1 Handleiding begeleiders
Inleiding Jongeren in het vrijwilligerswerk kunnen een grote aanwinst zijn voor organisaties, stichtingen en verenigingen. Ze zijn vaak enthousiast, bevlogen en vol energie en ideeën. Dit gebeurt niet vanzelf, het vraagt iets van de organisatie. Jongeren vinden het vaak niet vanzelfsprekend om vrijwilligerswerk te gaan doen. Ze willen graag waardering voor hun inzet en er iets aan overhouden. Dit hoeft echter geen geld te zijn! Een leuke plek waar jongeren iets kunnen leren, ervaringen op kunnen doen en samen met anderen zichzelf kan ontwikkelen is een belangrijke drijfveer voor jongeren om zich vrijwillig in te zetten. Jongeren vinden het belangrijk om serieus genomen te worden, dat hun mening telt en dat er ruimte is voor de jongeren. En eigenlijk is dat helemaal niet raar, want dat wil elke vrijwilliger, jong en oud. Het is voor jongeren vaak nog moeilijk om dat wat ze leren om te zetten naar iets tastbaars, naar iets waar ze gebruik van kunnen maken. Daarom is het talentenportfolio ontwikkeld. Een portfolio waarin verschillende talenten staan beschreven die voor iedereen goed zijn om te ontwikkelen. Deze talenten zijn zo beschreven dat het voor zowel jongeren als degene die hen begeleiden duidelijke werkbare onderdelen zijn waarbij de jongere bewijsstukken kan verzamelen. Het talentenportfolio laat zien waar een jongere goed in is en kan, dit geeft hen zelfvertrouwen en zorgt voor ondersteuning bij sollicitatiegesprekken voor een (bij)baan of voor een opleiding. Een jongere die aan de slag gaat met een talentenportfolio, wil graag leren en aan de slag gaan met iets wat hem of haar interesseert. Een geïnteresseerde jongeren is enthousiast en wil vooruit. Als organisatie kan je de jongeren dan makkelijker op de juiste plek in de organisatie zetten. Dit levert niet alleen een jonge vrijwilliger op die zichzelf kan ontwikkelen, maar ook een enthousiaste jonge vrijwilliger die actief meewerkt en wellicht wel met leuke goede ideeën komt. Een jongere die met veel plezier vrijwilligerswerk doet, die serieus genomen wordt en die kansen krijgt om zichzelf te ontwikkelen en op die manier een bijdrage aan de organisatie kan leveren, zal sneller willen blijven hangen als vrijwilliger. En ook hiervoor geldt.dit geldt niet alleen voor jonge vrijwilligers, maar voor elke vrijwilliger. In deze handleiding spreken we verder dan ook over vrijwilligers, zowel jong als oud. Naast deze handleiding is het mogelijk om een training te volgen, waarbij je met andere vrijwilligersbegeleiders kunt oefenen met het werken met een talentenportfolio en het begeleiden van vrijwilligers. Voor meer informatie kunt u contact opnemen met Vrijwilligerswerk Helmond van LEVgroep vrijwilligerswerkhelmond@levgroep.nl of via 0492-598989. 2
Stappen van het talentenportfolio Stap 1: talenten kiezen In het talentenportfolio staan 7 grote talenten beschreven, die allen verdeeld zijn in kleine talenten. De vrijwilliger gaat eerst per talent invullen of hij dat kan, niet zo goed kan of dat talent verder wil ontwikkelen. Daarna kiest de vrijwilliger minimaal 8 kleine talenten uit waaraan hij wil gaan werken en bewijsstukken voor wil gaan verzamelen. Dit kunnen talenten zijn die de vrijwilliger al bezit, maar waar de vrijwilliger nodig beter in wil worden. Of het is een talent wat de vrijwilliger moeilijk vind, maar wil leren. Dat mogen allemaal talenten zijn die bij 1 groot talent passen, maar ook van verschillende grote talenten. Let op: De vrijwilliger kiest de talenten, niet de organisatie! Stap 2 : kennismaken Laat de vrijwilliger eerst kennismaken met de organisatie, de werkzaamheden en de (vrijwillige) collega s. Zo krijgt de vrijwilliger een beeld van de organisatie en kan nadenken waar en hoe hij de talenten wil gaan oefenen en de bewijsstukken kan verzamelen. Als de vrijwilliger wil werken met het talentenportfolio, spreek dan af hoelang de kennismakingsperiode gaat duren en plan meteen een datum voor een startgesprek. Stap 3: afspraken maken. Na de kennismakingsperiode van de vrijwilliger volgt het startgesprek. Tijdens dit startgesprek wordt besproken: - Aan welke talenten de vrijwilliger gaat werken, - Op welke plek binnen de organisatie de vrijwilliger dit kan doen, - Met welke bewijsstukken de talenten aangetoond kunnen worden, - Of er tussendoor nog begeleidingsgesprekken plaats vinden (ook al hoeft dit voor de vrijwilliger niet, het is altijd goed om tussendoor te vragen hoe het gaat) - Datum voor een afrondend gesprek, Stap 4: Aan de slag met de talenten! Als jullie het eens zijn over de manier waarop de vrijwilliger aan het talentenportfolio gaat werken, kan de vrijwilliger aan de slag! De vrijwilliger zal binnen uw organisatie enthousiast gaan werken met het vrijwilligerswerk, het werken aan zijn talenten en verzamelen van bewijsstukken. Ook al zijn er geen tussentijdse begeleidingsgesprekken afgesproken, vraag tussendoor wel hoe het gaat. Wellicht heeft de vrijwilliger extra ondersteuning nodig of moet er iets worden aangepast. Stap 5: Eindgesprek. Mocht blijken dat de vrijwilliger meer tijd nodig heeft dan van te voren afgesproken, dan is het altijd mogelijk om het eindgesprek te verschuiven. Ook dit is vaak een leerproces, laat het initiatief daarom van de vrijwilliger komen. Tijdens het eindgesprek wordt besproken: - Hoe er aan het talentenportfolio gewerkt is? - Welke bewijsstukken er verzameld zijn, - Of de bewijsstukken voldoende het aanwezige talent aantonen. 3
Vergeet vooral ook niet het sociale aspect, stel de vrijwilliger op zijn gemak. Het kan voor een vrijwilliger heel spannend zijn om zo samen te kijken naar het functioneren van de vrijwilliger - Hoe was het voor de vrijwilliger om zo bezig te zijn? - Wat was moeilijk en wat ging heel makkelijk. Het is niet noodzakelijk dat u, als begeleider van het portfolio, (heeft) samen(ge)werkt met de vrijwilliger, aangezien het bewijsstuk an sich voldoende moet zijn om aan te tonen dat de vrijwilliger het talent bezit. Het controleren van het portfolio en het bepalen van de vervolgacties gebeurt aan de hand van een invullijst. Loop er samen doorheen en vul de1- meting in. Tevens kunt u bespreken of de vrijwilliger bij de organisatie wil blijven werken en/of meer talenten door middel van het talentportfolio wil ontwikkelen. Het traject start dan opnieuw. Tot slot ondertekent u het portfolio. Daarmee bevestigt u op papier dat de vrijwilliger aan de talenten heeft gewerkt en er ook echt een verandering zichtbaar is. Uw ondertekening is dus belangrijk. Het Talentportfolio kan door de vrijwilliger gebruikt worden als ondersteunend materiaal bij sollicitatie- en/of toelatingsgesprekken. 4
Bijlage 1: schematisch overzicht hoe werkt het portfolio? Hoe werkt het? Vul boven aan de bladzijde het talent in waar je aan gaat werken en waarvoor je bewijsstukken gaat leveren. Bij Hoe heb ik aan dit talent gewerkt vul je de vragen in die eronder staan. De antwoorden op deze vragen geven aan hoe je aan het talent gewerkt hebt. Vul de periode in waarin je aan deze vaardigheid gewerkt hebt. Er staat vervolgens bewijsstuk. Hier laat je zien dat je dit ook echt gedaan hebt. Dit zijn enkele bewijs soorten: Verslag, e- mailbericht, brief, foto, voorwerp, referentieverklaring (dit is een schriftelijk compliment van bijvoorbeeld je stagebegeleider) etc. (Maak een foto of een print screen van het bewijsstuk en plak dit in je boekje). Zorg per talent voor 2 verschillende bewijsstukken. Voorbeeld Initiatief nemen Situatie: In de middag komen vaak ouderen naar het buurthuis om te kaarten. Ik maak dan vaak een praatje met ze. Hoe heb je het talent ingezet? Ik merkte gister dat de ouderen lang moesten wachten op een nieuw bakje koffie. Ik ben uit mezelf mee gaan helpen koffie schenken. Hierdoor toonde ik initiatief. Wat ging goed en wat minder goed? De organisatie en de ouderen waren erg blij dat ik uit mezelf mee ging helpen. Hoe heb je het afgerond? Ik heb samen met de andere iedereen voorzien van koffie. De komende tijd zal ik hierop blijven letten en meehelpen wanneer ik zie dat dat nodig is. Van 10-03-2014 tot 10-06-2014 Uitleg van de bewijsstukken staan in de bijlage. Vul in of je er ervaring met dit talent hebt opgedaan in de thuissituatie, bij je bijbaantje of op school. Beschrijf eronder op welke manier je die ervaring opgedaan hebt en hoe je aan het talent werkt. IK HEB OOK ERVARING MET INITIATIEF TONEN IN: TAKEN THUIS JA NEE BIJBAANTJE JA NEE CURSUS OF SCHOOL JA NEE 5