Passend Onderwijs Wat heb je nodig?

Maat: px
Weergave met pagina beginnen:

Download "Passend Onderwijs Wat heb je nodig?"

Transcriptie

1 Passend Onderwijs Wat heb je nodig? Praktijkonderzoek: Een onderzoek naar de vraag welke ondersteuningsbehoeften door leerkrachten in Almere en externen worden benoemd bij de realisatie van Passend Onderwijs. Opleidingen Speciale Onderwijszorg School of Education Master SEN Windesheim OSO Lesplaats Almere Student: Maaike Waasdorp Studentnummer: S Code: ENSO-CPGO Studiecoach: Ingrid Paalman Datum: Juni 2013

2 Inhoudsopgave VOORWOORD... 4 SAMENVATTING... 5 HOOFDSTUK 1: INLEIDING Verheldering van de aanleiding van het onderzoek, de verlegenheidssituatie Passend Onderwijs op de Klaverweide De doelstelling De centrale vraagstelling De onderzoeksvragen... 8 HOOFDSTUK 2 THEORETISCH KADER Inleiding Passend Onderwijs in de internationale context Passend Onderwijs versus Inclusief Onderwijs? Passend Onderwijs en de stand van zaken rond het politieke kader Passend Onderwijs de definitie Passend Onderwijs vraagt om de ideale leerkracht De competente leerkracht, wie is dat? De definitie van competenties Handelingsverlegenheid Competentiebeleving van de leraar De leerkrachtcompetenties ten aanzien van Passend Onderwijs Korte samenvatting: de kern van het theoretisch kader HOOFDSTUK 3: OPZET VAN HET ONDERZOEK Inleiding Onderzoeksmethode Gegevensverzameling... 19

3 3.4 Betrouwbaarheid en validiteit van het onderzoek De onderzoeksinstrumenten literatuuronderzoek Vragenlijst Groepsinterview Diepte-interview Analyse en verwerking resultaten HOOFDSTUK 4: RESULTATEN Inleiding Leerkrachtenvragenlijst Vooronderzoek Passend Onderwijs Interpersoonlijk competentie in de omgang met leerlingen Pedagogische competentie in de omgang met leerlingen Vakinhoudelijk en didactische competentie in de omgang met leerlingen Organisatorische competentie in complexe situaties Competent in samenwerking met collega s Competent in samenwerking met de omgeving Competent in reflectie en ontwikkeling Veronderstelde bekwaamheid SBL competenties op de Klaverweide en de Zevensprong Groepsinterviews Diepte-interview met onderwijsprofessionals Samenvatting HOOFDSTUK 5: CONCLUSIES Inleiding Conclusies naar aanleiding van de onderzoeksvragen Conclusies naar aanleiding van de centrale vraagstelling Aanbevelingen en discussiepunten LITERATUURLIJST...41

4 BIJLAGEN...44 Bijlage 1: Vragenlijst Bijlage 2: Interviewschema Leerkrachten Bijlage 3: Horizontale vergelijking groepsinterview leerkrachten Klaverweide Bijlage 4: Horizontale vergelijking groepsinterview leerkrachten Zevensprong Bijlage 5: Interviewschema Onderwijsprofessionals Bijlage 6: Samenvatting diepte-interviews onderwijsprofessionals... 62

5 Voorwoord In dit praktijkgericht onderzoek Passend Onderwijs Wat heb je nodig? wordt gezocht naar welke ondersteuningsbehoeften zowel de leerkrachten van basisschool de Klaverweide en basisschool de Zevensprong als externen benoemen voor de realisatie van Passend Onderwijs. Het onderzoek is in opdracht van Stichting Leerlingzorg Almere uitgevoerd op de twee scholen in Almere, ter verkenning op een breder onderzoek binnen Almere. Samen met mijn medestudente, Nikki Verhaar, die werkzaam is op de Zevensprong, is dit onderzoek tot stand gekomen en uitgevoerd. Voor het onderwerp in dit onderzoek is gekozen, omdat ik het belangrijk vond dat mijn praktijkgericht onderzoek een meerwaarde zou hebben voor het werkveld. Ik heb getracht met dit onderzoek een bruikbare en actuele bijdrage te leveren ter verbetering van een grootschaliger onderzoek naar de ondersteuningsbehoeften van leerkrachten in Almere. Vele personen zijn betrokken bij de totstandkoming van dit onderzoek. Om te beginnen noem ik mijn medestudente Nikki Verhaar, voor haar enthousiasme over het onderwerp, haar drive, inzet, waardevolle inbreng en de enorm prettige samenwerking. De collega s van de basisscholen de Klaverweide en de Zevensprong voor de medewerking, tijdsinvestering en de waardevolle inbreng in het onderzoek. De onderwijsprofessionals Wim Meijer, Erica de Brïune en Petra Heegsma voor de medewerking aan de interviews en openhartige gesprekken over het onderwerp. Dank gaat ook uit naar de opdrachtgever, Stichting Leerlingzorg Almere. Binnen Stichting Leerlingzorg Almere is Henriet Speth aanspreekpunt geweest. Ik bedank haar voor het geven van feedback op verschillende onderzoeksinstrumenten en de prettige samenwerking. Als laatste wil ik mijn studiecoach Ingrid Paalman bedanken voor haar stimulans en vertrouwen in zowel het onderzoek als mijzelf. Het meedenken in het proces en geven van feedback over de opzet en de uitvoering van het onderzoek. In het bijzonder wil ik mijn gezin, familie en vrienden bedanken. Iedereen heeft op zijn eigen manier zijn steentje bijgedragen om het mogelijk te maken dat ik mij volledig kon richten op mijn studie. Allemaal SUPER bedankt voor jullie onvoorwaardelijke steun en telkens weer uiten van jullie vertrouwen in mijn kunnen. Maaike Waasdorp Almere, 7 juni 2013

6 Samenvatting Vanaf 2014 komt er een nieuw stelsel voor scholen in Nederland, onder de noemer Passend Onderwijs. Dit stelsel verplicht scholen een passende onderwijsplek te bieden aan leerlingen die extra ondersteuning nodig hebben. Het realiseren van deze vorm van onderwijs staat en valt met de houding, vaardigheden, ervaring en inzichten van de leraar. Scholing en ondersteuning van de leraar blijken in het regulier onderwijs een krachtige voorspeller van de attitude en competentiebeleving ten opzichte van Passend Onderwijs. Naar aanleiding van deze bevindingen is dit onderzoek uitgevoerd, om inzicht te verkrijgen in de ondersteuningsbehoeften van leerkrachten voor de realisatie van Passend Onderwijs. Het onderzoek is een antwoord op de vraag van Stichting Leerlingzorg Almere, die wilden weten welke ondersteuningsbehoeften leerkrachten in Almere benoemen om Passend Onderwijs te realiseren. Om dit na te gaan is onder andere gekozen om te werken met een vragenlijst. Deze is geconstrueerd op basis van een bestaande lijst over kennis en vaardigheden met betrekking tot Passend Onderwijs van Adema e.a. (2009). De vragenlijst is door de leerkrachten van de Klaverweide en de Zevensprong ingevuld. Naast de vragenlijst is tevens gekozen voor een groepsinterview met een aantal leerkrachten van beide scholen. Ter verdieping van het onderzoek is tevens gekozen voor een drietal diepte-interviews met onderwijsprofessionals. Middels de interviews is onderzocht wat onderwijsprofessionals aangeven over leerkrachtcompetenties en ondersteuningsbehoeften van leerkrachten met betrekking tot Passend Onderwijs. Uit het onderzoek blijkt dat 94% van de leerkrachten op de Klaverweide en de Zevensprong zich voldoende, ruim voldoende of goed bekwaam achten wat betreft de SBL competenties die van belang zijn voor het realiseren van Passend Onderwijs. Zij geven echter aan hier ondersteuning bij te behoeven. Als ondersteuningsbehoeften benoemen zij onder andere specialisme en kennis binnen de school, extra tijd voor ondersteuning en begeleiding en meer handen in de klas. De onderwijsprofessionals spreken over ondersteuning voor de leerkracht gericht op de eigen professionalisering. Daarbij spreken zij over een aantal praktische mogelijkheden ter ondersteuning, namelijk School Video Interactie Begeleiding, een structureel inductietraject voor beginnende leerkrachten, het volgen van een studie en/of collegiale uitwisseling. De resultaten van het praktijkgericht onderzoek hebben geleid tot aanbevelingen ter optimalisering van vervolgonderzoek van Stichting Leerlingzorg Almere. Hierbij is het belangrijk dat in de toekomst onderzocht wordt op welke wijze leerkrachten meer betrokken kunnen worden bij de implementatie van Passend Onderwijs in Almere. Ook zou het interessant kunnen zijn om te onderzoeken hoe de ondersteuningsbehoeften van de leerkrachten vorm kunnen krijgen, gezien de leerkrachten van de Klaverweide en de Zevensprong in dit onderzoek aangeven behoefte te hebben aan ondersteuning voor de realisatie van Passend Onderwijs. Naast bovengenoemde aanbeveling wordt in dit onderzoek tevens het belang weergeven van het betrekken van de positie van de eigen houding, vaardigheden, ervaringen en inzichten van de leerkracht in het vervolgonderzoek.

7 Hoofdstuk 1: Inleiding 1.1 Verheldering van de aanleiding van het onderzoek, de verlegenheidssituatie Passend Onderwijs kan veranderingen met zich meebrengen voor leraren en begeleiders. De inzet van Passend Onderwijs is om leerlingen zo veel mogelijk een passend ondersteuningsaanbod te geven binnen het reguliere onderwijs. Het ministerie van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap (2013) zegt hierover dat Passend Onderwijs betekent dat kinderen met een handicap of gedragsproblemen recht hebben op een passende onderwijsplek. Dat kan in het speciaal onderwijs of met extra begeleiding op een gewone school. De gemeente Almere houdt zich vooral bezig met de overkoepelende visie en beleid ten aanzien van Passend Onderwijs. Deze visie heeft als uitgangspunt het kijken naar de onderwijsbehoeften van het kind en de omgeving. De leerkrachten, met alle ketenpartners die er om een kind heen staan zijn de uitvoerders van Passend Onderwijs. Voor de gemeente Almere zijn dit interdisciplinaire teams waarin professionals uit het (speciaal) onderwijs, leerplicht, het maatschappelijk werk, de jeugdzorg, de gezondheidszorg en politie structureel samenwerken om scholen, gezinnen en kinderen en jeugdigen met (vermoedens van) emotionele, gedrags-, ontwikkelings- en/of schoolleerproblemen te ondersteunen. Naast de visie en het beleid verzorgt de gemeente de verschillende financieringen. Kort samengevat ligt de bestuurlijke taak bij de gemeente en zoals eerder genoemd ligt de uitvoerende taak bij de onderwijs- en zorginstanties. Ten aanzien van het Passend Onderwijs heeft de gemeente Almere een aantal speerpunten geformuleerd, waarvan een van de speerpunten de scholing van leerkrachten inhoudt. Hierbij wordt het verhogen van het basale niveau beoogd. Hieronder valt onder andere voor de gemeente, kunnen reflecteren, differentiatie mogelijkheden creëren en verdiepen in de ander. Elke regio in Nederland beschikt over een eigen organisatie die de extra zorg en begeleiding op de scholen biedt. In Almere is dat voor het primaire onderwijs de Stichting Leerlingzorg Almere Primair Onderwijs, kortweg SLA-PO. De SLA-PO is een samenwerkingsverband van alle schoolbesturen in Almere. Het doel is iedere leerling die zorg en begeleiding te bieden die het nodig heeft. De SLA-PO coördineert de hulp aan deze leerlingen, en het zorgteam van de school of het stedelijk Zorgadviesteam voert het programma uit. Om de huidige situatie van het aanbod voor het Passend Onderwijs in Almere in beeld te krijgen is er van elke school een schoolprofiel gemaakt om te kijken waar de expertise ligt. Het ondersteuningsprofiel is het document op basis waarvan de school kan beargumenteren of het wel of niet aan de onderwijs- en ondersteuningsbehoefte van een leerling kan voldoen en het geeft een helder en overzichtelijk beeld van de mogelijkheden die de school heeft voor de ondersteuning van leerlingen met uiteenlopende onderwijsbehoeften. Het samenwerkingsverband wil graag op het gebied van begeleiden van leerlingen naar Passend Onderwijs in de wijk. Dit houdt in dat een aantal scholen in een wijk de expertise gaan bundelen en kijken waar ze elkaar kunnen aanvullen om een kind binnen de wijk de juiste onderwijs en begeleiding te kunnen bieden. Dit komt overeen met het uitgangspunt van de gemeente Almere, namelijk Ieder kind verdient een school in de buurt die aansluit bij de onderwijsbehoefte van het kind. Om de meningen van leerkrachten te weten te komen over Passend Onderwijs wil de gemeente Almere onderzoeken wat leerkrachten nodig hebben om Passend Onderwijs te realiseren. Hiermee wil de gemeente werken aan een passend aanbod van begeleiding voor leerkrachten van het basisonderwijs in Almere. Vanuit het samenwerkingsverband SLA-PO is de vraag geformuleerd om een voorverkenning te doen naar de ondersteuningsbehoeften van leerkrachten ten opzichten van Passend Onderwijs. Daarom

8 vindt er eerst een vooronderzoek plaats binnen twee scholen van het samenwerkingsverband, te weten de Klaverweide en de Zevensprong. Het doel van de voorverkenning is het inzichtelijk maken van de ondersteuningsbehoeften van leerkrachten met betrekking tot het realiseren van Passend Onderwijs in Almere. 1.2 Passend Onderwijs op de Klaverweide Met Passend Onderwijs wordt beoogd de juiste ondersteuning voor elke leerling zo veel mogelijk in de klas te laten plaatsvinden (Ministerie van OCW, 2012). De Klaverweide geeft hier vorm aan door te werken in een samenwerkingsverband. Het samenwerkingsverband is een organisatie, waarbinnen alle scholen van Almere behoren. Zij bieden en coördineren de extra zorg en begeleiding op scholen. Binnen het samenwerkingsverband is er het project Passend Onderwijs in de Wijk (POidW) toegepast. Het ministerie van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap (2011) heeft hier beleid over geschreven. Vanuit het project Passend Onderwijs in de Wijk dat ontstaan is vanuit de overkoepelende organisatie leerlingenzorg Almere (2012) de behoefte ontstaan het schoolprofiel van de scholen in de wijk vast te stellen. De inhoud van het profiel wordt in de wet (MIOCW, 2011) als volgt omschreven: een beschrijving van de voorzieningen die zijn getroffen voor de ondersteuning van leerlingen die extra ondersteuning behoeven. Het ondersteuningsprofiel is het document op basis waarvan de school kan beargumenteren of het wel of niet aan de onderwijs- en ondersteuningsbehoefte van een leerling kan voldoen en het geeft een helder en overzichtelijk beeld van de mogelijkheden die de school heeft voor de ondersteuning van leerlingen met uiteenlopende onderwijsbehoeften. De Klaverweide heeft deze scan uitgevoerd en een school- ondersteuningsprofiel opgesteld 1. De uitkomst van de scan is dat de Klaverweide een inclusieve school is. Dat wil zeggen alle leerlingen voor extra ondersteuning zijn welkom op deze school, de populatie leerlingen die van deze vorm van ondersteuning gebruikmaken is 5% of meer van het totaal aantal. 1.3 De doelstelling Het praktijkonderzoek heeft als uitgangspunt te leiden tot kwaliteitsverbetering van de onderwijspraktijksituatie. Het gaat hierbij om een vooronderzoek of te wel een nulmeting. De doelstelling is tevens om te ontdekken of de onderzoeksinstrumenten en de daaruit voortvloeiende datagegevens voldoende informatie geven over de ondersteuningsbehoeften van de leerkrachten. De resultaten, analyses, aanbevelingen en conclusies, die gezamenlijk met de medestudent en in overleg met de studiebegeleider zijn ontworpen vormen de basis voor het verbeteren van de onderwijspraktijksituatie op de betreffende scholen met betrekking tot de invoering van Passend Onderwijs als voor een grootschalig onderzoek onder alle basisscholen van Almere voor de realisatie van Passend Onderwijs in de Almere. 1.4 De centrale vraagstelling Welke ondersteuningsbehoeften worden door de leerkrachten van de Klaverweide en de Zevensprong en door externen benoemd om Passend Onderwijs te realiseren? 1 Roelfesema, H. (2012). Rapportage onderwijszorgprofiel de Klaverweide. Utrecht: Hogeschool Utrecht.

9 1.5 De onderzoeksvragen De onderzoeksvragen zijn een kernachtige en scherpe verantwoording van de kennisbehoefte (Harink, 2011). De doelstelling van het initiatief is de mening van de leerkrachten te meten ten aanzien van Passend Onderwijs in de onderwijspraktijksituatie. Dit wordt vormgegeven door onderzoek te doen naar de definiëring van Passend Onderwijs, welke leerkracht competenties horen daarbij en welke ondersteuningsbehoeften hebben leerkrachten nodig om Passend Onderwijs in de onderwijspraktijk te realiseren. Onderzoeksvraag 1: Wat is volgens de leerkrachten van de Klaverweide en de Zevensprong de definitie van Passend Onderwijs? Deelvragen: 1.1 Wat betekent Passend Onderwijs volgens de leerkracht voor de leerling? 1.2 Wat betekent Passend Onderwijs volgens de leerkracht voor de groep? 1.3 Wat betekent Passend Onderwijs volgens de leerkracht voor de leerkracht? 1.4 Wat betekent Passend onderwijs volgens de leerkracht voor de school? 1.5 Wat betekent Passend Onderwijs volgens de leerkracht voor de ouders? 1.6 Welke stimulerende en belemmerende factoren benoemen leerkrachten van de Klaverweide en de Zevensprong voor Passend Onderwijs? Onderzoeksvraag 2: Welke leerkrachtcompetenties worden door extern betrokkenen verondersteld voor het realiseren van Passend Onderwijs? Deelvragen: 2.1 Wat is de definitie van leerkrachtcompetenties? 2.2 Wat beschrijft de literatuur over leerkrachtcompetenties in Passend Onderwijs? 2.3 Wat geven onderwijsprofessionals aan over leerkrachtcompetenties in Passend Onderwijs? Onderzoeksvraag 3: In hoeverre achten de leerkrachten van de Klaverweide en de Zevensprong zich op dit moment bekwaam wat betreft de SBL competenties die van belang zijn voor het realiseren van Passend Onderwijs? Deelvragen: 3.1 In hoeverre achten de leerkrachten van de Klaverweide en de Zevensprong zich op dit moment bekwaam wat betreft de interpersoonlijke competentie in de omgang met leerlingen? 3.2 In hoeverre achten de leerkrachten van de Klaverweide en de Zevensprong zich op dit moment bekwaam wat betreft de orthopedagogische competentie in de omgang met leerlingen? 3.3 In hoeverre achten de leerkrachten van de Klaverweide en de Zevensprong zich op dit moment bekwaam wat betreft de ortho-didactische competentie in de omgang met leerlingen? 3.4 In hoeverre achten de leerkrachten van de Klaverweide en de Zevensprong zich op dit moment bekwaam wat betreft de organisatorische competentie? 3.5 In hoeverre achten de leerkrachten van de Klaverweide en de Zevensprong zich op dit moment bekwaam wat betreft de competentie in samenwerking met collega s? 3.6 In hoeverre achten de leerkrachten van de Klaverweide en de Zevensprong zich op dit moment bekwaam wat betreft de competentie in samenwerking met de omgeving van de school? 3.7 In hoeverre achten de leerkrachten van de Klaverweide en de Zevensprong zich op dit moment bekwaam wat betreft de competentie in reflectie en ontwikkeling?

10 Hoofdstuk 2 Theoretisch kader 2.1 Inleiding Bij de realisatie van Passend Onderwijs is een competente leraar van essentieel belang (Adema e.a., 2009). Kan (2007) sluit zich hierbij aan en stelt dat de leerkracht zelf als uitgangspunt moet worden genomen om de kwaliteitsverbetering te laten slagen. Goei en Kleijnen (2009) concluderen dat er duidelijke aanwijzingen zijn dat leerkrachten handelingsverlegenheid ervaren in de omgang met zorgleerlingen met externaliserende gedragsproblematiek. De handelingsverlegenheid uit zich in gevoelens van incompetentie, onmacht, stress en onzekerheid. Hieruit kan onder andere gesteld worden dat het dus van belang is dat leraren worden betrokken bij het maken van beleid ten aanzien van Passend Onderwijs. Binnen het theoretisch kader wordt getracht vanuit de literatuur een theoretische onderbouwing te schetsen die antwoord kan gaan geven op de vraag. Welke ondersteuningsbehoeften worden door de leerkrachten van de Klaverweide en de Zevensprong en externen benoemd om Passend Onderwijs te realiseren? Het hoofdstuk is opgebouwd uit verschillende paragrafen. De onderwerpen die daarbij aanbod komen zijn het Passend Onderwijs in de internationale context (2.2). Wat zeggen verschillende internationale organisaties over Passend Onderwijs en welke verschillen en overeenkomsten heeft het met inclusief onderwijs? Het politiek kader rond Passend Onderwijs wordt besproken in 2.3. In paragraaf 2.4 wordt er in gegaan op de definitie van Passend Onderwijs. Vervolgens gaat het in paragraaf 2.5 over de ideale leerkracht. In 2.6 wordt ingegaan op de definitie van competenties, het ontstaan van handelingsverlegenheid en wordt beschreven aan welke competenties een leerkracht moet voldoen om Passend Onderwijs te kunnen realiseren. Dit hoofdstuk wordt in paragraaf 2.7 afgerond met een korte samenvatting van het Theoretisch kader. 2.2 Passend Onderwijs in de internationale context De UNESCO (United Nations Educational, Scientific and Cultural Organization) heeft in de Salamanca verklaring (1994) een bijdrage geleverd aan de het document waarin men heeft gesteld dat onderwijs voor iedereen is, waarbij er verschillen tussen kinderen mag wezen, het leren wordt ondersteund en er wordt gereageerd op individuele behoeften. Het Salamanca akkoord (1994) werd onderwerp en doel van (inter-) nationaal onderwijsbeleid. Haar missie is een bijdrage leveren aan de interculturele dialoog over onderwijs. In de middellangetermijnstrategie ( ) heeft het als doel gesteld kwalitatief goed onderwijs te verzorgen voor iedereen. Verschillende internationale organisaties hebben in de loop der jaren deze ontwikkelingen uitgediept en verder ontwikkeld. Het uitgangspunt van het rapport Guidelines for Inclusion: Ensuring Access to Education for All (UN- SECO, 2005) luidt: a dynamic approach of responding positively to pupil diversity and of seeing individual differences not as problems, but as opportunities for enriching learning. Zij stellen hier, dat positief reageren op de diversiteit aan leerlingen met hun eigen talenten en het zien van individuele verschillen niet gezien moeten worden als probleem, maar als een kans op het verrijken van het leren voor alle kinderen. De Eurpean Agency for Development in Special Needs Educations (2012) heeft een competentieprofiel opgesteld voor een leraar in inclusieve onderwijssettingen. Dit profiel is tot stand gekomen naar aanleiding van het project Teacher Education for Inclusion (2012). Het rapport geeft een weergave van de essentiële houdingen, kennis en vaardigheden voor leerkrachten binnen het werken in een

11 inclusieve onderwijssetting. Het competentieprofiel bevat vier kernwaarden die elk een aantal competentiegebieden bevatten, een samenvatting hiervan is weergegeven in figuur Waarderen van diversiteit bij leerlingen Diversiteit bij leerlingen wordt beschouwd als een bron en toegevoegde waarde voor het onderwijs. De competentiegebieden die met deze kernwaarde samen gaan, hebben betrekking op: Opvattingen over inclusief onderwijs en de visie van de leraar ten aanzien van diversiteit bij leerlingen 2. Ondersteunen van alle leerlingen Leraren hebben hoge verwachtingen ten aanzien van de prestaties van alle leerlingen. Bevorderen van het academisch, praktisch, sociaal en emotioneel leren van alle leerlingen Effectieve onderwijsbenaderingen in heterogene klassen 3. Samenwerken met anderen Samenwerking en teamwerk zijn essentieel voor alle leraren. Samenwerken met ouders en families en met verschillende andere onderwijsprofessionals 4. Persoonlijke professionele ontwikkeling Leraren zijn verantwoordelijk voor hun eigen professionele ontwikkeling. Het gaat hierbij om een leven lang leren. Daarnaast is het belangrijk dat leraren reflecteren op het eigen handelen. Leraren kunnen reflecteren op hun onderwijspraktijk Figuur 1: samenvatting competentieprofiel Teachers education for Inclusion. Een andere benadering is de onderwijswet No Child Left Behind dat in 2002 in de Verenigde Staten van Amerika van kracht ging. De wet is van kracht gegaan door de tegenvallende resultaten in het basis en voortgezet onderwijs. Als regering vonden zij dat children are literally being left behind. Deze wet beoogt de basisvaardigheden van Amerikaanse leerlingen te verbeteren, dit zal leiden tot hogere prestaties. Een belangrijk middel daarbij is het implementeren van aanpakken en methoden waarvan wetenschappelijk is bewezen dat ze effectief zijn. Onderzoek toont aan dat het stellen van hoge eisen tot hogere prestaties leidt, hierdoor is de lat voor alle leerlingen hoog gelegd door de invoering van gestandaardiseerde toetsen. No Child Left Behind is een voorbeeld van standards-based education reform. De wet No Child Left Behind richt zich ook op docenten. Van de leerkrachten wordt verwacht dat zij allen hoog gekwalificeerd zijn. Hieronder wordt verstaan dat zij het certificaat of het diploma hebben op minimaal bachelor niveau en hebben laten zien over voldoende expertise op hun vakgebied te beschikken. De wet No Child Left Behind is een andere manier van benaderen, waarbij stelt hoge eisen aan de leerkrachten en hun leerlingen. In januari 2012, 10 jaar na dato, heeft Jonhsen (2012)van the National Journal 2 de balans opgemaakt van het van kracht gaan van de onderwijswet No Child Left Behind 3. Daarbij is haar conclusie dat de wet duidelijk heeft gemaakt waar de problemen zitten, maar weinig problemen zijn opgelost. Als enige verdienste wordt gezien dat er veel meer duidelijkheid is gekomen over de prestaties van leerlingen. De conclusie ten aanzien van "Research and Data" is: "Far more data are available now, but there is little sense of what to do with this info". Daarnaast geeft het rapport ook nog een aantal doelen aan die niet of maar gedeeltelijk behaald zijn. Het doel om alleen hoog gekwalificeerde leerkrachten voor de klas te zetten is in zijn geheel niet behaald. De reden hiervoor is dat het een administratieve kwestie is geworden, maar of de leerkrachten ook daadwerkelijk in de praktijk kunnen waarmaken is niet bekend. Een doel dat gedeeltelijk behaald is dat men het onderwijsaanbod dekkend wilde maken voor alle kinderen en daarbij alle ondersteuning te bieden die nodig is voor de leerlingen die niet goed presteren. De aandacht gaat nu 2 3 Bron: Fawn Johnson (Jan. 2012) in NationalJournal. Report Card. With help from education experts, NJ grades the landmark No Child Left Behind Act 10 years after its enactment.

12 uit naar de kansarme kinderen, wel is geconstateerd dat de resultaten van alle leerlingen om hoog zijn gegaan. Het beleid Passend Onderwijs en het competentieprofiel inclusief bekwaam van Claasen, BruÏne, Schuman, Siemons en Velthooven (2009) waar we in Nederland van spreken sluit aan op de Salamanca verklaring genoemde ideaal van inclusief onderwijs, waarbij in Nederland het speciaal onderwijs blijft bestaan voor een beperkte groep leerlingen ( Kreike & Bruïne , Fanchamps, Schroën- Ario & Thasing 2009). Het competentieprofiel Inclusief Bekwaam wordt in paragraaf nader toegelicht Passend Onderwijs versus Inclusief Onderwijs? Inclusief en Passend Onderwijs zijn begrippen die dicht tegen elkaar aan liggen, maar niet precies hetzelfde zijn. Keesenberg (2008) geeft aan dat Passend Onderwijs geen synoniem is van inclusief onderwijs. Inclusief onderwijs gaat volgens zowel Bruggen(2008) en Dijkstra (2008)over onderwijs waarbij alle leerlingen, ongeacht hun beperking, zoveel mogelijk hetzelfde onderwijs volgen als hun leeftijdsgenoten binnen de reguliere school. Binnen inclusief onderwijs wordt het speciale aanbod wat de specifieke leerling nodig heeft in de school gebracht in de eigen buurt. Succes van inclusief onderwijs is grotendeels afhankelijk van een positieve houding van de leerkrachten zo stelt Dijkstra (2008). Leerkrachten zijn de sleutelfiguren voor de implementatie van inclusief onderwijs. Essentieel is hun houding ten aanzien van leerlingen met beperkingen of specifieke onderwijsbehoeften, hun standpunt aangaande verschillen in de klas en hun bereidheid effectief met deze verschillen om te gaan. Heegsma (2013) geeft aan dat een inclusieve setting volgens haar geen realistische situatie op dit moment. Voor een kleinere doelgroep zal een specialistische setting meer wenselijk zijn. Prof. Drs. Van Veen (2013) is een voorstander van Inclusief Onderwijs, maar stelt dat het einddoel van het ministerie ook niet is om van het Passend Onderwijs Inclusief Onderwijs te maken. Daarnaast stelt hij: Wij zullen het niet meemaken dat het speciaal onderwijs verdwijnt. Het regulier onderwijs is voorlopig simpelweg niet in staat alle leerlingen met speciale ondersteuningsbehoeften goed onderwijs te bieden 5. Het samenwerkingsverband Collectief Inclusief 6 (2011) pleit voor het tegenovergestelde. Zij stellen dat Passend Onderwijs een facilitering kan zijn om inclusief onderwijs mogelijk te maken. Daarnaast concludeert het samenwerkingsverband Collectief Inclusief (2011) aan dat er op dit moment meer aandacht besteedt wordt aan de invoering van Passend Onderwijs. Dit gaat ten koste van de bereidheid met elkaar na denken over en aandacht te vragen voor het realiseren van een meer inclusief onderwijssysteem in Nederland waar zij voor pleiten. Het samenwerkingsverband Collectief Inclusief (2011) stelt dat in het concept van Passend Onderwijs worden minder grote stappen gemaakt dan bij Inclusief Onderwijs, maar het einddoel kan hetzelfde of vergelijkbaar zijn. Hove, Mortier & Schauwer (2008) stellen dat het belangrijk is om weerstand tegen inclusief onderwijs te begrijpen en te beantwoorden met duidelijke communicatie over de voordelen van inclusief onderwijs, met het delen van goede praktijkvoorbeelden en het zoeken naar antwoorden op hoevragen. Volgens Hove, e.a. (2008) gaat het over veranderingen met betrekking tot de plaats van en de manier van kijken naar de leerling met een beperking, de manier waarop ouders betrokken worden in het onderwijsproces, het toelaten van een aparte leerlijn en evaluatie van de leerling, verregaand differentiëren, creatief zoeken naar mogelijkheden voor de leerling, de manier waarop klasge- 4 Kreike en Bruïne (2009). Passend onderwijs, past dat iedere leerling goed? 5 6

13 ten erbij betrokken worden, een veranderende rol van leerkrachten, zoeken naar passende antwoorden voor een kind in een bepaalde context en een andere invulling van expertise Passend Onderwijs en de stand van zaken rond het politieke kader In de internationale context wordt veelal gesproken over het begrip inclusief onderwijs. Dit begrip gaat uit van het ideaal om alle leerlingen binnen een basisschool onderwijs en zorg te bieden (Meijer, 2009). Dit streven naar integratie wordt vanuit de Nederlandse overheid sinds gedefinieerd als Passend Onderwijs. Met het Passend Onderwijs wordt er gestreefd naar een preventieve aanpak om het reguliere onderwijs te versterken en alle kinderen, in de leeftijdscategorie tussen twee tot drieentwintig jaar, het onderwijs te laten volgen dat bij hen past. Passend Onderwijs heeft betrekking op de reguliere en specifieke onderwijsbehoeften van kinderen die kunnen bijdragen aan een succesvolle schoolloopbaan. Het gaat hierbij om een set van beleidsmaatregelen dat scholen, in samenwerkingsverband met de samenwerkende scholen hen in staat stelt zorg, onderwijs en ondersteuning te bieden die een kind in de klas nodig heeft dichtbij huis te kunnen bieden (Meijer, 2009). Het ministerie van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap vond het in november 2011 noodzaak om de knelpunten en belemmeringen ten aan zien van Passend Onderwijs en de onderwijszorg te gaan herorganiseren en aan te scherpen. De zorgplicht werd ingevoerd. De zorgplicht voor scholen heeft betrekking op de onderwijszorg voor nieuwe en zittende leerlingen. Het doel is de dat alle scholen zowel regulier als speciaal onderwijs binnen het samenwerkingsverband met elkaar samenwerken om een dekkend aanbod van onderwijszorg in de regio te kunnen bieden, zodat er voor elke leerling een passend plek is waar de juiste ondersteuning geboden kan worden. Per augustus 2014 zijn alle scholen verplicht om aan de zorgplicht te kunnen voldoen. Het beleid Passend Onderwijs is bedoeld om de groei van het (voortgezet) speciaal onderwijs te remmen en leerlingen zo (lang) mogelijk in het regulier onderwijs te houden (Bruïne & Smeets, 2010). 2.4 Passend Onderwijs de definitie In Nederland zijn er diverse opvattingen te vinden met betrekking tot het huidige Passend Onderwijs. In deze alinea zijn een aantal opvattingen van diverse onderwijsprofessionals geïnventariseerd. Ieder bekijkt het vanuit zijn eigen expertise, visie en beleidskoers. Bij Passend Onderwijs gaat het er om dat er binnen een regionale of lokale setting, het onderwijsbeleid zo is ingericht, dat er voor elke leerling in de regionale of lokale situatie een passend onderwijsarrangement is. Volgens het ministerie van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap (2013) betekent Passend Onderwijs dat elk kind naar die vorm van onderwijs gaat, dit kan zowel op een reguliere school zijn met extra begeleiding als het speciaal basisonderwijs, die het beste bij zijn of haar talenten of beperkingen past. In de praktijk gaat dit voornamelijk over leerlingen met een (onderwijs-)beperking. Hoffmans (zoals geciteerd in Adema e.a., 2009) geeft in 2008 een voorlopige werkdefinitie waarin hij stelt dat goed Passend Onderwijs een sluitend, functioneel en effectief, regionaal netwerk is, waarin een passend, flexibel en goed aanbod aan onderwijs en begeleiding, voorzieningen en structuren wordt geboden en gunstige condities op school en boven schools worden gecreëerd, zodat alle kinderen en jongeren tot 23 jaar zich optimaal ontwikkelen en optimale opbrengsten realiseren. Volgens Keesenberg (2008) en Meijer (2009) gaat Passend Onderwijs over beleidsmaatregelen die scholen in staat stellen een passend onderwijsarrangement, dichtbij huis aan te bieden, aan alle kinderen in de basisschoolleeftijd. De opvatting van Meer (2011) sluit hierop aan door te stellen dat Passend On- 7 Hove, G., Mortier, K. & Schauwer, E. (2008). Inclusie: ja, maar weerstand tegen inclusief onderwijs begrepen vanuit de kritische factoren. De wereld van het jonge kind. Juni pp Ministerie van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap, 2007.

14 derwijs niet alleen moet bewerkstelligen dat de onderwijszorg voor leerlingen met problemen doeltreffender en transparanter wordt, maar dat het beleid ook wil bevorderen dat minder kinderen vanuit het regulier onderwijs naar speciale voorzieningen worden verwezen. Bruine (2013) maakt in haar opvatting over wat Passend Onderwijs inhoudt een driedelige setting. Ten eerste de setting in de klas; hier gaat het over omgaan met verschillen tussen leerlingen. Ten tweede de setting rond de klas; namelijk het omgaan met ouders en collega s. En ten derde gaat het over de setting in en rond de school; het zorgbeleid in de school en de samenwerking met ketenpartners. Passend Onderwijs gaat volgens Meijer (2013) ook om het omgaan met verschillen en een onderzoekende houding van de leerkracht in situaties waarop de leerkracht tegen een grens aanloopt. 2.5 Passend Onderwijs vraagt om de ideale leerkracht Passend Onderwijs vertrouwt op de professionaliteit van leraren. De inzet, deskundigheid en motivatie van de leerkracht zal een beslissende factor zijn bij de realisatie en het slagen van Passend Onderwijs (Shuman,2007). Met Passend Onderwijs krijgen leerlingen een passende plek, zoveel mogelijk in het regulier onderwijs. Afhankelijk van keuzes die de schoolbesturen in het samenwerkingsverband maken, kunnen leraren in het regulier onderwijs daarom te maken krijgen met grotere verschillen tussen leerlingen in de klas. Dit is minder eenvoudig als de verschillen tussen leerlingen verder uit elkaar liggen. Dit wordt nog eens benadrukt in het rapport referentiekader passend onderwijs 9 dat is opgesteld door de PO-raad, VO-raad, AOC-raad en de MBO-raad (2011) hierin wordt gesteld dat leerlingen met een extra ondersteuningsbehoefte sterker afhankelijk zijn van goed onderwijs dan andere leerlingen. Tegelijkertijd worden hogere eisen gesteld aan het onderwijs voor deze groep. Met extra inzet en deskundigheid moeten we proberen de doelstelling van Passend Onderwijs waar te maken. Dit betekent een investering in goede didactische kwaliteiten van leerkrachten, een pedagogisch klimaat van hoge verwachtingen en een schoolcultuur waarin resultaten op alle niveaus zichtbaar worden gemaakt. De Onderwijsraad (2011) en de Evaluatie- en Adviescommissie Passend Onderwijs (ECPO) (2011) adviseren beide om expliciet aandacht te besteden aan de toerusting van leraren op het gebied van Passend Onderwijs Passend onderwijs vraagt veel van leraren (ECPO, 2011 en Schram, Meer & Os, 2013). Het vraagt om professionele leraren die open staan voor diversiteit en vanuit een onderzoekende houding hun kennis en vaardigheden met betrekking tot het omgaan met verschillen tussen leerlingen geleidelijk verder ontwikkelen, zodat zij steeds beter maatwerk kunnen leveren (Schram, Meer & Os, 2013). De leraren vormen een sleutelrol bij het vormgeven van Passend Onderwijs. Schuman (2007) beoogt dat de overheid zich minder moet gaan richten op systeemveranderingen en procedures, maar zich moet gaan richten op de mensen die dagelijks met alle kinderen werken op de werkvloer, de leerkracht. 2.6 De competente leerkracht, wie is dat? Bij de realisatie van Passend Onderwijs is een competente leraar van essentieel belang (Adema e.a., 2009). Om Passend Onderwijs tot een succes te maken is essentieel dat de competenties van leraren vergroot worden. Dit veronderstelt dat men inzicht heeft in welke competenties nodig zijn voor het realiseren van Passend Onderwijs en in kaart gebracht kan worden in hoeverre deze competenties in de school, het bestuur, het samenwerkingsverband of regio aanwezig zijn, zodat gericht maatregelen genomen kunnen worden om de professionaliteit van leraren te vergroten (Adema, e.a., 2009). 9 onderwijs_eindversie_ pdf

15 2.6.1 De definitie van competenties In deze paragraaf wordt aandacht besteed aan de definiëring van het begrip competenties. Adema e.a. (2009) stellen dat Passend Onderwijs een groot beroep doet op de handelingsbekwaamheid en competenties van leraren. In verschillende literatuur wordt de definiëring van competenties beschreven. Het is een begrip waarvan veel definities in omloop zijn en waarover veel wordt gediscussieerd. In het rapport Competenties: van complicaties tot compromis. Over schuifjes en begrenzers 10 worden een elftal definities van competenties besproken (Merriënboer, Klink & Hendriks, 2002). De definities die gesteld worden komen van onderwijsprofessionals uit verschillende landen en bekijken het allen vanuit de eigen invalshoek. Ook de interpretatie en formulering over het woord en het beeld wat dit oproept verschilt per individu. Dit maakt het nog complexer om van het begrip competenties een eenduidig beeld te vorm (Korthagen,2004) 11. In het rapport is geconcludeerd dat competenties clusters zijn van vaardigheden, kennis, attituden, eigenschappen en inzichten (Merriënboer, 2002). Hoewel de verschillende definities een grote variatie laten zien, zijn er ook kenmerken die de definities gemeenschappelijk hebben. Er zijn zes kenmerken die regelmatig terugkeren: 1. Competenties zijn context gebonden. 2. Competenties zijn samenhangend. Het zijn clusters van vaardigheden, kennis, attituden, eigenschappen en inzichten. 3. Competenties zijn veranderlijk in de tijd. 4. Competenties zijn verbonden met activiteiten/taken. 5. Leer- en ontwikkelingsprocessen zijn voorwaardelijk voor het verwerven van competenties. 6. Competenties staan in een bepaalde relatie tot elkaar. De verwerving van een competentie vereist vaak de aanwezigheid van andere competenties. Er kan geconcludeerd worden dat er tot op heden nog geen eenduidige definitie bestaat over de definitie van competenties. Wel wordt door Merriënboer, Klink & Hendriks (2002) gesteld dat het wenselijk wordt geacht dat iedere definitie van competentie kenmerken bevat over: Specificiteit: Het verwerven, toepassen en verder ontwikkelen van competenties vindt plaats in contexten. Integratief: Een competentie is een samenhangend geheel van elementen noodzakelijk voor probleemoplossend handelen. Duurzaamheid: Kenmerkend voor een competentie is dat er sprake is van een zekere duurzaamheid. Handelingsgerichtheid: Voor de ontwikkeling en toetsing van een competentie is probleemoplossend handelen voorwaardelijk. Leerbaarheid: Een competentie is niet in één keer overdraagbaar. Het vergt inspanning en tijd om een competentie te ontwikkelen. Onderlinge afhankelijkheid: Competenties staan in een bepaalde relatie tot elkaar. Spencer & Spencer (1993)en Bergen Henegouwen (1999) vergelijken de competenties met een ijsbergstructuur. Bij denken over competenties moet men niet alleen kijken naar de bovenliggende laag, dat wat zichtbaar is, maar juist ook naar de onderliggende lagen met dieperliggende drijfveren en kwaliteiten van mensen. Deze onderliggende lagen beïnvloeden de kennis en vaardigheden boven de waterlijn. In figuur 2 is deze conclusie nog eens in beeld weergegeven. 10 Onderwijsraad (2002) Competenties: van complicaties tot compromis. Over schuifjes en begrenzers 11 Korthagen (2004) Zin en onzin van competentiegericht opleiden

16 Adema e.a. (2009) gebruiken de volgende definiëring voor competenties: Competenties vormen het vermogen van een medewerker om op adequate wijze en met succes een bijdrage te leveren aan de doelstellingen van de organisatie. Het gaat om vakspecifieke en professionele kennis en vaardigheden, motivatie en persoonskenmerken die geïntegreerd worden aangewend in het werk en die dus zichtbaar worden in het gedrag in een bepaalde situatie (Adema e.a., 2009,). Zo stelt Bruïne e.a., (2009) dat de leerkrachtcompetenties Figuur 2: Competenties in de ijsbergstructuur. een geïntegreerd geheel zijn van gedragsrepertoires, kennis, inzicht, beroepshouding en opvattingen, persoonlijke eigenschappen en kwaliteiten. Geconcludeerd kan worden dat door de verantwoordelijkheden van de leraar te benoemen en onder woorden te brengen wat een professionele manier van werken inhoudt ( zichtbaar en niet zichtbaar ) er een concrete beschrijving ontstaat van de lerarencompetenties en de competenties gelden als uitgangspunt voor het verwerven en onderhouden van de bekwaamheid van zittende en toekomstige leerkrachten Handelingsverlegenheid De leerkracht is binnen de school de belangrijkste factor die invloed heeft op de leerlingen. Scholen dragen voor 20 % bij aan de leerresultaten van hun leerlingen. Binnen die 20% heeft de leerkracht voor twee derde effect op de leerling. In die zin kan er gesteld worden dat de leerkracht een cruciale rol spelen in het realiseren van Passend Onderwijs zoals Waslander (2011) stelt in het rapport Passend Onderwijs Passend Beleid? 12 (Marzano, 2007 en Pameijer, Beukering & de Lange2011). Wanneer de leerling incompent gedrag vertoont op het gebied van gedragsproblematiek, sociale vaardigeheden, onvoldoende leerprestaties leidt dit bij leerkrachten tot handelingsverlegenheid. De handelingsverlegenheid heeft te maken met rolopvatting van de leerkracht en het kijken naar het eigen aandeel handelen van de leerkracht speelt ook een rol (Goei & Kleijnen, 2009).Wel is gebleken dat de mate waarin de leerkracht inclusief denkt een positieve invloed heeft op het verminderen van de handelingsverlegenheid, dit is ook het geval als de leerkracht voldoende zelfvertrouwen heeft en voldoende kennis en vaardigheden. (Goei & Kleijnen, 2009). Effectief leerkrachtgedrag leidt tot het beter bereiken van onderwijsdoelen en de vermindering van probleemgedrag. (Goei & Kleijnen, 2009). Goei en Kleinen (2009) stellen dat leerkrachten een cruciale rol spelen in de omgang met zorgleerlingen. Zij verdienen ondersteuning wanneer zij door gedrag van leerlingen handelingsverlegenheid ervaren. De onderwijsraad 13 (2013) concludeert dat om de professionaliteit van leraren verder te versterken deze voorheen vooral gericht was op de buitenkant van het beroep, namelijk de status en het respect van de beroepsgroep, en veel minder op de binnenkant van het leraarschap: de houding en het handelen van individuele leraren in hun dagelijkse onderwijspraktijk. Wat vraagt het tegenwoordig 12 Onderwijsraad (2011). PASSEND ONDERWIJS PASSEND BELEID? Drie visies op beleidsvorming rondom Passend onderwijs 13 Onderwijsraad (2013). Leraar zijn.

17 van individuele leerkrachten om op een goede, professionele manier hun dagelijkse werk te doen; hun persoonlijke professionaliteit. Professioneel handelen vereist dat de leerkracht goed weet wat het met het onderwijs voor de leerlingen op de eigen school nastreeft. Het gaat immers niet alleen om wat er in een situatie mogelijk is of zou moeten gebeuren, maar ook wat een leraar zelf wenselijk, waardevol of belangrijk vindt. Het bewust zijn en kunnen expliciteren van de eigen professionele waarden en doelen stelt leerkrachten in staat om aan anderen goed uit te leggen wat ze belangrijk vinden in hun onderwijs en waarom. Van hieruit kunnen leraren hun handelen verantwoorden, gezag verwerven en met anderen (collega s, schoolleiding, ouders en onderwijsprofessionals) de dialoog over hun keuzes aangaan. Daarnaast is de kritisch onderzoekende houding van individuele leraren onlosmakelijk verbonden met hun professionaliteit aldus het standpunt van de Onderwijsraad (2011) Competentiebeleving van de leraar Het ervaren van competentie door de leerkracht met betrekking tot de onderwijsleersituatie blijkt een belangrijk gegeven voor de inspanningen die leerkrachten in het onderwijs doen en de wil om iets te bereiken. Tschannen-Moran, Woolfolk Hoy en Hoy (1998) stellen bijvoorbeeld dat de zelfperceptie van de leraar met betrekking tot persoonlijke effectiviteit en mogelijkheden om met problemen van leerlingen om te gaan, van invloed is op de houding en het handelen van de leraar. De overtuiging van de leerkracht over de eigen competentie wordt door Bandura (1997) teacher selfefficacy genoemd. Het gaat hier om de overtuiging van de eigen competenties dat gebaseerd is op de eigen perceptie en niet op de daadwerkelijke competentie van de leerkracht. Tschannen-Moran, Woolfolk en Hoy (1998) zeggen dat het hierdoor mogelijk is dat leerkrachten hun competenties onderschatten of overschatten. Het gevolg bij leerkrachten met een hoge teacher-efficacy is dat zij meer met nieuwe strategieën aan de slag durven te gaan (Ross, 1994). Daarentegen veroorzaakt een lage overtuiging van de eigen competentie juist vermijdingsgedrag (Bandura, 1997). Persoonlijke leerervaringen, indirecte leerervaringen, verbale overreding (aanmoediging en ondersteuning) en de persoonlijke fysiologische- en emotionele toestand zijn volgens de sociaal-cognitieve theorie van Bandura (1997) vier informatiebronnen die de zelfperceptie vormen. De meest invloedrijke bron is de persoonlijke leerervaring, omdat deze oorspronkelijk en direct bewijs levert voor de persoonlijke vakbekwaamheid. Competentiegevoelens zullen toenemen als de leerkracht ervaart dat een aanpak succesvol is. Dit leidt tot positieve verwachtingen voor toekomstig handelen. Er ontstaan incompetentiegevoelens als de leerkracht ervaart dat een aanpak faalt. Dit laatste draagt vervolgens bij aan negatieve verwachtingen voor toekomstig handelen (Tschannen-Moran & Woolfolk Hoy, 2007). Bandura (1997) stelt dat veronderstellingen over de onderwijstaak en de persoonlijke onderwijscompetentie waarschijnlijk onveranderd blijven, totdat de leerkracht het tegendeel heeft ervaren. Daarbij geeft hij tevens aan dat de competentiegevoelens juist worden versterkt als succes wordt bereikt op moeilijke taken met weinig assistentie De leerkrachtcompetenties ten aanzien van Passend Onderwijs In het kader van Passend Onderwijs is het competentieprofiel Bekwaam & Speciaal (2004) geactualiseerd. Het competentieprofiel Inclusief Bekwaam is ontstaan (Claasen, Bruïne, Schuman, Siemons en Velthooven, 2009). Het competentieprofiel is een verdieping op de bestaande SBL competenties. Het sluit aan bij de speciale onderwijszorg en de speciale eisen die het werken binnen speciaal onderwijs of werken met leerlingen met specifieke ondersteuningsbehoeften aan professionals stelt. De bekwaamheidseisen in Inclusief Bekwaam sluiten nu beter aan op het hedendaagse onderwijs, de (inter-) nationale besluiten en intenties tot inclusie in het onderwijs. In de beschrijving van dit profiel worden een aantal competenties aangescherpt middels twee verdiepingsdimensies. Deze verdiepingsdimensies hebben betrekking op het persoonlijk functioneren van de leraar en op het belang van kennis (Claasen e.a., 2009).

18 De eerste verdiepingsdimensie (A) heeft betrekking op de professionele beroepshouding en kwaliteiten van de leraar. De tweede verdiepingsdimensie (B) geeft het belang aan van de diepgang in kennistoepassing en ontwikkeling (Bruïne e.a., 2011). Op basis van de zeven competenties, zoals beschreven in Bekwaam & Speciaal (Claasen e.a., 2009) is het competentieprofiel Inclusief Bekwaam als volgt uitgewerkt: 1. Interpersoonlijk competent in de omgang met leerlingen: De leraar maakt contact met de leerling(en) en communiceert met hen. 2. Orthopedagogisch competent in de omgang met leerlingen: De leraar creëert als pedagoog een klimaat dat de leerlingen voldoende veiligheid én uitdaging biedt voor hun verdere ontwikkeling. 3. Vakinhoudelijk en didactisch competent in de omgang met leerlingen: De leraar ontwerpt als didacticus een op de leerlingen/groep afgestemde krachtige leeromgeving. 4. Organisatorisch competent in de omgang met leerlingen en andere direct betrokkenen: De leraar draagt zorg voor een ordelijke en taakgerichte leeromgeving; bovendien stemt de leraar de activiteiten van betrokkenen op elkaar af. 5. Competent in samenwerking met collega s: De leraar stemt zodanig af dat ook op schoolniveau alles goed op elkaar aansluit. 6. Competent in samenwerking met de omgeving van de school: De leraar werkt, gezien de orthopedagogische en didactische taak, ook samen met mensen en organisaties buiten de eigen schoolorganisatie (ouders; maatschappelijke organisaties, zoals een schoolbegeleidingsdienst, welzijnsinstelling, jeugdhulpverlening) en stemt met hen af. 7. Competent in reflectie en ontwikkeling: De leraar werkt voortdurend aan de professionele ontwikkeling: de eigen deskundigheid, de eigen persoonlijke kwaliteiten en de eigen opvattingen. A: Professionele beroepshouding en daaraan verbonden kwaliteiten Visie op inclusie en waarderen van diversiteit: De leraar handelt vanuit een positieve en onderbouwde visie op inclusie, diversiteit en burgerschap. De leraar gaat uit van gelijkwaardigheid. De leraar ziet diversiteit in de groep als uitdaging en weet die effectief in te zetten bij de vormgeving van het onderwijs. De leraar heeft zelfvertrouwen en vertrouwen in eigen competenties in de omgang met verschillen. Normatieve professionaliteit: De leraar zorgt voor een goede balans tussen instrumentele, communicatieve en normatieve aspecten van het beroep. Authentiek functioneren: De leraar weet dat hij/zij er toe doet. De leraar zorgt ervoor fysiek, emotioneel en cognitief in evenwicht te zijn, om zo effectief te functioneren. B: Diepgang in kennistoepassing en ontwikkeling (gericht op maximale participatie en emancipatie) Kritisch toepassen van kennis: De leraar maakt constructief en effectief gebruik van de kennis die voor de uitoefening van het beroep van belang is. Op basis van de eigen praktijkervaringen en praktijkonderzoek draagt de leraar bij aan de verdere kennisontwikkeling: voor de eigen praktijk, en waar mogelijk ook toepasbaar in andere praktijken. Gerichtheid op ontwikkelingsmogelijkheden: De leraar werkt handelingsgericht, waarbij de leraar de onderwijs- en ondersteuningsbe-

19 hoeften van de leerling centraal stelt. De leraar is zich ervan bewust dat de leerling zich ontwikkelt in wisselwerking met zijn of haar omgeving, wetend dat de leraar zelf daar ook deel van uitmaakt. Samenwerkend leren: De leraar is gericht op actieve participatie van en partnerschap met leerlingen, ouders/verzorgers en anderen die bij de ontwikkeling van de leerling(en) betrokken zijn. Onderzoekend handelen: De leraar beschouwt het werk en het eigen professioneel functioneren vanuit een onderzoekende houding; de leraar is nieuws- en leergierig. De leraar past het handelen aan steeds nieuwe omstandigheden aan en maakt hierin keuzes die zowel instrumenteel als moreel ethisch gefundeerd zijn. De leraar verbetert de eigen praktijk door deze systematisch te onderzoeken. 2.7 Korte samenvatting: de kern van het theoretisch kader Figuur 3: competentieprofiel Inclusief Bekwaam. In dit hoofdstuk is de ontwikkeling van het Passend Onderwijs in de internationale en de nationale context behandeld. In de internationale context spreekt en streeft men vooral naar inclusieve onderwijs settings. Daarbij is er een competentieprofiel voor de leerkracht vastgesteld. In de internationale context zijn ze erg vooruit strevend om goed onderwijs te geven, worden er hoge verwachtingen ten aan zien van leerlingen en leerkrachten gelegd, maar moet men wel tijdig evalueren of de veranderingen nut hebben en hun doel bereiken. Het Passend Onderwijs zoals het in Nederland genoemd krijgt steeds meer vorm. De beleidskoers is vastgelegd, de visie helder is en per augustus 2014 gaat de zorgplicht voor elke school in. Met als doel dat alle scholen zowel regulier als speciaal onderwijs binnen het samenwerkingsverband met elkaar samenwerken om een dekkend aanbod van onderwijszorg in de regio te kunnen bieden, zodat er voor elke leerling een passend plek is waar de juiste ondersteuning geboden kan worden. Om de leerkrachten een duidelijker beeld te geven wat Passend Onderwijs gaat betekenen zijn de verschillende definities, gegeven door verschillende onderwijsprofessionals, bekeken vanuit eigen expertise, visie en beleidskoers, met elkaar vergeleken. De conclusie is dat men allen vindt dat het gaat om omgaan met verschillen en aanpassen aan de ondersteuningsbehoeften van de leerling. Ook de handelingsverlegenheid en de competentiebeleving van leerkrachten ten opzichte van de veranderingen die het Passend Onderwijs met zich meebrengen, zijn in dit hoofdstuk aan bod gekomen. Om Passend Onderwijs te kunnen laten slagen is een competente leerkracht van belang. Een competente leerkracht voldoet aan het competentieprofiel zoals opgesteld door Claassen e.a. (2009). Daarnaast gaat het om de houding en het handelen van individuele leerkrachten in hun dagelijkse onderwijspraktijk. In hoofdstuk 3 wordt beschreven hoe het praktijkonderzoek is opgezet.

20 Hoofdstuk 3: Opzet van het onderzoek 3.1 Inleiding In dit hoofdstuk wordt de onderzoeksopzet van het praktijkgericht onderzoek beschreven. In paragraaf 3.2 wordt de onderzoeksmethode verantwoordt. In paragraaf 3.3 worden de ondernomen onderzoeksactiviteiten beschreven en er wordt beschreven voor welke onderzoeksstrategieën en onderzoeksinstrumenten er is gekozen en waarom hiervoor gekozen is. Paragraaf 3.4 wordt gebruikt om korte toelichting te geven op de analyse en verwerking van de resultaten. De wijze waarop de validiteit en betrouwbaarheid van het onderzoek wordt geborgd staat beschreven in paragraaf Onderzoeksmethode In dit praktijk onderzoek wordt het survey-onderzoek als onderzoeksmethode gebruikt. Verhoeven (2008) geeft aan dat dit soort onderzoek de meest gebruikte methode is om meningen, opinies, houdingen en kennis bij grote groepen mensen te meten. Het survey-onderzoek is gericht op de vraag hoe mensen ergens over denken, wat ze ergens van vinden, hoe ze handelen, wanneer en wat ze doet (Haricnk, 2010). Met de antwoorden uit het survey-onderzoek kunnen de karakteristieken van een groep mensen, in dit onderzoek, de leerkrachten van de Klaverweide en de Zevensprong in kaart gebracht worden. Tevens wordt het onderzoek gebruikt als vooronderzoek voor een grootschalig onderzoek door de Stichting Leerlingzorg Almere op alle basisscholen in Almere. 3.3 Gegevensverzameling Voor het verkrijgen van data voor het beantwoorden van de onderzoeksvragen is gebruikgemaakt van een literatuuronderzoek, een gestructureerde vragenlijst ( Harinck, 2010)onder de leerkrachten van de Klaverweide en de Zevensprong, een groepsinterview met een selecte groep leerkrachten van de Klaverweide en de Zevensprong en een diepte-interview met onderwijsprofessionals (Van der Donk & Van Lanen, 2012). De visies en inzichten van verschillende belanghebbende samen vormen de input voor het onderwerp en de analyses en conclusies. De verschillende onderzoeksinstrumenten en onderzoeksmethodieken zorgen voor triangulatie. De triangulatie is van belang om op gevalideerd en op betrouwbare wijze analyses, resultaten, conclusies en aanbevelingen te kunnen doen. 3.4 Betrouwbaarheid en validiteit van het onderzoek De betrouwbaarheid en validiteit zijn de belangrijkste pijlers binnen het onderzoek om ervoor te zorgen dat het onderzoek tot de juiste conclusies leidt en de juiste kwaliteit bezit (Verhoeven, 2008). Om de bruikbaarheid van het onderzoek zo hoog mogelijk te maken, wordt binnen het onderzoek gebruik gemaakt van meerdere dataverzamelingsmethode en onderzoeksinstrumenten om de centrale vraagstelling te kunnen beantwoorden (Verhoeven, 2008 & Van der Donk en Van Lanen, 2012). De verschillende stappen binnen het onderzoek worden vooraf besproken, voorzien van feedback en goedgekeurd door de externe experts. Tijdens het groepsinterview en het diepte-interview wordt er gebruik gemaakt van video-opnames. Hierdoor is het mogelijk de gesprekken zo nauwkeurig mogelijk te verwerken. Van der Donk en Van Lanen (2012) zeggen over het doen van onderzoek in de onderwijscontext dat het van belang is dat er ethisch gehandeld wordt door de onderzoeker.

LEOZ Generiek competentieprofiel leraar Passend Onderwijs: de ontwikkelscan

LEOZ Generiek competentieprofiel leraar Passend Onderwijs: de ontwikkelscan LEOZ Generiek competentieprofiel leraar Passend Onderwijs: de ontwikkelscan Juni 2013 Erica de Bruïne (Hogeschool Windesheim) Hans van Huijgevoort (Fontys OSO) Hettie Siemons (Hogeschool Utrecht, Seminarium

Nadere informatie

Competenties en bekwaamheden van een Daltonleerkracht

Competenties en bekwaamheden van een Daltonleerkracht Naam: School: Daltoncursus voor leerkrachten Competenties en bekwaamheden van een Daltonleerkracht Inleiding: De verantwoordelijkheden van de leerkracht zijn samen te vatten door vier beroepsrollen te

Nadere informatie

competentieprofiel groepsleerkracht/ docent algemeen vormend onderwijs Het Driespan

competentieprofiel groepsleerkracht/ docent algemeen vormend onderwijs Het Driespan Samenwerken Omgevingsgericht/samenwerken Reflectie en zelfontwikkeling competentieprofiel groepsleerkracht/ docent algemeen vormend onderwijs Het Driespan Competentieprofiel stichting Het Driespan, (V)SO

Nadere informatie

Box 2: Vaststellen beginsituatie Handelingsgericht werken op PABO s en lerarenopleidingen VO

Box 2: Vaststellen beginsituatie Handelingsgericht werken op PABO s en lerarenopleidingen VO Kees Dijkstra (Windesheim), Els de Jong (Hogeschool Utrecht) en Elle van Meurs (Fontys OSO). 31 mei 2012 Box 2: Vaststellen beginsituatie Handelingsgericht werken op PABO s en lerarenopleidingen VO Doel

Nadere informatie

SWPBS en HGW in curriculum lerarenopleiding

SWPBS en HGW in curriculum lerarenopleiding SWPBS en HGW in curriculum lerarenopleiding Inleiding Het LEOZ (Landelijk Expertisecentrum Onderwijs en Zorg) is een samenwerkingsproject van: Fontys Hogescholen, Opleidingscentrum Speciale Onderwijszorg,

Nadere informatie

COMPETENTIE 1: INTERPERSOONLIJK COMPETENT

COMPETENTIE 1: INTERPERSOONLIJK COMPETENT DE SBL competenties COMPETENTIE 1: INTERPERSOONLIJK COMPETENT De leraar primair onderwijs moet ervoor zorgen dat er in zijn groep een prettig leef- en werkklimaat heerst. Dat is de verantwoordelijkheid

Nadere informatie

Excellente Leerkracht SBO, SO/VSO. Stichting Meerkring LC 11 Onderwijsproces -> Leraren 44343 43334 43 43 Marieke Kalisvaart

Excellente Leerkracht SBO, SO/VSO. Stichting Meerkring LC 11 Onderwijsproces -> Leraren 44343 43334 43 43 Marieke Kalisvaart Functie-informatie Functienaam Organisatie Letterschaal CAO Salarisschaal Werkterrein Kenmerkscores SPO-gecertificeerde Stichting Meerkring LC 11 Onderwijsproces -> Leraren 44343 43334 43 43 Marieke Kalisvaart

Nadere informatie

De ontwikkeling van de Mondriaan methode VISIE OP PROFESSIONALISEREN

De ontwikkeling van de Mondriaan methode VISIE OP PROFESSIONALISEREN M.11i.0419 De ontwikkeling van de Mondriaan methode VISIE OP PROFESSIONALISEREN versie 02 M.11i.0419 Naam notitie/procedure/afspraak Visie op professionaliseren Eigenaar/portefeuillehouder Theo Bekker

Nadere informatie

Schoolondersteuningsprofiel

Schoolondersteuningsprofiel Schoolondersteuningsprofiel samenwerkingsverband primair onderwijs Inhoudsopgave Inleiding 3 1. 4 2. Missie en Visie 4 3. ondersteuning 5 4. Wat kan de 6 4.1 Regionale afspraken minimaal te bieden ondersteuning

Nadere informatie

Vakken TOP IB-opleiding. Onderwijsbegeleiding

Vakken TOP IB-opleiding. Onderwijsbegeleiding Vakken TOP IB-opleiding Onderwijsbegeleiding : Kennis van de verschillende probleemgebieden waarin een onderwijsbegeleider functioneert en inzicht in handelingsopties die hij heeft. Inzicht in de actuele

Nadere informatie

Toelichting competenties

Toelichting competenties Toelichting competenties De vraag van dit onderzoek was of leerkrachten, intern begeleiders en schoolleiders die werken met nieuwkomers aanvullende of extra competenties nodig hebben bovenop de bekwaamheidseisen

Nadere informatie

2 e Fontys Onderzoekscongres Onderzoek & Onderwijs :

2 e Fontys Onderzoekscongres Onderzoek & Onderwijs : 2 e Fontys Onderzoekscongres Onderzoek & Onderwijs : Onderzoek in de onderwijspraktijk van Fontys Wat doen we? Hoe gaat het? Wat levert het op? KEY NOTE: ANOUKE BAKX & JOS MONTULET Onderzoek binnen de

Nadere informatie

Proces Overstappen Passend Onderwijs Almere

Proces Overstappen Passend Onderwijs Almere Proces Overstappen Passend Onderwijs Almere Inleiding Het samenwerkingsverband Passend Onderwijs Almere heeft een duidelijke visie op overstappen, vastgelegd in deze procesbeschrijving. Centraal staan

Nadere informatie

LEOZ Project 1D. Referentiekaders Taal en Rekenen voor cluster 3 en 4 leerlingen in relatie tot bevordering handelingsbekwaamheden

LEOZ Project 1D. Referentiekaders Taal en Rekenen voor cluster 3 en 4 leerlingen in relatie tot bevordering handelingsbekwaamheden LEOZ Project 1D Referentiekaders Taal en Rekenen voor cluster 3 en 4 leerlingen in relatie tot bevordering handelingsbekwaamheden Doelen LEOZ 1D Onderzoeksdoelen: 1. Definiëren referentiekaders Taal en

Nadere informatie

ONDERWIJS EN INNOVATIE OP DE LINDERTE

ONDERWIJS EN INNOVATIE OP DE LINDERTE ONDERWIJS EN INNOVATIE OP DE LINDERTE Onderwijs zoals we dat vroeger kenden, bestaat al lang niet meer. Niet dat er toen slecht onderwijs was, maar de huidige maatschappij vraagt meer van de leerlingen

Nadere informatie

1 Interpersoonlijk competent

1 Interpersoonlijk competent 1 Interpersoonlijk competent De leraar primair onderwijs moet ervoor zorgen dat er in zijn groep een prettig leefen werkklimaat heerst. Dat is de verantwoordelijkheid van de leraar primair onderwijs en

Nadere informatie

HET COMPETENTIEPROFIEL VAN DE SPD. ILS Nijmegen

HET COMPETENTIEPROFIEL VAN DE SPD. ILS Nijmegen HET COMPETENTIEPROFIEL VAN DE SPD ILS Nijmegen Mei 2009 Voorwoord: Dit voorstel voor een competentieprofiel van de spd is ontworpen op verzoek van de directies van ILS- HAN en ILS-RU door de productgroep

Nadere informatie

1. Voorkennis 2. Recente inzichten en dilemma s 3. Begeleiding 4. Uitwisseling in groepjes 5. Slot: visie op ontwerpgericht onderzoek in de eigen

1. Voorkennis 2. Recente inzichten en dilemma s 3. Begeleiding 4. Uitwisseling in groepjes 5. Slot: visie op ontwerpgericht onderzoek in de eigen * 1. Voorkennis 2. Recente inzichten en dilemma s 3. Begeleiding 4. Uitwisseling in groepjes 5. Slot: visie op ontwerpgericht onderzoek in de eigen begeleiding/organisatie * Studentonderzoek? Eigen onderzoek?

Nadere informatie

1 Inleiding. 1.1 Het probleem

1 Inleiding. 1.1 Het probleem 1 Inleiding De mensen in dit boek (red: Uit elkaar van Cornald Maas) vertellen openhartig en eerlijk over de gevolgen van de scheiding van hun ouders voor hun eigen levens. Ze zijn vast van plan om het

Nadere informatie

Scholing Passend Onderwijs voor de Onderwijsassistent. Versie: 26-11-2015. 1. De competenties.

Scholing Passend Onderwijs voor de Onderwijsassistent. Versie: 26-11-2015. 1. De competenties. Scholing Passend Onderwijs voor de Onderwijsassistent. Versie: 26-11-2015 Passend Onderwijs betekent thuis nabij onderwijs voor bijna elk kind uit de buurt. De diversiteit in de school zal hierdoor toenemen.

Nadere informatie

Toelichting ontwikkelingsperspectief

Toelichting ontwikkelingsperspectief Toelichting ontwikkelingsperspectief Dit document is bedoeld als achtergrond informatie voor de scholen, maar kan ook (in delen, zo gewenst) gebruikt worden als informatie aan ouders, externe partners

Nadere informatie

Een brede kijk op onderwijskwaliteit Samenvatting

Een brede kijk op onderwijskwaliteit Samenvatting Een brede kijk op onderwijskwaliteit E e n o n d e r z o e k n a a r p e r c e p t i e s o p o n d e r w i j s k w a l i t e i t b i n n e n S t i c h t i n g U N 1 E K Samenvatting Hester Hill-Veen, Erasmus

Nadere informatie

Schoolondersteuningsprofiel. 06RQ00 RK Basisschool De Kabas

Schoolondersteuningsprofiel. 06RQ00 RK Basisschool De Kabas Schoolondersteuningsprofiel 06RQ00 RK Basisschool De Kabas Inhoud Toelichting... 3 DEEL I INVENTARISATIE... 6 1 Typering van de school... 7 2 Kwaliteit basisondersteuning... 7 3 Basisondersteuning... 8

Nadere informatie

onderwijs, de ontwikkelingen op een rij

onderwijs, de ontwikkelingen op een rij onderwijs, de ontwikkelingen op een rij Veel scholen zijn begonnen met het werken met groepsplannen. Anderen zijn zich aan het oriënteren hierop. Om groepsplannen goed in te kunnen voeren is het belangrijk

Nadere informatie

Beoordelingsrapport. Keimaat is een product van b&t begeleiding en training B.V.

Beoordelingsrapport. Keimaat is een product van b&t begeleiding en training B.V. Beoordelingsrapport Keimaat is een product van b&t begeleiding en training B.V. Beoordelingsrapport van: mevr. K. Rozegeur Dit beoordelingsrapport is gemaakt op: 8 juli 2010 Beoordelingsperiode: augustus

Nadere informatie

Schoolondersteuningsprofiel. 14GF00 De Zeester

Schoolondersteuningsprofiel. 14GF00 De Zeester Schoolondersteuningsprofiel 14GF00 De Zeester Inhoudsopgave Toelichting... 3 DEEL I INVENTARISATIE... 6 1 Typering van de school... 7 2 Kwaliteit basisondersteuning... 7 3 Basisondersteuning... 8 4 Deskundigheid

Nadere informatie

Tekst: Anita Michgelsen, Magda van der Wulp & Alyce Zandbergen

Tekst: Anita Michgelsen, Magda van der Wulp & Alyce Zandbergen De intern begeleider is een belangrijke professional als het gaat om de kwaliteit van het onderwijs. Je bent de spil in de ondersteuning van leraren bij de begeleiding van hun leerlingen en hebt, afhankelijk

Nadere informatie

van, voor en door de leraar Discussienota Uitgangspunten Herijking Bekwaamheidseisen

van, voor en door de leraar Discussienota Uitgangspunten Herijking Bekwaamheidseisen van, voor en door de leraar Discussienota Uitgangspunten Herijking Bekwaamheidseisen Inhoudsopgave Hoofdstuk 1 / De kern en inhoud als uitgangspunt... 4 1.1 de kern... 4 1.2 de inhoud... 5 Hoofdstuk 2

Nadere informatie

Bijeenkomst 1 Maatwerktraject onderwijskundig begeleider

Bijeenkomst 1 Maatwerktraject onderwijskundig begeleider Bijeenkomst 1 Maatwerktraject onderwijskundig begeleider Opbrengst-en handelingsgericht werken Ad Kappen, Gerdie Deterd Oude Weme Programma 16.00 16.15 17.30 17.45 18.30 20.30 opening Marielle lezing ogw

Nadere informatie

Een leerwerkplaats voor lerarenopleiders

Een leerwerkplaats voor lerarenopleiders Tekst: Bob Schoorel Een leerwerkplaats voor lerarenopleiders Windesheim in Zwolle gaat aan de slag met de leerwerkplaats Handelingsgericht Werken (HGW). De leerwerkplaats HGW is een concept waarbij professionals

Nadere informatie

ALGEMENE INFORMATIEBROCHURE

ALGEMENE INFORMATIEBROCHURE ALGEMENE INFORMATIEBROCHURE Educonnect informatiebrochure Pagina 1 Inhoudsopgave algemene informatiebrochure Educonnect Educonnect - pagina 3. De SCSOG Het aanbod van Educonnect De kern van Educonnect

Nadere informatie

Informatie werkplekleren

Informatie werkplekleren Informatie werkplekleren Pabo Venlo 2014-2015 Inhoudsopgave Inleiding Blz. 3 Stagedagen Blz. 4 Stageweken Blz. 4 Jaaroverzicht 2014-2015 Blz. 5 Opleidingsprogramma Blz. 6 Propedeusefase Hoofdfase Afstudeerfase

Nadere informatie

RAPPORT ONDERZOEK REKENEN-WISKUNDE BASISSCHOOL 'PATER VAN DER GELD'

RAPPORT ONDERZOEK REKENEN-WISKUNDE BASISSCHOOL 'PATER VAN DER GELD' RAPPORT ONDERZOEK REKENEN-WISKUNDE BASISSCHOOL 'PATER VAN DER GELD' School : basisschool 'Pater van der Geld' Plaats : Waalwijk BRIN-nummer : 13NB Onderzoeksnummer : 94513 Datum schoolbezoek : 12 juni

Nadere informatie

2. Waar staat de school voor?

2. Waar staat de school voor? 2. Waar staat de school voor? Missie en Visie Het Rondeel gaat uit van de Wet op het Basisonderwijs. Het onderwijs omvat de kerndoelen en vakgebieden die daarin zijn voorgeschreven. Daarnaast zijn ook

Nadere informatie

Bekwaamheidseisen leraren

Bekwaamheidseisen leraren Concept eindversie 20 mei 2004 Bekwaamheidseisen leraren Stichting Beroepskwaliteit Leraren en ander onderwijspersoneel Inleiding Wat goed onderwijs is, wordt bepaald door de samenleving. Die stelt zich

Nadere informatie

De student kan vanuit een eigen idee en artistieke visie een concept ontwikkelen voor een ontwerp en dat concept tot realisatie brengen.

De student kan vanuit een eigen idee en artistieke visie een concept ontwikkelen voor een ontwerp en dat concept tot realisatie brengen. Competentie 1: Creërend vermogen De student kan vanuit een eigen idee en artistieke visie een concept ontwikkelen voor een ontwerp en dat concept tot realisatie brengen. Concepten voor een ontwerp te ontwikkelen

Nadere informatie

Actief burgerschap. Sint Gerardusschool Splitting 145 7826 ET Emmen Tel: 0591-622465 gerardusschool@skod.nl

Actief burgerschap. Sint Gerardusschool Splitting 145 7826 ET Emmen Tel: 0591-622465 gerardusschool@skod.nl 2013 Actief burgerschap 0 Sint Gerardusschool Splitting 145 7826 ET Emmen Tel: 0591-622465 gerardusschool@skod.nl Inhoudsopgave Pagina Inleiding 2 Hoofdstuk 1 : 3 Hoofdstuk 2 : : een doel en een middel

Nadere informatie

Schoolondersteuningsprofiel. 04TL00 Chr Basissch It Twaspan

Schoolondersteuningsprofiel. 04TL00 Chr Basissch It Twaspan Schoolondersteuningsprofiel 04TL00 Chr Basissch It Twaspan Inhoudsopgave Toelichting... 3 DEEL I INVENTARISATIE... 6 1 Typering van de school... 7 2 Kwaliteit basisondersteuning... 7 3 Basisondersteuning...

Nadere informatie

Arjan Clijsen, Noëlle Pameijer & Ad Kappen

Arjan Clijsen, Noëlle Pameijer & Ad Kappen Met handelingsgericht werken opbrengstgericht aan de slag 1. Inleiding Arjan Clijsen, Noëlle Pameijer & Ad Kappen Wat is de samenhang tussen handelingsgericht werken (HGW) en opbrengstgericht werken (OGW)?

Nadere informatie

Competentieprofiel voor coaches

Competentieprofiel voor coaches Competentieprofiel voor coaches I. Visie op coaching Kwaliteit in coaching wordt in hoge mate bepaald door de bijdrage die de coach biedt aan: 1. Het leerproces van de klant in relatie tot diens werkcontext.

Nadere informatie

Smart Competentiemeting BSO

Smart Competentiemeting BSO Smart Competentiemeting BSO Pedagogisch medewerker Naam: Josà Persoon Email Testcode : jose_p@live.nl : NMZFIC Leeftijd (jaar) : 1990 Geslacht Organisatie Locatie : v : Okidoki : Eikenlaan Datum invoer

Nadere informatie

Handleiding Portfolio assessment UvA-docenten

Handleiding Portfolio assessment UvA-docenten Handleiding Portfolio assessment UvA-docenten najaar 2005 Inleiding In het assessment UvA-docent wordt vastgesteld welke competenties van het docentschap door u al verworven zijn en welke onderdelen nog

Nadere informatie

Bijlage 2. Basisondersteuning binnen SWV Groningen Ommelanden

Bijlage 2. Basisondersteuning binnen SWV Groningen Ommelanden Bijlage 2. Basisondersteuning binnen SWV Inleiding Het samenwerkingsverband dient te bepalen wat het niveau van de basisondersteuning is. Hiermee wordt bedoeld wat elke school tenminste in huis dient te

Nadere informatie

Inhoud: Schoolplan 2015-2019. Verantwoording. Motto, missie, visie, overtuigingen. Doelen. Samenvatting strategisch beleid van de vereniging

Inhoud: Schoolplan 2015-2019. Verantwoording. Motto, missie, visie, overtuigingen. Doelen. Samenvatting strategisch beleid van de vereniging Schoolplan 2015-2019 Inhoud: Verantwoording Motto, missie, visie, overtuigingen Doelen Samenvatting strategisch beleid van de vereniging 21 e eeuwse vaardigheden Schematische weergave van de vier komende

Nadere informatie

Van speciaal naar regulier onderwijs: een hele overstap! Het Congres 29 november 2013

Van speciaal naar regulier onderwijs: een hele overstap! Het Congres 29 november 2013 Van speciaal naar regulier onderwijs: een hele overstap! Het Congres 29 november 2013 #speciaalgewoon Wie bent u? Wie zijn wij? Aleid Schipper Maartje Reitsma Jos Vinders en Kees Verweij Van terugplaatsen

Nadere informatie

Specialisatie VO/MBO. Beschrijving van de onderwijseenheden

Specialisatie VO/MBO. Beschrijving van de onderwijseenheden Jongeren op weg naar de volwassenheid maken een boeiende en soms ook verwarrende levensfase door. Je bent nog geen volwassene maar je wordt wel geacht je te gedragen naar de regels die de maatschappij

Nadere informatie

Kernindicatoren voor assessment binnen de context van inclusief onderwijs

Kernindicatoren voor assessment binnen de context van inclusief onderwijs Kernindicatoren voor assessment binnen de context van inclusief onderwijs Proloog Assessment binnen de context van inclusief onderwijs is een aanpak van assessment binnen het reguliere onderwijs waarbij

Nadere informatie

Bijlage 1: voorstel toelaatbaarheidsverklaring

Bijlage 1: voorstel toelaatbaarheidsverklaring Bijlage 1: voorstel toelaatbaarheidsverklaring en toelaatbaarheidscommissie PPO Rotterdam Auteur: N. Teeuwen e.a. 1 Versie Datum 27-5-2014 Overzicht besluitvormingstraject Datum: Datum: 12 juni 2014 Projectbestuur

Nadere informatie

Pijnpunten PBS. W i n d e s h e i m z e t k e n n i s i n w e r k i n g

Pijnpunten PBS. W i n d e s h e i m z e t k e n n i s i n w e r k i n g Pijnpunten PBS Programma Welkom en voorstellen Pijnpunten SWPBS - Pijnpunten kort toelichten - World café: pijnpunten verkennen - Plenair inventariseren Wettelijk kader SWPBS Pedagogische kwaliteit van

Nadere informatie

Uitkomsten kwaliteitsonderzoek pilot toezicht 2020. Godelindeschool Hilversum

Uitkomsten kwaliteitsonderzoek pilot toezicht 2020. Godelindeschool Hilversum Uitkomsten kwaliteitsonderzoek pilot toezicht 2020 Godelindeschool Hilversum 17 september 2015 Feedbackgesprek De inspectie voert aan het eind van het bezoek graag een gesprek over de kwaliteit van de

Nadere informatie

Schoolondersteuningsprofiel. 12TV00 Daltonschool Ees

Schoolondersteuningsprofiel. 12TV00 Daltonschool Ees Schoolondersteuningsprofiel 12TV00 Daltonschool Ees Inhoudsopgave Toelichting... 3 DEEL I INVENTARISATIE... 6 1 Typering van de school... 7 2 Kwaliteit basisondersteuning... 7 3 Basisondersteuning... 8

Nadere informatie

1 De leraar creëert een veilig pedagogisch klimaat

1 De leraar creëert een veilig pedagogisch klimaat KIJKWIJZER PEDAGOGISCH-DIDACTISCH HANDELEN IN DE KLAS School : Vakgebied : Leerkracht : Datum : Groep : Observant : 1 De leraar creëert een veilig pedagogisch klimaat (SBL competenties 1 en 2) 1.1* is

Nadere informatie

Leerthema 1: De Intern Begeleider / Zorgcoördinator als spil in het onderwijs

Leerthema 1: De Intern Begeleider / Zorgcoördinator als spil in het onderwijs Leerthema 1: De Intern Begeleider / Zorgcoördinator als spil in het onderwijs STUDENTENHANDLEIDING Niveau: Post-HBO Leerthemabeschrijving Leerthema 1 is gericht op de competenties, de rollen en persoonskenmerken

Nadere informatie

Competenties in relatie tot het Protocol Vermoedens van huiselijk geweld, mishandeling, verwaarlozing en seksueel misbuik

Competenties in relatie tot het Protocol Vermoedens van huiselijk geweld, mishandeling, verwaarlozing en seksueel misbuik Competenties in relatie tot het Protocol Vermoedens van huiselijk geweld, mishandeling, verwaarlozing en seksueel misbuik Competenties Het werken met een protocol, zoals het protocol Vermoedens van huiselijk

Nadere informatie

Scholingsplan 2012-2013. Samen in ontwikkeling

Scholingsplan 2012-2013. Samen in ontwikkeling Scholingsplan 2012-2013 Samen in ontwikkeling Inhoudsopgave Inleiding 3 Pijlers 4 Kader 5 Deskundigheidsbevordering 2012-2013 6 Beschrijvingen van de scholingen 7 Aanmelden voor externe scholingen 9 Inleiding

Nadere informatie

Inhoudsopgave. Inleiding 13

Inhoudsopgave. Inleiding 13 Inhoudsopgave Inleiding 13 1 School en ouders 21 1.1 Twee opvoedingsmilieus 21 1.2 Pedagogische opdracht van de school 22 1.3 Rollen van ouders 23 1.4 Ouderbetrokkenheid en ouderparticipatie 24 1.5 Actieve

Nadere informatie

7 SAMENVATTING EN SLOTBESCHOUWING

7 SAMENVATTING EN SLOTBESCHOUWING 7 SAMENVATTING EN SLOTBESCHOUWING In het onderstaande vatten we de belangrijkste resultaten samen door antwoord te geven op de onderzoeksvragen. In de slotbeschouwing gaan we kort in op de belangrijkste

Nadere informatie

Gespreksformulieren LA personeel Dommelgroep

Gespreksformulieren LA personeel Dommelgroep Gespreksformulieren LA personeel Dommelgroep (versie mei 2012) FUNCTIONERINGSGESPREK leraar basisonderwijs (LA) Naam: Geboortedatum: Huidige school: Leidinggevende: Huidige functie: Datum vorig gesprek:

Nadere informatie

Voor passend onderwijs is passend gedrag nodig 1

Voor passend onderwijs is passend gedrag nodig 1 Voor passend onderwijs is passend gedrag nodig 1 Samen werken voor déze kinderen De schattingen variëren, maar niemand twijfelt er aan dat er jaarlijks heel wat leerlingen thuis zitten en niet het passende

Nadere informatie

Overzicht curriculum VU

Overzicht curriculum VU Overzicht curriculum VU Opbouw van de opleiding Ter realisatie van de gedefinieerde eindkwalificaties biedt de VU een daarbij passend samenhangend onderwijsprogramma aan. Het onderwijsprogramma bestaat

Nadere informatie

KWALITEITSONDERZOEK IN HET KADER VAN HET ONDERWIJSVERSLAG 2007/2008

KWALITEITSONDERZOEK IN HET KADER VAN HET ONDERWIJSVERSLAG 2007/2008 RAPPORT KWALITEITSONDERZOEK IN HET KADER VAN HET ONDERWIJSVERSLAG 2007/2008 DE HOLTHUIZEN School: De Holthuizen Plaats: Haaksbergen BRIN-nummer: 12YQ Onderzoeksnummer: 103463 Datum uitvoering onderzoek:

Nadere informatie

Schoolondersteuningsprofiel. 09AY00 Rooms Katholieke Basisschool De Brembocht

Schoolondersteuningsprofiel. 09AY00 Rooms Katholieke Basisschool De Brembocht Schoolondersteuningsprofiel 09AY00 Rooms Katholieke Basisschool De Brembocht Inhoudsopgave Toelichting 3 DEEL I INVENTARISATIE 6 1 Typering van de school.7 2 Kwaliteit basisondersteuning 7 3 Basisondersteuning

Nadere informatie

BACHELOR NA BACHELOR IN HET ONDERWIJS BRUGGE

BACHELOR NA BACHELOR IN HET ONDERWIJS BRUGGE BACHELOR NA BACHELOR IN HET ONDERWIJS BUITENGEWOON onderwijs BRUGGE profiel De BanaBa Buitengewoon onderwijs is er voor iedereen die graag in het buitengewoon onderwijs zou willen werken, reeds werkt,

Nadere informatie

1 Basiscompetenties voor de leraar secundair onderwijs

1 Basiscompetenties voor de leraar secundair onderwijs 1 Basiscompetenties voor de leraar secundair onderwijs Het Vlaams parlement legde de basiscompetenties die nagestreefd en gerealiseerd moeten worden tijdens de opleiding vast. Basiscompetenties zijn een

Nadere informatie

KWALITEITSKAART. Scan opbrengstgericht besturen. Opbrengstgericht werken vraagt om opbrengstgericht besturen. Waarom deze scan?

KWALITEITSKAART. Scan opbrengstgericht besturen. Opbrengstgericht werken vraagt om opbrengstgericht besturen. Waarom deze scan? KWALITEITSKAART Opbrengstgericht werken PO Opbrengstgericht werken vraagt om opbrengstgericht besturen Opbrengstgericht werken (OGW) is het systematisch en doelgericht werken aan het maximaliseren van

Nadere informatie

De curriculum van de masteropleiding PM MBO kan op verschillende niveau s bekeken worden:

De curriculum van de masteropleiding PM MBO kan op verschillende niveau s bekeken worden: Marco Snoek over de masteropleiding en de rollen van de LD Docenten De curriculum van de masteropleiding PM MBO kan op verschillende niveau s bekeken worden: Het intended curriculum : welke doelen worden

Nadere informatie

FUWA-VO Voorbeeldfunctie docent LD Type 1

FUWA-VO Voorbeeldfunctie docent LD Type 1 FUWA-VO Voorbeeldfunctie docent LD Type 1 Functie-informatie Functienaam Docent LD Type 1 Salarisschaal 12 Functiebeschrijving Context De werkzaamheden worden uitgevoerd binnen een instelling voor voortgezet

Nadere informatie

CHECKLIST PASSEND ONDERWIJS EN OMGAAN MET VERSCHILLEN IN DE OVERGANG VAN PO NAAR VO

CHECKLIST PASSEND ONDERWIJS EN OMGAAN MET VERSCHILLEN IN DE OVERGANG VAN PO NAAR VO AANSLUITING PO-VO AFSLUITING EN START CHECKLIST PASSEND ONDERWIJS EN OMGAAN MET VERSCHILLEN IN DE OVERGANG VAN PO NAAR VO Aan de hand van deze checklist kunnen school en schoolbestuur vaststellen in hoeverre

Nadere informatie

RAPPORT VAN BEVINDINGEN ONDERZOEK BIJ

RAPPORT VAN BEVINDINGEN ONDERZOEK BIJ RAPPORT VAN BEVINDINGEN ONDERZOEK BIJ BASISSCHOOL MISTE CORLE Plaats : Winterswijk BRIN-nummer : 18ZG Onderzoek uitgevoerd op : 3 november 2009 Rapport vastgesteld te Zwolle op 30 maart 2010 HB 2811938/9

Nadere informatie

Visie op ouderbetrokkenheid

Visie op ouderbetrokkenheid Visie op ouderbetrokkenheid Basisschool Lambertus Meestersweg 5 6071 BN Swalmen tel 0475-508144 e-mail: info@lambertusswalmen.nl website: www.lambertusswalmen.nl 1 Maart 2016 Inleiding: Een beleidsnotitie

Nadere informatie

Doelstellingen professionaliseringstraject Het SWV heeft als doelstellingen voor het professionaliseringstraject geformuleerd:

Doelstellingen professionaliseringstraject Het SWV heeft als doelstellingen voor het professionaliseringstraject geformuleerd: projectplan professionaliseringstraject Samenwerkingsverband VO Zuid-Kennemerland 2014-2016 Mendelcollege Doelstellingen professionaliseringstraject Het SWV heeft als doelstellingen voor het professionaliseringstraject

Nadere informatie

Opleiding jonge kind specialist (Post HBO)

Opleiding jonge kind specialist (Post HBO) Opleiding jonge kind specialist (Post HBO) 1. Algemeen 1.1. In vogelvlucht De basisopleiding tot jonge kind specialist is een praktijkgerichte opleiding met gefundeerde theoretische onderbouwing. In deze

Nadere informatie

Onderzoek Passend Onderwijs

Onderzoek Passend Onderwijs Rapportage Onderzoek passend onderwijs In samenwerking met: Algemeen Dagblad Contactpersoon: Ellen van Gaalen Utrecht, augustus 2015 DUO Onderwijsonderzoek drs. Liesbeth van der Woud drs. Tanya Beliaeva

Nadere informatie

2015-2016. Samenvatting Ondersteuningsprofiel Passend Onderwijs. Nassauschool Groningen

2015-2016. Samenvatting Ondersteuningsprofiel Passend Onderwijs. Nassauschool Groningen 2015-2016 Samenvatting Ondersteuningsprofiel Passend Onderwijs Inhoudsopgave 1. Visie op Passend Onderwijs. 2 2. Ambitieniveau Nassauschool.. 2 3. Het toelatingsbeleid van de Nassauschool 4 4. Ondersteuning

Nadere informatie

Leraar basisonderwijs LB

Leraar basisonderwijs LB Leraar basisonderwijs LB Functiewaardering: 43343 43333 43 33 Salarisschaal: LB Werkterrein: Onderwijsproces -> Leraren Activiteiten: Beleids- en bedrijfsvoeringsondersteunende werkzaamheden, overdragen

Nadere informatie

Samen leren jezelf te zijn, kansrijk en uniek Wij maken werk van talent!

Samen leren jezelf te zijn, kansrijk en uniek Wij maken werk van talent! De missie van onze school: Samen leren jezelf te zijn, kansrijk en uniek Wij maken werk van talent! De visie van onze school: A: Goed onderwijs, opbrengstgericht Door middel van een gevarieerd lesaanbod

Nadere informatie

(School) Bijsluiter Van vraag naar BAG Scoren met feiten. José Wichers-Bots Mariette Haasen

(School) Bijsluiter Van vraag naar BAG Scoren met feiten. José Wichers-Bots Mariette Haasen (School) Bijsluiter Van vraag naar BAG Scoren met feiten José Wichers-Bots Mariette Haasen Aanleiding voor het onderzoek Verbetering Onderwijs aan leerlingen met een stoornis in het autistisch spectrum

Nadere informatie

Rapport Docent i360. Test Kandidaat

Rapport Docent i360. Test Kandidaat Rapport Docent i360 Naam Test Kandidaat Inhoudsopgave 1. Inleiding 2. Sterkte/zwakte-analyse 3. Feedback open vragen 4. Overzicht competenties 5. Persoonlijk ontwikkelingsplan Inleiding Voor u ligt het

Nadere informatie

1 e BAG conferentie. Wim Claasen Pedagogisch handelen: voorkomen en ondervangen

1 e BAG conferentie. Wim Claasen Pedagogisch handelen: voorkomen en ondervangen 1 e BAG conferentie Wim Claasen Pedagogisch handelen: voorkomen en ondervangen Voorkomen is beter dan genezen Een eenvoudige waarheid, maar in de praktijk niet vanzelfsprekend. Hebt u wel eens geprobeerd

Nadere informatie

elk kind een plaats... 1

elk kind een plaats... 1 Elk kind een plaats in een brede inclusieve school Deelnemen aan het dagelijks maatschappelijk leven Herent, 17 maart 2014 1 Niet voor iedereen vanzelfsprekend 2 Maatschappelijke tendens tot inclusie Inclusie

Nadere informatie

BaCHeLor Na BaCHeLor in HeT onderwijs BUiTeNgeWooN onderwijs

BaCHeLor Na BaCHeLor in HeT onderwijs BUiTeNgeWooN onderwijs BaCHeLor Na BaCHeLor in HeT onderwijs BUiTeNgeWooN onderwijs brugge 2014-2015 profiel Wie mag de banaba buitengewoon onderwijs) volgen? 1. Iedereen met een bachelor kleuteronderwijs, lager of secundair

Nadere informatie

Handelingsgericht Werken. Onderwijsdag Enschede 20 maart 2012 Maria Bolscher

Handelingsgericht Werken. Onderwijsdag Enschede 20 maart 2012 Maria Bolscher Handelingsgericht Werken Onderwijsdag Enschede 20 maart 2012 Maria Bolscher Doelen Kennismaking met de uitgangspunten HGW Reflecteren op uitgangspunten HGW Zicht op de betekenis van HGW op de eigen praktijksituatie

Nadere informatie

Visie samenwerkingsverband vo passend onderwijs noordlimburg. (31.01)

Visie samenwerkingsverband vo passend onderwijs noordlimburg. (31.01) Visie samenwerkingsverband vo passend onderwijs noordlimburg. (31.01) (groeidocument) (mei 2013) Uitgangspunten. Passend onderwijs voor alle leerlingen. Elke leerling heeft recht op passend onderwijs.

Nadere informatie

PostHBO CultuurBegeleider

PostHBO CultuurBegeleider PostHBO CultuurBegeleider Vervolg op ICC en CQ / ICQ; Functiemix: 2014: 40% LB schaal; Doorlopende lijn professionalisering leraren: bachelor Post HBO master Verbinding kunst- en cultuurinstellingen en

Nadere informatie

Gedragsexpert. Doelgroep

Gedragsexpert. Doelgroep Gedragsexpert De Post-HBO opleiding Gedragsexpert heeft tot doel leraren, intern begeleiders en zorgcoördinatoren zo goed mogelijk toe te rusten met kennis, inzichten en vaardigheden op het gebied van

Nadere informatie

Morele vorming in het voortgezet onderwijs Een peiling onder leidinggevenden en ouders

Morele vorming in het voortgezet onderwijs Een peiling onder leidinggevenden en ouders Morele vorming in het voortgezet onderwijs Een peiling onder leidinggevenden en ouders Auteurs: Drs. G. van der Meulen Referentie: WvdJ/SL 11.0426 Datum: maart 2007 Het lectoraat Morele vorming in het

Nadere informatie

Op weg naar betekenisvol onderwijs en onderzoekend en actief leren.

Op weg naar betekenisvol onderwijs en onderzoekend en actief leren. Basisschool De Buitenburcht Op weg naar betekenisvol onderwijs en onderzoekend en actief leren. Dit is de beknopte versie van het schoolplan 2015-2019 van PCB de Buitenburcht in Almere. In het schoolplan

Nadere informatie

Actieonderzoek als stimulans voor een positieve leesattitude bij studenten uit de lerarenopleiding (HBO)

Actieonderzoek als stimulans voor een positieve leesattitude bij studenten uit de lerarenopleiding (HBO) Actieonderzoek als stimulans voor een positieve leesattitude bij studenten uit de lerarenopleiding (HBO) Deeviet Caelen Inge Landuyt Magda Mommaerts Iris Vansteelandt 1 Actieonderzoek als stimulans 1 Situering

Nadere informatie

Box 1: Matrix Handelingsgericht werken Schoolwide Positive Behavior Support Oplossingsgericht werken

Box 1: Matrix Handelingsgericht werken Schoolwide Positive Behavior Support Oplossingsgericht werken Kees Dijkstra (Windesheim), Els de Jong (Hogeschool Utrecht) en Elle van Meurs (Fontys OSO). 31 mei 2012 Box 1: Matrix Handelingsgericht werken Schoolwide Positive Behavior Support Oplossingsgericht werken

Nadere informatie

7 Passend onderwijs. 7.1 Algemeen. 7.2 Interne begeleiding. Schoolgids 2012-2013

7 Passend onderwijs. 7.1 Algemeen. 7.2 Interne begeleiding. Schoolgids 2012-2013 7 Passend onderwijs 7.1 Algemeen Kinderen zijn nieuwsgierig en willen graag leren. Deze eigenschap hoort bij het kind zijn. Alle kinderen verdienen aandacht en zorg, maar zeker ook diegenen die moeite

Nadere informatie

1. Interpersoonlijk competent

1. Interpersoonlijk competent 1. Interpersoonlijk competent De docent BVE schept een vriendelijke en coöperatieve sfeer in het contact met deelnemers en tussen deelnemers, en brengt een open communicatie tot stand. De docent BVE geeft

Nadere informatie

Reflectievragen voor het ontwerpen van een traject met werkplekleren

Reflectievragen voor het ontwerpen van een traject met werkplekleren voor het ontwerpen van een traject met werkplekleren Doelstelling Dit instrument is bedoeld voor het management van een opleiding en opleidingsteams. Het reikt reflectievragen aan voor het ontwerpen van

Nadere informatie

Strategisch HRM in het voortgezet onderwijs. Peter Leisink

Strategisch HRM in het voortgezet onderwijs. Peter Leisink Strategisch HRM in het voortgezet onderwijs Peter Leisink Opzet van deze leergang Introductie Strategisch HRM in het voortgezet onderwijs: inhoudelijke verkenning Programma en docenten leergang strategisch

Nadere informatie

Gedragsexpert. Doelgroep

Gedragsexpert. Doelgroep Gedragsexpert De Post-HBO opleiding Gedragsexpert heeft tot doel leraren, intern begeleiders en zorgcoördinatoren zo goed mogelijk toe te rusten met kennis, inzichten en vaardigheden op het gebied van

Nadere informatie

Datum Betreft Bestuursakkoord PO-Raad-OCW 2012-2015. Geacht schoolbestuur,

Datum Betreft Bestuursakkoord PO-Raad-OCW 2012-2015. Geacht schoolbestuur, a 1 > Retouradres Postbus 16375 2500 BJ Den Haag Rijnstraat 50 Den Haag Postbus 16375 2500 BJ Den Haag www.rijksoverheid.nl Onze referentie 349195 Datum Betreft Bestuursakkoord PO-Raad-OCW 2012-2015 Geacht

Nadere informatie

Gecomprimeerd schoolondersteuningsprofiel

Gecomprimeerd schoolondersteuningsprofiel pagina 1 van 8 Gecomprimeerd schoolondersteuningsprofiel Algemene gegevens School BRIN School voor Speciaal Basisonderwijs De Kring (20KY00) School voor Speciaal Basisonderwijs De Kring 20KY Directeur

Nadere informatie