ECLI:NL:RBNHO:2016:8196
|
|
|
- Tobias de Wit
- 8 jaren geleden
- Aantal bezoeken:
Transcriptie
1 ECLI:NL:RBNHO:2016:8196 Instantie Datum uitspraak Datum publicatie Rechtbank Noord-Holland Zaaknummer / AO VERZ Rechtsgebieden Bijzondere kenmerken Inhoudsindicatie Arbeidsrecht Beschikking Na UWV procedure verzoek herstel arbeidsovereenkomst door werknemer. Gelet op het verweer van werknemer heeft werkgever de bedrijfseconomische omstandigheden onvoldoende aannemelijk gemaakt. Vindplaatsen Rechtspraak.nl AR-Updates.nl AR 2016/3121 Uitspraak RECHTBANK NOORD-HOLLAND Afdeling Privaatrecht Sectie Kanton - locatie Haarlem Zaaknr./rolnr.: / AO VERZ Uitspraakdatum: 14 juni 2016 Beschikking in de zaak van: [werknemer] wonende te [woonplaats] verzoekende partij verder te noemen: [werknemer] gemachtigde: mr. R.G.N. le Roy tegen de besloten vennootschap met beperkte aansprakelijkheid [werkgever]
2 gevestigd te [vestigingsplaats] verwerende partij verder te noemen: [werkgever] verschenen bij haar directeur [directeur] en [controller] (controller) 1 Het procesverloop 1.1. De werknemer heeft een verzoek gedaan, primair om de werkgever te veroordelen de arbeidsovereenkomst te herstellen, en subsidiair om ten laste van de werkgever een billijke vergoeding toe te kennen. De werkgever heeft een verweerschrift ingediend Op 17 mei 2016 heeft een zitting plaatsgevonden. De griffier heeft aantekeningen gemaakt van wat partijen ter toelichting van hun standpunten naar voren hebben gebracht. 2 De feiten 2.1. [werknemer], geboren op [geboortedatum] 1983, is op 7 april 2008 in dienst getreden bij [werkgever]. De laatste functie die de werknemer vervulde, is die van medewerker schadeafhandeling, schadebehandelaar, met een salaris van 1.942,50 bruto per maand Het Uitvoeringsinstituut werknemersverzekeringen (Uwv) heeft bij besluit van 14 december 2015 aan de werkgever toestemming gegeven voor opzegging van de arbeidsovereenkomst tussen partijen. De werkgever heeft de arbeidsovereenkomst bij brief van 17 december 2015 opgezegd met ingang van 1 februari Het verzoek 3.1. [werknemer] verzoekt [werkgever] primair te veroordelen de arbeidsovereenkomst te herstellen, op grond van artikel 7:682 lid 1, onderdeel a, van het Burgerlijk Wetboek (BW). Subsidiair verzoek [werknemer] veroordeling van [werkgever] tot betaling van een billijke vergoeding, op grond van artikel 7:682 lid 1, onderdeel b BW Aan het primaire verzoek legt [werknemer] ten grondslag kort gezegd dat de opzegging door de werkgever in strijd is met artikel 7:669 lid 3, onderdeel a, BW en dat geen sprake is van een situatie waarin ontslag wegens een bedrijfseconomische reden gerechtvaardigd is. In dat kader heeft de werknemer het volgende aangevoerd. Door [werkgever] is geen redelijke grond voor ontslag gesteld. [werkgever] baseert het verzoek op organisatorische en technologische veranderingen, op basis waarvan de werkzaamheden van [werknemer] zouden zijn gereduceerd. De onderbouwing die [werkgever] daarvoor geeft ziet niet op de afdeling schade, waar [werknemer] werkzaam is. Daarnaast betwist [werknemer] dat haar werkzaamheden structureel zijn afgenomen. [werkgever] onderbouwt haar stelling ook niet, er worden geen jaarrekeningen overgelegd. De technologische veranderingen waarop [werkgever] zich beroept, worden pas in december 2016 doorgevoerd, zodat deze niet in oktober 2015 ten grondslag kunnen liggen aan het vervallen van de functie van [werknemer]. [werkgever] legt ook aan het verzoek ten grondslag dat de communicatie heden ten dage veel meer via verkeer gaat. Dat hierdoor de werkzaamheden van [werknemer] zijn afgenomen blijkt nergens uit, nog daargelaten dat [werknemer] al jaren veelvuldig communiceert via berichten. [werkgever] legt ten slotte aan
3 haar verzoek ten grondslag dat de complexe schades door de verzekeraars zelf ter hand wordt genomen. Hoewel dit op zichzelf juist is, is dit nooit anders geweest. Dit kan aldus niet aan het verzoek ten grondslag worden gelegd. Daarnaast is het afspiegelingsbeginsel niet of niet juist toegepast, terwijl [werkgever] ook niet getracht heeft [werknemer] te herplaatsen, al dan niet met scholing Subsidiair verzoekt [werknemer] om aan haar een billijke vergoeding toe te kennen, omdat herstel van de arbeidsovereenkomst in redelijkheid niet mogelijk is vanwege een omstandigheid waarbij sprake is van ernstig verwijtbaar handelen of nalaten van de werkgever. In dat kader heeft de werknemer het volgende aangevoerd. [werkgever] heeft [werknemer] op 27 oktober 2015 geconfronteerd met het ophanden zijnde ontslag. Aan [werknemer] werd de mogelijkheid geboden om voor 1 november 2015 de overeenkomst met wederzijds goedvinden te ondertekenen. [werknemer] is hierdoor overvallen en voelde zich onder druk gezet. Op 29 oktober 2015 is door [werkgever] het verzoek bij het Uwv ingediend. Communicatie met de feitelijk werkgever was niet mogelijk. De aangevoerde bedrijfseconomische redenen lijken geconstrueerd en vormen geen redelijke grond. [werkgever] heeft vervolgens disproportionele druk op [werknemer] gelegd. Naast vorenstaande is nog van belang dat het afspiegelingsbeginsel niet of in ieder geval niet gemotiveerd is toegepast, en aan [werknemer] is geen herplaatsing aangeboden. Door toedoen werkgever is de verhouding verstoort. [werknemer] verricht haar werk al acht jaar naar tevredenheid van [werkgever]. [werknemer] heeft slechte perspectieven op de arbeidsmarkt en verliest inkomsten aangezien haar WW-uitkering lager is dan haar salaris. 4 Het verweer 4.1. [werkgever] verweert zich en stelt dat het verzoek om haar te veroordelen de arbeidsovereenkomst te herstellen, moet worden afgewezen. [werkgever] voert verder aan dat ook het subsidiaire verzoek om ten laste van haar een billijke vergoeding toe te kennen, dient te worden afgewezen [werkgever] voert daartoe samengevat het volgende aan. [werknemer] heeft geen gebruik willen maken van de mogelijkheid om bij het Uwv verweer te voeren. Het Uwv heeft het verzoek reeds beoordeeld, zodat niet geoordeeld kan worden dat de opzegging in strijd met artikel 7:669 lid 3, onderdeel a, BW is opgezegd. [werkgever] houdt vast aan de uitspraak van het Uwv. In die procedure is door [werkgever] gesteld dat het aantal schades is afgenomen en dat door automatisering de werkzaamheden op de afdeling schadeafhandeling is afgenomen. Marketscan heeft een prognose gemaakt. In die weergave is te zien dat de schades zijn afgenomen en nog verder zullen afnemen. Het aantal polissen neemt af, zodat ook aangenomen kan worden dat de schades afnemen. Aldus is sprake van een redelijke grond. Daarnaast betreft de functie van [werknemer] een unieke functie. Herplaatsing van [werknemer] is niet mogelijk Ten aanzien van de billijke vergoeding, voert [werkgever] nog het volgende aan. [werknemer] is niet onder druk gezet, in tegendeel. Er is juist altijd getracht om met wederzijds goedvinden uit elkaar te gaan. [werkgever] is altijd bereikbaar geweest voor overleg. Het klopt dat de relatie tussen partijen is verstoord, maar dit is door toedoen van de gemachtigde van [werknemer]. [werkgever] heeft al afscheid moeten nemen van drie andere werknemers, van het construeren van bedrijfseconomische omstandigheden is dan ook geen sprake. Het kan [werkgever] niet verweten worden dat de gemachtigde zelf termijnen niet haalt en ervoor kiest geen verweer te voeren. Van ernstig verwijtbaar handelen is aldus geen sprake.
4 5 De beoordeling 5.1. Het gaat in deze zaak om de vraag of de werkgever moet worden veroordeeld om de arbeidsovereenkomst te herstellen. Voor zover het verzoek om herstel van de arbeidsovereenkomst niet kan worden toegewezen, komt gelet op het subsidiaire verzoek aan de orde de vraag of aan de werknemer een billijke vergoeding moet worden toegekend De werknemer heeft het verzoek tijdig ingediend, omdat het is ontvangen binnen twee maanden na de dag waarop de arbeidsovereenkomst is geëindigd Uit artikel 7:682 lid 1, onderdeel a, BW volgt dat de kantonrechter op verzoek van een werknemer van wie de arbeidsovereenkomst is opgezegd met de toestemming van het Uwv, de werkgever kan veroordelen de arbeidsovereenkomst te herstellen indien de opzegging in strijd is met artikel 7:669, lid 3, onderdeel a of b, BW. De werknemer heeft gesteld dat de opzegging in strijd is met artikel 7:669, lid 3, onderdeel a, BW, omdat ontslag wegens een bedrijfseconomische reden niet gerechtvaardigd is. Daarover overweegt de kantonrechter het volgende De kantonrechter stelt voorop dat bij een ontslagaanvraag op grond van bedrijfseconomische redenen de werkgever aannemelijk dient te maken dat (i) er structureel arbeidsplaatsen vervallen door bedrijfsbeëindiging of door maatregelen die om bedrijfseconomische redenen nodig zijn voor een doelmatige bedrijfsvoering, (ii) de juiste volgorde voor ontslag is vastgesteld en (iii) er geen mogelijkheden zijn om de werknemer binnen een redelijke termijn (al dan niet met scholing) te herplaatsen in een andere passende functie binnen de onderneming of groep In beginsel staat het een werkgever vrij om zijn onderneming zo in te richten dat het voortbestaan ook op langere termijn verzekerd is. Dat is niet alleen in zijn eigen belang, maar ook in het belang van het behoud van werkgelegenheid in het algemeen. Bij toetsing van die beslissing past een zekere mate van terughoudendheid. [werkgever] heeft zich tegenover het Uwv daarover moeten verantwoorden. [werknemer] heeft in die procedure echter geen verweer gevoerd. Waardoor dat is veroorzaakt, door toedoen van de gemachtigde van [werknemer] of miscommunicatie met het Uwv, is op dit moment niet meer van belang. Feit is dat het Uwv alleen het verhaal van [werkgever] als werkgever heeft kunnen beoordelen. Hoewel [werkgever] zich daartegen verzet en van oordeel is dat de kantonrechter de beslissing van het Uwv heeft te accepteren, is het wettelijk systeem aldus ingericht dat de kantonrechter de beoordeling opnieuw uitvoert. Waarbij nu, anders dan in de procedure bij het Uwv, de verweren van [werknemer] worden meegewogen [werkgever] stelt dat de arbeidsplaats van [werknemer] vervalt als gevolg van bedrijfseconomische redenen. Die redenen zijn er aldus [werkgever] in gelegen dat hij simpelweg geen werk meer heeft voor [werknemer], hetgeen veroorzaakt wordt door tal van omstandigheden. Een van die omstandigheden is, naar stelling van [werkgever] tijdens de mondelinge behandeling voor een klein deel, automatisering. In de stukken is onjuist weergegeven dat het nieuwe software pakket in december 2016 wordt doorgevoerd, dit zou 2015 moeten zijn. Echter ook indien dat zo zou zijn, hetgeen overigens niet is onderbouwd, volgt uit het enkele feit dat er een nieuw softwaresysteem is niet dat de werkzaamheden van [werknemer] daardoor verminderen. Het had op de weg van [werkgever] gelegen om inzichtelijk te maken welke wijzigingen met dat nieuwe systeem zijn of worden doorgevoerd en wat dat voor de functie van [werknemer] tot gevolg heeft. Nog daargelaten dat dit ook naar de stelling van [werkgever] slechts een marginaal onderdeel betreft. Verder stelt [werkgever] dat complexe schades door de volmachtgevers zelf worden behandeld. Door [werknemer] is evenwel onbetwist gesteld dat dit altijd zo geweest is. Ook deze stelling kan het standpunt van [werkgever] dan ook niet onderbouwen. Resteren de bedrijfseconomische redenen, bestaande uit een terugloop aan schades en verkoop van polissen. [werknemer] voert terecht aan dat ook dit onderdeel niet voldoende is onderbouwd. [werkgever] heeft slechts een prognose van Marketscan in het geding
5 gebracht. [werkgever] heeft geen stukken in het geding gebracht waaruit bedrijfsresultaten blijken. [werkgever] stelt weliswaar dat zij onder streng toezicht staat en dat daarom aangenomen kan worden dat zij de waarheid spreekt, maar in een procedure als de onderhavige zal [werkgever] haar stelling bij betwisting aannemelijk hebben te maken. Het enkel overleggen van een prognose is daartoe onvoldoende. [werkgever] heeft geen gecontroleerde of te controleren bedrijfsgegevens laten zien, dit terwijl zij zich wel op een terugloop in verkoop van polissen en schades beroept. Zij zal dit aldus aannemelijk hebben te maken, hetgeen zij vooralsnog niet geeft gedaan Gelet op het vorenstaande komt de kantonrechter tot de conclusie dat geen sprake is van een redelijke grond voor opzegging. De opzegging is aldus in strijd is met artikel 7:669, lid 3, onderdeel a BW. De kantonrechter zal het verzoek van de werknemer om de werkgever te veroordelen de arbeidsovereenkomst te herstellen, daarom toewijzen. De werkgever zal worden veroordeeld de arbeidsovereenkomst te herstellen met ingang van 1 februari 2016, de datum waartegen de arbeidsovereenkomst eerder is opgezegd Nu de werkgever de arbeidsovereenkomst moet herstellen met ingang van de datum waartegen eerder is opgezegd, is er geen aanleiding om voorzieningen te treffen omtrent de rechtsgevolgen van de onderbreking van de arbeidsovereenkomst. Daarbij neemt de kantonrechter in aanmerking dat er gelet op de wetsgeschiedenis van moet worden uitgegaan dat na herstel met terugwerkende kracht tot het moment waarop de arbeidsovereenkomst eindigde, sprake is van een ononderbroken, doorlopende arbeidsovereenkomst (zie: Kamerstukken I, , , nr. E, pag. 17). Door [werknemer] zijn overigens ook geen omstandigheden gesteld die maken dat er aanvullende voorzieningen getroffen dienen te worden Nu het primaire verzoek is toegewezen, wordt aan het subsidiaire verzoek niet meer toegekomen Gelet op de aard van de zaak is de kantonrechter van oordeel dat het redelijk is dat partijen ieder hun eigen proceskosten dragen. 6 De beslissing De kantonrechter: 6.1. veroordeelt de werkgever om de arbeidsovereenkomst te herstellen met ingang van 1 februari 2016; 6.2. bepaalt dat iedere partij de eigen proceskosten draagt; 6.3. verklaart deze beschikking uitvoerbaar bij voorraad. Deze beschikking is gegeven door mr. K.I. Oyunlu, kantonrechter en op 14 juni 2016 in het openbaar uitgesproken in aanwezigheid van de griffier. De griffier De kantonrechter
ECLI:NL:RBNHO:2016:4991
ECLI:NL:RBNHO:2016:4991 Instantie Datum uitspraak 20-06-2016 Datum publicatie 04-07-2016 Rechtbank Noord-Holland Zaaknummer 4983481 / OA VERZ 16-101 Rechtsgebieden Bijzondere kenmerken Inhoudsindicatie
ECLI:NL:RBNHO:2014:8414
ECLI:NL:RBNHO:2014:8414 Instantie Datum uitspraak 16-06-2014 Datum publicatie 13-11-2014 Rechtbank Noord-Holland Zaaknummer 2896454 CV EXPL 14-830 Rechtsgebieden Bijzondere kenmerken Inhoudsindicatie Civiel
ECLI:NL:RBAMS:2017:3179
ECLI:NL:RBAMS:2017:3179 Instantie Rechtbank Amsterdam Datum uitspraak 10-04-2017 Datum publicatie 12-05-2017 Zaaknummer EA VERZ 17-179 Rechtsgebieden Bijzondere kenmerken Inhoudsindicatie Civiel recht
ECLI:NL:RBOBR:2016:1526
ECLI:NL:RBOBR:2016:1526 Permanente link: http://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ecli:nl:rbobr:2016:1526 Instantie Rechtbank Oost Brabant Datum uitspraak 09 03 2016 Datum publicatie 04 04 2016 Zaaknummer
ECLI:NL:RBAMS:2016:1678
ECLI:NL:RBAMS:2016:1678 Instantie Rechtbank Amsterdam Datum uitspraak 24-03-2016 Datum publicatie 29-03-2016 Zaaknummer KK EXPL 16-200 Rechtsgebieden Bijzondere kenmerken Inhoudsindicatie Civiel recht
ECLI:NL:RBAMS:2016:6651
ECLI:NL:RBAMS:2016:6651 Instantie Rechtbank Amsterdam Datum uitspraak 05-10-2016 Datum publicatie 18-10-2016 Zaaknummer Rechtsgebieden Bijzondere kenmerken Inhoudsindicatie EA VERZ 16-968/16-1002/16-1126/C104420
ECLI:NL:RBDHA:2017:1591
ECLI:NL:RBDHA:2017:1591 Instantie Rechtbank Den Haag Datum uitspraak 15-02-2017 Datum publicatie 24-02-2017 Zaaknummer 5615559 RP VERZ 16-50874 Rechtsgebieden Bijzondere kenmerken Inhoudsindicatie Civiel
ECLI:NL:RBNHO:2017:6351
ECLI:NL:RBNHO:2017:6351 Instantie Datum uitspraak 05-07-2017 Datum publicatie 31-07-2017 Rechtbank Noord-Holland Zaaknummer 5474399 \ CV EXPL 16-8870 Rechtsgebieden Bijzondere kenmerken Inhoudsindicatie
Uitspraak. Ontslagregeling. AR-Updates.nl AR 2016/1706 RAR 2016/144 RECHTBANK ZEELAND-WEST-BRABANT. Kanton. Breda
ECLI:NL:RBZWB:2016:3517 Instantie Rechtbank Zeeland-West-Brabant Datum uitspraak 14-06-2016 Datum publicatie 14-06-2016 Zaaknummer 5033211 AZ VERZ 16-87 Rechtsgebieden Arbeidsrecht Bijzondere kenmerken
ECLI:NL:RBNHO:2016:10670
ECLI:NL:RBNHO:2016:10670 Instantie Datum uitspraak 12-12-2016 Datum publicatie 27-12-2016 Rechtbank Noord-Holland Zaaknummer 5495640 / VV EXPL 16-224 Rechtsgebieden Bijzondere kenmerken Inhoudsindicatie
ECLI:NL:RBAMS:2017:5985
ECLI:NL:RBAMS:2017:5985 Instantie Rechtbank Amsterdam Datum uitspraak 18-08-2017 Datum publicatie 18-08-2017 Zaaknummer CV EXPL 17-2120 Rechtsgebieden Bijzondere kenmerken Inhoudsindicatie Civiel recht
ECLI:NL:RBARN:2010:BO4467
ECLI:NL:RBARN:2010:BO4467 Instantie Rechtbank Arnhem Datum uitspraak 01-11-2010 Datum publicatie 19-11-2010 Zaaknummer 710236 VV Expl. 10-8085 Formele relaties Rechtsgebieden Bijzondere kenmerken Inhoudsindicatie
Wederindiensttredingsvoorwaarde Ontslagbesluit; zzp'er; stageovereenkomst
ECLI:NL:RBNNE:2013:6766 Instantie Rechtbank Noord-Nederland Datum uitspraak 12-11-2013 Datum publicatie 13-11-2013 Zaaknummer KG-2442504 - CV EXPL 13-8338-L Rechtsgebieden Civiel recht Bijzondere kenmerken
ECLI:NL:RBMNE:2017:3973
ECLI:NL:RBMNE:2017:3973 Instantie Datum uitspraak 17-07-2017 Datum publicatie 07-08-2017 Rechtbank Midden-Nederland Zaaknummer UTR 17/196 en 17/197 Rechtsgebieden Bijzondere kenmerken Inhoudsindicatie
ECLI:NL:RBAMS:2017:2065
ECLI:NL:RBAMS:2017:2065 Instantie Rechtbank Amsterdam Datum uitspraak 21-03-2017 Datum publicatie 31-03-2017 Zaaknummer KK EXPL 17-154 Rechtsgebieden Bijzondere kenmerken Inhoudsindicatie Civiel recht
ECLI:NL:CRVB:2016:4659
ECLI:NL:CRVB:2016:4659 Instantie Datum uitspraak 06-12-2016 Datum publicatie 12-12-2016 Zaaknummer Rechtsgebieden Bijzondere kenmerken Inhoudsindicatie Centrale Raad van Beroep 16/1577 PW Socialezekerheidsrecht
ECLI:NL:RBLIM:2017:6026
ECLI:NL:RBLIM:2017:6026 Instantie Rechtbank Limburg Datum uitspraak 26-06-2017 Datum publicatie 29-06-2017 Zaaknummer 5909244/AZ/17-81 26062017 Rechtsgebieden Bijzondere kenmerken Inhoudsindicatie Arbeidsrecht
ECLI:NL:RBLIM:2017:3845
ECLI:NL:RBLIM:2017:3845 Instantie Rechtbank Limburg Datum uitspraak 26042017 Datum publicatie 27042017 Zaaknummer 5494929 \ CV EXPL 1610633 Rechtsgebieden Bijzondere kenmerken Inhoudsindicatie Verbintenissenrecht
ECLI:NL:GHLEE:2007:BB0648 Gerechtshof Leeuwarden Datum uitspraak Datum publicatie Zaaknummer
ECLI:NL:GHLEE:2007:BB0648 Instantie Gerechtshof Leeuwarden Datum uitspraak 25-07-2007 Datum publicatie 31-07-2007 Zaaknummer 0600466 Rechtsgebieden Bijzondere kenmerken Inhoudsindicatie Civiel recht Hoger
ECLI:NL:RBGEL:2016:2087
ECLI:NL:RBGEL:2016:2087 Instantie Rechtbank Gelderland Datum uitspraak 10-03-2016 Datum publicatie 20-04-2016 Zaaknummer 4788083 Rechtsgebieden Bijzondere kenmerken Inhoudsindicatie Civiel recht Eerste
ECLI:NL:RBNNE:2017:2675
ECLI:NL:RBNNE:2017:2675 Instantie Datum uitspraak 19-06-2017 Datum publicatie 19-07-2017 Zaaknummer LEE 17/863 Rechtsgebieden Bijzondere kenmerken Inhoudsindicatie Rechtbank Noord-Nederland Socialezekerheidsrecht
ECLI:NL:RBSGR:2011:BP8136
ECLI:NL:RBSGR:2011:BP8136 Instantie Datum uitspraak 15-02-2011 Datum publicatie 18-03-2011 Rechtbank 's-gravenhage Zaaknummer 385723 / KG ZA 11-78 Rechtsgebieden Bijzondere kenmerken Inhoudsindicatie Civiel
ECLI:NL:RBNHO:2017:2911
ECLI:NL:RBNHO:2017:2911 Instantie Datum uitspraak 05-04-2017 Datum publicatie 14-04-2017 Rechtbank Noord-Holland Zaaknummer 5174409 CV EXPL 16-5682 Rechtsgebieden Bijzondere kenmerken Inhoudsindicatie
ECLI:NL:CRVB:2007:BA2284
ECLI:NL:CRVB:2007:BA2284 Instantie Datum uitspraak 28-03-2007 Datum publicatie 05-04-2007 Zaaknummer Rechtsgebieden Bijzondere kenmerken Inhoudsindicatie Centrale Raad van Beroep 04-5151 WAO Bestuursrecht
ECLI:NL:RBOBR:2016:4015
ECLI:NL:RBOBR:2016:4015 Instantie Datum uitspraak 27-07-2016 Datum publicatie 16-02-2017 Zaaknummer 16 _ 1047 Rechtsgebieden Bijzondere kenmerken Inhoudsindicatie Rechtbank Oost-Brabant Socialezekerheidsrecht
ECLI:NL:RBNNE:2016:4508 Rechtbank Noord-Nederland Datum uitspraak Datum publicatie Zaaknummer CV EXPL
ECLI:NL:RBNNE:2016:4508 Instantie Rechtbank Noord-Nederland Datum uitspraak 06-09-2016 Datum publicatie 11-10-2016 Zaaknummer 4888855 CV EXPL 16-3386 Rechtsgebieden Civiel recht Bijzondere kenmerken Op
ECLI:NL:RBROT:2016:3340
ECLI:NL:RBROT:2016:3340 Instantie Rechtbank Rotterdam Datum uitspraak 20042016 Datum publicatie 03052016 Zaaknummer 4878125 VV EXPL 1612 Rechtsgebieden Bijzondere kenmerken Inhoudsindicatie Arbeidsrecht
ECLI:NL:RBAMS:2016:4523
ECLI:NL:RBAMS:2016:4523 Instantie Rechtbank Amsterdam Datum uitspraak 14-07-2016 Datum publicatie 19-07-2016 Zaaknummer EA VERZ 16-542 Rechtsgebieden Bijzondere kenmerken Inhoudsindicatie Civiel recht
ECLI:NL:RBAMS:2015:5812
ECLI:NL:RBAMS:2015:5812 Instantie Rechtbank Amsterdam Datum uitspraak 23-06-2015 Datum publicatie 04-09-2015 Zaaknummer CV EXPL 14-22777 Rechtsgebieden Bijzondere kenmerken Inhoudsindicatie Civiel recht
ECLI:NL:RBGEL:2017:1643
ECLI:NL:RBGEL:2017:1643 Instantie Rechtbank Gelderland Datum uitspraak 01032017 Datum publicatie 27032017 Zaaknummer 316395 Rechtsgebieden Bijzondere kenmerken Inhoudsindicatie Civiel recht Kort geding
LJN: CA1235,Sector kanton Rechtbank Alkmaar, 422005 CV EXPL 12-2965
LJN: CA1235,Sector kanton Rechtbank Alkmaar, 422005 CV EXPL 12-2965 Datum uitspraak: 11-04-2013 Datum publicatie: 28-05-2013 Rechtsgebied: Civiel overig Soort procedure: Eerste aanleg - enkelvoudig Inhoudsindicatie:
ECLI:NL:RBOVE:2017:2573
ECLI:NL:RBOVE:2017:2573 Instantie Rechtbank Overijssel Datum uitspraak 23062017 Datum publicatie 26062017 Zaaknummer C/08/201386 / KG ZA 17141 Rechtsgebieden Bijzondere kenmerken Inhoudsindicatie Civiel
ECLI:NL:RBDHA:2017:364
ECLI:NL:RBDHA:2017:364 Instantie Rechtbank Den Haag Datum uitspraak 09-01-2017 Datum publicatie 17-01-2017 Zaaknummer 5138951 RL EXPL 16-16760 Rechtsgebieden Bijzondere kenmerken Inhoudsindicatie Civiel
ECLI:NL:CRVB:2017:1859
ECLI:NL:CRVB:2017:1859 Instantie Datum uitspraak 12-04-2017 Datum publicatie 23-05-2017 Zaaknummer Rechtsgebieden Bijzondere kenmerken Inhoudsindicatie Centrale Raad van Beroep 15/4501 WW Socialezekerheidsrecht
ECLI:NL:RBOVE:2016:4491
ECLI:NL:RBOVE:2016:4491 Instantie Rechtbank Overijssel Datum uitspraak 15112016 Datum publicatie 25112016 Zaaknummer Rechtsgebieden Bijzondere kenmerken Inhoudsindicatie ak_zwo_16_934 Bestuursrecht Eerste
ECLI:NL:RBNHO:2013:13255
1 van 5 27-2-2014 13:18 ECLI:NL:RBNHO:2013:13255 Instantie Datum uitspraak 03-07-2013 Datum publicatie 27-01-2014 Zaaknummer 424898 Rechtsgebieden Rechtbank Noord-Holland Civiel recht Bijzondere kenmerken
vonnis in kort geding ex artikel 254 lid 5 Wetboek van Burgerlijke Rechtsvordering van de kantonrechter, zitting houdende te Rotterdam,
ECLI:NL:RBROT:2016:996 Instantie Rechtbank Rotterdam Datum uitspraak 10-02-2016 Datum publicatie 10-02-2016 Zaaknummer 4645281 VV EXPL 15-591 Rechtsgebieden Civiel recht Bijzondere kenmerken Kort geding
Conclusie: ECLI:NL:PHR:2017:21, Gevolgd In cassatie op : ECLI:NL:GHSHE:2016:1717, (Gedeeltelijke) vernietiging en zelf afgedaan
ECLI:NL:HR:2017:571 Instantie Hoge Raad Datum uitspraak 31-03-2017 Datum publicatie 31-03-2017 Zaaknummer 16/03870 Formele relaties Rechtsgebieden Bijzondere kenmerken Inhoudsindicatie Conclusie: ECLI:NL:PHR:2017:21,
ECLI:NL:RBAMS:2016:199
ECLI:NL:RBAMS:2016:199 Instantie Rechtbank Amsterdam Datum uitspraak 20-01-2016 Datum publicatie 02-02-2016 Zaaknummer C/13/572226 / HA ZA 14-903 Rechtsgebieden Bijzondere kenmerken Inhoudsindicatie Intellectueel-eigendomsrecht
