Alle deelkwalificaties SAW

Vergelijkbare documenten
HANDREIKING VOOR (OPLEIDERS IN) DE GEHANDICAPTENZORG. Uitbreiding/verdieping van eindtermen V&V en SAW. Annelies Bannink

Bijlage I Ontwikkelscan voor de Pedagogisch medewerker in de kinderopvang

Pedagogisch medewerker jeugdzorg niveau 3 & 4. Een schematisch overzicht van de beroepsprestaties, werkprocessen en bijbehorende thema s per boek.

Maatschappelijke Zorg niveau 3 & 4. Een schematisch overzicht van de beroepsprestaties, werkprocessen en bijbehorende thema s per boek.

Helpende Welzijn. Portfolio Overzicht van verworven competenties en kwalificaties

Eindtermen voor de vervolgopleiding tot kinderverpleegkundige

Maatschappelijke Zorg niveau 3 & 4. Een schematisch overzicht van de beroepsprestaties, werkprocessen en bijbehorende thema s per boek.

Helpende Welzijn niveau 2 leerjaar dknummer dkomschrijving vaknaam

Eindtermen vervolgopleiding intensive care verpleegkundige

Pedagogisch medewerker kinderopvang niveau 3 & 4. Een schematisch overzicht van de beroepsprestaties, werkprocessen en bijbehorende thema s per boek.

Boekenlijst EPI S&S Apothekersassistente leerjaar 1. Artikelnummer/ Code

Stichting Consortium Beroepsonderwijs Zorg & Welzijn

Eindtermen voor de vervolgopleiding tot dialyse verpleegkundige

Toekomstbestendige beroepen in de verpleging en verzorging

Body of Knowledge. Kwalificatiedossier Sociaal Werk. Werkversie /7 Sociaal Werk v0.1

Eindtermen voor de vervolgopleiding tot spoedeisende hulp verpleegkundige

Functieprofiel doktersassistent(e)

qwertyuiopasdfghjklzxcvbnmqwerty uiopasdfghjklzxcvbnmqwertyuiopasd fghjklzxcvbnmqwertyuiopasdfghjklzx Competentiewijzer

Gehandicaptenzorg, woonbegeleiding, activiteitenbegeleiding, zorgcoördinatie.

EINDTERMEN DEELKWALIFICATIE BEDRIJFSBEHEER CARROSSERIEBRANCHE. 1. De kandidaat kan de doelstellingen en de fasen van een marktonderzoek noemen.

Functiebeschrijving VERZORGENDE GEZINSZORG C1-C2 / D1-D3

Formatieve beoordeling (om te leren) MBO-sociaal werk - studentversie Naam cursist: Casus : Datum: SLB:

Eindtermen voor de vervolgopleiding tot oncologie verpleegkundige

MODEL FUNCTIEOMSCHRIJVING VERTROUWENSPERSOON VAN DE LANDELIJKE VERENIGING VAN VERTROUWENSPERSONEN

Body of Knowledge. Kwalificatiedossier Dienstverlening. Werkversie /8 Dienstverlening v0.1

OPLEIDINGSPROGRAMMA ILW. DUUR: 36 maanden 24 maanden indien de competenties Logistieke hulp in de verzorgingssector reeds zijn verworven

Printdatum: Pagina 1 van 5

Inleiding Definitie Doel 1. Wat is ervaringsdeskundigheid?

Vertrouwenspersoon. Rapporteert aan/ontvangt hiërarchische richtlijnen van: College van Bestuur

Examenprogramma Engelse taal

Informatie opleidingsstandaard voor de EVC procedure. Pedagogisch Werk

Examenprogramma maatschappijleer II

LANDSEXAMEN VWO

Verantwoordingsdocument relatie editie 2017 Prove2Move combi-opleiding Verzorgende (IG) / medewerker Maatschappelijke Zorg

Hulpmiddel 6. Functieomschrijving vertrouwenspersoon

Functiebeschrijving PARAMEDICUS WOON EN LEEF BEGELEIDING BV1 BV3

Examenprogramma beeldende vorming

Werktrajectbegeleider

Begeleid(st)er buitenschoolse opvang

School voor. welzijn. Sociaal Werker Maatschappelijke Zorg

Jeugd- en gehandicaptenzorg: de modules

Bedrijfsmaatschappelijk werker

Kennisbundels in relatie tot kwalificatiedossiers

groepswerker/ begeleider (m/v) uur. Voor onze locatie de Schuilplaats, 24-uurs zorg, zijn wij op zoek naar een:

PREZZENT Functiebeschrijving. Persoonlijk begeleider. Datum februari 2012 FWG 40 A: DOELOMSCHRIJVING

Relatie eindtermen en toetstermen deelkwalificatie Bedrijfsbeheer Carrosseriebranche Niveau 4 CREBO-nummer: 55011

Model Beroepsprofiel Cliëntondersteuner voor mensen met een beperking

Toelichting De kerncompetentie vakinhoudelijk handelen vormt de rode draad van elke leerweg. De andere kerncompetenties zijn daarbij ondersteunend.

PR V1. Beroepscompetentie- profiel RBCZ therapeuten

Begeleider in de kinderopvang

Competentieprofiel. Maatschappelijk werker

Beroepscode doktersassistent. Nederlandse Vereniging van Doktersassistenten

Eindtermen voor de vervolgopleiding tot intensive care kinderverpleegkundige

Zelfevaluatie * Agressie

Rol: Maatschappelijk assistent

1. Opstellen van een plan van aanpak 2. Bieden van ondersteunende, activerende begeleiding en zorg

Specificaties. Medewerker maatschappelijke zorg. Verdieping doelgroepen

Inspiratiedag VVSG Ouderen- en thuiszorg. Cis Dewaele

Examenprogramma maatschappijleer

1. Preambule De zes algemene onderwijsdoelen die voor alle vakken en sectoren in het vmbo gelden, zijn

Profielschets van de omvang en samenstelling van de Raad van Commissarissen en zijn leden

Kerntaak 1: Opstellen van een activiteitenprogramma en plan van aanpak

Kerntaak 1: Opstellen van een plan van aanpak

De competente sociaal agoog

Functieprofiel: Adviseur Functiecode: 0303

Verklarende woordenlijst

Functiebeschrijving LOGISTIEK MEDEWERKER DIENSTENCENTRA E1-E3

Bekwaamheidseisen leraar primair onderwijs

Spelenderwijs begeleiden bij ingrijpende levensgebeurtenissen

Inhoud. Voorwoord 11 DEEL 1 HET BEROEP VAN DE MBO-VERPLEEGKUNDIGE 13

Opleiding: Eerst Verantwoordelijke Verzorgende met plus (EVV met plus)

Examenplan opleiding Sociaal Werk

Kerntaak 1: Opstellen van een activiteitenprogramma en plan van aanpak

De zes algemene onderwijsdoelen die voor alle vakken en sectoren in het vmbo gelden, zijn

Taak- en functieomschrijving teamleider kinderopvang

Verantwoordingsdocument relatie editie 2017 Prove2Move combi-opleiding Verzorgende (IG) / medewerker Maatschappelijke Zorg

Eindtermen voor de vervolgopleiding tot intensive care neonatologie verpleegkundige

Koppeling kennisbundel, keuzedeel en competentieprofiel Ouderen met een verstandelijke beperking

Fondsoverzicht Factor-E

examenprogramma s vo AANVULLING BEROEPSGERICHTE VAKKEN VOORTGEZET ONDERWIJS vmbo

basis-cv, gericht cv, profielschets, open sollicitatiebrief, gerichte sollicitatiebrief, sollicitatiegesprek en netwerkgesprek.

Functiekaart. Functie. Doel van de entiteit. Plaats in de organisatie. Voor kennisname. Dienst: Sociale Dienst. Functienaam: arbeidstrajectbegeleider

Medewerker onderwijsontwikkeling

Interne gedragscode voor patiënten- en gehandicaptenorganisaties

0. Inhoud. *) Niet opgenomen in deze uitgave

Body of Knowledge. Kwalificatiedossier Maatschappelijke Zorg. Werkversie /17 Maatschappelijke Zorg v0.1

STUDIEGEBIED ALGEMENE VORMING

Functieprofiel: Senior Managementassistent Functiecode: 0305

Wij zijn per direct op zoek naar een Sociaal-cultureel werker 3, met als specialisatie jongerenwerk, voor uur per week.

Gedragscode CMWW. Met elkaar, voor elkaar. versie

1. Kijk en luister naar de bewoner/gast 2. Zorg voor de bewoner/gast en diens omgeving 3. Verkoop geen 'nee', zoek naar alternatieven 4.

Bedrijfsoriëntatie 2 BEDRIJFSORIËNTATIE 2 (CAL01.2/CREBO:50211)

Verantwoordingsdocument betreffende relatie ZorgPad, editie 2017 en Prove2Move, mei 2016 Niveau 3 Verzorgende (IG)

Specificaties. Pedagogisch medewerker 4 jeugdzorg. Creëer een veilig seksueel klimaat. Werksituatie:

Transcriptie:

Alle deelkwalificaties SAW WZ 201 Werken volgens werkplan De deelnemer kan - kenmerken beschrijven van sociaal pedagogisch werk, sociaal cultureel wek en maatschappelijke dienstverlening; - het belang beschrijven van methodisch werken; - werkzaamheden uitvoeren binnen een aangereikt werkplan; - reageren op bijzonderheden en knelpunten; - eenvoudige administratieve werkzaamheden uitvoeren; - met de direct leidinggevende de uitgevoerde werkzaamheden evalueren. WZ 202 Interacties in werksituaties - het belang van functionele contacten beschrijven; - functionele contacten onderhouden; - de leefstijl van de cliënt respecteren; - de Nederlandse taal gebruiken binnen de vereisten van het beroep; - communicatieve vaardigheden toepassen; - samenwerken met cliënten en collega s; - reageren op 'afwijkend' gedrag; - in teamverband werken. WZ 203 Kwaliteit en deskundigheid - de eigen positie binnen de organisatie beschrijven; - beroepsmatig handelen in de werksituatie; - een bijdrage leveren aan het bevorderen van een goed werkklimaat; - een bijdrage leveren aan de kwaliteit van zijn eigen werken; - handelen binnen de grenzen van een organisatie; - zorg dragen voor de eigen beroepsdeskundigheid; - stagiaires, vrijwilligers en nieuwe collega's in de eigen instelling introduceren. WZ 204 Individu en samenleving - zijn mening weergeven over vraagstukken van het menselijk samenleven, waarmee hij in verschillende rollen (partner, deelnemer aan sociale verbanden in vrije tijd en werksituatie) in aanraking komt; - uitleggen hoe de basiskenmerken en uitgangspunten van de parlementaire democratie tot uiting komen in opvattingen en gedragingen van mensen; - de stappen ondernemen die nodig zijn om een baan te krijgen; - informatie verzamelen over zijn eigen rechten, plichten en verantwoordelijkheid; - opvattingen en gedragingen (van zichzelf en van anderen) interpreteren vanuit de kenmerken en de uitgangspunten van de Nederlandse rechtsstaat; - arbeidsomstandigheden verklaren binnen zijn beroepsmatig functioneren. (De deelkwalificatie WZ 204 Individu en samenleving is grotendeels gelijk aan de deelkwalificatie 206 Ontwikkelingen in de maatschappij 1 uit V&V.) WZ 205 Engels 1 - de Engelse taal receptief en expressief toepassen in relevante beroeps- en studiesituaties (luisteren gespreksvaardigheid); - eenvoudige Engelse schriftelijke teksten lezen gericht op relevante beroeps- en studiesituaties (leesvaardigheid); - eenvoudige Engelse teksten schrijven in het kader van relevante beroeps- en studiesituaties (schrijfvaardigheid).

WZ 206 Ondersteunen bij verzorging en huishouding - kenmerken beschrijven van de verzorging van onderscheiden cliëntgroepen in verschillende situaties; - ondersteuning geven bij verzorging en huishouding volgens een aangereikt werkplan; - een cliënt(groep) ondersteunen bij de persoonlijke verzorging; - huishoudelijke taken verrichten; - procedures en voorschriften toepassen bij huishoudelijke en verzorgende werkzaamheden; - toezicht houden tijdens verzorgende en huishoudelijke werkzaamheden; - ondersteunende werkzaamheden verrichten rondom het beheer van voorraden; - knelpunten en bijzonderheden melden tijdens verzorgende en huishoudelijke werkzaamheden; - met de direct leidinggevende de gegeven ondersteuning in verzorging en huishouding evalueren. WZ 207 Ondersteunen bij begeleiding - kenmerken beschrijven van de begeleiding van onderscheiden cliëntgroepen in verschillende situaties; - ondersteuning geven bij begeleiding volgens een aangereikt werkplan; - binnen het kader van de eigen taken een cliënt(groep) informeren; - de leiding assisteren bij het uitvoeren van activiteiten; - assisteren bij het scheppen van een omgeving waarin cliënten optimaal kunnen functioneren; - tijdens begeleiding toezicht houden; - knelpunten en bijzonderheden in de begeleiding van een cliënt(groep) melden; - met de direct leidinggevende de gegeven ondersteuning bij begeleiding evalueren. WZ 301 Methodische vaardigheden 1 - de domeinen sociaal pedagogisch werk, sociaal cultureel werk en maatschappelijke dienstverlening in Nederland omschrijven; - de doelgroepen van het sociaal pedagogisch werk, het sociaal cultureel werk en de sociale dienstverlening omschrijven; - elementen beschrijven uit sociaal wetenschappelijke theorieën; - elementen beschrijven van de leefwereld van cliënten; - zowel mondeling als schriftelijk de Nederlandse taal gebruiken binnen de vereisten van het beroep; - cliënten observeren; - behoeften aan activiteiten signaleren bij cliënten; - cliënten informeren - cliënten begeleiden - in onverwachte situaties handelen gericht op de veiligheid en gezondheid van cliënten; - de eigen werkzaamheden planmatig uitvoeren; - het eigen functioneren bespreekbaar maken; - rapporteren over de werkuitvoering. WZ 302 Sociale vaardigheden - communicatietechnieken toepassen in de omgang met cliënten en collega s; - gesprekken voeren met cliënten; - communiceren met cliënten en collega s met verschillende achtergronden; - een vertrouwensrelatie onderhouden met een cliënt; - cliënten en vrijwilligers stimuleren - omgaan met kritiek; - spanningen en conflictsituaties hanteren; - leiding geven aan individuele cliënten en aan groepen. WZ 303 Organisatorische vaardigheden - de sociale kaart van een instelling uitleggen; - voor het werk relevante protocollen toepassen; - de eigen positie bepalen binnen de organisatie;

- participeren in de beleidsontwikkeling van de organisatie; - in teamverband werken; - functioneren binnen de arbeidsorganisatie; - procedures toepassen voor het opstellen van de eigen werkplanning. WZ 304 Professionaliteit en kwaliteitszorg - de eigenheid van de cliënt waarborgen; - een functionele samenwerkingsrelatie onderhouden met cliënten en hun naasten; - professioneel optreden in de werksituatie; - de eigen beroepsdeskundigheid op peil houden; - participeren in een systeem van kwaliteitszorg; - de maatschappelijke kaders toepassen waarbinnen de hulp- en dienstverlening plaats vindt. WZ 305 Mens, arbeid en samenleving - het belang van arbeid beschrijven voor de eigen beroepsgroep en voor bepaalde groepen; - de betekenis van veranderingen op het gebied van de sociale zekerheid in Nederland uitleggen voor bepaalde groepen en voor de eigen beroepsgroep in het bijzonder; - het verband beschrijven tussen opvattingen over sociale en politieke vraagstukken enerzijds en achterliggende levensbeschouwelijke en/of politiek-ideologische oriëntatie anderzijds; - beschrijven hoe de ontwikkeling van Nederland tot een multiculturele samenleving zich openbaart in de samenleving in de samenleving, de eigen leefsituatie en de beroepspraktijk; - de internationalisering van de Nederlandse samenleving beschrijven voor zijn eigen leefsituatie en voor zijn eigen beroepspraktijk; - de gevolgen beschrijven van de technologisering van de samenleving voor het arbeidsstelsel in het algemeen en de eigen beroepsgroep in het bijzonder; - relaties beschrijven tussen actuele sociale en politieke vraagstukken en de kenmerken van de sociaal-economische structuur van de Nederlandse samenleving; - verschijningsvormen van de vergrijzing herkennen binnen de Nederlandse samenleving en in zijn eigen leefsituatie; - het verloop van beleids- en besluitvormingsprocessen in Nederland beschrijven met betrekking tot actuele sociale en politieke vraagstukken. WZ 306 Engels 2 - de Engelse taal receptief en expressief toepassen in relevante beroeps- en studiesituaties (luisteren spreekvaardigheid); - vrij eenvoudige Engelse schriftelijke teksten lezen gericht op relevante beroeps- en studiesituaties (leesvaardigheid); - vrij eenvoudige Engelse teksten schrijven in het kader van relevante beroeps- en studiesituaties (schrijfvaardigheid). WZ 307 Doorstroomkwalificatie WZ 308 Verzorgen - de behoefte aan verzorging in kaart brengen; - de deelnemer kan cliënten verzorgen; - helpen bij de persoonlijke verzorging; - opvang bieden bij ziekte en ongeval; - cliënten met een chronische aandoening verzorgen; - samen met cliënten een verblijfsruimte inrichten; - toezien op de veiligheid van de verblijfsruimte; - toezien op de aanwezigheid van cliënten op de locatie; - een bijdrage leveren aan de continuïteit van de dagelijkse gang van zaken; - samen met cliënten huishoudelijke verzorgende taken verrichten; - het aspect verzorging evalueren.

WZ 309 Begeleiden SPW 3 - begeleidingsbehoeften beschrijven van cliënten; - informatie verzamelen over een cliënt; - de behoefte aan begeleiding in kaart brengen; - het ondersteuningsplan vertalen naar zijn eigen werkplan; - advies en informatie geven om cliënten en hun naasten te ondersteunen in hun dagelijks functioneren; - activiteiten organiseren; - cliënten begeleiden bij ontwikkelingsgerichte activiteiten; - het functioneren van cliënten in de groep optimaliseren; - cliënten begeleiden bij de vorming en beleving van hun waarden en normen; - cliënten begeleiden in de omgang met anderen; - cliënten begeleiden bij praktische zaken; - cliënten begeleiden bij het aangaan van vriendschappen en intieme relaties; - cliënten begeleiden bij belangrijke levensgebeurtenissen; - de zelfstandigheid van cliënten bevorderen; - de uitvoering en resultaten van het aspect begeleiding van het ondersteuningsplan evalueren. WZ 310 Dienst verlenen - profiel, taakgebieden en belang van de sociaal dienstverlener beschrijven; - de behoefte van een cliënt aan dienstverlening bepalen; - een cliënt informeren over de bereikbaarheid en het functioneren van de organisaties voor hulpen dienstverlening; - de dienstverlening uitvoeren; - een cliënt begeleiden naar instanties en organisaties; - praktische dienstverlening bieden; - aanvragen van voorzieningen afhandelen; - verwijzen; - eenvoudige juridische vraagstukken oplossen; - de uitvoering en de resultaten van de dienstverlening evalueren. WZ 311 Begeleiden SD - de behoefte van een cliënt aan begeleiding vaststellen; - een plan opstellen voor de begeleiding van een cliënt; - het opgestelde plan van begeleiding uitvoeren; - de cliënt ondersteunen bij het verwerven van praktische en sociale vaardigheden; - de cliënt ondersteunen in het accepteren van de eigen leefsituatie; - opvang bieden aan cliënten waar tijdelijk geen passende voorziening of hulp voor beschikbaar is; - naasten van de cliënt en vrijwilligers ondersteunen; - de begeleiding evalueren; WZ 312 Belangen behartigen - de behoefte van de cliënt aan belangenbehartiging inventariseren; - belangen van de cliënt(groep) behartigen; - pleit bezorgen bij derden ten behoeve van cliënten; - voor de cliënt bemiddelen naar organisaties, instanties of personen; - de voortgang van de dienstverlening bewaken; - een eenvoudig onderzoek uitvoeren; - de uitgevoerde belangenbehartiging en pleitbezorging evalueren. WZ 313 Informeren en adviseren - een bijdrage leveren aan preventie-activiteiten; - de voorlichting en advisering evalueren.

WZ 314 Kinderopvang - functioneren vanuit inzicht in de maatschappelijke functie van de kinderopvang in Nederland; - een eigen visie op opvoeding ontwikkelen; - functioneren in verschillende vormen van kinderopvang; - kinderen in hun ontwikkelingsproces begeleiden; - groepsprocessen hanteren; - spel en spelactiviteiten begeleiden; - de taalvaardigheid van kinderen stimuleren; - communiceren met kinderen; - communiceren met ouders/verzorgers. WZ 315 Gehandicaptenzorg - functioneren vanuit inzicht in de maatschappelijke functie van de gehandicaptenzorg in Nederland; - functioneren in verschillende voorzieningen voor gehandicapten; - gehandicapten in hun ontwikkelingsproces begeleiden; - gehandicapten met agressief en normoverschrijdend gedrag begeleiden; - communiceren met ouders/verzorgers van een gehandicapte; - zorg en ondersteuning bieden aan gezinnen met een gehandicapt gezinslid; - een gehandicapte ondersteunen in zijn contacten met de omgeving. WZ 316 Basisonderwijs WZ 401 Methodische vaardigheden 2 - elementen uit sociaal wetenschappelijke theorieën toepassen in de omgang met cliënten; - zijn begeleidingsaanpak afstemmen op de leefwereld van cliënten - zowel mondeling als schriftelijk de Nederlandse taal gebruiken binnen de vereisten van het beroep; - informatie verzamelen ten behoeve van cliënten; - behoeften aan activiteiten signaleren bij cliënten; - signalen van cliënten vertalen tot een (hulp)vraag; - voorlichting geven; - cliënten begeleiding; - procedures toepassen gericht op veiligheid en gezondheid van cliënten; - een ondersteuningsplan of een eigen plan van aanpak evalueren; - rapporteren volgens de beroepscode. WZ 402 Organisatorische vaardigheden 2 - reageren in situaties die een uitzondering vormen op het protocol; - de eigen positie bepalen binnen de organisatie; - voorlichting voor de eigen instelling verzorgen; - begeleiding geven aan collega s, vrijwilligers en stagiaires; - een werk- en personeelsplanning opstellen voor de eigen afdeling. WZ 403 Engels 3 - de Engelse taal vloeiend receptief en expressief toepassen in relevante beroeps- en studiesituaties (luister- en spreekvaardigheid); - Engelse schriftelijke teksten lezen gericht op relevante beroeps- en studiesituaties (leesvaardigheid); - schriftelijke materialen produceren ten behoeve van afhandelen van gevarieerde werkzaamheden (schrijfvaardigheid). WZ 404 Begeleiden SPW 4 - (hulp)vragen beschrijven die gesteld worden door cliënten van de onderscheiden doelgroepen; - informatie verzamelen over een cliënt en cliëntsysteem

- een bijdrage leveren aan het opstellen van een ondersteuningsplan - uitgaande van het ondersteuningsplan samen met andere disciplines een bijdrage leveren aan het vaststellen van de begeleidingsvraag van een cliënt; - uitgaande van het ondersteuningsplan planmatig invulling geven aan begeleidingsactiviteiten voor een cliënt(groep); - een cliënt(groep) begeleiden bij een proces van veranderen; - uitgaande van het ondersteuningsplan planmatig invulling geven aan de activiteitenbegeleiding voor een cliënt(groep); - het functioneren van een cliënt in de eigen omgeving en of in cliëntgroep optimaliseren; - eventueel samen met een cliënt(groep) primaire preventie-activiteiten uitvoeren; - namens een cliënt(groep) de rol van contactpersoon uitoefenen; - de uitvoering van de begeleiding in relatie tot het ondersteuningsplan evalueren. WZ 405 Programmeren - profiel, taakgebieden en belang van de sociaal-cultureel werker beschrijven; - doel en functie omschrijven van recreatieve en culturele activiteiten; - doel en functie van educatieve activiteiten omschrijven; - behoeften en tekorten opsporen op het terrein van sociaal en cultureel welzijn; - activiteiten organiseren; - een activiteitenplan maken; - een activiteitenplan uitwerken; - activiteiten bijstellen op basis van evaluatie. WZ 406 Begeleiden SCW - de behoefte aan begeleiding van cliënten van het sociaal-cultureel werk typeren; - potentiële cliënten animeren; - een ondersteuningsplan formuleren voor de begeleiding van cliënten; - cliënten begeleiden tijdens activiteiten; - een vertrouwensrelatie aangaan met een cliënt; - cliënten die deelnemen aan educatie- en vormingsprogramma s activeren; - groepsprocessen hanteren; - vrijwilligers en gastdocenten begeleiden. WZ 407 Ondersteunen - doel en functie van samenlevingsopbouw omschrijven; - maatschappelijke verhoudingen en vraagstukken relateren aan doelen van samenlevingsopbouw; - maatschappelijke tekorten en problemen signaleren bij cliënten; - ontwikkelingsbehoeften, maatschappelijke belangen en emancipatiemogelijkheden van cliënten in kaart brengen; - informatie, advies en voorlichting geven over de woon-, werk- en leefsituatie in zijn werkgebied; - cliënten activeren tot maatschappelijke participatie; - vormen van opvang bieden in bijzondere situaties; - een bijdrage leveren aan vormen van opvoedingsondersteuning en gezondheidsvoorlichting; - een bijdrage leveren aan netwerkvorming en samenwerkingsprojecten in het kader van sociaal beleid, educatie en preventief jeugdbeleid. WZ 408 Beheren - met vrijwilligers werken; - de public relations verzorgen voor de instelling; - een bijdrage leveren aan de dagelijkse coördinatie en aan het beheer van de accommodatie; - een bijdrage leveren aan de administratie van de instelling; - een bijdrage leveren aan het financieel beleid; - in een team werken; - stagiaires begeleiden. WZ 409 Activiteitenbegeleiding

- een bijdrage leveren aan het opstellen van een ondersteuningsplan voor de hulpvraag van een cliënt uit een van de onderscheiden doelgroepen; - een plan opstellen voor het geven van begeleiding met behulp van activiteiten aan een cliënt(groep); - het programma van activiteitenbegeleiding inhoud geven met behulp van activiteiten; - de keuze van activiteiten, methoden, technieken, materialen en middelen afstemmen op een cliënt(groep); - de begeleiding met behulp van activiteiten afstemmen op diverse doeleinden voor een cliënt(groep); - een arbeidsmatige dagbesteding aanbieden aan een cliënt(groep); - bij een cliënt(groep) preventie-activiteiten uitvoeren; - in de activiteitenbegeleiding integratie en afstemming stimuleren; - een bijdrage leveren aan het verder ontwikkelen van het werkgebied van de activiteitenbegeleiding. WZ 410 Woonbegeleiding - een bijdrage leveren aan het opstellen van een ondersteuningsplan vanuit de hulpvraag van een cliënt uit een van de onderscheiden doelgroepen; - methodische woonbegeleiding geven gericht op een cliënt(groep); - in de (woon)begeleiding integratie en afstemming stimuleren; - in de (woon)begeleiding planmatig de groep als middel gebruiken; - begeleiding geven aan een cliënt(groep) in onderscheiden situaties: - in markante levenssituaties begeleiden - met eigen of andermans handicap leren omgaan - leren communiceren met mensen van verschillende leeftijd - met andere culturele achtergronden leren omgaan - met verschillende vormen van seksualiteit leren omgaan - met gedragsproblematieken (van zichzelf en van anderen) leren omgaan - met problematisch cliënt systemen leren omgaan - stimuleren tot milieubewust handelen in zijn omgeving - begeleiden bij preventie-activiteiten; - cliëntsystemen begeleiden; - bij een uithuisplaatsing of bij een verwijzing begeleiding geven aan een cliënt en/of een cliëntsysteem; - aan een cliënt(groep) ambulante ondersteuning bieden; - een bijdrage leveren aan het verder ontwikkelen van het werkgebied van de woonbegeleiding.