Economische aspecten van kernenergie
|
|
|
- Leo Sasbrink
- 10 jaren geleden
- Aantal bezoeken:
Transcriptie
1 Factsheet ten behoeve van de werkbijeenkomst Kernenergie op 25 februari Rathenau Instituut, Den Haag. Economische aspecten van kernenergie Bij de economische aspecten van kernenergie gaat het om de kostprijs van kernenergie in vergelijking met andere opties voor elektriciteitsopwekking. In de geliberaliseerde energiemarkt moet kernenergie kunnen concurreren met alternatieve opties. De hoogte van de (reële) rentevoet kan de vergelijking beïnvloeden. Deze factsheet gaat in op de volgende opties: Een kerncentrale met een vermogen van 600 (of 1250) MW. Een 600 MW kolengestookte centrale. Een 400 MW gasgestookte centrale. Een offshore windcentrale met een totaal vermogen van 600 MW. Eerst wordt kernenergie vergeleken met kolen- of gasgestookte centrales. Kernenergie en kolen worden ingezet voor basislast elektriciteitsopwekking 1. Aangenomen is dat ook de gasgestookte centrale in de basislast wordt ingezet. Dan wordt kernenergie vergeleken met een tweede vorm van vrijwel CO 2 -vrije elektriciteitsopwekking, namelijk offshore windenergie. Zo n windpark geeft een patroon van elektriciteitsopwekking, dat bepaald wordt door de hoogte van de windsnelheid 2. Offshore windenergie wordt ook wel een intermitterende bron genoemd. 1 Als een kerncentrale of een kolencentrale 90% van de tijd op vollast draait, levert dit 0,90x vollasturen. 2 Het vermogen neemt toe vanaf de startwindsnelheid, bereikt een maximum bij een bepaalde ontwerpwindsnelheid en blijft dan constant tot de snelheid waarbij de turbine wordt afgeschakeld om beschadiging te voorkomen.
2 Vergelijking tussen kerncentrale, kolencentrale en gascentrale De conventionele opties voor elektriciteitsopwekking, met uitzondering van offshore windenergie, hebben de volgende technische en economische karakteristieken (tabel 1). Tabel 1 Conventionele opties voor elektriciteitsopwekking in Nederland Kernenergie Kolen Gas Technische parameters Vermogen [MW] (1.250) Netto rendement [%] (36) Ontwerplevensduur [jaar] (60) Capaciteitsfactor 1 [%] (90) Economische parameters Investeringskosten [mln ] (2.375) [ /kw] (1.900) Onderhoud en bediening 3 - Vast [ /kw/jaar] (28,5) Variabel [ /MWh e ] (3,75) 4,10 5,25 2,75 Brandstof/splijtstofcycluskost en [ /GJ] (0,9) 0,9 1,4-2,0 4,0-5,4 [ /MWh e ] (9,0) 9,8 11,2-16,0 25,7-34,7 Afschrijvingsperiode [jaar] (25-20) Reële rentevoet [%] (8-10) Elektriciteitsproductiekosten [ /MWh e ] (38,9-44,7) 44,2-50,9 33,8-42,2 37,1-47,9 Bronnen: Menkveld et al., 2004; Seebregts et al., 2004; Heller, 2004; Lako, 2004; Lako et al., Er worden kernreactoren beschouwd van 1250 MW en 600 MW. (Heller, 2004) presenteert kosten voor een 1250 MW reactor. Het Finse TVO heeft in 2003 besloten een reactor van ca MW te bouwen bij Olkiluoto. Het besluit was gebaseerd op bedrijfseconomische overwegingen, maar paste in het overheidsbeleid wat betreft voorzieningszekerheid en reductie van broeikasgasemissies. De investeringskosten zijn 3 miljard (NEI, 2004; IEA, 2004). In oktober 2004 maakte Electricité de France (EdF) bekend een zelfde reactor - de zogenoemde European Pressurised Water Reactor (EPR) van ca MW - te gaan bouwen op de locatie Flamanville in Normandië. De bouw zal beginnen in 2007 en vijf jaar duren (Internet bron 1). Deze ijkpunten zijn gebruikt om de kosten te berekenen van een 600 MW reactor. Vanwege het verschil in kapitaalintensiteit per optie, wordt gerekend met een reële rentevoet van 8 of 10% en met een afschrijvingsperiode van 25 of 20 jaar: Case 8% betekent een reële rentevoet van 8% en afschrijving in 25 jaar. Case 10% betekent een reële rentevoet van 10% en afschrijving in 20 jaar. 3 Inclusief reservering voor ontmanteling van de kerncentrale c.q. kolen-/gascentrale aan het eind van de levensduur.
3 De brandstofkosten voor kolen- en gascentrales zijn gebaseerd op (Seebregts et al., 2004) en (Van Dril et al., 2005). Voor kernenergie is gerekend met gemiddelde splijtstofcycluskosten van 0,9/GJ, bestaande uit front-end kosten (uranium, verrijking, splijtstoffabricage) en back-end kosten (opwerking, opslag en opberging van radioactief afval). Aangenomen is dat de kosten van de splijtstofcyclus langzaam stijgen. Kostenschattingen voor opslag en opberging variëren van land tot land, maar vormen slechts een fractie van de splijtstofcycluskosten 4 (EC, 2000). De kosten van elektriciteitsopwekking volgens tabel 1 zijn in figuur 1 grafisch weergegeven, opgesplitst naar kapitaalskosten (annuïtaire afschrijving), vaste en variabele onderhouds- en bedieningskosten (inclusief reservering voor ontmanteling) en brandstof/splijtstofkosten. [EUR/MWh] Brandstof/splijtstofcyclus Onderhoud en bediening, variabel Onderhoud en bediening, vast Kapitaal % 10% 8% 10% 8% 10% 8% 10% 8% 10% 8% 10% LWR LWR LWR LWRKolenKolenKolenKolenGas Gas Gas Gas MW MW MW MW Figuur 1 Kosten elektriciteitsopwekking bij lichtwaterreactor 5, kolen en gas Een gasgestookte centrale is concurrerend, mits de prijs van aardgas niet te hoog is. Als de aardgasprijs met 25% stijgt ten opzichte van het referentieniveau, verdwijnt het kostenvoordeel. De kosten van elektriciteit uit kolen zijn vergelijkbaar en minder gevoelig voor de brandstofprijs. Dit geldt in nog sterkere mate voor kernenergie en de prijs van uranium. Een reactor van 1250 MW kan tegen lagere productiekosten leveren dan een reactor van 600 MW. 4 Er is een keuze tussen niet opwerken - splijtstofelementen uit de reactor verblijven langere tijd in een koelbassin of droog en worden uiteindelijk in zogenoemde Castor -containers opgeborgen in de diepe ondergrond - en opwerken, waarbij het verschil is dat plutonium en uranium worden teruggewonnen uit de splijtstofelementen. 5 Er worden voornamelijk drukwaterreactorreactoren (Pressurised Water Reactor, PWR) of kokendwaterreactoren (Boiling Water Reactor, BWR) gebouwd, die worden aangeduid als lichtwaterreactoren (Light Water Reactor, LWR).
4 Externe effecten Binnen de EU is veel onderzoek gedaan naar de externe effecten van elektriciteitsopwekking, met name gezondheidseffecten via de lucht en effecten door broeikasgassen (figuur 2). Figuur 2 Kwalitatief beeld van externe effecten van opties voor elektriciteitsopwekking Bron: EC, 2003a. De externe effecten zijn het grootst bij kolencentrales, kleiner bij gascentrales en klein bij kernenergie en windenergie. Bij kolencentrales zijn de externe kosten tenminste 2 ct/kwh, bij gascentrales tenminste 1 ct/kwh en bij kerncentrales op 0,2-0,5 ct/kwh (EC, 2003a) 6. Figuur 3 geeft de beschouwde opties inclusief externe kosten. [EUR/MWh] % 10% 8% 10% 8% 10% Verschil maximum en minimum Mimimale externe kosten Brandstof/splijtstofcyclus Onderhoud en bediening, variabel Onderhoud en bediening, vast Kapitaal LWR LWR MW MW Kolen Kolen Gas Gas Figuur 3 Integrale kosten voor de laagste en de hoogste varianten uit figuur 1. 6 De door (Dodd, 1995) berekende waarde van 0,7 ct/kwh voor kernenergie is buiten beschouwing gebleven, omdat deze op verouderde gegevens berust (Wieman, 2004). Voor kolen en gas zijn Nederlandse ExternE data gebuikt.
5 Bij discontering van de externe kosten, stijgen de elektriciteitskosten van een kolencentrale met % en van een gascentrale met 20-55%. Omdat de externe kosten van kernenergie laag zijn, zijn de integrale kosten lager dan die van elektriciteit uit kolen of gas. Een energiebedrijf baseert investeringsbeslissingen met name op bedrijfseconomische gronden. Externe kosten vallen hier niet onder. Idealiter zouden ze wel moeten worden geïnternaliseerd. In de praktijk gebeurt ten dele voor CO 2 wanneer in 2005 de markt voor CO 2 -emissiehandel van start gaat. Gezien de omvang van de investering voor een reactor van MW, namelijk 1,3-2,4 miljard, stelt kernenergie een ondergrens aan de grootte van het energiebedrijf. De heliumgekoelde hoge temperatuurreactor Pebble Bed Modular Reactor, die in de factsheet Reactortypen aan de orde komt, heeft een vermogen van ca. 110 MW. PBMR Pty in Zuid Afrika bereidt de bouw van een demonstratiereactor voor (Internet bron 2). Vergelijking tussen kerncentrale en offshore windpark Een kerncentrale kan ook worden vergeleken met een (toekomstig) offshore windpark (tabel 2). Net als bij de vergelijking tussen kernenergie en kolen- en gasgestookte centrales, wordt vanwege het verschil in kapitaalintensiteit per optie, gerekend met een reële rentevoet van 8 of 10% en met een afschrijvingsperiode van 25 of 20 jaar: Case 8% betekent een reële rentevoet van 8% en afschrijving in 25 jaar. Case 10% betekent een reële rentevoet van 10% en afschrijving in 20 jaar. Tabel 2 Beschouwde opties voor elektriciteitsopwekking in Nederland Kernenergie Offshore windenergie Technische parameters Vermogen [MW] (1.250) Netto rendement [%] (36) Ontwerplevensduur [jaar] (60) Capaciteitsfactor 1 [%] (90) 90 36,5 36,5 Economische parameters Investeringskosten [mln ] (2.375) [ /kw] (1.900) Onderhoud en bediening - Vast [ /kw/jaar] (28,5) Variabel [ /MWh e ] (3,75) 4,10 19,6 16,7 Brandstof/splijtstofcycluskost en [ /GJ] (0,9) 0,9 - - (9,0) 9,8 - - Afschrijvingsperiode [jaar] (25-20) Reële rentevoet [%] (8-10) Elektriciteitsproductiekosten [ /MWh e ] (38,9-44,7) 44,2-50,9 65,6-77,2 55,6-65,6 Externe kosten [ /MWh e ] (2-5) 2-5 1,5-2,5 1,5-2,5 Integrale kosten [ /MWh e ] (41-50) Noot: De investeringskosten van offshore wind zijn ontleend aan de variant met veel leereffecten in (de Vries et al., 2004). Aangenomen is dat de o&b-kosten equivalent zijn aan 4% van de investeringskosten per jaar. (Lako, 2002) en (Scheepers et al., 2002) geven lagere schattingen van investerings- en o&b-kosten. Bronnen: al., EC, 2003a; Herman et al., 2004; Menkveld et al., 2004; Heller, 2004; de Vries et
6 Figuur 4 vergelijkt kernenergie met offshore wind inclusief externe kosten. De berekening van de kosten van offshore windenergie is nog met onzekerheid omgeven. Zo is het de vraag of een afschrijvingsperiode van 25 jaar haalbaar is voor offshore windenergie. De case met een reële rentevoet van 10% is echter gebaseerd op een afschrijvingsperiode van 20 jaar. Ook is de technische levensduur van offhore wind - hier gesteld op gemiddeld 30 jaar 7 - met onzekerheid omgeven. Wel zullen de kosten van beide opties op middellange termijn meer overeenkomst gaan vertonen, zeker als de investeringskosten sneller zouden dalen dan hier is verondersteld. [EUR/MWh] % 10% 8% 10% 8% 10% 8% 10% Verschil maximum en minimum Mimimale externe kosten Brandstof/splijtstof-cyclus Onderhoud en bediening, variabel Onderhoud en bediening, vast Kapitaal LWR 1250 MW LWR 1250 MW LWR LWR 600 MW 600 MW Offshore 2010 Offshore 2010 Offshore Offshore Figuur 4 Integrale kosten elektriciteitsopwekking bij LWR en offshore windenergie Omdat windenergie een intermitterende bron is, vergt offshore wind additionele kosten in verband met reservecapaciteit, load management (zogenoemde onbalans) en netinpassing die niet behoeven te gelden voor conventionele opties. 7 De levensduur van het offshore platform en van de elektrische infrastructuur kan wellicht meer dan 30 jaar zijn.
7 REFERENTIES Dodd, D.H. (1995): External cost of the nuclear fuel cycle. A cooping study to determine the external cost of the Dutch nuclear fuel cycle in accordance with the EC/US methodology. ECN, Petten, ECN-C Dril, A.W.N. van et al. (2005): Energie in de scenario s van Welvaart en Leefomgeving (werktitel, in voorbereiding). ECN/RIVM, verwacht medio Dril, A.W.N. van et al. (2005): Referentieraming energie, klimaat en verzurende emissies ECN/RIVM-NMP, 2005 (nog te verschijnen). EC (2003a): External costs. Research results on socio-environmental damages due to electricity and transport. EC, Directorate-General for Research, EC (2003b): European energy and transport: Trends to DG-TREN, January Heller, W. (2004): Wirtschaftlichkeit der Kernkraftwerke heute. ATW, Oktober 2004, pp Herman, S.A. et al. (2004): Locaties en opwekkosten 6000 MW offshore windenergie. Revisie maart ECN, Petten, ECN-CX IEA (2004): Energy policies of IEA countries review. International Energy Agency, Paris, 2004, p Lako, P. et al. (1998): Characterisation of power generation options for the 21st century. ECN, Petten, ECN-C Lako, P. (2002): Learning and diffusion for wind and solar power technologies. Monograph in the framework of the VLEEM project. ECN, Petten, ECN-C Lako, P. (2004): Coal-fired power technologies. Coal-fired power options on the brink of climate policies. ECN, Petten, ECN-C Menkveld, M. et al. (2004): Energietechnologieën in relatie tot transitiebeleid. Factsheets. ECN, Petten, ECN-C Seebregts, A.J. et al. (2004): Baseload elektriciteitsprijzen en brandstofprijzen 2005 tot en met ECN, Petten, ECN-I Scheepers, M.J.J. et al. (2002): Bedrijfseconomische beoordeling van twee CO 2 - vrije opties voor elektriciteitsproductie voor de middellange termijn. ECN, Petten, ECN-C , Vries, H.J. de et al. (2004): Schatting van de kostenontwikkeling van offshore windenergie in Nederland en de benodigde Rijksbijdrage voor het behalen van MW in 2020, ECN-C , april Wieman, J. (2004): Persoonlijke informatie J. Wieman. EPZ, Borssele, 13 december INTERNETBRONNEN
BEDRIJFSECONOMISCHE BEOORDELING VAN TWEE CO 2 -VRIJE OPTIES VOOR ELEKTRICITEITSPRODUCTIE VOOR DE MIDDELLANGE TERMIJN
Januari 3 ECN-C---55A BEDRIJFSECONOMISCHE BEOORDELING VAN TWEE CO -VRIJE OPTIES VOOR ELEKTRICITEITSPRODUCTIE VOOR DE MIDDELLANGE TERMIJN Notitie Herziening bedrijfseconomische beoordeling offshore windenergie
Windenergie goedkoper dan kernenergie!
Go Wind - Stop nuclear Briefing 1 26 june 2002 Windenergie goedkoper dan kernenergie! Electrabel geeft verkeerde informatie over kostprijs van kernenergie en windenergie. Electrabel beweert dat windenergie
Financiële baten van windenergie
Financiële baten van windenergie Grootschalige toepassing van 500 MW in 2010 en 2020 Opdrachtgever Ministerie van VROM i.s.m. Islant Auteurs Drs. Ruud van Rijn Drs. Foreno van der Hulst Drs. Ing. Jeroen
ENERGIETECHNOLOGIEËN IN RELATIE TOT TRANSITIEBELEID
Februari 2004 ECN-C--04-020 ENERGIETECHNOLOGIEËN IN RELATIE TOT TRANSITIEBELEID Factsheets M. Menkveld (red.) Verantwoording Dit onderzoek is uitgevoerd in opdracht van de AER en de VROM-raad. Het project
: Nederlandse elektriciteitscentrales en onconventioneel gas
30109151-Consulting 10-2303, rev.2 8-Feb-11 HKo/JMW Notitie aan van Betreft : AER/Den Haag : KEMA Nederland : Nederlandse elektriciteitscentrales en onconventioneel gas 1 INLEIDING De AER gaat een advies
De Energietransitie van de Elektriciteitsproductie
De Energietransitie van de Elektriciteitsproductie door Adriaan Wondergem 6 october 2010 De Energietransitie van de Elektriciteitsproductie van 2008 tot 2050. De kernvragen zijn: Hoe ziet een (bijna) CO2-loze
Economische aspecten Kernenergie
Economische aspecten Kernenergie Den Haag, 9 november 2007 KIVI Symposium Job van Roijen Essent Business Development Inleiding Een aantal voor utilities relevante elementen worden besproken Deze worden
Wie betaalt de rekening van de energietransitie?
Wie betaalt de rekening van de energietransitie? Symposium KVGN 17 november 2016 Ron Wit [email protected] Overzicht presentatie 1. Ontwikkeling broeikasgassen in Nederland 2. Ontwikkeling integrale kosten
Komt CCS op tijd of haalt duurzame energie in? Pieter Boot Vijfde nationaal CCS Symposium 25 juni 2010
Komt CCS op tijd of haalt duurzame energie in? Pieter Boot Vijfde nationaal CCS Symposium 25 juni 2010 Cutting Energy Related CO 2 Emissions Baseline Emissions 62 Gt BLUE Map Emissions 14 Gt 2030 Key aspects
Kosten van windenergie wat zijn gevolgen voor de electriciteitsvoorziening?
1 Kosten van windenergie wat zijn gevolgen voor de electriciteitsvoorziening? Prof. dr. Machiel Mulder Faculteit Economie en Bedrijfskunde, RUG Economisch Bureau, Autoriteit Consument en Markt 2 e NLVOW
KERNENERGIE: Het probleem of de oplossing? het. Wereldbevolking. Jan Leen Kloosterman Technische Universiteit Delft. (met dank aan Tim van der Hagen)
KERNENERGIE: Het probleem of de oplossing? Jan Leen Kloosterman Technische Universiteit Delft (met dank aan Tim van der Hagen) 1 het probleem Wereldbevolking Historische bevolkingsgroei 9 miljard populatie
BEDRIJFSECONOMISCHE BEOORDELING VAN TWEE CO 2 -VRIJE OPTIES VOOR ELEKTRICITEITSPRODUCTIE VOOR DE MIDDELLANGE TERMIJN
Juni 2002 ECN-C--02-055 BEDRIJFSECONOMISCHE BEOORDELING VAN TWEE CO 2 -VRIJE OPTIES VOOR ELEKTRICITEITSPRODUCTIE VOOR DE MIDDELLANGE TERMIJN Exploitatieverlenging kerncentrale Borssele en offshore windenergie
EnergyNL2050, een serie van 4 bijeenkomsten, Korte uitleg over de bijeenkomsten. KIVI-E/USI energynl2050 UvU 13 /10/16
EnergyNL2050, een serie van 4 bijeenkomsten, 2016-2017 Korte uitleg over de bijeenkomsten KIVI-E/USI energynl2050 UvU 13 /10/16 EnergyNL2050, een serie van 4 bijeenkomsten, 2016-2017 (1) Organisatie: KIVI
Bijlage 1: Berekening realisatie 9% duurzaam in 2010
Bijlage 1: Berekening realisatie 9% duurzaam in 2010 Toelichting bij de doelstelling van 9% duurzame elektriciteit: - De definitie van de 9% doelstelling is conform de EU richtlijn duurzame elektriciteit
De kleur van stroom: de milieukwaliteit van in Nederland geleverde elektriciteit
De kleur van stroom: de milieukwaliteit van in geleverde elektriciteit Feiten en conclusies uit de notitie van ECN Beleidsstudies Sinds 1999 is de se elektriciteitsmarkt gedeeltelijk geliberaliseerd. In
Subsidie-aanvragen 950 MW tender (openbaar)
ECN Beleidsstudies Notitie Aan Kopie aan Subsidie-aanvragen 950 MW tender (openbaar) Ed Buddenbaum Herman Bijmans Mariëlle Homans EZ EZ EZ ECN-BS--09-037 1 december 2009 Van Sander Lensink Joost van Stralen
Kernenergie. kernenergie01 (1 min, 22 sec)
Kernenergie En dan is er nog de kernenergie! Kernenergie is energie opgewekt door kernreacties, de reacties waarbij atoomkernen zijn betrokken. In een kerncentrale splitst men uraniumkernen in kleinere
KERNENERGIE: Het probleem of de oplossing?
KERNENERGIE: Het probleem of de oplossing? Jan Leen Kloosterman Technische Universiteit Delft 1 (met dank aan Tim van der Hagen) het probleem Wereldbevolking = 1 miljoen mensen 1800 1987 1974 2030 01000
Nieuwe kernreactoren voor de toekomst. Mondiale energieconsumptie
Nieuwe kernreactoren voor de toekomst Jan Leen Kloosterman 1 Jan Leen Kloosterman Technische Universteit Delft Mondiale energieconsumptie Jan Leen Kloosterman 2 1 Energie voor welvaart & welzijn 6 5 Noord-Amerika
Milieu Onderzoeksreactoren
Koninklijk Instituut van Ingenieurs - Afdeling Kerntechniek Netherlands Nuclear Society Programma 2003-2005 De afdeling Kerntechniek van het Koninklijk Instituut van Ingenieurs en de Netherlands Nuclear
Nut en noodzaak van schaliegas vanuit energieperspectief
Nut en noodzaak van schaliegas vanuit energieperspectief Jeroen de Joode Schaliegasbijeenkomst provincie Noord-Brabant s-hertogenbosch, 27 september 2013 www.ecn.nl Hoofdboodschap Rol gas in NL energiesysteem
Impact van efficiënte openbare verlichting op de CO 2 uitstoot
Impact van efficiënte openbare verlichting op de CO 2 uitstoot CE4 N35N 13.5.29 Samenvatting Drie scenario s om de hoeveelheid CO 2 te berekenen, die niet uitgestoten wordt als er energie bespaard wordt
GP/VAN HOUDT. Kernenergie: overbodig onheil. www.greenpeace.nl
GP/VAN HOUDT Kernenergie: overbodig onheil www.greenpeace.nl Wat zijn de oplossingen? Kernenergie is volgens sommigen onvermijdelijk als we de uitstoot van broeikasgassen willen beperken. Onzin! Greenpeace
Goedkoopste alternatief op dit moment De grond onder de molens is gewoon te gebruiken Eigen coöperatie mogelijk (zelfvoorziening)
WIND OP LAND 11% (10% BESCHIKBAAR LANDOPPERVLAK) VOORDELEN Goedkoopste alternatief op dit moment De grond onder de molens is gewoon te gebruiken Eigen coöperatie mogelijk (zelfvoorziening) NADELEN Bij
1 Inleiding. 2 Uitgangspunten. Notitie Petten, 15 oktober 2014
Notitie Petten, 15 oktober 2014 Afdeling Policy Studies Van Aan Sander Lensink Marc Streefkerk (Ministerie van Economische Zaken) Kopie Onderwerp Update kosten windenergie op zee, fase II (openbaar) 1
KERNENERGIE OF KOLENVERGASSING
KERNENERGIE OF KOLENVERGASSING E EN V ER GE LI J K I N G VAN TWEE MO G ELI JK HE D E N V OO R ELE K T RI CITEITSOPWEKKING Wina Graus Chris Hendriks November 2006 PECSNL062694 In opdracht van Stichting
Profiel- en onbalans kosten (gemiddelde 2015-2029) [ /kwh]
Notitie Petten, 15 december 2014 Afdeling Policy Studies Van Aan Carolien Kraan, Sander Lensink S. Breman-Vrijmoed (Ministerie van Economische Zaken) Kopie Onderwerp Basisprijzen SDE+ 2015 Samenvatting
Men gebruikt steeds meer windenergie in Nederland. Er wordt steeds meer windenergie gebruikt in Nederland.
Herhalingsoefeningen De sprong, thema 8 Vocabulaire Oefening 1 Vul het goede woord in. Verander de vorm als dat nodig is. Kies uit: bewegen, bijdragen aan, biologisch, duurzaam, energiebronnen, energierekening,
Monitoring Nederlandse elektriciteitscentrales 2000-2004. A.J. Seebregts C.H. Volkers
Monitoring Nederlandse elektriciteitscentrales 2000-2004 A.J. Seebregts C.H. Volkers ECN-C--05-090 November 2005 Verantwoording De werkzaamheden die hebben geresulteerd in deze publicatie, zijn uitgevoerd
Notitie Reactie FNV op ECN-rapport fact finding kernenergie Inleiding
Notitie Datum 25 oktober 2007 Aan Secretariaat SER-cie TE T.k.n. Van FNV Onderwerp Reactie FNV op ECN-rapport fact finding kernenergie Inleiding In de SER-commissie Toekomstige Energievoorziening wordt
Externe notitie. 1. Achtergrond en doel van deze notitie. 2. Samenvatting resultaten
Externe notitie Amsterdam, 24 september 2013 Definitief Afdeling Policy Studies ECN-N--13-034 Van Ad Seebregts Aan Autoriteit Consument & Markt (ACM) (Contactpersoon ACM: Erik Kloosterhuis) Kopie Paul
Kernreactor voor onderzoek
Jan Leen Kloosterman Technische Universteit Delft Toegepaste NatuurWetenschappen Jan Leen Kloosterman 1 Kernreactor voor onderzoek Jan Leen Kloosterman 2 1 1. Het Mondiale Energievraagstuk 2. Werking van
Werking van moderne kerncentrales
Werking van moderne kerncentrales www.janleenkloosterman.nl 1 Uranium U-238 Electronen Atoomkern met protonen (p) en neutronen (n) U-238 U-235 92 p en 146 n 92 p en 143 n Niet splijtbaar Goed splijtbaar
Wat zijn voor Nederland de argumenten voor en tegen CO2-afvang en -opslag (CCS*)?
Nederland de argumenten en CO2-afvang Nederland de argumenten en CO2-afvang Nederland de argumenten en CO2-afvang Nederland de argumenten en CO2-afvang Nederland de argumenten en CO2-afvang Nederland de
Energiezekerheid in onzekere tijden. Waarom blijft het energiebeleid falen?
Energiezekerheid in onzekere tijden. Waarom blijft het energiebeleid falen? Senioren Universiteit, Hasselt/Diepenbeek, 17/10/2016 Johan Albrecht, Universiteit Gent & Itinera Institute Tessenderlo; ultra-efficiënt
Windenergie. Verdiepende opdracht
2015 Windenergie Verdiepende opdracht Inleiding; In dit onderdeel leer je meer over windenergie. Pagina 1 Inhoud 1. Windenergie... 3 1.1 Doel... 3 1.2 Inhoud... 3 1.3 Verwerking... 9 Pagina 2 1. Windenergie
Nationale Energieverkenning 2014
Nationale Energieverkenning 2014 Remko Ybema en Pieter Boot Den Haag 7 oktober 2014 www.ecn.nl Inhoud Opzet van de Nationale Energieverkenning (NEV) Omgevingsfactoren Resultaten Energieverbruik Hernieuwbare
Fact Finding Kernenergie
Fact Finding Kernenergie t.b.v. de SER-Commissie Toekomstige Energievoorziening ECN M.J.J. Scheepers A.J. Seebregts P. Lako NRG F.J. Blom F. van Gemert ECN-B--07-015 September 2007 2 ECN-B--07-015 Voorwoord
Les Kernenergie. Werkblad
LESSENSERIE ENERGIETRANSITIE Les Kernenergie Werkblad Les Kernenergie Werkblad Wat is kernenergie? Het Griekse woord atomos betekent ondeelbaar. Het woord atoom is hiervan afgeleid. Ooit dachten wetenschappers
EFFECTEN VAN DE KOLENDEAL UIT HET ENERGIEAKKOORD DNV GL s visie. DELTA Energy
EFFECTEN VAN DE KOLENDEAL UIT HET ENERGIEAKKOORD DNV GL s visie DELTA Energy Rapport nr.: 15-1114 Datum: 11 mei 2015 Projectnaam: Effecten van de kolendeal uit het energieakkoord DNV GL - Energy Rapport
Nadere onderbouwing vermeden klimaatmaatregelen en voorzieningszekerheid
Nadere onderbouwing vermeden klimaatmaatregelen en voorzieningszekerheid Notitie Delft, mei 2013 Opgesteld door: Geert Warringa 2 16-5-2013 0 - Nadere onderbouwing vermeden klimaatmaatregelen en voorzieningszekerheid
Externe notitie. Petten, 8 juli Cees Volkers Wouter Wetzels. Afdeling Policy Studies ECN-N Van
Externe notitie Petten, 8 juli 2013 Afdeling Policy Studies ECN-N--13-028 Van Cees Volkers Wouter Wetzels Onderwerp Nieuwste inzichten Nederlands gasverbruik Inleiding ECN Policy Studies voert regelmatig
KBA Structuurvisie 6000 MW Windenergie op land Op verzoek van het ministerie van Economische Zaken en het ministerie van Infrastructuur en Milieu
CPB Notitie 14 juni 2013 KBA Structuurvisie 6000 MW Windenergie op land Op verzoek van het ministerie van Economische Zaken en het ministerie van Infrastructuur en Milieu CPB Notitie Aan: Ministeries
Stichting Laka: Documentatie- en onderzoekscentrum kernenergie
Stichting Laka: Documentatie- en onderzoekscentrum kernenergie De Laka-bibliotheek Dit is een pdf van één van de publicaties in de bibliotheek van Stichting Laka, het in Amsterdam gevestigde documentatie-
Auteurs:E. Benz, C. Hewicker, N. Moldovan, G. Stienstra, W. van der Veen
30920572-Consulting 10-0198 Integratie van windenergie in het Nederlandse elektriciteitsysteem in de context van de Noordwest Europese elektriciteitmarkt Eindrapport Arnhem, 12 april 2010 Auteurs:E. Benz,
Uitgangspunten voor het referentiepad bij de evaluatie van het SER-energieakkoord
PBL/ECN-Notitie Uitgangspunten voor het referentiepad bij de evaluatie van het SER-energieakkoord Auteurs: Robert Koelemeijer, Martijn Verdonk (PBL), Ton van Dril en Ad Seebregts (ECN) Contact: [email protected]
Kolendeal Energieakkoord: Emissiereductie en verduurzaming kan en moet sneller en goedkoper
Kolendeal Energieakkoord: Emissiereductie en verduurzaming kan en moet sneller en goedkoper Emissiereductie kan en moet sneller en goedkoper De huidige energiemix is inefficiënt Met 46 mln ton per jaar
Naar een hoogefficiënte en duurzame toekomstige energie-voorziening
Naar een hoogefficiënte en duurzame toekomstige energie-voorziening J.W. Tolkamp - SOLIDpower 23/01/2017 The research leading to these results has received funding from the European Union s 7 th Framework
MKBA Windenergie binnen de 12-mijlszone
MKBA Windenergie binnen de 12-mijlszone Den Haag, 3 november 2014 Niels Hoefsloot Ruben Abma Inhoud presentatie 1. Onderzoeksmethode en uitgangspunten 2. Directe effecten 3. Indirecte/externe effecten
Moet België overschakelen van nucleaire naar hernieuwbare energie? MYSTATEMENT PAPER TINUS MICHIELS EN BENOÎT VAN LESSEN
2015 Moet België overschakelen van nucleaire naar hernieuwbare energie? MYSTATEMENT PAPER TINUS MICHIELS EN BENOÎT VAN LESSEN Inhoud 1. Inleiding... 2 2. Nucleaire energie... 2 2.1 Nadelen van nucleaire
GROEN AARDGAS via VERGASSING
ECN-M--07-069 GROEN AARDGAS via VERGASSING A. van der Drift Gepresenteerd tijdens het Minisymposium Groen Gas, Maarssen, 28 juni 2007 Augustus 2007 GROEN AARDGAS via VERGASSING Bram van der Drift www.ecn.nl
Duurzame warmte in de SDE+
Duurzame warmte in de SDE+ Sander Lensink www.ecn.nl Doel van de presentatie Filosofie achter wijziging in de SDE-regeling Belangrijkste verschillen tussen SDE en SDE+ Uitwerking bio-wkk in de SDE+ 2 29-06-2011
Strategische Rationale Bijlage bij DEEL A 1. De missie van DELTA 2. De bedrijfsactiviteiten van DELTA
Strategische Rationale Bijlage bij DEEL A Deze Strategische Rationale is een toelichting op de algehele bedrijfsstrategie en activiteiten van de DELTA- groep. In het kader van dit voorstel van KCBII wordt
Effect Groene Investeringsmaatschappij op SDE
ECN Beleidsstudies Notitie Effect Groene Investeringsmaatschappij op SDE ECN-N--12-029 27 november 2012 Aan : Robin Fransman HFC Kopie aan : Van : S.M. Lensink J. van Stralen ECN ECN Samenvatting Op verzoek
Onderzoek aan kernenergie
Onderzoek aan kernenergie Jan Leen Kloosterman Technische Universiteit Delft RIVM, 5 april 2007 1 RID: Reactor Instituut Delft huisvest faciliteiten en diensten op het gebied van stralingsonderzoek en
Net voor de Toekomst. Frans Rooijers
Net voor de Toekomst Frans Rooijers Net voor de Toekomst 1. Bepalende factoren voor energie-infrastructuur 2. Scenario s voor 2010 2050 3. Decentrale elektriciteitproductie 4. Noodzakelijke aanpassingen
Het nieuwe Europese Klimaatplan voor 2030 #EU2030 YVON SLINGENBERG DG CLIMATE ACTION
Het nieuwe Europese Klimaatplan voor 2030 #EU2030 YVON SLINGENBERG DG CLIMATE ACTION Overzicht 1. Klimaat en energie: waar zijn we? 2. Waarom een nieuw raamwerk voor 2030? 3. Belangrijkste elementen 2030
Power to gas onderdeel van de energietransitie
Power to gas onderdeel van de energietransitie 10 oktober 2013 K.G. Wiersma Gasunie: gasinfrastructuur & gastransport 1 Gastransportnet in Nederland en Noord-Duitsland Volume ~125 mrd m 3 aardgas p/j Lengte
Economie van de ombouw van boilers en WKK s. Inhoud. Waarom ombouw bestaande WKK s naar bio-energie? Ir. A. Hoogendoorn Senior Consultant
Economie van de ombouw van boilers en WKK s Ir. A. Hoogendoorn Senior Consultant 17 maart 2004 Inhoud Waarom ombouw bestaande WKK s naar bio-energie? Brandstofkosten & inzetstrategie Bio-energie in Zweden
Energie voorziening op weg naar duurzaamheid: biomassa? Chris Westra.
Energie voorziening op weg naar duurzaamheid: biomassa? Chris Westra www.ecn.nl energiegebruik Alarmerende stijging energiegebruik klimaatproblemen duurzame energievoorziening noodzakelijk Ambitieus &
Biogas is veelzijdig. Vergelijking van de opties 1-2-2012. Vergelijking opties voor benutting van biogas
1--1 Ongeveer 7 deelnemende organisaties Promotie van optimale benutting van biomassa Kennisoverdracht door workshops, excursies, nieuwsbrief en artikelen in vakbladen Vergelijking opties voor benutting
voor tegen gemaakt door: 2009
In oktober 2008 maakte De Argumentenfabriek in opdracht van De Volkskrant een overzicht van de argumente n - en het bouwen van nieuwe kerncentrales in Nederlan d. De Argumenten kaart Kernenergie is gefabriceerd
