Voetscreeningsprotocol Isala Klinieken



Vergelijkbare documenten
INHOUDSOPGAVE. Wanneer moet je starten met voetcontrole bij kinderen en tieners met DM? 4. Voetverzorgingsadviezen voor kinderen en tieners met DM 5

Vroegtijdig signaleren van de risico s van de DM-voet

Anamnese/screeningsformulier DM

WCS congres Wondzorg verbindt. De diabetische voet

Sterrencursus Diabetes Mellitus type 2

Eerstelijns ketenzorg Diabetes Mellitus type 2. Instructie voetonderzoek

Dm voet. 21 november 2012 Mini-symposium DM


Richtlijn diabetische voetwond

De voet snel en effectief ter hand genomen, alles draait om de Simm s classificatie. Gelijk maar een vraag! Simm s Klasse 0.

Protocol voetonderzoek bij diabetes mellitus

Wondherkenning. valkuilen in de dagelijkse pedicure praktijk. René Ottens diabetespodotherapeut

De diabetische voet Wat is het en hoe ontstaat het?

Voetcontrole bij de patiënt met diabetes mellitus uitgelicht

VOETZORGEN. Woensdag 15 april Jan van Herpen, kaderhuisarts DM2 Marlies Dennemann, podotherapeute René Ottens, podotherapeut

ENDOCRINOZOL Voetonderzoek en voetzorg: praktische aspecten

Ketenzorg DM2 voetzorg. Instructie voetscreening in de huisartsenpraktijk

Congres Revalidatie 2016 Bas Meijer, podotherapeut

Voetonderzoek bij mensen met Diabetes Mellitus

Chirurgie/Vaatcentrum Diabetische voeten poli

Diabetische voet. Ellie Lenselink Wond consulent. Inhoud

Protocol DM Voetonderzoek Huisartsenpraktijk 2018

Workshop Neuropathie Wat gaan we vandaag bespreken. Neuropathie. Inleiding. Neuropathie. Brandende voeten. Neuropathie Angiopathie

De diabetische voet; chirurgische aspecten

03/07/ minuten De voetscreening bij kinderen met diabetes: Praktische sessie met evt. Zelf oefenen. 30 minuten Beoordelen van schoenen

3.3. Behandeling arteriële insufficiëntie

Weet wat u doet bij de diabetische voet!

Het is van belang uitleg aan de patiënt te geven waarbij een voetverzorgings- en schoenadvies niet mag ontbreken.

Orthopedie. Voorvoet operatie. Hallux valgus (1) Hallux rigidus (2) Hamerteen (3), Klauwteen (4)

Diabetische voet. V. Oostendorp- Cornelissen Wondconsulent, Amphia ziekenhuis, Breda WCS Diabetische voet

Toetsstation. Voetonderzoek bij diabetes mellitus

Preventie diabetische voetulcera Jaar 2015

Regionale Richtlijn Diabetische Voet Juni 2010

Weet wat u doet bij pijn aan uw voet

Adviezen bij een diabetisch voetprobleem

Weet wat u doet bij de diabetische voet

Voetzorg bij diabetes

Weet wat u doet bij de diabetische voet

Algemeen Doorverwijzing Verwijzing naar internist en overige specialisten Contracten pedicures en podotherapeuten...

Casuistieken: Huisartsen

Orthopedie. Hallux valgus en Hallux rigidus

Weet wat u doet bij de diabetische voet

Preventie diabetische voetulcera Jaar 2017

Diabetische voet. Inleiding. Dr. J.R. Mekkes

Diabetische voetpoli. Poli Chirurgie

Diabetische voetpoli. Poli Chirurgie

Weet wat u doet bij pijn aan uw voet

Bij deze vraag zijn drie antwoorden gegeven. Slechts één van deze antwoorden is het beste. In dit geval antwoord a.

Wie werken er op de voetenpoli?

Monofilament 10 g Het monofilament is een soepele draad in kunststof, die gemonteerd is op een houder.

De diabetische voet en de Simm s classificatie

Adviezen bij een diabetisch voetprobleem

ANAMNESEFORMULIER VOETVERZORGING

Simms classificatie, voetverzorging en vergoedingen. Hoe geven we de juiste voet zorg/ voetzorg!

Ulcus van de onderste extremiteit. V.N.Chigharoe aios chirurgie

Diabetische voetzorg

Diabetische Voetulcus. Ingrid Hulst, Ma-ANP/RVS Vaatchirurgie/ diabetische voet

Standsafwijkingen van de kleine tenen (2e t/m 5e teen)

Naar lokale podotherapeut. De voet bij DM Type 2: Wanneer naar de lokale podotherapeut en wanneer naar het voetenteam? Naar het voetenteam

H Wondzorgboek

Weet wat u doet bij pijn aan uw voet

Schoenadvies bij diabetes mellitus

Decubitus, diabetes voetulcus of

Steunzolen en schoenaanpassingen

Consensus in de Sims classificatie

diabetes mellitus en voetverzorging door afdeling Revalidatie

Huid. Huidaandoeningen. Huidaandoeningen. Huidaandoeningen Schilfering bij artritis psoriatica. Huid en nagels erg gevoelig

diabetes mellitus en voetverzorging

Risico factoren voor hart- en vaatziekten(1)

DIABETISCHE VOET VOETENSPREEKUUR GIPSKAMER

Voetafwijkingen bij diabetes mellitus Diabetische voet

Orthopedie. Pijnlijke voorvoet. Afdeling: Onderwerp:

diabetes centrum Diabetes en voeten Een persoonlijk advies

De diabetische voet. Benoot Cynthia

Wat zien we hier? JE VOETEN IN DE WATTEN GELEGD DIABETISCH VOET. 1) Fysiopathologie. Complicaties van diabetes die leiden tot voetulcus:

In dit document vind je informatie over de proeve van bekwaamheid medisch pedicure, eerst de risicovoet, dan de technieken.

DiHAG-statement voetzorg. Inleiding

Toetstermendocument Voetverzorging bij reumapatiënten

Diabetische voetenpoli in het St. Anna Ziekenhuis

diabetische voet fysiopathologisch nadenken: behandeling - preventie

Hielspoor /Fasciitis plantaris

Orthopedische ingrepen voor diabetische voetproblematiek

DIABETISCHE VOET GIPSKAMER

Diabetische voet. Inleiding. Prof. dr. W.R. Faber. De richtlijn dateert uit 2006.

De diabetische. voet 27/02/2018. voet in cijfers. Wat mag je verwachten? Een samenwerking tussen thuiszorg en de multidisciplinaire voetkliniek

Diabetische voet. Folder: 1405 Dit is een uitgave van het Flevoziekenhuis Diabetescentrum Almere Januari

Ulcus Cruris de ins & outs. Corien Dekkers MANP Verpleegkundig Specialist

De problemen van een neuropatische voet

LMN Zuid-West-Vlaanderen 1

Oorzaken van voetwonden Wat kunt u zelf doen?

Voetzorg is hoofdzaak

Perifeer Arterieel Vaatlijden en het Aneurysma Aortae Abd.

Voetzorg bij diabetes mellitus: Wat kunt u zelf doen?!

Samenwerken in de voetzorg. Samenwerken in de voetzorg. Hoe groot is het probleem? DOK h Stichting Deskundigheidsbevordering. Programma

Diabetisch voetenspreekuur

VAATLIJDEN IN DE PEDICUREPRAKTIJK

Transcriptie:

Ponsplaatje Voetscreeningsprotocol Isala Klinieken Arts: DV:. Invullen: noteer Ja of Nee in de hokjes Datum Anamnese Rechts Links Rechts Links Rechts Links 1. voorgeschiedenis: ulcus of amputatie 2. claudicatio intermittens klachten 3. klachten van krampende pijn in de kuiten bij platliggen die afneemt indien de benen afhangen Inspectie Rechts Links Rechts Links Rechts Links 4. Huiddefect en/of tekenen van ontsteking 5. Tekenen van autonome neuropathie (uitgezette venen, warme voeten, droge huid met fissuren) 6. lokale eeltvorming, te veel eelt of een likdoorn 7. Vormafwijkingen a. holvoet(en), b. klauwtenen en/of hamertenen c. platvoet(en) d. hallux valgus/rigidus 8. uitstekende botdelen en/of drukplekken Palpatie Rechts Links Rechts Links Rechts Links 9. temperatuursverschil rechts vs links (noteren koud/warm) 10. slechte pulsaties rechts of links ATP ADP Tests Rechts Links Rechts Links Rechts Links 11. stoornissen sensibele neuropathie: monofilament niet te voelen 12. stoornissen diepere gevoel: 13. Limited Joint Mobility Datum Opmerkingen

- Indien er een huiddefect is volg dan beslisboom 1 - Indien op één van bovenstaande vragen ja geantwoord is of sensibele stoornissen aanwezig zijn volg dan beslisboom 2 - Indien u op alle vragen nee geantwoord heeft hebben we te maken met een gezonde voet en moet de voet na 1 jaar opnieuw gescreend worden. Beslisboom 1. Ulcera bij diabetes mellitus

Definities behorende bij beslisboom 1 Met spoed verwijzen naar de podotherapeut = direct bellen met spoedtelefoon podotherapeut voor overleg Met enige spoed verwijzen naar de podotherapeut = een bezoek binnen 1 week aan de podotherapeut. Ondiep ulcus: Ulcus zonder prenetratie in de subcutis (tot en met 1 schaal in Wagner-classificatie): Graad 0: Er is een intacte huid. Er kunnen bepaalde vormafwijkingen(deformaties) aanwezig zijn, die duiden op het bestaan van (neuropathische ) complicaties. Bv: klauwtenen, holle voet, ingezakte voet, hallux valgus. Graad 1: Oppervlakkige wond van de huid. Diep ulcus: Ulcus met penetratie in subcutaan weefsel, pezen, bot of gewrichtskapsel (2 en hoger in de Wagner-classificatie): Graad 2: De wond breidt zich uit tot op het bot, in de pees, of in het gewricht. Deze wonden zijn veel dieper dan eerste graad wonden. Graad 3: De wond breidt zich uit in de diepte. Er is tevens sprake van osteomyelitis (beenmerg ontsteking) of abces (ophoping van dood weefsel en bacteriën) of infecties van pees of peesschede. Graad 4: Gangreen (zwarte verkleuring = necrose = afstervend weefsel) is aanwezig in enkele delen van de tenen of de voorvoet. Er kan tevens een ontsteking van de huid aanwezig zijn. Het gangreen kan droog of nat (= geïnfecteerd) zijn. Graad 5: Gangreen van de hele voorvoet of een groot gedeelte van de voet. Niet-geinfecteerd ulcus: Ulcus waarbij er geen sprake is van besmetting van micro-organismen en waarbij er geen lokale ontstekingsreactie aanwezig is. Kenmerken hiervan zijn: - roze of witte wondranden - geen uitstraling naar omgeving Geinfecteerd ulcus: Een ulcus waarbij ziekteverwekkende parasieten, schimmels, bacterien of virussen een lokale ontsteking veroorzaken. Kenmerken hiervan zijn: - zwelling - roodheid / vurig aanzicht (met uitstraling naar omgeving) - pijnlijk kloppend gevoel (met uitzondering bij aanwezigheid van neuropathie) - glanzende huid - soms vocht-excudatie uit wond

Beslisboom 2. Risicovoet

Vormafwijkingen Alle vorm- en standsafwijkingen van de voeten kunnen bij patiënten met diabetes leiden tot voetcomplicaties. Sommige voetvormafwijkingen komen bij patienten met neuropathie voor door uitval van de voetspiertjes. Klauwstand van een teen Holvoet Hamerstand van een teen Platvoeten Hallux abducto-valgus

Exostose-vorming Drukplekken Ontstaan ten gevolge van verhoogde loodrechte/verticale krachten geconcentreerd op 1 locatie. Vaak zichtbaar door rode /vurige huid ter plaatse van de drukplek, vaak gevolgd door: - callus (eelt) en clavus (likdoorn) - bursa/bursititis - ulcus (bv:decubitus) Locaties: - Bal van de voet - PIP - DIP - Apex digiti - Mediale zijde MTP I - Laterale zijde MTP V - Hiel Eelt (callus) Ontstaat door abnormale versnelde vorming van huidcellen op plaatsen waar mechanische stress (verhoogde druk en wrijving) aanwezig is. Locaties: - Bal van de voet - PIP - DIP - Apex digiti - Mediale zijde MTP I - Laterale zijde MTP V - Hiel Likdoorn (clavus) Als gevolg van aanhoudende druk op 1 plek geconcentreerd (stadium verder dan callus). Locaties: - Idem aan eelt/ callus.

Limited Joint Mobility (LJM) LJM is een syndroom, dat wil zeggen dat er meer dan één klacht is. Zodra er sprake is van LJM, zullen alle gewrichten min of meer een verstijving vertonen. Het zijn niet alleen de voet- en teengewrichten, maar ook de handen en vingers en later de schouder, heup en alle andere gewrichten, die moeilijk gaan bewegen. Dit maakt wel, dat er een eenvoudige test is, die aangeeft of er sprake kan zijn van LJM. Prayer s Sign De patiënt vouwt de handen in de bidstand tegen elkaar, waarbij de handen en de vingers elkaar raken. De onderarmen worden ten opzichte van de handen in een hoek van 90 graden gehouden (zie foto 1). Indien er een opening ontstaat tussen beide pinken kan dit wijzen op LJM (zie foto 2). Hoe meer gewrichten elkaar niet raken en hoe meer ruimte tussen de beide handen ontstaat, des te ernstiger de LJM. Foto 1 Foto 2 Beperkingen van de test zijn aandoeningen die ook een afwijkende Prayer s Sign geven: - gebroken pink in de voorgeschiedenis - reumatische aandoeningen - ziekte van Dupuytren (verschrompeling van de peesschede van de 4 e en/of 5 e vinger)

Onderzoek van de sensibiliteit Dit kan het best getest worden met een monofilament van 10 gram (5.07 Semmes- Weinstein) 1. Het onderzoek dient plaats te vinden in een stille ruimte. Laat eerst de patiënt het monofilament voelen op de hand, zodat de patiënt weet wat hij/zij kan verwachten. 2. Laat de ogen sluiten van de patiënt, zodat hij/zij niet kan zien wanneer u het monofilament tegen de onderkant van de voeten plaatst. (zie figuur 1a). 3. Plaats het monofilament loodrecht op de huid (figuur 1b) en geef drukkracht zodat het filament buigt (figuur 1c). 4. De totale duur van het tegen de huid aanzetten, buigen er verwijderen moet ongeveer 2 seconden duren. 5. Het monofilament moet op een goed stuk huid geplaatst worden (niet op een plek met een huiddefect, niet op eelt, niet op littekenweefsel en niet op necrotisch weefsel) 6. Het monofilament mag niet langs de huid glijden of herhaald contact maken met de huid, maar moet op 1 plaats per keer de huid raken. 7. In totaal wordt per plek (in totaal 6) het monofilament 2 keer tegen de huid geplaatst en 1 keer wordt het filament niet tegen de huid geplaatst (een nepplaatsing). Iedere keer wordt aan de patiënt gevraagd of hij het filament voelt (ja/nee) en waar hij/zij dit voelt (links/rechts) 8. Het beschermend gevoel is aanwezig op de betreffende plek indien de patiënt van de 3 vragen er 2 goed heeft. Bij 2 of 3 foutieve antwoorden is het beschermend gevoel afwezig. Figuur 1a Figuur 1b Figuur 1c

Onderzoek van het diepere gevoel Dit kan het best getest worden met een stemvork van 128 Hz 1. Het onderzoek dient plaats te vinden in een stille ruimte. Plaats eerst de stemvork op de pols van de patiënt, zodat de patiënt weet wat hij/zij kan verwachten. 2. Laat de ogen sluiten van de patiënt, zodat hij/zij niet kan zien wanneer u de stemvork vibrerend of niet-vibrerend op de grote teen plaatst. 3. Sla de stemvork aan en plaats de stemvork loodrecht op het bot van de grote teen met een constante druk (figuur 2). 4. In totaal wordt per teen de stemvork in vibrerende toestand op de teen geplaatst en 1 keer wordt de stemvork wel op de teen geplaatst maar vibreert niet (een nepplaatsing). Iedere keer wordt aan de patiënt gevraagd of de trillingen voelt (ja/nee) en waar hij/zij dit voelt (links/rechts) 5. Het diepe gevoel is aanwezig in de betreffende voet indien de patiënt van de 3 vragen er 2 goed heeft. Bij 2 of 3 foutieve antwoorden is het diepere gevoel aangetast. Figuur 2.

Onderzoek Perifeer vaatlijden Anamnese Bij claudicatio intermittens (CI) krijgen de beenspieren, indien ze in actie zijn, onvoldoende zuurstof. Hierdoor treedt een verzuring op waardoor de spieren pijnlijk worden, met name de kuitspieren. Wanneer de patiënt rust is de doorbloeding weer voldoende en zal de pijn afzakken. De afstand die de patiënt kan lopen zegt over het algemeen iets over de mate van vernauwing van de arteriën in de benen. Bij een loopafstand van minder dan 150 meter door pijn dient overleg plaats te vinden met de internist. mogelijk Perifeer Vaatlijden op basis van anamnese 1. Moet u wel eens stoppen tijdens het lopen vanwege pijn in de kuiten? - Ja: neemt de pijn af als u gestopt bent met lopen? - Ja: na hoeveel meter lopen treedt de pijn op? - minder dan 500 meter: CI - meer dan 500 meter: geen CI 2. heeft u wel eens pijn in de kuiten of voeten als u in bed ligt? - Ja: wat doet u om de pijn te verlichten? Lichamelijk onderzoek - op de rand van het bed zitten met de benen naar beneden:ci - benen bewegen of een stukje lopen: neuropathie Palpatie van de arteria tibialis posterior ATP Palpatie van de arteria dordalis pedis ADP mogelijk Perifeer vaatlijden op basis van lichamelijk onderzoek 1. verschil in temperatuur tussen linker en rechter been/voet 2. afwezigheid beide perifere pulsaties (ATP en ADP) aan één been 3. Indien er aan één been geen pulsatie waarneembaar is die aan het andere been wel waarneembaar is (vb links een goede palpabele ATP en rechts niet)

Slechte schoenen - Slappe schoenen - Te kleine schoenen (minder dan 1 cm langer dan de grootste teen), - Te smalle voorvoet - Instappers - Te hoge hak (> 3 cm): hogere hakken geven een te grote belasting op de voorvoet - Te lage hak (< 2 cm): volledig platte schoenen geven een te grote belasting bij het afwikkelen van de voet Schoenvoorlichting Hieronder staan een aantal tips die mensen kunnen gebruiken als ze schoenen gaan kopen: - koop stevige schoenen, wijd en hoog in de voorvoet en goed sluitend om de hiel. Een veter- of klittebandsluiting over de wreef heeft de voorkeur. - koop nieuwe schoenen zo laat mogelijk op de dag. Voeten zwellen vaak op in de loop van de dag. De schoenen moeten dan ook nog passend zijn. - de hakhoogte mag 2-3 cm zijn. Volledig platte schoenen geven een te grote belasting bij het afwikkelen van de voet. Hogere hakken geven een te grote belasting op de voorvoet. - de schoen dient ongeveer 1 cm langer te zijn dan de grootste teen. Anders heeft de voet geen ruimte voor de normale afwikkeling tijdens het lopen. Let wel: 60% van de Nederlanders heeft een grotere 2e dan 1e teen! - Draag nieuwe schoenen niet direct de hele dag. Loop ze geleidelijk in en inspecteer in deze periode de voeten extra zorgvuldig.