Congresstraat 12-14 1000 Brussel T +32 2 220 5752 / www.fsma.be
Congresstraat 12-14 1000 Brussel T +32 2 220 5752 / www.fsma.be
3 Deze handleiding heeft betrekking op de volgende gereglementeerde ondernemingen: de kredietinstellingen naar Belgisch recht voor zover zij beleggingsdiensten verrichten; de in België gevestigde bijkantoren van kredietinstellingen die ressorteren onder het recht van Staten die geen lid zijn van de Europees Economische Ruimte (EER) voor zover zij beleggingsdiensten verrichten; de beleggingsondernemingen naar Belgisch recht; de in België gevestigde bijkantoren van beleggingsondernemingen die ressorteren onder het recht van Staten die geen lid zijn van de EER; de beheervennootschappen van instellingen voor collectieve belegging naar Belgisch recht voor zover zij beleggingsdiensten verrichten; de in België gevestigde bijkantoren van beheervennootschappen van instellingen voor collectieve belegging die ressorteren onder het recht van Staten die geen lid zijn van de EER en voor zover zij beleggingsdiensten verrichten. De handleiding is tevens gedeeltelijk van toepassing op de EER-bijkantoren, d.w.z. de in België gevestigde bijkantoren van kredietinstellingen, beleggingsondernemingen en beheervennootschappen van instellingen voor collectieve belegging voor zover zij in België beleggingsdiensten verrichten. De gereglementeerde ondernemingen en EER-bijkantoren die geen beleggingsdiensten verrichten, moeten de gegevens van de cartografie niet opleveren, voor zover zij aan de FSMA hebben gemeld dat zij geen beleggingsdiensten verrichten. Deze kennisgeving is toegelicht in de Mededeling FSMA 2012-2 MiFID- Documentenlijst 19 januari 2012. De Cartografie van de MiFID-activiteiten heeft als doel becijferde gegevens te verstrekken in verband met de geleverde beleggingsdiensten en nevendiensten van de onderneming, om het gedragsrisicoprofiel van de onderneming te helpen bepalen, tendensen binnen de sector te identificeren, en een 'benchmark' vast te stellen voor de toepassing van de MiFID-gedragsregels. Vragen over deze handleiding mogen gericht worden aan conduct@fsma.be.
4 1 Inleiding...7 2 Algemeen overzicht van de Cartografie...8 2.1 Identificatie van de onderneming...8 2.2 Diensten en distributie...9 2.2.1 Diensten...9 2.2.2 Distributie... 10 2.3 Cliënten... 11 2.4 Vermogensbeheer en structureel beleggingsadvies... 12 2.4.1 Marktwaarde van de activa... 12 2.4.2 Gegevens over de activa volgens de beleggingsstrategieën die de onderneming hanteert... 14 2.4.3 Gegevens over de transacties... 15 2.5 Transacties die niet het voorwerp uitmaken van vermogensbeheer of structureel beleggingsadvies16 2.5.1 Aantal transacties... 16 2.5.2 Waarde van de transacties... 16 2.6 Boekhoudkundige gegevens... 17 2.6.1 Vergoedingen betaald door, namens of aan cliënten... 17 2.6.2 Passende vergoedingen betaald aan derde partijen... 17 2.6.3 Andere betaalde of ontvangen vergoedingen... 18 2.7 Uitvoering van orders... 19 2.7.1 Gegevens die door alle ondernemingen moeten worden ingevuld...19 2.7.2 Gegevens die enkel moeten worden ingevuld door ondernemingen die zelf aan orderuitvoering doen 20 2.8 Bewaring van activa van cliënten...21 2.8.1 Gegevens die moeten worden ingevuld door ondernemingen die niet zelf aan bewaring doen.21 2.8.2 Gegevens die moeten worden ingevuld door ondernemingen die zelf aan bewaring doen... 22 2.9 Klachtenbehandeling... 23 2.9.1 Ontvangen MiFID-klachten...23 2.9.2 Afgesloten MiFID-klachten...23 3 Specifieke toelichting...24 3.1 Identificatie van de onderneming... 24 3.2 Diensten en distributie...24 3.2.1 Diensten... 24 3.2.2 Distributie... 24 3.3 Cliënten... 24 3.4 Vermogensbeheer en structureel beleggingsadvies... 25
5 3.4.1 Marktwaarde van de activa volgens de klassen van activa waarin ze belegd zijn...25 3.4.2 Gegevens over de activa volgens de beleggingsstrategieën die de onderneming hanteert... 28 3.4.3 Gegevens over de transacties... 28 3.5 Transacties die niet het voorwerp uitmaken van vermogensbeheer of structureel beleggingsadvies29 3.6 Boekhoudkundige gegevens... 29 3.6.1 Toelichting bij de indeling... 29 3.6.2 Toelichting bij vergoedingen betaald door, namens of aan cliënten... 30 3.6.3 Toelichting bij passende vergoedingen betaald aan derde partijen...34 3.6.4 Toelichting bij andere betaalde of ontvangen vergoedingen... 35 3.7 Uitvoering van orders... 37 3.7.1 Algemene bemerkingen...37 3.7.2 Gegevens die door alle ondernemingen moeten worden ingevuld...39 3.7.3 Gegevens die alleen moeten worden ingevuld door ondernemingen die zelf orders uitvoeren.40 3.8 Bewaring van activa van cliënten...40 3.9 Klachtenbehandeling... 41 4 Bijkomende informatie te verstrekken door de onderneming... 41 5 Bijlage... 43 5.1 Gebruikte definities... 43
Congresstraat 12-14 1000 Brussel T +32 2 220 5752 / www.fsma.be
De Cartografie van de MiFID-activiteiten heeft als doel becijferde gegevens te verstrekken in verband met de geleverde beleggingsdiensten en nevendiensten van de onderneming, om het gedragsrisicoprofiel van de onderneming te helpen bepalen, tendensen binnen de sector te identificeren, en een 'benchmark' vast te stellen voor de toepassing van de MiFID-gedragsregels. Gegevens over individuele ondernemingen zullen niet worden gepubliceerd. Wel kan de FSMA op niveau van de sector algemene, niet aan individuele ondernemingen toerekenbare gegevens openbaar maken, onder meer via haar jaarverslag. De gegevens over de verstrekte diensten - hoofdstuk 2.2.1 - worden verzameld op vennootschapsbasis. Dat betekent dat de gegevens van eventuele bijkantoren van de Belgische gereglementeerde onderneming erin begrepen zijn, de gegevens van eventuele dochterondernemingen niet. De overige gegevens, waaronder de gevraagde cijfergegevens, hebben voor gereglementeerde ondernemingen met een vergunning naar Belgisch recht betrekking op de activiteiten in België van de Belgische onderneming zelf, met uitsluiting van de activiteiten van haar eventuele dochterondernemingen en buitenlandse bijkantoren. Voor in België geregistreerde bijkantoren hebben ze enkel betrekking op de activiteiten in België van het in België geregistreerde bijkantoor. De nationaliteit of de woonplaats van de cliënten van de onderneming zijn niet relevant voor de afbakening van de gegevens. De plaats van de dienstverlening geldt als criterium. De gegevens moeten één keer per jaar aan de FSMA worden bezorgd, ten laatste zes maanden na het einde van het boekjaar van de onderneming, via een webtoepassing in de Business Portal van de FSMA. Bepaalde gegevens zullen in deze toepassing vooringevuld zijn. Voor deze gegevens zal de onderneming worden gevraagd om eventuele wijzigingen te melden. De vooringevulde velden zijn in het geel weergegeven in het algemeen overzicht van de Cartografie (hoofdstuk 2). De inhoud van de Cartografie is het voorwerp geweest van een dialoog met vertegenwoordigers van de financiële sector in het eerste kwartaal van 2012 en, na de eerste proefoplevering, opnieuw in het derde kwartaal van 2012. Om de vergelijking met de gegevens uit de proefoplevering te vergemakkelijken, is bij elk veldnummer tussen rechte haken weergegeven met welk veldnummer uit de proefoplevering het overeenstemt (b.v. veld 1000 van de Cartografie stemt overeen met veld 100 uit de proefoplevering). De belangrijkste verschillen met de proefoplevering zijn in het blauwgrijs weergegeven in het algemeen overzicht van de Cartografie (hoofdstuk 2). De FSMA heeft er, in dialoog met vertegenwoordigers van de financiële sector, naar gestreefd om de begrippen zo eenduidig mogelijk af te lijnen. Voor sommige beperkte aspecten blijft er echter een interpretatiemarge bestaan. Om de FSMA toe te laten de opgeleverde gegevens correct te interpreteren, wordt voor deze gegevens aan de onderneming gevraagd om een beknopte bijkomende toelichting in vrije tekstvorm te geven. Deze toelichting moet als een afzonderlijk tekstdocument 'Bijkomende toelichting Cartografie' worden opgeladen in het ecorporate-systeem van de FSMA. De elementen van deze bijkomende toelichting worden opgelijst in het hoofdstuk 4. Congresstraat 12-14 1000 Brussel T +32 2 220 5752 / www.fsma.be
8 Naam van de onderneming [1] 100 Tekst Ondernemingsnummer [2] 110 Tekst Maand van afsluiting boekjaar [3] 120 Tekst Voornaam [4] 200 Tekst Contactpersoon voor invullen Cartografie Naam [5] 210 Tekst Email [6] 220 Tekst Tel [7] 230 Tekst Voornaam [8] 300 Tekst Door FSMA erkende compliance officer Naam [9] 310 Tekst Email [10] 320 Tekst Tel [11] 330 Tekst Voornaam [12] 400 Tekst Interne auditor Naam [13] 410 Tekst Email [14] 420 Tekst Tel [15] 430 Tekst
9 Aard van de dienst Dienst 1. Ontvangen en doorgeven van orders 2. Uitvoeren van orders 3. Handelen voor eigen rekening Geleverd in België [100] 1000 Ja/Nee [101] 1001 Ja/Nee [102] 1002 Ja/Nee Geleverd binnen de EER (uitgezonderd België) Vrije dienstverlening Bijkantoor [120] 1100 Ja/Nee [140] 1200 Ja/Nee [121] 1101 Ja/Nee [141] 1201 Ja/Nee [122] 1102 Ja/Nee [142] 1202 Ja/Nee Geleverd buiten de EER [160] 1300 Ja/Nee [161] 1301 Ja/Nee [162] 1302 Ja/Nee Beleggings- 4. Vermogensbeheer [103] 1003 Ja/Nee [123] 1103 Ja/Nee [143] 1203 Ja/Nee [163] 1303 Ja/Nee diensten 5. Beleggingsadvies [104] 1004 Ja/Nee [124] 1104 Ja/Nee [144] 1204 Ja/Nee [164] 1304 Ja/Nee 6. Vaste overname [105] 1005 Ja/Nee [125] 1105 Ja/Nee [145] 1205 Ja/Nee [165] 1305 Ja/Nee 7. Plaatsing zonder garantie [106] 1006 Ja/Nee [126] 1106 Ja/Nee [146] 1206 Ja/Nee [166] 1306 Ja/Nee 8. Uitbating MTF [107] 1007 Ja/Nee [127] 1107 Ja/Nee [147] 1207 Ja/Nee [167] 1307 Ja/Nee 1. Bewaring 2. Kredietverleni ng bestemd voor transacties [108] 1008 [109] 1009 Ja/Nee Ja/Nee [128] 1108 [129] 1109 Ja/Nee Ja/Nee [148] 1208 [149] 1209 Ja/Nee Ja/Nee [168] 1308 [169] 1309 Ja/Nee Ja/Nee Nevendiensten Andere toegelaten diensten of 3. Advies inzake kapitaalstructuur en bedrijfsstrategie [110] 1010 Ja/Nee [130] 1110 Ja/Nee [150] 1210 Ja/Nee [170] 1310 Ja/Nee 4. Valutawisseldiensten [111] 1011 Ja/Nee [131] 1111 Ja/Nee [151] 1211 Ja/Nee [171] 1311 Ja/Nee 5. Financieel onderzoek en analyse [112] 1012 Ja/Nee [132] 1112 Ja/Nee [152] 1212 Ja/Nee [172] 1312 Ja/Nee 6. Diensten in verband met overname [113] 1013 Ja/Nee [133] 1113 Ja/Nee [153] 1213 Ja/Nee [173] 1313 Ja/Nee 7. Diensten in verband met derivaten [114] 1014 Ja/Nee [134] 1114 Ja/Nee [154] 1214 Ja/Nee [174] 1314 Ja/Nee 1. Verkoop van beleggingsverzekeringen (Tak 21, Tak 23, Tak 26) 2. Andere diensten in samenhang met [115] 1015 Ja/Nee [135] 1115 Ja/Nee [155] 1215 Ja/Nee [175] 1315 Ja/Nee activiteiten deze diensten [116] 1016 Ja/Nee [136] 1116 Ja/Nee [156] 1216 Ja/Nee [176] 1316 Ja/Nee / FSMA
10 'Face-to-face'-netwerk Aantal Internet/email Agenten in bank- en beleggingsdiensten [180] 1400 Getal Online beleggingen ('execution only' of 'execution with appropriateness test') [190] 1500 Ja/Nee Makelaars in bank- en beleggingsdiensten [181] 1410 Getal Online beleggingsadvies [191] 1510 Ja/Nee Niet-zelfstandige verkooppunten [182] 1420 Getal Cliëntenaanbrengers [183] 1430 Getal Andere (te preciseren) [184] 1490 Getal Gepersonaliseerde online-informatie die geen beleggingsadvies is [192] 1520 Ja/Nee / FSMA
11 Per cliëntencategorie: aantal cliënten volgens zorgplichtregime 1. Aantal professionele cliënten 2. Aantal nietprofessionele cliënten Totaal Vermogensbeheer Structureel beleggingsadvies Ad hoc-beleggingsadvies en/of 'execution with appropriateness test' en/of 'execution only' [200] 2000 Getal [202] 2020 Getal [204] 2040 Getal [206] 2060 Getal [201] 2010 Getal [203] 2030 Getal [205] 2050 Getal [207] 2070 Getal / FSMA
12 Vermogensbeheer Structureel beleggingsadvies Eigen ICB Totale waarde activa 3000 Bedrag 3100 Bedrag Vermogensbeheer Structureel beleggingsadvies Professionele cliënten, andere dan ICB Totale waarde activa [300] 3050 Bedrag [310] 3150 Bedrag Aandeel van de eigen ICB in de portefeuilles van deze cliënten Aandeel van de groeps-icb in de portefeuilles van deze cliënten 3080 Bedrag 3180 Bedrag 3090 Bedrag 3190 Bedrag / FSMA
13 1. Financiële instrumenten Vermogensbeheer Structureel beleggingsadvies ICB, niet-complex [301] 3200 Bedrag [311] 3600 Bedrag ICB, complex [302] 3210 Bedrag [312] 3610 Bedrag Niet-professionele cliënten 2. Beleggingsverzekeringen Andere financiële instrumenten dan ICB, niet-complex [303] 3220 Bedrag [313] 3620 Bedrag Andere financiële instrumenten dan ICB, complex [304] 3230 Bedrag [314] 3630 Bedrag Aandeel van de eigen ICB in de portefeuilles van deze cliënten 3280 Bedrag 3680 Bedrag Aandeel van de groeps-icb in de portefeuilles van deze cliënten 3290 Bedrag 3690 Bedrag Beleggingsverzekeringen Tak 21 [320] 3700 Bedrag Niet-professionele cliënten Beleggingsverzekeringen Tak 23 [321] 3710 Bedrag Beleggingsverzekeringen Tak 26 [322] 3720 Bedrag 3. Deposito's Niet-professionele cliënten Deposito's [330] 3300 Bedrag [331] 3800 Bedrag 4. Andere beleggingsproducten Niet-professionele cliënten Andere beleggingsproducten [340] 3400 Bedrag [341] 3900 Bedrag / FSMA
14 Beleggingsstrategie Aantal cliënten Activa Performance 1. (minst risicovol) [400] 4000 Getal [430] 4100 Bedrag [460] 4200 Percentage 2. [401] 4010 Getal [431] 4110 Bedrag [461] 4210 Percentage 3. [402] 4020 Getal [432] 4120 Bedrag [462] 4220 Percentage 4. [403] 4030 Getal [433] 4130 Bedrag [463] 4230 Percentage 5. [404] 4040 Getal [434] 4140 Bedrag [464] 4240 Percentage 6. [405] 4050 Getal [435] 4150 Bedrag [465] 4250 Percentage 7. (meeste risicovol) [406] 4060 Getal [436] 4160 Bedrag [466] 4260 Percentage 8. (niet toewijsbaar in gestandaardiseerde strategie) [429] 4090 Getal [459] 4190 Bedrag [489] 4290 Percentage Beleggingsstrategie Aantal cliënten Activa Performance 1. (minst risicovol) [500] 4500 Getal [530] 4600 Bedrag [560] 4700 Percentage 2. [501] 4510 Getal [531] 4610 Bedrag [561] 4710 Percentage 3. [502] 4520 Getal [532] 4620 Bedrag [562] 4720 Percentage 4. [503] 4530 Getal [533] 4630 Bedrag [563] 4730 Percentage 5. [504] 4540 Getal [534] 4640 Bedrag [564] 4740 Percentage 6. [505] 4550 Getal [535] 4650 Bedrag [565] 4750 Percentage 7. (meeste risicovol) [506] 4560 Getal [536] 4660 Bedrag [566] 4760 Percentage 8. (niet toewijsbaar in gestandaardiseerde strategie) [507] 4590 Getal [537] 4690 Bedrag [567] 4790 Percentage Type performanceberekening 4800 Tekst
15 Vermogensbeheer Structureel beleggingsadvies Aankoop Verkoop Aankoop Verkoop Aantal transacties voor niet-professionele cliënten 5000 Getal 5010 Getal 5020 Getal 5030 Getal 1. Financiële instrumenten Vermogensbeheer Structureel beleggingsadvies Aankoop Verkoop Aankoop Verkoop ICB, niet-complex 5100 Bedrag 5200 Bedrag 5300 Bedrag 5400 Bedrag Nietprofessionele cliënten ICB, complex Andere financiële instrumenten dan ICB, niet-complex Andere financiële instrumenten dan ICB, complex 5110 Bedrag 5210 Bedrag 5310 Bedrag 5410 Bedrag 5120 Bedrag 5220 Bedrag 5320 Bedrag 5420 Bedrag 5130 Bedrag 5230 Bedrag 5330 Bedrag 5430 Bedrag 2.Beleggingsverzekeringen Premiestortingen Afkopen (Niet-) professionele cliënten Levensverzekeringen Tak 21 Levensverzekeringen Tak 23 5350 5360 Bedrag Bedrag 5450 5460 Bedrag Bedrag Levensverzekeringen Tak 26 5370 Bedrag 5470 Bedrag / FSMA
16 Ad hoc-beleggingsadvies 'Execution with appropriateness test' 'Execution only' Aantal transacties voor niet-professionele cliënten Aankoop Verkoop Aankoop Verkoop Aankoop Verkoop [230] 6000 Getal [235] 6010 Getal [240] 6020 Getal [245] 6030 Getal [250] 6040 Getal [255] 6050 Getal 1. Financiële instrumenten Ad hoc-beleggingsadvies 'Execution with appropriateness test' 'Execution only' Aankoop Verkoop Aankoop Verkoop Aankoop Verkoop ICB, niet-complex [350] 6100 Bedrag [355] 6200 Bedrag [360] 6300 Bedrag [365] 6400 Bedrag [370] 6500 Bedrag [375] 6600 Bedrag Nietprof. cliënten ICB, complex Andere financiële instr. dan ICB, niet-complex Andere financiële instr. dan ICB, complex [351] 6110 Bedrag [356] 6210 Bedrag [361] 6310 Bedrag [366] 6410 Bedrag [352] 6120 Bedrag [357] 6220 Bedrag [362] 6320 Bedrag [367] 6420 Bedrag [372] 6520 Bedrag [377] 6620 Bedrag [353] 6130 Bedrag [358] 6230 Bedrag [363] 6330 Bedrag [368] 6430 Bedrag 2.Beleggingsverzekeringen Premiestortingen Afkopen (Niet-) professi onele cliënten Levensverzekeringen Tak 21 [380] 6150 Bedrag [385] 6250 Bedrag Levensverzekeringen Tak 23 [381] 6160 Bedrag [386] 6260 Bedrag Levensverzekeringen Tak 26 [382] 6170 Bedrag [387] 6270 Bedrag / FSMA
/17 Beheerloon Adviesloon Vergoeding voor uitvoering van orders Vergoeding voor ontvangen en doorgeven van orders Vaste vergoeding [600] 7000 Bedrag Performance fee [601] 7001 Bedrag Vaste vergoeding [602] 7010 Bedrag Performance fee [603] 7011 Bedrag Aandelen [604-605] 7020 Bedrag Obligaties [604-605] 7021 Bedrag Andere financiële instrumenten [604-605] 7029 Bedrag Aandelen [606-607] 7030 Bedrag Obligaties [606-607] 7031 Bedrag Andere financiële instrumenten [606-607] 7039 Bedrag Gestructureerde ICB [608-609] 7040 Bedrag Gestructureerde beleggingsverzekeringen 7041 Bedrag In- en uitstapvergoeding Andere gestructureerde beleggingsproducten 7042 Bedrag Niet-gestructureerde ICB [608-609] 7045 Bedrag Niet-gestructureerde beleggingsverzekeringen 7046 Bedrag Andere niet-gestructureerde beleggingsproducten 7049 Bedrag Bewaarloon [610] 7050 Bedrag Andere vergoedingen betaald door of in naam van cliënten [612] 7190 Bedrag Doorgestorte retrocessies [620] 7200 Bedrag Andere vergoedingen betaald aan cliënten [621] 7290 Bedrag Vergoedingen betaald aan 'execution venues' [630] 7300 Bedrag Vergoedingen betaald aan bewaarders [631] 7310 Bedrag Vergoedingen betaald aan brokers [632] 7320 Bedrag Betaalde clearing & settlement-vergoedingen 7330 Bedrag Andere passende vergoedingen [633] 7390 Bedrag
/18 Retrocessies vergoeding uitvoering van orders [640-641] 7400 Bedrag Retrocessies bewaarloon [642-643] 7410 Bedrag Retrocessies van vergoedingen m.b.t. ICB [644-645] 7420 Bedrag Vergoedingen voor diensten van vaste overname of plaatsing zonder garantie, m.b.t. andere financiële instrumenten dan ICB 7430 Bedrag 'Soft commissions' [646] 7440 Ja/Nee Andere 'inducements sensu stricto' ontvangen van derde partijen [647-648] 7590 Bedrag Cliëntenaanbrengers [660] 7600 Bedrag Makelaars in bank- en beleggingsdiensten [661] 7610 Bedrag Retrocessies vergoeding uitvoering van orders 7620 Bedrag Retrocessies bewaarloon 7630 Bedrag Retrocessies van vergoedingen m.b.t. ICB 7640 Bedrag Vergoedingen voor diensten van vaste overname of plaatsing zonder garantie, m.b.t. andere financiële instrumenten dan ICB 7650 Bedrag Andere 'inducements sensu stricto' betaald aan derde partijen [662] 7690 Bedrag Agenten in bank- en beleggingsdiensten [670] 7700 Bedrag Vergoedingen ontvangen voor de verkoop van Beleggingsverzekeringen 7800 Bedrag Overige vergoedingen ontvangen van derde partijen [680] 7890 Bedrag Overige vergoedingen betaald aan derde partijen [681] 7990 Bedrag
/19 Transacties uitgevoerd door de onderneming zelf Transacties uitgevoerd door een intragroep-partij andere dan de onderneming zelf Transacties uitgevoerd door een extragroep-partij Aandelen Obligaties Andere financiële instrumenten [700] 8000 Pct [703] 8030 Pct [706] 8060 Pct [701] 8010 Pct [704] 8040 Pct [707] 8070 Pct [702] 8020 Pct [705] 8050 Pct [708] 8080 Pct Totaal 100% Totaal 100% Totaal 100% Aandelen Obligaties Broker EER Broker Niet-EER Broker EER Broker Niet-EER 1. [710] 8101 Naam+Nr [720] 8111 Naam+Nr [730] 8121 Naam+Nr [740] 8131 Naam+Nr 2. [711] 8102 Naam+Nr [721] 8112 Naam+Nr [731] 8122 Naam+Nr [741] 8132 Naam+Nr 3. [712] 8103 Naam+Nr [722] 8113 Naam+Nr [732] 8123 Naam+Nr [742] 8133 Naam+Nr 4. [713] 8104 Naam+Nr [723] 8114 Naam+Nr [733] 8124 Naam+Nr [743] 8134 Naam+Nr 5. [714] 8105 Naam+Nr [724] 8115 Naam+Nr [734] 8125 Naam+Nr [744] 8135 Naam+Nr Totaal overige [715] 8109 Pct [725] 8119 Pct [735] 8129 Pct [745] 8139 Pct Tegenpartij EER Tegenpartij Niet-EER 1. [750] 8201 Naam+Nr [760] 8211 Naam+Nr 2. [751] 8202 Naam+Nr [761] 8212 Naam+Nr 3. [752] 8203 Naam+Nr [762] 8213 Naam+Nr 4. [753] 8204 Naam+Nr [763] 8214 Naam+Nr 5. [754] 8205 Naam+Nr [764] 8215 Naam+Nr Totaal overige [755] 8209 Pct [765] 8219 Pct
/20 Gereglementeerde markten Aandelen Obligaties Andere financiële instrumenten [770] 8300 Percentage [775] 8400 Percentage [780] 8500 Percentage MTF [771] 8310 Percentage [776] 8410 Percentage [781] 8510 Percentage OTC [772] 8320 Percentage [777] 8420 Percentage [782] 8520 Percentage Systematische internalisatie Andere plaats van uitvoering [773] 8330 Percentage [778] 8430 Percentage [783] 8530 Percentage [774] 8340 Percentage [779] 8440 Percentage [784] 8540 Percentage Totaal 100% 100% 100% 1. [785] 8601 Naam 2. [786] 8602 Naam 3. [787] 8603 Naam 4. [788] 8604 Naam 5. [789] 8605 Naam Totaal overige [790] 8609 Percentage 1. [791] 8701 Naam+Nr 2. [792] 8702 Naam+Nr 3. [793] 8703 Naam+Nr 4. [794] 8704 Naam+Nr 5. [795] 8705 Naam+Nr Totaal overige [796] 8709 Percentage
/21 Aandelen Obligaties Andere financiële instrumenten 1. [800] 9001 Naam+Nr [810] 9011 Naam+Nr [820] 9021 Naam+Nr 2. [801] 9002 Naam+Nr [811] 9012 Naam+Nr [821] 9022 Naam+Nr 3. [802] 9003 Naam+Nr [812] 9013 Naam+Nr [822] 9023 Naam+Nr 4. [803] 9004 Naam+Nr [813] 9014 Naam+Nr [823] 9024 Naam+Nr 5. [804] 9005 Naam+Nr [814] 9015 Naam+Nr [824] 9025 Naam+Nr Totaal overige [805] 9009 Percentage [815] 9019 Percentage [825] 9029 Percentage Aandelen Obligaties Andere financiële instrumenten 1. [850] 9101 Naam+Nr [860] 9111 Naam+Nr [870] 9121 Naam+Nr 2. [851] 9102 Naam+Nr [861] 9112 Naam+Nr [871] 9122 Naam+Nr 3. [852] 9103 Naam+Nr [862] 9113 Naam+Nr [872] 9123 Naam+Nr 4. [853] 9104 Naam+Nr [863] 9114 Naam+Nr [873] 9124 Naam+Nr 5. [854] 9105 Naam+Nr [864] 9115 Naam+Nr [874] 9125 Naam+Nr Totaal overige [855] 9109 Percentage [865] 9119 Percentage [875] 9129 Percentage
/22 Aandelen Obligaties Andere financiële instrumenten 1. [800] 9501 Naam+Nr [810] 9511 Naam+Nr [820] 9521 Naam+Nr 2. [801] 9502 Naam+Nr [811] 9512 Naam+Nr [821] 9522 Naam+Nr 3. [802] 9503 Naam+Nr [812] 9513 Naam+Nr [822] 9523 Naam+Nr 4. [803] 9504 Naam+Nr [813] 9514 Naam+Nr [823] 9524 Naam+Nr 5. [804] 9505 Naam+Nr [814] 9515 Naam+Nr [824] 9525 Naam+Nr Totaal overige [805] 9509 Percentage [815] 9519 Percentage [825] 9529 Percentage Aandelen Obligaties Andere financiële instrumenten 1. [850] 9601 Naam+Nr [860] 9611 Naam+Nr [870] 9621 Naam+Nr 2. [851] 9602 Naam+Nr [861] 9612 Naam+Nr [871] 9622 Naam+Nr 3. [852] 9603 Naam+Nr [862] 9613 Naam+Nr [872] 9623 Naam+Nr 4. [853] 9604 Naam+Nr [863] 9614 Naam+Nr [873] 9624 Naam+Nr 5. [854] 9605 Naam+Nr [864] 9615 Naam+Nr [874] 9625 Naam+Nr Totaal overige [855] 9609 Percentage [865] 9619 Percentage [875] 9629 Percentage
/23 Boekjaar -1 Boekjaar [900] 10010 Getal [901] 10011 Getal Boekjaar -1 Boekjaar [902] 10110 Bedrag [903] 10111 Bedrag Boekjaar -1 Boekjaar [904] 10210 Percentage [905] 10211 Percentage Boekjaar -1 Boekjaar [910] 10310 Getal [911] 10311 Getal Boekjaar -1 Boekjaar [912] 10410 Bedrag [913] 10411 Bedrag Boekjaar -1 Boekjaar [914] 10510 Aantal dagen [915] 10511 Aantal dagen
/24 De FSMA wenst een concreet overzicht te krijgen van de beleggingsdiensten en nevendiensten die de ondernemingen met een vergunning naar Belgisch recht daadwerkelijk verrichten, in België, in de EER (hetzij onder het regime van vrije dienstverlening, hetzij via een bijkantoor) en buiten de EER. Ook activiteiten die de onderneming heeft geoutsourced aan andere ondernemingen, moeten worden vermeld. EER-bijkantoren moeten voor dit luik enkel de velden 1000 t.e.m. 1016 invullen. De informatie over distributiekanalen heeft enkel betrekking op diensten verleend in België. De nationaliteit of de woonplaats van de cliënten van de onderneming zijn niet relevant voor de afbakening van de gegevens. De plaats van de dienstverlening geldt als criterium. In de velden 1400 en 1410 moet, respectievelijk voor de agenten in bank- en beleggingsdiensten en de makelaars in bank- en beleggingsdiensten, het aantal tussenpersonen worden opgenomen dat is ingeschreven bij de FSMA. Het aantal vestigingsplaatsen en het aantal personeelsleden zijn niet relevant. In veld 1420 moet het aantal niet-zelfstandige verkooppunten (kantoren) in het netwerk van de onderneming worden opgenomen. Veld 1430 tenslotte vermeldt het aantal cliëntenaanbrengers. Hier moet het aantal partijen worden geteld waarmee er een contractuele relatie bestaat. Het gaat enkel om die cliëntenaanbrengers die actief zijn m.b.t. beleggingsdiensten. Cliëntenaanbrengers die louter klanten voor andere bankdiensten of -producten aanbrengen, moeten niet worden opgenomen. De FSMA wenst inzicht te verwerven in het aandeel van de verschillende zorgplichtregimes voor de verschillende MiFID-cliëntencategorieën. Om de gegevens in de Cartografie beter te laten aansluiten bij bestaande praktijken, werd het nuttig geacht om het onderscheid te maken tussen volgende concepten: structureel beleggingsadvies, dat een portefeuillebenadering hanteert en veelal het voorwerp is van een overeenkomst beleggingsadvies, en ad hoc-beleggingsadvies, dat betrekking heeft op individuele transacties. Naast het aantal cliënten per cliëntencategorie voor wat betreft vermogensbeheer en structureel beleggingsadvies, moet ook het aantal cliënten worden vermeld dat onder één van de andere zorgplichtregimes valt (ad hoc-beleggingsadvies, 'execution with appropriateness test' en 'execution only'). De vraag of deze diensten al dan niet betalend zijn, heeft geen invloed op de kwalificatie: onbetaald beleggingsadvies is ook beleggingsadvies. Ook de vraag of het advies al dan niet op initiatief van de Klik op de veldnummers in vetjes om naar het algemeen overzicht te gaan.
/25 onderneming werd verleend, is niet bepalend voor de kwalificatie. Het spreekt voor zich dat de wettelijke regels inzake beleggingsadvies onverkort gelden voor beide vormen van beleggingsadvies. Als één cliënt geldt elke natuurlijke persoon, rechtspersoon of groepering van personen voor wie een afzonderlijke cliëntencategorisatie werd uitgevoerd. Het is mogelijk dat cliënten in meerdere van de drie rubrieken voorkomen, bijvoorbeeld omdat ze een deel van hun activa in vermogensbeheer hebben gegeven en voor een ander deel zelf transacties uitvoeren onder het regime van 'execution only'. Indien dat het geval is, zal het totaal in de velden 2000 resp. 2010 niet overeenstemmen met de som van de velden 2020, 2040 en 2060 (voor professionele cliënten) resp. 2030, 2050 en 2070 (voor niet-professionele cliënten). Uit de velden 2000 en 2010 moeten m.a.w. de mogelijke dubbeltellingen worden verwijderd. In dit onderdeel wordt een 'foto' gevraagd van de marktwaarde op het einde van het boekjaar van de activa die het voorwerp uitmaken van vermogensbeheer en structureel beleggingsadvies. De activa kunnen naast financiële instrumenten ook deposito's en andere beleggingsproducten (b.v. goud) omvatten. Voor structureel beleggingsadvies kunnen ze ook beleggingsverzekeringen omvatten. Voor beleggingsverzekeringen wordt de theoretische afkoopwaarde op het einde van het boekjaar gevraagd m.b.t. de verzekeringscontracten die de cliënt heeft afgesloten met bemiddeling van de onderneming. Zolang verzekeringsondernemingen niet het onderscheid maken tussen professionele en niet-professionele cliënten, mogen de gegevens voor alle cliënten samen worden opgeleverd. Zodra verzekeringsondernemingen dit onderscheid maken, moeten de gegevens worden beperkt tot de niet-professionele cliënten. Voor de deposito's moeten enkel diegene worden opgenomen die deel uitmaken van de portefeuille in vermogensbeheer en/of structureel beleggingsadvies. Het betreft dus wellicht niet alle cliëntendeposito's van de onderneming. De gevraagde gegevens m.b.t. niet-professionele cliënten zijn uitgebreider dan de professionele cliënten. gegevens voor De FSMA hecht belang aan een correcte verwerking van de gegevens overeenkomstig de verschillende mogelijke modellen van vermogensbeheer en/of structureel beleggingsadvies, die hieronder kort worden samengevat. Klik op de veldnummers in vetjes om naar het algemeen overzicht te gaan.
/26 Model 1: Geïndividualiseerd vermogensbeheer resp. structureel advies voor alle cliënten In dit model gebeurt het beheer resp. advies steeds op individuele basis. Het is echter wel mogelijk dat zich in de portefeuilles van de cliënten ICB bevinden die worden beheerd en/of structureel geadviseerd door hetzij de onderneming zelf (eigen ICB) hetzij een andere onderneming uit de groep van de onderneming (groeps-icb). Indien de onderneming zelf eigen ICB beheert of structureel adviseert, wordt dit in de Cartografie als volgt verwerkt: Activa van de eigen ICB: de activa onder beheer van deze ICB worden, zonder verdere opsplitsing, opgenomen in veld 3000 van de Cartografie; de activa van ICB onder structureel beleggingsadvies worden, zonder verdere opsplitsing, opgenomen in veld 3100. Het gaat om het totale bedrag van de activa, weliswaar met uitzuivering van dubbeltelling voor eventuele dakfondsen. Activa van professionele cliënten andere dan ICB: de activa van andere professionele cliënten in vermogensbeheer worden opgenomen in veld 3050. Indien de portefeuilles van deze cliënten eigen ICB bevatten, kan een dubbeltelling ontstaan met de activa in de velden 3000 of 3100. Daarom wordt in veld 3080 het bedrag opgenomen van het aandeel van de eigen ICB in de portefeuilles van deze cliënten; de activa van andere professionele cliënten in structureel beleggingsadvies worden opgenomen in veld 3150. Indien de portefeuilles van deze cliënten eigen ICB bevatten, kan een dubbeltelling ontstaan met hetzij veld 3000, hetzij veld 3100. Daarom wordt in veld 3180 het bedrag opgenomen van het aandeel van de eigen ICB in de portefeuilles van deze cliënten. Activa van niet-professionele cliënten: de activa van niet-professionele cliënten in vermogensbeheer worden uitgesplitst over de velden 3200-3400, in functie van de klassen van activa waarin ze belegd zijn. Indien de portefeuilles van deze cliënten eigen ICB bevatten, kan een dubbeltelling ontstaan tussen de waarden in de velden 3200 en 3210 (ICB) en hetzij veld 3000, hetzij veld 3100. Daarom wordt in veld 3280 het bedrag opgenomen van het aandeel van de eigen ICB in de portefeuilles van deze cliënten; de activa van niet-professionele cliënten in structureel beleggingsadvies worden uitgesplitst over de velden 3600-3900, in functie van de klassen van activa waarin ze belegd zijn. Indien de portefeuilles van deze cliënten eigen ICB bevatten, kan een dubbeltelling ontstaan tussen de waarden in de velden 3600 en 3900 (ICB) en hetzij veld 3000, hetzij veld 3100. Daarom wordt in veld 3680 het bedrag opgenomen van het aandeel van de eigen ICB in de portefeuilles van deze cliënten. Indien de onderneming bij het beheer of structureel beleggingsadvies gebruik maakt van groeps-icb, is er op het niveau van de onderneming zelf geen sprake van dubbeltellingen. Deze ICB worden immers niet door de onderneming zelf beheerd of geadviseerd, maar door een andere onderneming uit dezelfde groep. De FSMA vindt het belangrijk om zicht te krijgen op het bestaan en de omvang van deze posities, onder meer met het oog op een effectief toezicht op de naleving van de regels met betrekking tot belangenconflicten. Ze worden in de Cartografie als volgt verwerkt: Activa van professionele cliënten andere dan ICB: Klik op de veldnummers in vetjes om naar het algemeen overzicht te gaan.
/27 In veld 3090 wordt het bedrag opgenomen van het aandeel van de groeps-icb in de portefeuilles van de cliënten in vermogensbeheer; In veld 3190 wordt het bedrag opgenomen van het aandeel van de groeps-icb in de portefeuilles van de cliënten in structureel beleggingsadvies. Activa van niet-professionele cliënten: In veld 3290 wordt het bedrag opgenomen van het aandeel van de groeps-icb in de portefeuilles van de cliënten in vermogensbeheer; In veld 3690 wordt het bedrag opgenomen van het aandeel van de groeps-icb in de portefeuilles van de cliënten in structureel beleggingsadvies. Model 2: Gebruik, voor alle of voor een groep van cliënten, van een specifieke eigen ICB of groeps-icb, zonder geïndividualiseerd vermogensbeheer voor deze cliënten In dit model wordt, veelal voor de portefeuilles onder een bepaalde drempelwaarde, gewerkt met specifieke ICB die speciaal voor dit doel zijn opgezet. Het beheer van deze portefeuilles gebeurt collectief. Er is in dit geval geen sprake meer van geïndividualiseerd beheer. Cliënten houden per portefeuille één positie aan in een specifieke ICB, die overeenstemt met hun profiel (b.v. Dynamisch, Defensief etc.). De overige portefeuilles van de onderneming worden beheerd overeenkomstig Model 1. In Model 2 verwerft de cliënt een positie in een ICB die geschikt is voor hem en overeenkomt met zijn beleggingsstrategie, bijvoorbeeld 'Neutraal' of 'Dynamisch'. Het beheer gebeurt collectief. De verwerking in de Cartografie gebeurt als volgt: Activa van de specifieke eigen ICB of groeps-icb: Indien het gaat om een eigen ICB wordt de ICB zelf opgenomen onder veld 3000 (ICB onder beheer) of 3100 (ICB onder structureel advies). In het geval van een groeps-icb zal de ICB terug te vinden zijn in veld 3000 (ICB onder beheer) of 3100 (ICB onder structureel advies) in de Cartografie van de beherende of adviserende onderneming uit dezelfde groep, voor zover deze ook onder het toepassingsveld van de Cartografie valt. Activa van niet-professionele cliënten: Omdat het beheer volledig binnen het kader van de ICB gebeurt, is er geen sprake van individueel vermogensbeheer. De velden 3200 en 3210 zijn in dit kader niet relevant. Mogelijk werd de positie in de specifieke ICB verworven in het kader van een relatie van structureel beleggingsadvies. Als dat het geval is, geldt het volgende: o De activa belegd in de specifieke groeps- of eigen ICB worden opgenomen in de velden 3600 en 3610. o Gaat het om een eigen ICB, dan moeten ze tevens worden opgenomen in veld 3680. o Gaat het om een groeps-icb, dan moeten ze tevens worden opgenomein in veld 3690, om dubbeltellingen te vermijden; Klik op de veldnummers in vetjes om naar het algemeen overzicht te gaan.
/28 Indien de positie werd verworven in het kader van ad hoc-beleggingsadvies, moeten enkel de transacties waarbij de posities werden verworven resp. verkocht, worden weergegeven, en wel in de tabel 2.5 (velden 6100, 6110, 6200 en 6210). De positie komt in dit geval niet voor onder de activa in tabel 2.4.1. Vele financiële instellingen verlenen beleggingsdiensten via een benadering met verschillende beleggingsstrategieën. Deze gaan veelal van zeer conservatief of defensief naar zeer dynamisch of offensief. Omdat er geen gestandaardiseerd systeem van indeling bestaat voor deze beleggingsstrategieën, wordt aan elke onderneming gevraagd om de onderverdeling die zij hanteert, te rangschikken van minst risicovol naar meest risicovol. Gegevens die niet aan een beleggingsstrategie kunnen worden toegewezen, moeten worden weergegeven in de velden met de vermelding 'niet toewijsbaar in gestandaardiseerde strategieën'. Indien de onderneming minder of meer onderverdelingen hanteert, mag zij velden blanco laten of toevoegen. De beleggingsstrategieën die in de Cartografie worden vermeld, moeten overeenkomen met de beschrijving in de documenten bedoeld in de nummers 4.1.4 en 4.2.5 van de Mededeling FSMA 2012-2 MiFID- Documentenlijst 19 januari 2012. De gegevens worden apart opgevraagd voor (1) vermogensbeheer en (2) structureel beleggingsadvies. Ze hebben enkel betrekking op niet-professionele cliënten. Voor wat betreft de cliënten en de activa gaat het om een 'foto' op het einde van het boekjaar. Aangezien het een 'foto' betreft, houdt de rapportering geen rekening met mogelijke veranderingen van strategie in de loop van het jaar en met het feit dat sommige activa wellicht niet het hele jaar onder beheer of advies zijn geweest. Er wordt gerapporteerd over de positie op het einde van het jaar alsof die zich gedurende het hele jaar had voorgedaan. Ondernemingen die menen dat hierdoor een sterk vertekend beeld ontstaat, moeten dit vermelden in de bijkomende toelichting waarvan sprake in hoofdstuk 4. Voor wat betreft de performance moet de berekenignswijze worden gehanteerd die de onderneming in de rapportering aan hun klanten gebruikt. Per strategie moet een gewogen gemiddelde worden berekend van de performance van de portefeuilles die zich op het einde van een boekjaar in een bepaalde strategie bevinden. In veld 4800 kiest de onderneming het type van performanceberekening uit de lijst die in overleg met de sector werd opgesteld. Indien de onderneming een andere berekeningswijze gebruikt in de rapportering aan klanten, moet zij dit vermelden in de bijkomende toelichting waarvan sprake in hoofdstuk 4. De Cartografie peilt naar de aantallen en de waarde van de transacties in vermogensbeheer en structureel beleggingsadvies, voor niet-professionele cliënten van de onderneming. Het gaat in dit geval niet om een 'foto' op het einde van het jaar, maar om een som van de transacties die zich in de loop van het jaar hebben voorgedaan. De gegevens over de transacties worden bruto gerapporteerd, voor afhouding van kosten en lasten. Er wordt een onderscheid gemaakt tussen aan- en verkooptransacties. In voorkomend geval gaat het zowel om transacties op de primaire als op de secundaire markt, met inbegrip van de verkoop van beleggingsproducten uitgegeven door de onderneming. Voor ICB gaat het om toetredingen en uittredingen. Klik op de veldnummers in vetjes om naar het algemeen overzicht te gaan.
/29 Voor beleggingsverzekeringen gaat het om de bedragen van premiestortingen en afkopen m.b.t. de verzekeringscontracten die de cliënt heeft afgesloten met bemiddeling van de onderneming. Zolang verzekeringsondernemingen niet het onderscheid maken tussen professionele en niet-professionele cliënten, mogen de gegevens voor alle cliënten samen worden opgeleverd. Zodra verzekeringsondernemingen dit onderscheid maken, moeten de gegevens worden beperkt tot de niet-professionele cliënten. Er wordt voor de 'andere beleggingsdiensten' gepeild naar het relatieve belang van de transacties die respectievelijk voorwerp zijn van (1) ad hoc-beleggingsadvies, (2) 'execution with appropriateness test' en (3) 'execution only'. Deze gegevens worden enkel opgevraagd voor niet-professionele cliënten. Het gaat ook hier niet om een 'foto' op het einde van het jaar, maar om een som van de transacties die zich in de loop van het jaar hebben voorgedaan. De gegevens over de transacties worden bruto gerapporteerd, voor afhouding van kosten en lasten. Er wordt een onderscheid gemaakt tussen aan- en verkooptransacties. In voorkomend geval gaat het zowel om transacties op de primaire als op de secundaire markt, met inbegrip van de verkoop van beleggingsproducten uitgegeven door de onderneming. Voor ICB gaat het om toetredingen en uittredingen. Voor beleggingsverzekeringen gaat het om de bedragen van premiestortingen en afkopen m.b.t. de verzekeringscontracten die de cliënt heeft afgesloten met bemiddeling van de onderneming. Zolang verzekeringsondernemingen niet het onderscheid maken tussen professionele en niet-professionele cliënten, mogen de gegevens voor alle cliënten samen worden opgeleverd. Zodra verzekeringsondernemingen dit onderscheid maken, moeten de gegevens worden beperkt tot de niet-professionele cliënten. Dit hoofdstuk peilt naar informatie over de vergoedingen die ondernemingen ontvangen of betalen in verband met beleggingsdiensten die zij leveren. Voor elk van de onderdelen moet de onderneming kunnen aantonen dat het overzicht van de vergoedingen volledig is. Een reconciliatie tussen deze bedragen en de bedragen in de boekhouding van de onderneming moet mogelijk zijn. De informatie bestaat uit drie onderdelen: 1. Vergoedingen betaald door, namens of aan cliënten; 2. Passende vergoedingen betaald aan derde partijen; 3. Overige betaalde of ontvangen vergoedingen Het eerste onderdeel - 2.6.1 - bevat de vergoedingen betaald door, namens of aan cliënten, in overeenstemming met art. 7, a) van het KB MiFID-Uitvoering 3 juni 2007. Klik op de veldnummers in vetjes om naar het algemeen overzicht te gaan.
/30 Het tweede onderdeel - 2.6.2 - bevat de - beperkte - categorie van de passende vergoedingen die aan derde partijen betaald worden door de onderneming, in overeenstemming met art. 7, c) van het KB MiFID- Uitvoering 3 juni 2007. Het derde onderdeel - 2.6.3 - is op zijn beurt onderverdeeld in vier delen: 2.6.3.1: de inducements sensu stricto ontvangen van derde partijen, d.w.z. de ontvangen vergoedingen die de toets van art. 7, b) van het KB MiFID-Uitvoering 3 juni 2007 doorstaan; 2.6.3.2: de inducements sensu stricto betaald aan derde partijen, d.w.z. de betaalde vergoedingen die de toets van art. 7, b) van het KB MiFID-Uitvoering 3 juni 2007 doorstaan; 2.6.3.3: de vergoedingen aan agenten in bank- en beleggingsdiensten; omdat deze niet als derde partijen worden beschouwd, vallen ze niet onder het vorige punt en moeten ze apart vermeld worden; 2.6.3.4: de overige vergoedingen van of aan derde partijen; in de mate waarin niet alle ontvangen of betaalde vergoedingen van of aan derde partijen voldoen aan één van de vorige punten, moeten ze hieronder worden vermeld. Het gaat om de vergoeding voor de beleggingsdienst vermogensbeheer. Voor de beleggingsondernemingen geldt dat de som van de velden 7000 en 7001 in principe moet overeenstemmen met het veld 80700 uit de Periodieke staten beleggingsondernemingen. Afwijkingen moeten afzonderlijk worden toegelicht (zie 4). Het gaat om de vergoeding voor de beleggingsdienst beleggingsadvies. Voor de beleggingsondernemingen geldt dat de som van de velden 7010 en 7011 in principe moet overeenstemmen met de som van de velden 80900, 81000 en 81100 uit de Periodieke staten beleggingsondernemingen. Afwijkingen moeten afzonderlijk worden toegelicht (zie 4). Vergoedingen die economisch elkaars equivalent zijn, kunnen in verschillende rubrieken van de Cartografie thuishoren, afhankelijk van het businessmodel van de onderneming. Andersom kunnen vergoedingen die van elkaar verschillen, in dezelfde rubriek thuishoren. Hieronder worden zuiver ter illustratie een paar voorbeelden gegeven. Klik op de veldnummers in vetjes om naar het algemeen overzicht te gaan.
/31 Voorbeeld 1: BBank, een kredietinstelling, doet voor de uitvoering van aandelenorders een beroep op Beursco, een beursvennootschap. BBank stelt zelf het borderel op voor de cliënt en vergoedt achterliggend Beursco. In het voorbeeld betaalt de cliënt 100 aan BBank en betaalt BBank 90 aan Beursco, waardoor de vergoeding van de BBank10 is. Verwerking in de Cartografie: 1. De vergoeding van 100 die de cliënt betaalt, noteert BBank in het veld 7020 (vergoeding door de cliënt betaald voor uitvoering van orders m.b.t. aandelen). 2. De vergoeding van 90 die zijzelf aan Beursco betaalt, noteert BBank in het veld 7320 (passende vergoeding betaald aan brokers). Voorbeeld 2: Manco, een vennootschap voor vermogensbeheer, doet voor de uitvoering van aandelenorders een beroep op Beursco. Deze laatste stelt het borderel op voor de cliënt. Dit borderel maakt een onderscheid tussen het deel van de vergoeding dat aan Manco toekomt voor het ontvangen en doorgeven van orders en het deel dat Beursco toekomt voor de eigenlijke uitvoering van orders. In het voorbeeld betaalt de cliënt 100, op het borderel uitgesplitst in 10 voor Manco en 90 voor Beursco. Verwerking in de Cartografie: 1. De vergoeding van 10 die Manco ontvangt, noteert zij in het veld 7030 (vergoeding door de cliënt betaald voor ontvangen en doorgeven van orders m.b.t. aandelen). 2. De vergoeding van 90 die de cliënt aan Beursco betaalt, noteert Beursco, indien zij eveneens een Cartografie invult, in het veld 7020 (vergoeding door de cliënt betaald voor uitvoering van orders m.b.t. aandelen). Klik op de veldnummers in vetjes om naar het algemeen overzicht te gaan.
/32 Voorbeeld 3: BBank doet voor de uitvoering van orders m.b.t. futures een beroep op een Beursco. Deze laatste stelt het borderel op voor de cliënt. BBank ontvangt een retrocessie van Beursco. Het borderel maakt geen afzonderlijke melding van de retrocessie. In het voorbeeld betaalt de cliënt 100 aan Beursco en retrocedeert Beursco 10 aan BBank. Verwerking in de Cartografie: 1. De vergoeding van 100 die Beursco van de cliënt ontvangt, noteert Beursco, zij eveneens de Cartografie invult, in het veld 7029 (vergoeding door de cliënt betaald voor uitvoering van orders m.b.t. andere financiële instrumenten). 2. De vergoeding van 10 die BBank ontvangt van Beursco, noteert zij in het veld 7400 ('inducement sensu stricto', retrocessie vergoeding uitvoering van orders) dan wel 7590 (overige vergoeding van een derde partij), afhankelijk van de vraag of aan de voorwaarden voor 'inducements sensu' stricto is voldaan. Voorbeeld 4: BBank koopt een obligatie aan voor een cliënt tegen een prijs van 90 en verkoopt ze op dezelfde dag tegen 100. Het verschil van 10 is haar mark up (geval A uit de definitie van mark up), waarmee de uitvoering van het order wordt vergoed. Verwerking in de Cartografie: De vergoeding van 10 die de cliënt betaalt, noteert BBank in het veld 7021 (vergoeding voor uitvoering van orders m.b.t. obligaties). Voorbeeld 5: Beursco koopt een obligatie aan voor een cliënt. Beursco heeft deze obligatie drie maanden eerder in haar 'trading book' opgenomen tegen een prijs van 60. Ze verkoopt de obligatie uit haar eigen portefeuille aan de klant tegen een prijs van 100. De prijs waartegen op de dag van de verkoop 'best execution' zonder kosten zou zijn behaald, is 90. Het verschil van 10 is de mark up van Beursco (geval B uit de definitie van mark up), waarmee de uitvoering van het order wordt vergoed. Verwerking in de Cartografie: De vergoeding van 10 die de cliënt betaalt, noteert Beursco in het veld 7021 (vergoeding voor uitvoering van orders m.b.t. obligaties). Klik op de veldnummers in vetjes om naar het algemeen overzicht te gaan.
/33 Voorbeeld 6: ZBank koopt een obligatie aan voor een cliënt. ZBank koopt deze obligatie aan tegen een prijs van 90. Ze verkoopt ze op de dag zelf tegen 90 en rekent daarnaast een fee van 10 aan voor de uitvoering van het order. Verwerking in de Cartografie: De vergoeding van 10 die de cliënt betaalt, noteert ZBank in het veld 7021 (vergoeding voor uitvoering van orders m.b.t. obligaties). In veld 7040 noteert de onderneming de vergoedingen die cliënten rechtstreeks aan haar betalen in verband met de in- en uitstap in en uit gestructureerde ICB; In veld 7041 noteert de onderneming de vergoedingen die cliënten rechtstreeks aan haar betalen in verband met de in- en uitstap in en uit gestructureerde beleggingsverzekeringen; In veld 7042 noteert de onderneming de vergoedingen die cliënten rechtstreeks aan haar betalen in verband met de in- en uitstap in en uit andere gestructureerde beleggingsproducten. In veld 7045 noteert de onderneming de vergoedingen die cliënten rechtstreeks aan haar betalen in verband met de in- en uitstap in en uit niet-gestructureerde ICB. In veld 7046 noteert de onderneming de vergoedingen die cliënten rechtstreeks aan haar betalen in verband met de in- en uitstap in en uit niet-gestructureerde beleggingsverzekeringen. In veld 7049 noteert de onderneming de vergoedingen die cliënten rechtstreeks aan haar betalen in verband met de in- en uitstap in en uit niet-gestructureerde andere beleggingsproducten. Het gaat om de vergoeding voor de beleggingsdienst bewaring. Voor de beleggingsondernemingen geldt dat het bedrag in veld 7050 in principe moet overeenstemmen met het veld 81200 uit de Periodieke staten beleggingsondernemingen. Afwijkingen moeten afzonderlijk worden toegelicht (zie 4). Veld 7190 bevat de andere vergoedingen rechtstreeks betaald door cliënten. Enkele voorbeelden: fees voor couponafrekeningen en andere corporate actions; administratieve vergoedingen, b.v. voor rapportering (voor zover niet inbegrepen in het beheer- of adviesloon); settlement fees betaald door de cliënt; vergoedingen voor valutawisseldiensten; vergoedingen voor de dienst 'kredietverstrekking bestemd voor transacties'; vergoedingen i.v.m. andere beleggingsproducten, b.v. goud; vergoedingen voor 'collateral management'; vergoedingen voor diensten als 'family office'. Vergoedingen ontvangen als 'top van de piramide' mogen buiten beschouwing worden gelaten in de Cartografie. Klik op de veldnummers in vetjes om naar het algemeen overzicht te gaan.
/34 Indien de onderneming bepaalde retrocessies die zij zelf ontvangt i.v.m. beleggingsdiensten, doorstort aan haar cliënten, dan neemt zij deze vergoedingen op onder veld 7200. Andere vergoedingen die de onderneming aan cliënten betaalt, worden onder veld 7290 opgenomen. Voor de goede orde wordt vermeld dat interesten die de cliënt krijgt op de (deposito)rekeningen die deel uitmaken van zijn portefeuille, geen vergoedingen zijn in verband met beleggingsdiensten in de zin van de Cartografie. Voorbeelden: Commerciële tegemoetkomingen aan cliënten. Veld 7300 betreft de vergoeding aan 'execution venues' betaald door ondernemingen die aan uitvoering van orders doen. Voor ondernemingen die geen orders uitvoeren, is dit veld niet van toepassing. Veld 7310 betreft de vergoeding die ondernemingen betalen aan (sub)bewaarders, met betrekking tot de beleggingsdiensten die ze verrichten voor hun cliënten. Voor ondernemingen die niet aan bewaring doen, is dit veld niet van toepassing. Indien clearing en settlementfees zijn inbegrepen in de vergoeding aan bewaarders, worden ze in veld 7310 opgenomen. Er hoeft in dat geval geen uitsplitsing te worden gemaakt tussen de clearing- en settlementfees (veld 7330) en de andere bewaringsvergoedingen (zie 3.6.3.4). Veld 7320 betreft de vergoeding die ondernemingen betalen aan brokers, met betrekking tot de uitvoering van orders voor hun cliënten. Veld 7330 betreft de vergoeding aan instellingen die instaan voor clearing en/of settlement, met betrekking tot de beleggingsdiensten die ze verrichten voor hun cliënten. Indien de onderneming clearing en settlementfees betaalt die inbegrepen zijn in de vergoeding voor bewaring, mogen ze deze clearing en settlementfees opnemen in het veld 7310 (zie 3.6.3.2). Veld 7390 betreft de andere passende vergoedingen betaald door de ondernemingen. Enkele voorbeelden: vergoeding die de onderneming betaalt voor het ontlenen van effecten; vergoeding die de onderneming betaalt aan een fiscaal raadgever in verband met een belegging die ze overweegt te doen voor rekening van een cliënt; Klik op de veldnummers in vetjes om naar het algemeen overzicht te gaan.
/35 vergoeding die de onderneming betaalt aan een andere onderneming voor beleggingsresearch die ze aanwendt in het kader van het beheer van portefeuilles van cliënten. Wanneer de onderneming een beroep doet op derde partijen voor de uitvoering van orders van cliënten en zij daarbij van deze partijen een retrocessie ontvangt die voldoet aan de regels m.b.t. 'inducements sensu stricto', moet zij ze vermelden in veld 7400 (retrocessies vergoedingen uitvoering van orders). Wanneer niet aan de regels m.b.t. inducements is voldaan, moet de ontvangen vergoeding opgenomen worden in veld 7890 (overige vergoedingen ontvangen van derde partijen). Een analoge redenering geldt wanneer de onderneming een retrocessie ontvangt van de bewaarder van tegoeden van haar cliënten. Voldoet die aan de regels m.b.t. 'inducements sensu stricto', dan hoort ze in veld 7410 thuis. Zo niet moet ze worden opgenomen in veld 7890 (overige vergoedingen ontvangen van derde partijen). Het is mogelijk dat een onderneming, in de hoedanigheid van distributeur van ICB, vergoedingen ontvangt van haar contractspartij, veelal de promotor of beheerder, voor de distributie van ICB. De onderneming verleent echter ook diensten aan de cliënten die deelbewijzen van de ICB aankopen. Dat kan gebeuren onder verschillende zorgplichtregimes: 'execution only', 'execution with appropriateness', ad hoc-beleggingsadvies, structureel beleggingsadvies of vermogensbeheer. In dit kader geldt de vergoeding die de onderneming ontvangt van haar distributiecontractspartij als een 'inducement sensu stricto', waarvan moet worden aangetoond dat ze voldoet aan de desbetreffende regels. Ze moet worden opgenomen in veld 7420, retrocessies van vergoedingen m.b.t. ICB. Voldoet ze niet aan de regels over inducements, dan moet ze worden opgenomen in veld 7890 (overige vergoedingen ontvangen van derde partijen). Op zichzelf beschouwd, zijn de vergoedingen die ondernemingen van hun opdrachtgever ontvangen voor de diensten 'vaste overname' of 'plaatsing zonder garantie', vergoedingen die betaald zijn door cliënten van de onderneming, i.c. veelal de emittent. De onderneming verleent echter niet alleen diensten aan de emittent, ze verleent ook diensten aan de cliënten bij wie de emissie wordt geplaatst. Deze plaatsing kan gebeuren onder verschillende zorgplichtregimes: 'execution only', 'execution with appropriateness', ad hoc-beleggingsadvies, structureel beleggingsadvies of vermogensbeheer. In dit kader geldt de vergoeding die de onderneming ontvangt van haar cliënt-emittent als een 'inducement sensu stricto', waarvan moet worden aangetoond dat ze voldoet aan de desbetreffende regels. Daarom wordt ook deze vergoeding opgenomen onder deze hoofding veeleer dan onder 2.6.1. Ze moet worden opgenomen in veld 7430, vergoedingen voor diensten van vaste overname of plaatsing zonder garantie, m.b.t. andere instrumenten dan ICB. Voldoet ze niet aan de regels over inducements, dan moet ze worden opgenomen in veld 7890 (overige vergoedingen ontvangen van derde partijen). Klik op de veldnummers in vetjes om naar het algemeen overzicht te gaan.
/36 Ondernemingen die 'soft commissions' ontvangen die voldoen aan de criteria voor 'inducement sensu stricto', vullen 'Ja' in in veld 7440. Ze geven afzonderlijke toelichting bij de aard en de geraamde tegenwaarde van deze vergoedingen (cf. hoofdstuk 4). Mogelijk ontvangen ondernemingen vergoedingen van derde partijen die niet afzonderlijk zijn vermeld in één van de rubrieken onder 2.6.1.1 en die voldoen de criteria voor 'inducement sensu stricto'. Deze moeten worden opgenomen in veld 7590. Ondernemingen die in veld 1430 een aantal cliëntenaanbrengers hebben vermeld, moeten eveneens veld 7600 (vergoeding aan cliëntenaanbrengers) invullen, desgevallend met de vermelding "0", indien er in het betrokken boekjaar geen vergoeding is betaald. Het gaat enkel om de vergoedingen i.v.m. beleggingsdiensten, niet om het totale vergoedingspakket. Ondernemingen die in veld 1410 een aantal makelaars in bank- en beleggingsdiensten hebben vermeld, moeten eveneens veld 7610 (vergoeding aan makelaars in bank- en beleggingsdiensten) invullen, desgevallend met de vermelding "0", indien er in het betrokken boekjaar geen vergoeding is betaald. Het gaat enkel om de vergoedingen i.v.m. beleggingsdiensten, niet om het totale vergoedingspakket. Wanneer de onderneming aan uitvoering van orders doet voor cliënten van derde partijen en zij daarbij aan deze partijen een retrocessie betaalt, moet zij ze vermelden in veld 7620 (retrocessies vergoedingen uitvoering van orders). Een analoge redenering geldt wanneer de onderneming een retrocessie betaalt als bewaarder van tegoeden van cliënten van derde partijen, die moet worden opgenomen in veld 7630. Het is mogelijk dat een onderneming, in de hoedanigheid van promotor of beheerder van ICB, vergoedingen betaalt aan haar contractspartij voor de distributie van ICB. Deze contractspartij verleent op haar beurt diensten aan haar cliënten die deelbewijzen van de ICB aankopen. Dat kan gebeuren onder verschillende zorgplichtregimes: 'execution only', 'execution with appropriateness', ad hoc-beleggingsadvies, structureel beleggingsadvies of vermogensbeheer. In dit kader geldt de vergoeding die de onderneming betaalt aan haar distributiecontractspartij als een 'inducement sensu stricto', en moet ze worden opgenomen in veld 7640. De onderneming kan ook opdrachtgever zijn van diensten 'vaste overname' of 'plaatsing zonder garantie', en in dat kader vergoedingen betalen aan haar contractspartij. Klik op de veldnummers in vetjes om naar het algemeen overzicht te gaan.
/37 Deze onderneming verleent op haar beurt diensten aan de cliënten bij wie de emissie wordt geplaatst. Deze plaatsing kan gebeuren onder verschillende zorgplichtregimes: 'execution only', 'execution with appropriateness', ad hoc-beleggingsadvies, structureel beleggingsadvies of vermogensbeheer. In dit kader geldt de vergoeding die de onderneming betaalt aan haar contractspartij als een 'inducement sensu stricto', en moet ze worden opgenomen in veld 7650. Mogelijk betalen ondernemingen vergoedingen aan derde partijen die niet afzonderlijk zijn vermeld in één van de rubrieken onder 2.6.3.2 en die voldoen de criteria voor 'inducement sensu stricto'. Deze moeten worden opgenomen in veld 7690. Ondernemingen die in veld 1400 een aantal agenten in bank- en beleggingsdiensten hebben vermeld, moeten eveneens veld 7700 (vergoeding aan agenten in bank- en beleggingsdiensten) invullen, desgevallend met de vermelding "0", indien er in het betrokken boekjaar geen vergoeding is betaald. Het gaat enkel om de vergoedingen i.v.m. beleggingsdiensten, niet om het totale vergoedingspakket. Ondernemingen die de activiteit 'verkoop van beleggingsverzekeringen' ontplooien (en die bijgevolg 'Ja' hebben ingevuld in veld 1015) vullen in veld 7800 de vergoedingen in die zij hebben ontvangen in het kader van deze activiteit. De vraag of de onderneming de vergoeding zelf int vanwege de cliënt dan wel ontvangt van of namens de verzekeringsmaatschappij, is daarbij niet van belang: de vergoedingen moeten worden opgenomen, los van de inningswijze. Mogelijk ontvangen ondernemingen vergoedingen van derde partijen die niet afzonderlijk zijn vermeld onder één van de vorige rubrieken. Deze moeten worden opgenomen in veld 7890. Mogelijk betalen ondernemingen vergoedingen aan derde partijen die niet afzonderlijk zijn vermeld onder één van de vorige rubrieken. Deze moeten worden opgenomen in veld 7990. De graad van detail van de gegevens over de uitvoering van orders verschilt naar mate de ondernemingen al dan niet zelf orders uitvoeren dan wel een beroep doen op een andere onderneming, bijvoorbeeld omdat zij niet over de vereiste vergunning beschikken. Ondernemingen die zelf geen orders uitvoeren, moeten enkel de tabellen uit hoofdstuk 2.7.1 invullen. Ondernemingen die zelf orders uitvoeren, moeten daarnaast ook de tabellen uit hoofdstuk 2.7.2 invullen. Dit Klik op de veldnummers in vetjes om naar het algemeen overzicht te gaan.
/38 impliceert dat deze ondernemingen 'Ja' hebben ingevuld in het veld 1001 en, voor wat betreft de beleggingsondernemingen, dat zij beschikken over een vergunning voor het uitvoeren van orders. De grens tussen enerzijds 'ontvangen en doorgeven van orders' en anderzijds 'uitvoeren van orders' is niet altijd haarscherp te trekken. De juridische realiteit stemt daarbij niet steeds overeen met de daadwerkelijke rol die de ondernemingen spelen. Daarom wordt geopteerd voor een pragmatisch onderscheid. Wanneer er meerdere ondernemingen bij de uitvoering betrokken zijn, is het criterium: welke onderneming maakt de keuzes die bepalend zijn voor de modaliteiten van uitvoering en neemt bijgevolg de hoofdverantwoordelijkheid op zich voor de 'best execution'? Deze onderneming wordt beschouwd als de uitvoerder van het order. Hieronder worden enkele voorbeelden gegeven om dit te verduidelijken. Model 1: Manco, een vennootschap voor vermogensbeheer, doet een beroep op Beursco, een beursvennootschap, voor de uitvoering van orders van cliënten. Ze geeft ze af aan het orderverwerkingssysteem van Beursco, die verder instaat voor de uitvoering ervan. Manco heeft geen rechtstreekse toegang tot de beurs en geeft geen instructies m.b.t. de orderuitvoering. Verwerking in de Cartografie: Beursco vult zowel de tabellen uit hoofdstuk 2.7.1 als die uit hoofdstuk 2.7.2 in. Manco vult enkel de tabellen uit hoofdstuk 2.7.1 in. Model 2: BBank, een kredietinstelling, doet een beroep op Beursco, een beursvennootschap, enkel voor de uitvoering van de aandelenorders van cliënten. Ze geeft ze af aan het orderverwerkingssysteem van Beursco. Ze geeft daarbij specifieke instructies m.b.t. de orderuitvoering, die door Beursco ongewijzigd worden overgenomen. Hoewel het Beursco is die toegang heeft tot de beurs, is het BBank die de uitvoeringsmodaliteiten van de aandelenorder bepaalt. Haar obligatie-orders voert BBank zelf uit. Verwerking in de Cartografie: Beursco vult zowel de tabellen uit hoofdstuk 2.7.1 als die uit hoofdstuk 2.7.2 in. Immers, ook al is zij niet de uitvoerder van de orders van deze klant, zij is aanwezig op de execution venue, waar zij orders voor andere klanten uitvoert. Ook de BBank vult zowel de tabellen uit hoofdstuk 2.7.1 als die uit hoofdstuk 2.7.2 in, wat aandelen betreft omdat zij de hoofdverantwoordelijkheid voor de orderuitvoering draagt, zij het via het systeem van een derde, en voor obligaties omdat zij de volledige verantwoordelijkheid voor de orderuitvoering draagt. In een aantal tabellen wordt gevraagd naar de identeit van een partij. Daarbij is een sluitende identificatie zeer belangrijk. Klik op de veldnummers in vetjes om naar het algemeen overzicht te gaan.
/39 Belgische partijen moeten worden geïdentificeerd door vermelding van hun volledige vennootschapsnaam en ondernemingsnummer. Buitenlandse partijen moeten worden geïdentificeerd door hun volledige vennootschapsnaam en inschrijvingsnummer in het handelsregister of een vergelijkbaar register van hun domicilie. De webtoepassing van de FSMA bevat een lijst van partijen met identificatienummer, waaruit kan worden gekozen. Slechts indien een partij niet voorkomt op de lijst moeten de volledige vennootschapsnaam en het identificatienummer worden ingevuld. In een aantal gevallen wordt gevraagd naar een Top 5 van partijen. Deze moeten bijgevolg gerangschikt worden. Deze 'rankings' moeten worden opgesteld op basis van aantallen transacties tijdens het laatste afgesloten boekjaar. Het 'percentage overige' dat na deze Top 5 wordt gevraagd (b.v. in veld 8109) is het percentage van de transacties dat niet aan een partij uit de Top 5 is toevertrouwd. In 2.7.1.1 wordt een verdeling gevraagd van de transacties op basis van types orderuitvoerder, afzonderlijk voor aandelen, obligaties en andere financiële instrumenten. Voor elk van de types instrumenten moet het totaal van de drie mogelijke opties (zelf uitvoeren, uitvoering door andere partij binnen de groep en uitvoering door een partij buiten de groep), 100% bedragen. Voorbeeld van correcte invulling: Transacties uitgevoerd door de onderneming zelf Transacties uitgevoerd door een intragroep-partij andere dan de Transacties uitgevoerd door een extragroep-partij Aandelen Obligaties Andere financiële instrumenten [700] 8000 40% [703] 8030 100% [706] 8060 0% [701] 8010 0% [704] 8040 0% [707] 8070 0% [702] 8020 60% [705] 8050 0% [708] 8080 100% Totaal 100% Totaal 100% Totaal 100% Voorbeeld van foute invulling: Transacties uitgevoerd door de onderneming zelf Aandelen Obligaties Andere financiële instrumenten [700] 8000 40% [703] 8030 0% [706] 8060 0% Klik op de veldnummers in vetjes om naar het algemeen overzicht te gaan.
/40 Transacties uitgevoerd door een intragroep-partij andere dan de Transacties uitgevoerd door een extragroep-partij [701] 8010 0% [704] 8040 50% [707] 8070 0% [702] 8020 0% [705] 8050 0% [708] 8080 10% Totaal 100% Totaal 100% Totaal 100% In 2.7.1.2 wordt gevraagd naar de identiteit van de belangrijkste brokers waarop de onderneming een beroep heeft gedaan bij de uitvoering van orders voor cliënten voor aandelen en obligaties. Er wordt een onderscheid gemaakt tussen brokers binnen en buiten de EER. Het onderscheid EER/niet-EER betreft de broker, niet het financiële instrument. De top 5 van de EER-brokers kan bijgevolg alleen partijen uit de EER bevatten, de top 5 van de niet-eer-brokers alleen partijen van buiten de EER. In 2.7.1.3 wordt gevraagd naar de identiteit van de belangrijkste tegenpartijen waarop de onderneming een beroep heeft gedaan voor het afsluiten van OTC-transacties met cliënten. Het onderscheid EER/niet-EER betreft de tegenpartij. De top 5 van de EER-tegenpartijen kan bijgevolg alleen tegenpartijen uit de EER bevatten, de top 5 van de niet-eer-tegenpartijen alleen tegenpartijen van buiten de EER. In 2.7.2.1 wordt een verdeling gevraagd van de transacties op basis van soorten plaatsen van uitvoering, voor aandelen, obligaties en andere financiële instrumenten. Ook hier geldt dat de totalen per type van instrument telkens 100% moeten zijn (cf. voorbeeld hierboven onder Hoofdstuk 3.7.2.1). In 2.7.2.2 wordt gevraagd naar de identiteit van de belangrijkste gereglementeerde markten waar de onderneming orders voor cliënten uitvoert. De webtoepassing van de FSMA bevat een lijst van markten, waaruit kan worden gekozen. Slechts indien een markt niet voorkomt op de lijst moet de volledige naam worden ingevuld. In 2.7.2.3 wordt gevraagd naar de identiteit van de belangrijkste MTF waar de onderneming orders voor cliënten uitvoert. De webtoepassing van de FSMA bevat een lijst van MTF s, waaruit kan worden gekozen. Slechts indien een MTF niet voorkomt op de lijst moeten de volledige naam en het identificatienummer worden ingevuld. De EER-bijkantoren zijn vrijgesteld van dit onderdeel. Klik op de veldnummers in vetjes om naar het algemeen overzicht te gaan.
/41 De aard van de gegevens over de bewaring verschilt naar mate de ondernemingen al dan niet zelf activa bewaren dan wel hun cliënten een beroep laten doen op een andere onderneming, bijvoorbeeld omdat zij niet over de vereiste vergunning beschikken. Ondernemingen die zelf niet aan bewaring doen, moeten de tabellen uit hoofdstuk 2.8.1 invullen. Deze gegevens betreffen de bewaarders aan wie hun cliënten de bewaring hebben toevertrouwd, desgevallend afzonderlijk voor aandelen, voor obligaties en voor andere financiële instrumenten, voor zover zij daarvoor op verschillende ondernemingen een beroep doen. Er wordt een onderscheid gemaakt tussen bewaarders binnen en buiten de EER. Ondernemingen die zelf aan bewaring, moeten de tabellen uit hoofdstuk 2.8.2 invullen. Dit impliceert dat deze ondernemingen 'Ja' hebben ingevuld in het veld 1008 en, voor wat betreft de beleggingsondernemingen, dat zij beschikken over een vergunning voor bewaring. De gegevens betreffen in dat geval de subcustodians op wie zij een beroep doen voor de bewaring van activa van cliënten, voor aandelen en obligaties en andere financiële instrumenten. Er wordt een onderscheid gemaakt tussen bewaarders binnen en buiten de EER. Het onderscheid EER/niet-EER betreft de bewaarder, niet het financiële instrument. De top 5 van de EERbewaarders kan bijgevolg alleen partijen uit de EER bevatten, de top 5 van de niet-eer- bewaarders alleen partijen van buiten de EER. De hoger vermelde opmerkingen inzake identificatie van partijen (cf. 3.7.1.2) en 'rankings' (cf. 3.7.1.3) gelden ook in dit hoofdstuk. De EER-bijkantoren zijn vrijgesteld van dit onderdeel. De gegevens in dit hoofdstuk betreffen enkel de MiFID-klachten en dus geenszins het totale aantal klachten dat de onderneming heeft ontvangen of afgesloten. Rechtszaken gelden eveneens als klachten. Als het dossier in een bepaalde periode is afgesloten maar de tegemoetkoming nog niet is betaald, moet de onderneming de geprovisioneerde tegemoetkoming vermelden. Als de tegemoetkoming is betaald gespreid over verschillende periodes, moet het bedrag van de tegemoetkoming enkel worden vermeld in de periode waarin het dossier is afgesloten. Het tijdstip van betaling is bijgevolg niet doorslaggevend. Om een correcte interpretatie van de verstrekte gegevens te waarborgen, wordt aan de onderneming gevraagd om, voor zover deze gegevens op haar van toepassing zijn, een bondige toelichting in vrije tekstvorm bij een aantal gegevens. De onderneming moet daarbij verduidelijken welke lading wordt gedekt door het gegeven dat zij meedeelt. 1. Scope van de gegevens over beleggingsverzekeringen (alle cliënten dan wel enkel niet-professionele cliënten; hoofdstukken 2.4.1.2, 2.4.3.2 en 2.5.2. 2. Berekeningswijze van de gemiddelde performance (hoofdstuk 2.4.2), indien niet gekozen wordt voor één van de opgesomde mogelijkheden; 3. Voor beleggingsondernemingen: in voorkomend geval, verklaring voor de afwijking tussen de som van velden 7000 en 7010 en veld 80700 uit de Periodieke staten beleggingsondernemingen; 4. Voor banken en beursvennootschappen: in voorkomend geval, verklaring voor de afwijking tussen veld 3000 en veld 300 van de Balans Financiële Instrumenten; Klik op de veldnummers in vetjes om naar het algemeen overzicht te gaan.
/42 5. Voor banken en beursvennootschappen: in voorkomend geval, verklaring voor de afwijking tussen de som van de velden 3100-3130 en veld 270 van de Balans Financiële Instrumenten; 6. Voor beleggingsondernemingen: in voorkomend geval, verklaring voor de afwijking tussen de som van veld 7050 en veld 81200 uit de Periodieke staten beleggingsondernemingen; 7. Aard en grootteorde van de 'soft commissions' (veld 7440); 8. Enkel indien gewijzigd ten opzichte van de voor het vorige boekjaar opgeleverde toelichting bij de Cartografie: gehanteerde interpretatie van het concept 'klacht', i.e. vanaf wanneer is er volgens de onderneming sprake van een klacht? (hoofdstuk 2.9). De FSMA beveelt de ondernemingen aan om hun gegevens te checken door een aantal ratio's te berekenen en te toetsen aan de realiteit, bijvoorbeeld: - gemiddelde omvang van de portefeuilles in vermogensbeheer of structureel beleggingsadvies; - gemiddelde waarde van de transacties, per type van transactie en per zorgplichtregime. Indien de onderneming meent dat de door haar opgeleverde gegevens een vertekend beeld van haar activiteiten zou kunnen geven, staat het de onderneming vrij de aandacht van de FSMA daarop te vestigen door te verduidelijken waarom dat het geval is. Klik op de veldnummers in vetjes om naar het algemeen overzicht te gaan.
/43 In deze handleiding wordt gebruik gemaakt van een aantal gedefinieerde termen. Ze zijn herkenbaar doordat ze in vetjes zijn weergegeven. Lemma Definitie Wettelijke basis Aandeel Ad hoc-beleggingsadvies Advies inzake kapitaalstructuur en bedrijfsstrategie Adviesloon Afgeleide producten Afgesloten klachten Agent in bank- en beleggingsdiensten Andere beleggingsproducten 'Appropriateness test' AR Controle Verzekeringen 22 februari 1991 Balans Financiële Instrumenten Zoals gedefinieerd in de hierbij vermelde wettelijke bepaling(en). Beleggingsadvies dat betrekking heeft op één of meer afzonderlijke transacties. Te onderscheiden van structureel beleggingsadvies. Zoals gedefinieerd in de hierbij vermelde wettelijke bepaling(en). Vergoeding die de cliënt aan de onderneming betaalt voor diensten van beleggingsadvies. Zoals gedefinieerd in de hierbij vermelde wettelijke bepaling(en). Met 'klachten die afgesloten zijn' in een bepaalde periode wordt bedoeld: klachtendossiers die in deze periode zijn afgesloten, zonder dat de tegemoetkoming noodzakelijk in deze periode moet zijn betaald. Zoals gedefinieerd in de hierbij vermelde wettelijke bepaling(en). Beleggingsproducten die geen financiële instrumenten en geen beleggingsverzekeringen zijn. Passendheidstoetsing K.B. van 22 februari 1991 houdende algemeen reglement betreffende de controle op de verzekeringsondernemingen Schema A, Tabel 03.70 van de Periodieke Rapportering, overeenkomstig Circulaire CBFA 2007-14 Balans financiële instrumenten 13 december 2007 Art. 2, 31, a van de Wet Toezicht Financiële Sector 2 augustus 2002 Art. 46, 2, 3 van de Wet Beleggingsondernemingen 6 april 1995 Art. 2, 1, d) tot j) van de Wet Toezicht Financiële Sector 2 augustus 2002 Art. 4, 3 van de Wet Tussenpersonen 22 maart 2006 Bankwet 22 maart 1993 Wet van 22 maart 1993 op het statuut van en het toezicht op de kredietinstellingen Basisrichtlijn MiFID 2004/39/EG Richtlijn van 21 april 2004 van het Europees Parlement en de Raad betreffende markten voor financiële instrumenten, tot wijziging van de Richtlijnen 85/611/EEG en 93/6/EEG van de Raad en van Richtlijn 2000/12/EG van het Europees Parlement en de Raad en houdende intrekking van Richtlijn 93/22/EEG van de Raad Beheerloon Vergoeding die de cliënt aan de onderneming betaalt voor diensten van vermogensbeheer. Beleggingsadvies Beleggingsdienst die aan één van de hierbij Art. 46, 9 van de Wet
/44 vermelde wettelijke bepalingen is onderworpen. We Beleggingsondernemingen 6 onderscheiden structureel beleggingsadvies en ad april 1995; Art. 3, 23, b van de hoc-beleggingsadvies. ICB-Wet 3 augustus 2012 Beleggingsdienst Zoals gedefinieerd in de hierbij vermelde wettelijke Art. 46, 1 van de Wet bepaling(en). Beleggingsondernemingen 6 april 1995; Art. 3, 23 van de ICB-Wet 3 augustus 2012 Beleggingsresearch Onder deze noemer vallen volgende wettelijke omschrijvingen: financieel onderzoek en analyse onderzoek of andere informatie waarin beleggingsstrategieën worden aanbevolen of voorgesteld onderzoek op beleggingsgebied Beleggingsstrategie Onderverdeling die de onderneming hanteert bij het verlenen van beleggingsdiensten. Veelal worden verschillende strategieën gedefinieerd, gaande van weinig risicovol tot zeer risicovol. Het aantal strategieën en de definitie van de strategieën kan verschillen per onderneming. Beleggingsverzekering Levensverzekeringen Tak 21, levensverzekeringen Tak 23 en levensverzekeringen Tak 26. Belgische gereglementeerde Zoals bedoeld in de hierbij vermelde wettelijke Art. 2, 5 van de Wet Toezicht markt bepaling(en). Financiële Sector 2 augustus 2002 'Benchmark' Referentiewaarde waartegen de resultaten van een Art. 20, 2, 5 van het KB beleggingsportefeuille worden afgezet, zoals MiFID-uitvoering 3 juni 2007 bedoeld in de hierbij vermelde wettelijke bepaling. Bewaarder Partij die instaat voor de bewaring van activa van cliënten van de onderneming. Bewaarloon Vergoeding die de cliënt betaalt voor diensten van Bewaring, hetzij aan de onderneming, hetzij aan een andere betrokken partij. Bewaring Zoals gedefinieerd in de hierbij vermelde wettelijke Art. 46, 2, 1 van de Wet bepaling(en). Beleggingsondernemingen 6 april 1995 Bijkantoor Zoals gedefinieerd in de hierbij vermelde wettelijke Art. 46, 23 van de Wet bepaling(en). Beleggingsondernemingen 6 april 1995; Art. 3, 6 van de Bankwet 22 maart 1993; Art. 3, 35 van de ICB-Wet 3 augustus 2012 Borderel Zoals bedoeld in de hierbij vermelde wettelijke Art. 127-128 van het Wetboek bepaling(en). Diverse Rechten en Taksen 2 maart 1927 Broker Partij waarop de onderneming een beroep doet voor de uitvoering van orders Buitenlandse Zoals bedoeld in de hierbij vermelde wettelijke Art. 2, 6 van de Wet Toezicht gereglementeerde markt bepaling(en). Financiële Sector 2 augustus 2002 Circulaire CBFA 2007-14 Circulaire CBFA van 13 december 2007 aan de Balans financiële kredietinstellingen en de beurs-vennootschappen instrumenten 13 december over de wijzigingen in de periodieke rapportering op 2007 vennootschappelijke en territoriale basis van de kredietinstellingen (Schema A, Boek I) en van de
/45 periodieke rapporteringsstaten van de beursvennootschappen Circulaire FSMA 2012-5 Circulaire FSMA van 27 maart 2012 over de Periodieke staten 27 maart periodieke staten van de beheervennootschappen 2012 van instellingen voor collectieve belegging en de vennootschappen voor vermogensbeheer en beleggingsadvies Circulaire NBB 2012-1 Circulaire NBB van 3 april 2012 over de periodieke Periodieke staten 3 april 2012 staten van de beursvennootschappen Cliënt Elke natuurlijke persoon, rechtspersoon of Art. 2, 27 van de Wet Toezicht groepering van personen bedoeld in de hierbij Financiële Sector 2 augustus vermelde wettelijke bepaling(en) voor wie een 2002 afzonderlijke cliëntencategorisatie werd uitgevoerd. Cliëntenaanbrenger Partij waarmee de onderneming een contractuele Art. 4, 2 van de Wet relatie heeft m.b.t. de aanbreng van cliënten, zonder Tussenpersonen 22 maart 2006 dat deze partij tussenpersoon in bank- en beleggingsdiensten is Cliëntencategorie Onderverdeling van de cliënten van de onderneming in professionele cliënten, niet-professionele cliënten en in aanmerking komende tegenpartijen Complex financieel instrument Financieel instrument dat aan geen van de hierna Art. 27, 6, 1e streepje van de vermelde bepalingen beantwoordt. Wet Toezicht Financiële Sector 2 augustus 2002; Art. 18 van het KB MiFID-Uitvoering 3 juni 2007 Deposito's Deposito's, ongeacht hun type (zichtdeposito's, spaardeposito's, gestructureerde deposito's, termijndeposito's,...) Dienst verricht op initiatief Zoals bedoeld in de hierbij vermelde wettelijke Art. 19 van het KB MiFIDvan de cliënt bepaling(en). uitvoering 3 juni 2007 Diensten in verband met Zoals gedefinieerd in de hierbij vermelde wettelijke Art. 46, 2, 7 van de Wet afgeleide producten bepaling(en). Beleggingsondernemingen 6 april 1995 Diensten in verband met vaste Zoals gedefinieerd in de hierbij vermelde wettelijke Art. 46, 2, 6 van de Wet overname bepaling(en). Beleggingsondernemingen 6 april 1995 Distributiekanaal Zoals bedoeld in de hierbij vermelde wettelijke Art. 2, 26 van de Wet Toezicht bepaling(en). Financiële Sector 2 augustus 2002 EER Onderworpen aan het recht van een lidstaat van de Europese Economische Ruimte. EER-bijkantoor In België gevestigd bijkantoor van kredietinstelling, beleggingsonderneming of beheervennootschap van ICB die ressorteert onder het recht van een lidstaat van de EER, voor zover het beleggingsdiensten verricht. Eigen ICB ICB beheerd of structureel geadviseerd door de onderneming zelf 'Execution Only' Uitvoering van orders zonder voorafgaande Art. 27, 6 van de Wet Toezicht geschiktheids- of passendheidstoetsing, Financiële Sector 2 augustus overeenkomstig de hierbij vermelde wettelijke 2002 bepaling. 'Execution venue' Plaats van uitvoering Art. 24, 1, 2e lid van het KB MiFID-Uitvoering 3 juni 2007 'Execution With Uitvoering van orders die voorafgegaan wordt door Art. 27, 5 van de Wet Toezicht
/46 Appropriateness Test' een passendheidstoetsing Financiële Sector 2 augustus 2002 Extragroep-partij Partij die niet behoort tot de groep van de onderneming. Financieel instrument Zoals gedefinieerd in de hierbij vermelde wettelijke Art. 2, 1 van de Wet Toezicht bepaling(en). Financiële Sector 2 augustus 2002 Financieel onderzoek en Zoals gedefinieerd in de hierbij vermelde wettelijke Art. 46, 2, 5 van de Wet analyse bepaling(en). Beleggingsondernemingen 6 april 1995 Gepersonaliseerde online Informatie over beleggingen die persoonlijk aan informatie die geen cliënten wordt toegestuurd, hetzij via email, hetzij beleggingsadvies is via een ander online-kanaal, zonder dat ze voldoet aan de definitie van beleggingsadvies. Gereglementeerde markt Zoals gedefinieerd in de hierbij vermelde wettelijke Art. 2, 3 van de Wet Toezicht bepaling(en). Financiële Sector 2 augustus 2002 Geschiktheidstoetsing Toetsing van de geschiktheid ('suitability test') Art. 27, 4 van de Wet Toezicht overeenkomstig de hierbij vermelde wettelijke Financiële Sector 2 augustus bepaling. 2002 Gestructureerde Beleggingsverzekering die voldoet aan de definitie beleggingsverzekering van gestructureerd product. Gestructureerde ICB ICB die voldoet aan de definitie van gestructureerd product. Gestructureerd product Financieel instrument of beleggingsverzekering dat/die een derivatencomponent omvat en waarvan de terugbetaling of de opbrengsten volgens een formule afhangen van de evolutie van een of meerdere onderliggende waarden. Gelieve rekening te houden met de preciseringen van het begrip in de technische vragen over de bepalingen van het moratorium op de commercialisering van bijzonder ingewikkelde gestructureerde producten. Groep Zoals gedefinieerd in de hierbij vermelde wettelijke Art. 4, 10 van het KB MiFIDbepaling(en). Uitvoering 3 juni 2007 Groeps-ICB ICB beheerd of structureel geadviseerd door een onderneming uit de groep van de onderneming, andere dan de onderneming zelf Handelen voor eigen rekening Zoals gedefinieerd in de hierbij vermelde wettelijke Art. 46, 7 van de Wet bepaling(en). Beleggingsondernemingen 6 april 1995 Handelsplatform Zoals gedefinieerd in de hierbij vermelde wettelijke Art. 2, 8 van de Verordening bepaling(en). MiFID (EG) Nr. 1287/2006 ICB Zoals gedefinieerd in de hierbij vermelde wettelijke Art. 3, 1 van de ICB-Wet 3 bepaling(en). augustus 2012 ICB-Wet 3 augustus 2012 Wet van 3 augustus 2012 betreffende bepaalde vormen van collectief beheer van beleggingsportefeuilles In aanmerking komende Zoals gedefinieerd in de hierbij vermelde wettelijke Art. 3 van het KB MiFIDtegenpartij bepaling(en). Uitvoering 3 juni 2007 Inducement sensu stricto Vergoeding betaald aan of ontvangen van een partij Art. 7, b) van het KB MiFIDandere dan de cliënt en die voldoet aan de hierbij Uitvoering 3 juni 2007 vermelde wettelijke bepaling. Instapvergoeding Vergoeding die de cliënt bij aankoop van een financieel instrument betaalt voor het 'toetreden'
/47 tot dit instrument, hetzij aan de onderneming, hetzij aan een andere betrokken partij (bijvoorbeeld de emittent van het instrument). Intragroep-partij Partij die behoort tot de groep van de onderneming. KB MiFID-Uitvoering 3 juni K.B. van 3 juni 2007 tot bepaling van nadere regels 2007 tot omzetting van de richtlijn betreffende markten voor financiële instrumenten Klacht Communicatie vanwege een cliënt die door de onderneming als een klacht wordt aangemerkt en behandeld. Kredietverstrekking bestemd Zoals gedefinieerd in de hierbij vermelde wettelijke Art. 46, 2, 2 van de Wet voor transacties bepaling(en). Beleggingsondernemingen 6 april 1995 Levensverzekering Tak 21 Levensverzekering Tak 23 Levensverzekering Tak 26 Zoals bedoeld in de hierbij vermelde wettelijke bepaling(en). Zoals bedoeld in de hierbij vermelde wettelijke bepaling(en). Zoals bedoeld in de hierbij vermelde wettelijke bepaling(en). Bijlage I, 21 van het AR Controle Verzekeringen 22 februari 1991 Bijlage I, 23 van het AR Controle Verzekeringen 22 februari 1991 Bijlage I, 26 van het AR Controle Verzekeringen 22 februari 1991 Makelaar in bank- en Zoals gedefinieerd in de hierbij vermelde wettelijke Art. 4, 4 van de Wet beleggingsdiensten bepaling(en). Tussenpersonen 22 maart 2006 'Mark-up' Geval A: als een onderneming van een cliënt een order in een financieel instrument ontvangt en een positie inneemt in het financiële instrument om gevolg te geven aan deze order, i.e. als de onderneming een positie inneemt die ze niet zou hebben ingenomen, ware het niet om het order uit te voeren, dan is haar 'mark-up' het onderscheid tussen (i) de prijs waartegen de onderneming haar positie inneemt en (ii) de prijs waartegen de onderneming de transactie met haar cliënt uitvoert; Geval B: als een onderneming een order van een cliënt uitvoert tegen haar eigen boek en verplicht is tot 'best execution', dan is haar 'mark-up' het verschil tussen (i) de prijs waartegen 'best execution' zou zijn behaald en (ii) de prijs waartegen de onderneming de transactie met haar cliënt uitvoert. Mededeling FSMA 2012-2 Mededeling van 19 januari 2012 van de FSMA Lijst MiFID-Documentenlijst 19 van documenten met betrekking tot de MiFIDjanuari 2012 gedragsregels Mededeling FSMA 2012-6 Mededeling van 16 april 2012 van de FSMA MiFID- MiFID-Toezichtsinstrumenten Toezichtsinstrumenten 16 april 2012 MiFID Markets in Financial Instruments Directive MiFID-klacht Klacht die door de onderneming als MiFIDgerelateerd wordt aangemerkt. MiFID-thema Eén van de 14 door de FSMA geïdentificeerde thema's van de MiFID-gedragsregels: 1. Categorisering van het cliënteel 2. Informatie aan het cliënteel, met inbegrip van publicitaire mededelingen 3. Cliëntendossier
/48 MiFID-reglement 5 juni 2007 MTF Nevendienst 4. Beoordeling van de geschiktheid en passendheid van de verstrekte dienst ('Zorgplicht') 5. Verwerking van orders van cliënten 6. Best execution (optimale uitvoering) 7. Belangenconflictenregelingen 8. Beleggingsresearch 9. Persoonlijke verrichtingen van relevante personen 10. Voordelen (inducements) 11. Verplichte rapportering aan de cliënt 12. Bescherming van de activa van de cliënt 13. Klachtenbehandeling 14. Gegevensbewaring. Reglement van 5 juni 2007 van de CBFA betreffende de organisatorische voorschriften voor instellingen die beleggingsdiensten verstrekken, goedgekeurd bij K.B. van 19 juni 2007. Multilateral Trading Facility, zoals gedefinieerd in de hierbij vermelde wettelijke bepaling(en). Zoals gedefinieerd in de hierbij vermelde wettelijke bepaling(en). Art. 2, 4 van de Wet Toezicht Financiële Sector 2 augustus 2002 Art. 46, 2 van de Wet Beleggingsondernemingen 6 april 1995 Niet-complex financieel Financieel instrument dat aan één van de hierna Art. 27, 6, 1e streepje van de instrument vermelde bepalingen voldoet. Wet Toezicht Financiële Sector 2 augustus 2002; Art. 18 van het KB MiFID-Uitvoering 3 juni 2007 Niet-EER Niet onderworpen aan het recht van een lidstaat van de EER. Niet-gestructureerde Beleggingsverzekering die niet voldoet aan de beleggingsverzekering definitie van gestructureerd product. Niet-gestructureerde ICB ICB die niet voldoet aan de definitie van gestructureerd product. Niet-professionele cliënt Zoals gedefinieerd in de hierbij vermelde wettelijke bepaling(en). Art. 2, 29 van de Wet Toezicht Financiële Sector 2 augustus 2002 Niet-zelfstandig verkooppunt Verkooppunt (kantoor met bedienden) dat deel Art. 4, 2 van de Wet uitmaakt van het distributienetwerk van de Tussenpersonen 22 maart 2006 onderneming en dat niet voldoet aan de definitie van tussenpersoon in bank- en beleggingsdiensten Obligatie Zoals gedefinieerd in de hierbij vermelde wettelijke bepaling(en). Art. 2, 31, b van de Wet Toezicht Financiële Sector 2 augustus 2002 Onderneming De gereglementeerde onderneming of het bijkantoor waarvoor de Cartografie wordt ingevuld. Onderzoek of andere Zoals bedoeld in de hierbij vermelde wettelijke Art. 2, 25 van de Wet Toezicht informatie waarin beleggings- bepaling(en). Financiële Sector 2 augustus strategieën worden 2002 aanbevolen of voorgesteld Onderzoek op Zoals bedoeld in de hierbij vermelde wettelijke Art. 78, 2 van het KB MiFIDbeleggingsgebied bepaling(en). uitvoering 3 juni 2007 Ontvangen en doorgeven van Zoals gedefinieerd in de hierbij vermelde wettelijke Art. 46, 1, 1 van de Wet orders bepaling(en). Beleggingsondernemingen 6
/49 april 1995 Ontvangen klachten Met 'klachten die ontvangen zijn' in een bepaalde periode wordt bedoeld: klachtendossiers die de onderneming heeft geopend in deze periode, zonder dat de klachten noodzakelijk in deze periode effectief moeten zijn behandeld of afgesloten. OTC-transacties Transacties die niet op een handelsplatform ('overthe-counter') zijn afgesloten. Partij De term 'partij' verwijst naar uiteenlopende rollen, gaande van specifieke functies in de onderneming tot leverancier van diensten (bv. bewaarder). In een aantal gevallen wordt het onderscheid gemaakt tussen intragroep- en extragroep-partijen. Passende vergoeding Vergoeding betaald door de onderneming en die Art. 7, c) van het KB MiFIDvoldoet aan de hierbij vermelde wettelijke bepaling. Uitvoering 3 juni 2007 Passendheidstoetsing Toetsing van de passendheid ( appropriateness Art. 27, 5 van de Wet Toezicht test ) overeenkomstig de hierbij vermelde wettelijke Financiële Sector 2 augustus bepaling. 2002 Performance De in de Cartografie te rapporteren performance is de jaarlijkse gemiddelde performance zoals deze aan de cliënt wordt gerapporteerd. 'Performance fee' Vergoeding die de cliënt betaalt i.v.m. beleggingsdiensten en die afhankelijk is van de behaalde return op de beleggingsportefeuille van de cliënt. Periodieke staten Trimestriële rapportering overeenkomstig Circulaire beleggingsondernemingen FSMA 2012-5 Periodieke staten 27 maart 2012 resp. Circulaire NBB 2012-1 Periodieke staten 3 april 2012 Plaats van uitvoering Zoals gedefinieerd in de hierbij vermelde wettelijke Art. 24, 1, 2e lid van het KB bepaling(en). MiFID-Uitvoering 3 juni 2007 Plaatsing zonder garantie Zoals bedoeld in de hierbij vermelde wettelijke Art. 46, 1, 7 van de Wet bepaling(en). Beleggingsondernemingen 6 april 1995 Professionele cliënt Zoals gedefinieerd in de hierbij vermelde wettelijke Bijlage A van het KB MiFIDbepaling(en). Uitvoering 3 juni 2007; Art. 2, 28 van de Wet Toezicht Financiële Sector 2 augustus 2002 Provisies In de boekhouding aangelegde provisies in verband met de ontvangen klachten bedoeld. 'Ranking' Rangschikking van de Top 5, voor de onderneming, van betrokken partijen. Retrocessie Geldelijke vergoeding die de onderneming ontvangt van derde partijen in verband met beleggingsdiensten die de onderneming verricht voor cliënten. RTO Ontvangen en doorgeven van orders (reception and transmission of orders) 'Soft commissions' Niet-geldelijke vergoeding die de onderneming ontvangt van derde partijen in verband met beleggingsdiensten die de onderneming verricht voor cliënten. Specifieke ICB ICB beheerd of structureel geadviseerd door de onderneming zelf of een onderneming uit dezelfde groep, specifiek opgericht met het oog op een
/50 Structureel beleggingsadvies 'Suitability test' Systematische internalisatie Tegemoetkoming Tegenpartij Transactie efficiënter beheer van of advies i.v.m. portefeuilles van cliënten in vermogensbeheer of structureel beleggingsadvies. Beleggingsadvies dat een beleggingsportefeuillebenadering hanteert eerder dan dat het betrekking heeft op één of meer afzonderlijke transacties. Veelal is deze dienst het voorwerp van een overeenkomst beleggingsadvies. Te onderscheiden van ad hoc-beleggingsadvies. Geschiktheidstoetsing Zoals gedefinieerd in de hierbij vermelde wettelijke bepaling(en). Effectief n.a.v. klachten aan cliënten betaalde bedragen. Partij die op vraag van de onderneming OTCtransacties afsluit met de cliënten van de onderneming Voor financiële instrumenten: aankopen en verkopen, in voorkomend geval zowel primaire als secundaire transacties. De verkoop van financiële instrumenten uitgegeven door de onderneming zelf is hierin inbegrepen. Voor ICB: toe- en uittredingen. Voor beleggingsverzekeringen: premiestortingen en afkopen. Art. 2, 8 van de Wet Toezicht Financiële Sector 2 augustus 2002 Verrichtingen gelden enkel als transacties als ze gepaard gaan met een beslissing van de cliënt of de vermogensbeheerder. Zo is de uitoefening van een optie een transactie, maar het 'assignment' ervan niet. De ontvangst van een dividend is geen transactie, de keuze voor cash of aandelen in het kader van een keuzedividend is dat wel. Tussenpersoon in bank- en Zoals gedefinieerd in de hierbij vermelde wettelijke Art. 4, 2 van de Wet beleggingsdiensten bepaling(en). Tussenpersonen 22 maart 2006 Uitbating MTF Zoals gedefinieerd in de hierbij vermelde wettelijke bepaling(en). Art. 46, 1, 8 van de Wet Beleggingsondernemingen 6 april 1995 Uitstapvergoeding Vergoeding die de cliënt bij verkoop van een financieel instrument betaalt voor het 'verlaten' van dit instrument, hetzij aan de onderneming, hetzij aan een andere betrokken partij (bijvoorbeeld de emittent van het instrument). Uitvoering van orders Zoals gedefinieerd in de hierbij vermelde wettelijke Art. 46, 6 van de Wet bepaling(en), met dien verstande dat uitvoering van Beleggingsondernemingen 6 orders de sluiting omvat van overeenkomsten tot april 1995 het verkopen van door een kredietinstelling of beleggingsonderneming uitgegeven financiële instrumenten op het tijdstip van de uitgifte ervan. Uitvoeringsrichtlijn MiFID 2006/73/EG Richtlijn van 10 augustus 2006 van Commissie tot uitvoering van Richtlijn 2004/39/EG van het Europees Parlement en de Raad wat betreft de door beleggingsondernemingen in acht te nemen organisatorische eisen en voorwaarden voor de bedrijfsuitoefening en wat betreft de definitie van
/51 Valutawisseldiensten Vaste overname Vaste vergoeding Vergoeding Vermogensbeheer begrippen voor de toepassing van genoemde Richtlijn Zoals gedefinieerd in de hierbij vermelde wettelijke bepaling(en). Zoals bedoeld in de hierbij vermelde wettelijke bepaling(en). Vergoeding die de cliënt betaalt i.v.m. beleggingsdiensten en die onafhankelijk is van de behaalde return op de beleggingsportefeuille van de cliënt. Elke vorm van geldelijk of niet-geldelijk voordeel dat naar aanleiding van het verrichten van beleggingsdiensten wordt ontvangen of betaald. Dit omvat, zonder dat deze opsomming beperkend is, commissies, 'fees', provisies, retrocessies, kosten, lasten, toeslagen, kortingen, 'mark-ups' en vergoedingen voor de niet-gecommercialiseerde 'subordinated' en 'equity tranches' van notes waarvan de 'senior tranches' aan de beleggers worden verkocht. Beleggingsdienst die aan één van de hierbij vermelde wettelijke bepalingen is onderworpen. Verordening MiFID (EG) Nr. Verordening (EG) Nr. 1287/2006 van 10 augustus 1287/2006 2006 tot uitvoering van Richtlijn 2004/39/EG van het Europees Parlement en de Raad wat de voor beleggingsondernemingen geldende verplichtingen betreffende het bijhouden van gegevens, het melden van transacties, de markttransparantie, de toelating van financiële instrumenten tot de handel en de definitie van begrippen voor de toepassing van genoemde richtlijn betreft Wet Wet van 6 april 1995 inzake het statuut van en het Beleggingsondernemingen 6 toezicht op de beleggingsondernemingen april 1995 Wet Toezicht Financiële Sector Wet van 2 augustus 2002 betreffende het toezicht 2 augustus 2002 op de financiële sector en de financiële diensten Wet Tussenpersonen 22 maart Wet van 22 maart 2006 betreffende de bemiddeling 2006 in bank- en beleggingsdiensten en de distributie van financiële instrumenten ('Wet Willems') Wetboek Diverse Rechten en Wetboek van 2 maart 1927 diverse rechten en Taksen 2 maart 1927 taksen Zorgplichtregime Regime dat bepaalt tot welke zorgplicht de onderneming verplicht is jegens haar cliënt. De zorgplichtregimes worden veelal aangeduid met de Engelse termen 'execution only', 'execution with appropriateness test' en 'suitability' (waarbij een 'suitability test' verplicht is). Art. 46, 2, 4 van de Wet Beleggingsondernemingen 6 april 1995 Art. 46, 1, 6 van de Wet Beleggingsondernemingen 6 april 1995 Art. 46, 8 van de Wet Beleggingsondernemingen 6 april 1995; Art. 3, 23, a van de ICB-Wet 3 augustus 2012