MINISTERIE VN ONERWIJS EN VOLKSONTWIKKELING EXMENUREU VK : IOLOGIE TUM: TIJ : UNIFORM HEREXMEN MULO 2007 EZE TK ESTT UIT 40 ITEMS. TENZIJ NERS VERMEL, GT HET STEES OVER GEZONE ORGNISMEN. WEEFSELS EN ORGNEN STEVIGHEI 1 Welke omschrijving van het begrip orgaan is juist? Een orgaan bestaat uit verschillende groepen cellen met één functie. is een groep cellen met dezelfde functie. is een groep cellen met één functie. is een groep van verschillende weefsels met één of meer functies. 2 Welk (e) weefsel (s) bij gewervelde dieren heeft (hebben) dezelfde functie (s) als het chitinepantser van een insect? alleen dekweefsel alleen steunweefsel bindweefsel en spierweefsel steunweefsel en dekweefsel 3 Van vier verschillende varkens wordt een stukje rib onderzocht op het percentage lijmgevende stof. Voor varken 1 is dit 56%. Voor varken 2 is dit 34%. Voor varken 3 is dit 67%. Voor varken 4 is dit 76%. Uit deze gegevens kan men concluderen, dat het oudste dier waarschijnlijk is: varken 1. varken 2. varken 3. varken 4. 4 ij levende wezens wordt stevigheid onder andere verkregen door cellulose, chitine, kalkzouten en turgor. ij welke van deze vier vormen van stevigheid speelt water de belangrijkste rol? bij cellulose bij chitine bij kalkzouten bij turgor
VOEING EN SPIJSVERTERING Welke vitamine komt veel voor in de awara? Waarvoor zorgt deze vitamine? 5 vitamine zorgt voor het goed functioneren van de ogen een gezonde huid een gezonde huid het goed functioneren van de ogen 8 Een maaltijd bestaat uit: vlees, napie en dri pesi. Enkele beweringen over de herkomst van deze voedingsmiddelen zijn: I Vlees bestaat vooral uit onderhuidsbindweefsel. II Napie is de wortel van een napie plant. III Vlees bestaat vooral uit spierweefsel. IV ri pesi zijn de vruchten van een dri pesi plant. Voor deze beweringen geldt: 1 2 6 3 4 alleen I is juist. alleen III is juist. alleen I en II zijn juist. I, II, II en IV zijn juist. GSWISSELING 9 e tekening stelt enkele organen van de mens voor. Koolhydraten worden verteerd door enzymen die geproduceerd worden in het orgaan aangegeven door 1. 2. 3. 4. 1 2 3 4 e tekening geeft vier stadia wee van de gedaanteverwisseling van een kikker. Twee beweringen over de darmperistaltiek zijn: I II 7 oor de darmperistaltiek wordt de voedselbrij verplaatst. oor de darmperistaltiek wordt de voedselbrij verteerd. In welk stadium of in welke stadia speelt de huid een rol bij de ademhaling? lleen in stadium 1. lleen in de stadia 1 en 2. lleen in de stadia 1, 2 en 3. In de stadia 1, 2, 3 en 4. Voor deze beweringen geldt: alleen I is juist. alleen II is juist. I en II zijn beide juist. I en II zijn beide onjuist.
10 1 2 3 4 14 Een spier die zich samentrekt, heeft energie nodig. Uit welke omzetting krijgt de spier deze energie? In de tekeningen staan vier typen longen getekend. Ze bevatten evenveel lucht. oor welke long zullen de grootste hoeveelheden gassen uitgewisseld worden? long 1 long 2 long 3 long 4 SSIMILTIE/ISSIMILTIE 11 Uit welke grondstoffen is suiker, die in man zit, gevormd? zouten uit de bodem. water uit de bodem en stikstof uit de lucht. water uit de bodem en koolzuurgas uit de lucht. koolzuurgas en zuurstof uit de lucht. 12 Welke bewering over de opname en afgifte van zuurstof en water bij organismen is juist? lleen autotrofe organismen nemen zuurstof op. lleen heterotrofe organisemn geven water af. Zowel autotrofe als heterotrofe organismen geven water af. Zowel autotrofe als heterotrofe organismen geven zuurstof af. 13 Wat is juist over de fotosynthese en de verbranding bij groene platen? ij fotosynthese komt energie vrij komt koolzuurgas vrij komt water vrij komt zuurstof vrij Voor verbranding is energie nodig is koolzuurgas nodig is water nodig is zuurstof nodig suiker + koolzuurgas suiker + zuurstof suiker + zuurstof zetmeel betekent: wordt omgezet in TRNSPORT 15 water + zuurstof koolzuurgas + water koolzuurgas + zetmeel suiker + zuurstof Waar in de plant komt er transport weefsel voor? alleen in de stengel alleen in stengel en blad alleen in wortel en stengel in wortel, stengel en blad 16 In de stengels van zaadplanten vindt transport van water en zouten plaats. Leveren de worteldruk en de verdamping een bijdrage aan dit transport? de worteldruk de verdamping 17 ij zoogdieren is de wand van de linker hartkamer dikker dan die van de rechter hartkamer. Waarmee houdt dit verband? e linker hartkamer moet bloed ontvangen van de longen ontvangen van het hele lichaam pompen naar de longen pompen naar het hele lichaam
18 Vormen rode bloedcellen door de wand van haarvaten? 22 ij de mens zijn de nieren met de urineblaas verbonden door vorming schijnvoetjes door de wand van haarvaten de nieraders de nierslagaders de urinebuis de urineleiders 19 23 Zuurstofarm bloed verlaat het hart door de longaders. holle aders. longslagaders. aorta. 20 e foto geeft de lengtedoorsnede weer van een orgaan van de mens. Om welk orgaan gaat het? de alvleesklier een eierstok het hart een nier e foto stelt een aantal cellen van de mensen voor die 4000x vergroot zijn. e afgebeelde cellen zijn rode bloedcellen spiercellen witte bloedcellen zenuwcellen OPSLG RESERVE VOESEL/ UITSHEIING 21 HORMONEN 24 Het hormoon insuline uit de eilandjes van Langerhans heeft een belangrijke functie bij de opslag van glucose. Welk hormoon speelt een belangrijke rol bij de vorming van glucose? adrenaline amylase pepsine progesteron In welk orgaan wordt glycogeen bij de mens opgeslagen? in de alvleesklier in het beenmerg in de lever in de nier
25 Hormonen werken in vergelijking met het zenuwstelsel sneller en korter. langzamer en korter. sneller en langduriger. langzamer en langduriger. 26 Een arts kan aan de hand van de samenstelling van de urine bepalen of iemand suikerziekte heeft of niet. Indien er sprake is van suikerziekte, zal er in de urine glucagon aangetoond worden. glucose ontbreken. glucogeen aangetoond worden. veel glucose aangetoond worden. 27 Het hormoon dat het lichaam snel tot grote activiteit kan aanzetten (bij vluchten bijvoorbeeld) wordt geproduceerd door de alvleesklier bijnieren hypofyse schildklier ESHERMING EXTERN MILIEU 28 e schil van een napi bevat kurk. Welke functie heeft de kurk? Het opslaan van zetmeel in de napi. Het stimulren van de gaswisseling in de napi. Het tegengaan van uitdroging van de napi. Het stimuleren van de wateropname door de napi. ZENUWSTELSEL EN IMPULSGELEIING 29 Enrico en Simone dansen salsa. Zijn van Enrico en Simone de grote hersenen hierbij betrokken? En de kleine hersenen? grote hersenen kleine hersenen 30 Gevoelszenuwen geleiden impulsen van het centrale zenuwstelsel naar de spieren. het centrale zenuwstelsel naar de zintuigen. de spieren naar het centrale zenuwstelsel. de zintuigen naar het centrale zenuwstelsel. 31 Enkele activiteiten van het zenuwstelsel van de mens zijn: 1. het verwerken van impulsen afkomstig van een oog. 2. het regelen van een gewilde beweging van een arm. 3. het geleiden van impulsen bij de kniepeesreflex. ij welke van deze activiteiten spelen de grote hersenen eenbelangrijke rol? alleen bij 1 en 2. alleen bij 1 en 3. alleen bij 2 en 3. bij 1, 2 en 3.
32 Het zenuwstelsel van de mens bestaat onder andere uit: 1. grote hersenen, 2. kleine hersenen, 3. ruggemerg, 4. door de delen 2, 3, 4 en 5. oor welke van deze delen gaan de impulsen van een kniepeesreflex? alleen door de delen 1, 2 en 3. alleen door de delen 1, 3 en 4. alleen door de delen 3, 4 en 5. door de delen 2, 3, 4 en 5. ZINTUIGEN 33 Onder accommoderen van het menselijk oog verstaan we het draaien van het oog door middel van de oogspieren. verwijden of vernauwen van de pupil. boller of platter worden van de lens. veranderen van de afstand tussen de lens en het netvlies. GROEI EN ONTWIKKELING 36 Het schema geeft het ontstaan en de eerste ontwikkeling van een tweeling weer. Geeft dit schema het ontstaan weer van een één eiige of twee-eiige tweeling? Wat is te zeggen over het geslacht van de kinderen? e tweeling is Het geslacht is één eiig één eiig twee eiig twee eiig verschillend hetzelfde hetzelfde verschillend 37 34 Welke van de volgende beweringen over het harde oogvlies (de oogrok) is juist? Het harde oogvlies gaat aan voorkant van het oog over in het regenboogvlies. Het hoornvlies is de doorzichtige voorzijde van het harde oogvlies. e iris is het gekleurde deel van het harde oogvlies. e pupil is een opening in het harde oogvlies. 35 Welke delen van de oren dragen de geluidstrillingen over op het trommelvlies? de gehoorbeentjes de gehoorgangen de gehoorzenuwen de oorschelpen natte watten lucht droge zaden 1 2 droge watten Iemand heeft twee reageerbuizen die zijn gevuld zoals in de afbeelding is aangegeven. In welke van de weergegeven buizen zullen de zaden kiemen? alleen in buis 1 alleen in buis 2 in beide buizen in geen van beide buizen.
MILIEU TROPISHE HYGIËNE 38 Twee beweringen over het milieu zijn: I Het milieu is de leefomgeving van een organisme; II Het milieu is alleen te vinden in natuurgebieden. Voor deze beweringen geldt: alleen I is juist. alleen II is juist. I en II zijn beide juist. I en II zijn beide onjuist. 40 Welke parasiet heeft voor zijn ontwikkeling geen tussengastheer nodig? e bilharziaworm. Het denguevirus. e mijnworm. e malariaparasiet. 39 Vier leerlingen doen een uitspraak over de verwerking van huisvuil. dipie: lle huisvuil kan tot compost verwerkt worden. indy: Recycling is de meest milieu vriendelijke methode van huisvuil verwerking. Legiman: Vuilnisbelten kunnen het grondwater vervuilen. Nirmala: e beste manier van huisvuilverwerking is verbranding. Welke leerlingen hebben gelijk? dipie en Nirrmala dipie en Legiman indy en Legiman indy en Nirmala