Energie besparingsmonitor 2010-2011
Inleiding In het kader van het monitoren van het Meer Met Minder convenant is er informatie verzameld onder de leveranciers van isolatiemateriaal in Nederland, Vereniging van Erkende Na-isolatiebedrijven in Nederland (VENIN), Stichting Vlakglas Recycling Nederland en bij de Vereniging van Nederlandse Fabrieken van Ketels voor Centrale Verwarming (VFK). Met de toepassing van de producten die vanuit deze branches worden geleverd worden bestaande gebouwen energiezuiniger gemaakt. Op die manier wordt een bijdrage geleverd aan de energiebesparingsdoelstelling die in het kader van het Meer Met Minder convenant is afgesproken. In deze brochure wordt de verzamelde informatie samengevat. Door deze afzetinformatie te combineren met de gegevens over het verbruik van isolatiemateriaal in de nieuwbouw in Nederland (op basis van Buildsight - informatie), is berekend wat het verbruik van isolatiemateriaal in bestaande gebouwen is geweest in 2010 en 2011. Al het isolatiemateriaal dat niet in de nieuwbouw is toegepast (of als afval is verdwenen), is verbruikt in bestaande gebouwen, omdat er van wordt uitgegaan dat de voorraden isolatiemateriaal bij handelaren per saldo niet zijn veranderd. Omdat er een goede inschatting gemaakt kan worden van de gemiddelde warmteweerstand van het iso latiemateriaal in de nieuwbouw (R m ) en de gemiddelde warmteweerstand van het geleverde isolatiemateriaal is opgegeven door de fabrikanten (R d ), is op basis van de volumes de gemiddelde warmteweerstand van het iso latiemateriaal toegepast in de bestaande bouw (R m ) te bepalen. Hieronder wordt dat in tabel 1 en 2 gedaan voor verschillende types isolatiematerialen. Daarbij wordt onderscheid gemaakt tussen de minerale wollen (glaswol, steenwol), de kunst stof (of synthetische) isolatiematerialen (EPS, XPS, PUR/PIR en de losse isolatiematerialen die gebruikt worden als spouwvulling (glaswolvlokken en EPSparels). Over kruipruimtevulling zijn geen gegevens bekend. Ook voor isolatieglas en HR-ketels is een tabel opgenomen. Van andere isolatiematerialen zijn te weinig gegevens bekend of is de bijdrage aan de energiebesparing verwaarloosbaar. 2
Minerale wollen In de onderstaande tabel wordt een samenvatting gegeven van marktinformatie met betrekking tot glaswol en steenwol (minerale wollen) voor warmte-isolatie in de gebouwschil in Nederland. Het blijkt dat de afzet van minerale wollen in 2011 is gestegen ten opzichte van 2010. Deze stijging is het gevolg van een stijging van de toepassing in de bestaande bouw. In de nieuwbouw werd er in 2011 minder minerale wol toegepast dan in 2010. Bij de toepassing is de isolatiewaarde van 2010 naar 2011 toegenomen in zowel de nieuwbouw als in de bestaande bouw. Tabel 1 Afzet minerale wollen Verkoopinformatie (oppervlak in mln. m 2 ) 20,8 21,6 Verkoopinformatie (R d in m 2 *K/W) 2,9 3,0 Nieuwbouwinformatie (oppervlak in mln. m 2 ) 10,6 10,3 Nieuwbouwinformatie (R m in m 2 *K/W) 2,4 2,9 Bestaande bouw (oppervlak in mln. m 2 ) 10,1 11,4 Bestaande bouw (R m in m 2 *K/W) 3,1 3,2 Bron: Leveranciers materialen, Buildsight Kunststof isolatiemateriaal De afzet van kunststof isolatiemateriaal voor de isolatie van de gebouwschil heeft ondanks een daling in de nieuwbouw in 2011 een groei doorgemaakt. Dat wijzen de gegevens in de onderstaande tabel uit. Bovendien is de isolatiewaarde van de afzet toegenomen. Tabel 2 Afzet kunststof isolatiemateriaal Verkoopinformatie (oppervlak in mln. m 2 ) 16,9 18,6 Verkoopinformatie (R d in m 2 *K/W) 2,7 2,9 Nieuwbouwinformatie (oppervlak in mln. m 2 ) 11,5 11,3 Nieuwbouwinformatie (R m in m 2 *K/W) 2,8 3,2 Bestaande bouw (oppervlak in mln. m 2 ) 5,4 7,3 Bestaande bouw (R m in m 2 *K/W) 2,4 2,5 Bron: Leveranciers materialen, Buildsight 3
Losse isolatiematerialen De afzet van losse isolatiematerialen maakt in 2011 een duidelijke bloei door ten opzichte van een jaar eerder. De groei is volledig toe te schrijven aan de toename van de na-isolatie van (vooral) geïsoleerde spouwmuren van bestaande gebouwen. Tabel 3 Losse isolatiematerialen Spouwvulling Spouwmuren geïsoleerd (oppervlak in mln. m 2 ) 1,5 2,4 R m (traditionele spouwmuur met 7 cm spouw) 2,2 2,2 Bron: Leveranciers materialen, Buildsight Op basis van voorgaande tabellen is de totale afzet van isolatiematerialen in 2010 en 2011 binnen de bestaande bouw te bepalen. Deze afzet maakt in 2011 een duidelijke groei door ten opzichte van een jaar eerder. Daarbij blijft de gemiddelde isolatiewaarde gelijk. Deze is afhankelijk van de ruimte die er is in bestaande constructies. Hoewel de isolatiebehoefte groeit, vertaalt zich dat niet in de gerealiseerde isolatiewaarde, maar wel in de hoeveelheid toegepast isolatiemateriaal. Tabel 4 toepassing isolatiemateriaal bestaande bouw Bestaande bouw geïsoleerd (oppervlak in mln. m 2 ) 17,0 21,1 R m (bestaande bouw) 2,8 2,8 Bron: Leveranciers materialen, Buildsight De verenigde na-isolatiebedrijven die veel van het isolatiemateriaal ver werken in bestaande gebouwen constateren ook een sterke toename van de activiteit op de na-isolatiemarkt van 2010 naar 2011. In de volgende tabel is weergegeven wat zij hebben gedaan in 2010 en 2011. Tabel 5 Activiteit verenigde na-isolatiebedrijven (x 1.000 m 2 ) Vloersprayen 275 634 Spouwvulling 1.255 2.743 4
Uit de marktonderzoeken die voor deze energiebesparingsmonitor uitgevoerd zijn, blijkt in welke segmenten van de bestaande gebouwenvoorraad in Nederland het isolatiemateriaal is toegepast. Voor het jaar 2011 is dat in onderstaande tabellen uitgewerkt naar miljoenen vierkante meters isolatiemateriaal. Tabel 6 In bestaande bouw toegepast isolatiemateriaal (2011; inclusief losse isolatiematerialen) x mln. m 2 Minerale wollen Kunststof Sociale huur 3,7 1,4 5,1 Particuliere huur 0,7 0,3 1,0 Koopsector 7,2 4,4 11,6 Utiliteitsbouw 1,7 1,8 3,5 13,3 7,8 21,1 Bron: ECN Isolatieglas De afzet van isolatieglas heeft zich in 2010 en 2011 stabiel ontwikkeld. Dit blijkt uit de gegevens uit de jaarverslagen van Vlakglas Recycling Nederland. Zowel in 2010 als in 2011 werd voor circa 5 miljoen vierkante meter isolerend dubbelglas verwijderingsbijdrages geïncasseerd. In de nieuwbouw wordt naar schatting circa 1,8 1,9 miljoen vierkante meter isolatieglas toegepast. Tabel 7 Isolatieglas (x 1.000 m 2 ) 2010 2011 Afzet totaal 4.995 5.083 Afzet nieuwbouw 1.858 1.831 Afzet bestaande gebouwen 3.137 3.252 Naar aanleiding van het uitgevoerde marktonderzoek is een verdeling te maken van de segmenten van de bestaande gebouwenvoorraad waar het isolatieglas is toegepast. Deze verdeling wordt in de onderstaande tabel weergegeven. 5
Tabel 8 In bestaande bouw geplaatst isolatieglas (2011) (x 1.000 m 2 ) Sociale huurwoningen 733 23% Particuliere huurwoningen 212 7% Koopwoningen 1.567 48% Utiliteitsgebouwen 739 23% 3.252 100% Bron: ECN HR-ketels Uit de cijfers van de Vereniging van Nederlandse Fabrikanten van Ketels voor centrale verwarming, blijkt dat er in 2011 minder verwarmingsketels zijn afgezet in Nederland dan in 2010. Een klein deel van de verwarmingsketels dat wordt afgezet in Nederland is geen HR-ketel. In 2010 was dat 2,6 procent. In 2011 is dat aandeel geslonken naar 2,0 procent. De reden voor de dalende afzet van verwarmingsketels van 2010 naar 2011 kan gevonden worden in de strenge winter die 2010 kende. Zowel aan het begin van het jaar als aan het eind van het jaar waren er periodes van strenge vorst. Veel verouderde, niet functionerende verwarmingsketels moesten daardoor vervangen worden. Bovendien hebben de stimuleringsmaatregelen voor woningrenovaties in 2010 bijgedragen aan de hoge afzet van verwarmingsketels. In 2011 nam dit effect af. Tabel 9 Afzet verwarmingsketels (aantallen x 1.000) HR 449,7 438,2 Niet HR 11,8 9,1 461,6 447,4 Bron: VFK Naar schatting worden er in de nieuwbouw jaarlijks circa 40.000 HR-ketels toegepast. Dat betekent dat er jaarlijks circa 400.000 tot 410.000 HR-ketels in bestaande gebouwen worden geïnstalleerd. 6
Tabel 10 Afzet HR-ketels (aantallen x 1.000) afzet HR-ketels 449,7 438,3 afzet nieuwbouw 42,3 38,6 Afzet bestaande gebouwen 407,4 399,6 Bron: VFK, CBS, bewerking Buildsight De afzet van HR-ketels in bestaande gebouwen is op basis van het uitgevoerde marktonderzoek te verdelen naar verschillende segmenten. Dit wordt weergegeven in de onderstaande tabel. Tabel 11 In bestaande gebouwen geplaatste HR-ketels (2011) (aantal x 1.000) Sociale huurwoningen 107 27% Particuliere huurwoningen 32 8% Koopwoningen 216 54% Utiliteitsgebouwen 44 11% 399 100% Bron: ECN 7
Conclusies Uit de verzamelde gegevens met betrekking tot de toepassing van isolatiemateriaal (in de gebouwschil) in Nederland komt naar voren dat van 2010 naar 2011 sprake is van een duidelijke toename van het isoleren van bestaande gebouwen. Het gebruik van minerale wollen, synthetische isolatiematerialen en spouwvulling heeft een vlucht genomen. De groei is voor minerale wollen het kleinst. In de bestaande bouw gaat de isolatie voorkeur dus steeds meer uit naar synthetische isolatiematerialen. Ook spouwvulling wint snel aan populariteit. Er is niet alleen meer isolatiemateriaal toegepast in de bestaande bouw, ook de isolerende waarde van dit materiaal is toegenomen. Dat wil zeggen dat er per vierkante meter toegepast isolatiemateriaal meer energie bespaard wordt. Ook de toepassing van isolatieglas heeft van 2010 naar 2011 een positieve ontwikkeling doorgemaakt. Deze ontwikkeling was echter meer gematigd dan in de toepassing van isolatiemateriaal. Inmiddels is een groot deel van de bestaande beglazing vervangen door isolatieglas, waardoor de vervangingsmarkt enigszins op begint te drogen. Dankzij de strenge winter aan het begin en het einde van 2010 was de afzet van verwarmingsketels in dat jaar groter dan in 2011. Naar verwachting zal de afzet van verwarmingsketels de komende jaren verder krimpen. De vervangingscyclus beleefde in 2010 en 2011 een hoogtepunt. De afzet van isolatiemateriaal, verwarmingsketels en isolatieglas heeft in 2010 en 2011 geprofiteerd van de stimuleringsmaatregelen van de overheid met betrekking tot woningrenovaties. Omdat in 2012 de stimuleringsmaatregelen zijn weggevallen en de uitgaven van huishoudens onder druk staan van de vertraagde economische ontwikkeling, zal de isolatiemarkt dit jaar naar verwachting afkoelen. Onze dank gaat uit aan alle leveranciers van informatie ten behoeve van deze brochure en de organisaties die daarbij hebben bemiddeld. Hieronder een lijst met de belangrijkste bronnen. 8
Bronnen Centraal Bureau voor de Statistiek: Verschillende nieuwbouwstatistieken Centraal Bureau voor de Statistiek: Hernieuwbare energie in Nederland Buildsight: marktinformatie Buildsight Vereniging van Erkende Na-isolatiebedrijven Nederland (VENIN) Vlakglas Recycling Nederland Vereniging van Nederlandse Fabrieken van Ketels voor Centrale Verwarming (VFK, onderdeel van FME-CWM) Nederlandse Isolatie Industrie (NII) en haar leden ECN 9
Dit is een publicatie van: Agentschap NL Energie en Klimaat Croeselaan 15 Utrecht Postbus 8242 3503RE Utrecht T +31 (0)88 602 92 00 bereikbaar van 9.00-12.00 en 14.00-16.00 uur E energie-go@agentschapnl.nl www.agentschapnl.nl Agentschap NL december 2012 Publicatie-nr 2EGOM1201 Agentschap NL is een agentschap van het ministerie van Economische Zaken. Agentschap NL voert beleid uit voor diverse ministeries als het gaat om duurzaamheid, innovatie en internationaal. Agentschap NL is hét aanspreekpunt voor bedrijven, kennisinstellingen en overheden. Voor informatie en advies, financiering, netwerken en wet- en regelgeving. De divisie NL Energie en Klimaat versterkt de samenleving door te werken aan de energie- en klimaatoplossingen van de toekomst. In samenwerking met: Buildsight BV, ECN