andere timbre Half indrukken => bovenste helft blijft meetrillen Notatie b. Kunstmatige Bij een gewone ingedrukte noot word op dezelfde snaar in de positie van een kwart hoger de snaar lichtjes ingedrukt. Het resultaat daarvan is dat de gewone noten twee oktaven hoger klinken. Notatie - klank Annemarijn Verbeeck, 2011 11

1.2 Ruimte-Akoestiek Belang Een goede ruimte - akoestiek vind plaats in een ruimte waarin alle klanken op elke plaats van de zaal duidelijk waarneembaar zijn. Publiek Podium Zoiets zie je dus (bijna) nooit. Problemen a. Klankreflectie Klankreflectie is de weerkaatsing van de klankgolven. Dit heeft een versterkend effect. Doordat de toon weerkaatst wordt, horen we hem beter. Als de afstand echter te lang is, krijg je een echo, je hoort de toon 2 x b. Echo Een echo maakt het onmogelijk om goed naar muziek te luisteren. Zie ook vorige. c. Resonantie Resonantie is het meetrillen van voorwerpen Annemarijn Verbeeck, 2011 12

d. Isolatie Isolatie zorgt ervoor dat er geen geluid van buiten in de concertzaal of studie binnenkomt (en omgekeerd). 1.3 Instrumenten-akoestiek Materiaal: hout, metaal, plastic, Vorm: recht, gebogen, Boring van het klanklichaam: Als de buis korter is, klinkt de toon hoger => juiste plaatsen o Conische boring: even boventonen klinken mee (vb. dwarsfluit, fobo, fagot, saxofoon). Kunnen overblazen in octaaf. o Cilindrische boring: oneven boventonen klinken mee (vb. klarinet). Kunnen overblazen in kwint. Boring van de klankgaten: rekening houden met de rijkwijdte van de vingers Tonaal spectrum: de vingerafdruk van een instrument op basis van zijn boventonen Annemarijn Verbeeck, 2011 13

1.4 Stemmingen Op basis van natuurtonen a. Stemming van Pythagoras Trillingsgetal: Oktaaf: 2/1, reine kwint 3/2 => vertrekpunt Do - re: 3/2 + 3/2 = 9/4 9/4 2/1 = 9/4 x 1/2 = 9/8 5 5 Do - mi (3/2) 4 = 81/16 81/16 4/1 = 81/64 Do - fa 2/1 3/2 = 4/3 Do - sol 3/2 Do - la 3/2 x 9/8 = 12/16 Do - si 3/2 x 81/64 = 243/128 Do - do 2/1 Halve tonen: 256/243 = diatonisch < limma 2187/2048 = chromatisch = apotomè (eig. iets groter dan chromatisch) Verschil tussen de twee = 74/73 = komma van pytagoras b. Reine of natuurlijke stemming Oktaaf = 2/1, kwint = 3/2, grote terts = 5/4 => vertrekpunt Bij deze stemming zijn er enkele verschillen met pytagoras. Do -mi : 5/4 Do - la: 4/3 x 5/4 = 20/15 = 5/3 Do - si: 3/2 x 5/4 = 15/8 De rest blijft hetzelfde 5/4 9/8 = 5/4 x 9/8 = 40/36 = 10/9 (re - mi) 9/8 (do - re) 9/8 10/9 = 81/80 = verschil tussen grote hele toon en kleine hele toon = syntomische of didymische komma Annemarijn Verbeeck, 2011 14

Getemperde stemmingen Bij getemperde stemmingen zijn niet alle intervallen rein a. Middentoonstemming Ofwel ongelijkzwavende temperatuur. In de Barok was er veel instrumentale muziek. De reine stemming van kwinten en tertsen is beperkt tot enkele, de meest gebruikte tonen van de toonladder. Dit gebeurt ten koste van de andere toonafstanden die niet goed gestemt zijn => deze zweven heel hard => vooral bij kwinten (wolfskwinten). Daardoor zijn toonladders met meer dan 3 # onbruikbaar. b. Gelijkzwevende temperatuur Ontwikkeld door componisten die wel wilden moduleren. De onzuiverheid wordt verdeeld over de 12 tonen van het oktaaf. Enkel het oktaaf is rein, de rest van de intervallen niet meer. Het verschil tussen 12 reine kwinten en 7 reine oktaven wordt verdeeld over alle 12 kwinten die daardoor allemaal iets kleiner worden en hun reinheid verliezen. Voordeel: alle verhoudingen tussen alle tonen zijn hetzelfde, je kan naar andere toonaarden moduleren, geen verschil tussen chromatische en diatonische halve toenen en de mogelijkheid tot enharmonie => 2 verschillende schrijfwijzen resulteren in dezelfde klank. A. Werkmeister J.S. Bach: 24 preludes & fuga s voor het welgetemperde klavier (in elke toonaard één) Andere stemmingen: 12 chromatische halve tonen => 2 = 24 gelijkgetemperde kwarttonen Do-re-mi-fa#-sol#-la# (= sib) - (do) => 18 tonen => 1/3 e stemming Microtoonsmuziek: intervallen kleiner dan een kleine secunde (vb. F. Busoni (1 e, 1909-1911), A. Haba (bekendste, 1920 e.v.)) Ter illustratie: een vergelijking van 3 stemmingssystemen uitgedrukt in octaafcentimeters (1 oktaaf = 100 gelijke stukjes/centimeters) Pytagoreïsch Rein Gelijkgetemperd Do-re 17 17 16,66 Do-mi 34 32,2 33,33 Do-fa 41,5 41,5 41,66 Do-sol 58,5 58,5 58,33 Do-la 75,5 73,7 75 Do-si 92,5 90,7 91,66 Do-do 100 100 100 1.5 Literatuur Mersenne, Marin: Harmonie universelle, 1636 => eerste keer de leer van de boventonen & hun belang voor klankkleur. Toont aan dat toonhoogte bepaald wordt door trillingsfrequentie. Praktische toepassingen: voorstel voor gelijkzwevende 12- en 24toonstemming. Sauveur, Joseph: Principes d acoustique et de musique, 1700 => akoestiek als empirische-fysische wetenschap, o.m. door wetten op te stellen voor de verhouding toonhoogte - frequentie. Basis voor harmonieleer van J.Ph. Rameau. Annemarijn Verbeeck, 2011 15

Helmholtz, Hermann Von: Die Lehre von den Tonempfindungen als physiologische Grundlage für die Theorie der Musik, 1863 => over de werking van het gehoor, akoestica wordt uitgebreid: niet elkel de fysische studie van toon maar ook de fysiologische studie van toonwaarneming. Verbindingen met empirische-wetenschappelijke inzichten met muziektheorie, psychologie & esthetica. Recent: Leman, Marc: de klankwereld van muziek: een inleiding tot de akoestische en sonologische grondslagen van de muziekwetenschap, 2002 => goede introductie tot diverse deelgebieden van akoestica. Bijzonde aandacht voor digitale klankbewerking. Voorbeelden, ook auditief. Annemarijn Verbeeck, 2011 16