Noordhoff Uitgevers bv



Vergelijkbare documenten
de aanbieding reclame, korting De appels zijn in de a Ze zijn vandaag extra goedkoop.

Zeggen ze Persoon A Persoon B Persoon C Persoon D Persoon E Iets over de maat? Iets over de kleur? Iets over de stof? Iets over de prijs?

Voor deze enquête bevragen jullie minstens 25 personen

Workshop Omgaan met Cito-taal in rekenopdrachten

9 mei Onderzoek: Economie en retail

PROFIEL TOERISTISCHE EN INFORMELE TAALVAARDIGHEID

Stadsenquête Leiden 2004

Hoofdstuk 8. Openbare Bibliotheek

Creative Marketing Opdracht 1b Doelgroepanalyse

Een deel van het onderzoek doe je met z n tweeën, het andere deel doe je zelfstandig. Dit onderzoek telt als repetitie A en B.

Thema Op zoek naar werk. Lesbrief 8. Praten en bellen over een baantje

''Hoe besteedt u het liefste uw vrije tijd?''

Spreekoefeningen. Oefenen voor het eerste deel van het examen spreken: Vragen beantwoorden. 1 enkele vragen. (voor het inburgeringsexamen - spreken)

De ANWB Lichtbrigade Fietsverlichtingsactie

CUSTOMER JOURNEY. Gebruik van de tool Template Voorbeeld

Opstartlessen. Les 1. Kennismaken

De ANWB Lichtbrigade Fietsverlichtingsactie

t stuur een bewijsstuk mee

AANWIJZEND VOORNAAMWOORD. A) Welk woord past in de zin? Kies uit die of dat. 1. Heb je het huiswerk gemaakt? 7. Ga je naar één van onze feestjes?

Lesbrief 14. Naar personeelszaken.

Thema Op zoek naar werk. Les 9. Het sollicitatiegesprek Antwoord geven op vragen

Wie ben jij? HOOFDSTUK 1 WOORDEN. Kies het goede woord. 1 Ik... Paula. a heet b naam kom je vandaan? a Hoe b Waar

Thema Op zoek naar werk. Lesbrief 6. Het sollicitatiegesprek Antwoord geven op vragen

Ga naar klik bij Test en spel op: Alle tests en spellen Doe de test: Wat voor geldtype ben jij? Uitslag: je bent een

Volkskredietbank Noord-Oost Groningen. Persoonlijke lening

Onderzoek Je wordt 18 jaar en dan? De gevolgen voor je geldzaken

Formeel en informeel. Formeel: Je gebruikt u om iemand aan te spreken. Je noemt iemand bij zijn achternaam.

Les 2: Voorspellen Tekst: Veilig in het verkeer. Introductiefase: 2. Vraag: "Kan iemand zich nog herinneren wat de bedoeling was bij het voorspellen?

Amsterdam-Noord en de recessie

Les 4: Les conversatie + grammatica Nederlands Conversatie Les 2 A-klas

[zelf op te maken en in te vullen > denk hierbij aan het tonen van een foto en/of logo van de bank, je naam etc.

Ervaringen van mensen met verstandelijke beperkingen of psychiatrische problemen met zelfstandig wonen en deelname aan de samenleving

6 Valkuilen bij het maken van testvragen die eenvoudig zijn te ontwijken. Meer informatie? Bezoek ons op

GROTE PRAKTISCHE OPDRACHT

MARKETING. De 6P s in projectvorm. Leerlingenhandleiding. Auteurs: Teekamp-Gout, J. Velnaar, L. Wanders, I.

Kijk op: nt2taalmenu wordt gemaakt door: Frans Snik, Ed Kniesmeijer en René den Nijs. Brieven schrijven

Ben jij een kind van gescheiden ouders? Dit werkboekje is speciaal voor jou!

Thema Op zoek naar werk. Lesbrief 10. Het sollicitatiegesprek Afspraken maken

Thema Informatie vragen bij een instelling

Meten en oplossen! Werkdrukinstrument voor de detailhandel

Vragenlijst Budgetcoaching

Bijlage 4 De meterstanden-lijst voor begeleiders

Alles onder de knie? 1 Herhalen. Intro. Met de docent. 1 Werk samen. Lees het begin van de gesprekjes. Maak samen de gesprekjes af.

Handleiding les 1: Een verhaal schrijven over jouw dag in 2034 voor een toekomsttentoonstelling

Stadsenquête Leiden 2003

STELLING HET SOCIALE LEVEN VAN JONGEREN ER IS NIKS MIS MEE OM VEEL OVER HET IS NIET GEVAARLIJK OM JE JEZELF OP MSN TE ZETTEN.

Management en Organisatie. Proefles

Doorstroomdossier Griftland: 4 mavo naar 4 havo

13 Acquisitietips. AngelCoaching. Coaching en training voor de creatieve sector

2c nr. 1 zinnen met want en omdat

Omgaan met klachten volgens de BOOS-formule

Thema Op het werk. Lesbrief 14. Opdrachten

Theorieboek. leeftijd, dezelfde hobby, of ze houden van hetzelfde. Een vriend heeft iets voor je over,

Lesbeschrijving Nederlands

Ken je markt. graficus jr. Themamodules met voorbereiding op de ecommerce Webshop KEN JE MARKT

Sinterklaas, weet je de weg?

SOLLICITATIEGESPREK? GEBRUIK DEZE 30 HANDIGE ZINNETJES

Sectorwerkstuk

Thema Op zoek naar werk

Thema Gezondheid. Lesbrief 2. De wachtkamer

Sport. Fonds. Jeugd. { Cultuur. School. met aanvraagformulier. Schooljaar Laat je kind iets leuks doen!

Thema Informatie vragen bij een instelling

ntdekhet v Neem dan de Regiotaxi! Even geen bus of trein beschikbaar? RegioTaxi Noord-Groningen

De economische crisis en Oud-West

Thema Gezondheid. Lesbrief 2. De wachtkamer

Wonen Aar en Amstel. Inhoudsopgave. 1 Algemeen...1

De gelijkenis van de barmhartige Samaritaan.

Handboek NT2 in het volwassenenonderwijs

personality Handleiding voor kandidaten Online afname

Thema In en om het huis

Thema Op zoek naar werk. Demet TV. Lesbrief 7. Het sollicitatiegesprek Afspraken maken

Stadsenquête Leiden 2001

Thema Op zoek naar werk. Lesbrief 5. Werk vragen in een winkel

Verhuisplannen en woonvoorkeuren

Meer succes met je website

Voorwoord. AHA! De Grafisch Vormgever Voor Communicatie en Multimedia Design studenten.

Les 3. Familie, vrienden en buurtgenoten

Zorg dat je een onderwerp kiest, waarvan je echt meer wilt weten. Dat is interessanter, leuker en makkelijker om mee bezig te zijn.

Meten van mediawijsheid. Bijlage 6. Interview. terug naar meten van mediawijsheid

De eigen winkel / het eigen bedrijf (vaardigheidstoets voor de opleidingen mode en interieuradviseur)

Checklist voor Succesvol Ondernemen

Actielessen. Lesbrief 4. Samen op pad. Wat leert u in deze les? Veel succes!

[PILOT] Aan de slag met de Hoofdzaken Ster

Een woning huren in Brummen

Feedback aan leerkrachten

Onderzoek Bereikbaarheid Cronjéstraat

Thema Op het werk. Lesbrief 16. Herhaling thema.

OP KAMERS Opdrachtenblad Categorie:

Thema In en om het huis

Resultaten. LimeSurvey Eenvoudige statistieken Vragenlijst 'Enquête elektrische auto' Vragenlijst 36685

ZEG HET MAAR HET PRATEN VAN UW KIND. Leeftijd vanaf 4 jaar

Bijna elf miljoen Nederlanders kochten vorig jaar. Geen last van opdringerige verkopers. Online winkelen

LESBRIEF BIJ STAGE LOPEN

Vroeg wijs met geld. gemeente Informatie over hoe u uw kind helpt slim en verstandig om te gaan met geld

Resultaten enquête Uithoornlijn

Transcriptie:

1. PERSOONSGEGEVENS VAN JE DOELGROEP Wat vindt het winkelend publiek? 2. VRAGEN DIE DE GEHELE MARKETINGMIX BESTRIJKEN: De 6 P s

PERSOONSGEGEVENS: Wat is uw leeftijd? Leeftijd: < 20 20 25 25 30 30-35 OPDRACHT Noteer steeds wat er fout is aan de vraagstelling. Doe dit ook bij de volgende dia s Bespreek dit met een medeleerling

Leeftijd niet vragen, maar inschatten! Hanteer leeftijdsklassen:(ruime groepen maken) 10 t/m 20 jr 21 t/m 30 jr 31 t/m 40 jr Ouder dan 40 jr

PERSOONSGEGEVENS: WAAR KOMT U VANDAAN? HOE BENT U HIER GEKOMEN? HOE KOMT U MEESTAL NAAR GRONINGEN? HOE KOMT U NAAR DE WINKEL TOE? WOONT U: A. IN GRONINGEN, B. BUITEN GRONINGEN, C. ELDERS WOONT U: A. IN GRONINGEN, B. 5 km van de stad C. 30 km van de stad

Wat is uw woonplaats? Of Woont u in: a. Stad Groningen b. Elders buiten Groningen, Bent u hier met: a. Auto b. Openbaarvervoer c. Fiets/bromfiets d. Lopend e. Anders:

PERSOONSGEGEVENS: WAT IS UW INKOMEN? HOEVEEL VERDIENT U PER MAAND? 0 200 200 400 400-600 IN WAT VOOR AUTO RIJDT U? WAT IS UW GEMIDDELDE INKOMEN?

In plaats van inkomen moet je het Welstandsniveau Proberen in te schatten, door: Heeft u een: a. huurhuis b. koophuis i. vrijstaand ii. 2-onder-een-kap iii. Bovenwoning/tussenwoning IN WAT VOOR AUTO RIJDT U? Over hoeveel auto s beschikt uw huishouden? Hoeveel maal per jaar gaat u op vakantie? Wat zijn uw hobby s? Welke dag- en weekbladen leest u? Wat is uw hoogst genoten opleiding?

VRAGEN MARKETINGMIX: De 6 P s PROBEERT U ZOVEEL MOGELIJK TE KOPEN IN EEN WINKEL? HOEVEEL GEEFT U PER WEEK UIT? KOOPT U VAAK IN ANDERE PLAATSEN UW KLEDING? KOOPT U REGELMATIG IN EEN DISCOUNTWINKEL? WAT HEEFT U VOOR EEN FLES DRANK OVER? KOOPT U VOOR U ZELF OF OOK VOOR ANDEREN?

VRAGEN MARKETINGMIX: De 6 P s WELKE PRODUCTEN BENT U VANDAAG VAN PLAN AAN TE SCHAFFEN? HOE VAAK PER JAAR KOOPT U KLEDING? BENT U MERK GEBONDEN? HOEVEEL GEEFT U PER KWARTAAL UIT AAN SPORTKLEDING HOEVEEL BESTEED U PER ½ JAAR AAN SCHOENEN/PARFUMERIE

Hoeveel besteedt u per maand aan dameskleding: a. Minder dan 100 b. 100 t/m 250 c. 250 t/m 500 d. Meer dan 500 Welk bedrag wilt u maximaal besteden aan een paar schoenen? a. 25 b. 50 c. 75 d. 100 e. Meer dan 100 Koopt u ook kleding via postorderbedrijven of internet? Kunt u 3 winkels noemen waar u uw kleding koopt? Kunt u 5 merken noemen die u koopt?

VRAGEN MARKETINGMIX: De 6 P s VINDT U UW ZAAK MAKKELIJK BEREIKBAAR? ZIJN ER IN DE OMGEVING VOLDOENDE FACILITEITEN/VOORZIENINGEN? WAT IS BELANGRIJKER STATUS OF KWALITEIT? HEEFT HET PERSONEEL ER VEEL VERSTAND VAN? LET U OP PRIJZEN EN KWALITEITSVERHOUDINGEN? BENT U GEVOELIG VOOR SERVICE?

Welk product/merk mist u in het assortiment van deze winkel? a. Schoenen b. sokken c. Stropdassen d. riemen Welk service-aspect ziet u graag in een winkel? a. Pin-automaat b. klantenkaart c. bezorgdienst d. klantentoilet e. Speelhoek kinderen Over welke eigenschappen moet het personeel beschikken? Welke aspecten vindt u belangrijk als het om de inrichting van een winkel gaat? Welke voorzieningen wilt u graag in de nabijheid van een winkel aantreffen?

1 BEDENK EERST EEN AANTAL PERSOONLIJKE VRAGEN Begin met een 5-tal algemene vragen over de persoonlijke situatie van de respondent Waarom? al vragende maak je kennis met een onbekende persoon de persoon wordt door de persoonlijke vragen gerustgesteld je kunt diverse subjectieve zaken inschatten, zoals: leeftijd sociale klasse welstandsniveau De geënquêteerde kan dan WARMDRAAIEN

2 FORMULEER PROBLEEMSTELLINGEN Probleemstelling: Probleemstellingen zijn centrale vragen die door een onderzoek worden beantwoord Is Haren een geschikte vestigingsplaats voor mijn golf-sport-speciaalzaak? Voorbeeld enquêtevragen: Beoefent u de golfsport? Waar koopt u uw golfartikelen? Hoeveel besteedt u per jaar aan deze golfartikelen? Koopt u steeds bij dezelfde winkel uw golfartikelen, of gaat u bij meerdere sportzaken shoppen?

HANTEER DE 6 P S ALS UITGANGSPUNT VOOR JE PROBLEEMSTELLINGEN! MARKETINGMIX: De 6 P s Plaats, winkelcentrum, straat, winkel Product, assortiment, merken Prijs, passend bij winkelformule Personeel, jong/oud, M/V vakkennis Presentatie, winkelinterieur/exterieur, overzicht Promotie, folders, kranten, aanbiedingen

3 FORMULEER per PROBLEEMSTELLING een aantal ENQUÊTE VRAGEN. Per probleemstelling bedenk je ± 3 vragen Je bepaalt zelf welke probleemstelling je belangrijker vindt voor jouw onderzoek. Hier stel je dus meer vragen over. Samen met de ± 5 persoonlijke vragen bestaat de enquête uit ± 20 vragen

4 Bedenk bij je vragen al de mogelijke antwoorden, zodat je snel kunt enquêteren. Woont u in: a. Delfzijl b. Appingedam c. Uithuizen d. Bedum e. Ten Boer f. Elders:..

Welke eigenschappen moet het personeel bezitten: a. Direct helpen zodra u de winkel betreedt b. U laten shoppen maar op verzoek helpen c. Man d. Vrouw e. M/V niet belangrijk f. Jonger dan 23 jr g. Ouder dan 23 jr h. Over veel vakkennis beschikken i. Tijd hebben voor een praatje

5 Ontwerp een antwoordenmatrix waarop je vlot de gegevens kunt afhandelen. Dus, geen 50 enquêteformulieren maken en (laten) invullen. Dit geeft gigantisch veel nawerk! Vragen Respondent 1 2 3 4 5 6 7 8 12 Personeel A direct B wachten C Man D Vrouw E M/V F < 23 jr G Ouder

LET OP! HOUD REKENING MET HET VERSCHIL TUSSEN OPEN en GESLOTEN VRAGEN Een open vraag levert veel meer informatie,maar is voor een enquête lastig te verwerken. Richt je daarom op het formuleren van gesloten vragen. Voorbeeld open vraag: Wat vindt u van deze winkel? De respondent zal een uitgebreid antwoord geven Hoe verwerk je dit antwoord?!

5 Houd rekening met het volgende binnen je enquête: VOUTLOOS TAALGEBRUIK Vindt u een bezorgdienst belangrijk? Hoeveel besteedt u per maand.. TIP:vul het werkwoord LOPEN in om te bepalen of een werkwoord op een D of T eindigt. Vermijd vaktaal als: Discountformule prijs/kwaliteitsverhouding, Verzorgingsgebied voorzieningenniveau

GEBRUIK GEEN ONTKENNINGEN IN DE VRAAG Vindt u ook niet dat hier een PIN-automaat ontbreekt? Vermijd de woorden NIET en GEEN in je vraag Op de vraag:heeft u geen huisdieren? kan een alerte respondent antwoorden: JA! Heeft de persoon nu wel of geen huisdieren? Als je JA antwoordt op deze vraag dan bedoel je dus, dat je inderdaad géén huisdieren hebt!

GEBRUIK GEEN SUGGESTIEVE VRAGEN. DIT ZIJN VRAGEN MET EEN MENING. Vindt u dit ook een ongezellig winkelcentrum? Mist u hier ook een winkel in auto-accessoires? Vindt u het personeel ook zo onverzorgd? Denkt u dat een boekenwinkel in dit winkelcentrum uitkan?

VERMIJD OOK DE VOLGENDE SUBJECTIEVE WOORDEN IN JE VRAGEN: Regelmatig Gemiddeld Veel, vaak Soms, en ook nooit

DE OPDRACHT HOUDT DUS IN: 1. BEDENK EEN 5-TAL PERSOONLIJKE VRAGEN 2. BEDENK EEN AANTAL PROBLEEMSTELLINGEN 3. FORMULEER 20 GOEDE ENQUÊTE VRAGEN 4. MAAK EEN GOEDE ANTWOORDENMATRIX (je kunt je enquêtevragen van Word naar Excel kopiëren) 5. PRINT DE ENQUÊTE + MATRIX UIT EN LAAT HET GEHEEL CONTROLEREN DOOR JE BEGELEIDER.

Wat vind u van deze winkelstraat?

Eén moment, daar lopen net twee leuke jongens!

Zeg Nou, jongens, kom maar help op met eens die vragen, even, ik dat moet lossen voor we school wel even 50 mensen op!!! enquêteren. Zeg jongens, help me eens even, ik moet voor school 50 mensen enquêteren.