Sport en accommodaties 1 Intensivering en optimalisatie gebruik sportaccommodaties Lars Hendriks (Gemeente Amsterdam) Het algemene beeld dat sportaccommodaties veel leeg staan is een doorn in het oog van de Amsterdamse gemeenteraad, want sportruimte in Amsterdam is schaars en Het traditionele gebruik van sportvelden door één sportvereniging is eigenlijk niet meer van deze tijd. De afdeling Sport zet daarom fors in om het gebruik van deze sportaccommodaties te intensiveren, onder andere door de aanstelling van drie intensiveringsmanagers. Eén van de intensiveringsmanagers vertelt hoe het team Intensivering & Acquisitie te werk gaat en welke trends er zijn om accommodaties beter gevuld te krijgen. Ook wordt aangestipt welke obstakels het team in- en extern moet nemen, en daarmee welke uitdagingen er nog liggen om intensivering mogelijk te maken en de Amsterdamse doelstellingen te bereiken. 2 De bewegende stad Inge Vos (Gemeente Groningen) en Lior Steinberg (Gemeente Groningen) De stad zo inrichten dat zij uitnodigt tot bewegen, waardoor bewegen een vanzelfsprekend onderdeel van het dagelijks leven wordt. Dat is het doel van de Bewegende Stad. Dit programma combineert expertise op het gebied van gedragsverandering, met expertise op het gebied van de ruimtelijke inrichting van de stad. In deze sessie wordt u in detail geïnformeerd over de Groningse aanpak en hoe zij sport en bewegen verbinden met de naderende Omgevingswet. 3 Meer balans in tarieven sport Utrecht Sandra Hanrath (Gemeente Utrecht) Het tarievenbeleid voor de sportaccommodaties in Utrecht is per augustus 2017 gewijzigd. In nauwe afstemming met de gebruikers is er meer balans gebracht tussen de tarieven voor binnensportaccommodaties en sportvelden. De veldsport is meer gaan betalen. De tarieven voor maatschappelijke sportaanbieders (geen verenigingen) zijn verlaagd, en daardoor is het laagdrempelig sportaanbod toegankelijker. Met een daluurtarief stimuleren we een efficiënter gebruik. Dit maakt het tarievenbeleid transparanter, rechtvaardiger en eenduidiger. De gemeenteraad is akkoord gegaan maar wil de komende jaren goed geïnformeerd blijven over de effecten van deze wijzigingen.
Sport en beweegstimulering 4 Sportief Almere Yvonne Wolff (Gemeente Almere) Sportief Almere is een initiatief van het sportbedrijf van gemeente Almere. Door de inwoners kennis te laten maken met sport- en cultuuractiviteiten worden zij gestimuleerd om meer te bewegen. Almere slaagt erin om én veel inwoners te bereiken én een groot aantal van hen daadwerkelijk bij sport betrokken te houden. Benieuwd naar hun aanpak? 5 Jongeren binden en behouden bij sport Robert de Jong (Gemeente Heerenveen) en Dorien Dijk (Kenniscentrum Sport) Op tienjarige leeftijd sport 80% van de Nederlandse kinderen wekelijks en zijn net zoveel kinderen aangesloten bij een sportclub. Als ze een paar jaar ouder zijn, stromen bij de meeste sporten veel jongeren uit. Ook blijkt het moeilijk te zijn om deze kinderen op latere leeftijd weer in beweging te krijgen. Waarom stoppen zoveel jongeren met sporten en wat kun je doen om dit te voorkomen en deze groep juist te binden en te behouden? Aan de hand van een prachtig project van gemeente Heerenveen - Sportgemeente van het jaar 2017 - wordt besproken hoe gemeenten kunnen bijdragen aan het voorkomen van uitval onder jongeren. 6 Multisport; een multiskills benadering voor een leven lang beweegplezier Dayenne l'abée (Kenniscentrum Sport) en Gerda op het Veld (NOC*NSF) Onderzoek toont aan dat een brede kennismaking met verschillende sporten bijdraagt aan een actieve leefstijl. Je leert de motorische en sociale vaardigheden die nodig zijn om in verschillende omgevingen (denk aan de sportvereniging, school en in de wijk) op verschillende momenten in je leven deel te nemen aan sport- en beweegactiviteiten. Tegenwoordig worden kinderen op steeds jongere leeftijd lid van een sportvereniging en is de trainingsfrequentie voor jeugd in veel sporten toegenomen. Het is de vraag of deze ontwikkeling gunstig is met het oog op het toewerken naar een actieve leefstijl op latere leeftijd. In het land ontstaan verschillende initiatieven, al dan niet commercieel, waar kinderen een meer brede motorische ontwikkeling geboden wordt. Wat is multisport en hoe past deze benadering in het huidige sportbeleid? Dayenne L'abée (Kenniscentrum Sport) en Gerda Op 't Veld nemen u mee in de ontwikkeling en wat dit kan betekenen voor gemeenten en sportverenigingen. 7 Verbeteren sport- en beweegaanbod voor mensen met een beperking Sam de Vor (NOC*NSF) Voor mensen met een beperking is het nog niet vanzelfsprekend om dicht bij huis passend sport- en beweegaanbod te vinden. De sport- en beweegdeelname blijft achter in vergelijking tot mensen zonder beperking. Veel partijen werken (regionaal) samen om gehandicaptensport naar een hoger plan te tillen en veel sportaanbieders hebben passend aanbod. Er is inzicht in de drijfveren en belemmeringen van mensen met een beperking als het gaat om sport en bewegen. Waar liggen dan nog mogelijkheden tot verbetering? Krijg in deze workshop meer inzicht in hoe jij een versnelling bijvoorbeeld in het afstemmen van vraag en aanbod van sport en bewegen voor mensen met een beperking - kunt aanbrengen in jouw gemeente of regio.
8 Hoe we volwassenen (weer) aan het sporten krijgen Geert Gurken (Sportbedrijf Arnhem) en Patrick Rijnbeek (Kenniscentrum Sport) Waarom is het zo verdraaid lastig de doelgroep 24- tot 44-jarigen structureel sportief te binden? Welke belemmeringen zijn er en waarom is het zo relevant juist in te zetten op deze leeftijdscategorie? Gemeenten focussen massaal op jeugd, ouderen en kwetsbare groepen. Jongvolwassenen en volwassenen zijn een vergeten groep. Van hen wordt verwacht dat ze hun zaakjes zelf regelen. Ook als het om sporten gaat. Een speciale werkgroep is ingesteld om hierin verandering te brengen. In deze sessie volgen de resultaten en handvatten voor beleid. Onderwerpen in categorie: Sport en economie 9 Effecten van lokale promotie van sport en bewegen Maaike van Meerten (NOC*NSF) Met veel enthousiasme worden ieder jaar samen met sportbonden, gemeenten en duizenden gastvrije sportclubs, diverse activiteiten en campagnes gevoerd om maar zoveel mogelijk mensen te stimuleren om te gaan sporten. De Nationale Sportweek en de AH sportactie zijn breed toegepaste voorbeelden van lokale promotie van sport en bewegen. Leuk al die aandacht, maar wat is er eigenlijk bekend over de daadwerkelijke effecten van deze lokale sportpromotie? In deze sessie krijgt u aan de hand van lokale voorbeelden antwoord op deze vraag en ontvangt u praktische tips hoe u de effecten in uw eigen gemeente kunt vergroten. 10 Vitaal Vechtdal - Een vliegwiel voor preventie Dieger ten Berge (Gemeente Ommen / Hardenberg) In het Vechtdal (Noord-Oost Overijssel) werken gemeenten, zorgverzekeraars, zorgverleners, onderwijs en werkgevers samen aan een vitale regio. Via de aanpak data, dialoog, doen & delen werken de partijen aan een vliegwiel voor preventie. Hoe ze dit ontwikkelen in het Vitaal Vechtdal wordt toegelicht door Dieger ten Berge. Met de deelnemers in de sessie gaat hij vervolgens in gesprek over de kansen die dit biedt in de rest van Nederland. 11 Vergroten van economische én maatschappelijke impact van (top)sportevenementen Peter-Jan Mol (Kenniscentrum Sport), John Wauben (Gemeente Valkenburg) en Lars Veldboom (Gemeente Utrecht) Welke kansen biedt het (mede) organiseren van een topsportevenement voor het creëren van economische en maatschappelijke impact? Met inzet van de ervaringen van de gemeenten Valkenburg (o.a. WK Cyclo-cross febr. 18) en Utrecht (o.a. EK Vrouwenvoetbal 17) delen experts van het Netwerk Kracht van Sportevenementen hun kennis met geïnteresseerden van kleinere en grotere gemeenten.
Sport en maatschappij 12 Maatschappelijke / economische meerwaarde sportvoorzieningen Michel de Boer (ICS adviseurs) In deze sessie gaan we in op de vraag op welke wijze de maatschappelijke meerwaarde van sportvoorzieningen is uit te drukken? Op welke wijze kunnen juist voorzieningen de vitaliteit van wijken, dorpen / steden bevorderen? Welke aspecten (los van de financiële, technische en planologische) horen daar bij? We presenteren in deze interactieve workshop een aantal concepten die hier aan bijdragen. Zo zijn we in Gelderland (samen met de Gelderse Sport Federatie) actief om in de combinatie van hardware (accommodatie, exploitatie) en hun kennis van de software (verenigingsleven) een méér volledigere aanpak te kunnen verzorgen die bijdraagt aan een vitale samenleving. 13 Versterken van de georganiseerde sport Hein Veerman (NOC*NSF) De maatschappelijke oriëntatie en ondernemendheid van sportclubs is al enkele jaren onderwerp van beleid. Veel gemeenten, sportbonden en NOC*NSF stimuleren en ondersteunen deze beweging. Zelfs in het recente regeerakkoord is de ontwikkeling van open sportclubs in wijken opgenomen als speerpunt. Maar wat zou nu de rol van de gemeente moeten zijn bij het vitaliseren van verenigingen en het ontwikkelen van Open Clubs? En wat is de rol en verantwoordelijkheid van de partners hierin? 14 Ongewenst gedrag in de sport Willie Westerhof (Kenniscentrum Sport) Seksuele intimidatie en misbruik in de sport komen vaak voor. Dat concludeert de commissie onder leiding van oud-minister Klaas de Vries die hier onderzoek naar deed. Gemeenten kunnen vrijwilligersorganisaties in de sport enorm helpen, zonder hun verantwoordelijkheid voor het tegengaan van seksueel wangedrag over te nemen. Ze kunnen professionele expertise aanbieden en periodiek lokaal overleg organiseren tussen vertegenwoordigers van verschillende verenigingen. Bovendien kunnen de gemeenten voorwaarden verbinden aan het verlenen van subsidies en aan het beschikbaar stellen van accommodaties. Het gaat per slot van rekening ook in de sport om de veiligheid van hun burgers. In deze sessie volgt een discussie over de rol van de gemeente en welke instrumenten zij zoal kunnen inzetten.
Integraal sport- en beweegbeleid 15 AKT-Almere Ronald de Voogd (Sportbedrijf Almere) De gemeente Almere stimuleert haar inwoners om hun beweeg- en (top)sporttalent verder te ontwikkelen. Daarmee wil de gemeente bijdragen aan een leven lang bewegen én de ontwikkeling van de topsport. Mensen die veel bewegen hebben meer energie, minder overgewicht en betere (school)prestaties. De gemeente Almere beschikt sinds dit jaar over een expertisecentrum op het gebied van sport en bewegen: het Almere Kenniscentrum Talent (AKT). Het AKT werkt aan een blijvende verbinding tussen coaches, vakdocenten bewegingsonderwijs, sportverenigingen en -bonden, regionale trainingscentra en (landelijke) onderwijs- en kennisinstellingen. Dit doet zij door kennis te ontwikkelen, verzamelen en te verspreiden. Het gezamenlijke doel is om kinderen en jongeren (4 18 jaar) te helpen bij het ontdekken en verder ontwikkelen van hun beweeg- en (top)sporttalenten, ieder op zijn eigen beweegniveau. 16 Sportvoorzieningen en sportdeelname Remco Hoekman (Mulier Instituut) Van de overheidsmiddelen besteed aan sport komt 90% van gemeenten, die van hun budget 85-90% besteden aan bouw, beheer en exploitatie van sportaccommodaties. In geld uitgedrukt zijn sportvoorzieningen verreweg het belangrijkste instrument dat wordt ingezet om de sportdeelname te verhogen. Maar als het gaat om onderzoek naar sportdeelname gaat de meeste aandacht uit naar de vraagkant, naar de sociaal-culturele en sociaal-economische achtergronden en de motieven van sporters en niet-sporters, en nauwelijks naar de aanbodskant. Het ontbreekt hierdoor aan een goede evidence-base voor effectief en doelmatig sportaccommodatiebeleid. De afgelopen jaren heeft Remco Hoekman onderzoek verricht naar de betekenis van sportvoorzieningen voor sportdeelname. In deze sessie deelt hij de verkregen inzichten en geeft hij zijn visie op een optimale inzet van sportvoorzieningen ter stimulering van de sportdeelname 17 Lokale monitoring sport en bewegen in Overbetuwe Remco Hoekman (Mulier Instituut) Om meer zicht en greep te krijgen op de effectiviteit van het sportbeleid in de gemeente Overbetuwe, heeft de gemeente allereerst een 0-meting door het Mulier Instituut laten uitvoeren met beschikbare landelijke en/of lokale data van het sportbeleid. Vervolgens is aan de hand van eigen beleidsdoelstellingen en diverse gesprekken met lokale partners een instrument ontwikkeld om in het vervolg de monitoring zelf ter hand te nemen.