Verbinding maken met TomTom Remote LINK Verbinding maken met TomTom Remote LINK Je moet een verbinding tot stand brengen tussen je TomTom Remote LINK en een TomTom LINK 300/310 voordat je het apparaat voor het eerst gaat gebruiken. Dit is vereist omdat de Remote LINK je invoer naar de LINK 300/310 verzendt zonder informatie op te slaan. In dit document worden twee manieren beschreven om verbinding te maken tussen je Remote LINK en de LINK 300/310. Gecertificeerde TomTom WORKverkooppartners kunnen ook het activeringsprogramma gebruiken. Ga hiervoor naar www.tomtomwork.com/activationtool Belangrijk: een Remote LINK kan slechts worden verbonden met één LINK 300/310. Als je Remote LINK of de LINK 300/310 al is verbonden met een ander apparaat, moeten beide apparaten worden gereset voordat verbinding met een nieuw apparaat kan worden gemaakt. Instructies over het resetten van beide apparaten zijn te vinden in dit document. Verbinding maken tussen een Remote LINK en LINK 300/310 Om verbinding tussen de Remote LINK en LINK 300/310 te maken heb je slechts twee apparaten nodig. 1. Controleer of de LINK 300/310 op de juiste manier in het voertuig is geïnstalleerd. 2. Schakel het contact in. 3. Controleer of zich binnen een afstand van 30 meter geen andere voertuigen met een geïnstalleerde LINK 300/310 bevinden. 4. Druk op een willekeurige knop op je Remote LINK om deze in te schakelen. Als de LED-lampjes op alle drie de knoppen knipperen, heeft het apparaat geen verbinding en ga je verder met de volgende stap. Anders reset je de Remote LINK. 5. Druk gelijktijdig op twee willekeurige knoppen tot je een geluid hoort. De Remote LINK gaat nu op zoek naar je LINK 300/310 en het blauwe LEDlampje voor verbinding begint snel te knipperen. Het zoeken kan ongeveer een minuut duren voordat de verbinding tot stand wordt gebracht. 1
Opmerking: om te controleren of er een verbinding tot stand is gebracht, druk je op een willekeurige toets. Als er een verbinding tot stand is gebracht, brandt het blauwe LED-lampje voor verbinding. Als je de Remote LINK gedurende 15 seconden niet gebruikt, wordt het apparaat uitgeschakeld. Als er geen verbinding tot stand wordt gebracht, knipperen de gele LEDlampjes op alle drie de knoppen, en wordt de Remote LINK na één minuut uitgeschakeld. Herhaal stap 1 tot en met 4 om een verbinding tot stand te brengen. 2
Een Bluetooth-adres toewijzen via TomTom WEBFLEET Via TomTom WEBFLEET kun je een Bluetooth-adres toewijzen voor de verbinding tussen een Remote LINK en een LINK 300/310. Zo zorg je voor een unieke identificatie voor elke verbinding en kun je verbindingsfouten voorkomen. Vereiste: je moet toegang tot TomTom WEBFLEET hebben. 1. Selecteer in TomTom WEBFLEET het desbetreffende voertuig onder Voertuigen en klik op Configureer in het detailvenster rechts. 2. Selecteer het tabblad Accessoire. 3. Geef het Bluetooth-adres van de Remote LINK op in het veld voor het Bluetooth-adres. 4. Druk op een willekeurige knop om je Remote LINK in te schakelen. De gele LED-lampjes op alle drie de knoppen moeten nu gaan knipperen. Als dat niet het geval is, moet de Remote LINK worden gereset. Lees 'Resetten van je TomTom Remote LINK' voor instructies om het apparaat te resetten. 5. Schakel het contact in. De apparaten gaan verbinding maken en het blauwe LED-lampje begint te knipperen. Het kan maximaal één minuut duren om verbinding te maken. Opmerking: om te controleren of er een verbinding tot stand is gebracht, druk je op een willekeurige toets. Als er een verbinding tot stand is gebracht, brandt het blauwe LED-lampje voor verbinding. Als je de Remote LINK gedurende 15 seconden niet gebruikt, wordt het apparaat uitgeschakeld. 3
Als er geen verbinding tot stand wordt gebracht, knipperen de gele LEDlampjes op alle drie de knoppen en wordt de Remote LINK na één minuut uitgeschakeld. Herhaal stap 1 tot en met 5 om een verbinding tot stand te brengen. 4
Resetten van je TomTom Remote LINK Als je Remote LINK verbinding heeft met een apparaat maar niet naar behoren functioneert of verbinding heeft met het verkeerde apparaat, kun je het apparaat resetten naar de standaardfabrieksinstellingen. 1. Druk op een willekeurige knop op je Remote LINK om deze in te schakelen. 2. Druk gelijktijdig op twee willekeurige knoppen tot je een geluid hoort. Je Remote LINK wordt nu uitgeschakeld. Opmerking: je kunt controleren of het resetten is gelukt door op een willekeurige knop op je Remote LINK te drukken om deze in te schakelen. Als de gele LED-lampjes op alle drie de knoppen knipperen, is het resetten gelukt. Als het blauwe LED-lampje voor verbinding brandt, is het resetten niet gelukt. Herhaal stap 1 en 2 om je Remote LINK te resetten. Resetten van je TomTom LINK 300/310 Als je een verbinding tot stand wilt brengen tussen je LINK 300/310 en een andere Remote LINK, moet je de LINK 300/310 resetten. Als je de LINK 300/310 wilt resetten, verwijder je het Bluetooth-adres voor de Remote LINK voor het desbetreffende voertuig in het configuratiedialoogvenster van TomTom WEBFLEET en klik je op Wijzigingen opslaan. 5