Schuldhulpverlening. Beleidsnota

Maat: px
Weergave met pagina beginnen:

Download "Schuldhulpverlening. Beleidsnota"

Transcriptie

1 Schuldhulpverlening Beleidsnota

2 Gemeente Stein, Beek en Schinnen Afdelingen Werk & Inkomen/Sector Publiek December 2010 INHOUDSOPGAVE 1. Inleiding 3 2. Aanleiding 4 1. De huidige situatie 4 2. Ontwikkelingen in de wetgeving 5 3. De visie op schuldhulpverlening 8 1. De doelgroep 8 2. (Problematische) schulden 9 3. Eigen verantwoordelijkheid van de klant Duurzaamheid De stappen in het proces van schuldhulpverlening Het proces in één overzicht De nadruk in het beleid De kwaliteit van schuldhulpverlening Een laagdrempelige voorziening Preventiebeleid Actief wachtlijstbeheer Samenwerken in de schuldhulpverlening Adequate regievoering Borging van kwaliteit Financiën Gevolgen nieuwe wet Gevolgen beleidskeuzes Financiële conclusie Samenvatting Advies 26 Bijlage 1 Budgetten en aantallen Bijlage 2 De relatie met andere regelgeving Bijlage 3 Kwaliteitsnormen Bijlage 4 De producten 2

3 1. Inleiding Het aantal mensen dat niet op eigen kracht haar financiële problemen kan oplossen blijft groeien. Schuldproblematiek verschuift hiermee in toenemende mate van een individueel probleem in de richting van een maatschappelijk probleem. Er is sprake van een structurele groep inwoners die zorg en ondersteuning nodig heeft. Het belang om deze problematiek op lokaal niveau te voorkomen en het hoofd te bieden, is hiermee onverminderd aanwezig. Zeker in tijden waarin de economische omstandigheden een verzwarende factor zijn. Wethouder Wilma Adriaans aan het woord: Een sluitende aanpak rondom schuldenproblematiek is van evident belang voor de zelfredzaamheid van onze inwoners. Problematische schulden staan in de weg aan het verkrijgen en behouden van werk, een goede (psychische) gezondheid, juiste ontwikkelingskansen voor de jeugd en het voorkomen van sociaal isolement. Daarom willen wij inwoners in een vroeg stadium helpen, het liefst voordat de schulden problematisch worden. Schuldhulpverlening is essentieel in de bestrijding van armoede in onze gemeente. De gemeenten Beek, Schinnen en Stein (verder de gemeenten ) bieden inwoners, die kampen met schulden, uitzicht op een toekomst zonder schulden. Iedere natuurlijke persoon kan een beroep doen op een passende vorm van schuldhulp. Deze visie vloeit voort uit het coalitieprogramma waarin u het volgende leest: Om de positie van inwoners met weinig financiële draagkracht te verbeteren, wordt de mogelijkheid om in aanmerking te komen voor inkomensondersteuning en kwijtschelding van gemeentelijke belastingen op een actieve en klantvriendelijke wijze kenbaar gemaakt. Echt urgent is hulp voor burgers die ernstige schulden hebben. Schuldenproblematiek werkt vaak verlammend op het vermogen van mensen om hun leven weer op orde te krijgen. Sociaal isolement, problemen in de gezinssituatie en dreigende dakloosheid gaan vaak samen met schulden. Daarom wil de gemeente volop inzetten op een verantwoorde schuldhulpverlening. De nota is als volgt opgebouwd. in het tweede hoofdstuk gaan we nader in op de nieuwe wettelijke verplichting en de vragen die college en raad moeten beantwoorden. Tevens schetsen we de huidige situatie. In het derde hoofdstuk formuleren wij vervolgens de visie op schuldhulpverlening en de uitgangspunten die daarbij gehanteerd worden, die in hoofdstuk 4 en 5 vervolgens vertaald worden naar actiepunten voor de uitvoeringspraktijk. Het financiële kader zetten wij in hoofdstuk 6 uiteen, waarna het beleidsplan afsluit met een samenvatting in hoofdstuk 7 en de beslispunten in hoofdstuk 8. 3

4 2. Aanleiding 2.1 De huidige situatie De eerste aanleiding om deze (eerste) beleidsnota op het gebied van schuldhulpverlening op te stellen, is gelegen in de landelijke en lokale doorontwikkelingen op het gebied van schuldhulpverlening. In de afgelopen raadsperiode ontstond een groeiend besef van de noodzaak om, naast de uitvoering van schuldhulpverlening gericht op individuele begeleiding van de klant, ook invulling te geven aan een visiedocument dat de verdere doorontwikkeling van de huidige werkwijze verdiept en verbetert. In deze paragraaf schetsen wij voor u die huidige werkwijze. Schuldhulpverlening werd in het verleden uitgevoerd door maatschappelijk werk. Toen in 2006 de Kredietbank Limburg (KBL) is opgericht, hebben de Zuid Limburgse gemeenten de uitvoering van schuldhulpverlening opgedragen aan de KBL 1. Jaarlijks wordt op basis van beleidsinzichten en beschikbaar budget de inkoop vastgelegd waarover gedurende het jaar gerapporteerd wordt. De rapportage op inkoopniveau wordt de laatste jaren gecompleteerd met een overzicht van de trajectprestaties. De gemiddelde wachttijd tussen aanmelding en eerste intake is op dit moment in Beek 6 weken, in Stein 4 weken en in Schinnen 4 weken. De gemeenten hebben voor de periode van het Rijk extra middelen ontvangen voor schuldhulpverlening i.v.m. de economische crisis. Hiermee is: in Stein een voorlichtingsproject bij Groenewald uitgevoerd en is dit budget gebruikt voor de dekking van de extra toeloop op schuldhulpverlening; In Beek is een intake-spreekuur gerealiseerd waardoor de intake sneller en lokaal kan worden uitgevoerd. Ook de extra toeloop is afgedekt; Schinnen heeft de middelen gebruikt voor de dekking van de extra toeloop op schuldhulpverlening. Een eerste aanzet tot de uitvoering van integrale (schuld)hulpverlening kwam in Beek, Stein en Schinnen al tot uitdrukking door periodiek overleg met diverse partijen. Daarmee werd de eerste stap gezet om de schuldhulpverlening onderdeel te maken van de totaalaanpak van de problematiek van de klant. In Stein betreft het een uitbreiding van het Lokaal Zorgtafel Overleg 2 waarin verschillende partijen casu met elkaar delen. In Beek betreft het een overleg tussen maatschappelijk werk, Kredietbank en de afdeling Werk en Inkomen van de gemeente. In Schinnen betreft het een uitvoeringsoverleg (Lokaal Zorgtafel Overleg 3 ) waarin verschillende partijen casu met elkaar delen Ook aan preventie wordt al aandacht besteed. Naast de reguliere producten die worden ingekocht bij de Kredietbank betreft het: In Stein voorlichting voor jarigen op Groenewald en een open inloopspreekuur voor vragen over budgettering en schulden. 1 Kredietbank Limburg is een Gemeenschappelijke Regeling van de grote gemeenten. De overige gemeenten kopen in en betalen een 10% hogere kostprijs per product omdat zij niet risicodragend zijn. 2 Aan het Lokaal Zorgtafel overleg nemen deel: gemeente, woningstichtingen, PIW, Vivantes, thuiszorg, politie, huisarts. 3 Aan het Lokaal Zorgtafel overleg nemen deel: gemeente Schinnen, woonmaatschappij ZoWonen, PIW, ORBIS, thuiszorg, CIZERO, MEE, huisarts. 4

5 In Beek worden in 2010 informatie-avonden voor inwoners georganiseerd. Daarnaast is geïnvesteerd in een betere samenwerking met de KBL. In Schinnen is ingezet op een intensievere samenwerking met de KBL. Om u inzicht te geven in aantallen en budgetten voegen wij in bijlage 1 een aantal overzichten toe. 2.2 Ontwikkelingen in de wetgeving Een tweede aanleiding voor deze beleidsnotitie zijn de ontwikkelingen in de wetgeving. Op het gebied van schuldhulpverlening zijn er twee wetsvoorstellen in de maak: een wetsvoorstel gemeentelijke schuldhulpverlening en een wetsvoorstel voor een breed moratorium. Mogelijk worden beiden gecombineerd. Daarnaast groeit het besef dat voor schuldhulpverlening een rol is weggelegd in aanverwante beleidsvelden. In deze paragraaf lichten wij deze relevante ontwikkelingen toe Het wetsvoorstel gemeentelijke schuldhulpverlening Momenteel is de wet gemeentelijke schuldhulpverlening in de maak. Deze wet treedt in werking op 1 juli In dit wetsvoorstel is de plicht opgenomen voor gemeenteraden om in een beleidsplan Schuldhulpverlening te voorzien en dit plan periodiek te herijken. Met dit wetsvoorstel beoogt het kabinet dat mensen van problematische schulden afkomen zonder in juridische procedures terecht te komen. Het is vaak het beste om schuldproblematiek minnelijk via schuldhulpverlening op te lossen. Instemming van de schuldeisers is daarbij essentieel. De wet moet leiden tot een effectievere aanpak van de schuldhulpverlening. Het is aan de gemeenteraad om vorm en inhoud van de dienstverlening te bepalen en een integraal beleidsplan voor schuldhulpverlening op te stellen. Op preventie gerichte activiteiten en nazorg om nieuwe schulden te voorkomen moeten deel uitmaken van dit plan. De gemeenten krijgen de verplichting om in dit beleidsplan invulling te geven aan de volgende onderwerpen: a. de gemeentelijke doelstellingen voor integrale schuldhulpverlening; b. de beleidsacties voor de komende vier jaar, gericht op de vormgeving van integrale schuldhulpverlening; c. welke resultaten zij wenst te behalen; d. welke maatregelen worden genomen om de kwaliteit te waarborgen; e. welke maatregelen gericht op preventie van schulden worden ondernomen; f. de wijze waarop schuldhulpverlening wordt afgestemd op de situatie van de verzoeker; g. het maximale aantal weken wachttijd dat de gemeente nastreeft. Er zijn geen bepalingen opgenomen over de kwaliteit van de schuldhulpverlening. De Branchevereniging van schuldhulpverlenende instellingen (de NVVK) en de instellingen zelf krijgen de ruimte om vanuit de sector werkende kwaliteitsnormen op te stellen. De regering doet een beroep op de sector om de kwaliteit te borgen via certificering. In de wet wordt wel expliciet iets gezegd over de maximale wachttijd voor de klant. De tijd tussen aanmelding en intake mag maximaal vier weken bedragen. De regering gaat ervan uit dat de gemeenten in hun plan een korte wachttijd als uitgangspunt opnemen. Maar indien de termijn van 4 weken wordt overtreden, staat hier geen sanctie tegenover. 5

6 Aan de doorlooptijd worden geen eisen gesteld. De doorlooptijd is afhankelijk van de situatie van de klant. Het is niet mogelijk om die in de wet te bepalen. Wel wordt verwacht dat de gemeente de klant een globaal inzicht geeft in de verwachte doorlooptijd. Hierbij geldt de nadrukkelijke voorwaarde dat de klant meewerkt aan het schuldhulpverleningstraject. De verplichtingen voor de klant moeten schriftelijk worden vastgelegd. In het wetsvoorstel is ook een algemene medewerkingsverplichting opgenomen. Daarnaast zouden schuldeisers binnen een redelijke termijn moeten reageren op verzoeken om informatie, daar tegenover staat dat de schuldeisers worden geïnformeerd over de voortgang van het traject. De wet schrijft ondermeer voor dat de gemeente in haar beleidsplan vast legt op basis van welke individuele omstandigheden een natuurlijk persoon de toegang tot de schuldhulpverlening wordt ontzegd. Gemeentelijke schuldhulpverlening is in principe niet toegankelijk voor zelfstandigen met een nog functionerende onderneming. Als de onderneming niet levensvatbaar is, moet deze worden gestaakt. Daarna staat schuldhulpverlening wel open. De gemeente kan ook op basis van individuele omstandigheden besluiten een schuldenaar niet toe te laten tot de schuldhulpverlening. Bijvoorbeeld als deze persoon zich al vaker tot de schuldhulpverlening heeft gewend maar er verwijtbaar geen resultaat is geboekt. De regering wijst er echter op dat het van belang is vooral naar de mogelijkheden in de toekomst te kijken in plaats van naar het verleden van de schuldenaar. Tegen een beslissing van de gemeente om een schuldenaar wel of niet toe te laten tot de schuldhulpverlening staat bezwaar en beroep ingevolge de Algemene wet bestuursrecht open. Dat was voorheen niet zo. Klachten kan de schuldenaar indienen via de klachtenprocedure van de NVVK 4 of de klachtenprocedure van de gemeente Schinnen. Tegen een klacht is geen bezwaar mogelijk Het breed moratorium Naast het wetsvoorstel gemeentelijke schuldhulpverlening speelt er nog een belangrijke ontwikkeling: de totstandkoming van een breed moratorium. Het moratorium houdt in dat een schuldsituatie bevroren kan worden. Door te verlangen dat schuldeisers tijdelijk hun incassomaatregelen staken, creëert het moratorium een afkoelingsperiode waarin de problemen zorgvuldig in kaart gebracht kunnen worden en een oplossing bedacht kan worden. Dit kon al deels via het huidige moratorium dat geregeld is in de WSNP. Het voorstel van de wetgever is om dit moratorium uit te breiden door ook een beslag, een executoriale verkoop en een verrekening onder het moratorium te brengen. Dit zal waarschijnlijk nog niet in de nieuwe wet gebeuren maar nadien apart geregeld worden. Naast de wet gemeentelijke schuldhulpverlening komt er daarmee een adequaat laatste redmiddel waarmee alle schuldeisers gedwongen kunnen worden hun incassomaatregelen te staken. Het breed moratorium is een zwaar instrument. Daarom moet grote zorgvuldigheid in acht genomen worden bij de totstandkoming in wetgeving. De vraag is nu nog of er een breed moratorium er komt. Voor de strekking van dit beleidsplan maakt dit niet veel uit. Zodra het nieuwe moratorium doorgang vindt, zullen wij de mogelijkheden daarvan benutten in 4 De NVVK, de vereniging voor schuldhulpverlening en sociaal bankieren, is al 75 jaar de belangenvereniging van gemeentelijke kredietbanken, publieke instellingen en bedrijven die mensen met schulden helpen. De NVVK komt ook op voor de belangen van mensen met schulden en schuldeisers. 6

7 de uitvoering van de schuldhulpverlening in brede zin Schuldhulpverlening als middel ten behoeve van overige wetgeving In de afgelopen jaren is gebleken dat schuldhulpverlening een aanzienlijke bijdrage levert aan het bereiken van doelstellingen in overige wetten en regels. Hier benoemen wij deze wetten en regels waarmee wij nogmaals de raakvlakken van schuldhulpverlening met andere beleidsterreinen en de positionering van schuldhulpverlening in het totale hulpverlenings- of zorgtraject benadrukken. Voor een uitgebreide toelichting van de relatie tussen schuldhulp en de onderstaande regelgeving verwijzen wij u naar bijlage 2. Wet Werk en Bijstand (WWB) Wet Investeren in Jongeren (WIJ) Beleid armoedebestrijding Re-integratiebeleid Wet schuldsanering natuurlijke personen (WSNP) Wet Maatschappelijke Ondersteuning (WMO) schuldhulp om inkomen te vergroten schuldhulp als onderdeel van een reintegratietraject om de kans op werk te vergroten schuldhulp als minnelijke oplossing en preventiemiddel schuldhulp om de participatie te vergroten De wettelijke plicht ten aanzien van schuldhulpverlening gaat gepaard met de verplichtingen uit voornoemde materiewetten. Schuldhulpverlening ondersteunt het bevorderen van de zelfredzaamheid, van maatschappelijke participatie en armoedebestrijding. Het belangrijkste uitgangspunt van deze materiewetten en van de nieuwe wet gemeentelijke schuldhulpverlening is dat de verantwoordelijkheid daar dient te blijven liggen, waar hij juridisch ligt, namelijk bij de schuldenaar en de schuldeiser(s). 7

8 3. De visie op schuldhulpverlening De huidige situatie en de ontwikkelingen zijn u nu bekend. In dit hoofdstuk schetsen wij onze visie op schuldhulpverlening. Deze visie wordt uitgesplitst in vier uitgangspunten. Visie Wij bieden alle inwoners met schulden, indien preventieve activiteiten niet hebben kunnen voorkomen dat er schulden zijn ontstaan, de mogelijkheid op begeleiding om de schuldsituatie beheersbaar te krijgen en zo mogelijk toe te werken naar een duurzaam schuldenvrij bestaan. Daarbij blijft de verantwoordelijkheid voor het welslagen van dit traject liggen bij de schuldenaar en de schuldeiser(s). De gemeente voert de regie over de samenwerking van meerdere instanties die samen voorzien in een totaalaanpak op maat. Met deze visie stellen wij elke inwoner zo optimaal mogelijk in staat een duurzaam sociaal bestaan op te bouwen. Daarbij zijn het verkrijgen of behouden van werk, een goede (psychosociale) gezondheidssituatie en het voorkomen van een sociaal isolement belangrijke graadmeters. Hieronder diepen wij de visie verder uit. 3.1 De doelgroep Margot en Sander hebben net een huis gekocht. Ze kunnen de lasten net betalen maar gaan uit van hun financiële perspectief. Als Margot zwanger wordt, gaat ze parttime werken. Sander heeft toch een hoog inkomen. Maar dan komt de kink in de kabel. Sander wordt ontslagen. Hij vindt een andere baan maar verdient een stuk minder. Voorheen was hun uitgavenpatroon in balans met de inkomsten, maar nu niet meer. Sander en Margot geven meer uit dan ze verdienen. Iedereen maakt tegenwoordig toch gebruik van een doorlopend krediet? Na 2 jaar komen ze erachter dat ze ,-- schuld hebben. De aflossing kost 500,-- per maand. Ze kunnen maar 250,-- missen. Net als Margot en Sander zijn er veel inwoners in onze gemeente die op zich een redelijk inkomen hebben maar een overmatig bestedingsgedrag op na houden. Bijvoorbeeld als gevolg van wijzigende omstandigheden zoals een tegenvallende verkoop van een woning, ontslag of een scheiding. Ook blijkt overmatig bestedingsgedrag vaak een gevolg van onvoldoende aandacht voor bewust omgaan met geld tijdens de opvoeding. Jongeren blijken daarnaast niet altijd bestand tegen commerciële gedragsbeïnvloeding van buitenaf. Ze weten daardoor soms niet goed met geld om te gaan. Wij willen schuldhulpverlening aanbieden aan iedere inwoner en jongeren uitdrukkelijk niet uitsluiten van een beroep op schuldhulp omdat juist zij in de leeftijd jaar een kwetsbaar bestedingspatroon ontwikkelen. Uitgangspunt 1 Schuldhulpverlening dient toegankelijk te zijn voor alle inwoners vanaf 16 jaar. 8

9 Wel sluiten wij de volgende groepen uit van een beroep op schuldhulpverlening: Dak- en thuislozen: de wet schrijft voor dat dak- en thuislozen opgevangen worden door de centrumgemeenten. In ons geval is dat Sittard-Geleen. Dak- en thuislozen worden daarom doorverwezen naar de gemeente Sittard-Geleen; Zelfstandigen: zij kunnen een beroep doen op het Besluit bijstandverlening zelfstandigen (Bbz 5 ). Als de ondernemer niet in aanmerking komt voor een Bbzkrediet omdat het bedrijf niet levensvatbaar is, is het niet zinvol wel schuldhulp aan te bieden. De zelfstandige doet er beter aan te stoppen om grotere financiële problemen te voorkomen. Wel stellen wij schuldhulpverlening open voor natuurlijke personen die schulden hebben in verband met de liquidatie van een onderneming mits de activiteiten van de onderneming van de natuurlijke persoon feitelijk gestopt zijn. Voor klanten die recidiveren na verwijtbaar gedrag geldt een wachttijd van 1 jaar. Van verwijtbaar gedrag is sprake als de klant bewust niet meewerkt aan het treffen van een minnelijke schuldregeling en er geen wijzigingen in de omstandigheden zijn opgetreden die de schuldhulpverlener het vertrouwen geven dat de klant zich dit keer wel voldoende zal inzetten. De door de wet uitgesloten groepen. Zoals gezegd in paragraaf is op de nieuwe wet Gemeentelijke schuldhulpverlening de Algemene wet bestuursrecht van toepassing. Dit betekent dat tegen een beslissing van de gemeente om een persoon wel of niet toe te laten tot de schuldhulpverlening, bezwaar en beroep open staat. Tegen de nadere invulling van het traject kan geen bezwaar gemaakt worden. Als schuldhulpverlening onderdeel uitmaakt van een verplichting tot reïntegratie aan een uitkeringsgerechtigde betekent dit ook dat de mogelijkheden tot het opleggen van een sanctie open staan als die uitkeringsgerechtigde niet meewerkt aan schuldhulpverlening en dus zijn reïntegratie belemmert. 3.2 (Problematische) schulden Uitgangspunt bij het aanbieden van welke vorm van gemeentelijke dienstverlening dan ook, is dat die dienstverlening is gericht op het principe dat inwoners zelfredzaam zijn. Wanneer zij dat niet zijn, is de dienstverlening erop gericht om de zelfredzaamheid maximaal te vergroten. Aan de poort van het proces wordt door de schuldhulpverlener op basis van een gesprek met de klant bepaald hoe zelfredzaam de klant is, hoe zelfredzaam hij maximaal kan worden en hoe we dat doel bereiken. Uitgangspunt 2 Een schuldhulpverleningstraject wordt aangeboden aan inwoners die problematische 6 schulden hebben of die voorzien op termijn problematische schulden te krijgen. Zijn de schulden niet problematisch, dan worden preventieve maatregelen getroffen. Daarbij is de doelstelling dat problematische schulden voorkomen worden. Preventieve maatregelen worden aangeboden aan alle inwoners die daar behoefte aan hebben. 5 Dit is een voorliggende voorziening die hulp kan bieden voor zelfstandigen bij het opstellen van een bedrijfsplan voor een levensvatbaar bedrijf en een bedrijfskrediet op maat inclusief de begeleiding. 6 Om vast te stellen of een schuldsituatie problematisch is, hanteren wij de normen van branchevereniging NVVK Deze normen worden landelijk gezien als de beste vertaling van de nieuwe wet Gemeentelijke schuldhulpverlening. Zie bijlage 2. 9

10 3.3 Eigen verantwoordelijkheid van de klant De eigen verantwoordelijkheid van de klant is een belangrijke voorwaarde voor een succesvol schuldhulpverleningstraject. Dit houdt in dat van de klant verwacht wordt dat hij een actieve rol vervult. De klant dient zich maximaal in te zetten voor het slagen van het traject. Als de klant geholpen wil worden dient hij zich te houden aan de voorwaarden die zijn vastgesteld in het vooraf ondertekende trajectplan. Uitgangspunt 3 De klant vervult een actieve rol. Hij committeert zich vooraf aan de te behalen doelen en de na te leven voorwaarden en is hier zelf verantwoordelijk voor. De voorwaarden en gedragsregels die gelden bij deelname aan het traject staan op schrift en dienen door de klant te worden ondertekend 7. De belangrijkste voorwaarden zijn: de klant is zelf verantwoordelijk voor het indienen van de aanvraag schuldhulpverlening of verleent alle medewerking aan zijn hulpverlener om samen een aanvraag in te dienen; het inkomen wordt zo nodig beheerd; alle schulden moeten bij de hulpverlening worden meegenomen; de klant moet volledig inzicht geven in alle relevante gegevens; Hij/zij gaat geen nieuwe financiële verplichtingen aan en komt bestaande financiële verplichtingen na; Indien noodzakelijk moet aan de psychosociale problematiek worden gewerkt en is de klant verplicht ook hieraan mee te werken. Door het kennen van de voorwaarden is het de klant ook duidelijk gemaakt wat de consequenties zijn bij het door eigen toedoen laten mislukken van de schuldhulpverlening. 3.4 Duurzaamheid Uitgangspunt 4 Het schuldhulpverleningstraject moet duurzame gevolgen hebben. Duurzaamheid houdt voor verschillende doelgroepen iets anders in. Wij streven naar het hoogst haalbare. 1. Bij voorkeur leert de klant zelf inschatten en bewaken dat hij rond komt met zijn inkomen. Hij leert hoe hij zijn inkomen kan vergroten of op peil kan houden. Daar hoort bij dat hij betalingen en schuldaflossing tijdig voldoet. Soms is het geven van informatie en advies al voldoende. Doel is een duurzaam schuldenvrij bestaan voor de klant. 7 De gedragsregels van de NVVK worden gehanteerd. Deze normen worden landelijk gezien als de beste vertaling van de nieuwe wet Gemeentelijke schuldhulpverlening. Zie bijlage 2. 10

11 2. Volstaat dit niet dan wordt door de schuldhulpverlener dieper ingestoken op bewustwording. Dit gaat gepaard met het bieden van handvaten / instrumenten en begeleiding. Eventueel vind tijdelijk beheer van het inkomen plaats. Doel is dat de klant zelfredzaam wordt, zijn schulden beheersbaar blijven en dat hij op termijn zelf in staat is zijn schuld terug te dringen of geheel af te lossen. 3. Sommige klanten zullen nooit in staat zijn volledig zelfstandig een gezonde financiële situatie bereiken. Doel is dan dat het inkomen duurzaam beheerd blijft. In alle gevallen geldt dat niet alleen het probleem zelf maar ook de onderliggende oorzaak van het probleem wordt aangepakt. Dit is de beste manier om een terugval te voorkomen. Op deze vorm van duurzaamheid investeren door binnen het traject schuldhulpverlening ook in te zetten op gedragsverandering. Dit kan betekenen dat wij gedurende het traject psychosociale hulpverlening moeten aanbieden. Zowel de financiële schuldsituatie van de klant als diens gedrag is van invloed op de vraag of het inzetten van een traject succesvol kan zijn. Een schuldhulpverlener kan geen schuldhulp verlenen als de klant niet meewerkt of als de financiële situatie niet meer saneerbaar is. In die gevallen bieden wij dan ook geen schuldhulpverleningstraject aan. Dit uitgangspunt is vertaald naar onderstaande tabel: NIET SANEERBARE SCHULD 8 SANEERBARE SCHULD ONREGELBARE KLANT Schuldsaneringsregeling 9 via Rechtbank (incl. bewindvoering). Schuldhulpverlening en psychosociale hulpverlening 10 REGELBARE KLANT Schuldsaneringsregeling via Rechtbank (incl. bewindvoering). Schuldhulpverlening 8 Een schuld is niet saneerbaar als de minnelijke regeling door het niet meewerken van schuldenaar of (één van de) schuldeiser(s) niet tot stand kon komen. 9 Als een minnelijke regeling (schuldhulpverlening) niet mogelijk gebleken is, biedt de WSNP (wettelijke schuldsanering natuurlijke personen) onder voorwaarden het perspectief op een schuldenvrije toekomst cq. een schone lei. Zie hierover pagina Psychosociale hulpverlening is bedoeld voor klanten waarvan tijdens de intake blijkt dat zij niet in staat zijn tot het naleven van een schuldregeling omdat overige problemen niet genoeg onder controle zijn. In overleg met de psychosociaal hulpverlener wordt een trajectplan uitgestippeld. 11

12 4. De stappen in het proces van schuldhulpverlening De randvoorwaarden van de relevante wettelijke kaders en de beleidsvisie voor de schuldhulpverlening zijn geschetst. Onze visie kent uitgangspunten die u in het vorige hoofdstuk terugvindt. Daarnaast kent de visie ook nieuwe actiepunten. Daarin leest u terug hoe de gemeente de regie zal voeren over de samenwerking tussen meerdere instanties die samen moeten gaan voorzien in een totaalaanpak op maat. Deze nieuwe actiepunten komen onderstaand aan de orde. Eerst geven we een vereenvoudigde weergave van de verschillende processtappen zodat u beter kunt volgen welke keuzes wij maken. 4.1 Het proces in één overzicht Het proces van schuldhulpverlening loopt vanaf het moment van de eerste keer dat iemand rood staat tot, in het ergste geval, de faillietverklaring van die persoon. Het proces ziet er als volgt uit: Minnelijke traject Wet gemeentelijke schuldhulpverlening WSNPtraject WSNP Faillietverklaring Faillissementswet Minnelijk traject In eerste instantie wordt een schuldhulpverleningtraject gestart middels het zogenaamde minnelijke traject. De schuldhulpverlener maakt een inventarisatie van de schuldeisers en de hoogte van de schulden. Daarna probeert hij een akkoord te bereiken met de schuldeisers. Dit houdt in dat er wordt aangeboden een deel van de schuld te betalen tegen kwijtschelding van de rest van de vordering. Wanneer alle schuldeisers akkoord gaan met dit aanbod, is het minnelijk traject gelukt. De klant betaalt dan gedurende een vastgestelde periode van 3 jaar via de schuldhulpverleningsinstelling maandelijks een bedrag aan de schuldeisers. Als één of meerdere schuldeisers niet akkoord gaan, wordt het minnelijk traject als mislukt beschouwd. De schuldenaar is dan aangewezen op een WSNP-traject. WSNP-traject Het WSNP-traject is een traject voor schuldsanering. De hoofddoelstelling van de WSNP is het bieden van een schone lei aan schuldenaren die te goeder trouw zijn. De gemeente (lees: de schuldhulpverlener) stelt een verzoekschrift op met als bijlage een WSNP-verklaring. De schuldhulpverlener moet gecertificeerd zijn anders kan geen aanvraag gedaan worden in het kader van de WSNP 11. De stukken worden naar de rechtbank gestuurd. Er vindt een rechtzitting plaats. Tijdens de zitting vraagt de rechter om aanvullende informatie en legt hij de schuldenaar uit welke verplichtingen deze heeft als hij tot de WSNP wordt toegelaten. De rechtbank spreekt uit of de schuldenaar wordt 11 Wet schuldsanering natuurlijke personen, artikel 288 lid 2b van de Faillissementswet 12

13 toegelaten tot de WSNP. Er geldt een termijn van 3 jaar vanaf de start van de sanering (art. 284 FW e.v.) waarbij een bewindvoerder wordt aangewezen. Als schuldeisers in het minnelijke traject weigeren mee te werken terwijl het aanbod toch heel redelijk was gezien de financiële situatie van de klant wordt tegelijk met het verzoek om een WSNP-verklaring ook verzocht de schuldregeling op te leggen aan de onwillige schuldeisers (dwangakkoord). Faillietverklaring Is het WSNP-taject niet succesvol of komt het niet tot stand, dan kan één van de schuldeisers of de schuldenaar een faillietverklaring aanvragen. Als de Rechtbank het faillissementsverzoek inwilligt, verklaart zij de schuldenaar in staat van faillissement. Dit houdt in dat de schuldenaar meteen de zeggenschap over zijn vermogen verliest. In het vonnis benoemt de rechtbank een curator en een Rechter-commissaris. De curator is meestal een advocaat die het beheer over de failliete boedel van de failliet overneemt. De Rechter-commissaris is een rechter die toezicht houdt op de curator. 4.2 De nadruk in het beleid In het beleid leggen wij de nadruk op de eerste fase, het minnelijke traject. Door te investeren in de voorkant van het proces wordt voorkomen dat schuldenaars en schuldeisers aangewezen zijn op de WSNP. In het minnelijke traject schuldhulpverlening is het in veel gevallen nog haalbaar om de schuld geheel af te lossen. In de WSNP wordt het percentage dat afgelost wordt vaak al laag en bij het uitspreken van een faillissement vissen veel schuldeisers volledig achter het net. Snelle actie is dus in het belang van zowel de schuldenaar als de schuldeisers. De kans dat het gehele schuldbedrag kan worden afgelost is immers groter in de eerste fase. De schuld is dan bovendien nog niet zo hoog opgelopen omdat in een vroeg stadium adequate afspraken gemaakt worden. Inzet op succes in de eerste fase is dus belangrijk. Daarnaast is de schuldeiser in de eerste fase eerder geneigd mee te werken omdat er een onafhankelijke derde (de schuldhulpverlener) in het spel is die erop toeziet dat de schuldenaar de discipline bewaart om af te lossen. Zonder schuldhulpverlener is het moeilijker voor de klant om een regeling te treffen. Ook heeft inzet op de eerste fase het voordeel dat de klant dan nog de kans krijgt om zelf vaardigheden aan te leren om het probleem op te lossen. In een later stadium wordt de situatie steeds problematischer. Het is tenslotte ook voor de maatschappij zelf gunstig om snel in te grijpen. Een persoon die diep in de schulden raakt en hier zelf niet meer uitkomt, kost de maatschappij potentieel veel geld. Actiepunt 1 De schuldhulpverlening wordt zo vroeg mogelijk geboden. Wij wachten niet tot de schuld problematisch is. 13

14 5. De kwaliteit van schuldhulpverlening Nu duidelijk is hoe het schuldhulpverleningsproces in zijn werk gaat en waar wij de nadruk willen leggen gaan wij in dit hoofdstuk nader in op de inhoud van het traject minnelijke schuldhulpverlening. Wij leggen uit hoe wij borgen dat dit traject consequent van een kwalitatief hoogwaardig niveau is en blijft. Allereerst is het van belang te weten dat het voor een hoge kwaliteit van de schuldhulpverlening cruciaal is dat de klant volledig in beeld is. Dit betekent dat wij niet enkel kijken naar de financiële situatie van de klant. Deze financiële situatie vloeit immers voort uit een bepaald gedrag. Het gedrag is de oorzaak en de financiële situatie is het gevolg. Het enkel verbeteren van de financiële situatie geeft daarom geen duurzaam resultaat. Daarvoor moet de klant zijn gedrag veranderen. Hoe sneller wij signaleren dat dit gedrag verkeerd is hoe sneller wij hulpverlening kunnen bieden. Maar hoe spelen we op deze visie in? Wij stellen een aantal belangrijke aspecten voorop: 5.1 Een laagdrempelige voorziening 5.2 Actief wachtlijstbeheer 5.3 Samenwerking in de schuldhulpverlening 5.4 Adequate regievoering 5.5 Preventiebeleid 5.6 Overige borging van kwaliteit 5.1 Een laagdrempelige voorziening In voorgaande jaren werd schuldhulpverlening aangeboden via doorverwijzing naar het kantoor van de Kredietbank Limburg in Sittard. De gemeente Schinnen kocht daar producten in en klanten konden in Sittard terecht voor informatie, advies of een intake. Na de intake moest de klant veelal naar het hoofdkantoor in Heerlen. De wet gemeentelijke schuldhulpverlening verplicht ons vanaf 2011 om schuldhulpverlening laagdrempelig aan te bieden. Wij voorzien hierin door zo veel mogelijk activiteiten binnen het traject schuldhulpverlening in Schinnen te laten plaatsvinden. Zo stellen wij voor: De intakegesprekken wekelijks in het gemeentehuis af te nemen. Een wekelijks spreekuur in te richten voor informatie en advies. Lokaal een aantal preventieve producten aan te beiden (bijv. informatieavonden). Actiepunt 2 Wij voeren schuldhulpverlening zoveel mogelijk lokaal (vanuit het gemeentehuis) uit. 14

15 5.2 Actief wachtlijstbeheer Een snelle dienstverlening aan de klant betekent een minder grote schuldenlast. Het is daarom evident dat een betere dienstverlening een snelle dienstverlening is. Daarom schrijft de nieuwe wet gemeentelijke schuldhulpverlening een maximale wachttijd van 4 weken voor 12. Dit wil zeggen dat er binnen vier weken na de eerste melding van de klant een intakegesprek moet plaatsvinden. Uit de evaluatie van de huidige werkwijze is gebleken dat de gemiddelde wachttijd medio 2010 op de norm van 4 weken zat. Ons streven is erop gericht elke klant binnen 2 weken te kunnen bedienen. De realisatie van deze doelstelling is een groeiproces. In geval van bedreigende schulden (crisissituaties) is de wachttijd maximaal 1 dag. Op de dag van melding wordt direct actie ondernomen. Denk maar aan situaties als huisuitzettingen of de openbare verkoop van een woning. Actiepunt 3 Wij streven naar een maximale wachttijd van twee tot maximaal vier weken. In geval van bedreigende schulden is de wachttijd maximaal 3 dagen. De lokale intakes wordt gecombineerd met de vrijblijvende inloop voor informatie & advies. Wij willen hiervoor wekelijks een gecombineerd spreekuur aanbieden 13. De wachttijd wordt gemonitord om te bezien of de dienstverlening optimaal blijft, ook bij een groeiende vraag. 5.3 Samenwerking in de schuldhulpverlening We hebben daarmee geborgd dat schuldhulpverlening snel plaatsvindt, maar hoe bereiken we nu een gedragsverandering bij de klant en dus een duurzaam resultaat? De Wet gemeentelijke schuldhulpverlening legt gemeenten immers formeel een zorgplicht op. De gedachte van de wetgever daarbij is dat gemeenten bij uitstek in staat zijn om de schuldhulpverlening integraal op te pakken vanwege haar expertise op aanpalende terreinen als werk en inkomen, maatschappelijke ondersteuning, etc. Wij geven invulling aan deze zorgplicht door de schuldhulpverlening in een totaalaanpak vorm te geven en samen te werken met andere hulpverleners Integrale schuldhulpverlening De integrale benadering van de schuldhulpverlening is gericht op het voorkomen van (nieuwe) schulden en het stabiliseren van de bestaande schuldensituatie en een gedragsverandering bij de klant zodat een duurzaam resultaat geboekt wordt. Dit is een warme benadering van schuldhulpverlening die intensiever van aard is en waarbij een op maat gesneden begeleiding plaatsvindt. De klant wordt maximaal 12 Dit is een termijn orde. Overschrijding van de termijn heeft geen rechtsgevolg. 13 Binnen de huidige budgetten is er ruimte voor 52 spreekuren (52 uur info & advies en 52 intakes op locatie). 15

16 betrokken bij het proces. De totaal-aanpak omvat producten zoals budgetbeheer en budgetbegeleiding. Voor klanten die de intensieve begeleiding niet nodig hebben, worden uit het productengamma enkel die producten gekozen die passen bij de minder behoevende klant. Er wordt meer ingezet op klantcontact. Een op maat gesneden begeleiding is immers belangrijk om het afhaken van klanten te voorkomen. Voor een overzicht en een uitleg van de werking van de diverse instrumenten die wij inzetten verwijzen wij u naar bijlage 5. Op grond van bovenstaande bieden wij binnen de totaalaanpak maatwerk en dus een passende vorm van schuldhulpverlening voor alle klanten. Daarbij wordt ook aandacht besteed aan bijv. huisgenoten of gezinssituatie als dit toegevoegde waarde heeft. Actiepunt 4 Wij willen een duurzaam resultaat bereiken door te blijven werken vanuit de totaalaanpak om maximaal in te steken op bewustwording en gedragsverandering Nazorg Of een traject een duurzaam resultaat heeft, kun je pas na afloop van het traject verifiëren. Dit gebeurt nu nog mondjesmaat. Nazorg wordt enkel geboden na afloop van een WSNP-traject. Na een traject schudhulpverlening wordt geen nazorg gepleegd. Nazorg is cruciaal om te voorkomen dat klanten een terugval krijgen en opnieuw een duur traject moeten doorlopen. Door een kleine investering te plegen voorkomen wij hierdoor grote problemen. In aanvulling op het totaalpakket willen wij daarom ook nazorg aanbieden na afloop van het minnelijke traject schuldhulpverlening. Het open inloopspreekuur is daarvoor een prima gelegenheid om de klant elk kwartaal daar persoonlijk even te spreken en te constateren of het trajectresultaat nog steeds duurzaam is of niet. Als zij niet komen ondernemen we actie. Daarnaast willen wij de huidige nazorg na het WSNP-traject liever aanbieden gedurende het WSNP-traject. Als iemand in de WSNP terecht komt, krijgt hij een bewindvoerder toegewezen. Deze voorziet o.a. in het beheer van het inkomen van de klant. Omdat het voorkomt dat een minnelijk traject niet haalbaar blijkt en mensen daardoor direct in de WSNP komen, willen we in dat geval via nazorg toch aandacht geven aan gedragsverandering. De inschatting is dat het voldoende is om de klant een jaar te volgen. Als een klant binnen een jaar geen terugval krijgt, is hij doorgaans voldoende zelfredzaam. Actiepunt 5 Wij breiden de integrale aanpak uit door één jaar nazorg te bieden na het minnelijke traject en gedurende een WSNP-traject. 16

17 Psychosociale begeleiding Schulden hebben invloed op het welzijn van mensen. Iemand met schulden wordt continue geconfronteerd met schuldeisers en voelt daardoor druk en stress. Het feit dat iemand moeite heeft om verantwoord met geld om te gaan, betekent bovendien vaak ook dat op andere terreinen problemen bestaan of (door de schulden) ontstaan. Daarom zien wij schulden niet als een probleem op zich, maar bekijken we de schuldsituatie in het geheel van overige aspecten die van invloed zijn op het welzijn van de klant. Gebleken is dat de meeste klanten naast een schuldenproblematiek ook een psychosociale problematiek hebben. De totaalaanpak zou effectiever ingezet kunnen worden als wij zoveel mogelijk gebruik zouden maken van de psychosociale know how die al aanwezig is bij andere hulpverleners. Het beeld dat de klant schetst is immers vaak gekleurd of weinig objectief. Een bijdrage van een hulpverlener (bijvoorbeeld een maatschappelijk werker) kan dan zeer welkom zijn. Uitgangspunt moet wel zijn dat klanten met een psychosociale problematiek geholpen worden door de daarvoor toegeruste hulpverlener en andersom dat deze hulpverlener zich niet bezig houdt met het verhelpen van de financiële problemen of aan inkomensbeheer gaan doen. Dit is immers een taak van de schuldhulpverlener. In de huidige situatie blijkt de scheidslijn niet duidelijk omdat er geen duidelijke afspraken zijn. Maatschappelijk werkers zijn tijd kwijt met het verhelpen van financiële problemen terwijl ze daartoe niet opgeleid zijn en hetzelfde geldt voor de schuldhulpverlener. De toevoeging van schuldhulpverlening aan het Lokaal Zorgtafeloverleg moet nog in de praktijk gebracht worden en de relatie met o.a. maatschappelijk werk zal daarbij zeker ook nog een doorontwikkeling vragen. Wij stellen voor om binnen het huidige contract met maatschappelijk werk (Partners in Welzijn) te zoeken naar mogelijkheden om tot een product psychosociale hulpverlening in combinatie met schuldhulp te komen. Naast maatschappelijk werk zijn er meerdere hulpverlenende instanties die dagelijks met mensen in aanraking komen die niet voldoende in staat zijn om hun eigen financiën te beheren vanwege psychosociale problemen. Deze instanties begeleiden klanten bijvoorbeeld in het kader van reïntegratie, participatie of zorg. Denk aan de leerplichtambtenaar, de Wmo-consulenten en de klantmanagers Werk & Inkomen. Deze hulpverleners zouden de keten van een integrale (schuld)hulpverlening verder kunnen completeren. Door deze, en mogelijk ook andere partijen een platform te geven om elkaar geregeld te voorzien van informatie zouden ze elkaar kunnen versterken. Hierdoor ontstaat integrale (schuld)hulpverlening en voorkomen we dat verschillende instanties hetzelfde werk doen. Actiepunt 6 Wij binnen het huidige contract met maatschappelijk werk zoeken naar mogelijkheden om tot een product psychosociale hulpverlening in combinatie met schuldhulp te komen en een structurele afstemming te realiseren waarbij op termijn ook andere partijen kunnen aansluiten. 17

18 5. 4 Adequate regievoering De nieuwe wet schrijft niet alleen een integrale aanpak van schuldhulpverlening voor maar verwacht ook van de gemeente dat zij de coördinatie van de integrale aanpak op schuldhulpverlening op zich neemt. De regierol ligt daarmee formeel bij de gemeente. De gemeente dient als regisseur procesmatig vast te leggen hoe zij vinger aan de pols houdt en hoe zij de voortgang van het proces stimuleert en bewaakt. Omdat de integrale benadering in de keten nog in ontwikkeling is, gaan wij uit van een groeimodel. Wij zullen met maatschappelijk werk en andere hulpverleners nadere afspraken maken in de komende periode. Onderdeel van deze afspraken zijn o.a. de manier van terugrapporteren, overdracht gemeentelijke beleidsregels (wat te doen als klant afspraken niet nakomt bv.) en werkoverleg gedurende het traject schuldhulpverlening. Gedurende dit proces zal ook de regievoering onderwerp van gesprek zijn. Daarbij moeten wij wel realistisch zijn over de mogelijkheden. Er zijn diverse keuzemogelijkheden om de uitvoering van schuldhulpverlening vorm te geven. De gemeenten hebben gekozen voor het uitbesteden van de uitvoering aan een derde partij. Daarbij worden er in de overeenkomst tot aanneming afspraken gemaakt over de te behalen resultaten, de te leveren informatie en de aard van de te leveren diensten. De regie die we kunnen voeren op de uitvoering is daardoor beperkter omdat de uitvoering op afstand staat. Wij illustreren dit met onderstaande tabel. 1. Subsidiëren 2. Uitbesteden 3. Inbesteden (bijv. aan een gemeenschappelijke regeling) 4. Zelf uitvoeren Mate van invloed op de vormgeving van de schuldhulpverlening De uitvoering van schuldhulpverlening wordt in Schinnen overgelaten aan een externe uitvoerder. Dit heet uitbesteden (nr. 2). Hierdoor is de mate van invloed op de uitvoering minder groot. Omdat de gemeente Schinnen niet beschikt over een Gemeenschappelijke Regeling (nr. 3) of is toegerust om de schuldhulpverlening zelf uit te voeren (nr. 4), is dit de beste vorm om de regie te voeren dus uitbesteding (nr. 2). 18

19 Omdat de uitvoering op afstand staat, zullen wij zoveel mogelijk activiteiten naar Schinnen halen en binnen het zorgloket invullen. Dit geeft meer zicht op de uitvoering. Vanuit deze uitgangspositie vullen wij de regierol als volgt in: Binnen de gemeente wordt de overall regiefunctie organisatorisch ondergebracht bij de Beleidsmedewerker Schuldhulpverlening Sector Publiek, in nauwe samenwerking met het taakveld Zorg. Hij voert de volgende taken uit: toezicht op het naleven van de doelstellingen; sturing n.a.v. managementinformatie op de genoemde doelstellingen; het opstellen van een uitvoeringsplan, werkafspraken en werkprocessen en het toezien op de naleving hiervan; het periodieke evalueren en evt. bijstellen van het beleid; het tot stand brengen van een netwerk en een overlegstructuur t.b.v. een meer integrale uitvoering; het periodiek overleggen met de schuldhulpverlener; het aanbesteden van de uitvoering. Actiepunt 7 De gemeente vervult de regierol over de schuldhulpverlening. De schuldhulpverlening zelf wordt uitgevoerd door de schuldhulpverlener. Deze vervult de regierol op klant niveau. Hij vult deze rol als volgt in: Alle contacten met de klant verlopen via de schuldhulpverlener. Klanten melden zich bij de schuldhulpverlener. De schuldhulpverlener bepaalt of de klant in staat is de aanvraag zelf in te dienen. Zo nee, dan zorgt hij dat de (psychosociaal) hulpverlener hierin ondersteunt. De schuldhulpverlener voert de intakes uit, geeft informatie en advies (tijdens het spreekuur) en begeleidt de klant gedurende het gehele traject (incl. nazorg). Tijdens de intake maakt hij de schuldsituatie inzichtelijk en kijkt hij naar mogelijkheden om te bezuinigen en om inkomsten te vergroten. Hij adviseert over een passend traject en de mogelijkheden om de schuld af te bouwen en beoordeelt of de inzet van een traject noodzakelijk is. De schuldhulpverlener beoordeelt tevens of er signalen zijn dat er psychosociale hulp ingeroepen moet worden en maakt zo nodig een afspraak met de psychosociaal hulpverlener. Hij ziet er daarbij op toe dat de wachttijd niet oploopt en signaleert een langer wachttijd dan 2 weken bij de beleidsmedewerker Schuldhulpverlening. De schuldhulpverlener is de zorgdrager voor het integraliteit van het dossier van de klant. T.o.v. andere hulpverleners vormt hij de spin in het web die alle signalen en doelstellingen bewaakt en acties uitzet. Hij registreert de hulpvraag en de verwijzingen naar de hulpverleners en houdt aan de hand van de terugrapportages de stand van zaken bij. Hij organiseert, neemt deel aan en werkt de actiepunten van casusoverleg uit conform de structuur die daarvoor is opgesteld. Hij signaleert aan en overlegt periodiek met de beleidsmedewerker. 19

20 5.5 Preventiebeleid Naast een adequate regievoering zetten wij ook in op preventieve maatregelen. Dit las u al in uitgangspunt 2 op pagina 9. Preventie biedt logische voordelen voor zowel de schuldenaar als de schuldeisers. Doel van preventie is: problematische schuldsituaties zo veel mogelijk te voorkomen; zicht te geven op de ins en outs van een gezonde financiële huishouding; bewustwording te creëren over slecht betalingsgedrag en/of een overmatig uitgavenpatroon; zicht te geven op en bewustwording te creëren over de eigen mogelijkheden om de financiële situatie te verbeteren / adequaat te beheersen; de vraag naar trajecten schuldhulpverlening te verminderen (terugverdieneffect). Om preventie vorm en inhoud te geven worden al diverse producten aangeboden: Het treffen van een minnelijke betalingsregeling met een schuldeiser De ministeriele regeling 14 gesloten met o.a. WML en Enexis B.V. Daarnaast willen wij investeren in een eerdere signalering van slecht betalingsgedrag en/of achterstanden. Dit betekent dat we niet wachten tot de klant zich meldt maar dat wij een proactieve aanpak hanteren. Ketenpartners spelen hierin een belangrijke rol. Zij krijgen diverse signalen binnen over de financiële situatie van hun eigen klanten. Soms omdat de klant niet betaalt voor diensten (woningbouwvereniging, energiebedrijf of de afdeling Belastingen van de gemeente). Soms via de kinderen (kinderopvangorganisatie of basisschool) en soms vanuit een hulpverlenende rol (consulenten Zorg) 15. Of wij gebruik mogen maken van dergelijke signalen is onzeker. Het gaat immers om privacygevoelige informatie over klanten in een schuldsituatie. Wel kunnen onze ketenpartners hun klanten vrijblijvend doorverwijzen naar het spreekuur van de gemeente. Daarnaast kan de ketenpartner de klant actief vragen of hij ermee instemt dat de schuldhulpverlener vrijblijvend telefonisch contact opneemt. Er zijn dus opties. Wij willen de periode benutten om met ketenpartners om de tafel te gaan. Als zij medewerking willen verlenen, zullen wij invulling geven aan een pro-actieve benadering van de klant zodra wij van de ketenpartner een signaal ontvangen dat de klant behoefte toont aan hulp. Daarbij nemen wij de privacywetgeving in acht. Op die wijze stimuleren wij het gebruik van de schuldhulpverlening. Tenslotte willen wij een jaarlijks communicatieplan opstellen. In het communicatieplan geven wij invulling aan de informatievoorziening via lokale media, de ontwikkeling van foldermateriaal en (groepsgewijze) voorlichting aan (risico-)groepen en ketenpartners. Actiepunt 8 Wij breiden preventie uit door de inzet van een lokaal spreekuur voor informatie & advies, een pro-actieve aanpak op vroegsignalering en betere voorlichting. 14 Voor een nadere uitleg van de genoemde producten verwijzen wij u naar bijlage 5 15 De opsomming is niet uitputtelijk bedoeld. Legio partners zijn denkbaar. 20

21 5.6 Overige borging van kwaliteit Om de kwaliteit van de schuldhulpverlening in de gemeente verder te borgen worden een aantal uniforme regels gehanteerd: Gedragscodes Schuldhulpverlening Er zijn drie gedragscodes van de Vereniging voor Schuldhulpverlening en Sociaal Bankieren (NVVK). De Gedragscode Schuldregeling. Deze regeling is breed geaccepteerd als de basis voor schuldregelingen in Nederland. De Gedragscode regelt onder meer het 120-dagen-model (max. duur traject) en het financieel beheer. De gedragscode is bindend voor alle NVVK-leden en beschrijft de te volgen werkwijze voor alle stappen in het proces van schuldregeling. De Gedragscode Budgetbeheer. Idem. voor budgetbeheer. De Gedragscode Sociale Kredietverlening. Idem. voor soc. kredietverlening. Deze Gedragscodes zijn erkend door zowel de Vereniging van Nederlandse Gemeenten (VNG) als door de rechtbanken in Nederland. Dit laatste is van belang wanneer een schuldenaar aanspraak wil maken op de WSNP Overige kwaliteitnormen Schuldhulpverlening Er zijn vanaf 2008 verschillende vormen van kwaliteitnormen voor de schuldhulpverlening 16 : ISO: Het HKZ-schema (schema Maatschappelijke dienstverlening ISO 2000) is een kwaliteitsmanagementsysteem en verplicht een organisatie te werken volgens vastgestelde kwaliteitsnormen op organisatieniveau. NEN: De NEN 8048 is een nieuwe kwaliteitsnorm voor schuldhulpverlening. Certificering is geen wettelijke plicht. Bij aanbesteding van schuldhulpverlening zullen wij deze norm als wens omschrijven. Modules Schuldhulpverlening nieuwe stijl: Vooruitlopende op certificering heeft de NVVK een aantal modules Schuldhulpverlening nieuwe stijl ontwikkeld. Deze zijn gericht op de uitvoering en werken de certificering in de praktijk uit. Wij hanteren deze modules als het instrument voor een adequate uitvoering. Actiepunt 9 Schuldhulpverlening wordt aangeboden conform de genoemde kwaliteitsnormen. Deze normen worden bij de inkoop van schuldhulpverlening opgenomen in het pakket van wensen en eisen De schuldhulpverlener Gezien het belang van een juiste indicatiestelling is het belangrijk dat de schuldhulpverlener die de uitvoering op zich neemt een op schuldhulpverlening gerichte HBO-opleiding heeft afgerond. Immers in één of twee gesprekken dienen de oorzaken van de schuldenproblematiek naar boven gehaald te worden. Dit vereist een gedegen vakkennis op gebied van gesprekstechnieken, agogische vaardigheden, kennis van de sociale kaart (voorzieningen) en inzicht in het menselijk handelen. Omdat nog weinig schuldhulpverleners het nieuwe NEN-examen (8048-2) hebben afgelegd, beschouwen 16 Voor meer informatie over bovengenoemde normen zie bijlage 3. 21

22 wij het voorlopig als een wens (niet als een eis) dat de aanbieder van schuldhulpverlening zijn personeel heeft gekwalificeerd volgens de NEN Slagingspercentage Momenteel ontvangen wij geen terugkoppeling over het slagingspercentage maar dit is wel opgenomen in de dienstverleningsovereenkomst. Omdat het minnelijk schuldhulpverleningstraject op vrijwillige basis plaatsvindt en de klanten voor het merendeel nog moeten onderkennen dat ze zich in een is een crisissituatie bevinden, is een groot uitvalpercentage regulier. Een slagingspercentage 17 van minimaal 30% is reëel. Actiepunt 10 Wij streven naar een slagingspercentage van 30%. Met de aanbieder wordt contractueel overeengekomen dat dit slagingspercentage behaald moet worden. Daarnaast dient de aanbieder periodiek op adequate wijze terug te koppelen over het behalen van deze doelstelling Doorlooptijd Wij moeten de klant inzicht geven in het aantal weken tussen het intakegesprek en het bereiken van het resultaat. Aan deze wettelijke taak voldoen wij door een tijdgebonden actieplan op te stellen. Daarna bewaken we de doorlooptijd. Momenteel bestaat er geen zicht op de doorlooptijden. Aan de (maximale) doorlooptijd worden wettelijk geen eisen gesteld. Dit is afhankelijk van de situatie van de schuldenaar. Wij sluiten hiervoor aan bij de voornoemde kwaliteitsnormen ISO en NEN. Hierbij geldt de nadrukkelijke voorwaarde dat de klant meewerkt aan de schuldhulpverlening. De aanbieder dient periodiek op adequate wijze terug te koppelen over het behalen van deze doelstelling Managementinformatie Bij een juiste verantwoording aan de opdrachtgever (gemeente) hoort het leveren van overzichtelijke managementinformatie zodat de gemeente de regie adequaat kan voeren. Wij zullen met de aanbieder afspraken maken over het aanleveren van een managementsrapportage die SMART 18 geformuleerd is en voor een niet-deskundige juist te interpreteren is. Deze rapportage moet inzicht geven in de regievoering, het aantal gerealiseerde trajecten en producten en de financiële consequenties daarvan, het wachtlijstbeheer, uitvalcijfers, de resultaten/effecten van het traject, de effecten van nazorg, doorlooptijden etc. Actiepunt 11 Het laten ontwikkelen van een adequate managementrapportage ten behoeve van een goede regievoering. 17 Definitie slagingspercentage: aantal klanten dat gedurende het gehele traject van een minnelijke schuldregeling (max. 3 jaar) zich aan de verplichtingen houdt en na afronding van het traject schuldenvrij is of zelfredzaam genoeg geacht wordt om de restschuld zelf af te lossen. 18 Specifiek, meetbaar, acceptabel, resultaatgericht en tijdgebonden 22

23 6. Financiën Dit beleidsplan en de komst van de Wet gemeentelijke schuldhulpverlening hebben ook financiële gevolgen. Wij bespreken deze hier. 6.1 Gevolgen nieuwe wet De wetgever heeft de taak aan te geven of de inhoud van het wetsvoorstel leidt tot een taakverzwaring van de gemeenten en, als dit het geval is, hoe deze taakverzwaring gefinancierd moet worden. Zij heeft uitgesproken dat het niet de bedoeling is om structureel extra middelen beschikbaar te stellen. Het Rijk gaat naast extra kosten ook uit van een inverdieneffect door een extra inzet op preventie, het voorkomen van recidive en nazorg en effecten op aanverwante gemeentelijke taakgebieden (bijzondere bijstand, reïntegratie, afsluitingen nutsvoorzieningen, huisuitzettingen, verslaafdenzorg). De financiële consequenties van deze inverdieneffecten kan het Rijk (nog) niet zichtbaar maken. De netto kosten minus inverdieneffecten van het wetsvoorstel worden door het Rijk becijferd op maximaal 17,6 miljoen euro in Voor Schinnen betekent dit circa ,--. Het Rijk stelt desondanks geen middelen beschikbaar omdat zij er vanuit gaat dat deze kosten het gevolg zijn van het crisiseffect en van beleidsmatige keuzes en daarmee geen direct gevolg zijn van de wet en dus voor eigen rekening komen van de gemeente. In Schinnen is tot op heden geen sprake geweest van een substantieel crisiseffect. Daarnaast nemen wij de beleidsmatige keuzes mede om te voldoen aan de wettelijke plichten. Voorts blijken eventuele inverdieneffecten pas over enige tijd. De lasten gaan immers voor de baten uit. Wij sluiten ons daarom aan bij de opinie van de VNG dat het voor een adequate uitvoering van deze nieuwe wet noodzakelijk is de benodigde financiering vrij te maken. Er is een kans dat er na 2011 een structurele ophoging van de algemene middelen plaatsvindt als gevolg van de inwerkingtreding van de nieuwe wet. 6.2 Gevolgen beleidskeuzes Met het huidige budget ( ,-) kunnen de bestaande producten uitgevoerd worden. In dit plan ligt echter ook de wens om een aantal producten extra of intensiever in te zetten om zodoende dat inverdieneffect te verkrijgen. Eén en ander is vanaf juli 2011 noodzaak om invulling te geven aan onze wettelijke plicht. Er zijn over de jaren 2009, 2010 en 2011 extra geoormerkte middelen verstrekt. In totaal verwachten wij ,-- te ontvangen. Deze zijn bedoeld om de tijdelijke toename van de vraag als gevolg van de financiële crisis op te vangen. Het door het college vastgestelde bestedingsdoel voor de extra middelen overlapt deels de doelstellingen van het nieuwe beleid. Daarom kunnen wij de financiële consequenties van het beleidsplan Schuldhulpverlening tot en met 2011 gedeeltelijk dekken met deze extra middelen. Voor het overige deel doen wij een budgetneutraal beroep op het budget maatschappelijk werk om invulling te geven aan een product psychosociale hulpverlening t.b.v. schuldhulpverlening. Wij willen de huidige dienstverlening aanpassen aan onze nieuwe wens zodat wij dit nieuwe product budgetneutraal kunnen aanbieden. 23

24 Indien dit niet lukt, betekent dit dat een structurele ophoging van het budget noodzakelijk is. Hoe groot de ophoging moet zijn is nog onbekend en dus P.M. 6.3 Financiële conclusie Wij voeren dit beleidsplan budgetneutraal in. Hierin zijn niet mee genomen een mogelijke aanpassing van het gemeentefonds en de mogelijke inverdieneffecten. Hierbij kan gedacht worden aan inverdieneffecten op het volume door preventie/vroegsignalering, nazorg en beperking van recidive en effecten op aanverwante (gemeentelijke) taakgebieden (bijzondere bijstand, re-integratie, afsluitingen nutsvoorzieningen, huisuitzettingen, verslaafdenzorg). Daarnaast is in de nieuwe Wet opgenomen dat gemeenten gebruik kunnen maken van andere uitkeringen, met name het Participatiebudget. In het nog op te stellen uitvoeringsplan zullen wij met bovenstaande rekening houden en streven naar een budgetneutrale invoering. Wij gaan in dit plan tevens uit van een gezamenlijke aanpak met ketenpartners. De samenwerking met deze ketenpartners zal een duidelijke meerwaarde voor iedere partner moeten opleveren wil deze slagen binnen de bestaande financiële kaders. Overlap in dienstverlening moet vervangen worden door nieuwe en efficiëntere samenwerking. 24

25 7. Samenvatting Strategische visie Schuldhulpverlening kan een belangrijke bijdrage leveren aan de sociale component binnen de strategische visie van de gemeente. Het hebben van financiële problemen kan veel sociale problemen veroorzaken. Als gevolg van schulden kunnen mensen afgesloten raken van nutsvoorzieningen en hun zelfstandige huisvesting kwijtraken. Zonder deze basisvoorzieningen raken zij vaak hun baan kwijt en dreigen in een sociaal isolement terecht te komen. Omgekeerd vormen schulden meestal een belangrijke belemmering om te werken of om maatschappelijk te participeren. Schuldhulpverlening kan een grote bijdrage leveren aan het voorkomen, dan wel bestrijden, van sociale problematiek. Uitgangspunten voor het aanbieden van schuldhulpverlening Wij bieden alle inwoners met schulden de mogelijkheid op begeleiding om de schuldsituatie beheersbaar te krijgen en zo mogelijk toe te werken naar een duurzaam schuldenvrij bestaan. Daarbij blijft de verantwoordelijkheid voor het welslagen van dit traject liggen bij de schuldenaar en de schuldeiser(s). De gemeente voert de regie over de samenwerking van meerdere instanties die voorzien in een totaalaanpak op maat. Hierbij hanteren wij de volgende uitgangspunten: 1. Schuldhulpverlening is toegankelijk voor alle inwoners. 2. Een schuldhulpverleningstraject wordt aangeboden aan inwoners die problematische schulden hebben. Zijn de schulden niet problematisch, dan worden preventieve maatregelen getroffen. Daarbij is het doel dat problematische schulden voorkomen worden. Preventieve maatregelen worden aangeboden aan alle inwoners. 3. De klant vervult een actieve rol. Hij / zij committeert zich vooraf aan de te behalen doelen en de na te leven voorwaarden en is hier zelf verantwoordelijk voor. 4. Het schuldhulpverleningstraject heeft duurzaam resultaat. Wij vertalen deze uitgangspunten naar actiepunten die in een nog op te stellen activiteitenplan worden geconcretiseerd. De actiepunten voor de komende jaren zijn: 1. Schuldhulpverlening wordt zo vroeg mogelijk geboden. Nog voor de schuld problematisch is. 2. Schuldhulpverlening wordt zoveel mogelijk lokaal vanuit het gemeentehuis uitgevoerd. 3. De maximale wachttijd is twee tot vier weken. 4. Er wordt een duurzaam resultaat bereikt door schuldhulpverlening en psychosociale hulpverlening op elkaar af te stemmen en daarbij in te steken op bewustwording en gedragsverandering. 5. De integrale aanpak wordt uitgebreid door één jaar nazorg te bieden na het minnelijke traject en één jaar gedurende een WSNP-traject. 6. Binnen het huidige contract met maatschappelijk werk willen wij tot een product psycho-sociale hulpverlening in combinatie met schuldhulp komen en een structurele afstemming realiseren waarbij op termijn andere partijen aansluiten. 7. De gemeente vervult de regierol over de schuldhulpverlening. 8. Preventief zetten wij in op een lokaal spreekuur voor informatie & advies, een proactieve aanpak op vroegsignalering en een verbetering van de voorlichting. 9. Schuldhulpverlening wordt aangeboden conform vaste kwaliteitnormen. 10. Bij de inkoop van schuldhulpverlening worden deze kwaliteitnormen opgenomen in het pakket van wensen en eisen. 11. Het slagingspercentage is minimaal 30%. 12. Er komt een adequate managementrapportage t.b.v. een goede regievoering. 25

26 Maatschappelijke effecten Een goed preventief en curatief schuldhulpverleningsbeleid heeft grote maatschappelijke effecten. Deze effecten zijn niet financieel te onderbouwen, maar zijn wel als volgt te benoemen: - voorkomen schulden; - grotere kans op reïntegratie; - voorkomen maatschappelijk isolement; - voorkomen huisuitzettingen en toename dak- en thuislozen; - schulden zijn vaak oorzaken relatiebreuk / schooluitval; - met het oplossen van schulden wordt inwoners perspectief geboden. 8. Advies Wij stellen u voor: 1. In te stemmen met het beleidsplan Schuldhulpverlening en de daarin genoemde visie en uitgangspunten. 2. In te stemmen met de actiepunten en het college opdracht te geven ter uitvoering van deze actiepunten een uitvoeringsplan op te stellen. 3. De uitvoering van deze beleidsnotitie en het uitvoeringsplan plaats te laten vinden in de periode en binnen het financiële kaders zoals opgenomen in hoofdstuk 6 van het beleidsplan. 26

27 BIJLAGE 1 Budgetten en aantallen Structurele middelen schuldhulpverlening Gemeente Besteed Besteed Budget 2010 Budget 2011 bedrag 2008 bedrag 2009 Beek , , ,- Schinnen , , , ,- Stein , , , ,- Tabel 2: Extra incidentele middelen (doeluitkering) Gemeente Def. voorschot verwacht Verwacht Totaal budget Beek Schinnen Stein Naast de extra toeloop heeft ook de inzet op preventie een kostenverhogend effect. Als richtlijn voor 2011 gaan wij op dit moment echter uit van een stabilisatie van het budget, waarbij de doeluitkering voor de opvang van de toestroom in de schuldhulpverlening a.g.v. de crisis in 2011 volledig benut zullen moeten worden. Tabel 3: afname aantal producten bij Kredietbank Limburg in 2009 Beek Schinnen Stein Aantal intakes van alle producten Aantal deelnemers cursus ( Soc. kredietverlening ti ) (sanering) Budgetbeheer Betalingsregelingen 7-5 Budgetcoaching Ministeriele regeling 5-15 Crisisinterventie Schuldregeling / bemiddeling Uitvoeringsoverleg (uren) 3-3 Spreekuur op locatie Afgifte verzoekschriften Nazorg

28 BIJLAGE 2 De relatie met andere regelgeving Hierna worden de overige belangrijke kaderscheppende wetten en regels nader toegelicht. Hiermee willen wij nogmaals de raakvlakken die schuldhulpverlening heeft met andere beleidsterreinen en de positionering van schuldhulpverlening in het totale hulpverlenings- of zorgtraject benadrukken. De Wet Werk en Bijstand en de Wet Investeren in Jongeren (WWB en WIJ) De WWB en WIJ regelen de bijstand en reïntegratie voor inwoners zonder inkomen. Ongeveer 40% van onze cliënten van schuldhulpverlening heeft een bijstandsuitkering. De WWB en de WIJ zijn daarom een belangrijk beleidskader. Beide wetten kennen als uitgangspunt de eigen verantwoordelijkheid van de burger om werk te vinden en te behouden. Als dat niet lukt, is de opdracht voor de gemeente om de burger naar werk te begeleiden en in tweede instantie om de burger een uitkering te verstrekken. Ook bij het aspect schuldenlast (art. 13, 48 en 49 WWB) is de eigen verantwoordelijkheid van de uitkeringsgerechtigde uitgangspunt. In beginsel wordt geen bijstand verleend voor schulden 19. Schuldsituaties en reïntegratie Bij reïntegratie moet in een zo vroeg mogelijk stadium aan de schuldsituatie worden gewerkt. Als dit niet gebeurt, is de kans groot dat de reïntegratie niet slaagt. De schuldsituatie kan het leven van de schuldenaar zo beheersen dat hij zich onvoldoende kan concentreren op werk of het zoeken naar werk. Door middel van schuldhulpverlening wordt de situatie van de schuldenaar gestabiliseerd en krijgt hij de rust om zich op een betaalde baan en andere zaken te kunnen richten. Andersom is het vinden van werk in beginsel 20 een voorwaarde om in aanmerking te komen voor schuldhulpverlening. Schuldeisers zullen immers sneller geneigd zijn akkoord te gaan met een schuldregeling als zij zien dat de schuldenaar zich inspant om zijn inkomen te vergroten. Daarnaast heeft betaald werk op langere termijn, na aflossing van de schulden een positief effect op het inkomen. Algemeen geaccepteerde arbeid De WWB en de WIJ schrijven voor dat de schuldenaar alles in het werk moet stellen om een betere uitgangspositie te krijgen voor de aflossing van de schulden en het aanvaarden van werk. Dit geeft meer mogelijkheden om de cliënt te stimuleren werk te accepteren en zodoende het inkomen te vergroten en de schulden op te lossen. Schuldhulpverlening kan worden beschouwd als een voortraject naar werk. Het kan als afzonderlijk reintegratie-instrument in een maatwerkaanpak worden ingekocht. Armoedebestrijding Schuldhulpverlening maakt deel uit van het gemeentelijk armoedebeleid. Het gemeentelijke armoedebeleid is daarom kaderscheppend voor het schuldhulpverleningsbeleid. Instrumenten die gemeenten kunnen inzetten ter voorkoming en bestrijding van armoede, schulden en sociale uitsluiting zijn onder andere bijzondere bijstand, de 19 De gemeente kan bijzondere bijstand verlenen voor een aflossing van een schuldenlast en uitsluitend in de vorm van een borgtocht of geldlening. Zo kan bereikt worden dat de transactie kan plaatsvinden door een kredietinstelling. Als dit geen uitkomst biedt en in geval van dringende redenen, kan een geldlening worden verstrekt. 20 Indien voor en op verzoek van de gemeente met een rapportage van een deskundige geobjectiveerd is dat van de klant niet verwacht mag worden da hij werk aanvaard, geldt deze voorwaarde niet of maar gedeeltelijk. De mogelijkheid om parttime te werken indien een fulltime baan niet haalbaar is, wordt hierin meegenomen. 28

29 bijdrageregelingen, de collectieve zorgverzekering IZA Cura, de langdurigheidstoeslag, kwijt-schelding van gemeentelijke belastingen en het Besluit bijstandsverlening zelfstandigen. Wet schuldsanering natuurlijke personen (WSNP) Als een minnelijke regeling van de schuldenlast op basis van de uitgangspunten van de Gedragscode Schuldregeling van de Nederlandse Vereniging voor Volkskrediet (NVVK) niet mogelijk is, biedt de WSNP onder voorwaarden het perspectief op een schuldenvrije toekomst. De zogenaamde schone lei. De gemeenten zijn verplicht aan de schuldenaar een WSNP-verklaring af te geven, waarin wordt aangegeven dat er geen reële mogelijkheid is om tot een minnelijke (buitengerechtelijke) schuldsaneringsregeling te komen. Wet Maatschappelijke Ondersteuning (WMO) Belangrijkst uitgangspunt van de WMO, de WWB en de WIJ is de zelfredzaamheid en participatie van inwoners. Uitgangspunt van de WWB en de WIJ is dat elke inwoner zelf verantwoordelijk is om in de noodzakelijke kosten van het bestaan te voorzien. Uitgangspunt van de WMO is dat de burger zolang mogelijk zelfstandig dient te blijven wonen en actief deelneemt aan de samenleving. Maar wanneer mensen die zowel een maatschappelijke ondersteuningsbehoefte als financiële problemen hebben geen hulp krijgen die is afgestemd op die combinatie, is het de vraag of actieve deelname aan het maatschappelijk leven binnen bereik komt. Onderstaande tabel illustreert dit: Prestatieveld Wmo Veld 2: Op preventie gerichte ondersteuning van jeugd met problemen met opgroeien en problemen van ouders met opvoeden. Veld 3: Voorzieningen op het terrein van informatie en advies voor maatschappelijke ondersteuning. Veld 8: Het bieden van maatschappelijke opvang waaronder sociale pensions en vrouwenopvang. Veld 9: Het voeren van verslavingsbeleid Aansluiting op integrale schuldhulpverlening De schuldenproblematiek onder jongeren groeit. Het is van belang dat ouders ook ondersteuning krijgen bij de financiële opvoeding van hun kinderen. Dit om te voorkomen dat de kinderen en ouders in een problematische schuldsituatie terecht komen. Problematische schuldsituaties zijn een maatschappelijk probleem. Door financieel advies en ondersteuning te geven, kan worden voorkomen dat mensen in een sociaal isolement terechtkomen. Een groot deel van de klanten in sociale pensions en vrouwenopvang heeft o.a. schulden. Het oplossen daarvan is één van de stappen die gezet moeten worden om op termijn zelfstandig te functioneren. Verslavingen veroorzaken vaak problematische schuldsituaties. Het leren omgaan met geld en minimaal het voorkomen van verergering van de situatie zijn belangrijke elementen binnen de integrale verslavingszorg. Gemeentelijk beleidskader De gemeente heeft een wettelijke plicht ten aanzien van schuldhulpverlening. De wet schrijft voor dat de gemeente in een verordening vast legt op basis van welke individuele omstandigheden een natuurlijk persoon de toegang tot de schuldhulpverlening wordt ontzegd. De gemeente krijgt in 2011 een wettelijke plicht ten aanzien van schuldhulpverlening. Schuldhulpverlening ondersteunt in het bevorderen van de zelfredzaamheid, van maatschappelijke participatie en armoedebestrijding. Het belangrijkste uitgangspunt in de schuldhulpverlening is dat de verantwoordelijkheid daar dient te blijven liggen, waar hij juridisch ligt, namelijk bij de schuldenaar en de schuldeiser(s). 29

30 De belangrijkste taak van de schuldhulpverlening is daarom gericht op preventie, het helpen voorkomen van problematische schulden en het bemiddelen in de totstandkoming van een schuldregeling tussen schuldenaar en schuldeiser(s) maar ook het aanbieden van nazorg. BIJLAGE 3 Kwaliteitsnormen Kwaliteitsnormen Schuldhulpverlening Er zijn vanaf 2008 verschillende vormen van kwaliteitsnormen voor de schuldhulpverlening: Gedragscode Schuldregeling De gedragscode houdt in het kort in dat: - alle schulden moeten worden meegenomen; - de gehele aflossingscapaciteit volgens de NVVK-norm wordt berekend (uitgangspunt is dat tot 90% van de bijstandsnorm beschikbaar moet zijn voor aflossingen). - de positie van de schuldeisers is op dezelfde manier geregeld als in de WSNP (principe van gelijkberechtiging: geen voorkeur voor verhuurders, nutsbedrijven); - de klant (het huishouden) dient alles in het werk te stellen om zijn/haar inkomen te verhogen. Dit is vooral van belang, indien een partner (nog) niet werkt, maar hiertoe wel in staat is. - Indien dure goederen zijn aangeschaft, die niet noodzakelijk zijn, moet hiervan afstand worden gedaan (auto s, meerdere audioapparatuur, e.d.) - Na 3 jaar aflossing is de klant schuldenvrij; - Als de klant tussentijds de schuldbemiddeling staakt wordt er een wachttijd van 1 jaar gehanteerd. HKZ: Het eerste keurmerk is het HKZ-schema (2002). Het HKZ-schema Maatschappelijke dienstverlening (ISO 2000) is in 2008 herzien en heeft schuldhulpverlening erbij opgenomen. HKZ is een kwaliteitsmanagementsysteem en verplicht een organisatie te werken volgens vastgestelde kwaliteitsnormen op organisatieniveau. HKZ is gebaseerd op de internationale ISO-normen. In het HKZ-schema Maatschappelijke dienstverlening vormt schuldhulpverlening één van de onderdelen van maatschappelijke dienstverlening. Vaak wordt schuldhulpverlening in combinatie met bijvoorbeeld maatschappelijk werk aangeboden aan cliënten met schulden. NEN: De NEN norm 8048 is een kwaliteitsnorm voor schuldhulpverlening ( Het normenkader en het certificatiesysteem voor NEN 8048 is in december 2008 gereed gekomen en ingericht. Omdat het een nieuwe norm betreft, zijn er nog geen schuldhulpverleningsorganisaties of schuldhulpverleners gecertificeerd. Achtergrond NEN-norm Schuldhulpverlening De maatschappelijke kosten van schulden zijn vaak hoog: armoede, sociale uitsluiting, huisuitzetting, onverzekerdheid, afsluiting gas/licht. Bij kwalitatief goede schuldhulpverlening is alleen plaats voor bonafide partijen die zowel het vertrouwen verdienen van de schuldenaar als van de schuldeiser. In die context ondersteunt het kabinet het traject van vrijwillige certificering voor schuldhulpverleners. In februari 2007 hebben belanghebbende partijen uit de schuldhulpverleningssector besloten om deze zelfregulering vorm te geven door middel van de instrumenten normalisatie en certificatie. Dit initiatief werd ondersteund door het ministerie van Sociale Zaken en 30

31 Werkgelegenheid. NEN 8048 is opgesteld door de normcommissie Schuldhulpverlening. De NEN-norm voor Schuldhulpverlening bestaat uit een viertal deelnormen: Deel 1, NEN :2008 Eisen aan schuldhulpverleningsorganisaties Deel 2, NEN :2008 Certificatieschema voor schuldhulpverleningsorganisaties Deel 3, NEN :2008 Eisen aan schuldhulpverleners; Deel 4, NEN :2008 Certificatieschema voor schuldhulpverleners Organisaties en personen kunnen zich laten certificeren met behulp van de eisen die in NEN en NEN zijn vastgelegd. De certificatie wordt uitgevoerd door certificatie-instellingen (CI's) die door de Raad voor Accreditatie zijn geaccrediteerd. De Raad voor Accreditatie houdt toezicht op de onpartijdigheid en deskundigheid van de certificatie-instelling. De HKZ- en NEN-schema s zijn op elkaar afgestemd. Organisaties kunnen kiezen voor één van de schema s, of kunnen beiden gebruiken. De branche gaat ervan uit dat bonafide organisaties beide of één van de keurmerken zullen doorvoeren. Dat staat voor kwaliteit die voor iedereen duidelijk is. Met de komst van deze norm is een start gemaakt aan verdere transparantie en professionalisering binnen de schuldhulpverlening in Nederland. Certificering is een middel om betrouwbaarheid en kwaliteit aantoonbaar te maken. Op dit moment is certificatie niet wettelijk verplicht. Modules Schuldhulpverlening nieuwe stijl: Vooruitlopende op certificering heeft de NVVK een aantal modules Schuldhulpverlening nieuwe stijl ontwikkeld. Deze zijn gericht op de uitvoering en werken de certificering in de praktijk uit. Wij hanteren deze modules als het instrument voor een adequate uitvoering. 31

32 BIJLAGE 4 De producten Sociale kredietverlening Soc. kredietverlening voorkomt onverantwoorde geldleningen bij minder sociale kredietverstrekkers en bundelt schulden in 1 overzichtelijk en verantwoord totaalkrediet.. Budgetbeheer Het doel van budgetbeheer is te garanderen dat betalingen tijdig gedaan worden en dat er geen nieuwe schulden ontstaan. Belangrijk is dat klanten in de gemeente terecht kunnen voor vragen over het beheer van hun inkomen. Inkomensbeheer kan bestaan uit een beperkt budgetbeheer of een uitgebreid budgetbeheer. Beperkt budgetbeheer: vaste lasten worden doorbetaald, er wordt gereserveerd voor de aflossingen en het restant gaat naar de klant. Uitgebreid budgetbeheer, vaste lasten worden doorbetaald, er wordt gereserveerd voor de aflossingen, de klant ontvangt een weekbudget en het restant wordt gereserveerd voor incidentele betalingen. De schuldhulpverlener betaalt de aflossingen uit aan de schuldeisers. Als het noodzaak is dat een klant onder bewindvoering komt, wordt dit geregeld. Dit product wordt doorontwikkeld voor klanten met een uitkering. Door een optimale samenwerking tussen het taakveld Zorg en de schuldhulpverlener tot stand te brengen worden vaste lasten direct op de uitkering ingehouden en aan schuldeisers betaald. Als klanten dergelijke inhoudingen wensen, wordt doorverwezen naar de schuldhulpverlener. Deze bekijkt de noodzaak en indiceert evt. voor budgetbeheer. Budgetcoaching De klant leert zelf zijn budget beheren (afstemmen van de uitgaven op de inkomsten). De schuldhulpverlener coacht. Hierdoor leert de klant op een verantwoorde manier met zijn geld om te gaan. De coaching heeft tot doel het verkrijgen van inzicht in de inkomsten en uitgaven, het voeren van een overzichtelijke administratie, en het afstemmen van de uitgaven op het beschikbare budget. Er wordt ook gewerkt aan gedragsverandering. Zo wordt voorkomen dat de klant in de toekomst opnieuw schulden maakt. Betalingsregelingen Een betalingsregeling is curatief en gericht op het oplossen van ontstane problematische schulden. De regeling bestaat uit een overeenkomst tussen klant en schuldeiser. Daarin wordt bepaald dat de vastgestelde vorderingen van de schuldeiser volledig worden terugbetaald in vastgestelde termijnen. De schuldhulpverlener begeleidt de klant in: het regelen van betalingsafspraken met schuldeisers, evt. met een percentageaanbod tegen finale kwijting van de restantschuld na een bepaalde periode; verstrekking van een lening waarmee alle schulden in 1 keer worden afbetaald, evt. met een percentageaanbod tegen finale kwijting van de restantschuld. Een regeling is alleen mogelijk als alle schulden erbij betrokken worden en is dus niet van toepassing op deeloplossingen. Als alle schuldeisers akkoord gaan, wordt de bemiddeling voortgezet. De gehele verantwoordelijkheid voor het oplossen van het schuldenprobleem blijft bij de klant. Wanneer de klant dit niet doet, dan wordt de hulpverlening beëindigd en is er geen finale kwijting. Psychosociale hulpverlening Doel is om in het proces schuldhulpverlening de oorzaken van de schuldenlast te benoemen en belemmerende factoren op te lossen. Gedragingen als overbesteding, compensatie, aanpassing en overleving komen aan de orde. Psychosociale hulpverlening kan betrekking hebben op problemen als verslaving, dakloosheid, psychische problemen, 32

33 rouwverwerking, slachtofferhulp, scheiding, geestelijke handicap e.d. De instanties die bij de hulpverlening bij deze problematiek betrokken dienen te worden zijn bv. het maatschappelijk werk, de verslavingszorg, de geestelijke gezondheidszorg en de dak- en thuislozenzorg of Stichting MEE. Klanten die schuldhulpverlening aanvragen worden, als dit noodzakelijk is, doorverwezen naar (een) instantie(s) die aan de oorzaken van de schuldenlast gaan werken. Klanten zijn verplicht dit traject te volgen. Als duidelijk is dat er geen psychosociale oorzaken zijn aan te wijzen voor de schulden (alleen inkomensdaling bv.) zal geen doorverwijzing plaatsvinden. Dit product wordt (door)ontwikkeld. Ministeriele regeling ter voorkoming van energieafsluiting Doel van de regeling is het voorkomen van energieafsluiting bij kleinverbruikers in de winterperiode en het voorkomen van het oplopen van betalingsachterstanden bij kleinverbruikers. Zo is in een vroegtijdig stadium signalering van schuldsituaties mogelijk. Crisisinterventie Het doel van deze interventie is het afwenden van een crisis. Op het moment dat een klant zich meldt met het probleem van een dreigende afsluiting energie of een dreigende woning ontruiming is er sprake van een crisissituatie. Binnen 1 werkdag na de melding is er een afspraak met de schuldhulpverlener. Deze beoordeelt of er sprake is van een crisissituatie aan het hand van een crisisprotocol. Zo nee, dan kan de klant het gewone schuldhulpverleningstraject volgen. Zo ja, dan neemt schuldhulpverlener direct contact op met de desbetreffende instantie(s) om de komende afsluiting en/of ontruiming tijdelijk te bevriezen. Dit product wordt doorontwikkeld. Met de woningbouwcorporaties en zoveel mogelijk overige schuldeisers willen wij sluitende afspraken maken. Uitvoeringsoverleg Het uitvoeringsoverleg wordt ingezet om samen met andere hulpverlenende organisaties een goede invulling te geven aan de hulpvraag van de klant en de integrale aanpak daarvan. Op klantniveau vindt vier keer per jaar een uitvoeringsoverleg plaats tussen schuldhulpverlener, PIW (maatschappelijk werk) en de gemeente. Dit product wordt doorontwikkeld. Schuldregeling / moratorium Bij een schuldregeling bemiddelt de schuldhulpverlener tussen de klant en zijn schuldeisers om een minnelijke regeling van de totale schuldenlast te treffen. Het moratorium is een spoedverzoek in een dreigende situatie om tot een minnelijk akkoord en evt de wettelijke aanvraag schuldsanering te komen. Afgifte verzoekschriften Doel is het doorverwijzen van de klant naar een schuldsanering via de WSNP om zo een perspectief te kunnen bieden op en schuldenvrije toekomst. Nazorg Nazorg is het voorkomen van recidive. Dit product wordt doorontwikkeld. Voorlichting Voorlichting is preventief, gericht op het voorkomen van problematische schulden. Voorlichting en advies heeft betrekking op budget- en consumentenvragen zoals: Wat is een redelijk bedrag voor kostgeld of kleedgeld? Hoe krijg ik inzicht in mijn uitgaven? Zal ik gaan sparen of lenen? Hoe stem ik mijn uitgavenpatroon af op mijn inkomsten? Mogelijke doelgroepen zijn: nieuwe WW-ers, WWB of WIJ-ers, jongeren, alleenstaande ouders die in een andere financiële positie komen te verkeren en hulpverleningsinstanties. 33

Schuldhulpverlening nieuwe stijl. Beleidsnota

Schuldhulpverlening nieuwe stijl. Beleidsnota Schuldhulpverlening nieuwe stijl Beleidsnota Gemeente Stein, Beek en Schinnen Afdelingen Werk & Inkomen Augustus 2010 1. Inhoudsopgave 1 Inleiding p. 03 2 Aanleiding p. 04 2.1 De huidige situatie p. 04

Nadere informatie

Burgemeester en Wethouders van de Gemeente Hilversum Gelet op artikel 2 en 3 van de Wet gemeentelijke schuldhulpverlening,

Burgemeester en Wethouders van de Gemeente Hilversum Gelet op artikel 2 en 3 van de Wet gemeentelijke schuldhulpverlening, C:\WINDOWS\TEMP\convert13936.doc Beheerder: B&P M. van Diemen Versie: 1.0 Status: geactualiseerd Versiedatum: 07-08-2012 Burgemeester en Wethouders van de Gemeente Hilversum Gelet op artikel 2 en 3 van

Nadere informatie

Notitie Schulddienstverlening

Notitie Schulddienstverlening Notitie Schulddienstverlening 2017-2020 1 Inhoud 1. Inleiding... 3 1.1 Terminologie... 3 2. Pilot Ketensamenwerking Armoedebestrijding... 4 3. Wet gemeentelijke Schuldhulpverlening (Wgs)... 4 3.1 doelstellingen...

Nadere informatie

BELEIDSPLAN GEMEENTELIJKE SCHULDHULPVERLENING ONDERBANKEN 2012-2015.

BELEIDSPLAN GEMEENTELIJKE SCHULDHULPVERLENING ONDERBANKEN 2012-2015. BELEIDSPLAN GEMEENTELIJKE SCHULDHULPVERLENING ONDERBANKEN 2012-2015. 1. Aanleiding. De Wet gemeentelijke schuldhulpverlening (Wgs) treedt per 1 juli 2012 in werking, met uitzondering van artikel 5 en 11.

Nadere informatie

Het college van de gemeente Geldermalsen;

Het college van de gemeente Geldermalsen; Het college van de gemeente Geldermalsen; gelet op de Wet gemeentelijke schuldhulpverlening, het raadsbesluit van 27 juni 2017 waarbij het Beleidsplan Schuldhulpverlening is vastgesteld en artikel 4:81

Nadere informatie

Het college heeft besloten tot vaststelling van de regeling schuldhulpverlening 2017 en verder.

Het college heeft besloten tot vaststelling van de regeling schuldhulpverlening 2017 en verder. Samenvatting Het college heeft besloten tot vaststelling van de regeling schuldhulpverlening 2017 en verder. Daarnaast is besloten tot het verlenen van mandaat aan de Kredietbank Limburg voor het indienen

Nadere informatie

Raadsnota. Raadsvergadering d.d.: 25 juni 2012 Agenda nr: Onderwerp: Wet gemeentelijke schuldhulpverlening. Aan de gemeenteraad,

Raadsnota. Raadsvergadering d.d.: 25 juni 2012 Agenda nr: Onderwerp: Wet gemeentelijke schuldhulpverlening. Aan de gemeenteraad, Raadsnota Raadsvergadering d.d.: 25 juni 2012 Agenda nr: Onderwerp: Wet gemeentelijke schuldhulpverlening Aan de gemeenteraad, 1. Doel, Samenvatting en Advies van het raadsvoorstel Met ingang van 1 juli

Nadere informatie

Beleidsregels schuldhulpverlening gemeente Velsen 2013

Beleidsregels schuldhulpverlening gemeente Velsen 2013 Beleidsregels schuldhulpverlening gemeente Velsen 2013 Artikel 1 Begripsbepalingen In deze beleidsregels wordt verstaan onder: a. college: college van burgemeester en wethouders van Velsen; b. inwoner:

Nadere informatie

Schulddienstverlening

Schulddienstverlening Schulddienstverlening Afdeling Inkomensondersteuning Eenheid Sociale Zaken en Werkgelegenheid Gemeente Zwolle Januari 2013 Regina Koudijs Inhoud presentatie Algemeen Doelgroep Hoofddoel schulddienstverlening

Nadere informatie

2. Beleidsvisie en beleidsplan Schuldhulpverlening Sint-Michielsgestel 2017

2. Beleidsvisie en beleidsplan Schuldhulpverlening Sint-Michielsgestel 2017 Beleidsvisie en beleidsplan schuldhulpverlening Sint-Michielsgestel 2017 1. Aanleiding Aanleiding om deze Beleidsvisie en beleidsplan schuldhulpverlening 2017 vast te stellen, is de opheffing van ISD Optimisd

Nadere informatie

Beleidsregels Schuldhulpverlening gemeente Renkum 2012 e.v.

Beleidsregels Schuldhulpverlening gemeente Renkum 2012 e.v. Beleidsregels Schuldhulpverlening gemeente Renkum 2012 e.v. Artikel 1. Begripsbepalingen In deze beleidsregels wordt verstaan onder: a. college: het college van burgemeester en wethouders van de gemeente

Nadere informatie

Beleidsregel van het college van burgemeester en wethouders van de gemeente Maassluis houdende regels omtrent schuldhulpverlening

Beleidsregel van het college van burgemeester en wethouders van de gemeente Maassluis houdende regels omtrent schuldhulpverlening CVDR Officiële uitgave van Maassluis. Nr. CVDR613378_1 18 oktober 2018 Beleidsregel van het college van burgemeester en wethouders van de gemeente Maassluis houdende regels omtrent schuldhulpverlening

Nadere informatie

Beleidsregels Integrale Schuldhulpverlening

Beleidsregels Integrale Schuldhulpverlening Beleidsregels Integrale Schuldhulpverlening Artikel 1. Begripsbepalingen In deze regeling wordt verstaan onder: college:college van burgemeester en wethouders van de gemeente Staphorst waarmee de GKB een

Nadere informatie

Jaarverslag. schulddienstverlening 2013. Een goede start

Jaarverslag. schulddienstverlening 2013. Een goede start Jaarverslag schulddienstverlening 2013 Een goede start 1. Aanleiding In 2012 heeft u het beleidsplan schulddienstverlening: De kanteling van schuldhulpverlening naar schulddienstverlening vastgesteld.

Nadere informatie

Als u als (ex-)ondernemer. problematische schulden heeft. Informatie over de Wsnp voor (ex-)ondernemers

Als u als (ex-)ondernemer. problematische schulden heeft. Informatie over de Wsnp voor (ex-)ondernemers Als u als (ex-)ondernemer problematische schulden heeft Informatie over de Wsnp voor (ex-)ondernemers Inhoudsopgave Problematische schulden herkenbaar? 3 Wat is de Wsnp? 4 Hoe komt u in de Wsnp? 6 Wat

Nadere informatie

Als u als (ex-)ondernemer. problematische schulden heeft. Informatie over de Wsnp voor (ex-)ondernemers

Als u als (ex-)ondernemer. problematische schulden heeft. Informatie over de Wsnp voor (ex-)ondernemers Als u als (ex-)ondernemer problematische schulden heeft Informatie over de Wsnp voor (ex-)ondernemers Inhoudsopgave Problematische schulden herkenbaar? 3 Wat is de Wsnp? 4 Hoe komt u in de Wsnp? 6 Wat

Nadere informatie

BELEIDSPLAN SCHULDHULPVERLENING 2013-2016

BELEIDSPLAN SCHULDHULPVERLENING 2013-2016 BELEIDSPLAN SCHULDHULPVERLENING 2013-2016 Inhoudsopgave Inleiding 3. Samenvatting 4. Hoofdstuk 1 Visie op schuldhulpverlening 5. 1.1 Visie 5. 1.2 Doelgroep en toelatingsbeleid 5. 1.3 Integraal 6. 1.4 Eigen

Nadere informatie

SCHULDHULPVERLENING september 2013 1

SCHULDHULPVERLENING september 2013 1 SCHULDHULPVERLENING september 2013 1 2 Inhoudsopgave Als schulden een probleem worden... 4 Hoe vraag ik schuldhulpverlening aan? 5 Wanneer kom ik in aanmerking voor schuldhulpverlening? 5 Waaruit bestaat

Nadere informatie

Beleidsregels Integrale Schuldhulpverlening 2016-2020 Gemeente Boxmeer

Beleidsregels Integrale Schuldhulpverlening 2016-2020 Gemeente Boxmeer Beleidsregels Integrale Schuldhulpverlening 2016-2020 Gemeente Boxmeer Januari 2016 Kenmerk: I-SZ/2015/3138 / RIS 2016-122 (Bijlage 1) . Beleidsregels Integrale Schuldhulpverlening 2016-2020 Gemeente Boxmeer

Nadere informatie

Cijfers Schuldhulpverlening 2016

Cijfers Schuldhulpverlening 2016 Cijfers Schuldhulpverlening 2016 1. Aanmeldingen In 2016 zien we weer een lichte stijging van het aantal klanten dat voor een eerste gesprek aan onze balie is gekomen. We hebben in 2016 ingestoken op vindbaarheid,

Nadere informatie

Beleidsregels Toelating tot de schuldhulpverlening

Beleidsregels Toelating tot de schuldhulpverlening Het college van burgemeester en wethouders van de gemeente Heusden, gelet op artikel 2 en artikel 3 van de Wet gemeentelijke schuldhulpverlening, besluiten vast te stellen de volgende beleidsregels: Beleidsregels

Nadere informatie

BELEIDSPLAN INTEGRALE SCHULDHULPVERLENING 2012-2016

BELEIDSPLAN INTEGRALE SCHULDHULPVERLENING 2012-2016 BELEIDSPLAN INTEGRALE SCHULDHULPVERLENING 2012-2016 Gemeente Sint Anthonis 25 september 2012 Concept Z-12-04273/002021 1 1 INLEIDING 1.1. De gezichten van armoede Armoede heeft vele gezichten in Nederland

Nadere informatie

Plan voor de schuldhulpverlening Gemeente Wormerland en gemeente Oostzaan

Plan voor de schuldhulpverlening Gemeente Wormerland en gemeente Oostzaan Plan voor de schuldhulpverlening Gemeente Wormerland en gemeente Oostzaan 2017-2021 2 Inhoudsopgave 1. Inleiding De gemeenten Wormerland en Oostzaan hebben altijd de schuldhulpverlening ingekocht bij gemeente

Nadere informatie

De beleidsregels treden in werking, de dag na publicatie, 21 februari 2013.

De beleidsregels treden in werking, de dag na publicatie, 21 februari 2013. Gemeenteblad Nijmegen Jaartal / nummer 2013 / 038 Naam Beleidsregels schuldhulpverlening 2013 Publicatiedatum 20 februari 2013 Opmerkingen - Besluit van Burgemeester en Wethouders d.d. 19 februari 2013,

Nadere informatie

INHOUDSOPGAVE 1. LEESWIJZER SAMENVATTING DOELSTELLINGEN EN KWALITEITSBORGING DE WET GEMEENTELIJKE SCHULDHULPVERLENING...

INHOUDSOPGAVE 1. LEESWIJZER SAMENVATTING DOELSTELLINGEN EN KWALITEITSBORGING DE WET GEMEENTELIJKE SCHULDHULPVERLENING... INHOUDSOPGAVE 1. LEESWIJZER... 2 2. SAMENVATTING... 2 3. DOELSTELLINGEN EN KWALITEITSBORGING... 4 4. DE WET GEMEENTELIJKE SCHULDHULPVERLENING... 4 4.1 Integrale aanpak... 4 4.2 Termijnen... 4 4.3 Doelen

Nadere informatie

Beleidsregels gemeentelijke schuldhulpverlening 2013

Beleidsregels gemeentelijke schuldhulpverlening 2013 Beleidsregels gemeentelijke schuldhulpverlening 2013 Wettelijke grondslag(en) of bevoegdheid waarop de regeling is gebaseerd: Wet gemeentelijke schuldhulpverlening. Artikel 1 Begripsbepalingen In deze

Nadere informatie

Beleidsregels Schuldhulpverlening

Beleidsregels Schuldhulpverlening Beleidsregels Schuldhulpverlening Het college van burgemeester en wethouders van Kaag en Braassem; - gezien het voorstel van 11 december 2012; - gelet op artikel 147 lid 3 van de Gemeentewet; besluit vast

Nadere informatie

a. college: college van burgemeester en wethouders van Menterwolde;

a. college: college van burgemeester en wethouders van Menterwolde; Burgemeester en Wethouders van de gemeente Menterwolde; Gelet op artikel 2 en artikel 3 van de Wet gemeentelijke schuldhulpverlening, Besluiten vast te stellen de volgende beleidsregels: Beleidsregels

Nadere informatie

Beleidsregels schuldhulpverlening Heemskerk april 2013

Beleidsregels schuldhulpverlening Heemskerk april 2013 Beleidsregels schuldhulpverlening Heemskerk 2013 1 april 2013 BELEIDSREGELS SCHULDHULPVERLENING HEEMSKERK 2013 Inhoudsopgave Artikel 1 Begripsbepalingen 5 Artikel 2 Doelgroep gemeentelijke schuldhulpverlening

Nadere informatie

Bijlagen: 1. beleidsplan schuldhulpverlening

Bijlagen: 1. beleidsplan schuldhulpverlening *BI.0170008* NOTA VOOR DE RAAD Datum: 23 januari 2017 Nummer raadsnota: BI.0170008 Onderwerp: beleidsplan schuldhulpverlening 2017-2020 Portefeuillehouder: Vissers Bijlagen: 1. beleidsplan schuldhulpverlening

Nadere informatie

Beleidsplan Schuldhulpverlening Venray

Beleidsplan Schuldhulpverlening Venray Beleidsplan Schuldhulpverlening Venray 2012-2015 Februari 2012 1 Inhoudsopgave Aanleiding p. 3 Visie p. 3 Doelen p. 3 Wat willen we bereiken en hoe willen we dit bereiken p. 3 Financiële dekking en risico

Nadere informatie

Beleidsregels integrale schuldhulpverlening Gemeente IJsselstein

Beleidsregels integrale schuldhulpverlening Gemeente IJsselstein Beleidsregels integrale schuldhulpverlening Gemeente IJsselstein Mei 2012 1 Inhoudsopgave Artikel 1. Begripsbepalingen...3 Artikel 2. Doelgroep gemeentelijke schuldhulpverlening...3 Artikel 3. Aanbod schuldhulpverlening...3

Nadere informatie

Schulden? Pak ze snel aan

Schulden? Pak ze snel aan Schulden? Pak ze snel aan Schulden? Pak ze snel aan Als u rekeningen niet of niet op tijd betaalt of een lening niet aflost, dan krijgt u schulden. Kunt u langere tijd geen rekeningen betalen of geen schulden

Nadere informatie

BELEIDSREGELS SCHULDHULPVERLENING GEMEENTE MONTFOORT

BELEIDSREGELS SCHULDHULPVERLENING GEMEENTE MONTFOORT BELEIDSREGELS SCHULDHULPVERLENING GEMEENTE MONTFOORT 1 Beleidsregels schuldhulpverlening gemeente Montfoort 2013 Het college van burgemeester en wethouders van de gemeente Montfoort Gelet op: de Algemene

Nadere informatie

Schriftelijke vragen. Namens de fractie van de PvdA. Siebren Buist. Reg. Nr. 2015-06 (in te vullen door de griffie)

Schriftelijke vragen. Namens de fractie van de PvdA. Siebren Buist. Reg. Nr. 2015-06 (in te vullen door de griffie) Schriftelijke vragen Reg. Nr. 2015-06 (in te vullen door de griffie) Datum: 27-05-2015 (in te vullen door de griffie) Van: PvdA (in te vullen door de aanvrager) Aan: College via Ben van Zuthem Onderwerp:

Nadere informatie

Beleidsregels Schulddienstverlening Eindhoven

Beleidsregels Schulddienstverlening Eindhoven Beleidsregels Schulddienstverlening Eindhoven Burgemeester en Wethouders van de gemeente Eindhoven Gelet op artikel 2 en artikel 3 van de Wet gemeentelijke schuldhulpverlening (32.291, Staatsblad 2012,

Nadere informatie

Beleidsregels schuldhulpverlening gemeente Tiel

Beleidsregels schuldhulpverlening gemeente Tiel Wettelijke grondslag(en) of bevoegdheid waarop de regeling is gebaseerd: Wet gemeentelijke schuldhulpverlening Het college van burgemeester en wethouders van de ; gelet op de Wet gemeentelijke schuldhulpverlening

Nadere informatie

Beleidsplan integrale schuldhulpverlening 2012 2015

Beleidsplan integrale schuldhulpverlening 2012 2015 Beleidsplan integrale schuldhulpverlening 2012 2015 2 Inhoudsopgave 1 Inleiding... 4 2 Visie en uitgangspunten... 5 2.1 Visie 5 2.2 Uitgangspunten 5 2.3 Rolverdeling 6 3 Doelstellingen, resultaat en doorlooptijden...

Nadere informatie

Beleidsplan schuldhulpverlening 2013 2016

Beleidsplan schuldhulpverlening 2013 2016 Beleidsplan schuldhulpverlening 2013 2016 1. Inleiding...2 1.1 Korte geschiedenis van schuldhulpverlening landelijk en lokaal...2 1.2 Maatschappelijke ontwikkelingen binnen de gemeente...2 1.3 De komst

Nadere informatie

Aanvullende notitie op het Beleidsplan schuldhulpverlening gemeente Menterwolde

Aanvullende notitie op het Beleidsplan schuldhulpverlening gemeente Menterwolde Aanvullende notitie op het Beleidsplan schuldhulpverlening gemeente Menterwolde Inleiding Met de invoering van de Wet gemeentelijke schuldhulpverlening zijn de minnelijke schuldsanering en de wettelijke

Nadere informatie

december Totaal behandeld

december Totaal behandeld Schuldhulpverlening In 2015 is besloten om met ingang van 2015 geen afzonderlijk jaarverslag over schuldhulpverlening op te stellen, maar de resultaten in een bijlage op te nemen bij de Marap. In 2015

Nadere informatie

SCHULDHULPVERLENING april

SCHULDHULPVERLENING april SCHULDHULPVERLENING april 2016 1 2 INHOUDSOPGAVE ALS SCHULDEN EEN PROBLEEM WORDEN... 4 HOE VRAAG IK SCHULDHULPVERLENING AAN? 5 WANNEER KOM IK IN AANMERKING VOOR SCHULDHULPVERLENING? 5 WAARUIT BESTAAT SCHULDHULPVERLENING?

Nadere informatie

Raadsvergadering : 28 maart 2011 Agendanr. 15

Raadsvergadering : 28 maart 2011 Agendanr. 15 Raadsvergadering : 28 maart 2011 Agendanr. 15 Voorstelnr. : R 6828 Onderwerp : beleidsnotitie Schuldhulpverlening Stadskanaal, 11 maart 2011 Beslispunten Instemmen met de visie, uitgangspunten en doelen,

Nadere informatie

Bijlage 1. Startnotitie wettelijk kader minnelijke schuldhulpverlening

Bijlage 1. Startnotitie wettelijk kader minnelijke schuldhulpverlening Bijlage 1 Startnotitie wettelijk kader minnelijke schuldhulpverlening 1. Inleiding Een belangrijk uitgangspunt van kabinetsbeleid is het voorkomen en wegnemen van drempels die participatie in gevaar brengen

Nadere informatie

Beleidsplan integrale schuldhulpverlening 2012 2015

Beleidsplan integrale schuldhulpverlening 2012 2015 Beleidsplan integrale schuldhulpverlening 2012 2015 2 Inhoudsopgave 1 Inleiding... 5 2 Visie en uitgangspunten... 6 2.1 Visie... 6 2.2 Uitgangspunten... 6 2.3 Rolverdeling... 7 3 Doelstellingen, resultaat

Nadere informatie

Purmerend, 3. Voor welke doelgroep willen we schuldhulpverlening aanbieden?

Purmerend, 3. Voor welke doelgroep willen we schuldhulpverlening aanbieden? Agendanummer: 1109 Registratienummer: 602120 Purmerend, Aan de gemeenteraad van Purmerend, Inleiding en probleemstelling: Inleiding De beleidsinzet en de wijze van uitvoering van schuldhulpverlening moeten

Nadere informatie

Beleidsregels. Schuldhulpverlening. gemeente Reimerswaal

Beleidsregels. Schuldhulpverlening. gemeente Reimerswaal Beleidsregels Schuldhulpverlening gemeente Reimerswaal D:\bct\3party\neevia.com\Document Converter\temp\DSPDF_9D2_31303938323735313332.DOC 1 Beleidsregels Schuldhulpverlening gemeente Reimerswaal GEMEENTE

Nadere informatie

Congres Sociale zekerheid in beweging

Congres Sociale zekerheid in beweging Kluwerschulinck.nl Congres Sociale zekerheid in beweging De werkwijze en succesvolle aanpak van de Kredietbank Groningen 2 1 Groningse Kredietbank (GKB) Onderdeel van de dienst Sociale Zaken en Werk van

Nadere informatie

College van B en W van de Gemeente Breda. Beleidsregels over toelating tot schuldhulpverlening

College van B en W van de Gemeente Breda. Beleidsregels over toelating tot schuldhulpverlening Beleidsregels Schuldhulpverlening Breda Wetstechnische informatie Gegevens van de regeling Overheidsorganisatie Officiële naam regeling Citeertitel Besloten door Deze versie is geldig tot Onderwerp Gemeente

Nadere informatie

Raadsvergadering van 6 september 2012 Agendanummer: 9.1

Raadsvergadering van 6 september 2012 Agendanummer: 9.1 RAADSVOORSTEL Verseon kenmerk: 352092 Raadsvergadering van 6 september 2012 Agendanummer: 9.1 Onderwerp: Wet gemeentelijke schuldhulpverlening Verantwoordelijk portefeuillehouder: L.M. Koevoets SAMENVATTING

Nadere informatie

Burgemeester en Wethouders van de Gemeente Loon op Zand; Gelet op artikel 2 en artikel 3 van de Wet gemeentelijke schuldhulpverlening,

Burgemeester en Wethouders van de Gemeente Loon op Zand; Gelet op artikel 2 en artikel 3 van de Wet gemeentelijke schuldhulpverlening, Burgemeester en Wethouders van de Gemeente Loon op Zand; Gelet op artikel 2 en artikel 3 van de Wet gemeentelijke schuldhulpverlening, Besluiten vast te stellen de volgende beleidsregels: Beleidsregels

Nadere informatie

Beleidsplan integrale schuldhulpverlening. Barendrecht, Albrandswaard en Ridderkerk

Beleidsplan integrale schuldhulpverlening. Barendrecht, Albrandswaard en Ridderkerk Beleidsplan integrale schuldhulpverlening Barendrecht, Albrandswaard en Ridderkerk Inhoudsopgave 1. Inleiding en achtergrond 3 1.1 Schuldhulpverlening 3 1.2 Algemeen beleidskader 3 1.3.Opbouw beleidsplan

Nadere informatie

Beleidsplan Integrale schuldhulpverlening 2012-2016 gemeente Dalfsen

Beleidsplan Integrale schuldhulpverlening 2012-2016 gemeente Dalfsen Beleidsplan Integrale schuldhulpverlening 2012-2016 gemeente Dalfsen Dalfsen April 2012 1 Managementsamenvatting Directe aanleiding voor deze nota is de invoering van de Wet gemeentelijke schuldhulpverlening

Nadere informatie

Beleidsregel toelating tot de schuldhulpverlening

Beleidsregel toelating tot de schuldhulpverlening Beleidsregel toelating tot de schuldhulpverlening Artikel 1. Begripsbepalingen 1. In deze beleidsregel wordt verstaan onder: a. aflossingscapaciteit: het bedrag dat de schuldenaar dient af te dragen voor

Nadere informatie

in Gemeente Ridderkerk

in Gemeente Ridderkerk in Gemeente Ridderkerk Inhoudsopgave Voorwoord 1. Inzet dienstverlening en resultaten 1.1 Dienstverlening PLANgroep in Gemeente Ridderkerk 1.2 Instroomcijfers aanmeldingen 1.3 Beschikkingen en doorlooptijden

Nadere informatie

Toelating schuldhulpverlening gemeente Waalwijk

Toelating schuldhulpverlening gemeente Waalwijk Het College van Waalwijk, gelet op de artikelen 2 en 3 van de Wet gemeentelijke schuldhulpverlening (Wgs), overwegende dat de Raad van Waalwijk bij besluit van 13 september 2012 een plan heeft vastgesteld

Nadere informatie

Schuldhulp- verlening

Schuldhulp- verlening Schuldhulpverlening De gemeente Nederweert kan u helpen een problematische schuldsituatie op te lossen of in de toekomst te voorkomen. Dit noemen we ook wel schuldhulpverlening. We zijn verantwoordelijk

Nadere informatie

Beleidsregels Schuldhulpverlening 2013

Beleidsregels Schuldhulpverlening 2013 Het college van burgemeester en wethouders van de gemeente Eersel, gelezen het voorstel d.d. 5 maart 2013, gelet op artikel 3 van de Wet gemeentelijke schuldhulpverlening en overwegende dat het Beleidsplan

Nadere informatie

Voorstel voor burgemeester en wethouders

Voorstel voor burgemeester en wethouders Voorstel voor burgemeester en wethouders Datum 18 juni 2013 Onderwerp Beleidsregels Integrale schuldhulpverlening Voorgesteld Besluit 1. De voorliggende beleidsregels vaststellen 2. De directeur van de

Nadere informatie

Beleidsregels Schuldhulpverlening gemeente Geertruidenberg 2016. Het college van burgemeester en wethouders van de Gemeente Geertruidenberg;

Beleidsregels Schuldhulpverlening gemeente Geertruidenberg 2016. Het college van burgemeester en wethouders van de Gemeente Geertruidenberg; GEMEENTEBLAD Officiële uitgave van gemeente Geertruidenberg. Nr. 66900 26 mei 2016 Beleidsregels Schuldhulpverlening gemeente Geertruidenberg 2016 Het college van burgemeester en wethouders van de Gemeente

Nadere informatie

Werknemers met schulden

Werknemers met schulden Steeds meer mensen hebben problematische schulden. Ook in uw bedrijf werken misschien mensen met schulden. In deze folder vindt u informatie over de ondersteuning die de gemeente Capelle aan den IJssel

Nadere informatie

Naam en telefoon. Sille Dohmen 5772 Afdeling. Portefeuillehouder

Naam en telefoon. Sille Dohmen 5772 Afdeling. Portefeuillehouder Onderwerp Nieuw beleidskader Schuldhulpverlening Datum 23 februari 2016 Naam en telefoon Sille Dohmen 5772 Afdeling SMM Portefeuillehouder Kees van Geffen Schuldhulpverlening: het ondersteunen bij het

Nadere informatie

Schuldhulpverlening gemeente Gouda Nota van Conclusies en Aanbevelingen

Schuldhulpverlening gemeente Gouda Nota van Conclusies en Aanbevelingen Schuldhulpverlening gemeente Gouda Nota van Conclusies en Aanbevelingen Rekenkamer Gouda - CONCEPT EN VERTROUWELIJK - Versie d.d. 12 mei 2012 Inhoudsopgave 1. Onderzoekskader schuldhulpverlening in Gouda

Nadere informatie

De derde weg; stabilisatie van schulden

De derde weg; stabilisatie van schulden De derde weg; stabilisatie van schulden Projectplan (pilot) d.d. 29 september 2004 A. Pilot: De derde weg; stabilisatie van schulden 1. Inleiding Dit projectplan wordt ingediend in het kader va n het Innovatieprogramma

Nadere informatie

Samenwerkingsovereenkomst Schuldhulpverlening. Leidschendam-Voorburg

Samenwerkingsovereenkomst Schuldhulpverlening. Leidschendam-Voorburg 3 ^ ^ / 00Ü944O83 2 A JAN.21114 Gemeente Leidschendam-Voorburg vhomes /""N y wonen leven W O O n l n V B 8 t «Samenwerkingsovereenkomst Schuldhulpverlening Leidschendam-Voorburg Gemeente Leidschendam-Voorburg,

Nadere informatie

Beleidsregels Gemeentelijke Schuldhulpverlening Hellevoetsluis

Beleidsregels Gemeentelijke Schuldhulpverlening Hellevoetsluis Beleidsregels Gemeentelijke Schuldhulpverlening 2018 Datum 1 januari 2018 Gemeente Hellevoetsluis Afdeling Samenlevingszaken Beleidsregels Gemeentelijke Schuldhulpverlening Hellevoetsluis 2018 2 BELEIDSREGELS

Nadere informatie

Armoedebeleid. Welkom bij deze presentatie!

Armoedebeleid. Welkom bij deze presentatie! Armoedebeleid Welkom bij deze presentatie! Algemeen Armoede is een complex fenomeen waarin de dimensies van inkomen, gezondheid, opleiding, zelfredzaamheid en mogelijkheden tot participatie een belangrijke

Nadere informatie

Begrippenlijst - schulden

Begrippenlijst - schulden Begrippenlijst - schulden Uitleg van veelgebruikte begrippen in de schuldhulpverlening op alfabetische volgorde. Aanzegging Afloscapaciteit Akte van Cessie Bankbeslag Beslagvrije voet (BVV) Bestuursrechtelijke

Nadere informatie

Beleidsregels Schuldhulpverlening

Beleidsregels Schuldhulpverlening Beleidsregels Schuldhulpverlening WETSTECHNISCHE INFORMATIE Gegevens van de regeling Overheidsorganisatie : Samenwerkingsorgaan Volkskredietbank Noord-Oost Groningen Officiële naam regeling : Beleidsregels

Nadere informatie

Onderwerp: advies beleidsplan schuldhulp- Assen, 6 december 2012. verlening

Onderwerp: advies beleidsplan schuldhulp- Assen, 6 december 2012. verlening Cliëntenraad Assen WWB / WSW p/a Gemeente Assen Noordersingel 33 9401 JW ASSEN Het College van Burgemeester en Wethouders Postbus 30018 9400 RA Assen. Onderwerp: advies beleidsplan schuldhulp- Assen, 6

Nadere informatie

Beleidsplan Schuldhulpverlening gemeente Buren

Beleidsplan Schuldhulpverlening gemeente Buren CVDR Officiële uitgave van Buren. Nr. CVDR603108_2 18 januari 2018 Beleidsplan Schuldhulpverlening gemeente Buren 2016-2020 1. Leeswijzer Sinds 1 juli 2012 is de Wet gemeentelijke schuldhulpverlening (Wgs)

Nadere informatie

Inhoudsopgave. Schulden, hoe kom ik ervan af? Ik kan de rekeningen niet meer betalen. Wat nu? Wat kan ik zelf doen aan mijn schulden?

Inhoudsopgave. Schulden, hoe kom ik ervan af? Ik kan de rekeningen niet meer betalen. Wat nu? Wat kan ik zelf doen aan mijn schulden? met schulden Inhoudsopgave 3 Schulden, hoe kom ik ervan af? 4 5 6 7 8 10 11 12 13 14 Ik kan de rekeningen niet meer betalen. Wat nu? Wat kan ik zelf doen aan mijn schulden? Bij wie kan ik terecht voor

Nadere informatie