Competentieprofiel onderwijsassistent voor de periode
|
|
|
- Antoon de clercq
- 10 jaren geleden
- Aantal bezoeken:
Transcriptie
1 Competentieprofiel onderwijsassistent voor de periode De volgende competentie domeinen zijn beschreven: Competentie 1: Competentie 2: Competentie 3: Competentie 4: Competentie 5: Competentie 6: Competentie 7: Competentie 8: Interpersoonlijk competent in de omgang met leerlingen Orthopedagogisch competent in de omgang met leerlingen Orthodidactisch competent in de omgang met leerlingen Organisatorisch competent Competent in samenwerking met collega s Competent in samenwerken met de omgeving Competent in reflectie en ontwikkeling Competent in aanpak van de lichamelijke verzorging N.B. waar hij staat, lees ook zij. Competentie 1: Interpersoonlijk competent in de omgang met leerlingen De onderwijsassistent die interpersoonlijk competent is, weet een goede coöperatieve sfeer tussen zichzelf en de individuele leerling en/of de groep leerlingen te creëren, zodat de activiteiten waarmee de leerlingen bezig zijn optimaal verlopen. Hij werkt vanuit het besef dat zijn eigen persoonlijkheid het belangrijkste gereedschap is voor een goede beroepsuitoefening. beschikt over goede communicatieve eigenschappen; beschikt over goede sociale vaardigheden; heeft een positieve grondhouding in de omgang met leerlingen; accepteert de leerling als persoon met zijn problematiek; kan omgaan met onverwachte situaties; kan improviseren. De onderwijsassistent is in staat om op adequate wijze leerlingen te begeleiden, zodat de activiteiten waarmee de leerlingen bezig zijn optimaal verlopen. Dit alles geschiedt onder de verantwoordelijkheid van de leerkracht of het team. 1. De onderwijsassistent is bekend met de verschillende sociaal culturele achtergronden van leerlingen en houdt daar rekening mee. 2. Hij kent aspecten in de communicatie en de omgang die voor het opbouwen van een vertrouwensrelatie van belang zijn. 3. Hij heeft kennis van de meest voorkomende lichamelijke-, somatische en/of cognitieve beperking en/of gedragsproblemen.
2 4. Hij is op de hoogte van communicatie- en omgangsvormen in relatie tot leerlingen met voorkomende lichamelijke-, somatische en/of cognitieve beperking en/of gedragsproblemen.. 1. De onderwijsassistent zet verschillende manieren van pedagogisch handelen in tijdens de samenwerking met leerlingen. 2. Hij zet zijn kennis omtrent de lichamelijke-, somatische en/of cognitieve beperking en/of gedragsproblemen bij leerlingen om in adequaat handelen tijdens de begeleiding van leerlingen 3. Hij heeft goede communicatieve vaardigheden. 4. Hij geeft en ontvangt feedbacken kan daarmee omgaan. 5. Hij beoordeelt het effect van eigen gedrag in de samenwerking met de leerlingen en stelt dit zonodig bij. 1. De onderwijsassistent neemt de behoefte aan begeleiding van leerlingen waar. 2. Hij luistert naar de leerlingen en hij reageert positief op hen. Hij stimuleert gewenst gedrag en spreekt hen aan op ongewenst gedrag of, indien mogelijk en wenselijk, negeert ongewenst gedrag. Hij laat de leerlingen in hun waarde. (Competentie, Relatie) 3. Hij houdt in zijn taalgebruik, omgangsvormen en manier van communiceren rekening met de mogelijkheden en behoeften van de leerlingen. (Relatie) 4. Hij vertoont voorspelbaar gedrag. 5. Hij is qua gedrag en communicatie een voorbeeld voor de leerlingen.
3 Competentie 2: Orthopedagogisch competent in de omgang met leerlingen De onderwijsassistent die orthopedagogisch competent is in de omgang met leerlingen doet recht aan de pedagogische basisbehoeften van de leerlingen binnen het raamwerk van het pedagogisch plan zoals dit samen met de leerkracht/het team in het handelingsplan is opgesteld. beschikt over communicatieve eigenschappen; kan omgaan met onverwachte situaties; beschikt over goede sociale vaardigheden; heeft een positieve grondhouding in de omgang met leerlingen; beschikt over organisatorische vaardigheden; accepteert de leerling als persoon met zijn problematiek; is in staat leerlingen nieuwsgierig en betrokken te maken/te prikkelen. De onderwijsassistent is in staat om op adequate wijze leerlingen te begeleiden in hun sociaal functioneren op basis van het pedagogische plan van de leerkracht en het beeld dat de leerkracht en de onderwijsassistent hebben van de leerling of groep leerlingen. Hij zorgt mede voor een goede werksfeer, waarin de leerlingen zich veilig en gewaardeerd voelen. 1. De onderwijsassistent kent factoren in de communicatie en de omgang die kunnen leiden tot verstoring en versterkingvan het pedagogische klimaat. 2. Hij is bekend met het verloop van de sociaal emotionele en morele ontwikkeling van de leerlingen, met de problemen die zich daarbij kunnen voordoen wanneer er sprake is van een lichamelijke-, somatische en/of cognitieve beperking en/of gedragsproblemen. Hij weet hoe hij daarmee om kan gaan. Hij heeft vaktechnische kennis van orthodopedagogische toepassingen. 3. Hij kent de inhoud van het handelingsplan van de leerlingen waarmee hij werkt. 1. Hij levert een bijdrage op het gebied van veiligheid en hygiëne. 2. Hij assisteert bij het samenwerken van leerlingen, het groepswerk en het werken in hoeken en draagt waar nodig oplossingen aan. 3. Hij stimuleert tot integer en respectvol gedrag van leerlingen met betrekking tot zichzelf en anderen. 4. Hij geeft positieve en constructieve feedback aan leerlingen. 5. Hij helpt leerlingen om te gaan met eigen handelen. 6. Hij ondersteunt leerlingen bij het verkrijgen van sociale vaardigheden. 7. Hij begeleidt leerlingen in de gaten tijdens de les, pauzes, spel en indien van toepassing vervoer en corrigeert zonodig gedrag. 8. Hij interpreteert de behoefte van leerlingen eventueel met behulp van de leerkracht. 9. Hij levert een bijdrage aan de observatie van leerlingen en rapporteert hierover aan de leerkracht. 1. De onderwijsassistent ziet hoe de leerlingen met elkaar omgaan en wat dat voor gevolgen heeft voor het welbevinden van (individuele) leerlingen. (Relatie) 2. Hij waardeert de inbreng van de leerlingen, is nieuwsgierig naar hun ideeën en complimenteert hen regelmatig. (Competentie, Autonomie, Relatie) 3. Hij laat leerlingen binnen hun eigen mogelijkheden zelfstandig werken en samenwerken. (Autonomie)
4 4. Hij observeert leerlingen op specifieke punten en wordt hierin aangestuurd door de leerkracht. 5. Hij draagt bij aan de beeldvorming ten aanzien van de individuele leerlingen en groepen leerlingen.
5 Competentie 3: Orthodidactisch competent in de omgang met leerlingen De onderwijsassistent die orthodidactisch compentent is in de omgang met leerlingen werkt vanuit het besef dat het leren vanuit de leerling plaatsvindt en dat het zijn rol is de leerling te stimuleren om zelfstandig te werken. De onderwijsassistent zal zowel sturing geven aan leerlingen als het noodzakelijk is, als ruimte bieden waar dat mogelijk is, binnen de onderwijsvisie/het beleid van de school. beschikt over een positief stimulerende grondhouding; denkt actief mee en is een betrokken lid van het multidisciplinair team. De onderwijsassistent is in staat om op adequate wijze onderdelen van een didactisch handelingsplan onder begeleiding van de leerkracht uit te voeren. 1. Hij is vertrouwd met hoe kinderen met een lichamelijke-, somatische en/of cognitieve beperking en/of gedragsproblemen leren, wat hun leerbehoeften zijn en hij weet hoe hij daar mee om kan gaan. 2. Hij kent de observatie instrumenten die binnen de school gebruikt worden. 3. Hij kent de didactische hulpmiddelen en materialen die in de klas worden gebruikt ter ondersteuning van het leerproces. 4. Hij heeft vaktechnische kennis van orthodidactische toepassingen. 1. De onderwijsassistent volgt de ontwikkeling van leerlingen met behulp van observatie instrumenten die daarvoor binnen de school gebruikt worden. 2. Hij begeleidt leerlingen met een aparte leertaak en registreert het ontwikkelings en leerproces. 3. Hij helpt bij de uitvoering van handelingsplannen voor de leerlingen. 4. Hij maak gebruik van de juiste beschikbare didactische hulpmiddelen en materialen. 5. Hij doet enthousiast en geïnspireerd voor, legt uit en ondersteunt leerlingen die van de leerkracht instructie hebben ontvangen. 6. Hij signaleert ondersteuningsbehoefte bij leerlingen en anticipeert daarop. 7. Hij houdt zich op de hoogte van de vorderingen van leerlingen en rapporteert daarover. 1. De onderwijsassistent maakt demonstreert en/of legt de opdrachten, oefeningen en toetsen waar de leerlingen mee te maken krijgen duidelijk uit. 2. Hij maakt de leerlingen betrokken door duidelijk uit te leggen welke leerdoelen hij met welke leeractiviteiten nastreeft. (Engagement) 3. Hij kiest de juiste leermiddelen bij de gestelde doelen in het handelingsplan, onder supervisie van de leerkracht. 4. Hij helpt leerlingen positieve leerervaringen op te doen door effectieve instructie en opbouwend commentaar op het werk van de leerlingen en op de manier waarop zij werken te geven. Hij brengt de leerkracht op de hoogte van de vorderingen van de leerlingen. (Competentie)
6 Competentie 4: Organisatorisch competent De onderwijsassistent die organisatorisch competent is, creëert mede een ordelijke en overzichtelijke leeromgeving, die afgestemd is op kinderen met lichamelijke-, somatische en/of cognitieve beperking en/of gedragsproblemen. kan prioriteiten stellen kan omgaan met tijdsdruk kan improviseren bewaakt de eigen tijdsbesteding De onderwijsassistent is in staat om op adequate wijze bij te dragen aan een ordelijk en goed verloop van activiteiten en een ordelijke en overzichtelijke leeromgeving. Dit alles binnen het organisatorisch kader dat daarvoor door de leerkracht of het team wordt gegeven. 1. De onderwijsassistent is bekend met die aspecten van klassenmanagement die voor deze doelgroep relevant zijn: voorspelbaarheid in ruimte, materialen, tijd, organisatie en activiteiten. 2. Hij kent zijn taakstelling en de daarbij horende verantwoordelijkheden. 3. Hij kent de afspraken en regels die in de klas gelden. 1. De onderwijsassistent zorgt ervoor dat leerlingen voldoende houvast hebben bij de uitvoering van leeractiviteiten. 2. Hij richt het leslokaal in en ruimt na afloop van de lessen op. 3. Hij ondersteunt bij de organisatie van schoolactiviteiten. 4. Hij brengt waar nodig structuur aan in materiaal, inrichting van de werkruimte, werkwijze en tijd. Bij dit alles wordt zorgvuldigheid in acht genomen. 5. Hij levert een bijdrage aan de dagelijkse gang van zaken, signaleert knelpunten. 6. Hij houdt toezicht. 7. Hij organiseert mede een prettig leef en werkklimaat. 8. Hij werkt zorgvuldig, volgt protocollen en afspraken 1. De onderwijsassistent houdt leerlingen aan de regels en afspraken die in de klas gelden en hanteert deze op consequente wijze. (Autonomie) 2. Hij assisteert de leerkracht bij de voorbereiding en afronding van zijn werk. 3. Hij werkt samen met de leerkracht aan een duidelijk opbergsysteem voor de benodigde materialen en leermiddelen en draagt zorg voor de aanwezigheid van voldoende leermiddelen. 4. Hij zorgt ervoor dat het werk in het onderwijsleerproces ongestoord door kan gaan. 5. Hij zorgt ervoor dat de instructie voor alle leerlingen goed zichtbaar is. 6. Hij helpt leerlingen leren door overgangsmomenten tussen activiteiten duidelijk aan te geven. In onverwachte situaties improviseert hij op een professionele manier en stelt daarbij duidelijke prioriteiten in het belang van de leerling. (Relatie) 7. Hij beperkt de werkdruk door een goede planning van de niet lesgebonden taken.
7 Competentie 5: competent in samenwerking met collega s De onderwijsassistent die competent is in samenwerking met collega s is in staat een goede en constructieve samenwerkingsrelatie aan te gaan door in zijn taken voortdurend besef te hebben van zijn eigen verantwoordelijkheden, afgestemd op die van de leerkracht. beschikt over goede communicatieve eigenschappen; kan samenwerken en staat open voor andere visies en meningen; hij onderschrijft zijn verantwoordelijkheid in samenwerking met collega s. De onderwijsassistent die competent is in het samenwerking met collega s is bij het uitvoeren van zijn taken voortdurend gericht op afstemming van zijn verantwoordelijkheden met de leerkracht en/of het team waarmee hij samenwerkt. 1. De onderwijsassistent is op praktisch niveau bekend met methodieken voor samenwerking en intervisie. 2. Hij is op de hoogte van de wijze waarop hij zijn verantwoordelijkheden in het onderwijsleerproces op toegankelijke wijze kan overdragen aan de leerkracht. 1. De onderwijsassistent gaat werkrelaties aan met leerkracht en team. 2. Hij gaat op een constructieve manier om met mensen met verschillende opvattingen, overtuigingen en andere culturele achtergronden. 3. Hij stelt zich open voor adviezen van de leerkracht en geeft ook zelf adviezen als dat aan de orde is en binnen zijn verantwoordelijkheidsbereik ligt. 4. Hij neemt deel aan teamvergaderingen. 5. Hij vraagt en geeft hulp aan collega s. 6. Hij informeert zich goed over de leerlingen en de onderwerpen die aan de orde zijn. 7. Hij onderzoekt eigen opvattingen en handelswijzen kritisch in gesprek met leerkrachten. 8. Hij vertaalt uit te voeren taken in concreet handelen. 9. Hij rapporteert over de uitgevoerde taken. 1. De onderwijsassistent werkt nauw samen met de leerkracht en het team door zijn verantwoordelijkheden in het onderwijsleerproces steeds af te stemmen. 2. Hij heeft een voor de leerkracht gemakkelijk toegankelijke administratie en ondersteunt de leerkracht bij de registratie van de leerling gegevens. 3. Hij spreekt leerkrachten aan en is ook zelf aanspreekbaar, als het gaat om het vragen of geven van hulp bij het werk. 4. Hij houdt rekening met de leerkracht en met de belangen van de school.
8 Competentie 6: Competent in samenwerking met de omgeving Een onderwijsassistent die competent is in samenwerking met de omgeving gaat een goede en constructieve samenwerkingsrelatie aan met betrokkenen buiten de school. beschikt over goede communicatieve eigenschappen; kan samenwerken en staat open voor andere visies en meningen; vertegenwoordigt zijn school op representatieve wijze. De onderwijsassistent is in staat om op adequate wijze te communiceren met betrokkenen buiten de school binnen de reikwijdte van de eigen taakstelling. 1. De onderwijsassistent is bekend met de leefwereld van ouders of verzorgers en met de culturele achtergronden van de leerlingen. 2. Hij kent de grenzen van zijn eigen verantwoordelijkheden. 1. De onderwijsassistent werkt samen met anderen buiten de school. 2. Hij gaat op een professionele manier om met ouders/verzorgers door voor diepergaand contact door te verwijzen naar de verantwoordelijke leerkracht. 3. Hij gaat op een constructieve manier om met mensen met verschillende opvattingen, overtuigingen en andere culturele achtergronden. 4. Hij heeft oog voor de belangen van zijn eigen instelling. 5. Hij staat een betrokkene buiten de school professioneel te woord, dit binnen de eigen verantwoordelijkheidssfeer. 6. Hij verwijst een betrokkene buiten de school door naar de juiste collega s. 7. Hij bewaakt de grenzen van zijn eigen competenties en communicatie. 1. De onderwijsassistent laat zich informeren over opvattingen en bevindingen van de ouders en andere belanghebbenden over de ontwikkeling van de leerling. 2. Hij stelt zich op de hoogte van voor hem van belang zijnde vormen van overleg die buiten de school hebben plaatsgevonden. 3. Hij deelt relevante informatie betreffende leerlingen met de leerkracht die voor deze leerling verantwoordelijk is. 4. De onderwijsassistent vertegenwoordigt de school op een positieve manier naar mensen en instellingen buiten de school.
9 Competentie 7: Competent in reflectie en ontwikkeling De onderwijsassistent die competent is in reflectie en ontwikkeling heeft een adequaat beeld van het eigen professionele handelen. staat open voor reflectie, feedback van derden en verandering; onderschrijft zijn verantwoordelijkheid voor de eigen ontwikkeling. De onderwijsassistent is in staat om op adequate wijze te reflecteren op zijn handelen en zijn professionele bekwaamheid verder te ontwikkelen. 1. De onderwijsassistent heeft voldoende zelfkennis om in relatie met anderen zijn eigen gedrag te begrijpen en te analyseren. 2. Hij heeft kennis van de ontwikkelingen binnen zijn beroep die relevant zijn voor het onderwijs binnen de groep. 1. De onderwijsassistent staat open voor kritiek. 2. Hij durft zich kwetsbaar op te stellen. 3. Hij onderzoekt zijn en evalueert het eigen professionele handelen kritisch. 4. Hij analyseert zelfstandig, maar ook samen met de leerkracht, wat zijn zwakke en sterke punten zijn. 5. Hij vertaalt zijn zwakke en sterke punten in een persoonlijk ontwikkelingsplan. 6. Hij voert de actiepunten uit het persoonlijk ontwikkelingsplan uit. 7. Hij houdt de voor zijn beroep vereiste bekwaamheden op peil en breidt deze zonodig uit. 1. De onderwijsassistent brengt zijn beroepsopvatting en werkhouding in verband met de visie van de groep en het daarop afgestemde beleid van de school. 2. Hij kijkt kritisch naar zijn werk en gebruikt evaluatie, reflectie en feedback van anderen om zich verder te ontwikkelen. 3. Hij benoemt zijn sterke en zwakke punten, formuleert leerdoelen en werkt daar planmatig aan. Hij maakt daarbij gebruik van de kaders en structuren die de school biedt (bijvoorbeeld competentiemanagement, persoonlijk ontwikkelingsplan, bekwaamheidsdossier, functionerings en beoordelingsgesprekken). 4. Hij neemt deel aan professionaliseringsactiviteiten.
10 Competentie 8: Competent in aanpak van de lichamelijke verzorging De onderwijsassistent die competent is in de aanpak m.b.t. de lichamelijke verzorging, weet op een verantwoorde manier de leerling te verzorgen en indien nodig de medicatie toe te dien. Ook weet de onderwijsassistent hierin zorgvuldig te handelen. Werkt nauwkeurig Houdt zich aan de gestelde protollen Houdt zich aan protocollen m.b.t. medicatie toediening De onderwijsassistent heeft scholing gehad m.b.t. het toedienen van de medicatie. De onderwijsassistent staat open voor mogelijke autorisatie van een verpleegkundige handeling. Hij weet dan ook zorgvuldig te handelen. Heeft inzicht in het verzorgen en begeleiden van leerlingen. Hij is bekend met de hygiëne, voeding en gezondheid (medicatie) van kinderen. 1. De onderwijsassistent levert een bijdrage op het gebied van veiligheid en hygiëne. 2. Hij werkt zorgvuldig volgens afgesproken protocollen. 3. De onderwijsassistent weet op een aansluitende manier de leerlingen de nodige ADL doelen aan te leren. 4. De onderwijsassistent is op de hoogte van verschillende soorten medicatie welke de leerling nodig heeft. 1. De onderwijsassistent houdt de notatie m.b.t. medicatie van de leerlinge up-to-date. 2. Hij volgt het gehele protocol van medicatie toedienen, en werkt hier zorgvuldig mee. 3. Hij verricht de verpleegkundige handeling waarvoor hij geautoriseerd is op zorgvuldige wijze. 4. Hij verzorgt en begeleidt leerlingen bij het eten en drinken. 5. Hij verzorgt en begeleid de leerling bij de toiletgang. 6. Hij begeleidt de leerling naar het zwemonderwijs, bewegingsonderwijs en geeft daar de juiste ondersteuning.
Om te voldoen aan deze bekwaamheidseis moet de leraar primair onderwijs het volgende doen:
1 Interpersoonlijk competent De leraar primair onderwijs moet ervoor zorgen dat er in zijn groep een prettig leefen werkklimaat heerst. Dat is de verantwoordelijkheid van de leraar primair onderwijs en
1 Interpersoonlijk competent
1 Interpersoonlijk competent De leraar primair onderwijs moet ervoor zorgen dat er in zijn groep een prettig leefen werkklimaat heerst. Dat is de verantwoordelijkheid van de leraar primair onderwijs en
COMPETENTIE 1: INTERPERSOONLIJK COMPETENT
DE SBL competenties COMPETENTIE 1: INTERPERSOONLIJK COMPETENT De leraar primair onderwijs moet ervoor zorgen dat er in zijn groep een prettig leef- en werkklimaat heerst. Dat is de verantwoordelijkheid
1/8. Voor leerkrachten zijn 7 bekwaamheden geformuleerd:
1/8 informatie Wet BIO In de Wet BIO staat de kwaliteit van het onderwijspersoneel centraal, want daarmee staat of valt de kwaliteit van het onderwijs. Het doel van de Wet BIO is: een minimumniveau van
competentieprofiel groepsleerkracht/ docent algemeen vormend onderwijs Het Driespan
Samenwerken Omgevingsgericht/samenwerken Reflectie en zelfontwikkeling competentieprofiel groepsleerkracht/ docent algemeen vormend onderwijs Het Driespan Competentieprofiel stichting Het Driespan, (V)SO
Aantekenformulier van het assessment PDG
Aantekenformulier van het assessment PDG Kandidaat: Assessor: Datum: Een startbekwaam docent voldoet aan de bekwaamheidseisen voor leraren in het tweedegraadsgebied (zie competentie 1 t/m 7 op de volgende
Bekwaamheidseisen of competenties docenten LC
Bekwaamheidseisen of competenties docenten LC Bekwaamheidseisen docenten LC vmbo en havo/vwo. (tekst: Wet op de beroepen in het onderwijs en Besluit bekwaamheidseisen onderwijspersoneel / 2006). 1. Zeven
Eindbeoordeling van het assessment Startbekwaam (op grond van portfolio, presentatie en criterium gericht interview)
Eindbeoordeling van het assessment Startbekwaam (op grond van portfolio, presentatie en criterium gericht interview) Student: Opleidingsassessor: Studentnummer:. Veldassessor:. Datum: Een startbekwaam
Competenties en bekwaamheden van een Daltonleerkracht
Naam: School: Daltoncursus voor leerkrachten Competenties en bekwaamheden van een Daltonleerkracht Inleiding: De verantwoordelijkheden van de leerkracht zijn samen te vatten door vier beroepsrollen te
Bekwaamheidseisen of competenties docenten LD
Bekwaamheidseisen of competenties docenten LD Bekwaamheidseisen docenten LD vmbo en havo/vwo. (tekst: Wet op de beroepen in het onderwijs en Besluit bekwaamheidseisen onderwijspersoneel / 2006). 1. Zeven
SWOT-ANALYSE. 1 Interpersoonlijk competent. 1.1 Eisen. 1.2 Mijn ontwikkelpunten. 1.3 Mijn leerdoelen
SWOT-ANALYSE Met een SWOT-analyse breng ik mijn sterke en zwakke punten in kaart. Deze punten heb ik vervolgens in verband gebracht met de competenties van en leraar en heb ik beschreven wat dit betekent
1 Interpersoonlijk competent
1 Interpersoonlijk competent De leraar voorbereidend hoger onderwijs moet ervoor zorgen dat er in de groepen waarmee hij werkt, een prettig leef- en werkklimaat heerst. Dat is de verantwoordelijkheid van
Competenties in relatie tot het Protocol Vermoedens van huiselijk geweld, mishandeling, verwaarlozing en seksueel misbuik
Competenties in relatie tot het Protocol Vermoedens van huiselijk geweld, mishandeling, verwaarlozing en seksueel misbuik Competenties Het werken met een protocol, zoals het protocol Vermoedens van huiselijk
kempelscan P1-fase Kempelscan P1-fase 1/7
kempelscan P1-fase Kempelscan P1-fase 1/7 Interpersoonlijke competentie Kern 1.2 Inter-persoonlijk competent Communiceren in de groep De student heeft zicht op het eigen communicatief gedrag in de klas
BEKWAAMHEIDSEISEN leraren VO met niveau-indicatoren jaar 3
BEKWAAMHEIDSEISEN leraren VO met niveau-indicatoren jaar 3 1. INTERPERSOONLIJK COMPETENT De leraar die interpersoonlijk competent is, geeft op een goede manier leiding aan leerlingen (individueel en in
Competenties / bekwaamheden van een daltonleerkracht
Competenties / bekwaamheden van een daltonleerkracht Tijdens de DON bijeenkomst van 13 november 2013 hebben we in kleine groepen (daltoncoördinatoren en directeuren) een lijst met competenties/bekwaamheden
Het gekleurde vakje is het vereiste niveau voor het voltooien van de oriënterende stage, het kruisje geeft aan waar ik mezelf zou schalen
Daniëlle Ramp, competentie ontwikkeling, oriënterende stage 1. Interpersoonlijk competent Contact maken Stimuleren om op een eigen manier te leren Klimaat voor scheppen 2. Pedagogisch competent Begeleiding
CP Resultaten QuickScan
CP Resultaten QuickScan Interpersoonlijk competent 1.1 Hij maakt contact met de leerlingen en hij zorgt ervoor dat zij contact kunnen maken met hem en zich op hun gemak voelen. score: 83% 1.2 Hij geeft
Leraar basisonderwijs LA FUNCTIEBESCHRIJVING
Leraar basisonderwijs LA FUNCTIEBESCHRIJVING Context De werkzaamheden worden verricht op een school voor basisonderwijs. De leraar LA geeft onderwijs en begeleidt leerlingen, levert een bijdrage aan de
1. Interpersoonlijk competent
1. Interpersoonlijk competent De docent BVE schept een vriendelijke en coöperatieve sfeer in het contact met deelnemers en tussen deelnemers, en brengt een open communicatie tot stand. De docent BVE geeft
De lerarenondersteuner werkt binnen het vastgestelde lesmodel voor instructie en de lesplannen van de school.
Werkproces 1: Kaders Competentie 1.1: Schoolkaders De lerarenondersteuner werkt binnen de vastgestelde kaders voor onderwijs van de school. Competentie 1.2: Lesmodel en lesplannen De lerarenondersteuner
Lijst met de zeven SBL-competenties, de bijbehorende bekwaamheidseisen en gedragsindicatoren voor docenten
Lijst met de zeven SBL-competenties, de bijbehorende bekwaamheidseisen en gedragsindicatoren voor docenten 1. Interpersoonlijk competent Een interpersoonlijk competente leraar/lerares schept een vriendelijke
Reflectie-instrument leerkrachten Het Barlake
Reflectie-instrument leerkrachten Het Barlake Maak talenten van leerkrachten bespreekbaar november 2010 Verantwoording In het kader van de functiemix is ons gevraagd om een instrument te zoeken waarmee
1 Interpersoonlijk competent
1 Interpersoonlijk competent De leraar voortgezet onderwijs en bve moet ervoor zorgen dat er in de groepen waarmee hij werkt, een prettig leef- en werkklimaat heerst. Dat is de verantwoordelijkheid van
Portfolio. Pro-U assessment centrum. Eigendom van:
Pro-U assessment centrum Eigendom van: Blad 1 Persoonlijke gegevens Naam en voorletters Adres Postcode en woonplaats Telefoonnummer Mobiel nummer Onderwijsinstelling E-mailadres Docentbegeleider Geboortedatum
Bekwaamheidseisen leraren
Concept eindversie december 2003 Bekwaamheidseisen leraren Stichting Beroepskwaliteit Leraren en ander onderwijspersoneel 2 Inleiding Wat goed onderwijs is, wordt bepaald door de samenleving. Die stelt
O 1 Inter-persoonlijk competent
V O 1 Inter-persoonlijk competent hij maakt contact met de leerlingen/deelnemers en hij zorgt ervoor dat zij contact kunnen maken met hem en zich op hun gemak voelen hij biedt een kader waarbinnen de leerlingen/deelnemers
Rapport Docent i360. Test Kandidaat
Rapport Docent i360 Naam Test Kandidaat Inhoudsopgave 1. Inleiding 2. Sterkte/zwakte-analyse 3. Feedback open vragen 4. Overzicht competenties 5. Persoonlijk ontwikkelingsplan Inleiding Voor u ligt het
Workshop zelfbeoordelingslijst PARTNERS IN PASSEND ONDERWIJS
Workshop zelfbeoordelingslijst Competentieprofiel Voor leerkrachten die werken met het protocol leesproblemen en dyslexie. 1. Interpersoonlijk competent 2. Pedagogisch competent 3. Vakinhoudelijk en didactisch
kempelscan P2-fase Studentversie
kempelscan P2-fase Studentversie Pedagogische competentie Kern 2.1 Pedagogisch competent Pedagogisch handelen Je draagt bij aan een veilige leef- en leeromgeving in de groep O M V G Je bent consistent
Rapport Docent i360. Angela Rondhuis
Rapport Docent i360 Naam Angela Rondhuis Inhoudsopgave 1. Inleiding 2. Sterkte/zwakte-analyse 3. Feedback open vragen 4. Overzicht competenties 5. Persoonlijk ontwikkelingsplan Inleiding Voor u ligt het
FUNCTIEBESCHRIJVING EN -WAARDERING. Herman Broerenstichting Leraar LB
FUNCTIEBESCHRIJVING EN -WAARDERING Leraar LB Mei 2013 Opdrachtgever Auteur Clara van Sparwoudestraat 1 2612 SP Delft M. van Ommeren P.P.J.G. Janssen Project 5VBBA4431 1 FUNCTIE INFORMATIE Functienaam Organisatie
Bijlage 3 BEOORDELINGSFORMULIER EINDPRODUCT PDG
Bijlage 3 SFORMULIER EINDPRODUCT PDG Naam deelnemer: Gabriëlle Copini Beoordelaar: Ella ten Barge ROC/AOC: Friesland College Paraaf beoordelaar: Eindproduct (aankruisen) in beeld/lesgeven op pad/ecursie
Competentievenster 2015
Windesheim zet kennis in werking Competentievenster 2015 TWEEDEGRAADS LERARENOPLEIDING WINDESHEIM Inleiding 3 Het competentievenster van de tweedegraads lerarenopleidingen van Hogeschool Windesheim vormt
1 Interpersoonlijk competent
1 Interpersoonlijk competent De leraar voortgezet onderwijs en bve moet ervoor zorgen dat er in de groepen waarmee hij werkt, een prettig leef- en werkklimaat heerst. Dat is de verantwoordelijkheid van
COMPETENTIEPROFIEL ONDERSTEUNER PASSEND ONDERWIJS. Resultaatgebieden 1. Ondersteuning en advisering aan IB en leraren
COMPETENTIEPROFIEL ONDERSTEUNER PASSEND ONDERWIJS De ondersteuner passend onderwijs is werkzaam in een team van professionals dat wordt aangestuurd door een ondersteuningsmanager. De ondersteuner passend
Competentiemeter docent beroepsonderwijs
Competentiemeter docent beroepsonderwijs De beschrijving van de competenties in deze competentiemeter is gebaseerd op: - de bekwaamheidseisen uit de Algemene Maatregel van Bestuur als uitwerking van de
Scoreformulier Pro-U assessments Lijst met beoordelingen op SBL competenties en indicatoren
Scoreformulier Pro-U assessments Lijst met beoordelingen op SBL competenties en indicatoren Let op: momenteel wordt gewerkt aan een instrument dat beoordeelt aan de hand van de nieuwe bekwaamheidseisen
Bijlage 1 BEOORDELINGSFORMULIER EINDPRODCUCT PDG
Bijlage 1 BEOORDELINGSFORMULIER EINDPRODCUCT PDG Naam deelnemer: Gabriëlle Copini Beoordelaar: Ella ten Barge ROC/AOC: Friesland College Eindproduct (aankruisen) X in beeld/lesgeven op pad/ecursie aan
FUNCTIEBESCHRIJVING EN -WAARDERING. Herman Broerenstichting Vakleraar bewegingsonderwijs
FUNCTIEBESCHRIJVING EN -WAARDERING Vakleraar bewegingsonderwijs Mei 2013 Opdrachtgever Auteur Clara van Sparwoudestraat 1 2612 SP Delft M. van Ommeren P.P.J.G. Janssen Project 5VBBA4431 1 FUNCTIE INFORMATIE
5. Product ontwikkeld binnen het KIGO project Doorlopende Coach Actieve coach ; penvoerder was Edudelta College.
SBL competenties toegespitst op de Doorlopende Coach 1. Type product/dienst Instrument 2. Doelgroep Docenten/begeleiders Teamleiders/locatieleiders 3. Hoe competent ben jij als doorlopende coach? Deze
Competentieprofiel Onderwijsondersteuner niveau 2 (rudimentaire versie)
Competentieprofiel Onderwijsondersteuner niveau 2 (rudimentaire versie) Regie: Calibris (Hanny Vroom) / SBL (Frank Jansma) Datum 22 januari 2008 Versie 1.0 Inhoudsopgave Voorwoord 3 Inleiding 4 Beroepsbeschrijving
1.1 Leraar basisonderwijs (schaal LA) Omgeving De werkzaamheden worden uitgevoerd binnen Stichting Prisma Almere. Dit is een middelgrote onderwijsinstelling van 15 tot 20 scholen voor primair onderwijs.
Rapport Docent i360. Angela Rondhuis
Rapport Docent i360 Naam Angela Rondhuis Inhoudsopgave 1. Inleiding 2. Sterkte/zwakte-analyse 3. Feedback open vragen 4. Overzicht competenties 5. Persoonlijk ontwikkelingsplan Inleiding Voor je ligt het
Beoordelingsrapport. Keimaat is een product van b&t begeleiding en training B.V.
Beoordelingsrapport Keimaat is een product van b&t begeleiding en training B.V. Beoordelingsrapport van: mevr. K. Rozegeur Dit beoordelingsrapport is gemaakt op: 8 juli 2010 Beoordelingsperiode: augustus
Functiebeschrijving Leraar Basisonderwijs (LA)
Functiebeschrijving Leraar Basisonderwijs (LA) Context De werkzaamheden worden uitgevoerd binnen Alpha Scholengroep. Onder Alpha Scholengroep ressorteren 15 Christelijke basisscholen in de omgeving van
1 De leraar creëert een veilig pedagogisch klimaat
KIJKWIJZER PEDAGOGISCH-DIDACTISCH HANDELEN IN DE KLAS School : Vakgebied : Leerkracht : Datum : Groep : Observant : 1 De leraar creëert een veilig pedagogisch klimaat (SBL competenties 1 en 2) 1.1* is
Functiebeschrijving schoolcoördinator BO
Functiebeschrijving schoolcoördinator BO FUNCTIE INFORMATIE Functienaam Schoolcoördinator PO (met lesgevende taken) Salarisschaal 10 Werkterrein Management -> schoolmanagement - lesgeven Activiteiten Beleids-
Excellente Leerkracht SBO, SO/VSO. Stichting Meerkring LC 11 Onderwijsproces -> Leraren 44343 43334 43 43 Marieke Kalisvaart
Functie-informatie Functienaam Organisatie Letterschaal CAO Salarisschaal Werkterrein Kenmerkscores SPO-gecertificeerde Stichting Meerkring LC 11 Onderwijsproces -> Leraren 44343 43334 43 43 Marieke Kalisvaart
FUNCTIEBESCHRIJVING. Werkzaamheden
Leraar basisonderwijs LA Functiewaardering: 33333 33333 33 33 Salarisschaal: LA Werkterrein: Onderwijsproces > Leraren Activiteiten: Beleids en bedrijfsvoeringsondersteunende werkzaamheden, overdragen
Werkproces 1: Interpersoonlijk competent: De leerkracht is zich bewust van zijn houding en gedrag en de invloed daarvan op de groep.
Werkproces 1: Interpersoonlijk competent: De leerkracht is zich bewust van zijn houding en gedrag en de invloed daarvan op de groep. Competentie 1.1: Stimuleert een respectvolle omgang binnen de groep.
ALEXANDER GIELE Competentiemonitor Ingevuld door : C.M.T. Ruppert Ingevuld op : 19 december 2013
ALEANDER GIELE Competentiemonitor Ingevuld door : C.M.T. Ruppert Ingevuld op : 19 december 2013 Deze monitor is ingevuld op basis van een eerste gesprek, een lesobservatie en een nagesprek (soms in andere
Pluspunt Een professioneel voorbeeld zijn voor leerlingen en in gesprek blijven over de vraag hoe gaan we met elkaar om.
Reflectie op de deeltaken; start bekwaam INTERPERSOONLIJK COMPETENT Je zorgt ervoor dat er in de groep een prettig leef- en werkklimaat is. Je geeft op een goede manier leiding, schept een vriendelijke
Beoordelingsinstrument voor het beoordelen van het portfolio en werkplekleren (rubrics)
Beoordelingsinstrument voor het beoordelen van het portfolio en werkplekleren (rubrics) Beschrijving van het beoordelingsinstrument Niveaus Er worden in dit beoordelingsinstrument vier niveaus onderscheiden
De ontwikkeling van de Mondriaan methode VISIE OP PROFESSIONALISEREN
M.11i.0419 De ontwikkeling van de Mondriaan methode VISIE OP PROFESSIONALISEREN versie 02 M.11i.0419 Naam notitie/procedure/afspraak Visie op professionaliseren Eigenaar/portefeuillehouder Theo Bekker
Leraar basisonderwijs LB
Leraar basisonderwijs LB Functiewaardering: 43343 43333 43 33 Salarisschaal: LB Werkterrein: Onderwijsproces -> Leraren Activiteiten: Beleids- en bedrijfsvoeringsondersteunende werkzaamheden, overdragen
Zelfevaluatie. Inleiding:
Sabine Waal Zelfevaluatie Inleiding: In dit document heb ik uit geschreven wat mijn huidige niveau is en waar ik mij al zoal in ontwikkeld heb ten opzichte van de zeven competenties. Elke competentie heb
ITT/HU Beoordelingscriteria praktijk Fase 3 (jaar 3)
ITT/HU Beoordelingscriteria praktijk 2018-2019 Fase 3 (jaar 3) Kerntaak 1: Pedagogische adequaat handelen: opbouwende relatie met kinderen ontwikkelen, leiding geven aan de groep, zorgen voor een goed
kempelscan K1-fase Eerste semester
kempelscan K1-fase Eerste semester Kempelscan K1-fase eerste semester 1/6 Didactische competentie Kern 3.1 Didactisch competent Adaptief omgaan met leerlijnen De student bereidt systematisch lessen/leeractiviteiten
FUNCTIEBESCHRIJVING EN -WAARDERING. Stichting Talent Leraar basisonderwijs LB
FUNCTIEBESCHRIJVING EN -WAARDERING Leraar basisonderwijs LB januari 2013 Opdrachtgever Nieuwstraat 23 A 1621 EA Hoorn Auteur Paul Janssen Project 5POBA4560 FUNCTIE INFORMATIE Functienaam Leraar basisonderwijs
Alle competenties moeten met voldoende zijn beoordeeld
BEOORDELINGSFORMULIER / Artistieke Praktijk II jaar 4 Blad 1 Toetscode: Datum: Handtekening student: Beoordelaar 1: Handtekening beoordelaar 1: Beoordelaar 2: Handtekening beoordelaar 2: Extern deskundige:
Bijlage 5: Formulier tussenevaluatie
Bijlage 5: Formulier tussenevaluatie Formulier tussenevaluatie Naam student: Studentnummer: Naam school / onderwijsinstelling: Naam werkplekbegeleider: Naam instituutsopleider: Datum: Beoordeling Niet
Bijlage 1 BEOORDELINGSFORMULIER EINDPRODUCT PDG
Bijlage 1 BEOORDELINGSFORMULIER EINDPRODUCT PDG Naam deelnemer: Gabriëlle Copini Beoordelaar: Gerwin Haveman ROC/AOC: Friesland College Paraaf beoordelaar: Eindproduct (aankruisen) in beeld/lesgeven x
PREZZENT Functiebeschrijving. Persoonlijk begeleider. Datum februari 2012 FWG 40 A: DOELOMSCHRIJVING
PREZZENT Functiebeschrijving Functie Persoonlijk begeleider Organisatie Prezzent Datum februari 2012 FWG 40 A: DOELOMSCHRIJVING Draagt zorg voor de ondersteuning, begeleiding en/of verzorging van cliënten
Interpersoonlijk competent
Inhoudsopgave Inhoudsopgave...0 Inleiding...1 Interpersoonlijk competent...2 Pedagogisch competent...3 Vakinhoudelijk & didactisch competent...4 Organisatorisch competent...5 Competent in samenwerken met
Competenties en bekwaamheidseisen geoperationaliseerd naar drie niveaus Fontys Pabo s
1 Competenties en bekwaamheidseisen geoperationaliseerd naar drie niveaus Fontys Pabo s In onderstaande tabellen zijn steeds de letterlijke teksten van competenties en bekwaamheidseisen opgenomen zoals
Beoordelingsformulier (Les) Voorbereiding Naam student: Krijn Cornelisse. Datum:
A Beoordelingsformulier (Les) Voorbereiding Naam student: Krijn Cornelisse Naam docent: F.Kok Datum: 5-12-2013 Het Lesplan; de student; Omschrijving Bereidt zich voor op de lessen en zorgt ervoor dat alle
Thermometer leerkrachthandelen
Thermometer leerkrachthandelen Leerlijnen en ontwikkelingslijn voor leerkrachten van WSKO 1 Inleiding Leerkracht zijn is een dynamisch en complex vak. Mensen die leerkracht zijn en binnen onze organisatie
Functieprofiel. Leraar. op OBS Het Toverkruid LA, 1,0 FTE. Aanstelling voor een jaar welke bij goed functioneren kan leiden tot een vaste aanstelling.
Functieprofiel Leraar op OBS Het Toverkruid LA, 1,0 FTE Aanstelling voor een jaar welke bij goed functioneren kan leiden tot een vaste aanstelling. April 2018 Specifieke competenties teamlid OBS Het Toverkruid
Competentieprofiel voor rekendocenten in het mbo
Competentieprofiel voor rekendocenten in het mbo De indeling is gebaseerd op de SBL-competenties (Stichting Beroepskwaliteit Leraren) 1. Interpersoonlijk competent 1.1 Een goede leraar is interpersoonlijk
Werkproces 1: Kaders. Competentie 1.1: Schoolkaders. Competentie 1.2: Lesmodel en lesplannen. Competentie 1.3: OPP
Werkproces 1: Kaders Competentie 1.1: Schoolkaders Schoolkaders De instructeur werkt binnen de vastgestelde kaders voor onderwijs van de school. Competentie 1.2: Lesmodel en lesplannen De instructeur werkt
Onder de Wieken: altijd in beweging
Basisschool Onder de Wieken Rector de Fauwestraat 26 5964AE Meterik telefoon: 077-3983497 internet: www.onderdewieken.nl e-mail : [email protected] Vacature unit-leerkracht M/V groep 1-2 Wtf 0,8500
Bekwaamheidseisen leraar primair onderwijs
Bekwaamheidseisen leraar primair onderwijs Uit: Besluit van 16 maart 2017 tot wijziging van het Besluit bekwaamheidseisen onderwijspersoneel en het Besluit bekwaamheidseisen onderwijspersoneel BES in verband
Scholing Passend Onderwijs voor de Onderwijsassistent. Versie: 26-11-2015. 1. De competenties.
Scholing Passend Onderwijs voor de Onderwijsassistent. Versie: 26-11-2015 Passend Onderwijs betekent thuis nabij onderwijs voor bijna elk kind uit de buurt. De diversiteit in de school zal hierdoor toenemen.
T: Instructies en procedures opvolgen. 1.2.Bereidt de uitvoering
VOORTGANGSRAPPORTAGE Onderwijsassistent BOL leerjaar 2 in 2011-2012 Verdiepingsfase OAS praktijk 2011-2013 volgens het Kwalificatiedossier 2010. naam: klas: Loopbaanbegeleider: 1= startniveau 2=aardig
Rondvraag. Persoonlijke rapportage van M. Gulden
Rondvraag Persoonlijke rapportage van M. Gulden Gegevens deelnemer Naam Organisatie Functie B. Smit PiCompany Intern Leraar De Zevensprong Gegevens Rondvraag Datum 31 oktober 2005 Nummer 31721.96907 Profiel
Beroepsproduct (aankruisen) Datum: UITSTEKEND GOED x VOLDOENDE NOG NIET VOLDOENDE
BIJLAGE D: SFORMULIEREN BEROEPSPRODUCTEN Bij de beroepsproducten wordt steeds een variant op onderstaand formulier gebruikt. De nadere invulling van de variant is afhankelijk van de geselecteerde criteria
Deel 1 Evaluatie opleider: checklist tussentijds evaluatiemoment versie 2017
Deel 1 Evaluatie opleider: checklist tussentijds evaluatiemoment versie 2017 Introductie Dit is de checklist voor de aios en opleider om halverwege de periode samen te bespreken hoe het opleiden gaat.
Evaluatie van opleiders door aios LUMC: inleiding voor opleiders versie 2017
Evaluatie van opleiders door aios LUMC: inleiding voor opleiders versie 2017 Om de kwaliteit van de opleiding tot specialist ouderengeneeskunde te behouden en te verbeteren worden met ingang van december
Achtergrond. Missie Onze missie op basis van deze situatie luidt:
Achtergrond Basisschool De Regenboog staat in de wijk Zuid-west in Boekel en valt onder het bestuur van Zicht PO. Evenals de andere scholen onder dit bestuur gaan wij de komende periode vorm geven aan
Overzicht kerntaken, werkprocessen, prestatie-indicatoren gekoppeld aan examenproducten
Overzicht kerntaken, werkprocessen, prestatie-indicatoren gekoppeld aan examenproducten Kerntaak 1 Organiseert het leerproces van de (lerende) medewerker in de praktijk Werkproces Prestatie-indicator Examenproduct
Bijlage 3 BEOORDELINGSFORMULIER EINDPRODUCT PDG
Bijlage 3 BEOORDELINGSFORMULIER EINDPRODUCT PDG Naam deelnemer: Gabriëlle Copini Beoordelaar: Gerwin Haveman ROC/AOC: Friesland College Paraaf beoordelaar: Eindproduct (aankruisen) in beeld/lesgeven op
Communiceren met de doelgroep voor OA en PW Kinderopvang
Specificaties Onderwijsassistent Titel: Soort: Werksituatie: Eindproduct: Communiceren met de doelgroep voor OA en PW Kinderopvang Training Kinderdagverblijf, BSO of basisschool Demonstratie Niveau: 4
Competentiekaarten. Het competentiekader. Drie niveaus. De competentiekaarten. Met de competentiekaarten. Competentiekaarten oktober 2017
Competentiekaarten Het competentiekader Drie niveaus De opleidingscompetenties worden geclusterd rondom de beroepsrollen van Pedagoog, Didacticus en Teamlid. De persoon als leraar kleurt deze rollen. De
Groepsleraar praktijkonderwijs (docent LB)
Groepsleraar praktijkonderwijs (docent LB) Functie-informatie Functienaam: Groepsleraar praktijkonderwijs Organisatie: School voor praktijkonderwijs/sector voor praktijkonderwijs binnen een scholengemeenschap
LEERCOACH IN DE NETWERKSCHOOL. Verantwoordelijkheden
Leercoaches begeleiden studenten in hun leertraject, studievoortgang en ieontwikkeling binnen de Netwerkschool ROC Nijmegen. Deze notitie uit 2013 beschrijft de verantwoordelijkheden, bevoegdheden en kerntaken
Profiel schoolopleider en schoolcoördinator 1
Profiel schoolopleider en schoolcoördinator 1 Dit profiel bevat de taken en competenties voor de schoolopleider en de schoolcoördinator, geordend naar de bekwaamheidsgebieden van de Velon beroepsstandaard.
datum: december 2005 versie: 3 KNVB, KNZB, KNGU en NeVoBo in samenwerking met CINOP 0 vakman/vakvrouw niveau 4
Profiel trajectbegeleider Kwalificatieprofiel trajectbegeleider Algemene informatie Onder regie van datum: december 2005 versie: 3 NOC*NSF Ontwikkeld door KNVB, KNZB, KNGU en NeVoBo in samenwerking met
Benoeming op basis van convenant Impuls Brede Scholen in het bijzonder onderwijs
Benoeming op basis van convenant Impuls Brede Scholen in het bijzonder onderwijs 3.28 Arbeidsovereenkomst 1. Op de arbeidsovereenkomst van de combinatiefunctionaris zijn van toepassing de artikelen 3.29
Bijlage C behorende bij artikel 2 lid 3 Besluit personeel veiligheidsregio
Bijlage C behorende bij artikel 2 lid 3 Besluit personeel veiligheidsregio Supplement f. Functie procesmanager multidisciplinair oefenen Functie zoals genoemd in artikel 2 lid 3 sub f Besluit personeel
FUWA-VO Voorbeeldfunctie docent LD Type 1
FUWA-VO Voorbeeldfunctie docent LD Type 1 Functie-informatie Functienaam Docent LD Type 1 Salarisschaal 12 Functiebeschrijving Context De werkzaamheden worden uitgevoerd binnen een instelling voor voortgezet
Door de stage en de theorie ontwikkel ik mij beroepsmatig. Op mijn stage vraag ik veel aan mijn stagebegeleidster.
Fontys Hogeschool voor de kunsten STAGE WERKPLAN ACADEMIE VOOR BEELDENDE VORMING Student: Mariska Gerritsen Studentnummer: 2173355 Jaar: 4 Dt Stageschool: Heerbeeck College Stagebegeleider: S. van Driel
Competenties. Overzicht
Competenties Competenties voor het vmbo zijn nog niet ontwikkeld. Deze hieronder genoemde competenties zijn samen met docenten en bedrijfsleven afgeleid van de competenties die zijn opgesteld voor het
NEDERLANDSE KANO BOND Aangesloten bij: NOC*NSF / European Canoe Association / International Canoë Fédération Commissie Opleidingen
Profiel Trajectbegeleider / Leercoach Kwalificatieprofiel trajectbegeleider Algemene informatie Onder regie van datum: december 2005 versie: 3 NOC*NSF Ontwikkeld door KNVB, KNZB, KNGU en NeVoBo in samenwerking
Samenvatting. Totalen
MONITOR BASISONDERSTEUNING ANNE FRANKSCHOOL ARNHEM Ingevuld door: Julia van Broeckhuijsen J. Burema Samenvatting Totalen Leerlingen ontwikkelen zich in een veilige omgeving.. De school heeft inzicht in
Promotiebeleid Spinoza LC-LD
Versie juni 2012 De GMR heeft op 20 juni 2012 ingestemd met de notitie. Promotiebeleid Spinoza LC-LD Basisvoorwaarden voor promotie naar en/of behoud van de functie seniordocent LC en LD Inleiding De SBL-competenties
Docent LB. Inhoudsopgave. Docent LB Inter-persoonlijk. Leesinstructies Rapportgegevens
Docent LB Naam feedbackontvanger MGN(Robbert van Megen) Huidige datum: 12/24/2010 Inhoudsopgave Leesinstructies Rapportgegevens Feedbackontvanger Geselecteerde competenties Feedbackgevers Totaaloverzicht
Door de stage en de theorie ontwikkel ik mij beroepsmatig. Op mijn stage vraag ik veel aan de docenten.
Fontys Hogeschool voor de kunsten STAGE WERKPLAN ACADEMIE VOOR BEELDENDE VORMING Student: Mariska Gerritsen Studentnummer: 2173355 Jaar: 3 Dt Stageschool: Sint Lucas Stagebegeleider: H. van Gogh B. Vermogen
