Les 3 Vragenstellen Leestekst: De inbreker. 1. "Vandaag gaan we voor de derde keer een tekst lezen en daarbij vragen maken."

Save this PDF as:
 WORD  PNG  TXT  JPG

Maat: px
Weergave met pagina beginnen:

Download "Les 3 Vragenstellen Leestekst: De inbreker. 1. "Vandaag gaan we voor de derde keer een tekst lezen en daarbij vragen maken.""

Transcriptie

1 Les 3 Vragenstellen Leestekst: De inbreker "Welkom:... " Introductiefase: 1. "Vandaag gaan we voor de derde keer een tekst lezen en daarbij vragen maken." 2. Vraag: "Welke vraag hebben we daarbij nodig?" 3. Discussie: "Juist, de vraag: Welke vraag kun je het beste bij de tekst stellen? hebben we hierbij nodig. Deze vraag staat op jullie kaart. Gebruik de kaart maar weer bij deze les. Je kunt de kaart ook als bladwijzer gebruiken." 5. "We hebben al eerder gezien dat we, door goede vragen te stellen over de tekst, de tekst ook goed leren begrijpen. En dat gaan we dus ook vandaag weer proberen." Instructiefase: 1. "Vandaag gaan we dus weer een tekst lezen. Bij die tekst gaan we de betekenis van moeilijke woorden zoeken, samenvatten en vragen stellen. We lezen straks het eerste gedeelte zacht. Tot aan de eerste streep. Als we gestopt zijn met lezen zal ik proberen om moeilijke woorden te vinden, een samenvatting te maken en vragen te bedenken over dat wat we gelezen hebben. Aan jullie zal ik dan vragen wat jullie de beste vraag vinden. Nadat ik alles één keer voor heb gedaan mag iemand van jullie het van mij overnemen. Iedereen komt vandaag aan de beurt om vragen te maken." 2. Vraag: "Is het duidelijk wat vandaag de bedoeling is?" 3. "Dan zal ik nu de tekst van vandaag uitdelen. De titel van de tekst is: De inbreker." 4. De tekst wordt uitgedeeld. 5. Vraag: "Willen jullie het eerste gedeelte lezen tot aan de eerste streep?" 1

2 6. Iedereen begint te lezen. De inbreker In de straat is het donker en stil. De inbreker sluipt naar een huis toe. Hij loopt zo zachtjes dat niemand hem hoort en niemand hem ziet. Bij het huis is het ook donker en stil. De inbreker weet dat de bewoners van het huis op vakantie zijn. Nu kan hij makkelijk spullen uit hun huis meenemen. Hij wil hun spullen gaan stelen. 1. Vraag: "Is iedereen klaar met lezen? Staan er moeilijke woorden in de tekst?" (Zo ja, geef instructie ophelderen). 2. "Pak de kaart er maar even bij. De eerste vraag van de kaart hebben we al beantwoord. Als tweede vraag staat er: Kun je in één of twee zinnen vertellen waar de tekst over gaat? Als we dat doen hebben we een samenvatting van de tekst." 3. "Ik zal nu eerst een samenvatting van de tekst geven: De tekst gaat over een inbreker. De inbreker sluipt in het donker naar een huis toe. Hij wil spullen uit het huis gaan stelen." (Schrijf de samenvatting onder de vragen: Samenvatting 1: De inbreker sluipt in het donker naar een huis toe. Hij wil spullen uit het huis gaan stelen.) 4. "Nu we de samenvatting hebben, kijken we naar de laatste vraag op de kaart. Als laatste vraag staat er: Welke vraag kun je het beste bij de tekst stellen?" 5. "Ik zal proberen vragen te stellen over dit stukje tekst. De antwoorden op de vragen moeten in de tekst staan. Dan kan ik de volgende vragen bij de tekst stellen: a. Waar sluipt de inbreker naar toe? b. Wat weet de inbreker? c. Wat wil de inbreker gaan doen bij het huis waar hij heen sluipt?" (Schrijf de vragen op). 6. Vraag: "Kunnen jullie mij de antwoorden op deze vragen geven?" (Schrijf de antwoorden achter de vragen op). a. Naar een huis. b. Dat de bewoners van het huis op vakantie zijn. c. De inbreker wil spullen uit het huis stelen. 7. "We hebben nu een aantal vragen bij de tekst bedacht en hier antwoorden bij gevonden. Wat is nu de beste vraag? De beste vraag is de vraag die samen met het antwoord de beste samenvatting van de tekst geeft." 2

3 8. "De samenvatting hebben we al eerder gemaakt. We kijken nu nog eens naar de vragen. Eén van de vragen past, samen met het antwoord, het beste bij de samenvatting. Welke vraag is dat denken jullie?" 9. Discussie 10. Vraag c is de beste vraag. Leg nog éénmaal uit waarom vraag c de beste vraag is. "De vraag die je het beste bij de tekst kunt stellen is: Wat wil de inbreker gaan doen bij het huis waar hij heen sluipt? Het antwoord op deze vraag is: De inbreker wil spullen uit het huis stelen. De vraag en het antwoord geven samen het belangrijkste uit de tekst weer. Ze vertellen hetzelfde als de samenvatting. We halen de vragen die minder goed bij de samenvatting passen weg." 11. "We lezen verder." 12. Vraag: "Willen jullie verder lezen tot de volgende streep?" 13. Iedereen leest verder: Aan de achterkant van het huis tuurt hij door het keukenraam heen. Met zijn ogen een beetje dicht geknepen ziet hij de koelkast staan. De inbreker slaat het raam in de keukendeur kapot. Hij wacht even om te kijken of niemand hem gehoord heeft. Dan gaat hij met zijn hand door het kapotte raam heen. Hij opent de deur vanaf de binnenkant en gaat het huis in. Toepassingsfase: 1. Vraag: "Is iedereen klaar met lezen?" 2. "Tot nu toe heb ik de vragen bedacht. Zou iemand het nu van mij over willen nemen?" 3. Stephan wil het wel overnemen. (Zo niet, dan wijs je iemand aan). 4. "Stephan, wil jij de eerste vraag op de kaart voorlezen?" Stephan leest voor: Staan er moeilijke woorden in de tekst? Wanneer de cursisten aangeven dat ze een woord moeilijk vinden geef je de instructie die hoort bij Ophelderen. 5. "Nu gaan we een samenvatting bedenken. Dit hebben we al eens eerder gedaan. Stephan, wil jij de tweede vraag op de kaart voorlezen?" Stephan leest voor: Kun je in één of twee zinnen vertellen waar de tekst over gaat? 3

4 6. Stephan geeft een samenvatting. Wanneer dit niet lukt maak je gebruik van de instructie samenvatten. De samenvatting zou kunnen zijn: De inbreker slaat een raam kapot en opent daarna de deur vanaf de binnenkant. Dan gaat hij het huis in. 7. "Stephan, wil jij aan de anderen vragen wat zij van jouw samenvatting vinden?" 8. Discussie 9. "Jullie samenvatting is dus:." (Schrijf deze samenvatting op). 10. "Dan gaan we nu bezig met het stellen van vragen. Stephan, wil je een vraag over de tekst bedenken? Het antwoord op de vraag moet in de tekst staan." Stephan bedenkt een vraag. Als Stephan moeite heeft met het bedenken van een vraag vertel je hem dat hij gebruik mag maken van de hulpwoorden op de achterkant van de kaart. 11. "Stephan, wil jij aan de anderen vragen of zij ook een vraag kunnen bedenken?" (Schrijf de vragen op). Wanneer de cursisten zelf geen vragen bedenken, help je ze met wie, wat, waarom, wanneer, hoelang enz. Vragen kunnen zijn: a. Wat ziet de inbreker in het huis staan? b. Wat doet de inbreker met het raam? c. Waarom wacht de inbreker? d. Hoe komt de inbreker het huis binnen? 12. "Wie weet de antwoorden op de vragen?" Behandel de vragen één voor één. (Schrijf de antwoorden op). Antwoorden bij bovenstaande vragen zijn: a. Een koelkast. b. Kapot slaan. c. Om te kijken of niemand hem gehoord heeft. d. Door een raam kapot te slaan en de deur te openen. 13. "We gaan nu nog een keer kijken naar de vragen die we net hebben bedacht. Stephan, wil jij de derde vraag van de kaart voorlezen?" Stephan leest voor: Welke vraag kun je het beste bij de tekst stellen? 14. Stephan doet een poging. 15. "Stephan vindt... de beste vraag bij dit stukje tekst." Vraag: "Vinden jullie dit allemaal de beste vraag bij dit gedeelte van de tekst?" 16. Discussie:... Uitkomst moet er ongeveer als volgt uitzien: Hoe komt de inbreker het huis binnen? Deze vraag wordt opgeschreven en/of de andere vragen worden verwijderd. 4

5 17. "Goed, deze vraag is dus de beste." De vraag en het antwoord geven dezelfde belangrijke informatie als de samenvatting. Laat dit aan de cursisten zien. 18. "Dan gaan we nu verder met de tekst. Willen jullie verder lezen tot de volgende streep?" 19. Iedereen leest verder: Binnen begint het alarmsysteem te piepen. De inbreker weet dat de politie nu snel een seintje krijgt. De politie zal dan horen dat het alarmsysteem is afgegaan. Ze zullen gelijk naar het huis toe rijden. De inbreker rent de woonkamer in. Hij pakt de DVD speler en kijkt om zich heen. Dan rent hij naar buiten. 1. Vraag: "Zijn jullie klaar met lezen?" 2. "Ria, wil jij de eerste vraag op de kaart voorlezen?" Ria leest voor: Staan er moeilijke woorden in de tekst? Wanneer de cursisten aangeven dat ze een woord moeilijk vinden geef je de instructie die hoort bij Ophelderen. 3. "Als er geen moeilijke woorden meer in de tekst staan gaan we een samenvatting bedenken. Dit hebben we al eens eerder gedaan. Ria, wil jij de tweede vraag op de kaart voorlezen?" Ria leest voor: Kun je in één of twee zinnen vertellen waar de tekst over gaat? 4. Ria geeft een samenvatting. Wanneer dit niet lukt maak je gebruik van de instructie samenvatten. De samenvatting zou kunnen zijn: Wanneer het alarmsysteem afgaat, pakt de inbreker snel de dvd-speler en rent naar buiten. 5. "Ria, wil jij aan de anderen vragen wat zij van jouw samenvatting vinden?" 6. Discussie 7. "Jullie samenvatting is dus:." (Schrijf deze samenvatting op). 8. "Ria, wil je een vraag over de tekst bedenken? Het antwoord op de vraag moet in de tekst staan." Ria bedenkt een vraag. Als Ria moeite heeft met het bedenken van een vraag vertel je haar dat zij gebruik mag maken van de hulpwoorden op de achterkant van de kaart. 5

6 9. "Ria, wil jij aan de anderen vragen of zij ook een vraag kunnen bedenken?" (Schrijf de vragen op). Wanneer de cursisten zelf geen vragen bedenken, help je ze met wie, wat, waarom, wanneer, hoelang enz. Vragen kunnen zijn: a. Wat begint er binnen te piepen. b. Wie krijgt nu snel een seintje? c. Wat doet de inbreker wanneer het alarmsysteem begint te piepen? d. Waar rent de inbreker heen? 10. "Wie weet de antwoorden op de vragen?" Behandel de vragen één voor één. (Schrijf de antwoorden op). 11. "Ria, wil jij nu de derde vraag van de kaart voorlezen?" Ria leest voor: Welke vraag kun je het beste bij de tekst stellen? 12. Ria doet een poging. 13. "Ria vindt... de beste vraag bij dit stukje tekst." Vraag: "Vinden jullie dit allemaal de beste vraag bij dit gedeelte van de tekst?" 14. Discussie:... Uitkomst moet er ongeveer als volgt uitzien: Wat doet de inbreker als het alarmsysteem begint te piepen?. Deze vraag wordt opgeschreven en/of de andere vragen worden verwijderd. 15. "Goed, deze vraag is dus de beste." De vraag en het antwoord geven dezelfde belangrijke informatie als de samenvatting. Laat dit aan de cursisten zien. 16. "Dan gaan we nu verder met de tekst. Willen jullie verder lezen tot de volgende streep?" 17. Iedereen leest verder: De inbreker moet nu snel weg voor de politie er is. Vliegensvlug gaat hij naar het hek achter in de tuin. Bijna struikelt hij over een losse steen. Maar hij valt niet en rent snel door. Als hij bij het hek is doet hij het open. Hij rent door de opening heen. Dan botst hij tegen een kwade buurman op. 1. Vraag: "Zijn jullie klaar met lezen?" 2. "Jolien, wil jij de eerste vraag op de kaart voorlezen?" Jolien leest voor: Staan er moeilijke woorden in de tekst? Wanneer de cursisten aangeven dat ze een woord moeilijk vinden geef je de instructie die hoort bij Ophelderen. 6

7 3. "Nu gaan we weer een samenvatting bedenken. Jolien, wil jij de tweede vraag op de kaart voorlezen?" Jolien leest voor: Kun je in één of twee zinnen vertellen waar de tekst over gaat? 4. Jolien geeft een samenvatting. Wanneer dit niet lukt maak je gebruik van de instructie samenvatten. De samenvatting zou kunnen zijn: Als de inbreker weg rent botst hij tegen een kwade buurman op. 5. "Jolien, wil jij aan de anderen vragen wat zij van jouw samenvatting vinden?" 6. Discussie 7. "Jullie samenvatting is dus:." (Schrijf deze samenvatting op). 8. "Jolien, wil je nu een vraag over de tekst bedenken?" Jolien bedenkt een vraag. Als Jolien moeite heeft met het bedenken van een vraag vertel je haar dat zij gebruik mag maken van de hulpwoorden op de achterkant van de kaart. 9. "Jolien, wil jij aan de anderen vragen of zij ook een vraag kunnen bedenken?" (Schrijf de vragen op). Wanneer de cursisten zelf geen vragen bedenken, help je ze met wie, wat, waarom, wanneer, hoelang enz. Vragen kunnen zijn: a. Waarom moet de inbreker snel weg? b. Waarover struikelt de inbreker bijna? c. Waar rent de inbreker naartoe? d. Tegen wie botst de inbreker op als hij wegrent? 10. "Wie weet de antwoorden op de vragen?" Behandel de vragen één voor één. (Schrijf de antwoorden op). 11. "We gaan nu nog een keer kijken naar de vragen die we net hebben bedacht. Jolien, wil jij de derde vraag van de kaart voorlezen?" Jolien leest voor: Welke vraag kun je het beste bij de tekst stellen? 12. Jolien doet een poging. 13. "Jolien vindt... de beste vraag bij dit stukje tekst." Vraag: "Vinden jullie dit allemaal de beste vraag bij dit gedeelte van de tekst?" 14. Discussie:... Uitkomst moet er ongeveer als volgt uitzien: Tegen wie botst de inbreker op als hij wegrent? Deze vraag wordt opgeschreven en/of de andere vragen worden verwijderd. 15. "Goed, deze vraag is dus de beste, omdat de vraag en het antwoord samen dezelfde belangrijke informatie geven als de samenvatting." Laat dit aan de cursisten zien. 7

8 16. "Dan gaan we nu verder met de tekst. Willen jullie verder lezen tot de volgende streep?" 17. Iedereen leest verder: De buurman had het alarm gehoord en was gelijk naar buiten gegaan. Nu pakt de buurman de inbreker stevig vast. Hij is een stuk groter en sterker dan de inbreker. Vroeger was de buurman bodybuilder. Daarom is hij een man met veel spieren. De inbreker kan nergens meer heen. Pas wanneer de politie er is laat de buurman de inbreker weer los. De politieagenten bedanken de buurman. Dan pakken zij de inbreker vast en nemen hem mee naar het politiebureau. 1. Vraag: "Zijn jullie klaar met lezen?" 2. "Stephan, wil jij de eerste vraag op de kaart voorlezen?" Stephan leest voor: Staan er moeilijke woorden in de tekst? Wanneer de cursisten aangeven dat ze een woord moeilijk vinden geef je de instructie die hoort bij Ophelderen. 3. "Als we van alle woorden uit de tekst de betekenis weten gaan we een samenvatting van de tekst maken. Stephan, wil jij de tweede vraag op de kaart voorlezen?" Stephan leest voor: Kun je in één of twee zinnen vertellen waar de tekst over gaat? 4. Stephan geeft een samenvatting. Wanneer dit niet lukt maak je gebruik van de instructie samenvatten. De samenvatting zou kunnen zijn: De buurman houdt de inbreker vast totdat de politie er is. Dan nemen de politieagenten de inbreker mee naar het politiebureau. 5. "Stephan, wil jij aan de anderen vragen wat zij van jouw samenvatting vinden?" 6. Discussie 7. "Jullie samenvatting is dus:." (Schrijf deze samenvatting op). 8. "Stephan, wil je nu een vraag over de tekst bedenken?" Stephan bedenkt een vraag. Als Stephan moeite heeft met het bedenken van een vraag vertel je hem dat hij gebruik mag maken van de hulpwoorden op de achterkant van de kaart. 9. "Stephan, wil jij aan de anderen vragen of zij ook een vraag kunnen bedenken?" (Schrijf de vragen op). Wanneer de cursisten zelf geen vragen bedenken, help je ze met wie, wat, waarom, wanneer, hoelang enz. 8

9 10. "Wie weet de antwoorden op de vragen?" Behandel de vragen één voor één. (Schrijf de antwoorden op). 11. "Nu we de vragen hebben bedacht, moeten we nog één ding doen. Dat is de laatste vraag van de kaart beantwoorden. Stephan, wil jij de laatste vraag van de kaart voorlezen?" Stephan leest voor: Welke vraag kun je het beste bij de tekst stellen? 12. Stephan doet een poging. 13. "Stephan vindt... de beste vraag bij dit stukje tekst. Stephan wil jij aan de anderen vragen of zij dit ook de beste vraag vinden bij dit gedeelte van de tekst?" 14. Discussie:... Uitkomst moet er ongeveer als volgt uitzien: Wat gebeurt er met de inbreker? Deze vraag wordt opgeschreven en/of de andere vragen worden verwijderd. 15. "Goed, deze vraag is dus de beste." De vraag en het antwoord geven samen dezelfde belangrijke informatie als de samenvatting. Laat dit aan de cursisten zien. Afrondingsfase: "Vandaag hebben we weer geprobeerd vragen bij de tekst te maken. Dit hebben we gedaan omdat we door het maken van goede vragen ook de tekst goed leren begrijpen. We hebben gezien dat je veel vragen kunt bedenken. Sommige vragen geven maar een klein beetje informatie. Wat we hebben gezocht zijn die vragen die gaan over de belangrijkste informatie uit de tekst. Als we goed blijven kijken naar wat de belangrijkste informatie is, kunnen we ook de beste vragen bedenken. En dat is ons goed gelukt. Bedankt daarvoor. Blijf goed letten op de belangrijkste informatie. Dan kun je ook de beste vraag kiezen. Tot de volgende keer." 9

Algemene instructies voor de strategie: Vragen stellen. Introductiefase bij de eerste les:

Algemene instructies voor de strategie: Vragen stellen. Introductiefase bij de eerste les: Algemene instructies voor de strategie: Vragen stellen "Welkom,." Introductiefase bij de eerste les: 1. "Vandaag gaan we weer een tekst lezen. Daarbij gaan we een nieuwe strategie leren. Deze strategie

Nadere informatie

Les 1 Vragen stellen Leestekst: De tandarts

Les 1 Vragen stellen Leestekst: De tandarts Les 1 Vragen stellen Leestekst: De tandarts "Welkom:... " Introductiefase: 1. "Vandaag gaan we weer een tekst lezen. Daarbij gaan we een nieuwe strategie leren. Deze strategie heet vragen stellen. We gaan

Nadere informatie

Les 1 Integratie Leestekst: Een bankrekening. Introductiefase

Les 1 Integratie Leestekst: Een bankrekening. Introductiefase Les 1 Integratie Leestekst: Een bankrekening "Welkom:... " Introductiefase 1. "In de afgelopen weken hebben we veel teksten gelezen. Deze teksten hebben we samengevat, we hebben vragen erbij gesteld, gekeken

Nadere informatie

Les 3 Samenvatten Leestekst: Verhuizen. 2. Vraag: "Kan iemand mij vertellen welke vraag we onszelf moesten stellen om te kunnen samenvatten?

Les 3 Samenvatten Leestekst: Verhuizen. 2. Vraag: Kan iemand mij vertellen welke vraag we onszelf moesten stellen om te kunnen samenvatten? Les 3 Samenvatten Leestekst: Verhuizen "Welkom:..." Introductiefase: 1. "Vandaag gaan we weer samenvatten." 2. Vraag: "Kan iemand mij vertellen welke vraag we onszelf moesten stellen om te kunnen samenvatten?"

Nadere informatie

Les 1 Voorspellen Leestekst: De nieuwe computer. Introductiefase: 2. Vraag: "Kan iemand mij vertellen wat voorspellen betekent?"

Les 1 Voorspellen Leestekst: De nieuwe computer. Introductiefase: 2. Vraag: Kan iemand mij vertellen wat voorspellen betekent? Les 1 Voorspellen Leestekst: De nieuwe computer "Welkom:..." Introductiefase: 1. "We gaan vandaag proberen te voorspellen." 2. Vraag: "Kan iemand mij vertellen wat voorspellen betekent?" 3. Discussie:...

Nadere informatie

Les 2: Voorspellen Tekst: Veilig in het verkeer. Introductiefase: 2. Vraag: "Kan iemand zich nog herinneren wat de bedoeling was bij het voorspellen?

Les 2: Voorspellen Tekst: Veilig in het verkeer. Introductiefase: 2. Vraag: Kan iemand zich nog herinneren wat de bedoeling was bij het voorspellen? Les 2: Voorspellen Tekst: Veilig in het verkeer "Welkom:... " Introductiefase: 1. "Vorige week zijn we begonnen met voorspellen." 2. Vraag: "Kan iemand zich nog herinneren wat de bedoeling was bij het

Nadere informatie

Les 3 Integratie Leestekst: Een contact-advertentie. Introductiefase

Les 3 Integratie Leestekst: Een contact-advertentie. Introductiefase Les 3 Integratie Leestekst: Een contact-advertentie "Welkom:... " Introductiefase 1. "In de vorige twee lessen hebben we met de kaart gewerkt, waarop alle vragen stonden die we gebruikt hebben om de tekst

Nadere informatie

Les 3 Voorspellen Leestekst: Mijn droom. Introductiefase:

Les 3 Voorspellen Leestekst: Mijn droom. Introductiefase: Les 3 Voorspellen Leestekst: Mijn droom "Welkom:..." Introductiefase: 1. "Vandaag gaan we voor de laatste keer voorspellen." 2. Vraag: "Kan iemand mij vertellen welke vraag wij onszelf moeten stellen om

Nadere informatie

Les 1 Samenvatten Leestekst: Afval

Les 1 Samenvatten Leestekst: Afval Les 1 Samenvatten Leestekst: Afval "Goedemorgen.. De vorige lessen zijn we bezig geweest met het ophelderen van moeilijke woorden in de tekst. Vandaag gaan we een andere manier proberen om de tekst beter

Nadere informatie

Les 3 Ophelderen Leestekst: De Friese Elfstedentocht

Les 3 Ophelderen Leestekst: De Friese Elfstedentocht "Welkom:... " Les 3 Ophelderen Leestekst: De Friese Elfstedentocht Introductiefase: 1. "We gaan vandaag weer proberen om de betekenis te vinden van moeilijke woorden. Dit noemen we 'Ophelderen van moeilijke

Nadere informatie

Werkwijzer Verslagkring:

Werkwijzer Verslagkring: Werkwijzer Verslagkring: 1. Je maakt een tweetal. 2. Met zijn tweeën kies je een onderwerp, waarin jullie je willen verdiepen en waarover jullie meer willen weten. 3. Samen ga je op zoek naar informatie

Nadere informatie

Reality Reeks - Verwerkingsopdrachten. Hey Russel! Een bijzondere vriendschap

Reality Reeks - Verwerkingsopdrachten. Hey Russel! Een bijzondere vriendschap Reality Reeks - Verwerkingsopdrachten Hey Russel! Een bijzondere vriendschap Lees blz. 5 tot en met 8. Jim vindt Rudsel een rare naam. Jim zegt dit ook tegen Rudsel. Vind jij het ook een rare naam? Is

Nadere informatie

Alles onder de knie? 1 Herhalen. Intro. Met de docent. 1 Werk samen. Lees het begin van de gesprekjes. Maak samen de gesprekjes af.

Alles onder de knie? 1 Herhalen. Intro. Met de docent. 1 Werk samen. Lees het begin van de gesprekjes. Maak samen de gesprekjes af. Intro Met de docent Wat ga je doen in dit hoofdstuk? 1 Herhalen: je gaat herhalen wat je hebt geleerd in hoofdstuk 7, 8 en 9. 2 Toepassen: je gaat wat je hebt geleerd gebruiken in een situatie over werk.

Nadere informatie

Lesbrief. Blauw water Simone van der Vlugt

Lesbrief. Blauw water Simone van der Vlugt Lesbrief Blauw water Simone van der Vlugt Doe meer met Leeslicht! Bij een aantal boeken in de serie Leeslicht kunt u een gratis lesbrief downloaden van www.eenvoudigcommuniceren.nl. In deze lesbrief staan

Nadere informatie

Huiswerk Spreekbeurten Werkstukken

Huiswerk Spreekbeurten Werkstukken Huiswerk Spreekbeurten Werkstukken - 2 - Weer huiswerk? Nee, deze keer geen huiswerk, maar een boekje óver huiswerk! Wij (de meesters en juffrouws) horen jullie wel eens mopperen als je huiswerk opkrijgt.

Nadere informatie

1. Ga naar de bibliotheek. 2. Kies twee of drie boeken uit over jouw onderwerp. 3. Denk je ook aan de junior-informatieboekjes?

1. Ga naar de bibliotheek. 2. Kies twee of drie boeken uit over jouw onderwerp. 3. Denk je ook aan de junior-informatieboekjes? groep 5 Kies een onderwerp waar je al iets van af weet. 1. Ga naar de bibliotheek. 2. Kies twee of drie boeken uit over jouw onderwerp. 3. Denk je ook aan de junior-informatieboekjes? 4. Let er bij het

Nadere informatie

Een goed leven voor.

Een goed leven voor. Een goed leven voor. Juultje Holla - Perspectief - maart 2013 Als onderdeel van het ZonMW project Zeggenschap en Inclusie Met dank aan Rob, die mij hierbij enorm geholpen heeft. Een goed leven voor. Een

Nadere informatie

Instructie voor leerlingen.. 5. Gebruik van de lesbrieven. 6. Lesbrief: Wat wil je zijn en worden.. 7. Wat wil je zijn en worden.

Instructie voor leerlingen.. 5. Gebruik van de lesbrieven. 6. Lesbrief: Wat wil je zijn en worden.. 7. Wat wil je zijn en worden. VOORBEELD DE KLAS ALS TEAM (LEERLINGENBOEK) INHOUDSOPGAVE Instructie voor leerlingen.. 5 Gebruik van de lesbrieven. 6 Lesbrief: Wat wil je zijn en worden.. 7 Wat wil je zijn en worden. 11 Wat wil je zijn

Nadere informatie

Formeel en informeel. Formeel: Je gebruikt u om iemand aan te spreken. Je noemt iemand bij zijn achternaam.

Formeel en informeel. Formeel: Je gebruikt u om iemand aan te spreken. Je noemt iemand bij zijn achternaam. Formeel en informeel Tijdens je stage praat je veel met mensen. Soms is het een officieel gesprek, soms een gezellig praatje met een collega. Dit noem je formele en informele gesprekken. Formeel betekent

Nadere informatie

Leesdossier moderne vreemde talen (Engels / Duits) VMBO onderbouw

Leesdossier moderne vreemde talen (Engels / Duits) VMBO onderbouw Leesdossier moderne vreemde talen (Engels / Duits) VMBO onderbouw 2 boekjes 2 boekjes WAT MOET JE DOEN? Engels: Duits: Kies op school een boek uit dat bij jouw niveau past ( beginner of starter). Dit in

Nadere informatie

Bepaal eerst de probleemstelling of hoofdvraag

Bepaal eerst de probleemstelling of hoofdvraag Bepaal eerst de probleemstelling of hoofdvraag De probleemstelling is eigenlijk het centrum waar het werkstuk om draait. Het is een precieze formulering van het onderwerp dat je onderzoekt. Omdat de probleemstelling

Nadere informatie

Nieuwsbegrip Schrijven 2012 week 2 Hoog water in Nederland

Nieuwsbegrip Schrijven 2012 week 2 Hoog water in Nederland week 2 9 januari 2012 Handleiding Schrijven niveau A Nieuwsbegrip Schrijven 2012 week 2 Hoog water in Nederland Inhoud Eenmalig afdrukken: Handleiding les 1 en 2 Hardopdenk-tekst Voor de leerlingen: Leerlingblad

Nadere informatie

Wat is verantwoordelijkheid en waarom is het belangrijk?

Wat is verantwoordelijkheid en waarom is het belangrijk? Wat is verantwoordelijkheid en waarom is het belangrijk? Verantwoordelijkheid. Ja, ook heel belangrijk voor school!!! Het lijkt veel op zelfstandigheid, maar toch is het net iets anders. Verantwoordelijkheid

Nadere informatie

TEST 1: Eerst denken of eerst doen? Kruis steeds het antwoord aan dat het best bij jou past. Probeer zo eerlijk mogelijk te antwoorden.

TEST 1: Eerst denken of eerst doen? Kruis steeds het antwoord aan dat het best bij jou past. Probeer zo eerlijk mogelijk te antwoorden. TEST 1: Eerst denken of eerst doen? Kruis steeds het antwoord aan dat het best bij jou past. Probeer zo eerlijk mogelijk te antwoorden. 5. Onderweg naar een feestje doe je nog even snel een boodschap.

Nadere informatie

Werkstukken maken op PCBO-Het Mozaiek Groep 6

Werkstukken maken op PCBO-Het Mozaiek Groep 6 We gaan een werkstuk maken en je mag het helemaal zelf doen. Het is helemaal jouw eigen werkstuk. Maar om je even goed op weg te helpen hebben we hieronder alle stapjes even op een rij gezet. Wat moet

Nadere informatie

Deze folder legt uit hoe je SNAP kan gebruiken voor een blijvende verandering.

Deze folder legt uit hoe je SNAP kan gebruiken voor een blijvende verandering. Bij SNAP leren we ouders en kinderen vaardigheden om problemen op te lossen en meer zelfcontrole te ontwikkelen. Deze folder legt uit hoe je SNAP kan gebruiken voor een blijvende verandering. SNAP (STOP

Nadere informatie

De Drakendokter: Gideon

De Drakendokter: Gideon De Drakendokter: Gideon Om hulp vragen Vervolgverhalen Groep 5 en 6 (SO en SBO) Overzicht De opdrachten zijn het leukst om te doen, als het hele boek in de klas is voorgelezen. Dit kan door elke dag in

Nadere informatie

2 Ik en autisme VOORBEELDPAGINA S

2 Ik en autisme VOORBEELDPAGINA S 2 Ik en autisme In het vorige hoofdstuk is verteld over sterke kanten die mensen met autisme vaak hebben. In dit hoofdstuk vertellen we over autisme in het algemeen. We beginnen met een stelling. In de

Nadere informatie

en zelfbeeld Lichamelijke ontwikkeling Lesdoelen: Werkvormen: Benodigdheden: Kinderboeken: Les 1: Wie ben ik Lesoverzicht

en zelfbeeld Lichamelijke ontwikkeling Lesdoelen: Werkvormen: Benodigdheden: Kinderboeken: Les 1: Wie ben ik Lesoverzicht I Lichamelijke ontwikkeling en zelfbeeld Les 1: Wie ben ik Lesoverzicht Lesdoelen: Kinderen worden zich meer bewust van eigen talenten en eigenschappen en ontwikkelen een positief zelfbeeld. Kinderen kunnen

Nadere informatie

HEB JE HUISWERK VANDAAG?

HEB JE HUISWERK VANDAAG? BLAD 1 HEB JE HUISWERK VANDAAG? Je kind moet thuis werken voor school. In de agenda kan je kijken wat je kind moet doen. Wat moet je doen? 1 Maak oefening 1 op blad 2: Wat doet je kind na de school? 2

Nadere informatie

Les 3, Actieve spelletjes

Les 3, Actieve spelletjes Les 3, Actieve spelletjes Algemene inleiding: In de pauze en na school spelen veel kinderen lekker buiten. Zeker in het voor- en najaar zijn kinderen veel in de buitenlucht te vinden. Om deze kinderen

Nadere informatie

Document vertellen en presenteren voor de groepen 1, 2, 3 en 4. Doelen van vertellen en presenteren in groep 1 en 2:

Document vertellen en presenteren voor de groepen 1, 2, 3 en 4. Doelen van vertellen en presenteren in groep 1 en 2: Document vertellen en presenteren voor de groepen 1, 2, 3 en 4 Doelen van vertellen en presenteren in groep 1 en 2: Leerlingen raken vertrouwd met het presenteren voor een groep Leerlingen raken vertrouwd

Nadere informatie

Strategieles Voorspellen niveau A

Strategieles Voorspellen niveau A Strategieles Voorspellen niveau A Wat doe je in deze les? Bij Nieuwsbegrip lees je altijd een tekst. Je gebruikt dan het stappenplan Lezen. De eerste stap is voorspellen. Voorspellen doe je voor je de

Nadere informatie

MARIAN HOEFNAGEL. De nieuwe buurt. Uitgeverij Eenvoudig Communiceren

MARIAN HOEFNAGEL. De nieuwe buurt. Uitgeverij Eenvoudig Communiceren MARIAN HOEFNAGEL De nieuwe buurt Uitgeverij Eenvoudig Communiceren 1 4 Een nieuw huis Dit is nu ons nieuwe huis. De auto stopt en Kika s vader wijst trots naar het huis rechts. Kika kijkt. Het is een rijtjeshuis

Nadere informatie

Thema Op zoek naar werk

Thema Op zoek naar werk http://www.edusom.nl Thema Op zoek naar werk Lesbrief 8. Opbellen naar een bedrijf. Wat leert u in deze les? Een telefoongesprek naar een bedrijf begrijpen. Een gesprek over een advertentie begrijpen.

Nadere informatie

Stil blijft Lisa bij de deur staan. Ook de man staat stil. Ze kijken elkaar aan.

Stil blijft Lisa bij de deur staan. Ook de man staat stil. Ze kijken elkaar aan. Wild Op het laatste moment ziet Lisa de man pas. Ze hangt de was op in de tuin. En ineens komt hij achter de lakens vandaan. Lisa laat het mandje met was in het gras vallen. Ze gilt. De man ziet er slecht

Nadere informatie

Dwerggras 30, Rotterdam. 1. Schrijf tijdens het kijken dingen op die jou belangrijk lijken. Je hebt dit later nodig.

Dwerggras 30, Rotterdam. 1. Schrijf tijdens het kijken dingen op die jou belangrijk lijken. Je hebt dit later nodig. Les 1: Een Wikitekst schrijven Waarom ga je schrijven: het Jeugdjournaalfilmpje bekijken Bekijk met de klas het Jeugdjournaalfilmpje over koningin Beatrix op www.nieuwsbegrip.nl 1. Schrijf tijdens het

Nadere informatie

Bijlage interview meisje

Bijlage interview meisje Bijlage interview meisje Wat moet er aan de leerlingen gezegd worden voor het interview begint: Ik ben een student van de Universiteit van Gent. Ik wil met jou praten over schrijven en taken waarbij je

Nadere informatie

Groeten. Wie groet je? Hoe laat? Welke woorden gebruik je?

Groeten. Wie groet je? Hoe laat? Welke woorden gebruik je? Groeten Je gaat deze week heel veel mensen groeten. Schrijf op wie je groet, hoe laat het is en wat je zegt. Groeten Tijden/morgen/middag/avond Het schrijven van de woorden Wie groet je? Hoe laat? Welke

Nadere informatie

Lesbrief. Voetstappen Kader Abdolah

Lesbrief. Voetstappen Kader Abdolah Lesbrief Voetstappen Kader Abdolah Doe meer met Leeslicht! Bij een aantal boeken in de serie Leeslicht kunt u een gratis lesbrief downloaden van www.eenvoudigcommuniceren.nl. In deze lesbrief staan vragen,

Nadere informatie

De gelijkenis van de barmhartige Samaritaan.

De gelijkenis van de barmhartige Samaritaan. De gelijkenis van de barmhartige Samaritaan. Eerst lezen. Daarna volgen er vragen en opdrachten. Gelijkenissen Toen de Heere Jezus op aarde was, heeft Hij gelijkenissen verteld om de mensen veel dingen

Nadere informatie

lezen veilig leren Kinderboekenweektip Voorbereiding Les 1 - kookboeken en recepten Benodigde materialen Werkwijze

lezen veilig leren Kinderboekenweektip Voorbereiding Les 1 - kookboeken en recepten Benodigde materialen Werkwijze veilig leren lezen Kinderboekenweektip 2009 Auteur: Josée Warnaar Het thema van de kinderboekenweek is Aan tafel! - Eten en snoepen in kinderboeken. In deze tip bakt u met de kinderen letterkoekjes. Het

Nadere informatie

Kennismaken met de beroepsbeoefenaar

Kennismaken met de beroepsbeoefenaar Kennismaken met de beroepsbeoefenaar Tijdens je oriëntatie bij een bedrijf kom je verschillende beroepsbeoefenaars tegen. Om meer te weten te komen over de beroepsmogelijkheden in de techniek, ga je interviews

Nadere informatie

VoorleesExpress. Samen met ouders aan de slag. Praktische tips

VoorleesExpress. Samen met ouders aan de slag. Praktische tips VoorleesExpress Samen met ouders aan de slag Praktische tips Samen met ouders aan de slag Ouders betrekken bij het voorlezen Je gaat straks via de VoorleesExpress twintig weken voorlezen bij een of meerdere

Nadere informatie

Hoe maak ik... Naam: Groep:

Hoe maak ik... Naam: Groep: Hoe maak ik... Naam: Groep: Inleiding Een spreekbeurt houden is niet niets! Je moet daar heel wat voor kunnen. Wat dacht je van: Goed kunnen lezen Goed kunnen begrijpen wat je leest Goed dingen kunnen

Nadere informatie

HANDIG EEN BIJTEND KONIJN

HANDIG EEN BIJTEND KONIJN l a n d e l i j k i n f o r m a t i e c e n t r u m g e z e l s c h a p s d i e r e n HANDIG EEN BIJTEND KONIJN OVER HOUDEN VAN HUISDIEREN HIER LEES JE HANDIGE INFORMATIE OVER BIJTENDE KONIJNEN. JE KUNT

Nadere informatie

Nationaal Gevangenismuseum Gevangen in beeld

Nationaal Gevangenismuseum Gevangen in beeld Nationaal Gevangenismuseum Gevangen in beeld Groep 8 Les 1. Boeven in beeld Les 1. Boeven in beeld Nationaal Gevangenismuseum Groep 8 120 minuten Samenvatting van de les De les begint met een klassikaal

Nadere informatie

Lesbrief. Bij ons in het dorp Jan Terlouw

Lesbrief. Bij ons in het dorp Jan Terlouw Lesbrief Bij ons in het dorp Jan Terlouw Doe meer met Leeslicht! Bij een aantal boeken in de serie Leeslicht kunt u een gratis lesbrief downloaden van www.eenvoudigcommuniceren.nl. In deze lesbrief staan

Nadere informatie

Dingen die licht geven:

Dingen die licht geven: Vooraf 1 Licht geven in het donker Niveau C - Les 1 ls je vanavond in het donker in de auto of in de tram zit, kijk dan eens naar buiten. Probeer een fietser met licht, en een fietser zonder licht te ontdekken.

Nadere informatie

Je eigen nieuwjaarsbrief

Je eigen nieuwjaarsbrief Je eigen nieuwjaarsbrief Doelgroep Eerste, tweede, derde graad Aard van de activiteit De leerlingen schrijven zelf een nieuwjaarsbrief voor hun ouders. Vooraf Verzamel allerhande nieuwjaarsbrieven: tekstjes

Nadere informatie

Lesbrief. Een echte man Yvonne Kroonenberg

Lesbrief. Een echte man Yvonne Kroonenberg Lesbrief Een echte man Yvonne Kroonenberg Doe meer met Leeslicht! Bij een aantal boeken in de serie Leeslicht kunt u een gratis lesbrief downloaden van www.eenvoudigcommuniceren.nl. In deze lesbrief staan

Nadere informatie

Inhoud. Een nacht 7. Voetstappen 27. Strijder in de schaduw 51

Inhoud. Een nacht 7. Voetstappen 27. Strijder in de schaduw 51 Inhoud Een nacht 7 Voetstappen 27 Strijder in de schaduw 51 5 Een nacht 6 Een plek om te slapen Ik ben gevlucht uit mijn land. Daardoor heb ik geen thuis meer. De wind neemt me mee. Soms hierheen, soms

Nadere informatie

Docentenhandleiding. CP15 het functioneringsgesprek. dh15-v2.0. daar gaan we werk van maken! 2007 ITpreneurs Nederland BV. All Rights Reserved

Docentenhandleiding. CP15 het functioneringsgesprek. dh15-v2.0. daar gaan we werk van maken! 2007 ITpreneurs Nederland BV. All Rights Reserved Docentenhandleiding CP15 het functioneringsgesprek dh15-v2.0 INBURGEREN daar gaan we werk van maken! 2007 ITpreneurs Nederland BV. All Rights Reserved Het functioneringsgesprek CP15 Waar gaat het over?

Nadere informatie

Een röntgenfoto laten maken

Een röntgenfoto laten maken Een röntgenfoto laten maken Informatie voor ouders en kinderen (0 12 jaar) Afdeling Radiologie IJsselland Ziekenhuis Wij verwachten: op de afdeling Radiologie op:..dag..(d.d.) om. uur Informatie voor ouders

Nadere informatie

Docentenhandleiding CP29 WERKINSTRUCTIES BEGRIJPEN. dh29-v2.0. daar gaan we werk van maken! 2007 ITpreneurs Nederland BV. All Rights Reserved

Docentenhandleiding CP29 WERKINSTRUCTIES BEGRIJPEN. dh29-v2.0. daar gaan we werk van maken! 2007 ITpreneurs Nederland BV. All Rights Reserved Docentenhandleiding CP29 WERKINSTRUCTIES BEGRIJPEN dh29-v2.0 INBURGEREN daar gaan we werk van maken! 2007 ITpreneurs Nederland BV. All Rights Reserved Handel en Dienstverlening Werkinstructies begrijpen

Nadere informatie

Lesbrief bij Biertje Casper van Marleen Schmitz voor groep 8

Lesbrief bij Biertje Casper van Marleen Schmitz voor groep 8 Inhoud van deze lesbrief - Thema s in het boek - Lesopzet - Doel van de les - Uitwerking - Bijlage: opdrachtenblad en feiten over alcohol Lesbrief bij Biertje Casper van Marleen Schmitz voor groep 8 Thema

Nadere informatie

* Musical. Spelers: David

* Musical. Spelers: David David * Musical Musical over het leven van David: 1. David bij de schapen 2. David wordt tot koning gezalfd 3. David komt bij Saul aan het hof 4. David en Goliath 5. David op de vlucht voor Saul 6. David

Nadere informatie

spelregels Paul de Leeuw

spelregels Paul de Leeuw spelregels Paul de Leeuw In onvoorspelbaar strijd je alleen of in teams tegen elkaar. Het spel draait om het verzamelen van bitterballen en bamihapjes. Heb jij aan het eind van het spel de meeste bitterballen

Nadere informatie

LEREN LEREN LEREN. een overzicht met leerhulpjes voor de diverse vakgebieden. Hieronder kun je lezen over het leren/maken van:

LEREN LEREN LEREN. een overzicht met leerhulpjes voor de diverse vakgebieden. Hieronder kun je lezen over het leren/maken van: LEREN LEREN LEREN een overzicht met leerhulpjes voor de diverse vakgebieden Hieronder kun je lezen over het leren/maken van: 1. DICTEE 2. TAFELS 3. VRAGEN EN OPDRACHTEN 4. STUKKEN TEKST (bijv. hoofdstuk

Nadere informatie

Lesbrief. Schuld Anne-Rose Hermer

Lesbrief. Schuld Anne-Rose Hermer Lesbrief Schuld Anne-Rose Hermer Doe meer met Thuisfront! Bij de boeken in de serie Thuisfront kunt u een gratis lesbrief downloaden van www.eenvoudigcommuniceren.nl. In deze lesbrief staan vragen, tips

Nadere informatie

Het houden van een spreekbeurt

Het houden van een spreekbeurt Het houden van een spreekbeurt In deze handleiding staan tips over hoe je een spreekbeurt kunt houden. Waar moet je op letten? Wat moet je wel doen? En wat moet je juist niet doen? We hopen dat je wat

Nadere informatie

U leert in deze les "toestemming vragen". Toestemming vragen is vragen of u iets mag doen.

U leert in deze les toestemming vragen. Toestemming vragen is vragen of u iets mag doen. TOESTEMMING VRAGEN les 1 spreken inleiding en doel U leert in deze les "toestemming vragen". Toestemming vragen is vragen of u iets mag doen. Bij toestemming vragen is het belangrijk dat je het op een

Nadere informatie

VOLLEDIGE INSTRUCTIES LEESVAARDIGHEID

VOLLEDIGE INSTRUCTIES LEESVAARDIGHEID VOLLEDIGE INSTRUCTIES LEESVAARDIGHEID Maak een mindmap of schema van een tekst ga je dan doen? Naar aanleiding van een titel, ondertitel, plaatjes en of de bron van de tekst ga je eerst individueel (en

Nadere informatie

SOCIALE VAARDIGHEDEN MET AFLATOUN

SOCIALE VAARDIGHEDEN MET AFLATOUN SOCIALE VAARDIGHEDEN MET AFLATOUN Dit thema is opgesplitst in drie delen; gevoelens, ruilen en familie. De kinderen gaan eerst aan de slag met gevoelens. Ze leren omgaan met de gevoelens van anderen. Daarna

Nadere informatie

H.A.N.G. PLEKKEN. Heel Aardig? Niet Geweldig! > OP BEZOEK BIJ HET NAI

H.A.N.G. PLEKKEN. Heel Aardig? Niet Geweldig! > OP BEZOEK BIJ HET NAI H.A.N.G. PLEKKEN Heel Aardig? Niet Geweldig! > OP BEZOEK BIJ HET NAI Binnenkort ga je met je klas op bezoek bij het Nederlands Architectuur instituut (NAi). Daar zal je het programma H.A.N.G. plekken volgen.

Nadere informatie

Waarom ga je schrijven? Om de directeur te overtuigen

Waarom ga je schrijven? Om de directeur te overtuigen week 17 20 april 2015 - Schrijfopdrachten niveau A, les 1 Les 1: Een overtuigende tekst schrijven Beantwoord deze vragen: Een mooie manier om te herdenken 1. Waarom is het volgens jou belangrijk om de

Nadere informatie

maakboek In dit Klooikoffer Maakboek vertel je over je werkstuk. Zo leren anderen van jouw werk. Dat is toch gaaf?

maakboek In dit Klooikoffer Maakboek vertel je over je werkstuk. Zo leren anderen van jouw werk. Dat is toch gaaf? let op: al het klooien is op eigen risico! ;) Lekker samen klooien! maakboek In dit Klooikoffer Maakboek vertel je over je werkstuk. Zo leren anderen van jouw werk. Dat is toch gaaf? Vertel alles wat je

Nadere informatie

Beertje Bruin zegt dan: Ik heb van moeder Beer gehoord dat je erg verdrietig

Beertje Bruin zegt dan: Ik heb van moeder Beer gehoord dat je erg verdrietig Beertje Anders zit stil in een hoekje als Beertje Bruin langskomt. Beertje Bruin zegt dan: Ik heb van moeder Beer gehoord dat je erg verdrietig bent. Kan ik je helpen, want ik ben je vriend en vrienden

Nadere informatie

Juf Sabine en juf Maaike

Juf Sabine en juf Maaike Je moet daar heel wat voor kunnen: - Je moet goed kunnen lezen - En ook goed begrijpen wat je leest - Je moet goed kunnen opzoeken - En goed kunnen kiezen wat je wel en niet nodig hebt. - Je moet je verhaal

Nadere informatie

Voorbereiding Heilig Avondmaal

Voorbereiding Heilig Avondmaal Voorbereiding Heilig Avondmaal Delen (bijlage) MAANDAG: voor de jongere kinderen MAANDAG: voor de oudere kinderen Stel je bent in het buitenland op vakantie en je bezoekt daar een kerk. Bij binnenkomst

Nadere informatie

Voor jongeren in het praktijkonderwijs. Geen Amerikaanse aanval op Syrië

Voor jongeren in het praktijkonderwijs. Geen Amerikaanse aanval op Syrië PrO -weekkrant Week 38 september 2013 Voor jongeren in het praktijkonderwijs 16-22 september 2013 Geen Amerikaanse aanval op Syrië Foto: ANP Foto: Shutterstock Amerika valt Syrië voorlopig niet aan. Want

Nadere informatie

Tegenovergestelde: Draaien Ongeveer hetzelfde:

Tegenovergestelde: Draaien Ongeveer hetzelfde: Code 1 Woordenschrift Kaart nr. 2 Opdracht Kies een woord uit je woordenschrift. Schrijf het midden op een blaadje. Schrijf rechts van het woord, andere woorden die ongeveer hetzelfde betekenen. Schrijf

Nadere informatie

Techniekkaart: Het houden van een interview

Techniekkaart: Het houden van een interview WAT IS EEN INTERVIEW? Een interview is een vraaggesprek. Wat een interview speciaal maakt, is dat je met een interview aan informatie kunt komen, die je niet uit boeken kunt halen. Als je de specifieke

Nadere informatie

lesmap Wortel van Glas HETGEVOLG Wortel van Glas 16+

lesmap Wortel van Glas HETGEVOLG Wortel van Glas 16+ Wortel van Glas 16+ Naast de reguliere producties is en blijft het werk met en voor moeilijke doelgroepen een absolute noodzaak voor Stefan Perceval. Binnen dat kader presenteren we ook Wortel van Glas,

Nadere informatie

Thema Op het werk. Lesbrief 14. Opdrachten

Thema Op het werk. Lesbrief 14. Opdrachten Thema Op het werk. Lesbrief 14. Opdrachten Kofi is op het werk. De chef geeft opdrachten: zij zegt wat Kofi moet doen. De eerste opdracht is de rommel opruimen. Kofi moet de vloer vegen. Het is weer netjes

Nadere informatie

Spelenderwijs rijmen. Linda Willemsen. www.klasvanjuflinda.nl. www.klasvanjuflinda.nl

Spelenderwijs rijmen. Linda Willemsen. www.klasvanjuflinda.nl. www.klasvanjuflinda.nl Spelenderwijs rijmen Linda Willemsen www.klasvanjuflinda.nl www.klasvanjuflinda.nl Spelenderwijs rijmen Spelenderwijs rijmen Tekst & vormgeving: Linda Willemsen 2014 www.klasvanjuflinda.nl Linda Willemsen

Nadere informatie

OPA EN OMA DE OMA VAN OMA

OPA EN OMA DE OMA VAN OMA Hotel Hallo - Thema 4 Hallo opdrachten OPA EN OMA 1. Knip de strip. Strip Knip de strip los langs de stippellijntjes. Leg de stukken omgekeerd en door elkaar heen op tafel. Draai de stukken weer om en

Nadere informatie

OPBOUW ZELFSTANDIGE BASISHOUDING BIJ KINDEREN

OPBOUW ZELFSTANDIGE BASISHOUDING BIJ KINDEREN OPBOUW ZELFSTANDIGE BASISHOUDING BIJ KINDEREN Afspraak 1. Maak samen met de kinderen afspraken over wat zelfstandig gedaan mag worden met betrekking tot naar de wc gaan, handen wassen, drinken, eten, de

Nadere informatie

Toets Geletterdheid en Begrijpend Lezen

Toets Geletterdheid en Begrijpend Lezen 1. Print deze tekst 2. Download het geluidsbestand en luister Je gaat een toets Geletterdheid en Begrijpend Lezen maken. Dit is een leestoets. De toets heeft vijf delen. Deel A, B, C, D en E. Deze toets

Nadere informatie

SAMEN DELEN. een lesbrief in het kader van de schoenendoosactie

SAMEN DELEN. een lesbrief in het kader van de schoenendoosactie SAMEN DELEN een lesbrief in het kader van de schoenendoosactie INHOUD LESBRIEF 1. Introductie 2. De SAMEN DELEN Lesinhoud 3. De SAMEN DELEN Quizzz 4. Het SAMEN DELEN Diploma 5. De SAMEN DELEN Activiteiten

Nadere informatie

Thema Op zoek naar werk. Lesbrief 8. Praten en bellen over een baantje

Thema Op zoek naar werk. Lesbrief 8. Praten en bellen over een baantje Thema Op zoek naar werk Lesbrief 8. Praten en bellen over een baantje Inleiding Deze les gaat verder over het zoeken naar werk. De vrouw,, gaat weer naar de winkel om over werk te praten. Ze wil de manager

Nadere informatie

Strategieles Verwijswoorden (Relaties en verwijswoorden) niveau A

Strategieles Verwijswoorden (Relaties en verwijswoorden) niveau A Strategieles Verwijswoorden (Relaties en verwijswoorden) niveau A Wat doe je in deze les? Bij Nieuwsbegrip maak je altijd opdrachten. Sommige opdrachten gaan over verwijswoorden. Je moet dan zeggen naar

Nadere informatie

Werkstukken en presentaties

Werkstukken en presentaties Werkstukken en presentaties Naam Werkstuk thuis Spreekbeurt met powerpoint Robin 14 april 30 september Julian 14 april 7 oktober Lieke 14 april 28 oktober Robbin 14 april 4 november Annicka 14 april 11

Nadere informatie

Voordoen (modelen, hardop denken)

Voordoen (modelen, hardop denken) Voordoen (modelen, hardop denken) Waarom voordoen? Net zoals bij lezen, leren leerlingen heel veel over schrijven als ze zien hoe een expert dit (voor)doet. Het voordoen (modelen) van het schrijven van

Nadere informatie

Discussiëren Kun Je Leren:

Discussiëren Kun Je Leren: Chantal Deken Discussiëren Kun Je Leren: discussielessen voor groep 3 t/m 8; sluit aan bij referentieniveaus Mondelinge taal; versterkt 21 e -eeuwvaardigheden als communiceren en samenwerken; compleet

Nadere informatie

LES 1: VOORLEZEN met STRATEGIE WEEK 1.1 0, 1, 4 en 6

LES 1: VOORLEZEN met STRATEGIE WEEK 1.1 0, 1, 4 en 6 LES 1: VOORLEZEN met STRATEGIE WEEK 1.1 0, 1, 4 en 6 Lesdoel: De kinderen vergroten hun tekstbegrip door interactie over het verhaal en hun metacognitieve vaardigheden door het oefenen en toepassen van

Nadere informatie

Uitleg bij de spellingskaartjes.

Uitleg bij de spellingskaartjes. Uitleg bij de spellingskaartjes. 1. De BLAUWE kaartjes zijn bedoeld om alleen te oefen met de spellingskaartjes 2. Met de Paarse kaartjes mag je met zijn tweeën oefenen met de spellingskaartjes 3. De Groene

Nadere informatie

Werkboek Het is mijn leven

Werkboek Het is mijn leven Werkboek Het is mijn leven Het is mijn leven Een werkboek voor jongeren die zelf willen kiezen in hun leven. Vul dit werkboek in met mensen die je vertrouwt, bespreek het met mensen die om je geven. Er

Nadere informatie

Trainersdocument De ideale werknemer

Trainersdocument De ideale werknemer Trainersdocument De ideale werknemer Achtergrond De deelnemers wordt gevraagd aan een opdracht te gaan werken: Kruip in de huid van de werkgever om na te denken over de ideale werknemer. Doel: medewerkers

Nadere informatie

Lesbrief bij Een caravan in de winter van Louisa van der Pol

Lesbrief bij Een caravan in de winter van Louisa van der Pol Lesbrief bij Een caravan in de winter van Louisa van der Pol Voor groep 7 en 8 Inhoud van deze lesbrief Thema s in het boek Lesopzet Doel van de les Uitwerking Bijlage: opdrachtenblad Thema s in het boek

Nadere informatie

leer-actief werkboek Naam: www.leer-actief.nl 1

leer-actief werkboek Naam: www.leer-actief.nl 1 leer-actief werkboek Naam: www.leer-actief.nl 1 actief leren WWW.leer-actief.nl Dit is Wybo. Wybo was vroeger een heel gewoon jongetje, maar hij was wel erg lui. En dat...werd zijn redding. Hij had nooit

Nadere informatie

Goede voornemens. Gelukkig Nieuwjaar! Heb je goed gefeest en het oude jaar uitgeluid?

Goede voornemens. Gelukkig Nieuwjaar! Heb je goed gefeest en het oude jaar uitgeluid? Door Caroline Wisse-Weldam Inleiding Goede voornemens Gelukkig Nieuwjaar! Heb je goed gefeest en het oude jaar uitgeluid? Wat zou je graag in 2013 willen doen? Eindelijk eens een ballonvlucht maken, bmx

Nadere informatie

1. Joris. Voor haar huis remt Roos. Ik ben er. De gordijnen beneden zijn weer dicht.

1. Joris. Voor haar huis remt Roos. Ik ben er. De gordijnen beneden zijn weer dicht. 1. Joris Hé Roos, fiets eens niet zo hard. Roos schrikt op en kijkt naast zich. Recht in het vrolijke gezicht van Joris. Joris zit in haar klas. Ben je voor mij op de vlucht?, vraagt hij. Wat een onzin.

Nadere informatie

De boekenbeer Module dans groep 1-2

De boekenbeer Module dans groep 1-2 De boekenbeer Module dans groep 1-2 Teksten: Stella van Lieshout Illustraties: Tjarko van der Pol In samenwerking met Centrum voor de Kunsten Beverwijk en ABC Cultuur Contact: DeboraVollebregt@centrumvoordekunstenbeverwijk.nl

Nadere informatie

Startopdracht. Iedereen die in Zorg en Welzijn werkt, krijgt te maken met agressie op het werk.

Startopdracht. Iedereen die in Zorg en Welzijn werkt, krijgt te maken met agressie op het werk. Agressiespel Startopdracht Iedereen die in Zorg en Welzijn werkt, krijgt te maken met agressie op het werk. Hoe vaak heb jij te maken met agressie op het werk, op een schaal van 0 (helemaal nooit) tot

Nadere informatie

Waarom ga je schrijven? Om de directeur te overtuigen

Waarom ga je schrijven? Om de directeur te overtuigen week 17 20 april 2015 - Schrijfopdrachten niveau B, les 1 Les 1: Een overtuigende tekst schrijven Beantwoord deze vragen: Een mooie manier om te herdenken 1. Waarom is het volgens jou belangrijk om de

Nadere informatie

Tik-tak Tik-tak tik-tak. Ik tik de tijd op mijn gemak. Ik haast me niet zoals je ziet. Tik-tak tik-tak, ik denk dat ik een slaapje pak.

Tik-tak Tik-tak tik-tak. Ik tik de tijd op mijn gemak. Ik haast me niet zoals je ziet. Tik-tak tik-tak, ik denk dat ik een slaapje pak. Tik-tak - Lees het gedicht tik-tak voor. Doe dit in het strakke ritme van een langzaam tikkende klok: Tik - tak - tik - tak Ik tik - de tijd - op mijn - gemak. Enzovoort. - Laat de kinderen vrij op het

Nadere informatie

De Trampoline De Haar 200, Leidschendam

De Trampoline De Haar 200, Leidschendam Tekst lezen 1. Lees de tekst met het stappenplan. Kom je nog moeilijke woorden tegen in de tekst? Gebruik dan de woordhulp. 2. Het Eurovisie Songfestival wordt gehouden in Malmö, in Zweden. Kijk op de

Nadere informatie

Boekpromotie via facebook

Boekpromotie via facebook Boekpromotie via facebook een boek om trots op te zijn! E-book met tips over het inzetten van facebook bij je boekpromotie E-book Boekpromotie via Facebook Facebook is een mooi middel om op een makkelijke,

Nadere informatie

2: vergaderen VASTE VOORZITTER EN NOTULIST

2: vergaderen VASTE VOORZITTER EN NOTULIST 2: vergaderen Als je lid bent van een studentenraad, vergader je vaak. Je hebt vergaderen met de studentenraad, maar ook vergaderingen met het College van Bestuur en de Ondernemingsraad (OR). Gemiddeld

Nadere informatie