Opdrachten thema
Schema groepjes en opdrachten bij vorm 2: elke opdracht vaste begeleider Groepje 1: edelherten Sporen zoeken (+ Gipsafdruk maken) Groepje 2: hindes Groepje 3: kalfjes Groepje 4: zwijnen Groepje 5: biggentjes Eten zoeken Obstakelspel Gewei maken Sporen zoeken (+ Gipsafdruk maken) Eten zoeken Obstakelspel Gewei maken Sporen zoeken (+ Gipsafdruk maken) Obstakelspel Gewei maken Sporen zoeken (+ Gipsafdruk maken) Gewei maken Sporen zoeken (+ Gipsafdruk maken) Eten zoeken Eten zoeken Obstakelspel Eten zoeken Obstakelspel Gewei maken
Totaal materialen grof wild Grof wild Materialen per groepje 1 Sporen zoeken (+ Gipsafdruk maken) 3 Witte bakken Zoekkaart of plaat diersporen wild zwijn, edelhert, ree Eventueel materiaal om gipsafdruk te maken (bakje, lepel, gips, water, reep papier, schildertape ) 2 Eten zoeken plastic of papieren bordjes, 1 per 2 kinderen Loeppotjes, 1 per 2 kinderen 3 Obstakelspel Plek met een wildrooster of wildtunnel of plaatje ecoduct Stukken lint om om bomen te knopen om een speelveld af te bakenen 4 Gewei maken zo mogelijk een echt gewei, anders de foto een plek met losse takken Extra Slaapplek maken Zo mogelijk een plek waar je een (spoor van) slaapplek van hert of wild zwijn kunt vinden Extra Bronstspel niets
1. Sporen zoeken Opdracht Welke grote dieren leven hier? Edelhert, ree en wild zwijn. Hoe weet je dat ze er zijn als je ze niet ziet? (Sporen, poep, pootafdrukken, vraatsporen, veegsporen, wissel, slaapplek, afgevallen gewei). Laat een paar sporen zien. Ga in tweetallen sporen zoeken. Als je iets vindt wat je mee kan nemen, neem het dan mee in de bak. Welke sporen heb je gevonden? Weet je van welk dier ze waren? Maak van de mooiste pootafdruk eventueel een gipsafdruk, om mee te nemen naar school! Nodig: 3 Witte bakken Zoekkaart of plaat diersporen wild zwijn, edelhert, ree Eventueel materiaal om gipsafdruk te maken (bakje, lepel, gips, water, reep papier, schildertape ) Pootafdruk wild zwijn
2. Eten zoeken Opdracht Bespreek met de leerlingen: wat eten wilde zwijnen en edelherten? Nodig: plastic of papieren bordjes, 1 per 2 kinderen Loeppotjes, 1 per 2 kinderen Edelherten zijn planteneters. Ze eten gras, zegge, bies, heide, boomschors, knollen, wortels, vruchten, zaden, knoppen, scheuten en loof van bomen en struiken als wilg, spar en hulst, en landbouwgewassen. Grassen en kruiden vormen overal de hoofdmoot van het dieet. In bosrijke gebieden eten ze in verhouding meer schors, knoppen, zaden en scheuten dan in open gebieden zoals heide. Wilde zwijnen zijn alleseters. Ze eten voornamelijk plantaardig voedsel zoals eikels, kastanjes, knollen en groene plantendelen, maar ook dierlijk voedsel zoals aas, regenwormen, insectenlarven en knaagdieren. Je krijgt per tweetal een bordje en een loeppotje. Je gaat eten zoeken voor wilde zwijnen en edelherten. Deel de bordjes en loeppotjes uit. Bespreek wat de leerlingen op hun bordje hebben. Lusten wilde zwijnen en edelherten dit? Is er genoeg te eten voor de edelherten en wilde zwijnen?
3. Obstakelspel Opdracht Grote dieren hebben een groot gebied nodig om te leven. In Nederland is dat lastig. Omdat er zoveel mensen wonen, zijn er overal wegen. Een hert of wild zwijn steekt een weg over en dat gaat niet altijd goed. Soms maken mensen een brug over een weg, dat noemen we een ecoduct. Of een tunnel. Dit gebeurt voor grote dieren, maar ook wel voor kleine dieren, zoals muizen, slangen, kikkers en hagedissen. Laat een wildtunnel of ecoduct zien als dat in de buurt is en er toestemming is van de beheerder. Of laat een foto zien Om te zorgen dat de dieren niet een kant op gaan waar het gevaarlijk voor ze is, zijn er wildroosters. Laat een wildrooster zien als dat in de buurt is. Spel: een soort overlopertje. Maak 3 vakken (door lint aan bomen te knopen), het middelste is smal, de andere 2 zijn groot. Het middelste veld stelt een snelweg voor. De leerlingen staan in één van de grote vakken. In het middelste spel staan 1 of 2 leerlingen. Dat zijn auto s. De auto s rennen heen en weer in het snelwegvak. De andere leerlingen proberen van het ene grote vak naar het andere grote vak te komen, zonder getikt te worden. Nodig: Plek met een wildrooster of wildtunnel of plaatje ecoduct (z.o.z.) Stukken lint om om bomen te knopen om een speelveld af te bakenen
Ecoduct
4. Gewei maken Nodig: zo mogelijk een echt gewei, anders de foto (z.o.z.) Een plek met losse takken Opdracht Het meest bijzondere aan een edelhert is zijn gewei. Alleen de mannetjes hebben een gewei. Het valt elk jaar af en groeit elk jaar weer opnieuw. Elk jaar groeit het ietsje groter. Dit kun je zien op de plaatjes (z.o.z.) Een hert met een groter gewei is dus ouder. Aan het eind van de zomer is het gewei klaar. Een nieuw gewei heeft een vel. Dat vel wrijven de herten eraf tegen een boom. Je kunt deze schuurplekken op bomen zien. Maak zelf eens een gewei van takken. Zoek eerst mooie takken die op een gewei lijken. Leg ze op de grond in de vorm van een gewei.
Extra: Slaapplek maken Nodig: Zo mogelijk een (spoor van) slaapplek van hert of wild zwijn Opdracht Herten en zwijnen slapen natuurlijk ook. Zoek eens een slaapplek op. Misschien kun jij het nog beter en mooier maken. Maak eens een mooie plek waar je zelf wel zou willen slapen! Misschien gaat een hert of wild zwijn er vanavond wel slapen!
Extra: Bronstspel Nodig: niets Opdracht In de herfst maken mannetjesherten een bijzonder geluid. Burlen wordt dat genoemd. Zo proberen ze een vrouwtje te lokken en andere mannetjes af te schrikken. Het vrouwtje en mannetje zoeken elkaar op. De jonge hertjes worden in mei of juni geboren. Als het herfst is: wees een paar minuten stil. Misschien hoor je een edelhert burlen! Lukt het jullie zelf om op geluid iemand te vinden? Laat 1 leerling zich ergens verstoppen, terwijl de anderen de ogen dicht houden. Fluitster hem/haar een verstopplek in of zeg wat de grens is waar hij/zij heen mag gaan. Zodra de verstopte leerling gaat burlen, mogen de ogen open en gaan de leerlingen proberen de verstopte leerling te vinden.