Tips voor gehoortraining
|
|
|
- Frans de Groot
- 9 jaren geleden
- Aantal bezoeken:
Transcriptie
1 Tips voor gehoortraining Doel Gehoortraining is nooit doel op zich, maar staat in dienst van je ontwikkeling tot musicus. Gehoortraining geeft daarvoor de noodzakelijke en fundamentele ondersteuning. Bij de gehoortraining is nooit het doel: het foutloos benoemen van 10 gespeelde samenklanken of het foutloos noteren van een dictee of het foutloos kunnen zingen van oefeningen. Dat zijn de (door de praktijk nuttig gebleken) middelen. Het werkelijke doel van gehoortraining is het verwerven van klankvoorstelling en het op praktische wijze verkrijgen en vergroten van muzikaal inzicht. Gehoortraining bevordert je muzikale intelligentie. Gehoortraining en praktijk Breng het geleerde onmiddellijk in praktijk. Maak gebruik van de vaardigheden van gehoortraining tijdens de studie van je hoofdvak (of je musiceerinstrument): begin nooit direct te spelen, maar lees eerst de partituur en maak daarvan een klankvoorstelling. Zing eerst, tik een ritme eerst, analyseer eerst een aantal maten, voordat je begint met spelen. Verwerf overzicht, structureer en analyseer sterke en zwakke punten van jezelf Gehoortraining kun je op veel manieren praktiseren. Er zijn vele onderwerpen en oefeningen. Maak je bewust van sterke en zwakke punten bij jezelf. Daarvoor is eerst overzicht nodig. Hoofdonderwerpen gehoortraining: A - Luisteren (ook: muzikaal geheugen) en notatie: samenklanken (herkennen, nazingen en treffen); toonladders en toonreeksen (herkennen, nazingen en treffen); harmonie (twee of drie samenklanken na elkaar; harmonische progressies; cadensen); melodie (eenstemmig en tweestemmig dictee; voor-/naspelen); maat en ritme (ritmisch dictee; voor-/natikken); auditieve analyse (steeds meer bewust luisteren naar muziek en elementen daarvan). B - Uitvoeren: van blad zingen (begeleid en onbegeleid); ritme uitvoeren; Maar ook bij andere vakken werk je aan dezelfde onderwerpen: harmonische patronen spelen (HAP, liedbegeleiden, praktische harmonie) sleutels lezen, transponeren, partituurspel memoriseren ( uit het hoofd spelen ) Tonaliteit geeft houvast Sommige studenten kunnen het meteen, maar anderen hebben moeite met tonicaherkenning. Train dit bewust en zorg dat je deze vaardigheid snel onder de knie hebt. Het geeft veel steun en het is daarom een heel belangrijke basis! Oefeningen: Zing (of hoor innerlijk) een gekende melodie. Hoeveel melodieën staan opgeslagen in je muzikaal geheugen? Maak daar bewust gebruik van! Bijvoorbeeld het eerste thema (deel 1) uit symfonie nr. 40 in g van Mozart, maar een andere melodie ( Daar wordt aan de deur geklopt ) kan ook. Stel jezelf de volgende vragen: ArtEZ Conservatorium Henk de Velde 1
2 Vraag 1: welke toon is de tonica? Vraag 2: wat is de begintoon? Kies uit een (gekende of beluisterde) melodie een willekeurige toon en zing vanuit deze toon trapsgewijs dalend (of stijgend) tot de tonica is bereikt. Eerst kun je dat intuïtief doen, vervolgens (bewuster!) met gebruikmaking van cijfers, solmisatiesysteem of notennamen, zie hierna. Ontwikkel een systeem voor het snel herkennen van functietonen: met behulp van cijfers (toonladdertonen); het solmisatiesysteem; bewust op notennamen in de betreffende toonladder. Een dergelijk systeem is een handig hulpmiddel voor het bevorderen van het tonale bewustzijn. Bij het werken aan toonladders 1. Zing de bekende toonladders, eerst vanuit dezelfde toon, stijgend en dalend majeur mineur (zuiver, harmonisch, melodisch) kerktoonladders (dorisch, frygisch, lydisch, mixolydisch) zigeuner majeur en zigeuner mineur moll-dur ladder ( harmonisch majeur ) blues toonladder heletoons toonladder chromatisch 2. Zing fragmenten van toonladders (op cijfers of notennamen). De tonen (dalend) van gevraagde toonladders geven verschillende resultaten: D majeur: a g fis e d; d mineur: a g f e d ; d frygisch: a g f es d; D lydisch: a gis fis e d; D zigeuner majeur: a g fis es d; d zigeuner mineur: a gis f e d etc. 3. Zing/improviseer melodische cadensen in een vantevoren bepaalde toonsoort, bijvoorbeeld: zing eerst in F, dan in f: Bij het maken van melodische dictees Begin nooit met noteren voordat je een gehoord fragment kunt nazingen. Ontwikkel je analytisch luisteren. Luister bewust naar: trapsgewijs of sprongsgewijs; bij sprongen: niet op zoek gaan naar het losse interval (dat blokkeert je geheugen), maar richt je op de doeltoon en benoem deze als functietoon in de tonale omgeving; herken direct: toonladderfragment of akkoordbreking; melodische of ritmische motieven (die herhaald worden); sequensen; diatoniek of chromatiek; herken harmonische functies en maak gebruik van de noten die daarbij horen; achterliggende lijnen door top- of dalnotenlijnen ( Sekundgang ); ArtEZ Conservatorium Henk de Velde 2
3 een chromatische toon geeft richting: begrijp en herken de doeltoon van chromatiek. Bij het noteren van (steeds langere) fragmenten: train je muzikale geheugen; begin nooit met noteren voordat je het fragment kunt nazingen; noteer altijd wat je meteen herkend hebt (beginnoot, laatste noot, topnoot of chromatische noot ergens middenin, een ritme etc.). Bij het maken van ritmische dictees: Begin nooit met noteren voordat je het gehoorde fragment kunt natikken. Leer correct noteren in de verschillende maatsoorten. Herken direct zaken als: eigenschappen van de betreffende maatsoort, antimetriek, syncope, opmaat etc. Werk bij het noteren van ritmes in drie stappen (zorg dat je productief blijft, stagneer niet, ga niet in een zwart gat staan te kijken, niet wetend wat je moet doen, blijf actief): Stap 1: tik het ritme na met potlood op het papier: (er staan evenveel punten als er noten moeten komen) Stap 2: sla de maat en zet telstrepen onder de noten: l l l l je hebt nu al heel veel staan en ontdekt: opmaat 1 e tel: 3 noten (hoe?) 2 e tel 4 noten (hoe?) etc. bij het 4 e telstreepje is de waarneming tussen 2 punten in geweest, daar was spraken van een overbinding, dus punt (noot) toevoegen en naar links overbinden. Stap 3: vul per tel het ritme met de juiste notenwaarden in en zet vervolgens de maatstrepen. Bij het Bladzingen Zing de solfège nooit direct in zijn geheel, van begin tot eind. Begin met doorlezen, hierbij: Stel de toonsoort vast (stel je de toonsoort voor), door: zing de toonladder, zing functietonen en/of improviseer een melodische cadens; Functietonen en tonica-herkenning; Bepaal de zinstructuur, herken de cadensen (heel-/halfslot, modulatie); Herken melodische en ritmische motieven, sequensen; Herken het harmonisch ritme, analyseer de harmonie en begrijp versieringstonen; Begrijp chromatiek (bij moeilijkheden bij het treffen, altijd eerst chromatiek overslaan en de doeltoon zingen). Zing vervolgens willekeurige losse maten of fragmenten. Zing - als laatste controle - de solfège in zijn geheel. Bij het ritme uitvoeren Ook hier geldt (zie boven): doorlezen, analyseren, losse maten etc. Doe bewust aan tempovoorstelling: de kleinste notenwaarde bepaalt het tempo. Tel hardop zeker in het begin altijd een maat vooruit, controleer daarbij bewust of het tempo van het aftellen overeenkomt met het tempo van de uitvoering van het ritme. ArtEZ Conservatorium Henk de Velde 3
4 Leer het (ook) op de volgende wijze: één hand takteert (in lichte muziek: met knippen ), de andere hand voert het ritme uit. Dwing jezelf dit te beheersen, het kost in het begin moeite, maar de (tijds)investering verdient zich terug! Bij het werken aan samenklanken Werk aan een verdieping van de beleving van intervallen, drie- en vierklanken. Krijg oor voor het werkelijk onderscheiden: dat gaat verder dan de Wilhelmus-kwart of de BerendBotjesext. Bijvoorbeeld: waarom is een terts iets totaal anders dan een kwint; waarom werkt de stabiele grondligging van een drieklank anders dan de oplossingbehoeftige 2e omkering ervan. 1. Begin indien nodig helemaal vooraan: één toon nazingen. speel een toon ook in een extreem laag of hoog register en zing deze toon vervolgens na in je eigen register. doe het nazingen ook bewust in 2 fasen: 1. nazingen als de toon nog klinkt; 2. nazingen nadat de toon geklonken heeft. 2. Intervallen: speel een interval en zing beide tonen na (vooral de onderste is vaak lastig) 1 toon spelen, 1 toon erbij of erna zingen (2 e toon op of onder zingen) 3. Drieklanken: speel een drieklank en zing de 3 tonen daarvan na 1 toon spelen, 2 tonen na elkaar erbij of erna zingen (=gevraagde drieklank zingen). De gespeelde toon kan zijn: de grondtoon, de terts of de kwint van de gevraagde drieklank. Concreet: speel de toon e en geef jezelf de volgende opdrachten: de gespeelde e is grondtoon van een grote drieklank: zing erop gis + b de gespeelde e is terts van een verminderde drieklank: zing erop g + eronder cis de gespeelde e is kwint van een kleine drieklank: zing eronder a + c de gespeelde e is kwint van een kleine drieklank in 6/4-ligging: zing erop gis + cis Etc. 4. Vierklanken: zie werkwijze drieklanken. 5. Tweeklanken in verband: het tweede interval benoemen of noteren. Luister bewust naar de verschillende bewegingsvormen: parallel; gelijke beweging; tegenbeweging: krimpend of spreidend. Maak onderscheid in, herken: consonant consonant dissonant consonant (+ standaardoplossingen in tonale omgeving) dissonant dissonant Gehoortraining en computer Op de computers in kamer 1.07 staat software voor eartraining. Op internet zijn vele trials beschikbaar, zoek maar eens op bijvoorbeeld: eartraining, aural skills of sight singing en je krijgt vele verwijzingen. Kijk op de website ( ), daar staan links van downloadable studiemateriaal, mogelijk aan te schaffen software etc., de belangrijkste: en ArtEZ Conservatorium Henk de Velde 4
5 Nog een paar laatste opmerkingen Gehoortraining, het trainen van je klankvoorstelling, is een werkzaamheid die behoort tot de verantwoordelijkheid van de student zelf. Tijdens de les is niet meer tijd beschikbaar dan voor uitleg, begeleiding en het doen van controles. Zorg dat je minimaal een keer per week samen met iemand werkt aan gehoortraining, daarnaast is individuele gehoortraining dagelijkse kost; Maak voor jezelf een overzicht van de onderwerpen waaraan je alleen kunt werken en voor welke onderwerpen je samen met iemand moet werken; Schrijf zelf materiaal (melodische en ritmische dictees, ritmes om uit te voeren, solfèges), maar maak ook gebruik van bestaand oefenmateriaal in de mediatheek; zie ook de literatuurlijst in deze studiegids; Schrijf uit het hoofd een fragment van een werk waaraan je studeert voor je hoofdvak; Maak gebruik van beschikbaar materiaal in de vorm van de readers (inclusief Cd s) voor het voortraject en voor de propedeuse. ArtEZ Conservatorium Henk de Velde 5
SOLFEGE GEHOORVORMING
SOLFEGE GEHOORVORMING TIPS & TRICKS ArtEZ Conservatorium Reinier Maliepaard 1 INHOUDSOPGAVE 1. intervallen 2. toonladders 3. melodie 4. meerstemmigheid 5. horen en lezen ArtEZ Conservatorium Reinier Maliepaard
ODM theoretisch toelatingsexamen
ODM theoretisch toelatingsexamen Gehoortest Herkennenbenoemen enof noteren: Majeur- vs mineurtonaliteit Maatsoorten herkennen Intervallen tm het octaaf Drieklanken in grondligging en omkering Melodische
ANTWOORDBLAD D-EXAMEN THEORIE 2017
ANTWOORDBLAD D-EXAMEN THEORIE 017 LUISTERVRAGEN Je hoort vier drieklanken. Geef aan of ze majeur, mineur, overmatig of verminderd zijn Punten 1 1. majeur mineur overmatig verminderd. majeur mineur overmatig
THEORIE D. Begrippen : toonsoort,toonladder,akkoord,drieklank,vierklank,grondtoon,leidtoon,mineur, majeur,modaal.
THEORIE D Wat moet je leren : Begrippen : toonsoort,toonladder,akkoord,drieklank,vierklank,grondtoon,leidtoon,mineur, majeur,modaal. De grote en kleine terts toonladders. Kerktoonladders : dorisch. De
Toelatingsexamen LUISTERVAARDIGHEDEN
ANTWOORDEN Toelatingsexamen blad Conservatorium Utrecht - Bmus-klassiek LUISTERVAARDIGHEDEN 206 OPDRACHT : omcirkel het voorgespeelde fragmentje A B 2A 2B A B 4A 4B OPDRACHT 2: geef de maatsoort van de
Muziektheorie-examen D
Muziektheorie-examen D 2016 In te vullen door de leerling Naam: In te vullen door de docent Aantal punten... Docent:.. Cijfer.. Instrument: Geslaagd: Ja / nee Het examen bestaat uit de volgende onderdelen:
THEORIE B. Begrippen : toonsoort,toonladder,akkoord,drieklank,grondtoon,leidtoon. Een melodie die voorgespeeld wordt opschrijven (melodisch dictee).
THEORIE B Wat moet je leren : Basisstof (laatste twee bladen). Begrippen : toonsoort,toonladder,akkoord,drieklank,grondtoon,leidtoon. De grote terts toonladders t/m drie kruizen en mollen. Voortekens van
THEORIE C. Begrippen : toonsoort,toonladder,akkoord,drieklank,grondtoon,leidtoon
THEORIE C Wat moet je leren : Basisstof (laatste twee bladen) Begrippen : toonsoort,toonladder,akkoord,drieklank,grondtoon,leidtoon De grote en kleine terts toonladders t/m drie kruizen en mollen De grote
samengesteld bovenste cijfer is 4 of meer
Werkblad C Les 1 Naam:.. enkelvoudig bovenste cijfer is 2 of samengesteld bovenste cijfer is 4 of meer regelmatig onregelmatig 2-delig (binair) -delig (ternair) 2 2 2 2 4 8 2 4 8 4 4 4 6 6 12 4 2 8 4 8
Begintermen Basiscursus 1
Begintermen Basiscursus 1 noten kunnen lezen en benoemen in de vioolsleutel, met kruisen en mollen notenwaarden en rusten van hele t/m zestiende kunnen lezen en benoemen inzicht hebben in maatsoorten:
EEN SELECTIE UIT: Algemene Muziekleer. Ch.Hendrikx & L.Jakobs
EEN SELECTIE UIT: Algemene Muziekleer Ch.Hendrikx & L.Jakobs versie 2009 Inhoud Notatie... 2 Sleutels, hulplijnen,... 2 Octaafaanduiding... 3 Voortekens... 4 Notenwaarden en rusten... 8 Toonladders...
Muziekvakexamens 2015
Muziekvakexamens 2015 Algemene Onderwijsleer Donderdag 4 juni Tijdstip: 14.00-15.30 uur Naam: Woonplaats: Advies: - Vult u uw naam in op het voorblad en het eerste blad, de overige bladen graag voorzien
, 7 traptreden (een septet heeft 7 spelers) Het octaaf is het interval tussen bijvoorbeeld een lage d en een hoge d, of een lage gis en een
De intervallen De afstand tussen twee tonen noem je een interval. Ze hebben eeuwenoude namen: prime, secunde, terts, kwart en kwint die afstammen van de Latijse rangtelwoorden (primus: eerste, secundus:
Alles over akkoorden en akkoordverbindingen. Klassieke Harmonieleer
Alles over akkoorden en akkoordverbindingen Klassieke Harmonieleer 1 INHOUD 1. INLEIDING 2. ALGEMENE BEGRIPPEN 2.1. INLEIDING. 2.2. TWEEKLANKEN. 2.2.1. Inleiding. 3 2.2.2. Overzicht van de enkelvoudige
De hele noot Deze noot duurt 4 tellen
HERHALING KLAS 1. In de eerste klas heb je geleerd hoe je een melodie of een ritme moet spelen. Een ritme is een stukje muziek dat je kunt klappen of op een trommel kunt spelen. Een ritme bestaat uit lange
Toonladders en toonsystemen 5 havo
Auteur Laatst gewijzigd Licentie Webadres Paul van der Heijden 27 march 2019 CC Naamsvermelding 3.0 Nederland licentie https://maken.wikiwijs.nl/97186 Dit lesmateriaal is gemaakt met Wikiwijs van Kennisnet.
Hagelandse Academie voor Muziek en Woord OEFENINGENBOEK. Naam:...
Hagelandse Academie voor Muziek en Woord OEFENINGENBOEK L3 Naam:.... INHOUDSTABEL A. HERHALING GROTE EN KLEINE TERTSTOONLADDERS... 3 B. GROTE EN KLEINE TERTSTOONLADDERS MET # EN B... 4 C. DE KLEINE TERTSTOONLADDER
Module 3e. Algemene muziekleer, componeren en gehoortraining met Music Ace
Module 3e Algemene muziekleer, componeren en gehoortraining met Music Ace Studielast: 4-14 uur. Doel: Leren omgaan met dit softwarepakket of onderdelen ervan (zoals het Doodle pad om mee te componeren).
Eindexamen muziek vwo 2007-I
Beoordelingsmodel J.H. Schein - Da Jakob vollendet hatte 1 maximumscore 1 één van de volgende: Soms is het (eerste) interval stijgend, soms dalend. Soms is het interval een secunde, soms een terts. ook
1. Het ritme wat ik voor ga spelen bestaat uit twee bouwstenen en extra halve noot. Schrijf de nummers van de goede bouwstenen op de juiste plek.
Werkblad B Les 1 Naam:. 1. Het ritme wat ik voor ga spelen bestaat uit twee bouwstenen en extra halve noot. Schrijf de nummers van de goede bouwstenen op de juiste plek.. Het ritme wat ik voor ga spelen
Intervallen. Een interval is de afstand tussen twee tonen. Dit kan melodisch of harmonisch zijn.
Intervallen Intervallen Een interval is de afstand tussen twee tonen. Dit kan melodisch of harmonisch zijn. De benaming is hetzelfde voor zowel melodisch als harmonisch. Voor de uitleg gebruik ik C groot.
1. Het ritme wat ik voor ga spelen, bestaat uit 2 bouwstenen en een extra halve noot. Schrijf de nummers van de juiste bouwstenen op de goede plek.
Werkblad A Les 1 Naam:... 1. Het ritme wat ik voor ga spelen, bestaat uit 2 bouwstenen en een extra halve noot. Schrijf de nummers van de juiste bouwstenen op de goede plek. a. b. c. d. 2. Het ritme wat
Reinier Maliepaard: kerktoonsoorten ofwel modi
Reinier Maliepaard: kerktoonsoorten ofwel modi 1.1. Systematisering Lang nadat de Gregoriaanse melodieën al ingeburgerd waren, werden deze gesystematiseerd tot in 8 kerktoonsoorten ofwel modi. De volgende
KSO STUDIERICHTING MUZIEK
KSO STUDIERICHTING MUZIEK TECHNISCHE EN MUZIKALE TOELATINGSEISEN Schooljaar 2012-2013 Beste leerling/ouder Hieronder vind je de nodige uitleg bij de technische en muzikale toelatingseisen voor het schooljaar
D-examen extra informatie
D-examen extra informatie Hieronder staan nog een aantal nieuwe onderwerpen bij het D-examen genoemd. Deze onderwerpen staan nog niet op de website van Muziekschool Oost-Gelderland. Intervallen groter
Een handige link met wat basisinformatie over akkoorden is: http://studwww.ugent.be/~mfvhauwe/wauter/reason/notenenakkoorden.html
Een handige link met wat basisinformatie over akkoorden is: http://studwww.ugent.be/~mfvhauwe/wauter/reason/notenenakkoorden.html Ze gaan er helaas er niet zo diep op in, maar om snel wat dingen duidelijk
Hagelandse Academie voor Muziek en Woord OEFENINGEN BOEK L2 NAAM:... Hagelandse Academie voor Muziek en woord - AMV L 2 - Oefeningenboek p.
Hagelandse Academie voor Muziek en Woord OEFENINGEN BOEK L2 NAAM:... Hagelandse Academie voor Muziek en woord - AMV L 2 - Oefeningenboek p. 1 Oefenblad 1 Wijzigingstekens 3-4 Oefenblad 2 Hele en halve
De Notenboom. AMV-methode - Deel 1. Johan Peeters. Leerlingenboek
De Notenboom AMV-methode - Deel 1 Johan Peeters Leerlingenboek INHOUD Solsleutel (vioolsleutel). pagina 3 Hoog en laag.. pagina 4 Noten schrijven.. pagina 5 Notenbalk.. pagina 5 Sol en mi.. pagina 6 Ademhalingsteken.
algemene muziekleer voor het schriftelijke examen ALGEMENE MUZIEKLEER VOOR HET C-EXAMEN
ALGEMENE MUZIEKLEER VOOR HET C-EXAMEN 1 INHOUDSOPGAVE VOORTEKENS... 3 DE KWINTENCIRKEL... 4 DE KWINTENCIRKEL - HULP... 5 ARTICULATIE... 5 INTERVALLEN CONSONANT EN DISSONANT... 7 DE STAMTONEN EN DE MAJEUR-
Akkoorden spelen. o1 PIANO
Akkoorden spelen o1 PIANO Een lied bestaat uit een melodie die begeleid wordt door harmonie. Een leuke goedklinkende melodie zal mooier worden en meer karakter krijgen als er passende harmonieuze akkoorden
Inleiding in de jazzharmonie op de piano
Inleiding in de jazzharmonie op de piano Masja van der Meer INLEIDING 3 HOE GEBRUIK JE HET BOEK? 4 Tijdsplanning studeren: 5 HOOFDSTUK 1: DE BASIS 6 Welke kennis en vaardigheden heb je nodig? 6 Notatie,
Onthoud wel dat dit alleen een oefening is. Als je dit examen goed maakt, betekent dat niet dat je genoeg weet voor het echte examen!
Theorie Examen A01 Niveau A Dit examen kun je maken om te oefenen voor je theorie examen. Het examen bestaat uit 3 onderdelen; Luistervragen, Leervragen en Inzichtvragen. Je kunt in totaal 8 halen, maar
Eisen standaardpakket Algemene Theoretische vakken, klassiek
Eisen standaardpakket Algemene Theoretische vakken, klassiek SOLFÈGE A / B Solfège A: klassikaal a. het herkennen/noteren van een aantal intervallen, drie- en vierklanken (in functionele liggingen) met
EERSTE KLAS Zie ook:
MUZIEK IN DE LAGERE SCHOOL EERSTE KLAS Zie ook: https://www.cielen.eu/muziek-in-de-eerste-klas.pdf Muziek in de eerste klas: het gaat hier vooral om de inhoud van de muzieklessen in de namiddagperiodes.
Register. blue note, 68 blue note-effect, 68, 69 bluesharmoniecontext, 3-7-stam, 60, 65, 108, 109
Register 3-7-stam, 60, 65, 108, 109 aangepast-aeolisch(e) cadens, 89, 92, 94, 95, 102, 104, 138 harmoniesysteem, 94 trap, 95 trappenstelsel, 93, 94, 95 abstracte grondtoon, 12 notatie, 20 toon, 41 aeolisch(e)
Solmiseren over methodiek in het theorieonderwijs: Interview met Jaap Zwart
Solmiseren over methodiek in het theorieonderwijs: Interview met Jaap Zwart suzanne konings Veel theoriecenten zullen de situatie herkennen dat zij in hun solfègeklas studenten krijgen die al meerdere
Toonhoogte. Toonaarden Groot of klein
Toonhoogte Een klank ontstaat door trilling. Een snaar, een riet, een trommelvel, wordt aan het trillen gebracht, en deze trilling doet ook luchtdeeltjes trillen, waardoor het geluid zich voortplant. Hoe
Dit keer ga je aan de slag met het fantastische stuk River flows van Yurima waarin je zult ontdekken;
River flows Yiruma Dit keer ga je aan de slag met het fantastische stuk River flows van Yurima waarin je zult ontdekken; - dat het eigenlijk uit 2 thema s bestaat waarop gevarieerd wordt - de basistheorie
Nakijkblad. Analyse opdrachten Schumann Wiegenliedchen Beluister het stuk
Nakijkblad Analyse opdrachten Schumann Wiegenliedchen Beluister het stuk Eenvoudig 1. Wat is de maatsoort? weekwarts maat 2. Wat is de toonsoort? G-majeur 3. Wat is het tempo in een italiaanse aanduiding?
MUZIEK IN DE LAGERE SCHOOL EERSTE KLAS
MUZIEK IN DE LAGERE SCHOOL EERSTE KLAS Muziek in de eerste klas: het gaat hier vooral om de inhoud van de muzieklessen in de namiddagperiodes. Sommige elementen daarvan komen ook aan bod in de ochtendmuziek.
Eindexamen havo muziek 2013-I
Beoordelingsmodel Aan het juiste antwoord op een meerkeuzevraag wordt 1 scorepunt toegekend. Andrew Lloyd Webber - Evita, Rainbow High 1 maximumscore 1 2e gedeelte: regel 3 3e gedeelte: regel 5 4e gedeelte:
majeur mineur mineur majeur majeur mineur verminderd
9. Majeur Mineur Majeur en mineur zijn twee cruciale begrippen. Zowel in toonladders als in akkoorden en trappen worden ze gebruikt. Majeur of mineur wordt altijd bepaald door de afstand tussen de eerste
Docentenhandleiding voor The Recorder From Zero, Deel I
Docentenhandleiding voor The Recorder From Zero, Deel I The Recorder From Zero is ontwikkeld om gebruikt te worden door een of meer beginners op de sopraanblokfluit met een docent die de nieuwe onderwerpen
sample G = sol Let op volgende zaken:
Inhoud 1. de toonladder van do 4 2. de intervallen 9 3. de wondere wereld der drieklanken 11 4. diatonische harmonie 14 5. pentatonieken 18 6. de wonderbaarlijke geschiedenis van I, IV en V 22 7. wat kan
Eindexamen muziek havo 2005-I
4 Beoordelingsmodel Aan het juiste antwoord op een meerkeuzevraag wordt één punt toegekend. J.H. Schein - Wir gläuben all an einen Gott een kruis voor de twee lage c s per voorteken 2 unisono 3 Het al
Toonladders en 3-klanken. Toonladders en 3-klanken. Toonladders en 3-klanken. PHCC-G Walk-in. Beginselen van muziek-theo-rie.
Toonladders en 3-klanken PHCC-G Walk-in Beginselen van muziek-theo-rie Noodzakelijke kennis bij gebruik van muziekprogramma's Akkoorden-hulpje bij melodiën Theo Henrichs - 29 Toonladders en 3-klanken Agenda
ALGEMENE MUZIEKLEER VOOR HET B-EXAMEN
ALGEMENE MUZIEKLEER VOOR HET B-EXAMEN INHOUDSOPGAVE TEMPO AANDUIDINGEN... 3 INTERVALLEN... 4 MAATSOORTEN EN RITME TRIOLEN... 5 MAATSOORTEN EN RITME - SYNCOPEN... 6 MAATSOORTEN EN RITME - HET SWINGRITME...
sample L E S 18 â. " % O O O O \ \ % O O O O . =75 Uit het fragment For Children :
Uit het fragment For Children : a) Noteer de maatcijfers b) oorstreep wat fout is: For Children bevat veel maatwisselingen c) Verklaar de dynamische tekens maatveranderingen F = forte (luid, sterk) accent,
1.2 Maatwisseling, polyritmiek, polymetriek en hemiool
1 Inhoud 1 Maat en ritme 1.1 Onderwerpen uit C....2 1.2 Maatwisseling, polyritmiek, polymetriek en hemiool...2 2 Toonladders 2.1 Onderwerpen uit C....3 2.2 De pentatonische toonladder, hele toonstoonladder
Begrippenlijst muziektheorie
Begrippenlijst muziektheorie Hieronder staat de begrippenlijst muziektheorie. De meeste begrippen worden uitgelegd in diverse video s op pabowijzer als onderdeel van het boek Nieuw Geluid. ISBN: 978 90
Inventaris (wanneer wordt er gezongen, wanneer wordt er instrumentaal gemusiceerd en wat komt aan bod)
Muziek in kleuterschool en lagere school KLEUTERSCHOOL Inventaris (wanneer wordt er gezongen, wanneer wordt er instrumentaal gemusiceerd en wat komt aan bod) 1. s Morgens in de kring (verschillende liederen
Eindexamen Muziek vwo 2003-I
3 Antwoordmodel Aan het juiste antwoord op een meerkeuzevraag wordt 1 punt toegekend. Orlandus Lassus - Osculetur me 1 onderdeel 4 2 twee van de volgende: Het onderdeel is volledig achtstemmig. Er wordt
Analyse Door Stan Kuunders www.degitarist.nl
Analyse Door Stan Kuunders www.degitarist.nl Naam: Die Post Componist: F.P. Schubert (1797-1828) Toonsoort: B-groot Tijdens de analyse is o.a. rekening gehouden met: 1. Harmonie (grote lijnen, toonsoorten
Toelatingsprocedure Opleiding docent muziek
Toelatingsprocedure Opleiding docent muziek De adspirant student meldt zich aan voor het toelatingsexamen op twee manieren. Na aanmelding via Studielink vult hij online de vragen in op de pagina inschrijving
Eindexamen vwo muziek I
Aan het juiste antwoord op een meerkeuzevraag wordt 1 scorepunt toegekend. A. Bruckner - Symfonie nr. 4, deel 1 1 maximumscore 1 één van de volgende: tremolo het snel op een snaar heen en weer bewegen
Antwoordenboek. Algemene Muziekleer
Dia aal Antwoordenboek Algemene Muziekleer HAVO 2 HAVO Inhoud Hoofdstuk 1 Notenbalk en sleutel 3 Hoofdstuk 2 Noten en rusten 4 Hoofdstuk 3 Intervallen 5 Hoofdstuk 4 Diatonische reeksen 6 Hoofdstuk 5 Tempo
Diatoniek Cadensen en voicelead Hoofdstuk
Diatoniek Cadensen en voicelead Hoofdstuk 11 12-13 CM Diatonische akkoorden Dm Em 2 FM GM 3 Am B 4 Diatonische graadsakkoorden Graadsakkoorden blijven ONGEWIJZIGD Ze zijn in ELKE toonaard DEZELFDE De VIe
Les 1 (van een reeks van 3) aan beginnende orgelleerlingen volgens de in de scriptie beschreven inzichten. (Duur van de les: 30 min.
Bijlage 1 Les 1 (van een reeks van 3) aan beginnende orgelleerlingen volgens de in de scriptie beschreven inzichten. (Duur van de les: 30 min.) Beginsituatie: De leerling heeft enkele lessen gehad. Hij
Over afstanden in een toonladder, majeur en mineur (noodzakelijk voorproefje)
Gelders Projectkoor / Project van huis en haard / info Wat maakt muziek westers of oosters/arabisch? De verklaring hiervoor vanuit de muziektheorie is interessant in het project van huis en haard. Daarom
Afdeling I. 1. Zet er zelf een G- of F-sleutel voor (Wat voor instrument speel je?) en benoem dan de volgende noten:
- 1 - Notatie en toonstelsel Afdeling I 1. Zet er zelf een G- of F-sleutel voor (Wat voor instrument speel je?) en benoem dan de volgende noten:. Noteer de noten op de notenbalk. Zet weer de juiste sleutel
Theorie voor het HAFABRA examen B
Theorie voor het HAFABRA examen B Versie 1 - oktober 2009. Theorie voor het HAFABRA examen B Inleiding... 3 Hoofdstuk 1: maat en ritme... 4 1. Maataccenten. Zware en lichte maatdelen... 4 Dus:... 6 1.2
Welke zijn de toelatingseisen voor de afstudeerrichting muzikant en hoe worden kandidaten geselecteerd?
MUZIKANT Welke zijn de toelatingseisen voor de afstudeerrichting muzikant en hoe worden kandidaten geselecteerd? 1. Digitale aanmelding 1.1. Aanmeldingsformulier Naast een aantal formele gegevens, wordt
3. Tritonus vervanging
3. Tritonus vervanging De verhoogde IV e trap wordt gespeeld om een extra leidtoon te krijgen voor de V e trap. In C majeur wordt de f verhoogd (fis). De cadens I IV +IV V I (C F F# G C) wordt geharmoniseerd
Anouk Platenkamp 2015
Wat als een sessie overleven niet meer genoeg is? Anouk Platenkamp In het artikel hoe overleef ik een sessie? heb je kunnen lezen over de eerste stappen om mee te spelen met een sessie. We hebben gekeken
De afgelopen weken hebben we ons in TIPS & TRUCS vooral gericht op het bewerken
De afgelopen weken hebben we ons in TIPS & TRUCS vooral gericht op het bewerken en het verbeteren van het geluid, o.a. door middel van effecten en processoren. Welke microfoon het beste is in welke situatie,
1 Drieklanken. 1.1 Tertsstapeling en cirkelnotatie
1 Drieklanken In dit hoofdstuk worden kort de drieklanken besproken die we later nodig zullen hebben bij het voicen. Tevens wordt de cirkelnotatie geïntroduceerd, die we in dit boek veelvuldig zullen gebruiken.
Eindexamen Muziek vwo 2002-I
3 Antwoordmodel Aan het juiste antwoord op een meerkeuzevraag wordt 1 punt toegekend. Josquin des Prez - Tu solus qui facis mirabilia 1 maat 6: een mol voor de e 2 parallel 3 per haak 1 4 A 5 stemparen
EPTA. Muziektheorie A1-A2-B. MANSARDA - SINTRA muziekuitgaven. Landelijk Graadexamen Systeem. European Piano Teachers Association
MANSARDA - SINTRA muziekuitgaven e-mail: [email protected] internet: www.mansarda-sintra.com Rozenstraat 23 1271 NS Huizen tel: 035-5239454 Muziektheorie Landelijk Graadexamen Systeem A1-A2-B EPTA
Theorie voor het HAFABRA examen A
Theorie voor het HAFABRA examen A Versie 1 - oktober 2009. Theorie voor het HAFABRA examen A Inleiding... 3 Hoofdstuk 1: noten, notennamen, notenbalk en sleutels... 4 1.1 Stamtonen, notenbalk en sleutels...
Boomwhackers. pag. 1. Boomwhackers. Deel I. Ritme
1 Boomwhackers Deel I Ritme Ritme-woorden voor de BoomWhackers leeuw (een twee) di-no-sau-rus (e-ne-twee-e) struis-vo-gel (een-twee-e) o-li-fant (e-ne-twee) tij-ger (een-twee) Les 1 Schrijf de ritme-woordjes
Curriculum Leerorkest groep 5 t/m 8
Curriculum Leerorkest groep 5 t/m 8 Alle nieuwe doelen per leerjaar worden cursief- en dikgedrukt. Zingen Spelen Groep 5 Groep 6 Groep 7 Groep 8 20 liedjes correct zingen, klassikaal en in een groepje
Les 2. Als je op een piano alleen de witte toetsen gebruikt, kun je meteen de majeur- toonladder van C spelen: C D E F G A B C.
Les 2 TOONLADDERS Witte toetsen Als je op een piano alleen de witte toetsen gebruikt, kun je meteen de majeur- toonladder van C spelen: C D E F G A B C. De majeur-toonladder Je hebt het al gezien in het
2 punten. 3 punten. 4 punten. 1 punt. 3 punten
Speel het vierde stuk uit één van je boeken. Hoeveel verschillende tonen kennen we. 1 2 Schrijf in ritme het woord pianoleerling in kwarten en achtsten. Is dit het ritme van Kortjakje, Vader Jacob, Zie
EXAMENEISEN voor het diploma KERKMUSICUS III (SGV in het bisdom Roermond)
EXAMENEISEN voor het diploma KERKMUSICUS III (SGV in het bisdom Roermond). Kerkmusicus III dirigent / organist Kerkmusicus III organist A Muziektheorie Notennamen, sleutels en chromatische tekens Ritme,
Optimale ontwikkeling prenatale fase tot en met zes jaar
Optimale ontwikkeling prenatale fase tot en met zes jaar Naast het muzikale ontwikkelingsgebied (waarneming van, ontwikkeling van het muzikaal geheugen, enzovoort) is tevens zichtbaar welke muzikale gedragsvorm
KERKTOONSOORTEN. M.P. Slootweg
KERKTOONSOORTEN M.P. Slootweg Een octaaf bestaat uit 12 tonen, 7 op de witte toetsen en 5 op de zwarte toetsen. Tussen de tonen ligt steeds een halve toonsafstand (samen in totaal 6 hele toonsafstanden).
Muziektheorie. Uitgave januari 2004. Tekst: DIRK VIAENE
Uitgave januari 2004 Tekst: DIRK VIAENE Inhoud 1 Inhoud 1 Inhoud... 1 2 Toonsysteem en toonnotatie...4 3 Tonaliteit en toonladders...5 3.1 Tonaliteit...5 3.2 Toonladders...5 3.2.1 Stamtoonladders...5 3.2.2
RUDOLF RASCH MIJN WERK OP INTERNET, DEEL TWEE NOOTZAKEN BASISBEGRIPPEN UIT DE THEORIE VAN DE WESTERSE MUZIEK HOOFDSTUK VIER SEPTIEMAKKOORDEN
RUDOLF RASCH MIJN WERK OP INTERNET, DEEL TWEE NOOTZAKEN BASISBEGRIPPEN UIT DE THEORIE VAN DE WESTERSE MUZIEK HOOFDSTUK VIER SEPTIEMAKKOORDEN Verwijzingen naar deze tekst graag als volgt: Rudolf Rasch,
Eindexamen muziek vwo I
Beoordelingsmodel Aan het juiste antwoord op een meerkeuzevraag wordt één punt toegekend. F. Schubert - Wohin? 1 maximumscore 1 (a) - a - b - a - a 2 maximumscore 2 veel korte notenwaarden / triolen (of
HOOFDSTUK 30 : ARPEGGIO S
HOOFDSTUK 30 : ARPEGGIO S 1. Arpeggio s met drieklanken Arpeggio staat voor de term gebroken akkoord en bestaat dus enkel uit akkoordnoten. Deze techniek is zeer effectief, want elke toon die je speelt
INHOUDSOPGAVE. Harmoniseren met I, IV en V in de toonsoort C Pagina 6. Harmoniseren met I, IV en V in de toonsoorten D, F en G Pagina 11
INHOUDSOPGAVE Voorwoord Pagina 2 De basis Pagina 3 Harmoniseren met I, IV en V in de toonsoort C Pagina 6 Harmoniseren met I, IV en V in de toonsoorten D, F en G Pagina 11 Harmoniseren met I t/m VI Pagina
Reflets dans l eau. Schematisch, met tonale centra: A B A B A Des As Des Es Des T D T S T (ook de totaalstructuur is plagaal!)
Reflets dans l eau We kiezen uit het rijke piano-oeuvre van Debussy de Image Reflets dans l eau, de eerste Image uit het eerste boek Images. Het is een sterk voorbeeld van impressionistische vaagheid,
Antwoordenboek. Algemene Muziekleer
Dia aal Antwoordenboek Algemene Muziekleer VWO 2 VWO Inhoud Hoofdstuk 1 Notenbalk en sleutel 3 Hoofdstuk 2 Noten en rusten 4 Hoofdstuk 3 Intervallen 5 Hoofdstuk 4 Diatonische reeksen 6 Hoofdstuk 5 Tempo
Vragen en opgaven. Algemene Muziekleer
Dia aal Vragen en opgaven Algemene Muziekleer HAVO 2 HAVO Inhoud Hoofdstuk 1 Notenbalk en sleutel 3 Hoofdstuk 2 Noten en rusten 5 Hoofdstuk 3 Intervallen 7 Hoofdstuk 4 Diatonische reeksen 8 Hoofdstuk 5
Kempische Steenweg 400 3500 Hasselt Tel. : 011 27 84 60 www.musart.be. Basistheorie m.b.t. de toelatingsproeven voor het 4 e en 5 e jaar
Kempische Steenweg 400 3500 Hasselt Tel. : 011 27 84 60 www.musart.be Basistheorie m.b.t. de toelatingsproeven voor het 4 e en 5 e jaar 1. INTERVALLEN OF TOONAFSTANDEN 1.1. Inleiding De onderlinge verhouding
Geschreven Harmonie. Annemarijn Verbeeck Page 0
Geschreven Harmonie Annemarijn Verbeeck Page 0 Geschreven harmonie I. Inleiding 1. Tessituur Tessituur van de sopraan Tessituur van de alt Tessituur van de tenor Tessituur van de bas 2. Notatie van de
Samenvatting Muziek Muziek theorie B-examen
Samenvatting Muziek Muziek theorie B-examen Samenvatting door een scholier 640 woorden 5 april 2004 6,5 110 keer beoordeeld Vak Methode Muziek Centraal examen Theorie uit B- examen voor piano. Tempo: Zeer
DIDACTISCH LESMATERIAAL & DIDACTISCH TIPS TOOLBOX
DIDACTISCH LESMATERIAAL & DIDACTISCH TIPS TOOLBOX Musix rond Vier weverkens LES 1: (bijlagen 1,2 > deze kunnen ev. Via smartboard worden geprojecteerd ) Viva voce aanleren 1 ste strofe Vier weverkens (Kaderen
THEORIE EXAMEN A 2019
THEORIE EXAMEN A 2019 LUISTERVRAGEN VRAAG 1 Je hoort 4 grote tertstoonladders, geef aan of ze goed of fout klinken. Je hoort eerst een voorbeeld: Voorbeeld: goed fout Toonladder 1 goed fout Toonladder
De frequentieverhouding voor het oktaaf wordt dus 2:1, voor de kwint 3:2, voor de kwart 4:3, voor de grote terts 4:5 en de kleine terts 5:6.
Algemene Muziekleer Musician 3.0 reader - HKU - pagina 1 Het toonstelsel Het Europese toonstelsel is het systeem dat in Westerse muziek ordt gebruikt om tonen in te delen en te benoemen. De basis voor
Theorie op de gitaar. Toonladders. Uitleg en opdrachten. Coen Beijer
Theorie op de gitaar Toonladders Uitleg en opdrachten Coen Beijer Inhoud De majeurtoonladder spelen op de gitaar... 3 De majeurtoonladder in notennamen bedenken... 4 Opdracht majeurtoonladders... 5 Majeur
Een cadens is een harmonische formule om een muzikale (deel)frase the beëindigen. We onderscheiden:
Cadensen Een cadens is een harmonische formule om een muzikale (deel)frase the beëindigen. We onderscheiden: de authentieke cadens (of heel slot): eindigt met V - I (dominant naar tonica); twee subtypen:
THE LOST CHORD HARMONISEREN OP TOETSINSTRUMENTEN STEPHEN TAYLOR
THE LOST CHORD HARMONISEREN OP TOETSINSTRUMENTEN I STEPHEN TAYLOR The Lost Chord Seated one day at the organ, I was weary and ill at ease, And my fingers wander d idly Over the noisy keys; I know not
PIETER BAKKER MUZIEKTHEORIE K U N S T E N W E T E N S C H A P
PIETER BAKKER MUZIEKTHEORIE K U N S T E N W E T E N S C H A P Overname slechts met toestemming van Stichting Kunst en Wetenschap Smidstraat 12 NL-8746 NG Schraard 2009 P.I. Bakker ISBN 978-90-79151-03-5
