Haalbaarheidsstudie van een monitoringsysteem voor antisociaal gedrag en onveiligheidsgevoelens op school

Maat: px
Weergave met pagina beginnen:

Download "Haalbaarheidsstudie van een monitoringsysteem voor antisociaal gedrag en onveiligheidsgevoelens op school"

Transcriptie

1 Vakgroep Sociologie Onderzoeksgroep TOR Vrije Universiteit Brussel Pleinlaan 5, 1050 Brussel Vakgroep Sociale Agogiek Universiteit Gent H. Dunantlaan, 2, 9000 Gent Haalbaarheidsstudie van een monitoringsysteem voor antisociaal gedrag en onveiligheidsgevoelens op school Onderzoekers: Tine Lievrouw Femke Wybouw Sammy Kolijn Promotoren: Mark Elchardus Jessy Siongers Promotor-coördinator: Nicole Vettenburg OBPWO-project In opdracht van Vlaams Ministerie van Onderwijs & Vorming Onderwijskundig beleids- en praktijkgericht wetenschappelijk onderzoek - december

2 Inhoud Lijst van tabellen en figuren 8 Inleiding 13 Hoofdstuk 1: Antisociaal gedrag van leerlingen 17 Tine Lievrouw, Dries Cardoen en Nicole Vettenburg 1. Inleiding Naar een omschrijving van antisociaal gedrag op school Algemene omschrijving Een verdere opdeling Risicofactoren voor antisociaal gedrag op school Persoonsgebonden kenmerken 20 Geslacht Leeftijd Etniciteit Subjectieve persoonlijkheidskenmerken Slachtofferervaringen 3.2. Het gezin 21 Structurele gezinskenmerken Culturele gezinskenmerken 3.3. De school 22 Structurele schoolkenmerken Culturele schoolkenmerken 3.4. De peers De buurt Een integratief verklaringsmodel Meetinstrumenten voor antisociaal gedrag Jongeren in Vlaanderen, gemeten en geteld Daderschap van delinquent gedrag Daderschap van probleemgedrag op school Internationale meetinstrumenten Zelf-rapportage vragenlijsten Vragenlijsten ingevuld door derden Besluit Bibliografie 33 Hoofdstuk 2: Onveiligheidsgevoelens van leerlingen en leerkrachten 39 Femke Wybouw, Mark Elchardus en Jessy Siongers 1. Inleiding De twee grote paradigma s Het rationalistisch paradigma Slachtofferschap en onveiligheidsgevoelens Het symbolisch paradigma Media en onveiligheidsgevoelens

3 2.3. De twee paradigma s: verschillende interpretaties voor verschillende waarnemingen Correlaten Geslacht Leeftijd Socio-economische status Schoolkenmerken Structurele schoolkenmerken Culturele schoolkenmerken Gezinskenmerken Culturele gezinskenmerken Structurele gezinskenmerken Meten van onveiligheidsgevoelens Fear of crime vs. onveiligheidsgevoelens Onveiligheidsgevoelens: een multi-dimensioneel begrip Meetinstrumenten voor onveiligheidsgevoelens Meetinstrumenten voor algemene onveiligheidsgevoelens Meetinstrumenten voor onveiligheidsgevoelens op school Bibliografie Bijlagen 56 Hoofdstuk 3: Inventarisatie van registratiesystemen 58 Tine Lievrouw & Nicole Vettenburg 1. Inleiding Inventarisatie van internationaal onderzoek over antisociaal gedrag en onveiligheidsgevoelens op school Monitoring in Noord-Amerika Monitoring in onze buurlanden 60 a) Nederland b) Frankrijk c) Duitsland 2.3. Internationale samenwerkingsverbanden Besluit Inventarisatie registratiesystemen in België Registreren op Federaal niveau Registreren op Vlaams niveau 67 a) Algemene instanties b) Beleidsdomein Onderwijs en Vorming c) Meldpunten 3.3. Registreren op provinciaal niveau Registreren op regionaal en lokaal niveau Registreren op schoolniveau Besluit Bijlagen 77 Hoofdstuk 4: Antisociaal gedrag en onveiligheidsgevoelens in Vlaanderen. Een beschrijving op basis van secundaire analyses 78 Tine Lievrouw, Femke Wybouw, Mark Elchardus, Jessy Siongers en Nicole Vettenburg 1. Inleiding Basismateriaal voor de secundaire analyses Jongeren in Vlaanderen, Gemeten en Geteld (JVGG) Leerlingenparticipatie (LLP)

4 2.3. Maatschappelijke Participatie Jongeren (MPJ) The International Self-Report Delinquency Study (ISRD-2) JOP-monitor 1, JOP-monitor 2 en JOP-monitor Brussel Vakoverschrijdende Eindtermen (VOET) International Civic and Citizenship Education Study (ICCS) Reflectie bij het gebruik van meerdere databanken Antisociaal gedrag door leerlingen Incidentie van antisociaal gedrag door leerlingen Daderschap van antisociaal gedrag door leerlingen Slachtofferschap van antisociaal gedrag door leerlingen Schalen voor antisociaal gedrag door leerlingen Schalen voor het daderschap van antisociaal gedrag door leerlingen Schalen voor het slachtofferschap van antisociaal gedrag bij leerlingen De relatie tussen daderschap en slachtofferschap van antisociaal gedrag Algemeen besluit Onveiligheidsgevoelens De omvang van onveiligheidsgevoelens De algemene onveiligheidsgevoelens van leerlingen De onveiligheidsgevoelens op school bij leerkrachten Schalen voor onveiligheidsgevoelens Schalen voor de onveiligheidsgevoelens van leerlingen Schalen voor de onveiligheidsgevoelens van leerkrachten De perceptie van antisociaal gedrag De omvang van de perceptie van antisociaal gedrag Schalen voor de perceptie van antisociaal gedrag De relatie tussen het zelfgerapporteerde daderschap en slachtofferschap en de perceptie van antisociaal gedrag van leerlingen Algemeen besluit Bibliografie 96 Hoofdstuk 5: De perceptie van leerkrachten geëvalueerd 97 Femke Wybouw, Mark Elchardus en Jessy Siongers 1. Inleiding Een vergelijking van de perceptie van leerlingen, leerkrachten en directie Een vergelijking op basis van de antwoordpercentages De correlatie tussen de perceptie van antisociaal gedrag bij leerlingen, leerkrachten en directie Besluit Een onderzoek naar de betrouwbaarheid van de perceptie van leerkrachten als maat voor het antisociaal gedrag op school De relatie tussen het zelfgerapporteerde daderschap en slachtofferschap door leerlingen en de perceptie door leerkrachten Op zoek naar de determinanten van de perceptie van leerkrachten over het delinquent gedrag op school Besluit Een vergelijking van de perceptie over delinquent gedrag tussen leerkrachten en leerlingen Op zoek naar de determinanten van de perceptie van leerlingen over het delinquent gedrag op School Besluit Bibliografie

5 Hoofdstuk 6: De risicoanalyse van antisociaal gedrag en onveiligheidsgevoelens op basis van de gemakkelijk toegankelijke indicatoren 106 Femke Wybouw, Mark Elchardus en Jessy Siongers 1. Inleiding De gemakkelijk toegankelijke indicatoren Werkwijze Een schatting van het antisociaal gedrag op school Een schatting van het zelfgerapporteerde daderschap van delinquent gedrag door leerlingen Een schatting van het zelfgerapporteerde spijbelgedrag door leerlingen Een schatting van het zelfgerapporteerde daderschap van delinquent gedrag door leerlingen op basis van de GTI en het spijbelgedrag Een schatting van het zelfgerapporteerde daderschap van probleemgedrag door leerlingen Een schatting van de perceptie van leerkrachten over delinquent gedrag op school Besluit Een schatting van de onveiligheidsgevoelens De onveiligheidsgevoelens van leerkrachten De onveiligheidsgevoelens van leerlingen Besluit Besluit Bibliografie 124 Hoofdstuk 7: Technisch verslag van de focusgroepen en de websurvey 125 Sammy Kolijn, Femke Wybouw, Mark Elchardus, Jessy Siongers en Nicole Vettenburg 1. Situering van het onderzoek en opbouw van het technisch verslag Focusgroepgesprekken Inleiding Organisatie van de focusgroepen Homogene en heterogene samenstelling Selectie van de deelnemers en afname van de focusgroepgesprekken Websurvey Vragenlijst Steekproeftrekking Dataverzameling Respons Verdeling van de respons naar leeftijd en geslacht Verdeling van de respons volgens cellen van het steekproefraster Bibliografie Bijlagen 133 Hoofdstuk 8: Haalbaarheid en wenselijkheid beoordeeld op basis van de focusgroepen 144 Sammy Kolijn, Tine Lievrouw, Nicole Vettenburg en Femke Wybouw 1. Analyse focusgroepen Wenselijkheid Doelstelling monitor Bruikbaarheid monitor voor/binnen de school Meer dan een monitor Positie van het Departement Onderwijs Bruikbaarheid voor het beleid

6 Focus op het positieve? Haalbaarheid Wat een monitor zou moeten meten Onveiligheidsgevoelens Over het belang van de context Implementatie Wie ga je waarover bevragen en hoe? Waaraan kan een monitor gekoppeld worden? Het belang van anonimiteit Het belang van begeleiding (tijdens maar vooral na de monitor) Periodiciteit afname monitor Besluiten 162 Hoofdstuk 9: Haalbaarheid en wenselijkheid op basis van websurvey 164 Nicole Vettenburg & Sammy Kolijn 1. Inleiding Haalbaarheid Geschiktheid Perceptie eigen geschiktheid Antisociaal gedrag Onveiligheidsgevoelens Bereidheid om tijd te investeren in monitoring Wenselijkheid Niveau van registreren en rapporteren Accuraat en zinvol? Doelstellingen van de monitor Gevolgen van een monitor voor de relatie tussen leerlingen en leerkrachten Anonimiteit waarborgen Besluit Bijlagen 177 Hoofdstuk 10: Antisociaal gedrag en onveiligheidsgevoelens in Vlaamse scholen: een beschrijving op basis van de websurvey 179 Femke Wybouw, Mark Elchardus en Jessy Siongers 1. Inleiding De perceptie van antisociaal gedrag op school Een vergelijking tussen scholen met een verschillend onderwijsaanbod Een vergelijking tussen grootstedelijke en niet-grootstedelijke scholen Het slachtofferschap van antisociaal gedrag bij leerkrachten Een vergelijking tussen scholen met een verschillend onderwijsaanbod Een vergelijking tussen grootstedelijke en niet-grootstedelijke scholen Leerkrachten en hun onveiligheidsgevoelens op school Een vergelijking tussen scholen met een verschillend onderwijsaanbod Een vergelijking tussen grootstedelijke en niet-grootstedelijke scholen De algemene onveiligheidsgevoelens van leerkrachten Een vergelijking tussen scholen met een verschillend onderwijsaanbod Een vergelijking tussen grootstedelijke en niet-grootstedelijke scholen Besluit Bijlagen

7 Hoofdstuk 11: Antisociaal gedrag en schoolgerelateerde onveiligheidsgevoelens van leerkrachten: verklarende analyses op basis van de websurvey 198 Femke Wybouw, Mark Elchardus en Jessy Siongers 1. Inleiding Antisociaal gedrag op school De perceptie van leerkrachten over delinquent gedrag: een schatting op basis van de gemakkelijk toegankelijke indicatoren Spijbelgedrag van leerlingen: een schatting van het % problematische afwezigheden op basis van de GTI De schoolgerelateerde onveiligheidsgevoelens van leerkrachten De schoolgerelateerde onveiligheidsgevoelens van leerkrachten: een gevolg van algemeen onbehagen? Een schatting van de schoolgerelateerde onveiligheidsgevoelens van leerkrachten op basis van de gemakkelijk toegankelijke indicatoren De perceptie van antisociaal gedrag en de onveiligheidsgevoelens van leerkrachten op school Individueel welbevinden en schoolgerelateerde onveiligheidsgevoelens van leerkrachten op school De beoordeling van het schoolklimaat en de schoolgerelateerde onveiligheidsgevoelens van leerkrachten Besluit Bibliografie Bijlagen 216 Hoofdstuk 12: Besluit en discussie 219 Femke Wybouw, Sammy Kolijn, Mark Elchardus, Jessy Siongers en Nicole Vettenburg 1. Inleiding Antisociaal gedrag en onveiligheidsgevoelens in de Vlaamse secundaire scholen: een stand van zaken Antisociaal gedrag Daderschap van antisociaal gedrag Slachtofferschap van antisociaal gedrag Perceptie van antisociaal gedrag Onveiligheidsgevoelens Bruikbare bestaande instrumenten De wenselijkheid en haalbaarheid van een monitor De wenselijkheid en haalbaarheid van een monitor volgens de experten en betrokken actoren De haalbaarheid en wenselijkheid van een monitor: aanbevelingen op basis van de analyses Het meten van onveiligheidsgevoelens op school Het meten van antisociaal gedrag op school Risico-analyse op basis van de GTI 229 Slotwoord 231 Bijlagen

8 LIJST MET TABELLEN EN FIGUREN TABELLEN Hoofdstuk 1 Tabel 1.1 Tabel 1.2 Multilevelanalyse met de schaal daderschap van delinquent gedrag als afhankelijke variabele bij leerlingen uit het secundair onderwijs (gestandaardiseerde bèta s) 28 Multilevelanalyse met de schaal daderschap van probleemgedrag op school als afhankelijke variabele bij leerlingen uit het secundair onderwijs (gestandaardiseerde bèta s) 29 Hoofdstuk 2 Tabel 2.1 Classificatie van misdaadperceptie 48 Tabel 2.2 Gangbare definities van onveiligheidsgevoelens 49 Tabel 2.3 Vraagformuleringen op basis van de verschillende dimensies van onveiligheidsgevoelens 51 Hoofdstuk 4 Tabel 4.1 Beschrijving van de somschalen delinquent gedrag voor leerlingen uit het secundair onderwijs 85 Tabel 4.2 Beschrijving van de somschalen probleemgedrag voor leerlingen uit het secundair onderwijs 86 Tabel 4.3 Beschrijving van de somschalen slachtofferschap van delinquent gedrag voor leerlingen uit het secundair onderwijs 87 Tabel 4.4 Beschrijving van de somschalen slachtofferschap van probleemgedrag voor leerlingen uit het secundair onderwijs 88 Tabel 4.5 Correlatie op schoolniveau tussen daderschap en slachtofferschap van leerlingen uit het 4de jaar secundair onderwijs (N=59) 89 Tabel 4.6 Factorladingen en betrouwbaarheid van de schaal onveiligheidsgevoelens op school voor leerkrachten die lesgeven in het 2de en 4de jaar secundair onderwijs (N=458) 94 Tabel 4.7 Correlatie tussen zelfgerapporteerde daderschap en slachtofferschap van antisociaal gedrag en de perceptie van antisociaal gedrag bij leerlingen (N=59) 95 Hoofdstuk 5 Tabel 5.1 Tabel 5.2 Tabel 5.3 Tabel 5.4 Hoofdstuk 6 Tabel 6.1 Tabel 6.2 Tabel 6.3 Tabel 6.4 Tabel 6.5 Tabel 6.6 Correlaties op schoolniveau tussen de perceptie van antisociaal gedrag bij leerlingen, leerkrachten en directie 99 Correlaties op schoolniveau tussen de perceptie van leerkrachten over antisociaal gedrag enerzijds en het zelfgerapporteerde slachtofferschap en daderschap door leerlingen anderzijds 100 Onderzoek naar de determinanten van de perceptie van leerkrachten over delinquent gedrag: een multilevel analyse 101 Onderzoek naar de determinanten van de perceptie van leerlingen over delinquent gedrag: een multilevel analyse 103 De invloed van de GTI op het zelfgerapporteerde daderschap van delinquent gedrag door leerlingen: een multilevel analyse 109 De kenmerken van de scholen met de hoogste en de laagste geobserveerde waarde voor het zelfgerapporteerde daderschap van delinquent gedrag door leerlingen 110 De invloed van de GTI op de kans al eens gespijbeld te hebben het voorbije schooljaar: een multilevel analyse 112 De invloed van de GTI en het spijbelgedrag op het zelfgerapporteerde daderschap van delinquent gedrag door leerlingen: een multilevel analyse 114 De invloed van de GTI op het zelfgerapporteerde daderschap van probleemgedrag door leerlingen: een multilevel analyse 116 De invloed van de GTI op de perceptie van leerkrachten over delinquent gedrag: een multilevel analyse

9 Tabel 6.7 De invloed van de GTI op de schoolgerelateerde onveiligheidsgevoelens van leerkrachten: een multilevel analyse 119 Tabel 6.8 Kenmerken van de scholen met de hoogste en de laagste geobserveerde schoolgerelateerde onveiligheidsgevoelens bij leerkrachten 120 Tabel 6.9 De invloed van de GTI op de algemene onveiligheidsgevoelens van leerlingen: een multilevel analyse 121 Tabel 6.10 Kenmerken van de school met de hoogste en laagste geobserveerde waarden van de algemene onveiligheidsgevoelens van leerlingen 122 Tabel 6.11 Samenvatting van de verklaringskracht van de GTI voor de verschillende indicatoren van onveiligheidsgevoelens en antisociaal gedrag 123 Hoofdstuk 7 Tabel 7.1 Verdeling van de leerkrachten naar leeftijd en geslacht (aantallen) 129 Tabel 7.2 Verdeling van de directie naar leeftijd en geslacht (aantallen) 130 Tabel 7.3 Verdeling van het ondersteunend personeel naar leeftijd en geslacht (aantallen) 130 Tabel 7.4 Steekproefraster: Secundaire scholen in het Nederlandstalig onderwijs naar aanbod en inrichtende macht (scholen uit databank deelgenomen directie) 130 Tabel 7.5 Websurvey: aantal leerkrachten per cel van het steekproefrooster 131 Tabel 7.6 Websurvey: aantal ondersteunende personeelsleden personeelsleden per cel van het steekproefrooster 131 Hoofdstuk 9 Tabel 9.1 Mate van geschiktheid om antisociaal gedrag te registreren gemiddelden (range 1 5) 164 Tabel 9.2 Moeilijkheidsgraad m.b.t. registreren van antisociaal gedrag percentages en gemiddelden (range 1 5) 166 Tabel 9.3 Overeenstemmingsgraad met mening van collega s m.b.t. registreren van antisociaal gedrag percentages en gemiddelden (range 1 5) 166 Tabel 9.4 Goede kijk op antisociaal gedrag van de leerlingen frequenties en gemiddelden (range 1 5) 167 Tabel 9.5 Moeilijkheidsgraad m.b.t. registreren van onveiligheidsgevoelens frequenties en gemiddelden (range 1 5) 168 Tabel 9.6 Overeenstemmingsgraad met mening van collega s m.b.t. registreren van onveiligheidsgevoelens frequenties en gemiddelden (range 1 5) 168 Tabel 9.7 Bereidheid om tijd te investeren in afname monitor percentages en gemiddelden (range 1 5) 169 Tabel 9.8 Niveau van registreren en rapporteren van antisociaal gedrag percentages en gemiddelden (range 1 5) 170 Tabel 9.9 Accuraatheid van een monitor - percentages en gemiddelden (range 1 5) 171 Tabel 9.10 Nutteloosheid van monitor percentages en gemiddelden (range 1 5) 171 Tabel 9.11 Aanvulling voor de zelfevaluatie van scholen percentages en gemiddelden (range 1 5) 172 Tabel 9.12 Doelstellingen van een monitor percentages en gemiddelden (range 1 5) 173 Tabel 9.13 Anonimiteit bij afname van monitor gemiddelden (range 1 5) 175 Hoofdstuk 10 Tabel 10.1 Tabel 10.2 Tabel 10.3 Tabel 10.4 Tabel 10.5 Antwoordpercentages voor de perceptie van antisociaal gedrag van leerkrachten, ondersteunend personeel en directie: een vergelijking met een verschillend onderwijsaanbod (% vaak en heel vaak ) 181 De schaalgegevens voor de geaggregeerde perceptie van leerkrachten van antisociaal gedrag: opdeling naar onderwijsaanbod 183 De significantie van de verschillen in perceptie van antisociaal gedrag, voor leerkrachten uit scholen met een ander onderwijsaanbod 183 De schaalgegevens voor de geaggregeerde perceptie van het ondersteunend personeel van antisociaal gedrag: opdeling naar onderwijsaanbod 183 De significantie van de verschillen in perceptie van antisociaal gedrag, voor ondersteunend personeel uit scholen met een ander onderwijsaanbod

10 Tabel 10.6 De schaalgegevens voor de geaggregeerde perceptie van leerkrachten van antisociaal gedrag: opdeling naar verstedelijkingsgraad van de school 185 Tabel 10.7 De significantie van de verschillen in perceptie van antisociaal gedrag, voor leerkrachten uit grootstedelijke en niet-grootstedelijke scholen 185 Tabel 10.8 De schaalgegevens voor de geaggregeerde perceptie van het ondersteunend personeel van antisociaal gedrag: opdeling naar verstedelijkingsgraad van de school 185 Tabel 10.9 De significantie van de verschillen in perceptie van antisociaal gedrag, voor ondersteunend personeel uit grootstedelijke en niet-grootstedelijke scholen 185 Tabel Antwoordpercentages voor het slachtofferschap van antisociaal gedrag bij leerkrachten 186 Tabel Slachtofferschap van antisociaal gedrag bij leerkrachten op schoolniveau: de verschillen tussen scholen met een ander onderwijsaanbod (significanties o.b.v. compare means) 187 Tabel Het slachtofferschap van antisociaal gedrag bij leerkrachten: een vergelijking van de grootstedelijke en niet-grootstedelijke scholen (antwoord% van leerkrachten die ooit slachtoffer zijn geweest) 188 Tabel De onveiligheidsgevoelens van leerkrachten op school: een vergelijking tussen scholen met een verschillend onderwijsaanbod (antwoord% voor de categorie akkoord en helemaal akkoord ) 189 Tabel De schaalgegevens voor de geaggregeerde onveiligheidsgevoelens op school bij leerkrachten: opdeling naar onderwijsaanbod 190 Tabel De significantie van de verschillen in onveiligheidsgevoelens op school voor leerkrachten uit scholen met een ander onderwijsaanbod 190 Tabel De schaalgegevens voor de geaggregeerde onveiligheidsgevoelens op school bij leerkrachten: opdeling naar verstedelijkingsgraad van de school 191 Tabel De significantie van de verschillen in onveiligheidsgevoelens op school, voor leerkrachten uit grootstedelijke en niet-grootstedelijke scholen 191 Tabel De algemene onveiligheidsgevoelens van leerkrachten: een vergelijking tussen scholen met een verschillend onderwijsaanbod (antwoord% voor de categorie akkoord en helemaal akkoord ) 192 Tabel De schaalgegevens voor de geaggregeerde algemene onveiligheidsgevoelens van leerkrachten: opdeling naar onderwijsaanbod 193 Tabel De significantie van de verschillen in onveiligheidsgevoelens op school voor leerkrachten uit scholen met een ander onderwijsaanbod 193 Tabel De algemene onveiligheidsgevoelens van leerkrachten: een vergelijking tussen grootstedelijke en niet-grootstedelijke scholen (antwoord% op de categorie akkoord ) 194 Tabel De schaalgegevens voor de geaggregeerde algemene onveiligheidsgevoelens van leerkrachten: opdeling naar verstedelijkingsgraad 194 Hoofdstuk 11 Tabel 11.1 Bivariate multilevel analyses voor de perceptie van leerkrachten over delinquent gedrag (excl. Buso scholen) 199 Tabel 11.2 GTI: principale componentenanalyse 200 Tabel 11.3 Multilevel analyse: de invloed van de GTI op de perceptie van leerkrachten over delinquent gedrag 200 Tabel 11.4 De scholen met de hoogste en laagste geobserveerde waarde voor de perceptie van leerkrachten over delinquent gedrag 201 Tabel 11.5 De invloed van GTI op problematische afwezigheden: bivariate regressieanalyse 202 Tabel 11.6 De invloed van GTI op problematische afwezigheden: multivariate regressieanalyse 202 Tabel 11.7 Correlatie tussen de schoolgerelateerde onveiligheidsgevoelens van leerkrachten en hun algemene onveiligheidsgevoelens en mate van verzuring 205 Tabel 11.8 Multilevel analyse voor onveiligheidsgevoelens op school van leerkrachten in het secundair onderwijs 206 Tabel 11.9 Bivariate multilevel analyses voor onveiligheidsgevoelens op school bij leerkrachten 207 Tabel Multilevel analyse: de invloed van de GTI op de schoolgerelateerde onveiligheidsgevoelens van leerkrachten 207 Tabel Correlatiematrix voor de onveiligheidsgevoelens op school en de perceptie van antisociaal gedrag van leerkrachten 209 Tabel De invloed van de perceptie van antisociaal gedrag op de schoolgerelateerde onveiligheidsgevoelens van leerkrachten

11 Tabel Multilevel analyse ter verklaring van de schoolgerelateerde onveiligheidsgevoelens van leerkrachten 210 Tabel Invloed van GTI en perceptie van antisociaal gedrag op onveiligheidsgevoelens van leerkrachten 210 Tabel Bivariate multilevelanalyse voor de schoolgerelateerde onveiligheidsgevoelens van leerkrachten met de indicatoren voor welbevinden 211 Tabel Multilevel analyse voor onveiligheidsgevoelens van leerkrachten: de invloed van enkele houdingen van de leerkracht gecontroleerd op de GTI 212 Tabel Bivariate multilevelanalyse voor de onveiligheidsgevoelens op school met de indicatoren voor het schoolklimaat 212 Tabel Multilevel analyse voor onveiligheidsgevoelens op school van leerkrachten op school: de invloed van het schoolklimaat gecontroleerd op de GTI 213 FIGUREN Hoofdstuk 4 Figuur 4.1 Figuur 4.2 Figuur 4.3 Figuur 4.4 Figuur 4.5 Hoofdstuk 5 Figuur 5.1 Evolutie van de incidentie van daderschap van delinquent gedrag door leerlingen uit het 4de jaar secundair onderwijs (% ooit gepleegd) 82 Evolutie van de incidentie van daderschap van probleemgedrag op school door leerlingen uit het 4de jaar secundair onderwijs (% ooit gepleegd) 82 Evolutie van de incidentie van slachtofferschap van delinquent gedrag van leerlingen uit het 4de jaar secundair onderwijs (% ooit meegemaakt) 84 Evolutie van de incidentie van slachtofferschap van probleemgedrag van leerlingen uit het 4de jaar secundair onderwijs (% ooit meegemaakt) 84 Onveiligheidsgevoelens van leerlingen: een vergelijking doorheen de tijd op basis van de antwoordpercentages akkoord en heel akkoord 91 De perceptie van antisociaal gedrag: een vergelijking tussen leerlingen, leerkrachten en directie, op basis van de antwoordpercentages voor de categorieën vaak en heel vaak. 98 Hoofdstuk 6 Figuur 6.1 Figuur 6.2 Figuur 6.3 Figuur 6.4 Figuur 6.5 Figuur 6.6 Scatterplot van de geschatte en de geobserveerde waarden van het daderschap van het zelfgerapporteerde delinquent gedrag door leerlingen (R²=67%) 110 Scatterplot van de geschatte en de geobserveerde waarden voor het zelfgerapporteerde spijbelgedrag door leerlingen (R²=40%) 113 Scatterplot van de geschatte en de geobserveerde waarden voor het zelfgerapporteerde daderschap van delinquent gedrag door leerlingen (R²=62%) 115 Scatterplot van de geschatte en geobserveerde waarden voor de perceptie van leekrachten over delinquent gedrag (R²=55%) N= Scatterplot van de geschatte en de geobserveerde waarden voor de schoolgerelateerde onveiligheidsgevoelens bij leerkrachten (R²=42%) 120 Scatterplot van de geschatte en de geobserveerde waarden van de algemene onveiligheidsgevoelens van leerlingen (R²=46%)

12 Hoofdstuk 10 Figuur 10.1 Boxplot met de schaalscores voor de leerkrachten hun perceptie over antisociaal gedrag op school: een vergelijking naar onderwijsaanbod 182 Figuur 10.2 Boxplot met de schaalscores voor het ondersteunend personeel hun perceptie over antisociaal gedrag op school: een vergelijking naar onderwijsaanbod 183 Figuur 10.3 Boxplot met de schaalscores voor de leerkrachten hun perceptie over antisociaal gedrag op school: een vergelijking tussen grootstedelijke en niet-grootstedelijke scholen 184 Figuur 10.4 Boxplot met de schaalscores voor het ondersteunend personeel hun perceptie over antisociaal gedrag op school: een vergelijking tussen grootstedelijk en niet-grootstedelijke scholen 185 Figuur 10.5 Boxplot met de schaalscores voor de onveiligheidsgevoelens van leerkrachten op school: een vergelijking tussen scholen naar onderwijsaanbod 190 Figuur 10.6 Boxplot met de schaalscores voor de onveiligheidsgevoelens van leerkrachten op school: een vergelijking tussen grootstedelijk en niet-grootstedelijke scholen 191 Figuur 10.7 Boxplot met de schaalscores voor de algemene onveiligheidsgevoelens bij leerkrachten: een vergelijking tussen scholen naargelang hun onderwijsaanbod 193 Figuur 10.8 Boxplot met de schaalscores voor algemene onveiligheidsgevoelens bij leerkrachten: een vergelijking tussen grootstedelijke en niet-grootstedelijke scholen 194 Hoofdstuk 11 Figuur 11.1 Scatterplot: vergelijking tussen de geobserveerde en de geschatte waarden voor de perceptie van leerkrachten over delinquent gedrag (R²=39%) N= Figuur 11.2 Scatterplot: vergelijking tussen geschatte waarden en de gegevens vanuit het departement onderwijs voor problematische afwezigheden (R²=43%) N= Figuur 11.3 Scatterplot: vergelijking tussen de geschatte waarden en de gegevens vanuit het departement onderwijs voor problematische afwezigheden (R²=51%) N= Figuur 11.4 Scatterplot van de gemeten en geschatte waarden van de onveiligheidsgevoelens op school bij leerkrachten (R²=38%) 208 Figuur 11.5 Structureel model in amos voor de perceptie, GTI en de schoolgerelateerde onveiligheidsgevoelens van leerkrachten (gesatureerd model) (gestandaardiseerde effectparameters)

13 INLEIDING Antisociaal gedrag, waaronder geweld, op scholen vormt een zeer gegeerd nieuwsitem. Op basis van deze veelheid aan media-aandacht wordt vaak de conclusie getrokken dat geweld en antisociaal gedrag op school toeneemt. Leerkrachten, schooldirecties en onderwijsbeleid trachten zich dan ook te hoeden voor dit volgens velen alsmaar toenemende ongewenst gedrag op school. Over de omvang en werkelijke evolutie van antisociaal gedrag op scholen, is echter nog weinig geweten. Ondanks het ontbreken van cijfers over de juiste omvang, aard en evolutie van antisociaal gedrag op school, neemt de bezorgdheid en onrust bij alle onderwijsbetrokkenen toe. Deze bezorgdheid is zeker niet onterecht. Antisociaal gedrag en geweld op school hebben een grote impact op de leerlingen zelf en dit zowel op de daders als de slachtoffers, maar tevens op leerkrachten en het algemeen klas- en schoolklimaat. Meerdere studies hebben de relatie tussen (anti)sociaal gedrag en prestaties op school aangetoond (De Groof, 2003; De Groof & Smits, 2008; Vettenburg, 1988; Vettenburg & Huybregts, 2001), alsook de relatie met zelfbeeld en welbevinden (Bowen & Bowen, 1999; Deboutte, 2008; Burssens, 2007; De Groof, 2003; De Groof & Smits, 2008). Ook onveiligheidsgevoelens op school kunnen zowel bij leerlingen als bij leerkrachten verreikende gevolgen hebben. Ze kunnen leiden tot gedragsveranderingen, gaande van het via omwegen en in sneltempo naar huis fietsen tot het stellen van vermijdingsgedrag dat de kwaliteit van het leven ernstig aantast (de Savorin, Lohman & van Hoek, 1993). Op school kan zo n vermijdingsgedrag gaan om het mijden van de gang, de speelplaatsen of andere locaties waar men zich niet veilig voelt. In een gevorderd stadium kan het leiden tot spijbelen en langdurige afwezigheden. Leerlingen die zich onveilig voelen in hun schoolomgeving, gaan deze vermijden en blijven afwezig in de lessen en op school. Hetzelfde geldt voor de leerkrachten, wanneer zij zich niet veilig voelen, zullen ze zich sneller ziek melden en thuis blijven. Daarnaast kunnen onveiligheidsgevoelens een negatieve psychologische impact hebben. Ze kunnen leiden tot een verhoogd risico op depressie, moeilijk handelbare stress (Liska & Baccaglini, 1990) en een gebrek aan algemene levenstevredenheid bij leerlingen (Adams & Serpe, 2000). Leerkrachten die zich onveilig voelen op school, zijn minder gemotiveerd en ervaren meer stress, vermoeidheid en ontgoocheling (Ricketts, 2007). Onveiligheidsgevoelens kunnen tenslotte een invloed uitoefenen op de academische prestaties. Veiligheid is een basisbehoefte waaraan moet voldaan zijn vooraleer men cognitief succes kan boeken (Morrison & Furlon, 1994). Spijbelen - als vermijdingsgedrag ten gevolge van onveiligheidsgevoelens - kan deze negatieve impact op de schoolprestaties nog versterken. Frequent spijbelen leidt er immers toe dat een problematische leerachterstand wordt opgebouwd. Ook de onveiligheidsgevoelens van leerkrachten kunnen op langere termijn de academische prestaties van leerlingen beïnvloeden. Leerkrachten die zich onveilig voelen op school en daardoor minder gemotiveerd zijn en meer stress, vermoeidheid en ontgoocheling ervaren, zullen op een andere manier lesgeven dan sterk gemotiveerde en enthousiaste leerkrachten. De gevolgen kunnen zo ver reiken dat de kwaliteit van het lesgeven daalt (Roberts e.a., 2007). Dit kwaliteitsverlies kan op zijn beurt een effect hebben op de prestaties van de leerlingen (Bauman & Hurley, 2005). Deze manier van lesgeven komt tevens de relatie en binding met de leerlingen niet ten goede. Het minder goed functioneren van de leerkrachten kan zich vertalen in een verslechtering van de prestaties maar ook in een verslechtering van het gedrag van de leerlingen (Vettenburg, 1988). En aldus is de cirkel rond. De aandacht die uitgaat naar antisociaal gedrag en onveiligheidsgevoelens op school is dan ook meer dan terecht. Uit het schaarse onderzoek naar de onveiligheidsgevoelens bij leerkrachten blijkt evenwel dat deze weinig samenhangen met zware feiten, maar vooral verband houden met lichte feiten (Vettenburg & Huybregts, 2001). Een groot aantal leerkrachten (32 à 53%) voelt zich in geringe mate onveilig voor lichtere feiten en schoolgebonden normovertredend gedrag zoals opzettelijk de les storen, brutaliteiten, vandalisme en diefstal. Dit onderzoek lijkt dan ook de vaststelling in internationaal onderzoek, nl. dat onveiligheidsgevoelens in belangrijke mate onafhankelijk zijn van het objectief risico om slachtoffer te worden (Cops, 2009; Elchardus & Smits, 2003; Hough, 1995; Van Outrive & Walgrave, 1995; Vettenburg, 1999), te bevestigen. Onveiligheidsgevoelens blijken daarin niet zozeer het resultaat van een concrete angst om slachtoffer te worden, maar kristalliseren eerder bredere gevoelens van onbehagen. Preventieve en curatieve maatregelen voor antisociaal gedrag op school en onveiligheidsgevoelens bij leerlingen en leerkrachten vragen meer zicht op de oorzaken en evoluties van deze fenomenen. De ontwikkeling van een

14 monitoringsysteem kan een belangrijke meerwaarde leveren voor onderwijskundig beleid en voor schoolteams in het omgaan met probleemgedrag en onveiligheidsgevoelens op school. Alvorens over te gaan tot de ontwikkeling van een monitoringsysteem dient evenwel nagegaan te worden in welke mate dit haalbaar en wenselijk is. Deze haalbaarheid en wenselijkheid wensten we in het kader van dit onderzoek na te gaan. Het onderzoek zal nagaan of en hoe een monitoringsysteem kan uitgewerkt worden om de mate van antisociaal gedrag op school en de onveiligheidsgevoelens bij leerlingen en leerkrachten op te volgen. Daarnaast willen we met deze studie een meer objectief beeld schetsen van het voorkomen van antisociaal gedrag op Vlaamse scholen en de verwevenheid met onveiligheidsgevoelens bij Vlaamse leerkrachten. Het huidige project zal tenslotte een aantal belangrijke lacunes in de bestaande databanken kunnen aanwijzen en suggesties voor aanvullingen bieden. Met betrekking tot de vraag naar de haalbaarheid van een monitor wordt een onderscheid gemaakt tussen de haalbaarheidsfactoren voor de ontwikkeling van het instrument enerzijds, en voor de implementatie anderzijds. Met betrekking tot de ontwikkeling wensen we te onderzoeken welke indicatoren belangrijk en relevant zijn om te registreren, welke indicatoren objectief kunnen worden gemeten en welke indicatoren ethisch verantwoord zijn (vb. schenden ze niet de privacy van leerlingen, is het meten ervan niet nefast voor de toekomstige relatie tussen leerlingen en leerkrachten, ). Met betrekking tot de implementatie gaan we onder meer na in welke mate betrokken actoren zich bereid en bekwaam/deskundig achten om een monitor in te vullen, op welk niveau antisociaal gedrag en onveiligheidsgevoelens gemeten (niveau van de leerling, klas, school) en gerapporteerd (schoolintern, schoolextern) dient te worden alsook wat dit betekent dit voor de taakbelasting van het schoolteam en CLB s. Daarnaast wordt onderzocht in welke mate reeds bestaande registratiesystemen en databanken kunnen worden gebruikt. In een eerste onderzoeksluik worden de bestaande nationale en internationale literatuur omtrent antisociaal gedrag en onveiligheidsgevoelens op school en de meetinstrumenten voor antisociaal gedrag op school grondig doorgenomen. De rapportering daarvan vindt u in hoofdstukken 1 en 2. Hoofdstuk 1 gaat in op de literatuur inzake antisociaal gedrag. Na een definiëring van antisociaal gedrag worden meerdere beïnvloedende factoren beschreven. In een integratief verklaringsmodel worden deze factoren aan elkaar gerelateerd. In hoofdstuk 2 wordt de literatuur omtrent onveiligheidsgevoelens geschetst. Hoewel de focus in dit onderzoek ligt op de onveiligheidsgevoelens op school, wordt om een beter inzicht te verwerven in dit hoofdstuk vanuit een breder kader vertrokken. Twee grote paradigma s van waaruit men onveiligheidsgevoelens kan bekijken, namelijk het rationalistisch en het symbolisch paradigma, vormen daarbij de leidraad. Tevens wordt op basis van deze literatuurstudie en een grondige websearch een inventarisatie gemaakt van bestaande registratiesystemen en databanken die gegevens omvatten over antisociaal gedrag en onveiligheidsgevoelens op scholen. In hoofdstuk 3 vindt u de neerslag daarvan. Dit hoofdstuk omvat informatie over bestaande registraties van onder meer spijbelgedrag, pesten en geweld bij jongeren en op school in Vlaanderen en in de omliggende regio s en landen. In een tweede fase van het onderzoek wordt het bestaande datamateriaal grondig bestudeerd. Hierbij wordt gebruik gemaakt van de databanken waarover de vakgroep sociale agogiek en de onderzoeksgroep TOR beschikten. Het betreft een vijftal databanken met betrekking tot schoolonderzoek alsook een viertal algemene jongerenbevragingen waarin gegevens werden verzameld over daderschap, slachtofferschap en onveiligheidsgevoelens bij leerlingen en hun leerkrachten. In eerste instantie zal een inventarisatie en een technische beschrijving van schalen en meetinstrumenten die voorhanden zijn in de databanken worden gegeven. Verder zullen beschrijvende analyses worden uitgevoerd naar de frequentie van slachtofferschap, daderschap, onveiligheidsgevoelens (bij leerlingen en leerkrachten) en gekeken worden naar beïnvloedende factoren. Op basis van deze analyses zal tevens de validiteit en betrouwbaarheid van bestaande schalen en indicatoren omtrent daderschap, slachtofferschap en onveiligheidsgevoelens worden nagegaan. De resultaten van deze secundaire analyses worden gepresenteerd in de hoofdstukken 4 tot en met 6. In hoofdstuk 4 wordt de omvang van antisociaal gedrag besproken aan de hand van het daderschap en slachtofferschap van leerlingen en aan de hand van de perceptie van antisociaal gedrag bij leerlingen, leerkrachten en directie. Ook de omvang van de onveiligheidsgevoelens wordt in dit vierde hoofdstuk in beeld gebracht. Om uitspraken te kunnen doen over de haalbaarheid van de ontwikkeling en implementatie van een monitor om de incidentie van antisociaal gedrag en onveiligheidsgevoelens op school te meten, zoeken we indicatoren die relevant kunnen zijn om op te nemen in de monitor. In dit hoofdstuk wordt onderzocht of informatie en instrumenten uit Vlaamse databanken kunnen gebruikt worden voor het betrouwbaar meten van de incidentie van antisociaal gedrag en onveiligheidsgevoelens op school

15 Hoofdstuk 5 gaat in op de keuze van de juiste respondentengroep. Daarbij wordt gekeken naar welke groep (leerlingen, leraars of directie) de meest waarheidsgetrouwe weergave geven van de mate van antisociaal gedrag op school. In dit hoofdstuk onderzoeken we de betrouwbaarheid van de perceptie van antisociaal gedrag bij leerlingen, leerkrachten en directie door enerzijds de perceptie van deze drie groepen te vergelijken en anderzijds op zoek te gaan naar de factoren die de variantie in de perceptie kunnen verklaren. Wordt die perceptie vooral gevormd door het daadwerkelijk voorkomen van antisociaal gedrag op die school, dan wel door de samenstelling van de schoolpopulatie onafhankelijk van het daadwerkelijke antisociaal gedrag. Idealiter kan de variantie in de perceptie, welke een subjectieve maat is, volledig verklaard worden door de variantie in gerapporteerd antisociaal gedrag op school. Als dat het geval is, dan hebben we met de perceptie meteen de ideale maat voor antisociaal gedrag op school. In hoofdstuk 6 onderzoeken we de mogelijkheid van de risico-inschatting van antisociaal gedrag en onveiligheidsgevoelens op school, aan de hand van wat we in dit onderzoek Gemakkelijk Toegankelijke Indicatoren of kortweg GTI zullen noemen. Deze gemakkelijk toegankelijke indicatoren zijn gegevens die nu al worden geregistreerd en gecentraliseerd door het Departement Onderwijs en Vorming en waarvoor dus geen nieuw onderzoek nodig is om ze te bekomen (bv. percentage jongens, GOK-indicatoren,...). Een risicoanalyse van de scholen zou kunnen leiden tot heel gericht en selectief leerlingenonderzoek om antisociaal gedag in kaart te brengen. Op basis van de resultaten uit de literatuurstudie, de inventaris van de registratiesystemen en de secundaire analyses werd een nieuwe websurvey ontworpen, met een aangepaste versie voor leerkrachten, ondersteunend personeel en schooldirectie. Op basis van de voorgaande fases werden tevens 3 focusgroepgesprekken georganiseerd ter voorbereiding van de websurvey. In deze focusgroepgeprekken kwamen achtereenvolgens direct betrokkenen (leerkrachten, directie en CLB-medewerkers), experts op het vlak van antisociaal gedrag en onveiligheidsgevoelens bij jongeren en experts uit de onderwijswereld (Koepels, Pedagogische begeleidingsdiensten van koepels, inspectie, ) aan het woord. Na de websurvey werd nog een vierde heterogeen samengestelde focusgroep georganiseerd waar werd teruggeblikt op de websurvey. De technische beschrijving van de websurvey en focusgroepgesprekken is terug te vinden in hoofdstuk 7. In hoofdstuk 8 zal op basis van deze focusgroepgesprekken worden gepeild naar de haalbaarheid en wenselijkheid van registratiesystemen en monitors naar antisociaal gedrag en onveiligheidsgevoelens op school. In hoofdstuk 9 zal vervolgens de haalbaarheid en wenselijkheid beoordeeld worden op basis van de websurvey. Deze fase zal vooral informatie leveren over de implementatiemogelijkheden en moeilijkheden. In hoofdstuk 10 wordt op basis van de nieuwe survey een beeld geschetst van het antisociaal gedrag en de onveiligheidsgevoelens in Vlaamse scholen. De mate van antisociaal gedrag op Vlaamse scholen zal worden weergegeven aan de hand van de perceptie van leerkrachten, ondersteunend personeel en directies. Wat betreft het slachtofferschap van antisociaal gedrag en de onveiligheidsgevoelens beperken de gegevens zich tot de leerkrachten. Ten slotte zal hoofdstuk 11 afronden met verklarende analyses voor de onveiligheidsgevoelens van leerkrachten. Ook deze analyses zullen gebeuren op basis van de websurvey. In dit hoofdstuk repliceren we tevens de riscio-analyses die in hoofdstuk 6 werden uitgevoerd op de secundaire data. Voor de secundaire analyses was het niet mogelijk de koppeling te maken met de databanken van het Departement Onderwijs en Vorming, voor de nieuwe data is dit wel mogelijk. Bibliografie Adams, R.E. & Serpe, R.T. (2000). Social integration, fear of crime, and life satisfaction. Sociological Perspectives, 43(4), Bowen, Natasha K. en Bowen, Gary L. (1999). Effects of crime and violence in neighborhoods and schools on the social behavior and performance of adolescents. In Journal of Adolescent Research. 14 (3): Burssens, D. (2007). Onder, op en over de schreef. In: Vettenburg, N., Elchardus, M. & Walgrave, L. (red.) (2007). Jongeren in cijfers en letters. Bevindingen uit de JOP-monitor 1. Leuven: LannooCampus (pp ). Cops, D. (2007). Onveiligheidsgevoelens van jongeren onderzocht. In: Vettenburg, N., Deklerck, J. & Siongers, J. (2009). Jongeren binnenstebuiten. Thema's uit het jongerenleven onderzocht. Leuven/Den Haag: Acco. (pp ). Cops, D. (2007). Onveiligheidsgevoelens van jongeren onderzocht. In: Vettenburg, N., Deklerck, J. & Siongers, J. (2009). Jongeren binnenstebuiten. Thema's uit het jongerenleven onderzocht. Leuven/Den Haag: Acco. (pp ). De Groof, S. (2003). Leerlingenparticipatie nader bekeken. Een kwalitatief en kwantitatief onderzoek naar de betekenis en het belang van participatie op school. Vrije Universiteit Brussel. De Groof, Saskia & Smits, Wendy (2008). Rebel with(out) a cause? Een poging tot duiding van antisociaal gedrag bij jongeren. In: Weijers, Ido & Eliaerts, Christian (2008). Jeugdcriminologie. Achtergronden van jeugdcriminaliteit. Den Haag: Boom Juridische Uitgevers: De Savorin Lohman, P. & van Hoek, A. (1993). Onveiligheidsgevoelens nader bekeken. Een onderzoek ten behoeve van de integrale veiligheidsrapportage van het Ministerie van Binnenlandse Zaken. Deboutte, G. (2008). Pesten en geweld op school: Handreiking voor een daadkrachtig schoolbeleid. Brussel: Vlaams Ministerie van

16 Onderwijs en Vorming. Elchardus, M., & Smits, W. (2003). Bedreigd, kwetsbaar en hulpeloos: onveiligheidsgevoel in Vlaanderen In J. Lemaître & H. Van Geel (Eds.), Vlaanderen gepeild! (pp ). Brussel: Administratie Planning en Statistiek. Hough, M., Anxiety about crime: findings from the 1994 British Crime Survey, London, South Bank University, Liska, A.E. & Baccaglini, W. (1990). Feeling safe by comparison: crime in the newspaper. Social problems, 37(3), Morrison, G.M. & Furlong, M.J. (1994). School violence to school safety: Reframing the issue for school psychologists. /School Psychology Review/, 23(2), Van Outrive, L. & Walgrave, L. (1995). Veiligheid in onze dagen, In: Pattyn, B., e.a., Wegen van hoop: universitaire perspectieven, Leuven, Universitaire Pers, Vettenburg, N. & Huybregts, I. (2001). Onveiligheidsgevoelens en antisociaal gedrag: Een onderzoek naar de samenhang tussen de onveiligheidsgevoelens bij leerkrachten en het antisociaal gedrag bij leerlingen. Leuven: Onderzoeksgroep Jeugdcriminologie. Vettenburg, N. & Walgrave, L. (2008). Maatschappelijke kwetsbaarheid, school en verstedelijking. In: Weijers, I. & Eliaerts, C. (2008), Jeugdcriminologie. Achtergronden van jeugdcriminaliteit. Den Haag: Boom Juridische Uitgevers: Vettenburg, N. (1988). Schoolervaringen, delinquentie en maatschappelijke kwetsbaarheid, Leuven: Onderzoeksgroep Jeugdcriminologie. Vettenburg, N. (1999). Onveiligheidsgevoelens in de grootstad: Welzijns- of criminaliteitsgerelateerd, Planologisch Nieuws, 2,

17 HOOFDSTUK 1. ANTISOCIAAL GEDRAG VAN LEERLINGEN Tine Lievrouw, Dries Cardoen en Nicole Vettenburg 1. Inleiding Om de haalbaarheid en wenselijkheid van een monitor voor antisociaal gedrag te onderzoeken, starten wij met een korte literatuurstudie, met de bedoeling zicht te krijgen op recente definiëringen en beïnvloedende factoren. Vervolgens bekijken wij wat er aan meetinstrumenten bestaat om antisociaal gedrag op school te meten. 2. Naar een omschrijving van antisociaal gedrag op school 2.1. Algemene omschrijving In de onderzoeksliteratuur vinden we een waaier aan definities van antisociaal gedrag terug, vaak gekaderd vanuit diverse disciplines, invalshoeken en doelgroepen. In de criminologische literatuur wordt naast schoolgeweld ook delinquentie op school, schoolcriminaliteit en schoolslachtofferschap frequent gebruikt (Adams, 2000). Ongeacht de begripskeuze wordt antisociaal gedrag hier steeds gepercipieerd vanuit een slachtoffer- en daderperspectief: de dader overschrijdt sociale normen of justitiële regels ten nadele van het slachtoffer. Sommige auteurs definiëren antisociaal gedrag ruimer dan het overtreden van normen en regels. Cobia en Carney (2008) omschrijven het begrip als een continuüm van potentiële gedragingen binnen de adolescentiefase, gaande van duwen, lastigvallen en beledigen tot fysieke en seksuele agressie (zie ook Sherman, 1999). Andere auteurs benadrukken dat naast het individu ook instellingen, o.a. de school, het slachtoffer kunnen zijn van antisociaal gedrag. Zo omschrijft Ricketts (2007) gedrag pas als antisociaal indien het stellen van dit gedrag de vrede- en respectvolle educatieve missie van de school en het schoolklimaat bedreigt (zie ook Will & Neufeld, 2003). Henry (2000) wijst erop dat niet enkel individuen maar ook instituten als daders van antisociaal gedrag kunnen worden geduid. Geïnspireerd door Bourdieu (1977) integreert hij het begrip macht in zijn omschrijving van antisociaal gedrag, waarbij hij vooral de macht die instituties, educatieve structuren en sociale processen systematisch (bewust en onbewust) uitoefenen op individuen problematiseert. Dergelijke macht uit zich volgens Henry in allerlei hiërarchische constructies en leidt tot structurele dwang. In het onderwijs ziet hij bijvoorbeeld geweld in het puntensysteem en hoe leerlingen daarvoor in de gratie moeten komen van leerkrachten en hiervoor zelfs dankbaarheid demonstreren. Vooral het onzichtbare karakter en de manier waarop deze repressieve macht en disciplinerende mechanismen en premissen veelal als vanzelfsprekend worden beschouwd, lokken zijn kritiek uit. Meer psychologisch geïnspireerd onderzoek legt de nadruk op het individu en definieert antisociaal gedrag eerder als een uitingsvorm van individueel te diagnosticeren stoornissen of pathologische symptomen, zoals oppositioneel-uitdagend gedrag en persoonlijkheids- of gedragsstoornissen. Er wordt dan veelal gesproken van een antisociale gedragsstoornis, wat omschreven wordt als een zich herhalend en duurzaam gedragspatroon waarbij de grondrechten van anderen en belangrijke, bij de leeftijd horende, sociale normen of regels worden overtreden (American Psychiatric Association, 1994). Het contextuele karakter van antisociaal gedrag bemoeilijkt een algemene omschrijving van het begrip. Zo stelt Mayer (2001) dat elke maatschappij eigen verwachtingen en normen cultiveert op basis van dewelke men bepaald gedrag catalogiseert als zijnde antisociaal of normaal. Die normen en verwachtingen variëren dan niet alleen naargelang de tijd, maar ook naargelang de concrete setting en de doelgroep. Wat bijvoorbeeld ontoelaatbaar is voor minderjarigen (bv. alcoholgebruik, wapenbezit) is niet per se verboden voor volwassenen. Ook Eisenbraun (2007) ziet een historische evolutie

18 in de publieke perceptie, definiëring en consequenties van antisociaal gedrag. Een dergelijk historisch bewustzijn relativeert dan niet alleen de momentopname van een meting maar ook het object van de meting dat afhankelijk is van de tijdsgebonden probleemdefiniëring. Uit het bovenstaande wordt duidelijk dat een eenduidige definitie van antisociaal gedrag op school ontbreekt. Dit gebrek bemoeilijkt niet alleen de vergelijking van de resultaten uit (inter)nationaal onderzoek, maar ook de empirische studie van dit fenomeen (Vettenburg & Huybregts, 2001; McEvoy & Welker, 2000). In voorliggende studie hanteren wij een brede invulling waarbij ook ruimte wordt gelaten aan individuele en contextvariabelen: Antisociaal gedrag op school heeft betrekking op het hele spectrum van verbale en non-verbale interacties tussen personen die in of rond de school actief zijn, waarbij sprake is van daadwerkelijke of vermeende kwalijke bedoelingen die psychische, lichamelijke of materiële schade of letsel toebrengen aan personen of objecten in of rond de school en waarbij formele of informele gedragsregels geschonden worden (Vettenburg & Huybregts, 2001, p.8) Een verdere opdeling Om na te gaan of het haalbaar en wenselijk is om een monitor te ontwikkelen om antisociaal gedrag op school te meten dient antisociaal gedrag verder geoperationaliseerd te worden. Hiertoe worden de gebruikte opdelingen verder onderzocht. Zij laten zien welke aspecten van antisociaal gedrag bij de eventuele ontwikkeling van een meetinstrument in rekening kunnen worden genomen. In de literatuur van het voorbije decennium werden afhankelijk van het onderzoek en de gehanteerde invalshoek verschillende opdelingen gebruikt. Henry (2000) nuanceert de opdeling die Hagan voorstelt. Hagan s Pyramid of Crime (1977) classificeert antisociaal gedrag volgens de zogenaamde measures of seriousness. Afhankelijk van drie dimensies, nl. (1) de omvang van de schade die een gedrag veroorzaakt; (2) de toelaatbaarheid van het gedrag en de mate van consensus over die toelaatbaarheid en (3) de maatschappelijke reactie die gedragingen uitlokken, worden ze al dan niet als deviant(er) beschouwd. Hoe hoger een bepaalde gedraging op die dimensies scoort, hoe ernstiger het gedrag wordt beoordeeld. Henry (2000) stelt dat Hagans piramide enerzijds voorbijgaat aan de zichtbaarheid en uitgebreidheid van het fenomeen delinquentie en anderzijds aan de selectiviteit van de maatschappelijke reactie op dit fenomeen. Henry stelt een vijfdeling voor, opgevat vanuit een daderslachtofferdichotomie en gekaderd binnen de maatschappelijke context. Dit levert volgende ordening van antisociaal gedrag op: (1) antisociaal gedrag tussen leerlingen onderling, van leerlingen tegenover leerkrachten en van leerlingen tegenover de school; (2) antisociaal gedrag van leerkrachten tegenover leerlingen, van het schoolpersoneel tegenover leerlingen, van het schoolpersoneel tegenover leerkrachten, van leerkrachten of schoolpersoneel tegenover ouders en van ouders tegenover leerkrachten of schoolpersoneel; (3) antisociaal gedrag van de directie tegenover school of ouders, van het schooldistrict tegenover school of ouders, van de samenleving tegenover school of ouders en van lokale politici tegenover school of ouders; (4) van de overheid en het onderwijsbeleid tegenover school, van de overheid en het beleid tegenover leerling en van de media en de populaire cultuur tegenover leerlingen, schoolpersoneel; (5) schadelijke sociale processen en praktijken waar iedereen zich moet bij neerleggen en die lijken alsof ze behoren tot de sociale realiteit. Boroughs et al. (2005) classificeren antisociaal gedrag vanuit een meer pragmatisch perspectief. Ze stellen vijf categorieën voor die onderling met elkaar verbonden zijn, namelijk (1) drugs- en alcoholgebruik of wapendracht; (2) geweld zoals vechten, seksuele aanvallen of bedreigen; (3) opstandig gedrag in de klas (bv. het gebruik van schuttingstaal en ordeverstoring); (4) overtreden van schoolregels (bv. te laat komen, spijbelen, inbreken) en (5) wangedrag op de schoolbus. In die classificatie worden niet enkel vervolgbare gedragingen opgenomen, maar worden ook spijbelen en opzettelijk de les storen gezien als vormen van antisociaal gedrag. Bauman & Hurley (2005) sluiten zich hierbij aan, maar bestempelen ook roddelen en uitsluiten als probleemgedrag. Vanuit een ontwikkelingspsychologische benadering (Moffitt, 1993; Stormont, 2002; Broidy et al., 2003; de Wit, Slot & van Aken, 2007) wordt een tweedeling onderscheiden, respectievelijk life-course persistent antisocial behavior en adolescence-limited antisocial behavior. Waar life-course-persistent antisociaal gedrag vroeger start en blijft voortduren doorheen de levenscyclus, blijft adolescence-limited antisociaal gedrag beperkt tot de adolescentieperiode (Moffitt, 1993; Aguilar et al., 2000)

19 Andere auteurs baseren zich voor de ordening van types van antisociaal gedrag op de beweegredenen die aan dit gedrag ten gronde liggen. Deze auteurs maken het onderscheid tussen reactive of impulsief gedrag en proactive of beredeneerd antisociaal gedrag (McAdams & Lambie, 2003). Yavuzer et al. (2009) onderscheiden vijf gradaties van antisociaal gedrag op school: (1) fysieke of mondelinge aanval op een leerkracht of andere student; (2) bedreigingen met een geweer; (3) drugs- en alcoholgebruik; (4) verkrachting of poging daartoe en (5) verwonden of vermoorden van een leerkracht of andere leerling met een wapen. In voorliggend onderzoek wordt gekozen voor de vierdeling zoals voorgesteld door Vettenburg & Huybregts (2001). Zij onderscheiden volgende vier types van antisociaal gedrag: (1) fysiek geweld of bedreigingen (vechten, pesten, aanranding van de eerbaarheid en afpersing); (2) delinquent gedrag (dealen, druggebruik, brandstichting, diefstal, zwartrijden en vandalisme); (3) statusdelicten (spijbelen en weglopen) en (4) schoolgebonden normovertredend gedrag (opzettelijk de les storen, brutaliteiten en ongepast gedrag tegenover de leerkrachten). Deze opdeling houdt rekening met de ernst van de feiten en met het al dan niet juridisch vervolgbaar zijn. In de verdere analyses wordt deze vierdeling nog herleid tot een tweedeling, waarbij de eerste drie vormen - respectievelijk fysiek geweld of bedreigingen, delinquent gedrag en statusdelicten- onder de noemer delinquent gedrag worden ondergebracht en het schoolgebonden normovertredend gedrag als probleemgedrag op school omschreven wordt. 3. Risicofactoren voor antisociaal gedrag op school Er bestaat heel wat empirisch onderzoek naar risicofactoren van antisociaal gedrag (op school). Risicofactoren zijn geen oorzaken van antisociaal gedrag, maar zijn factoren die de kans dat jongeren zich antisociaal gedragen verhogen (Loeber et al., 2001). In dit hoofdstuk vatten we enkele recente onderzoeksresultaten samen. Hiertoe hanteren we Loeber s (2000) opdeling die mogelijke risicofactoren situeert op vijf onderling gerelateerde domeinen, nl. het individuele domein, het gezin, de school, de leeftijdsgenoten en de wijk. We merken op dat de bestaande onderzoeksresultaten niet altijd consistent zijn. Kenmerken die in het ene onderzoek significant blijken samen te hangen met geweld, worden in ander onderzoek niet relevant bevonden. Deze inconsistentie in onderzoeksresultaten heeft onder meer te maken met het feit dat de besproken onderzoeken onderling vaak verschillen wat hun methodologie betreft. Enkele methodologische kanttekeningen vooraf bij de onderzoeksresultaten achten we dan ook op hun plaats (Vettenburg & Huybrechts, 2001). Vooreerst kunnen onderzoeken onderling sterk verschillen op het vlak van definiëring en operationalisering van zowel afhankelijke als onafhankelijke variabelen. Dit kan mee aan de basis liggen van inconsistenties in onderzoeksresultaten (Edens, 1999). Bovendien merken we op dat onderzoekers soms verzuimen aan te geven hoe de verschillende variabelen in hun onderzoek concreet geoperationaliseerd werden. Wat antisociaal gedrag als afhankelijke variabele betreft, hanteren een aantal onderzoeken slechts één globale maat. Dergelijk onderzoek levert uiteraard veel beperktere resultaten op in vergelijking met onderzoek dat onderscheid maakt tussen verschillende vormen van antisociaal gedrag. Het is immers perfect mogelijk dat de onderzochte onafhankelijke variabele wel mét de ene, maar niet of in omgekeerde zin met de andere vorm van geweld op school samenhangt. Bij het gebruik van een globale maat voor antisociaal gedrag kunnen deze samenhangen echter verborgen blijven doordat ze elkaar afzwakken of opheffen en is het gevaar reëel dat men ten onrechte vaststelt dat er geen verband bestaat met de onafhankelijke variabele (Free, 1991). Ten tweede kunnen onderzoeken verschillen wat betreft de gehanteerde onderzoeksmethode. Ook dit kan inconsistenties in onderzoeksbevindingen mee verklaren. Verschillende bronnen kunnen immers uiteenlopende resultaten opleveren. Om de validiteit van de onderzoeksresultaten te optimaliseren is het verwerven van op diverse wijzen verkregen en wederzijds controleerbare informatie -zeker bij een thema als antisociaal gedrag op school- prioritair (Edens, 1999). De overgrote meerderheid van het bestaand onderzoek beperkt zich echter tot één methode: hetzij zelfbeoordeling, hetzij beoordeling door anderen, hetzij observatie, hetzij officiële registratie. Ten derde hanteren onderzoeken niet altijd dezelfde steekproef. Zo beperken sommige onderzoeken zich tot jongeren uit verstedelijkte gebieden, andere beperken zich tot bepaalde leerjaren, studierichtingen, onderwijsvormen of risicoscholen (Lawrence, 1998). Naast het feit dat dergelijke onderzoeken in principe niet toelaten uitspraken te doen over de

20 onderzoekspopulatie van leerplichtige leerlingen als geheel, maakt dit verschil in gehanteerde steekproeven de onderlinge vergelijking van onderzoeksresultaten minder zinvol. Het is immers mogelijk dat bepaalde kenmerken wel relevant zijn voor de ontwikkeling van antisociaal gedrag bij sommige jongeren, maar niet bij andere. Besluitend kunnen we stellen dat de bestaande onderzoeken onderling op een aantal methodologische aspecten kunnen verschillen. Deze verschillen verklaren deels de inconsistenties in onderzoeksresultaten. Resultaten van onderzoek moeten dus steeds bekeken worden tegen de achtergrond van de onderzoeksmethodologie. Daarom valt het des te meer te betreuren dat een aantal onderzoekers verzuimen hun onderzoeksmethodologie uitvoerig te beschrijven Persoonsgebonden kenmerken In de literatuur vinden we verschillende persoonsgebonden kenmerken terug die significant correleren met antisociaal gedrag op school. We onderscheiden de demografische kenmerken (bv. geslacht, leeftijd en etniciteit) of de meer objectieve persoonskenmerken en de subjectieve persoonlijkheidskenmerken (bv. welbevinden en temperament). Geslacht Heel wat empirische studies bevestigen de samenhang tussen antisociaal gedrag (op school) en het geslacht van jongeren (Furlong & Morrison, 2000; Mayer, 2001; Moffitt, 2002; Alexander, 2002; Junger-Tas et al., 2008; Cops & Op de Beeck, 2011). Die invloed laat zich zowel voelen in de prevalentie als in de aard van antisociaal gedrag (Koops & Slot, 1998). Mannen gedragen zich niet alleen opvallend meer antisociaal dan vrouwen, maar ze uiten dit ook op een andere manier. Waar meisjes eerder heimelijk gedrag vertonen zoals uitsluiten en roddelen, stellen jongens meer openlijk gedrag zoals bijvoorbeeld vechten, pesten en stelen (Acoca,1999). Verder blijken mannelijke leerlingen niet alleen vaker de dader, maar ook vaker het slachtoffer van allerlei vormen van antisociaal gedrag (Fattah, 1991). Een recente studie van Cops & Op de Beeck (2011) nuanceert echter die bevinding. Volgens hun onderzoek worden jongens vaker dan meisjes het slachtoffer van vandalisme, afpersing, bedreiging met een wapen en fysiek geweld. Meisjes daarentegen worden meer geconfronteerd met diefstal of worden meer lastiggevallen op straat. In aansluiting met feministische auteurs zoals Young (1988) en Valentine (1992) concluderen Cops en Op de Beeck (2011) hieruit dat traditionele slachtofferenquêtes en andere zelfrapportagestudies in gebreke blijven omdat ze er niet in slagen bepaalde delicttypes (zoals huiselijk geweld) en andere lichte feiten (zoals intimidatie en publiekelijk lastigvallen) waarmee vrouwen meer geconfronteerd worden dan mannen, op een effectieve wijze mee in rekening te brengen. Leeftijd Ook de leeftijd van jongeren correleert met antisociaal gedrag op school. Adolescenten stellen opvallend meer delinquent gedrag dan volwassenen. Zo tonen Wartna & Tollenaar (2004) aan dat de prevalentie van antisociaal gedrag piekt rond het 17 e levensjaar om vanaf 21 jaar geleidelijk aan terug af te nemen. Die prevalentiepiek is vooral te wijten aan de hoge mate van leeftijdsgebonden delinquentie. Met het oog op het volwassen leven experimenteren jongeren immers met allerlei vormen van gedrag, waaronder ook delinquent gedrag (Moffitt, 1993; Goris & Walgrave, 2002). Bij de meerderheid van die jongeren beperkt dit grensoverschrijdend gedrag zich tot de adolescentiefase (adolescence-limited antisocial behavior, Moffitt, 1993), maar voor een kleine minderheid heeft dit gedrag echter een persisterend karakter (life-course persistent antisocial behavior, Moffitt, 1993). In dat verband speelt the age of onset een rol (Tolan, 1987; Aguilar et al., 2000). Anders dan bij de tijdelijke delinquenten, vertoont de persistente groep al vanaf de vroege kindertijd een escalatie van probleemgedrag, die ernstige en gewelddadige delinquentie tijdens de volwassenheid voorspelt (Donker, 2004). Etniciteit Een derde leerlingkenmerk dat vaak in verband wordt gebracht met geweld op school betreft etniciteit (Yavuzer et al., 2009). Hoewel Belgische studies schaars zijn, suggereert internationaal onderzoek dat allochtone leerlingen meer antisociaal gedrag stellen dan autochtone leerlingen (Diekstra et al., 2004; Cobia & Carney, 2008). Wel wordt de rol van etniciteit genuanceerd. Volgens sommige auteurs wordt de relatie tussen etnische afkomst en delinquentie niet zozeer verklaard door het etnisch-cultureel anders zijn an sich, maar wel door mediërende factoren zoals, de veelvuldige confrontatie met racisme en discriminatie, de moeilijke binding met de dominante samenleving en de economisch

JONGEREN EN GEWELD DADER- EN SLACHTOFFERSCHAP GEMETEN EN BELEEFD

JONGEREN EN GEWELD DADER- EN SLACHTOFFERSCHAP GEMETEN EN BELEEFD JONGEREN EN GEWELD DADER- EN SLACHTOFFERSCHAP GEMETEN EN BELEEFD Jongeren en geweld Dader- en slachtofferschap gemeten en beleefd Evi Verdonck, Diederik Cops, Prof. dr. Stefaan Pleysier en Prof. dr. Johan

Nadere informatie

Grensoverschrijdend gedrag ten aanzien van kinderen in de sport in Vlaanderen en Nederland

Grensoverschrijdend gedrag ten aanzien van kinderen in de sport in Vlaanderen en Nederland Grensoverschrijdend gedrag ten aanzien van kinderen in de sport in Vlaanderen en Nederland Een retrospectieve zelfrapportering van ervaringen met psychisch, fysiek en seksueel in de sport voor de leeftijd

Nadere informatie

Preventie van Psychosociale Risico s op de Werkvloer. Wet, Wat en Hoe? Bart Vriesacker Psychosociaal departement

Preventie van Psychosociale Risico s op de Werkvloer. Wet, Wat en Hoe? Bart Vriesacker Psychosociaal departement Preventie van Psychosociale Risico s op de Werkvloer Wet, Wat en Hoe? Bart Vriesacker Psychosociaal departement Inhoudsopgave Psychosociale risico s? De nieuwe wetgeving De psychosociale risicoanalyse

Nadere informatie

Maatschappelijke kwetsbaarheid op school

Maatschappelijke kwetsbaarheid op school Maatschappelijke kwetsbaarheid op school Nicole Vettenburg Majong vzw/ UGent Studie(voormiddag) Welwijs Schaarbeek, 6 oktober 2009 Inhoud Kwetsbaarheid op school Wat is maatschappelijke kwetsbaarheid?

Nadere informatie

Veilige leeromgeving. www.nji.nl

Veilige leeromgeving. www.nji.nl Veilige leeromgeving www.nji.nl Definitie Onder een sociaal veilige leeromgeving wordt verstaan: de omstandigheden waarin iedere leerling en professional zich gerespecteerd en aanvaard weet, ongeacht religie,

Nadere informatie

(Problematisch) spijbelen in Vlaanderen

(Problematisch) spijbelen in Vlaanderen (Problematisch) spijbelen in Vlaanderen Bram Spruyt (Bram.spruyt@vub.ac.be) Gil Keppens (Gil.Keppens@vub.ac.be) Onderzoeksgroep TOR (VUB) 24/11/2014 pag. 1 Basis OBPWO 11.03: Van occasionele tot reguliere

Nadere informatie

Gezondheidsvaardigheden van schoolverlaters

Gezondheidsvaardigheden van schoolverlaters Gezondheidsvaardigheden van schoolverlaters Lea Maes, PhD Universiteit Gent Faculteit Geneeskunde en Gezondheidswetenschappen Vakgroep Maatschappelijke Gezondheidkunde Health literacy health literacy represents

Nadere informatie

Protocol veilig klimaat

Protocol veilig klimaat Protocol veilig klimaat Onze school wil een veilige school zijn voor iedereen. Kernwoorden hierbij zijn respect voor en acceptatie van elkaar. Een goede samenwerking tussen personeel, ouders/verzorgers

Nadere informatie

NEDERLANDSE SAMENVATTING

NEDERLANDSE SAMENVATTING NEDERLANDSE SAMENVATTING Zedendelicten vormen een groot maatschappelijk probleem met ernstige gevolgen voor zowel het slachtoffer als voor de dader. Hoewel de meeste zedendelicten worden gepleegd door

Nadere informatie

Jongeren en Gezondheid 2014 : Studie

Jongeren en Gezondheid 2014 : Studie Jongeren en Gezondheid 2014 : Studie Algemeen De studie Jongeren en Gezondheid maakt deel uit van de internationale studie Health Behaviour in School-Aged Children (HBSC), uitgevoerd onder toezicht van

Nadere informatie

PROTOCOL GRENSOVERSCHRIJDEND GEDRAG

PROTOCOL GRENSOVERSCHRIJDEND GEDRAG PROTOCOL GRENSOVERSCHRIJDEND GEDRAG Op de Lidwinaschool gelden algemene gedragsregels voor leerlingen, leerkrachten, ouders, schoolleiding en andere medewerkers. Die staan beschreven in een gedragscode.

Nadere informatie

Gezondheid en (psycho)somatische klachten bij adolescenten in Vlaanderen 2014

Gezondheid en (psycho)somatische klachten bij adolescenten in Vlaanderen 2014 Gezondheid en (psycho)somatische klachten bij adolescenten in Vlaanderen 214 Inleiding Gezondheid in de internationale HBSC (Health Behaviour in School-aged Children) studie en in de Wereldgezondheidsorganisatie

Nadere informatie

Vragenlijst ouders 2015

Vragenlijst ouders 2015 Vragenlijst ouders 2015 Uitslagen Vragenlijst KBS De Wilgenburg Inhoudsopgave Inhoudsopgave... 1 Inleiding... 2 De vragenlijst... 3 Gegevens... 3 Schoolgegevens... 4 Periode van afname... 4 Aantal respondenten...

Nadere informatie

Protocol Incidentenregistratie

Protocol Incidentenregistratie Protocol Incidentenregistratie Internetversie Vastgesteld 14 juni 2012 Inhoud 1 TOEPASSINGSGEBIED... 3 2 DEFINITIES... 3 3 ACHTERGROND... 3 4 UITVOERING... 3 4.1 Doorgeven en melden incidenten decentraal...

Nadere informatie

visie, gedrag, overtuigingen, gevoelens, handelen, reflectie

visie, gedrag, overtuigingen, gevoelens, handelen, reflectie Boek : Auteur : Bespreker : Jo Dauwen Datum : juni 2010 Gedragsproblemen in scholen Het denken en handelen van leraren Kees van der Wolf en Tanja van Beukering, Acco ISBN: 9 789033 474989. In een notendop

Nadere informatie

SCHOLEN, DE PLAATS BIJ UITSTEK OM JONGEREN TE BEVRAGEN?

SCHOLEN, DE PLAATS BIJ UITSTEK OM JONGEREN TE BEVRAGEN? SCHOLEN, DE PLAATS BIJ UITSTEK OM JONGEREN TE BEVRAGEN? Lessen uit scholenonderzoek in Vlaanderen Jessy Siongers Universiteit Gent Vrije Universiteit Brussel Steunpunt Cultuur & Jeugdonderzoeksplatform

Nadere informatie

Vragenlijst ouders. Uitslagen Vragenlijst. CBS De Stifthorst

Vragenlijst ouders. Uitslagen Vragenlijst. CBS De Stifthorst Vragenlijst ouders Uitslagen Vragenlijst CBS De Stifthorst Inhoudsopgave Inhoudsopgave... 1 Inleiding... 3 De vragenlijst... 4 Gegevens... 6 Schoolgegevens... 6 Periode van afname... 6 Aantal respondenten...

Nadere informatie

Sociale Veiligheid 2015

Sociale Veiligheid 2015 Sociale Veiligheid 2015 Uitslagen Vragenlijst Nutsbasisschool De Hoogakker Inhoudsopgave Inhoudsopgave... 1 Inleiding... 2 De vragenlijst... 2 Gegevens... 4 Schoolgegevens... 4 Periode van afname... 4

Nadere informatie

5 Samenvatting en conclusies

5 Samenvatting en conclusies 5 Samenvatting en conclusies In 2008 werden in Nederland bijna 5,2 miljoen mensen het slachtoffer van criminaliteit (cbs 2008). De meeste van deze slachtoffers kregen te maken met diefstal of vernieling,

Nadere informatie

Dit proefschrift presenteert de resultaten van het ALASCA onderzoek wat staat voor Activity and Life After Survival of a Cardiac Arrest.

Dit proefschrift presenteert de resultaten van het ALASCA onderzoek wat staat voor Activity and Life After Survival of a Cardiac Arrest. Samenvatting 152 Samenvatting Ieder jaar krijgen in Nederland 16.000 mensen een hartstilstand. Hoofdstuk 1 beschrijft de achtergrond van dit proefschrift. De kans om een hartstilstand te overleven is met

Nadere informatie

Inleiding. Johan Van der Heyden

Inleiding. Johan Van der Heyden Inleiding Johan Van der Heyden Wetenschappelijk Instituut Volksgezondheid Operationele Directie Volksgezondheid en surveillance J. Wytsmanstraat, 14 B - 1050 Brussel 02 / 642 57 26 E-mail : johan.vanderheyden@iph.fgov.be

Nadere informatie

International Civic and Citizenship Education Study (ICCS)

International Civic and Citizenship Education Study (ICCS) International Civic and Citizenship Education Study (ICCS) Vlaanderen in ICCS 2009 International Civic and Citizenship Education Study (ICCS) Vlaanderen in ICCS 2009 1 Saskia De Groof 1 Mark Elchardus

Nadere informatie

Gezondheidsbeleving bij Jongeren in Limburg

Gezondheidsbeleving bij Jongeren in Limburg Gezondheidsbeleving bij Jongeren in Limburg Enkele resultaten uit het Euregionaal jongerenonderzoek 08 rond welbevinden en zelfdoding bij Limburgse jongeren 3de en 5de jaar GSO/2de tot 5de jaar BuSO Ellen

Nadere informatie

Ouders Sociale Veiligheid 2014

Ouders Sociale Veiligheid 2014 Ouders Sociale Veiligheid 2014 Uitslagen Vragenlijst Koningin Julianaschool Inhoudsopgave Inhoudsopgave... 1 Inleiding... 2 De vragenlijst... 2 Gegevens... 4 Schoolgegevens... 4 Periode van afname... 4

Nadere informatie

Vragenlijst sociale veiligheid ouders 2013-2014

Vragenlijst sociale veiligheid ouders 2013-2014 Vragenlijst sociale veiligheid ouders 2013-2014 Uitslagen Vragenlijst obs De Speelwagen Inhoudsopgave Inhoudsopgave... 1 Inleiding... 2 De vragenlijst... 2 Gegevens... 4 Schoolgegevens... 4 Periode van

Nadere informatie

vragenlijst sociale veiligheid ouders 2014

vragenlijst sociale veiligheid ouders 2014 vragenlijst sociale veiligheid ouders 2014 Uitslagen Vragenlijst R.K.basisschool Johannes Paulus Inhoudsopgave Inhoudsopgave... 1 Inleiding... 2 De vragenlijst... 2 Gegevens... 4 Schoolgegevens... 4 Periode

Nadere informatie

Gedragsincidenten SWIS Suite

Gedragsincidenten SWIS Suite Gedragsincidenten SWIS Suite Achtergrond en handreikingen voor definiëring probleemgedrag Op 20 januari 2015 presenteerde staatssecretaris Dekker het wetsvoorstel omtrent sociale veiligheid in de school.

Nadere informatie

Verantwoord omgaan met Wi-Fi en gsm-straling op school

Verantwoord omgaan met Wi-Fi en gsm-straling op school Reflectievragen bij het schoolbeleid voor het verantwoord omgaan met moderne communicatietechnologie Rita Van Durme Departement Onderwijs en Vorming Scholen Zoeken naar manieren om kinderen en jongeren

Nadere informatie

Leerkrachtentevredenheidspeiling

Leerkrachtentevredenheidspeiling Leerkrachtentevredenheidspeiling Uitslagen Vragenlijst Basisschool De Eendragt Inhoudsopgave Inhoudsopgave... 1 Inleiding... 3 De vragenlijst... 4 Gegevens... 6 Schoolgegevens... 6 Periode van afname...

Nadere informatie

Vragenlijst Sociale veiligheid ouders 2013-2014

Vragenlijst Sociale veiligheid ouders 2013-2014 Vragenlijst Sociale veiligheid ouders 20132014 Uitslagen Vragenlijst St. Jozefschool Inhoudsopgave Inhoudsopgave... 1 Inleiding... 2 De vragenlijst... 2 Gegevens... 4 Schoolgegevens... 4 Periode van afname...

Nadere informatie

Inhoud van de presentatie

Inhoud van de presentatie De overgang van het basis- naar het secundair onderwijs vanuit ontwikkelingspsychologisch perspectief Annelies Somers i.s.m. Prof. Hilde Colpin Prof. Karine Verschueren ~ Centrum voor Schoolpsychologie

Nadere informatie

Slachtoffers van woninginbraak

Slachtoffers van woninginbraak 1 Slachtoffers van woninginbraak Fact sheet juli 2015 Woninginbraak behoort tot High Impact Crime, wat wil zeggen dat het een grote impact heeft en slachtoffers persoonlijk raakt. In de regio Amsterdam-Amstelland

Nadere informatie

Gedragscode Bernardusschool Den Haag

Gedragscode Bernardusschool Den Haag Gedragscode Bernardusschool Den Haag Ruychrocklaan 340 2597 EE Den Haag Wat is een gedragscode? Een belangrijk onderdeel van veiligheidsbeleid is het opstellen van regels voor het sociale verkeer op school.

Nadere informatie

WATERS; NO. 2014.21733 1 8 SEP 2014 I N ( Ä

WATERS; NO. 2014.21733 1 8 SEP 2014 I N ( Ä Ministerie van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties > Retouradres Postbus 20011 2500 EA Den Haag Aan de Dijkgraaf Datum 15 september 2014 fc WATERS; NO. I N ( Ä Betreft monitor Openbaar Bestuur 2014

Nadere informatie

Goede praktijkvoorbeelden als strategie voor onderwijsvernieuwing?

Goede praktijkvoorbeelden als strategie voor onderwijsvernieuwing? Goede praktijkvoorbeelden als strategie voor onderwijsvernieuwing? Problematiseren en er voorbij Geert Kelchtermans Praktijkvoorbeelden zijn in PV in de hitparade van populair onderwijsjargon Eenvoudige

Nadere informatie

ICCS International Civic & Citizenship Education Study

ICCS International Civic & Citizenship Education Study ICCS International Civic & Citizenship Education Study Vlaanderen onderzoekt samen met 38 andere landen wereldwijd de burgerzin bij zijn veertienjarigen. We peilen naar hun kennis, attitudes en vaardigheden

Nadere informatie

FOCUS OP SCHOOLVEILIGHEID

FOCUS OP SCHOOLVEILIGHEID FOCUS OP SCHOOLVEILIGHEID Rapport Halt-thermometer 2012-2013 RSG Magister Alvinus Sneek Inleiding Een veilige omgeving is een noodzakelijke voorwaarde voor leren en ontwikkelen. Toch is niet altijd alles

Nadere informatie

Vragenlijst Sociale Veiligheid ouders februari 2016

Vragenlijst Sociale Veiligheid ouders februari 2016 Vragenlijst Sociale Veiligheid ouders februari 2016 Uitslagen Vragenlijst Protestants-christelijke basisschool "De Wijngaard" Inhoudsopgave Inhoudsopgave... 1 Inleiding... 2 De vragenlijst... 2 Gegevens...

Nadere informatie

Vraag nr. 234 van 1 februari 2013 van GÜLER TURAN

Vraag nr. 234 van 1 februari 2013 van GÜLER TURAN VLAAMS PARLEMENT SCHRIFTELIJKE VRAGEN JO VANDEURZEN VLAAMS MINISTER VAN WELZIJN, VOLKSGEZONDHEID EN GEZIN Vraag nr. 234 van 1 februari 2013 van GÜLER TURAN Eenzaamheid bij jongeren Thuisonderwijs In het

Nadere informatie

sociale veiligheid ouders

sociale veiligheid ouders sociale veiligheid ouders Uitslagen Vragenlijst Maharishi Basisschool "De Fontein" Inhoudsopgave Inhoudsopgave... 1 Inleiding... 2 De vragenlijst... 2 Gegevens... 4 Schoolgegevens... 4 Periode van afname...

Nadere informatie

Methoden van het Wetenschappelijk Onderzoek: Deel II Vertaling pagina 83 97

Methoden van het Wetenschappelijk Onderzoek: Deel II Vertaling pagina 83 97 Wanneer gebruiken we kwalitatieve interviews? Kwalitatief interview = mogelijke methode om gegevens te verzamelen voor een reeks soorten van kwalitatief onderzoek Kwalitatief interview versus natuurlijk

Nadere informatie

Enquete leerkrachten. Uitslagen Vragenlijst. CBS Melodie

Enquete leerkrachten. Uitslagen Vragenlijst. CBS Melodie Enquete leerkrachten Uitslagen Vragenlijst CBS Melodie Inhoudsopgave Inhoudsopgave... 1 Inleiding... 2 De vragenlijst... 3 Gegevens... 3 Schoolgegevens... 4 Periode van afname... 4 Aantal respondenten...

Nadere informatie

Referentie Vandercammen, M. (2009). Jongeren en kansspelen. Brussel: OIVO.

Referentie Vandercammen, M. (2009). Jongeren en kansspelen. Brussel: OIVO. 1. Referentie Referentie Vandercammen, M. (2009). Jongeren en kansspelen. Brussel: OIVO. Taal Nederlands ISBN - ISSN / Publicatievorm onderzoeksrapport 2. Abstract In dit onderzoek, uitgevoerd door het

Nadere informatie

Pascal Smet reageert op gebrek aan kennis in onderwijs - Belg...

Pascal Smet reageert op gebrek aan kennis in onderwijs - Belg... Pascal Smet reageert op gebrek aan kennis in onderwijs (http://www.knack.be/auteurs/simon-demeulemeester/author- Simon Demeulemeester demeulemeester/author-4000174167085.htm) woensdag 23 januari 2013 om

Nadere informatie

Een alcohol- en drugbeleid voor het secundair onderwijs

Een alcohol- en drugbeleid voor het secundair onderwijs Een alcohol- en drugbeleid voor het secundair onderwijs V E R E N I G I N G V O O R A L C O H O L - E N A N D E R E D R U G P R O B L E M E N ( V A D ) W W W. V A D. B E Een beleid opzetten Middelengebruik

Nadere informatie

Registratie van geweld op het Atlas College

Registratie van geweld op het Atlas College Registratie van geweld op het Atlas College CSL/werkgroep Incidentenregistratie maart 2005 Inhoud 1. Inleiding... 3 1.1 Waarom registratie van geweld?... 3 1.2 Om welke vormen van geweld gaat het?... 3

Nadere informatie

Vragenlijst Sociale Veiligheid (lln)

Vragenlijst Sociale Veiligheid (lln) Vragenlijst Sociale Veiligheid (lln) Uitslagen Vragenlijst De Bakelgeert Inhoudsopgave Inhoudsopgave... 1 Inleiding... 2 De vragenlijst... 3 Gegevens... 3 Schoolgegevens... 4 Periode van afname... 4 Aantal

Nadere informatie

waarbij de leerkracht er toe doet

waarbij de leerkracht er toe doet Een geïntegreerde socioemotionele leerlingenbegeleiding waarbij de leerkracht er toe doet Workshop Ontmoetingsdag HGW 16 september 2010 Gent Karen Jacobs, Universiteit Antwerpen 1. De SEG-vragenlijst WERKMOMENT

Nadere informatie

MICTIVO - Monitor ICT-Integratie in het Vlaamse Onderwijs, design en opzet van een follow-up monitor

MICTIVO - Monitor ICT-Integratie in het Vlaamse Onderwijs, design en opzet van een follow-up monitor MICTIVO - Monitor ICT-Integratie in het Vlaamse Onderwijs, design en opzet van een follow-up monitor Auteurs: - dr. Bram Pynoo, Universiteit Gent, vakgroep Onderwijskunde, Bram.Pynoo@ugent.be - Stephanie

Nadere informatie

Vragenlijsten personeel

Vragenlijsten personeel Vragenlijsten personeel Uitslagen Vragenlijst De Brink Inhoudsopgave Inhoudsopgave... 1 Inleiding... 3 De vragenlijst... 4 Gegevens... 6 Schoolgegevens... 6 Periode van afname... 6 Aantal respondenten...

Nadere informatie

Symposiumvoorstel Onderwijs Research Dagen 2013

Symposiumvoorstel Onderwijs Research Dagen 2013 Symposiumvoorstel Onderwijs Research Dagen 2013 1. Auteurs Jaap Roeleveld, Kohnstamm Instituut, Universiteit van Amsterdam (jroeleveld@kohnstamm.uva.nl) Ed Smeets, ITS, Radboud Universiteit Nijmegen (e.smeets@its.ru.nl)

Nadere informatie

3. Bouwsteen 3: Evalueren en bijsturen van de persoonlijke leerkrachtstijl

3. Bouwsteen 3: Evalueren en bijsturen van de persoonlijke leerkrachtstijl 3. Bouwsteen 3: Evalueren en bijsturen van de persoonlijke leerkrachtstijl Jo Voets, orthopedagoog, gedragstherapeut en pedagogisch directeur van het Centrum Bethanië (Genk), is al jarenlang een groot

Nadere informatie

Gedragsincidenten SWIS Suite

Gedragsincidenten SWIS Suite Gedragsincidenten SWIS Suite Achtergrond en handreikingen voor definiëring probleemgedrag Per 1 september 2015 zijn scholen verlicht om een sociaal veiligheidsbeleid te hanteren. Deze wetswijziging van

Nadere informatie

Protocol Agressie, Geweld en Diefstal RK Bs De Duinsprong

Protocol Agressie, Geweld en Diefstal RK Bs De Duinsprong Protocol Agressie, Geweld en Diefstal RK Bs De Duinsprong Agressie En Geweld... 2 Richtlijn... 2 Verantwoordelijkheid en aansprakelijkheid... 3 Stappenplan bij agressief gedrag van:... 3 De medewerker...

Nadere informatie

Nederlandse Samenvatting

Nederlandse Samenvatting Nederlandse Samenvatting Titel: Cognitieve Kwetsbaarheid voor Depressie: Genetische en Omgevingsinvloeden Het onderwerp van dit proefschrift is cognitieve kwetsbaarheid voor depressie en de wisselwerking

Nadere informatie

12 mei 2009, c.q. 18 mei 2009 (per mail)

12 mei 2009, c.q. 18 mei 2009 (per mail) Naam document: Schoolreglement Versie 4 Voorstel van AD d.d. 12-02-2009 (versie 3) Behandeling in directieoverleg d.d. 24-02-2009 (versie 3) Aangeboden aan GMR of MR: GMR Aangeboden d.d.: 10-03-2009 Gehele

Nadere informatie

Samenvatting, conclusies en discussie

Samenvatting, conclusies en discussie Hoofdstuk 6 Samenvatting, conclusies en discussie Inleiding Het doel van het onderzoek is vast te stellen hoe de kinderen (10 14 jaar) met coeliakie functioneren in het dagelijks leven en wat hun kwaliteit

Nadere informatie

Evaluatie National Contact Point-werking van het Vlaams Contactpunt Kaderprogramma

Evaluatie National Contact Point-werking van het Vlaams Contactpunt Kaderprogramma Evaluatie National Contact Point-werking van het Vlaams Contactpunt Kaderprogramma Departement Economie, Wetenschap en Innovatie Afdeling Strategie en Coördinatie Koning Albert II-laan 35 bus 10 1030 Brussel

Nadere informatie

A c. Dutch Summary 257

A c. Dutch Summary 257 Samenvatting 256 Samenvatting Dit proefschrift beschrijft de resultaten van twee longitudinale en een cross-sectioneel onderzoek. Het eerste longitudinale onderzoek betrof de ontwikkeling van probleemgedrag

Nadere informatie

Campagne Eenzaamheid Bond zonder Naam

Campagne Eenzaamheid Bond zonder Naam Campagne Eenzaamheid Bond zonder Naam Leen Heylen, CELLO, Universiteit Antwerpen Thomas More Kempen Het begrip eenzaamheid Eenzaamheid is een pijnlijke, negatieve ervaring die zijn oorsprong vindt in een

Nadere informatie

Schoolbeleid en ontwikkeling

Schoolbeleid en ontwikkeling Schoolbeleid en ontwikkeling V. Maakt gedeeld leiderschap een verschil voor de betrokkenheid van leerkrachten? Een studie in het secundair onderwijs 1 Krachtlijnen Een schooldirecteur wordt genoodzaakt

Nadere informatie

Handelingsgericht diagnosticeren 1

Handelingsgericht diagnosticeren 1 Handelingsgericht diagnosticeren 1 Handelingsgerichte diagnostiek (HGD) is een kwaliteitskader met een geheel van uitgangspunten en fasen. Pameijer en van Beukering vullen het in met relevante inzichten

Nadere informatie

De HGW-bril toegepast in de cel leerlingenbegeleiding

De HGW-bril toegepast in de cel leerlingenbegeleiding De HGW-bril toegepast in de cel woensdag 20 februari 2013 Kris Loobuyck 1 2 3 VVKSO 1 Uitgangspunten van HGW 4 HGW biedt kansen! 5 We zijn gericht op het geven van haalbare en bruikbare adviezen. We werken

Nadere informatie

GEDRAGSCODE Samuëlschool ( mei 2013)

GEDRAGSCODE Samuëlschool ( mei 2013) GEDRAGSCODE Samuëlschool ( mei 2013) Deze gedragscode is opgesteld omdat de Samuelschool een veilige school wil zijn. Een school waarin de identiteit en het unieke van iedere persoon uitgangspunt is van

Nadere informatie

Impactmeting van kwaliteitsverbetering in het Onderwijs. Case study in Suriname - VVOB

Impactmeting van kwaliteitsverbetering in het Onderwijs. Case study in Suriname - VVOB Impactmeting van kwaliteitsverbetering in het Onderwijs Case study in Suriname - VVOB Doel onderzoek Interventies en resultaten zichtbaar maken Via meten (cijfers) Meten onderstelt goede meetinstrumenten

Nadere informatie

Vragenlijsten personeel

Vragenlijsten personeel Vragenlijsten personeel Uitslagen Vragenlijst De Schakel Inhoudsopgave Inhoudsopgave... 1 Inleiding... 3 De vragenlijst... 4 Gegevens... 6 Schoolgegevens... 6 Periode van afname... 6 Aantal respondenten...

Nadere informatie

elk kind een plaats... 1

elk kind een plaats... 1 Elk kind een plaats in een brede inclusieve school Deelnemen aan het dagelijks maatschappelijk leven Herent, 17 maart 2014 1 Niet voor iedereen vanzelfsprekend 2 Maatschappelijke tendens tot inclusie Inclusie

Nadere informatie

Is een klas een veilige omgeving?

Is een klas een veilige omgeving? Is een klas een veilige omgeving? De klas als een vreemde sociale structuur Binnen de discussie dat een school een sociaal veilige omgeving en klimaat voor leerlingen moet bieden, zouden we eerst de vraag

Nadere informatie

SCHOOLVEILIGHEIDSPLAN MONTESSORISCHOOL ELZENEIND

SCHOOLVEILIGHEIDSPLAN MONTESSORISCHOOL ELZENEIND SCHOOLVEILIGHEIDSPLAN MONTESSORISCHOOL ELZENEIND Inhoudsopgave Inleiding Onderzoek Visie schoolveiligheidsplan Montessorischool Elzeneind Doelstelling beleidsplan Preventief beleid Curatief beleid Registratie

Nadere informatie

Inleiding. IKC De Regenboog Gedragsprotocol 1

Inleiding. IKC De Regenboog Gedragsprotocol 1 Inleiding Gedragsregels geven duidelijkheid aan alle betrokkenen, welk gedrag op school op prijs wordt gesteld en welke niet. De gedragsregels die we met elkaar hebben besproken over agressie en geweld,

Nadere informatie

HOOFDSTUK 3. JONGEREN ALS SLACHTOFFER

HOOFDSTUK 3. JONGEREN ALS SLACHTOFFER HOOFDSTUK 3. Binnen de sociale wetenschap en de criminologie is de belangstelling voor slachtofferschap en de figuur van het slachtoffer de laatste decennia toegenomen. 1 Naast de victimologie als deeldiscipline,

Nadere informatie

PERMANENT ONDERZOEK LEEFSITUATIE. RECHT Slachtofferschap van criminaliteit, Rechtshulp DOCUMENTATIE

PERMANENT ONDERZOEK LEEFSITUATIE. RECHT Slachtofferschap van criminaliteit, Rechtshulp DOCUMENTATIE PERMANENT ONDERZOEK LEEFSITUATIE RECHT Slachtofferschap van criminaliteit, Rechtshulp 2000 DOCUMENTATIE Inhoudsopgave Inleiding 1. Doelstellingen onderzoek 1.1 Doel onderzoek 1.2 Onderzoeksopzet 1.3 Opdrachtgever

Nadere informatie

SWPBS en HGW in curriculum lerarenopleiding

SWPBS en HGW in curriculum lerarenopleiding SWPBS en HGW in curriculum lerarenopleiding Inleiding Het LEOZ (Landelijk Expertisecentrum Onderwijs en Zorg) is een samenwerkingsproject van: Fontys Hogescholen, Opleidingscentrum Speciale Onderwijszorg,

Nadere informatie

Jongeren en Gezondheid 2014 : Socio-demografische gegevens

Jongeren en Gezondheid 2014 : Socio-demografische gegevens Resultaten HBSC 14 Socio-demografische gegevens Jongeren en Gezondheid 14 : Socio-demografische gegevens Steekproef De steekproef van de studie Jongeren en Gezondheid 14 bestaat uit 9.566 leerlingen van

Nadere informatie

Probleemgedrag begrijpen en preventief aanpakken

Probleemgedrag begrijpen en preventief aanpakken Probleemgedrag begrijpen en preventief aanpakken Albert Janssens 12.12.2011 Kinderen die probleemgedrag stellen, raken ons in ons werk en in onze persoon. In ons werk: Gevoel van te weinig aandacht voor

Nadere informatie

Handelingsprotocollen veiligheid Mill-Hillcollege

Handelingsprotocollen veiligheid Mill-Hillcollege Handelingsprotocollen veiligheid Mill-Hillcollege 2014 INSPIREREND BETROKKEN - ONDERNEMEND Inhoudsopgave Voorwoord 3 Wat is wat 4 Handelingskaart wapenbezit 6 Handelingskaart opname maken zonder toestemming

Nadere informatie

Feiten over. Veiligheidsbeleving. in de gemeente Arnhem

Feiten over. Veiligheidsbeleving. in de gemeente Arnhem Feiten over Veiligheidsbeleving in de gemeente Arnhem Feiten over Veiligheidsbeleving in de gemeente Arnhem Voor burgers speelt het persoonlijke gevoel van veiligheid een belangrijke rol. Dit gevoel wordt

Nadere informatie

Nieuwsbrief. Interactieve werkvormen in de klaspraktijk. Onderzoeksresultaten en tips voor de praktijk

Nieuwsbrief. Interactieve werkvormen in de klaspraktijk. Onderzoeksresultaten en tips voor de praktijk Interactieve werkvormen in de klaspraktijk Onderzoeksresultaten en tips voor de praktijk Lia Blaton, medewerker Onderzoek naar onderwijspraktijk In het kader van de opdracht van het Steunpunt Gelijke Onderwijskansen

Nadere informatie

De voorzitter van de Tweede Kamer der Staten-Generaal Postbus 20018 2500 EA DEN HAAG. Datum 8 december 2014 Betreft: nieuwe opzet Leefstijlmonitoring

De voorzitter van de Tweede Kamer der Staten-Generaal Postbus 20018 2500 EA DEN HAAG. Datum 8 december 2014 Betreft: nieuwe opzet Leefstijlmonitoring > Retouradres: Postbus 20350, 2500 EJ Den Haag De voorzitter van de Tweede Kamer der Staten-Generaal Postbus 20018 2500 EA DEN HAAG Bezoekadres: Rijnstraat 50 2515 XP Den Haag www.rijksoverheid.nl Bijlage(n)

Nadere informatie

Seksuele intimidatie en andere ongewenste omgangsvormen. VSK Seminar NBB, 7 september 2013

Seksuele intimidatie en andere ongewenste omgangsvormen. VSK Seminar NBB, 7 september 2013 Seksuele intimidatie en andere ongewenste omgangsvormen VSK Seminar NBB, 7 september 2013 ? Petra Vervoort Vertrouwenscontactpersoon NBB Eigenaar van De Vertrouwenspersoon, gespecialiseerd in advies, begeleiding,

Nadere informatie

De Leerexpert buitengewoon op maat Kwaliteit handelingsplanning. Divisie SECUNDAIR ONDERWIJS. vanuit CLB LEONARDO. Lyceum. Werking

De Leerexpert buitengewoon op maat Kwaliteit handelingsplanning. Divisie SECUNDAIR ONDERWIJS. vanuit CLB LEONARDO. Lyceum. Werking Werking vanuit CLB De Leerexpert buitengewoon op maat Kwaliteit handelingsplanning Wie zijn wij? BASIS- BUITEN- GEWOON SECUNDAIR CLB VOLWASSENEN- DEELTIJDS KUNST- DE LEEREXPERT NOORD 1 NOORD 2 OOST ZUID

Nadere informatie

< L SEP. 2014. Stuknummer: AI14.06832. Ministerie van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties

< L SEP. 2014. Stuknummer: AI14.06832. Ministerie van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties Ministerie van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties > Retouradres Postbus 200 2500 EA Den Haag Aan de burgemeester Stuknummer: AI4.06832 Datum 5 september 204 Betreft Monitor Openbaar Bestuur 204

Nadere informatie

Rapport 833 Derriks, M., & Kat, E. de. (2020). Jeugdmonitor Zeeland Amsterdam: Kohnstamm Instituut.

Rapport 833 Derriks, M., & Kat, E. de. (2020). Jeugdmonitor Zeeland Amsterdam: Kohnstamm Instituut. Samenvatting Rapport 833 Derriks, M., & Kat, E. de. (2020). Jeugdmonitor Zeeland Amsterdam: Kohnstamm Instituut. De Jeugdmonitor Zeeland De Jeugdmonitor Zeeland is een plek waar allerlei informatie bij

Nadere informatie

Klachtenregeling CSG Dingstede

Klachtenregeling CSG Dingstede Klachtenregeling CSG Dingstede Voorfase Klachtenprocedure Seksuele intimidatie Agressie, geweld en pesten op school Discriminatie 1. Preambule Preventiebeleid Een school is een socialiserende instelling,

Nadere informatie

Genderspecifieke studiekeuze in het hoger onderwijs

Genderspecifieke studiekeuze in het hoger onderwijs Genderspecifieke studiekeuze in het hoger onderwijs Ilse Laurijssen & Ignace Glorieux Onderzoeksgroep TOR - Vrije Universiteit Brussel Studiedag SSL: 'Hoger onderwijs: kiezen en winnen? X www.steunpuntssl.be

Nadere informatie

Psychiatrisering en de terreur van het perfecte kind. Prof. Dr. Stijn Vanheule Faculteit Psychologie en Pedagogische Wetenschappen

Psychiatrisering en de terreur van het perfecte kind. Prof. Dr. Stijn Vanheule Faculteit Psychologie en Pedagogische Wetenschappen Psychiatrisering en de terreur van het perfecte kind Psychiatriseren = Het moeilijke kind stelt de volwassene vragen: Wie is de volwassene is die hem of haar zo moeilijk vindt? Met welke ver(w)achtingen

Nadere informatie

Nederlandse samenvatting

Nederlandse samenvatting Nederlandse samenvatting 119 120 Samenvatting 121 Inleiding Vermoeidheid is een veel voorkomende klacht bij de ziekte sarcoïdose en is geassocieerd met een verminderde kwaliteit van leven. In de literatuur

Nadere informatie

CoRPS. 'Cancer survivorship' onderzoek in Zuid Oost Nederland: van epidemiologische bevindingen naar interventies

CoRPS. 'Cancer survivorship' onderzoek in Zuid Oost Nederland: van epidemiologische bevindingen naar interventies 'Cancer survivorship' onderzoek in Zuid Oost Nederland: van epidemiologische bevindingen naar interventies Center of Research on Psychology in Somatic diseases Lonneke van de Poll Franse, Integraal Kankercentrum

Nadere informatie

Samenvatting. BS De Driehoek/ Griendtsveen. Resultaten Personeelstevredenheidspeiling (PTP) BS De Driehoek

Samenvatting. BS De Driehoek/ Griendtsveen. Resultaten Personeelstevredenheidspeiling (PTP) BS De Driehoek Resultaten Personeelstevredenheidspeiling (PTP) BS De Driehoek Enige tijd geleden heeft onze school BS De Driehoek deelgenomen aan de personeelstevredenheidspeiling onder de teamleden. Van onze school

Nadere informatie

Onderwijsonderzoek: Vlaamse beleidsontwikkelingen voor de toekomst. Dirk Van Damme Kabinetschef onderwijs

Onderwijsonderzoek: Vlaamse beleidsontwikkelingen voor de toekomst. Dirk Van Damme Kabinetschef onderwijs Onderwijsonderzoek: Vlaamse beleidsontwikkelingen voor de toekomst Dirk Van Damme Kabinetschef onderwijs Aanzetten tot debat VIWTA-onderzoek over onderwijsonderzoek in Vlaanderen VLOR-advies OESO en Europese

Nadere informatie

Resultaten voor Vlaamse Gemeenschap Sociale Gezondheid Gezondheidsenquête, België, 1997

Resultaten voor Vlaamse Gemeenschap Sociale Gezondheid Gezondheidsenquête, België, 1997 5.8.1. Inleiding De WHO heeft in haar omschrijving het begrip gezondheid uitgebreid met de dimensie sociale gezondheid en deze op één lijn gesteld met de lichamelijke en psychische gezondheid. Zowel de

Nadere informatie

Samenvatting. BS Het Veenpluis/ Zevenhuizen. Resultaten Oudertevredenheidspeiling (OTP) BS Het Veenpluis

Samenvatting. BS Het Veenpluis/ Zevenhuizen. Resultaten Oudertevredenheidspeiling (OTP) BS Het Veenpluis Resultaten Oudertevredenheidspeiling (OTP) BS Het Veenpluis Enige tijd geleden heeft onze school BS Het Veenpluis deelgenomen aan de oudertevredenheidspeiling. In heel Nederland hebben in totaal 225988

Nadere informatie

Nederlandse Samenvatting

Nederlandse Samenvatting Nederlandse Samenvatting Samenvatting (Summary in Dutch) Achtergrond Het millenniumdoel (2000-2015) Education for All (EFA, onderwijs voor alle kinderen) heeft in ontwikkelingslanden veel losgemaakt. Het

Nadere informatie

Uitwisseling tussen teamleden in sociale teams cruciaal voor prestatie

Uitwisseling tussen teamleden in sociale teams cruciaal voor prestatie Uitwisseling tussen teamleden in sociale teams cruciaal voor prestatie Voorlopige resultaten van het onderzoek naar de perceptie van medewerkers in sociale (wijk)teams bij gemeenten - Yvonne Zuidgeest

Nadere informatie

Samenvatting. BS Benjamin/ Brunssum. Resultaten Oudertevredenheidspeiling (OTP) BS Benjamin. Ouders vinden 'Begeleiding' op school het belangrijkst

Samenvatting. BS Benjamin/ Brunssum. Resultaten Oudertevredenheidspeiling (OTP) BS Benjamin. Ouders vinden 'Begeleiding' op school het belangrijkst BS Benjamin/ Brunssum Samenvatting Resultaten Oudertevredenheidspeiling (OTP) BS Benjamin Enige tijd geleden heeft onze school BS Benjamin deelgenomen aan de oudertevredenheidspeiling. In heel Nederland

Nadere informatie

The Effectiveness of Community Schools: Evidence from the Netherlands

The Effectiveness of Community Schools: Evidence from the Netherlands The Effectiveness of Community Schools: Evidence from the Netherlands Proefschrift Marieke Heers (gepromoveerd 3 oktober in Maastricht; promotoren prof.dr. W.N.J. Groot en prof.dr. H. Maassen van den Brink)

Nadere informatie

Geschiedenis en VOET

Geschiedenis en VOET Geschiedenis en VOET Per 1 september 2010 traden de nieuwe vakoverschrijdende eindtermen (VOET) in werking en vanaf 1 september 2011 zal de doorlichting de VOET meenemen in de focus van de scholen. De

Nadere informatie