Steekkaart: nummer 4Bew

Vergelijkbare documenten
Steekkaart: nummer 1N

Steekkaart: nummer 2W

Steekkaart: nummer 5W

Steekkaart: nummer 5Wi

Steekkaart: nummer 1W

Steekkaart: nummer 3We

Steekkaart: nummer 3Wi

Steekkaart: nummer 1Ne

Steekkaart: nummer 5Wis

Steekkaart: nummer 6F

Steekkaart: nummer 3B

Steekkaart: nummer 6N

Steekkaart: nummer 4G

Basisles 4: Windows Movie Maker

- De leerling kan een medeleerling veilig heen en weer laten zwaaien.

Basisles 1: Knopjes en fotograferen

LES 41. GROEP: 3 t/m 8 Zwaaien, Springen, Doelspelen

Thema 4: Mijn sport is top!

Basisles 3: Zoomen, foto s bewerken en opnamemodi

Bewegingstussendoortjes

LES 5 Sportlessen. Kern: Drie winteroefeningen LES 1 - ONDERBOUW. Afsluiting: Reactiespel. Inleiding (10 minuten)

Lessen 1 ste middelbaar

Circustechnieken: jongleren met sjaaltjes

Thema 6: Kun je verloren lopen in je gedachten? webversie

Het grote voetbalavontuur

Onderwerp. VVKBaO. Kinderen leren eenvoudige problemen oplossen door pijltjes te verslepen.

Zomerprogramma U10-U12

Uitgeverij Schoolsupport

LES 3. GROEP: 3 t/m 8 BASKETBAL

LES 3. GROEP 3 t/m 8 HANDBAL. DOELSTELLINGEN:

Algemene basis voor het geven van handbalinitiatie op scholen/speelplein

OEFENINGEN: Klimmen in een turnzaal

Onderwerp. VVKBaO. Kinderen leren moeilijkere problemen oplossen door pijltjes te verslepen en door stukjes te herhalen.

LES 3. GROEP: 3 t/m 8 TENNIS.

Spel en oefenvormen voor hockey op school

Bewegingsthema: Springen. Klimmen. Mikken

Gymlessen (kleuterbouw/onderbouw) Winterspelen

LES 38 GROEP: 3 t/m 8 Handstand, mikken, over de kop gaan

Bewegen, bewegen, blijven bewegen. Doelstellingen. De leerlingen beleven plezier aan beweging.

Zelfredzaamheid in kindgerichte bewegingssituaties 1.5. Materiaal Materiaal 1.24

LES 1. GROEP: 3 t/m 8 VOLLEYBAL. DOELSTELLINGEN:

Les 1: Kennismaking met fysieke beperkingen

Lesonderwerp: De spelregels schrijven voor een zelfverzonnen spel.

Pietengymles. Kun jij een echte hulppiet worden? Doe de oefeningen en verdien een pietendiploma!

januari 2015 vanaf 4 jaar tekst: Marian van Gog muziek: Ton Kerkhof Ik huppel - BVP Hint Music 2015

Draaiboek. Koningsspelen. Brede school

Kennismaken met en inoefenen van het geven van commando s. De leerlingen volbrengen een opdracht door het geven van commando s.

Thema: Verhuizen. Lesduur: ong. 50 min

Les 6 - Gymlessen (middenbouw) Zomerspelen

De vernieuwde spelvormen

B. Technische vaardigheden

Workshop Handleiding. Wie doet wat? wat is jouw talent?

Fiche voorbereiden van activiteiten

Wat is Kraak kracht? Kraak kracht

LES 2. GROEP: 3 t/m 8 BASKETBAL

Lesfiche 1 voor BuSO INDIVIDUELE STUURVAARDIGHEID TESTEN EN OEFENEN.

Accent op improvisatie

Lesbeschrijving Nederlands

Spinners. Veel plezier! Juf Els en juf Anke

Let s Smash! StreetSmash Spellenboek Voor Sportleiders. Superhandig. boekje

Voorbeeld trainingsvormen F- en puppy De makkelijkste vorm Moeilijkere vorm

LESVOORBEREIDINGSFORMULIER SPECIALISATIESTAGE

Inleiding. Kern. Groep 3 en 4 Les 1 Klassikale les. Kerndoel

Kamphuis De Blokken Baarle-Nassau

Onderwerp. VVKBaO. Kinderen leren blokjes slepen en plakken.

FIETSVAARDIGHEID IN GROEP OEFENEN EN TESTEN

Accent op verhaal. Aan al deze doelen wordt gewerkt, toch duidt u best aan welke u in de verf wil zetten.

Kijkwijzer rekenen. Gericht kijken en ontwikkelen

LES 26. GROEP: 3 t/m 8 Sportspelen, Tikspelen, Mikken. DOELSTELLINGEN:

Lesvoorbereidingsformulier

Draaiboek efficiënt communiceren Beter samenwerken door een goede communicatie

Lesbrief: Sporten met een doelgroep Thema: Waar ga ik heen?

Workshop Handleiding. Jongleren. wat is jouw talent?

Onder schooltijd: groep 5-6

SPEL 1. Kangoeroe buidel-dief. Doel: Uitleg: Te moeilijk? Te makkelijk?

LES 7. GROEP: 3 t/m 8 Zwaaien, tikspelen, springen.

Leerlingen leren de instructies herhaal en als dan (anders ). Ze moeten een algoritme schrijven voor een dansje.

Fietsen in groep. Deel 2: oefenen SECUNDAIR ONDERWIJS. Doelgroep. VOETen. Lesfiche verkeers- en mobiliteitseducatie

Inleiding. Kern A B A B A B A B A B A B A B. Groep 7 en 8 Les 1 Klassikale les. Kerndoel

Voorbeeldspelen / -oefeningen

Sport en Spel circuit 2015

Op vakantie les 9. Doelen: zich snel te verplaatsen. handen. punt. (open ruimte opzoeken)

Het verbeteren van de split-vision adhv ball-handling/passing en combinatiedrills :

KAMPHUIS "DE BLOKKEN" BAARLE - NASSAU

Instappers. activiteiten voor beginnende fietsers

Overzichtskaart: Onder schooltijd, groep 3-4, groep van 30 leerlingen

Lesidee: plezier in de auto

HOE BEGELEID IK HET FIETSBREVET ZILVER?

Groep 4 - Les 2: Regels in onze groep AANGEPASTE LES

Onderwerp. Voorkennis. VVKBaO

Een muziekles in aansluiting op het dagproject Een beestenboel op school.

IEDEREEN. Probeer zo goed mogelijk je evenwicht te bewaren.

THEMA 9: MIJN OMA EN OPA WONEN IN BRAZILIË. webversie

Leerinhoud: lettervorming. Locatie: klaslokaal. Groepsindeling: groepjes van twee leerlingen. Tijdsduur: 10 minuten.

Warming up B A. Lessen kabouters. a. b. Doel: - onderhands rollen. Materiaal: - tennisbal, stuiter- of luchtbal - pilonnen

Prinsen en prinsessen les 4. Doelen:

Bewegingsthema: Springen. Klimmen. Mikken

spelen de kinderen als apen in het speellokaal en zwaaien daarbij aan ringen of touwen.

Transcriptie:

Steekkaart: nummer 4Bew Onderwerp Vaardigheden met verschillende soorten ballen inoefenen met behulp van foto s Leeftijd/Doelgroep 4 e leerjaar Leergebied Bewegingsopvoeding Organisatie Tijdsduur 50 minuten Beschrijving De leerlingen leren in deze les bewegingsopdrachten uitvoeren op basis van foto s. Bij elke bewegingsopdracht wordt er rekening gehouden met de aandachtspunten waarop de kinderen moeten letten tijdens het uitvoeren van de opdracht. Nadat iedereen elke opdracht uitgevoerd heeft, mogen de kinderen zelf een bewegingsopdracht met ballen verzinnen, opstellen met materiaal en fotograferen. Als afsluiter mogen de kinderen dan elkaars opdrachten uitvoeren. Materiaal Digitale fototoestellen (1 toestel per 2 à 3 leerlingen) Turnkledij Slalom voet (Bijlage 1) Bal trappen (Bijlage 2) Bal gooien (Bijlage 3) Dribbelen hand (Bijlage 4) Gooien en vangen (Bijlage 5) Bewegingsmateriaal: kegels, plastic bal (voetbal), mand/doeltje, tennisbal, basketbal, fluitje Eindtermen (ET) Doelen 1.4. De leerlingen kennen hun voorkeurhand en voet en kunnen deze ook efficiënt gebruiken 1.30. De leerlingen kunnen zelfstandig materiaal kiezen en opstellen Leerplandoelen VVKBaO: MC.2.3.6. De leerlingen voelen hun voorkeurlichaamszijde, -bewegingsrichting en - bewegingsrotatie aan en gebruiken deze bij zowel klein- als grootmotorische taken: in taken waar tweevoetigheid vereist is: een duidelijke taakverdeling tonen in het gebruik van linkeren rechtervoet en/of hand. MC.4.2. De leerlingen voeren bewegingsopdrachten uit vanuit verbale opdrachten en/of visuele voorstellingen (symbolen, pictogrammen, kijkwijzers, foto s) en demonstreren deze aan medeleerlingen. MC.6.11. De leerlingen spelen een voorwerp weg om dat zo precies mogelijk in of tegen een doel te krijgen, gericht te werpen of te mikken. MC.6.13. De leerlingen vangen een voorwerp dat gericht aangespeeld wordt door een medespeler of tegenspeler en dit zonder (slag)materiaal. Mediaopvoeding in leergebied Bewegingsopvoeding : MC.4.2. (Werken aan mediageletterdheid in bewegingsopvoeding) Mediaopvoeding in functie van ET: 1.4. Voor hen bedoelde mediaboodschappen begrijpen. 2.4. Mediaboodschappen kritisch beoordelen naar inhoud, vorm of gebruik. 3.4. Voor hen bedoelde mediamiddelen op een verantwoorde en veilige manier gebruiken. OVSG: LA-MC-BAL-23.1. De leerlingen ervaren al spelend dat ze al stappend dribbelen; al lopend ontwijken, werpen, springen,... LA-MC-BAL-24.1. De leerlingen ervaren al spelend dat ze gemakkelijker dribbelen, werpen, trappen,... met hun voorkeurhand of -voet. Lesdoelen Een nuttige, balvaardige oefening improviseren, materialiseren en uitvoeren Op basis van visuele informatie balvaardige oefeningen/bewegingsopdrachten interpreteren en correct uitvoeren Op een verantwoorde en veilige manier een bewegingsopdracht uitvoeren, rekening houdend met de afspraken en aandachtspunten / Bronnen

Fases Fase 1: Een balvaardig opwarmingsspel Organisatie De kinderen staan verspreid in de gymzaal. Elk van hen heeft een bal naar keuze vast. De leerkracht staat in een centrale positie, waardoor alle kinderen hem/haar goed kunnen horen. Instructie Nu dat jullie allemaal een eigen bal hebben mogen kiezen, is het tijd voor een opwarmingsspel. In dit spel mogen jullie kiezen wat jullie doen met de bal, op voorwaarde dat je die beweging blijft uitvoeren. Wanneer ik STOP roep, nemen jullie de bal in de hand en staan jullie stil. Afspraken Verplaats je doorheen de gymzaal. Je blijft eenzelfde beweging met de bal uitvoeren. Wanneer ik STOP roep, staan jullie meteen stil, met de bal in de hand. We houden het rustig en doen niet simpel. Probeer niet de beweging van een ander uit te voeren. Verloop De leerlingen oefenen een beweging met hun bal uit De leerkracht roept STOP waardoor alle leerlingen stil staan De leerkracht haalt een geziene beweging aan en laat de kinderen deze beweging uitvoeren Instructie Ik heb een hele leuke oefening gezien bij leerling X. Kan jij deze nog eens voordoen? Dan oefenen we er kort even op met de hele klasgroep. Daarna mag je weer zelf een beweging uitvinden. Verloop Leerling X toont de beweging met de bal voor aan de rest van de klasgroep De klasgroep oefent kort op deze beweging Iedereen kiest weer een beweging met de bal, waarna de leerkracht opnieuw STOP zal roepen

Fase 2: Balvaardigheden inoefenen aan de hand van een doorschuifsysteem Organisatie De gymzaal is reeds op voorhand ingericht door de leerkracht of kan nu, met behulp van de leerlingen, ingericht worden in 5 verschillende stands. De leerlingen staan in het midden van de zaal en de leerkracht instrueert de verschillende, balvaardige oefeningen. Na de instructiefase verdeelt de leerkracht de kinderen in verschillende groepjes. Instructie In de gymzaal zien jullie nu 5 verschillende soorten oefeningen met ballen. Bij elke stand zal ik straks een blad leggen. Op dat blad zien jullie telkens de soort oefening, enkele foto s en aandachtspunten. Richtvragen - Wat zien jullie allemaal op de foto s? - Wat gebeurt er van het begin tot het einde? - Wat zullen jullie hier dus moeten doen? Bewegingsopdracht 1: Slalom met de bal aan de voet (zie bijlage 1) Hier zie je verschillende kegels staan en een bal liggen. De bedoeling is om met de bal aan de voet doorheen de kegels te bewegen/slalommen. Opgelet: je wisselt na elke kegel van voet! Je zal dus met beide voeten de bal moeten begeleiden tot het einde. Bewegingsopdracht 2: Bal in het doel trappen (zie bijlage 2) Hier zie je twee kegels, een bal en een klein doeltje. De opdracht spreekt voor zich: je probeert de bal van achter de kegels in het doeltje te trappen. Dit doe je best met je beste voet. Probeer daarna eens met de andere voet, je kan alleen maar beter worden! Bewegingsopdracht 3: Bal in de mand gooien (zie bijlage 3) Hier hebben we opnieuw twee kegels, een bal en een mand/doos/box in plaats van een doeltje. We kunnen de bal hier niet in de mand trappen, dit zou veel te moeilijk zijn. Maar we kunnen hem wel gooien. Om goed te gooien, gebruiken we onze beste hand/arm. We houden onze arm omlaag naast het lichaam. Daarna zwaaien we onze arm naar achter en naar voor. Als we hem naar voor zwaaien, laten we het balletje los en proberen we meteen ook te mikken in de mand. Blijf achter de kegels! Bewegingsopdracht 4: Bal dribbelen tussen de kegels (zie bijlage 4) Bij deze opdracht ligt er een basketbal bij verschillende kegels. We gaan nu niet slalommen tussen de kegels met de bal aan de voet. Deze keer dribbelen we met de handen. Om goed te kunnen dribbelen, duwen we de bal hard genoeg naar beneden. Zo stuitert hij hoog genoeg om hem weer naar beneden te duwen. Na elke kegel wissel je steeds van hand. Met beide handen zal je dus deze opdracht uitvoeren. Bewegingsopdracht 5: Bal gooien en vangen (zie bijlage 5) Bij deze opdracht is er niet veel materiaal, enkel een tennisbal en twee kegels. De bedoeling van deze opdracht is om de bal naar elkaar te gooien. Je staat telkens achter jouw kegel. Om te gooien houden we opnieuw ons beste hand naast het lichaam en maken we de zwaaibeweging. Gooi de bal niet te hard zodanig dat de ander hem goed kan vangen. Vangen gebeurt met twee handen. Opmerking De leerkracht laat de kinderen eerst de foto s beschrijven. Daarna legt hij/zij de bewegingsopdracht kort uit terwijl hij/zij deze uitvoert. Uiteindelijk mag ook één leerling de opdracht voortonen.

Spel Tijdens het spel krijgen de leerlingen enkele minuten om in hun stand de bewegingsopdracht uit te voeren. De leerkracht loopt voortdurend rond tussen de verschillende stands om bij te sturen en te helpen waar nodig. Na enkele minuten klinkt het fluitsignaal en de leerlingen schuiven door. Afspraken We houden het rustig en doen niet simpel. We voeren de opdracht elk om beurt uit. We houden rekening met de aandachtspunten. We schuiven snel, maar rustig door. Variatie De leerkracht heeft in deze lesfase de vrije keuze om al dan niet enkele opdrachten niet te voorzien van uitleg. De bedoeling is vooral dat de kinderen door het kijken naar de foto s, de bewegingsopdrachten kunnen uitvoeren. Eventueel kan u, als leerkracht, hierop inspelen door bijvoorbeeld de titels van de spelen weg te laten. Fase 3: Fotograferen van balvaardige oefeningen Organisatie Met hulp van de leerlingen kunnen de 5 stands snel opgeruimd worden. Het bewegingsmateriaal (kegels, ballen, hoepels, doeltjes, manden, ) blijft echter ter beschikking van de leerlingen in de gymzaal staan. De leerlingen mogen nu zelf een balvaardige oefening bedenken, opstellen en fotograferen. Instructie Met jullie groepje van daarnet mogen jullie nu zelf eens proberen een opdracht met een bal te bedenken. Je mag daarvoor alle materiaal dat in de gymzaal staat gebruiken, maar overdrijf natuurlijk niet. Wie het materiaal klaargezet heeft, roept mij er even bij. Dan geef ik jullie een digitaal fototoestel en kunnen jullie foto s nemen van de handelingen die moeten gebeuren tijdens de opdracht. Wanneer iedereen klaar is, proberen we elkaars opdrachten uit! Tips Kies een geschikt plaatsje in de zaal. Wees creatief met zo weinig mogelijk materiaal. Denk eerst goed na over jullie opdracht. Neem duidelijke foto s van jullie materiaal en opdracht. Afspraken We gebruiken niet alle materiaal, maar delen het met anderen. We houden het rustig en doen niet simpel. We zijn voorzichtig met het digitaal fototoestel.

Fase 4: Balvaardigheden inoefenen aan de hand van verschillende bewegingsopdrachten, bedacht door de leerlingen Organisatie De kinderen hebben de verschillende stands ingericht. Opnieuw staan ze allemaal in het midden van de gymzaal. De leerkracht heeft ondertussen de duidelijkheid van de foto s en bewegingsopdrachten gecontroleerd en zal nu weinig tussenkomen qua instructie naar de kinderen toe. Vooral het interpreteren van de foto s is van groot belang voor het correct uitvoeren van de bewegingsopdracht. Instructie Iedereen heeft leuke opdrachten opgesteld, verspreid over de gymzaal. Ieder groepje schuift één stand door en voert elke opdracht enkele minuten uit. Indien de opdracht niet duidelijk is, kom je hulp vragen aan mij. Houd rekening met de afspraken. Veel plezier! Bewegingsopdrachten De bewegingsopdrachten verschillen van groepje tot groepje. Bij elke stand is het digitaal fototoestel met de bijhorende foto s aanwezig, alsook het materiaal. De kinderen kunnen reeds overweg met het toestel en weten hoe ze foto s kunnen bekijken (zie basisles 1) om de bewegingsopdrachten tot een goed einde te brengen. Afspraken We houden het rustig en doen niet simpel. We voeren de opdracht elk om beurt uit. We hebben aandacht voor de bewegingen, zoals die afgebeeld staan op de foto s. We schuiven snel, maar rustig door. Opmerking Ook hier kan de leerkracht variëren in de instructies die hij/zij meegeeft met de kinderen. De hoofdbedoeling is dat de kinderen de bewegingsopdracht interpreteren en uitvoeren op basis van de foto s. Maar als tip kan de leerkracht bijvoorbeeld een passende titel voor de opdracht meegeven, of enkele aandachtspunten bespreken.

Bijlage 1 1: SLALOM MET DE BAL AAN DE VOET Aandachtspunten Rechtsvoetig? Begin rechts van de eerste kegel. Linksvoetig? Begin links van de eerste kegel. Na de eerste kegel wissel je de bal van voet.

Bijlage 2 2: BAL IN HET DOEL TRAPPEN Aandachtspunten Trap de bal met je beste voet. Blijf achter de kegels om te trappen.

Bijlage 3 3: BAL IN DE MAND GOOIEN Aandachtspunten Gooi de bal met je beste hand. Blijf achter de kegels om te gooien. Zwaai je arm naar achter, en dan naar voor om te gooien. Houd je arm omlaag om te gooien.

Bijlage 4 4: BAL DRIBBELEN TUSSEN DE KEGELS Aandachtspunten Rechtshandig? Begin rechts van de eerste kegel. Linkshandig? Begin links van de eerste kegel. Na de eerste kegel wissel je de bal van hand. Duw de bal goed naar de grond, zo kan je goed dribbelen.

Bijlage 5 5: BAL GOOIEN EN VANGEN Aandachtspunten Gooi de bal met je beste hand. Blijf achter de kegel om te gooien/vangen. Zwaai je arm naar achter, en dan naar voor om te gooien. Houd je arm omlaag om te gooien. Vang de bal met twee handen.