. Handleiding sectorwerkstuk Vmbot-4 2016 2017 DA'S MIJN SCHOOL...
Inleiding: Je gaat dit jaar een sectorwerkstuk maken. In deze handleiding lees je waaraan een sectorwerkstuk moet voldoen en hoe je begeleid en voorbereid wordt op het maken van een sectorwerkstuk. Je sectorwerkstuk wordt beoordeeld aan de hand van een lijst met beoordelingscriteria. Alle onderdelen die ontbreken leveren geen punten op. Het is dus belangrijk dat je ervoor zorgt dat je werkstuk aan het eind compleet is. Het onderzoek moet aan een aantal wettelijke eisen voldoen: Het onderzoek moet betrekking hebben op de sector waarbinnen jij, na het behalen van je VMBO-T diploma, je beroepsopleiding gaat volgen a. Je moet in deze handleiding bijhouden en laten aftekenen wat je gedaan hebt. De begeleiders beoordelen niet alleen het product maar ook het proces (= manier waarop je tot dat product bent gekomen). In deze handleiding kun je de score bijhouden. b. Het onderzoek heeft een studielast van 20 klokuren. c. De beoordeling gebeurt aan de hand van een beoordelingsmodel. Dit beoordelingsmodel vind je in deze handleiding. d. Het sectorwerkstuk moet in ieder geval met voldoende zijn beoordeeld om het diploma in ontvangst te kunnen nemen. Daarnaast heeft onze school nog voor een aantal uitgangspunten gekozen: Het onderzoek wordt gedaan door een groep van twee of meer leerlingen. Wanneer één van de leerlingen van de groep de voortgang van het werk erg ophoudt, kan alleen de afdelingsleiding beslissen dat de leerling afzonderlijk het werk voortzet. Wijziging van de samenstelling van de groep wordt niet toegestaan. a. Iedere groep wordt begeleid door hun mentor. Je hebt minimaal 4x keer contact met deze begeleider. b. Iedere groep * maakt een schriftelijk werkstuk (zie eisen schriftelijk werkstuk) * presenteert het werkstuk d.m.v. een PowerPoint of Prezi presentatie (zie eisen PowerPoint/Prezi presentatie) c. In je sectorwerkstuk moeten in ieder geval de volgende onderdelen verwerkt worden: 1. Minstens 1 informatiebron van recente datum. Dit kan bijv. een artikel zijn uit een krant of tijdschrift, of een informatieve tvuitzending van kort geleden, enz. Deze informatiebron moet ook duidelijk verwerkt worden in (een van de) deelvragen. 2. Een onderzoek in de praktijk. Een gedeelte van de informatie die je nodig hebt om antwoord te geven op jouw hoofdvraag moet verkregen worden door een onderzoek /informatiewinning in de praktijk. (bijv. een bezoek aan een MBO-opleiding, bezoek aan een energiebedrijf, of een opvangtehuis voor gehandicapten, of een interview met een medewerker van een bedrijf (géén familie). Deze informatie moet duidelijk verwerkt worden in (een van) de deelvragen. 3. Je moet alle bronnen die je gebruikt hebt duidelijk vermelden. SC week 1 opstart: Samen met de mentor starten de leerlingen op. De leerlingen bepalen hun onderzoeksvraag. Dinsdag 18 oktober: de eerst werkmiddag 6 e en 7 e uur Dinsdag 22 november: tweede werkmiddag 6 e en 7 e uur.
Maandag 19 december: Leerlingen leveren hun sectorwerkstuk in. Maandag 16 januari: Presentatie sectorwerkstukken 6 e, 7 e, 8 e en 9 e uur Instructie voor het maken van een onderzoeksvraag en deelvragen 1. Het maken van een goede onderzoeksvraag Als je informatie gaat verzamelen voor je sectorwerkstuk, moet je weten wat je zoekt. Je zoekt antwoord op een vraag, de zogenaamde onderzoeksvraag. Het verzinnen van een goede onderzoeksvraag is niet simpel en vereist enige aandacht. Tijdens het sectorwerkstuk wil je ergens inzicht in krijgen. Een goede onderzoeksvraag is dan ook altijd een inzichtsvraag. Wat zijn inzichtsvragen? Inzichtsvragen zijn vragen die beginnen met: Hoe komt het dat.. Wat is het gevolg van... Wat is de oorzaak van.. Wat gebeurt er als... Hoe verklaar je... Wat is het verschil tussen... Wat is een overeenkomst tussen. Nu je weet hoe je een goede onderzoeksvraag kunt maken is het tijd om uit te leggen waarom je deze vraag hebt gekozen. Dit doe je in het voorwoord. 2. Het maken van goede deelvragen Nu kun je echt aan de slag met het onderzoek voor je sectorwerkstuk. Na de onderzoeksvraag ga je beginnen aan je deelvragen. De deelvragen zijn de verschillende hoofdstukken van je sectorwerkstuk. In deze deelvragen (hoofdstukken) geef je in stapjes antwoord op de hoofdvraag. Een aantal voorbeelden: Onderzoeksvraag: Hoe kon Hitler de macht grijpen Deelvraag 1 Wat is Fascisme en Nationaal- socialisme Deelvraag 2 Hitlers beloftes Deelvraag 3 Propaganda en intimidatie Conclusie Onderzoeksvraag: Wat gebeurt er als de zon niet meer opkomt? Deelvraag 1 Wat is de zon Deelvraag 2 Hoe groot is de kans dat dit gebeurt? Deelvraag 3 Wat zijn de gevolgen op de korte termijn Deelvraag 4 Wat zijn de gevolgen op de lange termijn Deelvraag 5 Hoe overleef ik de duisternis Conclusie Onderzoeksvraag: Hoe komt het dat banken de schuld van de economische cisis krijgen Deelvraag 1 Wat is een bank Deelvraag 2 Wat is een economische crisis Deelvraag 3 Hoe wordt een hypotheek verstrekt Deelvraag 4 Wanneer ben je failliet Conclusie
3. Het einde van je sectorwerkstuk/ de conclusie Wanneer je afdoende informatie hebt verwerkt in je deelvragen zodat je een goed antwoord kan geven op je onderzoeksvraag dan word het tijd om je sectorwerkstuk af te sluiten. Dit doe je doormiddel van een conclusie. Bij het schrijven van je conclusie verzin je niets nieuws maar geef je een beknopte samenvatting van de inhoud van de deelvragen. Op deze manier geef je antwoord op de onderzoeksvraag. Sectorwerkstuk Werkblad: Inhoud Naam Naam Klas Klas Dit formulier kun je gebruiken om je werkstuk vast in te delen. Inhoud: Noteer de titel van het hoofdstuk en geef in het kort aan wat de inhoud van ieder hoofdstuk is Inleiding: - voorstellen - waarom dit onderwerp - Verwachtingen informatie Schrijf hier zo nauwkeurig mogelijk op welke informatie je gaat gebruiken. Eigen informatie en ervaringen Hfdstk 1: Hfdstk 2: Hfdstk 3 Hfdstk 4
(Hfdts. 5) Conclusie - over proces - over product Eigen ervaring Aftekenlijst sectorwerkstuk Datum Onderdeel V = voldaan Beoordeling docent of afgetekend door de docent 18 okt. Eerste werkmiddag Je maakt met je begeleiders vier afspraken om te bespreken hoever je met je werkstuk bent en wat je van plan bent om de komende periode te gaan doen: Afspraak 1 Afspraak 2 Afspraak 3 Afspraak 4 22 nov. Werkmiddag op school voor alle leerlingen van T4. 19 dec. Inleveren sectorwerkstuk 16 jan. Presentatie sectorwerkstukken Beoordelingscriteria
Eindbeoordeling sectorwerkstuk De eindbeoordeling kan alleen afgerond worden als aan de volgende 7 eisen is voldaan: 1. Het sectorwerkstuk bevat per groepslid minimaal 750 woorden en maximaal 1000 eigen woorden (inclusief inhoudsopgave, voorwoord enz.). 2. Het sectorwerkstuk bevat een voorkant, een inhoudsopgave, een voorwoord, een bronnenlijst, een conclusie over het proces en het product en minimaal vier hoofdstukken. 3. De leerling heeft een papieren versie en een digitale versie ingeleverd. 4. De leerling heeft een werkbezoek afgelegd. 5. De leerling heeft een onderwerp gekozen dat binnen zijn sector valt. 6. De leerling maakt tijdens de presentatie gebruik van een PowerPoint of Prezi presentatie. 7. De leerling houdt samen met een andere leerling een presentatie over het onderwerp van het sectorwerkstuk. Deze presentatie duurt tussen de 12 en 20 minuten Alleen de teamleider mag beslissen om toch te beoordelen, als aan één van bovengenoemde eisen niet is voldaan. Proces 1 De leerling kan een planning opstellen en weet zich aan deze planning te houden 2 De leerling weet op gepaste wijze om te gaan met zijn begeleiders en komt afspraken na. 3 De leerling heeft minimaal 2 keer buiten alle verplichte bijeenkomsten om, zelf contact gezocht met zijn begeleiders Werkstuk 4 Het werkstuk bevat een titelpagina, inhoudsopgave en bronvermeldingen 5 De leerling heeft één duidelijke hoofdvraag en minimaal vier deelvragen opgesteld 6 De leerling laat zien dat hij gevonden tekst kan omzetten in een zelfgeschreven tekst 7 De leerling beantwoordt de deelvragen in voldoende mate 8 De leerling verwerkt kwalitatief goede informatie over het onderwerp 9 De leerling heeft een actueel nieuwsitem gebruikt en voegt er een kwalitatief commentaar aan toe. 10 De leerling heeft werkbezoek afgelegd en er een interview afgenomen over het onderwerp van het sectorwerkstuk 11 Het interview voegt goede informatie toe aan het werkstuk. 12 De leerling maakt tijdens interview gebruik van open en gesloten vragen 13 De leerling schrijft een goede inleiding en conclusie 14 De leerling hanteert lettertype Verdana 12 en maakt een goede pagina indeling 15 Het schriftelijk werkstuk ziet er verzorgd uit en is voorzien van passende illustraties Presentatie 16 De leerlingen beginnen presentatie met vermelding van naam, klas, sector en gekozen onderwerp 17 De leerlingen hebben vóór de presentatie een hand-out aan de begeleiders 0-2 gegeven 18 De leerlingen laten zien dat zij een aantrekkelijke PowerPoint of Prezi presentatie kunnen maken 19 De leerlingen laten zien dat zij het onderwerp goed kennen en kunnen de presentatie houden met behulp van maximaal 2 steekwoorden per dia 20 De leerlingen weten de inhoud goed duidelijk te maken aan de toeschouwers 21 De leerlingen spreken duidelijk en hebben correct taalgebruik 22 De leerlingen maken oogcontact met de toeschouwers 23 De leerlingen hebben een goede lichaamshouding 24 De leerlingen sluiten de presentatie af met de gelegenheid voor het stellen van vragen en het geven van een dankwoord
Totaalscore: Maximaal 48 punten De eindbeoordeling is voldoende als de leerling minimaal 38 punten scoort bij de criteria. De eindbeoordeling is goed als de leerling minimaal 42 punten scoort bij de criteria. Eindbeoordeling: Onvoldoende (minder dan 38) Voldoende (38-41) Goed (42-48) Handtekening begeleiders: Opmerkingen:
Bij het een onderzoek in de praktijk vindt er een aangepaste beoordeling plaats. Deze staat hieronder vermeld. Eindbeoordeling sectorwerkstuk De eindbeoordeling kan alleen afgerond worden als aan de volgende 7 eisen is voldaan: 8. Het sectorwerkstuk bevat per groepslid minimaal 750 woorden en maximaal 1000 eigen woorden (inclusief inhoudsopgave, voorwoord enz.). 9. Het sectorwerkstuk bevat een voorkant, een inhoudsopgave, een voorwoord, een bronnenlijst, een conclusie over het proces en het product en minimaal vier hoofdstukken. 10. De leerling heeft een papieren versie en een digitale versie ingeleverd. 11. De leerling heeft een werkbezoek afgelegd. 12. De leerling heeft een onderwerp gekozen dat binnen zijn sector valt. 13. De leerling maakt tijdens de presentatie gebruik van een PowerPoint of Prezi presentatie. 14. De leerling houdt samen met een andere leerling een presentatie over het onderwerp van het sectorwerkstuk. Deze presentatie duurt tussen de 12 en 20 minuten Alleen de teamleider mag beslissen om toch te beoordelen, als aan één van bovengenoemde eisen niet is voldaan. Beoordelingscriteria Onderzoek in de praktijk Proces: 1 De leerling kan een planning opstellen en weet zich aan deze planning te houden. 2 De leerling weet op gepaste wijze om te gaan met zijn begeleiders en komt afspraken na. 3 De leerling heeft minimaal 2 keer buiten alle verplichte bijeenkomsten om, zelf contact gezocht met zijn begeleiders. Werkstuk: 4 Leerling maakt een lijst van ideeen/mogelijkheden voor de gekozen activiteit. 5 Leerling laat met zijn lijst van ideeen/mogelijkheden zien dat hij weet wat er wordt verwacht. 6 Leerling maakt een duidelijke en haalbare planning. 7 Leerling maakt zichtbaar gebruik van de evaluatie van de vorige groep. 8 Leerling maakt een gemotiveerde keuze uit zijn lijst van ideeen/mogelijkheden 9 Leerling houdt zich aan zijn gemaakte planning en stelt deze bij wanneer het moet. 10 Leerling communiceert op tijd met alle betrokkenen. 11 Leerling legt de afspraken met elke betrokkene zichtbaar vast. 12 Leerling geeft een schriftelijke evaluatie waarin hij aangeeft wat er goed en minder goed ging en voor verbetering vatbaar is. 13 Leerling maakt gebruik van een kleine enquette bij de betrokkenen en verwerkt dit in de evaluatie. 14 Leerling is actief betrokken tijdens de activiteit. 15 Leerling zorgt voor een goed lopende activiteit.
Presentatie: 16 De leerlingen beginnen presentatie met vermelding van naam, klas, sector en gekozen onderwerp. 17 De leerlingen hebben vóór de presentatie een hand-out aan de begeleiders 0-2 gegeven. 18 De leerlingen laten zien dat zij een aantrekkelijke PowerPoint of Prezi presentatie kunnen maken. 19 De leerlingen laten zien dat zij het onderwerp goed kennen en kunnen de presentatie houden met behulp van maximaal 2 steekwoorden per dia. 20 De leerlingen weten de inhoud goed duidelijk te maken aan de toeschouwers. 21 De leerlingen spreken duidelijk en hebben correct taalgebruik. 22 De leerlingen maken oogcontact met de toeschouwers. 23 De leerlingen hebben een goede lichaamshouding. 24 De leerlingen sluiten de presentatie af met de gelegenheid voor het stellen van vragen en het geven van een dankwoord. Totaalscore: Maximaal 48 punten De eindbeoordeling is voldoende als de leerling minimaal 38 punten scoort bij de criteria. De eindbeoordeling is goed als de leerling minimaal 42 punten scoort bij de criteria. Eindbeoordeling: Onvoldoende (minder dan 38) Voldoende (38-41) Goed (42-48) Handtekening begeleiders: Opmerkingen: