Informatieavond groep 3
Doelen groep 3 komende periode Taal (Veilig Leren Lezen) Rekenen (Wereld In Getallen) Schrijven (Pennenstreken) Welke Cito-toetsen zijn er midden groep 3
Kern 4 Doelen lezen kern 4: - De kinderen doorzien de structuur van eenvoudige, klankzuivere woorden. - De kinderen lezen de volgende structureerwoorden: huis, weg,bos, tak hut - De kinderen verklanken de volgende letters: h,w,o,a,u - Ze lezen synthesewoorden volgens de elementaire leeshandeling. - Ze kunnen woorden in wisselrijtjes versneld lezen. - Ze lezen en begrijpen korte, eenvoudige zinnen. Doelen spelling kern 4: - De kinderen onderscheiden fonemen als kleinste klankeenheden in woorden (auditieve analyse). - De kinderen plaatsen de juiste letter bij de gegeven klank. - Ze leggen eenvoudige, klankzuiver woorden op de letterdoos.
Kern 5 Doelen lezen kern 5: - De kinderen doorzien de structuur van eenvoudige, klankzuivere woorden. - De kinderen lezen de volgende structureerwoorden: reus, jas, riem, bijl, hout vuur. - De kinderen verklanken de volgende letters correct en vlot: eu, j, l,ou, uu - Ze kunnen woorden in wisselrijtjes versneld lezen. - Ze lezen en begrijpen korte, eenvoudige zinnen. - Ze lezen en begrijpen enkele zinnen die met elkaar in verband staan. Doelen spelling kern 5: - De kinderen onderscheiden fonemen als kleinste klankeenheden in woorden (auditieve analyse). - De kinderen plaatsen de juiste letter bij de gegeven klank(letterdictee). - Ze leggen eenvoudige, klankzuiver woorden op de letterdoos. Eventueel schrijven zij die woorden op (woorddictee).
Kern 6 Doelen lezen kern 6: - De kinderen doorzien de structuur van eenvoudige, klankzuivere woorden. - De kinderen lezen de volgende structureerwoorden: geit, uil, pauw,duif, ei - De kinderen verklanken alle letters correct en vlot. - Ze kunnen woorden in wisselrijtjes versneld lezen. - Ze lezen synthesewoorden correct en vlot. - Ze lezen en begrijpen korte, eenvoudige zinnen. - Ze lezen en begrijpen korte, eenvoudige verhalen. Doelen spelling kern 6: - De kinderen onderscheiden fonemen als kleinste klankeenheden in woorden (auditieve analyse).- De kinderen plaatsen de juiste letter bij de gegeven klank(letterdictee). - Ze leggen eenvoudige, klankzuiver woorden op de letterdoos. Eventueel schrijven zij die woorden op (woorddictee).
Kern 7 Doelen lezen kern 7: - De kinderen kunnen eenvoudige, klankzuivere, eenlettergrepige woorden correct en vlot lezen. Ze maken hierbij nog slechts uitzonderlijk gebruik van de elementaire leeshandeling. - Ze kunnen eenlettergrepige woorden die beginnen met de sch correct en vlot lezen. - Ze kunnen eenlettergrepige woorden die eindigen op de ng Correct en vlot lezen. - Ze kunnen eenlettergrepige woorden die eindigen op b of d correct en vlot lezen. - Ze kunnen eenlettergrepige woorden met twee medeklinkers vooraan of achteraan correct en vlot lezen. - Ze kunnen eenvoudige tweelettergrepige samenstellingen correct en vlot lezen. - Ze kunnen de hoofdletters correct en vlot verklanken. Doelen spelling kern 7: - De kinderen onderscheiden fonemen als kleinste klankeenheden in woorden (auditieve analyse). - De kinderen plaatsen de juiste letter bij de gegeven klank(letterdictee). - Ze leggen eenvoudige, klankzuiver woorden op de letterdoos. Eventueel schrijven zij die woorden op (woorddictee).
Rekenen 1 e half jaar Orientatie op de getallen: - Verder- en terugtellen tot en met 40. - Cijfers schrijven. - Structuur van de getallen tot en met 20. Resultatief tellen: - Resultatief tellen tot en met 20. - Getalbeelden tot en met 20. - Grote hoeveelheden tellen. Structureren: - Splitsingen tot en met 10 (verkennen en oefenen). - Getalbeelden op het rekenrek (verkennen en inoefenen). Optellen en aftrekken t/m 10: - Het vergelijken van aantallen; meer, minder of evenveel. - Erbij- en erafsituaties. - Bussommen. - Pijlsommen.
Meten: - De begrippen groot/klein, voor/achter, hoog/laag, enz. - Lengte: passen, vergelijken, meten met natuurlijke maten. - Oppervlakte; eerste verkenning. - Inhoud; eerste verkenning. Tijd: - Dagen van de week. - Serie gebeurtenissen in een logische volgorde plaatsen. - Klokkijken; hele uren. Geld: - De munten van 1,2 en 5 cent. Meetkunde: - De begrippen voor/achter, links/rechts, boven/beneden. - Lezen en interpreteren van een plattegrond. - Blokkenbouwsels. - Standpunt bepalen.
Schrijven: - Koppelen schijfletter/leesletter. - De aangeleerde letters leren schrijven tussen de juiste lijnen. - Vloeiend de letters/woordjes schrijven. - Zithouding - Pengreep
Cito-toetsen midden groep 3 Woordenschattoets Spelling Drie-minutentoets Leestechniek Rekenen