Steekkaart: nummer 4We



Vergelijkbare documenten
Steekkaart: nummer 2W

Steekkaart: nummer 5Wi

Steekkaart: nummer 5Wis

Steekkaart: nummer 5W

Steekkaart: nummer 1W

Steekkaart: nummer 1N

Steekkaart: nummer 3B

Steekkaart: nummer 3We

Steekkaart: nummer 1Ne

Steekkaart: nummer 6N

Steekkaart: nummer 3Wi

Steekkaart: nummer 4G

Steekkaart: nummer 4Bew

Steekkaart: nummer 6F

SPELFICHE: WAT WORD IK?

Basisles 4: Windows Movie Maker

Onderwerp. VVKBaO. Leerlingen maken een account, krijgen een rondleiding door Scratch en verkennen het programma.

Basisles 3: Zoomen, foto s bewerken en opnamemodi

Iemand die leuke dingen doet met mensen die problemen hebben. Bijvoorbeeld met mensen die een handicap hebben.

Thema Beroepen. Les 1: Beroepen doorheen de tijd

MEMORY WOORDEN 1.1. TaalCompleet A1 Memory Woorden 1 1

Het gedicht Kampioen

Grammatica Zinsontleding. Werkboek Geschikt voor de groepen 5 en 6

Huismoeder. Opvang voor kinderen. Werkvolk gezocht! 1 ste graad > Werk > lesmateriaal > beroepenwijzer

Gebruikte bronnen voor de leerlingen: bundel verzorging - ziek zijn, instrumenten van een dokter

steekt de straat over

Het Amsterdam Museum gaat over Amsterdam. In het museum hangen schilderijen.

Tuin van Heden 3 en 4 Werken met kunst in de paasperiode. Kernles 1: Kunstenaar, wat vertel je mij?

LEERKRACHTGEDEELTE ACTIVITEIT: TALENTENBANK

Lesvoorbereiding. Datum: 26 februari 2013 aantal leerlingen: 33 tijd: tot Groep: 4

De vragen sluiten aan bij de belevingswereld van de leerlingen en zijn onderverdeeld in de volgende vijftien categorieën:

Soorten gezinnen. 2. Vakgebied en vakonderdeel: Wereldoriëntatie / Godsdienst. Eerste graad Tweede graad Derde graad

Ik voel me zo ziek als een hond, mompelt vader. Dan moet je naar de dierenarts gaan, zegt zijn zoontje

Basisles 1: Knopjes en fotograferen

Algemene lessen. Les 1: Het mysterie van de verdwenen portretten

De leerlingen: leren en ervaren dat mensen niet zonder water kunnen leven. zien waar water voor wordt gebruikt.

Voorbereidend gesprek Vragen die de leerkracht kan stellen: Introductielessen Primair Onderwijs Introductieles 1: Schetsen voor het schoolplein

Steekkaart: nummer 4W

Tuin van Heden 5 en 6 Werken met kunst in de paasperiode. Kernles 1: Kunstenaar, wat vertel je mij?

Mijn Mokum is een project voor NT2 cursisten. Het is gemaakt door het Amsterdam Museum.

Lesvoorbereiding. Datum: 19 februari 2013 aantal leerlingen: 33 tijd: Groep: 4

- ontdekken dat stilte en rust helpen om een gepaste uitdrukking te vinden voor gevoelens.

Wat een vreemde bromfiets!

Docentenhandleiding Rijksmuseum Groep 7-8

- ontdekken dat stilte en rust helpen om een gepaste uitdrukking te vinden voor gevoelens.

Kijken! Kijken! Niet kopen!

Lesdoelen De kinderen leren dat er woorden zijn die de (soort)naam voor mensen en dieren aanduiden en maken kennis met de term zelfstandig naamwoord.

werkbladen thema 5 werk

taalkaart 1 Mijn diploma Mijn diploma

Tekst lezen en vragen stellen

Gewoon zo! WONEN: HOE ONTMOET JE BUURTBEWONERS?

Handleiding basiswoordenschat.

Thema beroepen. Deze werkbundel is van:

Museum De Buitenplaats Kijken is een kunst

STUDIES EN BEROEPEN. Wat moet je doen?

Inhoudsopgave...2. Voorwoord...3. Inleiding...3. Hoofdstukken Wat is een verpleeghuis? De geschiedenis van het verpleeghuis...

Lesbrief. Bij ons in het dorp Jan Terlouw

Aanleiding projectweken. Gewenste kaders van een projectweek. Het proces

de aanbieding reclame, korting De appels zijn in de a Ze zijn vandaag extra goedkoop.

Educatief materiaal bij de voorstelling Buurman en Buurvrouw, groep 3 en 4

Leerlingen leren de instructies herhaal en als dan (anders ). Ze moeten een algoritme schrijven voor een dansje.

Onderwerp. VVKBaO. Kinderen leren eenvoudige problemen oplossen door pijltjes te verslepen.

De leerlingen leren omgaan met gevoelens van zichzelf en anderen, met name gevoelens die horen bij hun leeftijd.

Mo is een klein meisje en haar ouders zijn asielzoekers. Wat is een asielzoeker?

Dag 1 Kaders vol kunst!

Lieve juf. werkblad 1. 8 Dichter bij de taal Boom uitgevers Amsterdam,

Lieke. redt de dieren

Reality Reeks - Verwerkingsopdrachten. Hard tegen hard. Vechten voor je leven

Algemene lessen. Les 7: Zie ik mezelf wel?

= iemand die vertelt of schrijft over het nieuws. = de politie zorgt ervoor dat het veilig is.

Vollenhove Wonen op een havezate

MAATWERKHOEKEN LESACTIVITEIT ROLLEN KIEZEN Luisterteksten

ontwikkeling Sociale en emotionele III Werkvormen: Lesdoelen: Benodigdheden: Kinderboek: Les 8: Mannen en vrouwen (in de media) Lesoverzicht

CREATIEF. Denksleutels Minka Dumont

eerste leerjaar

Algemene lessen. Les 4: Maak een portret van jezelf!

SOCIALE VAARDIGHEDEN MET AFLATOUN

Pakket 5: auteursrechten

Spreekbeurt Huisdieren (goed) houden

Lesbrief Beestjes tekenen naar verhaal

Leerjaar 2: Lesopbouw en suggesties (incl. bewijzenblad) voor leerroute A

Lesbrief: Vakmensen Thema: Mens & Dienstverlenen aan het werk

BIJLAGEN LESPAKKET 1.2

Fossiele brandstoffen? De zon is de bron!

Persoonlijke competenties Sociale competenties Leer (school) competenties

Verslag Aardrijkskunde Lesvoorbereiding les 1

Begeleidende uitleg voor de leerkracht:

Aanwijzing: Lees de verhalen op de borden boven de kist goed; er staan aanwijzingen op. Kijk goed in de kist. Valt je daar iets bijzonders op?

NEDERLAND VIERT 100 JAAR DE STIJL DESTIJLUTRECHTAMERSFOORT.NL ONTDEK HET IN UTRECHT & AMERSFOORT! LESSUGGESTIES 100 JAAR DE STIJL GROEP 1 T/M 4

Soms gebeurt er wel eens iets wat jij niet wilt. Dit noemen wij onvrijwillige zorg. Onvrijwillige zorg mag alleen als jij in gevaar bent, of als jouw

Lesvoorbereiding Onderbouw (groep 1/2/3)

Vragenlijst Prettig Schoolgaan versie voor de onderbouw van het voortgezet onderwijs

Invulschema aanpassen activiteit

Ich bön d r väör dich!

Texels restaurant. De leerlingen: passen de opgedane kennis uit de voorgaande lessen toe.

Op weg met Jezus. eerste communieproject. Hoofdstuk 5 Bidden. H. Theobaldusparochie, Overloon

Transcriptie:

Steekkaart: nummer 4We Onderwerp Kennis maken met (minder gekende) beroepen aan de hand van foto s van beroepsvoorwerpen Leeftijd/Doelgroep 4 e leerjaar Leergebied Wereldoriëntatie Organisatie Tijdsduur 50 minuten Beschrijving Deze les kenmerkt zich door de verscheidenheid aan beroepen. De leerlingen leren niet alleen kennis maken met de alledaagse, vanzelfsprekend beroepen, maar ook met de minder gewaardeerde in onze maatschappij. Ze leren bij over de voorwerpen die binnen beroepen veel gehanteerd worden en leren deze voorwerpen linken aan de juiste beroepen. Ze gaan eveneens op zoek naar voorwerpen die gelinkt zijn aan beroepen in en rond de klas met behulp van het digitaal fototoestel. Materiaal Digitale fototoestellen (1 toestel per 2 à 3 leerlingen) Powerpointvoorstelling voorwerpen (Bijlage 1) Opdrachtenbundel (Bijlage 2) Digitaal bord/beamer Doelen Eindtermen (ET) 4.1. De leerlingen kunnen illustreren dat verschillende vormen van arbeid verschillend toegankelijk zijn voor mannen en vrouwen en verschillend gewaardeerd worden. Leerplandoelen VVKBaO: 1.5.1. Kinderen zien in dat mensen allerlei beroepen uitoefenen en tonen respect voor elk beroep. Dat houdt in dat ze: verschillende soorten beroepen uit hun omgeving kunnen herkennen en beschrijven. 1.5.2. Kinderen zien in dat mensen allerlei beroepen uitoefenen en tonen respect voor elk beroep. Dat houdt in dat ze: kunnen illustreren dat beroepen vaardigheden vereisen die niet noodzakelijk aan een geslacht gebonden zijn. 1.5.4. Kinderen zien in dat mensen allerlei beroepen uitoefenen en tonen respect voor elk beroep. Dat houdt in dat ze: kunnen illustreren dat door de evolutie van de techniek veel beroepen nu anders worden uitgeoefend dan vroeger. 1.5.5. Kinderen zien in dat mensen allerlei beroepen uitoefenen en tonen respect voor elk beroep. Dat houdt in dat ze: respectvol omgaan met beroepsgroepen die in de samenleving ten onrechte weinig waardering krijgen. Mediaopvoeding in leergebied Wereldoriëntatie: 0.6. Kinderen drukken zich zo verstaanbaar mogelijk uit en benoemen waar mogelijk de dingen correct. Mediaopvoeding in functie van ET: 1.8. Op voor hen bestemde mediacontent gepast kunnen reageren. 1.14. Bereid zijn de eigen mediageletterdheid (eigen talent) te tonen. 3.4. Voor hen bedoelde mediamiddelen en hun toepassingen OVSG: WO-MAA-SEV-1. De leerlingen kunnen beroepen en bezigheden van bekende volwassenen op een eenvoudige wijze beschrijven. WO-MAA-SEV-5. De leerlingen kunnen beroepen en bezigheden van bekende volwassenen op een eenvoudige wijze beschrijven. Lesdoelen De beroepen van hun ouders en alle zaken die daar bij komen kijken, met enthousiasme vertellen en delen met de klasgroep Eenvoudige richtvragen in verband met de uitoefening van beroepen beantwoorden Voorwerpen linken aan het corresponderende beroep waarin dat voorwerp gehanteerd wordt Veilig, creatief en verantwoord omgaan met het digitaal fototoestel in functie van de opdracht / Bronnen

Fases Fase 1: De voorkennis in verband met beroepen en de bijhorende voorwerpen waarmee die uitgeoefend worden oproepen Organisatie De kinderen zitten op hun plaats. De leerkracht houdt een inleidend gesprek met de kinderen, over de beroepen die hun ouders uitoefenen en wat daar allemaal komt bij kijken. Sommige beroepen zijn vanzelfsprekend en komen veel voor, andere zullen minder voorkomen in onze samenleving. De leerkracht kan dieper ingaan op de minder vanzelfsprekende beroepen. Richtvragen - Vandaag zullen we het hebben over beroepen. Wat is dat, een beroep? (een geheel van arbeidstaken, een geheel van taken die iemand moet doen als zijn werk ) - Weten jullie wat mijn beroep is? (onderwijzer/leerkracht) - Welke beroepen oefenen jullie ouders uit? - Welk materiaal / welke voorwerpen hebben zij daarvoor nodig? - Is er iemand in jullie familie die een merkwaardig beroep uitoefent? - Hoe gaat dit beroep in zijn werk, denken jullie? - Wat moet je allemaal doen als je zo n beroep uitoefent? - Welk beroep willen jullie later uitoefenen? Opmerking De leerkracht kan in deze lesfase al wat dieper ingaan op de minder gekende beroepen om de leerlingen te motiveren voor de volgende lesfase.

Fase 2: Kennis maken met minder gekende beroepen, hun voorwerpen en wijze van uitoefening Organisatie De kinderen blijven op hun plaats zitten. Aan het digitaal bord wordt een powerpointvoorstelling (zie bijlage 1) geprojecteerd. De kinderen zien verschillende voorwerpen die te maken hebben met een beroep. Samen met de leerlingen bespreekt de leerkracht kort elk beroep. Instructie Jullie zullen nu een aantal foto s van voorwerpen te zien krijgen. Elk voorwerp wordt gebruikt in een bepaald beroep. Kunnen jullie raden welk beroep er voorgesteld wordt? Richtvragen (voor elk voorwerp) - Hoe wordt zo n voorwerp genoemd? - In welk beroep wordt dit voorwerp gebruikt? - Wat moet je allemaal doen als je dit beroep uitoefent? - Kennen jullie iemand die dit beroep uitoefent? Voorwerpen/Beroepen Voorwerpen Beroepen Buizen, leidingen, loden pijpen Loodgieter Gitaar Muzikant, gitarist Kapotte schoen Schoenmaker Kookplaten, voedsel Kok, chef Stopcontact Elektricien Schaalconstructies Architect Boeken Schrijver Tuin, ladder Tuinman Schort, pleisters, ontsmettingszalf Dokter Auto, stuur Taxichauffeur, chauffeur Medicijnen Apotheker Schilderij, potten verf Schilder Haar, schaar, haarelastiek Kapper Persoon, digitaal fototoestel Fotograaf Brood Bakker Deur, brievenbus Postbode Bloemen Bloemist Laptop, brieven, documenten Secretaris, secretaresse Brandblusapparaat Brandweerman Kattenkorrels Dierenarts Tas, krijtje Leerkracht, onderwijzer Briefjes geld, bankierbakje Bankier Kaas, ham Slager, beenhouwer Verschillende kruiden Kruidenier Platen, hoofdtelefoon, platenspeler DJ, Disc Jockey

Uitleg beroepen De leerkracht kan bij bepaalde beroepen verder ingaan op de taken en functies binnen het kader van die beroepen. Hieronder staan alle beroepen kort uitgelegd. Loodgieter: installeert in huizen chauffages, waterleidingen, douches, Hij/zij legt buizen en pijpen. Muzikant, gitarist: maakt muziek, schrijft muziekstukjes, schrijft liedjes, Schoenmaker: herstelt kapotte schoenen, sandalen, klompen, laarzen, Kok, chef: bereidt voedsel tot lekkere maaltijden. Hij/zij werkt vaak in een restaurant. Elektricien: installeert in huizen elektrische installaties of machines. Architect: ontwerpt gebouwen door ze eerst in het klein na te maken of te tekenen op papier. Schrijver: schrijft boeken, krantenartikels, muziekstukjes, toneelteksten, Tuinman: verzorgt tuinen en de planten, bomen, die er in staan. Dokter: onderzoekt mensen die een ziekte of ergens pijn hebben en probeert ze te genezen. Taxichauffeur, chauffeur: vervoert mensen in een auto, bus, Apotheker: de enige persoon / personen die medicijnen mogen verkopen aan het volk. Schilder: schildert schilderijen of huizen binnenin. Kapper: verzorgt de haren van andere mensen. Fotograaf: maakt foto s met een fototoestel. Bakker: iemand die brood, koeken, bakt en verkoopt aan de mensen. Postbode: levert de post af bij mensen thuis. Bloemist: verkoopt bloemen, planten en boeketten. Secretaris, secretaresse: regelt alle papierwerk voor een zaak of bedrijf. Brandweerman: bestrijden van brand, redden van mensen en dieren uit de nood, hulp verlenen, Dierenarts: behandelt en geneest zieke of gewonde dieren. Leerkracht, onderwijzer: brengt kinderen kennis bij, zoals ikzelf nu doe. Bankier: werkt met geld, in een bank. Slager, beenhouwer: bereidt vlees voor om het te verkopen. Kruidenier: verkoopt verschillende soorten kruiden of droge voedingswaren. DJ, Disc Jockey: draait platen op een platenspeler, mixt muziek dooreen. Extra De leerkracht heeft hier bijvoorbeeld de mogelijkheid om dieper in te gaan op bepaalde beroepen door bijvoorbeeld filmfragmenten te tonen. Zo zien de kinderen hoe zo n bepaald beroep in zijn werk gaat.

Opmerking Sommige beroepen vereisen extra uitleg. Zo zien de leerlingen in dat beroepen door eender welk geslacht kunnen uitgeoefend worden. Elektricien: Kennen jullie bepaalde elektrische installaties/machines die een elektricien kan installeren? (elektriciteitskast, vaatwas, wasmachine, microgolf, oven, koffiezetmachine, droogkast, ) Architect: Wanneer kan er een architect tussenkomen? (bij de bouw van huizen, fabrieken, bruggen, andere gebouwen, kerken, ) Schrijver: Hoe wordt een schrijver nog anders genoemd? (auteur) Hoe noemt men een vrouwelijke schrijver? (schrijfster) Tuinman: Waarom zegt men een tuinman? (omdat de persoon die de tuin verzorgt een man is. Er bestaan echter ook tuinvrouwen die hun beroep in tuinen uitoefenen, maar dit komt niet veel voor.) Hoe noemen we het verzorgen van tuinen nog anders? (tuinieren) Dokter: Hoe kunnen we een dokter anders noemen? (arts) Taxichauffeur, chauffeur: Wat gebeurt er vaak als iemand je vervoert? (je moet er voor betalen) Welke andere vervoersmiddelen kan een chauffeur besturen? (vliegtuig, boot, trein, tram, ) Hoe noemen we die chauffeurs ook anders? (piloot, stuurman, treinbestuurder, trambestuurder) Waarom noemen we de bestuurder van een boot/schip geen kapitein? (omdat de kapitein de baas is van de boot / het schip) Apotheker: Wat gebeurt er als je medicijnen wil kopen bij een apotheker? (je moet je doktersvoorschrift afgeven) Schilder: Waarom zien we tegenwoordig niet zoveel schilders meer? (omdat de meeste mensen nu hun huis zelf schilderen) Kapper: Wat kan een kapper allemaal doen in zijn/haar zaak? (haar knippen, verven, wassen, Maar ook de baard scheren of trimmen) Hoe noemt men een vrouwelijke kapper? (kapster) Als jullie naar de kapper gaan, is dit dan een vrouw of een man? (er zijn meer vrouwen die kapster zijn, maar ook mannen kunnen kapper van beroep zijn) Fotograaf: Er bestaan verschillende soorten fotografen. Van wat maken zij allemaal foto s? (bruiloften, kunst, natuur, modellen (fotoshoot), pers (voor het nieuws), voor een reportage, in bepaalde sporten, op bepaalde feesten of evenementen) Postbode: Hoe verplaatst een postbode zich meestal om brieven en dergelijke rond te brengen? (met de fiets, maar sommigen beschikken ook over een auto of busje) Waar steekt de postbode de brieven, folders, kranten? (in de postbus of brievenbus) Secretaris, secretaresse: Wat doet een secretaris/secretaresse allemaal in zijn/haar bureau? (brengt verslag uit, bereidt vergaderingen voor, bekijkt de inkomsten en uitgaven, schrijven van brieven en uitnodigingen, mensen contacteren of telefoneren, ) Brandweerman: Waarom spreekt men van een brandweerman? (omdat oorspronkelijk mannen dit beroep hadden, maar nu is dit ook het beroep van vrouwen) Weten jullie het alarmnummer om de brandweer te bereiken? (112) Dierenarts: Welke dieren kan een dierenarts allemaal verzorgen? (honden, katten, vogels, konijnen, hamsters, paarden, koeien, ezels, ) Met welk(e) dier(en) gaan de meeste mensen naar de dierenarts? (hun huisdieren: honden en katten) Leerkracht, onderwijzer: In welke soorten scholen kan een onderwijzer les geven? (kleuterschool, lagere school, middelbare school, hogeschool) Bankier: Kennen jullie enkele taken van een bankier? (geld bijhouden voor de mensen, rekeningen voor mensen openen, inkomsten en uitgaven bekijken, mensen contacteren of telefoneren, schrijven van brieven, ) Welk beroep dat we reeds gezien hebben, kan hier ook weer voorkomen? (secretaris/secretaresse) Slager, beenhouwer: Wat moet een slager/beenhouwer allemaal voorbereiden? Wat heeft hij/zij allemaal in huis? (worst, rib, ham, kaas, kip, salami, paardenvlees, varkensvlees, ) Kruidenier: Waarvoor gebruikt men kruiden? (om maaltijden in de keuken voor te bereiden) Waarom zien we tegenwoordig niet zoveel kruidenierszaken meer? (omdat het meeste te vinden is in de supermarkten) DJ, Disc Jockey: Disc Jockey is een Engelse term. DJ s verzorgen de muziek op bijvoorbeeld feesten, festivals of evenementen.

Fase 3: Voorwerpen die gelinkt zijn aan beroepen fotograferen en presenteren Organisatie De klasgroep wordt in verschillende groepjes verdeeld. Elk groepje beschikt over een digitaal fototoestel. De kinderen mogen nu zelf op zoek naar voorwerpen in en rond de klas die bepaalde beroepen illustreren of die gebruikt worden bij bepaalde beroepen. Instructie Nu mogen jullie zelf in de slag. Ik zal jullie straks in groepjes verdelen en per groepje krijgen jullie een digitaal fototoestel. Ga op zoek naar originele voorwerpen in en rond de klas waaraan een beroep gelinkt kan worden. Neem daar een foto van, straks mag de rest van de klas dan raden welk beroep jullie gevonden hebben. Opdracht De kinderen gaan per groep op zoek naar voorwerpen in en rond de klas en fotograferen deze. De voorwerpen moeten gelinkt kunnen worden aan een bepaald beroep of dit beroep illustreren. Presentatie Na het fotograferen, sluiten de groepjes de digitale fototoestellen aan op de klascomputer en presenteren ze de foto s. De rest van de klasgroep raadt welk beroep wordt uitgebeeld op basis van de gefotografeerde voorwerpen. Fase 4: Gefotografeerde voorwerpen linken aan hun beroepen en functies binnen beroepen Organisatie De kinderen gaan terug op hun plaats zitten en krijgen een afsluitende verwerkingsopdracht. Deze werken ze individueel of per twee af. Ze doen beroep op hun voorkennis en de geziene leerstof tijdens deze les. De leerkracht helpt en begeleidt waar nodig. Instructie Jullie krijgen nu van mij een opdrachtenbundeltje (zie bijlage 2) waarin verschillende opdrachten rond beroepen staan. Jullie mogen het alleen of per twee afwerken. Wie vragen heeft, steekt zijn vinger in de lucht. Aan de slag! Opdracht De kinderen maken het opdrachtenbundeltje individueel of met hun buur. De leerkracht is keuzevrij in de wijze van correctie.

Bijlage 2 Naam:. Nummer:. Klas:.

Opdracht 1 Hieronder staan verschillende foto s van voorwerpen. Schrijf telkens op in welk beroep die voorwerpen gebruikt worden.......

Opdracht 2 Hieronder staan allemaal zinnetjes van mensen die een beroep uitoefenen. Kan jij raden welk beroep deze mensen uitoefenen?

Opdracht 3 Hieronder staan verschillende beroepen. Schrijf telkens een taak op die mensen in dit beroep moeten uitvoeren. Loodgieter Elektricien Schilder Kapper Fotograaf Postbode Bloemist Secretaris Leerkracht Slager

Correctiesleutel Bijlage 2 Naam:. Nummer:. Klas:.

Opdracht 1 Hieronder staan verschillende foto s van voorwerpen. Schrijf telkens op in welk beroep die voorwerpen gebruikt worden. Schrijver Dierenarts Brandweerman Slager Apotheker Bankier Dokter

Opdracht 2 Hieronder staan allemaal zinnetjes van mensen die een beroep uitoefenen. Kan jij raden welk beroep deze mensen uitoefenen? Architect Chauffeur, taxichauffeur Kok, chef Muzikant, gitarist, pianist, Dierenarts Bakker Dokter DJ Kruidenier Bankier Schoenmaker Tuinman

Opdracht 3 Hieronder staan verschillende beroepen. Schrijf telkens een taak op die mensen in dit beroep moeten uitvoeren. Loodgieter Ik herstel de waterleidingen in verschillende huizen. Elektricien Ik trek elektriciteitskabels onder de vloer. Schilder Ik schilder kunstwerken voor in een museum. Kapper Ik knip het haar van heel wat mensen. Fotograaf Ik fotografeer dieren en planten in het bos. Postbode Ik breng brieven aan het juiste adres. Bloemist Ik verkoop bloemen en rozen. Secretaris Ik maak de agenda voor een bedrijf/fabriek. Leerkracht Ik breng de kinderen leerstof bij. Slager Ik verkoop vlees aan de mensen.