Samenvatting Kleding en Sport DEF



Vergelijkbare documenten
Samenvatting Kleding en Sport

Leergebied: Zuid Nederland. Constructies. De mens draagt al meer dan 5000 jaar iets om zijn lichaam. Zo blijft het lichaam warm!

c. Waarom is het slecht voor het milieu om textiel weg te gooien bij het restafval?

Leesboekje de kleding

inhoud 1. Textiel? Wat is dat? 2. Weven met papier 3. Stoffen van textiel 4. Wol 5, Zijde 6. Katoen 7. Linnen 8. Filmpje Pluskaarten

MODEBOEK MARIE SERMSRI

Werkstuk gemaakt door Naomi Buur!

Textiel. Materialen HKU. Materialen. Materialen Vandaag: Textiel

Mode. Inhoud. 1. mode van nu. 1. mode van nu. 2. mode van vroeger 3. modeontwerpers 4. allerlei soorten mode 5. dames heren en kindermode

Werkstuk Levensbeschouwing Schoonheid en uiterlijk

Docent: Judith van der Veen

Kijk eens goed naar de trui.

Lesbrief: Grote wasjes, kleine wasjes Thema: Hoe kom ik daar?

Hoe wordt een t-shirt gemaakt?

een zee Sparta Sparta is een stad in Griekenland. Rond 600 voor Christus waren de steden in

6,7. Werkstuk door een scholier 2021 woorden 11 juni keer beoordeeld. De Olympische spelen

Werkstuk Geschiedenis Kelten

Brei ze! Breien voor groot en klein. Marja de Haan

De stoffenmarkt. Uiteindelijk zijn stoffen de motor voor verandering in de mode

Voordat we een kraag gaan tekenen zijn de volgende punten van belang:

Nodig: 1 bol Zpagetti van ten minste 850 gram Haaknaald maat 10 Breinaalden maat 10 Schaar

1. Verlagen halslijn:

Spreekbeurten.info Spreekbeurten en Werkstukken

Tekst gekleurd in roze = opmerkingen/bedenkingen van de vertaler (niet uit het originele patroon)

speelkaart grondstoffen

Londen 2012! Meer dan 2000 jaar geleden. Gerwin De Decker. Grieken hun goden vereerden. De enige. bewoners waren priesters, die de

De Blauwe Bednet Poes

Er bestaat al heel lang mode, zelfs al bij de holbewoners. In de tijd van de Romeinen bouwden ze alle huize en

Project Prehistorie, Grieken en Romeinen ABC

5,7. Werkstuk door een scholier 2404 woorden 24 oktober keer beoordeeld

Uit LandIdee 03 juni-juli Gehaakt en gebreid alles van raffia

brei een mutsje voor het goede doel 10 jaar samen breien

Ondergoed onderzoek Persoonlijke vragen

Afval the Game Textiel

Stadsenquête Leiden 2005

textielkennis natuurlijke grondstoffen

eenvoudiger dan je denkt

GODS GEZIN. Studielessen voor 4-7 jarigen

-Samen op zoek naar bewegen-

herkennen - gebruik - eigenschappen - informatie over wol en wolbewerking

de jas de trui de broek de sokken de jurk

Patroon Sterren Steek Klein

Romeinse kleding. Mannenkleding. de tunica

Werkstuk LO Sport en Samenleving

Spreekbeurt informatie over de gymschoen

HOOFDZAAK Het hoofd is het meest individuele deel van het menselijk lichaam. Het wordt soms letterlijk bekroond door een krans of diadeem van edelmeta

Thema kleding, voor de docent.

Buurman & Buurman, Pat & Mat Basiskleding Haak- & breipatroon

Extra: Waarom hebben mensen paarden

afgeven de kleur gaat in de Dit rode overhemd moet je apart wassen, want het g a. andere kleren zitten

Onderhoudstips- en symbolen

Patroon Sterren steek tas Groot

Beschrijving pak Mario(rood)/Luigi(groen)

Sportdeelname volwassenen 2012

Auditieve oefeningen thema kleding

Collectie van de werkgroep Kleding

Werkstuk Geschiedenis Tassen

Patroon Een bijzonder mooie tas

Theatertijd. Dit was de theatertijd van groep 6b,

Antwoordkaart Denkopdrachten.

De sok zoals die in York werd opgegraven

Door Nel Bakker, Lioessens(links vooraan witte T-Shirt)

PASHMINA & CASHMERE TIJDLOOS, MODIEUS & LUXUEUS DE ULTIEME MODE ACCESSOIRE

Examenopgaven VMBO-BB 2004

Hoe maak ik een Spreekbeurt?

1, Kleding na 3 weken

Stylingtips BIJ LYMFOEDEEM EN LIPOEDEEM PETRA VLECKEN

4,5. Spreekbeurt door een scholier 1460 woorden 8 juni keer beoordeeld. Inleiding

> Inhoud. Colofon. ISBN Copyright 2014 Uitgeverij Edu Actief b.v. Derde druk/eerste oplage

Mijn kledinggebruik. Succes! Dit gedeelte gaat over het kopen van kleding.

inleiding Voor u ligt het onderzoek naar het kleedgedrag van de moderne carrière

Tekst gekleurd in roze = opmerkingen/bedenkingen van de vertaler (niet uit het originele patroon)

ik deel daar wordt iedereen beter van kledij

mooi Tijdloos Libelle Balance

Telefoonhoesje. Patroon 1 Patroon 2 Patroon voor zelfhechtende voering

Mooie muts! gemeente Kampen

BIJLAGE 1 BEELD met toelichting BOEREN IN DE IJZERTIJD

Cursushuishoudelijkehulp.nl. Handleiding. Wassen, drogen en strijken. Handleiding - Wassen, drogen en strijken 1

Werkstuk LO Atletiek. Werkstuk door een scholier 1639 woorden 14 april keer beoordeeld

Verzwaringsknuffel: hond. Brenda de Vliegher

Amerika. Inleiding. Inhoud. Geschiedenis

Leeftijden 1. Spreek iemand die jonger dan 25 jaar is en vul op je formulier de volgende gegevens in:

SCHUBI FOTODIDAC fotoseries voldoen aan hoge eisen met betrekking tot motief en beeldkwaliteit.

Modetrends van vroeger tot nu:

Low budget met kleding

Wat een vreemde bromfiets!

Inkijkexemplaar INLEIDING. zelfbeeld. Leskatern 1

WERKBOEK VOOR DE DALTON-VERSIE. Dit werkboek is van:. Ik zit in groep:.

Werkstuk wizard Hulpvragen

Samenvatting Aardrijkskunde hoofdstuk 1 paragraaf 2,3,4,7,8

ALLES OVER KLEDING & WASSEN

Cosplay workshop. Stoffen

Transcriptie:

Samenvatting Kleding en Sport DEF Week 1: Sport Info: Sport Als je sport, dan gebruik je CLUKS: coördinatie, lenigheid, uithoudingsvermogen, kracht en snelheid. Een uitzondering vormen de denksporten, je bent dan geestelijk bezig. Sporten doe je individueel of in teamverband. Het doel van sporten is om van de tegenstander te winnen. Elke sport kent spelregels waar alle spelers zich aan moeten houden. Anders is er geen eerlijke wedstrijd mogelijk. Wie zich niet aan de regels houdt, krijgt straf. Een recreatiesporter sport voor zijn plezier. Topsporters moeten veel talent en een goede mentaliteit hebben. Topsporters trainen jarenlang keihard en ze moeten goed voor hun lichaam zorgen. Als topsport je werk is, ben je beroepssporter. Elke vier jaar worden de Olympische Spelen (OS) georganiseerd. Er zijn zomer- en winterspelen. Het organiseren van de OS kost een land veel geld. Alle stadions moeten bijvoorbeeld gebouwd of verbouwd worden en hotels voor de sporters. Meedoen is belangrijker dan winnen, is de Olympische gedachte. Het is voor sporters een grote eer om voor hun land uit te mogen komen. Een klein land kan door de OS erg bekend worden. Alleen EF: De eerste Antieke Olympische Spelen werden 776 voor Christus gehouden. De godsdienst kwam op de eerste plaats bij deze Spelen en duurden vijf dagen. Er werden offers gebracht aan goden en processies gelopen. Het was ook een ontmoetingsplaats. Er werd ook gesport, zoals de lange sprint. Later kwam de vijfkamp er bij. Alleen F: Voordelen van sporten zijn: zorgt voor ontspanning en is goed voor je gezondheid. Nadelen zijn: je kunt geblesseerd of gewond raken. Of er gebeurt een ernstig ongeluk. Fanatisme is ook een lelijke kant van sport. Fans, sporters, trainers of zelfs regeringen kunnen fanatiek en onsportief zijn. Extra Info: Allerlei sporten Er zijn veel verschillende soorten sporten: - Atletiek is de oudste sport (de moeder alle sporten ), bijvoorbeeld hardlopen en verspringen. - Balsporten kun je verdelen in doelspelen (bijvoorbeeld voetbal en hockey) en andere balsporten (bijvoorbeeld golf en honkbal). - Behendigheidssport: je moet heel precies zijn. Bijvoorbeeld darten en snooker. - Danssport, bijvoorbeeld stijldansen en breakdance. - Denksport, bijvoorbeeld schaken en dammen. - Krachtsport, bijvoorbeeld armdrukken en touwtrekken. - Luchtsport, bijvoorbeeld vliegeren en ballonvaren. - Motorsport, bijvoorbeeld autosport en karting. - Paardensport, bijvoorbeeld paardenrennen en dressuur. - Vechtsport, bijvoorbeeld judo en karate. - Wandelsport, bijvoorbeeld snelwandelen en nordic walking. - Watersport, bijvoorbeeld zwemmen en zeilen. - Wielersport, bijvoorbeeld wielrennen en veldrijden. - Wintersport, bijvoorbeeld skiën en schaatsen.

Week 2: Welke kleren dragen we? Info: Welke kleren? Mode wordt bedacht door modeontwerpers. Elke winter en zomer bedenken ze nieuwe collectie kleding. Met kleren kun je laten zien wie je bent of wilt zijn. Kleding wordt ook gebruikt om mensen van elkaar te laten onderscheiden. Je kunt aan kleding zien tot welke groep iemand behoort, bijvoorbeeld gabbers, kakkers en gothics. Sommige geloofsgroepen hebben ook regels voor kleding. Denk aan hoofddoekjes en kleding voor monniken. Veel kleding heeft een functie. Kleding kan je beschermen tegen regen, vuil, zon of kou. Er is ook sportkleding. Voor elke sport heb je speciale kleding en vaak gelden er ook regels voor schoeisel. Soms beschermt deze kleding je, zoals een cap op je hoofd. Met een strak pak aan, ga je sneller als je schaatst, zwemt of hardloopt. Voor een beroep heb je soms beschermde kleding aan, zoals brandweerkleding. Veel beroepen kennen een uniform, zoals soldaten en piloten. Extra Info: Nog mooier? Als je je hebt aangekleed kun je nog leuker maken met accessoires, zoals sjaals, handschoenen, beenwarmers, riemen, tassen en petten. Kettingen, ringen, armbanden en horloges zijn sieraden. Een ring geven mensen soms aan elkaar, omdat ze bij elkaar willen horen. Sommige mensen hebben piercings en tatoeages. Een bril draag je, omdat je die nodig hebt. Maar een bril kan ook een accessoire zijn. Je haar is gezichtsbepalend en kun je op allerlei manieren knippen, kleuren en vormen. Make-up wordt vooral door vrouwen gebruikt, vooral om er beter, jonger of minder moe uit te zien. Jonge meisjes proberen met make-up er juist ouder uit te zien. Mensen gebruiken ook parfums en deodorants om zichzelf aantrekkelijker te maken. Het geld dat uitgegeven wordt voor kleren, accessoires, sieraden, geurtjes en brillen varieert enorm. De prijs die je voor iets betaalt, heeft o.a. te maken met het materiaal waarvan het gemaakt is. Alleen F: Tatoeages zijn een vorm van versiering waarbij inkt onder de opperhuid wordt gespoten met een naald. Een tatoeage kun je alleen met lasertechnieken verwijderen. Mensen laten nu vaak een tatoeage zetten, omdat ze het mooi vinden of om te laten zien tot welke groep ze behoren. Soms krijgen ze er later spijt van.

Week 3: Waar wordt kleding van gemaakt? Info: Waar wordt kleding van gemaakt? Kleding wordt gemaakt van bijvoorbeeld katoen of wol, dat zijn natuurlijke stoffen. Meestal komt wol van schapen, maar ook konijnen, geiten, paarden, jaks en alpaca s worden gehouden om hun wol. Er zijn veel verschillende schapen en iedere soort levert zijn eigen soort wol, zoals angora, mohair en kasjmier. Wol houdt de kou goed tegen en kan veel vocht opnemen zonder nat aan te voelen. Wol wordt vooral gebruikt voor kleding, tapijt, dekens en als isolatiemateriaal. Katoen komt van de katoenplant. De pluizenbollen worden nu meestal met machines geoogst. Vroeger moesten die met de hand geplukt worden. Om katoenplanten te laten groeien is veel kunstmest nodig en worden veel bestrijdingsmiddelen gebruikt. Dat is slecht voor het milieu. Kunststoffen lijken op natuurlijke stoffen, maar worden in fabrieken gemaakt. De belangrijkste grondstoffen zijn steenkool en aardolie. Voorbeelden van kunststoffen zijn: nylon, viscose, polyester en polyamide. Meestal draagt kleding van natuurlijke materialen prettiger. Deze kleding ademt beter en neemt beter vocht op dan kleding van kunststoffen. Kleding van kunststoffen is meestal goedkoper. Soms wordt er elastiek mee geweven in de stof, dat is elasthan. Er worden steeds meer kunststoffen gemaakt die goede eigenschappen hebben. In elk kledingstuk zit aan de binnenkant een etiket. Daarop staat het wasvoorschrift en van welk materiaal de kleding is gemaakt. Alleen F: In het zuiden van de Verenigde Staten werd veel katoen verbouwd. Landeigenaren hadden veel land waar slaven werkten. De winst van de katoen verdween in de zakken van de landeigenaren. Extra Info: Andere grondstoffen Hennep en vlas zijn planten. Van hennep wordt canvas gemaakt. Dat is een sterke stof voor bijvoorbeeld tenten en zeilen. Van vlas wordt linnen gemaakt. Een nadeel van linnen is dat het snel kreukt. Leer is meestal gemaakt van koeien- of varkenshuiden. Alleen EF: In Nederland is leer van beschermde dieren verboden, maar dat is niet overal zo. Er kan veel geld mee verdiend worden. Bont is ook huid van dieren, maar dan met vacht. Echt bont is warm en isoleert heel goed. Veel mensen zijn tegen het gebruik van bont. Rubber wordt gemaakt uit latex, dat als sap uit de rubberboom komt. Regenlaarzen worden van rubber gemaakt. Fair Trade betekent: eerlijke handel. Fair Trade kleding is niet gemaakt door kinderen. Ook volwassen mensen worden in Fair Trade fabrieken goed behandeld. Alleen F: De keuze voor het materiaal hangt af van het doel waar de kleding voor gebruikt wordt. Ontwerpers en merken houden rekening met de wensen en de keuzes van hun publiek. Dan wordt er iets gemaakt wat bij dat publiek past.

Week 4: In de mode Info: Hoe wordt kleding gemaakt? 1. Het maken van kleding begint met het maken van grote lappen stof. Een lap stof wordt gemaakt van natuurlijke vezels of kunststofvezels. Met de draden wordt een lap stof (textiel) geweven of gebreid. 2. De stoffen worden bewerkt: geverfd, gebleekt en krimpvrij of brandwerend gemaakt. 3. Het ontwerp en model van kleding is heel belangrijk. Modeontwerpers tekenen een model. Hiervan wordt een patroon gemaakt. Met het patroon wordt een proefmodel gemaakt. Als het proefmodel goed is, gaat de fabriek de kleding maken. 4. Het patroon wordt dan uit stof gesneden. 5. Met een naaimachine worden de losse delen in elkaar genaaid. Ook komen er fournituren (extra versieringen of knopen) op de kleding. Veel fabrieken staan in arme landen, daar zijn de lonen laag. 6. Als de kleding klaar is, wordt het gestreken of gestoomd. Finishen (afwerken) noem je dat. Dan wordt de kleding verpakt in kartonnen dozen of opgehangen aan een kledinghanger. 7. Dan gaat de kleding op transport. Die wordt vervoerd met zeeschepen of vrachtwagens. De kleding wordt daarna verkocht in de winkels. 8. Als je kleding nog goed is, maar het is te klein of uit de mode, kun je de kleding inleveren. Het wordt dan tweedehands kleding voor anderen. Extra Info: Technieken Voor het maken van stof worden verschillende technieken gebruikt. Je kunt draden weven, breien en haken. Weven doe je met draden op een weefgetouw. Met twee breinaalden en een bolletje wol kun je breien. De dikte van de breinaald en de wol bepaalt hoe grof of fijn de breilap wordt. Er zijn ook breimachines. Met een haaknaald en een bolletje wol kun je haken. Haken is altijd handwerk. Met een naald en een draad kun je naaien. Kleding maken gaat sneller met de naaimachine. Kleding en schoenen kun je ook verbinden met sterke lijm. De lijm moet sterk, flexibel en wasbestendig zijn. Bij patchwork worden lapjes stof aan elkaar genaaid. De lapjes hebben vaak verschillende kleuren, vormen en patronen.

Week 5: Kleding uit andere landen en andere tijden Info: Hoe zag kleding er vroeger uit? In de prehistorie werden gedode dieren opgegeten en de dierenhuiden werden gebruikt als kleding. De kleding beschermde de mensen tegen regen en kou. In de Romeinse tijd hebben mensen stoffen uitgevonden. Men kende maar twee kledingstukken: een soort kleed en een mantel. De kledingstukken werden op verschillende manieren gedragen. Aan de kleding kon je zien hoe rijk iemand was. In de middeleeuwen trokken de mensen eerst een onderhemd aan. Daarover een onderkleed met lange mouwen. De bovenste laag was een versierd overkleed. De kleding werd met een koord om het lichaam geknoopt. Later was de kleding bij vrouwen boven strak en steeds wijder naar onderen. De mannen droegen korte jasjes en een broek die leek op een maillot. In de Gouden Eeuw werden er dure stoffen gebruikt, zoals zijde, fluweel en brokaat. De kleding werd wijder. Vaak droegen de mensen een grote kraag om hun hals. Hoe mooier de kraag, hoe rijker je was. De Franse Tijd wordt ook wel de Pruikentijd genoemd. De heupen van de vrouwen moesten breed lijken door hun kleding. Mannen droegen een driedelig pak met een kniebroek. De kleding had veel versiersels en de schoenen hadden hakken. Er werd ook veel make-up gebruikt. Nieuw was de aparte mode voor kinderen. Extra Info: De Moderne Geschiedenis In de negentiende eeuw ging het maken van kleding door de uitvinding van de naaimachine steeds sneller. Hierdoor kwam er confectiekleding: kleding die in grote hoeveelheden tegelijk werd gemaakt. De kleding was eenvoudig, dus geen blingbling meer. En er was voor het eerst een modeshow. Begin twintigste eeuw was er vooral vrouwenmode. Vrouwen droegen een korset. Tijdens en na de Eerste Wereldoorlog droegen arbeiders een pet en rijkere mannen een hoed. Na die oorlog kwam het mantelpakje voor de vrouwen. Kleding die voor mannen en vrouwen hetzelfde is, noem je unisekskleding. Tijdens de Tweede Wereldoorlog was de kleding op de bon. Je moest zuinig zijn op je kleding. Vanaf 1960 gaan steeds meer vrouwen broeken dragen. De spijkerbroek wordt sindsdien door veel mannen en vrouwen gedragen. De mode wordt bepaald door modeontwerpers en modebladen, maar ook door popsterren en filmsterren. In onze tijd draag je vaak wat je zelf leuk vindt.