Gebruikershandleiding

Maat: px
Weergave met pagina beginnen:

Download "Gebruikershandleiding"

Transcriptie

1 Gebruikershandleiding 9600/3600 Lees deze handleiding goed door voordat u de P-touch in gebruik neemt. Bewaar de handleiding bij de P-touch voor latere naslag.

2 VOOWOOD Gefeliciteerd met uw aanschaf van deze P-touch! et uw nieuwe P-touch kunt u labels maken voor alle mogelijke doeleinden. U hebt de beschikking over een ruime keuze aan randen, lettertypen en tekenopmaak voor uw ontwerp. Daarnaast kunt u kiezen uit vele vooraf ingestelde sjablonen, waarmee u snel en eenvoudig prachtige labels kunt maken. Zo kunt u in een handomdraai uiterst professionele labels afdrukken. et de hoge kwaliteit en prestaties van deze P-touch beschikt u over een uiterst praktisch apparaat dat aan al uw behoeften voldoet. Hoewel deze P-touch zeer gebruiksvriendelijk is, wordt u aanbevolen deze Gebruikershandleiding aandachtig door te lezen voordat u het apparaat gaat gebruiken. Houd deze handleiding bij de hand voor toekomstig gebruik. U zult de P-touch horen werken wanneer u het apparaat inschakelt en tijdens het afdrukken. Dit is normaal en duidt niet op een defect. Conformiteitsverklaring (Alleen Europa) BOTHE INDUSTIES, LTD. 15-1, Naeshiro-cho, izuho-ku, Nagoya, , Japan verklaren dat dit product en deze netspanningsadapter voldoen aan de essentiële vereisten van alle relevante richtlijnen en reguleringen die worden toegepast in de Europese Gemeenschap. De conformiteitsverklaring kan worden gedownload van onze website. Ga naar -> kies regio (bijvoorbeeld Europe) -> kies land -> kies uw model -> kies "Handleidingen" -> kies Conformiteitsverklaring (*Selecteer indien nodig een taal).

3 NASLAGGIDS Tekst invoeren Een spatie invoegen Invoegmodus in- en uitschakelen Een hoofdletter invoeren Een reeks hoofdletters invoeren (Caps-modus activeren) Een kleine letter invoeren in Caps-modus Een teken met accent invoeren Symbool invoeren Spatiebalk i h of t + gewenste teken c Typ het teken h of t + gewenste teken a Typ het teken OF d + s Typ de letter (OF n) m of g om de letter te selecteren Draai r (OF j of k) voor selectie van Druk op r (OF n) OF : () of l + Typ de letter Draai r en selecteer SYBOL, druk dan op r (OF druk op s) Draai r (OF m of g) en selecteer categorie Draai r (OF j of k) en selecteer symbool n Een nieuwe regel toevoegen Een nieuw blok toevoegen Een streepjescode toevoegen Een speciaal teken toevoegen aan de streepjescode Een streepjescodeparameter wijzigen n d + n Draai r en selecteer BACODE, druk dan op r (OF druk op d + i) Typ de streepjescodegegevens Druk op r (OF n) Draai r en selecteer BACODE, druk dan op r (OF druk op d + i) s m of g voor selectie van het speciale teken n Draai r en selecteer BACODE, druk dan op r (OF druk op d + i) m j of k voor selectie van parameter Draai r (OF m of g) voor selectie van instelling Druk op r (OF n)

4 De functie voor euroconversie instellen Draai r en selecteer CONVESION SETUP, druk dan op r (OF druk op d + h) Draai r (OF m of g) en selecteer de valuta Druk op r (OF n) Voer de wisselkoers in Druk op r (OF n) Draai r (OF m of g) voor selectie van scheidingsteken Druk op r (OF n) Draai r (OF m of g) voor selectie van de printvolgorde Druk op r (OF n) Euro s omrekenen uit en in andere valuta s d + 7 (7) Draai r (OF j of k) voor selectie van de conversierichting Voer de om te rekenen waarde in Druk op r (OF n) Tekst bewerken Tekst verwijderen Eén regel tekst verwijderen Tekst met opmaak wissen Alleen de tekst wissen b OF q d + q d + b m of g voor selectie van TEXT & FOAT n d + b m of g voor selectie van TEXT ONLY n Tekst opmaken Opmaak van de gehele tekst wijzigen Opmaak van een tekstblok wijzigen Opmaak van een tekstregel wijzigen Draai r voor selectie van GLOBAL FOAT, druk dan op r (OF druk op d + 1 (1) ) Draai r, druk dan op r (OF j of k) voor selectie van de functie Draai r, druk dan op r (OF m of g) voor selectie van de instelling Druk op r (OF n) j, k, m of g voor selectie van het tekstblok Draai r en selecteer BLOCK FOAT, druk dan op r (OF druk op d + 2 (2) ) Draai r, druk dan op r (OF j of k) voor selectie van functie Draai r, druk dan op r (OF m of g) voor selectie van Druk op r (OF n) j, k, m of g voor selectie van de tekstregel Draai r en selecteer LINE FOAT, druk dan op r (OF druk op d + 3 (3) ) Draai r, druk dan op r (OF j of k) voor selectie van functie Draai r, druk dan op r (OF m of g) voor selectie van Druk op r (OF n)

5 Het lettertype wijzigen De tekengrootte wijzigen De tekenbreedte wijzigen De tekenopmaak wijzigen De lijneffecten wijzigen De omranding wijzigen De uitlijning van de tekst wijzigen De labelmarges wijzigen Selecteer GLOBAL FOAT, BLOCK FOAT of LINE FOAT, druk dan op r (OF druk op d + 1 (1), 2 (2) of 3 (3) ) Draai r, druk op r (OF j of k) voor selectie van FONT Draai r (OF m of g) voor selectie van de instelling Druk op r (OF n) Selecteer GLOBAL FOAT, BLOCK FOAT of LINE FOAT, druk dan op r (OF druk op d + 1 (1), 2 (2) of 3 (3) ) Draai r, en druk op r (OF j of k) en selecteer SIZE Draai r (OF m of g) en selecteer de instelling Druk op r (OF n) Selecteer GLOBAL FOAT, BLOCK FOAT of LINE FOAT, druk dan op r (OF druk op d + 1 (1), 2 (2) of 3 (3) ) Draai r, en druk op r (OF j of k) en selecteer WIDTH Draai r (OF m of g) en selecteer de instelling Druk op r (OF n) Selecteer GLOBAL FOAT, BLOCK FOAT of LINE FOAT, druk dan op r (OF druk op d + 1 (1), 2 (2) of 3 (3) ) Draai r, druk dan op r (OF j or k) en selecteer STYLE1 of STYLE2 Draai r (OF m of g) en selecteer de instelling Druk op r (OF n) Selecteer GLOBAL FOAT, BLOCK FOAT of LINE FOAT, druk dan op r (OF druk op d + 1 (1), 2 (2) of 3 (3) ) Draai r, druk op r (OF j of k) en selecteer LINE EFFECTS Draai r (OF m of g) en selecteer de instelling Druk op r (OF n) Selecteer GLOBAL FOAT, BLOCK FOAT of LINE FOAT, druk dan op r (OF druk op d + 1 (1), 2 (2) of 3 (3) ) Draai r, druk op r (OF j of k) en selecteer FAE Draai r (OF m of g) en selecteer de instelling Druk op r (OF n) Selecteer GLOBAL FOAT, BLOCK FOAT of LINE FOAT, druk dan op r (OF druk op d + 1 (1), 2 (2) of 3 (3) ) Draai r, en druk op r (OF j of k) en selecteer ALIGNENT Draai r (OF m of g) en selecteer de instelling Druk op r (OF n) Selecteer GLOBAL FOAT, druk dan op r (OF druk op d + 1 (1) ) Draai r, druk dan op r (OF j of k) en selecteer T. AGIN Draai r (OF m of g) en selecteer de instelling Druk op r (OF n)

6 De labellengte wijzigen Selecteer GLOBAL FOAT, druk dan op r (OF druk op d + 1 (1) ) Draai r, en druk op r (OF j of k) en selecteer T. LENGTH Draai r (OF m of g) en selecteer de instelling Druk op r (OF n) De blokmarges wijzigen Selecteer GLOBAL FOAT, en druk op r (OF druk op d + 1 (1) ) Draai r, druk dan op r (OF j of k) en selecteer B. AGIN Draai r (OF m of g) en selecteer de instelling Druk op r (OF n) De bloklengte wijzigen Omgekeerd printen (spiegelbeeld) Selecteer GLOBAL FOAT of BLOCK FOAT, druk dan op r (OF druk op d + 1 (1) of 2 (2) ) Draai r, druk dan op r (OF j of k) en selecteer B. LENGTH Draai r (OF m of g) en selecteer de instelling Druk op r (OF n) Draai r en selecteer IO, druk dan op r (OF druk op d + p) Draai r (OF m of g) en selecteer de instelling Druk op r (OF n) Tekst indelen voor een stempel De tekst draaien d + S Draai r (OF m of g) en selecteer de instelling Druk op r (OF n) Selecteer GLOBAL FOAT of BLOCK FOAT, druk dan op r (OF druk op d + 1 (1) of 2 (2) ) Draai r, druk dan op r (OF j of k) en selecteer OTATE Draai r (OF m of g) en selecteer de instelling Druk op r (OF n) Een Auto Format sjabloon gebruiken Een label of stempel maken op basis van een sjabloon voor Automatische opmaak 1 Een sjabloon voor Automatische opmaak afdrukken 2 Auto Format sjabloontekst wijzigen Draai r en selecteer AUTO FOAT, druk dan op r (OF druk op d + 6 (6) ) Draai r (OF m of g) en selecteer de sjabloon Druk op r (OF n) Typ elke regel tekst en druk dan op r (OF n) Ga door met 1, 2, 3 of 4 Draai r (OF m of g) en selecteer PINT Druk op r (OF n) Draai r (OF m of g) en selecteer CONTINUE Druk op r (OF n) Typ elke regel tekst, en druk dan op r (OF n)

7 3 De opmaak van een sjabloon voor Automatische opmaak wijzigen: 4 De functie Automatische opmaak beëindigen Draai r (OF m of g) en selecteer CHANGE STYLE Druk op r (OF n) Draai r (OF m of g) en selecteer de opmaak Druk op r (OF n) Draai r (OF m of g) en selecteer FINISH Druk op r (OF n) Druk op r (OF n) Tekst afdrukken Afdrukvoorbeeld van een label weergeven De instelling van het mes wijzigen Draai r en selecteer LAYOUT PEVIEW, druk dan op r (OF druk op d + 9 (9) ) (j of k om door of terug te schuiven) Draai r en selecteer AUTO CUT, druk dan op r (OF druk op d + f) Draai r (OF m of g) en selecteer de instelling Druk op r (OF n) Afdrukken met de huidige afdrukopties Uitvoeren en afknippen 24 mm tape Een groot aantal exemplaren afdrukken eerdere exemplaren afdrukken met oplopende nummering p f Draai r en selecteer EPEAT, druk dan op r (OF druk op d + 4 (4) ) Draai r (OF m of g) en selecteer het aantal (OF typ het aantal) Druk op r (OF n) Draai r en selecteer NUBE, druk dan op r (OF druk op d + 5 (5) ) j, k, m of g en selecteer het veld voor begin van nummering Druk op r (OF n) j of k en selecteer veld voor einde van nummering Druk op r (OF n) Draai r (OF m of g) en selecteer (of typ) het aantal Druk op r (OF n) Tekstbestanden opslaan, terughalen, verwijderen en afdrukken Een bestand opslaan Draai r en selecteer EOY, druk dan op r (OF druk op d + 8 (8) ) Draai r (OF m of g) en selecteer STOE Druk op r (OF n) Draai r (OF m of g) en selecteer het bestandsnummer Typ een bestandsnaam Druk op r (OF n)

8 Een opgeslagen bestand binnenhalen (openen) Draai r voor selectie van EOY, druk dan op r (OF druk op d + 8 (8) ) Draai r (OF m of g) voor selectie van ECALL Druk op r (OF n) Draai r (OF m of g) voor selectie van bestandsnummer Druk op r (OF n) Een opgeslagen bestand verwijderen Een opgeslagen tekstbestand afdrukken Draai r en selecteer EOY, druk dan op r (OF druk op d + 8 (8) ) Draai r (OF m of g) en selecteer CLEA Druk op r (OF n) Draai r (OF m of g) en selecteer het bestandsnummer Druk op de spatiebalk zodat de markering verschijnt Druk op r (OF n) Druk op r (OF n) Draai r voor selectie van EOY, en druk dan op r (OF druk op d + 8 (8) ) Draai r (OF m of g) voor selectie van PINT Druk op r (OF n) Draai r (OF m of g) voor selectie van bestandsnummer Druk op de spatiebalk, zodat verschijnt Druk op r (OF n)

9 INHOUDSOPGAVE Hoofdstuk 1 Voordat u begint... 1 ALGEENE BESCHIJVING...2 Hoofdstuk 2 Bovenaanzicht... 2 Onderaanzicht... 3 LCD-scherm... 3 Toetsenbord (Voor Nederland)... 4 Toetsenbord (Voor België)... 5 Draagkoffer... 6 Aan de slag... 7 VOOZOGSAATEGELEN...8 Hoofdstuk 3 De netspanningadapter aansluiten... 9 De P-touch in- en uitschakelen... 9 Een tapecassette plaatsen of vervangen De P-touch aansluiten op een computer De software en het printerstuurprogramma installeren Labeles maken met P-touch Editor Functies Basishandelingen uitvoeren Tekst invoeren Tekst bewerken Opmaken Afdrukken Bestanden opslaan en binnenhalen i

10 Hoofdstuk 4 Apparaatinstellingen Apparaatinstellingen...56 OVEZICHT VAN FOUTBEICHTEN POBLEEN OPLOSSEN TECHNISCHE SPECIFICATIES VAN HET APPAAAT Appendix Symbolen...72 Specialetekens streepjescode...75 Lettertypen...75 Grootten en breedten...76 Soorten opmaak...78 anden en arcering...80 Kant en klare sjablonen...81 Tekstopmaak van sjablonen...84 INDEX ii

11 Hoofdstuk 1 Voordat u begint Hoofdstuk 1 Voordat u begint Voordat u begint 1

12 Hoofdstuk 1 Voordat u begint ALGEENE BESCHIJVING Bovenaanzicht Voordat u begint P-touch 9600: LCD-scherm Klep van tapecassettevak Oplaadindicator Ontgrendelknop voor klep Aansluiting voor netspanningadapter S-232C poort USB-poort Navigatieknop Toetsenbord P-touch 3600: Klep van tapecassettevak LCD-scherm Ontgrendelknop voor klep Aansluiting voor netspanningadapter USB-poort Navigatieknop Toetsenbord 2

13 Hoofdstuk 1 Voordat u begint Onderaanzicht Klep van batterijenvak (uitsluitend PT-9600) Handvat Voordat u begint Uitgangssleuf voor tape LCD-scherm A B C D E F K G <<<P-touch>>> HNO L I1:_ J AUT 0. HELSI A AU 1 Indicator voor tapebreedte p Indicator voor spiegelbeeldinstelling p Indicator voor hoofdletters p. 17 A Indicator voor rotatie-instelling p Alt-indicator p. 17 B Indicator voor automatisch afsnijden p Indicator voor invoegmodus p. 16 C Instelling tapelengte p Indicator voor instelling regeleffect p. 32 D Tapemarge-instelling p Instelling van omranding p. 33 E Instelling lettertype p Indicators instelling Stijl1 p. 30 F Instelling tekenbreedte p Indicators instelling Stijl2 p. 31 G Instelling tekengrootte p Indicators instelling uitlijning p. 34 H Indicator instelling tekengrootte p. 28 3

14 Hoofdstuk 1 Voordat u begint Toetsenbord (Voor Nederland) P-touch 9600: Voordat u begint P-touch 3600: 1 Aan/uit-toets p. 9 6 Pijltoetsen p Toets voor schermverlichting (alleen PT-9600) aadpleeg de gids Geavanceerde functies. 3 acro toets (uitsluitend PT-9600) aadpleeg de gids Geavanceerde functies. 4 PF toetsen (uitsluitend PT-9600) aadpleeg de gids Geavanceerde functies. 7 eturn-toets p Backspace-toets p Interface toets (uitsluitend PT-9600) aadpleeg de gids Geavanceerde functies. 5 Spatiebalk p Function-knop/Set-toets p. 15 4

15 Hoofdstuk 1 Voordat u begint Toetsenbord (Voor België) P-touch 9600: Voordat u begint P-touch 3600: 1 Aan/uit-toets p. 9 6 Pijltoetsen p Toets voor schermverlichting (alleen PT-9600) aadpleeg de gids Geavanceerde functies. 3 acro-toets (alleen PT-9600) aadpleeg de gids Geavanceerde functies. 4 PF-toetsen (alleen PT-9600) aadpleeg de gids Geavanceerde functies. 7 eturn-toets p Backspace-toets p Interface-toets (alleen PT-9600) aadpleeg de gids Geavanceerde functies. 5 Spatiebalk p Functieknop/Insteltoets p. 15 5

16 Hoofdstuk 1 Voordat u begint Voordat u begint Draagkoffer De draagtas - inbegrepen bij de PT-9600 en optioneel verkrijgbaar bij de PT is handig om de P-touch plus accessoires op te slaan en te vervoeren. De beschermkap binnen in de koffer beschermt de tapecasettes tegen stof. Bovendien kunt u de beschermkap gebruiken als lade voor labels die worden uitgevoerd, wanneer u deze kap losmaakt en bevestigt aan de linkerkant van de draagkoffer. Beschermkap tapecassettes/ Labeluitvoerlade 6

17 Hoofdstuk 2 Hoofdstuk 2 Aan de slag Aan de slag 7

18 Hoofdstuk 2 Aan de slag VOOZOGSAATEGELEN Aan de slag Gebruik in dit apparaat Brother TZe-tapes. Trek niet aan de tape wanneer deze door de P-touch wordt uitgevoerd, aangezien de tapecassette hierdoor beschadigd kan raken. Gebruik het apparaat niet in overmatig stoffige ruimten. Stel het apparaat niet bloot aan direct zonlicht en regen. Stel het apparaat niet bloot aan extreem hoge temperaturen of hoge vochtigheid. Laat het apparaat nooit op het dashboard of achterin uw auto liggen. Bewaar de tapecassettes niet op plaatsen waar deze worden blootgesteld aan direct zonlicht, hoge vochtigheid of stof. Laat geen voorwerpen van rubber of vinyl op het apparaat liggen gedurende langere perioden, aangezien deze blijvende vlekken kunnen achterlaten. einig het apparaat niet met alcoholhoudende of andere organische oplosmiddelen. Gebruik uitsluitend een zachte droge doek. Plaats geen vreemde voorwerpen in of zware voorwerpen op het apparaat. Vermijd persoonlijk letsel: raak de snijrand van het mes niet aan. Gebruik uitsluitend de netspanningadapter die specifiek voor dit apparaat is ontwikkeld. Door gebruik van andere adapters komt de garantie te vervallen. Probeer de netspanningadapter niet te demonteren. Als het apparaat gedurende langere perioden niet wordt gebruikt, koppelt u de netspanningadapter los en verwijdert u (alleen voor de PT-9600) de oplaadbare batterij; dit om te voorkomen dat deze gaat lekken en het apparaat beschadigt. Gebruik uitsluitend de voor dit apparaat ontwikkelde oplaadbare Ni-H batterij. (uitsluitend PT-9600) Probeer de P-touch niet te demonteren. Gebruik uitsluitend de bijgeleverde USB-interfacekabel. Door gebruik van andere USB-kabels komt de garantie te vervallen. 8

19 Hoofdstuk 2 Aan de slag De netspanningadapter aansluiten Deze P-touch kan worden gebruikt op elke locatie waar een standaard stopcontact beschikbaar is. 1 Steek het contact aan het snoer van de adapter in de aansluiting voor de netspanningadapter rechts op de P-touch. 2 Steek de stekker aan het andere uiteinde van de adapter in het dichtstbijzijnde stopcontact. Gebruik alleen de netspanningadapter die specifiek voor dit apparaat is ontwikkeld. Als het apparaat gedurende langere perioden niet wordt gebruikt, ontkoppelt u de netspanningadapter. Als de P-touch via de USB-interfacekabel is aangesloten op een computer, wordt het apparaat automatisch uitgeschakeld als er gedurende 30 minuten geen enkele toets is ingedrukt of handeling is uitgevoerd. Als de PT-9600 op een computer is aangesloten via een seriële (S-232C) interfacekabel of bezig is met het afdrukken van gegevens van de computer, wordt het apparaat niet automatisch uitgeschakeld. Wanneer de P-touch via een USBinterfacekabel is aangesloten op de computer en gegevens afdrukt vanaf de computer, schakelt de P-touch zichzelf niet automatisch uit. Druk op o om de P-touch aan of uit te zetten. Aan de slag De P-touch in- en uitschakelen De aan/uit-knop (o) bevindt zich in de rechterbovenhoek van het toetsenbord van het apparaat. Als de stekker van de P-touch in het stopcontact laat, verschijnt de tekst die tijdens het laatste gebruik is ingevoerd wanneer het apparaat weer wordt ingeschakeld. Zodoende kunt u uw werk onderbreken en het apparaat uitschakelen als u op een later moment wilt doorgaan zonder de tekst opnieuw te hoeven invoeren. Als de PT-9600 via de oplaadbare batterij wordt gebruikt, wordt het apparaat automatisch uitgeschakeld als er gedurende 5 minuten geen enkele toets is ingedrukt of handeling is uitgevoerd. Ontkoppel de netspanningadapter niet, wanneer P-touch is aangesloten en ingeschakeld; anders worden de gegevens die u bewerkt, gewist. Schakel de P-touch uit voordat u de netspanningadapter loskoppelt. 9

20 Hoofdstuk 2 Aan de slag Aan de slag Een tapecassette plaatsen of vervangen Voor deze machine is een uitgebreide reeks tapecassettes verkrijgbaar in verschillende kleuren en maten, waarmee u duidelijk herkenbare labels met verschillende kleurcodes en stijlen kunt produceren. Het apparaat is bovendien zodanig ontworpen dat de tapecassettes snel en gemakkelijk vervangen kunnen worden. 1 Druk op de ontgrendelknop voor de klep en open de klep van het tapevak. P-touch 9600: 4 Plaats de nieuwe tapecassette stevig in het tapevak, waarbij u erop let dat de hele onderkant van de cassette op de onderkant van het tapevak ligt. Pas bij het plaatsen van de tapecassette op, dat het binnenste lint niet aan de hoek van de metalen geleider blijft hangen. P-touch 9600: P-touch 3600: P-touch 3600: 2 Als er reeds een tapecassette is geplaatst die u wilt vervangen, verwijdert u de cassette door deze recht omhoog te trekken. 3 Als het inktlint in de nieuwe tapecassette niet strak gespannen staat, draait u het tandwiel met uw vinger in de richting van de pijl op de cassette, totdat het lint helemaal strak staat. Zorg eveneens dat het einde van de tape onder de tapegeleiders wordt gevoerd. Als de nieuwe tapecassette die u gebruikt een stopper heeft, vergeet dan niet deze stopper te verwijderen. 5 Sluit de klep van het tapevak en druk op o om het apparaat weer aan te zetten (indien uitgeschakeld). De breedte van de momenteel geïnstalleerde tape wordt aangegeven door de indicator links onder in het scherm A B C D E F K G NO <<< P-touch >>> H I L J 1:_ AUTO 0.4 HELSINKI A AUTO 6 Druk eenmaal op f om de tape strak te spannen en snijdt de overtollige tape af. 10

21 Hoofdstuk 2 Aan de slag De P-touch aansluiten op een computer Dit apparaat is voorzien van een USB-poort, zodat u de P-touch met een USB-kabel kunt aansluiten op een computer met Windows of ac OS en labels kunt afdrukken die zijn gemaakt met P-touch Editor software. De P-touch mag niet op de computer worden aangesloten voordat de P-touch Editor software is geïnstalleerd, aangezien hierdoor vaak fouten optreden tijdens de installatie. Hoe u een computer aansluit op de P-touch via de USB-poort: 1 Steek de platte aansluiting (A) van de USBkabel in de USB-poort op de computer. 2 Steek de vierkante stekker (B) van de USBkabel in de USB-poort aan de rechterkant van de P-touch. 3 Zet de P-touch aan. P-touch 9600: Als de P-touch via een USB-kabel op een computer is aangesloten, schakelt de P-touch om naar de Interface-modus wanneer gegevens via de computer naar het apparaat worden gezonden. Als u de Interface-modus voor een USBaansluiting wilt afsluiten en wilt terugkeren naar de tekst, drukt u op een willekeurige toets. De P-touch kan niet omschakelen naar de Interface-modus voor een USB-aansluiting tijdens het afdrukken, invoeren van tape, als de Interface-modus voor een S-232C aansluiting (alleen PT-9600) is ingeschakeld, of wanneer een macro wordt toegewezen aan een PF-toets (alleen PT-9600) A B C D E F K G INTEFACE H I De software en het printerstuurprogramma installeren Aan de slag P-touch 3600: U moet het printerstuurprogramma installeren om uw printer te kunnen gebruiken met uw computer. Daarnaast moet u ook P-touch Editor installeren, een programma voor het ontwerpen van labels. Zie Handleiding voor de installatie van de software voor meer informatie over de installatie van dit programma. Labeles maken met P-touch Editor Nadat u uw printer hebt ingesteld, kunt u labels beginnen te maken. aadpleeg de softwarehandleiding (PDF) voor informatie over het ontwerpen en maken van labels. De functies worden ook in detail uitgelegd in de Help van het programma P-touch Editor. 11

22 Hoofdstuk 2 Aan de slag Aan de slag 12

23 Hoofdstuk 3 Hoofdstuk 3 Functies Functies 13

24 Hoofdstuk 3 Functies Functies Basishandelingen uitvoeren et de volgende voert u de vele functies van het apparaat uit. Pijltoetsen Op het LCD-scherm van het apparaat kunnen drie rijen van 19 tekens worden weergegeven. U kunt echter een tekst opstellen van maximaal 100 tekens in lengte. Deze tekst kunt u bewerken met de vier pijltoetsen (j, k, m en g) door de cursor te verplaatsen, zodat de verschillende tekstdelen op het scherm verschijnen. et de pijltoetsen selecteert u verder de verschillende functies en instellingen. j (pijltoets links) De cursor één teken naar links verplaatsen: Druk eenmaal op j. Als u op deze toets drukt terwijl de cursor aan het begin van een regel staat die volgt op een regel, wordt de cursor naar het einde van de regel erboven verplaatst. De cursor meerdere tekens naar links verplaatsen: Houd de toets j ingedrukt totdat de cursor op de gewenste plaats staat. De cursor naar het begin van de huidige tekstregel verplaatsen: Houd de toets d ingedrukt en druk op j. De cursor naar het begin van het huidige tekstblok verplaatsen: Houd de toets h ingedrukt en druk op j. Als de cursor aan het begin van een tekstblok staat wanneer u op deze toetsen drukt, wordt de cursor aan het begin van het vorige tekstblok geplaatst. k (pijltoets rechts) De cursor één teken naar rechts verplaatsen: Druk eenmaal op k. Als u op deze toets drukt terwijl de cursor aan het einde van een regel staat, wordt de cursor naar het begin van de volgende regel verplaatst. De cursor meerdere tekens naar rechts verplaatsen: Houd de toets k ingedrukt totdat de cursor op de gewenste plaats staat. De cursor naar het einde van de huidige tekstregel verplaatsen: Houd de toets d ingedrukt en druk op k. De cursor naar het begin van het volgende tekstblok verplaatsen: Houd de toets h ingedrukt en druk op k. Als de cursor aan het begin van het laatste tekstblok staat wanneer u op deze toetsen drukt, wordt de cursor naar het einde van de tekst verplaatst. m (pijltoets omhoog) De cursor naar de vorige regel verplaatsen: Druk eenmaal op m. Als u op deze toets drukt wanneer de cursor op de eerste tekstregel staat, wordt de cursor naar het begin van deze eerste regel verplaatst. De cursor meerdere regels naar boven verplaatsen: Houd de toets m ingedrukt totdat de cursor op de gewenste plaats staat. 14

25 Hoofdstuk 3 Functies De cursor aan het begin van de tekst plaatsen: Houd de toets d ingedrukt en druk op m. g (pijltoets omlaag) De cursor naar de volgende regel verplaatsen: Druk eenmaal op g. Als u op deze toets drukt wanneer de cursor op de laatste tekstregel staat, wordt de cursor naar het einde van deze regel verplaatst. De cursor meerdere regels naar onderen verplaatsen: Houd de toets g ingedrukt totdat de cursor op de gewenste plaats staat. De cursor aan het einde van de tekst plaatsen: Houd de toets d ingedrukt en druk op g. Function-knop/Set-toets (r) et de navigatieknop in de rechterbovenhoek van het toetsenbord kunt u veel functies van de P-touch openen en verschillende instellingen selecteren. Een gedetailleerde beschrijving van het gebruik van de navigatieknop vindt u in de beschrijving van de afzonderlijke functies. Code-toets (d) Hoe u een functie gebruikt die in kleur boven of op een toets staat: De toets d ingedrukt houden en op de toets van de gewenste functie drukken. eturn-toets (n) et de eturn-toets kunt u een optie uit een lijst selecteren (bijvoorbeeld om een symbool of teken met accent in de tekst in te voegen), of een instellingen toepassen die u hebt geselecteerd. In sommige gevallen verschijnt er een bericht op de LCD waarin u wordt gevraagd uw handeling te bevestigen, bijvoorbeeld als met de geselecteerde functie een bestand wordt verwijderd. In dit geval heeft het drukken op de toets n hetzelfde effect als het antwoord Ja. Als u de vraag met Nee wilt beantwoorden, drukt u op e. aadpleeg de beschrijving van de toets Cancel hieronder. Een optie uit een lijst selecteren of een instelling toepassen die u hebt geselecteerd: Druk op n. Functies Een functie of instelling selecteren: Draai de knop r rechtsom of linksom totdat de gewenste functie of instelling verschijnt. Als u wilt terugkeren naar de tekst zonder een selectie te maken, drukt u op e. De selectie toepassen: Druk op r. Cancel-toets (e) Als u wilt teruggaan naar het vorige scherm zonder de tekst te wijzigen, kunt u in de meeste gevallen op de Cancel-toets drukken. In sommige gevallen verschijnt er een bericht op de LCD waarin u wordt gevraagd uw handeling te bevestigen, bijvoorbeeld als met de geselecteerde functie een bestand wordt verwijderd. In dit geval heeft het drukken op de toets e hetzelfde effect als het antwoord Nee. 15

26 Hoofdstuk 3 Functies Als u de vraag met Ja wilt beantwoorden, drukt u op n. aadpleeg de eerdere beschrijving van de eturn-toets. Een functie afsluiten zonder de wijzigingen die u hebt gemaakt toe te passen: Druk op e. Tekst invoeren Het typen van tekst voor uw labels komt in grote lijnen overeen met het typen van tekst op een schrijfmachine of een computer. Insert-toets (i) Gewoonlijk wordt tekst ingevoerd in de invoegmodus. Hierbij wordt de tekst die u typt vanaf de cursorpositie ingevoegd in de bestaande tekst. Wanneer de invoegmodus is uitgeschakeld, wordt de bestaande tekst vervangen door de tekst die u typt. Als de invoegmodus van de P-touch is ingeschakeld, verschijnt de indicator Ins links in het scherm. Invoegmodus inschakelen: Druk op i. De indicator Ins verschijnt. Functies A B C D E F K G NO <<< P-touch >>> H I L 1:_ Invoegmodus uitschakelen: Druk op i. De indicator Ins gaat uit. Spatiebalk et de spatiebalk wordt gebruikt voert u spaties in uw tekst in. Deze toets verschilt van de pijltoets rechts (k), omdat met de pijltoets de cursor naar rechts wordt verplaatst zonder een spatie in te voeren. Een spatie in uw tekst invoeren: Druk op de spatiebalk. 16

27 Hoofdstuk 3 Functies Shift-toets (h of t) Tekst in kleine letters kunt u invoeren door op de betreffende toetsen te drukken. Als u echter tekst in hoofdletters wilt invoeren, of wanneer u de symbolen wilt typen die op de bovenste helft van bepaalde toetsen staan, dient u net als op een typemachine of computer de Shift-toets te gebruiken. Typen in hoofdletters: 1 Druk op c. De indicator Caps verschijnt A B C D E F K G NO <<< P-touch >>> H I L 1:_ Als de Caps-toets is ingedrukt op de P-touch, kunt u een kleine letter invoeren door de toets h of t ingedrukt te houden en op de betreffende lettertoets te drukken. Een hoofdletter invoeren of een van de symbolen die op de bovenste helft van bepaalde toetsen staan: De toets h of t ingedrukt houden en op de betreffende letter- of symbooltoets drukken. Caps-toets (c) In Caps-modus kunt u een reeks hoofdletters typen zonder h of t ingedrukt te houden. Schakel de Caps-modus in of uit door te drukken op c. Als de Caps-modus is ingeschakeld, wordt dit op de P-touch aangegeven met de indicator Caps links op het scherm. Als de Caps-modus is ingeschakeld en u op een cijfertoets drukt, wordt het cijfer getypt en niet het symbool op het bovenste deel van de toets, tenzij u tegelijkertijd op h of t drukt. Als de Caps-modus op de P-touch is ingeschakeld en u wilt een kleine letter typen, houdt u h of t ingedrukt en typt u de betreffende letter. 2 Druk op de toetsen voor de gewenste letters of symbolen. U kunt op elk gewenst moment de Caps-modus uitschakelen door te drukken op c. De indicator Caps gaat uit. Alt-modus (a) De Alt-modus wordt gebruikt om tekens met accenten of speciale leestekens, die op de rechterkant van de toetsen staan, aan tekst toe te voegen. Schakel de Alt-modus in of uit door te drukken op a. Als de Alt-modus op de P- touch is ingeschakeld, verschijnt de indicator Alt links in het scherm. Een teken met een accent of speciaal in kleur gedrukt leesteken toevoegen aan uw tekst: 1 Druk op a. De indicator Alt verschijnt A B C D E F K G NO <<< P-touch >>> H I L 1:_ 2 Druk op de toets waarop het gewenste teken in de rechterbenedenhoek is gedrukt om dit teken in uw tekst in te voegen. Als u het teken wilt typen dat in de rechterbovenhoek van de toets staat, houdt u h of t ingedrukt (OF drukt u op c om de Caps-modus in te schakelen) en drukt u op het gewenste teken. Functies 17

28 Hoofdstuk 3 Functies Functies Als de Caps-toets is ingedrukt op de P-touch, kunt u een kleine letter invoeren door de toets h of t ingedrukt te houden en op de betreffende lettertoets te drukken. U kunt op elk gewenst moment de Alt-modus uitschakelen door te drukken op a. De indicator Alt gaat uit. eturn-toets (n) De eturn- of regelomlooptoets (ook wel Entertoets genoemd) op dit apparaat (n) wordt net als op een typemachine of computer gebruikt om een tekstregel te beëindigen en een nieuwe regel te beginnen. Druk op de eturn-toets als u een tekstregel hebt ingevoerd en de cursor op een nieuwe regel wilt plaatsen. Een enkel tekstblok kan maximaal 16 tekstregels bevatten. Als het maximaal aantal regels is ingevoerd en u drukt vervolgens op n, dan verschijnt het foutbericht 16 LINE LIIT. Het aantal tekstregels dat u kunt afdrukken, is afhankelijk van de breedte van de gebruikte tape. aximum aantal regels Tapebreedte dat kan worden afgedrukt 6 mm 3 9 mm 4 12 mm 6 18 mm mm mm 16 Stempel 18 mm 6 Stempel 24 mm 10 Een nieuwe regel beginnen: Druk op n. Het regelomloopteken ( ) verschijnt aan het einde van de regel. Functie Ni ieuw blok (d + n) Als een bepaald deel van uw tekst een ander aantal regels heeft dan de andere delen, of als u een andere indeling wilt toepassen op een deel van uw tekst (raadpleeg Functie Blokopmaak op pagina 26.), moet u met de functie Nieuw blok een nieuw tekstblok maken. Voor een enkel label kunnen maximaal vijftig Een nieuw blok maken: tekstblokken worden gebruikt. Als het maximaal aantal regels per label (50) reeds is ingevoerd en u op n drukt (OF d ingedrukt houdt en dan op n drukt), verschijnt het foutbericht 50 LINE LIIT EACHED!. Als u een tekstblok in twee delen wilt splitsen,, plaatst u de cursor onder het teken waar het volgende blok moet beginnen en houdt u d ingedrukt en drukt u op n. Houd d ingedrukt en druk op n. Het teken voor nieuw blok ( ) verschijnt aan het einde van het blok. Symbol-toets (s) Naast de letters, symbolen en cijfers op de toetsen van het toetsenbord, hebt u met de functie Symbool de beschikking over 440 extra symbolen en afbeeldingen. Wanneer deze symbolen of afbeeldingen in de tekst zijn ingevoerd, kunt u deze net als normale tekens verwijderen. Sommige van deze tekens kunnen tevens worden opgemaakt met gebruik van bepaalde opmaakfuncties (zie pagina 27 t/m35). Op pagina 72 t/m75 vindt u een tabel van alle beschikbare symbolen. Een symbool of afbeelding aan de tekst toevoegen: 1 Draai r tot SYBOL verschijnt, en druk dan op r (OF druk op s). Er verschijnt nu een rij symbolen. 18

29 Hoofdstuk 3 Functies A B C D E F K G L PUNCTUATION A01 H NO I J AUTO HELSINKI A AUTO U kunt op elk gewenst moment terugkeren naar de tekst door op e (OF s) te drukken. 2 Draai r (OF druk op m of g en selecteer de gewenste categorie symbolen, en druk vervolgens op j of k) tot het gewenste symbool vergroot in het midden van het scherm verschijnt. 3 Druk op r (OF druk op n). Het symbool wordt nu in de tekst ingevoegd. Als u een reeks symbolen wilt invoeren, houdt u d ingedrukt voordat u op r (OF n) drukt. Voeg vervolgens alle symbolen aan uw tekst toe door deze te selecteren zoals beschreven in stap 2, waarbij d ingedrukt wordt gehouden terwijl u op r (OF n) drukt. Druk alleen op r (OF n) nadat het laatste symbool in de reeks is geselecteerd. U kunt een symbool ook selecteren door de betreffende code in te typen in de table van beschikbare symbolen. Wanneer u bijvoorbeeld op T drukt, wordt de categorie GADENING weergegeven; wanneer u vervolgens op 3 (3) drukt, wordt het derde symbool in de categorie GADENING weergegeven. Accent functie (d + s) et de functie Accent kunnen tekens met accenten in uw tekst worden ingevoerd. Veel van deze tekens staan ook op de toetsen en kunnen worden getypt met gebruik van a (raadpleeg pagina 17), of kunnen worden ingevoerd met de toetscombinaties (zie pagina 20). De tekens met accenten zijn ingedeeld in groepen op basis van de hoofdletter of kleine letter waarmee ze zijn gecombineerd. In de volgende tabel worden de beschikbare tekens getoond. Letter et accent tekens Letter et accent tekens a ä á à â ã å æ A Ä Á À Â Ã Å Æ c ç C Ç e ë é è ê E Ë É È Ê i ï í ì î I Ï Í Ì Î n ñ N Ñ o ö ó ò ô õ ø œ O Ö Ó Ò Ô Õ Ø Œ u ü ú ù û U Ü Ú Ù Û y ÿ Tekens met accenten aan tekst toevoegen: 1 Draai r tot ACCENT verschijnt, en druk dan op r (OF houd d ingedrukt en druk op s). Het bericht ACCENT a-y/a- U? PESS THE EUIED CHAACTE verschijnt A B C D E F K G NO ACCENT a-y/a-u? H PESS THE EUIED I L CHAACTE U kunt op elk gewenst moment terugkeren naar de tekst door te drukken op e (OF door d ingedrukt te houden en te drukken op s). 2 Draai r (OF druk op de toets van de letter met het gewenste accent). OF druk op n. Functies 19

30 Hoofdstuk 3 Functies Functies Als u een hoofdletter met accent wilt typen, houdt u h ingedrukt (OF drukt u op c om de Capsmodus in te schakelen) voordat u op de lettertoets drukt A B C D E F K G L a a1 H NO.. I a á à â 3 Druk op m of g om het gewenste teken met accent te selecteren, en druk dan op j of k totdat het gewenste teken met accent vergroot in het midden van het scherm verschijnt. 4 Druk op r (OF druk op n). Het teken met accent wordt nu in de tekst ingevoegd. Als u een reeks tekens met accenten wilt invoeren, houdt u d ingedrukt voordat u op r (OF n) drukt. Voeg vervolgens alle gewenste tekens aan uw tekst toe door deze te selecteren zoals beschreven in stap 2, waarbij d ingedrukt wordt gehouden terwijl u op r (OF n) drukt. Druk alleen op r (OF n) nadat het laatste teken in de reeks is geselecteerd. Toetscombinaties (: () & l) et dit apparaat kunnen samengestelde tekens, bestaande uit een letter en een diakritisch teken, worden afgedrukt. De beschikbare diakritische tekens zijn ˆ,,, ` en ~. Op het bovenste deel van een aantal toetsen staan een reeks samengestelde tekens gedrukt. Tekens zoals ü, ç, en ñ kunnen worden ingevoerd met gebruik van a. Voordat u dus een samengesteld teken gaat invoeren op de hieronder beschreven wijze, dient u eerst te controleren of het teken beschikbaar is op het toetsenbord. De volgende combinaties van diakritisch teken en letter zijn beschikbaar: Diakritisch teken ˆ ogelijke combinaties a e i o u A E I O U a e i o u y A E I O U a e i o u A E I O U ` a e i o u A E I O U ~ a n o A N O Een samengesteld teken typen: 1 Druk eenmaal op a om een diakritisch teken in te voeren dat in kleur op de toets staat. De indicator Alt verschijnt. Houd h ingedrukt om een diakritisch teken in te voeren dat op het bovenste deel van een toets staat. 2 Druk op de toets (: () of l) van het gewenste diakritische teken. Het teken wordt nu in de tekst ingevoegd. 3 Druk nu op de toets van de letter waarmee u het teken wilt combineren. De letter wordt samengevoegd met het diakritisch teken en in de tekst ingevoegd. Als de letter van de toets die u indrukt niet kan worden gecombineerd met het geselecteerde teken (zie bovenstaande tabel), wordt alleen de letter in de tekst ingevoegd. Barcode-toets (d + i) De functie Streepjescode wordt gebruikt om streepjescode af te drukken op uw labels, en is een van de meest geavanceerde functies van het apparaat. 20

31 Hoofdstuk 3 Functies In dit gedeelte wordt beschreven hoe u een streepjescode in uw tekst kunt invoeren. Het is echter geen uitgebreide introductie tot het concept van streepjescode. aadpleeg een van de vele naslagwerken die hierover zijn uitgegeven voor nadere informatie over streepjescode. Het apparaat is niet specifiek voor speciale streepjescode-labels ontwikkeld, en het is daarom mogelijk dat bepaalde streepjescodelezers de labels niet kunnen lezen. Streepjescodes moeten op witte labels in zwarte inkt worden afgedrukt. et de verschillende parameters voor streepjescodes, kunnen aangepaste streepjescodes worden samengesteld. Als u de gegevens of parameters van een streepjescode die reeds aan uw tekst is toegevoegd, wilt wijzigen, plaatst u de cursor onder de rechterhelft van het streepjescodeteken ( ) voordat u r draait, en selecteert u BACODE en drukt u op r (OF houdt u d ingedrukt en drukt u op i). Als u de functie Streepjescode wilt afsluiten zonder de streepjescode aan de tekst toe te voegen, drukt u op e op elk gewenst moment (OF houdt u d ingedrukt en drukt u op i ). Parameter TYPE WIDTH (breedte van streep) Instellingen CODE 39, I-2/5, EAN13, EAN8, UPC-A, UPC-E, CODABA, EAN128, CODE128 LAGE, EDIU, SALL, EXTA SALL A B C D E F K G PAAETE H CODE 39 I O N 2 Typ de nieuwe streepjescodegegevens in of breng wijzigingen aan in de oude gegevens. Functies UNDE# (cijfers worden onder de streepjescode afgedrukt) ON, OFF De streepjescode-parameters wijzigen: 3 Druk op m. CHECK DIGIT OFF, ON De standaardinstellingen zijn als volgt:code 39 TYPE, EDIU WIDTH, UNDE# ingesteld op ON, en CHECK DIGIT ingesteld op OFF. Het is aan te raden om de parameter WIDTH voor uw streepjescodes minimaal in te stellen op SALL, aangezien de streepjescodes anders moeilijk te lezen zijn. De parameter CHECK DIGIT is alleen beschikbaar met de types CODE 39, I-2/5 en CODABA. Streepjescodegegevens invoeren: 1 Draai r tot BACODE verschijnt, en druk dan op r (OF houd d ingedrukt en druk op i) A B C D E F K G H NO 01/04 TYPE I L CODE 39 4 Druk op j of k totdat de parameter die u wilt wijzigen, verschijnt. Druk op de spatiebalk om de standaardinstelling te selecteren. U kunt op elk gewenst moment terugkeren naar de streepjescodegegevens zonder de parameters te wijzigen, door te drukken op e (OF door d ingedrukt te houden en te drukken op i). 5 Draai r (OF druk op m of g) tot de gewenste instelling verschijnt. 21

32 Hoofdstuk 3 Functies Functies 6 Herhaal stap 4 en 5 totdat alle parameters naar wens zijn ingesteld. 7 Druk op r (OF druk op n). Speciale tekens aan streepjescodes toevoegen (uitsluitend met types CODE39, CODABA, EAN128 of CODE128): 8 Druk op j of k tot de cursor onder het teken staat rechts van de plaats waar het teken moet worden ingevoegd. 9 Druk op s. 0 Draai r (OF druk op m of g) totdat het speciale teken dat u wilt invoegen, verschijnt. Zie pagina 75 voor de tabellen met speciale tekens die beschikbaar zijn. A A B C D E F K G 01/02 H L SYBOL 1 + I O N Druk op r (OF druk op n). Het geselecteerde teken wordt nu aan uw streepjescodegegevens toegevoegd. De streepjescode aan uw tekst toevoegen: B Druk op r (OF druk op n). Als u een streepjescode wilt verwijderen, plaatst u de cursor direct achter het streepjescode-teken ( ) of onder de rechterhelft van het teken, en drukt u op b (OF u plaatst de cursor onder een willekeurige helft van het streepjescode-teken ( ) en drukt op q). Wanneer het bericht OK TO CLEA? verschijnt, drukt u op n. Als u naar uw tekst wilt teruggaan zonder de streepjescode te verwijderen, drukt u op e. Euro conversie-functie (d + h) et de eenvoudige omrekenfunctie worden Euro s automatisch omgerekend in en naar elke valuta die u selecteert. Beide waarden worden aan uw tekst toegevoegd. Stel de functie in door de valuta te selecteren die u wilt omrekenen en de wijze waarop de prijzen moeten verschijnen. U kunt dan snel labels maken die zowel de prijs in Euro als de prijs in de andere valuta bevatten. Als u de functie Streepjescode wilt afsluiten zonder de streepjescode aan de tekst toe te voegen, drukt u op e op elk gewenst moment (OF houdt u d ingedrukt en drukt u op i ). De functie voor Euro-conversie instellen: 1 Draai r totdat CONVESION SETUP verschijnt, en druk dan op r (OF houd d ingedrukt en druk eenmaal op h). Het scherm CUENCY verschijnt, waarin de huidig geselecteerde instelling verschijnt. Als u naar uw tekst wilt teruggaan zonder de instellingen van de functie voor Euro-conversie te wijzigen, drukt u op e (OF u houdt d ingedrukt en drukt op h. 22

33 Hoofdstuk 3 Functies 6 Draai r (OF druk op m of g) totdat het gewenste scheidingsteken verschijnt A B C D E F K G L H CUENCY I L CHF 2 Draai r (OF druk op m of g) totdat de gewenste valuta-instelling verschijnt. De volgende valuta-instellingen zijn beschikbaar: CHF (Zwitserse frank), DKK (Deense kroon), GBP (Brits pond), NOK (Noorse kroon), SEK (Zweedse kroon), AUD (Australische dollar), CAD (Canadese dollar), HKD (Hong Kong dollar), USD (Amerikaanse dollar), JPY (Japanse yen), ANY1 (in de notatie X.XXX,XX), ANY2 (in de notatie X,XXX.XX) 3 Druk op r (OF druk op n). Het scherm ATE verschijnt. De volgende scheidingstekens zijn beschikbaar: / (voorwaartse schuine streep), SPACE, (return). 7 Druk op r (OF druk op n). Het scherm EUO verschijnt, waarin de huidig geselecteerde instelling verschijnt A B C D E F K G H EUO I L 1ST 8 Draai r (OF druk op m of g) totdat de gewenste instelling voor de afdrukvolgorde van de prijs in Euro verschijnt A B C D E F K G ATE H I = 0. U kunt kiezen uit de volgende instellingen: 1ST (de prijs in Euro wordt vóór de prijs in de andere valuta afdrukt); 2ND (de prijs in Euro wordt na de prijs in de andere valuta afgedrukt). Functies 4 Voer de wisselkoers in die moet worden gebruikt voor het omrekenen van de euro in de gewenste valuta. U kunt een waarde met maximaal 9 cijfers (exclusief de decimale komma) invoeren. Druk op, of op : (:) om de decimale komma in de waarde in te voeren. Druk op b (OF druk op q) als u een fout hebt gemaakt in de wisselkoers. 5 Druk op r (OF druk op n). Het scherm SEPAATO verschijnt, waarin de huidig geselecteerde instelling verschijnt A B C D E F K G H SEPAATO I L / 9 Druk op r (OF druk op n). Een valuta omrekenen uit of in Euro en de twee waarden aan de tekst toevoegen: 1 Houd de toets d ingedrukt en druk eenmaal op 7 (7). De huidige instelling voor valutaconversie verschijnt A B C D E F K G NO H I LEUO CHF 0. 2 Draai r (OF druk op j of k) totdat de pijl in de richting van de gewenste conversie wijst. 23

34 Hoofdstuk 3 Functies 3 Voer de waarde in die u wilt omrekenen. U kunt een waarde met maximaal 9 cijfers (exclusief de decimale komma en met maximaal twee cijfers achter de komma) invoeren. Druk op, of op : (:) om een decimale komma in de waarde in te voeren. 4 Druk op r (OF op n). De waarde wordt omgerekend, en de beide valutawaarden worden op de plaats van de cursor in de tekst ingevoegd. De valutawaarden worden in de tekst ingevoegd in de notaties die hieronder worden getoond. Valuta Notatie Euro s Tekst bewerken Backspace-toets (b) et de backspace-toets (b) kunt u tekens links van de cursor verwijderen. Deze toets verschilt van de pijltoets links (j), aangezien met deze pijltoets alleen de cursor naar links wordt verplaatst zonder de tekens links van de cursor te verwijderen. Als de cursor aan het begin van een regel of tekstblok staat wanneer op b wordt gedrukt, wordt de huidige tekstregel of het tekstblok aan de voorgaande regel of het vorige tekstblok gekoppeld. Functies CHF X XXX.XX SwF X XXX.XX DKK DKK X.XXX,XX X.XXX,XX GBP X,XXX.XX X,XXX.XX NOK Nkr X.XXX,XX X.XXX,XX SEK SEK X.XXX,XX X.XXX,XX AUD A$ X,XXX.XX X,XXX.XX CAD CA$ X,XXX.XX X,XXX.XX HKD HK$ X,XXX.XX X,XXX.XX Eén teken verwijderen: 1 Druk op j, k, m of g en zet de cursor onder het teken rechts van het teken dat u wilt verwijderen. 2 Druk eenmaal op b. Elke keer dat op b wordt gedrukt, wordt er één teken verwijderd. USD US$ X,XXX.XX X,XXX.XX JPY JP X,XXX.XX X,XXX.XX ANY1 X.XXX,XX X.XXX,XX ANY2 X,XXX.XX X,XXX.XX Een reeks tekens verwijderen: 1 Druk op j, k, m of g en zet de cursor onder het teken rechts van het teken dat u wilt verwijderen. 2 Houd b ingedrukt totdat alle gewenste tekens zijn verwijderd. Delete-toets (q) et de Delete-toets (q) kunnen de tekens boven de cursor worden verwijderd. Als u een teken verwijdert, wordt de resterende tekst aan de rechterkant één plaats naar links verschoven. Elke keer dat op q wordt gedrukt, wordt er één teken verwijderd. 24

35 Hoofdstuk 3 Functies Eén teken verwijderen: 1 Druk op j, k, m of g en zet de cursor onder het teken dat u wilt verwijderen. 2 Druk eenmaal op q. Een reeks tekens verwijderen: 1 Druk op j, k, m of g en zet de cursor onder het teken dat u wilt verwijderen. 2 Houd q ingedrukt totdat alle gewenste tekens zijn verwijderd. Tekst met opmaak wissen: 1 Houd de toets d ingedrukt en druk op b. Als u wilt teruggaan naar de tekst zonder het scherm te wissen, drukt u op e (OF houdt u d ingedrukt en drukt u op b ). Functie egel verwijderen (d + q) et de functie egel verwijderen kunt u op eenvoudige wijze een hele regel tekst verwijderen. Een regel tekst verwijderen: 1 Druk op j, k, m of g en zet de cursor op de regel met de tekst die u wilt verwijderen. 2 Houd de toets d ingedrukt en druk eenmaal op q. Elke keer dat u op q drukt terwijl u d ingedrukt houdt, wordt er één tekstregel verwijderd A B C D E F K G OK TO CLEA? H NO PTEXT&FOAT I TEXT ONLY 2 Aangezien het symbool reeds naast de optie TEXT&FOAT staat, drukt u op n. Alle tekst wordt gewist en de standaardinstellingen van de opmaakfuncties worden hersteld. Alleen de tekst wissen: 1 Houd de toets d ingedrukt en druk op b. Als u wilt teruggaan naar de tekst zonder het scherm te wissen, drukt u op e (OF houdt u d ingedrukt en drukt u op b ). 2 Druk op m of g om te verplaatsen naar de optie TEXT ONLY. Functies Functie Wissen (d + b) Als u het scherm wist voordat u nieuwe tekst gaat invoeren, kunt u met de functie Wissen kiezen of alle tekst moet worden gewist en de standaardinstellingen van de opmaakfuncties (Lettertype, Grootte, Breedte, Stijl1, Stijl2, egeleffecten, and, Uitlijning, Tekst roteren, Tapemarge, Tapelengte, Blokmarge, Bloklengte lengt en Spiegelbeeld) moeten worden hersteld, of dat alleen de tekst moet worden gewist A B C D E F K G H NO OK TO CLEA? PTEXT&FOAT I L P TEXT ONLY 3 Druk op n. De tekst wordt nu gewist, maar de opmaakopties blijven ongewijzigd. 25

36 Hoofdstuk 3 Functies Functies Opmaken Er zijn verschillende opmaakfuncties beschikbaar, waarmee u decoratieve en aangepaste labels kunt maken. et de tekenopmaakfuncties Lettertype, Grootte, Breedte, Stijl1, Stijl2, egeleffecten, and, Uitlijning en Tekst roteren, kunt het uiterlijk van de tekens wijzigen. De meeste opmaakopties kunnen op een enkele tekstregel, een enkel tekstblok, of op de gehele tekst worden toegepast. De functie oteren kan echter alleen op een enkel tekstblok of op de gehele tekst worden toegepast. Als de tekstopmaak voor een regel wordt gewijzigd en er tekst aan deze regel wordt toegevoegd, blijven de opmaakopties van kracht totdat deze weer worden gewijzigd. et de opties voor de opmaak van labels (Tapemarge, Tapelengte, Blokmarge, Bloklengte en Spiegelbeeld) kan het algemene uiterlijk van de labels worden bepaald. De functies voor labelopmaak worden op de gehele tekst toegepast. Daarnaast kan de functie Bloklengte worden toegepast op enkele tekstblokken. 2 Selecteer FONT, SIZE, WIDTH, STYLE1, STYLE2, LINE EFFECTS, FAE, ALIGNENT, T. AGIN, T. LENGTH, B. AGIN, B. LENGTH of OTATE en de gewenste instellingen, zoals beschreven op pagina 27 tot 38. De geselecteerde instelling wordt op de hele tekst toegepast. Als u naar de tekst wilt teruggaan zonder de opmaak te wijzigen, drukt u op e (OF houdt u d ingedrukt en drukt u op 1 (1) ). Functie Blokopmaak (d + 2 (2) ) et de opties in Blokopmaak kunt u het uiterlijk van elk tekstblok, dat is samengesteld met de functie Nieuw blok, op uw labels naar wens wijzigen. Op het onderstaande label wordt getoond hoe deze functies in combinatie gebruikt kunnen worden. Algemene opmaakfuncties (d + 1 (1) ) et de functie Algemene opmaak kan het uiterlijk van de hele tekst worden bepaald door de gewenste instellingen toe te passen op de tekst en vervolgens af te drukken: Lettertype, Grootte, Breedte, Stijl1, Stijl2, egeleffecten (onderstrepen/doorstrepen), anden, Uitlijning of otate. Daarnaast kan het uiterlijk van het hele label worden ingesteld door de opties Tapemarge, Tapelengte, Blokmarge en Bloklengte te wijzigen. De functie Algemene opmaak wijzigen: 1 Draai r tot GLOBAL FOAT verschijnt, en druk dan op r (OF houd d ingedrukt en druk op 1 (1) ). In dit label zijn meerdere tekstblokken gemaakt met gebruik van de functie Nieuw blok, waarbij het eerste blok een enkele regel bevat, het tweede blok 2 regels en het derde blok 1 regel. Vervolgens werden verschillende instellingen op elk van de tekstblokken toegepast met gebruik van de functies in Blokopmaak (Lettertype, Grootte, Breedte, Stijl1, Stijl2, egeleffecten (onderstrepen/doorstrepen), anden, Uitlijning, oteren en Bloklengte). Bij het opmaken van tekstblokken kunnen uitsluitend de opties voor vierkante kaders (1) en afgeronde kaders (2) worden geselecteerd in de functie anden. (Zie pagina 80 voor voorbeelden van kaders.) De Blokopmaak functies wijzigen: 1 Druk op j, k, m of g en plaats de cursor in het tekstblok waarop u een bepaalde opmaak wilt toepassen. 26

37 Hoofdstuk 3 Functies 2 Draai r tot BLOCK FOAT verschijnt, en druk dan op r (OF houd d ingedrukt en druk op 2 (2) ). 3 Selecteer FONT, SIZE, WIDTH, STYLE1, STYLE2, LINE EFFECTS, FAE, ALIGNENT, B. LENGTH of OTATE en kies de gewenste instelling, zoals beschreven op pagina 27 tot 36. De geselecteerde instelling wordt alleen toegepast op het tekstblok waarin de cursor is geplaatst. 3 Selecteer FONT, SIZE, WIDTH, STYLE1, STYLE2, LINE EFFECTS, FAE of ALIGNENT en kies de gewenste instelling, zoals beschreven op pagina 27 tot 35. De geselecteerde instelling wordt alleen toegepast op de tekstregel waarin de cursor is geplaatst. Als u naar de tekst wilt teruggaan zonder de opmaak te wijzigen, drukt u op e (OF houdt u d ingedrukt en drukt u op 3 (3) ). Als u naar de tekst wilt teruggaan zonder de opmaak te wijzigen, drukt u op e (OF houdt u d ingedrukt en drukt u op 2 (2) ). Functies egelopmaak (d + 3 (3) ) et de opties in egelopmaak kunt u een enkele tekstregel benadrukken door deze af te drukken met een van de instellingen Lettertype, Grootte, Breedte, Stijl1, Stijl2, egeleffecten (onderstrepen/doorstrepen), anden of Uitlijning, zodat de regel er anders uitziet dan de overige tekst. Bij het opmaken van een regel met egelopmaak, kan alleen de optie voor een vierkant kader (1) worden gebruikt uit de functie anden. (Zie pagina 80 voor een voorbeeld van dit kader.) Functie voor lettertypen (FONT) et de functie FONT kunt u het lettertype van uw tekst wijzigen in een van de vele beschikbare lettertypen. Zie pagina 75 voor voorbeelden van de beschikbare lettertypen. Het lettertype van de tekst op de huidige cursorpositie, wordt onder in het scherm weergegeven A B C D E F K G <<< P-touch >>> H NO I L 1:_ Letter Gothic (L. GOTHIC) is een lettertype met vaste tekenafstand (d.w.z. dat voor alle tekens dezelfde hoeveelheid ruimte wordt gebruikt), in tegenstelling tot de andere lettertypen die proportioneel zijn (elk teken neemt een andere hoeveelheid ruimte in beslag). Functies De functies in egelopmaak wijzigen: 1 Druk op j, k, m of g en plaats de cursor op de regel waarop de opmaak moet worden toegepast. 2 Draai r tot LINE FOAT verschijnt, en druk dan op r (OF houd d ingedrukt en druk op 3 (3) ). De instelling van de functie Font wijzigen: 1 Selecteer GLOBAL FOAT, BLOCK FOAT of LINE FOAT (OF houd d ingedrukt en druk op 1 (1), 2 (2) of 3 (3) ) zoals beschreven op pagina 26 tot 27. Deze stap kan worden overgeslagen als tegelijkertijd de instellingen van meerdere opmaakfuncties worden toegepast. 27

38 Hoofdstuk 3 Functies 2 Draai r totdat FONT verschijnt, en druk vervolgens op r (OF druk op j of k totdat FONT verschijnt). De instelling van de tekst op de cursorpositie wordt links in het scherm getoond, en aan de rechterkant wordt een voorbeeld van de instelling getoond A B C D E F K G H NO 01/13 FONT I L HELSINKI Functie voor tekengrootte (SIZE) et de functie Grootte kan de tekengrootte worden gewijzigd. et de instelling AUTO wordt uw tekst automatisch vergeleken met de breedte van de geïnstalleerde tape en wordt de grootst mogelijke tekengrootte gekozen. aadpleeg pagina 76 voor voorbeelden van de beschikbare lettergrootten. De grootte van de tekst op de cursorpositie wordt linksonder in het scherm getoond en tevens door de indicator rechts in het scherm. Functies 3 Draai r (OF druk op m of g) tot de gewenste instelling verschijnt. Als ***** verschijnt als de instelling, wil dit zeggen dat de functie Font reeds op de huidige tekst is toegepast (ofwel op een regel in het huidige blok als de functie Blokopmaak of Algemene opmaak wordt ingesteld, of een blok in de tekst als de functie Algemene opmaak wordt ingesteld). Als de instelling wordt gewijzigd, wordt de eerder toegepaste instelling geannuleerd. Als u de functie weer wilt instellen op de standaardinstelling (HELSINKI), drukt u op de spatiebalk. Als u naar de tekst wilt teruggaan zonder de opmaak te wijzigen, drukt u op e (OF houdt u d ingedrukt en drukt u op 1 (1), 2 (2) of 3 (3) ). 4 Druk op r (OF druk op n) om de instelling toe te passen A B C D E F K G <<< P-touch >>> H NO I L 1:_ De grootte van de tekst die kan worden afgedrukt, is afhankelijk van de breedte van de gebruikte tape. In de onderstaande tabel wordt de maximale tekstgrootte getoond voor de verschillende tapebreedten. De volgende tekstgrootten zijn niet van toepassing als de instelling voor roteren van de tekst is toegepast. Tapebreedte aximum tekstgrootte (in punten) 6 mm 12 9 mm mm mm mm mm 76 Als u r gebruikt om de instelling te selecteren, kan er slechts één functie tegelijk worden ingesteld. Als u meerdere opmaakinstellingen tegelijk wilt toepassen, drukt u op j of k om de functie te selecteren, en drukt u vervolgens op m of g om de gewenste instelling te kiezen. Druk pas op n nadat alle benodigde functies zijn ingesteld. Als de instelling AUTO is geselecteerd en de tekst in een blok slechts uit één regel in hoofdletters (zonder accenten) bestaat, die horizontaal of verticaal zijn geschreven en niet zijn ingesteld op het lettertype BEUDA, dan wordt de tekst enigszins groter afgedrukt dan de mogelijke maximale grootte. Als de puntgrootte 4 of 5 is geselecteerd, wordt de tekst afgedrukt in het lettertype BUSSELS, ongeacht welk lettertype is geselecteerd. 28

39 Hoofdstuk 3 Functies De instelling van de tekengrootte wijzigen: 1 Selecteer GLOBAL FOAT, BLOCK FOAT of LINE FOAT (OF houd d ingedrukt en druk op 1 (1), 2 (2) of 3 (3) ) zoals beschreven op pagina 26 tot 27. Deze stap kan worden overgeslagen als tegelijkertijd de instellingen van meerdere opmaakfuncties worden toegepast. 2 Draai r totdat SIZE verschijnt, en druk vervolgens op r (OF druk op j of k totdat SIZE verschijnt). De instelling van de tekst op de cursorpositie wordt links in het scherm getoond, en aan de rechterkant wordt een voorbeeld van de instelling getoond. Als u r gebruikt om de instelling te selecteren, kan er slechts één functie tegelijk worden ingesteld. Als u meerdere opmaakinstellingen tegelijk wilt toepassen, drukt u op j of k om de functie te selecteren, en drukt u vervolgens op m of g om de gewenste instelling te kiezen. Druk pas op n nadat alle benodigde functies zijn ingesteld. Functie voor breedte (WIDTH) et de functie Breedte kunt u de tekstgrootte wijzigen, zodat de tekens breder of smaller worden. Voorbeelden van de beschikbare instellingen in Breedte vindt u op pagina 76. De breedte van de tekst op de huidige cursorpositie wordt onder in het scherm weergegeven A B C D E F K G H NO 02/13 SIZE I L AUTO 3 Draai r (OF druk op m of g) tot de gewenste instelling verschijnt A B C D E F K G <<< P-touch >>> H NO I L 1:_ Functies Als ***** verschijnt als de instelling, wilt dit zeggen dat de functie Grootte reeds is toegepast op de regel in het huidige tekstblok (als Blokopmaak of Algemene opmaak wordt ingesteld) of op een blok in de huidige tekst (als Algemene opmaak wordt ingesteld). Als de instelling wordt gewijzigd, wordt de eerder toegepaste instelling geannuleerd. Als u de functie weer wilt instellen op de standaardinstelling (AUTO), drukt u op de spatiebalk. Als u naar de tekst wilt teruggaan zonder de opmaak te wijzigen, drukt u op e (OF houdt u d ingedrukt en drukt u op 1 (1), 2 (2) of 3 (3) ). 4 Druk op r (OF druk op n) om de instelling toe te passen. De breedte wijzigen met de functie Breedte: 1 Selecteer GLOBAL FOAT, BLOCK FOAT of LINE FOAT (OF houd d ingedrukt en druk op 1 (1), 2 (2) of 3 (3) ) zoals beschreven op pagina 26 tot 27. Deze stap kan worden overgeslagen als tegelijkertijd de instellingen van meerdere opmaakfuncties worden toegepast. 2 Draai r totdat WIDTH verschijnt, en druk vervolgens op r (OF druk op j of k totdat WIDTH verschijnt). De instelling van de tekst op de cursorpositie wordt links in het scherm getoond, en aan de rechterkant wordt een voorbeeld van de instelling getoond. 29

40 Hoofdstuk 3 Functies A B C D E F K G H NO 03/13 WIDTH I L NOAL 3 Draai r (OF druk op m of g) tot de gewenste instelling verschijnt. Functie Stijl1 (STYLE1) et de functie Stijl1hebt u 5 soorten opmaak ter beschikking, waarmee u uw labels aan uw eigen smaak kunt aanpassen. Zie pagina 78 voor voorbeelden van de beschikbare tekenstijlen. Als er een andere opmaak dan NOAL is geselecteerd, geven de opmaakindicators boven in het scherm aan welke opmaak is gebruikt voor de tekst op de cursorpositie. Functies Als ***** verschijnt als de instelling, wilt dit zeggen dat de functie Breedte reeds is toegepast op een regel in het huidige tekstblok (als Blokopmaak of Algemene opmaak wordt ingesteld) of op een blok in de huidige tekst (als Algemene opmaak wordt ingesteld). Als de instelling wordt gewijzigd, wordt de eerder toegepaste instelling geannuleerd. Als u de functie weer wilt instellen op de standaardinstelling (NOAL), drukt u op de spatiebalk. Als u naar de tekst wilt teruggaan zonder de opmaak te wijzigen, drukt u op e (OF houdt u d ingedrukt en drukt u op 1 (1), 2 (2) of 3 (3) ). 4 Druk op r (OF druk op n) om de instelling toe te passen A B C D E F K G <<< P-touch >>> H NO I L 1:_ De soorten tekenopmaak die beschikbaar zijn met de functie Stijl1 kunnen worden gecombineerd met de soorten tekenopmaak die beschikbaar zijn met de functie Stijl2. (Zie Functie Stijl2 (STYLE2) op pagina 31.) De instelling van de tekenopmaak wijzigen met de functie Stijl1: 1 Selecteer GLOBAL FOAT, BLOCK FOAT of LINE FOAT (OF houd d en druk op 1 (1), 2 (2) of 3 (3) ) zoals beschreven op pagina 26 tot 27. Als u r gebruikt om de instelling te selecteren, kan er slechts één functie tegelijk worden ingesteld. Als u meerdere opmaakinstellingen tegelijk wilt toepassen, drukt u op j of k om de functie te selecteren, en drukt u vervolgens op m of g om de gewenste instelling te kiezen. Druk pas op n nadat alle benodigde functies zijn ingesteld. Deze stap kan worden overgeslagen als tegelijkertijd de instellingen van meerdere opmaakfuncties worden toegepast. 2 Draai r totdat STYLE1 verschijnt, en druk vervolgens op r (OF druk op j of k totdat STYLE1 verschijnt). De instelling van de tekst op de cursorpositie wordt links in het scherm getoond, en aan de rechterkant wordt een voorbeeld van de instelling getoond A B C D E F K G H NO 04/13 STYLE1 I L NOAL 3 Draai r (OF druk op m of g) tot de gewenste instelling verschijnt. 30

41 Hoofdstuk 3 Functies Als ***** verschijnt als de instelling, wilt dit zeggen dat de functie Stijl1 reeds is toegepast op een regel in het huidige tekstblok (als Blokopmaak of Algemene opmaak wordt ingesteld) of op een blok in de huidige tekst (als Algemene opmaak wordt ingesteld). Als de instelling wordt gewijzigd, wordt de eerder toegepaste instelling geannuleerd. Als u de functie weer wilt instellen op de standaardinstelling (NOAL), drukt u op de spatiebalk. Als u naar de tekst wilt teruggaan zonder de opmaak te wijzigen, drukt u op e (OF houdt u d ingedrukt en drukt u op 1 (1), 2 (2) of 3 (3) ). 4 Druk op r (OF druk op n) om de instelling toe te passen. Als u r gebruikt om de instelling te selecteren, kan er slechts één functie tegelijk worden ingesteld. Als u meerdere opmaakinstellingen tegelijk wilt toepassen, drukt u op j of k om de functie te selecteren, en drukt u vervolgens op m of g om de gewenste instelling te kiezen. Druk pas op n nadat alle benodigde functies zijn ingesteld. Functie Stijl2 (STYLE2) et de functie Stijl2 krijgt u de beschikking over twee verdere soorten tekenopmaak: ITALIC en VETICAL. Deze stijlen kunnen worden gecombineerd met de tekststijlen die beschikbaar zijn met de functie Stijl1. (Zie Functie Stijl1 (STYLE1) op pagina 30.) Zie pagina 78 voor voorbeelden van de beschikbare tekenstijlen. Als er een andere tekenopmaak dan NOAL is geselecteerd, geven de opmaakindicators boven in het scherm aan welke tekenopmaak is gebruikt voor de tekst op de cursorpositie A B C D E F K G <<< P-touch >>> H NO I L 1:_ et de opmaak VETICAL wordt elk teken 90 linksom gedraaid en wordt de tekst verticaal over de lengte van uw labels afgedrukt. Deze functie verschilt van de functie otate (pagina 35), waarmee elk tekstblok 90 linksom wordt gedraaid en de tekst horizontaal over de lengte van de labels wordt afgedrukt. De instelling van de tekenopmaak wijzigen met de functie Stijl2: 1 Selecteer GLOBAL FOAT, BLOCK FOAT of LINE FOAT (OF houd d ingedrukt en druk op 1 (1), 2 (2) of 3 (3) ) zoals beschreven op pagina 26 tot 27. Deze stap kan worden overgeslagen als tegelijkertijd de instellingen van meerdere opmaakfuncties worden toegepast. 2 Draai r totdat STYLE2 verschijnt, en druk vervolgens op r (OF druk op j of k totdat STYLE2 verschijnt). De instelling van de tekst op de cursorpositie wordt links in het scherm getoond, en aan de rechterkant wordt een voorbeeld van de instelling getoond A B C D E F K G H NO 05/13 STYLE2 I L NOAL 3 Draai r (OF druk op m of g) tot de gewenste instelling verschijnt. Functies 31

42 Hoofdstuk 3 Functies Functies Als ***** verschijnt als de instelling, wilt dit zeggen dat de functie Stijl2 reeds is toegepast op een regel in het huidige tekstblok (als Blokopmaak of Algemene opmaak wordt ingesteld) of op een blok in de huidige tekst (als Algemene opmaak wordt ingesteld). Als de instelling wordt gewijzigd, wordt de eerder toegepaste instelling geannuleerd. Als u de functie weer wilt instellen op de standaardinstelling (NOAL), drukt u op de spatiebalk. Als u naar de tekst wilt teruggaan zonder de opmaak te wijzigen, drukt u op e (OF houdt u d ingedrukt en drukt u op 1 (1), 2 (2) of 3 (3) ). 4 Druk op r (OF druk op n) om de instelling toe te passen. Als u r gebruikt om de instelling te selecteren, kan er slechts één functie tegelijk worden ingesteld. Als u meerdere opmaakinstellingen tegelijk wilt toepassen, drukt u op j of k om de functie te selecteren, en drukt u vervolgens op m of g om de gewenste instelling te kiezen. Druk pas op n nadat alle benodigde functies zijn ingesteld A B C D E F K G <<< P-touch >>> H NO I L 1:_ De instelling van regeleffecten wijzigen met de functie egeleffecten: 1 Selecteer GLOBAL FOAT, BLOCK FOAT of LINE FOAT (OF houd d ingedrukt en druk op 1 (1), 2 (2) of 3 (3) ) zoals beschreven op pagina 26 tot 27. Deze stap kan worden overgeslagen als tegelijkertijd de instellingen van meerdere opmaakfuncties worden toegepast. 2 Draai r totdat LINE EFFECTS verschijnt, en druk vervolgens op r (OF druk op j of k totdat LINE EFFECTS verschijnt). De instelling van de tekst op de cursorpositie verschijnt links in het scherm, en aan de rechterkant verschijnt een voorbeeld van de instelling. Functie egeleffecten (LINE EFFECTS) et de functie egeleffecten kunt u delen van uw tekst onderstrepen of doorstrepen. OFF UNDELINE STIKEOUT Als er een instelling anders dan OFF is geselecteerd voor de tekst op de cursorpositie, gaat de indicator Line effects boven in het scherm branden A B C D E F K G H NO 06/13 LINE EFFECTS I L OFF 3 Draai r (OF druk op m of g) tot de gewenste instelling verschijnt. 32

43 Hoofdstuk 3 Functies Als ***** verschijnt als de instelling, wilt dit zeggen dat de functie egeleffecten reeds is toegepast op een regel in het huidige tekstblok (als Blokopmaak of Algemene opmaak wordt ingesteld) of op een blok in de huidige tekst (als Algemene opmaak wordt ingesteld). Als u de instelling wijzigt, wordt de eerder toegepaste instelling geannuleerd. Als u de functie weer wilt instellen op de standaardinstelling (OFF), drukt u op de spatiebalk. Als u naar de tekst wilt teruggaan zonder de opmaak te wijzigen, drukt u op e (OF houdt u d ingedrukt en drukt u op 1 (1), 2 (2) of 3 (3) ). 4 Druk op r (OF druk op n) om de instelling toe te passen. Als u r gebruikt om de instelling te selecteren, kunt u slechts één functie tegelijk instellen. Als u meerdere opmaakinstellingen tegelijk wilt toepassen, drukt u op j of k om de functie te selecteren, en drukt u vervolgens op m of g om de gewenste instelling te kiezen. Druk op n nadat alle benodigde functies zijn ingesteld. Functie anden (FAE) et de functie anden krijgt u de beschikking over een aantal randen en arceringen, waarmee u bepaalde delen of uw gehele tekst kunt benadrukken. Voorbeelden van de beschikbare randinstellingen vindt u op pagina 80. Als er een instelling anders dan OFF is geselecteerd voor de tekst op de cursorpositie, gaat de indicator Frame boven in het scherm branden. Aan de hand van de randen rechts van de indicator, van boven beginnend, wordt aangegeven of de randinstelling op de gehele tekst, op het blok of op de regel is toegepast A B C D E F K G <<< P-touch >>> H NO I L 1:_ De instelling van de functie anden wijzigen: 1 Selecteer GLOBAL FOAT, BLOCK FOAT of LINE FOAT (OF houd d ingedrukt en druk op 1 (1), 2 (2) of 3 (3) ) zoals beschreven op pagina 26 tot 27. Deze stap kunt u overslaan als u tegelijkertijd de instellingen van meerdere opmaakfuncties toepast. 2 Draai r totdat FAE verschijnt, en druk vervolgens op r (OF druk op j of k totdat FAE verschijnt). De instelling van de tekst op de cursorpositie verschijnt links in het scherm, en aan de rechterkant verschijnt een voorbeeld van de instelling A B C D E F K G H NO 07/13 FAE I L OFF 3 Draai r (OF druk op m of g) tot de gewenste instelling verschijnt. Functies 33

44 Hoofdstuk 3 Functies Functies Als er reeds een randinstelling op een regel in het huidige tekstblok is toegepast (als functie anden in Blokopmaak of in Algemene opmaak wordt ingesteld) of op een blok in de huidige tekst (als de functie anden in Algemene opmaak wordt ingesteld), worden alle randen toegepast en afgedrukt. Als u de functie weer wilt instellen op de standaardinstelling (OFF), drukt u op de spatiebalk. Als u naar de tekst wilt teruggaan zonder de opmaak te wijzigen, drukt u op e (OF houdt u d ingedrukt en drukt u op 1 (1), 2 (2) of 3 (3) ). 4 Druk op r (OF druk op n) om de instelling toe te passen. Als u r gebruikt om de instelling te selecteren, kunt u slechts één functie tegelijk instellen. Als u meerdere opmaakinstellingen tegelijk wilt toepassen, drukt u op j of k om de functie te selecteren, en drukt u vervolgens op m of g om de gewenste instelling te kiezen. Druk op n nadat alle benodigde functies zijn ingesteld. Functie Uitlijning (ALIGNENT) Tekst kan op vier manieren worden uitgelijnd: LEFT JUSTIFY Als daarbij de functie oteren is ingesteld op OFF, wordt de tekst tevens uitgelijnd binnen de lengte die is ingesteld met de functie Bloklengte. Als de functie oteren is ingesteld op een optie anders dan OFF, wordt de tekst binnen de breedte van de tape uitgelijnd. De uitlijning van de tekst op de cursorpositie verschijnt boven in het scherm. De instelling van de functie Uitlijning wijzigen: 1 Selecteer GLOBAL FOAT, BLOCK FOAT of LINE FOAT (OF houd d ingedrukt en druk op 1 (1), 2 (2) of 3 (3) ) zoals beschreven op pagina 26 tot A B C D E F K G <<< P-touch >>> H NO I L 1:_ Deze stap kunt u overslaan als u tegelijkertijd de instellingen van meerdere opmaakfuncties toepast. 2 Draai r totdat ALIGNENT verschijnt, en druk vervolgens op r (OF druk op j of k totdat ALIGNENT verschijnt). De instelling van de tekst op de cursorpositie verschijnt links in het scherm, en aan de rechterkant verschijnt een voorbeeld van de instelling. CENTE A B C D E F K G H NO 08/13 ALIGNENT I L LEFT IGHT 3 Draai r (OF druk op m of g) tot de gewenste instelling verschijnt. 34

45 Hoofdstuk 3 Functies Als ***** verschijnt als de instelling, wilt dit zeggen dat de functie Uitlijning reeds is toegepast op een regel in het huidige tekstblok (als Blokopmaak of Algemene opmaak wordt ingesteld) of op een blok in de huidige tekst (als Algemene opmaak wordt ingesteld). Als u de instelling wijzigt, wordt de eerder toegepaste instelling geannuleerd. Als u de functie weer wilt instellen op de standaardinstelling (LEFT), drukt u op de spatiebalk. Als u naar de tekst wilt teruggaan zonder de opmaak te wijzigen, drukt u op e (OF houdt u d ingedrukt en drukt u op 1 (1), 2 (2) of 3 (3) ). 4 Druk op r (OF druk op n) om de instelling toe te passen. Als u r gebruikt om de instelling te selecteren, kunt u slechts één functie tegelijk instellen. Als u meerdere opmaakinstellingen tegelijk wilt toepassen, drukt u op j of k om de functie te selecteren, en drukt u vervolgens op m of g om de gewenste instelling te kiezen. Druk op n nadat alle benodigde functies zijn ingesteld. Functie oteren (OTATE) Tekstblokken waarop de functie oteren is toegepast, worden 90 linksom gedraaid. Wanneer de instelling &EPEAT wordt geselecteerd, wordt de tekst herhaalde malen over de lengte van het tekstblok afgedrukt. OFF &EPEAT Als er een instelling anders dan OFF is geselecteerd voor de tekst op de cursorpositie, gaat de indicator voor Text rotation boven in het scherm branden. De instelling van de functie oteren wijzigen: 1 Selecteer GLOBAL FOAT of BLOCK FOAT (OF houd d ingedrukt en druk op 1 (1) of 2 (2) ) zoals beschreven op pagina A B C D E F K G <<< P-touch >>> H NO I L 1:_ Deze stap kan worden overgeslagen als tegelijkertijd de instellingen van meerdere opmaakfuncties worden toegepast. 2 Draai r totdat OTATE verschijnt, en druk vervolgens op r (OF druk op j of k totdat OTATE verschijnt). De instelling van de tekst op de cursorpositie wordt links in het scherm getoond, en aan de rechterkant wordt een voorbeeld van de instelling getoond A B C D E F K G H NO 13/13 OTATE I L OFF Functies ON 3 Draai r (OF druk op m of g) tot de gewenste instelling verschijnt. 35

46 Hoofdstuk 3 Functies Als ***** als instelling verschijnt, wil dit zeggen dat de functie oteren reeds is toegepast op een blok in de huidige tekst (als de functie Algemene opmaak wordt ingesteld). Als de instelling wordt gewijzigd, wordt de eerder toegepaste instelling geannuleerd. Als u de functie weer wilt instellen op de standaardinstelling (OFF), drukt u op de spatiebalk. Als u naar de tekst wilt teruggaan zonder de opmaak te wijzigen, drukt u op e (OF houdt u d ingedrukt en drukt u op 1 (1) of 2 (2) ). De instelling van de functie Tapemarge wijzigen: 1 Selecteer GLOBAL FOAT (OF houd d ingedrukt en druk op 1 (1) ) zoals beschreven op pagina 26. Deze stap kan worden overgeslagen als tegelijkertijd de instellingen van meerdere Algemene opmaak-functies worden toegepast. 2 Draai r totdat T. AGIN verschijnt, en druk dan op r (OF druk op j of k totdat T. AGIN verschijnt). De huidige instelling wordt links in het scherm weergegeven. Functies 4 Druk op r (OF druk op n) om de instelling toe te passen. Als u r gebruikt om de instelling te selecteren, kan er slechts één functie tegelijk worden ingesteld. Als u meerdere opmaakinstellingen tegelijk wilt toepassen, drukt u op j of k om de functie te selecteren, en drukt u vervolgens op m of g om de gewenste instelling te kiezen. Druk op n nadat alle benodigde functies zijn ingesteld. Functie voor tapemarge (T. AGIN) et de functie voor de tapemarge kunt u de rechter- en linkermarges van uw tekst wijzigen. Labelmarges kunnen worden ingesteld op een breedte tussen 0,2 cm en 9,9 cm. De huidige instelling van de tapemarge wordt onder in het scherm weergegeven A B C D E F K G H NO 09/13 T. AGIN I L 0,4 cm 3 Draai r (OF druk op m of g) tot de gewenste instelling wordt getoond, of typ de gewenste margebreedte met de cijfertoetsen. Als u de functie weer wilt instellen op de standaardinstelling (0,4 cm), drukt u op de spatiebalk. U kunt de instelling wijzigen in stappen van 1,0 cm door m of g ingedrukt te houden en weer los te laten wanneer de gewenste instelling is bereikt. Als u naar de tekst wilt teruggaan zonder de opmaak te wijzigen, drukt u op e (OF houdt u d ingedrukt en drukt u op 1 (1) ). 4 Druk op r (OF druk op n) om de instelling toe te passen A B C D E F K G <<< P-touch >>> H NO I L 1:_ 36

47 Hoofdstuk 3 Functies Als u r gebruikt om de instelling te selecteren, kan er slechts één functie tegelijk worden ingesteld. Als u meerdere opmaakinstellingen tegelijk wilt toepassen, drukt u op j of k om de functie te selecteren, en drukt u vervolgens op m of g om de gewenste instelling te kiezen. Druk op n nadat alle benodigde functies zijn ingesteld A B C D E F K G H NO 10/13 T. LENGTH I L AUTO 3 Draai r (OF druk op m of g) tot de gewenste instelling wordt getoond, of typ de gewenste tapelengte met de cijfertoetsen. Functie voor tapelengte (T. LENGTH) De lengte van de ingevoerde tekst wordt gewoonlijk automatisch aan het afgedrukte label aangepast, maar het kan voorkomen dat u een label van een specifieke lengte wilt maken. et de functie voor tapelengte kunt u een labellengte tussen 0,6 cm en 99,5 cm instellen. De huidige instelling van de tapelengte wordt linksonder in het scherm weergegeven A B C D E F K G <<< P-touch >>> H NO I L 1:_ De instelling van de functie voor tapelengte wijzigen: 1 Selecteer GLOBAL FOAT (OF houd d ingedrukt en druk op 1 (1) ) zoals beschreven op pagina 26. Als u de functie weer wilt instellen op de standaardinstelling (AUTO), drukt u op de spatiebalk. U kunt de instelling wijzigen in stappen van 1,0 cm door m of g ingedrukt te houden en weer los te laten wanneer de gewenste instelling is bereikt. Als u naar de tekst wilt teruggaan zonder de opmaak te wijzigen, drukt u op e (OF houdt u d ingedrukt en drukt u op 1 (1) ). 4 Druk op r (OF druk op n) om de instelling toe te passen. Als u r gebruikt om de instelling te selecteren, kan er slechts één functie tegelijk worden ingesteld. Als u meerdere opmaakinstellingen tegelijk wilt toepassen, drukt u op j of k om de functie te selecteren, en drukt u vervolgens op m of g om de gewenste instelling te kiezen. Druk op n nadat alle benodigde functies zijn ingesteld. Functies Deze stap kan worden overgeslagen als tegelijkertijd de instellingen van meerdere Algemene opmaak-functies worden toegepast. 2 Draai r totdat T. LENGTH verschijnt, en druk dan op r (OF druk op j of k totdat T. LENGTH verschijnt). De huidige instelling wordt links in het scherm weergegeven. 37

48 Hoofdstuk 3 Functies Functies Functie voor de blokmarge (B. AGIN) De breedte van de marges tussen tekstblokken kan worden ingesteld op een breedte van 0,0 cm tot 30,0 cm. De linker- en rechtermarge van elk tekstblok wordt dan ingesteld op de opgegeven instelling. Als de instelling AUTO is geselecteerd, wordt een blokmarge van 0,0 cm gebruikt als er één tekstblok is gemaakt, of 0,3 cm als er meerdere tekstblokken zijn gemaakt. De instelling van de functie voor de blokmarge wijzigen: 1 Selecteer GLOBAL FOAT (OF houd d ingedrukt en druk op 1 (1) ) zoals beschreven op pagina 26. Deze stap kan worden overgeslagen als tegelijkertijd de instellingen van meerdere opmaakfuncties worden toegepast. 2 Draai r totdat B. AGIN verschijnt, en druk dan op r (OF druk op j of k totdat B. AGIN verschijnt). De huidige instelling wordt links in het scherm weergegeven. Als u de functie weer wilt instellen op de standaardinstelling (AUTO), drukt u op de spatiebalk. U kunt de instelling wijzigen in stappen van 1,0 cm door m of g ingedrukt te houden en weer los te laten wanneer de gewenste instelling is bereikt. Als u naar de tekst wilt teruggaan zonder de opmaak te wijzigen, drukt u op e (OF houdt u d ingedrukt en drukt u op 1 (1) ). 4 Druk op r (OF druk op n) om de instelling toe te passen. Als u r gebruikt om de instelling te selecteren, kan er slechts één functie tegelijk worden ingesteld. Als u meerdere opmaakinstellingen tegelijk wilt toepassen, drukt u op j of k om de functie te selecteren, en drukt u vervolgens op m of g om de gewenste instelling te kiezen. Druk op n nadat alle benodigde functies zijn ingesteld A B C D E F K G H NO 11/13 B. AGIN I L AUTO 3 Draai r (OF druk op m of g) tot de gewenste instelling wordt getoond, of typ de gewenste blokmarge met de cijfertoetsen. Functie Bloklengte (B. LENGTH) Gewoonlijk wordt de lengte van elk tekstblok automatisch aan de lengte van de ingevoerde tekst aangepast. et de functie voor bloklengte kunt u echter elk tekstblok instellen op een lengte tussen 0,6 cm en 99,5 cm. De instelling van de functie voor bloklengte wijzigen: 1 Selecteer GLOBAL FOAT of BLOCK FOAT (OF houd d ingedrukt en druk op 1 (1) of 2 (2) ) zoals beschreven op pagina 26 tot 27 Deze stap kan worden overgeslagen als tegelijkertijd de instellingen van meerdere opmaakfuncties worden toegepast. 38

49 Hoofdstuk 3 Functies 2 Draai r totdat B. LENGTH verschijnt, en druk dan op r (OF druk op j of k totdat B. LENGTH verschijnt). De huidige instelling wordt links in het scherm weergegeven A B C D E F K G H NO 12/13 B. LENGTH I L AUTO 3 Draai r (OF druk op m of g) tot de gewenste instelling wordt getoond, of typ de gewenste bloklengte met de cijfertoetsen. Functie voor afdrukken in spiegelbeeld (d + p) et deze functie worden labels zo afgedrukt dat de tekst leesbaar is vanaf de kleefzijde van de tape. Wanneer deze labels op glas of ander transparant materiaal worden aangebracht, is de tekst dus leesbaar vanaf de andere kant van het label. Wanneer gebruik wordt gemaakt van de spiegelbeeldfunctie, dient transparante tape te worden gebruikt. Als u de functie weer wilt instellen op de standaardinstelling (AUTO), drukt u op de spatiebalk. U kunt de instelling wijzigen in stappen van 1,0 cm door m of g ingedrukt te houden en weer los te laten wanneer de gewenste instelling is bereikt. Als u naar de tekst wilt teruggaan zonder de opmaak te wijzigen, drukt u op e (OF houdt u d ingedrukt en drukt u op 1 (1) of 2 (2) ). 4 Druk op r (OF druk op n) om de instelling toe te passen. OFF ON Als de instelling ON is geselecteerd, gaat de indicator irror printing boven in het scherm branden A B C D E F K G <<< P-touch >>> H NO I L 1:_ Functies Als u r gebruikt om de instelling te selecteren, kan er slechts één functie tegelijk worden ingesteld. Als u meerdere opmaakinstellingen tegelijk wilt toepassen, drukt u op j of k om de functie te selecteren, en drukt u vervolgens op m of g om de gewenste instelling te kiezen. Druk op n nadat alle benodigde functies zijn ingesteld. Tekst afdrukken in spiegelbeeld: 1 Draai r totdat IO verschijnt, en druk vervolgens op r (OF houd d ingedrukt en druk op p) A B C D E F K G H NO IO I L OFF 2 Draai r (OF druk op m of g) tot de gewenste instelling verschijnt. 39

50 Hoofdstuk 3 Functies Functies Als u de functie weer wilt instellen op de standaardinstelling (OFF), drukt u op de spatiebalk. Als u naar de tekst wilt teruggaan zonder de opmaak te wijzigen, drukt u op e (OF houdt u d ingedrukt en drukt u op p). 3 Druk op r (OF druk op n) om de instelling toe te passen. Functie voor stempelsjablonen (d + S) et de functie voor stempelsjablonen kunt u op snelle en gemakkelijke wijze uw eigen stempelfilms maken voor chemisch etsen. Nadat u een stempelfilmcassette in het apparaat hebt geplaatst, selecteert u deze functie en past u de tekst aan op de dikte van de voorgevulde stempelhouders. Aangezien de stempelhouders vele malen bruikbaar zijn, kunt u dus gewoon een nieuwe stempelsjabloon maken en de stempel in de houder hiermee vervangen. Als u de functie weer wilt instellen op de standaardinstelling (OFF), drukt u op de spatiebalk. Als u naar uw tekst wilt teruggaan zonder de instelling voor de de stempelfunctie te wijzigen, drukt u op e (OF houdt u d ingedrukt en drukt u op S). 4 Druk op r (OF druk op n). Als de instelling ON is geselecteerd, wordt de resolutie automatisch ingesteld voor stempels. 5 Druk op p om de tekst uit de stempelfilm te snijden. 6 Wanneer de stempelfilm is afgesneden, verwijdert u de beschermlaag van de achterkant en brengt u de sjabloon aan op het inktblok van de stempelhouder. De functie voor automatische opmaak (d + 6 (6) ) Een stempel maken: 1 Voer de tekst in en plaats een middelmatige (18 mm breed) of grote (24 mm breed) stempelfilmcassette. 2 Houd d ingedrukt en druk op S A B C D E F K G H NO STAP ODE I L OFF Als u met deze functie een stempel maakt, dient u de functie Tapelengte te gebruiken en een linker- en rechtermarge van 25 mm voor uw label te selecteren. 3 Draai r (OF druk op m of g) tot de gewenste instelling verschijnt. et de functie Automatische opmaak kunt u op snelle en gemakkelijke wijze uiteenlopende labels en stempels maken. U selecteert eerst een van de vooraf gemaakt opmaaksjablonen en voert dan uw tekst in elk van de velden in. De algemene stijl van uw label kan op eenvoudige wijze worden veranderd door een van de zes opmaakstijlen te selecteren. Uw label is dan meteen klaar om te worden afgedrukt. et de vele beschikbare sjablonen kunnen labels en stempels voor uiteenlopende doeleinden worden gemaakt, voor het adresseren van enveloppen tot het identificeren van diskettes of audio- of videocassettes. De breedte en lengte van elk label of elke stempel, is ingesteld in de sjabloon. aadpleeg pagina 81 t/m83 voor voorbeelden van de beschikbare sjablonen. Als de tekst eenmaal is ingevoerd, kan er nog altijd een andere stijl worden geselecteerd. aadpleeg pagina 84 voor voorbeelden van de beschikbare opmaakstijlen. 40

51 Hoofdstuk 3 Functies Een vooraf ingestelde opmaaksjabloon selecteren: 1 Draai r tot AUTO FOAT verschijnt, en druk dan op r (OF houd d ingedrukt en druk op 6 (6) ). De sjabloon die u het laatst hebt gebruikt, wordt eerst weergegeven. Als deze sjabloon wordt geselecteerd, verschijnt de tekst die u tijdens het laatste gebruik hebt ingevoerd. Een Automatische opmaak sjabloon die in het geheugen is opgeslagen, kan te allen tijde weer worden geopend en gebruikt. eer informatie over het openen van opgeslagen Automatische opmaak sjablonen vindt u op pagina A B C D E F K L G AUTO FOAT H 1NAE? I _ J HELSINKI A 18P Tekst in de sjabloon invoeren: 4 Voer de tekst in elk van de velden in en druk vervolgens op r (OF druk op n). Wanneer op r (OF n) wordt gedrukt nadat de tekst in het laatste veld is ingevoerd, verschijnt het scherm ENU op uw scherm A B C D E F K G L 1: H ADDESS-1 I mm J HELSINKI A AUTO 2 Draai r (OF druk op m of g) totdat de naam van de gewenste sjabloon verschijnt. Als u de standaardinstelling (ADDESS-1) wilt selecteren, drukt u op de spatiebalk. 3 Druk op r (OF druk op n). Het eerste veld van de geselecteerde sjabloon verschijnt. Als u een ander veld wilt selecteren, draait u aan r (OF drukt u op m of g) totdat het gewenste veld verschijnt. Als u een andere sjabloon wilt selecteren, drukt u op e, draai r (OF drukt u op m of g) totdat naast CANCEL EDITING? staat, en drukt u op r (OF druk op n). Als u op g drukt wanneer het laatste veld verschijnt, verschijnt het eerste veld weer. Als u op n drukt wanneer het laatste veld verschijnt, verschijnt het scherm ENU. Als u wilt teruggaan naar het eerste veld wanneer het scherm ENU verschijnt, drukt u op e. Tekens met accenten (pagina 19 tot 20), symbolen (pagina 18), streepjescodes (pagina 20), tijdstempels (raadpleeg de gids Geavanceerde functies.) en door de gebruiker gedefinieerde tekens (raadpleeg de gids Geavanceerde functies.), kunnen ook in de velden worden ingevoerd. Elke automatische opmaaksjabloon kan in het geheugen worden opgeslagen en later weer worden gebruikt. eer informatie over het opslaan van deze sjablonen vindt u op pagina 48. Druk op p als u het label meteen wilt afdrukken. Functies A B C D E F K G 01/04 H ENU P I L PINT P FINISH 41

52 Hoofdstuk 3 Functies De stijl van uw tekst wijzigen: 5 Draai r (OF druk op m of g) totdat de naast CHANGE STYLE komt te staan A B C D E F K G 04/04 CONTINUE H ENU P I L CHANGE STYLE P 0 Druk op r (OF druk op n) om het label af te drukken. Wanneer het label wordt afgedrukt, verschijnt het bericht COPIES 1/ 1 in het scherm. Het scherm ENU verschijnt weer in uw scherm. Tekst in de sjabloon wijzigen: A Draai r (OF druk op m of g) totdat de naast CONTINUE komt te staan. Functies 6 Druk op r (OF druk op n) A B C D E F K G H NO I L CHA. STYLE ITALIC 7 Draai r (OF druk op m of g) totdat de naam van de gewenste opmaakstijl verschijnt. echts in het scherm verschijnt een voorbeeld van de gekozen opmaak. De standaardinstelling (OIGINAL) wordt geselecteerd door op de spatiebalk te drukken. 8 Druk op r (OF druk op n). Het scherm ENU verschijnt weer in uw scherm. Als u de sjabloon met tekst in een specifieke tekenstijl wilt opslaan, voert u eerst de tekst in elk van de velden in en selecteert u de gewenste stijl voordat u de sjabloon opslaat. Een label met de geselecteerde sjabloon afdrukken: 9 Draai r (OF druk op m of g) totdat de naast PINT komt te staan. Alvorens een sjabloon met automatische opmaak te kunnen afdrukken, moet eerst een TZe-tapecassette van de opgegeven tapebreedte worden geplaatst. B C Druk op r (OF druk op n). Het eerste veld van de geselecteerde sjabloon verschijnt. Herhaal stap 4 totdat alle tekst naar wens is gewijzigd. Het scherm ENU verschijnt weer wanneer op r (OF op n) wordt gedrukt nadat het laatste veld in de sjabloon is gewijzigd. De functie Automatische opmaak beëindigen: D Draai r (OF druk op m of g) totdat de naast FINISH komt te staan. E F A B C D E F K G 03/04 FINISH H ENU P I L CONTINUE P CHANGE STYLE A B C D E F K G 02/04 PINT H ENU P I L FINISH P CONTINUE Druk op r (OF druk op n). Het bericht OK TO FINISH AUTO FOAT? verschijnt in het scherm. Druk op r (OF druk op n). De tekst die werd weergegeven voordat de functie Automatische opmaak werd gebruikt, verschijnt nu weer in het scherm A B C D E F K G 01/04 H ENU P I L PINT P FINISH 42

53 Hoofdstuk 3 Functies De sjabloon die u het laatst hebt gebruikt, wordt eerst weergegeven. Als deze sjabloon wordt geselecteerd, verschijnt de tekst die u tijdens het laatste gebruik hebt ingevoerd. Een automatische opmaaksjabloon die in het geheugen is opgeslagen, kan te allen tijde weer worden geopend en gebruikt. eer informatie over het openen van opgeslagen automatische opmaaksjablonen vindt u op pagina 49. U kunt op elk gewenst moment de functie Automatische opmaak afsluiten zonder een sjabloon te gebruiken door d ingedrukt te houden en te drukken op 6 (6). De Half Cutter is uitsluitend geschikt voor gebruik met gelamineerde tape. Afdrukken Functie Lay-utvoorbeeld (d + 9 (9) ) et de functie Lay-outvoorbeeld krijgt u een beeld van de indeling van uw tekst binnen de breedte van de geplaatste tape. De lengte van het huidige label wordt linksonder in het scherm aangegeven. Een afdrukvoorbeeld van uw label weergeven: Draai r tot LAYOUT PEVIEW verschijnt, en druk dan op r (OF houd d ingedrukt en druk op 9 (9) ). U kunt uw label op en neer schuiven door te draaien aan r (OF door te drukken op j of k). U kunt op elk gewenst moment terugkeren naar Functies uw tekst door te drukken op e (OF d ingedrukt te houden en te drukken op 9 (9) ) A B C D E F K G H NO I L J HELSINKI A AUTO 43

54 Hoofdstuk 3 Functies Functies Functie voor automatisch snijden (d + f) Elke instelling van de functie Automatisch afsnijden bestaat uit drie instellingen voor drie verschillende snijmethoden: full cut (volledig afsnijden, waarmee uw label helemaal wordt afgesneden), half cut (half afsnijden, hetgeen wordt gebruik voor gelamineerde tape en waarbij de beschermlaag niet wordt afgesneden zodat deze laag gemakkelijker van de labels kan worden verwijderd), en chain printing (kettingdruk, waarbij het laatste exemplaar niet wordt afgesneden om de hoeveelheid tape dat verloren gaat te beperken). Chain printing (kettingdruk) is een functie voor economisch gebruik van tape, waarmee er geen tape verloren gaat aan het begin van de labels. Gewoonlijk ging het restant van de tape van de voorgaande printsessie verloren voordat het eerste label van de volgende reeks werd afgedrukt. Indien u echter een instelling van de functie Automatisch afsnijden gebruikt met een kettingdruk, blijft het laatste label van de vorige sessie in het apparaat (wordt niet uitgevoerd), zodat het eerste label van de volgende reeks hier meteen op volgt en er geen tape verloren gaat. Als het laatste label eenmaal is afgedrukt, drukt u op f om de labelketen uit te voeren en af te snijden. Bij het instellen van 1, 2, 3 of 4 gaat de indicator Auto Cut branden in de rechterbovenhoek van het scherm, om aan te geven dat de labels pas worden afgesneden nadat het laatste label van de laatste reeks is afgedrukt A B C D E F K G <<< P-touch >>> H NO I L 1:_ 1 (zowel volledig als half afsnijden -geen kettingdruk) 2 (alleen volledig afsnijden - niet half afsnijden en geen kettingdruk) 3 (alleen half afsnijden-niet volledig afsnijden en geen kettingdruk) 4 (niet volledig of half afsnijden en geen kettingdruk) 5 (volledig en half afsnijden en kettingdruk) 6 (volledig afsnijden en kettingdruk-niet half afsnijden) 7 (half afsnijden en kettingdruk-niet volledig afsnijden) 8 (kettingdruk -niet volledig of half afsnijden) Als u hebt afgedrukt met de instelling 5, 6, 7 of 8, drukt u op f om de tape uit te voeren en snijdt u de tape af. Deze functie kunt u ook opgeven met de P-touch Editor 3.2 software. De instellingen voor de functie Automatisch afsnijden wijzigen: 1 Draai r totdat AUTO CUT verschijnt, en druk dan op r (OF houd d ingedrukt en druk op f). Wanneer 5, 6, 7 of 8 wordt geselecteerd, gaat de indicator Auto Cut niet branden A B C D E F K G H NO I L A. CUT 1 J HELSINKI A AUTO 44

55 Hoofdstuk 3 Functies 2 Draai r (OF druk op m of g) tot de gewenste instelling verschijnt. De huidige instelling wordt links in het scherm weergegeven en er verschijnt een voorbeeld aan de rechterkant. Als u de functie weer wilt instellen op de standaardinstelling (1), drukt u op de spatiebalk. Als u naar uw tekst wilt teruggaan zonder de instelling voor de functie Automatisch afsnijden te wijzigen, drukt u op e (OF houdt u d ingedrukt en drukt u op f). 3 Druk op r (of op n) om de instelling toe te passen. Print-toets (p) Als u uw tekst eenmaal hebt ingevoerd en alle opmaakinstellingen hebt geselecteerd, kunt u het label afdrukken. Een label afdrukken: Druk op p. Tijdens het afdrukken verschijnt het bericht COPIES, gevolgd door het aantal exemplaren dat van het label wordt afgedrukt. Als u hebt afgedrukt met de functie Automatisch afsnijden ingesteld op 5, 6, 7 of 8, drukt u op f om de tape uit te voeren, en snijdt u de tape af. Tape 26 mm uitvoeren en automatisch afsnijden: Druk op f. Het bericht FEED verschijnt. Functie voor herhaald afdrukken (d + 4 (4) ) et deze functie kunt u maximaal 999 exemplaren van dezelfde tekst afdrukken. eerdere exemplaren van een label afdrukken: 1 Draai r totdat EPEAT verschijnt, en druk dan op r (OF houd d ingedrukt en druk op 4 (4) ). Functies U kunt het afdrukken op elk moment onderbreken door te drukken op e A B C D E F K G COPIES H L I L 1 J HELSINKI A AUTO A B C D E F K G COPIES H NO I L 1/1 J HELSINKI A AUTO Toets voor label uitvoerenen afsnijden (f) Druk op deze toets om het restant afgedrukte tape uit te voeren nadat u op e hebt gedrukt om het afdrukken te beëindigen. 2 Draai r (OF druk op m of g) tot de gewenste instelling wordt getoond, of typ het gewenste aantal met de cijfertoetsen. Als u de standaardinstelling wilt selecteren (1), drukt u op de spatiebalk. Als u de instelling in stappen van 5 wilt wijzigen, houdt u m of g ingedrukt en laat u de toets weer los wanneer de gewenste instelling verschijnt. Als u de functie Herhaald afdrukken wilt beëindigen, drukt u op e (OF houdt u d ingedrukt en drukt u op 4 (4) ). 45

56 Hoofdstuk 3 Functies 3 Druk op r (of druk op n) om het ingestelde aantal exemplaren te gaan afdrukken. Het aantal van elk exemplaar verschijnt wanneer het wordt afgedrukt. Als u hebt afgedrukt met de functie Automatisch afsnijden ingesteld op 5, 6, 7 of 8, drukt u op f om de tape uit te voeren, en snijdt u de tape af. Nummeringsfunctie (d + 5 (5) ) U kunt slechts één nummeringsveld selecteren in een tekst. Als u een niet alfanumeriek teken, zoals een symbool, selecteert in het nummeringsveld, worden de tekens en cijfers in het nummeringsveld alleen verhoogd wanneer de labels worden afgedrukt, of wordt er slechts één label afgedrukt als het veld alleen een niet alfanumeriek teken bevat. Als een streepjescode als nummeringsveld is geselecteerd, worden alleen de cijfers in de streepjescodegegevens verhoogd. Functies et gebruik van de nummeringsfunctie kunnen vele exemplaren van een label met dezelfde tekst worden afgedrukt, waarbij bepaalde tekens (letters, cijfers, of streepjescodegegevens) op elk label op- of aflopend worden verhoogd/verlaagd. Dit type automatische nummering is uiterst nuttig bij het afdrukken van labels met serienummers, labels voor productiecontroles of andere labels met op- of aflopende codes. Letters en nummers worden verhoogd zoals hieronder getoond: A B...Z A... a b...z a... A0 A1...A9 B0... et gebruik van spaties (getoond als onderstreping _ in het onderstaande voorbeeld) wordt de ruimte tussen tekens aangepast of het aantal cijfers bepaald dat wordt afgedrukt: _Z AA...ZZ _A... _ _0... 1_9 2_0...9_ Labels afdrukken met de functie voor nummering: 1 Draai r totdat NUBE verschijnt, en druk dan op r (OF houd d ingedrukt en druk op 5 (5) ). Het bericht SET STAT POINT verschijnt. 2 Draai r (OF druk op m, g, j of k) totdat het eerst teken dat u in het nummeringsveld wilt opnemen, knippert. Als u de functie voor nummering wilt afsluiten, drukt u op e (OF houdt u d ingedrukt en drukt u op 5 (5) ) A B C D E F K G SET STAT POINT H NO I L 1:STUDIO Druk op r (OF druk op n). Het bericht SET END POINT verschijnt. Als u een streepjescode hebt geselecteerd in stap 2, wordt deze stap overgeslagen. Een nummeringsveld moet altijd in zijn geheel op één regel tekst of in een enkel tekstblok staan. U kunt maximaal vijf tekens selecteren voor het nummeringsveld. 46

57 Hoofdstuk 3 Functies A B C D E F K G SET END POINT H NO I L 1:STUDIO Druk op r (OF druk op n). Het scherm NUBE verschijnt A B C D E F K G NUBE H L 1 I J HELSINKI A AUTO 5 Draai r (OF druk op m of g) tot de gewenste instelling wordt getoond, of typ het gewenste aantal exemplaren met de cijfertoetsen. Als u de standaardinstelling wilt selecteren (1), drukt u op de spatiebalk. Als u de instelling in stappen van 5 wilt wijzigen, houdt u m of g ingedrukt en laat u de toets weer los wanneer de gewenste instelling verschijnt. 6 Druk op r (OF druk op n) om te beginnen met het afdrukken van de reeks labels. Het nummer van elk exemplaar verschijnt wanneer het wordt afgedrukt. Als u hebt afgedrukt met de functie Automatisch afsnijden ingesteld op 5, 6, 7 of 8, drukt u op f om de tape uit te voeren, en snijdt u de tape af. Bestanden opslaan en binnenhalen Geheugenfuncties (d + 8 (8) ) Tekst die u regelmatig gebruikt en automatische opmaaksjablonen, kunnen in het geheugen worden opgeslagen. Deze tekst- en sjabloonbestanden blijven in het geheugen aanwezig, ook wanneer alle tekens op het scherm zijn gewist met gebruik van de functie Wissen (d ingedrukt houden en drukken op b). Elk bestand dat wordt opgeslagen, krijgt een nummer; u kunt ook een naam aan uw bestanden geven, zodat ze gemakkelijker te vinden zijn. Er kunnen maximaal 100 bestanden, of circa tekens, worden opgeslagen in het geheugen. Alle functies Algemene opmaak, Blokopmaak en egelopmaak (Lettertype, Grootte, Breedte, Opmaak, egeleffecten, anden, Uitlijning en oteren, Tapemarge, Tapelengte, Blokmarge, Bloklengte) die u opgeeft worden ook opgeslagen met de tekst. Wanneer het opgeslagen bestand wordt geopend met de functie Oproepen, wordt er een kopie van het oorspronkelijke bestand geopend. Dit betekent dus, dat de tekst hierin kan worden gewijzigd of afgedrukt zonder dat het oorspronkelijk opgeslagen bestand wordt gewijzigd. De functie Opslaan kan worden gebruikt om het eerder opgeslagen bestand te vervangen door het nieuwe, gewijzigde bestand. Als u het opgeslagen bestand niet meer nodig hebt of als u ruimte wilt vrijmaken in het geheugen, kunt u de functie Geheugen wissen gebruiken om het bestand te verwijderen. et de functie Geheugen afdrukken kan een enkel bestand of kunnen meerdere bestanden, die in het geheugen is/zijn opgeslagen, snel worden geselecteerd en afgedrukt. Functies 47

58 Hoofdstuk 3 Functies Voor een tekstbestand: Sjablonen uit de functie Automatische opmaak kunnen ook worden opgeslagen terwijl de sjabloon is geselecteerd, wanneer tekst in de sjabloon wordt ingevoerd of wanneer het scherm ENU verschijnt. Als u de sjabloon met tekst in een specifieke tekenstijl wilt opslaan, voert u eerst de tekst in elk van de velden in en selecteert u de gewenste stijl voordat u de sjabloon opslaat A B C D E F K G H L STOE FILE[00:_ ] I Voor een automatische opmaaksjabloon: Functies Tekst en automatische opmaaksjablonen opslaan Een tekstbestand opslaan: 1 Draai r totdat EOY verschijnt, en druk dan op r (OF houd d ingedrukt en druk op 8 (8) ). Het scherm EOY verschijnt A B C D E F K G 01/04 H EOY P I L STOE P ECALL A B C D E F K G H L STOE TZ[00:_ ] I 4 Draai r (OF druk op m of g) totdat het bestandsnummer waar u de tekst wilt opslaan, verschijnt. Bestandsnummers die niet knipperen, bevatten reeds een tekstbestand. 5 Voer de gewenste bestandsnaam in. Voor een tekstbestand: 2 Draai r (OF druk op m of g) totdat de naast STOE komt te staan. 3 Druk op r (OF druk op n). Het scherm STOE verschijnt in uw scherm, met het huidig geselecteerde bestandsnummer. Tevens wordt het bestandstype weergegeven: FILE (voor normale tekstbestanden) of TZ (voor Automatische opmaaksjablonen). Als het maximum aantal tekens in het geheugen reeds is bereikt, verschijnt het foutbericht EOY FULL! in het scherm. In dit geval dient u eerst een van de opgeslagen tekstbestanden te verwijderen voordat u het nieuwe bestand kunt opslaan. Als u de functie Opslaan wilt afsluiten zonder de tekst op te slaan, drukt u op e (OF houdt u d ingedrukt en drukt u op 8 (8) ) A B C D E F K G H L STOE FILE[01:NAETAG_] I Voor een automatische opmaaksjabloon: A B C D E F K G STOE H L TZ[01:ADDESS_ ] I De bestandsnaam kan uit maximaal 8 tekens bestaan en kan letters, cijfers, symbolen, spaties en tekens met accenten bevatten. 6 Druk op r (OF druk op n). De tekst wordt onder het geselecteerde bestandsnummer opgeslagen, en de tekst die voorheen op het scherm werd getoond, verschijnt nu weer. 48

59 Hoofdstuk 3 Functies Als er reeds een bestand onder het geselecteerde bestandnummer is opgeslagen, verschijnt het bericht OVEWITE? en dient u te beslissen of u het bestaande bestand wilt overschrijven (m.a.w. uit het geheugen wilt verwijderen). Een opgeslagen bestand vervangen door een nieuw bestand: Druk op n om het eerder opgeslagen bestand te verwijderen en het nieuwe bestand onder het geselecteerde nummer op te slaan. Als u wilt teruggaan om een ander bestandnummer te selecteren, zodat het bestaande bestand niet wordt vervangen, drukt u op e en selecteert u een ander bestandsnummer. Als u de functie Oproepen wilt afsluiten zonder de tekst binnen te halen, drukt u op e (OF houdt u d ingedrukt en drukt u op 8 (8) ). Voor een tekstbestand: A B C D E F K G ECALL H L FILE[00:NAETAG ] I O. Becker ABC Tran Voor een automatische opmaaksjabloon: A B C D E F K G ECALL 18 mm H L 00TZ[00:VIDEO ] I S FAVOITE SONGS Opgeslagen tekst en automatische opmaaksjablonen binnenhalen Een opgeslagen bestand binnenhalen: 1 Draai r totdat EOY verschijnt, en druk dan op r (OF houd d ingedrukt en druk op 8 (8) ). Het scherm EOY verschijnt. Een automatische opmaaksjabloon dat in het geheugen is opgeslagen, kan worden binnengehaald wanneer u wordt gevraagd een sjabloon te selecteren in de functie Automatische opmaak. 2 Draai r (OF druk op m of g) totdat de naast ECALL komt te staan A B C D E F K G 02/04 STOE H EOY P I L ECALL P CLEA 4 Draai r (OF druk op m of g) totdat het bestandsnummer dat de tekst bevat die u wilt binnenhalen, verschijnt. De bestandsnaam wordt naast het bestandsnummer weergegeven, en de tekst die in het huidige bestandsnummer is opgeslagen verschijnt onder in uw scherm. Als u andere delen van het geselecteerde tekstbestand wilt zien, drukt u op j of k. Automatische opmaaksjabloonbestanden met dezelfde tapebreedte worden gegroepeerd weergegeven. 5 Druk op r (OF druk op n). Alle tekst die eerder in het scherm is ingevoerd wordt nu gewist en de tekst die onder het geselecteerde bestandsnummer is opgeslagen verschijnt. Functies 3 Druk op r (OF druk op n). Het scherm ECALL verschijnt in uw scherm, met het huidig geselecteerde bestandsnummer.. 49

60 Hoofdstuk 3 Functies Een bestand verwijderen Een opgeslagen bestand uit het geheugen verwijderen: 1 Draai r totdat EOY verschijnt, en druk dan op r (OF houd d ingedrukt en druk op 8 (8) ). Het scherm EOY verschijnt. Een automatische opmaaksjabloon die in het geheugen is opgeslagen, kan worden verwijderd door d ingedrukt te houden en te drukken op 8 (8) in de functie Automatische opmaak. 2 Draai r (OF druk op m of g) totdat de naast CLEA komt te staan. 4 Draai r (OF druk op m of g) totdat het bestandsnummer dat de tekst bevat die u wilt verwijderen, verschijnt. De bestandsnaam wordt naast het bestandsnummer weergegeven, en de tekst die is opgeslagen in het geselecteerde bestandsnummer verschijnt onder in uw scherm. Als u andere delen van het geselecteerde tekstbestand wilt zien, drukt u op j of k. Automatische opmaaksjabloonbestanden met dezelfde tapebreedte worden gegroepeerd weergegeven. 5 Druk op de spatiebalk, zodat rechts van de bestandsnaam komt te staan. Voor een tekstbestand: Functies A B C D E F K G 03/04 ECALL H EOY P I L CLEA P PINT 3 Druk op r (OF druk op n). Het scherm CLEA verschijnt in uw scherm, met het huidig geselecteerde bestandsnummer. Als u de functie Geheugen wissen wilt afsluiten zonder de tekst te wissen, drukt u op e (OF houdt u d ingedrukt en drukt u op 8 (8) ). Voor een tekstbestand: A B C D E F K G CLEA H L FILE[00:NAETAG ] P I O. Becker ABC Tran Voor een automatische opmaaksjabloon: A B C D E F K G H L CLEA 18 mm 00TZ[00:VIDEO ] P I S FAVOITE SONGS 6 Herhaal stap 4 en 5 totdat naast alle bestanden die u wilt verwijderen staat. Alle bestanden die zijn gemarkeerd met worden verwijderd A B C D E F K G CLEA H L FILE[00:NAETAG ] I O. Becker ABC Tran Voor een automatische opmaaksjabloon: A B C D E F K G CLEA 18 mm H L 00TZ[00:VIDEO ] I S FAVOITE SONGS Als u meerdere bestanden tegelijk wilt verwijderen, volgt u stap 5 en 6 om de gewenste bestanden te markeren met. Als u slechts één bestand wilt verwijderen, kunt u stap 5 en 6 overslaan. Als u alle bestanden in het geheugen wilt selecteren, houdt u d ingedrukt en drukt u op de spatiebalk. Als u een bestand foutief hebt gemarkeerd om te verwijderen, selecteert u het bestand en drukt u op de spatiebalk om de markering aan de rechterkant van de bestandsnaam te verwijderen. 50

61 Hoofdstuk 3 Functies 7 Druk op r (OF druk op n). Het bericht OK TO CLEA? verschijnt. Als alle opgeslagen bestanden zijn geselecteerd, verschijnt het bericht CLEA ALL?. Als u de functie Geheugen afdrukken wilt afsluiten zonder de tekst af te drukken, drukt u op e (OF houdt u d ingedrukt en drukt u op 8 (8) ) A B C D E F K G OK TO CLEA? H I A B C D E F K G PINT H L FILE[00:NAETAG ] I O. Becker ABC Tran 8 Druk op r (OF druk op n). De tekst die in de geselecteerde bestandsnummers is opgeslagen, is nu uit het geheugen verwijderd. Als u wilt teruggaan om andere bestanden te selecteren die u wilt verwijderen, drukt u op e. Opgeslagen tekst en automatische opmaaksjablonen afdrukken U kunt meerdere tekstbestanden of automatische opmaaksjablonen tegelijk rechtstreeks vanuit het geheugen afdrukken zonder deze eerst te moeten binnenhalen. 4 Draai r (OF druk op m of g) totdat het bestandsnummer dat de tekst bevat die u wilt afdrukken, verschijnt. De bestandsnaam wordt naast het bestandsnummer weergegeven, en de tekst die is opgeslagen in het geselecteerde bestandsnummer verschijnt onder in uw scherm. Als u andere delen van het geselecteerde tekstbestand wilt zien, drukt u op j of k. 5 Druk op de spatiebalk, zodat rechts van de bestandsnaam komt te staan. Functies Opgeslagen tekstbestanden afdrukken: 1 Draai r totdat EOY verschijnt, en druk dan op r (OF houd d ingedrukt en druk op 8 (8) ). Het scherm EOY verschijnt. 2 Draai r (OF druk op m of g) totdat de naast PINT komt te staan A B C D E F K G 04/04 CLEA H EOY P I L PINT P 3 Druk op r (OF druk op n). Het scherm PINT verschijnt in uw scherm, met het huidig geselecteerde bestandsnummer A B C D E F K G PINT H L FILE[00:NAETAG ] P I O. Becker ABC Tran 6 Herhaal stap 4 en 5 totdat naast alle bestanden die u wilt afdrukken staat. Alle bestanden die zijn gemarkeerd met worden afgedrukt. Als u meerdere bestanden tegelijk wilt afdrukken, volgt u stap 5 en 6 om de gewenste bestanden te markeren met. Als u slechts één bestand wilt afdrukken, kunt u stap 5 en 6 overslaan. Als u een bestand foutief hebt gemarkeerd om af te drukken, selecteert u het bestand en drukt u op de spatiebalk om de markering aan de rechterkant van de bestandsnaam te verwijderen. 51

62 Hoofdstuk 3 Functies Functies 7 Druk op r (OF druk op n). De tekst die in de geselecteerde bestandsnummers is opgeslagen, wordt nu afgedrukt. Opgeslagen automatische opmaaksjablonen afdrukken: 1 Draai r tot AUTO FOAT verschijnt, en druk dan op r (OF houd d ingedrukt en druk op 6 (6) ). 2 Houd de toets d ingedrukt en druk op 8 (8). Het scherm EOY verschijnt. 3 Draai r (OF druk op m of g) totdat de naast PINT komt te staan A B C D E F K G 04/04 CLEA H EOY PPINT I L P 4 Druk op r (OF druk op n). Het scherm PINT verschijnt in uw scherm, met het huidig geselecteerde bestandsnummer. Als u de functie Geheugen afdrukken wilt afsluiten zonder de tekst af te drukken, drukt u op e (OF houdt u d ingedrukt en drukt u op 8 (8) ). Als u andere delen van het geselecteerde tekstbestand wilt zien, drukt u op j of k. Automatische opmaaksjabloonbestanden met dezelfde tapebreedte worden gegroepeerd weergegeven. 6 Druk op de spatiebalk, zodat rechts van de bestandsnaam komt te staan A B C D E F K G PINT 18 mm H L 00TZ[00:VIDEO ] P I S FAVOITE SONGS 7 Herhaal stap 5 en 6 totdat naast alle bestanden die u wilt afdrukken staat. Alle bestanden die zijn gemarkeerd met worden afgedrukt. Als u meerdere bestanden tegelijk wilt afdrukken, volgt u stap 5 en 6 om de gewenste bestanden te markeren met. Als u slechts één bestand wilt afdrukken, kunt u stap 5 en 6 overslaan. Als u een bestand foutief hebt gemarkeerd om af te drukken, selecteert u het bestand en drukt u op de spatiebalk om de markering aan de rechterkant van de bestandsnaam te verwijderen A B C D E F K G PINT 18 mm H L 00TZ[00:VIDEO ] I S FAVOITE SONGS 5 Draai r (OF druk op m of g) totdat het bestandsnummer dat de tekst bevat die u wilt afdrukken, verschijnt. De bestandsnaam wordt naast het bestandsnummer weergegeven, en de tekst die is opgeslagen in het geselecteerde bestandsnummer verschijnt onder in uw scherm. 8 Druk op r (OF druk op n). Het scherm ENU verschijnt in uw scherm. 9 Controleer of de markering naast PINT staat en druk dan op r (OF druk op n). De tekst die in de geselecteerde bestandsnummers is opgeslagen, wordt nu afgedrukt. 52

63 Hoofdstuk 3 Functies De stijl van een opgeslagen automatische opmaaksjabloon wijzigen: 0 Draai r (OF druk op m of g) totdat de naast CHANGE STYLE komt te staan. A A B C D E F K G 04/04 CONTINUE H P.ENU P I L CHANGE STYLE P Druk op r (OF druk op n) A B C D E F K G H NO I L CHA. STYLE ITALIC F G Draai r (OF druk op m of g) totdat het bestandsnummer dat de tekst bevat die u wilt afdrukken, verschijnt. De bestandsnaam wordt naast het bestandsnummer weergegeven, en de tekst die is opgeslagen in het geselecteerde bestandsnummer verschijnt onder in uw scherm. Als u andere delen van het geselecteerde tekstbestand wilt zien, drukt u op j of k. Automatische opmaaksjabloonbestanden met dezelfde tapebreedte worden gegroepeerd weergegeven. Druk op de spatiebalk, zodat rechts van de bestandsnaam komt te staan. B C Draai r (OF druk op m of g) totdat de naam van de gewenste opmaakstijl verschijnt. echts in het scherm verschijnt een voorbeeld van de gekozen opmaak. De standaardinstelling (NO CHANGE) wordt geselecteerd door op de spatiebalk te drukken. Druk op r (OF druk op n). Het scherm ENU verschijnt weer in uw scherm. eer opgeslagen automatische opmaaksjabloonbestanden afdrukken: D Draai r (OF druk op m of g) totdat de naast CONTINUE komt te staan. E A B C D E F K G 03/04 FINISH H P.ENU P I L CONTINUE P CHANGE STYLE Druk op r (OF druk op n). Het scherm PINT verschijnt in uw scherm, met het huidig geselecteerde bestandsnummer. H I J Herhaal stap F en G totdat rechts naast alle bestanden die u wilt afdrukken staat. Alle bestanden die zijn gemarkeerd met worden afgedrukt A B C D E F K G PINT 18 mm H L 00TZ[00:VIDEO ] P I S FAVOITE SONGS Als u meerdere bestanden tegelijk wilt afdrukken, herhaalt u stap G en H om de gewenste bestanden te markeren met. Als u slechts één bestand wilt afdrukken, kunt u stap G en H overslaan. Druk op r (OF druk op n). Het scherm ENU verschijnt in uw scherm. Controleer of de markering naast PINT staat en druk dan op r (OF druk op n). De tekst die in de geselecteerde bestandsnummers is opgeslagen, wordt nu afgedrukt. Functies A B C D E F K G PINT 18 mm H L 00TZ[00:VIDEO ] P I S FAVOITE SONGS 53

64 Hoofdstuk 3 Functies De functie Automatische opmaak beëindigen: K Draai r (OF druk op m of g) totdat de naast FINISH komt te staan A B C D E F K G 02/04 PINT H P.ENU P I L FINISH P CONTINUE L Druk op r (OF druk op n). Het scherm van de functie Automatische opmaak, dat op uw scherm werd weergegeven voordat de functie Geheugen afdrukken werd gebruikt, verschijnt weer. Functies 54

65 Hoofdstuk 4 Hoofdstuk 4 Apparaatinstellingen Apparaatinstellingen 55

66 Hoofdstuk 4 Apparaatinstellingen Apparaatinstellingen Instellingsfuncties (d + A (A) ) Er zijn verschillende functies om de algemene weergave van tekst op het scherm, en de bediening van P-touch in te stellen. Instelling CONTAST wijzigen: et de functie CONTAST kunt u de weergave van uw scherm donkerder of lichter maken. 1 Houd de toets d ingedrukt en druk op A (A). Deze stap kunt u overslaan als u tegelijkertijd de instellingen van meerdere functies in Setup toepast. 2 Draai r totdat CONTAST verschijnt, druk vervolgens op r (OF druk op j of op k totdat CONTAST verschijnt). Instelling TAPE LENGTH ADJUST wijzigen: Als u labels met een opgegeven lengte gaat afdrukken (de functie voor tapelengte), kan de lengte van het gedrukte label enigszins afwijken. et deze functie kunt u de lengte van het afgedrukte label aanpassen. Als u de tapelengte niet bevredigend kunt aanpassen met deze functie, kunt u de tapelengte enigszins aanpassen met de functie Tape length. 1 Houd de toets d ingedrukt en druk op A (A). Deze stap kunt u overslaan als u tegelijkertijd de instellingen van meerdere functies in Setup toepast. 2 Draai r totdat TAPE LENGTH ADJUST verschijnt, druk vervolgens op r (OF op j of op k totdat TAPE LENGTH ADJUST verschijnt). Apparaatinstellingen A B C D E F K G H NO 01/05 I L CONTAST 00 J AUTO 0.4 HELSINKI A AUTO 3 Draai r (OF druk op m of op g) totdat de gewenste instelling verschijnt. Als u de functie weer wilt instellen op de standaardinstelling (0), drukt u op de spatiebalk. 4 Druk op r (of op n) om de instelling toe te passen. Als u r gebruikt om de instelling te selecteren, kunt u slechts één functie tegelijk instellen. Als u meerdere instellingen tegelijk wilt toepassen, drukt u op j of op k om de functie te selecteren en drukt u vervolgens op m of op g om de gewenste instelling te selecteren. Druk pas op n nadat u alle benodigde functies hebt ingesteld A B C D E F K G 02/05 H NO TAPE LENGTH ADJUST I L 00 J AUTO 0.4 HELSINKI A AUTO 3 Draai r (OF druk op m of op g) totdat de gewenste instelling verschijnt. Als u de functie weer wilt instellen op de standaardinstelling (0), drukt u op de spatiebalk. Als u de tapelengte korter wilt maken, selecteert u een lagere waarde. Als u de tapelengte langer wilt maken, selecteert u een hogere waarde. 4 Druk op r (of op n) om de instelling toe te passen. 56

67 Hoofdstuk 4 Apparaatinstellingen Als u r gebruikt om de instelling te selecteren, kunt u slechts één functie tegelijk instellen. Als u meerdere instellingen tegelijk wilt toepassen, drukt u op j of op k om de functie te selecteren en drukt u vervolgens op m of op g om de gewenste instelling te selecteren. Druk pas op n nadat alle benodigde functies zijn ingesteld. Instelling HEAD ADJUSTENT wijzigen (positie afdrukkop): et deze functie kunt u de afdrukkop aanpassen om iets hoger of lager op de tape af te drukken. Deze functie kunt u niet gebruiken voor het aanpassen van de afdrukpositie op tape van 36mm breedte. 1 Houd de toets d ingedrukt en druk op A (A). Deze stap kunt u overslaan als u tegelijkertijd de instellingen van meerdere functies in Setup toepast. 2 Draai r totdat HEAD ADJUSTENT verschijnt, druk vervolgens op r (OF op j of op k totdat HEAD ADJUSTENT verschijnt) A B C D E F K G 03/05 H NO HEAD ADJUSTENT I L 00 J AUTO 0.4 HELSINKI A AUTO 3 Draai r (OF druk op m of op g) totdat de gewenste instelling verschijnt. 4 Druk op r (of op n) om de instelling toe te passen. Als u r gebruikt om de instelling te selecteren, kunt u slechts één functie tegelijk instellen. Als u meerdere instellingen tegelijk wilt toepassen, drukt u op j of op k om de functie te selecteren en drukt u vervolgens op m of op g om de gewenste instelling te selecteren. Druk pas op n nadat alle benodigde functies zijn ingesteld. Instelling HALF CUTTE wijzigen: et deze functie kunt u de snijafstand voor gelamineerde tape met de functie Half Cutter instellen, bijvoorbeeld als de tape niet diep genoeg of juist te diep wordt geknipt. Gewoonlijk hoeft deze instelling maar met één te worden gewijzigd. Als de halve snijfunctie echter nog steeds te diep of niet diep genoeg knipt, kunt u de instelling nog eens met één wijzigen. Als de snijafstand nog steeds niet juist is, zelfs nadat deze instelling meerdere malen is aangepast, kan het zijn dat het mes bot is. Neem contact op met uw servicebedrijf. 1 Houd de toets d ingedrukt en druk op A (A). Deze stap kunt u overslaan als u tegelijkertijd de instellingen van meerdere functies in Setup toepast. 2 Draai r totdat HALF CUTTE verschijnt, druk vervolgens op r (OF druk op j of op k totdat HALF CUTTE verschijnt). Apparaatinstellingen Als u de functie weer wilt instellen op de standaardinstelling (0), drukt u op de spatiebalk. Als u de afdrukpositie wilt verlagen, selecteert u een lagere waarde. Als u de afdrukpositie wilt verhogen, selecteert u een hogere waarde A B C D E F K G H NO 04/05 HALF CUTTE I L 00±3 J AUTO 0.4 HELSINKI A AUTO 3 Draai r (OF druk op m of op g) tot de gewenste instelling verschijnt. 57

68 Hoofdstuk 4 Apparaatinstellingen Als minder diep in de labels moet worden geknipt, selecteert u een lagere waarde. Als dieper in de labels moet worden geknipt, selecteert u een hogere waarde. Pas de instelling in kleine stappen aan. Als u de functie weer wilt instellen op de standaardinstelling (0), drukt u op de spatiebalk. 2 Draai r totdat USB ID SELECTION verschijnt, en druk vervolgens op r (OF druk op j of k totdat USB ID SELECTION verschijnt) A B C D E F K G 05/05 H NO USB ID SELECTION I L J AUTO 0.4 HELSINKI A AUTO Apparaatinstellingen 4 Druk op r (of op n) om de instelling toe te passen. Als u r gebruikt om de instelling te selecteren, kunt u slechts één functie tegelijk instellen. Als u meerdere instellingen tegelijk wilt toepassen, drukt u op j of op k om de functie te selecteren, en drukt u vervolgens op m of g om de gewenste instelling te kiezen. Druk pas op n nadat alle benodigde functies zijn ingesteld. De instelling van USB ID SELECTION wijzigen: et deze functie kunt u een uniek identificatienummer opgeven voor elke P-touch die op een computer is aangesloten om via een USB-aansluiting af te drukken. Om de instellingen voor meerdere P-touch apparaten, die zijn aangesloten op een computer, zo eenvoudig mogelijk te maken, zijn alle PT-9600/3600 s ingesteld op , hetgeen betekent dat de gegevens op alle aangesloten P-touch-apparaten tegelijk worden afgedrukt. 1 Houd de toets d ingedrukt en druk op A (A). 3 Draai r (OF druk op m of op g) tot de gewenste instelling verschijnt. Als u de functie weer wilt instellen op de standaardinstelling ( ), drukt u op de spatiebalk. 4 Druk op r (of op n) om de instelling toe te passen. Als u r gebruikt om de instelling te selecteren, kunt u slechts één functie tegelijk instellen. Als u meerdere instellingen tegelijk wilt toepassen, drukt u op j of op k om de functie te selecteren, en drukt u vervolgens op m of op g om de gewenste instelling te kiezen. Druk pas op n nadat alle benodigde functies zijn ingesteld. Deze stap kunt u overslaan als u tegelijkertijd de instellingen van meerdere functies in Setup toepast. 58

69 OVEZICHT VAN FOUTBEICHTEN OVEZICHT VAN FOUTBEICHTEN FOUTBEICHT OOZAAK OPLOSSING 4 DIGITS INIU! Dit bericht verschijnt wanneer minder dan het minimum van vier cijfers is ingevoerd voor streepjescodegegevens. 16 LINE LIIT! Dit bericht verschijnt als er reeds 16 regels tekst zijn ingevoerd in een tekstblok wanneer u op n drukt. Voer minimaal vier cijfers in voordat u op n drukt. Het maximum aantal regels in een tekstblok mag niet meer zijn dan 16. Dit bericht verschijnt wanneer u tekst verwijdert en het aantal regels in een tekstblok hierdoor de limiet van 16 regels overschrijdt. 50 LINE LIIT Dit bericht verschijnt wanneer EACHED! er reeds 50 tekstblokken zijn ingevoerd wanneer u de toets d ingedrukt houdt en op n drukt. BATTEIES WEAK! Dit bericht verschijnt wanneer (uitsluitend PT-9600) de geplaatste Ni-H batterij leeg begint te raken. BUFFE EPTY! Dit bericht verschijnt wanneer u probeert te printen zonder dat er tekst is ingevoerd, of wanneer u de functie Numbering, epeat Printing of Layout Preview gebruikt. BUFFE FULL! Dit bericht verschijnt wanneer u probeert een teken, spatie, nieuwe regel, nieuw blok, symbool, teken met accent of een streepjescode in te voeren als het maximum aantal tekens reeds is ingevoerd. Wijzig de regels, zodat het tekstblok niet meer dan 16 regels lang is. Beperk het aantal tekstblokken tot 50. Laad de batterij op of sluit het apparaat aan op de netspanningadapter. Voer tekst in voordat u gaat afdrukken of een van de bovengenoemde handelingen uitvoert. Verwijder een deel van de bestaande tekst voordat u meer tekst toevoegt. 59

70 OVEZICHT VAN FOUTBEICHTEN FOUTBEICHT OOZAAK OPLOSSING CHAGE BATTEIES! (uitsluitend PT-9600) Dit bericht verschijnt wanneer de oplaadbare Ni-H batterij een lage spanning heeft. Laad de batterij op of sluit het apparaat aan op de netspanningadapter. CLOSE CASSETTE Dit bericht verschijnt als de Sluit de klep. COVE! klep van het vak van de tapecassette is geopend. CUTTE EO! Dit bericht verschijnt als het snijmechanisme niet juist heeft Zet de P-touch uit en vervolgens weer aan. gewerkt. Als het probleem hiermee niet wordt opgelost, dient u contact op te nemen met uw servicebedrijf. DIVIDE BY ZEO EO! Dit bericht verschijnt als de wisselkoers, die is ingevoerd bij Voer een wisselkoers in die niet 0 is. het instellen van de functie voor euro-conversie, 0 is. EEPO EO! Dit bericht verschijnt als er een fout in de controlesom Neem contact op met uw servicebedrijf. (checksum) optreedt wanneer de P-touch wordt aangezet, of als het sleutelwoord is beschadigd zodat de initialisatie niet kon worden uitgevoerd. INPUT WHOLE CODE! Dit bericht verschijnt als het vastgestelde aantal cijfers niet is ingevoerd in de streepjescodegegevens. Voer het juiste aantal cijfers in of wijzig het aantal cijfers dat in de streepjescodeparameters is ingesteld. LENGTH LIIT! Dit bericht verschijnt als u probeert te printen of de functie Layout preview gebruikt wanneer de tekst langer is dan de limiet van 1 m. Verwijder een deel van de tekst. 60

71 OVEZICHT VAN FOUTBEICHTEN FOUTBEICHT OOZAAK OPLOSSING LINE LIIT! XX LINES AXIU Dit bericht verschijnt als u probeert af te drukken of de functie Layout preview gebruikt en het aantal regels in de tekst is hoger is dan de limiet voor de geplaatste tape. (Het aantal regels dat kan worden ingevoerd is afhankelijk van de breedte van de tape, dus het bericht dat verschijnt is eveneens afhankelijk van de tapebreedte.) Verwijder enkele regels of plaats een bredere tape. 16 LINES AXIU (op 36 mm tape) 13 LINES AXIU (op 24 mm tape) 10 LINES AXIU (op 18 mm tape) 6 LINES AXIU (op 12 mm tape) 4 LINES AXIU (op 9 mm tape) 3 LINES AXIU (op 6 mm tape) EOY FULL! Dit bericht verschijnt als u probeert een tekstbestand op te slaan wanneer het maximum aantal tekens reeks in het geheugen is opgeslagen. NO FILES! Dit bericht verschijnt als er geen bestanden in het geheugen zijn opgeslagen, en u probeert een bestand binnen te halen, te verwijderen of af te drukken. OVEFLOW! Dit bericht verschijnt als het resultaat van de conversie met de functie voor euro-conversie meer dan 10 cijfers bevat. Verwijder bestanden die u niet meer nodig hebt om ruimte te maken. Sla eerst een tekstbestand op voordat u een bestand binnenhaalt, verwijdert of afdrukt. Wijzig de instelling van de euro-conversie zodat het resultaat niet meer dan 10 cijfers bevat. 61

72 OVEZICHT VAN FOUTBEICHTEN FOUTBEICHT OOZAAK OPLOSSING EPLACE BATTEIES! (uitsluitend PT-9600) Dit bericht verschijnt als de geplaatste Ni-H batterij bijna leeg is, of als de batterij een hoge spanning heeft bereikt. SET 6mm! Dit bericht verschijnt als er geen tapecassette van 6mm breedte is geplaatst wanneer er een Auto Format sjabloon wordt afgedrukt die is bedoeld voor tape van 6mm breed. SET 9mm! Dit bericht verschijnt als er geen tapecassette van 9mm breedte is geplaatst wanneer er een Auto Format sjabloon wordt afgedrukt die is bedoeld voor tape van 9-mm breed. SET 12mm! Dit bericht verschijnt als er geen tapecassette van 12mm breedte is geplaatst wanneer er een Auto Format sjabloon wordt afgedrukt die is bedoeld voor tape van 12mm breed. SET 18mm! Dit bericht verschijnt als er geen tapecassette van 18mm breedte is geplaatst wanneer er een Auto Format sjabloon wordt afgedrukt die is bedoeld voor tape van 18mm breed. SET 24mm! Dit bericht verschijnt als er geen tapecassette van 24 mm breedte is geplaatst wanneer er een Auto Format sjabloon wordt afgedrukt die is bedoeld voor tape van 24mm breed. Vervang de batterij of sluit het apparaat aan op de netspanningadapter. Plaats een tapecassette met een breedte van 6mm. Plaats een tapecassette met een breedte van 9mm. Plaats een tapecassette met een breedte van 12mm. Plaats een tapecassette met een breedte van 18 mm. Plaats een tapecassette met een breedte van 24 mm. 62

73 OVEZICHT VAN FOUTBEICHTEN FOUTBEICHT OOZAAK OPLOSSING SET 36mm! Dit bericht verschijnt als er geen tapecassette van 36mm breedte is geplaatst wanneer er een Auto Format sjabloon wordt afgedrukt die is bedoeld voor tape van 36mm breed. SET STAP-L! Dit bericht verschijnt als er geen stempeltapecassette van 24mm breedte is geplaatst wanneer er een Auto Format sjabloon wordt afgedrukt die is bedoeld voor een STAP L- stempel. SET STAP-! Dit bericht verschijnt als er geen stempeltapecassette van 18mm breedte is geplaatst wanneer er een Auto Format sjabloon wordt afgedrukt die is bedoeld voor een STAP - stempel. TAPE EPTY! Dit bericht verschijnt als u probeert de tape door te voeren, af te drukken of de functie Layoutvoorbeeld probeert te gebruiken als er geen tapecassette is geplaatst. TAPE END! Dit bericht verschijnt als de tape in de cassette op is. Plaats een tapecassette met een breedte van 36mm. Plaats een stempeltapecassette met een breedte van 24mm. Plaats een stempeltapecassette met een breedte van 18mm. Plaats een tapecassette en probeer het nogmaals. Vervang de tapecassette. 63

74 OVEZICHT VAN FOUTBEICHTEN FOUTBEICHT OOZAAK OPLOSSING TEXT TOO HIGH! Dit bericht verschijnt als de tekst groter is dan de breedte van de geplaatste tape. (uitsluitend PT-9600) Dit bericht verschijnt als de instelling voor Lines of Text (tekstregels) in de ESC/P interfacemodus het toegestane maximum voor de geplaatste tape overschrijdt. TEXT TOO LONG! Dit bericht verschijnt als de tekst langer is dan de lengte van het label dat is ingesteld met de functie Tapelengte. Dit bericht verschijnt als u probeert een label af te drukken dat langer is dan de maximale labellengte. Dit bericht verschijnt als u probeert een label te printen dat langer is dan de maximale labellengte, of dat langer is dan de opgegeven bloklengte. Dit bericht verschijnt als de tekst langer is dan de breedte van de tape wanneer de functie oteren wordt gebruikt. Verklein de tekens, installeer een bredere tape of selecteer de instelling AUTO voor tekstgrootte. Geef de juiste instelling op voor de geplaatste tape. Verwijder een deel van de tekst, maak de tekenbreedte smaller, of verhoog de ingestelde labellengte. Verwijder een deel van de tekst of verklein de tekengrootte. 64

75 OVEZICHT VAN FOUTBEICHTEN FOUTBEICHT OOZAAK OPLOSSING VALUE OUT OF ANGE! Dit bericht verschijnt als de Voer een waarde in die CHECK VALUE AND waarde die is ingevoerd bij het binnen het toegestane E-ENTE. instellen van de functie bereik valt. Tapemarge, Tapelengte, Blokmarge en Bloklengte buiten het toegestane bereik valt. Dit bericht verschijnt als het opgegeven teken niet in de database kan worden gevonden. Dit bericht verschijnt als de waarden voor de af te drukken records niet binnen het toegestane bereik vallen. WONG ADAPTE! Dit bericht verschijnt als er een adapter met een extreem hoge of extreem lage spanning wordt aangesloten. WONG CHAACTE! Dit bericht verschijnt als er een tijdstempel of door de gebruiker gedefinieerd tekenbeeld is geselecteerd wanneer tegelijkertijd de nummeringfunctie wordt gebruikt. Verwijder de adapter en sluit de adapter aan die voor de P-touch is ontwikkeld. Selecteer tekst of een streepjescode voordat u de nummeringfunctie gebruikt. 65

76 POBLEEN OPLOSSEN POBLEEN OPLOSSEN Probleem (1) U hebt een blanco scherm nadat het apparaat is ingeschakeld, of de tekens worden niet normaal weergegeven. Oplossing Controleer dat de netspanningadapter is aangesloten. Controleer of de oplaadbare Ni-H batterij goed is opgeladen. (uitsluitend PT-9600) Start het apparaat als volgt opnieuw op: - (PT-3600) verwijder de netspanningadapter en laat het apparaat circa één minuut uitgeschakeld, en sluit de adapter dan weer aan. - (uitsluitend PT-9600) druk op de resetknop in het batterijenvak onderop het apparaat. De tekst en opmaak op het scherm worden gewist en in bepaalde gevallen zal de volledige inhoud van het geheugen worden gewist. eset-knop (2) Het apparaat drukt niet af of de afgedrukte tekens zijn onscherp. Controleer of de tapecassette op juiste wijze in het apparaat is geplaatst. Als de tapecassette leeg is, dient u deze te vervangen. Controleer of de klep van het tapecassettevak gesloten is. (3) Er loopt een streep door de gedrukte tekst. Het einde van de tape in de cassette is bereikt. Vervang de tapecassette. 66

77 POBLEEN OPLOSSEN Probleem Oplossing (4) De P-touch werkt niet op juiste wijze. Start de P-touch opnieuw op door het apparaat uit te schakelen en vervolgens d en ingedrukt te houden en het apparaat weer aan te zetten. (5) Het apparaat is geblokkeerd (er gebeurt niets wanneer u op een toets drukt). (6) De functie Half Cutter knipt te diep of niet diep genoeg. Alle instellingen worden hierdoor weer in de standaardinstelling ingesteld, en de inhoud van het geheugen wordt gewist. Als u de huidige instellingen en de opgeslagen bestanden wilt bewaren, dient u eerst een backup te maken met gebruik van de P-touch Backup anager. Start het apparaat als volgt opnieuw op: - (PT-3600) verwijder de netspanningadapter en laat het apparaat circa één minuut uitgeschakeld, en sluit de adapter dan weer aan. - (uitsluitend PT-9600) druk op de resetknop in het batterijenvak onderop het apparaat. De tekst en opmaakinformatie in het scherm en alle tekstbestanden die in het geheugen zijn opgeslagen, worden gewist. Volg de procedure op pagina 57 en stel de snijafstand voor gelamineerde tape naar wens in. 67

78 POBLEEN OPLOSSEN Probleem (7) Er verschijnt een blanco horizontale regel door de tekst op het gedrukte label. Oplossing 1 Zet het apparaat uit, verwijder de netspanningadapter en (uitsluitend voor de PT-9600) verwijder de oplaadbare batterij. 2 Open de klep van het tapecassettevak en verwijder de tapecassette (indien geplaatst). De afdrukkop en rollen bevinden zich in het tapecassettevak. 3 Afdrukkop: Gebruik een droog wattenstaafje en wrijf hiermee voorzichtig op en neer langs de printkop. Afdrukkop ollen: Gebruik een droog wattenstaafje en wrijf op en neer over het oppervlak van elke rol, terwijl u de rol met uw vinger ronddraait. Afdrukkop 4 Plaats een tapecassette, sluit de klep van het tapecassettevak en maak een afdruk. 5 Als er nog steeds een blanco regel in de tekst verschijnt, herhaalt u stap 2 t/m 4, maar ditmaal dompelt u het wattenstaafje in isopropylalcohol. Als geen van het bovenstaande werkt, dient u contact op te nemen met uw servicebedrijf. ollen Wattenstaafje De afdrukkop kan makkelijker worden gereinigd met gebruik van de los verkrijgbare reinigingscassette voor de afdrukkop (TZe-CL6). 68

79 POBLEEN OPLOSSEN Probleem (8) De tape wordt niet op juiste wijze uitgevoerd nadat deze automatisch is afgesneden. Oplossing Zet het apparaat uit, open de klep van het tapecassettevak, en verwijder de tapecassette (indien geplaatst). Dompel een wattenstaafje, reinig het metalen plaatje in de uitvoersleuf links van het mes. Wattenstaafj etalen plaatje (te reinigen gebied) (9) Het mes snijdt niet correct. Wijzig de instelling van de HALF CUTTE. (Zie pagina 57.) Het mes kan bot zijn. Neem contact op met uw servicebedrijf. 69

80 TECHNISCHE SPECIFICATIES VAN HET APPAAAT TECHNISCHE SPECIFICATIES VAN HET APPAAAT HADWAE Netvoeding: Invoerapparaat: LCD: Afdruktape: Afdrukkop: Tapemes: Afmetingen: Gewicht: Netspanning adapter ( AD9100ES) (uitsluitend PT-9600: Oplaadbare Ni-H batterij) Toetsenbord (PT-9600: 69 toetsen; PT-3600: 59 toetsen) dots + Caps, Alt en andere indicators (met achtergrondverlichting van scherm - uitsluitend PT-9600) Beschikbaar in 6 breedten: 6 mm 9 mm 12 mm 18 mm 24 mm 36 mm 384 stippen (hoogte)/360 dpi (resolutie) Automatisch volledig afsnijden Automatisch half afsnijden 237 mm (b) 302 mm (d) 101 mm (h) 2 kg SOFTWAE Lettertypen: 10 ingebouwde lettertypen (Helsinki, Brussels, US, San Diego, Florida, Brunei Bold, Los Angeles, Bermuda Script, Istanbul en Letter Gothic) Tekengrootten: AUTO plus 24 puntgrootten (4, 5, 6, 7, 8, 9, 10, 11, 12, 14, 16, 18, 20, 22, 24, 28, 32, 36, 40, 48, 56, 64, 72 en 76 punten) Tekenopmaak: Buffergrootte: Geheugengrootte: Normaal, Vet, Contour, Effen, Schaduw, Omgekeerd, Cursief en Verticaal aximum 1,0 meter tekstregel aximum 16 regels aximum 50 blokken Circa tekens 70

81 Appendix Appendix 71

82 Appendix Symbolen p. 18 De volgende symbolen zijn beschikbaar. Categorie Symbolen PUNCTUATION (A01-A18) + ± = \ # & BACKET (B01-B08) [ ] { } < > AOW (C01-C14) UNIT (D01-D26) $ LETTE (E01-E14) NUBE (F01-F40) 1/2 1/3 1/ ± ± Appendix PICTOGAPH (G01-G14) O ELECTICAL (H01-H18)

83 Appendix Categorie Symbolen POHIBITION (I01-I29) WANING (J01-J42) ANDATOY (K01-K19) FIE (L01-L08) TANSPOT (01-13) EEGENCY (N01-N06) INFOATION (O01-O43) Appendix

84 Appendix Categorie Symbolen OTHE SIGNS (P01-P12) VIDEO (01-09) OFFICE (01-44) GENEAL (S01-S27) GADENING (T01-T14) VEHICLES (U01-U13) OCCASIONS (V01-V18) Appendix Het gebruik van het merkteken CE wordt strikt bepaald door één of meer richtlijnen van de aad van Europa. Wanneer u labels produceert waarop dit merkteken wordt gebruikt, dient u zich aan de betreffende richtlijnen te houden. 74

85 Specialetekens streepjescode p. 20 Appendix De onderstaande tekens kunt u uitsluitend toevoegen aan streepjescodes die gemaakt zijn met het type CODE39 of CODABA. Waarde Teken $ De onderstaande tekens kunt u uitsluitend toevoegen aan streepjescodes die gemaakt zijn met de types EAN128 en CODE128. Waarde Teken Waarde Teken Waarde Teken 3 # 69 EN 87 ETB 4 $ 70 ACK 88 CAN BEL 89 E 28 < 72 BS 90 SUB 29 = 73 HT 91 ESC 30 > 74 LF 91 { 75 VT 92 FS 59 [ 76 FF \ 77 C 93 GS 61 ] 78 SO 93 } 62 ^ 79 SI 94 S 63 _ 80 DLE NUL 81 DC1 95 US DC2 95 DEL 65 SOH 83 DC3 96 FNC3 66 STX 84 DC4 97 FNC2 67 ETX 85 NAK 100 FNC4 68 EOT 86 SYN 102 FNC1 Lettertypen p. 27 De volgende lettertypen zijn beschikbaar. Appendix Letter Gothic (L. GOTHIC) is een lettertype met vaste tekenafstand (d.w.z. dat voor alle tekens dezelfde hoeveelheid ruimte wordt gebruikt), in tegenstelling tot de andere lettertypen die proportioneel zijn (elk teken neemt een andere hoeveelheid ruimte in beslag). 75

86 Appendix Grootten en breedten pp. 28 & 29 Voorbeelden van enkele beschikbare tekengrootten en -breedten. Breedte Grootte WIDE NOAL NAOW NAOWEST 76 punten 72 punten 64 punten 56 punten 48 punten 40 punten 36 punten 32 punten 28 punten Appendix 24 punten 22 punten 20 punten 18 punten 16 punten 14 punten 12 punten 11 punten 10 punten 9 punten 8 punten 76

87 Appendix Breedte Grootte WIDE NOAL NAOW NAOWEST 7 punten 6 punten 5 punten 4 punten Als de puntgrootte 4 of 5 is geselecteerd, wordt de tekst afgedrukt in het lettertype BUSSELS, ongeacht welk lettertype is geselecteerd. Tekens die worden afgedrukt op kleinere lettergrootten zijn in bepaalde opmaak wellicht moeilijk te lezen. Kleine tekens worden wellicht vaag afgedrukt. Appendix 77

88 Appendix Soorten opmaak pp. 30 & 31 Style1 instelling Style2 instelling NOAL BOLD OUTLINE SOLID SHADOW INVET NOAL NOAL NOAL NOAL NOAL NOAL Helsinki Brussels US San Diego Florida Brunei Bold Los Angeles Bermuda Script Istanbul Letter Gothic Style1 instelling Style2 instelling NOAL BOLD OUTLINE SOLID SHADOW INVET ITALIC ITALIC ITALIC ITALIC ITALIC ITALIC Helsinki Appendix Brussels US San Diego Florida Brunei Bold 78

89 Appendix Style1 instelling Style2 instelling NOAL BOLD OUTLINE SOLID SHADOW INVET ITALIC ITALIC ITALIC ITALIC ITALIC ITALIC Los Angeles Bermuda Script Istanbul Letter Gothic De opmaakinstelling VETICAL kunt u gebruiken in combinatie met alle soorten tekenopmaak in Style1 (NOAL, BOLD, OUTLINE, SOLID, SHADOW en INVET). De opmaak VETICAL kunt u niet gebruiken in combinatie met de opmaak ITALIC. Appendix 79

90 Appendix anden en arcering p. 33 De volgende randen en arceringen zijn beschikbaar. Inste -lling Voorbeeld Inste -lling Voorbeeld Inste -lling Voorbeeld Appendix 80

91 Appendix Kant en klare sjablonen p. 40 Hieronder vindt u voorbeelden van de beschikbare sjablonen. Nr. Sjabloon naam Tapebreedte Labellengte Voorbeeld 1 ADDESS-1 24 mm 80 mm 2 ADDESS-2 24 mm 78 mm 3 ADDESS-3 24 mm 104 mm 4 ADDESS-4 36 mm 86 mm 5 ASSET 24 mm 84 mm 6 WALLPLATE 36 mm 186 mm 7 NAEBADGE-1 24 mm 102 mm 8 NAEBADGE-2 36 mm 98 mm Appendix 9 NAEBADGE-3 18 mm 102 mm 10 SALE 36 mm AUTO 81

92 Appendix Nr. Sjabloon naam Tapebreedte Labellengte Voorbeeld 11 PICE-1 24 mm 57 mm 12 PICE-2 24 mm 110 mm 13 SIGN 36 mm 114 mm 14 FLOPPY-1 24 mm 70 mm 15 FLOPPY-2 24 mm 70 mm 16 FLOPPY-3 36 mm 70 mm 17 VC VHS-1 18 mm 140 mm 18 VC VHS-2 18 mm 140 mm Appendix 19 VC 8 mm-1 9 mm 73 mm 20 VC 8 mm-2 12 mm 92 mm 21 VC VHSC 18 mm 81 mm 82

93 Appendix Nr. Sjabloon naam Tapebreedte Labellengte Voorbeeld 22 AUDIO-1 9 mm 89 mm 23 AUDIO-2 9 mm 89 mm 24 AUDIO-3 9 mm 89 mm 25 SLIDE 12 mm 42 mm 26 FILE-1 36 mm 200 mm 27 FILE-2 24 mm 190 mm 28 STAP NOAL-L STAP L (24 mm) 115 mm 29 STAP NOAL- STAP (18 mm) 105 mm 30 STAP 2LINE-L STAP L (24 mm) 115 mm 31 STAP VETICAL- STAP (18 mm) 105 mm Appendix 83

94 Appendix Tekstopmaak van sjablonen p. 40 Hieronder vindt u voorbeelden van de beschikbare soorten sjabloontekstopmaak. CHA. style Voorbeeld Lettertype Tekenopmaak OIGINAL Standaardinstelling sjabloon ITALIC Standaardinstelli ng sjabloon ITALIC DYNAIC ISTANBUL SOLID ATISTIC FLOIDA OUTLINE FOAL BUSSELS ITALIC ELEGANT US NOAL NATUAL SAN DIEGO NOAL Appendix 84

95 A Aan/uit-knop 9 Aangepaste stempels 40 Aansluiten Netspanningadapter 9 Op een computer 11 Aansluiting voor netspanningadapter 2 Adapter 9 Afbeelding, toevoegen aan tekst 18 Afbeeldingen 72 Afdrukken 45 Automatische opmaaksjabloonbestand uit het geheugen 52 eerdere exemplaren 45 Tekstbestand vanuit het geheugen 51 Afdrukkop reinigen 68 Afdrukvoorbeeld 43 Algemene opmaakfuncties 26 Alignment 34 Alt-indicator 17 Alt-modus 17 Alt-toets 17 Appendix 71 B Backspace-toets 24 Barcode-toets 20 Basisfuncties 13 Batterijvak (PT-9600) 2 Benadrukken 33 Bewerken Tekst 24 Blokken 18 C Cancel-toets 15 Caps-indicator 17 Caps-toets 17 Centreren 34 Clear toets 25 CODABA speciale tekens 75 CODE128 speciale tekens 75 CODE39 speciale tekens 75 Code-toets 15 Computer, aansluiten op 11 Cursief 31 Cursor 14 INDEX D De functie Nieuw blok 18 Delete-toets 24 Diakritische tekens 20 Doorstrepen 32 Draaiknop 2, 15 E EAN128 speciale tekens 75 Een functie of instelling selecteren 15 Een tekstregel beëindigen 18 Exemplaren 45 F Feed&Cut keyfeed&cut-toets 45 Foutberichten 59 Functie Accent 19 Functie Automatische opmaak 40 Functie Blokopmaak 26 Functie Breedte 29 Functie FONT 27 Functie Grootte 28 Functie Lay-outvoorbeeld 43 Functie anden 33 Functie egel verwijderen 25 Functie egeleffecten 32 Functie oteren 35 Functie Stijl1 30 Functie Stijl2 31 Functie Streepjescode 20 Functie symbool 18 Functie Uitlijning 34 Functie voor afdrukken in spiegelbeeld 39 Functie voor automatisch snijden 44 Functie voor bloklengte 38 Functie voor de blokmarge 38 Functie voor Euro-conversie 22 Functie voor herhaald afdrukken 45 Functie voor tapelengte 37 Functie voor tapemarge 36 Functie Wissen 25 Functies Accent 19 Afdruk herhalen 45 Afdrukvoorbeeld van indeling 43 Auto Cut 44 Automatische opmaak 40 85

96 Block Format 26 Block Length 38 Block margin 38 Euro-conversie 22 Frame 33 Global Format 26 Lettertype 27 Line out 25 New Block 18 Nummering 46 egeleffect 32 Size 28 Spiegelbeeld 39 Stempel 40 Streepjescode 20 Style 1 30 Style 2 31 Symbool 18 Tape length 37 Tape argin 36 Tekst roteren 35 Tekstuitlijning 34 Width 29 Wissen 25 Functies afsluiten 15 Function-knop 15 G Geheugenfuncties 47 Genummerde labels 46 Greep 2 H Handvat 2 Hardwarespecificaties 70 Het menu PAAETE 21 Hoofdlettermodus 17 Hoofdletters 17 I Indicators Alt 17 Auto Cut 44 Caps 17 Frame 33 Ins 16 Lettertype 27 Line effects 32 Size 28 Style 30, 31 Tape length 37 Tape margin 36 Text Alignment 34 Text rotation 35 Width 29 In-en uitschakelen 9 Ins-indicator 16 Installeren P-touch Editor 11 Tapecassette 10 Invoegmodus 16 Invoegtoets 16 Invoeren Barcode 20 Hoofdletters 17 Samengestelde tekens 20 Spatie 16 Speciale tekens 17 Symbolen of afbeeldingen 18 Tekens met accenten 17, 19 Tekst 16 K Kleine letters 17 Klep van tapecassettevak 2 L LCD-scherm 2, 3 Leestekens 17, 72 Links uitlijnen 34 aken Nieuw blok 18 Nieuwe regel 18 Stempels 40 arkeren 33 aximum Aantal blokken 18 Aantal regels 18 Aantal tekens in geheugen 47 Geheugen 47 Tekstgrootte 28 eerdere exemplaren 45 odi Alt 17 Caps 17 Invoegen 16 86

97 N Navigatieknop 2 Netspanningadapter 9 Nieuwe regel 18 Nummeringsfunctie 46 O Onderstrepen 32 Ontgrendelknop 2 Ontgrendelknop voor klep 2 Opgeslagen bestanden overschrijven 49 Opmaakfuncties Algemene 26 Tekstblok 26 Opmaaksjablonen 40 Opmaken Hele tekst 26 Tekst 26 Tekst, automatisch 40 Tekstblokken 26 Overzicht van het apparaat 2 P Parameter CHECK DIGIT 21 Parameter TYPE 21 Parameter UNDE# 21 Parameter WIDTH 21 PC, aansluiten op 11 Pijltoetsen 14 Print-toets 45 Problemen en oplossingen 66 Problemen oplossen 66 P-touch Editor Installeren 11 anden 33 echts uitlijnen 34 egels tekst 18 einigen Afdrukkop 68 ollen 68 eturn-toets 15, 18 ollen reinigen 68 S-232C-poort (PT-9600) 2 S Scherm leegmaken 25 Scherm wissen 25 Set-toets 15 Shift-toets 17 Sjabloontekst Afdrukken 42, 53 Bewerken 42 Invoeren 41 Stijl 42, 53 Software Installeren 11 Spatie 16 Spatiebalk 16 Speciale streepjescode-tekens 22 Speciale tekens Invoeren 17 Streepjescode 75 Standaardinstellingen Automatisch afsnijden 45 Automatische opmaak 41 Bloklengte 39 Blokmarge 38 Breedte 30 Grootte 29 Herhaald afdrukken 45 Lettertype 28 Nummering 47 anden 34 egeleffecten 33 Spiegelbeeld 40 Stempel 40 Stijl1 31 Style 2 32 Tapelengte 37 Tapemarge 36 Tekst roteren 36 Tekstuitlijning 35 Stempelfunctie 40 Streepjescode, speciale tekens 75 Streepjescode-parameters 21 Symbol 18 Symbolen 72 Symbooltoets 18 87

98 T Tape afsnijden 44, 45 Tapecassette Installeren 10 Vervangen 10 Tapecassette vervangen 10 Technische specificaties 70 Tekengrootte 28 Tekenopmaak 30, 31 Tekens 18, 72 Tekens met accenten 19, 20 Tekst draaien 35 Tekst invoegen 16 Tekst typen 16 Tekst uitlijnen 34 Tekst uitvullen 34 Tekst weergeven 14 Tekstbestand binnenhalen 49 Tekstbestand opslaan 48 Tekstopmaak 26 Toetscombinaties 20 Toetsenbord 2, 4, 5 anden 33 egeleffect 32 egelopmaak 27 oteren 35 Tekenbreedte 29 Tekengrootte 28, 29 Tekenopmaak 30, 31 Tekst in de sjabloon 42 Tekstuitlijning 34 Wisselkoersen 22, 24 Wissen Bestand uit geheugen 50 Tekst 24 Tekst en opmaak 25 Tekstregel 25 U Uitgangssleuf voor tape 2 USB-poort 11 V Valuta omrekenen 22 Valuta s omrekenen 22 Valutakoersen 24 Verticaal 31 Verwijderen Bestand uit geheugen 50 Streepjescode 22 Tekst 24 Tekst en opmaak 25 Tekstregel 25 Voorzorgsmaatregelen 8 W Wijzigen Algemene opmaak 26 Bloklengte 38 Blokmarges 38 Blokopmaak 26 Labellengte 37 Lettertype 27 arges 36 88

99 Gedrukt in China LAD118001

Zorg dat u alle items hebt die worden getoond in Afbeelding 1. (De etiketten in het pakket kunnen verschillend zijn.)

Zorg dat u alle items hebt die worden getoond in Afbeelding 1. (De etiketten in het pakket kunnen verschillend zijn.) Insert % Shift Beknopte handleiding Zorg dat u alle items hebt die worden getoond in Afbeelding 1. (De etiketten in het pakket kunnen verschillend zijn.) Garantiekaart D1 etikettencassette warranty card

Nadere informatie

E550W GEBRUIKERSHANDLEIDING

E550W GEBRUIKERSHANDLEIDING NEDERLANDS GEBRUIKERSHANDLEIDING E0W GEBRUIKERSHANDLEIDING E0W Lees eerst de meegeleverde Installatiehandleiding zodat u de P-touch veilig kunt gebruiken. Lees deze handleiding voordat u de P-touch in

Nadere informatie

Gebruikershandleiding. LabelManager 420P

Gebruikershandleiding. LabelManager 420P Gebruikershandleiding LabelManager 420P 17 18 19 20 21 22 16 1 15 2 14 13 3 4, - + 5 % Shift 6 12 7 8 11 10 9 Afbeelding 1 Labelmaker DYMO LabelManager 420P 1 Afdrukken 9 Tekens met accent 17 Indeling

Nadere informatie

Opstarten Word 2013 bij Windows 7 Opstarten Word 2016 bij Windows 10

Opstarten Word 2013 bij Windows 7 Opstarten Word 2016 bij Windows 10 SAMENVATTING HOOFDSTUK 1 Word opstarten, verkennen en afsluiten WORD kan opgestart worden via de startknop en de snelkoppeling in de lijst die boven de startknop staat: Opstarten Word 2013 bij Windows

Nadere informatie

Aan de slag met Word 2016? Ontdek de basisfuncties. Maak een nieuw document aan, typ teksten en maak het geheel vervolgens netjes op.

Aan de slag met Word 2016? Ontdek de basisfuncties. Maak een nieuw document aan, typ teksten en maak het geheel vervolgens netjes op. Word 2016 - basis Aan de slag met Word 2016? Ontdek de basisfuncties. Maak een nieuw document aan, typ teksten en maak het geheel vervolgens netjes op. Welke Word? Word 2016 is te koop als onderdeel van

Nadere informatie

Badge it. Inhoudsopgave. 1. Installatie... 3

Badge it. Inhoudsopgave. 1. Installatie... 3 Badge it voor Windows 95/98/NT/2000/XP Inhoudsopgave 1. Installatie... 3 2. Start... 4 2.1. Nieuwe database maken... 5 2.2. De geselecteerde database openen... 5 2.3. De naam van de geselecteerde database

Nadere informatie

Conformiteitsverklaring (Alleen Europa)

Conformiteitsverklaring (Alleen Europa) Conformiteitsverklaring (Alleen Europa) BROTHER INDUSTRIES, LTD. -, Naeshiro-cho, Mizuho-ku, Nagoya, -, Japan verklaart dat dit product voldoet aan de essentiële vereisten en andere relevante bepalingen

Nadere informatie

13. Symbool-, Lijnstijlbibliotheek (Resource Editor)... 1

13. Symbool-, Lijnstijlbibliotheek (Resource Editor)... 1 13. Symbool-, Lijnstijlbibliotheek 13. Symbool-, Lijnstijlbibliotheek (Resource Editor)... 1 13.1. Inleiding...1 13.2. Icoonomschrijving...2 13.3. Menu Bestand...3 13.3.1. Nieuwe Bibliotheek maken... 3

Nadere informatie

Zorg dat u alle items hebt die worden getoond in Afbeelding 1. (De etiketten in het pakket kunnen verschillend zijn.)

Zorg dat u alle items hebt die worden getoond in Afbeelding 1. (De etiketten in het pakket kunnen verschillend zijn.) Beknopte handleiding Zorg dat u alle items hebt die worden getoond in Afbeelding 1. (De etiketten in het pakket kunnen verschillend zijn.) Garantiekaart Beknopte handleiding Lithium-batterij D1 etikettencassette

Nadere informatie

INSTRUCT Samenvatting Basis Word 2010, H1 SAMENVATTING HOOFDSTUK 1

INSTRUCT Samenvatting Basis Word 2010, H1 SAMENVATTING HOOFDSTUK 1 SAMENVATTING HOOFDSTUK 1 Word opstarten en afsluiten WORD kan opgestart worden via de startknop en de snelkoppeling in de lijst die boven de startknop staat: WORD kan ook worden opgestart via menu Start,

Nadere informatie

7500/7600 HANDLEIDING

7500/7600 HANDLEIDING HANDLEIDING 7500/7600 Lees deze gebruiksaanwijzing door alvorens U de P-touch in gebruik neemt. Bewaar dit boekje op een handige plaats voor latere naslag. Conformiteitsverklaring Wij BROTHER INDUSTRIES,

Nadere informatie

Titel: Workshop creatief met MS Word Auteur: Miriam Harreman / Jaar: 2009 Versie: Creative Commons Naamsvermelding & Gelijk

Titel: Workshop creatief met MS Word Auteur: Miriam Harreman /   Jaar: 2009 Versie: Creative Commons Naamsvermelding & Gelijk Versie: 1.0-1- Creative Commons Index INDEX... 2 INLEIDING... 3 INSTELLEN VAN DE PAGINA... 4 LIGGENDE KAART... 4 STAANDE KAART... 4 WERKRUIMTE... 4 WERKEN MET WORDART... 5 WORDART: WERKBALK... 5 WORDART:

Nadere informatie

WISKUNDE EN ICT. 1 Wiskundige symbolen N, R, 2 Symbolen

WISKUNDE EN ICT. 1 Wiskundige symbolen N, R, 2 Symbolen Vergelijkingseditor 2003 Module 1a en ICT 1 WISKUNDE EN ICT Tijdens de lessen wiskunde op deze hogeschool met de laptop moet je ook voor wiskunde de laptop zinvol gebruiken. Dat dit niet zo evident is,

Nadere informatie

Conformiteitsverklaring

Conformiteitsverklaring P. Conformiteitsverklaring Wij BROTHER INDUSTRIES, LTD. -, Naeshiro-cho, Mizuho-ku, Nagoya -8, Japan verklaren hierbij dat het PT-00 etikettensysteem voldoet aan de normen vastgelegd in de volgende documenten:

Nadere informatie

15. Tabellen. 1. wat rijen, kolommen en cellen zijn; 2. rijen en kolommen invoegen; 3. een tabel invoegen en weer verwijderen;

15. Tabellen. 1. wat rijen, kolommen en cellen zijn; 2. rijen en kolommen invoegen; 3. een tabel invoegen en weer verwijderen; 15. Tabellen Misschien heeft u al eens geprobeerd om gegevens in een aantal kolommen te plaatsen door gebruik te maken van spaties, kolommen of tabs. Dat verloopt goed totdat u gegevens wilt wijzigen of

Nadere informatie

INHOUDSOPGAVE. Inhoudsopgave

INHOUDSOPGAVE. Inhoudsopgave INHOUDSOPGAVE Inhoudsopgave Microsoft Word 7 Werken met het lint 7 Documenten maken en bewerken 8 In verschillende weergaven werken 11 Tekens en alinea s opmaken 13 Tekst en afbeeldingen bewerken en verplaatsen

Nadere informatie

GEBRUIKERSHANDLEIDING

GEBRUIKERSHANDLEIDING NEDERLANDS ESPAÑOL ESPAÑOL GEBRUIKERSHANDLEIDING Lees deze Gebruikershandleiding voordat u uw P-touch gaat gebruiken. Bewaar deze Gebruikershandleiding op een toegankelijke plek, zodat u er later dingen

Nadere informatie

Bedieningshandleiding Bijvoegsel

Bedieningshandleiding Bijvoegsel Bedieningshandleiding Bijvoegsel Snijmachine Product Code: 891-Z01 Lees dit document voordat u de machine gebruikt. Houd dit document bij de hand, zodat u het kunt raadplegen. Inleiding In deze handleiding

Nadere informatie

Symbol for Windows BlissEditor

Symbol for Windows BlissEditor Handicom Symbol for Windows BlissEditor ( Versie 4 ) Handicom, 2006, Nederland Inhoud 1. Inleiding... 2 2. Schermopbouw van de Bliss Editor...3 2.1 Werkbalk... 3 2.2 Matrix... 4 2.3 Palet met basisvormen,

Nadere informatie

Sneltoesten in PowerPoint 2016 voor Mac

Sneltoesten in PowerPoint 2016 voor Mac Sneltoesten in PowerPoint 2016 voor Mac U kunt snel taken uitvoeren met sneltoetsen - een of meer toetsen die u op het toetsenbord indrukt om een taak te voltooien. Bijvoorbeeld, wanneer u met + P het

Nadere informatie

DYMO DYMO. Garantie Registratie Vul alstublieft de garantiekaart in en stuur deze binnen zeven dagen terug zie de garantiekaart voor verdere details.

DYMO DYMO. Garantie Registratie Vul alstublieft de garantiekaart in en stuur deze binnen zeven dagen terug zie de garantiekaart voor verdere details. 1 1 Inleiding De Dymo LabelPoint 200 maakt het u mogelijk een grote verscheidenheid aan zelfklevende labels met 1 tot 90 karakters te maken. De LabelPoint gebruikt 6mm, 9mm of 12mm tape-cassettes in verschillende

Nadere informatie

Met een mailing of massaverzending kunt u een groot aantal documenten verzenden naar gebruikelijke adressen, die in een gegevensbestand staan.

Met een mailing of massaverzending kunt u een groot aantal documenten verzenden naar gebruikelijke adressen, die in een gegevensbestand staan. Een mailing verzorgen Met een mailing of massaverzending kunt u een groot aantal documenten verzenden naar gebruikelijke adressen, die in een gegevensbestand staan. Voor deze techniek zijn twee bestanden

Nadere informatie

MM002 Sweex USB DVB-T Dongle. Belangrijk! Installeer eerst de driver voordat de Sweex USB DVB-T Dongle wordt aangesloten.

MM002 Sweex USB DVB-T Dongle. Belangrijk! Installeer eerst de driver voordat de Sweex USB DVB-T Dongle wordt aangesloten. MM002 Sweex USB DVB-T Dongle Inleiding Stel de Sweex USB DVB-T Dongle niet bloot aan extreme temperaturen. Plaats het apparaat niet in direct zonlicht of in de dichte nabijheid van verwarmingselementen.

Nadere informatie

Electronic Labelmaker

Electronic Labelmaker Electronic Labelmaker Instructions for Use Etiqueteuse Electronique Guide D Utilisation Electronische Labelmaker Gebruikershandleiding Elektronisches Beschriftungsgerät Bedienungsanleitung D www.dymo.com

Nadere informatie

Xerox WorkCentre 6655 multifunctionele kleurenprinter Bedieningspaneel

Xerox WorkCentre 6655 multifunctionele kleurenprinter Bedieningspaneel Bedieningspaneel Beschikbare services kunnen variëren afhankelijk van uw printerinstellingen. Zie de Handleiding voor de gebruiker voor meer informatie over functies en instellingen. 3 4 5 Aanraakscherm

Nadere informatie

Taken automatiseren met Visual Basicmacro's

Taken automatiseren met Visual Basicmacro's Taken automatiseren met Visual Basicmacro's Als u niet bekend bent met macro's, moet u zich niet hierdoor laten afschrikken. Een macro is een opgenomen set toetsaanslagen en instructies waarmee u een taak

Nadere informatie

Gebruikershandleiding. Lees deze handleiding zorgvuldig door voordat u de telefoon in gebruik neemt!

Gebruikershandleiding. Lees deze handleiding zorgvuldig door voordat u de telefoon in gebruik neemt! Gebruikershandleiding Lees deze handleiding zorgvuldig door voordat u de telefoon in gebruik neemt! 1 Aansluiti ng voor oplader 2 Zaklamp 3 Scherm 4 M2-toets 5 M1-toets 6 Verzendtoets 7 Oortelefo on 10

Nadere informatie

GEBRUIKERSHANDLEIDING

GEBRUIKERSHANDLEIDING NEDERLANDS GEBRUIKERSHANDLEIDING H00 Lees voor een veilig gebruik van de P-touch eerst de meegeleverde installatiehandleiding. Lees deze handleiding voordat u uw P-touch gaat gebruiken. Bewaar deze handleiding

Nadere informatie

Hoofdstuk 1 Afbeeldingen scannen via Intramed OnLine

Hoofdstuk 1 Afbeeldingen scannen via Intramed OnLine Hoofdstuk 1 Afbeeldingen scannen via Intramed OnLine Voortaan kunt u in Intramed OnLine gebruik maken van uw scanner U kunt van deze functionaliteit gebruik maken als u een Basic of Dynamisch account heeft,

Nadere informatie

Leerlingdossier & handelingsplannen. Welke mogelijkheden biedt de online tekstverwerker in ESIS? FAQ

Leerlingdossier & handelingsplannen. Welke mogelijkheden biedt de online tekstverwerker in ESIS? FAQ FAQ Leerlingdossier & handelingsplannen Welke mogelijkheden biedt de online tekstverwerker in ESIS? De online tekstverwerker beschikt over veel mogelijkheden voor het bewerken van tekst. U vindt de online

Nadere informatie

Toelichting op enkele knoppen: (als u de muis bij een knop houdt, verschijnt een tekst met een korte aanwijzing (tooltip) bij deze knop).

Toelichting op enkele knoppen: (als u de muis bij een knop houdt, verschijnt een tekst met een korte aanwijzing (tooltip) bij deze knop). FAQ Leerlingdossier & handelingsplannen Welke mogelijkheden biedt de online tekstverwerker in ESIS? De online tekstverwerker beschikt over veel mogelijkheden voor het bewerken van tekst. U vindt de online

Nadere informatie

Gebruikershandleiding Polycom IP321 en IP331

Gebruikershandleiding Polycom IP321 en IP331 Gebruikershandleiding Polycom IP321 en IP331 1 Inhoudsopgave 1. 2. 3. Installatie Gebruik van uw toestel Problemen oplossen Basis IP321 en IP331 telefoon Voeding (24Volt, 500mA) Ethernet kabel Telefoonhoorn

Nadere informatie

H A N D L E I D I N G E L V 1 5

H A N D L E I D I N G E L V 1 5 H A N D L E I D I N G E L L @ V 1 5 INHOUD Revision Data... 2 Introductie... 3 Ell@ Layout... 4 Aanzetten Ell@... 5 Unlocken van Ell@... 5 Hoofdmenu... 5 Raadplegen planning... 6 Invoeren prestatie...

Nadere informatie

Algemene basis instructies

Algemene basis instructies Inhoud: Algemene basis instructies... 2 Pictogrammen en knoppen... 2 Overzicht... 3 Navigeren (bladeren)... 3 Gegevens filteren... 4 Getoonde gegevens... 5 Archief... 5 Album... 5 Tabbladen en velden...

Nadere informatie

1. Vaardigheid met het toetsenbord

1. Vaardigheid met het toetsenbord 9 1. Vaardigheid met het toetsenbord Als computergebruiker is het handig om goede vaardigheden op het gebied van tekstverwerking te hebben. Dit is niet alleen nodig voor bijvoorbeeld het schrijven van

Nadere informatie

Leerlingdossier & handelingsplannen

Leerlingdossier & handelingsplannen FAQ Leerlingdossier & handelingsplannen Welke mogelijkheden biedt de online tekstverwerker in ESIS? De online tekstverwerker beschikt over veel mogelijkheden voor het bewerken van tekst. U vindt de online

Nadere informatie

DF-705 Handleiding Voor informatie en ondersteuning, www.lenco.eu

DF-705 Handleiding Voor informatie en ondersteuning, www.lenco.eu DF-705 Handleiding Voor informatie en ondersteuning, www.lenco.eu Dutch V1.0 1 Waarschuwingen Voorzorgsmaatregelen en onderhoud Alleen voor gebruik binnenshuis Stel het apparaat niet bloot aan vocht of

Nadere informatie

www.sencomp.nl 194 Aldi Windows Laatst gewijzigd 15 oktober 2012 Uw keuze voor het maken van een fotoboek is Aldi. Deze cursus bestaat uit 5 delen.

www.sencomp.nl 194 Aldi Windows Laatst gewijzigd 15 oktober 2012 Uw keuze voor het maken van een fotoboek is Aldi. Deze cursus bestaat uit 5 delen. www.sencomp.nl 194 Aldi Windows Laatst gewijzigd 15 oktober 2012 Uw keuze voor het maken van een fotoboek is Aldi. Deze cursus bestaat uit 5 delen. Deel 1 Aldi printsoftware downloaden en installeren Deel

Nadere informatie

GEBRUIKERSHANDLEIDING

GEBRUIKERSHANDLEIDING GEBRUIKERSHANDLEIDING Informatie voor de gebruiker: HD (High Definition) en HFR (High Frame Rate) video-opname apparaten, zijn een zware belasting voor geheugenkaarten. Afhankelijk van de gebruikersinstellingen,

Nadere informatie

Speciale afdrukmethoden en - materialen

Speciale afdrukmethoden en - materialen Speciale afdrukmethoden en - materialen In deze sectie komen de volgende onderwerpen aan de orde: Automatisch dubbelzijdig afdrukken zie pagina 16. Handmatig dubbelzijdig afdrukken zie pagina 19. Transparanten

Nadere informatie

2015 Multizijn V.O.F 1

2015 Multizijn V.O.F 1 Dank u voor de aanschaf van de gloednieuwe SJ5000 Camera. Lees deze handleiding aandachtig door voordat u de camera gaat gebruiken en wij hopen dat u snel vertrouwd zal zijn met de camera en u veel spannende

Nadere informatie

2.12 Een document opslaan als... 48 2.13 Oefeningen... 50 2.14 Achtergrondinformatie... 51 2.15 Tips... 54

2.12 Een document opslaan als... 48 2.13 Oefeningen... 50 2.14 Achtergrondinformatie... 51 2.15 Tips... 54 Inhoudsopgave Voorwoord... 9 Nieuwsbrief... 9 Introductie Visual Steps... 10 Wat heeft u nodig?... 10 De website bij het boek... 11 Uw voorkennis... 11 Bonushoofdstukken... 12 Hoe werkt u met dit boek?...

Nadere informatie

Microsoft Word 365. Weergave AAN DE SLAG MET DIGITALE VAARDIGHEDEN TRAINING: MICROSOFT WORD 365

Microsoft Word 365. Weergave AAN DE SLAG MET DIGITALE VAARDIGHEDEN TRAINING: MICROSOFT WORD 365 Microsoft Word 365 Weergave Inhoudsopgave 2. Weergave 2.1 Document openen en de cursor verplaatsen 2.2 Scrollbalk, weergaveknoppen en mini-werkbalk 2.3 Verborgen opmaakmarkeringen 2.4 Speciale lettertekens

Nadere informatie

HANDLEIDING INFOGRAPHIC SOFTWARE Versie 2.3 / jan 2014

HANDLEIDING INFOGRAPHIC SOFTWARE Versie 2.3 / jan 2014 HANDLEIDING INFOGRAPHIC SOFTWARE Versie 2.3 / jan 2014 Inhoudsopgave 1. Inleiding... 3 2. Systeemvereisten... 3 3. Installeren van de software... 4 4. Programma instellingen... 5 5. Importeren van een

Nadere informatie

Microsoft Word Weergave

Microsoft Word Weergave Microsoft Word 2013 Weergave Inhoudsopgave 2. Weergave 2.1 Document openen en de cursor verplaatsen 2.2 Scrollbalk, weergaveknoppen en mini-werkbalk 2.3 Verborgen opmaakmarkeringen 2.4 Opslaan onder een

Nadere informatie

Microsoft Office Tekstdocument alle systemen

Microsoft Office Tekstdocument alle systemen Microsoft Office Tekstdocument alle systemen Inleiding In deze les wordt het maken van een tekst document met gebruikmaking van Microsoft Office Word behandeld. (Het gaat hier om één van de oudere versies).

Nadere informatie

Figure 1 DYMO LabelMANAGER 150 elektronische Labelmaker

Figure 1 DYMO LabelMANAGER 150 elektronische Labelmaker LM150 WEUdef.qxd 23-09-2003 16:07 Pagina 20 Adapteraansluiting Tape uitgang LCD Display Afsnijdknop Aan/Uit Stijl toets Kader/Uitlijn toets Lettertype/Vaste lengte toets Extra toets Numerieke toetsen Alfanumerieke

Nadere informatie

2.12 Een document opslaan als Oefeningen Achtergrondinformatie Tips... 54

2.12 Een document opslaan als Oefeningen Achtergrondinformatie Tips... 54 Inhoudsopgave Voorwoord... 9 Nieuwsbrief... 9 Introductie Visual Steps... 10 Wat heeft u nodig?... 10 De website bij het boek... 11 Uw voorkennis... 11 Bonushoofdstukken... 12 Hoe werkt u met dit boek?...

Nadere informatie

Harde schijf (met montagebeugel) Gebruiksaanwijzing

Harde schijf (met montagebeugel) Gebruiksaanwijzing Harde schijf (met montagebeugel) Gebruiksaanwijzing CECH-ZHD1 7020228 Compatibele hardware PlayStation 3-systeem (CECH-400x-serie) Voorzorgsmaatregelen Lees om veilig gebruik van dit product te garanderen

Nadere informatie

HTML-EDITOR GEBRUIKEN

HTML-EDITOR GEBRUIKEN HTML-EDITOR GEBRUIKEN Over TinyMCE TinyMCE is een kleine What-You-See-Is-What-You-Get (WYSIWYG) editor voor teksten. De bediening vindt plaats in de web browsers, zoals MSIE of Mozilla. Het werken met

Nadere informatie

IRISPen Air 7. Verkorte handleiding. (Android)

IRISPen Air 7. Verkorte handleiding. (Android) IRISPen Air 7 Verkorte handleiding (Android) Deze verkorte handleiding helpt u om aan de slag te gaan met de IRISPen Air TM 7. Lees deze handleiding aandachtig door voor u deze scanner en de bijbehorende

Nadere informatie

Nederlandse versie. Inleiding. Inhoud van de verpakking. IP004 Sweex Wireless Internet Phone

Nederlandse versie. Inleiding. Inhoud van de verpakking. IP004 Sweex Wireless Internet Phone IP004 Sweex Wireless Internet Phone Inleiding Allereerst hartelijk dank voor de aanschaf van de Sweex Wireless Internet Phone. Met deze internettelefoon kun je gemakkelijk en snel voicechatten met je favoriete

Nadere informatie

Office LibreOffice Tekstdocument gebruiken

Office LibreOffice Tekstdocument gebruiken offfice_libreoffice_tekstdocument_gebruiken/05-03-15/pag 1/6 Office LibreOffice Tekstdocument gebruiken vooral Als een tekstdocument ook zal worden gebruikt op een computer zonder LibreOffice dan kan dit

Nadere informatie

F E . 1. a!? # % b &., @ $ c + ± = e < > [ \ ] ^ g λ Ø ø φ " 1 / 2 h Á á É. j À à È è Ì ì Ò k ò ù Ä ä Ë ë Ï. o à ã Ñ ñ Õ õ F` = 6mm = 9/12mm = 19mm

F E . 1. a!? # % b &., @ $ c + ± = e < > [ \ ] ^ g λ Ø ø φ  1 / 2 h Á á É. j À à È è Ì ì Ò k ò ù Ä ä Ë ë Ï. o à ã Ñ ñ Õ õ F` = 6mm = 9/12mm = 19mm : A ➎ C ➎ B D = 6mm = 9/1mm = 19mm a!? # % b &., @ $ c + ± = d * / : ; ( ) e < > [ \ ] ^ f { } ~ µ ß Ω g λ Ø ø φ " 1 / h Á á É i é Í í Ó ó Ú ú j À à È è Ì ì Ò k ò ù Ä ä Ë ë Ï l ï Ö ö Ü ü ÿ  m â Ê ê î

Nadere informatie

P-touch Editor starten

P-touch Editor starten P-touch Editor starten Versie 0 DUT Inleiding Belangrijke mededeling De inhoud van dit document en de specificaties van dit product kunnen zonder voorafgaande kennisgeving worden aangepast. Brother behoudt

Nadere informatie

Inhoud. Voorbereiding... 2 Batterijen laden... 2 De draagriem vastmaken... 3 De SD/MMC-kaart plaatsen... 3

Inhoud. Voorbereiding... 2 Batterijen laden... 2 De draagriem vastmaken... 3 De SD/MMC-kaart plaatsen... 3 NL De onderdelen identificeren Inhoud Voorbereiding... 2 Batterijen laden... 2 De draagriem vastmaken... 3 De SD/MMC-kaart plaatsen... 3 Camera-instellingen Opnamemodus... 4 knop Resolutie... 4 knop Flitser...

Nadere informatie

Central Station. CS website

Central Station. CS website Central Station CS website Versie 1.0 18-05-2007 Inhoud Inleiding...3 1 De website...4 2 Het content management systeem...5 2.1 Inloggen in het CMS... 5 2.2 Boomstructuur... 5 2.3 Maptypen... 6 2.4 Aanmaken

Nadere informatie

1. Vaardigheid met het toetsenbord

1. Vaardigheid met het toetsenbord 9 1. Vaardigheid met het toetsenbord Als computergebruiker is het handig om goede vaardigheden op het gebied van tekstverwerking te hebben. Dit is niet alleen nodig voor bijvoorbeeld het schrijven van

Nadere informatie

HP DeskJet 720C Series printer. Zeven eenvoudige stappen voor het installeren van uw printer

HP DeskJet 720C Series printer. Zeven eenvoudige stappen voor het installeren van uw printer HP DeskJet 720C Series printer Zeven eenvoudige stappen voor het installeren van uw printer Gefeliciteerd met de aanschaf van uw HP DeskJet 720C serie printer! De doos behoort het volgende te bevatten.

Nadere informatie

P-touch Transfer Manager gebruiken

P-touch Transfer Manager gebruiken P-touch Transfer Manager gebruiken Versie 0 DUT Inleiding Belangrijke mededeling De inhoud van dit document en de specificaties van het product kunnen zonder voorafgaande kennisgeving worden gewijzigd.

Nadere informatie

INSTRUCT Samenvatting Basis Word 2007, H1 SAMENVATTING HOOFDSTUK 1

INSTRUCT Samenvatting Basis Word 2007, H1 SAMENVATTING HOOFDSTUK 1 SAMENVATTING HOOFDSTUK 1 Word opstarten WORD kan worden opgestart via menu Start, Alle Programma s, Microsoft Office, Microsoft Office WORD 2007. Soms staat er op het bureaublad een snelkoppeling naar

Nadere informatie

Microsoft Word 365. Kennismaken AAN DE SLAG MET DIGITALE VAARDIGHEDEN TRAINING: MICROSOFT WORD 365

Microsoft Word 365. Kennismaken AAN DE SLAG MET DIGITALE VAARDIGHEDEN TRAINING: MICROSOFT WORD 365 Microsoft Word 365 Kennismaken Inleiding Microsoft Word is het meest gebruikte tekstverwerkingsprogramma ter wereld. De mogelijkheden die Word biedt zijn talrijk, maar als je nog nooit met Word gewerkt

Nadere informatie

MultiSport DV609 Nederlands

MultiSport DV609 Nederlands MultiSport DV609 Nederlands! Kennisgeving: High-definition video-opnameapparatuur met hoge beeldfrequentie vormt een zware belasting voor geheugenkaarten. Afhankelijk van uw instellingen wordt aanbevolen

Nadere informatie

HANDLEIDING DOIT BEHEER SYSTEEM

HANDLEIDING DOIT BEHEER SYSTEEM HANDLEIDING DOIT BEHEER SYSTEEM ALGEMENE INFORMATIE Het Doit beheer systeem is een modulair opgebouwd systeem waarin modules makkelijk kunnen worden toegevoegd of aangepast, niet iedere gebruiker zal dezelfde

Nadere informatie

NACSPORT TAG&GO HANDLEIDING. 3.2.1. Eigenschappen knop

NACSPORT TAG&GO HANDLEIDING. 3.2.1. Eigenschappen knop Handleiding NACSPORT TAG&GO HANDLEIDING 1. Introductie 2. Configureren en bestellen 3. Sjabloon (categorieën en descriptors) 3.1 Lijst sjablonen 3.2 Sjablonen bewerken 3.2.1. Eigenschappen knop 4. Analyseren

Nadere informatie

PowerPoint Basis. PowerPoint openen. 1. Klik op Starten 2. Klik op Alle programma s 3. Klik op de map Microsoft Office

PowerPoint Basis. PowerPoint openen. 1. Klik op Starten 2. Klik op Alle programma s 3. Klik op de map Microsoft Office PowerPoint Basis PowerPoint openen 1. Klik op Starten 2. Klik op Alle programma s 3. Klik op de map Microsoft Office Klik op Microsoft PowerPoint 2010 Wacht nu tot het programma volledig is opgestart.

Nadere informatie

creative 1.5 BLOEMEN-CLUTCH U HEEFT NODIG:

creative 1.5 BLOEMEN-CLUTCH U HEEFT NODIG: creative 1.5 BLOEMEN-CLUTCH Maak deze prachtige bloemen-clutch met borduurmotieven van de PFAFF creative 1.5 naai- en borduurmachine. Met de Embroidery Intro Software voor PC is het makkelijk om uw borduurmotieven

Nadere informatie

INRICHTEN VAN DAXIS CLOUD

INRICHTEN VAN DAXIS CLOUD INRICHTEN VAN DAXIS CLOUD Dit is een handleiding over het inrichten van de Daxis Cloud, waarin enkele onderdelen voor het personaliseren worden behandeld. Inhoud 1. Inleiding... 2 2. De metro-omgeving...

Nadere informatie

Afdrukken in Calc Module 7

Afdrukken in Calc Module 7 7. Afdrukken in Calc In deze module leert u een aantal opties die u kunt toepassen bij het afdrukken van Calc-bestanden. Achtereenvolgens worden behandeld: Afdrukken van werkbladen Marges Gedeeltelijk

Nadere informatie

SIM SAVER KORTE HANDLEIDING

SIM SAVER KORTE HANDLEIDING SIM SAVER KORTE HANDLEIDING (WinXP en 2000: Indien u het toestel niet in dezelfde USB-poort steekt, zal de drive voor de tweede poort opnieuw moeten worden gedefinieerd. Dit probleem heeft te maken met

Nadere informatie

BASIS TEKSTBEWERKING deel 2

BASIS TEKSTBEWERKING deel 2 BASIS TEKSTBEWERKING deel 2 Opslaan en openen. Opslaan. Om een tekst document te kunnen bewaren, zult u het moeten opslaan op de harde schijf van uw computer. Het blijft daar dan net zo lang staan tot

Nadere informatie

Uw gebruiksaanwijzing. NAVMAN F-SERIES DESKTOP F20 http://nl.yourpdfguides.com/dref/1220726

Uw gebruiksaanwijzing. NAVMAN F-SERIES DESKTOP F20 http://nl.yourpdfguides.com/dref/1220726 U kunt de aanbevelingen in de handleiding, de technische gids of de installatie gids voor NAVMAN F-SERIES DESKTOP F20. U vindt de antwoorden op al uw vragen over de NAVMAN F-SERIES DESKTOP F20 in de gebruikershandleiding

Nadere informatie

Eenvoudige afdruktaken

Eenvoudige afdruktaken Eenvoudige afdruktaken In dit onderwerp wordt het volgende besproken: 'Papier plaatsen in lade 1 (MPT)' op pagina 2-12 'Papier plaatsen in de laden 2-5' op pagina 2-17 'De nietmachine gebruiken' op pagina

Nadere informatie

Gebruikershandleiding

Gebruikershandleiding Gebruikershandleiding Inleiding. Het bijhouden, wijzigen en aanpassen van de inhoud van de website met je standaard web browser. De website maakt gebruik van CMS (content managment system) Door in te loggen

Nadere informatie

Gebruikershandleiding Polycom IP650

Gebruikershandleiding Polycom IP650 Gebruikershandleiding Polycom IP650 1 Inhoudsopgave 1. 2. 3. Installatie Gebruik van uw toestel Problemen oplossen Basis IP650 telefoon Voeding (24Volt, 500mA) Ethernet kabel Hoorn Krulsnoer hoorn Grondplaat

Nadere informatie

Kennismaking. Versies. Text. Graph: Word Logo voorbeelden verschillende versies. Werkomgeving

Kennismaking. Versies. Text. Graph: Word Logo voorbeelden verschillende versies. Werkomgeving Kennismaking Word is een tekstverwerkingsprogramma. U kunt er teksten mee maken, zoals brieven, artikelen en verslagen. U kunt ook grafieken, lijsten en afbeeldingen toevoegen en tabellen maken. Zodra

Nadere informatie

25 Excel tips. 25 Handige Excel tips die tijd besparen en fouten voorkomen. Ir. Fred Hirdes. Excel-leren.nl.

25 Excel tips. 25 Handige Excel tips die tijd besparen en fouten voorkomen. Ir. Fred Hirdes. Excel-leren.nl. [Geef tekst op] 25 Excel tips 25 Handige Excel tips die tijd besparen en fouten voorkomen Ir. Fred Hirdes Excel-leren.nl [email protected] Inhoudsopgave Inhoudsopgave... 1 Inleiding... 2 Tip 1 tm

Nadere informatie

INHOUDSOPGAVE Hoofdstuk 1: Kennismaken met Word 2010 Hoofdstuk 2: Vensters en knoppen Hoofdstuk 3: Dialoogvensters en rechtermuisknop

INHOUDSOPGAVE Hoofdstuk 1: Kennismaken met Word 2010 Hoofdstuk 2: Vensters en knoppen Hoofdstuk 3: Dialoogvensters en rechtermuisknop INHOUDSOPGAVE Hoofdstuk 1: Kennismaken met Word 2010 2 Word activeren 3 Beginscherm en het lint 4 Meer elementen van het programmavenster 5 Een programma sluiten 6 Hoofdstuk 2: Vensters en knoppen 8 Het

Nadere informatie

Voor alle printers moeten de volgende voorbereidende stappen worden genomen: Stappen voor snelle installatie vanaf cd-rom

Voor alle printers moeten de volgende voorbereidende stappen worden genomen: Stappen voor snelle installatie vanaf cd-rom Windows NT 4.x In dit onderwerp wordt het volgende besproken: "Voorbereidende stappen" op pagina 3-24 "Stappen voor snelle installatie vanaf cd-rom" op pagina 3-24 "Andere installatiemethoden" op pagina

Nadere informatie

Doe het zelf installatiehandleiding

Doe het zelf installatiehandleiding Doe het zelf installatiehandleiding Inleiding Deze handleiding helpt u bij het installeren van KSYOS TeleDermatologie. De installatie duurt maximaal 30 minuten, als u alle onderdelen van het systeem gereed

Nadere informatie

Het is af en toe niet om aan te zien hoe sommige

Het is af en toe niet om aan te zien hoe sommige Tabellen in Word 2010 Otto Slijkhuis Het is af en toe niet om aan te zien hoe sommige Word-gebruikers met teksten omgaan. In plaats van het invoegen van een tabel om gegevens keurig in een overzicht te

Nadere informatie

DF-831 8 Digitale fotolijst Handleiding

DF-831 8 Digitale fotolijst Handleiding DF-831 8 Digitale fotolijst Handleiding Voor informatie en ondersteuning, www.lenco.eu 1. Aan de slag: Het uiterlijk bekijken: Sensor voor afstandsbediening 2. Knoppen en aansluitingen: (1). Menu/Terug;

Nadere informatie

OREGON -serie 450, 450t, 550, 550t. snelstartgids

OREGON -serie 450, 450t, 550, 550t. snelstartgids OREGON -serie 450, 450t, 550, 550t snelstartgids Waarschuwing Lees de gids Belangrijke veiligheidsen productinformatie in de verpakking voor productwaarschuwingen en andere belangrijke informatie. De Oregon

Nadere informatie

Installeren van het stuurprogramma USB-Audiostuurprogramma Installatiehandleiding (Windows)

Installeren van het stuurprogramma USB-Audiostuurprogramma Installatiehandleiding (Windows) Installeren van het stuurprogramma USB-Audiostuurprogramma Installatiehandleiding (Windows) Inhoudsopgave Installeren van het stuurprogramma... Pagina 1 Verwijderen van het stuurprogramma... Pagina 3 Problemen

Nadere informatie

Landelijk Indicatie Protocol (LIP)

Landelijk Indicatie Protocol (LIP) Handleiding Landelijk Indicatie Protocol programma pagina 1 of 18 Landelijk Indicatie Protocol (LIP) Welkom bij LIP Lip is ontstaan uit een toegevoegde module aan het kraamzorg administratie pakket van

Nadere informatie

HANDLEIDING Q1600 Fashion

HANDLEIDING Q1600 Fashion HANDLEIDING Q1600 Fashion Pag.: 1 Inhoudsopgave Inleiding...3 Beheer...4 Kleurlijsten beheren...4 Kleurlijst groep aanmaken...6 Kleurlijst groep verwijderen...6 Kleuren (kleurnummers) aanmaken/wijzigen...7

Nadere informatie

Welkom bij BOEKLEZER

Welkom bij BOEKLEZER Welkom bij BOEKLEZER Claro Boeklezer is een boek lezer die gebruikers in staat stelt om PDF bestanden te lezen of laten voorlezen met de ingebouwde schermlezer. Met deze boeklezer is het mogelijk om digitale

Nadere informatie

Handleiding Pétanque Competitie Beheer. (versie 1.1) April 2014

Handleiding Pétanque Competitie Beheer. (versie 1.1) April 2014 Handleiding Pétanque Competitie Beheer (versie 1.1) April 2014 2 Algemeen Het programma Pétanque Competitie Beheer is gratis software voor de verwerking van halve en hele competities tot en met 99 speelrondes

Nadere informatie

HANDLEIDING Q1400 Horeca Tafelregistratie

HANDLEIDING Q1400 Horeca Tafelregistratie Q-LINE Q1400 Tafelregistratie Handleiding versie 2.0 HANDLEIDING Q1400 Horeca Tafelregistratie Pag.: 1 Q-LINE Q1400 Tafelregistratie Handleiding versie 2.0 Inhoudsopgave Inleiding...3 Kassa functies...4

Nadere informatie

Op basis van klanten-,product-,barcodegegevens wordt automatisch een barcode document aangemaakt

Op basis van klanten-,product-,barcodegegevens wordt automatisch een barcode document aangemaakt Op basis van klanten-,product-,barcodegegevens wordt automatisch een barcode document aangemaakt Pagina 1 van 56 Inhoud van deze help 1. Algemeen 1.1 Inhoud van deze box. 1.2 Minimum systeemvereisten 2.

Nadere informatie

Sneltoets Combinaties. Hoofdstuk 6 Sneltoetsen

Sneltoets Combinaties. Hoofdstuk 6 Sneltoetsen Hoofdstuk 6 Sneltoetsen Sneltoetsen zijn combinaties van toetsen die ZoomText bevelen uitvoeren zonder dat de ZoomText gebruikersinterface geactiveerd dient te worden. Er zijn sneltoetsen voor bijna alle

Nadere informatie