Aanbeveling schikking en proceskosten Wwz
|
|
|
- Franciscus Bosman
- 8 jaren geleden
- Aantal bezoeken:
Transcriptie
1 Aanbeveling schikking en proceskosten Wwz Aanbevelingen ten aanzien van de schikking ter zitting in Wwz-zaken (en pro forma ontbinding) en de proceskostenveroordeling in Wwz-zaken
2 INLEIDING In de plenaire vergadering van het Landelijk overleg vakinhoud civiel, kanton en toezicht het LOVCK&T - van 9 oktober 2017 is met inachtneming van het Protocol expertgroepen, redactieraden en werkgroepen LOVCK&T op advies van de landelijke expertgroep Arbeidsrecht 1 besloten tot vaststelling van deze aanbevelingen en de bijbehorende toelichting. De leden van de expertgroep hebben zorggedragen voor het raadplegen van de professionals (lees: in dit geval de kantonrechters) in de eigen rechtbanken. Daarbij is gebleken dat aanbevelingen op brede steun en draagvlak kunnen rekenen. Bovendien zijn de aanbevelingen onderschreven tijdens een vergadering van de Kring van Kantonrechters op 6 oktober De gekozen term aanbevelingen (en niet richtlijnen ) geeft aan dat het om uitgangspunten gaat waarvan in bijzondere gevallen kan worden afgeweken. Partijen zullen derhalve in een procedure geen rechten aan de aanbevelingen kunnen ontlenen. Het is aan de kantonrechter om te bepalen of er aanleiding is de reden van afwijking van een aanbeveling te motiveren. Ten overvloede geldt dat geen sprake is van recht in de zin van artikel 79 RO. Daar waar in deze aanbevelingen wordt gesproken over zaken in het kader van de Wet werk en zekerheid (Wwz-zaken) gaat het om een verzoekschriftprocedure als bedoeld in artikel 7:686a lid 2 BW. Met een schikking ter zitting in een Wwz-zaak wordt gedoeld op de situatie waarin een inhoudelijk verzoek- en verweerschrift is ingediend en partijen ter zitting alsnog een schikking bereiken, en waarbij door partijen wordt verzocht om die schikking neer te leggen in een beschikking en/of een vaststellingsovereenkomst. Met pro forma ontbinding wordt gedoeld op een ontbindingsverzoek ten aanzien waarvan uit het verzoek zelf blijkt dat partijen daarover vooraf al overeenstemming hebben bereikt en zij van de kantonrechter een beschikking willen verkrijgen waarmee de ontbinding geformaliseerd wordt, waarbij de zaak veelal schriftelijk wordt afgedaan, zonder mondelinge behandeling. De proceskostenveroordeling waar het in deze aanbevelingen over gaat, is de proceskostenveroordeling bedoeld in artikel 289 Rv. Deze aanbevelingen hebben tot doel om te bevorderen dat landelijk eenduidig en waar mogelijk uniform wordt omgegaan met de schikking ter zitting in Wwz-zaken (en met pro forma ontbinding) alsmede met de proceskostenveroordeling in Wwz-zaken. Deze aanbevelingen worden toegepast in zaken waarin het verzoekschrift op of na 1 januari 2018 wordt ingediend. 1 De Commissie Arbeidsrecht van de Kring van Kantonrechters is deel gaan uitmaken van deze expertgroep van het LOVCK&T. In de Expertgroep is iedere rechtbank met één lid vertegenwoordigd. 2.
3 SCHIKKING TER ZITTING Aanbeveling 1.1 Indien partijen in het kader van een schikking ter zitting een vaststellingsovereenkomst (willen) aangaan, kan de kantonrechter op verzoek van partijen die vaststellingsovereenkomst vastleggen en daarvan procesverbaal opmaken. Toelichting bij Aanbeveling 1.1. Hoewel dat niet met zoveel woorden in artikel 290 Rv is geregeld voor een verzoekschriftprocedure, wordt ervan uitgegaan dat van een vaststellingsovereenkomst na een schikking ter zitting met overeenkomstige toepassing van artikel 87 lid 3 Rv proces-verbaal kan worden opgemaakt. Dat volgt overigens expliciet uit artikel 30m (nieuw) Rv. Aanbeveling 1.2 Voor zover partijen in het kader van een schikking ter zitting de beëindiging van de arbeidsovereenkomst in de vaststellingsovereenkomst (willen) vastleggen (een zogenaamde BEO), kan de procedure op verzoek van partijen in verband met de bedenktermijn van artikel 7:670b lid 2 BW twee weken worden aangehouden. Indien de werknemer binnen twee weken nadien een beroep doet op de bedenktermijn, zal de procedure worden voortgezet. Toelichting bij Aanbeveling 1.2. Indien partijen ter zitting een vaststellingsovereenkomst aangaan en daarin de beëindiging van de arbeidsovereenkomst vastleggen, is op die overeenkomst de bedenktermijn van artikel 7:670b lid 2 BW van toepassing. Dat betekent dat partijen ter zitting in feite geen definitieve regeling kunnen treffen en in verband daarmee kan de procedure op verzoek van partijen twee weken worden aangehouden. Doet de werknemer binnen twee weken geen beroep op de bedenktermijn, dan zal het verzoek in beginsel als ingetrokken worden beschouwd. Wordt de beëindigingsovereenkomst tijdig door de werknemer ontbonden, dan zal de procedure worden voortgezet. Aanbeveling 1.3 Indien partijen in het kader van een schikking ter zitting er blijk van geven dat zij het erover eens zijn dat er (inmiddels) een redelijke grond voor ontbinding bestaat en zij daarover geen geschil meer hebben, kan de kantonrechter op verzoek van partijen op die grond tot ontbinding overgaan en kan deze ontbinding in een daartoe strekkende beschikking worden uitgesproken. De overige afspraken van partijen in verband met het einde van de arbeidsovereenkomst, kan de kantonrechter op verzoek van partijen in een vaststellingsovereenkomst vastleggen en daarvan proces-verbaal opmaken (een zogenaamde LEO, te weten een losse-eindjes-overeenkomst). 3.
4 Toelichting bij Aanbeveling 1.3. Partijen kunnen belang kunnen hebben bij een beschikking tot ontbinding na een schikking ter zitting. Dat belang kan er onder meer in zijn gelegen dat in geval van een beëindiging van de arbeidsovereenkomst door middel van ontbinding door de kantonrechter de bedenktermijn van artikel 7:670b lid 2 BW niet geldt, of dat in voorkomende gevallen een bovenwettelijke werkloosheidsuitkering waarop een werknemer op grond van een cao aanspraak heeft, slechts door de werkgever kan worden gedeclareerd bij een daarvoor opgericht fonds indien aan de beëindiging van de arbeidsovereenkomst een beschikking van de kantonrechter ten grondslag ligt (zie ook: Kamerstukken II, , , nr. 3, pag. 103 en Kamerstukken I, , , nr. 7, pag. 58). Ook kan niet worden uitgesloten dat partijen belang hebben bij het feit dat een beschikking een executoriale titel oplevert en een beëindigingsovereenkomst niet (zonder meer). Verder bepaalt artikel 3:324 lid 1 BW dat de executiebevoegdheid van een beschikking (pas) na 20 jaar verjaart, terwijl de vordering tot nakoming van een vaststellingsovereenkomst op grond van artikel 3:307 BW na vijf jaar verjaart. Daarnaast kan in dit kader het belang bij een ontbindingsbeschikking gelegen zijn in de omstandigheid dat de behandelingsduur van de procedure ex artikel 7:671b lid 8, onderdeel a, BW in mindering strekt op de opzegtermijn. In de rechtspraak wordt over het algemeen geoordeeld dat als partijen het erover eens zijn dat een redelijke grond voor ontbinding bestaat en zij daarover geen geschil meer hebben, de kantonrechter op verzoek van partijen op die grond tot ontbinding kan overgaan. Daarbij sluit deze aanbeveling aan. In de meeste gevallen zal het gaan om ontbinding op grond van artikel 7:669 lid 3, onderdeel g, BW, waarbij partijen het er (inmiddels) over eens zijn dat sprake is van een verstoorde arbeidsverhouding, zodanig dat van de werkgever in redelijkheid niet meer gevergd kan worden de arbeidsovereenkomst te laten voortduren en dat geen herplaatsing meer mogelijk was. De eventuele andere afspraken die partijen gemaakt hebben, bijvoorbeeld ten aanzien van een eindafrekening, een concurrentiebeding of een beëindigingsvergoeding, kunnen door de kantonrechter worden vastgelegd in een vaststellingsovereenkomst die door beide partijen voor akkoord wordt ondertekend (de eerdergenoemde LEO), en waarvan proces-verbaal kan worden opgemaakt. Aanbeveling 1.4 Ontbinding als bedoeld in aanbeveling 1.3 zal plaatsvinden met inachtneming van de wettelijk voorgeschreven ontbindingsdatum. Toelichting bij Aanbeveling 1.4. Deze aanbeveling sluit aan bij de rechtspraak. Het staat partijen in beginsel vrij om ter zitting (alsnog) een nadere opzegtermijn overeen te komen, die aansluit bij de door hen gewenste ontbindingsdatum. Partijen kunnen in beginsel op grond van artikel 7:902 BW in een vaststellingsovereenkomst afwijken van een dwingendrechtelijke bepaling, waarbij het aan de kantonrechter is om te beoordelen of in het voorliggende geval afwijking van een dwingendrechtelijke bepaling aanvaardbaar is (zie ook: HR 9 januari 2015, ECLI:NL:HR: 2015:39). Ook dan geldt dat bij het bepalen van het tijdstip van het einde 4.
5 van de arbeidsovereenkomst de kantonrechter wel steeds een minimale termijn van een maand in acht zal nemen, overeenkomstig artikel 7:671b lid 8, onderdeel a, BW. Aanbeveling 1.5 In geval van ontbinding na een schikking ter zitting als bedoeld in aanbeveling 1.3, kan in de beschikking tot ontbinding ook worden opgenomen dat de werkgever wordt veroordeeld tot betaling van de wettelijke transitievergoeding of een andere beëindigingsvergoeding, voor zover daarom wordt verzocht en voldoende blijkt dat partijen daarover overeenstemming hebben, en voor zover er naar het oordeel van de kantonrechter geen dwingende wettelijke bepalingen zijn die daaraan in de weg staan. Toelichting bij Aanbeveling 1.5. In de praktijk zal bij partijen geen aanleiding bestaan om in het kader van een pro forma ontbinding aan de kantonrechter te vragen de werkgever te veroordelen tot betaling van een billijke vergoeding als bedoeld in artikel 7:671b lid 8, onderdeel c, BW. Er is dan ook geen reden om daarover een aanbeveling te geven. Partijen kunnen wel, al dan niet expliciet of bij wijze van tegenverzoek, verzoeken om veroordeling van de werkgever tot betaling van een transitievergoeding of een andere, tussen partijen overeengekomen beëindigingsvergoeding, die afwijkt van de transitievergoeding. Een dergelijk verzoek is immers op zichzelf mogelijk op grond van artikel 7:686a lid 2 of 3 BW. Partijen kunnen in ieder geval overeenkomen dat aan de werknemer een hogere vergoeding toekomt dan de transitievergoeding die voortvloeit uit artikel 7:673 BW en dat de werkgever in de beschikking tot ontbinding kan worden veroordeeld tot die hogere vergoeding (zie ook: Kamerstukken II, , , nr. 3, pag. 39 en Kamerstukken II, , , nr. C, pag. 34). Denkbaar is dat een dwingendrechtelijke regeling, zoals bijvoorbeeld de Wet normering bezoldiging topfunctionarissen publieke en semipublieke sectornormering, in de weg staat aan een overeenkomst waarbij partijen een hogere vergoeding overeenkomen dan de wettelijke transitievergoeding. Zoals hiervoor al is opgemerkt, kunnen partijen in beginsel op grond van artikel 7:902 BW in een vaststellingsovereenkomst afwijken van een dwingendrechtelijke bepaling, maar is het aan de kantonrechter om te beoordelen of afwijking van een dergelijke dwingendrechtelijke bepaling aanvaardbaar is (zie ook: HR 9 januari 2015, ECLI:NL:HR: 2015:39 en Kamerstukken II, , , nr. 3, pag. 113). Dat laatste geldt ook in het geval partijen een lagere vergoeding overeenkomen dan de wettelijke transitievergoeding (zie ook: Kamerstukken II, , , nr. 3, pag. 113). PRO FORMA ONTBINDING Aanbeveling 2.1 Indien een verzoek tot pro forma ontbinding wordt ingediend, zal in beginsel worden aangenomen dat partijen bij dat verzoek belang hebben en zal op dat verzoek worden beslist. 5.
6 Toelichting bij Aanbeveling 2.1. De pro forma ontbinding heeft in het kader van de Wwz in de praktijk nog maar een beperkte betekenis heeft. In de wetsgeschiedenis van de Wwz is opgemerkt dat de regering geen aanleiding zag voor pro forma ontbinding en daarvan ook geen voorstander was (zie: Kamerstukken I, , , nr. C, pag. 88 en 89). Tegelijkertijd moet worden vastgesteld dat er geen wettelijke regel is die zich verzet tegen de pro forma ontbinding, dat partijen in de praktijk incidenteel daartoe nog een verzoek indienen en dat de kantonrechter op een dergelijk verzoek zal moeten beslissen. Gelet daarop is er aanleiding om ook voor de pro forma ontbinding een aanbeveling te formuleren. Wat betreft het mogelijke belang van partijen bij de pro forma ontbinding wordt verwezen naar de toelichting bij aanbeveling 1.3. Aanbeveling 2.2 Op een verzoek om een pro forma ontbinding zal in beginsel worden beslist zonder voorafgaande mondelinge behandeling, tenzij de kantonrechter in het verzoekschrift en/of de stukken aanleiding vindt om partijen te horen. Toelichting bij Aanbeveling 2.2. Uitgangspunt van artikel 279 Rv is dat in een verzoekschriftprocedure een mondelinge behandeling (ter zitting) plaatsvindt, tenzij de rechter het verzoek direct kan toewijzen. In geval van een pro forma ontbinding kan dus worden afgezien van een mondelinge behandeling, indien het verzoek direct kan worden toegewezen. Onder omstandigheden kan de kantonrechter niettemin bepalen dat een mondelinge behandeling moet plaatsvinden, bijvoorbeeld in het geval één of beide partijen niet wordt c.q. worden bijgestaan door een professionele gemachtigde of rechtshulpverlener. Aanbeveling 2.3 De aanbevelingen onder 1.3, 1.4 en 1.5 zijn, voor zover mogelijk en van belang, van overeenkomstige toepassing op een verzoek om een pro forma ontbinding. PROCESKOSTENVEROORDELING Aanbeveling 3.1 In een verzoekschriftprocedure als bedoeld in artikel 7:686a lid 2 BW, waarin een partij wordt veroordeeld in de proceskosten, wordt voor de vaststelling van het gemachtigdensalaris in beginsel aangesloten bij het tarief dat geldt voor een kort geding in kantonzaken, waarbij voor zeer complexe zaken een tarief geldt van (maximaal) 1.200,00. Toelichting bij Aanbeveling 3.1. In de aanbeveling van het LOVCK van 9 december 2013, zoals gepubliceerd op is voor een kort geding in kantonzaken in geval van een proceskostenveroordeling een tarief bepaald voor de hoogte van het gemachtigdensalaris. Dit tarief leent zich, gelet op de aard daarvan, voor overeenkomstige toepassing in een verzoekschriftprocedure als bedoeld in artikel 7:686a 6.
7 lid 2 BW. Dat geldt ook voor de daarmee verband houdende andere vorderingen in de zin van artikel 7:686a lid 3 BW. Dit tarief is: verstek/eenvoudig: 400,00; gemiddeld: 600,00; complex: 800,00. De genoemde bedragen betreffen totaalbedragen. Voor een gemiddelde zaak wordt dus in totaal 600,00 aan salaris voor de gemachtigde toegekend (en dus niet per punt of proceshandeling). Ook in een verzoekschriftprocedure als bedoeld in artikel 7:686a lid 2 BW kan behoefte bestaan aan een tarief van (maximaal) 1.200,00, voor zeer complexe zaken. Daarbij kan onder andere worden gedacht aan zaken waarin sprake is van meerdere verzoeken en/of meerdere met elkaar verband houdende andere vorderingen in de zin van artikel 7:686a lid 3 BW, of aan zaken die na de mondelinge behandeling worden voortgezet in verband met een bewijsopdracht, en waarvoor een tarief van 800,00 redelijkerwijs niet toereikend moet worden geacht. Aanbeveling 3.2 In geval van toewijzing van een verzoek om ontbinding van de arbeidsovereenkomst als bedoeld in de artikelen 7:671b en 7:671c BW, worden de proceskosten in beginsel gecompenseerd. Aanbeveling 3.3 Als sprake is van (ernstig) verwijtbaar handelen of nalaten aan de zijde van werkgever of werknemer, kan de kantonrechter in afwijking van aanbeveling 3.2 de partij die (ernstig) verwijtbaar heeft gehandeld in de proceskosten veroordelen. Aanbeveling 3.4 In geval van afwijzing of intrekking van een verzoek om ontbinding van de arbeidsovereenkomst als bedoeld in de artikelen 7:671b en 7:671c BW, kan de kantonrechter de indiener van het verzoek veroordelen in de proceskosten. Toelichting bij Aanbeveling 3.2, 3.3 en 3.4 Onder het oude recht vóór 1 juli 2015 was het bij toepassing van artikel 7:685 (oud) BW landelijk een gangbare praktijk dat bij een ontbinding van de arbeidsovereenkomst de proceskosten veelal werden gecompenseerd. Het ligt in de rede dit uitgangspunt ook te hanteren bij een ontbinding van de arbeidsovereenkomst onder huidig recht op grond van de artikelen 7:671b en 7:671c BW. Dit kan anders liggen in een geval waarin werkgever of werknemer (ernstig) verwijtbaar heeft gehandeld of in geval van afwijzing of intrekking van het verzoek om ontbinding van de arbeidsovereenkomst. In dergelijke gevallen kan de kantonrechter er ook voor kiezen de werkgever of werknemer te veroordelen in de proceskosten. 7.
8 Aanbeveling 3.5 In geval van een tegenverzoek, ten aanzien waarvan een partij wordt veroordeeld in de proceskosten, kunnen de aanbevelingen 3.1 tot en met 3.4 overeenkomstig worden toegepast. 8.
AANBEVELINGEN ten aanzien van de schikking ter zitting in Wwz-zaken (en pro forma ontbinding) en de proceskostenveroordeling in Wwz-zaken
AANBEVELINGEN ten aanzien van de schikking ter zitting in Wwz-zaken (en pro forma ontbinding) en de proceskostenveroordeling in Wwz-zaken INLEIDING In de plenaire vergadering van het Landelijk overleg
DE KANTONRECHTER EN DE WWZ: SNEL, PRAKTISCH EN EFFECTIEF?
1 DE KANTONRECHTER EN DE WWZ: SNEL, PRAKTISCH EN EFFECTIEF? mr. P.J. Jansen, kantonrechter Rechtbank Noord-Holland mr. M.D. Ruizeveld, kantonrechter Rechtbank Amsterdam Wie was deze man? En deze dan? Rekkelijken
vonnis in kort geding ex artikel 254 lid 5 Wetboek van Burgerlijke Rechtsvordering van de kantonrechter, zitting houdende te Rotterdam,
ECLI:NL:RBROT:2016:996 Instantie Rechtbank Rotterdam Datum uitspraak 10-02-2016 Datum publicatie 10-02-2016 Zaaknummer 4645281 VV EXPL 15-591 Rechtsgebieden Civiel recht Bijzondere kenmerken Kort geding
De kantonrechter en de Wwz snel prak3sch en effec3ef? Ellen W. de Groot Dirk Jan Buijs
De kantonrechter en de Wwz snel prak3sch en effec3ef? Ellen W. de Groot Dirk Jan Buijs Verzoekschri9 ontbinding; wat zet u er in? (art. 7:671b BW) Redelijke grond(en) Herplaatsing niet mogelijk andere
ECLI:NL:RBAMS:2016:6651
ECLI:NL:RBAMS:2016:6651 Instantie Rechtbank Amsterdam Datum uitspraak 05-10-2016 Datum publicatie 18-10-2016 Zaaknummer Rechtsgebieden Bijzondere kenmerken Inhoudsindicatie EA VERZ 16-968/16-1002/16-1126/C104420
Ontbinding, Transitievergoeding telt niet mee voor de maximale uitkering op
Ontbinding, Transitievergoeding telt niet mee voor de maximale uitkering op grond van de WNT Publicatie JAR 2016 afl. 10 Publicatiedatum 19 juli 2016 College Kantonrechter Rechtbank Midden Nederland zp
Arbeidsrecht Actueel. Hoge Raad geeft (meer) duidelijkheid over ontslag op staande voet onder de Wet werk en zekerheid.
Jaargang 22 (2017) JANUARI nr. 279 Arbeidsrecht Actueel In deze uitgave: Hoge Raad geeft (meer) duidelijkheid over ontslag op staande voet onder de Wet WeRk en zekerheid Hoge Raad geeft (meer) duidelijkheid
ECLI:NL:RBAMS:2017:3179
ECLI:NL:RBAMS:2017:3179 Instantie Rechtbank Amsterdam Datum uitspraak 10-04-2017 Datum publicatie 12-05-2017 Zaaknummer EA VERZ 17-179 Rechtsgebieden Bijzondere kenmerken Inhoudsindicatie Civiel recht
ONTSLAG. 1. Inleiding: een nieuw scenario? Mr. P.J. Jansen
ONTSLAG 59. Ontslag op staande voet en de Wet werk en zekerheid: is er nog plaats voor een kort geding, voorwaardelijke ontbinding, bewijslevering en een switch? Mr. P.J. Jansen De Wet werk en zekerheid
Academie voor de Rechtspraktijk Jurisprudentie WWZ. Eugenie Nunes 9 november 2015
Academie voor de Rechtspraktijk Jurisprudentie WWZ Eugenie Nunes 9 november 2015 Aanzegging Aanzegging einde / voortzetting tijdelijke arbeidsovereenkomst 6 maanden: > Kantonrechter Amsterdam 10 juni 2015
ECLI:NL:RBNHO:2016:4991
ECLI:NL:RBNHO:2016:4991 Instantie Datum uitspraak 20-06-2016 Datum publicatie 04-07-2016 Rechtbank Noord-Holland Zaaknummer 4983481 / OA VERZ 16-101 Rechtsgebieden Bijzondere kenmerken Inhoudsindicatie
GEZAMENLIJKE BEHANDELING VAN EEN ONTBINDINGSVERZOEK EN KORT GEDING: EEN GEZAMENLIJK BELEID ONTBREEKT
GEZAMENLIJKE BEHANDELING VAN EEN ONTBINDINGSVERZOEK EN KORT GEDING: EEN GEZAMENLIJK BELEID ONTBREEKT E.I. Bouma 1 Inleiding In de praktijk komt het regelmatig voor dat de werkgever de kantonrechter verzoekt
Actualiteiten Arbeidsrecht. Mr. dr. P. (Pascal) Kruit
Actualiteiten Arbeidsrecht Mr. dr. P. (Pascal) Kruit Programma Actualiteiten WWZ Ontbindende voorwaarde Collectieve acties 2 Actualiteiten WWZ Ontbinding wegens disfunctioneren Pro-forma ontbinding 96-Rv
ECLI:NL:HR:2018:484. Uitspraak. Datum uitspraak Datum publicatie Zaaknummer 17/01642
ECLI:NL:HR:2018:484 Instantie Hoge Raad Datum uitspraak 30-03-2018 Datum publicatie 30-03-2018 Zaaknummer 17/01642 Formele relaties Rechtsgebieden Bijzondere kenmerken Inhoudsindicatie Conclusie: ECLI:NL:PHR:2018:46
Ontslagrecht en dossiervorming. Corine Oerlemans 26 november 2013
Ontslagrecht en dossiervorming Corine Oerlemans 26 november 2013 Beëindiging arbeidsovereenkomst Er zijn in principe 4 manieren om de arbeidsovereenkomst met een werknemer te beëindigen. Elk met een eigen
Conclusie: ECLI:NL:PHR:2017:21, Gevolgd In cassatie op : ECLI:NL:GHSHE:2016:1717, (Gedeeltelijke) vernietiging en zelf afgedaan
ECLI:NL:HR:2017:571 Instantie Hoge Raad Datum uitspraak 31-03-2017 Datum publicatie 31-03-2017 Zaaknummer 16/03870 Formele relaties Rechtsgebieden Bijzondere kenmerken Inhoudsindicatie Conclusie: ECLI:NL:PHR:2017:21,
Concurrentiebeding - werkgevers
Concurrentiebeding - werkgevers Waarom een concurrentiebeding opnemen? Met een concurrentiebeding wordt een werknemer beperkt in zijn bevoegdheid om na het einde van de arbeidsovereenkomst op zekere wijze
Het Nieuwe Ontslagrecht
Wet Werk en Zekerheid Het Nieuwe Ontslagrecht Wilfred Groustra 21 mei 2015 Ontslagregelingen Oude regeling: * Naar verkiezing UWV of kantonrechter. * Alleen bij kantonrechter een vergoeding. * Geen hoger
Per 2015 mag er geen proeftijd meer worden opgenomen in arbeidsovereenkomsten met een looptijd tot en met zes maanden.
Het nieuwe arbeidsrecht en ontslagrecht 2015 (De Wet Werk en Zekerheid voor werkgevers) In 2015 is en wordt het arbeidsrecht en ontslagrecht ingrijpend veranderd. De nieuwe wetgeving is gericht op arbeidsmobiliteit.
Voorwaardelijke ontbinding onder de Wwz, Ernstig verwijtbaar handelen werkneemster, Geen vergoeding en ontbinding op termijn van vier dagen
Voorwaardelijke ontbinding onder de Wwz, Ernstig verwijtbaar handelen werkneemster, Geen vergoeding en ontbinding op termijn van vier dagen Publicatie JAR 2015 afl. 13 Publicatiedatum 21 september 2015
ECLI:NL:RBOBR:2016:1526
ECLI:NL:RBOBR:2016:1526 Permanente link: http://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ecli:nl:rbobr:2016:1526 Instantie Rechtbank Oost Brabant Datum uitspraak 09 03 2016 Datum publicatie 04 04 2016 Zaaknummer
Het zwaarwegend belang moet overigens aanwezig zijn bij aangaan van het concurrentiebeding of relatiebeding, maar ook bij einde van het contract.
Het nieuwe arbeidsrecht en ontslagrecht 2015 (De Wet Werk en Zekerheid voor werknemers) In 2015 is en wordt het arbeidsrecht en ontslagrecht ingrijpend veranderd. De nieuwe wetgeving is gericht op arbeidsmobiliteit.
beschikking RECHTBANK GELDERLAND Team kanton en handelsrecht Zittingsplaats Arnhem
beschikking RECHTBANK GELDERLAND Team kanton en handelsrecht Zittingsplaats Arnhem zaakgegevens 4433150 \ HA VERZ 15-332 \ 572 uitspraak van 13 november 2015 beschikking in de zaak van de besloten vennootschap
een bad hair day? De Billijke vergoeding:
1. Toekenningsgronden voor de billijke vergoeding 2. Begroting billijke vergoeding na invoering WWZ 3. New-Hairstyle arrest 4. Lagere rechtspraak na New-Hairstyle 5. Conclusie De Billijke vergoeding: een
afspraken die in het Najaarsoverleg 2008 zijn gemaakt. Volstaan wordt dan ook met hiernaar te verwijzen.
Reactie op de brief van de Nederlandse Orde van Advocaten (NOvA) inzake het wetsvoorstel tot wijziging van Boek 7, titel 10, van het Burgerlijk Wetboek in verband met het limiteren van de hoogte van de
INHOUDSOPGAVE. Inleiding /V. Lijst met gebruikte afkortingen / XIII. HOOFDSTUK 1 Achtergronden en hoofdlijnen van de Wwz /1
INHOUDSOPGAVE Inleiding /V Lijst met gebruikte afkortingen / XIII HOOFDSTUK 1 Achtergronden en hoofdlijnen van de Wwz /1 1.1 Introductie / 1 1.1.1 Inleiding / 1 1.1.2 Wetgevingstraject / 1 1.2 Historisch
Concurrentiebeding - werknemers
Concurrentiebeding - werknemers Wat is een concurrentiebeding? Een werkgever kan er groot belang bij hebben dat bepaalde werknemers niet bij een (directe) concurrent of als zelfstandige gaan werken. Dit
ECLI:NL:RBNHO:2014:8414
ECLI:NL:RBNHO:2014:8414 Instantie Datum uitspraak 16-06-2014 Datum publicatie 13-11-2014 Rechtbank Noord-Holland Zaaknummer 2896454 CV EXPL 14-830 Rechtsgebieden Bijzondere kenmerken Inhoudsindicatie Civiel
Nieuwsbrief Wet Werk en Zekerheid
Nieuwsbrief Wet Werk en Zekerheid Beste Klant, Per 1 januari en 1 juli 2015 zullen er diverse wijzigingen plaatsvinden op het gebied van arbeidsrecht. Hiervan willen wij u graag op de hoogte brengen. De
Nieuw Arbeidsrecht Hoe zit het nu en hoe gaat het worden?
Nieuw Arbeidsrecht Hoe zit het nu en hoe gaat het worden? Op 18 februari 2014 is de Wet Werk en Zekerheid aangenomen. Op internet zijn veel plukjes informatie te vinden. Hieronder volgt een overzicht van
EJEA ECLI:NL:RBROT:2016:1185 Rechtbank Rotterdam Datum uitspraak Datum publicatie ZaaknummerKTN _
EJEA 16-018 ECLI:NL:RBROT:2016:1185 Rechtbank Rotterdam Datum uitspraak16-02-2016 Datum publicatie16-02-2016 ZaaknummerKTN-4677514_16022016 RechtsgebiedenCiviel recht Bijzondere kenmerkenbeschikking Inhoudsindicatie
Ontslag wegens disfunctioneren
Ontslag wegens disfunctioneren Beëindigen arbeidsovereenkomst Er zijn 2 (hoofd)groepen van ontslagredenen: 1. Op grond van een reden gelegen binnen de organisatie van de werkgever (WG) (gaan we hier niet
HET NIEUWE ARBEIDS- EN ONTSLAGRECHT De 7 belangrijkste wijzigingen
HET NIEUWE ARBEIDS- EN ONTSLAGRECHT De 7 belangrijkste wijzigingen Introductie Met de komst van de Wet Werk en Zekerheid (WWZ) vinden per 1 januari en 1 juli 2015 ingrijpende veranderingen in het arbeids-
ECLI:NL:RBAMS:2016:1678
ECLI:NL:RBAMS:2016:1678 Instantie Rechtbank Amsterdam Datum uitspraak 24-03-2016 Datum publicatie 29-03-2016 Zaaknummer KK EXPL 16-200 Rechtsgebieden Bijzondere kenmerken Inhoudsindicatie Civiel recht
WWZ-Vragen VAAN ONDER PROFESSOREN
WWZ-Vragen VAAN ONDER PROFESSOREN 7 oktober 2014 Evert Verhulp [email protected] Het is snel gegaan n Indienen wetsvoorstel 29 november 2013 n Wet van 14 juni 2014 n Politiek knap, maar nu komen de politieke
ECLI:NL:RBLIM:2017:3129
ECLI:NL:RBLIM:2017:3129 Instantie Rechtbank Limburg Datum uitspraak 06-04-2017 Datum publicatie 11-04-2017 Zaaknummer 5684821/AZ/17-21 06042017 Rechtsgebieden Arbeidsrecht Bijzondere kenmerken Eerste aanleg
Het pensioenontslag. ECLI:NL:RBUTR:2011:BU3431; Ktr. Delft, 23 april 2009, JAR 2009/116.
1 Het pensioenontslag Inleiding Het maken van onderscheid op grond van leeftijd bij arbeid is verboden. De hierop betrekking hebbende EG-Richtlijn 1 is in Nederland geïmplementeerd door de Wet gelijke
JJuridische aspecten arbeidsongeschiktheid / arbeidsconflict
JJuridische aspecten arbeidsongeschiktheid / arbeidsconflict. Ziekmelding na een arbeidsconflict En dan? ARBODIENST STECR WERKWIJZER ARBEIDSCONFLICTEN Deze werkwijzer wordt gebruikt voor de beoordeling
2 Individueel ontslag
2 Individueel ontslag 2.1 Ontslag wegens disfunctioneren en/of verstoorde verhoudingen 2.1.1 vóór tot ontslag wordt besloten Vaak zijn verstoorde verhoudingen en disfunctioneren niet los van elkaar te
SECOND OPINION REGLEMENT. Herbeoordeling op basis van de stukken in de eerste aanleg. april 2013
SECOND OPINION REGLEMENT Herbeoordeling op basis van de stukken in de eerste aanleg april 2013 1 INHOUDSOPGAVE Considerans... 3 I. Algemene bepalingen... 4 II. Het verzoek om een second opinion-procedure
Nieuwsbrief, december 2014
Nieuwsbrief, december 2014 Wijzigingen arbeidsrecht in 2015 Door de invoering van de Wet Werk en Zekerheid wordt het arbeidsrecht ingrijpend gewijzigd. De wijzigingen hebben gevolgen voor het bestaande
Toelichting op de wet Werk en Zekerheid
Whitepaper: Toelichting op de wet Werk en Zekerheid Op 10 juni 2014 is de Wet Werk en Zekerheid (WWZ) aangenomen. De WWZ beoogt het arbeidsrecht aan te passen aan de veranderende arbeidsverhoudingen in
Zoekresultaat inzien document. ECLI:NL:RBROT:2012:BX5563 Permanente link: Uitspraak
Zoekresultaat inzien document ECLI:NL:RBROT:2012:BX5563 Permanente link: http://deeplink.rechtspraak.nl/ Instantie Rechtbank Rotterdam Datum uitspraak 20 08 2012 Datum publicatie 23 08 2012 Zaaknummer
DE WET WERK EN ZEKERHEID IN EEN NOTENDOP
DE WET WERK EN ZEKERHEID IN EEN NOTENDOP 1. PROEFTIJD 4 Wat verandert er vanaf 1 januari 2015?... 4 Wat te doen na 1 januari 2015?... 4 2. CONCURRENTIEBEDING 4 Wat is een concurrentiebeding?... 4 Wat verandert
mr Rianne Hillenaar-Cöp MfN Register Mediator Arbeidsjurist
mr Rianne Hillenaar-Cöp MfN Register Mediator Arbeidsjurist EVEN VOORSTELLEN Rianne Hillenaar-Cöp: 1993-2003: Procesjurist Arbeidsrecht en Sociaal Zekerheidsrecht bij FNV 2003-2011: Advocaat Arbeidsrecht
Het nieuwe ontslagrecht / WWZ
Het nieuwe ontslagrecht / WWZ Actualiteiten arbeidsrecht (33 818) Het nieuwe ontslagrecht Tim de Klerck Waar gaan we het over hebben? Waarom een hervorming van het ontslagrecht? Vernieuwing ontslagrecht
Nieuwsbrief juli 2014 Wet Werk en Zekerheid
Nieuwsbrief juli 2014 Wet Werk en Zekerheid De Eerste Kamer heeft het wetsvoorstel met veranderingen in het arbeidsrecht aangenomen. Aanvankelijk zou een deel van de wijzigingen ingaan op 1 juli 2014,
INHOUD WIJZIGINGEN. Proeftijd (1) WET WERK EN ZEKERHEID Overzicht van een aantal wijzigingen in het arbeidsrecht door de Wet werk en zekerheid
WET WERK EN ZEKERHEID Overzicht van een aantal wijzigingen in het arbeidsrecht door de Wet werk en zekerheid Door Mr J.C.J. van den Assem Advocaat INHOUD WIJZIGINGEN 1. verbetering rechtspositie van de
Inleiding in het ontslagrecht
I Inleiding in het ontslagrecht Het Nederlandse ontslagrecht kent vier wijzen waarop een arbeidsovereenkomst kan eindigen. De eerste en meest voorkomende wijze van beëindiging is de beëindiging met wederzijds
Wet Werk en Zekerheid. Nathalie van Goor
Wet Werk en Zekerheid Nathalie van Goor Stand van zaken Wijzigingen per 1 januari 2015: - Concurrentiebeding - Proeftijd - Bepaalde tijd contracten deel 1 - Oproepcontracten deel 1 Wijzigingen per 1 juli
DAS Nederlandse Rechtsbijstand Verzekeringmaatschappij N.V., gevestigd te Amsterdam, hierna te noemen Aangeslotene.
Uitspraak Geschillencommissie Financiële Dienstverlening nr. 2015-059 d.d. 23 februari 2015 (mr. P.A. Offers, voorzitter, mr. B.F. Keulen en C.E. Polak, leden en mr. F.E. Uijleman, secretaris) Samenvatting
Nieuw arbeidsrecht (Wet Werk en Zekerheid) per 1 juli 2015: door mrs. Huisman en Van Overloop
Nieuw arbeidsrecht (Wet Werk en Zekerheid) per 1 juli 2015: door mrs. Huisman en Van Overloop Inhoudsopgave: - Huisman Advocaten (hu) - Doelstelling en Hoofdlijnen WWZ (hu) - Proeftijd- en concurrentiebeding
RSW Special wet werk en zekerheid 2014. Special wet werk en zekerheid INFORMATIE VOOR WERKGEVERS
Special wet werk en zekerheid INFORMATIE VOOR WERKGEVERS 1 Inhoudsopgave Inleiding... 3 WIJZIGINGEN PER 1 JULI 2014... 3 Wijzigingen flexibele arbeid... 3 1. Proeftijd... 3 2. Aanzegtermijn... 3 3. Concurrentiebeding...
ECLI:NL:RBNHO:2016:10670
ECLI:NL:RBNHO:2016:10670 Instantie Datum uitspraak 12-12-2016 Datum publicatie 27-12-2016 Rechtbank Noord-Holland Zaaknummer 5495640 / VV EXPL 16-224 Rechtsgebieden Bijzondere kenmerken Inhoudsindicatie
ECLI:NL:RBNHO:2016:8196
ECLI:NL:RBNHO:2016:8196 Instantie Datum uitspraak 14-06-2016 Datum publicatie 28-10-2016 Rechtbank Noord-Holland Zaaknummer 4970259 / AO VERZ 16-134 Rechtsgebieden Bijzondere kenmerken Inhoudsindicatie
REGLEMENT GESCHILLENCOMMISSIE STICHTING PAARD 11 december 2013
REGLEMENT GESCHILLENCOMMISSIE STICHTING PAARD 11 december 2013 Inhoudsopgave Afdeling 1: Algemene Bepalingen Afdeling 2: Geschillenbeslechting Bindend Advies Afdeling 3: Slotbepalingen Reglement geschillencommissie
Wet werk en zekerheid
Wet werk en zekerheid Zoals u wellicht in diverse media heeft vernomen, is de Wet werk en zekerheid (WWZ) een feit. Het doel van de WWZ is enerzijds het voorkomen dat mensen langdurig en onvrijwillig worden
Het ontslagrecht per 1 juli 2015
Het ontslagrecht per 1 juli 2015 Noordam Advocatuur mr. dr. A.J. Noordam Het Europese en Nederlandse arbeidsrecht biedt in grote mate bescherming aan de werknemer. Met name het ontslag van werknemers is
Webinar Arbeidsrecht Procesrecht. Academie voor de Rechtspraktijk mr. P.J. Jansen 6 maart 2015
Webinar Arbeidsrecht Procesrecht Academie voor de Rechtspraktijk mr. P.J. Jansen 6 maart 2015 Programma Mix van het huidig procesrecht en het procesrecht van de Wet werk en zekerheid (Wwz). Bevoegdheid,
Datum 10 juni 2014 Betreft Behandeling WWZ, schriftelijke reactie op voorstel VAAN d.d. 2 juni 2014
> Retouradres Postbus 90801 2509 LV Den Haag De Voorzitter van de Eerste Kamer der Staten-Generaal Binnenhof 22 2513 AA S GRAVENHAGE 2513AA22 Postbus 90801 2509 LV Den Haag Anna van Hannoverstraat 4 T
MODEL VASTSTELLINGSOVEREENKOMST DIENSTVERBAND
MODEL VASTSTELLINGSOVEREENKOMST DIENSTVERBAND TE GEBRUIKEN BIJ EEN BEËINDIGING MET WEDERZIJDS GOEDVINDEN 1. Gegevens werkgever De werkgever: De werkgever wordt vertegenwoordigd
LEZING. Wet Werk & Zekerheid. Amersfoort, 9 april 2015. Door: Antoinette Kouwenaar-de Coninck verbonden aan Kouwenaar Advocatuur te Amersfoort
LEZING Wet Werk & Zekerheid Amersfoort, 9 april 2015 Door: Antoinette Kouwenaar-de Coninck verbonden aan Kouwenaar Advocatuur te Amersfoort 1 2 A R B E I D S R E C H T: de WWZ Wat is een arbeidsovereenkomst?
Wet Werk en Zekerheid Wijzigingen in het arbeidsrecht. mr. D.J. (Douwe) de Haan mr. R.G. (Ruben) van Mourik
Wet Werk en Zekerheid Wijzigingen in het arbeidsrecht mr. D.J. (Douwe) de Haan mr. R.G. (Ruben) van Mourik Wet Werk en Zekerheid Aanleiding WWZ Waarom is er zoveel aandacht voor de WWZ? 9 oktober 2014
RAPPORT ONDERZOEK NALEVING WNT
RAPPORT ONDERZOEK NALEVING WNT bij stichting Primair Onderwijs Deurne Asten Someren (PRODAS) te Asten Plaats: Utrecht Bestuursnummer: 41223 Onderzoeksnummer: 288822 Onderzoeksperiode: Najaar 2016 Datum
ECLI:NL:RBGEL:2017:1643
ECLI:NL:RBGEL:2017:1643 Instantie Rechtbank Gelderland Datum uitspraak 01032017 Datum publicatie 27032017 Zaaknummer 316395 Rechtsgebieden Bijzondere kenmerken Inhoudsindicatie Civiel recht Kort geding
Eerste Kamer der Staten-Generaal
Eerste Kamer der Staten-Generaal 1 Vergaderjaar 2013 2014 33 818 Wijziging van verschillende wetten in verband met de hervorming van het ontslagrecht, wijziging van de rechtspositie van flexwerkers en
zaaknummer rechtbank Amsterdam : C/13/5545011KG ZA 13-1428 arrest van de meervoudige burgerlijke kamer van 22 juli 2014
arrest GERECHTSHOF AMSTERDAM afdeling civiel recht en belastingrecht, team II zaaknummer :200.140.465101 KG zaaknummer rechtbank Amsterdam : C/13/5545011KG ZA 13-1428 arrest van de meervoudige burgerlijke
