Woordenschat les 8.1. Vervuilde grond?

Vergelijkbare documenten
Grond of aarde weghalen door te graven. Graven is een gat in de grond maken. De plaats waar de grond wordt weggenomen.

De bodemverontreiniging

Grond onder je voeten

Zand en klei 1. Van veen tot weiland 2. Blad 1. Heide Een lage plant met paarse bloemen.

Werkboek van: Den Haneker Educatie Streekonderwijs

inhoud Zee, strand en duin 1. Zand 2. Zon en wind 3. Het duin 4. Dieren in het duin 5. Eb en vloed 6. De jutter 7. Schelpen 8.

Wat weet jij over biologisch en over de bodem?

Bodem. Bodemleven. Bodemverzorging. Gevorderdencursus dl 1 TT Boxtel Volkstuinvereniging Ceres

2 Bemesting Meststoffen Soorten meststoffen Grondonderzoek Mestwetgeving 49

= een beestje met 8 poten. Een spin kan een web maken. = een plant met scherpe stekels.

Onderzoeksopdracht. Bodem en grondstaal

Woordenschat blok 03 gr4 Les 1 De bodem: de grond waarin planten kunnen groeien. De duinen: heuvels van zand langs de zee. De plant: een stengel met

Les 5 Een goede bodem

Lesbrief. Dijken. Kijken naar dijken. Afdeling Communicatie waterschap Hollandse Delta

LEVEN IN HET DONKER LES 1. Dagdieren en nachtdieren

1 Grond Bodem Minerale bestanddelen Organische bestanddelen De verschillende grondsoorten 16 1.

Ontwikkeling en beheer van natuurgraslanden in Utrecht: Kruiden- en faunarijk grasland

Woordenschat Taal Actief groep 4 Thema 8 Les 1

Bijlage VMBO-KB. biologie CSE KB. tijdvak 2. Deze bijlage bevat informatie.

Flora en fauna. Flora

BIOBOER. Maar vandaag is het aardoliealarm. Kijk op je aardoliekaart of er voor jou een probleem is.

LESBLAD WATERKRINGLOOP GROEP 5-6

Aardoliealarm in het bos

inhoud 1. De mier 2. De teek 3. De regenworm 4. De pissebed 5. De hoofdluis 6. De vlieg 7. De mug 8. De vlo 9. Filmpje Pluskaarten Colofon

Opdrachten Jaar van de Bever voor groep 3,4,5 van de basisschool

inhoud blz. Klei 1. Hoe is klei ontstaan? 2. Wat is er bijzonder aan klei? 3. Klei in vroeger tijd 4. Gebruik in onze tijd 5.

Groei voorbereiden. -voetafdruk van dit drukwerk is berekend met ClimateCalc en gecompenseerd bij: treesforall.nl. De CO 2

Wat gebeurt er met de blaadjes die in de herfst van de bomen vallen? En wat doen onze tuiniers met dode of planten of afgesnoeide takken?

Bijlage VMBO-GL en TL

Les 1. de top. De berg. Het dal. De beek

De landbouwer als landschapsbouwer

ligt. Druppelen: als ergens druppels vanaf vallen. Je haar druppelt bijvoorbeeld als je net uit het zwembad komt. Gieten: heel hard regenen.

inhoud 1. Inleiding 3 2. Schimmel 4 3. De paddenstoel 5 4. Uit het leven van een paddenstoel 7 5. Soorten paddenstoelen 6.

Regenwormen Tijdstip: in september, oktober en november, na een regenbui.

Bodemkunde. Datum: vrijdag 24 juni 2016 V 2.1. V3.1 V4.1

Thema 2 Planten en dieren

inhoud Herfst 1. Het weer 2. Overal blad 3. Zaden 4. Paddenstoelen 5. De eekhoorn 6. De egel 7. Insecten 8. Vogels op reis 9. Filmpje Pluskaarten

Het is winter. op Landgoed Schothorst

Je kunt nu de heesters snoeien die al zijn uitgebloeid. Ook buxushaagjes kun je alvast knippen. Geef ze daarna extra mest voor goede hergroei.

Instructieblad Aarde Activiteit 1.01: Grondsoorten

Een bovenbouwproject van het IVN Veldhoven Eindhoven Vessem Najaar 2014

De IJzertijd (van 800 tot 12 voor Christus).

Praktijk Netwerk Niet Kerende Grondbewerking

BODEMLEVEN, GROND & BEMESTING

1. Je krijgt van je juf of meester een plaatje. Bekijk het plaatje goed.

Nederland Waterland Basisonderwijs

Vind de schat van Het Vinne!

Les 1 Ontstaan aardgas

Inhoud. Voorwoord 5. Inleiding 6

Steen-0-loog aan de Maas. middenbouw

Ontwikkeling en beheer van natuurgraslanden in Utrecht: Nat schraalland

Project Planten ABC. Week 1ABC: Algemeen

Les 3 - Het waterschap

Woordenschat Taal Actief groep 4 Thema 1 Les 1

NIEUW NATUURGEBIED DE KEUZEMEERSEN

1. Levende wilgenstaken I blz Levende wilgenstaken II blz Levende meidoornhaag blz. 2

HANDIG VOERSPELLETJES VOOR KONIJNEN EN KNAAGDIEREN

Lesbrief. Watersysteem. Droge voeten en schoon water. Afdeling Communicatie waterschap Hollandse Delta

Oerboeren in de Friese Wouden.

Bijlage VMBO-GL en TL-COMPEX 2006

Bosopdrachten. Praktijkopdrachten groep 7/8

Leesboekje de seizoenen

Weg met dat vieze water! Alles wat je moet weten over afvalwater

WERKBLAD pingo. naam. Heel lang geleden was het hier erg koud. Dat noemen we de ijstijd. Er waren heuvels, heel bijzondere heuvels.

Een wal van zand, klei of steen die mensen beschermt tegen hoog water. De plek waar het rivierwater in de zee uitkomt.

1. Geheimen. 2. Zwammen

Klimaatadaptatie. Opdracht: Maak ruimtelijke scenario s voor de regio West-Brabant waarin wordt ingespeeld op de gevolgen van klimaatverandering.

Inhoud. Inleiding blz. 3. Wat is een fossiel? blz. 4. Hoe fossielen ontstaan blz. 5. Fossielen van zacht weefsel blz. 6. Zeedieren blz.

Groenten onder glas 1. Op het land 2. Blad 1. Verbouwen (van groente) Iets laten groeien. Insect Een klein diertje met zes poten.

Leg in iedere cirkel op het werkvel iets van een grondsoort. Zet de naam van de grond erbij.

Loof-en naaldbomen. Naam :

Groei voorbereiden. -voetafdruk van dit drukwerk is berekend met ClimateCalc en gecompenseerd bij: treesforall.nl. De CO 2

3. Van wie is de kreet? 4. Wat wil Albor met het zwijntje doen?

Een gedeelte van een stad of een groter dorp. Een wijk bestaat uit meerdere buurten.

3000 v. Chr v. Chr v. Chr v. Chr.

Woordenschat - memory Taal Actief groep 4 Thema 3 Les 1

Bouwbedrijf VanO. We hebben drie vestigingen op het veld.

Dieren in de winter 3

Bijlage VMBO-KB 2006 BIOLOGIE CSE KB. tijdvak 1. Deze bijlage bevat informatie b

Presentatie permacultuurproject Karla Mulder, 2012

De composthoop Een composthoop bij school

inhoud 1. Graven naar vroeger 2. Oude sporen 3. De archeoloog 4. De ontdekking 5. Aan de slag 6. In de werkkamer 7. Vondsten in Nederland 8.

Hoofdvraag: Hoe kan een gebied of een landschap milieuaantasting door verdroging optreden en hoe kan dit worden tegengegaan?

Geschiedenis van de duinen

Opwindende ontdekkingen in oud-oosterhout! Wo uter is

bemesten wintergroenten slakkenjacht prei maand van het voorzaaien maand van het voorzaaien

De bodem Klei Zand Veen Humus

Leefgebieden in de duinen. Les met werkblad - biologie

Het nieuwsbulletin over het werk van onze monteurs

Werkstuk Aardrijkskunde Loonse en Drunense duinen

Auditieve oefeningen thema het bos

Herfstwerkboekje van

Handleiding. Boom planten. Tielsestraat 83 A 4043 JR Opheusden Tel:

Donderdag 9 november Biologische avond: Bodemdieren

inh oud 1. Leven onder water 3 2. Dieren en planten 3. Vissen 4. Kwallen 5. Zoogdieren 6. Schaaldieren 7. Stekelhuidigen 8. Zeewier 9.

( BIOLOGISCHE ) Akker- en tuinbouw. Vol met boerenwijsheid én leuke Wist je datjes... CAMPAGNE GEFINANCIERD MET STEUN VAN DE EUROPESE UNIE

1 de kaart. samenvatting

Transcriptie:

Woordenschat les 8.1 Vervuilde grond?

Afgraven en de afgraving Afgraven is de grond of aarde weghalen door te graven. De afgraving is de plaats waar de grond wordt weggenomen.

Boren We boren een gat in de grond. Je kunt ook met een boor een gat in metaal of hout boren. Boren is met een boor een gat ergens in maken.

Het gesteente Marmer is een voorbeeld van een gesteente. Gesteente is een soort steen.

Bodemverontreiniging De verontreinigde grond wordt afgegraven. Bodem is grond. Verontreiniging is vervuiling. Bodemverontreiniging is vervuilde grond.

Een kluit Als je een plant uit de pot haalt, zie je rond de wortels ook een kluit aarde. Een kluit is een brok of een klont.

Het laboratorium De grond nemen ze mee naar het laboratorium. Een laboratorium is een plaats waar proeven worden gedaan. Er worden allerlei stoffen onderzocht.

Het grondonderzoek De mensen in het laboratorium zoeken uit of er vieze stoffen in de grond zitten. Het grondonderzoek is een onderzoek naar de stoffen die in de grond zitten.

8.1 Vervuilde grond? Afgraven De afgraving Boren Het gesteente Bodemverontreiniging Een kluit Het laboratorium Het grondonderzoek

Woordenschat les 8.2 De boer

Ploegen De boer is aan het ploegen. Als de aarde is geploegd, kunnen er nieuwe planten worden gezaaid. Ploegen is de aarde omkeren met een ploeg. Een ploeg is een werktuig met scherpe ijzers. De boer bevestigt de ploeg achter zijn tractor.

Bemesten De planten zullen beter groeien als het land bemest is. Bemesten is mest over het land heen strooien

Het gewas Ploegen en bemesten doen de boeren om het gewas te laten groeien. Het gewas is alles wat er aan planten groeit. Gewas is een ander woord voor planten.

Voedselarm Het woordje arm achter een ander woord betekent dat er weinig van is. Voedselarm betekent dat er weinig voedsel in de grond zit, waardoor planten niet kunnen groeien.

Voedselrijk Het woordje rijk achter een ander woord betekent dat er veel van is. Voedselrijk betekent dat er veel voedsel in de grond zit, waardoor planten goed kunnen groeien.

De veeteelt Een boer die vee heeft, doet aan veeteelt. Vee zijn koeien,varkens schapen of kippen Veeteelt is dat de boer het vee laat opgroeien en geld verdient aan het vee.

De humus Humus is ook erg voedselrijk. Planten groeien erg goed in de humus. De Humus is grond waar veel resten van dode planten in zitten.

Flora en Fauna Flora is de naam voor alle planten die ergens groeien. Fauna is de naam voor alle dieren die in een gebied leven.

8.2 De boer Ploegen Bemesten Het gewas Voedselarm Voedselrijk Veeteelt Humus Flora Fauna

Woordenschat les 8.3 Grondsoorten

Leisteen Vroeger werd op school geschreven op een stuk leisteen. Leisteen is een donkergrijze steensoort, een gesteente dat uit dunne laagjes bestaat.

Kalkgrond Kalkgrond is grond waarin veel kalksteen in voorkomt. Kalkgrond is licht van kleur en een beetje steenachtig.

Veengrond De plantenresten zorgen veel voedsel in veengrond Veengrond is vochtige grond die voornamelijk bestaat uit plantenresten die helemaal verteerd zijn.

Rivierklei en zeeklei Rivierklei en zeeklei zijn kleigrond. Rivierklei is bruine, beetje vette grond die bij een rivier ligt. Zeeklei is grijze en natte grond.

Kleigrond Kleigrond is voedselrijk, op kleigrond groeien de gewassen goed. Kleigrond is grond waar klei in voorkomt.

Duinzand en stuifzand Vlak voor zee liggen de duinen, lage bergen van lichtgekleurd duinzand. De wind blaast het droge duinzand weg. Het stuift gemakkelijk weg. Daarom wordt het ook wel stuifzand genoemd. Duinzand is zand dat op de duinen ligt.

Verspreiding De wind zorgt voor verspreiding van het zand over een groter gebied. Verspreiding wil zeggen iets verdelen, ervoor zorgen dat overal een beetje van terecht komt.

8.3 Grondsoorten De leisteen De kalkgrond De veengrond De zeeklei De rivierklei Kleigrond Het duinzand Het stuifzand Verspreiding

Woordenschat les 8.4 Onder de grond

De mol De mol is een klein zwart diertje met grote graafpoten dat onder de grond leeft en daar tunnels graaft.

Een molshoop Als een mol een gang graaft, duwt hij aarde naar buiten. Molshoop is aarde dat de mol door het graven omhoog heeft gebracht.

De verzakking De tunnel of de gang die de mol heeft gegraven is voor een deel ingestort, er is een verzakking. Verzakking is als de grond naar beneden is gezakt.

De boomwortel Onder de grond zijn ook veel boomwortels. Boomwortel is een wortel van een boom. Met een wortel haalt een boom of plant water en voedsel uit de grond.

De worm Behalve de mol leven er ook andere dieren onder de grond. De worm is een diertje met een lang, dun, rond heel buigzaam lichaam. Een worm heeft geen pootjes, maar komt kruipend vooruit.

De woelmuis De woelmuis is ongeveer 7 tot 10 centimeter lang en meestal roodbruin van kleur. De woelmuis is een soort muis, een diertje met een lange staart dat knaagt aan planten wortels.

Het hol De woelmuis leeft in een hol Een hol is een ruimte onder de grond. Een dier graaft een hol om in te wonen.

De planteneter De woelmuis is een planteneter. Planteneter betekent dat het dier planten eet.

8.4 Onder de grond De mol De molshoop De verzakking De worm De boomwortel De woelmuis Het hol De planteneter

Woordenschat les 8.5 De overstroming

Waterrijk Er is zo veel water, omdat de rivier overstroomd is. Waterrijk betekent dat er heel veel water is.

Drassig Aan de slootkant is het weiland drassig. Drassig is dat de grond nat en week is door veel water.

Het vocht Vocht is nat, nattigheid, vocht zit ergens in of op. In de muren van huizen zit bijvoorbeeld vocht Het tegenovergestelde van vochtigheid is droogte

Het riool en de riolering Het riool is een buis onder de grond waarin het water uit de wasbakken, wc s en douches, en vaak ook regenwater wordt afgevoerd. De rioolbuizen samen noemen we de riolering

Een monster De mensen nemen monsters van de grond om die te onderzoeken op vervuiling. Een monster is een klein beetje van iets nemen om te onderzoeken

Het klimaat Het klimaat van Nederland heeft niet zulke warme zomers en niet zulke warme winters en het regent er best vaak. Het klimaat betekent het soort weer dat bij een land of streek hoort.

8.5 De overstroming Waterrijk Het vocht De vochtigheid Drassig Het riool De riolering Het monster Het klimaat

Woordenschat les 8.6 Licht in de tuin

Omhakken Omhakken is de stam van een boom met een bijl doorslaan, zodat deze omvalt

Sorteren Dingen sorteren is dingen uitzoeken en bij elkaar leggen wat bij elkaar hoort.

Verbrokkelen Het hout verbrokkelt, het breekt in kleien stukjes. Verbrokkelen is in kleine stukjes uit elkaar gaan

Zeven Een zeef is een voorwerp waarin kleine gaatjes zitten. Als je de grond zeeft, blijven de grote brokken en stenen in de zeef liggen. Zeven is iets door een zeef laten lopen

Grof en fijn Fijn zand bestaat uit hele kleine korreltjes. Het tegenovergestelde van fijn is grof. Grof wil zeggen groot en niet klein of fijn.

Lichtval Door de bomen komt er te weinig licht in de tuin. Lichtval is de manier waarop licht op iets schijnt.

Bedekt De bodem in de tuin is bedekt met bladeren. De bladeren liggen overal er geen aarde meer te zien.

8.6 Licht in de tuin Omhakken Sorteren Verbrokkelen Zeven Fijn Grof De lichtval Bedekt