Mens en Milieu 2HV MLHJ. CC Naamsvermelding 3.0 Nederland licentie.

Save this PDF as:
 WORD  PNG  TXT  JPG

Maat: px
Weergave met pagina beginnen:

Download "Mens en Milieu 2HV MLHJ. CC Naamsvermelding 3.0 Nederland licentie. https://maken.wikiwijs.nl/72971"

Transcriptie

1 Auteur Marc Bel Laatst gewijzigd 23 augustus 2016 Licentie CC Naamsvermelding 3.0 Nederland licentie Webadres Dit lesmateriaal is gemaakt met Wikiwijs van Kennisnet. Wikiwijs is hét onderwijsplatform waar je leermiddelen zoekt, maakt en deelt.

2 Inhoudsopgave Les 1: Introductie thema Mens & Milieu (week 4.4.1) Kaarten Opdracht Zelf aan de slag met kaarten Voorbereiding les 2 Les 2: De mens en het milieu (week 4.4.2) Ecologische voetafdruk Afronding week 1 Les 3: Energie (week 4.5.1) fossiele brandstoffen Kernenergie Het broeikaseffect Klimaatverandering Duurzame energie Keuzeopdracht Verdieping Les 4: Voedselproductie (week 4.5.2) Akkerbouw Veeteelt Tuinbouw Biologische landbouw Bescherming tegen ziekten en plagen Voorbereiding les 5 Afronding week 2 Verdieping Les 5: Afval (week 4.6.1) Wat moet je weten over afval Les 6: Natuurbeheer en biodiversiteit (week 4.6.2) Natuur in Nederland Biodiversiteit Natuurbeheer: een casus Zelf aan de slag met kaarten Afronding week 3 Verdieping Les 7: Diagnostische toets en presentatie (week 4.7.1) Les 8: Presentaties (week 4.7.2) Pagina 1

3 1. Plastic soep 2. El Nino 3. Introductie van exoten 4. De ijsbeer 5. Organiseer een duurzame vakantie 6. Ontwikkel een speurtocht met pdf-maps 7. Is palmolie voor biodiesel duurzaam? 8. Eigen idee Over dit lesmateriaal Pagina 2

4 Les 1: Introductie thema Mens & Milieu (week 4.4.1) Deze lessenserie gaat over het milieu. Hoe de mens afhankelijk is van dit milieu en welke invloed de mens op het milieu uitoefent. Bij de lessen hoort een werkboekje. Dit werkboekje krijg je deze les uitgedeeld. Als je het boekje kwijt bent, moet je het zelf downloaden en opnieuw printen. Het boekje kun je downloaden via onderstaande link: Werkboek bij de lessenserie Mens & Milieu kn.nu/ww.d382e8a (pdf, maken.wikiwijs.nl) Tijdens het doorwerken van de lessen kom je vragen en opdrachten tegen. Sommige kun je op de computer maken en sommige schrijf je op in je werkboekje. Vragen die in een kader staan met rode letter, moet je in je werkboek invullen. Bijvoorbeeld: Zwerfafval is: Om de vragen te beantwoorden zal je informatie moeten vinden. Dit doe je via de links in dit arrangement naar websites, filmpjes en presentaties. Zorg dus dat je elke les je laptop meeneemt en oortjes of een koptelefoon! We gaan regelmatig werken met kaarten en ook naar buiten om met een app op je mobiel informatie te verzamelen die we dan op de computer verder verwerken. Elke week hebben we 2 lessen. Na het afronden daarvan schrijf je voor jezelf een samenvatting in het werkboek en maak je een weektoets op de computer. Je mag pas door naar het volgende hoofdstuk als je de samenvatting hebt gemaakt en een voldoende hebt gehaald voor die toets. Veel plezier met de lessen over het thema Mens & Mileu. Kaarten In deze lessenserie gaan we vaak werken met kaartmateriaal. Dit doen we omdat kaarten je inzicht kunnen geven in patronen en processen die je moeilijk (of helemaal niet) kunt zien als je alleen de tekst of de cijfers hebt. Een mooi voorbeeld hiervan is de kaart die door Snow is gemaakt in 1854 van de cholera uitbraak in Londen. Cholera is een besmettelijke ziekte, waarvan men toen dacht dat die verspreid werd door de vieze lucht die in Londen hing. Alle slachtoffers van cholera werden in die tijd opgeschreven in tabellen (zoals het voorbeeld hieronder). In de tabel kan je zien hoeveel slachtoffers er per adres of per wijk aan cholera zijn overleden. Maar veel meer informatie is hier ook niet uit te halen. Pagina 3

5 Dokter John Snow komt op het idee om alle sterfgevallen op een kaart van Londen in te tekenen, samen met de waterpompen in die omgeving. Hij heeft namelijk het vermoeden dat de besmetting niet door de lucht gaat, maar via het drinkwater. Elk dodelijk slachtoffer wordt ingetekend met een streepje op het adres waar deze woonde. De kaart die hij maakte zie je hieronder afgebeeld (de slachtoffers zijn de rode streepjes en de waterpompen zijn de blauwe rondjes): Pagina 4

6 Toen hij dat gedaan had, werd al snel duidelijk dat rondom de pomp op Broad Street de meeste slachtoffers zijn gevallen. Dat leidde ertoe dat deze pomp werd afgesloten en het aantal gevallen van cholera meteen sterk afnam. Met dit eenvoudige voorbeeld wordt heel mooi duidelijk dat informatie op een kaart gebruikt kan worden om patronen zichtbaar te maken die je moeilijk of zelfs niet kunt zien met tabellen en teksten. Informatie die gebonden is aan een locatie en die je dus ergens op een kaart kunt plaatsen noemen we geografische informatie. Tegenwoordig hebben we de beschikking over GIS-systemen (Geografische Informatie Systemen). Dit zijn informatiesystemen waarin deze geografische informatie wordt opgeslagen, bewerkt en geanalyseerd. Hiermee kunnen we allerlei relaties leggen tussen dingen op een kaart en de tabellen die daarbij horen. Hieronder zie je een moderne versie van de kaart van Snow, gemaakt met een dergelijk GISsysteem. Een voordeel van zo'n systeem is dat er ingewikkelde rekenmodellen op de gegevens kunnen worden losgelaten waardoor relaties nog beter zichtbaar gemaakt kunnen worden. Pagina 5

7 In de lessenserie gaan we biologische onderwerpen bestuderen met gebruikmaking van kaarten. Je zult zien dat dat heel handig kan zijn. Opdracht Klik op de onderstaande link en bekijk het filmpje: John Snow en de moderne tijd kn.nu/ww.c9bafb7 (youtu.be) Pagina 6

8 Beantwoord met de informatie uit het filmpje de volgende 4 vragen: Vraag 1 Welke 2 bronnen combineerde Snow om tot het juiste inzicht over de cholera epidemie te komen? de plek van de met de plek waar mensen waren gestorven aan Vraag 2 Wat bedoeld Snow met de concurrentiestrijd om de beperkte ruimte in Nederland? a. Dat er weinig natuurgebieden zijn in Nederland b. Dat de boeren te weinig land hebben om voldoende voedsel te verbouwen c. Dat er weinig plek in Nederland is waar veel partijen gebruik van willen maken d. Dat andere landen graag stukken land van Nederland zouden willen gebruiken Vraag 3 Snow legde de relatie tussen de sterfgevallen en de waterpompen. In het filmpje wordt verteld over de Q-koort uitbraak in Brabant in Snow vergelijkt dit met zijn ontdekking in Welke 2 informatie-lagen zijn nodig om bij de Q-koorts een relatie te zien? a. De route van de fietsvierdaagse en de woonplaats van besmette mensen b. De woonplaats van besmette mensen en de plek waar zij hun boodschappen deden c. De locatie van de geitenboerderijen en de woonplaats van besmette mensen d. De locatie van de geitenboerderijen en de gemiddelde temperatuur Vraag 4 In de aftiteling van het filmpje staat: Beleid- en uitvoeringsvraagstukken van LNV zijn vrijwel altijd ruimtelijk van aard. Wat wordt bedoeld met: ruimtelijk van aard? a. Dat het beleid niet alleen gaat over de aarde, maar over meer in het heelal b. Dat je slim moet zijn om de vraagstukken op te kunnen lossen c. Dat het beleid meestal in 3D op kaart of op de computer wordt getekend d. Dat het beleid meestal gaat over iets dat je ergens kan plaatsen op een kaart. Ofwel: alles gebeurt ergens! Zelf aan de slag met kaarten Voor dat je zelf aan de slag kunt met kaarten, moet je een aantal programma's en app's installeren op je laptop en je mobiel. Al deze programma's zijn veilig zonder virussen. Er zitten ook geen reclame-achtige dingen achter verborgen. Verder moet je een dropbox-account aanmaken als je dat nog niet hebt en daar een mapje met data neerzetten die we gaan gebruiken tijdens de lessen. De docent heeft voor jullie een A4-tje met daarop precies wat je moet doen om de programma's en de data op je laptop en mobiel te krijgen. Dit A4-tje kun je ook downloaden via deze link: Pagina 7

9 Installeren van programma s en apps op je laptop en mobiel.pdf kn.nu/ww.a711d64 (pdf, maken.wikiwijs.nl) Ga aan de slag met je laptop en mobiel zodat we de volgende les al kunnen werken met kaarten. De twee linkjes die hieronder staan zijn zip-files met kaarten en gegevens die je nodig hebt voor de opdrachten. Klik op de linkjes en bewaar de bestanden in je dropboxfolder die bij deze lessenserie hoort: Kaarten kn.nu/ww.bb41924 (zip, maken.wikiwijs.nl) QGIS kaarten en gegevens kn.nu/ww.60c2c9e (zip, maken.wikiwijs.nl) Voorbereiding les 2 Voor de volgende les gaan jullie zelf gegevens verzamelen met een app op je mobiel. Hiervoor moet je het volgende doen: 1. Installeren van pdf-maps en GoogleEarth op je mobiel (dit heb je al gedaan als het goed is) 2. Open pdf-maps en klik (in het tabblad MAPS) op het plusje (+). => => 5. De kaart MLHJ_50v is nu in de app geladen. Klik er op. 6. Je ziet een blauw bolletje op de kaart. Dat is waar je mobiel nu is. Jullie moeten voor de volgende les pdf-maps aanzetten als je naar school komt. Je zet de app aan op het moment dat je de deur uit gaat en stopt de app als je op school aankomt (de app gebruikt alleen je GPS en heeft geen internetverbinding nodig). Pagina 8 4. Klik op IMPO 3. Klik op FROM DROPBOX en blader naar de kaart MLHJ_50v

10 Pak dus nu je mobiel en installeer pdf-maps als je dat nog niet hebt gedaan. Wat je moet doen als je naar school komt staat beschreven in je werkboekje. Dit kan je morgen al doen. Lees door wat je moet doen en zorg dt je het begrijpt. Gaat het niet helemaal goed, dan kan je het overmorgen nog eens proberen. Heb je geen smartphone, vertel dat dan aan je docent. Pagina 9

11 Les 2: De mens en het milieu (week 4.4.2) Afhankelijkheid De mens is afhankelijk van het milieu waarin hij leeft, maar heeft ook invloed op dit milieu. Milieuproblemen ontstaan als mensen niet altijd zorgvuldig met het milieu omgaan. In dit thema leer je de voornaamste oorzaken en gevolgen van deze milieuproblemen. Ook leer je wat er wordt gedaan om het milieu te beschermen en hoe je daar zelf aan kan meehelpen. Bekijk de onderstaande video en beantwoord daarna de vragen: Afhankelijkheid en invloed van de mens op het milieu kn.nu/ww.bbae178 (youtube.com) Vraag 1: Schrijf in je werkboek de 6 manieren (die in het filmpje worden genoemd) waarop de mens afhankelijk is van het milieu. De mens is op de volgende 6 manieren afhankelijk van het milieu: Vraag 2: Voorbeelden van de afhankelijkheid van het milieu. Sleep de woorden naar de juiste plek a. Grondstoffen b. Energie c. Voedsel d. Zuurstof e. Water f. Recreatie Invloed De onderstaande link is er eentje naar een wereldklok. Hierin wordt een deel van de invloed van de mens op het milieu weergegeven in cijfers. Deze klok geeft aan wat er gebeurt op de wereld; nu (now), per dag, week, maand en jaar. Klik op de link en beantwoord de volgende vragen: Pagina 10

12 Wereldklok kn.nu/ww.41a1fe7 (biologiepagina.nl) Vraag 1: Je ziet links boven hoeveel mensen er op de wereld zijn. Hoe wordt de groei van de wereldbevolking hier berekend? Vraag 2: Wat wordt er bedoeld met desertification? Vraag 3: Hoeveel soorten levende organismen sterven er per jaar ongeveer uit? a. 10 b. 100 c d Ecologische voetafdruk Iedereen gebruikt een stukje van de aarde. Als we allemaal op 1 uit zouden komen, dan komen we dus net toe met de aarde die we hebben. Als je op meer dan 1 uitkomt, en iedereen zou leven zoals jij doet, dan is de aarde dus te klein voor de mensen die er op wonen. Hoe groot is jouw voetafdruk? Met de voetafdruktest kun je uitrekenen hoeveel aardbollen je nodig hebt. Klik op de link en doe de test. Pagina 11

13 Bereken je eigen ecologische voetafdruk kn.nu/ww.5c74460 (wnf.nl) Als je jouw voetafdruk vergelijkt met die van de gemiddelde Nederlander, zie je dan grote verschillen? Er is ook een top 5 tips. Welke kies jij en waarom juist die? Ga hier met je teamgenoten 5 minuten over in discussie. Afronding week 1 Nu je 2 lessen hebt gehad over het thema Mens & Milieu, ga je een samenvatting schrijven over wat je hebt geleerd in deze 2 lessen. De samenvatting schrijf je in je werkboekje. Gebruik in je samenvatting minimaal de woorden die daar worden genoemd. Als je de samenvatting hebt gemaakt, ga je door naar de weektoets. Heb je die voldoende, dan mag je verder met les 3. De eerste week van de module Mens & Milieu zit erop. Om verder te gaan met de stof van week 2, moet je eerst laten zien dat je de stof van deze week begrijpt. Dat doe je door de onderstaande toets te maken. Scoor je hiervoor voldoende, dan mag je verder met het volgende onderwerp. Weektoets 1 kn.nu/cjpeg Dit is de toets die week 1 afsluit. De toets bestaat uit 10 vragen. Je moet er minstens 7 goed hebben om door te kunnen naar les 3. Heb je minder dan 7 vragen goed, dan doe je de toets nog een keer. Ben je geslaagd, druk dan op de knop bewijs van deelname/overzicht. Bewaar het bewijs als pdf en mail deze aan je docent (hoe je dit doet staat aan het eind van les 2 in je werkboekje). Vraag 7 Pagina 12

14 Vul in de volgende zin het jusite woord in: Hoe groot de invloed is van jou als individueel persoon op het milieu wordt uitgedrukt in je ecologische Mens en Milieu Vul in de volgende zin het juiste woord in: De mens oefent uit op het milieu door afval te produceren Milieubewust gedrag Met welke gedrag vergroot je je ecologische voetafdruk? a. De was buiten drogen in plaats van in de droger b. Minder vaak met het vliegtuig op vakantie c. Minder vlees eten d. Met de brommer naar school komen in plaats van met de fiets Grondstoffen Wat is geen voorbeeld van een grondstof die mensen uit het milieu halen? a. Goud b. Energie c. Olie d. Kopererts Milieuvervuiling Jan zegt: Lawaai kan ook milieuvervuiling zijn Merel zegt: Elektrische apparaten kunnen ook leiden tot milieuvervuiling Wie heeft er gelijk? a. Alleen Jan b. Alleen Merel c. Beide hebben gelijk d. Beide hebben ongelijk Invloed en afhankelijkheid Ali zegt: Het verbranden van olie is een voorbeeld van afhankelijkheid van de mens van het milieu Maartje zegt: Het verbranden van olie is een voorbeeld van invloed die de mens op het milieu uitoefent Wie heeft er gelijk? Pagina 13

15 a. Alleen Ali b. Alleen Maartje c. Beide gelijk d. Beide ongelijk Vraag 4 Vul in de volgende zin het juiste woord in: Dat mensen voedsel nodig hebben is een voorbeeld van dat de mens is van het milieu. De wereldbevolking Aan het eind van 2016 zal de wereldbevolking uit ongeveer... mensen bestaan: a. 5,5 miljard b. 6,5 miljard c. 7,5 miljard d. 8,5 miljard Kaarten Voor welk van de volgende vragen zou een kaart niet geschikt zijn om meer inzicht te krijgen in het probleem? a. De nestlocaties van de bonte specht in het panbos b. Fietsroutes op de Veluwe c. Hoeveel geld er nodig is om al het personeel van een bedrijf elke maand uitbetaald te krijgen d. Het gemiddeld aantal mensen per woning in de gemeente Zeist Vraag 3 Selecteer op de twee plaatsen de juiste woorden door er op te klikken De groei / afname van de wereldbevolking en de veranderende manier van leven zijn de twee belangrijkste oorzaken van milieu- / economische- problemen. Pagina 14

16 Les 3: Energie (week 4.5.1) Jullie hebben gezien dat de mens afhankelijk is van het milieu voor de energie die hij gebruikt. De veranderende manier van leven heeft de vraag naar energie in de afgelopen 200 jaar flink doen toenemen. Aardgas, aardolie en steenkool zijn onze belangrijkste energiebronnen. fossiele brandstoffen Aardgas, aardolie en steenkool zijn miljoenen jaren geleden ontstaan uit de resten van dode planten en dieren. We noemen ze daarom fossiele brandstoffen. Je hebt geleerd dat planten bij fotosynthese de energie uit zonlicht gebruiken om glucose te maken. Uit glucose maken planten allerlei andere stoffen, onder andere de stoffen waaruit ze zelf bestaan. Dus: De energie in dode plantenresten, en dus ook die in fossiele brandstoffen, is uiteindelijk allemaal afkomstig van de. Bij de verbranding van fossiele brandstoffen komt deze energie weer vrij. We kunnen de energie gebruiken om auto's te laten rijden, huizen te verwarmen of elektriciteit op te wekken. Hierbij ontstaan ook weer koolstofdioxide. Klik op de onderstaande link en schrijf in je werkboekje de voor- en nadelen op van fossiele brandstoffen Voor- en nadelen van fossiele brandstoffen Aardolie, steenkool en gas kn.nu/ww.944dec2 (milieucentraal.nl) Pagina 15

17 Wat wil de tekenaar met dit plaatje duidelijk maken? a. Dat boren naar olie moeilijk is omdat het zo diep zit b. Dat de olievoorraden op aarde bijna op zijn c. Dat het grondwater erg vervuild wordt door boren naar olie Kernenergie Kernenergie wordt opgewekt door de brandstof uranium te splijten. Dit betkent dat atoomkernen van het uranium worden gesplitst. Hierbij komt er veel energie vrij in de vorm van warmte. Met die warmte wordt in een kernenergiecentrale water verhit waarbij stoom ontstaan. Deze stoom lat turbines draaien en daarmee wordt elektriciteit opgewekt. Schematische tekening van de werking van een kernreactor Klik nu op de volgende link en lees hier wat kernenergie is en wat de voor- en nadelen zijn. Schrijf deze ook op in je werkboek. Wat zijn de voor- en nadelen van kernenergie? Pagina 16

18 Informatie over kernenergie kn.nu/ww.a2a4c72 (milieucentraal.nl) Ga nu vijf minuten met elkaar in discussie en neem een standpunt in over het gebruik van kernenergie. Houdt hierbij rekening met het milieu, de kosten en de eventuele risico's. Zijn jullie voor of tegen het gebruik van kernenergie, en waarom? Geef je standpunt door aan de docent. Het broeikaseffect Het klimaat op aarde wordt voor een groot deel bepaald door de dampkring (of atmosfeer). De dampkring bestaat uit een mengsel van verschillende gassen en ligt als een laag om de aarde. De gassen laten een deel van de zonnestralen door naar de aarde, waar de stralen worden omgezet in warmte. De aarde straalt deze warmte ook weer uit, maar bepaalde gassen in de dampkring zorgen ervoor dat een deel van die uitgestraalde warmte weer wordt teruggekaatst naar het aardoppervlak. Hierdoor wordt de aarde warmer. Klik op de onderstaande link en bekijk de animatie. Daarna beantwoord je de vragen. Animatie over broeikaseffect kn.nu/ww.c (plox.info) Vraag: Is het broeikaseffect alleen maar ongustig voor het milieu? Pagina 17

19 Gevolgen van het toenemende broeikaseffect Vul in de onderstaande zinnen de ontbrekende woorden in Door de stijging van de van het zeewater ontstaan extreem lage drukgebieden in combinatie met warme en vochtige lucht. Hierdoor ontstaan. Er gaat neerslag vallen. De rivieren kunnen de hoeveelheid water niet meer aan en er ontstaan. Door de extreme warmte rukt de -grens op naar het noorden en zuiden. Veel planten en dieren zullen uitsterven. Droogte zorgt voor. Hierdoor komt er nog CO2 in de lucht en zijn er minder bomen om de CO2 op te nemen en vast te leggen. Door het smelten van de poolkappen, de zeespiegel. Hierdoor zullen kustgebieden. Klimaatverandering Op dit moment vindt er een klimaatverandering plaats. Er wordt gesproken van een klimaatverandering als het weertype over een periode van meerdere jaren verandert. Nu is dat een temperatuurstijging. Of dit alleen het gevolg is van het versterkte broeikaseffect is nog niet helemaal duidelijk. Wel is duidelijk dat de gassen die we uitstoten die het broeikaseffect versterken een bijdrage leveren aan de stijging van de temperatuur. Doordat het warmer wordt, worden ook de zeeën en oceanen warmer. Water dat warmer wordt zet uit, en neemt dus meer ruimte in, hierdoor stijgt de zeespiegel. Daarbij smelt ook een deel van het landijs op de polen, waardoor de zeespiegel nog meer stijgt. Wereldwijd heeft de temperatuurstijging veel gevolgen: - Kustgebieden zullen overstromen - Bepaalde gebieden worden droger waardoor woestijnen groter worden - De landbouw zal in grote gebieden onmogelijk worden waardoor de voedselvoorziening in gevaar kan komen Voor Nederland heeft dit ook gevolgen. Bekijk het filmpje en beantwoord de vraag in je werkboek Gevolgen van klimaatverandering voor Nederland kn.nu/ww.03ed7bf (youtube.com) Schrijf in je werkboek de maatregelen op die Nederland kan nemen om zich voor te bereiden op de klimaatverandering. Welke maatregelen worden genomen om Nederland aan te passen aan de klimaatverandering? Duurzame energie Pagina 18

20 Omdat de voorraad fossiele brandstoffen op raakt en deze brandstoffen vervuilend zijn voor het milieu, wordt er steeds meer gebruik gemaakt van duurzame energie. Duurzame energie is energie die geen milieuvervuiling veroorzaakt en waarbij de energiebron niet opraakt. Voorbeelden hiervan zijn energie uit biobrandstoffen (biomassa), windenergie, zonneenergie en waterkracht. Het grootste deel van de duurzame energie die in Nederland wordt opgewekt, komt uit biomassa. Biomassa bestaat uit energierijke stoffen van organisch materiaal zoals hout, groente- fruit- en tuinafval, mest en plantaardige olie. Biomassa kan als brandstof worden gebruikt om elektriciteit mee op te wekken. Bij de verbranding ontstaat weliswaar koolstofdioxide, maar die is door planten tijdens hun groei ook uit de lucht opgenomen. Daardoor stijgt de hoeveel koolstofdioxide in de lucht niet. Sommige planten worden speciaal gekweekt om biobransstoffen te maken. Van suikerriet kan bijvoorbeeld alcohol worden gemaakt, die als brandstof kan dienen om speciale auto's mee te laten rijden. Ook kan olie gehaald worden uit zonnebloemen, koolzaad en oliepalmen. Uit deze olie kan biodiesel worden gemaakt. Deze eerstegeneratie biobrandstoffen zijn gemaakt uit voedsel. Om gewassen voor biobrandstof te verbouwen is veel landbouwgrond nodig. Er blijft dan minder grond over om voedsel te verbouwen. Veel mensen vinden daarom het verbouwen van planten voor biobrandstof niet duurzaam. Vormen van duurzame energie De volgende link gaat naar een eenvoudig spelletje waar 9 verschillende vormen van duurzame energie gelinkt moeten worden aan de juiste plaatjes. Van deze 9 zul je er al een aantal kennen. Een aantal zal je kennen, maar de naam is soms erg technisch. En een aantal zullen ook nieuw voor je zijn. Speel het spel door op de link te klikken: 9 vormen van duurzame energie kn.nu/ww.3c58f5c (purposegames.com) Vul nu de tabel in je werkboek in over vormen van duurzame energie Keuzeopdracht De komende lessen ga je met je team ook werken aan een presentatie die je aan het eind van deze lessenserie gaat geven aan je klasgenoten. Het onderwerp van deze presentatie kiezen jullie zelf. In les 8 van dit arrangement staan 7 onderwerpen waar je uit kunt kiezen. Elk onderwerp mag maar Pagina 19

21 door 1 groep worden uitgewerkt. 1. Ga naar les 8 en lees daar wat de bedoeling is. 2. Ga nu met je groep in overleg en kies een opdracht die je wilt gaan doen (kies ook 2 reserves, want je weet niet of eerste keuze ook kan) 3. Geef je keuzes door aan de docent 4. Als je onderwerp bekent is (of goedgekeurd als je een eigen idee hebt), maak dan een planning (in les 8 van je werkboekje is daar ruimte voor) 5. Als de planning klaar is maak je een taakverdeling Stap 1 t/m 4 moeten aan het eind van de volgende les duidelijk zijn, anders heb je niet genoeg tijd om de presentatie af te ronden. Verdieping Je hebt al een keer met pdf-mpas gewerkt. Hiervoor kreeg je een kaart en "maakte" je een route door de GPS-track aan te zetten tijdens je reis naar school. Je kan ook op een andere manier informatie toevoegen. In deze verdiepingsopdracht over energie maak je een informatielaag voor GoogleEarth met de plaatsen waar energie wordt geproduceerd in Nederland. Het is de bedoeling dat je zelf zoveel mogelijk probeert uit te zoeken en zo min mogelijk aan de docent vraagt. Loop je echt helemaal vast dan ga je naar de docent, maar probeer eerst zelf wat knopjes in pdf-maps uit. Wat heb je nodig: 1. Pdf-maps op je mobiel 2. de kaart van Nederland als ondergrond om in pdf-maps te laden 3. Een kaartje met de locaties van de energieproducenten in Nederland De kaartjes staan in de map "verdieping_energie" die je hebt geplaatst in je dropbox map. wat moet je doen: 1. Start pdf-maps en importeer de kaart NL_OSM. 2. Bekijk het kaartje NL_energie.pdf (niet in pdf-maps). Hier zie je de locaties van de centrales die energie opwekken in Nederland. 3. Plaats deze locaties op je kaart van Nederland in pdf-maps door er een speld op te zetten. 4. Geef elke speld een kleur (elke soort centrale een andere kleur) en zet de naam van de locatie erbij. 5. Als je klaar bent exporteer je de gegeven naar je dropbox als KML. Pagina 20

22 6. Open GoogleEarth en open daar je KLM bestand vanuit dropbox. Gefeliciteerd!, Je hebt nu zelf informatie toegevoegd aan GoogleEarth Pagina 21

23 Les 4: Voedselproductie (week 4.5.2) Je hebt gezien dat de wereldbevolking nog steeds groeit. Al die mensen moeten eten. De landbouw zorgt er voor dat dit voedsel er is. Landbouw is alle activiteiten waarbij het natuurlijk milieu wordt aangepast voor de productie van planten en dieren voor menselijk gebruik. Er zijn drie soorten landbouw: Akkerbouw, veelteelt en tuinbouw. De planten die in de akkerbouw en tuinbouw worden verbouwd, heten voedingsgewassen. De dieren die in de veelteelt worden gehouden noemen we landbouwhuisdieren. Akkerbouw Tuinbouw Veelteelt De landbouw is de laatste 50 jaar sterk verandert. Tot 1950 waren er vooral gemengde bedrijven. Boeren deden aan akkerbouw en veeteelt. Tegenwoordig zie je veel meer dat bedrijven zich specialiseren in 1 van de 3 soorten van landbouw. Akkerbouw Akkerbouw Akkerbouwbedrijven zijn vaak grote bedrijven met veel grond. Meestal wordt er op een akker maar 1 soort gewas verbouw zoals aardapplen of tarwe. We noemen dit een monocultuur. Monoculturen bieden grote voordelen voor bedrijven: - Er kunnen grote machines gebruikt worden om de bodem te bewerken en om te oogsten - De gewassen kunnen goedkoop worden verbouwd - Hierdoor levert een akker veel op. Monoculturen hebben echter ook nadelen: - Er staat veel voedsel voor insecten, met een grote kans op insectenplagen - Planten staan dicht op elkaar, waardoor ziekteverwekkers zich makkelijk verspreiden - Er moeten veel chemische gewasbeschermingsmiddelen worden gebruikt - De bodem raakt snel uitgeput, waardoor veel (kunst)mest moet worden gebruikt. De chemische bestrijdingsmiddelen en meststoffen kunnen in het grondwater terecht komen en zo het drinkwater vervuilen. Pagina 22

24 Sleep de woorden naar de juiste plek: Bedrijven waar zowel akkerbouw als veelteelt wordt bedreven, noemen we bedrijven. Als er op een akker maar een soort wordt verbouwd, dan noemen we dat een. Gewassen in een monocultuur hebben vaak last van, omdat de planten dicht op elkaar staan. Een van veel gewasbeschermingsmiddelen is dat organismen in de ook dood kunnen gaan. Beschikbare keuzes: bodem, gemengde, gewas, nadeel, monocultuur, nuttige, ziekten Veeteelt Veelteelt werd in Nederland oorspronkelijk bedreven op bedrijven waar het vee liep te grazen in de velden. Tegenwoordig hebben veel veehouderijen weinig grond. Deze manier van veelteelt heet intensieve veehouderij, ook wel bio-industrie genoemd. Deze bedrijven verbouwen het voedsel voor het vee niet zelf, maar importeren dat voor een groot deel uit het buitenland. Voordelen van de bio-industrie zijn dat er op een kleine ruimte veel dieren kunnen worden gehouden. Hierdoor heb je een hoge productie van vlees, melk of eieren. Intensieve melkveehouderij De bio-industrie heeft ook nadelen. Er onstaat een mestoverschot, omdat de bedrijven meer mest produceren dan ze zelf nodig hebben. Daarbij hebben steeds meer mensen er problemen mee dat er te veel dieren in een te kleine ruimte zitten. Sommige organisaties (zoals de dierenbescherming) zetten zich in voor betere leefomstandigheden van dieren in de bio-industrie. Het beter-leven keurmerk laat bijvoorbeeld zien of een kip tijdens zijn leven voldoende ruimte heeft gehad. In de verdiepingsstof van deze les gaat het over keurmerken. Sleep de woorden naar de juiste plek: Pagina 23

25 Mest die door boeren niet gebruikt wordt om hun grond te leiden tot een mestoverschot. Door mest om te zetten in een ander, blijft er mest op een bedrijf over. Dit leidt tot een mestoverschot. Argumenten voor de bio-industrie zijn: 1. een bedrijf heeft grond nodig. 2. Een bedrijf kan vlees produceren. 3. De prijs van de producten is. Argumenten tegen de bio-industrie zijn: 1. Er wordt veel geïmporteerd. 2. De hebben geen prettig leven. 3. Er ontstaat milieuvervuiling door een. Beschikbare keuzes: veel, lager, kleiner, product, veevoer, bemesten, mestoverschot, dieren, weinig, minder Tuinbouw Vroeger werden gewassen buiten in de open grond verbouwd. Dit noemen we tuinbouw in de open grond. Tegenwoordig worden veel tuinbouwgewassen in kassen verbouwd. Dit noemen we glastuinbouw. Tuinbouw in de open grond Glastuinbouw In de kassen die in de glastuinbouw worden gebruikt kan de tuinbouwer zorgen voor gunstige omstandigheden voor de groei van planten. Hierdoor kan de kas veel voedsel produceren en kunnen voedingsgewassen het hele jaar door worden verbouwd. Deze manier van werken kost wel erg veel energie. In de winter moeten de kassen warm worden gestookt. En de lampen die in de kassen vaak aan zijn, om genoeg licht voor de planten te maken zodat ze goed groeien, kosten veel elektriciteit. Sleep de woorden naar de juiste plek: Vooral in de branden er vaak lampen in de kassen. Als planten meer krijgen, vindt er meer in de planten plaats, en groeien ze beter. Veel kwekers van tomaten laten hommels in de kas vliegen. De hommels zorgen voor de van de tomatenplanten. Het eten van een krop sla in de winter is net zo milieuvriendelijk als het eten van sla in de zomer. Deze stelling is. Een kweker regelt de hoeveelheid koolstofdioxide in de kas, om de omstandigheden voor de fotosynthese te optimaliseren. Deze stelling is. Het laten groeien van een krop sla in een kas kost 10x meer energie dan het laten groeien in de op grond. Deze stelling is. Pagina 24

26 In Nederland staan de meeste kassen in het Westland. Dit is in de provincie Noord-Holland. Deze stelling is. Beschikbare keuzes: onjuist, winter, licht, fotosynthese, juist, juist, bestuiving, onjuist Biologische landbouw Je hebt gezien dat de intensieve landbouw nadelen heeft voor het milieu en voor het dierenwelzijn van de landbouwhuisdieren. Steeds meer mensen vinden dat de landbouw rekening moet houden met het milieu en met de dieren. De biologische landbouw probeert het milieu te sparen en toch voldoende voedsel te produceren. In plaats van monoculturen wordt hier gewerkt met kleine stukken grond waarin gewassen elkaar afwisselen. Hierdoor is er een kleinere kans op insectenplagen en kunnen ziekteverwekkers zich minder snel uitbreiden. Ook wordt er vruchtwisseling toegepast. Dat betekent dat er nooit 2 keer achter elkaar op een stuk grond hetzelfde gewas wordt verbouwd. Het voordeel hiervan is dat ziekteverwekkers geen kans krijgen om het volgend jaar het gewas aan te tasten. Ook wordt de bodem minder uitgeput omdat elk gewas net even andere voedingsstoffen nodig heeft. Voorbeelden van biologische landbouw Op de foto's hierboven staan 2 voorbeelden van biologische landbouw. Hoe zie je dat? Biologische landbouw heeft dus voor- en nadelen. Deze zijn samengevat in de tabel in je werkboek. Zet in de tabel in je werkboek een kruisje in de juiste kolom: voordeel of nadeel biologische landbouw Bescherming tegen ziekten en plagen Natuurlijke plaagbestrijding in de Hoeksche Waard In deze opdracht gaan jullie zien hoe biologen geografische hulpmiddelen gebruiken om er voor te zorgen dat de boeren in de Hoeksche Waard veel minder chemische bestrijdingsmiddelen hoeven te gebruiken om hun gewassen te beschermen. Pagina 25

27 Wat is natuurlijke plaagbestrijding? a. Met biologische bestrijdingsmiddelen de plaagdieren doden b. Met chemische bestrijdingsmiddelen de plaagdieren doden c. Natuurlijke vijanden van de plaagdieren inzetten om deze te bestrijden Wat doet de bioloog? De grootste plaag voor de boeren in dit gebied zijn bladluizen. Het is de taak van de bioloog om uit te zoeken hoe de natuurlijke vijanden van de bladluis kunnen worden ingezet in dit gebied, om de plaag te bestrijden. In de Hoeksche Waard liggen veel dijken en kreken die ecologisch worden beheerd. Dit betekent dat er veel meer soorten planten groeien en dat dit een aantrekkelijk leefgebied is voor veel dieren. Ook voor de natuurlijke vijanden (rovers) van de bladluis. figuur 1: Voorbeelden van ecologische beheerde kreken en dijken De onderzoekers vragen zich het volgende af: als er op meer plekken dit ecologisch beheer wordt toegepast, is het dan mogelijk om rovers in het gebied te krijgen die de bladluizen kunnen bestrijden? Als de boeren de randen van hun akkers en sloten op deze manier zouden beheren, zou dat dan voldoende kunnen zijn? In een klein deel van de Hoeksche Waard zijn de onderzoekers aan de slag gegaan met deze vragen. Wat zijn de belangrijkste vragen: 1. Als de akker- en slootranden zo worden ingericht komen er dan ook rovers? 2. Hoe groot is het invloedsgebied van deze randen? Inrichting van de akker- en slootranden Om de eerste vraag te beantwoorden hebben biologen gekeken naar welke (combinatie) van planten er bij de dijken en de kreken staan waar de rovers leven. In het onderzoeksgebied zijn de akker- en slootranden op die manier ingericht en daarna is er gekeken of er dan ook rovers komen. Daarvoor zijn potvallen geplaatst en is er gekeken hoeveel rovers er zitten. Pagina 26

28 Figuur 2: resultaten van de potvallen Uit figuur 2 blijkt dat er inderdaad veel rovers voorkomen. Daarnaast komen er ook veel sluipwespen en zweefvliegen op deze leefgebieden af. Ook dit zijn natuurlijke vijanden van bladluizen. Het invloedsgebied van de ecologisch beheerde akker- en slootranden Om de 2e vraag te beantwoorden is er gekeken hoever de rovers de gewassen in trekken om de bladluizen op te eten. En er is gekeken hoever de invloed van de vliegende rovers is vanaf de randen. Uit dit onderzoek blijkt dat de kruipende rovers ongeveer 150 meter ver de gewassen in trekken en dat de vliegende rovers ongeveer 1000 meter invloed uitoefenen, maar dat deze invloed minder sterk is dan die van de kruipende rovers. Figuur 3: Afstanden invloed rovers De onderzoekers trekken de volgende conclusies: Dijken, kreken en bosgebiedjes zijn al goed ingericht voor rovers Ecologische beheerde akker- en slootranden zijn ook goede leefgebieden voor rovers 150 meter vanaf deze randen is de invloed groot tot 1000 meter van deze randen is er invloed, maar deze is minder groot Een buffer is een gebied dat om een element wordt heen gelegd. Als je bijvoorbeeld op 50 meter van een weg geen huizen mag bouwen, dan moet je om die weg een buffer van 50 meter heen leggen om het gebied te laten zien waar je niet mag bouwen. Vul de juiste bufferafstanden in (in meters) Pagina 27

29 Uit de conclusie van de onderzoekers kan je afleiden dat de buffer om het gebied waar de invloed groot is meter moet zijn, en de buffer waar de invloed kleiner is meter. De inzet van GIS (Geografische Informatie Systemen) Nu gaan jullie GIS inzetten om te kijken of met de door de bioloog verzamelde gegevens de Hoeksche Waard zo ingericht kan worden dat er geen chemische bestrijdingsmiddelen meer nodig zijn. Een GIS is een systeem waarin informatie in verschillende lagen in een kaart staan en waar je analyses mee kunt uitvoeren. Een analyse is een soort vraag die je aan het systeem stelt. Bijvoorbeeld hoeveel akkerland ligt er binnen een afstand van 150 meter van een slootkant of een kreek. Hoe ga je dit doen? Eerst heb je een kaart nodig van het gebied, waarin de elementen staan die als belangrijk naar voren zijn gekomen in het onderzoek: Kreken, dijken, sloten, bosgebieden en akkers. Deze kaart staat voor jullie klaar. Open QGIS op je laptop en ervaar hoe je biologische gegevens kan analyseren met behulp van een GIS-systeem. De onderstaande link is een video waarin precies wordt voorgedaan wat je in QGIS moet doen om deze analyse uit te voeren: GIS analyse natuurlijke plaagbestrijding kn.nu/ww.d1f4532 (youtube.com) Als je nu alle buffers van 150 meter groen kleurt en allen buffers van 1000 meter oranje, dan heb je een duidelijk beeld of er delen van de Hoeksche Waard zijn die goed worden beschermd door de natuurlijke vijanden van de bladluis, voor een deel en die niet worden beschermd. Sleep de kleuren naar de juiste plek: De akkers die goed worden beschermd liggen in het deel De akkers die deels worden beschermd liggen in het deel De akkers die niet worden beschermd zijn op de kaart Beschikbare keuzes: groene, oranje, geel Wat heb je aan deze informatie? Als je nu weet dat er delen zijn die niet of deels beschermd worden door de natuurlijke vijand, heb je 2 mogelijkheden: 1. Je gebruikt op die plekken toch nog een beetje bestrijdingsmiddelen 2. Of je zorgt er voor dat er op die plekken ook een leefgebied ontstaat waar de natuurlijke vijand zich thuis voelt en zich daar kan vestigen. Pagina 28

30 Je hebt nu een voorbeeld gezien uit de praktijk. In de Hoeksche Waard zijn biologische onderzoekers echt bezig geweest om de boeren te helpen minder bestrijdingsmiddelen te gebruiken bij de bescherming van hun gewassen. Voorbereiding les 5 De volgende les gaan we buiten een puzzel zoektocht doen (ook wel bekend als geocaching). Hiervoor moet je op je mobiel in de app pdf-maps de kaart laden die je daarvoor nodig hebt. Hoe je dat doet staat hieronder beschreven. Zorg ervoor dat zoveel mogelijk groepsleden (minimaal 1, maar 2 of 3 is veel handiger) dit klaar hebben op hun mobiel voor de volgende les. Je hebt een wifi verbinding nodig om de kaart op je mobiel te zetten. Als we naar buiten gaan niet meer en je verbruikt ook geen data. 1. Open de app pdf-maps op je mobiel en klik op het plusje. 2. Selecteer From dropbox en ga naar de plek waar je de kaart hebt neergezet 3. Selecteer de kaart Geocache.pdf en klik op import 4. De kaart wordt nu geladen. Als dat klaar is klik je op de kaart Pagina 29

31 5. Klik daarna op het speldje met de streepjes 6. Selecteer Import From KML 7. Selecteer het bestand Geocache.kmz en klik op import 8. Er verschijnen nu speldjes op je kaart en je bent klaar op te gaan cachen! Afronding week 2 Dat was week 2 alweer van de module Mens & Milieu. Schrijf over deze week een samenvatting in je werkboek. De samenvatting gaat over de lessen Energie en Voedselproductie. De samenvatting schrijf je in je werkboekje. Gebruik in je samenvatting minimaal de woorden die daar worden genoemd. Als je de samenvatting hebt gemaakt, ga je door naar de weektoets 2. Heb je die voldoende, dan mag je verder met les 6 (les 5 is een klassikale buitenles) Pagina 30

32 Weektoets 2 kn.nu/hpr7e Dit is de toets die week 1 afsluit. De toets bestaat uit 10 vragen. Je moet er minstens 7 goed hebben om door te kunnen naar les 3. Heb je minder dan 7 vragen goed, dan doe je de toets nog een keer. Ben je geslaagd, druk dan op de knop bewijs van deelname/overzicht. Bewaar het bewijs als pdf en mail deze aan je docent (hoe je dit doet staat in je werkboek aan het eind van les 2) Sleep de teksten bij de juiste plaatjes a Bio-industrie / Kiloknaller b. Intensieve landbouw / Monocultuur c. Biologische landbouw / Keurmerk duurzaamheid d. Biologische landbouw / Scharrelkippen e. Biologische landbouw / Natuurlijke plaagbestrijding f. Bio- industrie / Legkippen g. Intensieve landbouw / Glastuinbouw h. Intensieve landbouw / Bestrijdingsmiddelen Intensieve landbouw Welk van de volgende kernmerken zijn nadelen van de intensieve landbouw: 1. Er moet kunstmest worden gebruikt 2. Er is geen mestoverschot 3. De opbrengsten zijn vaak groter 4. Er kunnen grote machines worden gebruikt om de grond te bewerken 5. De kans op insectenplagen is groter Pagina 31

33 a. 2, 3 en 4 b. 2 en 4 c. 4 en 5 d. 1 en 5 e. 1, 2 en 5 Kernenergie Welke stelling klopt als het gaat om kernenergie? a. Er komen geen broeikasgassen bij vrij b. Er wordt geen afval geproduceerd c. Het radioactieve afval kan worden hergebruikt voor andere nuttige toepassingen d. Er wordt heel weinig afval geproduceerd, dus dat is niet gevaarlijk Biomassa Bij opwekking van energie uit biomassa wordt organisch materiaal verbrand om elektriciteit te produceren. Bij die verbranding ontstaan koolstofdioxide. Toch wordt dit als duurzame energiebron gezien. Hoe komt dat? a. De planten hebben de CO2 eerst uit de lucht opgenomen. Dus er komt geen extra CO2 in de atmosfeer. b. Je verbrandt planten en dat is een natuurlijk product c. Er ontstaat minder CO2 bij de verbranding van planten dan bij de verbranding van fossiele brandstoffen Fossiel brandstoffen Fossiele brandstoffen zijn schadelijk voor het milieu. Het gebruik van aardgas is wel minder schadelijk dan steenkool en aardolie. Waarom is dat? a. Aardgas is er nog genoeg b. Bij de verbranding van aardgas ontstaat minder CO2 en vervuilende stoffen c. Aardgas is een natuurlijk product, dus minder schadelijk d. In Nederland hebben we zelf veel aardgas, dus hoeven we het niet te importeren Mest Jan zegt: in de biologische landbouw wordt geen mest geproduceerd. Imke zegt: In de biologische landbouw is er geen mestoverschot. Wie heeft er gelijk? a. Jan heeft gelijk b. Imke heeft gelijk c. Ze hebben allebei gelijk d. Ze hebben allebei ongelijk Pagina 32

34 Broeikaseffect Mirjam zegt: We moeten juist blij zijn met het broeikaseffect op aarde, anders zou het hier heel koud zijn Jan zegt: Teveel CO2 in de lucht zorgt voor een toename van het broeikaseffect, en dat is slecht voor het milieu. Wie heeft gelijk? a. Alleen Jan heeft gelijk b. Beide hebben gelijk c. Beide hebben ongelijk d. Alleen Mirjam heeft gelijk Landbouw Vul het juiste woord in: Als er op een akker maar 1 gewas wordt verbouwd noemen we dat een. Energiebronnen Vul het juiste woord in: Schonere energiebronnen als windenergie en zonne-energie, waarbij geen luchtvervuiling komt, noemen we energiebronnen. biologische landbouw Vul het juiste woord in: Als er op een akker nooit 2 jaar achter elkaar hetzelfde gewas wordt verbouwd dan heet dat. Verdieping Keurmerken Zet de app KeurmerkenWijzer van de organisatie milieu-centraal op je mobiel In Nederland zijn er meer dan 100 duurzaamheidskeurmerken. Sommige zijn goed, maar anderen zijn meer een truc om meer producten te verkopen. De organisatie Milieu Centraal heeft daarom een applicatie voor de mobiele telefoon ontwikkeld, waar deze keurmerken worden beschreven en Pagina 33

35 beoordeeld. De keurmerken worden beoordeeld op milieu, dierenwelzijn, eerlijke handel en controle. Opdrachten: Noteer de antwoorden in je werkboek 1. zoek in de categorie Koffie, thee, chocolade het keurmerk dat ook rekening houdt met dierenwelzijn. Waar richten keurmerken in deze categorie zich meer op? 2. Waarom scoort het keurmerk "Dolfijnvriendelijk gevangen tonijn" maar 1 punt op dierenwelzijn? Je zou denken dat daar een hogere score uit zou moeten komen 3. Welk keurmerk vind je het beste als het gaat om de grondstof hout? Waarom vind je dat? Pagina 34

36 Les 5: Afval (week 4.6.1) Deze les gaan we naar buiten onze mobiele telefoons. Die hebben we nodig voor een puzzelzoektocht in de wijk om de school. De informatie die je nodig hebt voor de zoektocht staat al op je telefoon als het goed is (dat heb je aan het eind van de vorige les gedaan). Wat gaan we doen: 1. We beginnen met alle groepjes bij het hek van de school. Daar moet je een vraag beantwoorden. Met het juiste antwoord kan je berekenen naar welk volgend punt je moet lopen. Op punt 1 zet iedereen de GPS track recorder aan, en deze blijft de hele tijd aan staan! 2. Op dat volgende punt moet je weer een vraag beantwoorden en met dat juiste antwoord bereken je weer de coordinaten van het volgende punt 3. Zo ga je door totdat je alle punten hebt gehad. 4. Met de informatie die je op de punten hebt verzameld, kan je de code van het slot ontcijferen op het eindpunt. Tijdens de zoektocht verzamel je al het zwerfafval dat je in de wijk tegenkomt. Zo helpen we met z'n allen ook om de buurt schoon te houden! Let op: Op de kaart staat een gele grens. Je mag niet buiten deze grens komen. Dit kan je docent achteraf controleren via de GPS track. Wat neem je mee: 1. Je mobiel 2. Pen en papier 3. Zak om afval in te verzamelen en een prikker Wat moet je weten over afval Omdat niet alles aan bod is gekomen tijdens de zoektocht krijg je hier nog een korte samenvatting van wat je over afval moet kennen tijdens de toets: - Er zijn 2 soorten afval: biologisch afbreekbaar en niet-biologisch afbreekbaar - Biologisch afbreekbaar afval kan door reducenten worden afgebroken - Gescheiden afvalinzameling maakt milieuvriendelijke verwerking mogelijk - Wat wordt er gescheiden ingezameld: GFT (Groente-, Fruit- en tuinafaval); Papier en karton; Glas, blik, plastic en textiel; KCA (Klein Chemisch Afval) - Gescheiden afval kan worden gestort, verbrand of hergebruikt - Vormen van hergebruik: Recycling (gebruikt als grondstof voor nieuwe producten) en composteren (mest voor de tuin) - Wat wordt bedoeld met de plastic soep; Hoe is deze ontstaan en wat zijn de gevolgen voor mens en milieu Pagina 35

37 Les 6: Natuurbeheer en biodiversiteit (week 4.6.2) Natuurbeheer gebeurt in Nederland op verschillende niveaus en door verschillende organisaties. Afhankelijk van wat de visie van een organisatie is op natuurbeheer zal dat beheer op een bepaalde manier worden uitgevoerd. Schrijf in je werkboek wat jij verstaat onder natuurbeheer. Natuurbeheer is volgens mij: Een belangrijk doel van natuurbeheer in Nederland is om de biodiversiteit te vergroten. Schrijf ook op wat bedoeld wordt met biodiversiteit. Biodiversiteit is: Er zijn 3 veel toegepaste vormen van natuurbeheer. Lees de informatie op de volgende wikipedia pagina: en beantwoord de volgende vragen: Vraag 1: Welke 3 vormen van natuurbeheer worden toegepast in Nederland? Vraag 2: Sleep de vormen van beheer naar de goede plek Een schapenkudde gebruiken om heide gebieden te behouden is een vorm van Dode dieren en omgevallen bomen laten liggen in natuurgebieden is een vorm van Het regelen van de grondwaterstand in een polder om bepaalde planten te laten groeien is een vorm van Beschikbare keuzes: extern-beheer, actief-beheer, nietsdoen De Oostvaardersplassen is een mooi stukje natuur in de Flevopolder. Waarschijnlijk heb je film de Nieuwe Wildernis wel gezien of heb je er in ieder geval van gehoord. De natuur wordt hier minimaal beheerd. De mens laat hier de natuur voor een groot deel zijn gang gaan. Klik op onderstaande link en lees het stukje. Beantwoord daarna de vraag Pagina 36

38 Beheer in de Oostvaardersplassen kn.nu/ww.c (pdf, maken.wikiwijs.nl) In het stukje over Oostvaardersplassen kan je lezen welke vorm(en) van beheer Staatsbosbeheer toepast. Welk vorm(en) haal je uit de tekst? Natuur in Nederland In Nederland wordt het natuurbeheer bepaald door regels die gesteld worden door de Europese Unie en de Nederlandse overheid zelf. 2 belangrijke begrippen hierbij zijn Natura 2000 en de EHS (Ecologische HoofdStructuur). Natura2000-gebieden vormen in Europa een netwerk van beschermde natuurgebieden. In deze gebieden gelden strenge regels om de natuur zoveel mogelijk te beschermen. In Nederland hebben we ook van deze gebieden. Daarbij hebben we in Nederland EHS gebieden. De EHS bestaat uit kerngebieden met verbindingszones. In de kerngebieden is veel ruimte voor planten en dieren. De verbindingszones zijn stroken land of water die de kerngebieden met elkaar verbinden. Pagina 37

39 Op de kaart hierboven van de EHS en Natura2000 gebieden in Nederland kan je zien dat ook in de provincie Utrecht veel gebieden liggen die door deze regels beschermd worden. Van de ene soort gebieden zijn er echter veel meer dan van de andere soort. Welke soort gebieden komen in de provincie Utrecht veel meer voor dan de andere? De -gebieden komen in de provincie Utrecht veel meer voor dan de gebieden Beschikbare keuzes: Natura2000, EHS Vanaf 2017 gaan we in Nederland werken met de nieuwe wet natuurbescherming. Deze wet vervangt de 3 wetten die nu gebruikt worden voor de natuurbescherming: De flora- en Faunawet, de Boswet en de Natuurbeschermingswet. Lees de informatie op de website van de Rijksoverheid op de volgende pagina: en beantwoord met deze informatie de volgende vragen: Vraag 1 In welke wet staat op je wel of niet op bepaalde dieren mag jagen? a. Boswet b. Natuurbeschermingswet c. Flora- en Faunawet Vraag 2 Wat betekenen de woorden flora en fauna eigenlijk? Flora staat voor alle in een bepaald gebied en de fauna van een gebied omvat alle. Vraag 3 De flora- en Faunawet beschermt de biodiversiteit tegen invasieve exoten. Wat wordt bedoeld met invasieve exoten? a. Planten die andere planten volledig overwoekeren en zo de biodiversiteit bedreigen b. Dieren die om de zoveel tijd een plaag vormen (zoals bv. de eikenprosessie-rups) c. Roofdieren die andere dieren opeten d. Dieren en planten die van oorsprong niet in Nederland voorkomen en een bedreiging vormen voor de soorten die hier wel voorkomen De mens heeft vaak bedoeld of onboeld vreemde soorten meegenomen en deze uitgezet in natuur waar ze oorspronkelijk niet voorkomen. Soms gaat dat goed, maar vaak gaat dat ook mis en Pagina 38

40 gebeuren er onbeoelde dingen. Via onderstaande link lees je een stukje van Freek Vonk over hoe het mis gaat in Australie met de reuzenpad. Gastcolumn over de reuzenpad als ecologische ramp in Australie? Column Biologie australie?, ecologie, reuzenpad - Kennislink.pdf kn.nu/ww.b20f982 (pdf, maken.wikiwijs.nl) Biodiversiteit Door de activiteiten van de mens is het natuurlijk milieu van veel planten en dieren verdwenen. Ook door de jacht en visserij zijn verschillende plantenen diersoorten uitgestorven. Veel ander soorten worden met uitsterven bedreigd. Het International Union for Conservation of Nature (IUCN) is s werelds oudste en grootste unie voor natuurbescherming. Ook stelt IUCN jaarlijks de Rode Lijst van bedreigde soorten op. Het WereldNatuurFonds werkt ook met deze lijst en richt zich op de meest bedreigde diersoorten: Wereldwijd neemt het aantal verschillende ecosystemen af. Het gevolg hiervan is dat de variatie in de natuur afneemt. De diversiteit wordt kleiner. De term biodiversiteit staat dus voor de variatie aan soorten in de natuur. Natuurbescherming in Nederland is er op gericht om deze diversiteit te verhogen. Dit kan je doen door soorten die zijn verdwenen terug te brengen in de natuur. Herintroductie is het terugbrengen van een dier- of plantensoort in een land. Mooie voorbeelden hiervan in Nederland zijn de herintroductie van de bever en de otter. Natuurbeheer: een casus Je weet nu dat er op Europees en landelijk niveau wetten zijn die de natuur in Europa en ons land beschermen. Maar alleen maar vertellen wat wel en niet mag, is niet voldoende. In ons kleine land moeten we zoeken naar manieren om zo goed mogelijk als mens en dieren samen te leven. De aspect dat daar ook bij komt kijken, is dat wilde dieren soms ook een gevaar voor de mens kunnen zijn. Je kan dan de dieren afschieten, maar beter is om manieren te zoeken die de gevaren voor de mens beperken en de natuur zo "wild" mogelijk laten zijn. Jullie gaan in de volgende opdracht kijken hoe informatie verzameld en gebruikt kan worden om bepaalde beslissingen te nemen die het mogelijk maakt om mens en natuur zo goed mogelijk samen te laten leven. Bekijk hiervoor eerst het volgende filmpje: Pagina 39

41 Herten op de Veluwe kn.nu/ww.79c0959 (youtu.be) Je hebt gezien hoe boswachters informatie verzamelen over herten op de Veluwe met behulp van halsbanden die sms-jes versturen naar een computer. Staatsbosbeheer gebruikt deze informatie om hun gebieden goed in te kunnen richten voor deze dieren. Groennetwerk en Natuurmonumenten verzameld informatie over aanrijdingen die plaatsvinden met wild in Nederland. Dat is heel vervelend voor de dieren, ze gaan dood, of misschien wel erger, ze raken gewond waardoor ze langzaam dood gaan. Voor de mensen is het ook gevaarlijk. Een aanrijding met een hert of een wild zwijn kan heel veel schade aanrichten. Voor een motorrijder kan het zelf dodelijk zijn. Aanrijdingen met wild op de Veluwe kn.nu/ww.0f09063 (youtu.be) In je werkboek staan 3 mogelijke oplossingen. Bespreek met je leerteam in ongeveer 5 minuten de voor- en nadelen van elk van deze oplossingen. Zelf aan de slag met kaarten We gaan weer kijken naar een praktijkvoorbeeld. Deze keer ben je iemand van de provincie Gelderland die er voor moet zorgen dat er minder aanrijdingen zijn met wild op de wegen in de Veluwe. Om een idee te krijgen welke maatregelen je moet nemen, geef je eerst opdracht om het probleem in kaart te brengen. Je wilt de volgende vragen beantwoord hebben: 1. Op welke soort wegen is het probleem het grootst? 2. Welke weg op de Veluwe moet het eerst veilig gemaakt worden omdat daar de meeste ongelukken gebeuren? Je gaat eerst nadenken welke informatie je nodig hebt om deze vragen te kunnen beantwoorden. Op welk soort weg denk je dat de meeste aanrijdingen met wild plaatsvinden? Welke informatielagen heb je nodig om de 2 vragen te kunnen beantwoorden? a. Waar de aanrijdingen hebben plaatsgevonden, plus de wegen met daarbij welk soort weg het is b. Met welk dier de aanrijding heeft plaatsgevonden en op welk soort weg dat is gebeurd c. Wat voort soort voertuig bij de aanrijding betrokken was en waar dat is gebeurd Start nu QGIS en op het project "aanrijdingen.qgs". Je ziet een kaart van de Veluwe en links zie je dat er nog een aantal lagen uitstaan. Om het overzichtelijk te houden zet je de laag 'ondergronden' uit en de lagen 'Wegen_Veluwe' aan. Je ziet dat de wegen zijn ingedeeld naar de type weg (snelweg is paars, hoofdweg is oranje enz.) Pagina 40

42 Er zijn een aantal organisaties die bijhouden waar aanrijdingen met wild hebben plaatsgevonden. Van deze organisaties heb je het bestand gekregen met deze informatie. Aan de plek van de aanrijding kan je ook zien op welke weg dit is gebeurd. Zet de laag 'Aanrijdingen' ook aan. Om de eerste vraag te beantwoorden moet je nu de bolletjes van dezelfde kleur optellen. Dan weet je op welk soort weg de meeste aanrijdingen zijn gebeurd. Maar je begrijpt wel dat 1 voor 1 gaan tellen niet de meest snelle oplossing is. We hebben de gegevens immers in een GIS-systeem zitten! Klik met je rechtermuisknop op de laag 'Aanrijdingen'. Er verschijnt een menuutje. Klik hier op 'Aantal objecten tonen'. Nu moet je de eerste vraag precies kunnen beantwoorden: Op welk soort wegen gebeuren de meeste aanrijdingen met wild op de Veluwe? a. Autosnelwegen b. Hoofdwegen c. Regionale wegen d. Lokale wegen e. Onverharde wegen Hoeveel procent van alle aanrijdingen is dat? (afgerond op hele procenten) Dat is % van alle aanrijdingen De tweede vraag: Welk stukje van de Veluwe moet het eerst veilig gemaakt worden omdat daar de meeste ongelukken gebeuren? gaan we beantwoorden door een heatmap te maken van de laag met aanrijden. Dit soort kaart heb je al een keer gezien in les 1. Daar werd een heatmap gemaakt van het aantal cholera-slachtoffers. Een heatmap is een kaart waar de concentratie van punten wordt aangegeven met een bepaalde kleur. In dit geval dus: Hoe meer aanrijdingen in een gebied, hoe donkerder de kleur. Zet de laag 'Aanrijdingen heatmap' aan. Je ziet nu meteen in welk gebied de meeste aanrijdingen plaatsvinden. Zoom in op dit gebied en zoom in op de weg met de meeste aanrijdingen. Zet nu de laag ondergronden weer aan en als het goed is kun je lezen over welke weg het gaat. Op welke weg in de Veluwe vinden de meeste aanrijdingen plaats? De eerste stap is nu gezet naar een veiliger wegennet in de Veluwe. Jij kan met de resultaten van je onderzoek naar het provinciale bestuur van Gelderland en hun vertellen dat de meeste ongelukken gebeuren op hoofdwegen en dat er snel iets moet gebeuren op de plek waar de meeste aanrijdingen plaatsvinden. Een vervolgonderzoek moet dan worden gestart naar wat de beste maatregelen zijn die ongelukken kunnen voorkomen. Kunnen jullie zelf al een paar mogelijke oplossingen bedenken? Mogelijke oplossingen om aanrijdingen te voorkomen: Afronding week 3 En dat was week 3. Schrijf over deze week weer een samenvatting in je werkboek. De samenvatting gaat over de lessen Afval en Natuurbeheer en diversiteit. De samenvatting schrijf je in je werkboekje. Pagina 41

43 Gebruik in je samenvatting minimaal de woorden die daar worden genoemd. Deze week maken we geen toets, omdat we volgende week beginnen met een diagnositsche toets over het hele thema. Verdieping In Nederland worden grote stukken natuur soms doorsneden door grote wegen. Dit is gevaarlijk voor dieren en mensen zoals je hebt gezien in deze les. Om er voor te zorgen dat dieren veilig over kunnen steken hebben we op veel plaatsen zogenaamde ecoducten gemaakt. Bekijk de volgende film en beantwoord daarna de vragen over ecoducten: Ecoduct Groote Heide kn.nu/ww.93d7c20 (youtube.com) Vraag 1 Vul het juiste woord in de zin in: Een andere naam voor een ecoduct is een. Vraag 2 Wat is de functie van een ecoduct? a. Het verbinden van natuurgebieden b. Zorgen dat dieren veilig over kunnen steken c. Zorgen dat er minder aanrijdingen zijn met dieren d. A, B en C zijn allemaal functies van een ecoduct Vraag 3 Hoe komt het dat dieren op de brug oversteken en niet ergens anders op de weg? Vraag 4 In het filmpje wordt gezegd: De brug wordt niet alleen gebruikt om over te steken, maar is ook een ecosysteem op zich. Wat wordt daarmee bedoeld? Pagina 42

44 Les 7: Diagnostische toets en presentatie (week 4.7.1) Vandaag doen we klassikaal een digitale diagnostische toets. Deze doe je op je laptop of op je mobiel. Je krijgt bij elke vraag meteen te zien of je deze goed of fout hebt beantwoord, en krijgt daarbij uitleg. In je werkboekje zit een tabel, waar je kan aankruisen wat je al wel goed begrijpt en wat je nog wat meer moet leren. Zo kan je je beter op de toets voorbereiden. Het is geen wedstrijd en je hebt alle tijd. Doe het rustig aan en leer ervan. Ga naar: m.socrative.com Room = spw363lp Vul je echte naam in (dan kan de docent later zien of hij je nog ergens mee kan helpen) en wacht tot de docent de toets start. Als je klaar bent ga je met je leerteam verder met de voorbereiding voor de presentatie van je keuzeopdracht. Pagina 43

45 Les 8: Presentaties (week 4.7.2) Vandaag presenteren jullie de onderwerpen die jullie hebben onderzocht aan de rest van de klas. Dit doen we in een marktvorm. Dit gaat als volgt: - Er zijn 6 leerteams, die elk aan hun eigen tafeltje 5 keer dezelfde presentatie geven - Telkens geven 2 of 3 personen van elk leerteam een presentatie voor 2 tot 3 personen van een ander leerteam - Degene die de presentaties volgen, maken aantekeningen voor het hele team - Deze aantekeningen zijn ook onderdeel van de stof die je moet leren voor de toets! - De presentaties duren 5 minuten - Na vijf minuten gaat er een bel en draaien de bezoekende teams een tafel door - De laatste 2 rondes wisselen de presentatie-gevers en de presentatie-bezoekers van plek - Iedereen in een leerteam heeft dus een aantal presentaties gegeven en een aantal bezocht Nummer de leden van je leerteam van 1 t/m 5. Als je op onderstaande link klikt, zie je het schema waarin staat wat elk temalid in elk van de 5 rondes moet doen: Roulatieschema presentatiemarkt kn.nu/ww.34851ce (pdf, maken.wikiwijs.nl) Beoordeling - Telkens als je een presentatie bezoekt met een aantal teamleden, vul je na afloop het beoordelingsformulier in - Elk team wordt dus 5 keer beoordeeld - De docent geeft ook een beoordeling - Als het gemiddelde cijfer van de klas en dat van de docent niet meer dan 1 punt verschilt, dan geld dat gemiddelde - Als er meer dan 1 punt verschil in zit, geld het cijfer van de docent (beoordeel dus eerlijk en goed) - Waar je op moet letten staat op het beoordelingsformulier Via deze link zie je het beoordelingsformulier: Beoordelingsformulier presentaties kn.nu/ww.bd7041a (pdf, maken.wikiwijs.nl) 1. Plastic soep WebQuest Plastic Soep Samen met je leerteam ga je een presentatie maken waarin jullie een oplossing proberen te vinden voor de plastic soep. Voor de presentatie kan je kiezen uit de volgende 2 vormen: 1. Een filmpje Pagina 44

46 2. Een PowerPointpresentatie die je zelf van commentaar voorziet Wat moet er in jullie presentatie voorkomen: - Wat is de plastic soep - Hoe is deze ontstaan - Welke omvang heeft de plastic soep - Waaruit bestaat de plastic soep - Wat voor invloed heeft de plastic soep op het milieu, de mens en de maatschappij - Wat jullie oplossing is voor het probleem Bedenk bij jullie oplossing dat kosten een belangrijke rol spelen. Dus zorg ervoor dat jullie oplossing uitgevoerd kan worden. Je kan bij het maken van je presentatie gebruik maken van de volgende bronnen: kn.nu/ww.2c5078c (5gyres.org) kn.nu/ww.60c348c (plasticsoupfoundation.org) Wikipedia - Plastic soep kn.nu/ww.2c07400 (nl.wikipedia.org) Filmpje over de plastic soep kn.nu/ww.39bdac0 (youtube.com) 2. El Nino WebQuest El Nino Samen met je leerteam ga je een presentatie maken waarin jullie aan de resst van de klas het fenomeen El Nino uitleggen. Voor de presentatie kan je kiezen uit de volgende 2 vormen: 1. Een filmpje 2. Een PowerPointpresentatie die je zelf van commentaar voorziet Wat moet er in jullie presentatie voorkomen: - Wat is El Nino - Hoe ontstaat El Nino - Wat zijn de gevolgen van El Nino - Hoe vaak komt het voor? - Wat is La Nina en wat heeft dit te maken met El Nino? Pagina 45

47 - Heeft het te maken met huidige de klimaatveranderingen? Zorg ervoor dat je klasgenoten je presentatie begrijpen! Ze moeten na het zien van je presentatie de bovenstaande vragen kunnen beantwoorden. Je kan bij het maken van je presentatie gebruik maken van de volgende bronnen: KNMI: El Nino kn.nu/ww.5a40d43 (knmi.nl) El Nino: het ongewenste kerstkind kn.nu/ww.c (nos.nl) Animatie over El Nino en La Nina kn.nu/ww.74cd9c4 (youtube.com) 3. Introductie van exoten In les 6 staat een artikel van Freek Vonk over de introductie van de reuzenpad in Australie en wat daar mis is gegaan. Dit is een voorbeeld van de introductie van een exotisch organisme in een ecosysteem waar het oorspronkelijk niet in thuis hoort. Opdracht: - Zoek naar voorbeelden in Nederland waar exoten zijn geintroduceerd. - Geef minimaal 1 voorbeeld waarin het goed is gegaan en 1 voorbeeld waarin het fout is gegaan - Verwerk dit in een aantrekkelijke presentatie die duidelijk uitlegt wat de introductie van exoten is en wat de gevolgen kunnen zijn. 4. De ijsbeer Het plaatje van een ijsbeer op een kleine ijsschots is het symbool geworden van de huidge klimaatverandering. Als je voor deze opdracht kiest, maak je een presentatie over de klimaatveranderingen van dit moment. Er zijn mensen die zeggen dat we anders moeten gaan leven omdat we de aarde onleefbaar maken. Terwijl anderen beweren dat het helemaal niet komt door de invloed van de mens. Wat nou is waar? De opdracht: - Maak een presentatie waarin de voor- en tegenstanders van het idee dat de mens verantwoordelijk is voor de klimaatverandering aan bod komen - De presentatievorm kies je zelf: een poster, PowerPoint, filmpje Pagina 46

48 - Beschrijf wat de gevolgen zijn van de huidige klimaatveranderingen voor de ijsbeer (leefgebied, voedsel ed.) - Kunnen wij mensen iets doen om de klimaatverandering te stoppen en zo het leefgebied van de ijsbeer te behouden? 5. Organiseer een duurzame vakantie Een vakantie is al snel een grote aanslag op het milieu en zorgt er voor dat je ecologische voetafdruk een stuk groter wordt. Ver weg met het vliegtuig, daar een jeep huren en door de natuur racen, logeren in een resort waar een stuk oerwoud voor gekapt is... Maar uiteraard kan het ook anders. Jullie presentatie gaat over een vakantie die duurzaam is. In de presentatie moeten in ieder geval de volgende aspecten aan de orde komen: - Welke keuzes maken jullie om de duurzaamheid te vergroten? - Waar blijkt uit dat deze keuzes duurzaam zijn? - Wat zijn de kosten in vergelijkbaar met het niet duurzame alternatief - De presentatie is aantrekkelijk en overtuigd mensen om deze vakantie te gaan boeken Tips voor een groene vakantie kn.nu/ww.a7e3e74 (hetkanwel.net) 6. Ontwikkel een speurtocht met pdf-maps In les 5 doen we een speurtocht met pdf-maps. Als je dit onderwerp kiest, maak je zelf een vergelijkbare speurtocht met dit programma over een onderwerp dat met het thema Mens & Milieu te maken heeft. De speurtocht doen we dan niet, maar je presenteert je applicatie zodat duidelijk wordt wat de bedoeling is. Je mag de docent om technische hulp vragen (bijvoorbeeld voor de ondergrond kaart en hoe het programma werkt), maar de inhoud bepalen julie helemaal zelf. Het buiten uitzetten van de speurtocht mag je niet tijdens lesuren doen. het verwerken van de informatie uiteraard wel. De speurtocht moet voldoen aan de volgende eisen: - Moet uitvoerbaar zijn (dus moet helemaal af zijn) - Mag niet langer duren dan 45 minuten (te voet) - Moet in de omgeving van de school plaatsvinden (laat dit checken door de docent) - Moet iets toevoegen aan de lesstof die we in dit thema behandelen Maak eerst een opzet en laat deze goedkeuren door de docent voor je echt begint. 7. Is palmolie voor biodiesel duurzaam? WebQuest Palmolie als biobrandstof Palmolie als biobrandstof. Het klinkt erg duurzaam om in plaats van fossiele brandstoffen te zoeken naar CO2 neutrale alternatieven. Maar is palmolie als biobrandstof wel zo duurzaam? Met je leerteam ga je op internet op zoek naar informatie die je verwerkt in een presentatie. Pagina 47

49 Voor de presentatie kan je kiezen uit de volgende 2 vormen: 1. Een filmpje 2. Een PowerPointpresentatie die je zelf van commentaar voorziet Wat moet er in jullie presentatie voorkomen: - Hoe werkt palmolie als biobrandstof - Hoe wordt het gewonnen - Wat is daarvoor nodig - Waarom is het wel, of waarom is het niet duurzaam - Wat vinden jullie zelf Kies een standpunt: wel of niet duurzaam. En maak je presentatie zo, dat je mensen probeert te overtuigen van jullie mening. Je kan bij het maken van je presentatie gebruik maken van de volgende bronnen: Voorstanders kn.nu/ww.d879ac9 (kennislink.nl) Tegenstanders kn.nu/ww.75654b0 (duurzaambedrijfsleven.nl) Follow the money kn.nu/ww.f5c8487 (ftm.nl) Tijgervriendelijk palmolie kn.nu/ww.5c5b63f (greenpeace.nl) 8. Eigen idee Wil je liever een eigen idee uitwerken en presenteren, dan kan dat ook. Je gekozen onderwerp moet dan wel te maken hebben met het thema Mens & Milieu. Verder moet het aan de volgende eisen voldoen: - Het thema is actueel (het speelt nu en niet te lang geleden) - Het moet iets toevoegen aan de lesstof die we in dit thema behandelen - Het moet interessant zijn voor de rest van de klas - De tijdsinvestering is vergelijkbaar met die van de andere onderwerpen Voor je begint laat je je onderwerp goedkeuren door de docent. Pagina 48

Werkboek bij lessenserie. Mens & Milieu

Werkboek bij lessenserie. Mens & Milieu Werkboek bij lessenserie Mens & Milieu Naam: Klas: Auteur: Marc Bel, 2016 Inhoud Inhoud... 2 Inleiding... 2 Les 1: Introductie Mens & Milieu (week 4.4.1)... 3 Les 2: De mens en het milieu (week 4.4.2)...

Nadere informatie

Milieuproblemen: Stoffen worden in het milieu onttrokken (deel verwijderen) en er worden andere stoffen aan toegevoegd = veranderen van het milieu.

Milieuproblemen: Stoffen worden in het milieu onttrokken (deel verwijderen) en er worden andere stoffen aan toegevoegd = veranderen van het milieu. Biologie hoofdstuk 7 Mens en milieu Paragraaf 1 mens en het milieu de mens is afhankelijk van het milieu: - voedsel => voor de mens. - zuurstof => voor planten (fotosynthese) en om te ademen. - water =>

Nadere informatie

Afhankelijk van de natuur. banner. Green Science CITAVERDE. CC Naamsvermelding-GelijkDelen 3.0 Nederland licentie. https://maken.wikiwijs.

Afhankelijk van de natuur. banner. Green Science CITAVERDE. CC Naamsvermelding-GelijkDelen 3.0 Nederland licentie. https://maken.wikiwijs. banner Auteur Laatst gewijzigd Licentie Webadres Green Science CITAVERDE 12 juli 2016 CC Naamsvermelding-GelijkDelen 3.0 Nederland licentie https://maken.wikiwijs.nl/81673 Dit lesmateriaal is gemaakt met

Nadere informatie

Afhankelijk van de natuur vmbo-b12. CC Naamsvermelding 3.0 Nederland licentie. http://maken.wikiwijs.nl/62385

Afhankelijk van de natuur vmbo-b12. CC Naamsvermelding 3.0 Nederland licentie. http://maken.wikiwijs.nl/62385 Auteur VO-content Laatst gewijzigd Licentie Webadres 06 June 2016 CC Naamsvermelding 3.0 Nederland licentie http://maken.wikiwijs.nl/62385 Dit lesmateriaal is gemaakt met Wikiwijsleermiddelenplein. Wikiwijsleermiddelenplein

Nadere informatie

Afhankelijk van de natuur vmbo-kgt12. CC Naamsvermelding 3.0 Nederland licentie.

Afhankelijk van de natuur vmbo-kgt12. CC Naamsvermelding 3.0 Nederland licentie. Auteur VO-content Laatst gewijzigd 14 July 2016 Licentie CC Naamsvermelding 3.0 Nederland licentie Webadres http://maken.wikiwijs.nl/62464 Dit lesmateriaal is gemaakt met Wikiwijs Maken van Kennisnet.

Nadere informatie

Begrippen. Broeikasgas Gas in de atmosfeer dat de warmte van de aarde vasthoudt en zo bijdraagt aan het broeikaseffect.

Begrippen. Broeikasgas Gas in de atmosfeer dat de warmte van de aarde vasthoudt en zo bijdraagt aan het broeikaseffect. LESSENSERIE ENERGIETRANSITIE Informatieblad Begrippen Biobrandstof Brandstof die gemaakt wordt van biomassa. Als planten groeien, nemen ze CO 2 uit de lucht op. Bij verbranding van de biobrandstof komt

Nadere informatie

Milieuvervuiling vmbo-kgt34. CC Naamsvermelding-GelijkDelen 3.0 Nederland licentie.

Milieuvervuiling vmbo-kgt34. CC Naamsvermelding-GelijkDelen 3.0 Nederland licentie. Auteur VO-content Laatst gewijzigd 23 December 2016 Licentie CC Naamsvermelding-GelijkDelen 3.0 Nederland licentie Webadres http://maken.wikiwijs.nl/63332 Dit lesmateriaal is gemaakt met Wikiwijs Maken

Nadere informatie

Samenvatting Mens & Milieu Biologie voor Jou VMBO 4a

Samenvatting Mens & Milieu Biologie voor Jou VMBO 4a Samenvatting Mens & Milieu Biologie voor Jou VMBO 4a 4.1 Mensen zijn van het milieu afhankelijk voor: Voedsel (via fotosynthese) Zuurstof (via fotosynthese) Water Energie Grondstoffen Recreatie Milieuproblemen:

Nadere informatie

Les Koolstofkringloop en broeikaseffect

Les Koolstofkringloop en broeikaseffect LESSENSERIE ENERGIETRANSITIE Basisles Koolstofkringloop en broeikaseffect Werkblad Les Koolstofkringloop en broeikaseffect Werkblad Zonlicht dat de aarde bereikt, zorgt ervoor dat het aardoppervlak warm

Nadere informatie

Les Biomassa. Werkblad

Les Biomassa. Werkblad LESSENSERIE ENERGIETRANSITIE Les Biomassa Werkblad Les Biomassa Werkblad Niet windenergie, niet zonne-energie maar biomassa is de belangrijkste bron van hernieuwbare energie in Nederland. Meer dan 50%

Nadere informatie

Lessuggesties energie Ter voorbereiding van GLOW. Groep 6, 7, 8

Lessuggesties energie Ter voorbereiding van GLOW. Groep 6, 7, 8 Lessuggesties energie Ter voorbereiding van GLOW Groep 6, 7, 8 Eindhoven, 8 september 2011 In het kort In deze lesbrief vind je een aantal uitgewerkte lessen waarvan je er één of meerdere kunt uitvoeren.

Nadere informatie

Duurzaamheid hv12. CC Naamsvermelding-GelijkDelen 3.0 Nederland licentie.

Duurzaamheid hv12. CC Naamsvermelding-GelijkDelen 3.0 Nederland licentie. Auteur VO-content Laatst gewijzigd 15 July 2016 Licentie CC Naamsvermelding-GelijkDelen 3.0 Nederland licentie Webadres http://maken.wikiwijs.nl/52459 Dit lesmateriaal is gemaakt met Wikiwijsleermiddelenplein.

Nadere informatie

Economie en milieu hv123. CC Naamsvermelding-GelijkDelen 3.0 Nederland licentie. http://maken.wikiwijs.nl/52456

Economie en milieu hv123. CC Naamsvermelding-GelijkDelen 3.0 Nederland licentie. http://maken.wikiwijs.nl/52456 Auteur VO-content Laatst gewijzigd 02 May 2016 Licentie CC Naamsvermelding-GelijkDelen 3.0 Nederland licentie Webadres http://maken.wikiwijs.nl/52456 Dit lesmateriaal is gemaakt met Wikiwijsleermiddelenplein.

Nadere informatie

- de explosieve groei van de wereldbevolking - de manier van leven die verandert (machines, industrie, grootschaligheid)

- de explosieve groei van de wereldbevolking - de manier van leven die verandert (machines, industrie, grootschaligheid) Samenvatting Thema 4: Mens en milieu Basisstof 1 Mensen hebben het milieu nodig voor het krijgen van: - voedsel - water - energie - grondstoffen - zuurstof - een plekje om je er te recreëren Milieuproblemen

Nadere informatie

Bedreigingen. Broeikaseffect

Bedreigingen. Broeikaseffect Bedreigingen Vroeger gebeurde het nogal eens dat de zee een gat in de duinen sloeg en het land overspoelde. Tegenwoordig gebeurt dat niet meer. De mensen hebben de duinen met behulp van helm goed vastgelegd

Nadere informatie

Kernenergie. kernenergie01 (1 min, 22 sec)

Kernenergie. kernenergie01 (1 min, 22 sec) Kernenergie En dan is er nog de kernenergie! Kernenergie is energie opgewekt door kernreacties, de reacties waarbij atoomkernen zijn betrokken. In een kerncentrale splitst men uraniumkernen in kleinere

Nadere informatie

Fossiele brandstoffen? De zon is de bron!

Fossiele brandstoffen? De zon is de bron! Energie 5 en 6 3 Fossiele brandstoffen? De zon is de bron! Filmpjes werkblad Doelen Begrippen Materialen Duur De leerlingen: weten dat fossiele brandstoffen hele oude resten van planten zijn. kunnen een

Nadere informatie

Economie en milieu vmbo12. CC Naamsvermelding-GelijkDelen 3.0 Nederland licentie.

Economie en milieu vmbo12. CC Naamsvermelding-GelijkDelen 3.0 Nederland licentie. Auteur VO-content Laatst gewijzigd 17 October 2016 Licentie CC Naamsvermelding-GelijkDelen 3.0 Nederland licentie Webadres http://maken.wikiwijs.nl/62169 Dit lesmateriaal is gemaakt met Wikiwijs Maken

Nadere informatie

Bernd Roemmelt / Greenpeace HET KLIMAAT EN DE NOORDPOOL

Bernd Roemmelt / Greenpeace HET KLIMAAT EN DE NOORDPOOL Bernd Roemmelt / Greenpeace HET KLIMAAT EN DE NOORDPOOL HET KLIMAAT EN DE NOORDPOOL Greenpeace is een organisatie die ereldijd opkomt voor het milieu. We illen de natuur en de dieren daarin beschermen.

Nadere informatie

Opwarming van de aarde hv123. CC Naamsvermelding-GelijkDelen 3.0 Nederland licentie. http://maken.wikiwijs.nl/52494

Opwarming van de aarde hv123. CC Naamsvermelding-GelijkDelen 3.0 Nederland licentie. http://maken.wikiwijs.nl/52494 Auteur VO-content Laatst gewijzigd 03 May 2016 Licentie CC Naamsvermelding-GelijkDelen 3.0 Nederland licentie Webadres http://maken.wikiwijs.nl/52494 Dit lesmateriaal is gemaakt met Wikiwijsleermiddelenplein.

Nadere informatie

Duurzame stroom in het EcoNexis huis

Duurzame stroom in het EcoNexis huis Groepsopdracht 1 Duurzame stroom in het EcoNexis huis Inleiding De wereldbevolking groeit, en de welvaart stijgt ook steeds meer. Daarom neemt de vraag naar energie (elektriciteit, gas, warmte) wereldwijd

Nadere informatie

Anders eten. CC Naamsvermelding 3.0 Nederland licentie. http://maken.wikiwijs.nl/60010

Anders eten. CC Naamsvermelding 3.0 Nederland licentie. http://maken.wikiwijs.nl/60010 Auteur Laatst gewijzigd Licentie Webadres ana calixto 18 May 2016 CC Naamsvermelding 3.0 Nederland licentie http://maken.wikiwijs.nl/60010 Dit lesmateriaal is gemaakt met Wikiwijsleermiddelenplein. Wikiwijsleermiddelenplein

Nadere informatie

Vooraleer de leerlingen de teksten lezen, worden de belangrijkste tekststructuren overlopen (LB 265).

Vooraleer de leerlingen de teksten lezen, worden de belangrijkste tekststructuren overlopen (LB 265). 5.2.1 Lezen In het leerboek krijgen de leerlingen uiteenlopende teksten te lezen. Op die manier worden de verschillende tekstsoorten en tekststructuren nogmaals besproken. Het gaat om een herhaling van

Nadere informatie

Afhankelijk van de natuur vmbo-b34. CC Naamsvermelding 3.0 Nederland licentie.

Afhankelijk van de natuur vmbo-b34. CC Naamsvermelding 3.0 Nederland licentie. Auteur VO-content Laatst gewijzigd Licentie Webadres 20 December 2016 CC Naamsvermelding 3.0 Nederland licentie http://maken.wikiwijs.nl/73588 Dit lesmateriaal is gemaakt met Wikiwijs Maken van Kennisnet.

Nadere informatie

Anders eten. CC Naamsvermelding 3.0 Nederland licentie. https://maken.wikiwijs.nl/60010

Anders eten. CC Naamsvermelding 3.0 Nederland licentie. https://maken.wikiwijs.nl/60010 Auteur Laatst gewijzigd Licentie Webadres ana calixto 18 mei 2016 CC Naamsvermelding 3.0 Nederland licentie https://maken.wikiwijs.nl/60010 Dit lesmateriaal is gemaakt met Wikiwijs van Kennisnet. Wikiwijs

Nadere informatie

Dagboek Nederland onder water?! Komt Nederland onder water te staan? En wat kunnen jij en de politiek doen om dit te voorkomen?

Dagboek Nederland onder water?! Komt Nederland onder water te staan? En wat kunnen jij en de politiek doen om dit te voorkomen? Dagboek Dagboek Nederland onder water?! Komt Nederland onder water te staan? En wat kunnen jij en de politiek doen om dit te voorkomen? Dat het klimaat verandert is een feit. Je hoort het overal om je

Nadere informatie

Samen Duurzaam DOEN! Stap 1 // Welkom en inleiding. Stap 2 // Voorstelronde aanwezigen. (5 minuten) (10 minuten)

Samen Duurzaam DOEN! Stap 1 // Welkom en inleiding. Stap 2 // Voorstelronde aanwezigen. (5 minuten) (10 minuten) Samen Duurzaam DOEN! Leuk dat u samen met uw buren na wilt denken over duurzaamheid. Aan de hand van dit stappenplan helpen wij u graag op weg om het gesprek op gang te brengen. Dit stappenplan is bedoeld

Nadere informatie

Wat weet jij over biologisch en over de bodem?

Wat weet jij over biologisch en over de bodem? Met leuke vragen, opdrachten en experimenten voor thuis! Wat weet jij over biologisch en over de bodem? Biologisch, lekker natuurlijk! Heb je er wel eens over nagedacht dat alles wat je eet, van een plant

Nadere informatie

Groep 8 Basisles: Elektriciteit opwekken

Groep 8 Basisles: Elektriciteit opwekken Leerkrachtinformatie Lesduur: 35 tot 40 minuten Deze basisles kunt u op verschillende manieren organiseren: A. Klassikaal (35 minuten) U verzorgt en begeleidt de les. U gebruikt hierbij deze leerkrachtinformatie

Nadere informatie

Tropisch Nederland. 1. Aanzetten. 1.a Tropisch Nederland

Tropisch Nederland. 1. Aanzetten. 1.a Tropisch Nederland 1. Aanzetten Tropisch Nederland 1.a Tropisch Nederland Jij gaat aan de slag met het dossier Tropisch Nederland. Welke onderdelen van het dossier ga jij maken? Overleg met je docent. GA IK DOEN STAP ONDERDEEL

Nadere informatie

Afval scheiden. Yvonn van de Grootevheen. CC Naamsvermelding 3.0 Nederland licentie. http://maken.wikiwijs.nl/75826

Afval scheiden. Yvonn van de Grootevheen. CC Naamsvermelding 3.0 Nederland licentie. http://maken.wikiwijs.nl/75826 Auteur Yvonn van de Grootevheen Laatst gewijzigd 25 May 2016 Licentie CC Naamsvermelding 3.0 Nederland licentie Webadres http://maken.wikiwijs.nl/75826 Dit lesmateriaal is gemaakt met Wikiwijsleermiddelenplein.

Nadere informatie

LES 2: Klimaatverandering

LES 2: Klimaatverandering LES 2: Klimaatverandering 1 Les 2: Klimaatverandering Vakken PAV, aardrijkskunde Eindtermen Sociale vaardigheden, burgerzin, ICT, vakoverschrijdend, samenwerken, kritisch denken Materiaal Computer met

Nadere informatie

Alternatieve energiebronnen

Alternatieve energiebronnen Alternatieve energiebronnen energie01 (1 min, 5 sec) energiebronnen01 (2 min, 12 sec) Windenergie Windmolens werden vroeger gebruikt om water te pompen of koren te malen. In het jaar 650 gebruikte de mensen

Nadere informatie

Groei en oogst. -voetafdruk van dit drukwerk is berekend met ClimateCalc en gecompenseerd bij: treesforall.nl. De CO 2

Groei en oogst. -voetafdruk van dit drukwerk is berekend met ClimateCalc en gecompenseerd bij: treesforall.nl. De CO 2 Groei en oogst De CO 2 -voetafdruk van dit drukwerk is berekend met ClimateCalc en gecompenseerd bij: treesforall.nl www.climatecalc.eu Cert. no. CC-000057/NL cmyk 70 0 70 0 rgb 73 177 112 #48b170 Groei

Nadere informatie

Sheet 2: Bekijk met de kinderen de tussenstand van Afval the Game op Instagram en/of Facebook. Hoe gaat het bij de kinderen met inzamelen?

Sheet 2: Bekijk met de kinderen de tussenstand van Afval the Game op Instagram en/of Facebook. Hoe gaat het bij de kinderen met inzamelen? Afval the Game Docentenhandleiding les 2 Duur Voor deze les hebt u ongeveer 80 minuten nodig. Leerdoelen De kinderen hebben in de vorige les geleerd dat het belangrijk is om plastic te scheiden, zodat

Nadere informatie

Les Biomassa LESSENSERIE ENERGIETRANSITIE. Werkblad. Les Biomassa Werkblad. Over biomassa. Generaties biobrandstoffen

Les Biomassa LESSENSERIE ENERGIETRANSITIE. Werkblad. Les Biomassa Werkblad. Over biomassa. Generaties biobrandstoffen LESSENSERIE ENERGIETRANSITIE Les Biomassa Werkblad Les Biomassa Werkblad Niet windenergie, niet zonne- energie maar biomassa is de belangrijkste bron van hernieuwbare energie in Nederland. Meer dan 50%

Nadere informatie

Flipping the classroom

Flipping the classroom In dit projectje krijg je geen les, maar GEEF je zelf les. De leerkracht zal jullie natuurlijk ondersteunen. Dit zelf les noemen we: Flipping the classroom 2 Hoe gaan we te werk? 1. Je krijgt of kiest

Nadere informatie

Les bij klimaatverandering:

Les bij klimaatverandering: Les bij klimaatverandering: Lesdoelen: De leerlingen zijn aan het einde van de les meer te weet gekomen over het gevolg van de opwarming van de aarde. De leerlingen kunnen zich verplaatsen in kinderen

Nadere informatie

1.7 Kwartet over de verschillende energiebronnen

1.7 Kwartet over de verschillende energiebronnen 2. 1. Lessuggesties Oriënterende en activiteiten op klasniveau 1.7 Kwartet over de verschillende energiebronnen Dit kwartet is een syntheseactiviteit. De meeste aspecten van energie die aan bod zijn gekomen,

Nadere informatie

Een dag zonder energie vmbo-kgt34. CC Naamsvermelding 3.0 Nederland licentie.

Een dag zonder energie vmbo-kgt34. CC Naamsvermelding 3.0 Nederland licentie. Auteur VO-content Laatst gewijzigd 16 November 2016 Licentie CC Naamsvermelding 3.0 Nederland licentie Webadres http://maken.wikiwijs.nl/82620 Dit lesmateriaal is gemaakt met Wikiwijs Maken van Kennisnet.

Nadere informatie

Toets_Hfdst10_BronnenVanEnergie

Toets_Hfdst10_BronnenVanEnergie Toets_Hfdst10_BronnenVanEnergie Vragen Samengesteld door: visign@hetnet.nl Datum: 31-1-2017 Tijd: 11:10 Samenstelling: Geowijzer Vraag: 1, 2, 3, 4, 5, 6, 7, 8, 9, 10, 11, 12, 13, 14, 15, 16, 17, 18, 19,

Nadere informatie

Dat kan beter vmbo-kgt34. CC Naamsvermelding 3.0 Nederland licentie.

Dat kan beter vmbo-kgt34. CC Naamsvermelding 3.0 Nederland licentie. Auteur VO-content Laatst gewijzigd Licentie Webadres 25 August 2016 CC Naamsvermelding 3.0 Nederland licentie http://maken.wikiwijs.nl/82623 Dit lesmateriaal is gemaakt met Wikiwijsleermiddelenplein. Wikiwijsleermiddelenplein

Nadere informatie

Meander. Aardrijkskunde WERKBOEK

Meander. Aardrijkskunde WERKBOEK 5 Meander Aardrijkskunde WERKBOEK 5 Meander Aardrijkskunde WERKBOEK Eindredactie: Carla Wiechers Leerlijnen: Mark van Heck Auteurs: Marc ter Horst, Jacques van der Pijl THEMA 4 thema 4 les 1 Wat eten

Nadere informatie

Energie opwekken vmbo-kgt34. CC Naamsvermelding 3.0 Nederland licentie.

Energie opwekken vmbo-kgt34. CC Naamsvermelding 3.0 Nederland licentie. Auteur VO-content Laatst gewijzigd 21 October 2016 Licentie CC Naamsvermelding 3.0 Nederland licentie Webadres http://maken.wikiwijs.nl/82621 Dit lesmateriaal is gemaakt met Wikiwijs Maken van Kennisnet.

Nadere informatie

Keuzedeel K0028 Duurzaamheid in het beroep A

Keuzedeel K0028 Duurzaamheid in het beroep A Keuzedeel K0028 Duurzaamheid in het beroep A Artikel 116034 Praktische informatie Code keuzedeel K0028 Niveau Geschikt voor niveau 1 Studielast Totaal: 240 uur Savantis adviseert 20 contact gebonden uren

Nadere informatie

Relaties tussen organismen vmbo-kgt34. CC Naamsvermelding-GelijkDelen 3.0 Nederland licentie.

Relaties tussen organismen vmbo-kgt34. CC Naamsvermelding-GelijkDelen 3.0 Nederland licentie. Auteur VO-content Laatst gewijzigd 08 April 2016 Licentie CC Naamsvermelding-GelijkDelen 3.0 Nederland licentie Webadres http://maken.wikiwijs.nl/63327 Dit lesmateriaal is gemaakt met Wikiwijsleermiddelenplein.

Nadere informatie

Voedselweb en -keten vmbo-kgt12. CC Naamsvermelding 3.0 Nederland licentie. https://maken.wikiwijs.nl/62467

Voedselweb en -keten vmbo-kgt12. CC Naamsvermelding 3.0 Nederland licentie. https://maken.wikiwijs.nl/62467 Auteur VO-content Laatst gewijzigd Licentie Webadres 15 juli 2016 CC Naamsvermelding 3.0 Nederland licentie https://maken.wikiwijs.nl/62467 Dit lesmateriaal is gemaakt met Wikiwijs van Kennisnet. Wikiwijs

Nadere informatie

Energie: hoe duurzaam is jouw school? Esther van der Meer. CC Naamsvermelding 3.0 Nederland licentie. http://maken.wikiwijs.

Energie: hoe duurzaam is jouw school? Esther van der Meer. CC Naamsvermelding 3.0 Nederland licentie. http://maken.wikiwijs. Auteur Laatst gewijzigd Licentie Webadres Esther van der Meer 05 June 2013 CC Naamsvermelding 3.0 Nederland licentie http://maken.wikiwijs.nl/31896 Dit lesmateriaal is gemaakt met Wikiwijsleermiddelenplein.

Nadere informatie

Een goede vangst! Een goede vangst 2014 - http://omwb.braintrigger.nl

Een goede vangst! Een goede vangst 2014 - http://omwb.braintrigger.nl Een goede vangst! Om fijn te leven maak je veel gebruik van energie. Bijvoorbeeld om eten te koken, of om te spelen met een spelcomputer. Maar ook om het huis te verwarmen of jezelf te vervoeren. Voor

Nadere informatie

Jouw idealen in Utrecht Verkiezingsprogramma. Provinciale Staten 2015 in eenvoudige taal

Jouw idealen in Utrecht Verkiezingsprogramma. Provinciale Staten 2015 in eenvoudige taal Jouw idealen in Utrecht Verkiezingsprogramma Provinciale Staten 2015 in eenvoudige taal Verkiezingen in de provincie Op 18 maart 2015 zijn er verkiezingen in de provincie Utrecht. Iedereen die in Utrecht

Nadere informatie

DE ENERGIE[R]EVOLUTIE

DE ENERGIE[R]EVOLUTIE DE LEERLINGENHANDLEIDING VMBO Naam: Klas: Datum: Pagina 2 INLEIDING Mensen maken op grote schaal gebruik van fossiele brandstoffen: aardolie, aardgas en steenkool. Fossiele brandstoffen ontstaan uit resten

Nadere informatie

Problemen met water vmbo12. CC Naamsvermelding-GelijkDelen 3.0 Nederland licentie.

Problemen met water vmbo12. CC Naamsvermelding-GelijkDelen 3.0 Nederland licentie. Auteur VO-content Laatst gewijzigd 13 October 2016 Licentie CC Naamsvermelding-GelijkDelen 3.0 Nederland licentie Webadres http://maken.wikiwijs.nl/63438 Dit lesmateriaal is gemaakt met Wikiwijs Maken

Nadere informatie

Groep 8 - Les 4 Duurzaamheid

Groep 8 - Les 4 Duurzaamheid Leerkrachtinformatie Groep 8 - Les 4 Duurzaamheid Lesduur: 30 minuten (zelfstandig) DOEL De leerlingen weten wat de gevolgen zijn van energie verbruik. De leerlingen weten wat duurzaamheid is. De leerlingen

Nadere informatie

Wat moet je doen? Lees de informatie in dit pakketje

Wat moet je doen? Lees de informatie in dit pakketje ENERGIE Wat moet je doen? Lees de informatie in dit pakketje Zoek meer informatie op de computer en bekijk filmpjes over het onderwerp (achterin deze lesbrief staan websites en links voor filmpjes) Overleg

Nadere informatie

Ons eten en het milieu

Ons eten en het milieu SPREEKBEURT OF WERKSTUK Ons eten en het milieu Hier vind je informatie voor een spreekbeurt of werkstuk over ons eten en het milieu. Het is handig om je spreekbeurt onder te verdelen in stappen. Dit zijn

Nadere informatie

Duurzaamheid. Sander Niessing. CC Naamsvermelding 3.0 Nederland licentie. http://maken.wikiwijs.nl/76953

Duurzaamheid. Sander Niessing. CC Naamsvermelding 3.0 Nederland licentie. http://maken.wikiwijs.nl/76953 Auteur Laatst gewijzigd Licentie Webadres Sander Niessing 11 May 2016 CC Naamsvermelding 3.0 Nederland licentie http://maken.wikiwijs.nl/76953 Dit lesmateriaal is gemaakt met Wikiwijsleermiddelenplein.

Nadere informatie

Afsluitende les. Leerlingenhandleiding. Alternatieve brandstoffen

Afsluitende les. Leerlingenhandleiding. Alternatieve brandstoffen Afsluitende les Leerlingenhandleiding Alternatieve brandstoffen Inleiding Deze chemie-verdiepingsmodule over alternatieve brandstoffen sluit aan op het Reizende DNA-lab Racen met wc-papier. Doel Het Reizende

Nadere informatie

1. Ecologische voetafdruk

1. Ecologische voetafdruk 2 VW0 THEMA 7 MENS EN MILIEU EXTRA OPDRACHTEN 1. Ecologische voetafdruk In de basisstoffen heb je geleerd dat we voedsel, zuurstof, water, energie en grondstoffen uit ons milieu halen. Ook gebruiken we

Nadere informatie

Leerlingenhandleiding

Leerlingenhandleiding Leerlingenhandleiding Afsluitende module Alternatieve Brandstoffen - Chemie verdieping - Ontwikkeld door dr. T. Klop en ir. J.F. Jacobs Op alle lesmaterialen is de Creative Commons Naamsvermelding-Niet-commercieel-Gelijk

Nadere informatie

Planten en hun omgeving vmbo-b34. CC Naamsvermelding 3.0 Nederland licentie.

Planten en hun omgeving vmbo-b34. CC Naamsvermelding 3.0 Nederland licentie. Auteur VO-content Laatst gewijzigd Licentie Webadres 20 December 2016 CC Naamsvermelding 3.0 Nederland licentie http://maken.wikiwijs.nl/73584 Dit lesmateriaal is gemaakt met Wikiwijs Maken van Kennisnet.

Nadere informatie

Leerlingenhandleiding

Leerlingenhandleiding Leerlingenhandleiding Afsluitende module De Beste Energiebron van Nederland Ontwikkeld door dr. T. Klop( naar idee van NPC en NBIC) Op alle lesmaterialen is de Creative Commons Naamsvermelding-Niet-commercieel-Gelijk

Nadere informatie

Energie-case: Brazilië vmbo-kgt34. CC Naamsvermelding 3.0 Nederland licentie.

Energie-case: Brazilië vmbo-kgt34. CC Naamsvermelding 3.0 Nederland licentie. Auteur VO-content Laatst gewijzigd Licentie Webadres 25 August 2016 CC Naamsvermelding 3.0 Nederland licentie http://maken.wikiwijs.nl/82628 Dit lesmateriaal is gemaakt met Wikiwijs Maken van Kennisnet.

Nadere informatie

et broeikaseffect een nuttig maar door de mens ontregeld natuurlijk proces

et broeikaseffect een nuttig maar door de mens ontregeld natuurlijk proces H 2 et broeikaseffect een nuttig maar door de mens ontregeld natuurlijk proces Bij het ontstaan van de aarde, 4,6 miljard jaren geleden, was er geen atmosfeer. Enkele miljoenen jaren waren nodig voor de

Nadere informatie

Biotechnologie vmbo-b34. CC Naamsvermelding 3.0 Nederland licentie.

Biotechnologie vmbo-b34. CC Naamsvermelding 3.0 Nederland licentie. Auteur VO-content Laatst gewijzigd Licentie Webadres 20 December 2016 CC Naamsvermelding 3.0 Nederland licentie http://maken.wikiwijs.nl/73574 Dit lesmateriaal is gemaakt met Wikiwijs Maken van Kennisnet.

Nadere informatie

IJsbeer! CC Naamsvermelding 3.0 Nederland licentie. https://maken.wikiwijs.nl/70967

IJsbeer! CC Naamsvermelding 3.0 Nederland licentie. https://maken.wikiwijs.nl/70967 Auteur Laatst gewijzigd Licentie Webadres Leonie Z 14 januari 2016 CC Naamsvermelding 3.0 Nederland licentie https://maken.wikiwijs.nl/70967 Dit lesmateriaal is gemaakt met Wikiwijs Maken van Kennisnet.

Nadere informatie

Thema 4 Platteland. Samenvatting. Meander Samenvatting groep 5

Thema 4 Platteland. Samenvatting. Meander Samenvatting groep 5 Meander Samenvatting groep 5 Thema 4 Platteland Samenvatting Landbouw Bijna alles wat je eet, komt van de landbouw. De akkerbouwer verbouwt bijvoorbeeld aardappelen, tarwe of mais. Hij strooit eerst mest

Nadere informatie

Bijlage VMBO-GL en TL

Bijlage VMBO-GL en TL Bijlage VMBO-GL en TL 2012 tijdvak 1 biologie CSE GL en TL Deze bijlage bevat informatie GT-0191-a-12-1-b Glastuinbouw informatie Lees eerst informatie 1 tot en met 6 en beantwoord dan vraag 38 tot en

Nadere informatie

Zelf energie opwekken vmbo-kgt34. CC Naamsvermelding 3.0 Nederland licentie.

Zelf energie opwekken vmbo-kgt34. CC Naamsvermelding 3.0 Nederland licentie. Auteur VO-content Laatst gewijzigd Licentie Webadres 25 August 2016 CC Naamsvermelding 3.0 Nederland licentie http://maken.wikiwijs.nl/82624 Dit lesmateriaal is gemaakt met Wikiwijs Maken van Kennisnet.

Nadere informatie

Tropisch Nederland. 1. Aanzetten. 1.a Tropisch Nederland

Tropisch Nederland. 1. Aanzetten. 1.a Tropisch Nederland Tropisch Nederland 1. Aanzetten 1.a Tropisch Nederland Jij gaat aan de slag met het dossier Tropisch Nederland. Welke onderdelen van het dossier ga jij maken? Overleg met je docent. GA IK DOEN STAP ONDERDEEL

Nadere informatie

stp lwo wb.2 09-03-2005 12:44 Pagina 1 STANDPUNT voor VMBO/LWOO & BBL Werkboek deel 2 Jan de Leeuw Van: Klas: School: Schooljaar:

stp lwo wb.2 09-03-2005 12:44 Pagina 1 STANDPUNT voor VMBO/LWOO & BBL Werkboek deel 2 Jan de Leeuw Van: Klas: School: Schooljaar: stp lwo wb.2 09-03-2005 12:44 Pagina 1 STANDPUNT voor VMBO/LWOO & BBL Werkboek deel 2 Jan de Leeuw Van: Klas: School: Schooljaar: stp lwo wb.2 09-03-2005 12:44 Pagina 3 Hoofdstuk 1 Dierproeven Paragraaf

Nadere informatie

QUESTIONBOXLES ZONNECELLEN EN ELEKTRICITEIT

QUESTIONBOXLES ZONNECELLEN EN ELEKTRICITEIT QUESTIONBOXLES ZONNECELLEN EN ELEKTRICITEIT Colofon Auteur: Amy Beerens Contact: Maarten Reichwein, WKUU, wetenschapsknooppunt@uu.nl of 030-25 33 717 INHOUDSOPGAVE Inhoud 1 Doel van de les 2 2 Opzet lesplan

Nadere informatie

Bijlage VMBO-GL en TL

Bijlage VMBO-GL en TL Bijlage VMBO-GL en TL 2012 tijdvak 1 biologie CSE GL en TL Deze bijlage bevat informatie GT-0191-a-12-1-b Glastuinbouw informatie Lees eerst informatie 1 tot en met 6 en beantwoord dan vraag 38 tot en

Nadere informatie

Hand-out digiboard presentatie

Hand-out digiboard presentatie Hand-out digiboard presentatie Bij werkboekje Groepen 6, 7 en 8 basisonderwijs Wie weet wat AVRI doet? Opdracht 1 In Rivierenland zamelt AVRI afval in. Wie weet wat AVRI doet? Opdracht 1 Opdracht 2 Woordweb

Nadere informatie

Kopen en milieu vmbo-b34. CC Naamsvermelding 3.0 Nederland licentie. http://maken.wikiwijs.nl/73704

Kopen en milieu vmbo-b34. CC Naamsvermelding 3.0 Nederland licentie. http://maken.wikiwijs.nl/73704 Auteur VO-content Laatst gewijzigd Licentie Webadres 21 March 2016 CC Naamsvermelding 3.0 Nederland licentie http://maken.wikiwijs.nl/73704 Dit lesmateriaal is gemaakt met Wikiwijsleermiddelenplein. Wikiwijsleermiddelenplein

Nadere informatie

Planten en hun omgeving vmbo-kgt34. CC Naamsvermelding-GelijkDelen 3.0 Nederland licentie.

Planten en hun omgeving vmbo-kgt34. CC Naamsvermelding-GelijkDelen 3.0 Nederland licentie. Auteur VO-content Laatst gewijzigd 23 December 2016 Licentie CC Naamsvermelding-GelijkDelen 3.0 Nederland licentie Webadres http://maken.wikiwijs.nl/63326 Dit lesmateriaal is gemaakt met Wikiwijs Maken

Nadere informatie

DE ENERGIE[R]EVOLUTIE

DE ENERGIE[R]EVOLUTIE DE LEERLINGENWERKBOEK DE EINDOPDRACHT Team: Klas: Datum: Pagina 2 INLEIDING De mens maakt op grote schaal gebruik van fossiele brandstoffen. Dit zijn bijvoorbeeld aardolie, aardgas en steenkool. Fossiele

Nadere informatie

DE ENERGIE[R]EVOLUTIE

DE ENERGIE[R]EVOLUTIE DE LEERLINGENHANDLEIDING HAVO/VWO Naam: Klas: Datum: Pagina 2 INLEIDING De mens maakt op grote schaal gebruik van fossiele brandstoffen. Dit zijn bijvoorbeeld aardolie, aardgas en steenkool. Fossiele brandstoffen

Nadere informatie

Heel veel mensen hv12. CC Naamsvermelding-GelijkDelen 3.0 Nederland licentie.

Heel veel mensen hv12. CC Naamsvermelding-GelijkDelen 3.0 Nederland licentie. Auteur VO-content Laatst gewijzigd Licentie Webadres 23 September 2016 CC Naamsvermelding-GelijkDelen 3.0 Nederland licentie http://maken.wikiwijs.nl/52455 Dit lesmateriaal is gemaakt met Wikiwijsleermiddelenplein.

Nadere informatie

Voedselweb en voedselketen vmbo-kgt34

Voedselweb en voedselketen vmbo-kgt34 Auteur VO-content Laatst gewijzigd 13 July 2016 Licentie CC Naamsvermelding-GelijkDelen 3.0 Nederland licentie Webadres http://maken.wikiwijs.nl/63328 Dit lesmateriaal is gemaakt met Wikiwijsleermiddelenplein.

Nadere informatie

Planten en de mens vmbo-b12. CC Naamsvermelding 3.0 Nederland licentie.

Planten en de mens vmbo-b12. CC Naamsvermelding 3.0 Nederland licentie. Auteur VO-content Laatst gewijzigd Licentie Webadres 08 June 2016 CC Naamsvermelding 3.0 Nederland licentie http://maken.wikiwijs.nl/62376 Dit lesmateriaal is gemaakt met Wikiwijs Maken van Kennisnet.

Nadere informatie

Opwarming van de aarde

Opwarming van de aarde Leerlingen Opwarming van de aarde 8 Naam: Klas: In dit onderdeel kom je onder andere te weten dat er niet alleen een broeikaseffect is, maar dat er ook een versterkt broeikaseffect is. Bovendien leer je

Nadere informatie

Waarom doen we het ook alweer?

Waarom doen we het ook alweer? Apart inzamelen van gft-afval Als Vereniging Afvalbedrijven stimuleren we dat al het afval in Nederland op de juiste manier wordt verwerkt. Hierbij houden we rekening met het milieu en de kosten. De meest

Nadere informatie

Lesbrief. Watersysteem. Droge voeten en schoon water. www.wshd.nl/lerenoverwater. Afdeling Communicatie waterschap Hollandse Delta

Lesbrief. Watersysteem. Droge voeten en schoon water. www.wshd.nl/lerenoverwater. Afdeling Communicatie waterschap Hollandse Delta Lesbrief Watersysteem Droge voeten en schoon water www.wshd.nl/lerenoverwater Afdeling Communicatie waterschap Hollandse Delta Droge voeten en schoon water Waterschappen zorgen ervoor dat jij en ik droge

Nadere informatie

Project Tweede Wereldoorlog. Rianne Bakker. CC Naamsvermelding 3.0 Nederland licentie. http://maken.wikiwijs.nl/61249

Project Tweede Wereldoorlog. Rianne Bakker. CC Naamsvermelding 3.0 Nederland licentie. http://maken.wikiwijs.nl/61249 Auteur Laatst gewijzigd Licentie Webadres Rianne Bakker 15 May 2015 CC Naamsvermelding 3.0 Nederland licentie http://maken.wikiwijs.nl/61249 Dit lesmateriaal is gemaakt met Wikiwijsleermiddelenplein. Wikiwijsleermiddelenplein

Nadere informatie

Ordening - Vmbo GTL derde Klas

Ordening - Vmbo GTL derde Klas Auteur Laatst gewijzigd Licentie Webadres Pim van Barneveld 09 June 2014 CC Naamsvermelding 3.0 Nederland licentie http://maken.wikiwijs.nl/49254 Dit lesmateriaal is gemaakt met Wikiwijs Maken van Kennisnet.

Nadere informatie

Ruimte voor de rivier vmbo12. CC Naamsvermelding-GelijkDelen 3.0 Nederland licentie. https://maken.wikiwijs.nl/63437

Ruimte voor de rivier vmbo12. CC Naamsvermelding-GelijkDelen 3.0 Nederland licentie. https://maken.wikiwijs.nl/63437 Auteur VO-content Laatst gewijzigd Licentie Webadres 13 oktober 2016 CC Naamsvermelding-GelijkDelen 3.0 Nederland licentie https://maken.wikiwijs.nl/63437 Dit lesmateriaal is gemaakt met Wikiwijs Maken

Nadere informatie

Produceren en milieu vmbo-kgt34. CC Naamsvermelding-GelijkDelen 3.0 Nederland licentie. https://maken.wikiwijs.nl/62284

Produceren en milieu vmbo-kgt34. CC Naamsvermelding-GelijkDelen 3.0 Nederland licentie. https://maken.wikiwijs.nl/62284 Auteur VO-content Laatst gewijzigd Licentie Webadres 24 augustus 2016 CC Naamsvermelding-GelijkDelen 3.0 Nederland licentie https://maken.wikiwijs.nl/62284 Dit lesmateriaal is gemaakt met Wikiwijs Maken

Nadere informatie

Eindexamen aardrijkskunde vmbo gl/tl 2003 - I

Eindexamen aardrijkskunde vmbo gl/tl 2003 - I Meerkeuzevragen Schrijf alleen de hoofdletter van het goede antwoord op. OMGAAN MET NATUURLIJKE HULPBRONNEN figuur 1 De kringloop van het water A B LAND ZEE 2p 1 In figuur 1 staat de kringloop van het

Nadere informatie

Spreken - Presenteren HV 1. CC Naamsvermelding-GelijkDelen 3.0 Nederland licentie. http://maken.wikiwijs.nl/52520

Spreken - Presenteren HV 1. CC Naamsvermelding-GelijkDelen 3.0 Nederland licentie. http://maken.wikiwijs.nl/52520 Spreken - Presenteren HV 1 Auteur VO-content Laatst gewijzigd Licentie Webadres 21 July 2015 CC Naamsvermelding-GelijkDelen 3.0 Nederland licentie http://maken.wikiwijs.nl/52520 Dit lesmateriaal is gemaakt

Nadere informatie

VERANDEREN VAN KLIMAAT?

VERANDEREN VAN KLIMAAT? VERANDEREN VAN KLIMAAT? Tropisch klimaat, gematigd klimaat, klimaatopwarming, klimaatfactoren...misschien heb je al gehoord van deze uitdrukkingen. Maar weet je wat ze echt betekenen? Nova, wat bedoelen

Nadere informatie

LESPAKKET ECOLOGIE. Naam. Dierenrijk is onderdeel van

LESPAKKET ECOLOGIE. Naam. Dierenrijk is onderdeel van LESPAKKET ECOLOGIE HAVO / VWO Naam Docent Klas LEKKER BEESTEN TUSSEN DE DIEREN Dierenrijk is onderdeel van WELKOM IN DIERENRIJK ELAND Om ervoor te zorgen dat je een leuke en leerzame excursie hebt, volgen

Nadere informatie

Laat uw leerlingen het artikel Tuinen van de toekomst lezen op pagina 12/13 van 7Days.

Laat uw leerlingen het artikel Tuinen van de toekomst lezen op pagina 12/13 van 7Days. 42 2017 NEDERLANDS INSTRUCTIE (20 MINUTEN) Introductie Laat uw leerlingen het artikel Tuinen van de toekomst lezen op pagina 12/13 van 7Days. Voorkennis activeren Vraag uw leerlingen wat zij al weten over

Nadere informatie

Techniek klas 2. Rogier Jupijn. CC Naamsvermelding 3.0 Nederland licentie.

Techniek klas 2. Rogier Jupijn. CC Naamsvermelding 3.0 Nederland licentie. Auteur Rogier Jupijn Laatst gewijzigd 07 July 2016 Licentie CC Naamsvermelding 3.0 Nederland licentie Webadres http://maken.wikiwijs.nl/79711 Dit lesmateriaal is gemaakt met Wikiwijs Maken van Kennisnet.

Nadere informatie

1. Ga naar buiten bij de parkeerplaats en verzamel bij de afvalcontainers. Opdracht: Teken de afvalbakken na en schrijf erbij welk afval erin

1. Ga naar buiten bij de parkeerplaats en verzamel bij de afvalcontainers. Opdracht: Teken de afvalbakken na en schrijf erbij welk afval erin 1. Ga naar buiten bij de parkeerplaats en verzamel bij de afvalcontainers. Opdracht: Teken de afvalbakken na en schrijf erbij welk afval erin verzameld wordt. 2. Maak het puzzelblad over afvalscheiding

Nadere informatie

Bouw van zaadplanten vmbo-kgt34. CC Naamsvermelding-GelijkDelen 3.0 Nederland licentie. https://maken.wikiwijs.nl/63323

Bouw van zaadplanten vmbo-kgt34. CC Naamsvermelding-GelijkDelen 3.0 Nederland licentie. https://maken.wikiwijs.nl/63323 Auteur VO-content Laatst gewijzigd Licentie Webadres 23 december 2016 CC Naamsvermelding-GelijkDelen 3.0 Nederland licentie https://maken.wikiwijs.nl/63323 Dit lesmateriaal is gemaakt met Wikiwijs van

Nadere informatie

Een dag zonder elektriciteit vmbo-kgt34

Een dag zonder elektriciteit vmbo-kgt34 Auteur Laatst gewijzigd Licentie Webadres VO-content 05 december 2017 CC Naamsvermelding-GelijkDelen 3.0 Nederland licentie https://maken.wikiwijs.nl/82620 Dit lesmateriaal is gemaakt met Wikiwijs van

Nadere informatie

Men gebruikt steeds meer windenergie in Nederland. Er wordt steeds meer windenergie gebruikt in Nederland.

Men gebruikt steeds meer windenergie in Nederland. Er wordt steeds meer windenergie gebruikt in Nederland. Herhalingsoefeningen De sprong, thema 8 Vocabulaire Oefening 1 Vul het goede woord in. Verander de vorm als dat nodig is. Kies uit: bewegen, bijdragen aan, biologisch, duurzaam, energiebronnen, energierekening,

Nadere informatie

Kijken! Kijken! Niet kopen!

Kijken! Kijken! Niet kopen! Kijken! Kijken! Niet kopen! 1. Aanzetten 1.a Kijken! Kijken! Niet kopen! Jij gaat aan de slag met het dossier Kijken! Kijken! Niet kopen!. Welke onderdelen van het dossier ga jij maken? Overleg met je

Nadere informatie

Lezen - Leesverslag HV12. CC Naamsvermelding-GelijkDelen 3.0 Nederland licentie. https://maken.wikiwijs.nl/52526

Lezen - Leesverslag HV12. CC Naamsvermelding-GelijkDelen 3.0 Nederland licentie. https://maken.wikiwijs.nl/52526 Auteur VO-content Laatst gewijzigd Licentie Webadres 31 oktober 2016 CC Naamsvermelding-GelijkDelen 3.0 Nederland licentie https://maken.wikiwijs.nl/52526 Dit lesmateriaal is gemaakt met Wikiwijs van Kennisnet.

Nadere informatie