Programmabegroting
|
|
|
- Petrus Gabriël Smit
- 10 jaren geleden
- Aantal bezoeken:
Transcriptie
1 Programmabegroting
2 15 september 2015 Corsanummer: 15int02817 Gemeente Gilze en Rijen Postbus AB Rijen Bezoekadres: Raadhuisstraat JX Rijen Telefoonnummer [email protected] website Programmabegroting
3 Programmabegroting 2016 Programmabegroting
4 Programmabegroting
5 Voorwoord Wederom kunnen we u een sluitende begroting presenteren. De financiële positie van onze gemeente is gezond. Wij slagen er in een goed voorzieningenniveau te handhaven. Iedere kern beschikt over een cultureel centrum en moderne onderwijshuisvesting, het onderhoud van groen en wegen is op orde, we slagen er in om de drie decentralisaties vorm te geven op een manier die aansluit bij de wensen van de inwoners en we ondersteunen de ontwikkeling van het lokale bedrijfsleven. Anders dan andere gemeenten hebben wij niet ingrijpend hoeven bezuinigen op het voorzieningenniveau. En er is ruimte voor investeringen. In deze begroting gaat het om de volgende projecten / activiteiten: Onderwijshuisvesting (Wildschut Gilze); De combinatie Zwembad/Sporthal in Rijen; De Spoorzone in Rijen; Intensieve aandacht voor veiligheid en handhaving; Ondersteunen CPO projecten; Opstellen agenda voor duurzaamheid; Opstellen nieuw gemeentelijke verkeersplan; De infrastructuur. De woningmarkt trekt aan, waardoor we weer nieuwbouw kunnen realiseren. Ook de arbeidsmarkt lijkt zich weer wat gunstiger te ontwikkelen. Het overnemen van de taken van het Rijk op het gebied van de jeugdzorg, de WMO en de participatie(de drie Decentralisaties) verloopt goed. Hierbij lopen we wel financiële risico s Financieel perspectief De begroting 2016 is sluitend. De meerjarenbegroting vertoont voor de jaren 2018 en 2019 een (gering) tekort. Wij zien vooralsnog geen reden om ingrijpende maatregelen te nemen om dit tekort weg te werken. Er zijn nog teveel ontwikkelingen onduidelijk. De hoogte van de Algemene Uitkering uit het Gemeentefonds is iedere keer weer een verrassing, soms negatief, maar soms ook positief. Daarnaast zijn de financiële gevolgen van de drie decentralisaties nog steeds niet helder, we gaan voorlopig uit van budgetneutraliteit. Tot slot boeken we al enkele jaren voordelen ten opzichte van de begroting als gevolg van de lage rentestand. Het weerstandsvermogen, dat een maatstaf is voor de financiële reserve, ontwikkelt zich de komende 2 jaar volgens afspraak. Ook voor wat betreft de grondexploitatie mogen we constateren dat de maatregelen die we ruim 3 jaar geleden hebben genomen de juiste zijn gebleken. Onze gronden hebben een marktconforme kostprijs en als de positieve ontwikkeling van de economie en op de woningmarkt doorzet, mogen we verwachten dat het risico bij de grondexploitatie verder zal afnemen. Coalitieprogramma Het coalitieprogramma staat ook in deze begroting centraal. We hebben de voornemens uit het coalitieprogramma verder uitgewerkt en aangegeven welke prestaties u van ons in 2016 mag verwachten. In de programma s gaan we hier verder op in. Lokale lasten ontwikkeling Voor 2016 stellen wij voor om de tarieven voor de afvalstoffen- en rioolheffing gelijk te houden aan die van Voor de OZB stellen we voor om uit te gaan van een verhoging van de opbrengst met 3,3%. Per saldo loopt de lokale lastenontwikkeling hiermee in de pas met de algemene prijsstijging. Wij hebben de verwachting, dat wij met deze beperkte verhoging van de lokale lasten, tot een van de goedkoopste gemeenten van Nederland blijven behoren. Ambtelijke fusie Het proces om te komen tot een ambtelijke fusie met de gemeente Alphen-Chaam en Baarle-Nassau is volgens planning verlopen. De raden hebben in juni en juli 2015 ingestemd met de Gemeenschappelijke Regeling en de begroting 2016 voor de ABG-organisatie. Voor de begroting van onze gemeente betekent de ambtelijke fusie een wijziging in de verantwoording van de kosten van de ambtelijke organisatie. Daarnaast is de indeling van de begroting enigszins aangepast. De indeling van de begroting van de drie bij de ambtelijke fusie betrokken Programmabegroting
6 gemeenten, is nu gelijk. Ook de P&C-cyclus van de drie gemeenten is afgestemd. De fusie heeft geen structurele budgettaire consequenties voor onze gemeente. In de meerjarenbegroting was een besparing op het ambtelijk apparaat van onze gemeente voorzien. Deze besparing wordt nu gerealiseerd door de ABGorganisatie. Tot slot De begroting wordt behandeld in de raadsvergaderingen van 28 oktober en 5 november Namens het college van B&W Rolph Dols Wethouder Financiën Programmabegroting
7 Inhoudsopgave Voorwoord Beleidsbegroting Inleiding 9 Programmaplan 13 Programma 1 Bestuur, dienstverlening en veiligheid 15 Programma 2 Ruimtelijke ontwikkeling 25 Programma 3 Openbare ruimte 33 Programma 4 Vrije tijd 43 Programma 5 Inkomen, werk en zorg 49 Programma 6 Jeugd en onderwijs 61 Programma 7 Algemene dekkingsmiddelen 67 Paragrafen 73 Paragraaf Lokale heffingen 75 Paragraaf Weerstandsvermogen en risicobeheersing 79 Paragraaf Onderhoud kapitaalgoederen 85 Paragraaf Financiering 87 Paragraaf Bedrijfsvoering 91 Paragraaf Verbonden partijen 93 Paragraaf Grondbeleid 99 Paragraaf Besparingen 103 Financiële begroting 105 Overzicht van baten en lasten 107 Incidentele baten en lasten 109 Overzicht reserves en voorzieningen 111 Overzicht mutaties reserves 113 Investeringsplan Investerings- en financieringsstaat (financiële positie) 115 Ontvangen subsidies 116 Waarderingsgrondslagen 117 Lijst van gebruikte afkortingen 120 Vaststellingsbesluit 122 Programmabegroting
8 Programmabegroting
9 Inleiding In deze inleiding geven wij een toelichting op de aanpassingen van het financieel meerjarenperspectief na het vaststellen van de perspectiefnota Meerjarige uitgangspunten Voordat wij dieper ingaan op de wijzigingen ten opzichte van de perspectiefnota 2016 lichten we in het kort de meerjarige uitgangspunten toe. Inkomsten Voor de indexering van de inkomsten hebben we bij de begroting 2014 afgesproken om ook te kijken naar de verwachte indexering in de komende jaren. Leidend voor onze prognose is de verwachting van het Centraal Plan Bureau (CPB) over het consumentenprijsindexcijfer (CPI). Raming begroting 2015 Raming begroting 2016 Aanpassing ,25% prognose 1,00% werkelijk -0,25% ,00% prognose 0,70% prognose -0,30% 2016 e.v. jaren 1,50% prognose 1,40% prognose -0,10% Op basis van bovenstaande cijfers moet een correctie plaatsvinden over 2014 en Bij de begroting 2014 en 2015 hebben we een (te hoge) index toegepast van resp. 1,25% en 1,00%, waar het CPB nu uitgaat van respectievelijk 1,00% en 0,70%. Dit betekent dat er een correctie moet plaatsvinden van -0,55%. Dit verwerken we in de begroting 2016, omdat we de tarieven voor 2014 en 2015 niet meer kunnen wijzigen. De indexering van 2016 komt daarmee uit op 0,85% (1,40% -/- correctie voorgaande jaren 0,55%). Voor de jaren na 2016 gaan we uit van een indexering van 1,4%. Uitgaven Voor de out of pocket kosten hebben wij vanaf de begroting 2012 de middelen voor indexering op één centrale post geraamd. Bij de jaarrekening 2012 hebben we afgesproken om hiervoor een percentage van 0,5% te hanteren. Bijdrage ABG De bedrijfsvoering is met ingang van 2016 ondergebracht in de gemeenschappelijke regeling ABG. In de begroting van de ABG zijn de volgende uitgangspunten toegepast Indexering salarissen 1,00% 1,00% 1,00% 1,00% Indexering uitgaven 1,00% 1,00% 1,00% 1,00% Financieel meerjarenperspectief Het vertrekpunt voor de begroting 2016 is de perspectiefnota In deze nota hebben wij het onderstaande financieel meerjarenperspectief gepresenteerd. Bedragen x Saldo Perspectiefnota 2016 (incl. amendement) Resultaat meicirculaire Bijgestelde saldo Perspectiefnota Aanpassingen Ten opzichte van de Perspectiefnota 2016 hebben in het begrotingstraject een aantal aanpassingen plaatsgevonden. Programmabegroting
10 Bijgestelde saldo Perspectiefnota ) Indexeringen ) Reservering zwembad-sporthal ) Besparing op subsidies -51 PM PM PM 4) Weglekeffect kortlopende rente Overige mutaties Bijgestelde saldo begroting Toelichting: 1. Indexering De indexeringen vanuit het CPB waar we in de begroting 2015 vanuit waren gegaan, zijn naar beneden bijgesteld. Dit heeft een nadelig effect op onze begroting 2016, omdat we deze indexcijfers gebruiken voor de bepaling van onze tarieven (zie ook de alinea over de meerjarige uitgangspunten op de vorige pagina). 2. Reservering zwembad-sporthal In de planvorming rondom de combinatie zwembad-sporthal komen we tot hogere exploitatielasten. Wij achten het raadzaam om hier een reservering voor te doen. 3. Besparing op subsidies In de begroting 2016 is een besparing opgenomen op subsidies, welke nog niet geheel gerealiseerd is (zie schema hieronder). De nog te realiseren besparing voor het jaar 2016 hebben we meegenomen als nadeel in de begroting 2016 omdat wij het realiseren van deze besparing niet realistisch achten. Voor de jaren hebben we nog niet geanticipeerd op het eventueel niet realiseren van de gehele besparing en daarom hebben we dit als PM post opgenomen in het financieel perspectief Besparing subsidies Gerealiseerd Nog te realiseren Weglekeffect kortlopende rente In de perspectiefnota 2016 hebben we voor 2016 een rentevoordeel vanwege kortlopende financiering opgenomen van Een deel van dit voordeel lekt echter weg naar de grondexploitatie en de gesloten financieringen. Dit hebben we verwerkt in de begroting Met het financieel meerjarenperspectief geschetst bovenaan deze pagina voldoen we niet aan de afspraak in het coalitieprogramma, dat wij streven naar een meerjarig sluitende begroting. Daarnaast voldoen we niet aan de eisen van de Provincie voor repressief toezicht. We zien de volgende mogelijkheden om het tekort in 2016 en latere jaren om te buigen: ) Indexering gemeentelijke heffingen totaal 1,4% ) Stelpost aanvullend voordeel kortlopende rente Totaal Toelichting: 1) Indexering gemeentelijke heffingen totaal 1,4% Afvalstoffenheffing: Voor het bepalen van de afvalstoffenheffing kijken wij zoals ieder jaar naar een geactualiseerd beeld van de kosten en inkomsten voor reiniging en het effect hiervan op de voorziening afvalstoffenheffing. Hierbij hanteren wij ten aanzien van de hoogte van de voorziening dezelfde 2 uitgangspunten als voorgaande jaren: Programmabegroting
11 1. We streven ernaar geen enkel jaar een negatieve voorziening te hebben; 2. De maximale hoogte van de voorziening afvalstoffenheffing mag zijn 10% onvoorzien over het saldo van kosten en opbrengsten (exclusief de afvalstoffenheffing). Dit betekent dat de minimale voorziening ca moet bedragen aan het einde van de tijdshorizon (2023). Aan beide voorwaarden wordt op dit moment voldaan. Voor de tarieven betekent dit, dat we deze in 2016 niet verhogen ten opzichte van Rioolheffing: Op 8 juni 2015 is het nieuwe vgrp vastgesteld door de gemeenteraad. Hierin is vastgelegd dat het tarief voor 2016 tot en met 2019 gelijk blijft aan het huidige niveau. Dit betekent dat het tarief van 132,48 gehandhaafd blijft. Onroerende zaakbelasting en de totale lokale lasten: Wanneer we de totale lokale lasten zouden laten stijgen met de index van 1,4% (de indexering voor 2016), dan zouden de woonlasten stijgen van 548,88 in 2015 naar 556,56 in Wanneer we ook in deze situatie voor de afvalstoffenheffing en de rioolheffing de 0-lijn hanteren, zou de OZB met 3,33% mogen stijgen. Ten opzichte van de trendmatige verhoging van 0,85%, betekent dit een extra stijging van 2,48%. Dit levert een extra opbrengst op van circa structureel. De indexering van de gemeentelijke heffingen past binnen het coalitieprogramma. 2) Stelpost voordeel kortlopende rente In de perspectiefnota 2016 hebben we voor 2016 een rentevoordeel vanwege kortlopende financiering opgenomen van In de begroting 2016 zien we dit voordeel nu niet geheel terug omdat het deels weglekt naar grondexploitatie en gesloten financiering ( ). Aangezien we de financiering volgens de richtlijnen van de provincie voorzichtig hebben geraamd, hebben we financiële ruimte om een aanvullend voordeel in te boeken. We stellen voor een aanvullend voordeel op kortlopende rente in te boeken van Het financieel meerjarenperspectief wijzigt door bovenstaande als volgt: Bijgestelde saldo begroting ) Indexering gem. heffingen totaal 1,4% ) Stelpost aanvullend voordeel kortlopende rente Saldo begroting Met bovenstaande voorstellen kunnen we voor 2016 en 2017 een sluitende begroting presenteren. Wel moeten we hierbij ook een kanttekening plaatsen. In de begroting 2016 anticiperen we nu op een rentevoordeel van in totaal in Dit betekent dat hiermee onze begroting minder flexibel wordt en dat het stootkussen voor het opvangen van (incidentele) tegenvallers kleiner wordt. Dit kan leiden tot een negatie(f)ver jaarrekeningresultaat en hiermee minder/geen ruimte voor aanvullende politieke wensen en/of het minder snel aansterken van het weerstandsvermogen (zie verderop in deze inleiding). Voor de jaren 2018 en 2019 is deze nog niet sluitend. De meerjarenbegroting vertoont voor de jaren 2018 en 2019 een (gering) tekort. Wij zien vooralsnog geen reden om ingrijpende maatregelen te nemen om dit tekort weg te werken. Er zijn nog teveel ontwikkelingen onduidelijk. De hoogte van de Algemene Uitkering uit het Gemeentefonds is iedere keer weer een verrassing, soms negatief, maar soms ook positief. Daarnaast zijn de financiële gevolgen van de drie decentralisaties nog steeds niet helder, we gaan voorlopig uit van budgetneutraliteit. Tot slot boeken we al enkele jaren voordelen ten opzichte van de begroting als gevolg van de lage rentestand. Weerstandsvermogen Naast de ontwikkeling van de begrotingssaldi van de reguliere exploitatie de komende jaren is ook de ontwikkeling van het weerstandsvermogen van belang om een beeld te vormen van onze financiële positie. Programmabegroting
12 Ons weerstandsvermogen ontwikkelt zich de komende jaren als volgt: Bedragen x 1 mln Weerstandsvermogen 16,3 15,1 13,5 12,6 11,5 11,4 11,1 Risico's 13,7 13,6 13,5 13,4 13,3 13,2 13,2 Weerstandscapaciteit (absoluut) 2,7 1,5 0,1-0,8-1,8-1,7-2,0 Weerstandscapaciteit t.o.v. Risico's (relatief) 120% 111% 101% 94% 86% 87% 85% Aan de afspraak dat het weerstandsvermogen en de risico s zich als 1:1 verhouden, kunnen wij op basis van de huidige inzichten in 2018 niet meer voldoen. De afgelopen jaren hebben we gezien, dat voornamelijk door ons renteresultaat, wij positieve jaarrekeningsaldi hebben gerealiseerd. Wij willen deze jaarrekeningsaldi gebruiken om ons weerstandsvermogen te verbeteren. Zoals eerder in deze inleiding vermeld, heeft het anticiperen op een voordeel op kortlopende rente in 2016 wel invloed op het potentiele jaarrekeningresultaat voor dat jaar en hiermee indirect effect op het weerstandsvermogen. Programmabegroting
13 Programmaplan Programma 1 Bestuur, dienstverlening en veiligheid 15 Programma 2 Ruimtelijke ontwikkeling 25 Programma 3 Openbare ruimte 33 Programma 4 Vrije tijd 43 Programma 5 Inkomen, werk en zorg 49 Programma 6 Jeugd en onderwijs 61 Programma 7 Algemene dekkingsmiddelen 67 Programmabegroting
14 Programmabegroting
15 Programma 1 Bestuur, dienstverlening en veiligheid Wat willen we bereiken? Gilze en Rijen wil een laagdrempelige, klant- en resultaatgerichte gemeente zijn, die dichtbij de burger werkt volgens de beginselen van de één loket gedachte. In dienstverlening aan de verschillende klantgroepen willen we een voorhoedegemeente zijn. Een heldere, open en transparante organisatie draagt bij aan de instandhouding van de democratische bestuursvorm. Belangrijk is, dat de burger weet wat hij meerjarig wel en niet van ons kan en mag verwachten. We ontwikkelen beleid samen met de inwoners en betrekken de burgers en belanghouders zoveel mogelijk bij de uitvoering. Veiligheid is een eerste levensbehoefte. De gemeente Gilze en Rijen streeft naar een zo groot mogelijke veiligheid en veiligheidsgevoel voor haar inwoners. De mogelijkheden om burgers te vrijwaren van gevaren zijn echter niet oneindig. Daarom vindt het gemeentebestuur het ook belangrijk om de zelfredzaamheid van burgers te vergroten. Context en achtergronden - Op 23 april 2012 heeft de gemeenteraad de toekomstvisie voor de ontwikkeling van de gemeente vastgesteld met als motto Wij zijn Gilze en Rijen. - Begin 2013 heeft het College het Bedrijfsconcept vastgesteld. In dit concept beschrijven we de manier waarop de ambtelijke organisatie werkt bij het realiseren van de toekomstvisie. De manier van werken is uitgangspunt voor de gezamenlijke ambtelijke organisatie van de gemeenten Alphen-Chaam, Baarle- Nassau en Gilze en Rijen. - De regio Midden-Brabant (Hart van Brabant) is een belangrijk kader en instrument om de positionering van de gemeente vorm en inhoud te geven. - In 2010 hebben we de visie op de gemeentelijke dienstverlening vernieuwd. We sluiten aan op het landelijke programma Antwoord. We hebben een Klantcontactcentrum ingevoerd. We digitaliseren de dienstverlening via een MidOfficepakket in een samenwerkingsverband met andere gemeenten in Middenen West-Brabant (Equalit). In het kader van de ambtelijke fusie stellen we een nieuwe visie op de gezamenlijke dienstverlening op. - We blijven werken aan de verbetering van onze dienstverlening. Wij presenteren onze communicatieuitingen in begrijpelijk Nederlands. We zoeken voortdurend naar mogelijkheden om procedures en regels te vereenvoudigen. - Het communicatiebeleid is er op gericht om de burger in verschillende rollen op een interactieve manier te betrekken en daarbij gebruik te maken van de lokale kracht. - Om helderheid te krijgen over de rol die de gemeente neemt in het brede veld van veiligheidspartners is in 2012 het Integraal Veiligheidsbeleid opgesteld. Hierdoor is duidelijk op welke onderwerpen de gemeente regie voert; - De afgelopen jaren zien we dat de drugsproblematiek in onze regio, en ook in onze gemeente, toeneemt. Naast het telen van hennep, zien we ook steeds meer drugslaboratoria voor het produceren van synthetische drugs. Ook het dumpen van het afval van dit productieproces komt steeds vaker voor. We hebben de afgelopen periode veel geïnvesteerd in de aanpak van deze problematiek. Een inzet die we de komende jaren voortzetten; - In 2010 hebben we bepaald dat er in onze gemeente slechts één seksinrichting (maximumbeleid) mag worden gevestigd. Gelet op de problematiek die rondom deze inrichting is ontstaan, bekijken we of een 0- optie voor een seksinrichting mogelijk is; - In onze gemeente worden we af en toe geconfronteerd met ernstige overlastsituaties. In die gevallen helpt de reguliere aanpak via hulpverlening, toezicht en/of politie niet. Het is dan nodig om op nietconventionele wijze te komen tot een aanpak; Programmabegroting
16 - Voor jongeren die een overtreding begaan en die een Halt-straf krijgen is de werkwijze dat zij hun taakstraf in dezelfde kern uitvoeren als waar ze de overtreding hebben begaan. Daar waar mogelijk wordt de straf uitgevoerd op de specifieke plaats van de overtreding, zo mag bijvoorbeeld een jongere de graffiti verwijderen op de plaats waar hij/zij hem zelf gezet heeft; - De aanpak van de rampenbestrijding is de afgelopen jaren geïntensiveerd. In maart 2012 is door het Algemeen Bestuur van de Veiligheidsregio Midden- West Brabant het Regionaal Crisisplan vastgesteld. Dit plan verving de gemeentelijke rampenplannen. Door het regionaal maken van het crisisplan wordt de uniformiteit van handelen in geval van een ramp vergroot; - Vanuit onze rol binnen de rampenbestrijding zijn we ook nauw betrokken bij de voorbereidingen van de Luchtmachtdagen die worden georganiseerd op de Vliegbasis Gilze-Rijen. De volgende editie staat in 2019 gepland. Dit betekent dat we hier de komende jaren geen werkzaamheden voor verrichten. Kaderstellende beleidsnota s - De toekomstvisie voor de ontwikkeling van de gemeente tot 2025: Wij zijn Gilze en Rijen ; - Het Bedrijfsconcept: Wij zijn er voor Gilze en Rijen (2013); - Communicatiebeleidsplan Zes keer beter (2009); - Social media richtlijnen (2012); - Implementatieplan Klantcontactcentrum (2011); - Klachtenregeling (2009). - Het Economisch Actieplan (2013). - Algemene Plaatselijke Verordening (gemeente 2014); - Beleid Externe Veiligheid (gemeente, 2009); - Bibob-beleid in de gemeente Gilze en Rijen (gemeente, 2007); - Het Brabantse Alcohol- en horecasanctiebeleid (2014); - Preventie- en handhavingsplan alcohol gemeente Gilze en Rijen (2014) - Integraal Veiligheidsbeleid (gemeente, 2012); - Rampbestrijdingsplan vliegbases Gilze-Rijen en Woensdrecht (veiligheidsregio 2013); - Regionaal Crisisplan (Veiligheidsregio MWB, 2012); - Wet Veiligheidsregio s (ministerie V&J) oktober 2010; - Zo handhaven wij in Brabant (provincie Noord-Brabant, 2011); - Handhavingsbeleid artikel 13b Opiumwet (Damocles-beleid) (april 2013); - Beleidsregel ter zake een maximumstelsel 2013 (toezicht op smartshops, headshops, growshops e.d. en nulbeleid growshops, headshop, etc.). Wat gaan we ervoor doen? Product 100 Bestuur De mensen maken onze gemeente. Niet voor niets heet de in 2012 door de raad vastgestelde toekomstvisie Wij zijn Gilze en Rijen. Wij baseren ons beleid op deze visie, en werken het de komende jaren verder uit. Speerpunten zijn het benutten van de lokale kracht in onze samenleving en het versterken en verbeteren van onze dienstverlening, onder andere door samenwerking met andere gemeenten en de regio. Wij houden hierbij nadrukkelijk rekening met de diversiteit van de inwoners van onze gemeente. Resultaat 1 Burgerparticipatie. 1. Verkennen mogelijkheden inzet en uitrol wijk- /projectgerichte participatiebudgetten. 2. Verkennen mogelijkheden om burgerinitiatieven te stimuleren. 3. Bijeenkomst met buurtverenigingen in Rijen beleggen over behoefte, opzet en invulling buurtverenigingen in Rijen. We maken plannen en voeren die zoveel mogelijk uit samen met burgers, zeker als het hun eigen leefomgeving betreft. Dit geven we Programmabegroting
17 vorm door gebruik te maken van klankbord- en werkgroepen, vrijwilligersorganisaties en spontane particuliere initiatieven. Bij deze burgerparticipatie worden de kaders, verwachtingen en verantwoordelijkheden (wie adviseert en wie uiteindelijk beslist) vooraf duidelijk gemaakt. Resultaat 2 Optimaliseren van overleg met beroepsgerichte organisaties. 1. Vormgeven aan het ondernemersfonds. Beroepsgerichte organisaties zijn onder andere GRIC, Horeca Nederland, BORijen, winkeliersverenigingen, vereniging Haansberg en vereniging Broekakkers en ZLTO. Met deze organisaties hebben we regelmatig contact, zowel geformaliseerd in periodieke bijeenkomsten als informeel. Resultaat 3 Ambtelijke fusie in 2016 met Alphen- Chaam en Baarle-Nassau, zie ook de paragraaf bedrijfsvoering. 1. Verder vorm en inhoud geven aan de nieuwe organisatie. In 2015 ronden we de voorbereidende werkzaamheden voor de nieuwe organisatie af. In 2016 gaat de nieuwe organisatie daadwerkelijk van start. Hierbij besteden we aandacht aan onderwerpen als management-ontwikkeling, de ontwikkeling van een gezamenlijke cultuur en de integratie van de werkprocessen. In de begroting van de ABG gaan we hier nader op in. Resultaat 4 Versterken samenwerking binnen Hart van Brabant en Midpoint. 1. Bijdrage leveren aan de Strategische Meerjaren Agenda van hart van Brabant en Midpoint. In Hart van Brabant werken we op diverse beleidsterreinen samen met de andere gemeenten. Om de samenwerking te voorzien van concrete doelstellingen en activiteiten stelt Hart van Brabant een Strategische Meerjaren Agenda op. Onze gemeente neemt actief deel aan het opstellen van de agenda en het uitvoeren van de activiteiten. Resultaat 5 Proactief opdrachtgeverschap bij regionale samenwerking. 1. Binnen de nieuwe fusie organisatie krijgt de ondersteuning van regionale samenwerking aparte aandacht. 2. Zorgdragen voor tijdige voorbereiding van de relevante documenten (vooral de begrotingen). De gemeente neemt deel in de volgende samenwerkingsverbanden: Regio Hart van Brabant Veiligheidsregio Diamantgroep GGD Hart van Brabant Omgevingsdienst MWB Daarnaast zijn er nog enkele minder omvangrijke deelnemingen. Zie paragraaf Verbonden partijen voor een compleet overzicht. Via een gedegen en kritische voorbereiding nemen we deel aan de Programmabegroting
18 vergaderingen van de besturen van de samenwerkingsverbanden. Hierbij voeren we een actieve lobby naar de kleine gemeentes in de diverse samenwerkingsverbanden. De begrotingen en de belangrijke beleidsdocumenten leggen we voor aan de gemeenteraad. Wij realiseren ons dat de samenwerkingsverbanden een essentiële rol spelen bij het uitvoeren van onze taken. Een aantal van die taken kunnen we als kleinere gemeente niet zelfstandig uitvoeren. Product 110 Bestuursondersteuning De gemeente Gilze en Rijen wil graag aansluiten bij de behoefte van haar burgers. Zij hecht waarde aan een democratische betrokkenheid. Zowel vanuit de gemeenteraad (motie tijdens begrotingsbehandeling 2015) als vanuit het college (coalitieprogramma) zijn er ambities om die betrokkenheid te vergroten. Het college wil daarbij met de gemeenteraad verkennen wat de G1000 gedachte kan betekenen voor de gemeente Gilze en Rijen. G1000 is een initiatief waarbij burgers met elkaar in gesprek gaan over wat zij belangrijk vinden voor hun gemeenschap, zelf de oplossingen bepalen en initiatieven starten. Resultaat 1 Modernere opzet van raad- en commissievergaderingen, zodat deze interessanter worden voor publiek. 1. Verkennen mogelijkheden G1000 gedachte voor de gemeente Gilze en Rijen en deze voorleggen aan de gemeenteraad. We gaan aandacht besteden aan: inrichting vergaderruimte, audiovisuele middelen, vergaderen op locatie. Resultaat 2 Effectief handelen van het college vergroten. 1. Strategisch communicatiemodel voor het college ontwikkelen 2. Dit model operationaliseren voor het college als geheel en collegeleden afzonderlijk Maatschappelijke ontwikkelingen en samen met inwoners invulling geven aan de toekomst van de gemeente vraagt meer dan ooit om een communicatief college. Daarom wil het college een gezamenlijk afwegingsmodel ontwikkelen om goed en tijdig te kunnen communiceren bij alles wat de gemeente aangaat. Product 120 Burgerzaken De dienstverlening aan burgers, bedrijven en instellingen is onze kerntaak. Wij ontwikkelen enerzijds de digitale dienstverlening steeds verder, zodat een groot deel van onze producten digitaal beschikbaar kan worden gesteld, terwijl we aan de andere kant dienstverlening op maat organiseren waarbij persoonlijk contact en beschikbaarheid (ook buiten kantooruren) centraal staan. Op deze manier ontwikkelen wij onze gemeente verder als een klantgerichte en vraag gestuurde organisatie die dicht bij de burger staat. Wij verminderen de regeldruk voor de burgers verder en volgen kritisch de kostprijs van onze producten. Communicatie is de verbinding tussen de gemeente en haar klanten: burgers, bedrijven en instellingen. Communicatie wordt gezien als twee-richting verkeer en is daarom essentieel. We streven naar heldere, uitnodigende en open communicatie. Dit geldt voor alle gemeentelijke taakvelden. Communicatie is ook interactie met onze klanten, en dat gebeurt ook steeds meer via social media zoals Facebook en Twitter. We stellen hoge eisen aan de kwaliteit van communicatie. Resultaat 1 Dienstverlening op locatie en buiten kantoortijd. 1. Deelnemen aan pilot aan huis leveren van gemeentelijke producten. Programmabegroting
19 We denken hierbij onder andere aan: - Werken op afspraak op kantoor of bij burgers of bedrijven thuis, ook buiten kantoortijd (avondopenstelling). - Daar waar nodig aan huis leveren van gemeentelijke producten zoals paspoorten, rijbewijzen en ID s, binnen de wettelijke mogelijkheden. - Het houden van spreekuur in verzorgingstehuizen. Resultaat 2 Verder ontwikkelen digitale dienstverlening. 1. Toptakensite geïntroduceerd en verder doorontwikkeld. 2. Inspelen op nieuwe mediakanalen, pilot met Whatsapp. Actieve monitoring gebruik website en experimenteren met nog niet gebruikte social media mogelijkheden. Resultaat 3 Evalueren en verbeteren van de afhandeling van klachten. Resultaat 4 Slagvaardig verbeteren van de dienstverlening. 1. Klanttevredenheidsonderzoek naar afhandeling klachten en op basis van de uitkomst veranderingen doorvoeren. Deze activiteit pakken we samen op met de gemeenten Alphen- Chaam en Baarle-Nassau. 1. Op alle kanalen ( , internet, post, balie, telefoon) continu de klanttevredenheid meten en direct op de resultaten anticiperen. 2. Inspelen op nieuwe mediakanalen, pilot met Whatsapp. Vooral door experimenten en pilots en niet op basis van beleidsnota s. Resultaat 5 De gemeente informeert de burger zo goed mogelijk. 1. Webcare inrichten bij KCC met als doel naast beantwoorden van vragen, zicht te krijgen op vragen en gevoelens onder inwoners. We informeren, afhankelijk van de context, via verschillende kanalen en, zo nodig, ook persoonlijk. Programmabegroting
20 Aantal verstrekte producten (begroot) 2016 (begroot) 0 Reisdocumenten Rijbewijzen Huwelijk/Partnerreg. Uittreksels Product 130 Openbare orde en veiligheid Veiligheid is een fundamenteel recht van elk mens, een kerntaak van de overheid en een zaak die ons allen aangaat. Veiligheid is een gezamenlijke verantwoordelijkheid. Naast de gemeente, politie, justitie en brandweer zijn ook burgers, ouders, horeca, winkeliers en bedrijven verantwoordelijk. Wij streven naar een veilige gemeente met een eigen politiebureau, efficiënte brandweer en snel ambulancevervoer. We pakken diegene die de regels overtreden aan en we besteden extra aandacht aan notoire overlastgevende gezinnen en jongeren. Waarbij we ook de zelfredzaamheid van onze burgers stimuleren. De gemeente heeft een leidende rol als veiligheidscoördinator. We hebben de afgelopen periode veel geïnvesteerd in onze rol binnen het veiligheidsdomein. Het kader waarbinnen we dat doen, is vastgesteld in ons integraal veiligheidsbeleid. De gemeente Gilze en Rijen werkt met 25 andere gemeente samen in de Veiligheidsregio Midden en West Brabant. Een belangrijk onderdeel van deze samenwerking is de gezamenlijke aanpak van de rampenbestrijding. De wijze waarop wij deze rampenbestrijding aanpakken staat verwoord in het Regionaal Crisisplan De afgelopen periode is de rampenbestrijding verder geprofessionaliseerd en heeft de gemeente middels een aantal grote oefeningen samen met de Luchtmachtbasis weer meer ervaring opgedaan met de organisatie rondom rampenbestrijding. Het vervoer van gevaarlijke stoffen over het spoor vergt onze voortdurende aandacht. Onze inwoners moeten zich veilig voelen in hun eigen leefomgeving. Mensen voelen zich veilig als er geen overlast is, als de inrichting en beheer van de openbare ruimte goed is (verlichting) en als er geen sprake is van vervuiling of storende graffiti. Het is belangrijk dat wijkagenten en Buitengewoon Opsporingsambtenaren (BOA s) zichtbaar zijn in de wijk, en dat degenen die overlast veroorzaken worden gecorrigeerd en zo nodig bestraft. Ook de veiligheid in de leefomgeving is een gezamenlijke verantwoordelijkheid. Burgers moeten hun buurtgenoten aanspreken als zij overlast veroorzaken, de gemeente en de politie (wijkagenten) kunnen hierbij ondersteuning bieden, bijvoorbeeld via mediation. Daarnaast passen we waar mogelijk ook nieuwe manieren toe om ernstige overlast te beperken, denk hierbij aan de + aanpak voor overlastgevende jeugd. We voeren periodiek overleg met de politie en stemmen problematieken en de inzet van ons personeel met elkaar af. In uitzonderlijke gevallen, denk daarbij aan de uitbreiding van het COA, vragen we hiervoor bijzondere aandacht en laten we waar mogelijk onze wensen vastleggen door de Korpsleiding. Een ander belangrijk punt is de tijdige beschikbaarheid van hulpdiensten in onze gemeente. Voor de inzet van brandweer en ambulance zijn normtijden vastgesteld. Vanuit onze rol in de algemene besturen van Veiligheidsregio Midden- en West Brabant en de Regionale Ambulance Voorziening volgen we de inzet van deze diensten. Hierin monitoren we ook of de normtijden behaald worden. Daar waar er problemen zijn, treden we in overleg met de diensten en zoeken we een passende oplossing. De brandweertaken van de gemeente zijn overgebracht naar de veiligheidsregio. De vrijwilligers die zich inzetten voor de brandweer verdienen echter nog steeds onze warme aandacht en waardering. Wij houden de kostenontwikkeling bij de veiligheidsregio scherp in de gaten. Wij realiseren ons dat we in een groter verband samenwerken op het veiligheidsterrein. We proberen hierin maximaal invloed te hebben op het beleid en de financiën van de veiligheidsregio. Programmabegroting
21 Resultaat 1 Terugdringen overlast van notoire overlastgevende gezinnen en jongeren. 1. Actief reageren op ernstige overlastsituaties en daar waar nodig zoeken naar nieuwe oplossingen. Voor de aanpak van ernstige overlastgevende situaties is jaarlijks een bedrag van vrij gemaakt. Wij gebruiken dit o.a. voor de + aanpak voor overlastgevende jeugd. Voor de aanpak van overlastgevende gezinnen werken we met de zogeheten CMPG aanpak, dit staat voor Complexe Multi Probleem Gezinnen. De gemeente voert hierin regie in situaties waarin de reguliere inzet niet effectief blijkt te zijn of stagneert. Resultaat 2 Intensiveren handhavingsbeleid illegale bewoning op campings en elders binnen de gemeente. 1. Voortzetten van de handhaving op de permanente bewoning door een extern bureau. In 2012 zijn er middelen vrijgemaakt om de handhaving op de permanente bewoning op recreatieterreinen te starten. De inschatting was dat na een periode van drie jaar de werkzaamheden dusdanig zouden zijn dat ze meegenomen konden worden in de reguliere handhavingswerkzaamheden. Gebleken is dat we niet het volledige zicht hadden op de volle breedte van de problematiek. Uit een quickscan blijkt dat er zo n 60 objecten zijn waar mogelijk permanent gewoond wordt. Het gaat hier om objecten waarvoor geen gedoogbeschikking is afgegeven of waarvan de bewoners zich hebben ingeschreven in de BRP. Om de aanpak van de permanente bewoning een goed vervolg te kunnen geven is het nodig dat ook deze groep bewoners wordt aangeschreven op het verbod op permanente bewoning. Resultaat 3 Evaluatie van alcoholmatigingsbeleid. 1. Evaluatie van het preventie- en handhavingsplan alcohol In de wijziging van de Drank- en horecawet per 1 januari 2014 is opgenomen dat de gemeenteraad iedere vier jaar een preventie- en handhavingsplan alcohol vaststelt (artikel 43a DHW). Uw gemeenteraad heeft dit plan in 2014 vastgesteld. In 2016 staat een eerste evaluatie hiervan gepland. Resultaat 4 Aanpakken van overlast door hangjongeren. 1. Toepassen van de +aanpak voor jongeren. 2. Evaluatie van de + aanpak eind De +aanpak richt zich op jongeren die in een toenemende mate criminaliteit plegen, de zogenaamde 'harde kern jongeren' van Gilze en Rijen met een flink justitieel dossier. Samen met jongerenwerk, politie, andere betrokken (zorg)organisaties wordt per jongeren een plan van aanpak opgesteld, waaraan in gezamenlijkheid ook wordt gewerkt. Zoals afgesproken wordt deze aanpak in 2016 geëvalueerd. Programmabegroting
22 Resultaat 5 Zorgdragen voor een adequate bluswatervoorziening in onze gemeente 1. Afhankelijk van de uitkomsten van het onderzoek dat door de Veiligheidsregio is verricht, bekijken wij onze bluswaterproblematiek en welke aanpak hiervoor nodig is. 2. Samen met de eigenaren van recreatieterreinen zorgen dat de brandveiligheidsvoorzieningen, waaronder bluswater, op orde zijn Het onderzoek vanuit de Veiligheidsregio is naar verwachting eind 2015 gereed. In 2016 kijken we wat de consequenties zijn voor de wijze waarop we op dit moment de bluswatervoorzieningen hebben ingericht in onze gemeente Brandveiligheidseisen recreatieterreinen Onze recreatieterreinen hebben allen een vergunning voor brandveilig gebruik. Als toezichthouder kijken we of de feitelijke situatie hieraan voldoet. Dit blijkt niet op alle terreinen zo te zijn. Ook is gebleken dat de vergunningen niet up-to-date zijn. Om ervoor te zorgen dat regelgeving, vergunning en feitelijke situatie in lijn zijn is het nodig een uitgebreide inventarisatie te doen van de feitelijke situatie. Hierbij wordt ook gekeken naar de aanwezige bluswatervoorzieningen op de terreinen. Programmabegroting
23 Wat gaat het kosten? Bedragen x Code Omschrijving Rekening Begroting Begroting Meerjarenbegroting Bestuur L B Bestuursondersteuning L B Burgerzaken L B Openbare orde en veiligheid L B Totaal lasten programma Totaal baten programma Saldo lasten/baten programma Toelichting: De belangrijkste verschillen tussen de ramingen in begroting 2015 en begroting 2016 zijn: Bedragen x Omschrijving L/B Bedrag V/N 1. In 2014 is het uitvoeringskrediet voor de fusie met de gemeente Alphen-Chaam en Baarle-Nassau L V gevoteerd. De geraamde uitgaven in 2015 bedragen Bijdrage aan de ABG wordt in één bedrag geraamd op programma bestuursondersteuning. In L N voorgaande jaren werden de bedrijfsvoeringskosten bij de verschillende programma s en producten verantwoord. 3. De opbrengst van de secretarieleges en het deel hiervan dat we moeten afdragen aan het Rijk hebben we bijgesteld op basis van de verwachte realisatie voor Ten opzichte van de begroting L B 7 38 V V 2015 resulteert dit per saldo in een voordeel van In 2015 hebben de verkiezingen van de Provinciale Staten en Waterschappen plaatsgevonden. Voor L 52 V 2016 zijn geen verkiezingen gepland. 5. De bijdrage aan de Veiligheidsregio is voor hoger dan in Dit wordt met name L 103 N veroorzaakt door het model duurzaam financieren ( ) en indexering ( ). Daarnaast waren er in 2015 incidentele voordelen als gevolg van vrijval reserve btw en positief jaarrekeningresultaat 2014, waardoor de bijdrage in 2015 lager was. 6. In 2015 zijn eenmalig extra middelen opgenomen voor brandveiligheidseisen op recreatieterreinen L 38 V 7. In voorgaande jaren belastten we de bedrijfsvoeringskosten door aan de diverse programma s. L V Vanaf 2016 wordt de bijdrage aan de ABG geraamd op programma bestuursondersteuning en vindt er geen doorbelasting meer plaats aan de programma s. Ten opzichte van de begroting 2015 ontstaat er een voordeel. 8. Overige afwijkingen. L B 2 18 N V Totaal N Programmabegroting
24 Programmabegroting
25 Programma 2 Ruimtelijke ontwikkeling Wat willen we bereiken? De gemeente Gilze en Rijen heeft vier dorpen in het groen: Gilze, Rijen, Hulten en Molenschot. We zijn een gemeente waar wordt gewoond en gewerkt. Binnen de gemeentegrenzen is er een ruim aanbod van sport en cultuur. Ook horecagelegenheden en winkels zijn voorhanden. De vier dorpen hebben ieder hun eigen karakter en sfeer. Eén ding hebben ze allemaal gemeen, namelijk de sterke binding met natuur en landschap. Onze opdracht is om de bestaande kwaliteit te behouden en waar mogelijk te versterken. Context en achtergronden De rol van de gemeente in de samenleving is aan het veranderen. Het zijn grote maatschappelijke, politieke, economische en technologische veranderingen tegelijk, die leiden tot een nieuwe verhouding tussen overheid en burger. We zien een Nederland waarin overheden, burgers en bedrijven steeds meer op basis van gelijkwaardigheid samenwerken. Deze ontwikkeling wordt versterkt doordat de overheid intussen ook steeds afhankelijker wordt van die burgerkracht. Dit is het effect van de economische crisis, de bezuinigingen en de decentralisaties. Tegelijkertijd krijgt de gemeentelijke overheid, zeker met de drie grote transities, een grotere rol met meer verantwoordelijkheden. Deze veranderingen hebben ook invloed op het ruimtelijke domein. De verandering wordt wellicht nog het beste aangeduid met de term uitnodigingsplanologie. In deze vorm is het niet meer de overheid die duidelijke regels stelt, waaraan initiatieven van burgers of ondernemers moeten voldoen, maar wordt op basis van gelijkwaardigheid gewerkt aan beleid en uitvoering. De Omgevingswet die in ontwikkeling is, sluit hierbij aan. Hierover hieronder meer. Totdat deze wet in werking treedt, werken we binnen de huidige wettelijke context voor het beleid op het gebied van Ruimtelijke Ordening. Deze is vastgelegd in de Wet ruimtelijke ordening (Wro). In deze wet is bepaald dat de gemeente voor het gehele grondgebied over actuele bestemmingsplannen dient te beschikken. Wij hebben dit in 2013 gerealiseerd door actualisatie van alle oude bestemmingsplannen. Uiteraard houden we ook in de toekomst onze plannen actueel. Gemeenten zijn verplicht om nieuwe bestemmingsplannen en bijna alle andere ruimtelijke ordeningsbesluiten via een website ( toegankelijk te maken. We voldoen aan die verplichting. Op onze website hebben we hiervoor een verwijzing gemaakt. Voor toekomstige bestemmingsplannen houden we rekening met de inhoud van de nieuwe structuurvisie stedelijk gebied. Kaderstellende beleidsnota s - Ambitiedocument Ambities Gilze en Rijen, nieuwe kansen! (2015) - Structuurvisie Stedelijk Gebied Gilze en Rijen (2015) - Stedenbouwkundige visie Spoorzone Rijen (2014) - Woonvisie 2012; - Welstandsbeleid (2011); - Strategische Agenda Hart van Brabant (2013); - Toekomstvisie Spoorzone 2014; - Uitvoeringstrategie Spoorzone 2015Beleid landschapsinvesteringen (2014); - Nota Grondbeleid (september 2012); - Regionaal convenant duurzaam bouwen (juli 2008); - Beleid externe Veiligheid (2008); Programmabegroting
26 - Gemeentelijk geurbeleid 2008; - Structuurvisie Buitengebied 2008; - Erfgoedverordening 2010; - Beleidsplan Archeologische Monumentenzorg 2011; - Distributie Planologisch Onderzoek kern Gilze en kern Rijen 2012; - Centrumvisie kern Gilze 2012; - Centrumvisie kern Rijen 2012; - Toekomstplan binnensportaccommodatie kern Rijen 2012; - Visie bedrijventerreinen Haansberg en Broekakkers Wat gaan we ervoor doen? Product 200 Ruimtelijke ordening De afgelopen jaren zijn er op het terrein van de fysieke leefomgeving steeds meer wetten en regels ontstaan. Het omgevingsrecht bestaat inmiddels uit tientallen wetten en honderden regelingen voor ruimte, wonen, infrastructuur, milieu, natuur en water. Zij hebben allemaal hun eigen uitgangspunten, werkwijzen en eisen. De wetgeving is daardoor te ingewikkeld geworden voor de mensen die ermee werken en het duurt vaak lang voordat een project kan starten Het Rijk is daarom met provincies, gemeenten, bedrijven en maatschappelijke organisaties het omgevingsrecht aan het vernieuwen. Om het concreet te maken: het huidige recht bestaat uit: 26 wetten, artikelen, 120 Algemene Maatregelen van Bestuur en 120 Ministeriële Regelingen. De Omgevingswet wordt 1 wet met 349 artikelen, 4 Algemene Maatregelen van Bestuur en circa 10 Ministeriële Regelingen. In 2014 stuurde de minister van Infrastructuur en Milieu een wetsvoorstel voor de Omgevingswet naar de Tweede Kamer. Deze wet is nu in procedure en de verwachting is dat deze op 1 januari 2018 in werking treedt. Uitgangspunten Omgevingswet: Het moet eenvoudiger, efficiënter en beter Projecten moeten in samenhang en per gebied worden bekeken. Burgers en bedrijven zijn vroeg in het proces betrokken bij het maken van plannen. Procedures mogen niet meer eindeloos duren, regelgeving moet voorspelbaar, betaalbaar en transparant zijn. Onderzoekslasten kunnen aanzienlijk omlaag. Zekerheid en dynamiek Bescherming van burgers blijft een belangrijk doel van het omgevingsrecht. Daarnaast moet het ook uitnodigen tot nieuwe initiatieven en ontwikkelingen. Uitgangspunt is: kijken wat kan met waarborgen voor kwaliteit. Ruimte voor duurzame ontwikkeling Veel regels zijn verouderd en staan innovatieve ontwikkelingen, gericht op duurzaamheid, in de weg. Het huidige recht is niet toegesneden op nieuwe maatschappelijke opgaven. Het nieuwe omgevingsrecht ondersteunt en stimuleert de transitie naar een duurzame samenleving. Ruimte voor regionale verschillen Wat goed is voor de ene regio, is lang niet altijd geschikt voor de andere. Het nieuwe omgevingsrecht is flexibel, waardoor provincies en gemeenten regionaal en lokaal maatwerk kunnen leveren. Actieve en kwalitatief goede uitvoering Het nieuwe omgevingsrecht is flexibel en biedt transparante en doelmatige procedures. Die prikkelen bestuurders tot actief gedrag dat is gebaseerd op samenhangend beleid, kwalitatief goede besluiten, het geven van vertrouwen en het nemen van verantwoordelijkheid. Het duurt nog even voordat de Omgevingswet in werking treedt. Maar vooruitlopend daarop willen we al kijken in hoeverre we al kunnen werken vanuit de geest van deze nieuwe wetgeving. De Omgevingswet gaat namelijk niet alleen over wetgeving. De wet staat een manier van werken voor, waarover we al kennis kunnen opdoen en delen. Programmabegroting
27 Resultaat 1 De organisatie voorbereiden op de Omgevingswet 1. Scholing en training organiseren op het gebied van Omgevingswet 2. Daar waar mogelijk experimenteren met de mogelijkheden die deze nieuwe wet ons biedt. Alhoewel de nieuwe wet op zijn vroegst per 1 januari 2018 van kracht wordt, achten we het van belang om nu reeds te starten met het werken volgens de uitganspunten van de wet. Duurzaamheid De gemeente intensiveert haar inzet op duurzaamheid. Omdat duurzaamheid een erg breed begrip is, focust de gemeente zich daarbij op de volgende onderwerpen: - energiebesparing bestaande woningvoorraad; - hernieuwbare energie (zon-, wind- en biogas e.d.); - ecologisch kapitaal (natuur- en landschap); - eigen organisatie (inclusief vastgoed en openbare verlichting). De gemeente heeft hierin vooral een stimulerende en regisserende rol. Bovendien een voorbeeldfunctie voor de eigen organisatie. De gemeente werkt nauw samen met bewoners en organisaties. Energie Gilze Rijen (ENGR) is bij de verdere aanpak een belangrijke gesprekspartner. We nemen actief deel aan regionale afstemming van activiteiten. Resultaat 1 Station Gilze en Rijen behouden en de kwaliteit daarvan vergroten op basis van de Toekomstvisie Spoorzone (zie ook programma 4). 1. Uitvoeringstrategie Spoorzone Rijen uitvoeren. 2. Nauw overleg met NS, ProRail en andere organisaties en betrokkenen. Openbaar vervoer is van groot economisch belang en levert een bijdrage aan een duurzame samenleving. Resultaat 2 Energetisch verbeteren van de bestaande woningvoorraad door enerzijds het ondersteunen van het initiatief binnen de regio Hart van Brabant en anderzijds in te spelen op lokale initiatieven. 1. Voorbeeldproject van ENGR ( Buurkracht ) actief ondersteunen. 2. Aansluiten bij de regionale deal binnen het samenwerkingsverband Hart van Brabant: Op weg naar energie-neutrale woningen binnen Hart van Brabant. Op dit gebied heeft de gemeente vooral een activerende en ondersteunende rol. Onder andere door (actief) aan te sluiten bij regionale en lokale initiatieven. Resultaat 3 Verbeteren van de duurzaamheid van woningen. 1. Bij nieuwbouwwoningen hanteren wij de wettelijke EPC norm. Daarom hanteren wij niet meer de GPRgebouwen. 2. In het plangebied Vliegende Vennen Noord-Oost gaan we voor energieneutrale woningbouw. 3. Wij onderzoeken manieren om ook bij de bestaande woningvoorraad energiebesparingen te realiseren. Programmabegroting
28 Deze activiteiten moeten leiden tot een lager en duurzamer energiegebruik. Resultaat 4 Wij stellen energieambitie op in overleg met Energie Gilze en Rijen (ENGR). 1. Ontwikkelen van concrete activiteiten, eventueel met ENGR, en het faciliteren daarvan. 2. Energiebesparingen op het gebied van bestaande openbare verlichting. 3. Waar mogelijk toepassen van Led-verlichting bij nieuwe projecten. 4. Verbeteren van de energielabels voor het vastgoed van de gemeente en het opstellen van een projectplan voor alle gebouwen met een nader uit te werken fasering. Hierbij aandacht voor: o Ruimte voor de toepassing van zonne-energie, oplaadpunten, besparingen en isolatie; o Verduurzamen van de openbare verlichting o.b.v. de vastgestelde beleidsvisie; o Verduurzamen van gemeentelijke bouwen en optimaal benutten van duurzame energiebronnen met zonnepanelen e.d.; Product 210 Bouwen en wonen De gemeente Gilze en Rijen is in trek als woongemeente. Volgens de bevolkings- en woningbehoefteprognose 2014 van de Provincie, groeit de gemeente Gilze en Rijen nog enigszins. Ook de gemeente Gilze en Rijen heeft last gehad van de crisis in de woningbouw. Doordat de verkoop van woningen stil kwam te liggen, konden bouwprojecten niet, of niet volgens planning, tot ontwikkeling komen. Inmiddels zien we dat de woningverkoop (landelijk en regionaal) weer aantrekt. Woningbouw is en blijft daarom belangrijk in de gemeente, waarbij we meer en meer in regionaal verband kijken naar de daadwerkelijke kwaliteit van woningen die noodzakelijk zijn. Daarom blijven we werken met mogelijkheden voor verkoop van grondkavels in alle kernen, zowel voor individuen, als voor bouwcollectieven (CPO). Om starters te stimuleren om over te gaan tot een woningaankoop, kennen we de starterslening. We brengen deze regeling onder de aandacht op informatiebijeenkomsten bij woningbouwplannen en via onze website. Bij de keuze en invulling van woningbouwprojecten gelden de volgende randvoorwaarden: We bouwen naar behoefte (lokaal en regionaal); Inbreiding gaat voor uitbreiding; We geven ruimte voor Collectief Particulier Opdrachtgeverschap (CPO) en particulier Opdrachtgeverschap (PO); Door middel van PPS constructies en marktconsultatie werken we samen met corporaties en ontwikkelaars; In principe geen nieuwe strategische aankopen van gronden waarvoor, binnen een korte periode, geen concrete bestemming is; Tijdelijke invulling van braakliggende terreinen als gevolg van stagnerende projecten, in samenspraak met eigenaren en omwonenden. Over de lopende projecten rapporteren we eens per kwartaal in de voortgangsrapportages. We hanteren gedifferentieerde grondprijzen en nemen dit jaarlijks mee in de totstandkoming van het grondprijsbeleid. Tevens nemen wij de differentiatie van grondprijzen op in de benchmark onder gemeenten in Midden-Brabant. Als het gaat om Wabo vergunningverlening en toezicht, staan er verschillende grote wetswijzigingen op stapel. Een belangrijke is de komst van de Wet Private kwaliteitsborging. Hiermee worden de verantwoordelijkheden in de bouw anders neergelegd en wordt de markt primair verantwoordelijk voor de kwaliteit van de bouw. Dit Programmabegroting
29 gaat betekenen dat de gemeenten in haar vergunningverlening en toezicht niet meer kijken naar o.a. constructieve veiligheid en brandveiligheid. Hiermee verandert ook de hele financiering van het bouw- en woningtoezicht. De ingangsdatum van deze wet stond gepland op 1 januari 2016, maar deze datum is losgelaten. Op welke wijze en wanneer deze wet in werking treedt is niet duidelijk. Resultaat 1 Blijvende lobby in spoor-overleggen bij Provincie, ministerie en Prorail. 1. Actief deelnemen aan provinciale werkgroep aanleg 3 e spoor Betuwelijn. 2. Actief deelnemen een provinciale werkgroep taskforce Brabantroute. 3 Inventarisatie laten uitvoeren van de gevolgen van invoering Brabantspoor 2014 (routering gevaarlijke stoffen). 4 Indienen subsidieverzoek tunnel in de plaats van overweg Oosterhoutseweg (samen met provincie). We besteden aandacht aan het terugdringen van vervoer van gevaarlijke stoffen over de Brabantroute, spoorse doorsnijdingen en geluidsoverlast. Resultaat 2 Plannen uitwerken voor woningbouw in alle vier de kernen na 2020 en uitgifte van vrije kavels naar behoefte. Specifieke activiteiten in Om ervoor te zorgen dat de behoefte aan woningen goed in lijn blijft met de plannen die gemaakt worden, gaan we in 2016 een methodiek ontwikkelen om dit te monitoren. De gemeente heeft voldoende gronden in de kernen Gilze en Rijen in bezit om tot 2030 te voorzien in de behoefte aan nieuwbouw. Daarnaast zijn er initiatieven op particuliere gronden. Resultaat 3 Ontwikkelen van projecten. 1. Start woningbouw Centrumplan Gilze, parkdeel. 2. Planontwikkeling voor Centrumplan Gilze, centrumdeel. 3. Planontwikkeling Gilze Zuid-West. 4. Onderzoek haalbaarheid Centrumplan Oost in Rijen. 5. Voortzetten woningbouw Vliegende Vennen. 6. Woningbouw Hulten. 7. Woningbouw Molenschot. 1. Het bestemmingsplan voor het parkdeel is onherroepelijk en de woningbouw start in Voor het centrumdeel starten we met de planontwikkeling. We proberen daarbij de gronden te verwerven van de diverse particuliere eigenaren. 3. Er is nog geen overeenstemming met de provincie over de gezamenlijk opgestelde overeenkomst. Afhankelijk van de uitkomsten van het overleg met de provincie plannen we vervolgacties. 4. Het onderzoek naar de haalbaarheid van een plan loopt. Een eventuele Bypass maakt onderdeel uit van het onderzoek. 5. Hierbij streven we naar het realiseren van een project met energieneutrale woningen en een CPO-project. 6. In Hulten lopen twee ontwikkelingen: een CPO project en een Ruimte voor Ruimte project. Het bestemmingsplan Eikenveld is vastgesteld. We verwachten dat in 2016 de bouw kan starten. 7. De bouw van woningen aan de Veenstraat is in 2014 gestart en loopt door in Programmabegroting
30 bedragen x Resultaat 4 Passend beleid ontwikkelen waarbij versoepelen van de regelgeving het uitgangspunt is. 1. Opstellen welstandbeleid, 2. Actualisatie Bestemmingsplan Molenschot vaststellen 3. Actualisatie bestemmingsplan Aeroparc vaststellen Regelgeving t.a.v. het Buitengebied wordt geactualiseerd. Bij nieuwe bestemmingsplannen die we ontwikkelen, kijken we nadrukkelijk naar nut en noodzaak van de regels die we opnemen. We maken plannen die passend zijn voor de vraag die voorligt. Voor het Buitengebied stond een actualisatie gepland. We willen vooruitlopend op de Omgevingswet gebruik maken van mogelijkheden om te experimenteren met deze nieuwe wetgeving. We gebruiken het buitengebied als pilot hiervoor. De evaluatie van het welstandsbeleid heeft in 2015 plaatsgevonden. De resultaten worden meegenomen in het opstellen van het nieuwe beleid in Opbrengst bouwleges (begroot) 2016 (begroot) Product 220 Bouwgrondexploitatie In de paragraaf Grondbeleid gaan we uitgebreid in op de grondexploitaties. Product 230 Volkshuisvesting Per 1 januari 2015 is de Huisvestingswet in werking getreden. De Huisvestingswet heeft als doel mogelijkheden te bieden om de positie van kwetsbare groepen op de woningmarkt te beschermen. In het kader van deze nieuwe wetgeving zijn de woningbouwcoöperaties beperkt in de mogelijkheden tot nieuwbouw. Ze mogen zich enkel nog richten op hun doelgroep en dat zijn mensen die niet zelfstandig in een woning kunnen voorzien. Het is aan de gemeente om prestatieafspraken te maken met coöperaties over de huisvesting van de doelgroep. Een actuele woonvisie moet ten grondslag liggen aan deze afspraken. Voor Gilze en Rijen is een nieuw woonkader in voorbereiding. Dit wordt regionaal opgesteld en lokaal uitgewerkt. Dit woonkader wordt in 2016 vastgesteld. Programmabegroting
31 Resultaat 1 Borgen dat er voldoende woonruimte is voor mensen die niet zelfstandig in woonruimte kunnen voorzien. 1. Het opstellen van een woonkader op basis waarvan prestatie-afspraken gemaakt kunnen worden met woningbouwcoöperaties. 2. Daar waar mogelijk experimenteren met mogelijkheden om woonruimte voor de doelgroep beschikbaar te krijgen Primair heeft de woningbouwcoöperatie de taak om betaalbare woonruimte aan te bieden. Omdat de behoefte hieraan groot is, willen we als gemeente kijken of we dit ook op andere manieren kunnen stimuleren. Wat gaat het kosten? Bedragen x Code Omschrijving Rekening Begroting Begroting Meerjarenbegroting Ruimtelijke ordening L B Bouwen en wonen L B Bouwgrondexploitatie L B Volkshuisvesting L B Monumentenzorg L B Totaal lasten programma Totaal baten programma Saldo lasten/baten programma Toelichting: De belangrijkste verschillen tussen de ramingen in begroting 2015 en begroting 2016 zijn: Bedragen x Omschrijving L/B Bedrag V/N 1. In 2015 zijn eenmalig hogere middelen opgenomen voor de voorbereiding van het project L 110 V verbreding N De baten en lasten van de grondexploitatie zijn gebaseerd op de onderliggende exploitaties, het betreft met name de complexen Midden Brabant Poort en Vliegende Vennen Noordoost. Voor 2016 L B N V wordt een resultaat verwacht van nadeel ( nadeel). 3. In 2016 hebben we ten opzichte van 2015 te maken met hogere rentekosten voor de L 31 N startersleningen door extra stortingen in dit fonds. 4. In voorgaande jaren belastten we de bedrijfsvoeringskosten door aan de diverse programma s. L V Vanaf 2016 wordt de bijdrage aan de ABG geraamd op programma 1 en vindt er geen doorbelasting meer plaats aan de programma s. Ten opzichte van de begroting 2015 ontstaat er een voordeel. 5. Overige afwijkingen. L B 45 5 V N Totaal V Programmabegroting
32 Programmabegroting
33 Programma 3 Openbare ruimte Wat willen we bereiken? Wij willen dat onze inwoners tevreden zijn over de kwaliteit van de openbare ruimte in hun directe omgeving. De inwoners van onze gemeente zijn het meest betrokken bij hun eigen wijk, weten het beste wat daar speelt, wat de problemen zijn en hoe die problemen opgelost kunnen worden. Inrichten en onderhouden van de openbare ruimte in buurten en wijken doen we daarom zoveel mogelijk samen met de bewoners. Uitgangspunt hierbij is dat de openbare ruimte goed toegankelijk is voor senioren en mindervaliden. In relatie met programma 4 willen we er ook graag voor zorgen dat de openbare ruimte onze bewoners uitnodigt om meer te bewegen (fietsen, wandelen, hardlopen, buitenspelen). Dit in verband met de stimulering van sport en bewegen. Bij onze aanpak wijk- en buurtbeheer gaan we in gesprek met de bewoners en buurtverenigingen om samen plannen te maken. Wij faciliteren daarbij om te komen tot een gedragen oplossing of aanpak in de buurt. Bij conflicten stimuleren wij bewoners om met elkaar in gesprek te gaan en bieden we eventueel ondersteuning aan. Samen met inwoners houden we regelmatig een schouw in de gemeente om de staat van het onderhoud te bepalen. Via de BuitenBeter app kunnen inwoners problemen in de openbare ruimte eenvoudig doorgeven aan de gemeente. Wij handelen meldingen snel en professioneel af. We willen in de hele gemeente breedband internet faciliteren, ook in het buitengebied en op bedrijventerreinen. Het uitgangspunt van de gemeente is om plaatselijke initiatieven van burgers en bedrijven te faciliteren en te ondersteunen, maar in deze projecten niet te participeren, omdat hier geen taak voor de gemeente Gilze en Rijen ligt. We maken daarbij gebruik van externe fondsen (provincie, EU) en private initiatieven. Context en achtergronden Woonomgeving De kwaliteit van de woonomgeving wordt onder meer bepaald door de manier waarop de gebruikers er mee omgaan. We nemen maatregelen om het gedrag van de gebruikers te beïnvloeden (lawaai, rommel, hondenpoep, hard rijden), maar de gemeente blijft daarbij afhankelijk van de inzet en goede wil van haar burgers. We betrekken inwoners en bedrijven nadrukkelijk bij plannen tot herinrichting van het openbaar gebied. We spelen daarbij zo goed mogelijk in op de wensen en ideeën die bij de bewoners en bedrijven leven over de inrichting van hun woon- en werkomgeving. De gemeente is eindverantwoordelijk voor (het behoud van) de kwaliteit van de openbare ruimte en voor de naleving van vastgesteld beleid en wetgeving. In ieder project geven wij de kaders van tevoren duidelijk aan. Wij stimuleren inwoners en bedrijven een grotere verantwoordelijkheid te dragen bij de realisering van projecten. Landschap Het buitengebied van onze gemeente bepaalt in belangrijke mate het karakter van onze gemeente. Een groot deel is in gebruik voor agrarische doeleinden, maar een ander groot deel bestaat uit open landschap in afwisseling met uitgestrekte bos- en natuurgebieden. Dat zorgt voor een aantrekkelijk recreatief aanbod. Wij maken ons sterk voor behoud en versterking van die verscheidenheid en kwaliteiten. We voeren hierover intensief en open overleg met de betreffende organisaties en betrokkenen. Wij ondersteunen ontwikkeling van de agrarische sector, mits dit past in de totale ontwikkeling van onze gemeente en het landelijk en provinciaal beleid. Programmabegroting
34 Bij natuur en landschap zetten wij niet zo zeer in op vergroting van de betreffende gebieden maar veel meer op verbetering van de kwaliteit daarvan. Dat laatste doen we samen met alle betrokken partijen en organisaties. Goede voorbeelden zijn o.a. vervolgplannen van de Ecologische VerbindingsZone (EVZ) de Boomkikker, ontwikkeling van het gebied rond de Gilzer Wouwerbeek en de zuidflank van Gilze. Samen met het Brabants Landschap richten we de besteding van het budget Groen Blauwe Diensten vooral daarop. Ook vinden we het belangrijk dat het ons omringend landschap bewandelbaar is. Daarom hechten we waarde aan het realiseren van ommetjes o.a. in Molenschot en Hulten. Wij vinden het vergroten van de biodiversiteit erg belangrijk. We hebben hiervoor samen met de NLGR (Natuur- en Landschapsvereniging Gilze en Rijen) een werkplan opgesteld. Centraal staat daarin het versterken van de biotoop van de steenuil, in 2010 gekozen als ambassadeur voor de biodiversiteit in onze gemeente. Onze rol is vooral die van regisseur. We organiseren diverse vormen van overleg met onder andere de ZLTO (Zuidelijke Land en Tuinbouw Organisatie), de NLGR (Natuur en Landschapsvereniging Gilze en Rijen), het Waterschap, Brabants Landschap, Staatsbosbeheer en het ministerie van Defensie. Verkeer Het verkeersbeleid in Gilze en Rijen maakt het inwoners en bezoekers mogelijk zich veilig en snel te verplaatsen. Het beleid draagt tevens bij aan een veilige en leefbare omgeving waar het goed wonen, werken en recreëren is. De gedachte achter het concept "Duurzaam Veilig" heeft zich de afgelopen jaren bewezen en blijft de komende jaren de hoeksteen van het verkeersbeleid van de gemeente Gilze en Rijen. In het verkeersbeleid kiezen wij voor de drie pijlers bereikbaarheid, verkeersveiligheid en leefbaarheid. Er is niet voor gekozen om in één van de drie pijlers uit te blinken, maar het in een gezonde onderlinge balans te brengen en te houden. Het gemeentelijke verkeersbeleid sluit aan op het Rijks- en Provinciaal beleid. Om aan de beleidsuitgangspunten invulling te geven voeren we de projecten, die in het meerjarenuitvoeringsprogramma zijn opgenomen, uit. Het uitvoeringsprogramma stellen we jaarlijks bij om goed op de veranderende omstandigheden in te kunnen spelen. Hierbij houden we rekening met de beschikbare middelen zoals die in de meerjarenbegroting zijn opgenomen. Kaderstellende beleidsnota s - Afvalplan Gilze en Rijen (september 2011); - Gemeentelijk geurbeleid (november 2008); - Integraal Kwaliteitsplan Beheer Openbare Ruimte (14 maart 2005); - Nota speelruimtebeleid (september 2011); - Groenstructuurplan (2011); - Werkplan landschapsontwikkeling en biodiversiteit Gilze en Rijen 2012; - Nota buurtbeheer nieuwe stijl Samen de leefbaarheid verbeteren (april 2013); - Contract Groen Blauwe Diensten provincie Noord-Brabant en Brabants Landschap ; - Verkeer - en Vervoersplan (GVVP) ; - MER N282; - Strategische Agenda Hart van Brabant (2013); - Nieuwe structuurvisie stedelijk gebied (2015); - Kapbeleid gemeente Gilze en Rijen (2013); - Uitvoeringsstrategie Spoorzone (2015); - (verbrede) Gemeentelijke Rioleringsplan (vgrp) (2015) Wat gaan we ervoor doen? Product 300 Milieubeheer De gemeente voert belangrijke taken uit op het gebied van milieu, afvalinzameling, rioolbeheer, vergunningverlening en toezicht van milieuaspecten in het kader van de WABO. De inhoudelijke kennis over deze onderdelen is sinds 2013 georganiseerd binnen de Omgevingsdienst Midden- en West Brabant. Voorts voert de gemeente taken uit op het gebied van bodemonderzoek, sanering van woningen in verband met verkeerslawaai, ondersteuning van Prorail bij de sanering van spoorweglawaai volgens de wet Swung en Programmabegroting
35 diverse activiteiten op gebied van groen en duurzaamheid. Daarnaast heeft de gemeente bij haar eigen bedrijfsvoering een voorbeeldfunctie als het gaat om milieuvriendelijkheid, zoals milieuvriendelijk onkruidbeheer, inzet van elektrische auto s en duurzame straatverlichting. De luchtmachtbasis is een belangrijke werkgever voor de gemeente en zet onze gemeente op de kaart. Wij zijn er trots op dat vanuit Gilze en Rijen een bijdrage wordt geleverd aan belangrijke vredesmissies in de wereld. De basis heeft ook een keerzijde. Veel van onze inwoners ondervinden geluidoverlast door de vliegbewegingen van de helikopters. Wij nemen deel aan de COVM (Commissie Overleg & Voorlichting Milieuhygiëne vliegbasis Gilze-Rijen) en vragen aandacht voor een goede registratie van de klachten en een goede behandeling daarvan. Erg belangrijk in 2016 wordt het nieuwe Luchthavenbesluit. Dat besluit moet voor 1 november 2016 zijn vastgesteld door de Minister van Defensie en vervangt de thans bestaande geluidzone (kosteneenheid) rond de vliegbasis. Wij bereiden ons actief voor op het tot stand komen van dat besluit. Bij de inzameling van huishoudelijk afval kennen we twee mogelijkheden: de huis-aan-huis inzameling en de brengmogelijkheid op de milieustraat. In het afvalplan is de ambitie aangegeven om de successen van het diftarsysteem verder uit te bouwen. Dus (nog) minder afval en meer grondstof door meer afvalscheiding, lagere kosten, een betere invulling van de vervuiler betaalt en een serviceniveau dat op een goed peil blijft. Resultaat 1 Terugdringen van de overlast van vliegverkeer via deelname aan de COVM, verbetering van de klachtenregistratie en voorbereiding op het nieuwe Luchthavenbesluit 1. Actief deelnemen aan de COVM. 2. Actief inspelen op ontwikkelingen met betrekking tot de voorbereiding van het nieuwe Luchthavenbesluit Toezien op goede registratie en afdoening van klachten. Via goede contacten met defensie behartigen we de belangen van de inwoners waar het gaat om het beperken van de geluidsoverlast van de Vliegbasis. Resultaat 2 Diftar systeem de komende vier jaar handhaven met een jaarlijkse evaluatie. Het systeem waar mogelijk verder verfijnen. 1. Evalueren afvalplan ; op basis van de uitkomsten van de evaluatie opnieuw de ambitie vast stellen voor de komende 4 jaar tot Afhankelijk van de gestelde ambitie een plan van maatregelen opstellen voor het eventueel verder verminderen van restafval. 3. Monitoren aanbiedgedrag voor de beoordeling van de juistheid voor de tariefstelling. 1. Het ministerie van I en M heeft in het Programma VANG als doelstelling opgenomen de hoeveelheid huishoudelijk restafval in Nederland terug te brengen naar gemiddeld 100 kilo per inwoner per jaar. Dat is een grote opgave die extra inspanningen van onze gemeente vraagt (2014: 128 kg per inwoner). 2. Gelet op de resultaten in 2014 mag niet worden verwacht dat zonder aanpassingen van bestaande maatregelen of de introductie van nieuwe maatregelen de hoeveelheid restafval nog verder vermindert en meer afvalscheiding wordt gerealiseerd. 3. We evalueren de hoogte van de tarieven voor de huis aan huis inzameling in vergelijk met tarief grof afval milieustraat. Programmabegroting
36 Resultaat 3 Uitvoeren van de onkruidbestrijding op een milieuvriendelijke wijze. Resultaat 4 Onderzoek naar uitbreiden en flexibiliseren van de openstelling van de milieustraat. 1. Toets laten uitvoeren voor certificering volgens de barometer duurzaam terrein beheer. De staatssecretaris van I en M stelt in haar brief van 22 april 2015 dat met ingang van het groeiseizoen van 2016 het gebruik van chemische gewasbeschermingsmiddelen op verhardingen verboden is. Dit wordt geregeld door middel van een aanpassing van het Besluit gewasbeschermingsmiddelen en biociden. Omdat er haalbare en betaalbare niet-chemische technieken en methoden zijn voor het bestrijden van onkruiden op verhardingen, is het gebruik van gewasbeschermingsmiddelen voor deze toepassing overbodig. 1. Bij de evaluatie van het afvalplan wordt ook de verruiming van openingstijden milieustraat meegenomen, niet alleen als servicemaatregel, maar ook in het kader van de doelstellingen op het gebied van afvalscheiding. De afgelopen jaren zijn de jaarlijkse bezoekers aantallen van ruim iets toegenomen terwijl de hoeveelheid grof restafval met meer dan de helft is verminderd. Het alleen betalen voor restafval en het gratis kunnen aanbieden van de herbruikbare afvalstoffen hebben de bezoekers van de milieustraat positief opgepakt door nog meer het afval gescheiden aan te leveren. Product 310 Gemeentereiniging In onze gemeente stimuleren wij bewoners, scholen/verenigingen en maatschappelijke organisaties om mee te werken aan een schone omgeving. Of het nu is door geen afval achter te laten, door zo af en toe eens de stoep te vegen of door regelmatig deel te nemen aan opschoonactiviteiten in de buurt: iedereen kan mee doen! Dit doen wij onder de vlag van de campagne Hou Gilze Rijen Schoon. Resultaat 1 Tegengaan van zwerfvuil en hondenpoep, onder andere door communicatie en inzet van BOA s en aanpassing APV. 1. Extra aanpak zwerfafval in het buitengebied. 2. In aansluiting op de campagne hou Gilze Rijen schoon nieuwe acties organiseren waarmee een extra impuls wordt gegeven aan participatie van inwoners en verenigingen. 1. Vanuit de raamovereenkomst verpakkingen zijn voor het derde jaar financiële middelen toegezegd voor de extra aanpak van zwerfafval in het buitengebied. Naast het ruimen en meten van zwerfafval is de aanpak vooral gericht op het voorkomen van zwerfafval. 2. Participatie van inwoners en verenigingen in schoonmaak acties zoals de jaarlijkse opzoomerdag draagt bij aan extra aandacht voor het onderwerp. Waarbij het vooral gaat om bewustwording en gedragsverandering. Programmabegroting
37 x kg Afvalstromen (begroot) 2016 (begroot) Product 320 Riolering Gilze en Rijen kent relatief weinig oppervlaktewater. De gemeente heeft wel een belangrijke taak op gebied van rioolbeheer. Dit wordt uitgevoerd conform het (verbrede) Gemeentelijke Rioleringsplan (vgrp) uit Dit gebeurt de afgelopen jaren steeds meer in samenwerking met de buurgemeenten en het waterschap. Hiervoor is een overeenkomst getekend. Jaarlijks stemmen we af welke projecten we in regionaal verband gaan uitvoeren. Resultaat 1 Uitwerken alternatief voor bergbezinkvoorziening Wolfsweide 1. Voorbereiden alternatief in samenwerking met het waterschap en bewoners. Realisering van het bergbezinkbassin staat al enkele jaren op de planning. In 2016 willen we tot besluitvorming komen, waarbij we alternatieven betrekken. Product 330 (Spoor)wegen De gemeente streeft naar een goede verkeersveiligheid en bereikbaarheid. Uitgangspunt is dat we streven naar nul verkeersslachtoffers. De gemeente Gilze en Rijen is goed bereikbaar onder andere via de snelweg A58, de Provinciale weg N282 en het spoor. De goede bereikbaarheid van de gemeente is een belangrijke vestigingsvoorwaarde voor bedrijven en (nieuwe) inwoners. Verder versterken we de structurele regionale lobby voor de verbreding van de A58, vooral het traject Breda Tilburg. Omdat Gilze en Rijen geen middelbaar onderwijs kent, gaan veel jongeren op de fiets naar een school in Dongen, Oosterhout, Breda of Tilburg. Het is belangrijk dat de fietsverbindingen met die plaatsen veilig zijn. De verbreding van de N282 dient zich aan. Dit heeft veel gevolgen voor Rijen en Hulten. Bij het aanleggen van de weg houden we rekening met de verkeersprognoses uit het nieuwe verkeersmodel. Het huidige gemeentelijke verkeers- en vervoersplan loopt tot 2016, en is de basis geweest voor alle investeringen in wegen en fietspaden in de afgelopen periode. De faciliteiten op en rond het station worden verbeterd overeenkomstig de Toekomstvisie Spoorzone. Verkeersveiligheid is een verantwoordelijkheid van zowel de weggebruiker als van de gemeente. Verkeersdeelnemers moeten zich houden aan de regels en zijn zelf verantwoordelijk om goed op te letten in het verkeer. Wij moeten zorgen voor een veilige infrastructuur, vooral voor kwetsbare verkeersdeelnemers zoals fietsers en voetgangers. Ook verkeersveiligheid rondom scholen en op schoolroutes heeft onze aandacht. Wij bespreken verkeersveiligheid regelmatig in de verkeerscommissie samen met de politie en VVN. De gemeente heeft maar een bescheiden invloed op het openbaar vervoer. Het is wel van belang dat wij onze beleidsvoornemens verwoorden in het GVVP en deze onder de aandacht brengen bij de betrokken partijen. Programmabegroting
38 Spoor De uitvoeringsstrategie is in 2015 vastgesteld. In 2016 beginnen we met de voorbereiding van de uitvoering van de hierin genoemde maatregelen. Daarvoor hebben we in de begroting geraamd. Voor de lange termijn moeten we nog reserveringen gaan opnemen of besluiten nemen om die maatregelen te kunnen realiseren. Voor het Landelijk Verbeterprogramma Overwegen hebben we in 2015 een aanvraag ingediend. In de pilot SWUNG verwachten we in 2016 een definitief ontwerp van de geluidschermen en stemmen dit af met de ontwikkelingen rondom de spoorzone. Resultaat 1 Vaststellen nieuw GVVP in 2016, met aandacht voor veilige fietsverbindingen. 1. Opstellen en vaststellen nieuw GVVP in Opstellen van een nieuw gemeentelijk verkeersplan gebaseerd op de regionale ontwikkelingen en gemeentelijke ambities. Resultaat 2 Aanpak diverse fietsverbindingen. 1. We bereiden de uitwerking van een fietsvoorziening Molenschot-Gilze voor. Daarna plannen we de uitvoering. 2. Nader uitwerken van het in 2015 gekozen alternatief voor het opknappen van het fietspad Tilburgsebaan. Afhankelijk hiervan plannen we de uitvoering. 3. Als we tot een plan zijn gekomen plannen we de uitvoering om de bochten in de Mary Zeldenrustlaan aan te passen. De gewenste verbeteringen vergen een goede voorbereiding en een gedegen afweging van de alternatieven. Resultaat 3 Verbreding N Communicatie met en inspraak voor omwonenden bij de aanpassingen in en rondom Hulten, behorende bij de planvorming van de verbreding en omleiding van de N282, gedurende het hele proces. 2. Bestemmingsplan wijzigen. De wijzigingen bereiden we voor, in goed overleg met de bewoners, de provincie en de gemeente Tilburg. Resultaat 4 Maatregelen Uitvoeringsstrategie Spoorzone 1. Overleg met partijen om wat in het uitvoeringsprogramma Spoorzone is opgenomen te gaan voorbereiden. 2. Ontwerp geluidschermen 1. We werken de maatregelen integraal uit als onderdeel van de ontwikkeling spoorzone in relatie tot de pilot SWUNG. Waarbij we rekening houden met verwijderen wachtspoor, aanleg van zuidelijke toegang, aanpassen perrons en overwegen (LVO). 2. We verwachten het ontwerp van de geluidschermen in 2016 gereed te hebben in overleg met ProRail en de bewoners. Programmabegroting
39 Resultaat 5 Aanpakken van straten waar de doorstroming of de verkeersveiligheid in het geding is. 1. Verder uitwerken van de alternatieven Raadhuisplein met de betrokken partijen. In 2015 hebben we hiervoor een voorbereidend onderzoek afgerond. Resultaat 6 Verkeersveilig maken van schoolroutes. 1. Overleg met de scholen over onder andere de veiligheid van de schoolroutes. Afgelopen jaren is door de uitvoering van het Octopus project de veiligheid rondom de school en schoolroutes al flink verbeterd. We hebben regelmatig overleg met de scholen en besteden hier aandacht aan. Als er knelpunten zijn/ontstaan dan pakken we die aan. Resultaat 7 Alle vormen van vervoer koppelen binnen een systeem met één (privaatpubliekrechtelijke) regiecentrale en daaraan gekoppeld de inkoop van vervoer. 1. Aanbesteding voor het doelgroepenvervoer (starten met regiotaxi). De gemeente Gilze en Rijen wil met de regio `hart van Brabant` een organisatiemodel voor efficiënt doelgroepenvervoer (vervoer regiotaxi, leerlingenvervoer, Awbz vervoer en Wmo vervoer) dat optimale mogelijkheden geeft het kantelingsbeleid voort te zetten, dat integrale regie op vervoer kan voeren en ten alle tijden mee kan ademen met de dynamiek in het vervoer. Product 340 Groen, natuur en landschap Gilze en Rijen is en blijft een groene gemeente, gelegen tussen twee grote steden. Wij streven naar een goede balans tussen natuur, (verbrede) landbouw en recreatie & toerisme. Het Bestemmingsplan Buitengebied is het ruimtelijk en wettelijk kader waaraan functies, activiteiten en ontwikkelingen getoetst worden. Wij overleggen structureel met de ZLTO, NLGR, Brabants Landschap e.d. over het afstemmen van elkaars activiteiten. Wij staan open voor het verplaatsen van agrarische bedrijven als er sprake is van een conflict met de leefomgeving, mits dit past binnen de bestaande regelgeving. Wij vinden het belangrijk, dat de biodiversiteit wordt vergroot. Bij gemeentelijke werkzaamheden houden we daar rekening mee, bijvoorbeeld door gevarieerd gebruik van geschikt plantmateriaal. We gaan binnen onze gemeente zorgvuldig om met bestaande groene elementen (houtwallen e.d.) en bomen. We zoeken hiervoor ook de samenwerking met onze burgers en de NLGR en ZLTO. Wij streven bij de ruimtelijke inrichting van onze gemeente naar een goede balans tussen bouwen en groen. Hierbij verliezen we de wensen van de burgers niet uit het oog. Bij nieuwe projecten proberen we flora en fauna zoveel mogelijk te ontzien of in te passen. Waar dat niet kan zorgen wij voor voldoende kwalitatieve en kwantitatieve compensatie. Als dit past in de omgeving krijgen zo veel mogelijk (inheemse) soorten bomen en planten een kans. Uitgangspunt bij onze projecten is het behouden en versterken van het groen in het buitengebied en in de dorpen. We zoeken waar mogelijk groene samenwerking met burgers, bedrijven, buurgemeenten en andere overheden. Voor het duurzaam inrichten van het groen in de gemeente stellen we in onze contracten eisen aan duurzaamheid voor de projectrealisatie, toe te passen materialen en planten. Resultaat 1 Voortzetting Integraal beheer openbare ruimte met verschillende kwaliteitsniveaus. 1. De haalbaarheid van het hoge ambitie niveau A nader bezien voor de centrumgebieden. 2. Uitvoeren algemene schouw ronde. 3. Uitvoeren jaarlijkse burgerschouwen (2x per jaar). Programmabegroting
40 1. Circa 17 % van het onderhoud openbare ruimte ter plaatse van vooral de centrumgebieden voldoet niet aan de hoge kwaliteitscriteria van IBOR. We bezien of de extra benodigde kosten voor het dagelijks beheer in verhouding staan tot de meerwaarde in beeldkwaliteit. 2. Middels een algemene schouw wordt gemeten in hoeverre wordt voldaan aan de vast gestelde kwaliteitscriteria. 3. Jaarlijks wordt door circa 15 burgers in twee rondes in Gilze en Rijen een burgerschouw uitgevoerd. Resultaat 2 Landschapsprojecten in samenspraak met ZLTO, NLGR en andere stakeholders. 1. Uitvoeren van de projecten uit het werkplan landschapsontwikkeling en biodiversiteit Voortdurend overleg met alle betrokkene organisaties via het zogenaamde Groot Overleg. Landschapsontwikkeling. 3. Uitvoeren van een pilot in het Broek (Oostelijk buitengebied Rijen) waarbij het berm en slootbeheer wordt aangepast naar meer ecologisch beheer. Op initiatief van de NLGR en een vertegenwoordiging van de Agrariërs uit het Broek is het huidig bermbeheerplan voor het Broek aangepast naar nog meer ecologisch beheer. In de praktijk betekent dit dat we bermen niet meer klepelen maar kiezen voor alleen maaien en het afvoeren van maaisel. Het bijzondere van de pilot is dat we in samenwerking met de agrariërs het bermmaaisel na een fermentatie proces geschikt kunnen maken voor een meer duurzaam beheer van hun eigen akkers. Resultaat 3 Verbreding van de landbouw t.b.v. de recreatieve sector mogelijk maken. 1. Actief inspelen op concrete verzoeken. 2. Deelnemende bedrijven via de LTA betrekken bij voorbereiding en uitvoering van acties. Verbreding van de landbouw draagt bij aan de economische positie van de bedrijven en aan het recreatieve aanbod binnen onze gemeente. Resultaat 4 We maken ons sterk voor de realisatie van ecologische verbindingszones in onze gemeente. 1. Vervolgfase EVZ de Boomkikker. 2. Voorbereidingen voor project verbetering landschap Gilzer Wouwerbeek. Ecologische verbindingszones zijn van belang voor de biodiversiteit. Resultaat 5 Wij planten in de jaren 2014 t/m potentieel monumentale bomen binnen de vier kernen. 1. We registreren waar we monumentale bomen hebben geplant. Deze doelstelling is opgenomen in het Coalitieprogamma. Programmabegroting
41 Resultaat 6 Realisatie van ommetjes in Molenschot en Hulten, in navolging van de ommetjes in Gilze en in Rijen. 1. We voeren overleg met de NLGR, Stichting Dorpsbelang Molenschot en de idop groep Hulten en andere betrokkenen over een ommetje in Hulten en in Molenschot. Dit past in het vergroten van het recreatieve aanbod. Resultaat 7 Voortzetting speelnota met speelvoorzieningen aangepast aan leeftijdsopbouw wijk. 1. Op basis van controleoverzicht speeltoestellen 2015 opstellen planning vervanging speeltoestellen Bij vervanging speeltoestellen gebruik maken van de burgerkracht (gekantelde werkwijze). 2. Bij vervanging speeltoestellen en/of uitbreiding speelruimte gebruik maken van de burgerkracht (gekantelde werkwijze). Hierbij rekening houden met leeftijdsopbouw van de wijk. Goede speelvoorzieningen dragen bij aan de leefbaarheid binnen de kernen. Resultaat 8 Speelpleinen op scholen ook buiten de schooltijden openstellen. 1. Voor de Wildschut en Burgemeester van Mierloschool (BvM)) is budget gereserveerd om de schoolpleinen aan te passen. De scholen zijn nu aan zet om met een plan te komen. De BvM is bezig met het maken van een plan. Voor De Wildschut wordt de wens om een openbaar schoolspeelterrein te maken mee genomen in de nieuwbouwplannen (medio ). Resultaat 9 Openbare ruimte dient uit te nodigen tot bewegen en sport. 1. Pilotonderzoek naar mogelijkheden om de openbare ruimte zo in te richten dat deze onze bewoners meer uitnodigt om te gaan bewegen (fietsen, wandelen, hardlopen, buiten spelen). Hierbij oriënteren we ons op landelijke voorbeelden. Programmabegroting
42 Wat gaat het kosten? Bedragen x Code Omschrijving Rekening Begroting Begroting Meerjarenbegroting Milieubeheer L B Gemeentereiniging L B Riolering L B Wegen L B Groen, natuur en landschap L B Begraafplaatsen L B Totaal lasten programma Totaal baten programma Saldo lasten/baten programma Toelichting: De belangrijkste verschillen tussen de ramingen in begroting 2015 en begroting 2016 zijn: Bedragen x Omschrijving L/B Bedrag V/N 1. In 2015 hebben we een deel van het budget ingezet voor invulling van de casemanager. In 2016 is L 32 N de invulling van de casemanager nog niet verwerkt. 2. In 2015 is het nieuwe vgrp vastgesteld. Op basis hiervan zijn de baten en lasten in de B 57 V begroting geactualiseerd. De financiële effecten worden verrekend met de voorziening riolering. 3. Op dit programma zijn diverse investeringen, onder andere vanuit het GVVP, geraamd. Deze investeringen hebben een maatschappelijk nut en worden ineens afgeschreven. De lasten van deze investeringen worden gedekt uit een (bestemmings)reserve. In 2015 bedroeg de raming Hierbij zijn o.a. de onderstaande projecten in uitvoering c.q. uitgevoerd: L V o Herinrichting Laagstraat o Aansluiting Alphenseweg - Langenbergseweg o Aanpak fietsverbinding Molenschot - Gilze (Broekstraat - Lijndonk) o Aanleg fietspaden Tilburgsebaan (eenzijdig zuidzijde) o Verbeteren fietsroute Schorsstraat o Aanpassen bochten Mary Zeldenrustlaan In 2016 staat voor een bedrag van aan projecten geraamd. Dit betreft o.a. de volgende grote projecten: o 30 km/uur-gebied Rijen noordwest o Bijdrage nieuwbouw De Brakken o Herinrichtingsbijdrage onderhoudsprojecten o Voorbereidingskrediet maatregelen overwegen In de notitie `Financiële doorkijk na 2014` is een besparing opgenomen op onderhoudskosten van L 62 V 10% in 2017, hiervoor hanteren we een groeimodel. Dit betekent ten opzichte van 2015 een extra besparing voor wegen ( ), openbare verlichting ( ) en groen ( ). 5. In 2015 zijn eenmalig hogere middelen opgenomen voor de realisatie van speelbos Gilze. L 63 V 6. In voorgaande jaren belastten we de bedrijfsvoeringskosten door aan de diverse programma s. L V Vanaf 2016 wordt de bijdrage aan de ABG geraamd op programma 1 en vindt er geen doorbelasting meer plaats aan de programma s. Ten opzichte van de begroting 2015 ontstaat er een voordeel. 7. Overige afwijkingen. L B V N Totaal V Programmabegroting
43 Programma 4 Vrije tijd Wat willen we bereiken? We willen dat iedereen die in onze gemeente woont ook kan meedoen aan onze samenleving. We willen ervoor zorgen dat alle inwoners op een prettige wijze hun vrije tijd kunnen besteden in onze gemeente. Dat versterkt onze positie als woongemeente tussen twee grote steden. Dit doen wij door: - Een gevarieerd aanbod van vrije tijdsvoorzieningen in stand te houden en te ontwikkelen zoals sportaccommodaties, recreatieve voorzieningen en culturele accommodaties. - Het financieren/subsidiëren van diverse culturele, recreatieve en sportieve activiteiten. - Het stimuleren van onze inwoners om deel te nemen aan sport -, culturele en recreatieve activiteiten. - Het stimuleren van vrijwilligers door ze te waarderen en te faciliteren in het werk dat ze belangeloos doen. Ruimtelijk gezien gaan wij samen met alle belanghebbenden ervoor zorgen, dat de potentie van ons buitengebied voor extensieve recreatie ten volle wordt benut. Samen met andere belanghebbende organisaties en partijen zoeken we naar kansen voor verdere ontwikkeling van het landschap, zowel vanuit natuurbesef als vanuit het besef dat dit landschap de drager is van veel recreatieactiviteiten en -bedrijven. Vanuit ons economisch beleid onderhouden wij goede contacten met recreatieondernemers en waar mogelijk faciliteren we hen. Dat laatste niet alleen in het belang van henzelf, maar ook in het belang van een veelzijdig en kwalitatief hoogstaand aanbod voor de recreant. In regionaal verband ondersteunen wij de ontwikkeling van de Leisure Boulevard. Onze bijdrage ligt dan vooral op het gebied van realisatie van (korte) verblijfsmogelijkheden voor bezoekers van regionale en lokale voorzieningen in hotels en op campings en het bieden van aantrekkelijke faciliteiten en voorzieningen in het buitengebied. Context en achtergronden In dit programma neemt sport een prominente plaats in. Sport is meer dan vrije tijdsinvulling. Sport kan ook positieve effecten hebben voor gezondheid, persoonlijke ontwikkeling, sociale cohesie, leerprestaties en uiteindelijk voor de positie op de arbeidsmarkt. De gemeente is de regisseur die ervoor zorgt, dat de maatschappij de kansen van sport maximaal kan benutten. Daarvoor hebben wij in de afgelopen jaren een basis gelegd. In de komende periode gaan wij op deze lijn verder. We hebben de afgelopen jaren geïnvesteerd in vernieuwing van onze buitensportaccommodaties. We richten ons vizier nu op de binnensportaccommodaties en we gaan het toekomstplan hiervoor verder uitwerken. Door middel van het realiseren van openbare schoolspeelterreinen willen we kinderen uitdagen tot bewegen en sporten. Dit is verder uitgewerkt in programma 3. Voor culturele activiteiten geldt hetzelfde als voor sport. Het is meer dan alleen vrije tijdsinvulling. Deelnemen aan culturele en sportactiviteiten is voor ons geen doel op zich. Het is een middel om te komen tot onze doelstellingen die genoemd zijn in het sociale domein. Het hebben van een levendig cultuur- en sportaanbod zorgt voor een goede basis en kan duurdere zorg (hoger in de piramide) voorkomen. Wij beseffen heel goed dat veel onderdelen van de samenleving binnen onze gemeente, zoals verenigingen en stichtingen, alleen goed kunnen functioneren dankzij de inzet van vele vrijwilligers. Wij maken ons er zorgen over dat het in de huidige tijd vaak moeilijk is om vrijwilligers te werven. Het belang van vrijwilligers is zeer groot. Hierbij moet zeker ook gedacht worden aan mantelzorgers. Vrijwilligers zien wij als een belangrijk onderdeel van de Lokale Kracht van de gemeente. De vrijwilliger vervult een belangrijke rol om er voor te zorgen dat we een brede en sterke sociale basisstructuur hebben. Voor de uitvoering van programma 5 en 6 Programmabegroting
44 zijn vrijwilligers ook cruciaal. We hebben er daarom voor gekozen om specifieke activiteiten in programma 5 bij resultaat 1 (maatschappelijke ondersteuning) onder te brengen. Kaderstellende beleidsnota s - Algemene subsidieverordening (2009); - Notitie Brede School (2011); - Beleidsnotitie Sportstimulering Gilze en Rijen (2011); - Evaluatie sportstimuleringsbeleid (2013); - Toekomstplan accommodaties binnensport Rijen (2012); - Werkplan landschapsontwikkeling en biodiversiteit (2012); - Nota speelruimte wie gaat er mee buitenspelen (2011); - Buurtbeheer nieuwe stijl samen gekanteld de leefbaarheid verbeteren (2012); - Zin in Kunst (2015). Wat gaan we ervoor doen? Product 400 Culturele centra (sociaal-cultureel werk) Wij zijn er trots op dat met de voltooiing van De Molenwiek alle kernen van de gemeente over een adequaat sociaal-cultureel centrum beschikken. (De Boodschap, The Chump, De Schakel en De Molenwiek). Wij zetten ons er voor in dat deze centra optimaal gebruikt worden en we stimuleren verbeteringen in de bedrijfsvoering om zodoende kansen voor efficiency te benutten. Resultaat 1 De exploitatie van de culturele centra verbeteren Specifieke activiteiten in Aan de hand van de jaarrekening 2015 bekijken of we de exploitatiebijdrage voor MFA De Molenwiek de komende jaren kunnen afbouwen. 2. We gaan nieuwe initiatieven voor de culturele centra verkennen. We koesteren de eigenheid (huiskamerfunctie) van elk centrum. Samenwerking kan exploitatievoordelen bieden, maar mag niet ten koste gaan van de eigenheid. Daarnaast kijken we welke mogelijkheden er zijn om nieuwe initiatieven binnen de culturele centra te krijgen. Product 410 Kunst en cultuur Voor veel inwoners van onze gemeente is kunst en cultuur van groot belang. De tijden dat de gemeente een grote rol had, vooral als subsidieverlener, bij het in stand houden van kunst en cultuur, ligt achter ons. De gemeente neemt in dit domein een regisserende en faciliterende rol aan. We gaan bij dit onderdeel uit van de kracht van de lokale bevolking, de verenigingen en instellingen. Ook het bedrijfsleven speelt in diverse gevallen hier een belangrijke rol. De afgelopen jaren heeft de gemeente cultuurdeelname gestimuleerd. Bijvoorbeeld door het opzetten van een marktplaats cultuureducatie en het begeleiden van evenementen. We willen nog meer verbinding en samenwerking op gang brengen door het kunst- en muziekonderwijs anders aan te bieden. Het nieuwe centrum voor de kunsten is de verbindende factor tussen vraag en aanbod. Het brengt alle activiteiten van cultuurparticipatie samen en biedt daarmee een thuisbasis voor het culturele en sociale leven. Op deze manier houden we het culturele en sociale hart levend door vernieuwend en ondernemend de ontwikkelingen constructief aan te jagen en te verbinden. Daarnaast is de rol van de bibliotheek de laatste jaren sterk aan het veranderen. We willen een bibliotheek die klaar is voor de toekomst en betaalbaar is. Programmabegroting
45 Resultaat 1 Komen tot een nieuwe invulling van kunst- en muziekonderwijs waarin het verbinden van vraag en aanbod centraal staat. 1. Uitvoeren van het actieplan zin in Kunst gezamenlijk met de culturele centra. In de collegevergadering van 31 maart 2015 zijn wij akkoord gegaan met het actieplan zin in Kunst. Dit plan is op 27 mei in de commissie samenleving behandeld. Resultaat 2 Het bibliotheekwerk betaalbaar en toekomstgericht aanbieden in onze gemeente. 1. Onderzoeken op welke wijze en door wie het bibliotheekwerk betaalbaar en toekomstgericht aangeboden kan worden. De bibliotheek moet zichzelf opnieuw uitvinden. De vergaande digitalisering van de samenleving, snelle maatschappelijke en economische veranderingen en een zich terugtrekkende overheid dwingen daartoe. Dit geeft alle reden om na te denken over de vraag hoe de openbare bibliotheek er in de toekomst uitziet. Resultaat 3 Het realiseren van kunst in de openbare ruimte 1. Het realiseren van Land Art op het Anne Frankplein 2. Zorgen dat kunst een plek krijgt in het centrumplan Gilze en het proces om dit te realiseren in 2016 in gang zetten. Bij de ontwikkeling van plannen in de openbare ruimte bekijken we de mogelijkheden om kunst te realiseren. Product 420 Sportaccommodaties In de afgelopen periode zijn de buitensportaccommodaties sportpark Vijf Eiken, sportpark Verhoven en de atletiekbaan van Spiridon gerealiseerd. Het Toekomstplan Accommodaties Binnensport Rijen is eveneens in de afgelopen periode vastgesteld. De komende periode nemen we de uitvoering van dit plan ter hand. Resultaat 1 Realisatie van een kunststofatletiekbaan. 1. Exploitatie in overeenstemming brengen met exploitatie andere sportaccommodaties. De kunststofbaan is in 2014 afgerond. In 2015 hebben we de exploitatie voorlopig voor één jaar geregeld onder invloed van de kwestie van de meerkosten van aanleg. In 2016 schakelen we de exploitatiewijze gelijk aan die van onze andere (buiten)sportaccommodaties. Resultaat 2 Realiseren van binnensportaccommodaties in Rijen. 1. Voorbereiding en realisatie van een gecombineerde zwembad-/sporthalvoorziening in de wijk Vliegende Vennen. 2. In 2016 starten we met de bouw van de sportzaal nabij basisschool De Brakken als onderdeel van een nieuwe pleinwand. De realisatie wordt ook in 2016 verwacht. 3. De werkgroepen bestaande uit gebruikers sporthalzwembad en de omringende bewoners betrekken bij de Programmabegroting
46 uitvoering van de realisatie van de nieuwe sporthalzwembad en de openbare ruimte. 4. Projectplan opstellen voor toekomst sportcomplex sporthal/zwembad aan de Mgr. Schaepmanstraat. 5. Uitvoeren van een accommodatiescan van alle binnenen buitensportaccommodaties om een duidelijk financieel beeld te krijgen van de verwachte vervangingen en investeringen. Het uitgangspunt van de realisatie van een nieuw zwembad is, dat de exploitatiekosten substantieel lager zijn dan de exploitatielasten in de afgelopen periode. De plus-variant, waarin de door de gebruikers gewaardeerde uitgangspunten zijn inbegrepen, realiseren we. Product 430 Sportbeleid (Overige sport) Sport is belangrijk voor gezondheid, persoonlijke ontwikkeling, sociale cohesie, leerprestaties en uiteindelijk ook voor kansen op de arbeidsmarkt. De gemeente draagt zorg voor de basisinfrastructuur voor breedtesport in verenigingsverband en stimuleert sportdeelname onder meer via buurtsportcoaches. Resultaat 1 Deelname aan breedtesport is voor iedereen toegankelijk. 1. Drempels wegnemen die sportdeelname in de weg staan door kansen voor sportaanbod voor specifieke doelgroepen te initiëren en te stimuleren. De evaluatie van het sportstimuleringsbeleid en de vervolgstappen hebben opgeleverd dat we nu weten waar we als gemeente in de komende jaren de accenten moeten leggen. Nu komt het erop aan om ons op die doelgroepen, activiteiten en projecten te richten. Hierbij werken we nauw samen met het hele sportveld maar ook met andere relevante maatschappelijke sectoren zoals het onderwijs, de zorg, het welzijnswerk, het jongerenwerk en ouderenorganisaties. Programmabegroting
47 Wat gaat het kosten? Bedragen x Code Omschrijving Rekening Begroting Begroting Meerjarenbegroting Sociaal-cultuur werk L B Kunst en cultuur L B Sportaccommodaties L B Overige sport L B Totaal lasten programma Totaal baten programma Saldo lasten/baten programma Toelichting: De belangrijkste verschillen tussen de ramingen in begroting 2015 en begroting 2016 zijn: Bedragen x Omschrijving L/B Bedrag V/N 1. In 2015 zijn eenmalig hogere middelen opgenomen voor de wijziging op het gebied van L 73 V muziekonderwijs. 2. In 2016 zijn eenmalig hogere middelen opgenomen voor de realisatie van een pleinwand aan het L 288 N Burgemeester Sweensplein. 3. De voorbereidingskosten voor sportpark Verhoven zijn inmiddels (in 5 jaar) volledig afgeschreven. In L 203 V 2016 hebben we hierdoor lagere afschrijvingslasten. De afschrijvingslasten worden gedekt uit de (bestemmings)reserve. 4. Doordat een aantal investeringen voor het zwembad Tropical in 2015 volledig worden L 28 V afgeschreven, zijn de afschrijvingslasten in 2016 lager. 5. De totale rentelasten van de diverse sportaccommodaties zijn lager dan in L 34 V 6. In voorgaande jaren belastten we de bedrijfsvoeringskosten door aan de diverse programma s. L 516 V Vanaf 2016 wordt de bijdrage aan de ABG geraamd op programma 1 en vindt er geen doorbelasting meer plaats aan de programma s. Ten opzichte van de begroting 2015 ontstaat er een voordeel. 7. Overige afwijkingen. L B V V Totaal 588 V Programmabegroting
48 Programmabegroting
49 Programma 5 Inkomen, werk en zorg Wat willen we bereiken? De gemeente Gilze en Rijen wil dat iedereen die in deze gemeente woont, mee kan doen aan onze samenleving. Hierbij moeten inwoners zelf de regie over hun leven in handen nemen én inwoners moeten elkaar daarbij helpen. Inwoners die door omstandigheden tekort schieten in zelfredzaamheid en niet kunnen deelnemen aan de samenleving blijven wij uiteraard een helpende hand bieden. De rol van de lokale overheid in de samenleving verandert. Dit heeft onder andere te maken met nieuwe taken en verantwoordelijkheden die wij vanuit het rijk op het gebied van Wmo, jeugdzorg en participatie per 2015 hebben gekregen. Als gemeente hebben we hiermee een grotere rol gekregen bij de ondersteuning van onze inwoners om te kunnen participeren. Met de komst van deze nieuwe taken zijn we wel geconfronteerd met een bezuinigingsopdracht. Tegelijkertijd zien we dat onze inwoners steeds meer zelf aan zet (willen en kunnen) zijn. Dit willen we bevorderen en ondersteunen. De gemeente Gilze en Rijen kent relatief veel werkgelegenheid. Wij maken ons er sterk voor om de bestaande werkgelegenheid te behouden en nieuwe werkgelegenheid aan te trekken door het versterken van de lokale economie en door mee te werken aan een sterke regio. De werkgelegenheidsfunctie (het aantal arbeidsplaatsen ten opzichte van de omvang van de beroepsbevolking) moet dus minimaal 1,0 zijn en blijven. Natuurlijk zijn we daarbij afhankelijk van de algemeen economische situatie. Maar we doen al het mogelijke om de aantrekkingskracht van onze gemeente te behouden, te vergroten en uit te dragen. Context en achtergronden Per 2015 heeft de gemeente nieuwe taken en verantwoordelijkheden gekregen vanuit de Wet maatschappelijke ondersteuning 2015, de Jeugdwet en de Participatiewet. Deze transitie (overheveling van taken, budgetten en verantwoordelijkheden) is afgerond. De komende jaren staan we voor de transformatie-opgave: er moeten verbeteringen en vernieuwingen plaats vinden in het sociale domein die ons van minder verzorgingsstaat naar meer participatie samenleving moeten voeren. Om deze transformatie-opgave uit te voeren, is de ondersteuningspiramide belangrijk. Vanuit onze visie en uitgangspunten vinden we het belangrijk dat de ondersteuning die nodig is, zoveel als mogelijk, wordt gegeven door mensen en organisaties in onderste lagen van de piramide. Dit vraagt om een verandering van onze sociale basisstructuur en (lichte) ondersteuningsstructuur. Om deze transformatie-opgave vorm te geven is het belangrijk om een duidelijke verbinding te leggen vanuit dit programma met de programma s 4 (vrije tijd) en 6 (jeugd en onderwijs). Werken Economische ontwikkeling overstijgt de gemeentegrenzen. Ontwikkelingen op wereldniveau, landelijk beleid en ontwikkelingen in de regio bepalen hoe de economie zich binnen onze gemeente ontwikkelt. Als gemeente stimuleren en bevorderen we de bedrijvigheid en daarmee de werkgelegenheid zelf actief direct en indirect. We doen dit door open te staan voor nieuwe kansen en ontwikkelingen en door het bieden van een gunstig Programmabegroting
50 vestigingsklimaat en goede begeleiding. We maken ons daarvoor elke dag sterk door open te staan voor nieuwe initiatieven en door vertragende processen op te sporen en te elimineren. We geven uiteraard ook veel aandacht aan bestaande bedrijven en hun behoeften. Binnen de regio Midden-Brabant pakken we een actieve rol, denk hierbij aan MidPoint en de Werkagenda Hart van Brabant, maar ook aan interregionale projecten als Maintenance Valley. Binnen de gemeente besteden we aandacht aan een voorspoedige ontwikkeling van Aeroparc/Gate 2 en behoud van kwaliteit van de bestaande industrieterreinen. Samen met Defensie onderzoeken we de mogelijkheden van samenwerking op het gebied van medegebruik van de vliegbasis. Wij maken voor deze onderwerpen bestuurlijk en ambtelijk voldoende tijd vrij. Kaderstellende beleidsnota s - Beleidskader Sociaal Domein Samen doen we het beter (2014); - De kaderstellende nota s Participatiewet (2014); - Nota minimabeleid gemeente Gilze en Rijen (augustus 2010); - Nota gezondheidsbeleid regio Midden-Brabant (2013); - Recreatie en toerisme 2007 e.v., een bijdrage aan de keten (2006); - Toeristisch recreatief actieplan (2013); - Ambitiedocument recreatie en toerisme Hart van Brabant; - Actieplan Economische Beleid Wat gaan we ervoor doen? Product 500 Maatschappelijke ondersteuning De gemeente is verantwoordelijk voor de ondersteuning van zelfstandig wonende inwoners die door beperkingen zelf niet (geheel) in staat zijn om te participeren in de samenleving. De afgelopen periode is de ondersteuningsvraag steeds meer benaderd door de werkwijze te kantelen. In persoonlijke gesprekken bij de mensen thuis zoeken wij samen met de inwoners naar oplossingen. We betrekken de omgeving van de inwoner en beschikbare collectieve voorzieningen hier nadrukkelijk bij. Het uitgangspunt is niet meer waar u recht op heeft maar: wat is de beste oplossing voor uw probleem. Hierbij is de aanvrager altijd eerst zelf verantwoordelijk voor het oplossen van eventuele problemen, maar als dat niet kan, zorgt de gemeente voor goede ondersteuning. Afgelopen jaren is deze werkwijze verder doorontwikkeld. We kijken niet meer alleen naar het probleem van de aanvrager, maar we kijken ook naar wat voor effect dit probleem heeft op het huishouden. Ook kijken we meer naar meerdere leefdomeinen. Dit moet resulteren in een plan voor het hele huishouden waar het huishouden zo veel als mogelijk zelf de regie over voert. Door vroegtijdig de vraag van het huishouden integraal te benaderen, verwachten we met name op langere termijn problemen te voorkomen en dus ook minder ondersteuning te moeten geven. Het jaar 2016 moet het jaar worden van de transformatie. Dat betekent dat we onze ondersteuningsstructuren zodanig moeten inrichten dat we de bezuinigingen beter op te kunnen vangen en de ondersteuning kunnen blijven bieden aan diegene die dat nodig hebben. De transformatie zetten we in door het (informele) aanbod op orde te hebben en te vernieuwen. Ook blijven we alle partijen uitnodigen actief met elkaar samen te werken. Het gaat daarbij om een samenwerking tussen onze inwoner(s), het sociale netwerk, de vrijwilligers en de professionals van de verschillende organisaties. Immers, samen doen we het beter. Programmabegroting
51 Resultaat 1 De sociale basis structuur 1 in de kernen is optimaal benut en de activiteiten binnen deze structuur zijn met elkaar in verbinding gebracht, zodat onze inwoners op een zinvolle manier kunnen participeren. 1. Nagaan aan welke voorzieningen in de sociale basisstructuur behoefte is en stimuleren van het oprichten van nog ontbrekende voorzieningen. 2. Versterken van de samenwerking tussen informele organisaties onderling. 3. Burgerinitiatieven die leiden tot een Betrokken samenleving actief ondersteunen. 4. Afsluiten van een nieuwe overeenkomst met het VIP Gilze en Rijen. 5. Opzetten van een actieprogramma Ouderen langer thuis in eigen huis (ism Zorgverzekeraars en Zorgkantoor). 6. Stimuleren van meer bewegen door inwoners door bestaande en nieuwe initiatieven met elkaar te verbinden. 7. Uitvoering geven aan het nieuwe subsidiebeleid. Een belangrijke randvoorwaarde voor een stimulerend voorzieningenniveau is de bijdrage van onze inwoners in onze sociale basisstructuur. Inwoners zelf willen en kunnen andere inwoners graag ondersteunen. Het VIP Gilze en Rijen vervult een belangrijke rol in het matchen van vraag naar en aanbod van vrijwilligers en het bevorderen van de deskundigheid van onze vrijwilligers. De overeenkomst met het VIP loopt af in 2016, we willen deze gaan verlengen met daarbij actuele accenten. We constateren dat voor sommige ondersteuningsvragen het nu nog nodig is om professionele ondersteuning in te zetten, omdat het nog ontbreekt aan een goed alternatief binnen de sociale basisstructuur. Als gemeente nemen we daarom een stimulerende rol op ons via het organiseren van verschillende activiteiten en geven we prikkels met ons nieuwe subsidiebeleid. Dit alles moet er aan bijdragen dat partijen met elkaar verbonden zijn, het helder is wie wat doet en onze inwoners op de hoogte zijn van alle initiatieven. Activiteit 3 verbinden we met ervaringen die opgedaan zijn met het wijk- en buurtbeheer. Activiteit 4 hebben we in dit programma opgenomen, maar sluit ook aan bij alle activiteiten in programma 4. Activiteit 6 heeft een sterke verbinding met het onderdeel sport dat in programma 4 is genoemd. Resultaat 2 Inwoners vinden de weg naar informatie en ondersteuning die nodig is. 1. Het langs verschillende kanalen (digitaal, pers, markten, brochures, activiteiten van verenigingen etc) inwoners en professionals informeren in begrijpelijke taal krijgt hoge prioriteit in Inwoners, vrijwilligers en professionals actief laten weten waar zij terecht kunnen met vragen of signalen uit de samenleving. 1 Met de sociale basisstructuur bedoelen we de welzijnsactiviteiten en informele zorgactiviteiten die we in de verschillende kernen hebben. Vrijwilligers organiseren veel van deze activiteiten. Programmabegroting
52 We richten onze informatievoorziening zo veel mogelijk in vanuit het perspectief van de inwoner. We vinden het belangrijk de informatie te brengen naar de plekken waar de inwoners zijn die deze informatie nodig hebben. We willen inzetten op verschillende mediadragers. Waar nu de informatie nog bijna uitsluitend schriftelijk wordt aangeboden, gaan wij ook gebruik maken van diverse vormen in beeld en geluid. Resultaat 3 Er is voldoende aanbod van voorzieningen van lichte ondersteuning. 1. Maken van nieuwe afspraken voor de inzet van de middelen voor de collectieve GGZ preventie. 2 Versterken van de ondersteuning van de informele zorg. 2. Inzetten op innovatie van het aanbod. 3. Netwerkbijeenkomsten organiseren om de samenwerking tussen organisaties te stimuleren. 4. Activiteiten organiseren in het kader van de dementievriendelijke gemeente. Om onze ambities te realiseren is een ingrijpende omslag in denken en doen noodzakelijk. Dat vraagt onder andere om een fundamentele innovatie van het aanbod dat er aan bijdraagt dat mensen zelf hun eigen verantwoordelijk kunnen nemen in hun zelfredzaamheid. We willen meer aandacht voor preventie, meer samenwerking met de informele ondersteuning, meer (groepsgericht) aanbod dat integraal is afgestemd op de vraag. Ook is het nodig dat de vrijwilligers ondersteund worden bij het uitvoeren van de informele zorg. Zij komen namelijk bij kwetsbare inwoners thuis. Via ons subsidiebeleid en het organiseren van bijeenkomsten wil de gemeente stimuleren dat de innovatie daadwerkelijk op gang komt. Nieuwe afspraken over de inzet van collectieve GGZ middelen vraagt daarbij specifieke aandacht, aangezien deze tot voor kort op regionaal niveau werden besteed. Vanwege het groeiend aantal mensen dat thuis woont met een vorm van dementie, is er een werkgroep opgericht die in 2016 een aantal specifieke activiteiten gaat uitvoeren. Resultaat 4 Alle vormen van vervoer zijn gekoppeld binnen een systeem met één (privaat-publiekrechtelijke) regiecentrale en daaraan gekoppeld de inkoop van vervoer. 1. Aanbesteding voor het doelgroepenvervoer van de regiotaxi. De gemeente Gilze en Rijen wil met de regio `Hart van Brabant` een organisatiemodel voor efficiënt doelgroepenvervoer (vervoer regiotaxi, leerlingenvervoer, Jeugdhulpvervoer en Wmo vervoer) dat optimale mogelijkheden geeft het kantelingsbeleid voort te zetten, dat integrale regie op vervoer kan voeren en ten alle tijden mee kan ademen met de dynamiek in het vervoer. Dit resultaat is ook opgenomen in programma 3. Programmabegroting
53 Resultaat 5 De diverse vormen van intensieve ondersteuning zijn afgestemd op de individuele situatie. 1. Bepalen welke voorzieningen in de toekomst algemeen toegankelijk en/of collectief worden aangeboden. 2. Inkopen van intensieve ondersteuning (Wmo). 3. Afspraken maken met de Zorgverzekering en het Zorgkantoor. 4. Uitvoeren van een klanttevredenheidsonderszoek (2016/2017). In 2014 is de intensieve ondersteuning voor 2015 ingekocht. Het continueren van de ondersteuning heeft centraal gestaan bij de keuze van de vorm van de inkoop. We willen dat de aanbieders meer resultaatgericht gaan werken en meer verbinding gaan maken met onze lokale sociale basisstructuur. Dat vraagt om een nieuwe manier van inkopen. Daarnaast realiseren we ons dat we een aantal vormen van ondersteuning hebben ingekocht, waarvan wij vinden dat het gaat om lichte vormen van ondersteuning of zelfs om voorzieningen die passen binnen onze sociale basisstructuur. We willen met deze voorzieningen andere afspraken maken. Integraal werken vraagt ook om goede afspraken met andere financiers van zorg (zorgverzekeraar en zorgverzekering), zodat de inwoners er weinig van merken wanneer zij gebruik moeten maken van voorzieningen of vormen van zorg die vallen onder de verschillende wetten (Zorgverzekeringswet en Wet langdurige zorg). In 2016 willen we de samenwerking met deze partijen versterken. Resultaat 6 Er is een vangnet voor inwoners met meervoudige en complexe problemen. 1. Opstellen van een regionaal plan van aanpak Beschermd wonen. 2. De doorontwikkeling van de regionale multidisciplinaire aanpak familiair geweld ondersteunen. 3. Regionale afspraken maken over de aansluiting op het Vangnet traject voor inwoners met meervoudige en complexe problemen en die zorgmijdend gedrag vertonen. Inwoners met meervoudige en complexe problemen maken over het algemeen gebruik van voorzieningen die op regionaal niveau zijn ingekocht. De nieuwe verantwoordelijkheden vragen om herijking en doorontwikkeling van deze afspraken. Product 510 Werk en participatie Door de slechte economische tijd is het aantal werkzoekenden sterk toegenomen. Met de komst van de nieuwe Participatiewet per 2015 zijn er nieuwe verantwoordelijkheden naar de gemeente gekomen, vooral op het gebied van sociale werkvoorziening en jongeren met een arbeidshandicap (Wajong). Reden te meer om intensieve contacten met onze lokale bedrijven te onderhouden. Wij willen samen met de werkgevers zorgen dat er geen inwoner aan de kant hoeft te staan. Voorbeelden zijn re-integratietrajecten, werkgeversakkoorden, leer- werktrajecten, stageplekken en bedrijfsbezoeken. Wij stimuleren deelname aan Talent2work, en bij aanbestedingen gaan we uit van social return, waarbij ondernemers wordt gevraagd om voor 10% van de in te zetten arbeid gebruik te maken van personen in de bijstand of met een arbeidshandicap. Onze werkzoekenden benaderen we actief om te zorgen dat de afstand tot de arbeidsmarkt zo klein mogelijk wordt. Dat doen we door een tegenprestatie te vragen en door, als dat nodig is, gerichte sociale activering. Programmabegroting
54 Resultaat 1 Integraal aanpakken economisch en sociaal beleid. 1. Bijdragen aan regionale aanpak uitvoering Sociaal Akkoord. 2. Uitvoering geven aan onze lokale werkgeversbenadering. 3. Actieve deelname aan de regionale stuurgroep arbeidsmarkt, economie en onderwijs. In onze contacten met werkgevers vragen we consequent om arbeidsplaatsen en stageplaatsen beschikbaar te stellen voor inwoners met een werkloosheidsuitkering. In ons eigen aanbestedingsbeleid passen we waar dat mogelijk is SROI (social return on investment) toe. Resultaat 2 Meer uitkeringsgerechtigden doen mee: stromen uit naar werk, ontwikkelen zich naar een betere positie op de participatieladder. 1. Een actief instroombeperkende aanpak ontwikkelen voor werklozen die dreigen in te stromen in de bijstand door het bereiken van de maximale uitkeringsduur WW. 2. Intensivering van de inzet voor de groep uitkeringsgerechtigden op trede 3 en 4 van de participatieladder. 3. Blijvende aandacht voor de groep uitkeringsgerechtigden op trede 1 en 2 van de participatieladder via groepsgewijze activiteiten. 4. Via een multi-channel aanpak een snelle uitstroom naar werk tot stand brengen voor de groep uitkeringsgerechtigden met een goed arbeidsmarktperspectief. Via het concept Talent2Work proberen we meer uitkeringsgerechtigden in beweging te krijgen, bij voorkeur duurzaam richting werk. Daar waar we nieuwe mogelijkheden zien, ontwikkelen we het concept Talent2Work verder door. De uitkeringsgerechtigden met een (relatief) goed arbeidsmarktperspectief moet grotendeels op eigen kracht weer snel een baan kunnen vinden. Wij faciliteren deze groep via een multi-channel aanpak en stimuleren actief in het ontwikkelen van initiateven om werk te vinden. Onze meeste energie richten we op de doelgroep trede 3 en 4 van de participatieladder omdat we daar de meeste winst kunnen behalen. De groep op trede 1 en 2 van de participatieladder verliezen we niet uit het oog, maar geven we aandacht via met name groepsgerichte activiteiten. De tegenprestatie onderstreept de wederkerigheid van de ondersteuning door de overheid. Inwoners die een beroep doen op de Participatiewet en aanspraak maken op een uitkering, leveren daarvoor ook een tegenprestatie voor in de vorm van op maat gesneden activiteiten. We gebruiken het WZSW-concept om vorm te geven aan de tegenprestatie. Resultaat 3 Meer jongeren gaan aan het werk of terug naar school 1. Integrale ondersteuningsaanpak jongeren inclusief jonggehandicapten krijgt verder vorm middels regionale aanpak en door versterking samenwerking met het lokale jongerenwerk. 2. Realiseren van jeugdwerkloosheidsvrije zone, in Programmabegroting
55 samenwerking met de regio Hart van Brabant. 3. Jongeren zonder startkwalificatie stimuleren terug naar school te gaan in plaats van toe te leiden naar arbeid. Jongeren vormen een prioritaire doelgroep voor re-integratie en participatie. Gilze en Rijen participeert in het regionale traject om te komen tot een jeugdwerkloosheidsvrije zone Midden-Brabant. De hoofdlijnen van het uitvoeringsprogramma Jeugdwerkloosheidsvrije zone Midden-Brabant worden in de 2 e helft van 2015 naar een operationeel en samenhangend uitvoeringsprogramma omgezet. Oplevering hiervan staat gepland voor november 2015, zodat de uitvoering ervan per 1 december 2015 kan starten. Binnen drie jaar moet er een structuur gerealiseerd zijn die er voor zorg draagt dat iedere jongere die werkloos is of uit het onderwijsproces valt binnen 4 maanden wordt begeleid naar een leerwerkplek, werk of een andere opleiding. Kerndoelstellingen van het plan zijn: 1. Jongeren aan zet, 2. Alle jongeren in beeld, 3. Ontwikkelen van talent en 4. Werken aan werkzekerheid. Resultaat 4 De Diamant-Groep is de belangrijkste uitvoeringsorganisatie voor inwoners met een fysieke, verstandelijke en/ of psychische beperking en een afstand tot de arbeidsmarkt. 1. Inzet Diamant-groep als preferred supplier voor uitkeringsgerechtigden met een arbeidsbeperking en een afstand tot de arbeidsmarkt. De regionale opdracht aan de Diamant-groep is in 2015 herijkt als gevolg van de besluitvorming rond afbouw van de SW en/ of Wajong en vastgelegd in het Strategieplan De focus verschuift steeds meer van het creëren van werk naar bemiddeling van werk bij (reguliere) werkgevers. Product 520 Inkomensvoorzieningen Inwoners die rondom het bestaansminimum leven kunnen rekenen op de gemeente voor materiële of financiële ondersteuning of schuldhulpverlening. Via de voedselbank en de stichting Leergeld worden veel gezinnen met financiële problemen geholpen. Het huidige armoedebeleid wordt voorgezet. Wij zijn extra alert op problematische situaties waar kinderen bij betrokken zijn. Wij blijven ook inzetten op het verhogen van de maatschappelijke participatie van deze doelgroep, met als uiteindelijk doel het verkrijgen van betaald werk. Resultaat 1 Vergroten van de effectiviteit van het armoedebeleid. 1. Mogelijkheden tot aanvullende inkomensvoorzieningen structureel onderdeel uit laten maken van de gesprekken bij ondersteuningsvragen. 2. Afspraken maken met lokale partners over het vergroten van het bereik van het gemeentelijk minimabeleid. 3. Beperken van de wachtlijsten voor schuldhulpverlening en meer nadruk leggen op het voorkomen van schulden (onder andere door budgettrainingen en het opzetten van een budgetcafé). Armoede zorgt ervoor dat mensen niet volwaardig kunnen meedoen in onze samenleving. Ondanks dat landelijke cijfers uitwijzen dat het aantal gezinnen dat onder het niveau van het sociaal minimum leeft de afgelopen jaren is toegenomen, neemt het beroep op en de Programmabegroting
56 Astitel uitgaven aan bijzondere bijstand niet substantieel toe. Het aantal mensen met problematische schulden is de afgelopen jaren wel toegenomen. We willen bereiken dat deze categorie mensen snel geholpen kan worden via het Meldpunt Schuldhulpverlening en de Kredietbank. Er is in het najaar 2015 een conferentie over armoede. Eventuele activiteiten die daar uit voortkomen worden uitgevoerd in Werkzoekenden & uitkeringsgerechtigden Werkzoekenden per Uitkeringsgerechtigden per (WWB) (begroot) 2016 (begroot) Product 530 Recreatie en toerisme Waar je woont moet het goed zijn. De gemeente Gilze en Rijen heeft veel te bieden op het gebied van recreatie aan haar inwoners en bezoekers. Er zijn binnen onze gemeente en in de directe omgeving veel bossen, parken, golfterreinen en pleinen, speelterreinen, fiets- en wandelmogelijkheden. Wij investeren in promotie op het toeristisch-recreatief gebied, door onder andere bewegwijzering, aansluiting bij fiets- en wandelnetwerk en het blad Ontdek Gilze en Rijen. We zijn groot voorstander van het ontwikkelen van lokale arrangementen en ondersteunen van harte het LTA met toerlezjoeren. Ook de ligging tussen grote attractieparken zoals De Efteling en De Beekse Bergen biedt mogelijkheden voor Gilze en Rijen op het gebied van toerisme. Binnen Midpoint is toerisme één van de speerpunten. Ook in dat verband dragen wij het belang van onze gemeente uit. In 2013 hebben we het Economisch Actieplan vastgesteld. Voor het toerisme en de recreatie hebben we de volgende acties benoemd: Op toeristisch recreatief gebied sluiten we aan op de ontwikkelingen in Midden-Brabant (Leisureboulevard); Ruimte bieden aan nieuwe activiteiten (agrarisch nevengebruik, Bed & Breakfast, ommetjes, slow-food, wandel en fietsroutes e.d.); Faciliteren Lokaal toeristische adviesraad; Site ontdek Gilze en Rijen; Promotie via toeristische brochure; Toeristisch profiel communiceren; Faciliteren evenementen en initiatieven vanuit de detailhandel. De rol van de gemeente is vooral faciliterend. We ondersteunen en maken ruimte voor initiatieven. Samen met de ondernemers op het gebied van toerisme, recreatie en horeca hebben we voor 2016 een viertal speerpunten benoemd: 1. Toegankelijker maken van de vliegbasis, inclusief Stichting Koninklijke Luchtmacht Historische Vlucht en de Traditiekamer; 2. Kwaliteit verbeteren van de recreatieve fiets- en wandelpaden (vooral onderhoud, parkeervoorzieningen en toegankelijkheid voor mindervaliden); Programmabegroting
57 3. Ontwikkelen van nieuwe routes en arrangementen, verbinden van slow food met streekproducten; 4. Bredere promotie, aanmaak account Facebook, opzet VVV-post en folderkasten. Resultaat 1 Realiseren van concrete projecten in onze gemeente die toegevoegde waarde hebben voor de toeristische sector in de regio. 1. Overleg met de luchtmacht over het toegankelijk maken van de basis. 2. Overleg met Staatsbosbeheer over het onderhoud en beheer van de fietspaden in de Chaamse bossen. 3. Entree Chaamse Bossen versterken 4. Versterken Lokaal toerisme beleid, en voortzetten lokaal toeristische adviesraad. De rol van de gemeente is vooral faciliterend. We ondersteunen en maken ruimte voor initiatieven. Dit doen we door overleg met alle betrokkenen op het gebied van recreatie en toerisme. Verder zorgen we voor een goed toegankelijke internetsite en een facebookpagina Het ons omringende landschap bepaalt in grote mate de aantrekkelijkheid van onze gemeente. Wij vinden het belangrijk, dat de Chaamse Bossen beter toegankelijk worden voor recreanten. Dat kan o.a. door het realiseren van zgn. entreegebieden en centrale parkeerplaatsen aan de randen van het bos, van waaruit wandelingen gemaakt kunnen worden. Wij voeren hiertoe actief overleg met Midpoint Brabant, Staatsbosbeheer e.d Product 540 Economische zaken De kracht van onze gemeente is voor een belangrijk deel gebaseerd op de economische motor: een veelheid van gevarieerde bedrijven en bedrijfjes op de industrieterreinen Haansberg, Broekakkers en Midden-Brabant- Poort of verspreid gelegen in of tegen de kernen. Wij vinden het erg belangrijk om die economische potentie te behouden en verder te versterken. Daartoe voeren we structureel overleg met organisaties als GRIC, winkeliersverenigingen e.d. Ook in regionaal verband zijn we actief. Onder invloed van de economische crisis, de nog steeds groeiende internetmogelijkheden en gewijzigde opvattingen en wensen van de klant is sprake van een grote druk op het bestaande winkelaanbod. Landelijk kennen we voorbeelden van V&D, Blokker e.d. Maar ook op kleinere lokale schaal werken deze effecten zichtbaar en onzichtbaar door. Om hierop voorbereid te zijn willen we in 2016 samen met alle betrokkenen een algemeen onderzoek laten uitvoeren naar kansen en bedreigingen voor de op dit moment in onze gemeente aanwezige winkels. Resultaat 1 Voldoende, tijdig en op de vraag afgestemde vestigingsmogelijkheden voor bedrijven. 1. Optimaliseren van contacten met branche- en bedrijfsorganisaties zoals het GRIC, horeca, BORijen, winkeliersverenigingen en ZLTO. 2. Om collectiviteit te bevorderen willen we na overleg met winkeliers- en bedrijvenverenigingen een ondernemersfonds van ,- vormen. 3. Benutten regio (Midpoint) voor het stimuleren werkgelegenheid in de regio. 4. Verder ontwikkelen bedrijventerrein Midden-Brabant Poort door constante acquisitie en benutten mogelijkheden van het bestemmingsplan met maatwerk 5. Hoge prioriteit voor verdere ontwikkeling en stimulering Aeroparc/Gate Voltooien Paarse Strook Mary Zeldenrustlaan Rijen. 7. Verloedering oude bedrijventerreinen wordt voorkomen Programmabegroting
58 door revitalisering bedrijventerreinen af te ronden. 8. Mogelijkheden voor aanleg breedbandinternet onderzoeken ook in het buitengebied en op industrieterreinen. 9. Stimuleren en faciliteren bedrijvigheid aan huis (ontheffingsmogelijkheden), in bedrijfsverzamelgebouwen en op bedrijventerreinen. 10. Privaat medegebruik van de vliegbasis zonder extra geluidsoverlast. Borging in nieuw Luchthavenbesluit en omgevingsvergunning. 11. Vorming van een innovatiefonds (zie PN 2016) 12. Onderzoek kansen en bedreigingen winkels in onze gemeente 13. Stimuleren winkelcentralisatie, bij verplaatsing van winkels maatwerk aanbieden voor bestemming van het te verlaten pand. 1. Overleg organiseren 2. In 2016 gaan we door met bevorderen van collectieve activiteiten in overleg met de betrokken organisaties. We huren externe deskundigheid in voor de voorbereiding van een BIZ 3. We nemen actief deel aan Midpoint. 5. In overleg met de ontwikkelaar actualiseren we het bestemmingsplan om enerzijds de gewenste ontwikkeling goed te kunnen borgen en anderzijds adequaat en flexibel in te kunnen spelen op concrete ontwikkelingen. 10. We voeren hierover overleg met alle betreffende instanties en organisaties. Resultaat 2 Meerwaarde Midpoint lokaal zichtbaar maken met behulp van twee speerpunten (Aerospace en toerisme), inzetten op concrete output Midpoint op het gebied van toerisme. 1. Bijdrage leveren aan de Strategische Meerjaren Agenda van Hart van Brabant en Midpoint. In Hart van Brabant werken we op diverse beleidsterreinen samen met de andere gemeenten. Om de samenwerking te voorzien van concrete doelstellingen en activiteiten stelt Hart van Brabant een Strategische Meerjaren Agenda op. Onze gemeente neemt actief deel aan het opstellen van de agenda en het uitvoeren van de activiteiten. Product 550 Gezondheidszorg (Zorg) Een goede gezondheid is één van de belangrijkste voorwaarden voor menselijk geluk en welzijn. De gemeente participeert voor de taken op het gebied van volksgezondheid in de GGD Hart van Brabant. De GGD voert namens de deelnemende gemeente een takenpakket uit op het gebied van volksgezondheid. Uitvoering van het takenpakket van de GGD gebeurt op basis van een beleidsplan. Binnen dit beleidsplan bestaat er beperkte ruimte voor specifieke wensen van de gemeente. Resultaat 1 Basisvoorzieningen in de volksgezondheid blijven bereikbaar en beschikbaar. 1. Uitvoeren van de acties uit het nieuwe gezondheidsbeleid Onderzoeken op welke wijze we een consultatiebureauvoorziening kunnen behouden in de kern Gilze. In ons lokaal gezondheidsbeleid zetten we in op preventie om beroep op dure voorzieningen te beperken. Aandachtspunten blijven onverminderd het middelengebruik onder de jeugd, overgewicht en Programmabegroting
59 dementie. We zoeken hierbij nadrukkelijk de verbinding op met de onderwerpen in de beleidsprogramma s 4 (sport, kunst/cultuur) en programma 6 (jeugd). Een voorbeeld van deze verbinding is het beweegprogramma met diabetespatiënten. Wat gaat het kosten? Bedragen x Code Omschrijving Rekening Begroting Begroting Meerjarenbegroting Maatschappelijke ondersteuning L B Werk en participatie L B Inkomensvoorzieningen L B Recreatie en toerisme L B Economische zaken L B Zorg L B Totaal lasten programma Totaal baten programma Saldo lasten/baten programma Toelichting: De belangrijkste verschillen tussen de ramingen in begroting 2015 en begroting 2016 zijn: Bedragen x Omschrijving L/B Bedrag V/N 1. In 2015 zijn eenmalig extra middelen beschikbaar gesteld voor het opvangen van de lopende L 404 V zorgverplichtingen. 2. In 2016 is het participatiebudget hoger dan in 2015, omdat in 2015 dit budget eenmalig is L 110 N afgeraamd voor de invoering van de 3 Decentralisaties. 3. Het budget dat beschikbaar is voor de inzet van arbeidsgehandicapten is in 2015 afgeraamd met L 51 N voor inzet van arbeidsgehandicapte medewerkers. In 2016 is totale budget nog beschikbaar. 4. In de Perspectiefnota 2015 is het budget voor de bekostiging van de bijstandsuitkeringen verhoogd L 130 V als gevolg van de groei van het aantal uitkeringsgerechtigden. Voor 2014 en 2015 is het budget verhoogd met per jaar en voor 2016, door een verbetering van de economische situatie, met Zoals vermeld in de Perspectiefnota 2016 is de rijksbijdrage WWB 2015 op basis van de voorlopige B 222 N beschikking hoger. In afwachting van de definitieve beschikking WWB 2015 is het budget voor 2016 voorzichtigheidshalve niet verhoogd 6. We hebben in 2015 een hogere rijksvergoeding BBZ over 2013 en 2014 ontvangen. Dit is B 115 N opgenomen in de Perspectiefnota In 2015 is er eenmalig een bedrag van beschikbaar gesteld voor Onderhoud recreatieve L 20 N fietspaden en Ontdek Gilze en Rijen. In 2016 is er eenmalig een bedrag van beschikbaar gesteld voor Kroon van Brabant, entree Chaamse bossen en lokale arrangementen. 8. In 2015 is er eenmalig een bedrag van beschikbaar gesteld voor Fieldlab Campione. In L 10 V 2016 is een bedrag van in totaal beschikbaar gesteld voor het innovatiefonds ( ), voor voorbereiding Bedrijfsinvesteringszone ( ) en voor onderzoek winkelaanbod ( ). 9. In voorgaande jaren belastten we de bedrijfsvoeringskosten door aan de diverse programma s. L V Vanaf 2016 wordt de bijdrage aan de ABG geraamd op programma 1 en vindt er geen doorbelasting meer plaats aan de programma s. Ten opzichte van de begroting 2015 ontstaat er een voordeel. 10. Overige afwijkingen. L B 1 1 N V Totaal V Programmabegroting
60 Programmabegroting
61 Programma 6 Jeugd en onderwijs Wat willen we bereiken? Jeugdigen in Gilze en Rijen kunnen zich ontwikkelen tot participerende burgers. De gemeente schept de voorwaarden voor persoonlijke groei in een veilige omgeving. Context en achtergronden Voor het onderwijs hebben wij de verantwoordelijkheid op de terreinen leerplicht, onderwijshuisvesting, onderwijsachterstandenbeleid, zorg om de school en de lokale educatieve agenda. Met de invoering van passend onderwijs (1 augustus 2014) is het de bedoeling dat meer kinderen naar het regulier onderwijs gaan. Grote verantwoordelijkheden komen bij de samenwerkingsverbanden van het onderwijs te liggen. Zij moeten er voor zorgen dat ieder kind geplaatst kan worden. Hierdoor moet het aantal thuiszitters afnemen. De problematiek van voortijdig schoolverlaten hebben we aardig onder controle in onze gemeente. Door een consequente registratie van schoolverzuim sporen we voortijdig schoolverlaters relatief snel op. Nieuwe taken jeugdhulp Vanaf 1 januari 2015 is de gemeente verantwoordelijk voor het bieden van bijna alle vormen van jeugdhulp. De provinciale jeugdzorg (inclusief de jeugdreclassering en jeugdbescherming), de geestelijke gezondheidszorg voor jeugd (jeugd-ggz) en de voorzieningen voor licht verstandelijke jeugdgehandicapten (LVG) zijn overgeheveld naar de gemeenten. De afzonderlijke gemeenten zijn direct financieel en inhoudelijk verantwoordelijk voor alle vormen van jeugdhulp. De inkoop, aansturing en betaling van bijna alle aanbieders op het terrein van jeugdhulp zijn voor het overgrote deel regionaal georganiseerd binnen het samenwerkingsverband Hart van Brabant. De gemeente is zelf verantwoordelijk voor het bepalen wie in aanmerking komt voor de jeugdhulp. Hiervoor is het sociaal team ingericht. Net als op het terrein van de Wet maatschappelijke ondersteuning (zie programma 5) is de opgave voor de komende jaren het totale systeem van jeugdhulp te transformeren, zodat de jeugdhulp toegankelijk blijft voor alle jeugdigen die het nodig hebben. Kaderstellende beleidsnota s - Integraal Huisvestingsplan onderwijs (februari 2010); - Nota onderwijsachterstandenbeleid (najaar 2011); - Verordening ruimte- en inrichtingseisen peuterspeelzalen gemeente Gilze en Rijen (november 2010); - Nota gezondheidsbeleid regio Midden-Brabant, (oktober 2013); - Notitie Brede School (najaar 2011); - Verordening voorzieningen huisvesting onderwijs Gilze en Rijen (2011); - Beleidsnotitie Sportstimulering Gilze en Rijen (september 2011); - Beleidsnota speelruimte Gilze en Rijen wie gaat er mee buiten spelen (september 2011). - Regionaal transitieplan Jeugd (collegebesluit 20 maart 2012); - Functioneel Ontwerp jeugdstelsel (ter kennisname commissie/raad februari 2013); - Beleidskader Sociaal Domein Samen doen we het beter (2014); - Beleidskader jeugdhulp (raadsvergadering 17 maart 2014). Programmabegroting
62 Wat gaan we ervoor doen? Product 600 Jeugdhulp (jeugdzorg) Voor de lokale uitvoering wordt ingezet op intensieve samenwerking met netwerkpartners, met als uitgangspunten preventie, vroegtijdige onderkenning, snelle respons en adequate opschaling wanneer dat nodig is. De nieuwe taken op het gebied van jeugdhulp komen bij de taken die de gemeente al langer op dit gebied heeft, zoals onderwijshuisvesting, leerplicht, leerlingenvervoer en jeugdgezondheidszorg. Ook voor de oudere jongeren is er binnen de gemeente aandacht nodig. Zo heeft deze groep behoefte aan plekken om elkaar te ontmoeten, zonder dat dit leidt tot grote overlast voor andere inwoners van onze gemeente. Het is van belang om in contact te blijven met deze groep om steeds te kunnen anticiperen op ontwikkelingen en maatwerk te kunnen bieden om problemen op te lossen. Het jongerenwerk heeft daar de afgelopen periode goed werk in verricht. Het is van belang om te voorkomen dat jongeren vroegtijdig school verlaten, om te zorgen dat er voldoende instroom is in de beroepsopleidingen binnen onze regio en om de infrastructuur van beroepsopleidingen in de regio in stand te houden. Ook is het van belang dat er voldoende stageplekken zijn binnen onze gemeente. Resultaat 1 Jongerenwerk een solide plek geven in de sociale basisstructuur. 1. In 2016 de keuze maken of er wel of niet een jongerencentrum komt in Gilze. Mede afhankelijk van de uitkomst van het behoeftenonderzoek half Een nieuwe overeenkomst opstellen voor de uitvoering van het jongerenwerk. Afhankelijk van de uitkomst van het behoeftenonderzoek jongerenwerk Gilze half 2015 wordt duidelijk of het in 2016 noodzakelijk is om een jongerencentrum in Gilze te ontwikkelen. Als er een jongerencentrum gewenst is, maken we bij voorkeur gebruik van bestaande gebouwen. De overeenkomst met het bestuur van de Stichting Jongerenwerk Gilze en Rijen loopt eind 2016 af. Vandaar dat het noodzakelijk is een nieuwe overeenkomst op te stellen. In deze overeenkomst komt te staan wat de gemeente van het jongerenwerk verwacht voor de komende periode dat bijdraagt aan de transformatie binnen het sociale domein. Zo nodig komen er nieuwe accenten in de overeenkomst. Resultaat 2 Opvoeders weten de weg naar informatie te vinden die zij nodig hebben om hun kinderen zo goed en veilig mogelijk op te laten groeien. 1. Afspraken maken met aanbieders voor het ontwikkelen en verspreiden van informatie via diverse kanalen. Goede informatie draagt bij aan het voorkomen van problemen. Vandaar dat wij het belangrijk vinden dat informatie over het opvoeden van kinderen op een laagdrempelige manier beschikbaar komt en eenvoudig is te vinden. Wij vinden het van belang dat onze aanbieders hierbij samenwerken. Resultaat 3 Er is voldoende aanbod van voorzieningen van lichte jeugdhulp. 1. Inventariseren van het aanbod van informele (opvoedings) ondersteuning en actief stimuleren van nieuwe initiatieven. 2. Afspraken maken over de coördinatie van de informele ondersteuning. 3. Diverse activiteiten organiseren die de samenwerking Programmabegroting
63 versterkt tussen de verschillende vormen van opvoedingsondersteuning, jeugdhulp en de vrijwilligers die actief zijn in de sociale basisstructuur en als informele ondersteuner. 4. Uitvoering geven aan het convenant tussen de huisartsen, jeugdgezondheidsartsen en de gemeente en de relatie verder doorontwikkelen. 5. Inzetten op goede afstemming met het onderwijs. 6. Overeenkomsten sluiten met aanbieders van lichte vormen van jeugdhulp die vanaf 2017 vrij toegankelijk worden. Informele (opvoedings)ondersteuning is ontzettend belangrijk bij het realiseren van de transformatie. Vrijwilligers betekenen nu al veel, maar kunnen nog meer dingen oppakken. De initiatieven die er nu al zijn willen we met elkaar verbinden, zodat inwoners en professionals daar goed mee kunnen samenwerken. Ondersteuning van de vrijwilligers moet ook goed worden opgezet. Deze activiteiten vinden plaats in samenhang met de activiteiten in programma 5, resultaat 1 (Wet maatschappelijke ondersteuning). We willen in 2016 inzetten op de samenwerking tussen diverse partijen uit de sociale basisstructuur, lichte ondersteuning en intensieve ondersteuning. Ook de goede relatie met de huisartsen en scholen is erg belangrijk. Het bieden van lichte ondersteuning moet ertoe leiden dat escalatie van problemen wordt voorkomen. Op regionaal niveau hebben we uiterlijk mei 2016 een beeld welke vormen van jeugdhulp vrij toegankelijk worden. Met de aanbieders van deze jeugdhulp gaan we nieuwe overeenkomsten aan op lokaal niveau. Resultaat 4 De diverse vormen van intensieve jeugdhulp zijn afgestemd op de individuele behoefte. 1. Nagaan welke vormen van jeugdhulp in de toekomst algemeen toegankelijk en/of collectief worden aangeboden. 3. Inkopen van intensieve jeugdhulp. 3. Invoeren van de structurele toepassing van het familiegroepsplan. 4. Maken van afspraken over het toetsen van de kwaliteit. Net als op het terrein van de Wet maatschappelijke Ondersteuning (zie programma 5, resultaat 5) willen we dat aanbieders meer resultaat gericht gaan werken. Dit vraagt een andere manier van inkopen. Binnen de jeugdwet is opgenomen dat de familie eerst zelf een plan van aanpak mag opstellen. Dat heet het familiegroepsplan. In 2015 is een begin gemaakt met het verankeren van dit recht binnen onze werkwijze. We verwachten dat in 2016 dit nog de nodige aandacht vraagt om het daadwerkelijk goed te verankeren. In 2015 is een begin gemaakt met het toetsen van de kwaliteit. Dit vraagt nog de verdere doorontwikkeling en nodige aandacht om dit op lokaal niveau goed te verankeren. Vandaar dat het voor 2016 als een specifieke activiteit is opgenomen. Programmabegroting
64 Resultaat 5 Bestuurlijke aansturing van jeugdzorg in de regio borgen. 1. Herijken van de solidariteitsafspraken. 2. Herijken van de regionale begroting jeugdhulp. De governance jeugdzorg is in 2014 vastgesteld. In het regionaal beleidskader is vastgelegd dat de afspraken voor de duur van 3 jaar zijn aangegaan. Begin 2017 wordt de samenwerking geëvalueerd en op basis van de uitkomsten hiervan worden er nieuwe regionale afspraken gemaakt. Product 610 Onderwijshuisvesting De gemeente heeft de afgelopen jaren haar verantwoordelijkheid voor goede onderwijshuisvesting zeer serieus genomen. Via het integraal onderwijshuisvestingsplan (IHP) is er inmiddels veel geïnvesteerd in kwalitatief goede en gezonde huisvesting voor onze basisschoolleerlingen. De komende periode willen we het IHP voltooien. Door middel van het realiseren van openbare schoolspeelterreinen willen we kinderen uitgedagen tot bewegen en sporten. Dit is verder uitgewerkt in programma 3. Resultaat 1 Nieuwbouw/renovatie schoolgebouwen. 1. Voorbereiding nieuwbouw De Wildschut. 2. Sloop semi-permanent lokaal Burgemeester van Mierloschool, tijdstip in overleg met Stichting Nuwelijn. 3. Mogelijke uitbreiding Prinsenbosschool. We realiseren de nieuwbouw en renovatie van de schoolgebouwen volgens hedendaagse eisen (bouwtechnisch, onderwijskundig, gezondheidskundig en milieutechnisch). Aantal leerlingen basisonderwijs 1 oktober oktober oktober (prognose) (prognose) Basisschool De Brakken Basisschool St. Jozef Basisschool Burgemeester van Mierlo Basisschool De Kring Basisschool Vijf Eiken Basisschool De Bolster Basisschool De Wildschut Basisschool St. Anna Basisschool Gerardus Majella Product 620 Onderwijsbeleid Via het Brede School concept wordt kinderen de mogelijkheid geboden om ook buiten schooltijd bezig te zijn met hun ontwikkeling, bijvoorbeeld op het gebied van sport, cultuur of milieueducatie. Op het gebied van sport zetten we daartoe buurtsportcoaches in; daarnaast nodigen we lokale verenigingen en organisaties uit aan dit concept deel te nemen. Scholen maken daarin overigens zelf hun keuzes. Het is van belang dat de jeugd ook zelf aangeeft wat zij belangrijk vindt binnen onze gemeente. De jeugdgemeenteraad heeft daarbij in de afgelopen periode een belangrijke rol gespeeld. Programmabegroting
65 Resultaat 1 Harmoniseren van het peuterspeelzaalwerk en de kinderopvang. 1. Opstellen van beleid om te komen tot harmonisatie peuterspeelzaalwerk en kinderopvang per Per gaat er een nieuwe wet in die het peuterspeelzaalwerk en de kinderopvang verder harmoniseert. In 2016 stellen we in overleg met de drie peuterspeelzaalorganisaties in onze gemeente beleid op hoe we dit aanpakken. Resultaat 2 Ondersteuning brede school activiteiten. 1. Evalueren Brede school beleid en nieuw beleid opstellen dat in samenhang is met vernieuwde subsidiebeleid. Het beleid voor de Brede school is vastgesteld in Wij willen dit beleid na vier jaar evalueren. Resultaat 3 Leerlingenvervoer is op een gekantelde manier uitgevoerd Kanteling doorvoeren in het leerlingen vervoer. Onderzoeken mogelijkheden voor samenwerking met de gemeenten Baarle-Nassau en Alphen-Chaam. Dit resultaat hangt samen met het genoemde resultaat over vervoer in programma 5. Wat gaat het kosten? Bedragen x Code Omschrijving Rekening Begroting Begroting Meerjarenbegroting Jeugdzorg L B Onderwijshuisvesting L B Onderwijsbeleid L B Totaal lasten programma Totaal baten programma Saldo lasten/baten programma Toelichting: De belangrijkste verschillen tussen de ramingen in begroting 2015 en begroting 2016 zijn: Bedragen x Omschrijving L/B Bedrag V/N 1. Vanuit het rijk hebben we in 2016 een bezuiniging m.b.t. jeugdzorg opgelegd gekregen, die we in L 364 V het veld goed moeten maken. 2. In 2016 hebben we te maken met hogere kapitaallasten als gevolg van de nieuwbouw van de Kring L 47 N en de Brakken. Deze kapitaallasten worden gedekt uit de (bestemmings)reserve. 3. In 2015 waren zowel de lasten als de baten voor het onderwijsachterstandenbeleid hoger, dit om het taalniveau van de leidsters naar niveau 3F te brengen. L B V N 4. In voorgaande jaren belastten we de bedrijfsvoeringskosten door aan de diverse programma s. L 416 V Vanaf 2016 wordt de bijdrage aan de ABG geraamd op programma 1 en vindt er geen doorbelasting meer plaats aan de programma s. Ten opzichte van de begroting 2015 ontstaat er een voordeel. 5. Overige afwijkingen. L 12 N Totaal 721 V Programmabegroting
66 Programmabegroting
67 Programma 7 Algemene dekkingsmiddelen Wat willen we bereiken? De gemeente Gilze en Rijen is een financieel gezonde gemeente, met een goed voorzieningenniveau, gematigde tarieven en voldoende reserves. Context en achtergronden Financiële positie In de afgelopen jaren heeft de gemeente een succesvolle bezuinigingsoperatie doorgevoerd. Bijna alle doelen zijn hierbij bereikt. Het resultaat is dat de gemeente er financieel goed voor staat, en dat er een sluitende meerjarenbegroting is. Wij komen positief uit de financiële stresstest. De gemeente behoorde volgens het COELO in 2014 op basis van gemeentelijke lasten tot de 6% goedkoopste gemeenten. Er zijn echter nog veel zaken onzeker. Met name de gevolgen van de decentralisaties op de gemeentelijke begroting zijn nog steeds onduidelijk. Wij willen ons op deze onzekere tijden voorbereiden door een solide financieel beleid te (blijven) voeren. Hierbij gaan wij ook in de komende jaren uit van een sluitende begroting met voldoende reserves die dienen om onverwachte tegenvallers op te vangen. We besteden meer aandacht aan de schuldpositie van de gemeente. Daarvoor hanteren we het model van de VNG Houdbare gemeentefinanciën. Om te komen tot een sluitende begroting voeren wij indien nodig extra bezuinigingen door, eventueel stellen wij dan ook projecten uit. Voorzieningen voor burgers worden zo veel mogelijk ontzien. We gaan uit van een trendmatige verhoging van de OZB, tenzij het echt noodzakelijk is om extra verhogingen toe te passen, bijvoorbeeld om bezuinigingen van het Rijk op te kunnen vangen. De bezuinigingen die al in het meerjarenperspectief zijn opgenomen, voeren we onverminderd uit. Het gaat om bezuinigingen op personeelskosten, kosten bedrijfsvoering, onderhoudskosten en subsidies. Wij gaan er van uit dat de ambtelijke fusie met de gemeenten Alphen-Chaam en Baarle-Nassau (zie paragraaf bedrijfsvoering) op den duur ook financiële voordelen oplevert. We verwachten dit echter nog niet in de komende bestuursperiode. De eventuele investeringen in deze fusie moeten wel binnen 4 tot 6 jaar terugverdiend worden. We kijken jaarlijks kritisch naar de bijdrage aan de gemeenschappelijke regelingen. We spannen ons in om de kosten van de gemeenschappelijke regelingen zo laag mogelijk te houden. We sluiten aanvullende besparingen in de toekomst dan ook niet uit en willen hierin samen optrekken met de andere gemeenten binnen Midden- en West Brabant om zo draagvlak binnen het samenwerkingsverband te creëren. Ondanks een goede voorbereiding, hebben we nog onvoldoende zicht op de financiële gevolgen van de kortingen die doorgevoerd worden bij de drie decentralisaties. Wij spannen ons extra in om dit zicht zo snel mogelijk te krijgen. Uitgangspunt blijft dat we, waar mogelijk, de Rijkskortingen binnen de uitvoering van het betreffende beleid opvangen. We hebben de afgelopen jaren ervaren dat de gekantelde werkwijze bij de WMO, naast een goede klanttevredenheid, financiële voordelen oplevert. We breiden deze werkwijze uit tot alle domeinen van het sociale beleid, zodat we (een deel van) de korting op deze wijze kunnen opvangen. Wij gaan de financiële risico s van de decentralisaties in kaart brengen en betrekken bij de berekening van ons weerstandsvermogen. Programmabegroting
68 Risico s met grondaankopen vermijden we. Wij gaan terughoudend om met de aankoop van grond en vastgoed. Bovendien stellen wij de boekwaardes van de gronden die wij in bezit hebben regelmatig bij, zodat hier een reëel beeld over bestaat. Kaderstellende beleidsnota s - Financiële verordening gemeente Gilze en Rijen (2007); - Mandaatregeling (2010); - Nota Investeringsbeleid (2007); - Nota reserves en voorzieningen (2010); - Nota risicomanagement en weerstandsvermogen (2010); - Regeling budgethouderschap en budgetbeheer algemeen en voor projecten (2006); - Regeling inkoop en aanbestedingsprocedure (2004); - Verordening drempelbedrag planschade (2005); - Verordening onderzoeken doelmatigheid en doeltreffendheid van de gemeente Gilze en Rijen (2007); - Verordening op de heffing en invordering leges (2006); - Rapport Verbetering projectsturing en beheersing (2011). In het kader van de ambtelijke fusie gaan we een aantal verordeningen herzien. Wat gaan we ervoor doen? Product 700 Algemene uitkering Jaarlijks ontvangt elke gemeente volgens een bepaalde verdeelstelsel een uitkering uit het Gemeentefonds. De uitkering is bestemd voor de bekostiging van autonome taken van de gemeente, taken die veelal dicht bij de burger liggen. Het verdeelstelsel is opgenomen in de Financiële verhoudingswet. In de verdeling wordt rekening gehouden met onderlinge verschillen in de kosten waar de gemeenten voor staan en met de draagkracht van de gemeenten (de belastingcapaciteit). Karakteristiek voor de algemene uitkering is dat elke gemeente vrij is in de besteding. De omvang van de algemene uitkering is voor de gemeenten een gegeven, maar de gemeente kan zelf bepalen aan welke voorzieningen zij haar geld besteedt (eigen prioriteitenstelling). De groei of afname van het gemeentefonds is gekoppeld aan de ontwikkeling van de rijksuitgaven (de netto gecorrigeerde rijksuitgaven). Eenvoudig gezegd: als het Rijk meer uitgeeft, dan neemt de omvang van het gemeentefonds toe. Geeft het Rijk daarentegen minder uit, dan neemt de omvang van het gemeentefonds af. De ontwikkeling van de algemene uitkering staat verder toegelicht in de financiële begroting. De algemene uitkering is in de begroting 2016 verwerkt op basis van de meicirculaire Er zijn in 2015 twee majeure ontwikkelingen in de algemene uitkering geweest. De eerste is de instelling van de integratie-uitkering Sociaal domein in verband met de decentralisatie van de nieuwe WMO, de Jeugdzorg en de Participatiewet. Gilze en Rijen ontvangt in ,4 miljoen, maar de integratie-uitkering in het fonds loopt af tot 9,8 miljoen in De tweede ontwikkeling is het definitief worden van het groot onderhoud aan het verdeelstelsel voor de algemene uitkering. Het verdeelstelsel wordt aangepast om de verdeling van het gemeentefonds beter te laten aansluiten op de kostenontwikkeling bij gemeenten. Deze herijking/herverdeling heeft voor Gilze en Rijen een voordeel opgeleverd van 0,6 miljoen. Product 710 Belastingen Bij de belastingen is er geen directe relatie met een prestatie die de gemeente levert. De belastingen die de gemeente int zijn: - OZB voor eigenaren van woningen en eigenaren en gebruikers van niet-woningen; - hondenbelasting; - toeristenbelasting. Programmabegroting
69 Bedragen x De begrote inkomsten per belastingsoort zijn weergegeven in de volgende tabel. Bedragen x OZB eigenaren OZB gebruikers Totaal OZB Hondenbelasting Toeristenbelasting Totaal De mutatie van de inkomsten uit OZB, hondenbelasting en toeristenbelasting wordt veroorzaakt door de prijsontwikkeling die is toegepast op de belastingtarieven en de nominale ontwikkeling. Algemeen uitgangspunt voor de belastingen is dat we uitgaan van een trendmatige verhoging. Voor meer informatie over de tariefstelling voor deze belastingen en de uitgangspunten die daarbij worden gehanteerd, wordt verwezen naar de paragraaf Lokale heffingen. Resultaat 1 Behoren tot 25% goedkoopste gemeenten in Nederland. 1. OZB, afvalstoffen- en rioolheffing totaal toe laten nemen met maximaal de prijsinflatie van 1,25%, tenzij het echt noodzakelijk is om extra verhogingen toe te passen. Voor de bepaling of we bij de 25% goedkoopste gemeenten in Nederland behoren hanteren we de COELO ranglijst voor woonlasten. Resultaat 2 Tarieven en leges beoordelen op prijskwaliteit en kostendekkenheid. 1. Jaarlijks beoordelen we minimaal de tarieven van de afvalstoffenheffing. Bij het voorstel voor de vaststelling van de tarieven gaan we hier op in. Resultaat 3 Opstellen discussie nota gemeentelijke belastingen. Specifieke activiteiten in In 2016 willen we een discussie starten over de gemeentelijke belastingen. Bij de discussie over de gemeentelijke belastingen volgen we de landelijke discussie over het vergroten van het belastinggebied van gemeenten. Na afronding van de discussie stellen we een nota op Ontwikkeling onroerende zaakbelasting niet-woning gebruiker niet-woning eigenaar woning eigenaar (begroot) 2016 (begroot) Programmabegroting
70 720 Treasury De uitvoering van treasury is geregeld in de wet Financiering Decentrale Overheden (wet Fido). Het doel van deze wet is onder andere om op een verantwoorde, prudente en professionele wijze de inrichting en uitvoering van de treasuryfunctie (financieringsactiviteiten) van de gemeente middels een statuut te regelen. Op 11 december 2013 is de Wet Houdbare Overheidsfinanciën van kracht geworden. In die wet worden de Europese normen verankerd voor de hoogte van de overheidsschuld en de jaarlijkse groei van de overheidsschuld. Die normen raken ook gemeenten, omdat de gemeenteschulden en financieringstekorten van gemeenten meetellen in de overheidsschuld van Nederland. Alle gemeenten samen krijgen een plafond voor het totale EMU-tekort van gemeenten in een jaar. Bij wet van 11 december 2013 tot wijziging van de Wet financiering decentrale overheden zijn decentrale overheden verplicht hun overtollige liquide middelen aan te houden in 's Rijks schatkist (verplicht schatkistbankieren). Voor meer informatie wordt verwezen naar de paragraaf Financiering. Resultaat 1 Goede schuldpositie. 1. In de jaarrekening rapporteren wij over de schuld quote. De netto schuld quote (aangegane schulden afgezet tegen de gemeentelijke inkomsten) blijft beneden 130% (exclusief ambtenarenhypotheken blijven we onder de 100%); Kengetallen vanuit het model van de VNG Houdbare gemeentefinanciën en de stresstest maken we integraal onderdeel van de P&C cyclus; Bij de kengetallen geven we een meerjarige ontwikkeling en zetten we de cijfers af tegen de landelijke normen. Product 730 Algemene baten en lasten De algemene baten en lasten kunnen worden onderverdeeld in: 1. Onvoorzien 2. Stelposten 3. Saldo van de rentebaten en -lasten (financieringsfunctie) 1. Onvoorzien Wettelijk is voorgeschreven dat in de programmabegroting een post voor onvoorziene uitgaven is geraamd. Er zijn geen voorschriften, of normen, over de omvang van deze post. Het is aan de raad om aan te geven welke omvang zij nodig acht. De raming voor 2016 bedraagt Dit is het totaalbedrag dat beschikbaar is voor alle programma's tezamen. Bij aanwending moet worden voldaan aan de volgende criteria (de drie O s): Onvoorzien, Onontkoombaar en Onuitstelbaar. Programmabegroting
71 2. Stelposten In onderstaande tabel is een specificatie opgenomen van de belangrijkste stelposten die in het meerjarenperspectief zijn opgenomen. Een positief bedrag betekent nog te bestemmen. Een negatief bedrag betekent een nog te realiseren bezuiniging c.q. taakstelling. Bedragen x Onderuitputting kapitaallasten Te realiseren besparing subsidies Cao ontwikkelingen Verwachte hogere kosten zwembad/sporthal Verwachte instroom bijstand door afschaffing WAJONG Indexeringen Vervangingsinvesteringen Totaal Saldo van de rentebaten- en lasten Het gebruik van eigen en externe financieringsmiddelen heeft rentelasten en -baten tot gevolg. Deze kosten worden met een vast rentepercentage doorberekend aan de investeringen in de programma s. Uit praktische overwegingen wordt deze begrote rekenrente niet aangepast. Door de lage rentekosten op kort geld op dit moment, zijn de werkelijke rentekosten mogelijk lager. Dit voordeel komt tot uitdrukking bij de algemene dekkingsmiddelen. Product 740 Reserves Binnen de begroting worden onttrekkingen en toevoegingen aan reserves opgenomen. Een overzicht mutaties reserves is opgenomen op pagina Resultaat 1 Gezonde financiële positie. 1. Streven naar een meerjarig sluitende en solide begroting. 2. Het weerstandsvermogen houden we op tenminste 100%. Ondersteunend aan het realiseren van de specifieke activiteiten zijn: Strakke begrotingsdiscipline; Positieve jaarrekeningresultaten voegen we toe aan de algemene reserve; We wegen nieuwe investeringen altijd integraal af bij de perspectiefnota of begroting; We volgen het BBV en schrijven bij voorkeur bij investeringen met maatschappelijk nut direct af; We voeren actief risicomanagement; Bij grote grondexploitaties berekenen we meerdere scenario s. Programmabegroting
72 Wat gaat het kosten? Bedragen x Code Omschrijving Rekening Begroting Begroting Meerjarenbegroting Algemene uitkering L B Belastingen L B Treasury L B Algemene baten en lasten L B Reserves L B Totaal lasten programma Totaal baten programma Saldo lasten/baten programma Toelichting: De belangrijkste verschillen tussen de ramingen in begroting 2015 en begroting 2016 zijn: Bedragen x Omschrijving L/B Bedrag V/N 1. De raming van de Algemene Uitkering is in 2016 hoger dan in De belangrijkste afwijkingen B 427 V ten opzichte van 2015 zijn: o Extra korting WMO N o Hogere algemene uitkering door hogere uitkeringsfactor in V o Lagere uitkering sociaal domein N 2. De OZB opbrengst is in 2016 naar verwachting hoger dan in Dit komt door de B 175 V trendmatige verhoging van 0,85% en de boventrendmatige verhoging van 2,48%. 3. Door een lagere stand van de reserves op 1 januari 2016 ten opzichte van 1 januari 2015 is de B 328 N bespaarde rente lager. 4. De post onvoorzien is in 2015 ingezet voor reinigen hockeyvelden, renovatie hoofdveld Gilze en L 52 N extra beveiligingsmaatregelen. 5. De post Nog te concretiseren maatregelen is in 2016 per saldo hoger dan in Dit L 210 N komt voornamelijk door: o Hogere stelpost indexering ( N) (zie tabel in 2 e tussentijdse rapportage 2015 hoofdstuk Budgettaire ontwikkelingen 2015) o Participatiewet ( N) o Te realiseren besparing subsidies ( V) o Cao stijging ambtenaren ( N) 6. Reserves (functie 980): saldo mutaties in relatie tot eerdere programma s L B V N 7. We verwachten in 2016 een aanvullend voordeel op kortlopende rente in te boeken van L 300 V 8. Overige afwijkingen. B 4 V Totaal N Programmabegroting
73 PARAGRAFEN Paragraaf Lokale heffingen 75 Paragraaf Weerstandsvermogen en risicobeheersing 79 Paragraaf Onderhoud kapitaalgoederen 85 Paragraaf Financiering 87 Paragraaf Bedrijfsvoering 91 Paragraaf Verbonden partijen 93 Paragraaf Grondbeleid 99 Paragraaf Besparingen 103 Programmabegroting
74 Programmabegroting
75 Paragraaf Lokale heffingen Inleiding De gemeentelijke heffingen zijn na de doeluitkeringen en de algemene uitkering uit het Gemeentefonds de belangrijkste bron van inkomsten. In de paragraaf Lokale heffingen doen wij verslag van: de opbrengsten per lokale heffing; het volume en bedrag aan kwijtscheldingen; de kostendekkendheid van de rioolrechten en de afvalstoffenheffing; de (historische ontwikkeling van de) lokale lastendruk. De paragraaf bevat tevens informatie over het rijks- en gemeentelijk beleid met betrekking tot de gemeentelijke belastingen en beschrijft de consequenties voor de belastingplichtigen. Lokale heffingen Binnen de lokale heffingen wordt onderscheid gemaakt tussen heffingen die: het gevolg zijn van wettelijke taken, die we als gemeente moeten uitvoeren (de gebonden heffingen); onderdeel uitmaken van het gemeentelijke belastingbeleid (de vrij besteedbare heffingen). Bij de gebonden heffingen is kostendekkendheid het uitgangspunt. De gebruiker betaalt in principe de integrale kosten van de geleverde producten en diensten. In de praktijk blijkt het bepalen van kostendekkendheid een lastig onderwerp. Wettelijk is bijvoorbeeld een aantal onderdelen bepaald, die niet in een uiteindelijk tarief mogen worden meegenomen. Jaarlijks worden met de begroting de mogelijkheden om een hogere mate van kostendekking te realiseren bekeken. Tevens wordt ieder jaar onderzocht of nieuwe inkomstenbronnen kunnen worden aangeboord. Randvoorwaarde hierbij is uiteraard dat deze gebonden heffingen doelmatig worden ingezet. De vrij besteedbare heffingen zijn een belangrijk politiek instrument en maken integraal onderdeel uit van het gemeentelijk (belasting-)beleid. Het uitgangspunt bij deze onderwerpen is dat de eventuele stijging niet hoger is dan de landelijke inflatieontwikkeling. Dit is ook voor het jaar 2016 het uitgangspunt geweest. Programmabegroting
76 In de onderstaande tabel zijn de belangrijkste gemeentelijke heffingen weergegeven: Heffingen Begroot Begroot Realisatie Realisatie I Gebonden heffingen Secretarieleges Rioolheffing Afvalstoffenheffing Bouwleges Marktgelden Principeverzoeken Overige leges: Gebruiksvergunningen Kansspelbelasting Kabels / leidingen Bodemonderzoeken Totaal I Gebonden heffingen: II Vrij besteedbare heffingen Onroerende zaakbelastingen Toeristenbelasting Hondenbelasting Kermisgelden Totaal II Vrij besteedbare heffingen: Totaal opbrengsten: Volume en bedrag aan kwijtscheldingen Zoals binnen onze gemeente gebruikelijk bestaat de mogelijkheid om voor de aanslagen rioolheffing en afvalstoffenheffingen jaarlijks een verzoek om kwijtschelding in te dienen. Personen die binnen de daarvoor geldende regels vallen (betrokkenen hebben geen vermogen en de betalingscapaciteit is te laag om de aanslag te betalen), kunnen door het indienen van een dergelijk verzoek voor één of meerdere opgelegde belastingen (rioolheffing / afvalstoffenheffing) kwijtschelding ontvangen. Op basis van vastgestelde rijksnormen en Programmabegroting
77 richtlijnen zijn de ingediende verzoeken beoordeeld. Over de jaren 2011 tot en met 2016 is het volgende overzicht te geven: Kwijtscheldingen gemeentelijke belastingen Jaar Begroot Werkelijk NTB NTB Kostendekkendheid rioolrecht en afvalstoffenheffing Jaarlijks worden bij de opstelling van de (meerjaren-)begroting op basis van het principe van 100% kostendekkendheid de tarieven van de rioolheffing en de afvalstoffenheffing bepaald. In de kosten van de riolering wordt voorzien door rioolheffing. Bij gemeentereiniging worden de kosten gedekt uit de afvalstoffenheffing. Op grond van de notitie van de commissie BBV van november 2014 hebben we de egalisatiereserve afval en de reserve riolering omgevormd tot voorzieningen. De commissie geeft als reden hiervoor aan, dat het via de riool-en afvalstoffenheffing geïnd geld altijd voor dit doel moet worden aangewend. Omdat (bestemmings)reserves in principe vrij besteedbaar zijn, hebben we de egalisatiereserve afval en de reserve riolering, op aanbeveling van de commissie BBV, omgezet naar een voorziening. Bij de jaarrekening vindt de nacalculatie afvalstoffenheffing en rioolheffing plaats en worden eventuele vooren nadelen verrekend met daarvoor bedoelde (nieuw gevormde) voorzieningen. Voor de begroting 2016 is onderstaand overzicht te geven, waarbij de cijfers zijn afgezet tegen de actuele begroting 2015: Riolering Reiniging Kosten exploitatie Verevening BTW Totaal lasten Totaal baten Resultaat Uit bovenstaand overzicht blijkt dat (zie ook overzicht van reserves en voorzieningen): na verwerking van het resultaat 2016, de (nieuw gevormde) voorziening riolering afneemt met ; na verwerking van het resultaat 2016, de (nieuw gevormde) voorziening reiniging afneemt met Programmabegroting
78 Ontwikkelingen van de lokale lastendruk Jaarlijks brengt het Coelo (het Centrum voor Onderzoek van de Economie van de Lagere Overheden) een Atlas van de lokale lasten uit. Daarin is op het vlak van de lokale lastendruk een vergelijking van alle Nederlandse gemeenten gemaakt. De volgende tabel geeft de meerjarige ontwikkeling van de lokale woonlasten weer voor de jaren : Jaar Bruto-woonlasten Brutowoonlasten Rangnummer (nummer 1 éénpersoons meerpersoons heeft laagste lasten) Met bovenstaande woonlasten neemt onze gemeente in 2015 de 16 e positie in van de in totaal 393 (deel-) gemeenten (per ). Op de Coelo-lijst heeft de nummer 1-gemeente de laagste woonlasten (bij meerpersoonshuishoudens). Nummer 393 is de gemeente met de hoogste woonlasten. Programmabegroting
79 Paragraaf Weerstandsvermogen en risicobeheersing Inleiding Overeenkomstig de financiële verordening van onze gemeente heeft de raad op 12 juli 2010 de beleidsnota Weerstandsvermogen en Risicomanagement 2010 vastgesteld. In deze nota gaan we vooral in op de risicobeheersing, het beleid voor het opvangen van risico s door verzekeringen/voorzieningen en het beschikbare weerstandsvermogen. In de nota hebben we tevens de gewenste weerstandscapaciteit bepaald. De nota bevat ook de kaders voor deze paragraaf. Tot slot heeft deze nota een relatie met de beleidsnota Reserves en Voorzieningen In december 2013 heeft de Raad de nieuwe systematiek vastgesteld voor het bepalen van het weerstandsvermogen. Deze systematiek wordt sinds de Perspectiefnota 2015 gehanteerd. In deze paragraaf proberen we een antwoord te geven op de vraag hoe groot de weerstandscapaciteit (weerstandsvermogen minus totaal van alle risico s) van onze gemeente is. Hiervoor geldt een drietal invalshoeken: 1. Wat zijn de (stille) reserves van de gemeente? 2. Welke verplichtingen staan hiertegenover en welke risico s loopt de gemeente? 3. Wat is de vrije capaciteit (belasting en bespaarde rente)? Daarnaast presenteren we enkele financiële indicatoren die conform de BBV-voorschriften met ingang van de begroting 2016 en jaarrekening 2015 moeten worden opgenomen. Reserves en voorzieningen Om inzicht in de reserves en voorzieningen te krijgen is in de voorschriften een onderscheid gemaakt tussen de reserves (algemene reserve en bestemmingsreserves) en voorzieningen. Reserves zijn middelen waaraan de gemeente een bestemming kan geven. Bij bestemmingsreserves heeft de gemeenteraad een besluit genomen over de aanwending. Een algemene reserve heeft, behoudens claims op basis van besluitvorming, geen bestemming en dient als buffer voor algemene, niet kwantificeerbare risico s. Voorzieningen zijn middelen die gereserveerd zijn voor verplichtingen waarvan de omvang onzeker is, maar die redelijkerwijs te verwachten zijn. Voorzieningen dienen naar beste schatting dekkend te zijn voor de achterliggende verplichtingen (bijvoorbeeld onderhoudsplannen gebouwen). In deze begroting, in de staat van reserves en voorzieningen, is een cijfermatig overzicht opgenomen van alle reserves en voorzieningen, met hun omvang en de (geraamde) mutaties. Weerstandsvermogen en - capaciteit Als uitgangspunt geldt dat er sprake is van een financieel risico als in de gevolgen niet kan worden voorzien door verzekeringen, specifiek in de balans opgenomen voorzieningen en de lopende begroting / exploitatie. Voor de gemeente betreft het risico s in de sfeer van calamiteiten, bovenmatige kostenontwikkelingen en mogelijk nadeliger inkomsten, wat een beslag betekent op de algemene- en bestemmingsreserves. Hiertoe dient dan een minimale buffer (weerstandsvermogen) aanwezig te zijn om financiële gevolgen op te kunnen vangen. De berekening van het beschikbare weerstandsvermogen voor de begroting 2016 is als volgt: Programmabegroting
80 Berekening weerstandsvermogen Begroting 2016 Algemene reserve Bestemmingsreserves Algemene reserve Grondexploitatie Bestemmingsreserves Grondexploitatie Totaal reserves Af: reeds op grond van besluitvorming bestemming gegeven aan bestemmingsreserves Bij: stille reserves (marktwaarden > boekwaarden) Totaal reserves na correctie Bij: Onbenutte belastingcapaciteit (t.o.v. art 12 status) Bij: Onbenutte ruimte kortlopende rente WEERSTANDSVERMOGEN Ten opzichte van de cijfers gepresenteerd in de jaarrekening 2014 is het vermogen afgenomen met circa 4,5 miljoen. Dit wordt vooral veroorzaakt doordat in 2015 enkele grote claims op de reserve verwacht worden, onder andere: GVVP 2 miljoen, krediet ambtelijke fusie 1,2 miljoen, WMO nieuwe taken 0,6 miljoen en 0,4 miljoen aan middelen voor NGE. Op grond van het BBV (Besluit Begroting en Verantwoording provincies en gemeenten) brengt de gemeente op basis van een risicoprofiel de financiële weerstandscapaciteit in beeld. Hier gaan we in het vervolg van deze paragraaf op in. Risico-inventarisatie Bij de samenstelling van de beleidsnota Weerstandsvermogen en Risicomanagement 2010 heeft een inventarisatie plaatsgevonden van de mogelijke risico s die de gemeente in het algemeen kan lopen. De cijfers worden meerdere malen per jaar geactualiseerd. Ook voor de begroting 2016 is hier opnieuw kritisch naar gekeken. De doorkijk op het totaal van alle risico s geeft een objectief beeld voor een minimaal aan te houden buffer. We merken op dat de gevolgde methode van inschatting (kansberekening) van risico s, inhoudt dat deze risico s feitelijk niet te kwantificeren zijn. Zodra de risico s reëel te kwantificeren zijn, is er sprake van een verplichting en moet een toereikende voorziening worden gevormd. Ten opzichte van andere jaren hebben wij de inschatting van de risico s niet jaarlijks gelijk gehouden. Door actieve risicobeheersing kunnen wij het risicobedrag verlagen. Daarnaast verlagen grondverkopen ook het risicobedrag. Wij komen hierop terug in de meerjarige doorkijk, die later in deze paragraaf wordt gepresenteerd. Onderstaande tabel en de toelichting per programma is gebaseerd op de nieuwe programma-indeling welke vanaf de begroting 2016 wordt gehanteerd in verband met de fusie tussen de 3 gemeenten Alphen-Chaam, Baarle-Nassau en Gilze en Rijen. Begroting 2016 Max. risico Kans % Uitkomst Programma 1 Bestuur, dienstverlening en veiligheid ,62% Programma 2 Ruimtelijke ontwikkeling ,94% Programma 3 Openbare ruimte ,29% Programma 4 Vrije tijd ,38% Programma 5 Inkomen, werk en zorg ,06% Programma 6 Jeugd en onderwijs ,43% Programma 7 Algemene dekkingsmiddelen ,13% ABG ,83% Paragraaf Grondbeleid ,86% Totaal programma's ,01% Het "gemiddelde" kanspercentage per programma / paragraaf is het resultaat van de kansberekeningen van alle risico's per (deel)product. Het totaal gemiddelde kanspercentage is 13,01%. Wanneer we hierin een splitsing aanbrengen tussen grondexploitatie en algemene dienst, dan bedraagt het gemiddelde kanspercentage, respectievelijk 21,86% en 8,96%. Ten opzichte van de risico s zoals ingeschat bij de jaarrekening 2014 is de totale uitkomst van geschatte risico s afgenomen met (was ). De grootste veranderingen ten opzichte van de jaarrekening 2014 worden hieronder opgesomd: Programmabegroting
81 Risico s grondexploitatie: deze risico s zijn in totaal toegenomen met circa Op hoofdlijnen is dit als volgt te verklaren: Enerzijds is sprake van een risico dat gestegen is: Centrumplan Gilze Daarnaast zijn de risicobedragen voor onderstaande grondexploitaties verlaagd: Haansberg Europalaan -/ ; Vliegende Vennen Noord-Oost -/ ; Haansberg Oost -/ Risico s algemene dienst: deze risico s zijn in totaal afgenomen met circa Dit wordt onder andere veroorzaakt door een lager risico voor de hypothecaire geldleningen. Door aflossingen gedurende het jaar is dit risico afgenomen met ca Daarnaast hebben we enkele risico s verlaagd die gerelateerd waren aan de (ver)slechte(rde) economische situatie, ca Risico s per programma Binnen dit onderdeel gaan we per programma in op de belangrijkste geïnventariseerde risico s, zoals gezegd gebaseerd op de nieuwe programma-indeling van deze begroting 2016: Programma 1 Bestuur, dienstverlening en veiligheid Op dit programma staan de bestuurlijke risico s (Raad en College van B&W), welke vooral van politiek, juridische en rechtspositionele aard zijn. Daarnaast zijn er risico s opgenomen in de sfeer van mogelijke calamiteiten (waarbij aansluiting is gezocht bij het rampenplan) en is het risico voor hypothecaire geldleningen verwerkt in dit programma. Programma 2 Ruimtelijke ontwikkeling De risico s bij ruimtelijke ontwikkeling zijn hoofdzakelijk gelegen in de sfeer van mogelijk lagere opbrengst vanuit bouwleges. Daarnaast zijn er risico s opgenomen voor aansprakelijkheidstellingen in ruimtelijke procedures (o.a. planschades). Programma 3 Openbare ruimte Belangrijke risico s binnen dit programma hebben te maken met het dagelijks en geprogrammeerd onderhoud en grote werken op het gebied van bestratingen, asfalt en zandwegen. Het kan hier gaan om bovenmatige kosten, faillissementen van bedrijven of onvoorziene kosten als gevolg van de werkzaamheden, zoals verzakkingen, schades en dergelijke. Daarnaast ligt er een risico zijnde bovenmatige kosten voor de Omgevingsdienst Midden- en West Brabant (OMWB). Ook is bodemverontreiniging meegenomen als belangrijk risico, inclusief de vondst van eventuele explosieven. Programma 4 Vrije tijd Bij dit programma is er voor diverse instellingen en verenigingen rekening gehouden met het risico van aanvullende subsidies, liquidaties en faillissementen en/of privatiseringen. Programma 5 Inkomen, werk en zorg Voor de (financiële) gevolgen van de 3 decentralisaties is een risico opgenomen binnen dit programma. Daarnaast zijn er risico s bij de uitkeringen voor de bijstand. Fluctuaties zijn mogelijk in aantallen bijstandsgerechtigden met daarnaast consequenties voor de Wet Werk en Bijstand (WWB). Tot slot is ook voor de Wet Maatschappelijke Ondersteuning (WMO), een openeindregeling, de bovenmatige kostenontwikkeling onvoorspelbaar en dus opgenomen als risico. Programma 6 Jeugd en onderwijs Belangrijkste risico is bovenmatige kosten voor leerlingenvervoer, mede omdat dit in principe een openeindregeling is. Programma 7 Algemene dekkingsmiddelen Het risico ligt met name in de sfeer van lagere belastingopbrengsten. Door bijzondere situaties of door minder volumegroei van het aantal woningen dan gedacht, kan de opbrengst achterblijven bij de verwachting. Programmabegroting
82 ABG Binnen deze paragraaf hebben we de risico s die betrekking hebben op personele aangelegenheden apart in beeld gebracht. In principe horen deze risico s thuis binnen de begroting van de nieuwe ABG-organisatie. Echter, omdat deze organisatie in haar eerste jaar nog niet over een reserve beschikt, hebben we deze risico s voor de begroting 2016 toch opgenomen binnen deze begroting. Het gaat hierbij om rechtspositionele en arbeid gerelateerde zaken. Ook is er een risico meegenomen voor extra kosten op het gebied van externe advisering en juridische aangelegenheden. Paragraaf Grondbeleid Voor de grondexploitatie zijn de risico s eveneens in beeld gebracht. Per complex is beoordeeld welke mogelijke risico s er zijn met bovenmatige kosten of minder opbrengsten tot gevolg. Hierbij kan men denken aan tegenvallende kosten in de eindfase van een complex, subsidies, stagnerende verkopen, renteverliezen, afwikkeling van planschades, tegenvallende aanbestedingen, langere doorlooptijden, afwaarderingen, etc. Risicoprofiel Het totaal van de geïnventariseerde risico s na kansberekening bedraagt Hiervan heeft (53 %) betrekking op de grondexploitatie en (47 %) op de algemene dienst. Wanneer we de risico s binnen de algemene dienst nader onder de loep nemen, dan blijkt dat het grootste deel van deze risico s van incidentele aard is, te weten (65 %). Er resteert dus een bedrag van (35 %) aan structurele risico s. Ook kunnen we de risico s qua omvang verdelen in risico s onder de en gelijk aan of boven de Hieruit blijkt dat de risico s onder de gezamenlijk een bedrag vertegenwoordigen van (38 %). Hiermee resteert (62 %) aan risico s gelijk aan of boven de Wanneer we de reeks risico s binnen de algemene dienst schikken op kanspercentage, omvang (< / ) en aard (incidenteel/structureel), dan ontstaat het volgende beeld: Dekkingsbron risico s en weerstandscapaciteit Een onderverdeling naar weging van risico s geeft het volgende beeld: Categorie Risicobedrag Beperkte incidentele en structurele risico's (*) Risico's grondexploitatie Overige incidentele en structurele risico's Totaal *) risico s met een kanspercentage kleiner of gelijk aan 10%. Programmabegroting
83 Afgezet tegen het beschikbare weerstandsvermogen, verminderd met claims op dit vermogen, ontstaat onderstaand beeld: Categorie Risicobedrag Dekking Beperkte incidentele en structurele risico's Risico's grondexploitatie Overige incidentele en structurele risico's Totaal Algemene conclusie Het totale risicobedrag voor de begroting bedraagt Afgezet tegen het weerstandsvermogen van betekent dit dat we voldoende weerstandcapaciteit hebben om deze risico s te dekken (saldo absoluut , relatief 120 %). Voor de volledigheid schetsen we hieronder een meerjarig beeld van het weerstandsvermogen ten opzichte van de geïnventariseerde risico s. Ontwikkeling weerstandscapaciteit In onderstaand overzicht schetsen wij de ontwikkeling van de weerstandscapaciteit voor de jaren Het betreft een actualisatie van de gegevens die wij bij de perspectiefnota 2016 hebben gepresenteerd. Bedragen x 1 mln Weerstandsvermogen 16,3 15,1 13,5 12,6 11,5 11,4 11,1 Risico's 13,7 13,6 13,5 13,4 13,3 13,2 13,2 Weerstandscapaciteit (absoluut) 2,7 1,5 0,1-0,8-1,8-1,7-2,0 Weerstandscapaciteit t.o.v. Risico's (relatief) 120% 111% 101% 94% 86% 87% 85% Aan de afspraak dat het weerstandsvermogen en de risico s zich als 1:1 verhouden, kunnen wij op basis van de huidige inzichten in 2018 niet meer voldoen. De afgelopen jaren hebben we gezien, dat voornamelijk door ons renteresultaat, wij positieve jaarrekeningsaldi hebben gerealiseerd. Wij willen deze jaarrekeningsaldi gebruiken om ons weerstandsvermogen te verbeteren. Wel moeten we hierbij een kanttekening plaatsen. Doordat wij in de begroting 2016 al voor een deel dit potentiele rentevoordeel hebben verwerkt, betekent dit dat hiermee onze begroting minder flexibel wordt en dat het stootkussen voor het opvangen van (incidentele) tegenvallers kleiner wordt. Dit kan leiden tot een negatie(f)ver jaarrekeningresultaat en hiermee minder/geen ruimte voor aanvullende politieke wensen en/of het minder snel aansterken van het weerstandsvermogen. Programmabegroting
84 Conform de BBV-voorschriften moeten we met ingang van de begroting 2016 enkele financiële indicatoren presenteren: Verloop kengetallen Kengetallen: 2014 (werkelijk) 2015 (begroot) 2016 (begroot) netto schuldquote 97% 111% 111% netto schuldquote gecorrigeerd voor alle verstrekte leningen 54% 73% 73% solvabiliteitsrisico 31% 26% 24% structurele exploitatieruimte 6% 3% 3% grondexploitatie 69% 63% 62% belastingcapaciteit 82% 82% 81% Programmabegroting
85 Paragraaf Onderhoud van kapitaal goederen Inleiding Het beheer van kapitaalgoederen zoals wegen, openbaar groen, riolering, openbare verlichting en gebouwen kost veel geld, in de lopende en de toekomstige exploitatie. Voor deze kapitaalgoederen hebben wij onderhoudsplannen opgesteld. Deze plannen actualiseren we met enige regelmaat. Openbaar groen Voor deze begroting geldt het meerjarenprogramma Groen Jaarlijks stellen we een uitvoeringsprogramma op. Voor het uitvoeren van het jaarprogramma was in het verleden een voorziening ingesteld, welke zoals gezegd is omgevormd tot bestemmingsreserve. Het beschikbare jaarbudget voor groen voor 2016 bedraagt Wegen Voor deze begroting geldt het gemeentelijk verkeers- en vervoersplan (GVVP ) met bijbehorend uitvoeringsplan. Hieruit blijkt welke investeringen er de komende jaren noodzakelijk zijn. Ten aanzien van het onderhoud wordt tweejaarlijks een inspectie uitgevoerd. In 2015 zijn weginspecties uitgevoerd door RI-MAXX. Hierbij wordt onderscheid gemaakt tussen open verharding (klinkers en tegels) en gesloten verharding (asfalt). Met deze inspectie is er een actueel beeld van de onderhoudstoestand van onze wegen. Riolering In de vergadering van 8 juni 2015 heeft de raad het gemeentelijke rioleringplan (GRP) voor de planperiode vastgesteld. In dit plan is het toekomstig beleid en beheer van de riolering uiteengezet. De financiële consequenties zijn in de begroting 2016 verwerkt. Op grond van de notitie van de commissie BBV van november 2014 hebben we de reserve riolering omgevormd tot voorziening. De commissie geeft als reden hiervoor aan, dat het via de rioolheffing geïnd geld altijd voor dit doel moet worden aangewend. Omdat (bestemmings)reserves in principe vrij besteedbaar zijn, hebben we, op aanbeveling van de commissie BBV, de reserve riolering omgezet naar een voorziening. Gebouwen Op 17 maart 2015 is de Nota Gebouwenbeheer 2015 vastgesteld. In deze nota geven we onder andere een financiële doorkijk van de onderhoudswerkzaamheden voor de periode Uit deze doorkijk is gebleken dat de jaarlijkse storting in de voorziening hoger moet zijn dan de huidige raming. Dit komt mede doordat we in het verleden de schoorsteen in de Mimosalaan, de Molenwiek en aanpassing van het Oude Raadhuis niet hadden meegenomen in de onderhoudsvoorziening. Echter door werkzaamheden efficiënter te doen, kritisch te kijken naar de aard van de werkzaamheden, keuzes te maken en gunstige aanbestedingen, gaan we ervan uit dat een extra storting niet nodig is. Het onderhoud van de onderwijsgebouwen is tot en met 2014 een taak geweest van de gemeente. Vanaf 2015 is elke school zelf verantwoordelijk voor het onderhoud van het schoolgebouw. De gemeente blijft in de toekomst verantwoordelijk voor nieuwbouw, verbouw en uitbreiding. Openbare verlichting In maart 2014 heeft uw gemeenteraad het nieuwe beleidsplan Openbare Verlichting vastgesteld. In dit beleidsplan staat vermeld hoe wij binnen onze gemeente omgaan met openbare verlichting. In dit plan is het beleid vastgelegd hoe de conventionele verlichting wordt vervangen door duurzame verlichting met een Programmabegroting
86 aanvullend budget vanaf 2015 van per jaar gedurende 10 jaar. De jaarlijks bespaarde energiekosten zetten we de komende jaren in om energiezuinige verlichting te plaatsen. Voor het onderhoud van lichtmasten was ter egalisatie van de kosten een voorziening in het leven geroepen. Zoals gezegd is deze voorziening omgevormd tot een bestemmingsreserve. Jaarlijks wordt het geprogrammeerd onderhoud aan de lichtmasten vastgesteld. Het beschikbare jaarbudget (voor openbare verlichting bedraagt voor Programmabegroting
87 Paragraaf Financiering Wet Fido De uitvoering van treasury is geregeld in de wet Financiering Decentrale Overheden (wet Fido). Het doel van deze wet is onder andere om op een verantwoorde, prudente en professionele wijze de inrichting en uitvoering van de treasuryfunctie (financieringsactiviteiten) van de gemeente middels een statuut te regelen. Financieringsstatuut Het beleid op dit onderdeel is voor onze gemeente vastgelegd in het Financieringsstatuut gemeente Gilze en Rijen 2005 (raad 28 december 2004). De belangrijkste punten uit dit statuut zijn: - Het verzekeren van duurzame toegang tot de financiële markten tegen acceptabele condities, - Het beschermen van gemeentelijke vermogens en renteresultaten tegen ongewenste financiële risico s (zoals rente -, koers -, krediet - en liquiditeitsrisico s), - Het minimaliseren van kosten bij het beheer van de geldstromen en financiële posities, - Het optimaliseren van renteresultaten binnen de aangegeven kaders. Voor het risicobeheer wordt in het statuut nader ingegaan op de algemene uitgangspunten (leningen en garanties), renterisicobeheer (kasgeldlimiet en renterisiconorm), koersrisicobeheer, kredietrisicobeheer, intern liquiditeitsbeheer, en valutarisicobeheer. Renterisicobeheer Het beheersen van de risico s (uitgangspunt van de wet Fido) uit zich verder in de jaarlijkse berekening van een kasgeldlimiet en het bepalen van de renterisiconorm. De kasgeldlimiet geeft het renterisico op korte termijn weer. Hieronder vallen alle kortlopende financieringen met een rentetypische looptijd korter dan 1 jaar. Het doel van deze limiet is om te voorkomen dat bij herfinanciering van de leningen bij (aanzienlijk) hogere rente grote verschillen optreden in de hoogte van de rente die de gemeente moet betalen. Het niveau van de kasgeldlimiet is beperkt tot 8,5% van het totaal van de begroting. Voor onze gemeente is dit 5,4 miljoen. Het verschil tussen de rente van kasgeldleningen (geldmarktrente) en vaste geldleningen (kapitaalmarktrente) bedraagt op dit moment ongeveer 1,5%. Het is dus financieel interessant om met kasgeldleningen het financieringstekort af te dichten. Elk kwartaal rapporteren wij de positie van de kasgeldlimiet aan de provincie. Zolang er een wezenlijk verschil is tussen de rente van kasgeldleningen en vaste geldleningen, opteren wij voor overschrijding van de kasgeldlimiet. De renterisiconorm is ingesteld als instrument om de renterisico s voor de vaste schuld te beheersen en wordt gebruikt in relatie tot het aangaan van vaste geldleningen. Het betreft de norm die het feitelijk renterisico op de vaste schuld met een looptijd van langer dan één jaar bepaalt. Jaarlijks mogen de renterisico s door renteherziening en herfinanciering niet hoger zijn dan 20% van het begrotingstotaal. Op basis van de nu bekende gegevens (vaste schulden, renteherziening, aflossingen en nieuwe geldleningen) stellen wij het renterisico in 2016 op nihil. Rentebeleid De rente, die betaald wordt voor langlopende leningen, komt voor 2015 gemiddeld uit op 4,14%. De huidige lange rente schommelt rond de 1,5%. Voor de eigen bespaarde rente wordt uitgegaan van 4,25%. Deze bespaarde eigen rente (berekend over de reserves en voorzieningen) is als last begrepen in de Programmabegroting
88 kapitaallastenberekening en komt ten gunste van de exploitatie (programma 7). Voor de kapitaallastenberekening hanteren we een omslagpercentage. Voor 2016 is dit berekend op 4,16%. Aangezien de rente voor kort financieren beduidend lager is dan de rente voor lang financieren is in 2015 gefinancierd met kasgeldleningen. Afhankelijk van de renteontwikkelingen, willen wij dit voortzetten. Financieringstekort Op basis van de investerings- en financieringsstaat van de begroting 2015 hebben wij een geprognosticeerde situatie bepaald per 1 januari Uitgangspunt bij de investeringen is een boekwaarde van ongeveer 97 miljoen, waarbij voor een bedrag van 28 miljoen met reserves en voorzieningen wordt gefinancierd. Het saldo (op 1 januari 2016) van de vaste (langlopende) geldleningen bedraagt volgens de staat van vaste geldleningen ongeveer 15 miljoen. Wij ramen een financieringstekort van 56 miljoen. De afname van de schuldpositie en de toename van het financieringstekort komt doordat de reguliere uitgaven (exploitatie en investeringen) boven het niveau van de verwachte opbrengsten uitkomen. Het financieringstekort van de begroting 2016 bedraagt op basis van het bovenstaande dus: 56 mln. (- 98 mln mln mln.) Houdbare overheidsfinanciën Rijk en decentrale overheden Nederland moet zijn begrotingstekort terugdringen. Daar zijn de Rijksoverheid en de decentrale overheden (gemeenten, provincies en waterschappen) samen verantwoordelijk voor. In Europa zijn regels afgesproken over de overheidsfinanciën. Deze Europese begrotingsregels staan in het Stabiliteits- en Groeipact (SGP). Zij bepalen de normen voor hetbegrotingstekort (EMU-saldo) en de overheidsschuld (EMU-schuld). De regels gelden voor de gehele collectieve sector. Dus ook voor de decentrale overheden, zoals gemeenten en provincies. De Europese regeringsleiders hebben afgesproken de eisen uit het SGP te verankeren in nationale wetgeving. Nederland doet dat met de Wet Houdbare Overheidsfinanciën (Wet HOF). Deze wet is op 1 januari 2014 in werking getreden. De Wet houdbare overheidsfinanciën (Wet Hof) bevat het benodigde wettelijke instrumentarium voor het bereiken en in stand houden van houdbare overheidsfinanciën. De kern van de wet is verankering van de Europese begrotingsafspraken en de bepaling dat het Rijk en de decentrale overheden (gemeenten, provincies en waterschappen) een gelijkwaardige inspanning moeten leveren om aan deze afspraken te voldoen. De meest in het oog springende daarvan is het bereiken van begrotingsevenwicht op middellange termijn. Met deze afspraak wordt uitdrukking gegeven aan de noodzaak van structurele reductie van het EMU-tekort en het garanderen van een houdbare EMU-schuld. De beheersing van het EMU-saldo is een gezamenlijke verantwoordelijkheid voor het Rijk en de decentrale overheden. Immers, de inkomsten en uitgaven van de gehele collectieve sector zijn relevant voor de bepaling van het EMU-saldo. De gezamenlijke verantwoordelijkheid voor de beheersing van het EMU-saldo komt tot uitdrukking in de Wet Hof door de bepaling dat Rijk en decentrale overheden gehouden zijn een gelijkwaardige inspanning te leveren aan het voldoen aan de Europese begrotingsafspraken. De eindverantwoordelijkheid voor de overheidsfinanciën als geheel ligt bij het Rijk. Gemeenten dienen hun tekort te houden onder de af te spreken percentages. Het Rijk wil gemeenten een boete opleggen via een korting op het Gemeentefonds wanneer zij de aan hen toegewezen EMU-norm overschrijden. Op basis van de begrotingscijfers 2016 is de conclusie, dat wij ons in eerste instantie niet direct zorgen hoeven te maken over een overschrijding van de norm. Het is echter wel belangrijk om dit continu te blijven volgen. Grote investeringen kunnen het beeld snel veranderen. Schatkistbankieren Schatkistbankieren houdt in dat tegoeden worden aangehouden in de Nederlandse schatkist. Hierdoor zal de Nederlandse staat minder geld hoeven te lenen op de financiële markten en zal de staatsschuld dalen. Schatkistbankieren is ingevoerd voor gemeenten, provincies, waterschappen, en gemeenschappelijke regelingen. Dit heeft een positief effect op de omvang van de EMU-schuld. Depositotarieven en inleentarieven Programmabegroting
89 worden geharmoniseerd. Decentrale overheden, waaronder gemeenten, krijgen op de deposito s een rente vergoed die gelijk is aan de rentes die de Nederlandse staat betaalt op leningen die ze op de markt aangaat. Gemeente Gilze en Rijen heeft in 2016 geen hoge tegoeden, waardoor de invloed van schatkistbankieren beperkt is. Programmabegroting
90 Programmabegroting
91 Paragraaf Bedrijfsvoering De bedrijfsvoering van de gemeente Gilze en Rijen is vanaf 1 januari 2016 ondergebracht in de fusieorganisatie ABG. Het is een ambtelijke fusie, de gemeenten blijven bestuurlijk zelfstandig. In juli 2015 is de begroting van de fusieorganisatie in de drie afzonderlijke gemeenteraden vastgesteld. In deze begroting hebben wij er nadrukkelijk voor gekozen om niet alleen een cijfermatige begroting te presenteren. Wij hebben aan deze begroting ook beleidsaspecten toegevoegd. Wij hebben hierbij de volgende documenten als basis gebruikt: de kaders voor de ambtelijke fusie (o.a. financiële kaders), het visiedocument en de uitgangspunten begroting Bij de presentatie van de beleidsaspecten hebben we in de begroting gekozen voor de indeling die we ook hebben gebruikt bij de missie en visie van de ABG organisatie. De missie van de nieuwe organisatie is: Met passie werken wij voor de besturen en de lokale samenleving van Alphen-Chaam, Baarle-Nassau en Gilze en Rijen In de visie is uitgelegd hoe deze missie wordt vormgegeven: Wij versterken het goede van een kleine gemeente, en combineren dat met de grotere professionaliteit van een middelgrote gemeente. De medewerkers van onze organisatie staan samen voor het geheel. Wij vertrouwen op de lokale kracht van de samenleving en versterken die waar nodig door toegevoegde waarde te bieden en door te faciliteren, te stimuleren en te participeren. Wij denken in mogelijkheden, niet in regels. We maken onderdeel uit van de lokale netwerken in onze kernen. Wij werken met maatschappelijk geld, en zijn steeds op zoek naar mogelijkheden om zo efficiënt mogelijk te werken. Wij stellen de medewerkers van de organisatie in staat hun talenten te ontwikkelen. Vanuit de misssie en de visie is de visie op de organisatie uitgewerkt in de volgende onderdelen: Cultuur; Sturingsfilosofie/Managementstijl; Personeelsbeleid; Organisatiestructuur; Governance; Werkprocessen; Huisvesting; Informatisering en automatisering. Daarnaast is het onderdeel dienstverlening opgenomen. Tot slot is ook het onderdeel bedrijfsvoering toegevoegd, waarin voornamelijk is ingegaan op de nog te realiseren besparingen en het terugverdienen van het voorbereidingskrediet van 2 miljoen. Voor een nadere toelichting verwijzen wij naar de begroting van de ABG organisatie. Programmabegroting
92 In de begroting 2016 hebben we de financiele effecten van de ambtelijke samenwerking verwerkt. Dit leidt tot diverse verschillen op de programma s. De bedrijfsvoeringskosten die voorheen op alle programma s geraamd stonden, zijn in 2016 niet meer opgenomen in de begroting. Hier tegenover staat een bijdrage aan de ABG organisatie op programma 1. Per saldo is het effect voor de begroting budgettaitr neutraal. Voor de duidelijkheid volgt hieronder een samenvatting van de verschillen: Programma Programma Programma Programma Programma Programma Programma Totaal Programmabegroting
93 Paragraaf Verbonden partijen Inleiding Als gemeente nemen wij deel in diverse rechtsvormen, zowel publiek als privaat. Wanneer de gemeente én een bestuurlijk én een financieel belang heeft in een andere partij, is dat voor de gemeente een verbonden partij. Samenwerking met andere partijen is een manier om bepaalde publieke taken uit te voeren die niet op een andere manier tot stand kunnen worden gebracht en dient bij te dragen aan het realiseren van de gemeentelijke doelstellingen. Deelnemingen in andere partijen brengen risico s met zich mee, zowel politiek/bestuurlijk als financieel. Definitie Onder bestuurlijk belang wordt een zetel in het bestuur dan wel het hebben van stemrecht verstaan. Wanneer de gemeente middelen ter beschikking heeft gesteld die zij kwijt is in het geval van faillissement en/of als er financiële problemen bij de verbonden partij verhaald kunnen worden op de gemeente, is er sprake van een financieel belang. Visie en beleidsvoornemens omtrent verbonden partijen Verbonden partijen voeren meestal gemeentelijke taken uit met een groot politiek belang. Ze voeren beleid uit dat de gemeente in principe ook zelf kan doen en leveren een forse bijdrage aan de realisatie van maatschappelijke doelen. Participatie in verbonden partijen levert gemeenten niet alleen voordelen op, maar ook financiële en bestuurlijke risico s. Om voordelen optimaal te benutten en risico s te beheersen, is aandacht voor de sturingsrelatie en risicobeheersing bij verbonden partijen belangrijk. Wij werken op diverse terreinen samen met diverse instanties en andere gemeenten. Hierbij geldt altijd als uitgangspunt dat de samenwerking meerwaarde dient te hebben. Er worden dan afwegingen gemaakt die leiden tot: Meer kwaliteit Minder kwetsbaarheid Meer professionaliteit Meer efficiency Het aangaan van een Gemeenschappelijke Regeling is geen doel op zich. Het doel dat er wel is, is om via samenwerking een win-win situatie te creëren. Daarnaast springt in het oog dat er veel meer informatie dan voorheen over deze samenwerkingsverbanden wordt gegeven. Deze informatie maakt het voor ons mogelijk om tussentijds inzicht te krijgen in de financiële en beleidsmatige ontwikkelingen. Wij nemen ook actief deel aan informatiebijeenkomsten bij de Gemeenschappelijke Regelingen. Daarnaast nodigen we, indien gewenst, besturen van Gemeenschappelijke Regelingen in commissievergaderingen uit om een toelichting te geven op ontwikkelingen binnen hun organisaties Overzicht Voor onze gemeente kan het volgende overzicht van verbonden partijen over 2016 gegeven worden. Daarbij is ook het openbare belang, het financiële belang en de wijze van zeggenschap van de gemeente in de verbonden partij weergegeven. Daarnaast hebben we enkele financiële kerngegevens (Eigen Vermogen, Vreemd Vermogen en Resultaat) van de verbonden partij weergegeven (bedragen x 1.000). Programmabegroting
94 Gemeenschappelijke regelingen Gemeenschappelijke regeling ABG-organisatie Vestigingsplaats: Alphen Aard verbonden partij: Gemeenschappelijke regeling Bestuurlijke vertegenwoordiger: 2 collegeleden per deelnemende gemeente Openbaar belang: Behartiging van de sturing en beheersing van ondersteunende processen en uitvoeringstaken van de deelnemende gemeenten Financieel belang: Bijdrage op basis van vastgesteld percentage (bijdrage 2016: ) Wijziging belang: n.v.t. Zeggenschap: Vertegenwoordiging in bestuur Financiële positie: Regio Hart van Brabant Vestigingsplaats: Aard verbonden partij: Bestuurlijke vertegenwoordiger: Openbaar belang: Financieel belang: Wijziging belang: Zeggenschap: Financiële positie: Veiligheidsregio MWB Vestigingsplaats: Aard verbonden partij: Bestuurlijke vertegenwoordiger: Openbaar belang: Financieel belang: Wijziging belang: Zeggenschap: Financiële positie: EV VV EV VV Resultaat : : Tilburg Gemeenschappelijke regeling Burgemeester dr. A.J.W. Boelhouwer Samenwerking deelnemende gemeenten Bijdrage naar rato van het aantal inwoners (bijdrage 2016: ) n.v.t. Vertegenwoordiging in het algemeen bestuur EV VV EV VV Resultaat Tilburg Gemeenschappelijke regeling Burgemeester dr. A.J.W. Boelhouwer Samenwerking op het terrein van openbare veiligheid Bijdrage 2016 in de gemeenschappelijke regeling: Veiligheidsregio n.v.t. Vertegenwoordiging in het algemeen bestuur EV VV EV VV Resultaat Programmabegroting
95 Diamant Groep Vestigingsplaats: Aard verbonden partij: Bestuurlijke vertegenwoordiger: Openbaar belang: Financieel belang: Wijziging belang: Zeggenschap: Financiële positie: GGD Hart voor Brabant Vestigingsplaats: Aard verbonden partij: Bestuurlijke vertegenwoordiger: Openbaar belang: Financieel belang: Wijziging belang: Zeggenschap: Financiële positie: Tilburg Gemeenschappelijke regeling Wethouder R.W.F. Dols Uitvoering van de Wet Sociale Werkvoorziening Bijdrage in het (mogelijk) nadelig resultaat n.v.t. Zitting in bestuur gemeenschappelijke regeling EV VV EV VV Resultaat s Hertogenbosch Gemeenschappelijke regeling Wethouder A. v.d. Veen Leveren van een bijdrage aan de openbare gezondheidszorg Bedrag per inwoner (bijdrage 2016: ) n.v.t. Zitting in bestuur gemeenschappelijke regeling EV VV EV VV Resultaat Omgevingsdienst Midden- en West Brabant Vestigingsplaats: Tilburg Aard verbonden partij: Gemeenschappelijke regeling Bestuurlijke vertegenwoordiger: Wethouder A. Zwarts Openbaar belang: Samenwerking op het gebied van vergunningverlening, toezicht en handhaving Financieel belang: Bijdrage 2016 in de gemeenschappelijke regeling: Omgevingsdienst Midden - en West- Brabant Wijziging belang: n.v.t. Zeggenschap: Vertegenwoordiging in het algemeen bestuur Financiële positie: EV VV EV VV Resultaat /- Regionale Ambulancevoorziening Brabant Midden-West-Noord Vestigingsplaats: Den Bosch Aard verbonden partij: Gemeenschappelijke regeling Bestuurlijke vertegenwoordiger: Wethouder A. Zwarts Openbaar belang: Samenwerking op het gebied van ambulancezorg Financieel belang: n.v.t. Wijziging belang: n.v.t. Zeggenschap: Stemrecht in algemeen bestuur Financiële positie: EV VV EV VV Resultaat Programmabegroting
96 Shared Service Centrum Equalit Vestigingsplaats: Aard verbonden partij: Bestuurlijke vertegenwoordiger: Openbaar belang: Financieel belang: Wijziging belang: Zeggenschap: Oosterhout Gemeenschappelijke regeling Wethouder R.W.F. Dols Samenwerking op het gebied van ICT Bijdrage gebaseerd op afgenomen diensten n.v.t. Stemrecht in ledenvergadering Deelnemingen Stichting Inkoopbureau West-Brabant Vestigingsplaats: Etten-Leur Aard verbonden partij: Deelname in stichting Bestuurlijke vertegenwoordiger: Wethouder R.W.F. Dols Openbaar belang: Efficiëncy ten aanzien van gemeentelijke inkopen Financieel belang: Afname van inkoopdiensten (bijdrage 2016: ) Wijziging belang: n.v.t. Zeggenschap: Zitting in algemeen bestuur Financiële positie: Brabant Water NV Vestigingsplaats: Aard verbonden partij: Bestuurlijke vertegenwoordiger: Openbaar belang: Financieel belang: Wijziging belang: Zeggenschap: Financiële positie: EV VV EV VV Resultaat s Hertogenbosch Participatie in aandelenkapitaal Burgemeester dr. A.J.W. Boelhouwer De gemeente is aandeelhouder; veiligstellen van belangen van de eigen inwoners in het verzorgingsgebied aandelen van 0,10; er wordt (vooralsnog) geen dividend uitgekeerd (bate 2016: nihil) n.v.t. Via aandeelhoudersvergadering EV VV EV VV Resultaat Gate 2 BV Vestigingsplaats: Tilburg Aard verbonden partij: Participatie in aandelenkapitaal Bestuurlijke vertegenwoordiger: Wethouder R.W.F. Dols Openbaar belang: Stimuleren luchtvaartgerelateerde bedrijvigheid Financieel belang: gestort als aandelenkapitaal Wijziging belang: n.v.t. Zeggenschap: Aandeelhouder (49,4 %) Financiële positie: EV VV EV VV Resultaat Programmabegroting
97 N.V. Bank Nederlandse Gemeenten (BNG) Vestigingsplaats: Den Haag Aard verbonden partij: Participatie in aandelenkapitaal Bestuurlijke vertegenwoordiger: Wethouder R.W.F. Dols Openbaar belang: De BNG is een belangrijke bankier in de non-profit-sector Financieel belang: aandelen BNG ; jaarlijkse uitkering van dividenden (bate 2016: ) Wijziging belang: n.v.t. Zeggenschap: Gemeente is aandeelhouder Financiële positie: EV VV EV VV Resultaat Samenwerkingsverbanden met private organisaties Midden-Brabant Poort CV / BV Vestigingsplaats: Aard verbonden partij: Bestuurlijke vertegenwoordiger: Openbaar belang: Financieel belang: Wijziging belang: Zeggenschap: Gilze Participatie in aandelenkapitaal Wethouder R.W.F. Dols Ontwikkeling van bedrijventerrein Midden-Brabant Poort te Gilze. Aandeel in vermogen Midden-Brabant poort BV. Vanuit samenwerkingsconstructie is het financiële risico geminimaliseerd n.v.t. Vanuit samenwerkingsovereenkomst Financiële positie: EV CV 100 BV 18 VV CV 980 BV 380 EV CV 100 BV 18 VV CV BV 397 Resultaat 2013 CV 0 BV 0 Stichting Deelnemingen gemeente Gilze en Rijen Vestigingsplaats: Rijen Aard verbonden partij: Deelname in stichting Bestuurlijke vertegenwoordiger: Wethouder R.W.F. Dols Openbaar belang: Zeggenschap in Beheer BV Midden-Brabant Poort Financieel belang: Aandeel in vermogen Midden-Brabant poort BV (90 aandelen á 100) Wijziging belang: n.v.t. Zeggenschap: Vanuit samenwerkingsovereenkomst Financiële positie: Wet Normering Topinkomens: EV VV EV VV Resultaat n.v.t. n.v.t. n.v.t. n.v.t. n.v.t. Slechts onbezoldigde bestuurders Programmabegroting
98 Programmabegroting
99 Paragraaf Grondbeleid Inleiding Het grondbeleid heeft een duidelijke relatie met de programma s Wonen, Werken en Leven, Mobiliteit en Vrije tijd. De baten, lasten en risico s zijn van belang voor de financiële positie van de gemeente. In deze paragraaf schetsen wij de actuele ontwikkelingen. Wat zijn de bedreigingen van grondexploitatie? - Vraaguitval in de dure sector. - Verlaging inkomen huishoudens. - Het aantal huishoudens met een laag inkomen neemt toe. - Banken zijn terughoudend met het verlenen van kredieten. Wat zijn de kansen? - Door demografische ontwikkelingen groeit het aantal huishoudens tot De huidige vraaguitval leidt op enig moment tot inhaalvraag. - De huurmarkt wint weer aan populariteit. - Hoewel er regionaal verschillen zijn, blijft er behoefte aan nieuwbouwwoningen. - Behoefte aan starterswoningen in de prijsklasse tot (v.o.n.). Wat kan de gemeente doen? - Regionaal samenwerken. De gemeente Gilze en Rijen maakt deel uit van het samenwerkingsverband Hart van Brabant. Hierin trachten de aangesloten gemeenten o.a. overprogrammering te beperken. - Prioritering van projecten. Gemeente Gilze en Rijen heeft inmiddels locaties/projecten benoemd voor de periode tot 2020 én daarna. - Continueren van startersleningen. - Aanpassing van het woningbouwprogramma door focus op de lagere en midden inkomensgroepen. Een voorbeeld hiervan is het nieuwe vastgestelde bestemmingsplan voor Vliegende Vennen Noord- Oost. - Op kleine schaal (bijvoorbeeld 15 à 25 woningen) de bouw van starterswoningen stimuleren. - Ketensamenwerking in de prijsklasse vanaf (v.o.n.) om te besparen op de proceskosten en stichtingskosten. Wat is het kader van grondbeleid? Voor de gemeente geldt het volgende kader: - Structuurvisie. - Structuurplannen voor de kernen Gilze en Rijen. - Woonbehoefteonderzoek Gilze en Rijen Woonvisie gemeente Gilze en Rijen Toekomstvisie gemeente Gilze en Rijen Nota Grondbeleid. - Notitie Grondexploitatie van de Commissie Besluit Begroting en Verantwoording (hierna: BBV). Programmabegroting
100 Welke rol speelt wetgeving? - De Grondexploitatiewet legt bij planontwikkeling kostenverhaal op. De organisatie moet in haar aanpak en procedures zo zijn uitgerust dat de instrumenten die deze wet geeft juist en tijdig worden benut. - In het kader van Wro en de grondexploitatiewet werken wij op dit moment aan een structuurvisie en de nota bovenwijkse voorzieningen. Hoe informeren wij de gemeenteraad? - Wij informeren de raadscommissie Ruimte tweemaal per jaar via de voortgangsrapportage Woningbouwontwikkelingen. - Elke twee maanden informeren wij de raadscommissie Ruimte in de vorm van voortgangsrapportages van de relevante projecten. Nota Grondbeleid In september 2012 heeft de gemeenteraad de Nota Grondbeleid vastgesteld. In deze nota komen met betrekking tot grondbeleid o.a. aan de orde: - Doelstellingen. - Beleidskader. - Instrumentarium en strategieën. - Financiële grondslagen. Uitgangspunt volgens de nota is een actief grondbeleid. Het college is echter terughoudend met grondaankopen. Met de huidige mogelijkheden van kostenverhaal en sturing via bestemmingsplan en overeenkomst of grondexploitatieplan, dienen bij elke mogelijkheid van grondaankoop de risico s en kosten goed in beeld gebracht te worden. Indien marktpartijen het eigendom hebben, zal er meestal sprake zijn van faciliterend grondbeleid. Vanuit de grondexploitatiewet kan de gemeente sturen op de gewenste ontwikkeling. Is de gemeente samen met andere partijen eigenaar, dan zal vaak gekozen worden voor een samenwerkingsvorm. Welke dat is, hangt af van wat partijen wensen, hoe de eigendomsverdeling is en welke ontwikkeling gewenst is. Commissie BBV De commissie BBV heeft het voornemen de verslaggevingsregels rondom grondexploitaties te herzien. De aanleiding hiervoor zijn de afboekingen van gemeenten op grondposities, de aanbevelingen uit het rapport Vernieuwing BBV over transparantie en vergelijkbaarheid, en de Omgevingswet. Tevens speelt hier de vennootschapsbelastingplicht voor gemeenten. Het kan namelijk helpen in de fiscale discussie over de afbakening van de ondernemersactiviteit en de toe te rekenen kosten en opbrengsten. Hieronder een samenvatting van de voorgenomen wijzigingen die vanaf 1 januari 2016 moeten gaan gelden: - Richttermijn van 10 jaar voor de maximale duur van grondexploitaties. Hier kan alleen goed gemotiveerd (geautoriseerd door de raad en verantwoord in de jaarstukken) van worden afgeweken. Voor langer durende grondexploitaties moeten aanvullende beheersmaatregelen worden genomen. Een verplichte maatregel is bijvoorbeeld dat geen indexering mag worden toegepast voor opbrengsten later dan 10 jaar. - Kostentoerekening aan bouwgronden in exploitatie sluiten aan bij Wro en Bro. - De rente die wordt toegerekend aan grondexploitaties moet worden gebaseerd op de werkelijke rente over het vreemd vermogen. - Opname van de uitgangspunten/parameters bij de waardering van de grondexploitaties als verplicht onderdeel van de jaarrekening, samen met de overige toelichtingen op de grondexploitaties (nu nog in de uitvoeringsinformatie). - Afschaffing van de categorie NIEGG (niet in exploitatie genomen gronden) in het BBV. Zolang gronden nog niet gekwalificeerd worden als bouwgrond in exploitatie, staan deze op de balans onder de materiële vaste activa (MVA) als strategische gronden. - Toerekenen van rente en andere kosten is niet langer toegestaan voor gronden die (nog) niet in exploitatie zijn genomen. - Strategische gronden worden gewaardeerd op basis van verkrijgingsprijs of duurzaam lagere marktwaarde (onder de huidige bestemming). Dit is conform de bestaande waarderingsgrondslagen voor gronden en terreinen onder de MVA. - De boekwaarde per m2 hoeft niet meer te worden toegelicht. Programmabegroting
101 De effecten van voorgenomen BBV-wijzigingen vindt u in de jaarrekening Financiële positie Het weerstandsvermogen van de grondexploitatie bestaat uit de algemene reserve grondexploitatie en de bestemmingsreserves en dient ter dekking van onvoorzienbare risico s. Op basis van een periodieke risico-inventarisatie en -analyse verwachten wij dat in 2016 de reserves voldoende zijn om de risico s te dekken. De raming van de stand van de algemene reserve en bestemmingsreserves van de grondexploitatie bedraagt op 31 december ,4 miljoen. Voor de risico-inventarisatie verwijzen wij naar de paragraaf Weerstandsvermogen en risicobeheersing. Complexen in exploitatie / nieuwe complexen De gemeente Gilze en Rijen maakt onderdeel uit van de regio Hart van Brabant en heeft hierin ook een eigen taak, zoals het bieden van een variatie aan aantrekkelijke woonmilieus en het bijdragen aan een leefomgeving met rust, ruimte en groen. Voor de dorpen staat de ontwikkeling van kwaliteit voorop, zowel in sociaal als ruimtelijk opzicht. Naast de kwalitatieve opgave hebben we tevens een kwantitatieve opgave om woningen te bouwen volgens regionale afspraken. Deze afspraken hebben wij nader geconcretiseerd in de Woonvisie Hierin hebben wij ons ambitieniveau vertaald in een aantal te ontwikkelen projecten. Voor een omschrijving van deze projecten verwijzen wij naar deze notitie. De volgende projecten hebben wij in 2016 in exploitatie: - Vliegende Vennen Noord-Oost te Rijen. - Vliegende Vennen Paarse Strook te Rijen. - Bedrijventerrein Haansberg te Rijen. - Centrumplan Gilze - parkdeel. - Bedrijvenpark Midden-Brabant Poort te Gilze. - De Nieuwe Erven te Molenschot. - Plan Eikenveld te Hulten. De hieronder genoemde plannen hebben wij in 2016 in voorbereiding: - Centrumplan Gilze - centrumdeel. - Wendel-Zuid te Gilze. - Gilze-Zuid. - Centrumplan Oost te Rijen. Voorzieningen verwachte verliezen Wanneer voor een complex op basis van de jaarlijks geactualiseerde exploitatieopzet een verlies op eindwaarde optreedt, dan treffen wij voor dit verlies een voorziening op basis van de contante waarde. Deze voorziening nemen wij niet op in het overzicht van reserves en voorzieningen, maar brengen wij in mindering op de boekwaarde van het desbetreffende complex. Winstverwachting Volgens de Nota Grondbeleid is uitgangspunt dat tussentijdse winstnemingen geschieden indien 75% van de opbrengsten en kosten zijn gerealiseerd. In 2015 verwachten wij geen tussentijdse winstnemingen. Programmabegroting
102 Programmabegroting
103 Paragraaf Besparingen Voor de huidige bestuursperiode ( ) heeft de raad besloten tot een besparing op de bedrijfsvoering, de onderhoudskosten en de subsidies. In deze paragraaf geven wij een toelichting op de stand van zaken. 1. Bedrijfsvoering De besparing op de bedrijfsvoering loopt op van in 2015 tot in De besparing voor 2015 gaan we realiseren. Wij monitoren de ontwikkeling van de salariskosten maandelijks. Gelet op de samenwerking met de gemeenten Alphen-Chaam en Baarle-Nassau hebben wij de invulling van de besparing voor 2015 afgestemd met deze twee gemeenten. De aanvullende besparing in de jaren na 2015, in 2016 en vanaf 2017, is opgenomen in de begroting van de fusie organisatie ABG. 2. Besparing onderhoudskosten Op de onderhoudskosten is een besparing opgenomen van 10% in 2017 ( ). Deze besparing kunnen we niet direct realiseren. Wij hanteren daarom een groeimodel van 3% in 2015, 6% in 2016 en 10% vanaf 2017: Onderdeel Wegen groot onderhoud Wegen dagelijks onderhoud Groen groot onderhoud Groen dagelijks onderhoud Openbare verlichting groot onderhoud Openbare verlichting dagelijks onderhoud Totaal Bovenstaande besparingen hebben we in mindering gebracht op de beschikbare budgetten. Mochten er afwijkingen ontstaan tussen de aangepaste beschikbare budgetten en de werkelijke uitgaven, dan rapporteren we hierover via de producten van de P&C cyclus. 3. Besparing subsidies In de gemeentebegroting is vanaf 2016 een besparing opgenomen op de subsidies; respectievelijk in 2016 en structureel vanaf De besparing op de subsidies is nog niet geheel ingevuld: Onderdeel Besparing subsidies Gerealiseerd Nog te realiseren De nog te realiseren besparing voor het jaar 2016 hebben we meegenomen als nadeel in de begroting 2016 omdat wij het realiseren van deze besparing niet realistisch achten. Voor de jaren hebben we nog niet geanticipeerd op het eventueel niet realiseren van de gehele besparing en daarom hebben we dit als PM post opgenomen in het financieel perspectief. Programmabegroting
104 Programmabegroting
105 Financiële begroting Overzicht van baten en lasten 107 Incidentele baten en lasten 109 Overzicht reserves en voorzieningen 111 Overzicht mutaties reserves 113 Investeringsplan Investerings- en financieringsstaat (financiële positie) 115 Ontvangen subsidies 116 Waarderingsgrondslagen 117 Lijst van afkortingen 120 Vaststellingsbesluit 122 Programmabegroting
106 Programmabegroting
107 Overzicht van baten en lasten Programmabegroting
108 Overzicht van baten en lasten in de begroting 2016 (x 1.000) Omschrijving programma Rekening 2014 Begroting 2015 Begroting 2016 Begroting 2017 Begroting 2018 Begroting 2019 Lasten Baten Saldo Lasten Baten Saldo Lasten Baten Saldo Lasten Baten Saldo Lasten Baten Saldo Lasten Baten Saldo Programma 1: Bestuur, dienstverlening en veiligheid Programma 2: Ruimtelijke ontwikkeling Programma 3: Openbare ruimte Programma 4: Vrije tijd Programma 5: Inkomen, werk en zorg Programma 6: Jeugd en onderwijs Programma 7: Algemene dekkingsmiddelen Subtotaal programma's Programma 7: Lokale heffingen Programma 7: Algemene uitkeringen Programma 7: Saldo Financieringsfunctie Programma 7: Ov. algemene dekkingsmiddelen Subtotaal algemene dekkingsmiddelen Programma 7: Onvoorzien Totaal saldo van baten en lasten Programma 7: Mutaties reserves (functie 980) Resultaat Programmabegroting
109 In de programmabegroting (bladzijde 15 en verder) hebben wij per programma een inhoudelijke, beleidsmatige toelichting en een analyse van de baten en lasten ten opzichte van de begroting van voorgaand jaar opgenomen. Om de financiële analyses en toelichtingen niet zowel in de programmaverantwoording en het overzicht van baten en lasten op te nemen, verwijzen wij voor de analyse en toelichting van de baten en lasten per programma ten opzichte van de begroting van voorgaand jaar naar het onderdeel Wat heeft het gekost? van de programmabegroting. Programmabegroting
110 Incidentele baten en lasten Wij zijn er in geslaagd om u een sluitende begroting 2016 te presenteren. Onze baten en lasten zijn dus met elkaar in evenwicht (begrotingsevenwicht). Bij de beoordeling van onze begroting is het voor de Provincie van belang dat er ook sprake is van materieel begrotingsevenwicht. Dit houdt in dat de structurele lasten minimaal worden gedekt door structurele baten. Hierbij mogen dus incidentele lasten wel door structurele baten worden gedekt, maar structurele lasten niet door incidentele baten. Posten worden als incidenteel aangemerkt als ze een looptijd hebben van maximaal drie jaar. Posten met een looptijd van vier jaar en langer worden als structureel aangemerkt. Uit onderstaand overzicht blijkt, dat onze begroting 2016 materieel in evenwicht is. Onze incidentele lasten zijn hoger dan onze incidentele baten. Per programma geven wij u op de volgende pagina een overzicht van de totale baten en lasten, de incidentele baten en lasten, en een specificatie van de incidentele baten en lasten. Programmabegroting
111 Omschrijving programma Totaal Totaal Totaal Totaal Incidenteel Incidenteel Incidenteel Incidenteel Programma 1: Bestuur, dienstverlening en veiligheid Lasten Baten Programma 2: Ruimtelijke ontwikkeling Lasten Aeroparc bestemmingsplan 25 - Actualiseren wegenlegger ten laste van 45 bestemmingsreserve - Handhaven permanente bewoning campings Grondexploitatie ten gunste van reserve Resultaat grondexploitatie Baten Grondexploitatie ten laste van reserve Resultaat grondexploitatie 218 Programma 3: Openbare ruimte Lasten Investeringen op het gebied van infrastructuur Baten Programma 4: Vrije tijd Lasten Sloop oudbouw en pleinwand De Brakken 288 Baten Programma 5: Inkomen, werk en zorg Lasten Innovatiefonds Onderzoek winkelaanbod 25 - Voorbereiding bedrijfsinvesteringszone ten laste 25 van reserve - Entree Chaamse bossen Lokale arrangementen 20 - De Kroon van Brabant 20 - Taakmutatie huishoudelijke hulptoelage (via 123 algemene uitkering) Baten Programma 6: Jeugd en onderwijs Lasten Baten Programma 7: Algemene dekkingsmiddelen Lasten Baten Taakmutatie huishoudelijke hulptoelage 123 (algemene uitkering) - Actualiseren wegenlegger t.l.v. reserve 45 - Onderuitputting kapitaallasten Voorbereiding bedrijfsinvesteringszone t.l.v. 25 reserve - Investeringen infrastructuur t.l.v. reserve Verwacht voordeel op kort financieren 300 Totaal Lasten: Totaal Baten: Programmabegroting
112 Overzicht reserves en voorzieningen OVERZICHT RESERVES begroting 2016 RESERVES 2015 RESERVES 2016 RESERVES 2017 RESERVES 2018 RESERVES 2019 Naam van de reserve Saldo begin Vermeerderingen Verminderingen Saldo begin Vermeerderingen Verminderingen Saldo begin Vermeerderingen Verminderingen Saldo begin Vermeerderingen Verminderingen Saldo begin Vermeerderingen Verminderingen Saldo eind van het van het van het van het van het van het dienstjaar dienstjaar dienstjaar dienstjaar dienstjaar dienstjaar A. Algemene reserves Algemene reserve (algemene dienst) Algemene reserve grondexploitatie Totaal algemene reserves B. Bestemmingsreserves Basisonderwijs Cultuurfonds Bestemmingsplannen Sportpark Vijfeiken Sportpark Verhoven Sportpark Verhoven tennis MFA Molenschot Atletiekbaan Spiridon Prinsenbosschool Openbare schoolspeelterreinen(k) Ondernemersfonds Bestemmingsreserve WMO Bestemmingsreserve wegen Bestemmingsreserve groen Bestemmingsreserve openbare verlichting Bestemmingsreserves grondexploitatie Bovenwijkse voorzieningen Revitalisering bedrijventerreinen Revitalisering buitengebied Totaal bestemmingsreserves Totaal generaal reserves Programmabegroting
113 OVERZICHT VOORZIENINGEN begroting 2016 Naam van de voorziening VOORZIENINGEN 2015 VOORZIENINGEN 2016 VOORZIENINGEN 2017 VOORZIENINGEN 2018 VOORZIENINGEN 2019 Saldo begin Vermeerderingen Verminderingen Saldo begin Vermeerderingen Verminderingen Saldo begin Vermeerderingen Verminderingen Saldo begin Vermeerderingen Verminderingen Saldo begin Vermeerderingen Verminderingen Saldo begin van het van het van het van het van het van het dienstjaar dienstjaar dienstjaar dienstjaar dienstjaar dienstjaar A. Voorzieningen voor gelijkmatige spreiding van lasten Gemeentelijke gebouwen Pensioen en wachtgelden bestuur Voormalig personeel Totaal B. Verkregen middelen van derden ter besteding Water a/d Warande Afvalstoffenheffing Riolering Totaal C. Voorzieningen grondexploitatie Afgewikkelde complexen Verliesvoorziening grondexploitatie Totaal Totaal voorzieningen excl. VVZ grondexploitatie Totaal voorzieningen Programmabegroting
114 Overzicht mutaties reserves (product 980) Begroting 2015 Begroting 2016 Begroting 2017 Begroting 2018 Begroting 2019 Baten Lasten Baten Lasten Baten Lasten Baten Lasten Baten Lasten Omschrijving programma S S S S S S S S S S 1 Bestuur, dienstverlening en veiligheid Ruimtelijke ontwikkeling Openbare ruimte Vrije tijd Inkomen, werk en zorg Jeugd en onderwijs Algemene dekkingsmiddelen Totaal , verschil Progr Toelichting 1. De eenmalig hogere onttrekking in de begroting 2015 betreft het krediet voor de fusie. De structurele onttrekking op programma 1 betreft verder ten behoeve van de brandweerkazerne in Gilze. 2. De mutaties zijn de verwachte resultaten bij de grondexploitatie. 3. De onttrekkingen hebben voornamelijk betrekking op het Meerjarenuitvoeringsprogramma GVVP. De structurele onttrekking betreft groenblauwe diensten. 4. De structurele onttrekkingen betreffen de afschrijvingslasten van Sportpark Vijf Eiken, Sportpark Verhoven, TC Gilze, MFA Molenschot en Atletiekbaan Spiridon die ten laste van de desbetreffende bestemmingsreserves worden gebracht. 5. De onttrekking van betreft de kosten van voorbereiding van de BedrijfsInvesteringsZone die ten laste van het ondernemersfonds worden gebracht. 6. De structurele onttrekkingen betreffen de (afschrijvings)lasten van het jongerencentrum en onderwijshuisvesting die ten laste van de algemene danwel bestemmingsreserve worden gebracht. 7. De mutatie in 2015 betreft het saldo van de jaarrekening 2014 dat conform voorstel in de algemene reserve wordt gestort. Programmabegroting
115 Investeringsplan Omschrijving van de investering Aard Strat.(S)/ Bedrag investering Afschr. Kapitaallast (rente en afschrijving) investering operat.(o) duur Prisma Bestelauto LMD VW Caddy 1-VFJ-27 economisch o GPS-apparatuur economisch o Totalstation landmeetkundige dienst economisch o Totaal Facilitaire Zaken / Gebouwenbeheer Gemeentehuis - cv-ketels (boven) economisch o Gemeentehuis - cv-ketels (kelder) economisch o Gemeentehuis -split-unit (binnen + buiten) economisch o Gemeentehuis - uurwerk economisch o Werkplaats en stalling Rijen - inbraaksignaleringsinstallatie economisch o Werkplaats en stalling Rijen - rol/overheaddeur buiten economisch o Werkplaats en stalling Rijen - rol/overheaddeur buiten economisch o Werkplaats en stalling Rijen - direct gestookte heater economisch o Werkplaats en stalling Rijen - verlichtingsarmaturen economisch o Beheerdersruimte KCA depot - slagboom electr.bediend economisch o vm Bibliotheek - schuifdeur buiten elektrisch economisch o vm Bibliotheek - buitenwandopeningen economisch o Sporthal Achter de Tuintjes - vloer economisch o Sporthal Achter de Tuintjes - binnenwandafwerking economisch o Sporthal Achter de Tuintjes - verlichting economisch o Sporthal Achter de Tuintjes - beveiliging economisch o Sporthal Achter de Tuintjes - sanitair economisch o t Oude Raadhuis - verlichting economisch o t Oude Raadhuis - cv-ketel economisch o Trefpunt - verlichting economisch o Vervanging besturing carillon economisch o Totaal Verkeersplan (GVVP ) Uitwerking GVVP maatschapp. s Beheer Openbare Ruimte (BOR) Bestelwagen Nissan 80-BL-NL Jeep Ad economisch o Bestelwagen Nissan 94-BV-ZK Jeep gladheid Rijen economisch o Rioolreinigingsapparaat Rioned HD50 economisch o DAF vrachtauto BR-DX-02 (zwaardere kraan haakarm) economisch o Straatveegmachine Cleango 400 economisch o Perscontainer economisch o Bestelwagen Nissan 31-BL-LS Henk v. Baal economisch o Bestelwagen Renault 69-VDK-4 (Schoon Gilze en Rijen) economisch o Bestelwagen Renault 68-VDK-4 (Schoon Gilze en Rijen) economisch o Bestelwagen Peugeot 31-BX-VS Rijen economisch o Aanhang wagen bij Bestelwagen Citroën 44-VDJ-9 Rijen economisch o Houtversnipperaar economisch o Heftruck (nieuwe zwaarder tbv verplaatsen compacter) economisch o Bestelwagen Citroën 44-VDJ-9 Rijen economisch o Totaal Integraal huisvestingsplan (IHP ) Burg van Mierlo economisch o De Wildschut* economisch o Totaal * gedekt vanuit de exploitatie Gemeentelijk rioolplan (GRP ) Rijen Noordoost, gebied Zaaren economisch s Gen. Maczektunnel (plateau en pomp) economisch s Ombouwen Haansberg VGS naar gescheiden stelsel economisch s Alternatief voor BBB Wolfsweide economisch s EVZ Broekakkers economisch s Molenschot, groene beging economisch s Aanleg meetapparatuur economisch s Afkoppelprojecten economisch s Afkoppelprojecten economisch s Totaal Programmabegroting
116 Investerings- en financieringsstaat (financiële positie) Verwachte Mutaties Verwachte Omschrijving boekwaarde Vermeer- Vermin- boekwaarde per deringen deringen per Materiële en financiële vaste activa Onderhanden werken inzake grondexploitatie PM PM Totaal activa Algemene reserve Bestemmingsreserves Reserves grondexploitatie Eigen vermogen Voorzieningen Langlopende geldleningen PM Totaal passiva Financieringstekort Programmabegroting
117 Ontvangen subsidies Met dit onderdeel van de begroting 2016 informeren we u over (toegezegde) subsidiebijdragen. In de exploitatiesfeer zijn binnen de diverse programma s / paragrafen nagenoeg geen concrete subsidiebijdragen geraamd. Vanuit het meerjareninvesteringsplan van deze begroting wordt een aantal strategische investeringen voorzien. Hierbij spelen de projecten vanuit het GVVP een belangrijke rol. Op een aantal van deze projecten (wegen en verkeersmaatregelen) is cofinanciering (vanuit de provincie Noord-Brabant) van toepassing. Op termijn wordt echter pas duidelijk welke (bij de provincie aangemelde) projecten richting 2016 en volgende jaren subsidiabel zijn en tot welke bedragen. Een concreet voorbeeld is de verbreding van de N282. Waar mogelijk worden, vanuit de diverse gemeentelijke taakvelden, subsidieaanvragen ingediend. Op basis van nacalculatie is bij tussentijdse rapportages en/of jaarrekening exact aan te geven wat aan subsidie is ontvangen c.q. wordt ontvangen. Programmabegroting
118 Waarderingsgrondslagen Inleiding De gemeentebegroting 2016 is opgesteld volgens het Besluit Begroting en Verantwoording Provincies en Gemeenten. Dit besluit is van kracht met ingang van het jaar Daarnaast is gehandeld volgens de door de gemeenteraad in de vergadering van 12 november 2007 vastgestelde Financiële verordening gemeente Gilze en Rijen Deze verordening is opgesteld op grond van artikel 212 van de Gemeentewet. In deze verordening zijn de kaders aangegeven voor de samenstelling van de begroting. Hieronder zijn de grondslagen aangegeven waarop de gemeentebegroting 2016 is gebaseerd. De grondslagen hebben betrekking op zowel de bepaling van de financiële positie (activa en passiva) als ook voor de geraamde lasten en baten. De vermelding van de grondslagen helpt bij een juiste interpretatie van de diverse financiële overzichten. Financiële positie Immateriële vaste activa Onder de immateriële vaste activa worden begrepen die vaste activa die niet stoffelijk van aard zijn en niet onder de financiële vaste activa worden gerekend. De immateriële vaste activa zijn gewaardeerd tegen historische kostprijs of aanschafprijs verminderd met afschrijvingen, eventuele investeringsbijdragen en eventuele beschikkingen over reserves. De afschrijvingstermijnen zijn volgens de Financiële verordening gemeente Gilze en Rijen Sinds de invoering van het Besluit Begroting en Verantwoording Provincies en Gemeenten is het niet langer toegestaan om, onder de immateriële vaste activa, lasten te activeren die niet leiden of hebben geleid tot een materiële investering. Materiële vaste activa met economisch nut Investeringen die verhandelbaar zijn dan wel op enigerlei wijze kunnen leiden tot of bijdragen aan het verwerven van inkomsten zijn investeringen met economisch nut. De waardering van de materiële vaste activa met economisch nut is gebaseerd op de verkrijgings- of vervaardigingsprijs of duurzaam lagere marktwaarde (rekening houdend met de notitie van de commissie BBV over waardering vastgoed) en is verminderd met afschrijvingen en eventuele investeringsbijdragen. De afschrijving van materiële vaste activa met economisch nut is gebaseerd op de economische levensduur dan wel de verwachte nuttigheidsduur en is vastgelegd in de Financiële verordening gemeente Gilze en Rijen 2007 op grond van artikel 212 van de Gemeentewet. Op grondbezit met economisch nut (buiten de openbare ruimte) wordt niet afgeschreven. Op investeringen gedaan vóór 2004, zijn in voorkomende gevallen bijdragen uit reserves in mindering gebracht. Materiële vaste activa met maatschappelijk nut Onder activa met een meerjarig maatschappelijk nut worden onder andere verstaan investeringen in aanleg en renovatie van: (inrichting) wegen, waterwegen, civiele kunstwerken, groen en kunstwerken. Tenzij bij raadsbesluit anders is bepaald, worden deze investeringen onder aftrek van bijdragen van derden en (bestemmings)reserves, ten laste van de exploitatie gebracht. In geval van activering, op grond van een raadsbesluit, wordt het activum lineair afgeschreven over de verwachte levensduur of in een kortere, door de raad aangegeven tijdsduur. Financiële vaste activa De financiële vaste activa betreffen deelnemingen en verstrekte langlopende geldleningen. De deelnemingen in het aandelenkapitaal van N.V. s en B.V. s zijn gewaardeerd tegen de verkrijgingsprijs van de aandelen. De verstrekte leningen zijn opgenomen tegen nominale waarde. Voorraden De voorraden bouwgronden zijn opgenomen tegen de historische kostprijs, inclusief overige exploitatiekosten(waaronder rente) en zijn verminderd met de opbrengsten wegens grondverkopen en de voorziening verwachte verliezen grondexploitatie. Programmabegroting
119 Voor grondexploitatie specificeert het BBV het bezit van grond naar de volgende activa: - Niet in exploitatie genomen grond. - Ruilgronden. - Bouwgrond in exploitatie. Wij verklaren deze begrippen hierna. Niet in exploitatie genomen grond Niet in exploitatie genomen (bouw)grond is meestal anticiperend of strategisch aangekocht. Er is dan nog geen grondexploitatiebegroting, maar de grond past wel in gedachten (verwachtingen) over gemeentelijke bebouwingsuitbreiding. Voor deze grond bestaat een reëel en stellig voornemen dat deze in de nabije toekomst wordt bebouwd. Deze verwachting kan zijn gebaseerd op interne besluitvorming of op de bestaande structuurvisie die aan een bestemmingsplan voorafgaat. Niet in exploitatie genomen (bouw)grond bevindt zich dan als het ware op de startlijn van de vervaardigingsfase vanwege de intenties met de grond. Ruilgronden Tot de voorraden behoren ook de ruilgronden. Dit zijn gronden met eventuele opstallen om op afzienbare termijn te ruilen voor gronden waarop een toekomstige bouw is/wordt voorgenomen. Deze gronden zijn dus niet aangekocht met het stellige voornemen tot toekomstige bouw. Omdat er voor deze ruilgronden geen vervaardigingsproces plaatsvindt, kan er geen sprake zijn van activeerbare vervaardigingskosten. Bouwgrond in exploitatie Bouwgrond nemen we in exploitatie als we voor deze gronden een exploitatieopzet hebben opgesteld en/of een startnotitie hebben vastgesteld. We onderscheiden actieve en passieve complexen. Bij actief grondbeleid exploiteert de gemeente voor eigen rekening en risico gronden. Bij passieve complexen heeft de gemeente geen of een kleine grondpositie. Begeleiding van de activiteiten vindt plaats vanuit de gemeente. Het uitgangspunt bij de passieve projecten is dat de geactiveerde kosten via een exploitatieovereenkomst bij de initiatiefnemer verhaald worden. Bouwgrond in exploitatie geeft vervaardigingskosten van bouwrijp en woonrijp maken van de locatie. Die kosten worden geactiveerd ofwel bijgeschreven op het balansactief. Activering van de gemaakte kosten is acceptabel omdat grondexploitatie geen eenjarig proces is. Is er sprake van een gepland tekort dan wordt dat verlies onmiddellijk genomen in de vorm van een voorziening. Is er echter sprake van een gepland overschot dan wordt het resultaat gewoonlijk genomen voor zover dat met voldoende zekerheid gerealiseerd is of bij voortdurende onzekerheid pas geheel aan het einde van het proces. Eigen vermogen (passiva) Het eigen vermogen bestaat uit algemene en bestemmingsreserves. Een nadere uiteenzetting over de reserves is opgenomen in de staat van reserves en voorzieningen. De reserves worden gevormd volgens door de gemeenteraad genomen besluiten. Ook de onttrekkingen aan deze reserves gebeuren volgens daartoe strekkende raadsbesluiten. Voorzieningen (passiva) Voorzieningen worden gevormd om fluctuaties in de exploitatiekosten en bestaande risico's op te kunnen vangen. De voorzieningen zijn gewaardeerd tegen nominale waarde en zijn toereikend voor de exploitatiekosten en risico s waarvoor ze zijn gevormd. Een nadere uiteenzetting over de diverse voorzieningen is opgenomen in de staat van reserves en voorzieningen. Langlopende schulden (passiva) De langlopende schulden zijn tegen nominale waarde gewaardeerd. Onder de langlopende schulden zijn alle door de gemeente aangegane langlopende geldleningen opgenomen. Bij het aangaan van langlopende schulden wordt gehandeld volgens het financieringsstatuut. Programmabegroting
120 Paragraaf Weerstandsvermogen en risicomanagement In deze paragraaf is aandacht besteed aan de specifieke risico s voor onze gemeente en is het beschikbare weerstandsvermogen bepaald. Grondslagen voor de programmabegroting (exploitatie van lasten en baten / programma's / producten) In de begroting 2016 worden de lasten en baten per product geraamd en weergegeven per programma. De lasten en baten worden opgenomen voor de aan het begrotingsjaar toe te rekenen bedragen. De rubricering van de lasten en baten is volgens het Besluit Begroting en Verantwoording Provincies en Gemeenten. De lasten en baten worden tegen nominale waarde toegerekend aan de perioden waarop ze betrekking hebben. Verliezen worden verantwoord op het moment dat deze voorzienbaar zijn. Winsten worden verantwoord nadat deze daadwerkelijk zijn gerealiseerd. De afschrijvingen worden berekend volgens de in de Financiële verordening gemeente Gilze en Rijen 2007 genoemde afschrijvingstermijnen. De rentelasten worden via de rente-omslagmethode ten laste van de exploitatie gebracht. De rentelasten over de vaste activa worden berekend over de boekwaarde per 1 januari van het begrotingsjaar. Voor een aantal activaposten geldt, op grond van raadsbesluit, een afwijkend rentepercentage. In het eerste jaar van activering wordt de rente over een periode van een half jaar berekend. De bespaarde rente, berekend over stand van de reserves en voorzieningen per 1 januari van het begrotingsjaar, wordt ten gunste van de exploitatie gebracht. De verdeling en toerekening van de kosten van (hulp)kostenplaatsen aan overige kostenplaatsen en aan programma s gebeurt op basis van productieve uren (tijdregistratie personeel) en vastgestelde verdeelsleutels. Het uitgangspunt voor de kostenverdeling is dat directe kosten zoveel mogelijk rechtstreeks worden verantwoord op de producten. Programmabegroting
121 Lijst van gebruikte afkortingen ABG APV AWBZ B&W BBV BBZ BIZ BNG BOA BORijen Bro BRP BV BZK CAO COA COELO COVM CPB CPO CV DHW DIFTAR EMU ENGR EPC EU EVZ FIDO FPC FVA GBA GGD GGZ GPR GRIC GRP GVVP HOF I&M ID IBOR IDOP IHP KCC Ke LTA Gemeenten Alphen-Chaam, Baarle-Nassau en Gilze-Rijen Algemene plaatselijke verordening Algemene Wet Bijzondere Ziektekosten Burgemeester en wethouders Besluit begroting en verantwoording Provincies en Gemeenten Bijstandsbesluit Zelfstandigen Bedrijveninvesteringszone Bank Nederlandse Gemeenten Buitengewoon opsporingsambtenaar Betrokken Ondernemers Regio Rijen Besluit ruimtelijke ordening Basisregistratie personen Besloten vennootschap Ministerie van binnenlandse zaken en koninkrijksrelaties Collectieve arbeidsovereenkomst Centraal Orgaan Opvang Asielzoekers Centrum voor onderzoek van de economie van de lagere overheden Commissie overleg en voorlichting milieuhygiëne Centraal Planbureau Collectief particulier opdrachtgeverschap Commanditaire vennootschap Drank- en Horecawet Gedifferentieerde tarieven Economische en Monetaire Unie Energie coöperatie Gilze-Rijen Energieprestatie coëfficiënt Europese Unie Ecologische verbindingszones Financiering decentrale overheden Finance planning en control Financiële vaste activa Gemeentelijke basisadministratie Gemeenschappelijke gezondheidsdienst Geestelijke Gezondheidszorg Gemeentelijke praktijk richtlijn Gilze en Rijens Industrieel Contact Gemeentelijk rioleringsplan Gemeentelijk verkeer- en vervoersplan Wet Houdbare Overheidsfinanciën Infrastructuur en milieu Identiteitskaart Integraal beheer van de openbare ruimte Integraal dorpsontwikkelingsplan Integraal Onderwijshuisvestingsplan Klant Contact Centrum Kosteneenheden Lokale toeristische adviesraad Programmabegroting
122 LVO MER MFA MVA MWB NGE NLGR NUP NV OMWB OZB P&C PM PN PPS SGP SROI SW SWUNG TC VANG vgrp VIP V&J VNG VVN VVNO Wabo Wajong WMO WOZ Wro WV WW WWB WZSW ZLTO Landelijk verbeterprogramma overwegen Milieueffectenrapportage Multifunctionele accommodatie Materiële vaste activa Midden West-Brabant Niet Gesprongen Explosieven Natuur- en landschapsvereniging Gilze en Rijen Nationaal uitvoeringsprogramma Naamloze vennootschap Omgevingsdienst Midden- en West Brabant Onroerende zaakbelastingen Planning & control Pro Memorie Perspectiefnota Publiek-private samenwerking Stabiliteits- en Groeipact Social return on investment Sociale Werkvoorziening Samen werken in de uitvoering van nieuw geluidbeleid Tennisclub Van Afval naar Grondstof Verbreed gemeentelijk rioleringsplan Vrijwilligers Informatie Punt Ministerie van veiligheid en justitie Vereniging van Nederlandse gemeenten Veilig Verkeer Nederland Vliegende Vennen Noord-Oost Wet algemene bepalingen omgevingsrecht Wet werk en arbeidsondersteuning jonggehandicapten Wet maatschappelijke ondersteuning Wet waardering onroerende zaken Wet ruimtelijke ordening Weerstandsvermogen Werkeloosheidswet Wet werk en bijstand Wonen zorg en service in de wijk Zuidelijke Land en Tuinbouw Organisatie Programmabegroting
123 Vaststellingsbesluit Gelet op het bepaalde in artikel 191, lid 1 van de Gemeentewet is hierbij opgemaakt het VASTSTELLINGSBESLUIT van de Programmabegroting Aldus vastgesteld in de openbare vergaderingen van 28 oktober 2015 en 5 november DE RAAD VOORNOEMD,, de voorzitter dr. A.J.W. Boelhouwer, de griffier mr. J.W. Timmermans Programmabegroting
Programmabegroting 2015 2
Programmabegroting 2015 1 16 september 2014 Gemeente Gilze en Rijen Postbus 73 5120 AB Rijen Bezoekadres: Raadhuisstraat 1 5121 JX Rijen Telefoonnummer 14 0161 email [email protected] website www.gilzerijen.nl
Programma 10. Financiën
Programma 10 Financiën Aandeel programma 10 in totale begroting 1% Financiën Overige programma's 99% Programma 10 Financiën Inleiding Ons college hanteert als uitgangspunt bij haar financiële beleid dat
BIEO Begroting in één oogopslag
BIEO 2017 Begroting in één oogopslag INLEIDING Voor u ligt de begroting in één oogopslag (BIEO) 2017 van de gemeente Wierden. Naast het begrotingsjaar 2017 wordt er aandacht geschonken aan de ontwikkeling
Meerjarenbegroting Gemeentefinanciën Bloemendaal
Meerjarenbegroting 2019-2022 1 Belangrijke data: 25 september 2018 vastgesteld in college 11 oktober 2018 informatiebijeenkomst (beeldvormend - technisch) 16, 17 en 18 oktober 2018 commissiebehandeling
Initiatiefvoorstel Omgevingswet
Initiatiefvoorstel Omgevingswet Rotterdam, september 2016 Inhoudsopgave Inhoudsopgave 2 Inleiding 3 1. Uitgangspunten 4 2. Hoofdlijnen 5 3. Consequenties voor Rotterdam 6 4. Aanbevelingen 7 Conclusie 8
Kennismaking organisatie Borsele Programma
Kennismaking organisatie Borsele Programma Organisatie structuur Jack Jansen Afd. Ruimtelijke Ontwikkeling Jack Jansen Afd. Grond & Economie Bas v.dendries Afd. Samenleving Yvonne Otte Afd. Woonomgeving
NB beide formulieren invullen (2 tabbladen)
Behandelend ambtenaar gemeente Begroting 2015 is Meerjarenbegroting 2016-2018 is Datum vaststelling begroting 2015 Datum ontvangst begroting 2015 Maatstaven Aantal inwoners per 1-1-2015 Aantal woonruimten
Programmabegroting 2019
Programmabegroting 2019 Toelichting financiële deel Investeringen 2019-2022 47,9 miljoen nieuwe impulsen/investeringen in deze begroting: Inclusieve stad: 5,4 miljoen Duurzame stad: 15,0 miljoen Vitale
Visiedocument Financieel Beleid
1. Financieel beleid Grip Om grip te houden op de gemeentefinanciën voert de gemeente financieel beleid uit. Enerzijds betreft dit wettelijke taken, zoals het opstellen van een begroting en een jaarrekening,
Financieel beeld van de gemeente Naarden, Muiden, Bussum September 2014
Financieel beeld van de gemeente Naarden, Muiden, Bussum September 2014 Inleiding In de fusieraad van 30 juni 2014 is gesproken over een consolidatie van de drie begrotingen en om inzicht te krijgen in
Programmabegroting
Programmabegroting 2016-2019 3.2 Zorg (Wmo) 20 Programmabegroting 2016-2019 3.2.1 Wat wil Gouda bereiken? De implementatie van de nieuwe taken en verantwoordelijkheden tengevolge van de decentralisaties
Inhoudsopgave. Aanbieding 3. Programma 1. Burger en Bestuur 4. Programma 2. Openbare orde en Veiligheid 5. Programma 6. Sport recreatie en landschap 6
Inhoudsopgave Aanbieding 3 Programma 1. Burger en Bestuur 4 Programma 2. Openbare orde en Veiligheid 5 Programma 6. Sport recreatie en landschap 6 Programma 7. Maatschappelijke ondersteuning 7 Programma
BIEO Begroting in één oogopslag
BIEO 2016 Begroting in één oogopslag INLEIDING Voor u ligt de begroting in één oogopslag (BIEO) 2016 van de gemeente Wierden. Naast het begrotingsjaar 2016 wordt er aandacht geschonken aan de ontwikkeling
Programmabegroting 2016 14
1. Dienstverlenend Centraal in ons denken en handelen staat een goede dienstverlening aan alle inwoners, ondernemers en instellingen. We staan voor een eenvoudige en efficiënte dienstverlening. Onze gemeente
Notitie Financieel Kader 2016-2019. Schiermonnikoog
Notitie Financieel Kader 2016-2019 Schiermonnikoog Voorwoord Hierbij leggen wij de laatste Notitie Financieel Kader uit deze collegeperiode aan u voor. Het meerjarenbeeld blijft is positief in alle jaarschijven
Strategisch Communicatieplan Meedoen in Alblasserdam Augustus 2013
Strategisch Communicatieplan Meedoen in Alblasserdam Augustus 2013 Wendy Hermans Monique Speelman Karin Stevens Inhoudsopgave 1 Meedoen in Alblasserdam... 3 1.1 Inleiding... 3 1.2 Ontwikkelingen... 3 1.3
Zienswijze ontwerp begroting 2018 Veiligheidsregio Brabant Zuidoost.
gemeente Eindhoven 17R7206 Raadsnummer Inboeknummer 17bst00423 B&W beslisdatum 04 april 2017 Dossiernummer 17.14.151 Raadsvoorstel Zienswijze ontwerp begroting 2018 Veiligheidsregio Brabant Zuidoost. Inleiding
Omgevingswet. Aanzet voor een implementatie plan Niet alles kan tegelijk Veel is duidelijk veel nog niet
Omgevingswet Aanzet voor een implementatie plan Niet alles kan tegelijk Veel is duidelijk veel nog niet Doel van de presentatie Informatie over de Omgevingswet Stand van zaken van de invoering van de wet
De begroting van de provincie Utrecht voor Een samenvatting
De begroting van de provincie Utrecht voor 2012 Een samenvatting Hoeveel gaat de provincie Utrecht in 2012 uitgeven? Waaraan en waarom? Dat leest u in deze samenvatting. U zult zien dat wij voor 2012 duidelijke
Met het nieuwe welzijnsbeleid werkt de gemeente Tiel vanuit de volgende uitgangspunten:
Opdrachtformulering kwartiermaker integrale welzijnsopdracht Aanleiding De gemeenteraad van de gemeente Tiel heeft in haar vergadering van juli 2014 het besluit genomen om een inhoudelijke discussie te
Raadsvoorstel Reg. nr : 0910655 Ag nr. : Datum : 15-12-09
Ag nr. : Onderwerp Tariefaanpassingen en overige wijzigingen van de verordeningen/besluiten betreffende de belastingen en rechten voor het jaar 2010 (aanvulling). Voorstel Door vaststelling van de verordeningen/besluiten,
Gedeputeerde Staten. 1. de Gemeentewet; 2. de Algemene wet bestuursrecht; Gemeenteraad van Nissewaard Postbus 25 3200 AA SPIJKENISSE
Gedeputeerde Staten Directie Leefomgeving en Bestuur Afdeling Bestuur Contact J. van Kranenburg T 070-441 80 85 [email protected] Postadres Provinciehuis Postbus 90602 2509 LP Den Haag T 070-441
Raadsvoorstel 15 december 2011 AB11.01003 RV2011.108
Raadsvergadering d.d. Casenummer Raadsvoorstelnummer Raadsvoorstel 15 december 2011 AB11.01003 RV2011.108 Gemeente Bussum Instemmen met de Verantwoording van het Programma Elektronische Dienstverlening
Zelfstandig Oudewater pakt door!
Zelfstandig Oudewater pakt door! Coalitieprogramma 2016-2018 Onze stad is al meer dan 750 jaar een stad om trots op te zijn. We zijn trots op onze dorpskernen, ons buitengebied, onze monumenten en onze
De raden van alle gemeenten in de provincie Limburg
De raden van alle gemeenten in de provincie Limburg Cluster FIN Behandeld J.G.G.M. Janssen Ons kenmerk Telefoon +31 43 389 72 38 Uw kenmerk Maastricht 20 maart 2018 Bijlage(n) Verzonden Onderwerp Aandachtspunten
Rv. nr.: B&W-besluit d.d.: B&W-besluit nr.:
RAADSVOORSTEL Rv. nr.: 13.0014 B&W-besluit d.d.: 5-2-2013 B&W-besluit nr.: 13.0048 Naam programma +onderdeel: Jeugd en onderwijs Onderwerp: Transitie zorg voor de jeugd: visie jeugdhulp en informatie Aanleiding:
De opgave. Drie gelijkwaardige gemeenten Sterke lokale identiteit Bestuur dicht bij bevolking Bestaande samenwerkingsvormen
De opgave + Drie gelijkwaardige gemeenten Sterke lokale identiteit Bestuur dicht bij bevolking Bestaande samenwerkingsvormen - Kwetsbare eigen organisatie Beperkte investeringsbudgetten Onvoldoende slagkracht
Agendapunt. Op grond van artikel 192 van de gemeentewet is de raad het bevoegd orgaan om de begroting tussentijds te wijzigen.
RAADSVOORSTEL Agendapunt Raad 27 oktober 2016 Afdeling Middelen Voorstel nummer 2016.00077 Datum 27 september 2016 Onderwerp Tweede bestuursrapportage 2016 Programma Alle begrotingsprogramma's Inlichtingen
Taak en invloed gemeenteraad op de. Integrale veiligheid
Taak en invloed gemeenteraad op de Integrale veiligheid 1 Definitie veiligheid Veiligheid is de mate van afwezigheid van potentiële oorzaken van een gevaarlijke situatie of de mate van aanwezigheid van
QUICK SCAN PROGRAMMABEGROTING 2008 LEIDSCHENDAM-VOORBURG EN RIJSWIJK
1 (2007/28317) QUICK SCAN PROGRAMMABEGROTING 2008 LEIDSCHENDAM-VOORBURG EN RIJSWIJK 1. ONDERZOEKSVRAGEN 1. Kan de raad met de programmabegroting beoordelen of de voorgenomen beleidsmaatregelen doeltreffend
Wij stellen de volgende data voor de oplevering van de planning en controlproducten 2010:
Planning en controlcyclus 2010 Samenvatting In dit voorstel is de planning opgenomen van de planning- en controlproducten 2010: de jaarrekening 2009, de voorjaarsnota 2010, de kadernota 2011, de programmabegroting
Portefeuillehouder: M.A.P. Michels Behandelend ambtenaar J. van der Meer, 0595 447719 [email protected] (t.a.v. J. van der Meer)
Vergadering: 11 december 2012 Agendanummer: 12 Status: Besluitvormend Portefeuillehouder: M.A.P. Michels Behandelend ambtenaar J. van der Meer, 0595 447719 E mail: [email protected] (t.a.v. J. van der
Aan de raad van de gemeente LEIDSCHENDAM-VOORBURG
Aan de raad van de gemeente LEIDSCHENDAM-VOORBURG Datum 20 december 2011 Onderwerp Raadsbrief: Sociale structuurvisie Categorie B Verseonnummer 668763 / 681097 Portefeuillehouder De heer Rensen en de heer
Portefeuilleverdeling College van B&W ( )
Portefeuilleverdeling College van B&W (2018-2022) 1. Programma Dichtbij en betrokken Portefeuillehouder Meedoen Bestuurlijke vernieuwing Dienstverlening Visie Kwaliteit dienstverlening Communicatie Visie
PROGRAMMA 8: OPENBARE ORDE EN VEILIGHEID
PROGRAMMA 8: OPENBARE ORDE EN VEILIGHEID Portefeuillehouder: J.J.H. Colijn-de Raat Programmacoördinator: V.J.M. van Arkel 8.1 Missie Het programma Openbare Orde en Veiligheid richt zich op een veilig Scherpenzeel
Onderwerp Bestuursrapportage 2016 en Begroting 2017
Onderwerp Bestuursrapportage 2016 en Begroting 2017 Portefeuillehouder Zoetendal Datum collegebesluit 4 oktober 2016 Opsteller A. de Boer Registratie GF16.20071 Agendapunt 3/4 Voorstel 1. Vaststellen van
Presentatie voor de gemeenteraad van Haarlem. Jaarverslag en jaarrekening 2013
Presentatie voor de gemeenteraad van Haarlem Jaarverslag en jaarrekening 2013 Algemeen: P&C cyclus Algemeen: verantwoording Terugkijken Wat hebben we bereikt? Wat hebben we gedaan? Wat heeft het gekost?
Burgerparticipatie en de rol van de gemeenteraad
Burgerparticipatie en de rol van de gemeenteraad 5 juli 2018 Raadswerkgroep Burgerparticipatie In november 2017 heeft een aantal raadsleden zich opgegeven om de Raadswerkgroep Burgerparticipatie te vormen
Invoering Omgevingswet
Invoering Omgevingswet Projectplan Versie 1.2 Datum: 19-09-2016 Opsteller: Linda Roeterink Inhoud 1. Inleiding... 2 2. Projectomschrijving... 2 2.1. Aanleiding... 2 2.2. Totstandkoming projectplan... 2
Bestuursrapportage 2014 24-06-2014. Michel Tromp
Bestuursrapportage 2014 24-06-2014 Michel Tromp Agenda 1. Opzet 2. Realisatie beleid en voortgang projecten 3. Nieuwe ontwikkelingen 4. Financiële ontwikkelingen 5. Risico s 1. Opzet Opzet - Waarom? Tussentijds
Scherp aan de wind! ons ondernemingsplan
Scherp aan de wind! ons ondernemingsplan 2017-2020 Inhoudsopgave: 1. Voorwoord 2. Hier staan we voor 3. Woningbezit 4. Huurders 5. Vitale wijken en buurten 6. Financiën 7. Organisatie Voorwoord samen werken
Omgevingswet en de raad
Omgevingswet en de raad Inhoud Waarom de Omgevingswet? Wat is de omgevingswet? Wat verandert er door de omgevingswet Wat vraagt dit van u als raad. Samen met de samenleving Budget reserveren Vrije (beleids)ruimte
GESPREKSNOTITIE VOORJAARSGESPREK 23 JUNI 2017 VS
GESPREKSNOTITIE VOORJAARSGESPREK 23 JUNI 2017 VS 20170512 1. INLEIDING In 2016 hebben we met u en met de samenleving intensief gesproken over de toekomst van Zutphen. Gezamenlijk hebben we vastgesteld
Collegeprogramma Met en voor elkaar aan de slag
Collegeprogramma 2018 2022 Met en voor elkaar aan de slag Versie: 12 februari 2019 1 Voorwoord Op 4 juli 2018 is het nieuwe college van burgemeester en wethouders bestaande uit T@B, SGP en CU benoemd door
Betreft Kadernota Integrale Veiligheid Westelijke Mijnstreek Veiligheid kent geen grenzen.
Betreft Kadernota Integrale Veiligheid Westelijke Mijnstreek 2015 2018 Veiligheid kent geen grenzen. Vergaderdatum 4 december 2014 Gemeenteblad 2014 / 77 Agendapunt 10 Aan de Raad Voorstel De gemeenteraad
Actuele financiële en vermogenspositie
Actuele financiële en vermogenspositie werk aan de winkel Presentatie voor Auditcommissie 5 maart 2012 Actuele financiële positie (1) Nr. Ontwikkeling Mutatie 2012 2013 2014 2015 Saldo na besluitvorming
