ICT in Zuid-Holland. Bureau Louter
|
|
|
- Karen Sanders
- 10 jaren geleden
- Aantal bezoeken:
Transcriptie
1 ICT in Zuid-Holland Bureau Louter Auteurs: Peter Louter Pim van Eikeren Opdrachtgever: Kennisalliantie Contactpersonen bij opdrachtgever: Edward Gilding en Jacqueline Schardijn Bureau Louter Rotterdamseweg 183c 2629 HD Delft Telefoon:
2 Inhoud 1 Inleiding Vraagstelling Afbakening ICT-sector Regionale schaalniveaus Leeswijzer 6 2 Omvang arbeidsplaatsen, vestigingen en toegevoegde waarde Arbeidsplaatsen Vestigingen Toegevoegde waarde De ICT-sector op de kaart 14 3 Ontwikkeling arbeidsplaatsen en vestigingen Ontwikkeling arbeidsplaatsen Ontwikkeling vestigingen Ontwikkeling ICT op de kaart 24 4 Bedrijvigheidsdynamiek Startende bedrijven Bedrijvigheidsdynamiek Midden- en kleinbedrijf 36 5 Bedrijfseconomische gegevens Rechtsvorm en buitenlandse zeggenschap Bedrijfseconomische gegevens 48 6 Arbeidsmarkt en onderwijs Leeftijdsopbouw werknemers ICT-sector Studenten in ICT-opleidingen Vacatures en spanningsindicator arbeidsmarkt ICT-beroepen Arbeidsmarktperspectieven ICT-opleidingen 57 7 Technologie Gemiddeld opleidings- en beroepsniveau ICT-sector Octrooiaanvragen in ICT 61 8 Cross overs ICT-opleidingen en ICT-beroepen per sector Inkoop van ICT-producten en ICT-diensten Diverse typen ICT-gebruik per sector Totaalbeeld ICT-gevoelige sectoren 71 [email protected] tel
3 Bijlagen I Gebiedsindelingen 77 II Ruimtelijke spreiding ICT-sector 80 III Ruimtelijke ontwikkeling ICT-sector, IV Ruimtelijke spreiding bedrijvigheidsdynamiek 89 VII Octrooiaanvragen Telecom en ICT 94 VIII CBS-onderzoek ICT-gebruik 96 [email protected] tel
4 1 Inleiding 1.1 Vraagstelling In opdracht van verschillende partijen (Provincie Zuid-Holland, regio Haaglanden, gemeenten Rotterdam, Den Haag, Delft en Leiden) voert de Kennisalliantie momenteel onderzoek uit naar de ICT-sector in Zuid-Holland. Het doel is de kansen en bedreigingen/belemmeringen van de ICT in de regio inzichtelijk te maken. Tevens zullen de onderzoeksresultaten voor overheden, bedrijven en kennisinstellingen aangrijpingspunten moeten leveren om de ICT-sector in combinatie met andere sectoren te stimuleren (via een op te stellen uitvoeringsprogramma). De ICT moet daarbij breder worden gezien dan alleen de typen bedrijvigheid die ICT als kerncompetentie hebben. Ook de verwevenheid met andere sectoren, zogenaamde cross overs zijn van belang, zoals bijvoorbeeld tussen ICT en zorg. Door de Kennisalliantie is aan Bureau Louter verzocht een rapport op te stellen met gegevens over de ICT op gemeentelijk en/of regionaal niveau. Het betreft gegevens over de economische betekenis, de arbeidsmarkt en onderwijs. Waar mogelijk is een benchmark met landelijke gegevens gewenst. In het vervolg van dit hoofdstuk is eerst de ICT-sector afgebakend met behulp van zogenaamde sbi-codes (paragraaf 1.2). In paragraaf 1.3 is aangegeven op welke ruimtelijke schaalniveaus de resultaten van het onderzoek zullen worden gepresenteerd. In paragraaf 1.4 tenslotte staat een korte leeswijzer met de thema s die in dit onderzoek centraal staan. 1.2 Afbakening ICT-sector Bij het afbakenen van de ICT-sector is niet het gebruikmaken van ICT bepalend. In dat geval zou vrijwel elk bedrijf in Nederland tot de ICT-sector gerekend kunnen worden. Bepalend is of de kerncompetentie van een bedrijf het leveren van ICT-producten of ICT-diensten is. ICT is de samenvoeging van twee groepen van technologieën, namelijk informatietechnologie (IT) en communicatietechnologie (CT). Tot de informatietechnologie worden gerekend hardware en software producten en diensten. Communicatietechnologie betreft communicatieapparatuur en communicatiediensten. Elk bedrijf is voorzien van een codering om de bedrijfsactiviteiten mee te omschrijven. Deze zogenaamde sbi-codering (Standaard BedrijfsIndeling) bestaat op het meest fijnmazige niveau uit ongeveer 900 verschillende typen bedrijfsactiviteiten (sbi-codes). Door Bureau Louter is uit deze lijst een selectie van sbi-codes gemaakt. Naast een beoordeling van de lijst met sbi-codes is tevens gebruik gemaakt van enkele bestaande indelingen. Genoemd kunnen bijvoorbeeld worden een onderzoek van TNO uit 2000 en een indeling van de OESO 1. Binnen de ICT-sector zijn daarnaast nog segmenten onderscheiden, omdat er binnen de sector verschillen in typen activiteiten bestaan (bijvoorbeeld softwarebedrijven versus telecombedrijven, maar ook bedrijven die hardware produceren - in Nederland overigens een kleine sector). Tevens is het segment media onderscheiden. Deze activiteiten zijn niet tot de harde kern van de ICT gerekend, maar het betreft wel activiteiten die zeer intensief gebruik maken van ICT. Door TNO STB werden deze typen activiteiten in hun indeling uit 2000 aangeduid als ICT-content: productie en distributie). In tabel 1.1 staat de aldus opgestelde afbakening van de ICT-sector. 1 Zie TNO STB (2000) Spectre, ICT and its spatial externalities. De OESO-lijst staat in CBS (2012) ICT, kennis en economie. [email protected] tel
5 Tabel 1.1 Afbakening van de ICT-sector ICT Sbi-code Type activiteiten ICT productie 2611 Vervaardiging van elektronische component 2612 Vervaardiging van elektronische printplaten 2620 Vervaardiging van computers en randapparatuur 2630 Vervaardiging van communicatieapparatuur 2640 Vervaardiging van consumentenelektronica 2651 Vervaardiging van meet-, regel-, navigatieapparatuur 2680 Vervaardiging van informatiedragers 2732 Vervaardiging van overige elektronische kabels 2823 Vervaardiging van kantoormachines en apparatuur 2899 Vervaardiging van overige machines ICT diensten 4651 Groothandel in computers en randapparatuur 4741 Winkels in computers 5821 Uitgeverijen van computerspellen 5829 Overige uitgeverijen van software 6201 Produceren/uitgeven software 6202 Advisering infotechnologie 6203 Beheer van computerfaciliteiten 6209 Overige dienstverlenende activiteiten in informatietechnologie 6311 Gegevensverwerking, webhosting 6312 Webportals 9511 Reparatie van computers en randapparatuur Telecom 4652 Groothandel in elektro/telecommunicatieapparatuur 4742 Winkels in telecommunicatieapparatuur 6110 Draadgebonden telecommunicatie 6120 Draadloze telecommunicatie 6130 Telecommunicatie via satelliet 6190 Overige telecommunicatie 9512 Reparatie van communicatieapparatuur Media (ICT-content) 5811 Uitgeverijen van boeken 5813 Uitgeverijen van kranten 5814 Uitgeverijen van tijdschriften 5819 Overige uitgeverijen Productie van films Productie van televisieprogramma s 5912 Facilitaire activiteiten voor film/tv 5913 Distributie van films/televisieproduct 6010 Radio-omroepen 6020 Televisieomroepen 6321 Persagentschappen 6329 Overige dienstverlenende activiteiten in informatievoorziening 7311 Reclamebureaus 7320 Markt-/opinieonderzoekbureaus 1.3 Regionale schaalniveaus Door de Kennisalliantie worden gegevens gewenst op nationaal, regionaal (provincie Zuid- Holland) en gemeentelijk niveau. Veelal zijn nationale gegevens gewenst om de positie van Zuid- Holland of deelgebieden daarbinnen af te zetten tegen het landelijk gemiddelde. Niet alle gegevens zijn op het ruimtelijk schaalniveau van gemeenten beschikbaar. Een vereiste binnen het onderzoek was dat de gegevens in ieder geval op het niveau van de provincie Zuid-Holland beschikbaar moeten zijn. Naast deze driedeling is soms gebruik worden gemaakt van afwijkende gebiedsindelingen: Gegevens tussen het niveau van de provincie en de gemeenten: het subregionaal niveau. Zo zijn soms geen gegevens (zoals bedrijfseconomische gegevens) beschikbaar op [email protected] tel
6 gemeentelijk niveau, maar wel op het niveau van de twee grote Kamer van Koophandel gebieden in Zuid-Holland. En sommige arbeidsmarktgegevens zijn niet op gemeentelijk niveau beschikbaar, maar wel voor een indeling in vijf gebieden binnen Zuid-Holland. Weer andere gegvens zijn beschikbaar op het niveau van 6 COROP-gebieden binnen Zuid-Holland. Kaartbeelden die zijn gebaseerd op het vestigingenregister van Zuid-Holland zijn opgebouwd vanaf het postcodeniveau. Gegevens op postcodeniveau zullen overigens slechts in de vorm van de kaartbeelden worden weergegeven. 1.4 Leeswijzer In dit onderzoek staat vooral het leveren van gegevens over verschillende thema s die samenhangen met ICT centraal. In totaal zijn er zeven hoofdstukken. In elk hoofdstuk staat eerst een korte introductie op het thema, worden vervolgens gegevens gepresenteerd en waar nodig voorzien van een technische toelichting. Tenslotte wordt een beknopte inhoudelijke interpretatie gepresenteerd. De volgende zeven thema s worden uitgewerkt voor de ICT-sector: De omvang van de ICT-sector in termen van arbeidsplaatsen, vestigingen en toegevoegde waarde (hoofdstuk 2). Ontwikkelingen in de ICT-sector op wat langere termijn in termen van arbeidsplaatsen en vestigingen (hoofdstuk 3). De bedrijvigheidsdynamiek, bijvoorbeeld gemeten in termen van oprichtingen en opheffingen en het belang van ZZP ers en het MKB (hoofdstuk 4). Bedrijfseconomische gegevens. Hiervan zijn gegevens beschikbaar van recente ontwikkelingen van indicatoren als omzet, export en concurrentiepositie (hoofdstuk 5). Kenmerken van de arbeidsmarkt en het onderwijs, bijvoorbeeld de leeftijdsopbouw van ICT-personeel, aantallen leerlingen/studenten die momenteel een ICT-opleiding volgen, vacatures en de spanning op de arbeidsmarkt (hoofdstuk 6). Hoogwaardigheid en technologie, gemeten aan de hand van het gemiddeld opleidingsniveau en beroepsniveau van het ICT-personeel en octrooiaanvragen in de technologievelden ICT en Telecommunicatie (hoofdstuk 7). Cross overs van ICT met andere sectoren. Daarbij wordt gebruik gemaakt van, op nationaal niveau gemeten, indicatoren als het aandeel van personeel met een ICTopleiding en/of ICT-beroep per economische sector, de mate waarin de ICT goederen en/of diensten levert aan andere sectoren en het verschil tussen economische sectoren in ICT-toepassingen. Op basis daarvan is de ICT-gevoeligheid van sectoren bepaald en zijn ruimtelijke verschillen daarin op de kaart gezet (hoofdstuk 8). [email protected] tel
7 2 Omvang arbeidsplaatsen, vestigingen en toegevoegde waarde Het economisch belang is bepaald aan de hand van het aantal arbeidsplaatsen (paragraaf 2.1), het aantal vestigingen (paragraaf 2.2) en de toegevoegde waarde (paragraaf 2.3). Daarbij is een onderscheid gemaakt naar segmenten binnen de ICT. Het resultaat is weergegeven in de vorm van tabellen. Daarnaast staan in paragraaf 2.4 kaartbeelden, waaruit de ruimtelijke spreiding en ruimtelijke clustering duidelijk wordt. 2.1 Arbeidsplaatsen Technische toelichting bij de tabellen Achtereenvolgens staan in de tabellen de scores voor Nederland, Zuid-Holland en acht kernen van stadsgewesten (Rotterdam, Den Haag, Delft, Leiden en Dordrecht) of regionale kernen (Alphen a/d Rijn, Gouda en Gorinchem). Dit is gebaseerd op de gebiedsindeling van Bureau Louter (zie bijlage I). De overige gemeenten zijn onderverdeeld naar respectievelijk het stadsgewest Rotterdam, de combinatie van de stadsgewesten Den Haag en Leiden en gemeenten in overige, landelijke gebieden. Per blok zijn de gemeenten steeds van hoog naar laag geordend op basis van het totaal aantal inwoners in Weergegeven zijn de resultaten voor de drie ICT-segmenten, de totale ICT-sector en de ICT-content sector Media (die zelf niet tot de ICT-sector is gerekend). Tabellen zijn opgesteld voor absolute aantallen (in bijlagen) en de relatieve vertegenwoordiging (uitgedrukt per duizend inwoners van jaar in het gebied). De nationale gegevens zijn gebaseerd op het LISA-bestand, de gegevens voor Zuid-Holland op het vestigingenregister van de Provincie, dat overigens ook onderdeel uitmaakt van het landelijke LISA-bestand. In bijlage II, tabel II.1, staat het aantal arbeidsplaatsen in de ICT per gemeente, onderverdeeld naar segmenten (zie ook Technische toelichting bij tabellen ). In tabel 2.1 is de relatieve vertegenwoordiging weergegeven. Daarbij is gecorrigeerd voor verschillen in omvang van gemeenten, door het aantal arbeidsplaatsen te bepalen per duizend inwoners van jaar. Blauw gemarkeerd zijn scores boven het nationaal gemiddelde (dat geldt ook voor veel andere tabellen, later in het rapport). Tabel 2.1 Arbeidsplaatsen per 1000 inwoners van jaar in de ICT-sector, 2012 ICT Hardware ICT Software Telecom Totaal ICT Media Nederland 4,0 19,0 5,1 28,1 12,2 Zuid-Holland 2,4 15,5 6,6 24,5 7,2 Rotterdam 0,5 15,1 4,7 20,3 10,2 's-gravenhage 2,8 13,3 22,4 38,5 11,2 Leiden 0,4 17,3 1,5 19,2 7,3 Delft 9,6 44,1 3,3 57,0 6,0 Dordrecht 5,8 10,0 2,4 18,2 8,6 Gouda 1,7 28,3 6,2 36,2 4,1 Alphen aan den Rijn 1,5 13,4 2,9 17,8 12,7 Gorinchem 0,0 26,3 11,9 38,2 4,6 Schiedam 3,3 5,5 3,2 11,9 4,3 Spijkenisse 0,1 3,2 1,2 4,5 1,2 Vlaardingen 1,1 4,2 1,4 6,7 2,0 tel
8 ICT Hardware ICT Software Telecom Totaal ICT Media Capelle aan den IJssel 0,6 39,8 21,2 61,5 7,4 Lansingerland 0,2 11,8 9,6 21,6 5,1 Goeree-Overflakkee 1,8 7,9 0,4 10,1 1,9 Barendrecht 0,5 13,7 3,5 17,7 3,8 Ridderkerk 1,4 14,5 7,7 23,6 5,8 Zwijndrecht 4,2 5,2 1,6 11,0 3,1 Zuidplas 1,7 9,1 1,6 12,3 5,5 Hellevoetsluis 0,0 1,9 1,6 3,6 2,6 Maassluis 1,8 6,0 1,4 9,3 2,8 Papendrecht 1,1 5,6 6,1 12,7 2,2 Binnenmaas 0,2 3,5 1,1 4,8 1,7 Krimpen aan den IJssel 2,5 4,3 1,4 8,2 2,7 Hendrik-Ido-Ambacht 0,0 13,3 4,6 17,9 2,3 Albrandswaard 0,8 5,2 0,5 6,6 3,7 Oud-Beijerland 0,5 9,9 6,7 17,1 5,9 Brielle 0,2 2,5 0,0 2,7 4,8 Nederlek 12,6 2,7 0,8 16,2 2,7 Westvoorne 0,3 3,8 0,1 4,3 1,5 Cromstrijen 1,6 5,2 1,1 7,8 5,4 Bernisse 0,9 2,4 1,1 4,4 2,2 Korendijk 0,1 1,7 0,1 2,0 2,6 Strijen 9,1 1,7 0,3 11,2 0,8 Ouderkerk 0,0 1,8 0,0 1,8 2,2 Zoetermeer 11,5 52,5 5,8 69,8 8,6 Westland 6,0 10,5 5,5 21,9 5,1 Leidschendam-Voorburg 0,1 14,7 1,2 15,9 4,7 Pijnacker-Nootdorp 2,2 13,5 2,9 18,6 3,1 Rijswijk 4,3 69,3 8,6 82,1 22,3 Leiderdorp 3,1 5,4 0,1 8,6 6,4 Wassenaar 0,5 8,4 0,9 9,7 7,0 Voorschoten 4,2 2,3 0,7 7,2 3,0 Oegstgeest 0,3 5,7 0,2 6,3 8,3 Midden-Delfland 0,0 5,8 0,0 5,8 4,4 Zoeterwoude 2,8 35,3 7,8 45,8 5,4 Molenwaard 1,5 4,4 1,2 7,1 4,1 Sliedrecht 1,8 22,2 7,3 31,4 4,4 Leerdam 0,1 14,9 0,7 15,7 5,6 Alblasserdam 0,3 17,8 5,5 23,7 3,4 Hardinxveld-Giessendam 0,0 33,4 2,7 36,1 6,8 Giessenlanden 0,0 3,6 2,9 6,5 10,9 Zederik 0,0 2,1 0,6 2,7 9,2 Bodegraven-Reeuwijk 0,2 45,8 4,5 50,5 3,4 Nieuwkoop 0,4 3,3 1,0 4,7 3,2 tel
9 ICT Hardware ICT Software Telecom Totaal ICT Media Kaag en Braassem 0,1 8,4 0,2 8,6 2,0 Waddinxveen 8,2 14,8 4,6 27,6 7,6 Rijnwoude 0,0 8,6 5,7 14,4 4,9 Boskoop 0,1 2,5 0,0 2,6 3,3 Schoonhoven 2,8 2,2 8,8 13,8 2,8 Vlist 0,0 3,7 1,8 5,5 5,6 Bergambacht 1,3 6,5 0,0 7,8 3,1 Katwijk 2,1 3,1 1,0 6,2 3,5 Teylingen 1,2 4,9 4,3 10,4 4,5 Noordwijk 10,3 11,1 1,2 22,6 9,1 Lisse 8,8 7,7 2,9 19,4 13,7 Hillegom 2,1 6,0 2,6 10,8 10,2 Noordwijkerhout 0,0 5,2 0,0 5,2 2,7 In totaal werken er in Nederland 312 duizend mensen in de ICT-sector (zie bijlage II, tabel II.1). De meesten daarvan werken in ICT Software. ICT Hardware is in Nederland geen grote sector. In Zuid-Holland zijn ruim 58 duizend mensen werkzaam in de ICT, waarvan slechts een klein deel in ICT Hardware, maar een aanzienlijk deel in Telecom (onder andere door de vestiging van KPN). Den Haag is de gemeente met het grootste aantal arbeidsplaatsen bij in die gemeente gevestigde bedrijven en instellingen in de ICT (ruim 13 duizend, waarvan bijna 60% in Telecom). De Hofstad wordt op respectabele afstand gevolgd door Rotterdam. Opvallend veel ICT is gevestigd in Zoetermeer en Delft (beide met vooral veel ICT Software). In tabel 2.1 staat het aantal arbeidsplaatsen geschaald naar de omvang in termen van het aantal inwoners van jaar. Dan blijkt dat de ICT-sector in relatieve zin minder sterk is vertegenwoordigd in Zuid-Holland dan nationaal gemiddeld, met uitzondering van Telecom. In de top-5 van gemeenten staan nu zeker niet alleen steden. De top-5 wordt gevormd door Rijswijk, Zoetermeer, Capelle a/d IJssel, Delft en Bodegraven-Reeuwijk. Het zijn dus eerder suburbane gemeenten, met een goede aansluiting op het snelwegennet die een relatief sterke vertegenwoordiging van de ICT-sector kennen. Zelfs in relatieve zin blijft Den Haag overigens de Telecomhoofdstad, op de voet gevolgd door Capelle a/d IJssel. Rijswijk neemt positie 1 in wat betreft ICT Software, gevolgd door Zoetermeer. In ICT Hardware wordt de toplijst gevormd door Nederlek, Zoetermeer, Noordwijk en Delft, waarbij het voor Nederlek en Noordwijk overigens om kleine aantallen arbeidsplaatsen in absolute zin gaat. Bij de sterk ICT-gerelateerde Mediasector valt het op dat in slechts drie gemeenten in Zuid-Holland sprake is van een sterkere relatieve vertegenwoordiging dan het nationaal gemiddelde, namelijk Rijswijk, Lisse en Alphen a/d Rijn. 2.2 Vestigingen In bijlage II, tabel II.2, staat het aantal vestigingen in de ICT per gemeente, onderverdeeld naar segmenten (zie ook Technische toelichting bij tabellen ). In tabel 2.2 is de relatieve vertegenwoordiging weergegeven. Daarbij is gecorrigeerd voor verschillen in omvang van gemeenten, door het aantal arbeidsplaatsen te bepalen per duizend inwoners van jaar. Gemarkeerd zijn scores boven het nationaal gemiddelde. [email protected] tel
10 Tabel 2.2 Vestigingen per 1000 inwoners van jaar in de ICT-sector, 2012 ICT Hardware ICT Software Telecom Totaal ICT Media Nederland 0,15 4,71 0,48 5,33 4,16 Zuid-Holland 0,09 3,05 0,44 3,58 2,21 Rotterdam 0,06 2,05 0,49 2,59 2,28 's-gravenhage 0,04 4,52 0,51 5,07 3,83 Leiden 0,06 3,05 0,42 3,53 2,28 Delft 0,25 7,05 0,42 7,72 2,94 Dordrecht 0,09 2,53 0,53 3,14 1,68 Gouda 0,09 2,77 0,55 3,41 1,83 Alphen aan den Rijn 0,16 3,63 0,55 4,34 2,31 Gorinchem 0,00 3,32 0,69 4,01 2,03 Schiedam 0,16 1,77 0,41 2,33 1,34 Spijkenisse 0,06 1,14 0,30 1,50 0,58 Vlaardingen 0,04 1,36 0,41 1,81 1,08 Capelle aan den IJssel 0,09 3,97 0,63 4,69 1,40 Lansingerland 0,14 3,21 0,45 3,80 2,18 Goeree-Overflakkee 0,06 1,49 0,23 1,78 0,78 Barendrecht 0,03 3,51 0,45 3,99 1,33 Ridderkerk 0,14 2,12 0,63 2,88 1,53 Zwijndrecht 0,14 1,83 0,39 2,35 1,65 Zuidplas 0,26 2,84 0,48 3,58 1,73 Hellevoetsluis 0,00 1,26 0,26 1,52 0,67 Maassluis 0,10 1,84 0,34 2,27 1,16 Papendrecht 0,10 2,15 0,49 2,73 0,93 Binnenmaas 0,11 1,77 0,43 2,30 1,02 Krimpen aan den IJssel 0,23 1,48 0,40 2,11 1,31 Hendrik-Ido-Ambacht 0,00 3,00 0,49 3,49 1,09 Albrandswaard 0,12 2,65 0,30 3,07 1,74 Oud-Beijerland 0,13 2,62 0,46 3,21 1,77 Brielle 0,09 1,60 0,00 1,69 1,22 Nederlek 0,11 1,54 0,44 2,09 1,65 Westvoorne 0,12 1,84 0,12 2,07 1,27 Cromstrijen 0,36 2,89 0,24 3,49 1,56 Bernisse 0,24 1,96 0,49 2,69 1,10 Korendijk 0,14 1,72 0,14 2,01 0,86 Strijen 0,34 1,52 0,17 2,03 0,51 Ouderkerk 0,00 1,17 0,00 1,17 1,96 Zoetermeer 0,11 5,19 0,45 5,75 2,51 Westland 0,15 3,58 0,52 4,24 2,05 Leidschendam-Voorburg 0,04 4,45 0,39 4,89 2,75 tel
11 ICT Hardware ICT Software Telecom Totaal ICT Media Pijnacker-Nootdorp 0,12 4,72 0,43 5,28 2,15 Rijswijk 0,17 6,33 0,73 7,23 4,40 Leiderdorp 0,12 2,69 0,06 2,87 2,46 Wassenaar 0,13 4,74 0,26 5,14 3,88 Voorschoten 0,20 1,66 0,33 2,20 2,33 Oegstgeest 0,07 2,30 0,07 2,43 1,67 Midden-Delfland 0,00 4,01 0,00 4,01 3,84 Zoeterwoude 0,18 2,58 0,92 3,69 2,03 Molenwaard 0,22 1,74 0,16 2,12 1,30 Sliedrecht 0,07 2,41 0,59 3,06 1,17 Leerdam 0,08 2,18 0,30 2,55 1,80 Alblasserdam 0,17 3,25 1,08 4,50 0,83 Hardinxveld-Giessendam 0,00 2,50 0,63 3,13 1,25 Giessenlanden 0,00 1,38 0,32 1,70 2,12 Zederik 0,00 1,39 0,23 1,62 2,42 Bodegraven-Reeuwijk 0,14 4,26 0,57 4,98 1,66 Nieuwkoop 0,22 2,01 0,11 2,34 1,40 Kaag en Braassem 0,06 2,41 0,06 2,53 1,35 Waddinxveen 0,06 3,11 0,55 3,72 1,89 Rijnwoude 0,00 2,57 0,50 3,07 1,99 Boskoop 0,10 2,37 0,00 2,47 1,86 Schoonhoven 0,13 1,18 0,79 2,10 2,10 Vlist 0,00 1,93 0,16 2,09 3,38 Bergambacht 0,49 2,76 0,00 3,25 1,95 Katwijk 0,07 1,17 0,17 1,42 1,17 Teylingen 0,04 2,21 0,26 2,52 2,00 Noordwijk 0,18 2,71 0,24 3,12 2,24 Lisse 0,41 2,25 0,61 3,28 1,98 Hillegom 0,15 2,14 0,29 2,58 1,25 Noordwijkerhout 0,00 1,96 0,00 1,96 1,37 In totaal zijn er ruim 59 duizend vestigingen in de ICT-sector in Nederland, waarvan ruim 8 duizend in Zuid-Holland (zie tabel II.2 in bijlage II). Aan de hand van tabel II.1 en tabel II.2 kan het gemiddeld aantal arbeidsplaatsen per vestiging worden berekend. In Nederland is dat 5.3 en in Zuid-Holland 6.9. Naar sectoren uitgesplitst zijn de gemiddelden voor ICT Hardware, ICT Software, Telecom en Media in Nederland respectievelijk 26.3, 4.0, 10.7 en 2.9 en in Zuid- Holland respectievelijk 26.2, 5.1, 15.0 en 3.3. In de ICT Hardware zijn de bedrijven dus gemiddeld aanzienlijk groter dan in ICT Software (en zeker dan in Media). Met uitzondering van ICT Hardware zijn de bedrijven in Zuid-Holland gemiddeld wat groter dan het nationaal gemiddelde. In termen van het aantal vestigingen gemeten ziet de top-5 er iets anders uit dan in termen van het aantal arbeidsplaatsen gemeten, namelijk achtereenvolgens Den Haag, Rotterdam, Delft, Zoetermeer en Leiden. In Den Haag is de gemiddelde omvang van Telecombedrijven gelijk aan 44.1, met name als gevolg van de vestiging van een aantal grote Telecombedrijven. Het aantal [email protected] tel
12 vestigingen in Telecom is in Rotterdam zelfs hoger dan in Den Haag, in duidelijk contrast met het aantal arbeidsplaatsen. Voor ICT Software geldt juist het omgekeerde: in Den Haag ruim meer vestigingen, in Rotterdam ruim meer arbeidsplaatsen. Terwijl er in termen van het aantal arbeidsplaatsen diverse gemeenten zijn in Zuid-Holland met een relatieve vertegenwoordiging boven het nationaal gemiddelde, geldt dat in termen van het aantal arbeidsplaatsen veel minder (zie tabel II.2): slechts Delft, Rijswijk en Zoetermeer vormen (in die volgorde) positieve uitzonderingen. Dat wordt vooral veroorzaakt door het relatief kleine aantal vestigingen in ICT Software. Slechts voor vijf gemeenten in Zuid-Holland resulteert daarvoor een bovengemiddelde vertegenwoordiging. (In Media kent zelfs slechts één gemeente een sterkere relatieve vertegenwoordiging dan het nationaal gemiddelde, namelijk Rijswijk). Voor ICT Hardware en Telecom is dat aantal gemeenten aanzienlijk groter. Zo blijkt het aantal vestigingen in Telecom bijvoorbeeld in zes van de acht steden relatief sterker te zijn vertegenwoordigd dan het nationaal gemiddelde. 2.3 Toegevoegde waarde In bijlage II, tabel II.3, staat een schatting van de toegevoegde waarde 2 in de ICT per gemeente, onderverdeeld naar segmenten (zie ook Technische toelichting bij tabellen ). In tabel 2.3 is de relatieve vertegenwoordiging weergegeven. Daarbij is gecorrigeerd voor verschillen in omvang van gemeenten, door het aantal arbeidsplaatsen te bepalen per duizend inwoners van jaar. Gemarkeerd zijn scores boven het nationaal gemiddelde. Tabel 2.3 Toegevoegde waarde (in duizenden Euro s) per 1000 inwoners van jaar in de ICT-sector, 2012 ICT Hardware ICT Software Telecom Totaal ICT Media Nederland 0,31 1,24 0,93 2,48 0,67 Zuid-Holland 0,18 1,01 1,34 2,53 0,43 Rotterdam 0,04 0,98 0,78 1,80 0,62 's-gravenhage 0,21 0,87 6,02 7,10 0,73 Leiden 0,04 0,99 0,21 1,23 0,47 Delft 0,61 3,02 0,28 3,91 0,26 Dordrecht 0,44 0,68 0,25 1,37 0,75 Gouda 0,13 1,81 0,68 2,62 0,32 Alphen aan den Rijn 0,12 0,80 0,23 1,15 1,16 Gorinchem 0,00 1,78 1,06 2,84 0,16 Schiedam 0,25 0,32 0,36 0,93 0,31 Spijkenisse 0,01 0,19 0,14 0,34 0,04 Vlaardingen 0,08 0,29 0,22 0,59 0,10 Capelle aan den IJssel 0,04 2,63 4,14 6,81 0,67 Lansingerland 0,01 0,83 0,98 1,82 0,19 2 Exacte gegevens over de Toegevoegde Waarde per vestiging zijn niet bekend. Door Bureau Louter is daarom een schatting gemaakt door het aantal arbeidsplaatsen per sbi-code in de ICT te vermenigvuldigen met de gemiddelde Toegevoegde Waarde per arbeidsplaats. Die is berekend aan de hand van nationale gegevens op een gedetailleerd sectoraal schaalniveau, aangevuld met regionale gegevens (op het niveau van veertig zogenaamde COROP-gebieden ) voor een meer grofmazig sectoraal schaalniveau. [email protected] tel
13 ICT Hardware ICT Software Telecom Totaal ICT Media Goeree-Overflakkee 0,14 0,56 0,03 0,73 0,10 Barendrecht 0,04 0,88 0,34 1,26 0,16 Ridderkerk 0,11 1,14 0,72 1,97 0,21 Zwijndrecht 0,32 0,34 0,16 0,82 0,12 Zuidplas 0,13 0,61 0,20 0,94 0,23 Hellevoetsluis 0,00 0,12 0,18 0,31 0,08 Maassluis 0,14 0,40 0,14 0,69 0,16 Papendrecht 0,09 0,38 0,78 1,24 0,06 Binnenmaas 0,02 0,21 0,09 0,32 0,11 Krimpen aan den IJssel 0,19 0,28 0,14 0,62 0,18 Hendrik-Ido-Ambacht 0,00 0,92 0,51 1,43 0,10 Albrandswaard 0,06 0,32 0,11 0,49 0,12 Oud-Beijerland 0,04 0,69 0,56 1,29 0,24 Brielle 0,01 0,16 0,00 0,18 0,29 Nederlek 0,51 0,19 0,07 0,77 0,10 Westvoorne 0,03 0,27 0,00 0,30 0,05 Cromstrijen 0,12 0,31 0,10 0,53 0,43 Bernisse 0,07 0,14 0,10 0,31 0,10 Korendijk 0,01 0,11 0,01 0,13 0,07 Strijen 0,70 0,10 0,03 0,84 0,04 Ouderkerk 0,00 0,11 0,00 0,11 0,13 Zoetermeer 0,88 3,19 0,80 4,87 0,36 Westland 0,46 0,70 1,00 2,16 0,16 Leidschendam-Voorburg 0,00 1,04 0,09 1,14 0,18 Pijnacker-Nootdorp 0,17 0,90 0,26 1,33 0,14 Rijswijk 0,33 4,61 1,58 6,52 1,28 Leiderdorp 0,24 0,32 0,00 0,56 0,20 Wassenaar 0,04 0,52 0,05 0,60 0,38 Voorschoten 0,32 0,15 0,14 0,61 0,11 Oegstgeest 0,03 0,36 0,06 0,44 0,29 Midden-Delfland 0,00 0,36 0,00 0,36 0,16 Zoeterwoude 0,21 1,43 1,55 3,19 0,31 Molenwaard 0,12 0,29 0,11 0,52 0,31 Sliedrecht 0,15 1,30 0,45 1,90 0,25 Leerdam 0,01 0,96 0,04 1,00 0,35 Alblasserdam 0,03 1,28 0,52 1,83 0,25 Hardinxveld-Giessendam 0,00 2,34 0,46 2,81 0,21 Giessenlanden 0,00 0,16 0,09 0,24 0,57 Zederik 0,00 0,11 0,05 0,16 0,26 Bodegraven-Reeuwijk 0,01 3,08 1,12 4,22 0,19 Nieuwkoop 0,04 0,22 0,07 0,32 0,25 Kaag en Braassem 0,00 0,47 0,02 0,49 0,09 Waddinxveen 0,68 1,01 0,34 2,03 0,27 Rijnwoude 0,00 0,56 0,64 1,19 0,25 Boskoop 0,01 0,17 0,00 0,18 0,09 Schoonhoven 0,21 0,14 0,81 1,16 0,11 Vlist 0,00 0,24 0,16 0,39 0,22 Bergambacht 0,07 0,37 0,00 0,43 0,18 Katwijk 0,17 0,19 0,05 0,40 0,23 Teylingen 0,09 0,31 0,42 0,82 0,17 tel
14 ICT Hardware ICT Software Telecom Totaal ICT Media Noordwijk 0,78 0,71 0,13 1,63 0,60 Lisse 0,72 0,51 0,43 1,66 1,56 Hillegom 0,16 0,44 0,56 1,16 0,28 Noordwijkerhout 0,00 0,23 0,00 0,23 0,12 Naar schatting zorgt de ICT-sector voor 27,5 miljard Euro aan Bruto Toegevoegde Waarde (de omzet minus de kosten van ingekochte goederen en diensten). Zie daartoe tabel II.3 in bijlage II. Het aandeel van ICT Software hierin bedraagt 50%, terwijl het aandeel in het aantal arbeidsplaatsen op bijna 68% ligt. Dat wordt veroorzaakt door grote verschillen in arbeidsproductiviteit (Bruto Toegevoegde Waarde per arbeidsplaats 3 ) tussen deelsectoren van de ICT. In de totale ICT-sector bedraagt de arbeidsproductiviteit 88 duizend Euro en in ICT Hardware, ICT Software en Telecom respectievelijk 77 duizend, 65 duizend en 181 duizend Euro. Met name in de Telecomsector ligt de gemiddelde arbeidsproductiviteit dus zeer hoog. In Zuid-Holland bedraagt de arbeidsproductiviteit voor de totale ICT-sector naar schatting 103 duizend Euro en in ICT Hardware, ICT Software en Telecom respectievelijk 75 duizend, 65 duizend en 204 duizend Euro. De totale arbeidsproductiviteit in de ICT-sector is in Zuid-Holland hoger dan het nationaal gemiddelde doordat de in het algemeen zeer arbeidsproductieve Telecomsector daar een hoog aandeel in de totale ICT-sector inneemt en omdat die sector zelf ook nog eens een hogere arbeidsproductiviteit kent in Zuid-Holland dan het nationaal gemiddelde. Juist omdat de Telecomsector in Den Haag zo omvangrijk is, steekt die gemeente met kop en schouders uit boven de andere gemeenten wat betreft de Toegevoegde Waarde in de ICT-sector: het aandeel van Den Haag binnen Zuid-Holland bedraagt maar liefst 41% (en in Telecom zelfs 65%; de arbeidsproductiviteit van de telecomsector ligt in Den Haag op maar liefst 269 duizend Euro). Als gevolg van de sterk vertegenwoordigde en hoogproductieve Telecomsector ligt de Bruto Toegevoegde Waarde per inwoner van jaar in Zuid-Holland boven het nationaal gemiddelde (zie tabel 2.3). De vijf koplopers voor de totale ICT-sector zijn Den Haag, Capelle a/d IJssel (ook vooral dankzij Telecom), Zoetermeer, Bodegraven-Reeuwijk en Delft. De Toegevoegde Waarde per inwoner ligt in de Telecom overigens slechts in acht gemeenten boven het nationaal gemiddelde. Zoetermeer (met onder andere Siemens) is de Zuid-Hollandse gemeente met de hoogste Toegevoegde Waarde per inwoner van jaar in ICT Hardware in Zuid-Holland. In ICT Software wordt die koppositie ingenomen door Rijswijk. 2.4 De ICT-sector op de kaart Aan de hand van het vestigingenregister van de Provincie zijn door Bureau Louter kaartbeelden opgesteld die op een nauwkeurig niveau zicht geven op de ruimtelijke spreiding van de ICTsector over Zuid-Holland. Daarbij is gebruik gemaakt van de techniek van potentiaalscores. De score voor een locatie wordt daarbij bepaald door alle gebieden binnen een straal van vijf kilometer, waarbij de bijdrage aan de score rechtevenredig afneemt met de afstand. In figuur 2.1 staat het resultaat voor de totale ICT-sector, met een onderscheid naar het aantal arbeidsplaatsen en het aantal vestigingen. Daarnaast is zowel de werkgelegenheidsdichtheid (per 3 Eigenlijk moet niet het aantal arbeidsplaatsen,maar het arbeidsvolume worden gebruikt om de arbeidsproductiviteit te berekenen. Aangezien een zeer groot deel van de werknemers in de ICTsector full-time werkt, zullen de verschillen echter niet groot zijn. [email protected] tel
15 vierkante kilometer landoppervlak) als de relatieve vertegenwoordiging (per 1000 inwoners van jaar) weergegeven. In absolute zin (het aantal arbeidsplaatsen en vestigingen per vierkante kilometer; zie figuur 2.1a en figuur 2.1b) volgt het ruimtelijk patroon van de ICT-sector in vrij sterke mate het verstedelijkingspatroon. Op detailniveau bestaan er overigens wel verschillen. Zo zijn arbeidsplaatsen in Den Haag meer geconcentreerd langs de Utrechtse Baan (waar ook KPN is gevestigd) en vestigingen meer richting kust. Ook Zoetermeer kleurt sterker rood in het kaartbeeld met arbeidsplaatsen dan in het kaartbeeld met vestigingen, vooral langs de A12 (met een aantal grote softwarebedrijven en Siemens). Het omgekeerde geldt voor Leiden. In de landelijke delen van Zuid-Holland ligt de dichtheid vrijwel altijd zeer laag. In de kaartbeelden met de relatieve vertegenwoordiging (figuur 2.1c en figuur 2.1d) valt het op dat Rijnmond veel minder sterk scoort dan Haaglanden/Delft. Met name in termen van arbeidsplaatsen valt de hoge relatieve vertegenwoordiging op langs vrijwel de gehele A12 en A13. Ook gecorrigeerd voor bevolkingsomvang scoren landelijke gebieden vrijwel steeds onder het provinciaal gemiddelde (in alle kaartbeelden is de overgang van blauw naar rood gelegd bij het provinciaal gemiddelde) 4. Geconcludeerd kan worden dat het episch centrum van de Zuid- Hollandse ICT-sector ligt in de driehoek Den Haag (Utrechtse Baan) Rijswijk/Delft Zoetermeer. Het zuidelijk deel van de provincie (ook Rotterdam) blijft daar duidelijk bij achter. In figuur 2.2 staat een onderscheid naar de drie ICT-segmenten (ICT Hardware, ICT Software en Telecom). Weergegeven is tevens Media (ICT-content), die overigens geen onderdeel uitmaakt van de ICT-sector. Het betreft de relatieve vertegenwoordiging van ICT-segmenten (per 1000 inwoners van jaar), uitgedrukt in het aantal arbeidsplaatsen. Figuur 2.1 Arbeidsplaatsen en vestigingen in de ICT-sector, of meer 112 tot tot tot tot 20 0 tot of meer 14 tot 24 7 tot 14 3 tot 7 2 tot 3 0 tot 2 a. Arbeidsplaatsen per km² b. Vestigingen per km² 4 Dat de Tweede Maasvlakte zo hoog scoort, hangt samen met een noemereffect. De omvang van de ICT-sector wordt afgezet tegen de bevolkingsomvang binnen een straal van 5 kilometer. In het geval van de Tweede Maasvlakte woont daar vrijwel niemand, zodat een vrij klein aantal arbeidsplaatsen en/of vestigingen al snel resulteert in een hoge relatieve vertegenwoordiging. [email protected] tel
16 76.5 of meer 50.5 tot tot tot tot tot of meer 5.32 tot tot tot tot tot 2.68 c. Arbeidsplaatsen per 1000 inw jaar d. Vestigingen per 1000 inw jaar Mede omdat ICT Software een groot aandeel inneemt binnen het totaal aantal Zuid-Hollandse arbeidsplaatsen in de ICT-sector, lijkt het ruimtelijk patroon in figuur 2.2b vrij sterk op dat in figuur 2.1c. De Telecomsector is veel sterker ruimtelijk geconcentreerd (zie figuur 2.2c), met name in Den Haag, en daarnaast in Capelle a/d IJssel en op enkele locaties langs de A12 en de A15. ICT Hardware komt op verschillende locaties in de provincie voor, onder andere op de locatie van Siemens in Zoetermeer, maar ook elders in Haaglanden en Drechtsteden. Rotterdam verschijnt echter niet met een bovengemiddelde score op de kaart. Media is relatief oververtegenwoordigd in delen van de grote steden Den Haag en Rotterdam, in Alphen a/d Rijn en in enkele kleinere plaatsen in landelijke delen van de provincie, zoals Lisse en Giessenlanden. In figuur 2.3 staat nogmaals de relatieve vertegenwoordiging, maar deze keer uitgedrukt in het aantal vestigingen. Duidelijk is dat er relatief veel vestigingen in ICT Software zijn gevestigd aan de oostkant van Den Haag en daaraan grenzende gemeenten als Rijswijk, Delft, Pijnacker- Nootdorp en Zoetermeer. ICT Hardware en Telecom zijn ruimtelijk veel meer verspreid over de provincie. Daarbij past de belangrijke kanttekening dat het aantal vestigingen daarin veel lager is dan in ICT Software, namelijk 0,09 per duizend inwoners in ICT Hardware en 0.43 in Telecom, tegenover 2.18 in ICT Software. Met name in gebieden met een lage bevolkingsdichtheid kan het bij een sterke relatieve vertegenwoordiging dus in de praktijk om een vrij klein aantal vestigingen gaan. tel
17 Figuur 2.2 Arbeidsplaatsen per 1000 inwoners jaar naar ICT-segment, of meer 7.9 tot tot tot tot tot of meer 29.1 tot tot tot tot tot 7.8 a. ICT Hardware b. ICT Software 42.3 of meer 19.7 tot tot tot tot tot of meer 14.1 tot tot tot tot tot 4.3 c. Telecom d. Media tel
18 Figuur 2.3 Vestigingen per 1000 inwoners jaar naar ICT-segment, of meer 0.18 tot tot tot tot tot of meer 4.84 tot tot tot tot tot 2.23 a. ICT Hardware b. ICT Software 0.72 of meer 0.63 tot tot tot tot tot of meer 3.76 tot tot tot tot tot 1.49 c. Telecom d. Media tel
19 3 Ontwikkeling arbeidsplaatsen en vestigingen De ruimtelijke ontwikkeling van de ICT-sector is bepaald in termen van het aantal arbeidsplaatsen (paragraaf 3.1) en het aantal vestigingen (paragraaf 3.2). Daarnaast zijn in paragraaf 3.3 kaartbeelden weergegeven, waarin ruimtelijke verschillen in ontwikkeling van de ICT-sector zichtbaar worden. 3.1 Ontwikkeling arbeidsplaatsen In figuur 3.1 staat de ontwikkeling van het aantal arbeidsplaatsen in ICT in de periode , onderscheiden naar segmenten, en aangevuld met Media. Figuur 3.1 Ontwikkeling arbeidsplaatsen ICT-sector per 1000 inwoners jaar, Zuid- Holland en Nederland, Totaal ICT Zuid-Holland Nederland ICT Hardware Telecom ICT Software Media De ICT-sector is vooral in de tweede helft van de jaren negentig sterk gegroeid. Dat was voor alle drie segmenten het geval, alsmede voor de sterk ICT-gevoelige sector Media. In het afgelopen decennium groeiden ICT Software en Media verder, zij het in een lager tempo dan voorheen en met schommelingen door de tijd. In Telecom en vooral ICT Hardware nam het aantal arbeidsplaatsen toen af. Vergeleken met het nationaal gemiddelde kende ICT Software in Zuid- [email protected] tel
20 Holland een minder sterke groei. Dat geldt ook voor Media. Telecom, het enige segment met een hogere relatieve vertegenwoordiging dan het nationaal gemiddelde (in 1996 was dat ook nog het geval voor ICT Software) is in de tweede helft van de jaren negentig in Zuid-Holland nog sterker gegroeid dan het nationaal gemiddelde, maar viel daarna ook sterker terug. Het aantal arbeidsplaatsen per 1000 inwoners van jaar is in ICT Hardware in Zuid-Holland weliswaar afgenomen, maar in wat mindere mate dan het nationaal gemiddelde. Per saldo bleef de ontwikkeling van de ICT-sector sinds midden jaren negentig achter bij het nationaal gemiddelde en is tegenwoordig sprake van een ondervertegenwoordiging ten opzichte van het nationaal gemiddelde, terwijl de ICT-sector in 1996 nog ongeveer in gelijke mate was vertegenwoordigd. In bijlage III, tabel III.1, staat de ontwikkeling in de periode van het aantal arbeidsplaatsen in de ICT per gemeente, onderverdeeld naar segmenten. In tabel 3.1 staat de relatieve ontwikkeling weergegeven. Daarbij is gecorrigeerd voor verschillen in omvang van gemeenten aan de hand van een door Bureau Louter ontwikkelde alternatieve groeimaat. Daarbij wordt de ontwikkeling van het aantal arbeidsplaatsen geschaald aan het gemiddeld in de beschouwde periode woonachtige aantal inwoners van jaar. Gemarkeerd zijn scores boven het nationaal gemiddelde. Deze alternatieve groeimaat wordt verkozen boven de procentuele ontwikkeling. Bij de berekening volgens de procentuele ontwikkeling kan een bescheiden groei vanaf een zeer lage basis namelijk leiden tot een hoge procentuele groei, terwijl die groei geschaald aan de omvang van een gebied bescheiden kan zijn. Tabel 3.1 Ontwikkeling arbeidsplaatsen ICT per 1000 gemiddeld in de beschouwde periode woonachtige inwoners van jaar, ICT Hardware ICT Software Telecom Totaal ICT Media Nederland -1,61 10,88 0,01 9,28 3,95 Zuid-Holland -0,65 6,89 0,12 6,37 1,49 Rotterdam -0,31 4,78-3,43 1,03 3,83 's-gravenhage -0,26 3,70 6,16 9,61 2,53 Leiden -5,54 9,99-4,12 0,33-0,71 Delft -10,08 26,00-6,63 9,30 2,40 Dordrecht -2,61 2,81-2,61-2,41 0,05 Gouda 1,71 0,57 3,12 5,40-1,01 Alphen aan den Rijn -0,02 5,52 0,99 6,49 6,41 Gorinchem 0,00 18,04 3,48 21,48-1,92 Schiedam -1,96 1,88-0,40-0,48 1,15 Spijkenisse 0,00 0,04 0,14 0,28-0,32 Vlaardingen -0,06 1,79-1,99-0,27-0,91 Capelle aan den IJssel -0,93 18,72 4,37 22,16-2,67 Lansingerland -0,10 11,55 8,96 20,41 4,97 Goeree-Overflakkee 0,46 4,57-0,20 4,83-0,36 Barendrecht 0,56 17,63 0,65 18,84 3,24 Ridderkerk -1,61 6,99 4,40 9,78-0,20 Zwijndrecht 1,82-1,79 0,41 0,44-0,95 Zuidplas 1,57 6,72-3,19 5,10 2,92 Hellevoetsluis 0,00 1,34 1,11 2,29 0,65 Maassluis 0,78 4,01 0,09 4,88 0,27 Papendrecht 0,64-2,12 5,72 4,24-1,87 Binnenmaas 0,21 0,16-0,05 0,32-1,06 tel
21 ICT Hardware ICT Software Telecom Totaal ICT Media Krimpen aan den IJssel 2,20 1,21-0,99 2,42-2,47 Hendrik-Ido-Ambacht 0,00 8,00 3,06 11,06 1,56 Albrandswaard 0,00 5,57-0,74 5,79 3,79 Oud-Beijerland -0,27 7,97 4,12 11,82-2,03 Brielle -0,64 0,92 0,00 0,09 2,48 Nederlek 0,00 1,25 0,42 13,68 0,31 Westvoorne 0,00 3,24-1,45 2,13 0,45 Cromstrijen 0,82 1,17 0,70 2,69 2,10 Bernisse 0,00 1,75 0,82 3,39 1,17 Korendijk 0,00-2,86-0,29-3,00 1,14 Strijen 0,00 0,33 0,00 9,26-0,66 Ouderkerk 0,00-0,94 0,00-1,50 1,12 Zoetermeer -5,18 21,70 2,04 18,56 6,31 Westland 2,94 8,88 4,36 16,18 3,09 Leidschendam-Voorburg -0,40 9,94-2,36 7,18 0,26 Pijnacker-Nootdorp 0,94 15,22 2,75 18,91 3,10 Rijswijk 1,41 31,54-22,52 10,43-8,31 Leiderdorp 1,26 2,94-0,78 3,42 1,62 Wassenaar 0,00 6,40 0,13 6,97-5,45 Voorschoten -1,93 0,40 0,20-1,33 0,47 Oegstgeest 0,00 3,10 0,07 3,55 6,87 Midden-Delfland 0,00 5,61 0,00 4,36 4,18 Zoeterwoude 0,00 3,51-1,23 4,91-24,03 Molenwaard 0,54 1,74 0,27 2,55 2,17 Sliedrecht -11,02 9,08 2,51 0,58-2,90 Leerdam -0,37 12,34-0,67 11,30 2,68 Alblasserdam 0,00 14,42 4,84 19,60 2,04 Hardinxveld-Giessendam 0,00 28,07-4,68 23,30 2,12 Giessenlanden 0,00 2,10 2,73 4,83 6,61 Zederik 0,00 0,34 0,11 0,00-2,97 Bodegraven-Reeuwijk 0,00 32,09-1,92 30,36-5,89 Nieuwkoop -1,40 1,57-0,76-0,59 1,84 Kaag en Braassem 0,00 6,22-0,41 5,87 1,40 Waddinxveen -1,29 8,32 0,53 7,56 2,28 Rijnwoude 0,00 4,71-0,08 4,63 1,10 Boskoop 0,00 1,60 0,00 1,30 0,80 Schoonhoven 1,00 0,38 4,02 5,40-3,39 Vlist 0,00 2,66 0,94 3,60 3,29 Bergambacht -6,42 3,21 0,00-6,26 1,45 Katwijk -0,08 0,93 0,18 1,03 0,18 Teylingen 1,00 1,36-1,82 0,54 3,27 Noordwijk 9,88 7,07 0,46 17,41 2,07 Lisse 0,81-0,34 1,42 1,89-19,00 Hillegom 0,00 3,09 1,77 6,99 4,19 Noordwijkerhout 0,00 3,78 0,00 3,68 1,65 Uit figuur 3.1 werd al duidelijk dat ICT Software voor de groei heeft gezorgd binnen de ICTsector. In absolute zin zijn er sinds 1996 in ICT Software in Nederland 118 duizend arbeidsplaatsen bijgekomen, in Telecom 200 (de winst in de tweede helft van de jaren negentig is daarna dus volledig verloren gegaan). In ICT Hardware nam het aantal arbeidsplaatsen af met tel
22 17 duizend (zie tabel III.1 in bijlage III). Per saldo droeg de ICT-sector ruim 100 duizend arbeidsplaatsen bij aan de werkgelegenheidsgroei in Nederland. In procentuele termen bedroegen de ontwikkelingscijfers voor ICT Hardware, ICT Software, Telecom en de totale ICT-sector respectievelijk -2.0%, 5.2%, 0.0% en 2.5% per jaar (en in de sterk ICT-gevoelige sector Media met 2.4% per jaar). Ook in Zuid-Holland werd de toename van het aantal arbeidsplaatsen in de ICT-sector volledig gedragen door ICT Software en nam het aantal arbeidsplaatsen in ICT Hardware af. Per saldo nam in de periode het aantal arbeidsplaatsen in de ICT-sector slechts in enkele plaatsen iets af (het meest in Dordrecht; de enige stad met een afname). Van een sterke groei is vooral sprake geweest in Den Haag, op afstand gevolgd door Zoetermeer, Westland en Capelle a/d IJssel. Opvallend is dat het aantal arbeidsplaatsen in Rotterdam slechts licht is gestegen, vooral door de sterke afname in Telecom (samen met Delft en Zoetermeer kende Rotterdam wel de hoogste absolute ontwikkeling in ICT Software). De groeiprestaties van Delft en Zoetermeer in ICT Software moeten overigens hoger worden aangeslagen dan in Rotterdam, omdat het om gemeenten met een veel kleiner aantal inwoners gaat. In tabel 3.1 is daarvoor gecorrigeerd door te schalen aan het gemiddeld in de beschouwde periode woonachtige aantal inwoners van jaar. Zuid-Holland als geheel blijft wat betreft groei van het aantal arbeidsplaatsen achter bij het nationaal gemiddelde, als gevolg van de minder sterke groei in ICT Software (zoals, op een iets andere manier gemeten, ook al bleek uit figuur 3.1). Uit tabel 3.1 blijkt dat het aantal arbeidsplaatsen in de ICT-sector zich in Rotterdam relatief matig heeft ontwikkeld. Veel hoger was de groei in Den Haag en Delft. Ook in Leiden is de groei relatief laag geweest. Gemeten naar relatieve ontwikkeling komen vooral wat kleinere gemeenten naar boven. Bodegraven-Reeuwijk (langs de A12) voert de ranglijst aan, op enige afstand gevolgd door een groepje gemeenten met Hardinxveld-Giessendam, Capelle a/d IJssel, Gorinchem, Lansingerland, Alblasserdam, Pijnacker-Nootdorp, Barendrecht en Zoetermeer. Het gaat daarbij steeds om gunstig aan het snelwegennet gelegen, veelal suburbane gemeenten. Met name in ICT Software dienen de kantoren vaak als uitvalsbasis, van waaruit de klant per auto snel bereikt dient te kunnen worden. De ICT-sector is dus vooral langs de randen van de stedelijke gebieden en op snelweglocaties sterk gegroeid. 3.2 Ontwikkeling vestigingen In bijlage III, tabel III.2 staat de ontwikkeling in de periode van het aantal vestigingen in de ICT per gemeente, onderverdeeld naar segmenten. In tabel 3.2 staat de relatieve ontwikkeling weergegeven. Daarbij is weer gecorrigeerd voor verschillen in omvang van gemeenten aan de hand van de door Bureau Louter ontwikkelde alternatieve groeimaat. Sinds 1996 zijn er in Nederland bijna 40 duizend vestigingen in de ICT-sector bijgekomen. ICT Software was voor het overgrote deel verantwoordelijk voor deze groei. Ook in de sterk ICTgevoelige sector Media is het aantal vestigingen sterk toegenomen (zie tabel III.2 in bijlage III). Met uitzondering van Zwijndrecht is het aantal ICT-vestigingen in alle Zuid-Hollandse gemeenten toegenomen. In de segmenten Telecom en ICT Hardware was dat niet altijd het geval. In die segmenten ging het ook veelal om kleine veranderingen in het aantal vestigingen. Uit tabel 3.2 blijkt dat de relatieve ontwikkeling van het aantal arbeidsplaatsen in de ICT en alle drie segmenten achter is gebleven bij het nationaal gemiddelde. Met Barendrecht als enige uitzondering liggen alle gemeenten met een relatieve ontwikkeling boven het nationaal gemiddelde in een aaneengesloten gebied in Haaglanden, namelijk de steden Den Haag en Delft en de suburbs Zoetermeer, Pijnacker-Nootdorp, Rijswijk en Wassenaar. Niet duidelijk is of het daarbij om de invloed van de TU Delft gaat (wanneer veel afgestudeerden een bedrijf starten of tel
23 bedrijven afkomen op het grote aantal informatici in de regio) of dat het om de invloed van een aantal grote bedrijven en (kennis)instellingen gaat, zoals bijvoorbeeld Shell, EPO, TNO, en dergelijke. Het aantal vestigingen in ICT Hardware en Telecom is veel minder sterk toegenomen dan in ICT Software. Dat geldt overigens ook nationaal. Het hangt waarschijnlijk samen met de veel hogere (financiële) drempels om een bedrijf te starten in Telecom of ICT Hardware dan in ICT Software. Tabel 3.2 Ontwikkeling vestigingen ICT per 1000 gemiddeld in de beschouwde periode woonachtige inwoners van jaar, ICT Hardware ICT Software Telecom Totaal ICT Media Nederland 0,04 3,48 0,15 3,67 2,45 Zuid-Holland 0,02 2,02 0,12 2,16 1,05 Rotterdam 0,00 1,23 0,14 1,38 0,92 's-gravenhage 0,01 3,94 0,24 4,19 2,60 Leiden -0,08 1,91 0,09 1,92 0,78 Delft -0,06 5,57 0,12 5,63 1,88 Dordrecht -0,06 0,46 0,13 0,52-0,23 Gouda 0,06 0,70 0,19 0,95 0,89 Alphen aan den Rijn 0,06 1,98 0,08 2,13 0,79 Gorinchem 0,00 0,67 0,04 0,67-0,22 Schiedam 0,02 0,91 0,00 0,93 0,30 Spijkenisse 0,00 0,67 0,04 0,77 0,06 Vlaardingen -0,02 0,42 0,08 0,48 0,19 Capelle aan den IJssel 0,02 1,56 0,02 1,60 0,23 Lansingerland 0,10 3,02 0,17 3,29 2,18 Goeree-Overflakkee -0,03 0,43-0,07 0,33-0,16 Barendrecht 0,00 4,37 0,30 4,67 1,25 Ridderkerk -0,03 1,05 0,23 1,25 0,39 Zwijndrecht -0,03-0,07-0,03-0,14 0,37 Zuidplas 0,19 1,84 0,35 2,38 1,04 Hellevoetsluis 0,00 0,92 0,04 0,88-0,31 Maassluis 0,05 1,19 0,00 1,23 0,27 Papendrecht -0,05 0,20 0,25 0,39-0,64 Binnenmaas 0,05 0,37 0,05 0,48-0,26 Krimpen aan den IJssel 0,16 0,55 0,05 0,77 0,22 Hendrik-Ido-Ambacht 0,00 2,25 0,06 2,31 0,56 Albrandswaard 0,00 2,90-0,07 2,97 1,56 Oud-Beijerland 0,07 1,01 0,00 1,08-0,47 Brielle -0,09 0,92 0,00 0,73 0,37 Nederlek 0,00 0,73 0,31 1,15 0,31 Westvoorne 0,00 1,34-0,22 1,23 0,45 Cromstrijen 0,00 0,47-0,12 0,35 0,47 Bernisse 0,00 1,52 0,35 2,10 0,23 Korendijk 0,00 0,57 0,00 0,71 0,43 Strijen 0,00 0,33 0,00 0,66-0,66 Ouderkerk 0,00 0,56 0,00 0,37 1,31 Zoetermeer 0,05 3,81 0,13 3,98 1,85 Westland 0,03 3,18 0,29 3,51 1,45 tel
24 ICT Hardware ICT Software Telecom Totaal ICT Media Leidschendam-Voorburg 0,00 3,26 0,11 3,37 1,39 Pijnacker-Nootdorp 0,00 5,34 0,43 5,77 2,28 Rijswijk 0,11 4,42 0,11 4,63 2,79 Leiderdorp 0,00 1,50-0,12 1,38 1,50 Wassenaar 0,00 3,80 0,06 3,99 1,71 Voorschoten 0,13 0,67 0,20 1,00 1,20 Oegstgeest 0,00 1,55 0,00 1,63 0,74 Midden-Delfland 0,00 3,74 0,00 3,56 3,65 Zoeterwoude 0,00 1,05 0,35 1,58 1,05 Molenwaard 0,11 0,54-0,16 0,49 0,33 Sliedrecht 0,00 0,45 0,06 0,52-0,13 Leerdam -0,15 0,82-0,15 0,52 0,59 Alblasserdam 0,00 1,78 0,59 2,54 0,00 Hardinxveld-Giessendam 0,00 0,97 0,09 0,97 0,18 Giessenlanden 0,00 0,52 0,21 0,73-0,52 Zederik 0,00 0,34 0,11 0,34 0,23 Bodegraven-Reeuwijk 0,00 2,76 0,28 3,18 0,47 Nieuwkoop 0,05 1,08-0,05 1,08 0,54 Kaag en Braassem 0,00 1,57-0,06 1,57 0,93 Waddinxveen 0,00 1,70 0,06 1,76 0,70 Rijnwoude 0,00 1,65 0,16 1,81 0,55 Boskoop 0,00 1,60 0,00 1,50 0,40 Schoonhoven 0,00 0,38 0,38 0,75 0,25 Vlist 0,00 1,25-0,16 1,10 2,35 Bergambacht 0,16 1,77 0,00 1,61 0,80 Katwijk 0,00 0,68 0,03 0,70 0,65 Teylingen 0,00 1,54-0,18 1,36 1,23 Noordwijk 0,11 1,78 0,06 1,95 1,15 Lisse 0,00 1,15 0,34 1,48 0,88 Hillegom 0,00 1,25 0,15 1,55 0,00 Noordwijkerhout 0,00 1,16 0,00 1,07 0, Ontwikkeling ICT op de kaart Aan de hand van het vestigingenregister van de Provincie zijn door Bureau Louter kaartbeelden opgesteld die zicht geven op de ruimtelijke verschillen in ontwikkeling van de ICT-sector over Zuid-Holland. Evenals in paragraaf 2.4 is daarbij gebruik gemaakt van de techniek van potentiaalscores. De score voor een locatie wordt daarbij bepaald door alle gebieden binnen een straal van vijf kilometer, waarbij de bijdrage aan de score rechtevenredig afneemt met de afstand. In figuur 3.2 staat het resultaat voor de totale ICT-sector, met een onderscheid naar het aantal arbeidsplaatsen en het aantal vestigingen. Daarnaast is zowel de werkgelegenheidsdichtheid (per vierkante kilometer landoppervlak) als de relatieve ontwikkeling volgens de alternatieve groeimaat (per 1000 gemiddeld in de beschouwde periode woonachtige inwoners van jaar) weergegeven. Duidelijk komt uit figuur 3.2a naar voren dat de werkgelegenheidsdichtheid in de ICT-sector vooral in Haaglanden sterk is toegenomen. In Rotterdam resulteert een opvallend patroon met een sterke afname in het Centrum (vooral als gevolg van een afname in Telecom) en groei in een ring tel
25 daaromheen. Het ruimtelijk patroon van de vestigingendichtheid (figuur 3.2b) laat een veel duidelijker samenhang zien met de mate van verstedelijking, overigens met een duidelijker accent op Den Haag en omgeving dan op Rotterdam. Figuur 3.2 Ontwikkeling arbeidsplaatsen en vestigingen in de ICT-sector, of meer 1.7 tot tot tot tot tot tot tot -1.0 minder dan of meer 0.61 tot tot tot tot tot tot tot 0.01 minder dan a. Arbeidsplaatsen per km² b. Vestigingen per km² 1.35 of meer 0.85 tot tot tot tot tot tot tot minder dan of meer 0.26 tot tot tot tot tot tot tot 0.03 minder dan c. Arbeidsplaatsen per 1000 inw jaar* d. Vestigingen per 1000 inw jaar* *) Per 1000 gemiddeld in periode woonachtige inwoners jaar In de kaarten met de relatieve ontwikkeling komt duidelijker naar voren dat niet geheel Den Haag zich sterk heeft ontwikkeld. Het is vooral het oostelijk, goed op het snelwegennet aangesloten deel van de stad geweest, dat een sterke groei heeft gekend, bij een achterblijvende ontwikkeling in de kuststreek. Ook in relatieve termen verschijnt de zone Utrechtse Baan Rijswijk Delft Zoetermeer duidelijk op de kaart, maar dat geldt ook voor enkele andere gebieden langs de A12 en de A15. In termen van het aantal vestigingen is het patroon zeer duidelijk: een hoge groei in de zone Utrechtse Baan Rijswijk Delft Zoetermeer en afnemende groeiprestaties naarmate de afstand tot dat gebied groter is. In figuur 3.3 staat de ontwikkeling van het aantal arbeidsplaatsen per vierkante kilometer in de ICT-sector, met een onderscheid naar drie deelperioden ( , en ). tel
26 Figuur 3.3 Ontwikkeling arbeidsplaatsen per vierkante kilometer, onderscheiden naar drie deelperioden 18.4 of meer 10.1 tot tot tot tot tot tot tot -0.4 Geen arbeidsplaatsen 0.9 of meer 0.3 tot tot tot tot tot tot tot -6.2 Geen arbeidsplaatsen a b of meer 0.9 tot tot tot tot tot tot tot -8.7 Geen arbeidsplaatsen c Duidelijk is dat de groei in en rond Den Haag vooral is gerealiseerd in de periode Met name de Telecom kende toen een zeer sterke ontwikkeling en ook in Zoetermeer was de groei in die periode zeer hoog (met overigens een sterke terugval in de periode daarna: in ) 5. In figuur 3.4 staat nogmaals de ontwikkeling van het aantal arbeidsplaatsen in de ICT-sector onderscheiden naar drie deelperiodes, maar deze keer per duizend gemiddeld in de beschouwde periode woonachtige inwoners van jaar (de alternatieve groeimaat). 5 Er moet wel op worden gewezen dat in alle drie perioden de grens tussen blauw en rood weer is gelegd bij het provinciaal gemiddelde. In de peirode was sprake van een groei in alle weergegeven klassen, met uitzondering van de twee meest donkerblauwe kleuren, terwijl in slechts in de drie hoogste klassen sprake was van groei. In nam het aantal arbeidsplaatsen in de ICT-sector dus vrijwel overal toe, terwijl dat in de periode slechts gedeeltelijk het geval was. Desalniettemin is de omslag in Den Haag en Zoeteremeer groot. [email protected] tel
27 Figuur 3.4 Ontwikkeling arbeidsplaatsen per 1000 gemiddeld in de beschouwde periode woonachtige inwoners van jaar, onderscheiden naar drie deelperioden 8.9 of meer 4.5 tot tot tot tot tot tot 0.1 minder dan of meer 0.2 tot tot tot tot tot tot -1.5 minder dan -2.4 a b of meer 0.6 tot tot tot tot tot tot -1.2 minder dan -3.3 c tel
28 4 Bedrijvigheidsdynamiek Om de bedrijvigheidsdynamiek te bepalen zijn drie typen analyses uitgevoerd. Ten eerste is de ontwikkeling van het aantal startende ICT-bedrijven sinds het midden van de jaren negentig bepaald (paragraaf 4.1). Vervolgens is de bedrijvigheidsdynamiek uitgesplitst naar componenten (oprichtingen, opheffingen en verplaatsingen). Dat is gebeurd aan de hand van verschillende bronnen (zie paragraaf 4.2). Ten slotte is in paragraaf 4.3 aandacht besteed aan het midden- en kleinbedrijf (MKB): ten eerste door de ontwikkeling van het aantal ZZP ers te volgen door de tijd en ten tweede door het aandeel van het MKB in het totaal aantal arbeidsplaatsen te bepalen. 4.1 Startende bedrijven Bureau Louter heeft de beschikking over een reeks van startende bedrijven per gemeente in de jaren 1996 tot en met Het betreft inschrijvingen in het Handelsregister van de Kamer van Koophandel 6. In figuur 4.1 staat de ontwikkeling van het aantal startende bedrijven in de ICTsector in Nederland en Zuid-Holland. Figuur 4.1 Aantal startende bedrijven in de ICT per 1000 inwoners jaar, Zuid-Holland Nederland 6 De gegevens over starters per gemeente zijn niet beschikbaar op het meest fijnmazige niveau van 5-digit sbi-codes. De gegevens hebben betrekking op startende softwarebedrijven en telecombedrijven (dus min of meer overeenkomend met de segmenten ICT Software en Telecom). [email protected] tel
29 Tegen het einde van de vorige eeuw is het aantal startende bedrijven in de ICT sterk toegenomen. Daarna volgde een even abrupte afname. Wordt van deze tijdelijke piek afgezien, dan blijkt uit figuur 4.1 dat het aantal startende bedrijven in de ICT-sector gestaag is toegenomen, met een dip in 2009, als gevolg van de kredietcrisis. Daarna werd het groeipad echter weer opgepakt. Tot en met 2003 lag het aantal startende ICT-bedrijven in Zuid-Holland steeds iets boven het nationaal gemiddelde, daarna schommelde het rond dat gemiddelde. In bijlage IV, tabel IV.1 staat het aantal starters in de ICT-sector per gemeente, met een onderscheid naar een viertal perioden van vier jaar. Duidelijk is dat het aantal starters gestaag is toegenomen; nationaal zelfs meer dan een verdubbeling in ten opzichte van In absolute zin leveren Rotterdam en Den Haag de meeste starters (waarbij dat aantal vooral in Rotterdam relatief sterk is toegenomen), op ruime afstand gevolg door Delft, Dordrcht, Zoetermeer en Leiden. In tabel 4.1 staat de relatieve vertegenwoordiging (het aantal starters per 1000 inwoners van jaar). Opvallend is dat de acht steden, twee uitzonderingen daargelaten, steeds in elke periode boven het nationaal gemiddelde hebben gescoord. Delft heeft gedurende de gehele periode een groot aantal starters in de ICT-sector gekend. In Rotterdam is het aantal starters relatief sterk toegenomen ten opzichte van de periode , in Leiden is het juist min of meer stabiel gebleven. Zoals in niveau als in ontwikkeling bestaan er dus verschillen tussen de steden. De overige gemeenten (suburbane gemeenten en gemeenten in het landelijk gebied) kennen veelal een benedengemiddeld aantal startende ICT-bedrijven. In de periode vormde een aantal gemeenten rond Rotterdam (Schiedam, Capelle a/d IJssel, Barendrecht) daar een uitzondering op. Blijkbaar is het aantal startende ICT-bedrijven vooral in en rondom Rotterdam sterk toegenomen ten opzichte van het verleden. Tabel 4.1 Ontwikkeling starters in een viertal 4-jaarsperioden in de ICT per duizend inwoners jaar per gemeente Nederland 1,42 1,88 2,20 2,88 Zuid-Holland 1,58 2,14 2,22 2,86 Rotterdam 1,72 2,64 2,56 3,91 's-gravenhage 1,69 2,32 2,64 3,41 Leiden 2,28 2,16 2,38 2,54 Delft 3,86 3,79 3,30 4,06 Dordrecht 1,83 2,64 2,00 3,01 Gouda 1,95 2,88 2,91 3,12 Alphen aan den Rijn 2,50 3,09 3,10 3,02 Gorinchem 2,01 2,75 2,30 3,80 Schiedam 1,22 2,03 1,87 3,71 Spijkenisse 0,78 1,63 2,09 1,78 Vlaardingen 0,95 1,45 1,82 2,42 Capelle aan den IJssel 1,46 2,44 2,60 3,28 Lansingerland 1,71 1,75 1,99 2,51 Goeree-Overflakkee 1,06 1,52 1,37 1,17 Barendrecht 1,22 2,26 1,90 3,01 Ridderkerk 1,16 1,70 1,75 2,61 Zwijndrecht 1,12 1,75 1,77 2,03 tel
30 Zuidplas 1,45 2,01 2,27 2,59 Hellevoetsluis 1,12 1,83 1,92 3,00 Maassluis 0,91 1,49 1,74 2,29 Papendrecht 1,54 1,95 2,21 1,91 Binnenmaas 1,56 2,89 1,18 2,10 Krimpen aan den IJssel 1,06 0,95 1,40 2,12 Hendrik-Ido-Ambacht 1,82 1,51 2,24 2,46 Albrandswaard 1,26 1,18 2,29 2,37 Oud-Beijerland 1,44 3,09 1,69 2,31 Brielle 1,35 1,54 1,84 2,86 Nederlek 0,70 1,21 2,06 2,41 Westvoorne 0,87 0,98 1,30 1,26 Cromstrijen 1,01 1,57 1,46 1,28 Bernisse 0,67 1,02 1,16 2,24 Korendijk 0,99 1,79 1,37 1,71 Strijen 1,41 0,78 1,43 1,78 Ouderkerk 0,91 1,31 1,50 1,61 Zoetermeer 1,95 2,57 2,70 2,80 Westland 0,69 1,15 1,76 1,87 Leidschendam-Voorburg 1,66 2,31 2,22 2,57 Pijnacker-Nootdorp 0,85 1,75 2,11 2,43 Rijswijk 1,62 1,98 2,63 2,53 Leiderdorp 1,95 2,06 2,35 2,56 Wassenaar 1,29 1,64 1,23 1,87 Voorschoten 1,48 1,18 1,75 1,90 Oegstgeest 1,87 1,57 2,11 2,66 Midden-Delfland 1,12 1,50 2,21 1,78 Zoeterwoude 1,84 0,68 2,09 2,93 Molenwaard 1,03 1,24 1,07 0,69 Sliedrecht 1,79 1,74 1,49 2,93 Leerdam 1,39 2,10 1,45 2,44 Alblasserdam 1,29 2,36 1,72 2,09 Hardinxveld-Giessendam 1,05 1,47 1,22 0,96 Giessenlanden 0,52 1,15 1,45 1,89 Zederik 1,02 1,36 1,81 2,38 Bodegraven-Reeuwijk 1,15 1,89 2,03 1,96 Nieuwkoop 0,84 1,03 1,25 1,85 Kaag en Braassem 1,15 1,23 1,23 1,31 Waddinxveen 1,33 1,82 1,55 1,26 Rijnwoude 0,90 1,90 1,49 1,30 Boskoop 1,46 1,55 2,07 2,16 Schoonhoven 1,58 1,45 1,80 1,64 Vlist 0,92 2,17 1,41 1,79 Bergambacht 1,13 1,31 1,49 2,61 Katwijk 0,67 0,80 0,94 1,69 Teylingen 1,08 2,01 2,39 2,39 Noordwijk 1,42 0,88 1,88 2,84 Lisse 1,93 1,28 1,99 2,20 Hillegom 1,89 1,36 1,24 1,41 Noordwijkerhout 0,77 0,98 1,10 1,28 tel
31 In figuur 4.2 zijn, ter illustratie, de verschillen in startersintensiteit (het aantal starters per 1000 inwoners van jaar) op de kaart gezet voor vier perioden van vier jaar. Duidelijk is dat, uitzonderingen daargelaten, relatief (ten opzichte van het aantal inwoners van jaar) weinig ICT-bedrijven worden gestart in de minder verstedelijkte delen van de provincie. De hoogste startersintensiteiten resulteren in de steden en hun aangrenzende suburbs. Figuur 4.2 Aantal starters in de ICT per 1000 inwoners per gemeente, of meer 2.0 tot tot tot tot 1.6 minder dan of meer 2.8 tot tot tot tot 2.1 minder dan 1.5 a b of meer 2.6 tot tot tot tot 2.2 minder dan of meer 3.4 tot tot tot tot 2.9 minder dan 2.1 c d *) Per 1000 gemiddeld in periode woonachtige inwoners jaar 4.2 Bedrijvigheidsdynamiek De ontwikkeling van het aantal vestigingen kan worden onderscheiden naar componenten, namelijk oprichtingen en opheffingen en (bij een onderverdeling naar gebieden) verplaatsingen naar en vanuit gemeenten of regio s. CBS-gegevens In tabel 4.2 staan oprichtingen en opheffingen van vestigingen in de ICT-sector volgens gegevens van het CBS. Bij oprichtingen is daarbij een onderscheid gemaakt tussen nieuwe ondernemingen tel
32 en oprichtingen van nevenvestigingen binnen bestaande ondernemingen. Ook bij opheffingen is een dergelijk onderscheid gemaakt. Deze gegevens zijn niet beschikbaar op het niveau van individuele gemeenten, maar wel op het niveau van een zestal regio s binnen Zuid-Holland (zogenaamde COROP-gebieden). Tabel 4.2 Dynamiek oprichtingen en opheffingen, , gemiddeld per jaar Regio Oprichtingen van vestigingen Nieuwe vestigingen bestaande bedrijven Opheffingen van vestigingen Stoppende vestiging bestaande bedrijven Nederland Zuid-Holland Saldo Aggl. Leiden en Bollenstreek Aggl. Den Haag Delft en Westland Oost Zuid-Holland Groot-Rijnmond Zuidoost Zuid-Holland Bron: CBS Duidelijk is dat het aantal startende bedrijven aanzienlijk hoger is dan het aantal oprichtingen van vestigingen binnen bestaande ondernemingen, zowel nationaal als in Zuid-Holland. Dat geldt ook bij de opheffingen, hoewel het aandeel van nevenvestigingen in het totaal aantal opgeheven bedrijven groter is dan in het totaal aantal opgerichte bedrijven. Per saldo kwamen er in de periode in Nederland bijna ICT-vestigingen per jaar bij en in Zuid-Holland 900. In de twee grootste regio s (Groot-Rijnmond en Agglomeratie Den Haag) zijn, zoals mocht worden verwacht, per saldo de meeste vestigingen toegevoegd aan de ICT-populatie. Het aandeel van nevenvestigingen in het totaal aantal oprichtingen is in Groot-Rijnmond iets hoger dan elders in de provincie, maar de regionale verschillen zijn niet groot. In tabel 4.3 staat de ontwikkeling per jaar van de oprichtingen en opheffingen in Nederland en Zuid-Holland. In figuur 4.3 zijn deze gegevens ook weergegeven per 1000 inwoners van jaar. Dat is gebeurd voor het totaal van de oprichtingen en het totaal van de opheffingen. Tevens staan in die figuur gegevens per COROP-gebied. Tabel 4.3 Dynamiek oprichtingen en opheffingen, , per jaar Onderwerp Nederland Oprichtingen van vestigingen Nieuwe vestigingen bestaande bedrijven Opheffingen van vestigingen Stoppende vestiging bestaande bedrijven Saldo Zuid-Holland Oprichtingen van vestigingen Nieuwe vestigingen bestaande bedrijven Opheffingen van vestigingen Stoppende vestiging bestaande bedrijven Saldo [email protected] tel
33 Figuur 4.3 Oprichtingen en opheffingen per 1000 inwoners jaar, a. Oprichtingen Z-Holland, Nederland b. Opheffingen Z-Holland, Nederland Nederland Zuid-Holland c. Oprichtingen COROP-gebieden d. Opheffingen COROP-gebieden Aggl. Leiden, Bollenstreek Aggl. 's-gravenhage Delft en Westland Oost-Zuid-Holland Groot-Rijnmond Zuidoost-Zuid-Holland Uit tabel 4.3 en figuur 4.3 blijkt onder andere dat het aantal oprichtingen volgens de gegevens van het CBS een dalende trend vertoonde in 2009 en 2010, waarschijnlijk onder invloed van de kredietcrisis 7. In 2009 lag het aantal opheffingen hoger dan in 2008, als gevolg van de 7 Opvallend is dat, volgens de gegevens van het CBS, het aantal oprichtingen (ook van nieuwe vestigingen) in 2010 is afgenomen ten opzichte van 2009, terwijl volgens de Kamer van Koophandel het aantal starters in 2010 hoger lag dan in 2009 (zie figuur 4.1). Dit is waarschijnlijk het gevolg van het feit dat vrije beroepen sinds juli 2008 verplicht zijn om in te schrijven. In de jaren daarna heeft een inhaalslag plaatsgevonden, waarbij reeds bestaande bedrijven zich alsnog [email protected] tel
34 kredietcrisis. Met de zich licht herstellende economie in 2010 en 2011 nam vervolgens het aantal opheffingen weer af. Het totaaleffect van deze ontwikkelingen was dat het saldo van oprichtingen en opheffingen in de jaren 2008 (toen nog nauwelijks sprake was van de effecten van de kredietcrisis, die aan het einde van dat jaar begon) en 2011 sterker positief was dan in de economisch minder gunstige jaren 2009 en Dat geldt zowel voor Nederland als Zuid- Holland. Gegevens uit het provinciaal vestigingenregister Ook aan de hand van het vestigingenregister van de provincie kan de bedrijvigheidsdynamiek worden onderscheiden naar componenten. Naast een onderscheid naar oprichtingen en opheffingen zijn tevens intergemeentelijke verplaatsingen bepaald 8. Naast het saldo van oprichtingen en opheffingen kan dus ook het effect van verplaatsingen zorgen voor een toename of afname van het aantal ICT-bedrijven in een gemeente of regio 9. In bijlage IV, tabel IV.2, staat het aantal oprichtingen, opheffingen, intergemeentelijke verplaatsingen naar gemeenten en intergemeentelijke verplaatsingen vanuit gemeenten. Tevens is het saldo bepaald. Gemiddeld zijn er in de periode bijna duizend vestigingen bijgekomen. In absolute zin leverde Den Haag duidelijk de grootste bijdrage, op ruime afstand gevolgd door Leiden. In tabel 4.4 zijn de relatieve scores (per 1000 inwoners van jaar) weergegeven 10. Het aantal opheffingen en oprichtingen is aanzienlijk hoger dan het aantal intergemeentelijke verplaatsingen. Per saldo komen er volgens de gegevens van het vestigingenregister meer vestigingen bij als gevolg van oprichtingen dan er afgaan als gevolg van opheffingen. Per saldo is het aantal vestigingen iets afgenomen in Rotterdam, maar toegenomen in de andere steden. In Gorinchem en Leiden is de groei het sterkst geweest. In totaal zijn er volgens het vestigingenregister van Zuid-Holland, naast Rotterdam, zes gemeenten met een negatief saldo hebben ingeschreven. Bij de KvK zijn die bedrijven waarschijnlijk geregistreerd als starters, terwijl dat bij het CBS niet is gebeurd. Het totaal aantal verplaatsingen is overigens aanzienlijk hoger omdat een groot deel van de vestigingen binnen de eigen gemeente verplaatst. Naast de dynamiek in het aantal vestigingen zou ook de dynamiek in het aantal arbeidsplaatsen bepaald kunnen worden. Dan zou ook de ontwikkeling (toename of afname) van het aantal arbeidsplaatsen binnen bestaande vestigingen als extra componenten kunnen worden meegenomen. In de praktijk bleek dit echter niet mogelijk, omdat bestaande vestigingen niet goed door de tijd gevolgd kunnen worden in verband met problemen in de registratie in het vestigingenregister. In het vestigingenregister is de peildatum mei van een jaar. De periode heeft hier daarom betrekking op vier jaren, namelijk van mei 2008 tot mei 2009, mei 2009 tot mei 2010, mei 2010 tot mei 2011 en mei 2011 tot mei De gegevens zijn bepaald vanaf 2008 omdat er voorafgaand aan mei 2008 een periode is geweest waarin de dynamiek van oprichtingen en opheffingen in het vestigingenregister van Haaglanden minder goed werd geregistreerd en omdat vanaf juli 2008 sprake is van een wetswijziging: vrije beroepen zijn vanaf dat moment namelijk verplicht om in te schrijven in het Handelsregister van de Kamer van Koophandel. Dat leidt ertoe dat de gegevens voor en na dat tijdstip niet goed vergelijkbaar zijn. [email protected] tel
35 van oprichtingen, opheffingen en intergemeentelijke verplaatsingen, namelijk Schiedam, Capelle a/d IJssel, Hellevoetsluis, Westvoorne, Zoetermeer en Sliedrecht. Aan de andere kant van het spectrum zijn er gemeenten met een duidelijk positief saldo (relatief ten opzichte van het aantal inwoners van jaar), namelijk, naast Gorinchem en Leiden: Alblasserdam, Zoeterwoude, Wassenaar, Noordwijk, Lansingerland, Bodegraven-Reeuwijk en Leiderdorp. Leiden en omgeving zijn goed vertegenwoordigd in dit rijtje van gemeenten. De omvang van het saldo wordt voor de meeste gemeenten hoofdzakelijk bepaald door oprichtingen en opheffingen, maar voor sommige gemeenten draagt ook het saldo van verplaatsingen naar en vanuit de gemeente aanzienlijk bij aan het saldo. Daarbij moet worden bedacht dat dit ook kan gaan om ZZP ers die hun ICT-bedrijf hebben geregistreerd op hun woonadres. Een verhuizing houdt dan automatisch een verplaatsing van het bedrijf in. Van het hiervoor genoemde rijtjegemeenten met een hoog positief saldo dragen verplaatsingen bijvoorbeeld aanzienlijk bij aan de toename van het aantal vestigingen in Lansingerland, Leiderdorp, Wassenaar, Zoeterwoude, Alblasserdam, Bodegraven-Reeuwijk en Noordwijk. Tabel 4.4 Oprichtingen, opheffingen en intergemeentelijke verplaatsingen van ICTbedrijven, per 1000 inwoners van jaar Oprichtingen Opheffingen Verplaatsingen vanuit Verplaatsingen naar Zuid-Holland 1,74 1,36 0,22 0,22 0,39 Saldo Rotterdam 1,13 1,13 0,14 0,12-0,03 's-gravenhage 3,11 2,56 0,26 0,27 0,55 Leiden 1,75 0,66 0,10 0,15 1,13 Delft 3,75 3,40 0,46 0,34 0,22 Dordrecht 1,46 0,89 0,04 0,18 0,71 Gouda 1,44 0,91 0,21 0,11 0,42 Alphen aan den Rijn 1,73 1,47 0,12 0,06 0,20 Gorinchem 1,91 0,78 0,17 0,13 1,08 Schiedam 0,82 0,89 0,12 0,16-0,04 Spijkenisse 0,73 0,55 0,14 0,18 0,22 Vlaardingen 0,67 0,71 0,02 0,09 0,02 Capelle aan den IJssel 1,91 1,82 0,45 0,22-0,13 Lansingerland 2,36 1,24 0,20 0,46 1,38 Goeree-Overflakkee 0,80 0,45 0,06 0,03 0,32 Barendrecht 1,69 1,27 0,36 0,55 0,62 Ridderkerk 1,21 0,83 0,21 0,24 0,41 Zwijndrecht 1,08 0,97 0,28 0,21 0,03 Zuidplas 1,70 0,88 0,33 0,41 0,88 Hellevoetsluis 0,58 0,73 0,11 0,15-0,11 Maassluis 1,34 0,76 0,14 0,05 0,48 Papendrecht 1,21 0,44 0,19 0,15 0,73 Binnenmaas 1,31 0,58 0,00 0,16 0,89 Krimpen aan den IJssel 0,56 0,50 0,06 0,06 0,06 Hendrik-Ido-Ambacht 1,47 0,79 0,68 0,40 0,40 Albrandswaard 1,48 0,37 0,43 0,25 0,92 Oud-Beijerland 1,28 0,51 0,19 0,06 0,64 tel
36 Oprichtingen Opheffingen Verplaatsingen vanuit Verplaatsingen naar Saldo Brielle 0,85 0,47 0,19 0,09 0,28 Nederlek 0,76 0,00 0,00 0,22 0,98 Westvoorne 0,56 0,56 0,22 0,11-0,11 Cromstrijen 1,42 0,59 0,24 0,24 0,83 Bernisse 0,72 0,12 0,60 0,24 0,24 Korendijk 1,26 0,00 0,00 0,00 1,26 Strijen 1,00 0,00 0,33 0,17 0,83 Ouderkerk 0,38 0,00 0,19 0,00 0,19 Zoetermeer 2,97 3,11 0,32 0,24-0,22 Westland 1,69 1,39 0,21 0,27 0,36 Leidschendam-Voorburg 2,66 2,12 0,82 0,48 0,19 Pijnacker-Nootdorp 2,15 1,74 0,47 0,79 0,73 Rijswijk 3,55 3,65 1,03 1,16 0,03 Leiderdorp 1,34 0,41 0,17 0,29 1,05 Wassenaar 2,47 1,82 0,06 0,84 1,43 Voorschoten 0,88 0,54 0,27 0,00 0,07 Oegstgeest 1,03 0,62 0,28 0,00 0,14 Midden-Delfland 1,77 1,44 0,25 0,17 0,25 Zoeterwoude 2,19 0,91 0,18 0,37 1,46 Molenwaard 0,91 0,54 0,05 0,22 0,54 Sliedrecht 1,17 1,23 0,45 0,13-0,39 Leerdam 0,89 0,74 0,07 0,00 0,07 Alblasserdam 2,02 1,09 0,34 0,92 1,51 Hardinxveld-Giessendam 1,69 0,98 0,18 0,27 0,80 Giessenlanden 0,53 0,21 0,11 0,21 0,42 Zederik 0,81 0,58 0,00 0,12 0,35 Bodegraven-Reeuwijk 2,08 0,99 0,19 0,38 1,27 Nieuwkoop 0,94 0,55 0,00 0,28 0,66 Kaag en Braassem 1,23 0,41 0,06 0,00 0,76 Waddinxveen 1,38 1,14 0,42 0,30 0,12 Rijnwoude 1,56 0,57 0,08 0,08 0,98 Boskoop 1,23 0,20 0,31 0,10 0,82 Schoonhoven 0,90 0,64 0,00 0,00 0,26 Vlist 1,11 0,32 0,00 0,00 0,79 Bergambacht 1,14 0,97 0,16 0,16 0,16 Katwijk 0,63 0,29 0,20 0,07 0,22 Teylingen 1,08 0,39 0,17 0,13 0,65 Noordwijk 1,80 0,58 0,06 0,23 1,40 Lisse 1,70 0,61 0,20 0,07 0,95 Hillegom 1,10 0,73 0,00 0,15 0,51 Noordwijkerhout 0,98 0,49 0,00 0,20 0, Midden- en kleinbedrijf Binnen de ICT is sprake van enkele grote ondernemingen, vaak met meerdere vestigingen. Dat geldt vooral voor telecombedrijven, maar ook binnen de hardwarebranche en bij sommige tel
37 softwarebedrijven. Daarnaast zijn er echter ook veel kleine en middelgrote bedrijven. Door de aard van de economische activiteiten is het, met name in de softwarebranche, ook goed mogelijk om te werken als ZZP er (Zelfstandige Zonder Personeel). In deze paragraaf wordt daarom aandacht besteed aan het relatief belang van het MKB binnen de ICT-sector in het algemeen en van ZZP ers in het bijzonder. Aantal ZZP ers In bijlage IV, tabel IV.3 staat het aantal vestigingen met één werkzame persoon. Aangenomen is dat dit representatief is voor het aantal ZZP ers 11. Een onderscheid is gemaakt naar segmenten binnen de ICT-sector. Den Haag levert in absolute zin duidelijk de meeste ZZP ers in ICT, op respectabele afstand gevolgd door Rotterdam. Daarnaast leveren ook Delft, Zoetermeer en Leiden nog een aanzienlijk aantal ZZP ers in de ICT. In tabel 4.5 staat het aantal ZZP ers per 1000 inwoners van jaar. Het overgrote deel van de ZZP ers in de ICT-sector bevindt zich in het segment ICT Software. De verschillen in relatieve vertegenwoordiging tussen de acht steden is opmerkelijk groot. In Den Haag is het aantal ZZP ers per duizend inwoners van jaar drie maal hoger dan in Rotterdam en in Delft bijna vier maal hoger. Naast Rotterdam zijn er ook in de andere twee steden in het zuidelijk deel van de provincie (Dordrecht en Gorinchem) relatief weinig ZZP ers. In de overige gemeenten zijn vooral de hoge scores in Haaglanden opvallend. In totaal komt een score boven het Zuid-Hollands gemiddelde in het stadsgewest Rotterdam en in de landelijke gebieden in Zuid-Holland slechts in 5 van de 53 gemeenten voor (Alphen a/d Rijn, Lansingerland, Barendrecht, Bodegraven-Reeuwijk en Noordwijk) en in stadgewest Den Haag/Leiden in 11 van de 14 gemeenten (waarbij de uitzonderingen niet in Haaglanden liggen, maar rond Leiden). Eerder zijn mogelijke verklaringen al genoemd: veel afgestudeerden aan de TU wonen in de regio en er is een aantal grote vestigingen, waarvan ex-medewerkers (die overwegend binnen de regio wonen) hun eigen ICTbedrijf hebben gestart. Het is een algemeen bekend verschijnsel dat de oprichters van nieuwe bedrijven meer dan gemiddeld een opleiding hebben gevolgd die in het verlengde ligt van het type activiteiten dat het bedrijf verricht en/of in een vorig bedrijf een beroep hebben uitgeoefend, waarvan zij de vakkennis kunnen inbrengen in hun nieuwe bedrijf. In de overige delen van de provincie ontbreken dergelijke grote onderwijsinstellingen en grote ICT-bedrijven die als bron van spin-offs dienst kunnen doen. Tabel 4.5 Aantal ZZP ers in ICT-sector per 1000 inwoners jaar, 2012 ICT ICT Software Telecom Totaal ICT Media Hardware Zuid-Holland 0,014 1,714 0,092 1,820 1,331 Rotterdam 0,016 0,978 0,085 1,079 1,246 's-gravenhage 0,003 3,056 0,150 3,209 2,628 Leiden 0,012 1,835 0,081 1,928 1,417 Delft 0,014 3,831 0,083 3,929 2, Hierbij moet worden opgemerkt dat het bij een vestiging met één werkzame persoon veelal om een bedrijf met de rechtsvorm eenmanszaak gaat (zie ook hoofdstuk 5), maar dat het ook om een B.V. kan gaan. Ook is het mogelijk dat een bedrijf met als rechtsvorm eenmanszaak toch personeel in dienst heeft. Hier wordt voorbijgegaan aan de rechtsvorm en aan de vraag wanneer er precies sprake is van een ZZP er en wordt gemakshalve een vestiging met één werkzame persoon aangeduid als een ZZP er. [email protected] tel
38 ICT ICT Software Telecom Totaal ICT Media Hardware Dordrecht 0,000 1,056 0,151 1,207 0,867 Gouda 0,000 1,469 0,149 1,618 1,256 Alphen aan den Rijn 0,041 2,070 0,081 2,192 1,157 Gorinchem 0,000 1,251 0,043 1,294 1,035 Schiedam 0,039 0,816 0,097 0,952 0,661 Spijkenisse 0,040 0,680 0,040 0,760 0,360 Vlaardingen 0,000 0,670 0,065 0,734 0,626 Capelle aan den IJssel 0,000 1,509 0,113 1,622 0,563 Lansingerland 0,084 1,928 0,028 2,040 1,369 Goeree-Overflakkee 0,000 0,776 0,065 0,841 0,259 Barendrecht 0,000 1,785 0,097 1,883 0,747 Ridderkerk 0,035 0,938 0,104 1,078 0,452 Zwijndrecht 0,000 0,878 0,035 0,913 0,948 Zuidplas 0,037 1,550 0,074 1,661 0,554 Hellevoetsluis 0,000 0,778 0,000 0,778 0,371 Maassluis 0,000 0,966 0,097 1,063 0,531 Papendrecht 0,000 1,367 0,147 1,514 0,733 Binnenmaas 0,054 1,017 0,054 1,124 0,589 Krimpen aan den IJssel 0,057 0,627 0,114 0,798 0,513 Hendrik-Ido-Ambacht 0,000 1,201 0,055 1,256 0,601 Albrandswaard 0,000 1,684 0,120 1,805 1,083 Oud-Beijerland 0,000 1,374 0,000 1,374 0,785 Brielle 0,000 1,033 0,000 1,033 0,563 Nederlek 0,000 0,550 0,220 0,770 0,770 Westvoorne 0,000 1,037 0,000 1,037 1,037 Cromstrijen 0,000 1,805 0,000 1,805 0,481 Bernisse 0,000 1,222 0,122 1,345 0,733 Korendijk 0,143 1,290 0,143 1,577 0,717 Strijen 0,000 0,845 0,000 0,845 0,338 Ouderkerk 0,000 0,587 0,000 0,587 1,566 Zoetermeer 0,012 2,835 0,107 2,955 1,620 Westland 0,015 1,914 0,074 2,003 1,098 Leidschendam-Voorburg 0,000 2,988 0,109 3,097 2,072 Pijnacker-Nootdorp 0,000 3,282 0,123 3,405 1,472 Rijswijk 0,000 3,198 0,200 3,398 2,698 Leiderdorp 0,000 1,406 0,000 1,406 1,230 Wassenaar 0,066 3,161 0,066 3,292 2,700 Voorschoten 0,067 0,866 0,067 0,999 1,798 Oegstgeest 0,000 1,461 0,000 1,461 1,182 Midden-Delfland 0,000 2,921 0,000 2,921 2,921 Zoeterwoude 0,000 2,031 0,185 2,215 0,923 Molenwaard 0,000 0,759 0,054 0,813 0,813 Sliedrecht 0,000 0,780 0,000 0,780 0,390 Leerdam 0,000 0,977 0,150 1,127 0,977 Alblasserdam 0,083 1,333 0,333 1,749 0,333 Hardinxveld-Giessendam 0,000 0,625 0,089 0,715 0,625 Giessenlanden 0,000 0,743 0,000 0,743 0,637 Zederik 0,000 0,693 0,000 0,693 1,270 Bodegraven-Reeuwijk 0,000 1,943 0,237 2,180 1,185 tel
39 ICT ICT Software Telecom Totaal ICT Media Hardware Nieuwkoop 0,056 1,172 0,000 1,228 0,614 Kaag en Braassem 0,059 1,237 0,000 1,296 0,707 Waddinxveen 0,000 1,646 0,061 1,707 0,671 Rijnwoude 0,000 1,162 0,083 1,245 1,162 Boskoop 0,103 1,649 0,000 1,752 1,134 Schoonhoven 0,000 0,525 0,131 0,656 1,312 Vlist 0,000 0,966 0,000 0,966 2,093 Bergambacht 0,162 1,298 0,000 1,461 0,974 Katwijk 0,000 0,733 0,024 0,757 0,733 Teylingen 0,000 1,389 0,000 1,389 1,258 Noordwijk 0,000 1,828 0,000 1,828 1,415 Lisse 0,000 1,503 0,137 1,639 0,956 Hillegom 0,074 1,252 0,074 1,399 0,589 Noordwijkerhout 0,000 1,175 0,000 1,175 0,784 Ontwikkeling ZZP ers In tabel 4.6 staat de ontwikkeling van het aantal ZZP ers in de ICT-sector in de periode Daarbij is weer een onderscheid gemaakt naar segmenten binnen de ICT. Weergegeven is de alternatieve groeimaat (de ontwikkeling van het aantal ZZP ers in de ICT, geschaald aan het gemiddeld aantal inwoners van jaar in de beschouwde periode 12 ). Tabel 4.6 Ontwikkeling ZZP ers in de ICT-sector per gemiddeld in de beschouwde periode woonachtige inwoners van jaar, ICT ICT Software Telecom Totaal ICT Media Hardware Zuid-Holland 0,00 1,41 0,04 1,45 0,95 Rotterdam 0,00 0,70 0,04 0,73 0,71 's-gravenhage -0,01 2,92 0,09 3,00 2,25 Leiden -0,01 1,48 0,04 1,51 0,99 Delft -0,04 3,35 0,01 3,32 1,54 Dordrecht 0,00 0,61 0,10 0,71 0,37 Gouda -0,02 0,97 0,06 1,01 0,91 Alphen aan den Rijn 0,02 1,51 0,06 1,59 0,66 Gorinchem 0,00 0,45 0,00 0,45 0,49 Schiedam 0,02 0,61 0,00 0,63 0,32 Spijkenisse 0,04 0,46-0,02 0,48 0,14 Vlaardingen 0,00 0,23 0,02 0,25 0,33 Capelle aan den IJssel 0,00 1,00 0,07 1,07 0,21 Lansingerland 0,10 1,98 0,03 2,11 1,38 12 In tabel 4.5 is het aantal ZZP ers bepaald ten opzichte van het aantal inwoners van jaar in 2012, in tabel 4.6 ten opzichte van het gemiddeld aantal inwoners van jaar in de volledige periode Wanneer het aantal inwoners in een gemeente sterk is toegenomen in de periode wordt in tabel 4.6 dus gedeeld door een lager getal dan in tabel 4.5 en zou, bij eenzelfde waarde voor de teller, de score in tabel 4.6 dus hoger uitkomen dan in tabel 4.5. Het aantal ZZP ers in 1996 per 1000 inwoners van jaar kan dus niet worden bepaald door de score in tabel 4.6 af te trekken van de score in tabel 4.5. tel
40 ICT ICT Software Telecom Totaal ICT Media Hardware Goeree-Overflakkee 0,00 0,36 0,00 0,36 0,10 Barendrecht 0,00 2,25 0,09 2,33 0,86 Ridderkerk 0,00 0,66 0,07 0,72 0,03 Zwijndrecht 0,00 0,34-0,10 0,24 0,64 Zuidplas 0,04 1,30 0,04 1,38 0,50 Hellevoetsluis 0,00 0,57-0,08 0,50 0,08 Maassluis 0,00 0,68 0,00 0,68 0,23 Papendrecht 0,00 0,79 0,10 0,89 0,25 Binnenmaas 0,05 0,69-0,05 0,69 0,32 Krimpen aan den IJssel 0,05 0,22 0,11 0,38 0,00 Hendrik-Ido-Ambacht 0,00 1,12-0,06 1,06 0,62 Albrandswaard 0,00 1,78 0,07 1,86 1,04 Oud-Beijerland 0,00 0,61 0,00 0,61 0,47 Brielle -0,09 0,83 0,00 0,73 0,55 Nederlek 0,00 0,31 0,21 0,52 0,21 Westvoorne 0,00 0,78 0,00 0,78 0,67 Cromstrijen -0,12 1,40 0,00 1,29 0,23 Bernisse 0,00 1,17 0,12 1,29 0,12 Korendijk 0,14 0,86 0,14 1,14 0,71 Strijen 0,00 0,17 0,00 0,17 0,00 Ouderkerk 0,00 0,56 0,00 0,56 1,31 Zoetermeer 0,00 2,57 0,09 2,66 1,44 Westland -0,02 1,82 0,02 1,82 0,89 Leidschendam-Voorburg 0,00 2,51 0,07 2,58 1,43 Pijnacker-Nootdorp -0,04 3,85 0,16 3,96 1,61 Rijswijk 0,00 2,69 0,11 2,79 2,37 Leiderdorp 0,00 0,78-0,06 0,72 1,08 Wassenaar 0,06 2,79 0,00 2,85 2,09 Voorschoten 0,07 0,47 0,07 0,60 1,40 Oegstgeest 0,00 1,18 0,00 1,18 0,96 Midden-Delfland 0,00 2,85 0,00 2,85 2,94 Zoeterwoude 0,00 1,75 0,18 1,93 0,70 Molenwaard -0,05 0,33-0,05 0,22 0,38 Sliedrecht 0,00 0,45 0,00 0,45 0,19 Leerdam 0,00 0,67 0,00 0,67 0,59 Alblasserdam 0,08 0,68 0,25 1,02 0,00 Hardinxveld-Giessendam 0,00 0,44 0,00 0,44 0,53 Giessenlanden 0,00 0,73 0,00 0,73 0,00 Zederik 0,00 0,23 0,00 0,23 0,46 Bodegraven-Reeuwijk 0,00 1,68 0,09 1,78 0,79 Nieuwkoop 0,05 0,92 0,00 0,97 0,05 Kaag en Braassem 0,06 0,99 0,00 1,05 0,70 Waddinxveen 0,00 1,23 0,06 1,29 0,47 Rijnwoude 0,00 0,86 0,00 0,86 0,63 Boskoop 0,00 1,30 0,00 1,30 0,60 Schoonhoven 0,00 0,50 0,13 0,63 0,63 Vlist 0,00 0,94-0,16 0,78 2,04 Bergambacht 0,16 1,28 0,00 1,45 0,80 Katwijk 0,00 0,68 0,00 0,68 0,65 Teylingen 0,00 1,23-0,05 1,18 0,91 tel
41 ICT ICT Software Telecom Totaal ICT Media Hardware Noordwijk 0,00 1,44-0,06 1,38 1,09 Lisse 0,00 1,28 0,13 1,42 0,61 Hillegom 0,07 0,88 0,00 0,96 0,15 Noordwijkerhout 0,00 0,97 0,00 0,97 0,68 Aangezien het aantal ZZP ers in de ICT-sector in de periode zeer sterk is toegenomen (vooral in ICT Software) vertonen de scores in tabel 4.5 en tabel 4.6 ongeveer hetzelfde patroon. Om niet in herhaling van zetten te vervallen, gaat daarom de aandacht nu niet uit naar hoge, maar naar lage scores. Als grens is de (zeer lage) score van 0,5 voor de totale ICT-sector gehanteerd. Slechts één stad blijft onder die grens, namelijk Gorinchem. In stadsgewest Rotterdam geldt dat voor Spijkenisse, Vlaardingen, Goeree-Overflakkee, Zwijndracht, Hellevoetsluis, Krimpen a/d IJssel en Strijen en in het landelijk gebied voor Molenwaard, Sliedrecht, Hardinxveld- Giessendam en Zederik. Wordt de ondergrens opgetrokken naar de helft van het Zuid-Hollands gemiddelde (0,72 of lager) dan voegt Dordrecht zich hierbij. In de suburbane delen van Rotterdam zijn er 14 (van de 26) gemeenten met een score van minder dan de helft van het Zuid- Hollands gemiddelde, in de suburbane delen van Den Haag/Leiden 2 (van de 11; beide bij Leiden) en in het landelijk gebied 7 (van de 22). Ruim benedengemiddelde groei in het aantal ZZP ers in ICT kenden vooral gemeenten rond Rotterdam en aan de zuidzijde van de provincie (het gebied ten zuiden van een denkbeeldige lijn ter hoogte van Rotterdam-Noord; zie figuur 4.4). Haaglanden vormt binnen Zuid-Holland ook naar deze indicator gemeten de top. Figuur 4.4 Ontwikkeling ZZP ers in ICT per 1000 gemiddeld woonachtige inwoners jaar, Score of meer tot tot minder dan [email protected] tel
42 Midden- en kleinbedrijf (MKB) In tabel 4.7 staat het aandeel van het aantal arbeidsplaatsen in het MKB in het totaal aantal arbeidsplaatsen 13. Ruim de helft van de banen bevindt zich in vestigingen met minder dan 100 arbeidsplaatsen. In ICT Software is dat aandeel hoger, in ICT Hardware en Telecom lager. In veel gemeenten is er geen enkele vestiging met 100 arbeidsplaatsen of meer. Het percentage MKB is dan 100%. Dat geldt vooral voor de kleinere gemeenten. Uitzonderingen daarop zijn Nederlek, Voorschoten, Zoeterwoude en Bodegraven-Reeuwijk. Van de steden en overige grotere gemeenten is het aandeel van het MKB zeer laag (en van grotere bedrijven dus hoog) in Den Haag, Gouda en Zoetermeer en in iets mindere mate in Delft, Gorinchem en Rijswijk. In slechts 10 van de 67 gemeenten is het aandeel van het MKB lager dan het provinciaal gemiddelde. Dat betekent dus dat grote bedrijven in een klein aantal gemeenten zijn geconcentreerd. Tabel 4.7 Aantal arbeidsplaatsen MKB in totaal aantal arbeidsplaatsen in het MKB in de ICT-sector, 2012 ICT ICT Software Telecom Totaal ICT Media Hardware Zuid-Holland 34,8% 65,7% 37,9% 55,2% 78,1% Rotterdam 51,6% 61,9% 57,2% 60,6% 66,1% 's-gravenhage 4,5% 76,6% 9,6% 32,4% 73,3% Leiden 100,0% 58,3% 100,0% 62,5% 83,1% Delft 20,9% 59,9% 53,4% 52,9% 100,0% Dordrecht 22,9% 88,1% 100,0% 68,9% 55,9% Gouda 100,0% 26,4% 52,9% 34,5% 100,0% Alphen aan den Rijn 100,0% 73,9% 100,0% 80,3% 61,3% Gorinchem 56,9% 42,2% 52,3% 100,0% Schiedam 79,2% 100,0% 100,0% 94,3% 100,0% Spijkenisse 100,0% 100,0% 100,0% 100,0% 100,0% Vlaardingen 32,7% 100,0% 100,0% 89,3% 100,0% Capelle aan den IJssel 100,0% 80,7% 30,4% 63,5% 46,5% Lansingerland 100,0% 75,7% 62,2% 69,9% 100,0% Goeree-Overflakkee 100,0% 100,0% 100,0% 100,0% 100,0% Barendrecht 100,0% 79,9% 92,6% 82,9% 100,0% Ridderkerk 100,0% 57,9% 100,0% 74,1% 100,0% Zwijndrecht 100,0% 100,0% 100,0% 100,0% 100,0% Zuidplas 100,0% 100,0% 100,0% 100,0% 100,0% Hellevoetsluis 100,0% 100,0% 100,0% 100,0% Maassluis 100,0% 100,0% 100,0% 100,0% 100,0% Papendrecht 100,0% 100,0% 100,0% 100,0% 100,0% Binnenmaas 100,0% 100,0% 100,0% 100,0% 100,0% Krimpen aan den IJssel 100,0% 100,0% 100,0% 100,0% 100,0% Hendrik-Ido-Ambacht 100,0% 100,0% 100,0% 100,0% Albrandswaard 100,0% 100,0% 100,0% 100,0% 100,0% Oud-Beijerland 100,0% 100,0% 100,0% 100,0% 100,0% Brielle 100,0% 100,0% 100,0% 100,0% Nederlek 0,0% 100,0% 100,0% 21,8% 100,0% Westvoorne 100,0% 100,0% 100,0% 100,0% 100,0% 13 De grens is hier gelegd bij 100 arbeidsplaatsen. Soms wordt de grens ook gelegd bij 250 arbeidsplaatsen. tel
43 ICT ICT Software Telecom Totaal ICT Media Hardware Cromstrijen 100,0% 100,0% 100,0% 100,0% 100,0% Bernisse 100,0% 100,0% 100,0% 100,0% 100,0% Korendijk 100,0% 100,0% 100,0% 100,0% 100,0% Strijen 100,0% 100,0% 100,0% 100,0% 100,0% Ouderkerk 100,0% 100,0% 100,0% Zoetermeer 10,0% 32,7% 36,4% 29,3% 91,9% Westland 7,9% 100,0% 58,4% 64,5% 100,0% Leidschendam-Voorburg 100,0% 70,5% 96,4% 72,6% 100,0% Pijnacker-Nootdorp 100,0% 100,0% 100,0% 100,0% 100,0% Rijswijk 32,0% 56,6% 52,7% 54,9% 66,7% Leiderdorp 100,0% 100,0% 100,0% 100,0% 100,0% Wassenaar 100,0% 100,0% 100,0% 100,0% 100,0% Voorschoten 1,6% 100,0% 100,0% 42,6% 100,0% Oegstgeest 100,0% 100,0% 100,0% 100,0% 100,0% Midden-Delfland 100,0% 100,0% 100,0% Zoeterwoude 100,0% 7,3% 100,0% 28,6% 100,0% Molenwaard 100,0% 100,0% 100,0% 100,0% 100,0% Sliedrecht 100,0% 71,3% 84,1% 76,0% 100,0% Leerdam 100,0% 100,0% 100,0% 100,0% 100,0% Alblasserdam 100,0% 100,0% 100,0% 100,0% 100,0% Hardinxveld-Giessendam 82,6% 100,0% 83,9% 100,0% Giessenlanden 100,0% 100,0% 100,0% 100,0% Zederik 100,0% 100,0% 100,0% 100,0% Bodegraven-Reeuwijk 100,0% 40,5% 34,0% 40,2% 100,0% Nieuwkoop 100,0% 100,0% 100,0% 100,0% 100,0% Kaag en Braassem 100,0% 100,0% 100,0% 100,0% 100,0% Waddinxveen 0,0% 100,0% 100,0% 70,1% 100,0% Rijnwoude 100,0% 100,0% 100,0% 100,0% Boskoop 100,0% 100,0% 100,0% 100,0% Schoonhoven 100,0% 100,0% 100,0% 100,0% 100,0% Vlist 100,0% 100,0% 100,0% 100,0% Bergambacht 100,0% 100,0% 100,0% 100,0% Katwijk 100,0% 100,0% 100,0% 100,0% 100,0% Teylingen 100,0% 100,0% 100,0% 100,0% 100,0% Noordwijk 25,3% 100,0% 100,0% 66,1% 100,0% Lisse 100,0% 37,2% 100,0% 75,0% 21,5% Hillegom 100,0% 100,0% 100,0% 100,0% 100,0% Noordwijkerhout 100,0% 100,0% 100,0% In tabel 4.8 staat de ontwikkeling van het aandeel van het MKB binnen het totaal aantal arbeidsplaatsen in de ICT-sector in de periode Daarbij is weer een onderscheid gemaakt naar segmenten binnen de ICT. Weergegeven is de verandering in het aandeel tussen 1996 en 2012 (in %-punten). In de periode is het aandeel van ICT toegenomen met 15.6 %-punten (van 39.6% naar 55.2%). In de afzonderlijke segmenten was de toename lager. Dat de toename voor de totale ICT-sector hoger is geweest dan voor elk individueel segment, hangt samen met het feit dat het aandeel van ICT software (met een hoog aandeel van het MKB) binnen de totale ICT-sector sterk is toegenomen. In veel gemeenten is het aandeel van het MKB gelijk gebleven (namelijk 100%: in die gemeenten was zowel in 1996 als in 2012 geen enkel groot bedrijf gevestigd) of toegenomen. In de steden tel
44 was die toename het hoogst in Rotterdam en Leiden. Naast de steden Gouda en Leiden is het aandeel van het MKB nog in 6 andere gemeenten afgenomen, namelijk in Lansingerland, Ridderkerk, Nederlek, Leidschendam-Voorburg, Zoeterwoude en Noordwijk. Tabel 4.8 Ontwikkeling aandeel arbeidsplaatsen in het MKB in de ICT-sector, ICT ICT Software Telecom Totaal ICT Media Hardware Zuid-Holland 9,4% 14,4% 7,5% 15,6% 3,6% Rotterdam -12,4% 25,8% 33,6% 28,5% -9,6% 's-gravenhage -1,4% 36,7% -1,3% 12,3% 4,4% Leiden 88,4% 12,7% 46,6% 25,2% -6,9% Delft 0,0% 3,5% 39,1% 19,3% 0,0% Dordrecht 1,8% 7,4% 48,0% 19,4% -2,7% Gouda 0,0% -11,2% -47,1% -9,4% 0,0% Alphen aan den Rijn 0,0% 2,7% 0,0% 0,5% -38,7% Gorinchem -36,8% 3,6% -14,5% 0,0% Schiedam 59,3% 0,0% 0,0% 27,8% 0,0% Spijkenisse 66,9% 0,0% 49,5% 0,0% Vlaardingen -67,3% 0,0% 49,4% 13,9% 0,0% Capelle aan den IJssel 0,0% 0,9% -0,4% 3,7% 0,1% Lansingerland 0,0% -3,0% -37,8% -19,9% 0,0% Goeree-Overflakkee 0,0% 0,0% 0,0% 0,0% 0,0% Barendrecht 0,0% -20,1% 16,2% 3,1% 0,0% Ridderkerk 0,0% -25,5% 0,0% -17,0% 12,7% Zwijndrecht 0,0% 0,0% 0,0% 0,0% 0,0% Zuidplas 0,0% 0,0% 73,0% 45,8% 0,0% Hellevoetsluis 0,0% 0,0% 0,0% 0,0% Maassluis 0,0% 0,0% 0,0% 0,0% 0,0% Papendrecht 0,0% 0,0% 0,0% 0,0% 0,0% Binnenmaas 0,0% 57,1% 14,3% 0,0% Krimpen aan den IJssel 0,0% 0,0% 0,0% 0,0% 0,0% Hendrik-Ido-Ambacht 0,0% 0,0% 0,0% 0,0% Albrandswaard 0,0% 0,0% 0,0% 0,0% Oud-Beijerland 0,0% 0,0% 0,0% 0,0% 0,0% Brielle 0,0% 0,0% 0,0% 0,0% Nederlek 0,0% 0,0% -78,2% 0,0% Westvoorne 0,0% 0,0% 0,0% 0,0% Cromstrijen 0,0% 0,0% 0,0% 0,0% 0,0% Bernisse 0,0% 0,0% 0,0% 0,0% Korendijk 0,0% 0,0% 0,0% 0,0% Strijen 0,0% 0,0% 0,0% 0,0% Ouderkerk 0,0% 0,0% 0,0% Zoetermeer 8,9% 0,5% -28,6% 4,4% -8,1% Westland -21,0% 0,0% -24,0% 3,6% 0,0% Leidschendam-Voorburg 0,0% -15,9% -3,6% -20,0% 0,0% Pijnacker-Nootdorp 0,0% 0,0% 0,0% 0,0% 0,0% Rijswijk 11,6% 17,8% 41,9% 28,4% 31,7% Leiderdorp 0,0% 0,0% 0,0% 0,0% 0,0% Wassenaar 0,0% 0,0% 0,0% 0,0% [email protected] tel
45 ICT ICT Software Telecom Totaal ICT Media Hardware Voorschoten 1,6% 0,0% 0,0% 14,5% 0,0% Oegstgeest 0,0% 0,0% 0,0% 0,0% Midden-Delfland 0,0% 0,0% 0,0% Zoeterwoude -38,3% 0,0% -29,1% 95,2% Molenwaard 0,0% 0,0% 0,0% 0,0% 0,0% Sliedrecht 100,0% 19,6% -15,9% 38,4% 0,0% Leerdam 0,0% 0,0% 0,0% 0,0% 0,0% Alblasserdam 0,0% 0,0% 0,0% 0,0% Hardinxveld-Giessendam -17,4% 92,8% 38,9% 0,0% Giessenlanden 0,0% 0,0% 0,0% 0,0% Zederik 0,0% 0,0% 0,0% 0,0% Bodegraven-Reeuwijk 1,3% 13,3% 6,9% 69,0% Nieuwkoop 0,0% 0,0% 0,0% 0,0% 0,0% Kaag en Braassem 0,0% 0,0% 0,0% 0,0% Waddinxveen 0,0% 0,0% 0,0% 18,7% 0,0% Rijnwoude 0,0% 0,0% 0,0% 0,0% Boskoop 0,0% 0,0% 0,0% 0,0% Schoonhoven 0,0% 0,0% 0,0% 0,0% 0,0% Vlist 0,0% 0,0% 0,0% 0,0% Bergambacht 0,0% 0,0% 0,0% 0,0% Katwijk 0,0% 0,0% 0,0% 0,0% 0,0% Teylingen 0,0% 0,0% 0,0% 0,0% 0,0% Noordwijk -74,7% 0,0% 0,0% -33,9% 0,0% Lisse 0,0% -3,5% 0,0% 2,3% 3,9% Hillegom 0,0% 0,0% 0,0% 0,0% Noordwijkerhout 0,0% 0,0% 0,0% tel
46 5 Bedrijfseconomische gegevens Over bedrijfseconomische gegevens zoals omzet, winst en export zijn geen gegevens op gemeentelijk niveau beschikbaar. Ook zijn slechts incidenteel gegevens beschikbaar over de huidige stand van zaken. Wel levert het CBS gegevens over ontwikkelingen in bedrijfseconomische gegevens. Naast omzet, winst en export betreft dit ook nog een aantal andere indicatoren. Het CBS levert daarbij ook informatie over verwachtingen. Het meest recente tijdstip waarvoor gegevens op regionaal niveau beschikbaar zijn is het eerste kwartaal van Dat zijn dus zeer recente gegevens Het sectorniveau is vrij grofmazig. Een gelukkige omstandigheid is dat de brede sector Informatie en communicatie in vrij sterke mate overeenkomt met de ICT-sector. De gegevens zijn beschikbaar voor provincies en Kamer van Koophandelgebieden (waaronder de twee grote Kamergebieden in Zuid-Holland, namelijk Rotterdam en Den Haag). Voor het vierde kwartaal van 2012 zijn voor Nederland, Zuid-Holland, KvK Rotterdam en KvK Den Haag ook gegevens beschikbaar over de verwachte ontwikkelingen in In paragraaf 5.2 wordt aandacht besteed aan de bedrijfseconomische ontwikkelingen. Eerst wordt echter zicht gegeven op beschikbare informatie over de rechtsvorm van ICT-bedrijven en over de mate waarin sprake is van buitenlandse zeggenschap over ICT-bedrijven (zie paragraaf 5.1). 5.1 Rechtsvorm en buitenlandse zeggenschap Rechtsvorm van ICT-bedrijven Via het CBS zijn er, op het niveau van provincies en zes regio s binnen Zuid-Holland, (COROPgebieden) voor de jaren 2010, 2011 en 2012, gegevens beschikbaar over de onderverdeling van de vestigingen naar rechtsvorm (eenmanszaak, VOF/CV/maatschap en NV s/bv s). In tabel 5.1 staat het aantal vestigingen onderverdeeld naar rechtsvorm, zowel in absolute aantallen als per 1000 inwoners van jaar. Tabel 5.1 Aantal vestigingen in de ICT naar rechtsvorm, 2012 Gebied Totaal Eenmanszaken VOF, CV en maatschap NV's en BV's Overige rechtsvormen Absolute aantallen Nederland Zuid-Holland Aggl. Leiden en Bollenstreek Agglomeratie 's-gravenhage Delft en Westland Oost Zuid-Holland Groot-Rijnmond Zuidoost Zuid-Holland Per 1000 inwoners jaar Nederland 5,89 3,59 0,57 1,60 0,13 Zuid-Holland 5,57 3,33 0,52 1,59 0,12 Aggl. Leiden en Bollenstreek 5,61 3,39 0,51 1,59 0,13 Agglomeratie 's-gravenhage 6,32 3,86 0,52 1,77 0,16 Delft en Westland 6,70 3,90 0,73 2,01 0,10 Oost Zuid-Holland 5,79 3,26 0,62 1,78 0,10 Groot-Rijnmond 5,17 3,12 0,49 1,45 0,11 Zuidoost Zuid-Holland 4,53 2,61 0,48 1,35 0,08 Bron: CBS [email protected] tel
47 In Nederland heeft 60.9% van de vestigingen in de ICT de rechtsvorm eenmanszaak 14 en 27.2% de rechtsvorm NV of BV. In Zuid-Holland zijn de aandelen vrijwel gelijk, met een iets groter aandeel voor NV s en BV s. In totaal zijn er de meeste vestigingen in ICT per 1000 inwoners van jaar in Delft en Westland en Agglomeratie Den Haag en de minste in Zuidoost Zuid- Holland en Groot-Rijnmond. Dit is het inmiddels bekende patroon van hoge scores in Haaglanden, lage in het zuidelijk deel van de provincie en een positie daartussen voor Leiden en Bollenstreek en Oost Zuid-Holland. De aandelen van de rechtsvormen in het totaal vertonen geen grote regionale verschillen. Eenmanszaken nemen een iets groter aandeel in binnen het totaal van de vestigingen in Leiden en Bollenstreek en de twee grootstedelijke regio s en een wat lager aandeel dan gemiddeld in Oost Zuid-Holland, Zuidoost Zuid-Holland en Delft en Westland. In figuur 5.1 staat de ontwikkeling van het aantal eenmanszaken tussen 2010 en In Zuid- Holland lag de groei iets onder het nationaal gemiddelde, namelijk op ongeveer 10% per jaar. De toename van het aantal eenmanszaken is het laagst geweest in de twee grootstedelijke gebieden en lag boven het nationaal gemiddelde in Agglomeratie Leiden en Bollenstreek en Zuidoost Zuid- Holland. In Zuidoost Zuid-Holland betreft dit overigens groei vanaf een lage basis, want het aantal eenmanszaken lag in 2012 nog onder het nationaal gemiddelde (zie tabel 5.1). Figuur 5.1 Procentuele toename aantal eenmanszaken in ICT, 2012 ten opzichte van 2010 % per jaar Nederland Zuid-Holland Agglomeratie Leiden en Bollenstreek Agglomeratie 's-gravenhage Delft en Westland Oost-Zuid-Holland Groot-Rijnmond Zuidoost-Zuid-Holland 0% 5% 10% 15% Buitenlandse zeggenschap Voor het jaar 2010 is voor de sector informatie en communicatie een eenmalige meting door het CBS beschikbaar van het aantal vestigingen waarvoor de zeggenschap in het buitenland berust (op het niveau van de provincies in Nederland en voor zes regio s binnen Zuid-Holland). In figuur 5.2 staan de aandelen van de vestigingen die vallen onder buitenlandse zeggenschap. Slechts een klein deel van de vestigingen valt onder buitenlandse zeggenschap. Daarbij passen twee kanttekeningen. Ten eerste zijn gegevens over het segment ICT productie niet meegenomen in deze cijfers. Daar ligt het aandeel van buitenlandse zeggenschap mogelijk hoger. Ten tweede gaat het hier over het aandeel van het aantal vestigingen. In termen van het aantal arbeidsplaatsen zijn de aandelen waarschijnlijk hoger, omdat vestigingen met buitenlandse zeggenschap gemiddeld relatief groot zijn. In Zuid-Holland ligt het aandeel vestigingen iets onder het nationaal gemiddelde. Met name in Delft is het aandeel laag, mogelijk omdat daar relatief veel vestigingen zijn opgericht door afgestudeerden van de TU. 14 Zoals ook al geconstateerd in hoofdstuk 4: dat behoeven overigens niet altijd vestigingen met 1 werkzame persoon te zijn. In een eenmanszaak kan ook sprake zijn van personeel in dienst. En in een BV kan sprake zijn van 1 werkzame persoon. [email protected] tel
48 Figuur 5.2 Aandeel vestigingen met buitenlandse zeggenschap, 2010 Nederland Zuid-Holland Agglomeratie Leiden en Bollenstreek Agglomeratie 's-gravenhage Delft en Westland Oost-Zuid-Holland Groot-Rijnmond Zuidoost-Zuid-Holland 0.0% 0.5% 1.0% 1.5% 2.0% 2.5% Bron: CBS 5.2 Bedrijfseconomische gegevens In figuur 5.3 staan gegevens over de bedrijfseconomische ontwikkeling en de verwachtingen daaromtrent. Deze gegevens zijn ontleend aan de COnjunctuurEnquête Nederland (COEN), een gezamenlijk initiatief van de Kamer van Koophandel en het CBS. Er zijn twee typen gegevens, namelijk gerealiseerde ontwikkelingen in een recente periode (het meest recente kwartaal of het meest recente jaar) en verwachtingen omtrent toekomstige ontwikkelingen (het komende kwartaal en/of jaar). Met behulp van pijlen is aangegeven of indicatoren betrekking hebben op gerealiseerde ontwikkelingen (een naar links wijzende pijl) of te verwachten ontwikkelingen (een naar rechts wijzende pijl), met een onderscheid of het om kwartaalcijfers gaat (een korte pijl) of om jaarcijfers (een lange pijl). Een beoordeling van de huidige situatie is aangegeven met een stip. Weergegeven zijn resultaten voor Nederland, Zuid-Holland en twee Kamer van Koophandelgebieden in Zuid-Holland. Wanneer positieve oordelen overheersen liggen de stippen in het blauwe deel van de figuur, wanneer negatieve oordelen overheersen, liggen de stippen in het witte deel van de figuur. Weergegeven zijn de volgende indicatoren: De productie in het afgelopen kwartaal en in het komende kwartaal De omzet in het afgelopen kwartaal, in het komende kwartaal en in 2013 De buitenlandse omzet (export) in het afgelopen kwartaal, in het komende kwartaal en in 2013 De verkoopprijzen in het komende kwartaal De waarde van de orderontvangst in het afgelopen kwartaal en in de te plaatsen orders in het komende kwartaal Het oordeel over de huidige orderpositie (dit is een standgegeven) Het oordeel over de huidige buitenlandse orderpositie (dit is een standgegeven) Het aantal personeelsleden in het afgelopen kwartaal, in het komende kwartaal en in het komende jaar. De investeringen in het afgelopen jaar en in het komende jaar. Een oordeel over de concurrentiepositie, met een onderscheid naar de Nederlandse markt, de buitenlandse markt binnen de EU en de buitenlandse markt buiten de EU. Een oordeel over het economisch klimaat in het afgelopen kwartaal en in het komende kwartaal. De winstgevendheid in het afgelopen kwartaal. tel
49 Figuur 5.3 Resultaten conjunctuurenquête Nederland (COEN), 2013 eerste kwartaal Productie/bedrijvigheid afgelopen 3 mnd Productie/bedrijvigheid komende 3 mnd Negatief Positief Omzet afgelopen 3 maanden Omzet komende 3 maanden Omzet volgend jaar* Buitenlandse omzet afgelopen 3 maanden Buitenlandse omzet komende 3 maanden Buitenlandse omzet volgend jaar* Verkoopprijzen/tarieven komende 3 mnd Waarde orderontvangst afgelopen 3 mnd Waarde te plaatsen orders komende 3 mnd Oordeel orderpositie Oordeel buitenlandse orderpositie Personeelssterkte afgelopen 3 maanden Personeelssterkte komende 3 maanden Personeelssterkte volgend jaar* Verwachte investeringen verslagjaar Verwachte investeringen volgend jaar* Nederlandse markt Buitenlandse markt binnen de EU Buitenlandse markt buiten de EU Economisch klimaat afgelopen 3 mnd Economisch klimaat komende 3 maanden Winstgevendheid afgelopen 3 maanden *) prognose: COEN 2012, 4e kwartaal Nederland Zuid-Hollan Rotterdam Den Haag -40% -30% -20% -10% 0% 10% 20% 30% 40% Duidelijk is dat de economische laagconjunctuur ook in de ondernemersoordelen naar voren komt. Op nationaal niveau zijn de oordelen slechts relatief gunstig voor de verwachte buitenlandse omzet in 2013 en de verwachte verkoopprijzen in het komende kwartaal. Licht positief of neutraal is het oordeel over de omzetverwachtingen voor 2013, de buitenlandse omzet in de afgelopen 3 maanden, de concurrentiepositie binnen de EU en de buitenlandse concurrentiepositie buiten de EU. Blijkbaar wordt gedurende 2013 wel een duidelijke economische verbetering voorzien, want voor de omzet en de buitenlandse omzet zijn de verwachtingen aanzienlijk gunstiger dan voor het komende kwartaal. Opvallend is dat Zuid-Holland voor vrijwel alle onderscheiden indicatoren gunstiger scoort dan het nationaal gemiddelde, hoewel de verschillen veelal niet groot zijn. Uitzonderingen zijn de investeringen in het huidige jaar en de concurrentiepositie op de buitenlandse markt buiten de EU. In figuur 5.4 staat de mate waarin belemmeringen in de bedrijfsvoering worden ondervonden (een standgegeven), onderscheiden naar onvoldoende vraag, tekort aan arbeidskrachten, productiemiddelen/materiaal/ruimte en financiële beperkingen. [email protected] tel
50 Figuur 5.4 Mate waarin belemmeringen worden ondervonden, COEN 2013 eerste kwartaal Geen belemmeringen Nederland Zuid-Holland Rotterdam Den Haag Onvoldoende vraag Nederland Zuid-Holland Rotterdam Den Haag Tekort aan arbeidskrachten Nederland Zuid-Holland Rotterdam Den Haag Productiemiddelen, materiaal, ruimte Nederland Zuid-Holland Rotterdam Den Haag Financiële beperkingen Nederland Zuid-Holland Rotterdam Den Haag Van de ICT-bedrijven in Zuid-Holland geeft een iets groter deel dan het nationaal gemiddelde aan dat momenteel geen sprake is van belemmeringen in de bedrijfsvoering. Onvoldoende vraag naar producten en diensten van de ICT-bedrijven en financiële beperkingen worden in Zuid-Holland iets minder vaak genoemd dan gemiddeld in Nederland. Daarentegen wordt tekort aan personeel iets meer genoemd in Zuid-Holland. Het deel van de bedrijven dat een tekort aan arbeidskrachten als belangrijkste belemmering beschouwt voor het bedrijfsfunctioneren is overigens laag. Onvoldoende vraag is duidelijk belangrijker. Er zijn geen gegevens beschikbaar over periodes waarin sprake was van economische hoogconjunctuur (waardoor er meer kans op krapte op de arbeidsmarkt bestaat) om een vergelijking te maken. De lage score wil overigens niet zeggen dat er in het geheel geen problemen zijn om geschikte mensen te vinden. Het is echter niet de belangrijkste reden. Ook kan de situatie op de arbeidsmarkt verschillen tussen typen ICTpersoneel. Daar wordt in het volgende hoofdstuk aandacht aan besteed. [email protected] tel
51 6 Arbeidsmarkt en onderwijs In dit hoofdstuk wordt ingegaan op aspecten die samenhangen met de arbeidsmarkt voor ICT ers. Eerst wordt ingegaan op de leeftijdsverdeling van het ICT-personeel. Het vermoeden is dat ICTpersoneel gemiddeld jong is. Er zou dan dus geen probleem zijn in de zin van een omvangrijke vervangingsvraag van personen die op korte termijn met pensioen gaan ( uitstroom van de arbeidsmarkt), waarvan in sommige andere sectoren wel sprake is (zie paragraaf 6.1). Aan de andere kant van het spectrum bevindt zich de instroom op de arbeidsmarkt. Daartoe is een overzicht gemaakt van het aantal studenten dat momenteel een ICT-opleiding op MBO-, HBO- of WO-niveau volgt (zie paragraaf 6.2). Vervolgens wordt in paragraaf 6.3 ingegaan op de huidige situatie op de arbeidsmarkt voor ICT-beroepen, namelijk aan de hand van vacatures en de spanning op de arbeidsmarkt (gemeten via het aantal vacatures ten opzichte van het aantal kortdurig werklozen) 15. In paragraaf 6.4 tenslotte staat een samenvatting van de resultaten van een recent onderzoek van Bureau Louter in opdracht van het Ministerie van Economische Zaken, ten behoeve van het Nationale Techniekpact. Daarin wordt aangegeven welke arbeidsmarktperspectieven voor ICT-opleidingen worden voorzien in de komende vier jaar. 6.1 Leeftijdsopbouw werknemers ICT-sector Deze informatie is op steekproefonderzoek van het CBS gebaseerd. De steekproef is te dun om statistisch robuuste uitspraken te doen op gemeentelijk niveau. Wel kan Zuid-Holland worden vergeleken met het nationaal niveau en kan de ICT-sector worden vergeleken met andere sectoren (waarbij de aanname is dat ICT-personeel gemiddeld jong is). De ICT-sector betreft hier ICT Software en Telecom. Voor ICT Hardware zijn geen gegevens beschikbaar. In tabel 6.1 staat de gemiddelde leeftijd van het personeel in de ICT en de totale bedrijvigheid voor Nederland en Zuid-Holland. Daaruit blijkt dat de gemiddelde leeftijd vooral in ICT Software lager is dan in de totale bedrijvigheid. Voor Zuid-Holland geldt dat in nog sterkere mate dan voor Nederland. Voor Telecom is de gemiddelde leeftijd van het personeel overigens gelijk aan de totale bedrijvigheid. Tabel 6.1 Gemiddelde leeftijd personeel in ICT-sector, 2009 Sector Nederland Zuid-Holland ICT software 38,0 36,8 Telecom 40,7 40,9 Totaal ICT 38,4 37,7 Totale bedrijvigheid 40,7 40,9 In figuur 6.1 is de leeftijdsverdeling van het personeel onderscheiden naar 5-jaarsklassen. Omdat ICT-personeelsleden gemiddeld hoog zijn opgeleid (zie hoofdstuk 7) en veelal pas in de leeftijdsklasse jaar instromen op de arbeidsmarkt, is het aandeel van de leeftijdsklasse jaar in de ICT-sector lager dan in de totale bedrijvigheid, maar in alle leeftijdsklassen in de range jaar is het aandeel in ICT hoger dan in de totale bedrijvigheid. De leeftijdsverdeling 15 Van dergelijke indicatoren zijn geen gegevens beschikbaar voor ICT-opleidingen, maar slechts voor ICT-beroepen. [email protected] tel
52 maakt duidelijk dat er relatief weinig mensen op korte termijn met pensioen gaan en dat daardoor de vervangingsvraag op de arbeidsmarkt laag is in de ICT. Figuur 6.1 Leeftijdsverdeling ICT en totale bedrijvigheid, % 16% 14% 12% 10% 8% 6% 4% 2% 0% Totaal ICT Overall totaal 6.2 Studenten in ICT-opleidingen Het aantal studenten dat momenteel een ICT-gerelateerde opleiding volgt, bepaalt de instroom op de arbeidsmarkt in de komende jaren. In tabel 6.2 staan de aantallen studenten in opleidingen die vallen onder de brede opleidingstypen MBO ICT, HBO informatica en WO informatica en bestuurlijke informatiekunde, met een onderscheid tussen bachelorsopleidingen (B) en mastersopleidingen (M). In de loop der jaren is het aantal studenten in ICT-gerelateerde opleidingen gestaag toegenomen. Ongeveer de helft van de studenten volgt een HBO-opleiding. Opgemerkt moet worden dat degenen die een WO-opleiding volgen na afronden van hun studie instromen op de arbeidsmarkt, dat dit voor het grootste deel van de HBO-studenten ook geldt (waarbij een deel een WO-studie gaat volgen), maar dat met name van degenen die een MBOopleiding op niveau 4 volgen, een aanzienlijk deel doorstroomt naar het HBO en dus niet direct instroomt op de arbeidsmarkt. Zuid-Holland nam de afgelopen vijf jaar binnen Nederland steeds een aandeel in van 23 tot 24% 16. Bij wetenschappelijke opleidingen is dat aandeel wat hoger, met name op bachelorniveau. 16 Deze gegevens zijn gemeten naar de locatie waar de onderwijsinstelling staat. Een deel van de studenten zal buiten de provincie wonen. Andersom zal een deel van de inwoners van Zuid- Holland een ICT-gerelateerde opleiding volgen buiten de provincie. [email protected] tel
53 Tabel 6.2 Studenten MBO, HBO en WO ICT Nederland en Zuid-Holland Nederland MBO HBO WO Bachelor WO Master Totaal Zuid-Holland MBO HBO WO Bachelor WO Master Totaal Aandeel ZH (%) MBO 20,6 20,7 20,5 21,1 21,9 HBO 25,1 23,5 23,9 22,6 22,1 WO Bachelor 35,8 37,2 37,1 37,5 37,9 WO Master 25,4 25,2 25,4 25,9 26,0 Totaal 23,9 23,3 23,5 23,3 23,4 In tabel 6.3 staat detailinformatie over de exacte opleidingen die gevolgd worden (corresponderend met zogenaamde crebo-codes in het MBO en croho-codes in het hoger onderwijs). Uit de tabel blijkt dat het aandeel van Zuid-Holland in het nationaal totaal soms aanzienlijk hoger of lager kan zijn dan de 23 tot 24% die gemiddeld voor ICT-gerelateerde opleidingen geldt. Zo kan een aantal van de HBO- en wetenschappelijke opleidingen in Nederland slechts op een Zuid-Hollandse hogeschool of universiteit worden gevolgd (een aandeel van 100,0%), terwijl andere opleidingen in het geheel niet in Zuid-Holland kunnen worden gevolgd (een aandeel van 0,0%). Omdat studenten op MBO-niveau na hun afstuderen zelden verhuizen om werkredenen (een bereidheid die er bij universitair opgeleiden wel is, en in iets mindere mate ook bij HBO ers) en tevens veelal relatief dicht bij hun woonplaats werk zullen zoeken, zal de verdeling van MBO-opleidingen veelal meer dan in het hoger onderwijs de bevolkingsverdeling over Nederland volgen. Wat betreft het aandeel van Zuid-Holland in het nationaal totaal komen grote uitschieters bij MBO-opledingen inderdaad vrij weinig voor. 6.3 Vacatures en spanningsindicator arbeidsmarkt ICT-beroepen Aantal vacatures De huidige situatie op de arbeidsmarkt voor ICT-beroepen wordt in deze paragraaf beschreven aan de hand van het aantal vacatures en de mate van krapte op de arbeidsmarkt (via de zogenaamde spanningsindicator van het UWV). Dat gebeurt, op het niveau van Nederland, Zuid-Holland en vijf regio s binnen Zuid-Holland, voor de ICT-beroepen (programmeurs middelbaar niveau, technisch systeemanalisten hoog niveau, systeemanalisten hoog niveau en informatici wetenschappelijk niveau). Informatie voor sectoren is op regionaal niveau niet beschikbaar, vacatures voor opleidingen bestaan niet (vacatures betreffen beroepen). In tabel 6.4 staat het aantal openstaande vacatures per gebied en onderscheiden naar vier typen ICT-beroepen. Het aantal openstaande vacatures voor programmeurs (MBO-niveau) en systeemanalisten (HBO-niveau) is in absolute zin duidelijk hoger dan het aantal openstaande vacatures voor technisch systeemanalisten (HBO-niveau) en informatici (WO-niveau). Daarbij moet wel worden aangetekend dat er in de twee eerstgenoemde opleidingen aanzienlijk minder [email protected] tel
54 arbeidsplaatsen zijn dan in de twee laatstgenoemde. Per ultimo 2010 waren er in Nederland 84.5 duizend personen werkzaam als programmeur, 9.5 duizend als technisch systeemanalist, duizend als systeemanalist en 39.0 duizend als informaticus op wetenschappelijk niveau. Tabel 6.3 Studenten per ICT-opleiding Nederland en Zuid-Holland, 2012 Niveau Opleiding Nederland Zuid Holland Zuid-H. (%) MBO ICT ICT-medewerker ,9 MBO ICT ICT-medewerker ,1 MBO ICT ICT- en mediabeheer (ICT-beheerder) ,2 MBO ICT ICT-beheer (ICT-beheerder) ,6 MBO ICT applicatieontwikkelaar ,9 MBO ICT Applicatie- en mediaontwikkeling (Applicatieontwikk.) ,4 MBO ICT medewerker beheer ICT ,7 MBO ICT ICT- en mediabeheer ,6 MBO ICT Applicatie- en mediaontwikkeling (Mediadeveloper) ,4 MBO ICT ICT-beheer (Netwerkbeheerder) ,3 MBO ICT ICT-beheer ,9 MBO ICT ICT- en mediabeheer (Netwerkbeheerder) ,1 MBO ICT Applicatie- en mediaontwikkeling ,7 MBO ICT Applicatie- en mediaontwikkeling (Gamedeveloper) ,8 MBO ICT ICT- en mediabeheer ,1 MBO ICT Applicatie- en mediaontwikkeling ,6 MBO ICT medewerker ICT ,4 MBO ICT Particulier digitaal rechercheur (Part. digitaal rechercheur) ,3 MBO ICT ICT- en mediabeheer (Mediaworkflowbeheerder) ,4 HBO informatica B Informatica ,8 HBO informatica B Communication and Multimedia Design ,6 HBO informatica B Bedrijfskundige Informatica ,8 HBO informatica B Communicatiesystemen ,2 HBO informatica B Technische Informatica ,3 HBO informatica B HBO-ICT ,0 HBO informatica B Game Architecture and Design 673 0,0 HBO informatica B Netwerk Infrastructuur Design 349 0,0 HBO informatica B Grafimediatechnologie ,0 HBO informatica B Information Management 184 0,0 HBO informatica B Embedded Systems Engineering 177 0,0 HBO informatica Ad Crossmediale Communicatie ,0 HBO informatica B Information Security Management ,0 WO informatica B B Informatica ,9 WO informatica B B Technische Informatica ,2 WO informatica B B Technische Bestuurskunde ,0 WO informatica B B Informatiekunde 382 0,0 WO informatica B B Informatie, Multimedia en Management 126 0,0 WO informatica B B Informatica/Kennistechnologie/ICT 123 0,0 WO informatica B B Bedrijfsinformatietechnologie 102 0,0 WO informatica M M Mediastudies ,6 WO informatica M M Computer Science ,9 WO informatica M M Informatica 325 0,0 WO informatica M M Embedded Systems ,4 WO informatica M M Information Science 151 0,0 WO informatica M M Computer Science and Engineering 147 0,0 WO informatica M M Information Studies 123 0,0 WO informatica M M ICT in Business ,0 Opmerking: Weergegeven zijn slechts opleidingen met nationaal minstens 100 studenten. [email protected] tel
55 Per 100 arbeidsplaatsen bedroeg het aantal openstaande vacatures in het laatste kwartaal van voor programmeurs, 9.9 voor technisch systeemanalisten, 2.4 voor systeemanalisten en 2.8 voor informatici. Het aantal openstaande vacatures is in relatieve zin dus vooral voor technisch systeemanalisten zeer hoog. Voor het totaal van alle beroepen bedroeg het aantal openstaande vacatures per 1000 inwoners jaar overigens 1.3. Dat is dus ruim lager dan voor elk van de vier ICT-beroepen. Tabel 6.4 Vacatures in ICT-beroepen, vierde kwartaal 2012 Gebied Programmeurs Technisch systeemanalisten Systeemanalisten Informatici Inwoners jaar (*1.000) Aantal Nederland Per 1000 inw jaar Nederland 0,33 0,08 0,31 0, Zuid-Holland 0,26 0,07 0,24 0, Rijnmond 0,25 0,08 0,20 0, Haaglanden 0,42 0,11 0,44 0, Holland Rijnland 0,16 0,04 0,14 0, Midden-Holland 0,13 0,03 0,23 0, Gorinchem 0,13 0,09 0,17 0,04 92 Berekend per 1000 inwoners van jaar zijn er in Zuid-Holland minder vacatures voor ICTberoepen dan nationaal gemiddeld (respectievelijk 0.63 en 0.82; zo kan berekend worden uit tabel 6.4). Dat geldt voor alle vier typen ICT-beroepen. Het kleinst is het verschil tussen Zuid-Holland en Nederland voor technisch systeemanalisten. Geschaald naar het aantal inwoners zijn er duidelijk de meeste vacatures voor ICT ers in Haaglanden (1.07 per 1000 inwoners van jaar), op ruime afstand gevolgd door Rijnmond (0.59). Midden-Holland, Gorinchem en Holland Rijnland sluiten de rij met respectievelijk 0.44, 0.43 en 0.37 vacatures per 1000 inwoners jaar. In alle vier typen ICT-beroepen ligt het aantal openstaande vacatures per 1000 inwoners van jaar in Haaglanden boven het nationaal gemiddelde of is het daar gelijk aan (informatici). In de andere regio s is het relatief aantal openstaande vacatures voor elk van de vier typen ICT-beroepen lager dan het nationaal gemiddelde. Spanningsindicator Het UWV heeft een indicator voor het meten van de spanning op de arbeidsmarkt ontwikkeld. Daarbij wordt het aantal openstaande vacatures vergeleken met het aantal kortdurig werklozen (minder dan 6 maanden). Aangenomen wordt dat deze groep de kortste afstand tot de arbeidsmarkt heeft en dus de meest relevante groep is als het gaat om het invullen van vacatures. Bij een score hoger dan 1 is, aldus het UWV, sprake van een krappe arbeidsmarkt, omdat het aantal vacatures (de vraag ) hoger is dan het aantal kortdurig werklozen (het aanbod ). In figuur 6.2 staan de scores op de spanningsindicator in het laatste kwartaal van 2012 (de staafjes) en in het laatste kwartaal van 2010 (de stippen). Onderscheiden zijn de vier typen ICT-beroepen. De range van de grafieken verschilt daarbij tussen beroepen. Voor technisch systeemanalisten en informatici is sprake van een veel grotere krapte aan personeel dan voor programmeurs en vooral dan voor systeemanalisten. Veelal is de krapte op de arbeidsmarkt tussen het vierde kwartaal van 2010 en het vierde kwartaal van 2012 afgenomen, uitzonderingen daargelaten. [email protected] tel
56 In het laatste kwartaal van 2012 was de arbeidsmarkt voor systeemanalisten in Zuid-Holland zelfs vrij ruim, gemeten volgens de spanningsindicator. Vergeleken met het nationaal gemiddelde was de arbeidsmarkt in Zuid-Holland ruimer voor programmeurs en systeemanalisten en ongeveer even krap voor technisch systeemanalisten en informatici. Bij een onderscheid naar drie deelgebieden binnen Zuid-Holland (om redenen van statistische betrouwbaarheid zijn Holland Rijnland, Midden-Holland en Gorinchem samengevoegd tot Overig Zuid-Holland) resulteert de hoogste krapte veelal voor Haaglanden, met uitzondering van informatici. Figuur 6.2 Spanningsindicator naar beroep en gebied, laatste kwartaal 2010 en 2012 Nederland Programmeurs Technisch Systeemanalisten Informatici systeemanalisten Zuid-Holland Rijnmond Haaglanden Overig ZH Q4 2010Q4 Uit figuur 6.3 blijkt dat de krapte aan ICT ers tussen het eerste kwartaal van 2010 en het tweede kwartaal van 2011 eerst is toegenomen, om daarna weer af te nemen (als gevolg van de teruglopende conjunctuur). In Zuid-Holland was de ontwikkeling in de tijd vergelijkbaar met de nationale trend, maar vlakker. De sterk teruglopende economische ontwikkeling in het tweede deel van 2012 komt duidelijk in de figuur naar voren. De spanningsindicator daalt sterk, doordat het aantal vacatures (de teller) afneemt en het aantal kortdurig werklozen (de noemer) toeneemt. Figuur 6.3 Spanningsindicator laatste kwartaal 2010 en laatste kwartaal 2012, totaal voor alle vier ICT-beroepen Q1 10Q2 10Q3 10Q4 11Q1 11Q2 11Q3 11Q4 12Q1 12Q2 12Q3 12Q4 Zuid-Holland Nederland [email protected] tel
57 6.4 Arbeidsmarktperspectieven ICT-opleidingen Onlangs heeft Bureau Louter een rapport opgesteld over regionale verschillen in te verwachten ontwikkelingen op de arbeidsmarkt voor technisch opgeleiden. Daarin wordt vooruitgekeken tot Dit in tegenstelling tot de vorige paragraaf, waarin de huidige situatie centraal stond. De resultaten daarvoor kunnen afwijken van de situatie zoals die over vier jaar bestaat. Zo is de situatie in de bouw op dit moment zeer problematisch, maar zijn de perspectieven op middellange termijn zodanig dat er in delen van de bouw weer tekorten aan personeel worden verwacht. Het onderzoek van Bureau Louter 17 is uitgevoerd in opdracht van het Ministerie van Economische Zaken. Een door de opdrachtgever gestelde randvoorwaarde was dat de som over de regio s gelijk moest zijn aan nationale totalen, zoals die zijn berekend door het ROA 18. De nationale prognoses van het ROA zijn verre van optimistisch wat betreft de arbeidsmarktperspectieven voor degenen die momenteel een ICT-opleiding volgen (als zodanig zijn door Bureau Louter geselecteerd MBO ICT, HBO Informatica en WO Informatica en bestuurlijke informatiekunde). Hier wordt eerst een korte technische toelichting gegeven bij de onderzoeksmethodiek en wordt vervolgens ingegaan op de resultaten. Technische toelichting Kader: Arbeidsmarktsystematiek van het ROA Het ROA analyseert ontwikkelingen op de arbeidsmarkt aan de hand van de volgende componenten: Uitbreidingsvraag: de vraag naar nieuwe arbeidskrachten door groei van de werkgelegenheid. Als er sprake is van een werkgelegenheidsdaling, is de uitbreidingsvraag negatief. Uitstroom: degenen die terugtreden van de arbeidsmarkt als gevolg van pensioen, arbeidsongeschiktheid of (al dan niet tijdelijk) terugtrekken van de arbeidsmarkt. Ook kan uitstroom vanuit een opleidingstype ontstaan wanneer arbeidskrachten door niveauverhogende of richtingveranderende scholing aanvullende kwalificaties weten te verwerven. Vervangingsvraag: de vraag naar nieuwe arbeidskrachten als gevolg van uitstroom. Vertrek van werkenden dat niet leidt tot vraag naar nieuwkomers uit hetzelfde opleidingstype wordt niet gerekend tot de vervangingsvraag. Bij een negatieve uitbreidingsvraag zal de vervangingsvraag daarom lager zijn dan de uitstroom. Baanopeningen: de totale vraag naar nieuwkomers op de arbeidsmarkt, zoals deze is bepaald door de werkgelegenheidsgroei (positieve uitbreidingsvraag) en de vervangingsvraag. Arbeidsmarktinstroom (van schoolverlaters): Het aanbod van nieuwe arbeidskrachten op de arbeidsmarkt, zoals deze is bepaald door de verwachte uitstroom van schoolverlaters uit het initiële dagonderwijs, de schoolverlaters van het niet-reguliere voltijdsonderwijs en de beroepsgerichte volwasseneneducatie. Daarbij wordt de benaming schoolverlater ook gehanteerd voor de afgestudeerden van het hoger onderwijs. Indicator Toekomstig Arbeidsmarktperspectief (ITA): De ITA geeft de verhouding weer tussen enerzijds het aanbod, bestaande uit de verwachte arbeidsmarktinstroom van schoolverlaters en het aantal kortdurig werklozen en anderzijds de vraag, bestaande uit de verwachte uitbreidingsvraag, vervangingsvraag en passieve substitutievraag. Deze substitutievraag is, aldus ROA: de additionele vraag vanwege tekorten aan mensen met een enigszins verwante opleidingsachtergrond, of de daling van de vraag omdat men van de arbeidsmarkt verdrongen wordt door mensen met een verwante (hogere) opleiding. Naarmate de waarde van de indicator hoger is, wordt het perspectief slechter vanuit het perspectief van schoolverlaters Bureau Louter (mei 2013) De regionale arbeidsmarkt voor technici tot In opdracht van het Ministerie van Economische Zaken, ten behoeve van het Nationaal Techniekpact ROA (2011) De arbeidsmarkt naar opleiding en beroep tot [email protected] tel
58 Om vraag en aanbod op de arbeidsmarkt te bepalen is aangesloten bij het type systematiek dat is ontwikkeld door het ROA (zie het kader voor een beschrijving van de systematiek van het ROA op hoofdlijnen). Eens in de twee jaar geeft het ROA een beeld van de nationale confrontatie van vraag en aanbod op de arbeidsmarkt in de publicatie De arbeidsmarkt naar opleiding en beroep. Daarin wordt een aantal jaar vooruitgekeken. In het meest recente onderzoek was dat voor de periode Zoals uit het kader blijkt is voor een confrontatie van vraag en aanbod informatie nodig over de uitbreidingsvraag, de vervangingsvraag en de instroom op de arbeidsmarkt (de schoolverlaters), de kortdurige werkloosheid en de passieve substitutievraag. Voor alle componenten zijn regiospecifieke berekeningen gemaakt. De ITA, het arbeidsmarktperspectief voor schoolverlaters staat in figuur 6.4. De score is bepaald als percentage ten opzichte van evenwicht tussen vraag en aanbod. In de figuur zijn tevens de componenten weergegeven waaruit de ITA is opgebouwd. Die zijn weergegeven in procenten in afwijking van de evenwichtssituatie. Alle scores hebben betrekking op een periode van zes jaar ( ). De ITA is door ROA zodanig bepaald dat het arbeidsmarktperspectief vanuit de optiek van schoolverlaters gunstiger is naarmate de score op de ITA sterker negatief is. Van de componenten draagt de uitstroom daarom altijd negatief bij aan de ITA (dus: gunstig voor het arbeidsmarktperspectief) en dragen de instroom en de kortdurige werkloosheid altijd positief bij (dus: ongunstig voor het arbeidsmarktperspectief). Voor de uitbreidingsvraag en voor de passieve substitutievraag kan zowel sprake zijn van een positieve als een negatieve bijdrage. Bij de ITAscores gaat het om het totaal over zes jaar. Er is sprake van verschillen in arbeidsmarktperspectief naar opleidingsniveau. De onderverdeling in componenten geeft aan wat de oorzaken van de verschillen zijn. Aan de componenten uitbreidingsvraag, uitstroom en instroom zijn toegevoegd het percentage kortdurig werklozen en de passieve substitutievraag. Zoals in het kader is toegelicht worden in de door het ROA geformuleerde ITA kortdurig werklozen beschouwd als concurrenten van de schoolverlaters. Wanneer de passieve substitutievraag negatief is, zal er sprake zijn van een afname van de vraag omdat men van de arbeidsmarkt verdrongen wordt door mensen met een verwante (hogere) opleiding. Figuur 6.4 ITA en uitsplitsing componenten voor drie ICT-opleidingen Nederland ITA Componenten (%) WP MBO ICT HBO informatica WO informatica, best. inf. Zuid-Holland MBO ICT HBO informatica WO informatica, best. inf. Uitbreidingsvraag Uitstroom Instroom % kortdurig werklozen (schatting) Substitutievraag (schatting) Bron: Bureau Louter (mei 2013) De regionale arbeidsmarkt voor technici tot In opdracht van het Ministerie van Economische Zaken, ten behoeve van het Nationaal Techniekpact [email protected] tel
59 Uit figuur 6.4 komt een beeld naar voren van zeer ongunstige arbeidsmarktperspectieven voor degenen die op dit moment een ICT-opleiding volgt. Dat geldt vooral voor MBO ICT. Uit de uitsplitsing in componenten blijkt dat dit het gevolg is van een lage uitstroom. Zoals uit figuur 6.1 blijkt zijn er in de ICT-sector relatief zeer weinig 55-plussers werkzaam. Ook voor degenen met een ICT-opleiding geldt dat het aandeel van degenen die voor 2017 met pensioen gaan zeer laag is. In andere opleidingstypen (bijvoorbeeld in delen van de techniek en het onderwijs) is het aandeel ouderen in de beroepsbevolking veel hoger en is er dus veel meer vraag naar personeel als gevolg van vervanging van uitstromend personeel. Daarnaast zijn er relatief zeer veel jongeren die momenteel een ICT-opleiding volgen. De ICT is jarenlang een groeisector geweest en jongeren zijn geneigd om, in verband met het door hen geschatte arbeidsmarktperspectief een ICT-opleiding te gaan volgen. Zeer veel anderen die eenzelfde opleiding volgen betekent dat er veel concurrentie is voor de bestaande vacatures. Voor andere opleidingen is de concurrentie van schoolverlaters veel lager. Zo is het aantal jongeren dat op dit moment met een diploma VMBO techniek op de arbeidsmarkt instroomt zeer laag. Mede daardoor is het toekomstperspectief goed voor dat type opleidingen 19. Zoals aangegeven is het aantal vacatures op grond van vervanging van uitstromend personeel laag voor ICT-opleidingen. Daarnaast voorziet het ROA in de nationale prognoses slechts weinig groei van het aantal arbeidsplaatsen voor ICT ers. Kortom: relatief weinig vraag ( baanopeningen door vervangingsvraag en uitbreidingsvraag) en veel aanbod (schoolverlaters) 20. Een ongunstige vraag-aanbod confrontatie kan als consequentie hebben dat veel ICT ers in 2017 werkloos zullen zijn. Dat is echter niet noodzakelijk het geval. Op de arbeidsmarkt zullen allerlei aanpassingsmechanismen gaan werken. Zo is op dit moment al zichtbaar dat velen die een MBO ICT opleiding op niveau 4 hebben afgerond daarna een HBO-opleiding gaan volgen. Verder kunnen ICT ers een ander type beroep uit gaan oefenen, dat niet precies aansluit bij hun opleiding, maar er wel aan verwant is. Desalniettemin moet worden geconstateerd dat de arbeidsmarktperspectieven voor degenen die op dit moment een ICT-opleiding volgen bij een doorvertaling van het ROA-onderzoek niet onverdeeld gunstig zijn Bij een zich matig ontwikkeldende economie zullen zij overigens verdrongen worden van de arbeidsmarkt door MBO ers op niveau 2 of 3 (wellicht zelfs 4) met een technische opleiding. In onderzoek voor de Leidse regio, waarin niet de periode , maar de periode werd aangehouden en waarin andere (door Bureau Louter opgestelde) prognoses voor de uitbreidingsvraag werden gehanteerd, kwamen de arbeidsmarktperspectieven voor ICTopleidingen overigens minder ongunstig uit de bus. [email protected] tel
60 7 Technologie Ten behoeve van diverse onderzoeken heeft Bureau Louter de innovativiteit van het bedrijfsleven bepaald, met een onderscheid naar sectoren en/of regio s (zie bijvoorbeeld de Economische Monitor Zuid-Holland 2009). Hier is dat niet mogelijk om twee redenen. Ten eerste zou dit omvangrijke kosten voor de gegevens met zich meebrengen. Ten tweede is de ICT-sector te klein om, bij een uitsplitsing naar regio s, statistisch betrouwbare uitspraken te kunnen doen. Wel kunnen uitspraken worden gedaan over het gemiddeld opleidingsniveau en het gemiddeld beroepsniveau van het personeel in de ICT-sector (zie paragraaf 7.1). Daarbij is de aanname dat de vaardigheden om te komen tot vernieuwing in producten en diensten en de wijze waarop die worden geproduceerd/geleverd en op de markt gebracht, hoger is naarmate het personeel hoger is opgeleid. Daarnaast worden gegevens gepresenteerd over het aantal octrooiaanvragen (zie paragraaf 7.2). Dat vormt een rechtstreekse meting van de output van innovatieprocessen. 7.1 Gemiddeld opleidings- en beroepsniveau ICT-sector Het gemiddeld opleidingsniveau van het personeel in de ICT-sector (als indicator van de hoogwaardigheid van de sector) staat in tabel 7.1. Het gemiddeld opleidingsniveau in de ICTsector is in Nederland duidelijk hoger dan het gemiddelde voor de totale bedrijvigheid. Dat geldt vooral voor ICT Software. Vergeleken met het nationaal gemiddelde is de opleidingsindex in Zuid-Holland voor ICT Software wat lager dan het nationaal gemiddelde en voor Telecom ruim hoger 21. Dat laatste hangt mogelijk samen met het feit dat veel Telecombedrijven (waaronder KPN) hun hoofdkantoor in Zuid-Holland (met name Den Haag) hebben gevestigd. Tabel 7.1 Gemiddeld opleidingsniveau ICT-sector, Zuid-Holland en Nederland, 2009 Sector Nederland Zuid-Holland ICT software 1,77 1,71 Telecom 1,37 1,64 Totaal ICT 1,67 1,69 Totale bedrijvigheid 1,23 1,29 Toelichting: Weergegeven is een opleidingsindex, die is gemeten als een gewogen gemiddelde over het aantal laag opgeleiden, middelbaar opgeleiden (MBO en HAVO/VWO), hoog opgeleiden (HBO) en wetenschappelijk opgeleiden (WO), met als gewichten respectievelijk 0, 1, 2 en 3. De score is dus minimaal 0 (iedereen is laag opgeleid) en maximaal 3 (iedereen is wetenschappelijk opgeleid). Het gemiddeld beroepsniveau van het personeel in de ICT-sector is op soortgelijke wijze berekend als de opleidingsindex in tabel 7.1 (waarbij deze keer vijf in plaats van vier niveaus zijn onderscheiden). Ook nu geldt weer dat de hoogwaardigheid van het personeel voor de ICTsector aanzienlijk hoger is dan voor de totale bedrijvigheid (zie tabel 7.2). Dat is overigens vooral voor ICT Software het geval, en minder voor Telecom. Evenals bij de opleidingsindex blijft het gemiddeld beroepsniveau in ICT Software in Zuid-Holland iets achter bij het nationaal gemiddelde, maar is het gemiddeld beroepsniveau in Telecom in Zuid-Holland ruim hoger dan het nationaal gemiddelde. 21 Voor ICT Hardware zijn geen gegevens beschikbaar. [email protected] tel
61 Tabel 7.2 Gemiddeld beroepsniveau ICT-sector, Zuid-Holland en Nederland, 2009 Sector Nederland Zuid-Holland ICT software 2,81 2,72 Telecom 2,08 2,31 Totaal ICT 2,65 2,60 Totale bedrijvigheid 2,03 2,13 Toelichting: Weergegeven is een beroepenindex die is gemeten als een gewogen gemiddelde over het aantal beroepen op elementair, laag, middelbaar, hoog en wetenschappelijk niveau, met als gewichten respectievelijk 0, 1, 2, 3 en 4. De score is dus minimaal 0 (iedereen heeft een beroep op elementair niveau) en maximaal 4 (iedereen heeft een beroep op wetenschappelijk niveau). 7.2 Octrooiaanvragen in ICT Bureau Louter heeft de beschikking over het aantal octrooiaanvragen in de technologiegebieden ICT en Telecommunicatie per gemeente. De gegevens zijn enigszins verouderd 22. Aangenomen is dat de ruimtelijke verschillen in de periode in grote lijnen ook representatief zijn voor meer recente jaren. Opgemerkt dient te worden dat octrooiaanvragen worden toegeschreven aan de locatie van waaruit de aanvraag wordt gedaan. Dat behoeft niet altijd de plaats te zijn waar het product of de dienst is ontwikkeld (bijvoorbeeld wanneer vindingen in een researchcentrum worden aangemeld vanuit een elders gevestigd hoofdkantoor). De octrooiaanvragen zijn onderscheiden in 28 technologiegebieden, die vallen binnen 8 hoofdgroepen. Daarbij behoren onder andere de technologiegebieden Telecommunicatie en ICT. Deze vormen, samen met Elektrische apparatuur en productie van elektronica en Audiovisuele technologie, de hoofdgroep Elektriciteit en elektronica. Binnen deze hoofdgroep wordt in Nederland het overgrote deel van de octrooiaanvragen ingediend vanuit Eindhoven (met name Philips) of Veldhoven (met name ASML). Wordt Noord-Brabant niet meegerekend, dan heeft Zuid-Holland een aandeel van 21% in alle Nederlandse octrooiaanvragen in Telecommuunicatie en 11% in alle Nederlandse octrooiaanvragen in ICT. Die aandelen zijn niet hoog, maar zijn wel sterk geconcentreerd in een klein deel van de provincie. Uit de Economische Monitor Zuid-Holland 2009 (Bureau Louter 2009) blijkt dat, ten opzichte van het aantal inwoners van jaar, octrooiaanvragen in Telecommunicatie en ICT in Delft en Westland zeer sterk zijn oververtegenwoordigd ten opzichte van het nationaal gemiddelde (onder andere door de vestigingen van TNO en de TU Delft). En in Agglomeratie Den Haag zijn octrooiaanvragen in Telecommunicatie sterk oververtegenwoordigd en in ICT licht oververtegenwoordigd. In de overige vier COROP-gebieden van Zuid-Holland komen oververtegenwoordigingen van octrooiaanvragen in ICT en/of Telecommunicatie niet voor. In tabel VII.1 in bijlage VII staan de octrooiaanvragen per gemeente, onderscheiden naar octrooiaanvragen binnen de technologiegebieden Telecommunicatie en ICT en voor het totaal van alle octrooiaanvragen. In absolute zin komen de meeste octrooiaanvragen in zowel Telecommunicatie als ICT uit Den Haag, op korte afstand gevolgd door Delft. Het naar inwoners gerekend ruim zes maal grotere Rotterdam levert aanzienlijk minder octrooiaanvragen in Telecommunicatie en ICT dan Delft. Daarnaast komen er nog slechts uit drie gemeenten minstens 8 octrooiaanvragen in ICT of Telecommunicatie, namelijk Alphen a/d Rijn, Zoetermeer en Rijswijk. Samen zijn Den Haag en Delft goed voor 80% van de Zuid-Hollandse octrooiaanvragen 22 Recentere gegevens zijn eventueel op te vragen, maar binnen de termijn waarop dit onderzoek afgerond diende te zijn, was dat niet meer mogelijk. [email protected] tel
62 in Telecommunicatie en 63% in ICT, terwijl het aandeel in het totaal aantal octrooiaanvragen 43% bedraagt. Worden Rotterdam, Rijswijk, Zoetermeer en Alphen a/d Rijn ook meegerekend dan stijgen de aandelen naar 93% in Telecommunicatie, 85% in ICT en 70% in het totaal. De octrooiaanvragen in Telecommunicatie en ICT zijn dus geconcentreerd in een klein aantal gemeenten in Zuid-Holland, met name in Den Haag en Delft. Het relatief aantal octrooiaanvragen (berekend per miljoen inwoners) staat in tabel 7.3. Daaruit blijkt dat in relatieve zin Delft duidelijk de meeste octrooiaanvragen kent in Telecommunicatie en ICT (en ook in het totaal). Ook in relatieve zin stijgt het aantal octrooiaanvragen in Den Haag duidelijk boven het Zuid-Hollands gemiddelde uit. Daar waar andere gemeenten nog hoger scoren dan Den Haag (Zoeterwoude in Telecommunicatie, Westvoorne in ICT) gaat het in absolute zin om zeer kleine aantallen octrooiaanvragen. In totaal ligt het relatief aantal octrooiaanvragen in Zuid-Holland onder het nationaal gemiddelde. Dat gemiddelde wordt echter in hoge mate bepaald door Noord-Brabant (en dan vooral door Philips, goed voor ongeveer een derde deel van alle octrooiaanvragen in Nederland en een nog veel groter deel in de hoofdgroep Elektriciteit en elektronica). Tabel 7.3 Octrooiaanvragen in Telecom en ICT per miljoen inwoners jaar, , gemiddeld per jaar Totaal Telecom ICT Nederland Zuid-Holland Rotterdam 's-gravenhage Leiden Delft Dordrecht Gouda Alphen aan den Rijn Gorinchem Schiedam Spijkenisse Vlaardingen Capelle aan den IJssel Lansingerland Goeree-Overflakkee Barendrecht Ridderkerk Zwijndrecht Zuidplas Hellevoetsluis Maassluis Papendrecht Binnenmaas Krimpen aan den IJssel Hendrik-Ido-Ambacht Albrandswaard Oud-Beijerland [email protected] tel
63 Totaal Telecom ICT Brielle Nederlek Westvoorne Cromstrijen Bernisse Korendijk Strijen Ouderkerk Zoetermeer Westland Leidschendam- Voorburg Pijnacker-Nootdorp Rijswijk Leiderdorp Wassenaar Voorschoten Oegstgeest Midden-Delfland Zoeterwoude Molenwaard Sliedrecht Leerdam Alblasserdam Hardinxveld- Giessendam Giessenlanden Zederik Bodegraven-Reeuwijk Nieuwkoop Kaag en Braassem Waddinxveen Rijnwoude Boskoop Schoonhoven Vlist Bergambacht Katwijk Teylingen Noordwijk Lisse Hillegom Noordwijkerhout [email protected] tel
64 8 Cross overs Durchsetzung neuer Kombinationen werd door de beroemde Oostenrijkse econoom Joseph Schumpeter aan het begin van de vorige eeuw als kernachtige definitie gebruikt voor het begrip innovatie. Tegenwoordig is dit inzicht weer volop in de belangstelling. Betoogd wordt dat vernieuwing plaatsvindt op het snijvlak van sectoren en technologieën, zogenaamde cross overs. Cross overs zijn relevant, maar helaas niet of nauwelijks in harde cijfers om te zetten op grond van secundaire gegevensbronnen. Hiervoor zijn instrumenten als interviews, workshops, expertmeetings en uitvoerig bronnenonderzoek noodzakelijk. Deze kunnen echter binnen de beschikbare ruimte van tijd en budget in dit onderzoek niet worden ingezet. Desalniettemin kan wel inzicht worden verkregen in het belang van ICT voor verschillende economische sectoren. In dit hoofdstuk zal eerst worden bepaald welk deel van het personeel een ICT-opleiding heeft of in een ICT-beroep werkt. De resultaten daarvan worden voor 31 sectoren gepresenteerd (zie paragraaf 8.1). Voor dezelfde sectoren wordt bepaald wat het relatief belang is van inkoop van ICT-producten en ICT-diensten. Dergelijke input-output relaties staan centraal in paragraaf 8.2. Voor een grofmaziger niveau van 13 economische sectoren wordt tenslotte in paragraaf 8.3 een bewerking gepresenteerd van gegevens uit het CBS-rapport ICT, kennis en economie Op verschillende manieren werd daarin het belang van ICT-toepassingen bepaald. In paragraaf 8.4 tenslotte heeft door Bureau Louter, op grond van de verschillende analyses in dit hoofdstuk, een afbakening plaatsgevonden van economische sectoren met een hoge mate van ICT-gevoeligheid. Daarvan is vervolgens de ruimtelijke spreiding binnen Zuid- Holland bepaald. 8.1 ICT-opleidingen en ICT-beroepen per sector Het belang van ICT-werkzaamheden per economische sector kan worden bepaald aan de hand van het deel van het personeel dat een ICT-opleiding heeft gevolgd en/of een ICT-beroep uitoefent. Eind 2011 is dergelijk onderzoek al een keer uitgevoerd in een opdracht voor het Platform Bèta Techniek. Destijds is dat echter slechts toegepast voor de topsectoren en op nationaal niveau. In het huidige onderzoek wordt dit gedaan voor alle economische sectoren. De aanname is dan dat sectoren waar al veel ICT-werkzaamheden worden verricht ook veel potentie hebben voor cross overs. Personeel met ICT-opleiding per economische sector In figuur 8.1 staat het aandeel van degenen met een ICT-opleiding in het totale personeel. Rechts staat het aantal arbeidsplaatsen in Nederland. Als ICT-opleidingen zijn daarbij aangemerkt MBO ICT, HBO Informatica en WO Informatica en bestuurlijke informatiekunde. In de totale bedrijvigheid in Nederland heeft personeel met die opleidingen een aandeel van 1.6%. Duidelijk het hoogste percentage resulteert voor de sector computerservice en informatietechnologie. Toch gaat het hierbij slechts om 18% van het totale personeelsbestand. Dat hangt samen met het feit dat ook een opleiding in technische richting met ICT-vakken veelal, na interne cursussen en onthe-job training voldoende basis biedt om in een softwarebedrijf te werken. Sectoren waar meer dan drie procent van het personeel een ICT-opleiding heeft, zijn elektrotechnische industrie (voor een aanzienlijk deel typische high-tech bedrijven) en het bank- en verzekeringswezen. Wanneer de grens bij 2% wordt gelegd, voegen zich daar nog bij delfstoffenwinning/energie, uitgeverijen, post en telecommunicatie (waarbinnen het aandeel ICT-opleidingen binnen telecombedrijven veel hoger is dan binnen postbedrijven) en research/adviesdiensten. Boven het nationaal gemiddelde scoren tenslotte nog machine-industrie, groothandel, overige financiële diensten en openbaar bestuur. tel
65 In sectoren als ziekenhuizen en overig zorg/welzijn is het aandeel van personeel met een ICTopleiding laag, terwijl algemeen wordt aangenomen dat ICT-toepassingen in de zorg een belangrijke rol (gaan) spelen. Dat wil echter vooralsnog niet zeggen dat het personeel daarmee ook een ICT-opleiding moet hebben. Het gaat voornamelijk om medische instrumenten die worden ingekocht bij high-tech bedrijven. Wel wordt erop gewezen dat ook in ziekenhuizen zelf waarschijnlijk ICT-vaardigheden bij het personeel belangrijker gaan worden. In de huidige cijfers is dat echter nog niet zichtbaar 23. Figuur 8.1 Aandeel werknemers met ICT-opleiding in werkgelegenheid Land- en tuinbouw Delfstoffenwinning, energie Machine-industrie Electrotechnische industrie Vervoersmiddelenindustrie Metaalproduktenindustrie Chemie en basismetaal Voedings- en genotmiddelenindustrie Overige industrie Bouwnijverheid Bouwinstallatiebedrijven Autohandel en -reparatie Groothandel Detailhandel Horeca Vervoer Uitgeverijen Post en telecommunicatie Bankwezen Verzekeringswezen en pensioenfondsen Overige financiele instellingen Handel in onroerend goed en verhuur Computerservice, informatietechnologie Reserach en adviesdiensten Openbaar bestuur Basis-, voortgezet onderwijs Hoger onderwijs Ziekenhuizen Overig zorg en welzijn Vrijetijdsactiviteiten Overige bedrijvigheid Aandeel in sector 18% 0% 1% 2% 3% 4% Omvang sector (wp) 0 1,000,000 Personeel met ICT-beroep per economische sector In figuur 8.2 staat het aandeel van degenen met een ICT-beroep in het totale personeel. Rechts staat het aantal arbeidsplaatsen in Nederland. Als ICT-beroepen zijn daarbij aangemerkt programmeurs, systeemanalisten, technisch systeemanalisten en informatici. Het aandeel van die 23 Dit blijkt onder andere uit interviews in het kader van een arbeidsmarktonderzoek voor de Leidse regio door Bureau Louter. Zie Bureau Louter (2013, te verschijnen) De arbeidsmarkt in de Leidse regio. In die regio is de zorg een belangrijke dragende sector. Zie Bureau Louter (2012) Het Life & Health cluster in de regio Den Haag. In opdracht van de Kamer van Koophandel Den Haag. [email protected] tel
66 beroepen in de totale bedrijvigheid bedraagt 4,1%. In de sector computerservice en informatietechnologie heeft maar liefst 72% van het personeel een ICT-beroep. Daarnaast zijn er, zoals bij elke sector nog functies in het management, bij het secretariaat, bij allerlei afdelingen als financiële zaken en personeelszaken. Een hoog aandeel, van meer dan 6%, wordt verder gerealiseerd in sectoren als de elektrotechnische industrie, groothandel, uitgeverijen, post en telecommunicatie (ook nu weer vooral bij telecombedrijven) en het bank- en verzekeringswezen. Bovengemiddeld scoren verder nog delfstoffenwinning/energie, machine-industrie, research en adviesdiensten en hoger onderwijs. Veelal zijn dit dezelfde sectoren als waar ook het aandeel van ICT-opleidingen hoog is. Figuur 8.2 Aandeel werknemers met ICT-beroep in werkgelegenheid Land- en tuinbouw Delfstoffenwinning, energie Machine-industrie Electrotechnische industrie Vervoersmiddelenindustrie Metaalproduktenindustrie Chemie en basismetaal Voedings- en genotmiddelenindustrie Overige industrie Bouwnijverheid Bouwinstallatiebedrijven Autohandel en -reparatie Groothandel Detailhandel Horeca Vervoer Uitgeverijen Post en telecommunicatie Bankwezen Verzekeringswezen en pensioenfondsen Overige financiele instellingen Handel in onroerend goed en verhuur Computerservice, informatietechnologie Reserach en adviesdiensten Openbaar bestuur Basis-, voortgezet onderwijs Hoger onderwijs Ziekenhuizen Overig zorg en welzijn Vrijetijdsactiviteiten Overige bedrijvigheid Aandeel in sector Omvang sector (wp) 72% 0% 3% 6% 9% 12% 0 800,000 Het aandeel van ICT-opleidingen en van ICT-beroepen in het personeelsbestand maken deel uit van de indicatoren waarmee in paragraaf 8.4 de ICT-gevoeligheid van sectoren is bepaald. Daarbij is overigens gebruik gemaakt van gegevens op een gedetailleerder niveau van economische sectoren dan de 31 sectoren in figuur 8.1 en figuur 8.2. [email protected] tel
67 8.2 Inkoop van ICT-producten en ICT-diensten Naast de ingang via ICT-beroepen en ICT-opleidingen kan ook gebruik worden gemaakt van input-output analyse. Daarin wordt voor ongeveer 70 economische sectoren (waaronder IT dienstverlening, post/telecommunicatie en elektrotechnische industrie - waarbinnen de ICT hardware sector zich bevindt) bepaald wat de onderlinge leveringen zijn. Dergelijke input-output tabellen zijn slechts op nationaal niveau beschikbaar (de meest recente regionale input-output tabel dateert van 1992, een tijdstip waarop de ICT-sector nog nauwelijks bestond). Via de nationale input-output tabel kan worden bepaald aan welke sectoren ICT-sectoren als IT dienstverlening, telecommunicatie en elektrotechnische industrie veel producten/diensten leveren. Figuur 8.3 Belang van inkoop van ICT per economische sector Computerservice, informatietechnologie Electrotechnische industrie Post en telecommunicatie T.o.v. TW T.o.v. intermediair Totaal intermediair Bankwezen Overige financiele instellingen Groothandel Detailhandel Gezondheidszorg Vrijetijdsactiviteiten Uitgeverijen Openbaar bestuur Overige industrie Autohandel en -reparatie Onderwijs Reserach en adviesdiensten Verzekeringswezen en pensioenfondsen Verzorging en welizjn Machine-industrie Vervoer Vervoersmiddelenindustrie Chemie en basismetaal Overige bedrijvigheid Bouwinstallatiebedrijven Horeca Metaalproduktenindustrie Voedings- en genotmiddelenindustrie Delfstoffenwinning, energie Handel in onroerend goed en verhuur Bouwnijverheid Land- en tuinbouw Toelichting: Als inkoop is beschouwd de zogenaamde intermediaire leveringen (leveringen van het ene bedrijf aan het andere) van de drie ICT-sectoren computerservice/informatietechnologie, elektrotechnische industrie en post/telecommunicatie per sector. De oorspronkelijk 70 sectoren zijn daarbij in de figuur teruggebracht tot dezelfde 31 sectoren als in paragraaf 8.1 (omdat tussen de twee typen onderwijs in de input-output tabellen geen onderscheid wordt gemaakt, resulteren in figuur 8.3 uiteindelijk overigens 30 sectoren). De waarde van de inkoop is ten eerste uitgedrukt als percentage van de toegevoegde waarde in een sector en ten tweede als percentage van de totale intermediaire leveringen aan die sector. Onder totaal intermediair tenslotte staat de omvang van de totale intermediaire leveringen per sector (in duizenden Euro s) [email protected] tel
68 In figuur 8.3 zijn de sectoren geordend naar het aandeel van de drie ICT-sectoren in de totale intermediaire leveringen aan de onderscheiden sectoren. De drie ICT-sectoren scoren daar zelf zeer hoog op, vooral als gevolg van het feit dat leveringen tussen bedrijven binnen eenzelfde sector ook worden meegerekend bij de intermediaire leveringen. Naast deze drie sectoren resulteren gemiddelde of bovengemiddelde aandelen voor respectievelijk het bankwezen, overige financiële instellingen, groothandel, detailhandel, gezondheidszorg, vrijetijdsactiviteiten (waaronder media!), uitgeverijen en openbaar bestuur. Wanneer de waarde van de inkoop zou worden uitgedrukt ten opzichte van de toegevoegde waarde in een sector, zouden daarnaast bovengemiddelde scores resulteren voor het verzekeringswezen, vervoersmiddelenindustrie en chemie/basismetaal. Het aandeel van ICT-inkoop in de toegevoegde waarde en de totale intermediaire leveringen maken deel uit van de indicatoren waarmee in paragraaf 8.4 de ICT-gevoeligheid is bepaald. Daarbij is gebruik gemaakt van gegevens op het gedetailleerde niveau van 70 economische in plaats van de 30 sectoren in figuur Diverse typen ICT-gebruik per sector Een laatste wijze om het relatief belang van ICT tussen sectoren te vergelijken is gebaseerd op een onderzoek van het CBS 24. Dit betreft gegevens op nationaal niveau over verschillen tussen economische sectoren in het computergebruik, het gebruik van internet, aansluiting op vaste en mobiele breedbandverbindingen, het gebruik van software voor verkooporders en inkooporders, het gebruik maken van automatische gegevensuitwisseling, verkopen via e-commerce, websites of EDI en het belang van ICT bij innovatieprocessen. Het CBS onderscheidt daarbij helaas niet meer dan 13 economische sectoren. De basisgegevens van het CBS zijn door ons bewerkt. Dat is zodanig gebeurd dat uiteindelijk acht indicatoren resulteren die representatief zijn voor ICTgebruik en vier indicatoren die representatief zijn voor het belang van ICT voor innovatie binnen de sector 25. In bijlage VIII is aangegeven op welke wijze de indicatoren zijn gemeten. Hieronder zijn de indicatoren weergegeven: Telewerk % verkoopsysteem % inkoopsysteem Open software Automatic Data Exchange (ADE) E-commerce Inkoop via e-commerce Milieu-effecten Belang ICT bij productinnovaties Belang ICT bij procesinnovaties Belang ICT bij organisatorische innovaties Belang ICT bij marketinginnovaties Per indicator is een score bepaald. Om de scores onderling vergelijkbaar te maken zijn ze gestandaardiseerd: ze zijn omgezet in zogenaamde z-scores. Vervolgens is de totaalscore voor het ICT-gebruik berekend door aan elke indicator eenzelfde gewicht toe te kennen. In totaal leveren de indicatoren die representatief zijn voor het gebruik maken van innovatie dus tweederde deel CBS (2012) ICT, kennis en economie 2012 Dit is iets anders dan innovatie binnen de sector ICT zelf (zie daartoe hoofdstuk 7). [email protected] tel
69 van de totaalscore en de indicatoren die representatief zijn voor het belang van ICT voor innovatie eenderde deel. In figuur 8.4 staat het resultaat van deze exercitie. Doordat slechts een beperkt aantal brede sectoren is onderscheiden door het CBS, bevinden zich binnen die sectoren soms vogels van diverse pluimage, zoals bijvoorbeeld detailhandel en groothandel binnen Handel. Figuur 8.4 Score op ICT-gebruik Informatie, communicatie Research Handel Kennisdiensten Vervoer en opslag Financiele instellingen Zorgsector Handel OG Overige diensten Industrie Energie, openbaar nut Horeca Bouwnijverheid In figuur 8.5 zijn de scores op de 12 indicatoren per sector weergegeven. Bij het belang voor innovatie is nog een totaalscore voor de vier indicatoren bepaald. Figuur 8.5 Typen ICT-gebruik Informatie, communicatie Research Handel Kennisdiensten Vervoer en opslag Financiele instellingen Zorgsector Handel OG Overige diensten Industrie Energie, openbaar nut Horeca Bouwnijverheid Telewerk % verkoopsyst. % inkoopsyst. Open software ADE E-commerce Inkoop via e-c. Milieu-effecten Informatie, communicatie Research Handel Kennisdiensten Vervoer en opslag Financiele instellingen Zorgsector Handel OG Overige diensten Industrie Energie, openbaar nut Horeca Bouwnijverheid Belang innovatie Product Proces Organisatorisch Marketing Totaal ADE = Automatic Data Exchange Inkoop via e-c. = Inkoop via e-commerce [email protected] tel
70 ICT-gebruik kan globaal in drie brede categorieën worden verdeeld, die elk ook ruimtelijke consequenties hebben 26 : Effecten op woon-werk stromen: door toepassen van ICT worden de mogelijkheden groter om vanuit huis te werken (telewerken). Dit heeft vooral effecten voor economische sectoren met veel kantooractiviteiten. Effecten op informatie-uitwisseling. Door steeds geavanceerdere informatie- en communicatietechnologie worden face-to-face contacten minder noodzakelijk voor overleg en het overdragen van informatie (tussen en binnen organisaties). Dat heeft effecten op de ruimtelijke spreiding van economische activiteiten. Effecten op logistieke processen. Een voorbeeld hiervan is e-commerce, waardoor in delen van de detailhandel de fysieke winkel aan het verdwijnen is en een (nationaal en internationaal) systeem van distributiecentra aan het ontstaan is. De verschillende sub-indicatoren vertonen vaak overlap: een hoge score op de ene sub-indicator komt dan veelal overeen met een hoge score op een andere indicator. Om tot een kleiner aantal factoren te komen, die onderling onafhankelijk zijn, is factoranalyse toegepast (zie bijlage VIII voor een toelichting). In figuur 8.6 staat het resultaat daarvan. Van de zeven onderscheiden factoren geven de eerste drie een meer algemeen kenmerk van het ICT-gebruik door de verschillende sectoren en de laatste vier specifieke kenmerken. De zeven factoren kunnen kort als volgt worden geïnterpreteerd. Factor 1: Aandacht milieu-effecten Hierop scoren alle sub-indicatoren die vallen onder de indicator milieu-effecten zeer hoog, aangevuld met een aantal andere sub-indicatoren, zoals Telewerk. Factor 2: Geavanceerde informatie-uitwisseling Hierop scoort een aantal sub-indicatoren hoog die samenhangen met geavanceerde systemen van informatie-uitwisseling (in brede zin, in tegenstelling tot meer specifieke toepassingen, zoals onder de factoren 4 tot en met 7). Factor 3: Innovatiebelang. Hoge tot zeer hoge scores resulteren hier voor alle indicatoren waarvoor de inzet van ICT van belang is voor innovatie. Factor 4: ADE-oriëntatie Hierbij wordt vaak gebruik gemaakt van een (geautomatiseerd) systeem van elektronisch factureren. Dit zou ook aangeduid kunnen worden als geavanceerd factureren. Factor 5: E-commerce inkoop Een zeer groot deel van de inkoop verloopt hier via e-commerce. Factor 6: E-commerce via website Verkoop door bedrijven vindt hier vaak plaats via een website. Factor 7: Koppeling verkoop aan productiesysteem Vaak wordt een verkooporderverwerkingssysteem hierbij gekoppeld aan het productiesysteem 26 Zie voor een uitgebreid onderzoek Louter, P.J. (2001) Ruimte voor de digitale economie, TNO Delft. In opdracht van het Ministerie van Economische Zaken. [email protected] tel
71 Figuur 8.6 Factorscores ICT-gebruik Industrie Energie, openbaar nut Bouwnijverheid Handel Vervoer en opslag Horeca Informatie, communicatie Financiele instellingen Handel OG Kennisdiensten Research Overige diensten Zorgsector Factor 1 Factor 2 Factor 3 Factor 4 Factor 5 Factor 6 Factor Op factor 1 ( Aandacht milieu-effecten ) scoren vooral sectoren met veel kantoorarbeid hoog (informatie en communicatie, kennisdiensten, research, energie en openbaar nut). Dit wil overigens niet zeggen dat er in de andere sectoren geen aandacht voor het milieu bestaat. Daar zijn echter wellicht de mogelijkheden om aandacht te besteden aan het milieu bij de vier aangegeven sub-indicatoren minder groot. Op factor 2 ( Geavanceerde informatie-uitwisseling ) scoren industrie, handel en vervoer/opslag hoog. Het gaat hier voornamelijk om het stroomlijnen van logistieke en productiesystemen (zoals voorraadbeheer en logistieke systemen). Bij een sector als financiële instellingen is dat bijvoorbeeld veel minder van belang. Op factor 3 ( Innovatiebelang ) scoren vervoer en opslag, informatie en communicatie, handel in Onroerend Goed en kennisdiensten hoog. Daarentegen is ICT minder van belang in sectoren als industrie, energie/ openbaar nut en bouwnijverheid 27. Op factor 4 ( Geavanceerd factureren ) scoort vooral handel (groothandel en waarschijnlijk vooral detailhandel) hoog, op factor 5 ( E-commerce inkoop ) geldt dat naast handel ook voor informatie en communicatie, op factor 6 ( E-commerce via website ) scoren energie/openbaar nut, handel, horeca (waaronder ook hotels) en financiële instellingen hoog en industrie en, in wat mindere mate, financiële instellingen kennen een hoge score op factor 7 ( Koppeling verkoop aan productiesysteem ). Duidelijk is dus dat het ICT-gebruik niet alleen verschilt tussen (brede) sectoren, maar dat er ook verschillen bestaan in type ICT-gebruik tussen sectoren. 8.4 Totaalbeeld ICT-gevoelige sectoren Aan de hand van beroepen/opleidingen, input-output relaties en CBS-informatie over het gebruik van ICT ontstaat een beeld in welke sectoren cross overs met ICT plaatsvinden en/of waar dat potentieel mogelijk is. Deze worden aangeduid als ICT-gevoelige sectoren. Om goed voorgesorteerd te zijn op het moment dat uit analyses door de Kennisalliantie een beeld bestaat voor welke sectoren cross overs met ICT (potentieel) belangrijk zijn, kan dan met behulp van het 27 Let op: dit wil zeker niet zeggen dat innovatie in het algemeen niet van belamg is in de industrie. Het tegendeel is eerder waar. Daarbij speelt de inzet van ICT echter een relatief (vergeleken met andere sectoren) ondergeschikte rol. Bij industrie ligt het accent bij het maken van producten, niet bij het laten circuleren van informatie of goederen (zoals in vervoer en opslag), waarin ICT een steeds belangrijkere rol krijgt. [email protected] tel
72 vestigingenregister van de provincie Zuid-Holland worden bepaald waar de ruimtelijke concentraties van die ICT-gevoelige sectoren zich bevinden. Dat gebeurt aan de hand van kaartbeelden, waardoor naast de spreiding van de ICT-sector zelf ook inzicht ontstaat in de ruimtelijke spreiding van de ICT-klanten. Afbakenen ICT-gevoelige sectoren Eerst wordt nu aangegeven welke economische sectoren zijn afgebakend als ICT-gevoelig. Vervolgens wordt aangegeven wat hun ruimtelijke spreiding is. Tot de ICT-gevoelige sectoren is ten eerste de ICT-sector zelf gerekend. Daaraan zijn economische sectoren toegevoegd op grond van hun ICT-gevoeligheid, zoals die uit paragraaf 8.1 tot en met 8.3 en aanvullende achterliggende analyses naar voren kwam. Industrie in audio- en videoapparatuur Industrie in telecommunicatieapparatuur Industrie in medische apparatuur Industrie in kantoormachines en computers Industrie in overige elektrische machines Farmaceutische industrie Research Elektriciteitsbedrijven Overig openbaar nutsbedrijven Winning en distributie van water Groothandel Veilingen in land- en tuinbouw Vervoer door de lucht Uitgeverijen Reclamebureaus Media Juridische en economische diensten Architecten/ingenieursbureaus Bankwezen Verzekeringswezen Hulpbedrijven van het verzekeringswezen Beveiliging en opsporing Softwarebedrijven en IT dienstverlening Telecommunicatiebedrijven Ruimtelijke spreiding ICT-gevoelige sectoren In tabel 8.1 staan het aantal arbeidsplaatsen in ICT-gevoelige sectoren, alsmede het aantal arbeidsplaatsen per inwoners van jaar en het aandeel in het totaal aantal arbeidsplaatsen. Volgens deze gegevens, die zijn gebaseerd op het vestigingenregister voor Zuid- Holland en het LISA-bestand (waar het vestigingenregister van Zuid-Holland een onderdeel van vormt) voor het Nederlands totaal is het aantal arbeidsplaatsen in ICT-gevoelige sectoren in Zuid- Holland iets lager dan het nationaal gemiddelde. Een relatieve vertegenwoordiging (arbeidsplaatsen per inwoners van jaar) resulteert voor de steden Rotterdam, Delft en Gorinchem, enkele wat grotere plaatsen rond Rotterdam en Den Haag (Capelle a/d IJssel, Barendrecht, Ridderkerk, Zoetermeer, Westland en Rijswijk) en een aantal kleinere plaatsen in het landelijk gebied (Sliedrecht, Alblasserdam, Bodegraven-Reeuwijk, Waddinxveen en Noordwijk). In tegenstelling tot de ICT-sector zelf is het dus niet zo dat het zuidelijk deel van de provincie (met name Rotterdam en omgeving) duidelijk lager scoort dan Agglomeratie Den Haag. tel
73 Tabel 8.1 Aantal arbeidsplaatsen in ICT-gevoelige sectoren Gebied Arbeidsplaatsen WP per Aandeel in totaal wp Nederland ,89 22,1% Zuid-Holland ,47 22,0% Rotterdam ,49 21,5% 's-gravenhage ,83 19,4% Leiden ,02 17,3% Delft ,02 26,0% Dordrecht ,40 18,3% Gouda ,39 21,9% Alphen aan den Rijn ,26 26,3% Gorinchem ,63 17,9% Schiedam ,13 22,5% Spijkenisse ,56 10,2% Vlaardingen ,11 17,2% Capelle aan den IJssel ,73 34,7% Lansingerland ,03 25,9% Goeree-Overflakkee ,85 13,6% Barendrecht ,93 33,7% Ridderkerk ,03 25,4% Zwijndrecht ,19 16,6% Zuidplas ,33 19,0% Hellevoetsluis ,20 11,5% Maassluis ,49 16,6% Papendrecht ,33 18,2% Binnenmaas ,81 21,0% Krimpen aan den IJssel ,10 16,0% Hendrik-Ido-Ambacht ,21 33,2% Albrandswaard ,17 11,0% Oud-Beijerland ,16 22,0% Brielle ,03 10,3% Nederlek ,97 13,9% Westvoorne ,59 10,9% Cromstrijen ,46 17,2% Bernisse ,55 17,0% Korendijk ,70 12,6% Strijen ,72 22,5% Ouderkerk ,37 19,0% Zoetermeer ,23 31,4% Westland ,34 24,8% Leidschendam-Voorburg ,79 21,3% Pijnacker-Nootdorp ,03 25,1% Rijswijk ,71 42,5% Leiderdorp ,19 14,6% Wassenaar ,87 13,8% Voorschoten ,60 18,6% Oegstgeest ,69 11,8% Midden-Delfland ,30 31,1% tel
74 Gebied Arbeidsplaatsen WP per Aandeel in totaal wp Zoeterwoude ,26 21,5% Molenwaard ,00 11,5% Sliedrecht ,07 24,0% Leerdam ,98 17,0% Alblasserdam ,42 27,5% Hardinxveld-Giessendam ,80 20,9% Giessenlanden ,90 15,9% Zederik ,87 14,5% Bodegraven-Reeuwijk ,72 35,7% Nieuwkoop ,34 12,8% Kaag en Braassem ,44 16,1% Waddinxveen ,48 32,3% Rijnwoude ,12 18,0% Boskoop ,00 12,5% Schoonhoven ,84 13,2% Vlist ,68 13,3% Bergambacht ,75 13,3% Katwijk ,62 25,0% Teylingen ,21 21,8% Noordwijk ,62 30,0% Lisse ,75 22,9% Hillegom ,00 23,4% Noordwijkerhout ,37 15,8% In een aantal gemeenten ligt het aandeel van ICT-gevoelige bedrijvigheid hoger dan 30% (overigens is daar geen enkele stad bij), namelijk Capelle a/d IJssel, Barendrecht en Hendrik-Ido- Ambacht in stadsgewest Rotterdam, Zoetermeer, Rijswijk (42,5%!) en Midden-Delfland in stadsgewest Den Haag en Bodegraven-Reeuwijk, Waddinxveen en Noordwijk in de landelijke delen van Zuid-Holland. Er is dus sprake van een vrij gelijkmatige spreiding over Zuid-Holland van gemeenten met een hoog aandeel van ICT-gevoelige bedrijvigheid. Daarentegen zijn er ook diverse gemeenten waar het aandeel van ICT-gevoelige bedrijvigheid tien %-punten onder het Zuid-Hollands gemiddelde ligt. Dat geldt vooral voor gemeenten in Voorne-Putten (Spijkenisse, Hellevoetsluis, Brielle en Westvoorne) en daarnaast voor Albrandswaard, Oegstgeest, en Molenwaard (in de Alblasserwaard). Het ruimtelijk patroon van ICT-gevoelige bedrijvigheid is ook op de kaart gezet (zie figuur 8.7), ten eerste als aandeel in de totale bedrijvigheid (figuur 8.7a) en ten tweede per inwoners van jaar (figuur 8.7b). Een relatief groot aandeel (zie figuur 8.7a) heeft ICT-gevoelige bedrijvigheid in de regio Rijswijk - Delft - Zoetermeer en op een aantal snelweglocaties. Steden zelf vertonen niet altijd de hoogste aandelen, hun suburbs wel. Lage vertegenwoordigingen zijn er daarentegen in de meer landelijk gelegen gebieden, met name op de Zuid-Hollandse eilanden en de Krimpener-/Lopikerwaard (enkele uitzonderingen op snelweglocaties uitgezonderd). Globaal geldt dus dat het relatief belang van ICT-gevoelige bedrijvigheid hoog tendeert te zijn op suburbane locaties en/of snelweglocaties, neutraal in de steden en laag in landelijke gebieden. Het kaartbeeld met het aantal arbeidsplaatsen per inwoners van jaar ) figuur 8.7b) laat een iets ander beeld zien, omdat daar de gebieden met een in het algemeen belangrijke werkgelegenheidsfunctie wat meer naar voren komen. In figuur 8.7 zijn tevens ontwikkelingen in de periode weergegeven, ten eerste de verandering van het aandeel van ICT-gevoelige bedrijvigheid in de totale bedrijvigheid en ten [email protected] tel
75 tweede de ontwikkeling van het aantal arbeidsplaatsen in ICT-gevoelige bedrijvigheid in het gemiddeld in de beschouwde periode woonachtige aantal inwoners van jaar. In Den Haag en Rotterdam-Noord is het aandeel van ICT-gevoelige bedrijvigheid in de totale bedrijvigheid afgenomen sinds 1996 (zie figuur 8.7c). Verder zijn geen duidelijke ruimtelijke patronen herkenbaar. Wel zijn er enkele gebieden waar het aandeel sterk is toegenomen, zoals Zoetermeer/Pijnacker, delen van het Westland, Capelle (bedrijventerrein Rivium) en locaties langs de A15. De ontwikkeling per inwoners van jaar is vooral hoog in een aantal suburbane locaties (aan de oostzijde van Den Haag; de ring rond Rotterdam), maar laag in de steden Rotterdam en Den Haag zelf. Figuur 8.7 Ruimtelijke verdeling arbeidsplaatsen in ICT-gevoelige sectoren 29.9 of meer 27.2 tot tot tot tot 21.9 minder dan of meer 216 tot tot tot tot 140 minder dan 99 a. Aandeel in totale werkgelegenheid, % b. Arbeidsplaatsen per 1000 inwoners jaar 5.3 of meer 2.9 tot tot tot tot tot tot tot of meer 49.5 tot tot tot tot tot tot tot c. Verandering aandeel , % d. Ontwikkeling per 1000 gemiddeld in periode woonachtige inwoners jaar Tot de ICT-gevoelige bedrijvigheid is ook de ICT-sector zelf gerekend. Om na te gaan of de ICTsector een ander ruimtelijk spreidingspatroon vertoont dan ICT-gevoelige bedrijvigheid is de ICT-gevoelige bedrijvigheid daarom nogmaals weergegeven, maar deze keer exclusief de ICTsector zelf. Vergeleken met figuur 8.7a gaan de scores in de regio Rijswijk Delft Zoetermeer dan iets omlaag. Ook elders zijn er soms (kleine) verschillen tussen de kaartbeelden, maar de algemene ruimtelijke patronen zijn vergelijkbaar. [email protected] tel
76 De vergelijking tussen het ruimtelijk patroon voor de ICT-sector zelf (zie figuur 2.1c) en de ICTgevoelige sectoren, exclusief de ICT-sector zelf (zie figuur 8.8b) maakt duidelijk dat gebieden met een lage relatieve vertegenwoordiging in beide typen bedrijvigheid vooral in de minder verstedelijkte delen van de provincie zijn te vinden. Gebieden met hoge scores op beide overlappen ook vaak. Wanneer de ICT-sector relatief sterk is vertegenwoordigd, geldt dat veelal ook voor ICT-gevoelige sectoren. Er zijn overigens uitzonderingen, met name in Zoetermeer, waar ICT-gevoelige sectoren niet sterk zijn vertegenwoordigd, maar de ICT-sector zelf wel. Andersom is er echter veel meer sprake van een bovengemiddelde vertegenwoordiging van ICTgevoelige sectoren en een benedengemiddelde vertegenwoordigd van de ICT-sector zelf. De ICTsector is veel meer ruimtelijk geconcentreerd in een beperkt deel van de provincie dan de ICTgevoelige sectoren. Figuur 8.8 Ruimtelijke verdeling arbeidsplaatsen in ICT-gevoelige sectoren, exclusief ICTsector zelf of meer 23.7 tot tot tot tot 19.1 minder dan of meer 179 tot tot tot tot 118 minder dan 86 a. Aandeel in totale werkgelegenheid, % b. Arbeidsplaatsen per 1000 inwoners jaar [email protected] tel
77 Bijlage I Gebiedsindelingen In de tabellen in dit rapport zijn gemeenten in Zuid-Holland ingedeeld in een aantal typen. Dat is gebaseerd op de gebiedsindeling van Bureau Louter in 46 gebieden. In figuur I.1 staat een indeling in 23 stadsgewesten en 23 landelijke gebieden. Elk stadsgewest bestaat uit minstens één kernstad (waaronder één dubbelkern, namelijk Enschede/Hengelo). De kernsteden zijn geselecteerd op grond van hun functie als werkgelegenheidscentrum (met als criterium een minimumgrens van personen aan inkomend woon-werk verkeer). Vervolgens zijn gemeenten waar vandaan minstens 15% van de werkzame beroepsbevolking in de kernstad werkt toegewezen aan het stadsgewest. Binnen de stadsgewesten Amsterdam, Rotterdam en Den Haag liggen ook enkele subkernen (Haarlemmermeer, Haarlem en Velsen; Dordrecht; Delft). Zij vervullen zelf een belangrijke werkgelegenheidsfunctie, maar zijn tevens in vrij sterke mate gericht op de kernstad. De overgebleven gemeenten zijn onderverdeeld in 23 landelijke gebieden, waarbinnen ook steeds sprake is van één of meer regionale kernen (zie figuur I.2; de enige uitzondering is de Bollenstreek, waar geen sprake is van een duidelijke regionale kern). Regionale kernen zijn gemeenten die niet aan het criterium voldoen om als kernstad te worden geselecteerd, maar toch een belangrijke werkgelegenheidsfunctie en voorzieningenfunctie vervullen voor hun omgeving. Binnen Zuid-Holland zijn er drie kernsteden van stadsgewesten, namelijk Rotterdam, Den Haag en Leiden en twee subkernen (Delft en Dordrecht). Daarnaast zijn er drie regionale kernen, namelijk Alphen a/d Rijn, Gouda en Gorinchem. De overige gemeenten zijn in de tabellen geordend naar hun ligging in respectievelijk de stadsgewesten Rotterdam, Den Haag of Leiden en in landelijke gebieden (het Zuid-Hollands deel van Gorinchem/Waalwijk e.o., Alphen/Gouda e.o. en Bollenstreek). [email protected] tel
78 Figuur I.1 Indeling in 23 stadsgewesten en 23 landelijke gebieden tel
79 Figuur I.2 Indeling in gemeentetypen tel
80 Bijlage II Ruimtelijke spreiding ICT-sector In deze bijlage staat de absolute omvang van de ICT-sector in 2012 voor Nederland, Zuid- Holland en per gemeente. Achtereenvolgens zijn weergegeven het aantal arbeidsplaatsen, het aantal vestigingen en (een schatting van) de toegevoegde waarde. Tabel II.1 Aantal arbeidsplaatsen ICT per gemeente, 2012 ICT Hardware ICT Software Telecom Totaal ICT Media Nederland Zuid-Holland Rotterdam 's-gravenhage Leiden Delft Dordrecht Gouda Alphen aan den Rijn Gorinchem Schiedam Spijkenisse Vlaardingen Capelle aan den IJssel Lansingerland Goeree-Overflakkee Barendrecht Ridderkerk Zwijndrecht Zuidplas Hellevoetsluis Maassluis Papendrecht Binnenmaas Krimpen aan den IJssel Hendrik-Ido-Ambacht Albrandswaard Oud-Beijerland Brielle Nederlek Westvoorne Cromstrijen Bernisse Korendijk Strijen Ouderkerk Zoetermeer Westland Leidschendam-Voorburg Pijnacker-Nootdorp [email protected] tel
81 ICT Hardware ICT Software Telecom Totaal ICT Media Rijswijk Leiderdorp Wassenaar Voorschoten Oegstgeest Midden-Delfland Zoeterwoude Molenwaard Sliedrecht Leerdam Alblasserdam Hardinxveld-Giessendam Giessenlanden Zederik Bodegraven-Reeuwijk Nieuwkoop Kaag en Braassem Waddinxveen Rijnwoude Boskoop Schoonhoven Vlist Bergambacht Katwijk Teylingen Noordwijk Lisse Hillegom Noordwijkerhout Tabel II.2 Aantal vestigingen ICT per gemeente, 2012 ICT Hardware ICT Software Telecom Totaal ICT Media Nederland Zuid-Holland Rotterdam 's-gravenhage Leiden Delft Dordrecht Gouda Alphen aan den Rijn Gorinchem Schiedam Spijkenisse Vlaardingen Capelle aan den IJssel Lansingerland [email protected] tel
82 ICT Hardware ICT Software Telecom Totaal ICT Media Goeree-Overflakkee Barendrecht Ridderkerk Zwijndrecht Zuidplas Hellevoetsluis Maassluis Papendrecht Binnenmaas Krimpen aan den IJssel Hendrik-Ido-Ambacht Albrandswaard Oud-Beijerland Brielle Nederlek Westvoorne Cromstrijen Bernisse Korendijk Strijen Ouderkerk Zoetermeer Westland Leidschendam-Voorburg Pijnacker-Nootdorp Rijswijk Leiderdorp Wassenaar Voorschoten Oegstgeest Midden-Delfland Zoeterwoude Molenwaard Sliedrecht Leerdam Alblasserdam Hardinxveld-Giessendam Giessenlanden Zederik Bodegraven-Reeuwijk Nieuwkoop Kaag en Braassem Waddinxveen Rijnwoude Boskoop Schoonhoven Vlist Bergambacht Katwijk Teylingen [email protected] tel
83 ICT Hardware ICT Software Telecom Totaal ICT Media Noordwijk Lisse Hillegom Noordwijkerhout Tabel II.3 Toegevoegde waarde ICT per gemeente, 2012 ( mln.) ICT Hardware ICT Software Telecom Totaal ICT Media Nederland 3.444, , , , ,0 Zuid-Holland 432, , , , ,5 Rotterdam 17,4 416,7 332,6 766,7 262,1 's-gravenhage 73,8 299, , ,8 251,2 Leiden 3,1 85,5 17,7 106,2 40,7 Delft 43,7 217,7 20,2 281,7 18,5 Dordrecht 35,3 54,0 19,7 109,1 59,5 Gouda 6,3 84,8 31,8 122,8 15,1 Alphen aan den Rijn 6,0 39,3 11,6 56,9 57,2 Gorinchem 0,0 41,2 24,6 65,8 3,6 Schiedam 12,8 16,6 18,3 47,8 15,9 Spijkenisse 0,4 9,4 7,1 16,9 2,2 Vlaardingen 3,8 13,3 10,0 27,2 4,4 Capelle aan den IJssel 1,8 116,9 183,6 302,3 29,8 Lansingerland 0,5 29,7 35,1 65,3 6,8 Goeree-Overflakkee 4,4 17,4 0,9 22,6 3,0 Barendrecht 1,1 27,1 10,6 38,9 4,8 Ridderkerk 3,1 32,9 20,7 56,7 5,9 Zwijndrecht 9,2 9,6 4,6 23,4 3,4 Zuidplas 3,5 16,6 5,4 25,5 6,2 Hellevoetsluis 0,0 3,3 5,0 8,3 2,1 Maassluis 3,0 8,4 3,0 14,3 3,2 Papendrecht 1,8 7,8 15,9 25,4 1,2 Binnenmaas 0,3 3,8 1,8 5,9 2,1 Krimpen aan den IJssel 3,4 5,0 2,5 10,8 3,2 Hendrik-Ido-Ambacht 0,0 16,9 9,3 26,2 1,8 Albrandswaard 1,0 5,3 1,8 8,2 2,0 Oud-Beijerland 0,5 10,6 8,5 19,6 3,6 Brielle 0,2 1,7 0,0 1,9 3,1 Nederlek 4,7 1,7 0,6 7,0 1,0 Westvoorne 0,2 2,3 0,0 2,6 0,5 Cromstrijen 1,0 2,6 0,8 4,4 3,6 Bernisse 0,5 1,2 0,8 2,5 0,8 Korendijk 0,1 0,8 0,1 0,9 0,5 Strijen 4,1 0,6 0,2 4,9 0,2 Ouderkerk 0,0 0,6 0,0 0,6 0,7 Zoetermeer 73,9 268,0 66,8 408,8 29,8 Westland 30,8 47,2 67,5 145,6 10,9 Leidschendam-Voorburg 0,2 47,6 4,2 52,1 8,3 Pijnacker-Nootdorp 5,5 29,5 8,4 43,3 4,7 [email protected] tel
84 ICT Hardware ICT Software Telecom Totaal ICT Media Rijswijk 9,8 138,5 47,5 195,7 38,4 Leiderdorp 4,1 5,5 0,0 9,6 3,5 Wassenaar 0,5 7,9 0,7 9,1 5,8 Voorschoten 4,8 2,3 2,1 9,1 1,7 Oegstgeest 0,4 5,1 0,8 6,3 4,1 Midden-Delfland 0,0 4,3 0,0 4,3 2,0 Zoeterwoude 1,1 7,7 8,4 17,3 1,7 Molenwaard 2,3 5,4 2,0 9,6 5,8 Sliedrecht 2,3 20,0 7,0 29,2 3,8 Leerdam 0,1 12,7 0,5 13,3 4,6 Alblasserdam 0,3 15,4 6,3 22,0 3,0 Hardinxveld-Giessendam 0,0 26,3 5,2 31,4 2,3 Giessenlanden 0,0 1,5 0,8 2,3 5,4 Zederik 0,0 1,0 0,4 1,4 2,3 Bodegraven-Reeuwijk 0,3 65,0 23,7 89,0 4,1 Nieuwkoop 0,6 3,9 1,2 5,7 4,5 Kaag en Braassem 0,1 8,0 0,3 8,4 1,5 Waddinxveen 11,2 16,5 5,6 33,3 4,5 Rijnwoude 0,0 6,7 7,7 14,4 3,0 Boskoop 0,1 1,6 0,0 1,7 0,9 Schoonhoven 1,6 1,1 6,2 8,9 0,9 Vlist 0,0 1,5 1,0 2,4 1,3 Bergambacht 0,4 2,3 0,0 2,7 1,1 Katwijk 6,9 7,7 1,9 16,5 9,4 Teylingen 2,1 7,1 9,6 18,9 3,9 Noordwijk 13,3 12,1 2,2 27,6 10,2 Lisse 10,5 7,5 6,3 24,3 22,8 Hillegom 2,2 6,0 7,6 15,8 3,9 Noordwijkerhout 0,0 2,3 0,0 2,3 1,2 tel
85 Bijlage III Ruimtelijke ontwikkeling ICT-sector, In deze bijlage staat de absolute ontwikkeling van de ICT-sector in de periode voor Nederland, Zuid-Holland en per gemeente. Weergegeven is de ontwikkeling van het aantal arbeidsplaatsen en van het aantal vestigingen. Tabel III.1 Ontwikkeling aantal arbeidsplaatsen ICT per gemeente, ICT Hardware ICT Software Telecom Totaal ICT Media Nederland Zuid-Holland Rotterdam 's-gravenhage Leiden Delft Dordrecht Gouda Alphen aan den Rijn Gorinchem Schiedam Spijkenisse Vlaardingen Capelle aan den IJssel Lansingerland Goeree-Overflakkee Barendrecht Ridderkerk Zwijndrecht Zuidplas Hellevoetsluis Maassluis Papendrecht Binnenmaas Krimpen aan den IJssel Hendrik-Ido-Ambacht Albrandswaard Oud-Beijerland Brielle Nederlek Westvoorne Cromstrijen Bernisse Korendijk Strijen Ouderkerk Zoetermeer Westland Leidschendam-Voorburg Pijnacker-Nootdorp [email protected] tel
86 ICT Hardware ICT Software Telecom Totaal ICT Media Rijswijk Leiderdorp Wassenaar Voorschoten Oegstgeest Midden-Delfland Zoeterwoude Molenwaard Sliedrecht Leerdam Alblasserdam Hardinxveld-Giessendam Giessenlanden Zederik Bodegraven-Reeuwijk Nieuwkoop Kaag en Braassem Waddinxveen Rijnwoude Boskoop Schoonhoven Vlist Bergambacht Katwijk Teylingen Noordwijk Lisse Hillegom Noordwijkerhout Tabel III.2 Ontwikkeling aantal vestigingen ICT per gemeente, ICT Hardware ICT Software Telecom Totaal ICT Media Nederland Zuid-Holland Rotterdam 's-gravenhage Leiden Delft Dordrecht Gouda Alphen aan den Rijn Gorinchem Schiedam Spijkenisse Vlaardingen Capelle aan den IJssel Lansingerland [email protected] tel
87 ICT Hardware ICT Software Telecom Totaal ICT Media Goeree-Overflakkee Barendrecht Ridderkerk Zwijndrecht Zuidplas Hellevoetsluis Maassluis Papendrecht Binnenmaas Krimpen aan den IJssel Hendrik-Ido-Ambacht Albrandswaard Oud-Beijerland Brielle Nederlek Westvoorne Cromstrijen Bernisse Korendijk Strijen Ouderkerk Zoetermeer Westland Leidschendam-Voorburg Pijnacker-Nootdorp Rijswijk Leiderdorp Wassenaar Voorschoten Oegstgeest Midden-Delfland Zoeterwoude Molenwaard Sliedrecht Leerdam Alblasserdam Hardinxveld-Giessendam Giessenlanden Zederik Bodegraven-Reeuwijk Nieuwkoop Kaag en Braassem Waddinxveen Rijnwoude Boskoop Schoonhoven Vlist Bergambacht Katwijk Teylingen [email protected] tel
88 ICT Hardware ICT Software Telecom Totaal ICT Media Noordwijk Lisse Hillegom Noordwijkerhout [email protected] tel
89 Bijlage IV Ruimtelijke spreiding bedrijvigheidsdynamiek Tabel IV.1 Ontwikkeling aantal starters in een viertal 4-jaarsperioden in de ICT per gemeente Nederland Zuid-Holland Rotterdam 699 1,092 1,059 1,624 's-gravenhage ,149 Leiden Delft Dordrecht Gouda Alphen aan den Rijn Gorinchem Schiedam Spijkenisse Vlaardingen Capelle aan den IJssel Lansingerland Goeree-Overflakkee Barendrecht Ridderkerk Zwijndrecht Zuidplas Hellevoetsluis Maassluis Papendrecht Binnenmaas Krimpen aan den IJssel Hendrik-Ido-Ambacht Albrandswaard Oud-Beijerland Brielle Nederlek Westvoorne Cromstrijen Bernisse Korendijk Strijen Ouderkerk Zoetermeer Westland Leidschendam-Voorburg Pijnacker-Nootdorp Rijswijk Leiderdorp Wassenaar [email protected] tel
90 Voorschoten Oegstgeest Midden-Delfland Zoeterwoude Molenwaard Sliedrecht Leerdam Alblasserdam Hardinxveld-Giessendam Giessenlanden Zederik Bodegraven-Reeuwijk Nieuwkoop Kaag en Braassem Waddinxveen Rijnwoude Boskoop Schoonhoven Vlist Bergambacht Katwijk Teylingen Noordwijk Lisse Hillegom Noordwijkerhout Tabel IV.2 Aantal oprichtingen, opheffingen en intergemeentelijke verplaatsingen van ICTbedrijven Oprichtingen Opheffingen Verplaatsingen Verplaatsingen Saldo vanuit naar Zuid-Holland Rotterdam 's-gravenhage Leiden Delft Dordrecht Gouda Alphen aan den Rijn Gorinchem Schiedam Spijkenisse Vlaardingen Capelle aan den IJssel Lansingerland Goeree-Overflakkee Barendrecht [email protected] tel
91 Oprichtingen Opheffingen Verplaatsingen vanuit Verplaatsingen naar Ridderkerk Zwijndrecht Zuidplas Hellevoetsluis Maassluis Papendrecht Binnenmaas Krimpen aan den IJssel Hendrik-Ido-Ambacht Albrandswaard Oud-Beijerland Brielle Nederlek Westvoorne Cromstrijen Bernisse Korendijk Strijen Ouderkerk Zoetermeer Westland Leidschendam-Voorburg Pijnacker-Nootdorp Rijswijk Leiderdorp Wassenaar Voorschoten Oegstgeest Midden-Delfland Zoeterwoude Molenwaard Sliedrecht Leerdam Alblasserdam Hardinxveld-Giessendam Giessenlanden Zederik Bodegraven-Reeuwijk Nieuwkoop Kaag en Braassem Waddinxveen Rijnwoude Boskoop Schoonhoven Vlist Bergambacht Katwijk Saldo [email protected] tel
92 Oprichtingen Opheffingen Verplaatsingen vanuit Verplaatsingen naar Teylingen Noordwijk Lisse Hillegom Noordwijkerhout Tabel IV.3 Aantal ZZP ers in ICT-sector, 2012 Saldo ICT Hardware ICT Software Telecom Totaal ICT Media Zuid-Holland Rotterdam 's-gravenhage Leiden Delft Dordrecht Gouda Alphen aan den Rijn Gorinchem Schiedam Spijkenisse Vlaardingen Capelle aan den IJssel Lansingerland Goeree-Overflakkee Barendrecht Ridderkerk Zwijndrecht Zuidplas Hellevoetsluis Maassluis Papendrecht Binnenmaas Krimpen aan den IJssel Hendrik-Ido-Ambacht Albrandswaard Oud-Beijerland Brielle Nederlek Westvoorne Cromstrijen Bernisse Korendijk Strijen Ouderkerk Zoetermeer Westland Leidschendam-Voorburg Pijnacker-Nootdorp [email protected] tel
93 ICT Hardware ICT Software Telecom Totaal ICT Media Rijswijk Leiderdorp Wassenaar Voorschoten Oegstgeest Midden-Delfland Zoeterwoude Molenwaard Sliedrecht Leerdam Alblasserdam Hardinxveld-Giessendam Giessenlanden Zederik Bodegraven-Reeuwijk Nieuwkoop Kaag en Braassem Waddinxveen Rijnwoude Boskoop Schoonhoven Vlist Bergambacht Katwijk Teylingen Noordwijk Lisse Hillegom Noordwijkerhout [email protected] tel
94 Bijlage VII Octrooiaanvragen Telecom en ICT Tabel VII.1 Aantal octrooiaanvragen in Telecommunicatie en ICT, Totaal Telecommunicatie ICT Nederland Zuid-Holland Rotterdam 's-gravenhage Leiden Delft Dordrecht Gouda Alphen aan den Rijn Gorinchem Schiedam Spijkenisse Vlaardingen Capelle aan den IJssel Lansingerland Goeree-Overflakkee Barendrecht Ridderkerk Zwijndrecht Zuidplas Hellevoetsluis Maassluis Papendrecht Binnenmaas Krimpen aan den IJssel Hendrik-Ido-Ambacht Albrandswaard Oud-Beijerland Brielle Nederlek Westvoorne Cromstrijen Bernisse Korendijk Strijen Ouderkerk Zoetermeer Westland Leidschendam-Voorburg Pijnacker-Nootdorp Rijswijk Leiderdorp Wassenaar Voorschoten [email protected] tel
95 Totaal Telecommunicatie ICT Oegstgeest Midden-Delfland Zoeterwoude Molenwaard Sliedrecht Leerdam Alblasserdam Hardinxveld-Giessendam Giessenlanden Zederik Bodegraven-Reeuwijk Nieuwkoop Kaag en Braassem Waddinxveen Rijnwoude Boskoop Schoonhoven Vlist Bergambacht Katwijk Teylingen Noordwijk Lisse Hillegom Noordwijkerhout [email protected] tel
96 Bijlage VIII CBS-onderzoek ICT-gebruik VIII.1 Indicatoren CBS-onderzoek In de CBS-publicatie ICT, kennis en economie 2012 zijn 13 economische sectoren vergeleken naar het gebruik van ICT-middelen. Door Bureau Louter zijn die sectoren vergeleken naar hun ICT-gevoeligheid. Daartoe zijn 25 sub-indicatoren geselecteerd die vervolgens zijn samengevoegd tot twaalf indicatoren (zie tabel VIII.1). De scores op de sub-indicatoren zijn onderling vergelijkbaar gemaakt door ze in zogenaamde z-scores om te zetten. Z-scores hebben een gemiddelde van 0 en een standaarddeviatie van 1. Er is een kans van 16% dat een score hoger is dan 1 en een kans van 16% dat een score lager dan -1. De scores op de indicatoren zijn bepaald als het ongewogen gemiddelde van de z-scores op de sub-indicatoren die eronder vallen. Die scores op de indicatoren zijn vervolgens weer omgezet in z-scores, waarna het ongewogen gemiddelde over de twaalf indicatoren is bepaald om tot een totaalscore te komen. Tabel VIII.1 Indicatoren ICT-gebruik uit het CBS-onderzoek Indicator Telewerk % verkoopsysteem % inkoopsysteem Open source software Automatic Data Exchange E-commerce Inkoop via e-commerce Milieu-effecten Belang innovatie Product Belang innovatie Proces Belang innovatie Organisatorisch Belang innovatie Marketing Sub-indicator Telewerk Boekhoudsysteem: Verkooporderverwerkingssysteem gekoppeld aan facturerings- en boekhoudsysteem. Voorraadbeheer: Verkooporderverwerkingssysteem gekoppeld aan systeem van voorraadbeheer. Productiesysteem: Verkooporderverwerkingssysteem gekoppeld aan productiesysteem. Logistiek systeem: Verkooporderverwerkingssysteem gekoppeld aan logistiek systeem. Boekhoudsysteem: Inkooporderverwerkingssysteem gekoppeld aan betalings- en boekhoudsysteem. Voorraadbeheer: Inkooporderverwerkingssysteem gekoppeld aan systeem van voorraadbeheer. Open source software Minstens 1: Ten minste één soort ADE. Verzenden A: Elektronische factuur verzonden geschikt voor automatische verwerking. Verzenden niet A: Elektronische factuur verzonden niet geschikt voor automatische verwerking. Ontvangen A: Elektronische factuur ontvangen geschikt voor automatische verwerking. Ontvangen Niet A: Elektronische factuur ontvangen niet geschikt voor automatische verwerking. Via website Via EDI: Het zenden of ontvangen van bedrijfsinformatie in een afgesproken formaat dat automatische verwerking mogelijk maakt. 1-49%: 1 tot 50 procent van de totale inkoopwaarde verloopt via e-commerce. >+50%: 50% of meer van de totale inkoopwaarde verloopt via e-commerce Papiergebruik: Verminderen papiergebruik via ICT Energie apparaten: Verminderen energieverbruik van apparaten via ICT. Fysiek reizen: Verminderen fysiek reizen via ICT. Energie processen: Verminderen energieverbruik van processen via ICT. % bedrijven met productinnovaties dat de inzet van ICT daarbij belangrijk vindt. Idem voor procesinnovaties Idem voor organisatorische innovaties Idem voor marketinginnovaties [email protected] tel
97 Toelichting indicatoren Telewerk: Faciliteren van thuiswerken met behulp van telewerkfaciliteiten % verkoopsysteem: Het gebruik maken van specifieke software als ondersteuning van verkooporderverwerking. % inkoopsysteem: Het gebruik van specifieke software als ondersteuning van inkooporderverwerking. Open source software: Software waarvan de broncode gelezen mag worden, die aangevuld of verbeterd mag worden en waarvan verdere verspreiding is toegestaan. Automatic Data Exchange: Dit betreft een vorm van externe datacommunicatie. Daarmee wordt verstaan de communicatie tussen computers van een bedrijf en die van derden. Onder Automatic Data Exchange wordt daarbij bedoeld de volledig geautomatiseerde afhandeling van processen. E-commerce: Het online bestellen van goederen of diensten. Dit betreft het ontvangen of plaatsen van orders via externe elektronische netwerken, ongeacht de wijze van betaling en aflevering. Inkoop via e-commerce: Het verzenden van orders via externe netwerken zoals internet of EDI. Bestellingen via worden niet tot e-commerce gerekend. Milieu-effecten: Het inzetten van ICT om de energieconsumptie terug te dringen. Belang innovatie: De potentie van ICT om innovatie te bevorderen doordat ICT de verspreiding van informatie kan versnellen, netwerken tussen bedrijven tot stand kan brengen en nauwere banden tussen bedrijven en klanten mogelijk kan maken. Daarbij is een onderscheid mogelijk tussen productinnovaties, procesinnovaties (beide technologische innovaties), organisatorische innovaties en marketinginnovaties (beide niet-technologische innovaties). De resultaten van het onderzoek worden door het CBS slechts gepresenteerd op het niveau van 13 brede sectoren. In de tekst van de CBS-publicatie wordt echter soms ingegaan op een meer gedetailleerde indeling in sectoren. Bij het indelen van sectoren naar hun ICT-gevoeligheid in paragraaf 8.4 is daar door Bureau Louter gebruik van gemaakt VIII.2 Factoranalyse De diverse sub-indicatoren kennen vaak een sterke onderlinge samenhang: hoge scores op de ene sub-indicator vallen samen met hoge scores op de andere sub-indicator. Om groepen van onderling samenhangende sub-indicatoren te vormen kan factoranalyse worden toegepast. Een aantal sub-indicatoren wordt dan teruggebracht tot een kleiner aantal factoren, die zijn opgebouwd uit de sub-indicatoren. De factoren vertonen geen onderlinge statistische samenhang. In tabel VIII.1 staat het resultaat van de factoranalyse. Deze heeft geleid tot zeven factoren. Aan de hand van factorladingen kan worden aangegeven welk statistisch verband er bestaat tussen een sub-indicator en de in beschouwing genomen factor. De score kan liggen tussen -1 (compleet negatief verband) en +1 (compleet positief verband). In de tabel zijn slechts de hoge, meest karakteristieke factorladingen weergegeven. Alle sub-indicatoren scoren op minstens één factor hoog, met uitzondering van inkoop boekhoudsysteem (waarvoor de hoogste factorlading 0,45 bedraagt, met factor 1). Bij een aantal factoren scoren diverse sub-indicatoren hoog, bij andere factoren valt de factor voornamelijk samen met één sub-indicator (factor 6 en factor 7). Dat betreft dan een sub-indicator die relatief weinig samenhang vertoont met andere sub-indicatoren en dus een min of meer uniek kenmerk vertegenwoordigt. Anderzijds zijn er groepjes subindicatoren die een sterk onderling verband kennen. Zo geldt dat het belang van ICT voor innovatieprocessen blijkbaar voor alle typen innovaties samenvalt (zie factor 3). En aandacht voor milieu-effecten komt ook in combinatie van alle vier onderscheiden type voor, overigens [email protected] tel
98 samen met een aantal andere sub-indicatoren (zie factor 1). In de hoofdtekst worden de verschillende factoren kort geïnterpreteerd. Tabel VIII.1 Factorladingen Indicator Factor 1 Factor 2 Factor 3 Factor 4 Factor 5 Factor 6 Factor 7 Telewerk 0,76 Verkoop boekhoudsysteem 0,72 Verkoop voorraadbeheer 0,67 0,50 Verkoop productiesysteem 0,91 Verkoop logistiek systeem 0,95 Inkoop boekhoudsysteem Inkoop voorraadbeheer 0,57 Open source software 0,51 ADE: minstens 1 soort 0,85 ADE: Verzenden A 0,70 ADE: Verzenden niet A 0,53 ADE: Ontvangen A 0,83 ADE: Ontvangen niet A 0,58 E-commerce website 0,95 E-commerce via EDI 0,83 Inkoop e-commerce 1-49% 0,73 Inkoop e-commerce >50% 0,92 Milieu: papiergebruik 0,81 Milieu: energie apparaten 0,94 Milieu: fysiek reizen 0,81 Milieu: energie processen 0,82 Belang innovatie Product 0,56 0,71 Belang innovatie Proces 0,89 Belang innovatie Organisator. 0,91 Belang innovatie Marketing 0,76 Toelichting: Alleen factorladingen hoger dan 0,5 zijn weergeven. Zeer hoge factorladingen (0,8 of meer) zijn vet gemarkeerd.. [email protected] tel
Hoe groen zijn de Zuid-Hollandse gemeenten?
Hoe groen zijn de Zuid-Hollandse gemeenten? Analyse van ruimtegebruik Wanneer men kaarten van Zuid-Holland gedurende de tijd bekijkt (zie www.topotijdreis.nl) zal één ding opvallen: de bebouwing rukt op
Ontwikkelt u nieuwbouwwoningen
Ontwikkelt u nieuwbouwwoningen in Zuid-Holland? Structin maakt het u makkelijker! Structin is het samenwerkingsverband van netbeheerders voor de coördinatie van de gecombineerde aanleg van ondergrondse
Ontwikkelt u nieuwbouwwoningen in Zuid-Holland?
Ontwikkelt u nieuwbouwwoningen in Zuid-Holland? Structin maakt het u makkelijker! Structin is het samenwerkingsverband van netbeheerders voor de coördinatie van de gecombineerde aanleg van ondergrondse
MKB-vriendelijkste gemeente van Nederland 2012/2013 Eindrapportage. Gemeente Papendrecht
MKB-vriendelijkste gemeente van Nederland 2012/2013 Eindrapportage Gemeente Papendrecht Voorwoord Groningen, september 2013 Voor u ligt het resultaat van het in 2012 en 2013 gehouden onderzoek naar de
MKB-vriendelijkste gemeente van Nederland 2012/2013. Gemeente Maassluis
MKB-vriendelijkste gemeente van Nederland 2012/2013 Gemeente Maassluis Voorwoord Groningen, september 2013 Voor u ligt het resultaat van het in 2012 en 2013 gehouden onderzoek naar de MKBvriendelijkste
Interpretatie van de kengetallen
Interpretatie van de kengetallen Om een goed beeld te vormen van de kengetallen volgt hieronder een korte toelichting op de betekenis van de kengetallen en welke signaleringswaarden er gebruikt worden
Gegevens gemeente woonplaats Alblasserdam Alblasserdam Totaal Alblasserdam
provincie Zuid Holland Gegevens gemeente woonplaats 2016 2015 Alblasserdam Alblasserdam 1.581 1.778 Totaal Alblasserdam 1.581 1.778 Albrandswaard Poortugaal 1.954 2.793 Totaal Albrandswaard 1.954 2.793
Geachte leden van de raad,
R A A D S I N F O R M A T I E B R I E F De leden van de raad Postbus 200 2920 AE KRIMPEN AAN DEN IJSSEL Datum: 7-5-2013 Zaaknummer: Afdeling: Financiën en Control Contactpersoon: Uw brief van: Onderwerp:
Leges Zuid-Holland 2015. Postzegelplan
Leges Zuid-Holland 2015 Op basis van legesverordeningen 2015 van 60 gemeenten in Zuid-Holland * verbijzondering: de vijf voormalige gemeenten die vanaf 1 januari 2015 als gemeente Krimpenerwaard verder
Eenheid Rotterdam. Reactietijden politie spoedmeldingen
Eenheid Rotterdam Reactietijden politie Eenheid Rotterdam Alblasserdam Albrandswaard Barendrecht Binnenmaas Brielle Capelle aan den IJssel Cromstrijen Dordrecht Giessenlanden Goeree-Overflakkee Gorinchem
Business Barometer. 2 e kwartaal 2006
Business Barometer 2 e kwartaal 26 Voor meer informatie: Peter Blasić, tel. 1-42 78 28, e-mail [email protected]. Voor een volledige rapportage: www.kvk.nl/businessbarometer. Samenvatting De Business
De tarieven van de Onroerende Zaak Belasting. in de Regio Rotterdam
De tarieven van de Onroerende Zaak Belasting in de Regio Rotterdam 2003-2004 Gemeentelijke Lasten Conclusies De OZB-tarieven voor niet-woningen in de Kamerregio Rotterdam stegen met gemiddeld 4,8 %, tegen
KAART 1 - Concentratiegebieden (glas)tuinbouw
KAART - Concentratiegebieden 5 Greenports (glastuinbouw en boomteelt) overige gebieden met tuinbouw glastuinbouw (substraat- of grondgebonden teelt) Noordwijk open teelt (container- of grondgebonden teelt)
Gemeente Delft. Hieronder gaan wij in op de uitkomsten van het onderzoek en de reactie van onze stakeholders.
Ruimte en Economie MJI Gemeente Delft Advies bezoekadres: Stationsplein 1 2611 BV Delft IBAN NL21 BNGH 0285 0017 87 t.n.v. gemeente Delft Retouradres : Postbus 78, 2600 ME Delft Aan de leden van de gemeenteraad
REGISTER GEMEENSCHAPPELIJKE REGELINGEN GEMEENTE VOORSCHOTEN
REGISTER GEMEENSCHAPPELIJKE REGELINGEN GEMEENTE VOORSCHOTEN Gemeenschappelijke regelingen gemeente Voorschoten Samenwerkingsorgaan Holland Rijnland Openbaar Lichaam Belastingsamenwerking Gouwe-Rijnland
Wanneer wordt psychologische hulp door de gemeente vergoed? Psychologische hulp alleen vergoed als voldaan is aan een aantal voorwaarden.
VERGOEDING PSYCHOLOGISCHE HULP Met ingang van 2015 zijn de wettelijke regels voor vergoeding van psychologische hulp gewijzigd. De overheid heeft bepaald dat psychologische hulp niet altijd volledig vergoed
Memo. Medewerkers wonen gemeenten. WBR en BP Contact. demografie en prognoses Ewoud Smit /
Memo Contact demografie en prognoses Ewoud Smit [email protected] / 070-441 7441 beleid Martine Tragter [email protected] / 070-441 6505 Aan Medewerkers wonen gemeenten Datum 9 juni 2016 Onderwerp WBR en BP
Hoogvliet Poortugaal. Spijkenisse. Hellevoetsluis. Oud-Beijerland. Zuidland Nieuw-Beijerland HOEKSCHE WAARD GOEREE-OVERFLAKKEE.
Hoogvliet Poortugaal Spijkenisse Hellevoetsluis 4 Zuidland Nieuw-Beijerland Oud-Beijerland 3 6 1 HOEKSCHE WAARD 2 GOEREE-OVERFLAKKEE 7 5 0 2,5 5 km Projecten 1 Agroranden 2 Ontsluiting Tiengemeten 3 Proeftuin
Leerlingenprognose Rijnmond en Haaglanden 2012-2025
Leerlingenprognose Rijnmond en Haaglanden 2012-2025 Onderzoeksnotitie Onderzoek in opdracht van het ministerie van OCW Sil Vrielink & Dik Leering ResearchNed & QDelft april 2012 2012 ResearchNed Nijmegen
Wettelijk register gemeenschappelijke regelingen
Wettelijk register gemeenschappelijke regelingen Stellers Eigenaar Zaaknummer : M.P.C. van Hal : Bestuurszaken Z/16/015870 Maart 2016 WETTELIJK REGISTER GEMEENSCHAPPELIJKE REGELINGEN (ART. 27 WGR) Nr.
Kennis(sen) netwerk externe veiligheid
Kennis(sen) netwerk externe veiligheid Kennis(sen) netwerk externe veiligheid Provincie Zuid-Holland Regio Hollands Midden Regio Haaglanden Regio Zuid-Holland Zuid Regio Rotterdam Rijnmond April 2011 Kennis(sen
VOORNEMEN TOT AANWIJZEN KERNWERKGEBIED HAAGLANDEN, ROTTERDAM, MIDDEN- HOLLAND
DSO/2016.270 RIS 292840 VOORNEMEN TOT AANWIJZEN KERNWERKGEBIED HAAGLANDEN, ROTTERDAM, MIDDEN- HOLLAND HET COLLEGE VAN BURGEMEESTER EN WETHOUDERS, Overwegende dat: - de Woningwet eisen stelt aan het werkgebied
Kerncijfers Holland Rijnland
2012 Kerncijfers 2013 Inhoud Voorwoord 3 Technische toelichting 5 1. Benchmark 6 2. Kerncijfers per gemeente 10 3. Oppervlakte en bodemgebruik 26 4. Bevolking 28 5. Wonen 36 6. Economie & toerisme 39 7.
VEILIGHEIDSRAPPORTAGE REGIO ROTTERDAM 2014
VEILIGHEIDSRAPPORTAGE REGIO ROTTERDAM 2014 Colofon April 2014 Uitgave van Veiligheidsalliantie Regio Rotterdam en politie Rotterdam, in opdracht van Regionaal Veiligheidsoverleg Eenheid Rotterdam. Bevolkingsonderzoek
Highlights Regio in Beeld 2015. Arbeidsmarktregio Rijnmond
Highlights Regio in Beeld 2015 Arbeidsmarktregio Rijnmond Samenvatting Aantal banen neemt weer toe, echter niet in collectieve sector In Rijnmond groeit het aantal banen van werknemers (voltijd en deeltijd)
Dag strippenkaart. Hallo OV-chipkaart. Vanaf 19 mei 2011 is de strippenkaart niet meer geldig. Kijk op ov-chipkaart.nl/zuidholland
Dag strippenkaart Waar kan ik terecht met vragen? Voor alle vragen over het afschaffen van de strippenkaart en/of het reizen met de OV-chipkaart en over abonnementen bij Connexxion kunt u bij ons terecht.
100.000 INWONERS KWETSBARE BURGERS IN EEN GEMEENTE MET...
IN EEN GEMEENTE MET... 100.000 MEE Zuid-Holland Noord biedt ondersteuning bij leven met een beperking in de gemeenten Alphen aan den Rijn - Delft - Den Haag ('s-gravenhage) - Hillegom - Kaag en Braassem
Introductie merkonderzoeksmodel BrandAlchemy
Merkkracht van de Rotterdamse cultuurorganisaties volgens de inwoners van de provincie Zuid-Holland Rotterdam, 7 november 13 Page 1 11 Introductie merkonderzoeksmodel BrandAlchemy! BrandAlchemy is een
Tabellenboek Veiligheidsmonitor Eenheid Den Haag 2014
Tabellenboek Veiligheidsmonitor Datum: Juni 2015 Uitgave: I&O Research Respons : Algemeen Over de Veiligheidsmonitor De Veiligheidsmonitor is een jaarlijks terugkerend bevolkingsonderzoek naar veiligheid,
Regionale Maandcijfers Arbeidsmarktinformatie Rijnmond
Regionale Maandcijfers Arbeidsmarktinformatie Rijnmond Tabel 1: Stand WW-uitkeringen Stand WW mutatie tov vorige mnd mutatie tov vorig jaar Sep 2017 % aantal % aantal % Nederland 350.810 3,9% -11.322-3,1%
Bedrijfsruimtemarkt zuidwest-nederland Zuid-Holland en Zeeland
Landelijke marktontwikkelingen Na een korte opleving in 211 viel de opname van bedrijfsruimte in 212 opnieuw terug. Tegen de verwachting in bleef het aanbod echter redelijk stabiel. Wel wordt een steeds
Herstraatvoorwaarden Regionaal overleg. De Spil in Bleskensgraaf 19 september 2013
Herstraatvoorwaarden Regionaal overleg De Spil in Bleskensgraaf 19 september 2013 Opening Tarievenvergelijking AVH en KPN Juridische status van de overeenkomst Meldpakket MOOR en toelichting Molenwaard
ZZTID. provincie H~~~~~~ Begeleidend schrijven O W 26 APRIL Gemeente Molenwaard. De raden van de in Zuid-Holland gelegen gemeenten
26 APRIL 2016 provincie H~~~~~~ ZZTID De raden van de in Zuid-Holland gelegen gemeenten Gemeente Molenwaard O W Begeleidend schrijven Directie Leefomgeving en Bestuur (DLB) Contact S.K. Ramadhin sk.ramadhin(c~pzh.nl
Bereik effectief de regio Zuid-Holland
Bereik effectief de regio Zuid-Holland Combineer de media van Omroep West via West ReclameAdvies Belangrijkste nieuwsbron Regionale betrokkenheid 2 miljoen bereik in de regio Multimediaal aanbod 24 uur
Overzicht verzoeken vangnetuitkering 2017
bijstand 738 Aalburg 1.298.992 1.615.207 24,34% 0 202.553 Positief Positief 197 Aalten 4.273.319 4.742.621 10,98% 0 127.818 Positief Positief 482 Alblasserdam 4.128.503 4.982.119 20,68% 0 492.372 Positief
Economische monitor. Voorne PutteN 5 GEMEENTEN. 4 e editie. Opzet en inhoud
4 e editie Economische monitor Voorne PutteN Opzet en inhoud In 2010 verscheen de eerste editie van de Economische Monitor Voorne-Putten, een gezamenlijk initiatief van de vijf gemeenten Bernisse, Brielle,
Het belang van het MKB
MKB Regio Top 40 Themabericht Rogier Aalders De nieuwe MKB Regio Top 40 is uit. Zoals u van ons gewend bent, rangschikken we daarin de veertig Nederlandse regio s op basis van de prestaties van het MKB
REFERENTIELIJST GEMEENTEN. Bestuurssecretaresse. Teamleider Bestuurssecretariaat. Directiesecretaresse. Procesbegeleider Agendakamer.
REFERENTIELIJST GEMEENTEN Almere Teamleider Bestuurssecretariaat Alkmaar Procesbegeleider Agendakamer Teamleider Amersfoort Amsterdam Amsterdam Dienst ICT Directie- bestuurssecretaresse Amsterdam Dienst
Notitie 2012-04 > Verhuringen 2007-2012 > via Woonnet Rijnmond
Notitie -04 > Verhuringen - > via Woonnet Rijnmond Datum 4 juli 2013 Voor Maaskoepel Door Explica Explica > Beukelsdijk 106a > 3022 DK Rotterdam www.explica.nl > e. [email protected] > t. 010 2236820 01
Zuidwest-Nederland REGIONALE MARKTONTWIKKELINGEN KANTORENMARKT. Marktstructuur. Vraag. Aanbod
REGIONALE MARKTONTWIKKELINGEN KANTORENMARKT Zuidwest-Nederland Marktstructuur Voorraad kantoorruimte in Zuidwest-Nederland (*1. m²) 35.536 13.629 459 Overig Nederland In Zuidwest-Nederland ligt circa 29%
met gekozen woonplaats te Amsterdam, VERZOEKERS, advocaten: mr. R.J.W. Analbers en mr. M.H.B.J. Harbers, beiden kantoorhoudende te Amsterdam,
beschikking GERECHTSHOF AMSTERI)AM ONDERNEMINGSKAMER zaaknummer: 200.238.435/010K beschikking van de Ondernemingskamer van 26juli 2018 inzake 1. CENTRALE ONDERNEMINGSRAAD VAN ENECO GROEP N.V. EN HAAR GROEPSMAATSCHAPPIJEN,
RAPPORTAGE EMISSIEBEHEER RIOLERING 2012
RAPPORTAGE EMISSIEBEHEER RIOLERING 2012 Archimedesweg 1 CORSA nummer: 14.48265 postadres: versie: Definitief postbus 156 auteur: Irene van der Stap 2300 AD Leiden oplage: Digitaal telefoon (071) 3 063
Zuid-Holland krijgt R-net
Zuid-Holland krijgt R-net Betrouwbaar Samenhang Herkenbaar Aantrekkelijk Moeiteloos In de Randstad komt een betere bereikbaarheid en een betere doorstroming van het verkeer. Eén van de maatregelen is R-net:
Kantorenmonitor Holland Rijnland
Kantorenmonitor Holland Rijnland Inhoud Voorwoord 4 Inleiding 4 Kantorenvoorraad in Holland Rijnland 7 Bestaande kantorenvoorraad 7 Kantoren 8 Kantorenstand 9 Ontwikkelingen in 21, 211 en 212 12 Kantorenvoorraad
kantorenmarkt zuidwest-nederland Zuid-Holland en Zeeland
Landelijke marktontwikkelingen Mede dankzij enkele grote transacties in diverse steden bereikte de opname van kantoorruimte de eerste maanden van 2012 een (onverwacht) hoog niveau. Deze goede start zette
Brandweer en brandpreventie in Hollands Midden
Brandweer en brandpreventie in Hollands Midden Integrale Veiligheidsmonitor Hollands Midden 2011 Themarapport Brandweer April 2012 Brandweer en brandpreventie in Hollands Midden Integrale Veiligheidsmonitor
Voorstel tot vereenvoudiging doorberekeningssystematiek BOPZ- en Huisverbod-Online
A.11 Bijlage 1 Voorstel tot vereenvoudiging doorberekeningssystematiek BOPZ- en Huisverbod-Online 28 april 2011 Inleiding In 2005 heeft het algemeen bestuur van de Veiligheidsregio Hollands Midden na afstemming
Herkomsttabellen Utrecht Randstad Koopstromenonderzoek 2011
Herkomsttabellen Utrecht Randstad Koopstromenonderzoek 2011 Gemeenten en aankooplocaties, dagelijkse & niet-dagelijkse sector Colofon Opdrachtgever Provincie Zuid-Holland Provincie Noord-Holland Provincie
Overzicht wijzigingen CAFAS database t/m Q1 2016
Ablasserdam Dordrecht (+ Spijkenisse) A0 Centercom 01.05.2013 9/01.07.2013 Bergen op zoom Roosendaal+Breda A0 Centercom 01.07.2013 10/01.10.2013 Bloemendaal Haarlem+Haarlemmermeer A0 Centercom 01.10.2011
Verhuis- en woonmonitor
Verhuis- en woonmonitor HOEKSCHE WAARD 216 & 217 Inhoud De Hoeksche Waard wil graag de regionale ontwikkelingen rondom verhuizingen en huizenverkoop volgen. Hiervoor stelt Onderzoekcentrum Drechtsteden
Schoolconcentratie in het voortgezet onderwijs, een verkenning van ontwikkelingen in Rijnmond 1986-2010
Schoolconcentratie in het voortgezet onderwijs, een verkenning van ontwikkelingen in Rijnmond 1986-2010 Dr. Enne de Boer TU Delft, Faculteit CiTG, Afdeling Transport en Planning [email protected] Dirk-Jan
Geluidbelastingkaarten 2017 provincie Zuid-Holland
Geluidbelastingkaarten 2017 provincie Zuid-Holland Europese richtlijn omgevingslawaai Provinciale wegen buiten de agglomeraties Geluidbelastingkaarten 2017 provincie Zuid-Holland Europese richtlijn omgevingslawaai
DCMR milieudienst Rijnmond
milieudienst Parallelweg 1 Airmazing Postbus 843 Raadhuishof 5 3100 AV Schiedam 2761 AM ZEVENHUIZEN ^ 010-246 80 00 F 010-246 82 83 W wwwdcmr nl E coen.boog8rd@dcmr,nl BESLUIT van gedeputeerde staten van
