Loonheffing les 4 programma Administratieve verplichtingen Loonstaat Aangifte doen Eindheffing Bijzondere regelingen 1 Administratieve verplichtingen Voor de werkgever/inh.pl. gelden een aantal verplichtingen. vaststellen identiteit werknemer (voor aanvang werkzaamheden); kopie identiteitsbewijs bewaren bij loonadministratie; werknemerverklaring n.a.w. etc. + wel/geen heffingskorting; aanleggen loonstaat; Anoniementarief Werknemer verstrekt gegevens niet anoniementarief toepassen, d.w.z. vaste LH-heffing van 52% + geen loonheffingskorting 2 Loonstaat 1 / 2 loonstaat 2014 kolom 1 kolom 2 kolom 3 kolom 4 kolom 5 kolom 6 kolom 7 kolom 8 kolom 9 kolom 10 Nummer inkomsten loon in loon in aftrek alle loon werkn. tijdvak verhouding geld natura fooien e.d. vervallen heffingen verzekering vervallen vervallen 1 00023 1.950,65 0,00 40,00 1.910,65 2 00023 1.950,65 0,00 40,00 1.910,65 3 00023 1.950,65 0,00 40,00 1.910,65 4 00023 1.950,65 0,00 40,00 1.910,65 5 00023 3.998,65 0,00 40,00 3.958,65 6 00023 1.950,65 0,00 40,00 1.910,65 7 00023 1.950,65 0,00 40,00 1.910,65 8 00023 2.880,00 0,00 110,00 2.770,00 9 00023 2.880,00 0,00 110,00 2.770,00 10 00023 2.880,00 0,00 155,00 2.725,00 11 00023 2.880,00 0,00 155,00 2.725,00 12 00023 2.880,00 0,00 155,00 2.725,00 13 00023 2.880,00 0,00 155,00 2.725,00 totaal 00023 32.982,55 0,00 0,00 1.120,00 31.862,55 3 1
Loonstaat 2 / 2 kolom 11 kolom 12 kolom 13 kolom 14 kolom 15 kolom 16 kolom 17 verrekende levensloop bijdrageloon loon voor ingehouden ingehouden Uitbetaald arbeidskorting verlofkorting vervallen Zvw vervallen LH/PH LH/PH bijdrage Zvw bedrag 3.958,65 4.265,44 1.387,12 306,79 2.540,88 121,07 0,00 3.290,00 3.544,97 1.090,00 254,97 1.680,00 115,61 0,00 3.290,00 3.544,97 1.090,69 254,97 1.679,31 115,81 0,00 3.245,00 3.496,48 1.068,38 251,48 1.701,62 116,30 0,00 3.036,75 3.272,09 1.061,23 235,34 1.708,77 116,53 0,00 2.571,30 2.770,57 1.046,76 199,27 1.723,24 117,00 0,00 2.571,30 2.770,57 1.046,76 199,27 1.723,24 117,00 0,00 33.426,90 36.017,41 10.552,74 2.590,51 21.275,26 1.545,74 0,00 4 Aangifte doen 1 / 2 De werkgever/inh.pl. heeft keuze uit maandelijks of eenmaal per vier weken aangifte doen. Voor bepaalde groepen werkgevers (bijv. KJregeling) gelden afwijkende regels. Een jaar telt 52 weken en een paar dagen. Bij gebruik van een vierwekelijks aangiftetijdvak wordt het eerste en/of laatste tijdvak verlengd. Verplicht elektronische aangifte indienen binnen 1 maand na afloop van het aangiftetijdvak en betalen! Te laat met de aangifte en/of de betaling boete. 5 Aangifte doen 2 / 2 Wie als inh.pl. bekend is, moet aangifte doen, ook als er over het tijdvak niets is aan te geven. Er moet dan een nihil-aangifte worden gedaan. De aangifte bestaat uit drie delen: de identificerende gegevens (wie is de afzender) de werknemersgegevens voor elke werknemer moet opgave worden gedaan van o.a. het loon, de inhoudingen en het aantal dagen werkn.verz. (SV-dagen) collectieve gegevens bevat o.a. totaalcijfers van loon, de inhoudingen, premies, premiekortingen, eindheffing, afdrachtverminderingen, werkgeversheffing Zvw en het te betalen bedrag. 6 2
Correctieberichten 1 / 2 Uitgangspunt bij het herstellen van fouten is: corrigeren in het desbetreffende aangiftetijdvak. Afhankelijk van moment ontdekken fout: De aangiftetermijn is nog niet verstreken: verbeterde aangifte insturen overschrijft vorige. De aangiftetermijn is inmiddels verstreken: fout in lopend kalenderjaar: met volgende of daarop volgende aangifte een correctiebericht meesturen. fout dateert uit een verstreken kalenderjaar: afzonderlijk correctiebericht versturen. 7 Correctieberichten 2 / 2 Ook een correctiebericht insturen bij fout die geen invloed heeft op het te betalen bedrag (bijv. verhuizing). Als het correctiebericht met een reguliere aangifte wordt ingestuurd, mag het over dit tijdvak te betalen bedrag binnen de aangifte worden gesaldeerd. Resteert daarna nog een terug te ontvangen bedrag dan geldt de aangifte verder als verzoek om teruggaaf. Je mag dit niet verrekenen met bijv. de te betalen aangifte OB. Op een los correctiebericht volgt een naheffingsaanslag of een ambtshalve vermindering. 8 Eindheffing Kenmerk eindheffing Is een loonheffing die door de werkgever wordt betaald (het verhoogt de loonkosten) Eindloon Is loon voor de LH/PH; Geen loon voor SV en Zvw; Behoort niet tot het tabelloon/jaarloon van de werknemer. 9 3
Wanneer eindheffing? Eindheffing moet worden toegepast bij: enkele aangewezen uitkeringen; doorlopend wisselend gebruik bestelauto. Eindheffing mag worden toegepast bij: tijdelijke knelpunten van ernstige aard; Let op: mag alleen na verkregen toestemming Belastingdienst naheffingsaanslagen (in aantal gevallen); zakelijke geschenken promotie + spaarsystemen heffing over gemiddelde waarde in economisch verkeer van de verstrekte goederen en/of diensten. verstrekkingen aan zakelijke relaties (niet-werknemers) 10 Tarief eindheffing 1 van 2 Er zijn twee tarieven: het tabeltarief en het enkelvoudig tarief. Hoeveel in een concreet geval moet worden betaald, is afhankelijk van: Tabel 5 Handboek de leeftijd van de werknemer: jonger dan AOW-leeftijd zie tabel 5 op blz. 323 Handboek, AOW-leeftijd of ouder zie tabel 6a en 6b op blz. 324 Handboek; de hoogte van het jaarloon; wel of geen recht op heffingskorting. 11 Tarief eindheffing 2 van 2 In de volgende gevallen geldt een vast tarief: bij geschenken aan anderen dan werknemers 45% bij geschenken aan anderen dan werknemers als waarde alle geschenken per persoon in een jaar max. 136; 75% bij geschenken aan anderen dan werknemers als waarde alle geschenken per persoon in een jaar meer dan 136 maar niet meer dan 272 per persoon in een jaar; 80% bij werkkosten boven vrije ruimte; 300 voor bestelauto met doorlopend wisselend gebruik. 12 4
Pseudo-eindheffing Soort strafheffing want de normale heffing is ook verschuldigd! Over excessief deel vertrekvergoeding Eisen: jaarloon > 522.000 + vertrekpremie > 100% jaarloon Heffing: 30% pseudo-eindheffing over deel boven 531.000. Over backservice excessief pensioengevend loon Eisen: pensioengevend loon is na verhoging > 522.000 Heffing: 15% pseudo-eindheffing van 4x het pensioengevend loon na verhoging -/- 4x pensioengevend loon voor verhoging. Over hoge lonen (crisisheffing) Eisen: jaarloon tegenw. dienstbetrekking 2013 hoger dan 150.000 Heffing: 16% over deel boven 150.000 Moment: 31 maart 2014 Over werkgeversdeel premie VUT en prepensioenregeling 13 Ongevallenverzekering 1 / 2 Werkgever sluit verzekering af die recht geeft op een uitkering bij overlijden of invaliditeit DOOR een ongeval Aanspraak Overlijden: Invaliditeit: vrij vrij Ongeacht of het gaat om een recht op een eenmalige uitkering of op een periodieke uitkering Uitkering Overlijden: Eenmalige uitkering: vrij tot max. 3 maandlonen vrij, rest belast. Periodieke uitkering: geheel belast. Invaliditeit: Ongeacht de vorm: belast. (aanspraak vrij, uitkering belast). 14 Ongevallenverzekering 2 van 2 Werkgever sluit verzekering af die recht geeft op een uitkering bij overlijden ANDERS dan door een ongeval Aanspraak overlijden eenmalige uitkering: vrij tot max. 3 maandlonen, rest belast periodieke uitkering: belast invaliditeit eenmalige uitkering: belast periodieke uitkering: belast Uitkering vrij (want aanspraak is belast). 15 5
Levensloopregeling 1 / 3 Doel Sparen voor financiering van onbetaald verlof. Hoe Sparen door inhouding ten laste van het brutoloon Heffing Inleg: geen loon voor alle heffingen. Opname: wel loon voor alle heffingen; - op 1-1 <61 jaar: loon uit tegenwoordige dienstbetrekking; - op 1-1 61 jaar: loon uit vroegere dienstbetrekking, geen recht op doorwerkbonus. Wie Werknemers Pseudo-werknemers 16 Levensloopregeling 2 van 3 Voorwaarden levensloopregeling moet op schrift staan; verbod op vervreemden, afkopen, etc. van het spaarsaldo; afzonderlijke, geblokkeerde levensloopspaarrekening; niet tegelijk aan levensloopregeling en spaarloonregeling deelnemen; maximale inleg 12% van jaarloon tenzij: werknemer op 31 dec 2005 tussen 51-56 jaar oud was (het maximum van 12% geldt dan niet); saldo + rente op 1 jan gelijk of groter is dan 210% jaarloon (de werknemer mag dan niet meer inleggen); jaarloon lager is als gevolg van demotie of deeltijdwerken in zicht van pensioengerechtigde leeftijd. 17 Levensloopregeling 3 van 3 Overgangsrecht De regeling in per 2012 vervallen. Wie eerder al deelnam en eind 2011 minimaal 3.000 op zijn levenslooprekening had staan, mag de oude regeling voortzetten. De bestedingseis is vervallen. De regeling is daardoor verworden tot een spaarregeling met uitgestelde loonheffing. Wie eerder deelnam en minder dan 3.000 saldo had, mocht in 2012 niet meer sparen. De rekening bleef wel bestaan, zodat het saldo in 2012 voor onbetaald verlof kon worden opgenomen. Het resterende saldo moest per 1-1-2013 worden opgenomen. Over die opname was loonheffing verschuldigd. Voor werknemers tot 61 jaar was sprake van loon uit tegenwoordige dienstbetrekking, voor werknemers van 61 jr of ouder was sprake van loon uit vroegere dienstbetrekking. 18 6
EINDE 19 7