VITA Module 10 kgt. Diagnostische toets Antwoorden

Save this PDF as:
 WORD  PNG  TXT  JPG

Maat: px
Weergave met pagina beginnen:

Download "VITA Module 10 kgt. Diagnostische toets Antwoorden"

Transcriptie

1 VITA Module 10 kgt Diagnostische toets Antwoorden

2 BASISSTOF 2 Wat is voortplanting? 1 Zet een kruisje in de juiste kolom. In tabel 1 staan acht woorden. Hebben deze woorden met seks, met voortplanting, met beide of met geen van beide te maken? Zet een kruisje in de juiste kolom of kolommen. woorden seks voortplanting baard baarmoeder clitoris geslachtsgemeenschap maagd tepels tongzoenen versieren Tabel 1 Seks of voortplanting? 2 Beantwoord de volgende meerkeuzevragen. 1 Drie organismen zijn: 1 mensen 2 kikkers 3 vlinders Bij welke van deze organismen komt een levenscyclus voor? En bij welke van deze organismen komt een metamorfose voor? levenscyclus metamorfose [ ] alleen bij 1 alleen bij 1 [ ] alleen bij 1 alleen bij 2 en 3 [ ] alleen bij 2 en 3 alleen bij 1 [ ] alleen bij 2 en 3 alleen bij 2 en 3 [ ] alleen bij 2 en 3 bij 1, 2 en 3 [] bij 1, 2 en 3 alleen bij 2 en 3 2

3 2 Twee mogelijke redenen voor het bestaan van metamorfose zijn: 1 Het organisme verandert tijdens zijn leven van milieu, bijvoorbeeld van water naar land. 2 De buitenkant van het dier kan niet meegroeien. Welke reden geldt of welke redenen gelden voor amfibieën en insecten? amfibieën insecten [ ] alleen reden 1 alleen reden 1 [] alleen reden 1 alleen reden 2 [ ] alleen reden 2 alleen reden 1 [ ] alleen reden 2 alleen reden 2 [ ] reden 1 en 2 reden 1 en 2 3 In afbeelding 1 zie je een kikkervisje. Afb. 1 Een kikkervisje. Hoe haalt dit dier adem? Heeft dit dier poten? ademhalen poten [ ] met inwendige kieuwen alleen voorpoten [ ] met inwendige kieuwen geen poten [ ] met uitwendige kieuwen alleen voorpoten [] met uitwendige kieuwen geen poten [ ] met longen alleen voorpoten [ ] met longen geen poten 4 Drie gebeurtenissen in de levenscyclus van een kikker zijn: 1 kikkerdril 2 kikkervisje 3 volwassen kikker In welke volgorde komen deze gebeurtenissen in een levenscyclus voor? [] [ ] [ ] [ ] [ ] [ ]

4 3 Noteer het juiste nummer. In afbeelding 2 zie je drie stadia in de ontwikkeling van een koolwitje. Afb. 2 De ontwikkeling van een koolwitje. Beantwoord de volgende vragen door het juiste nummer te noemen. 1 Welk stadium is een vlinder? Stadium 2. 2 Welk stadium komt het eerst in de ontwikkeling? Stadium 3. 3 Welk stadium is een cocon? Stadium 1. 4 In welk stadium vinden de meeste veranderingen plaats? Stadium 1. 4 Kruis aan of de volgende beweringen juist of onjuist zijn. beweringen juist onjuist Bacteriën planten zich voort door deling. Schimmels kunnen zich ongeslachtelijk voortplanten. Voor ongeslachtelijke voortplanting zijn twee cellen nodig. Tabel 2 Voortplanting. 4

5 5 Zet een kruisje in de juiste kolom. In tabel 3 staan veranderingen in de puberteit. Zijn dit geestelijke, lichamelijke of sociale veranderingen? veranderingen geestelijke verandering lichamelijke verandering sociale verandering borsthaar bredere heupen je voelt je soms eenzaam en verdrietig je wordt zelfstandiger seksualiteit wordt belangrijker Tabel 3 Veranderingen in de puberteit. 6 Kruis aan of de volgende beweringen juist of onjuist zijn. beweringen juist onjuist Hormonen worden door je darmkanaal vervoerd. De primaire geslachtskenmerken ontstaan in de puberteit. Baardgroei is een primair geslachtskenmerk. Borsten zijn een secundair geslachtskenmerk. Tabel 4 Puberteit. 7 Kruis aan of de volgende beweringen juist of onjuist zijn. beweringen juist onjuist Je geslachtshormonen zorgen ervoor dat je anders gaat ruiken. Talg beschermt je huid. Zweetklieren zitten in je huid. Acne is besmettelijk. Als je last hebt van jeugdpuistjes moet je je gezicht goed wassen met water en zeep. Door een goede nachtrust heb je een kleinere kans op mee-eters. Tabel 5 Veranderingen van je huid. 5

6 BASISSTOF 3 Voortplanting bij mensen 1 Beantwoord de volgende meerkeuzevragen. In afbeelding 3 is het voortplantingsstelsel van een man schematisch getekend. Enkele delen zijn genummerd. Afb. 3 Voortplantingsstelsel van een man (schematisch). Vraag 1 t/m 3 gaan over afbeelding 3. 1 Met welk nummer is de prostaat aangegeven? [ ] nummer 1 [] nummer 2 [ ] nummer 3 [ ] nummer 4 [ ] nummer 5 2 In welk(e) van de genummerde organen van afbeelding 3 worden zaadcellen tijdelijk opgeslagen? [ ] alleen in orgaan 1 [] alleen in orgaan 5 [ ] alleen in orgaan 6 [ ] in de organen 1 en 5 [ ] in de organen 1 en 6 3 Enkele delen van het voortplantingsstelsel van een man zijn: 1 de bijballen 2 de prostaat 3 de teelballen 4 de zaadblaasjes Welk deel produceert of welke delen produceren een bestanddeel van sperma? [ ] alleen 3 [ ] alleen 2 en 4 [ ] alleen 1, 3 en 4 [] alleen 2, 3 en 4 6

7 4 In afbeelding 4 is het voortplantingsstelsel van een man schematisch getekend. Twee delen zijn aangegeven met P en Q. Zaadcellen worden vervoerd door deel P; deel Q vervoert urine. Afb. 4 Voortplantingsstelsel van een man (schematisch). Kan door deel P ook urine worden vervoerd? En kan deel Q ook zaadcellen vervoeren? deel P urine deel Q zaadcellen [ ] ja ja [ ] ja nee [] nee ja [ ] nee nee 5 In afbeelding 5 is het voortplantingsstelsel van een vrouw schematisch getekend. Enkele delen zijn genummerd. Afb. 5 Voortplantingsstelsel van een vrouw (schematisch). In welk van de genummerde delen komen zaadcellen bij geslachtsgemeenschap het eerst terecht? [ ] in deel 1 [ ] in deel 2 [ ] in deel 3 [] in deel 4 6 In welk deel of in welke delen van het voortplantingsstelsel van een vrouw vindt de ontwikkeling van een embryo plaats? [] in de baarmoeder [ ] in de eierstokken [ ] in de eileiders [ ] in de vagina 7

8 7 Drie uitspraken over de vagina van een vrouw zijn: 1 Eicellen worden vervoerd door de vagina. 2 Achter in de vagina bevindt zich de clitoris. 3 Het maagdenvlies bevindt zich in de vagina. Welke van deze uitspraken is of zijn juist? [] alleen 3 [ ] 1 en 2 [ ] 1 en 3 [ ] 2 en 3 8 Erik zegt dat de voorhuid de huidplooi is, waarin teelballen en bijballen liggen. Ernesto zegt dat de temperatuur in de buikholte iets hoger is dan die in de balzak. Wie heeft (hebben) gelijk? [ ] Alleen Erik heeft gelijk. [] Alleen Ernesto heeft gelijk. [ ] Erik en Ernesto hebben allebei gelijk. [ ] Erik en Ernesto hebben geen van beiden gelijk. 9 Welk deel brengt of welke delen van het voortplantingsstelsel van een man brengen de penis in erectie? [ ] de bijballen [ ] de prostaat [ ] de zaadblaasjes [] de zwellichamen 10 Bep zegt dat de functie van de eileiders is het tijdelijk opslaan van eicellen. Sajoeka zegt dat bij de meeste vrouwen de clitoris gevoeliger is voor seksuele prikkels dan de vagina. Wie heeft (hebben) gelijk? [ ] Alleen Bep heeft gelijk. [] Alleen Sajoeka heeft gelijk. [ ] Bep en Sajoeka hebben allebei gelijk. [ ] Bep en Sajoeka hebben geen van beiden gelijk. 11 In afbeelding 6 is het voortplantingsstelsel van een vrouw schematisch getekend. Afb. 6 Voortplantingsstelsel van een vrouw (schematisch). 8

9 Wat is de functie van deel P? [] Dit deel vangt prikkels op die leiden tot een orgasme. [ ] In dit deel vindt bevruchting plaats. [ ] In dit deel vindt de ontwikkeling van eicellen plaats. 2 Zet een kruisje in de juiste kolom. In tabel 6 staan eigenschappen van geslachtscellen. Wie hebben deze eigenschappen: eicellen of zaadcellen? eigenschappen eicellen zaadcellen Van welke geslachtscellen worden er het meeste gevormd? Welke geslachtscellen kunnen zelf bewegen? Welke geslachtscellen zijn het grootst? Tabel 6 Eigenschappen van geslachtscellen. 3 Beantwoord de volgende meerkeuzevragen. 1 In afbeelding 7 is een menstruatiecyclus weergegeven die 28 dagen duurt. Afb. 7 Menstruatiecyclus. De letters P, Q, R en S geven bepaalde perioden in deze cyclus aan. In het binnenste deel van de afbeelding is schematisch de verandering in het baarmoederslijmvlies getekend. In welke periode vindt menstruatie plaats? [ ] in periode P [ ] in periode Q [ ] in periode R [] in periode S 9

10 2 In afbeelding 7 is te zien dat het baarmoederslijmvlies wordt opgebouwd. Waarvoor dient deze opbouw? [ ] Om bevruchting mogelijk te maken. [] Om innesteling mogelijk te maken. [ ] Om menstruatie mogelijk te maken. 3 Wat is ovulatie? [] Het vrijkomen van een eicel uit een eierstok. [ ] Het versmelten van de kern van een zaadcel met de kern van een eicel. [ ] Het afstoten van een deel van het baarmoederslijmvlies. 4 Tijdens een menstruatiecyclus wordt het baarmoederslijmvlies afgebroken en weer opgebouwd. In afbeelding 8 zijn deze afbraak en opbouw weergegeven gedurende een periode van enkele weken dagen Afb. 8 Afbraak en opbouw van het baarmoederslijmvlies. In welke periode vindt waarschijnlijk ovulatie plaats? [ ] in de periode van dag 1 tot dag 3 [] in de periode van dag 13 tot dag 15 [ ] in de periode van dag 26 tot dag 28 5 Als een eicel niet wordt bevrucht, gaat hij dood. Wanneer gebeurt dit? [] na 12 tot 24 uur na de ovulatie [ ] na zes uur na de ovulatie [ ] tijdens de menstruatie 10

11 4 Kruis aan of de volgende beweringen juist of onjuist zijn. beweringen juist onjuist Het is goed je geslachtsorganen elke dag te wassen met zeep. Jongens moeten vooral de buitenkant van de voorhuid goed schoonmaken. Meisjes moeten vooral het gebied tussen de schaamlippen goed schoonmaken. Een eicel kan maar door één zaadcel bevrucht worden. Dit komt doordat de buitenste laag van de eicel na de bevruchting ondoordringbaar voor zaadcellen wordt. Als een jongen zichzelf bevredigt, heet dat vingeren. Elk meisje bloedt bij de eerste geslachtsgemeenschap. Bij de besnijdenis wordt bij een jongen een stukje van de eikel weggesneden. Besnijdenis bij jongens vindt soms om hygiënische redenen plaats. Tabel 7 11

12 BASISSTOF 4 Zwangerschap en geboorte 1 Beantwoord de volgende meerkeuzevragen. De volgende gegevens behoren bij de vragen 1 t/m 3. In afbeelding 9 zijn de veranderingen in het baarmoederslijmvlies van een zwangere vrouw gedurende zes weken schematisch weergegeven. Er zijn drie perioden aangegeven: periode P, Q en R. Afb. 9 Veranderingen in het baarmoederslijmvlies van een zwangere vrouw. 1 In welke periode heeft bevruchting plaatsgevonden? [ ] in periode P [] in periode Q [ ] in periode R 2 In welke periode heeft innesteling plaatsgevonden? [ ] in periode P [ ] in periode Q [] in periode R 3 Twee leerlingen doen over de zwangerschap van deze vrouw een uitspraak. Aicha zegt dat bij deze vrouw de eerste delingen van de bevruchte eicel hebben plaatsgevonden. Joost zegt dat de borsten van deze vrouw tijdens de zwangerschap groter zullen worden. Welke leerling doet een juiste uitspraak? [ ] alleen Aicha [ ] alleen Joost [] zowel Aicha als Joost 12

13 4 In afbeelding 10 is een baarmoeder met embryo schematisch getekend. Enkele delen zijn genummerd. Afb. 10 Baarmoeder met embryo (schematisch). Met welk nummer zijn de vruchtvliezen aangegeven? [ ] nummer 1 [ ] nummer 3 [] nummer 4 [ ] nummer 5 [ ] nummer 6 5 In afbeelding 10 komen in deel 2 bloedvaten voor. In welke richting stroomt het bloed door deze bloedvaten? [ ] alleen naar het embryo toe [ ] alleen van het embryo weg [] zowel naar het embryo toe als van het embryo weg 6 Hier staan drie beweringen over de betekenis van het vruchtwater voor het embryo. 1 Door het vruchtwater wordt het embryo beschermd tegen schokken. 2 Uit het vruchtwater neemt het embryo de benodigde zuurstof op. 3 In het vruchtwater kan het embryo zich gemakkelijk bewegen. Welke van deze beweringen zijn juist? [ ] beweringen 1 en 2 [] beweringen 1 en 3 [ ] beweringen 2 en 3 [ ] beweringen 1, 2 en 3 13

14 7 In afbeelding 11 is een deel van de placenta met een deel van de navelstreng schematisch getekend. In bloedvat P stroomt het bloed van de placenta naar het embryo. Afb. 11 Een deel van de placenta met een deel van de navelstreng (schematisch). Hier staan twee beweringen over het bloed in bloedvat P. 1 Het bloed in bloedvat P bevat veel zuurstof. 2 Het bloed in bloedvat P bevat veel afvalstoffen. Welke van deze bewering is (zijn) juist? [] alleen bewering 1 [ ] alleen bewering 2 [ ] beweringen 1 en 2 2 Beantwoord de volgende vragen. 1 De geboorte van een kind begint met samentrekkingen van spieren van de baarmoederwand. Hoe heten deze samentrekkingen? weeën 2 Bij de geboorte van een kind kunnen de volgende drie fasen worden onderscheiden (in willekeurige volgorde): de nageboorte, de ontsluiting en de uitdrijving. Wat is de juiste volgorde van deze fasen? 1 ontsluiting 2 uitdrijving 3 nageboorte 3 Tijdens welke fase van de geboorte breken de vruchtvliezen en loopt het vruchtwater weg? Tijdens de ontsluiting. 4 Tijdens welke fase verlaat de placenta het moederlichaam? Tijdens de nageboorte. 14

15 5 In afbeelding 12 is een fase van de geboorte te zien. Afb. 12 Een fase van de geboorte. Welke fase is dit? uitdrijving 3 Beantwoord de volgende meerkeuzevragen. 1 Hoe noem je een kind van 2 jaar? [ ] baby [ ] kleuter [] peuter 2 In welke periode wordt een kind een schoolkind genoemd? [ ] tussen 4 en 10 jaar [] tussen 6 en 12 jaar [ ] tussen 8 en 15 jaar 3 Hoe noem je een persoon tussen 16 en 21 jaar? [] adolescent [ ] puber [ ] volwassene 4 Bij wie beginnen de voortplantingsorganen te werken? [ ] adolescenten [] pubers [ ] volwassenen 4 Kruis aan of de volgende beweringen juist of onjuist zijn. beweringen juist onjuist De pil verhindert dat bij een meisje ovulaties plaatsvinden. De pil biedt bescherming tegen ziekteverwekkers. De pil beschermt tegen geslachtsziekten. Tabel 8 15

16 Basisstof 5 Seksualiteit 1 Vul de ontbrekende woorden in. Kies uit: biseksueel COC familie geloofsovertuiging gezondheid heteroseksueel homoseksueel lesbisch Lesbos monoseksueel NVH NVIH relatie VOC vriendschappen. Let op: sommige woorden hoef je niet te gebruiken. Je mag elk woord maar één keer gebruiken. 1 Seksualiteit heeft onder andere een functie bij het onderhouden van je relatie. 2 Als je je seksueel aangetrokken voelt tot zowel mannen als vrouwen ben je biseksueel. 3 Als een man zich seksueel aangetrokken voelt tot mannen is hij homoseksueel. 4 Als een vrouw zich seksueel aangetrokken voelt tot vrouwen is ze lesbisch, als ze zich seksueel aangetrokken voelt tot mannen is ze heteroseksueel. 5 Sommige mensen staan heel afwijzend tegenover homoseksualiteit. Dat kan komen door hun opvoeding, maar ook door hun geloofsovertuiging. 6 COC is de naam van een landelijke vereniging voor homoseksuelen. 2 Beantwoord de volgende meerkeuzevraag. Hier staan vijf uitspraken over condooms. 1 Een nadeel van condooms is dat een meisje heel goed haar vruchtbare periode in de gaten moet houden. 2 Een nadeel van condooms is dat het gebruik ervan discussie uit kan lokken. 3 Een nadeel van condooms is dat ze onbetrouwbaar zijn. 4 Een nadeel van condooms is dat ze vrij duur zijn. 5 Een voordeel van condooms is dat ze ook beschermen tegen geslachtsziekten. Welke uitspraak over condooms is of welke uitspraken zijn juist? [ ] alle vijf de uitspraken [ ] alleen uitspraak 1, 2 en 5 [ ] alleen uitspraak 1, 3 en 4 [] alleen uitspraak 2 en 5 [ ] alleen uitspraak 2, 4 en 5 [ ] alleen uitspraak 3 en 4 [ ] geen van de uitspraken 16

17 3 Kruis aan of de volgende beweringen juist of onjuist zijn. beweringen juist onjuist De morning-afterpil moet binnen twee tot drie dagen na de geslachtsgemeenschap worden geslikt. Bij een overtijdbehandeling wordt de baarmoeder schoongemaakt en leeggezogen. Als een vrouw te laat is voor een overtijdbehandeling, kan ze naar de dokter gaan en een morning-afterpil vragen. Een vrouw kan op elk moment van de zwangerschap een abortus ondergaan. Een abortus gebeurt meestal poliklinisch. Tabel 9 Noodmaatregelen tegen ongewenste zwangerschap. 4 Kruis aan of de volgende beweringen juist of onjuist zijn. beweringen juist onjuist Als een moeder met hiv besmet is, kan een baby besmet worden door het drinken van moedermelk. Als er pus uit je penis of vagina komt, is de kans groot dat je een soa hebt. Als je aids hebt, heb je een grotere kans griep te krijgen. Als je een branderig gevoel bij het plassen hebt, kun je een soa hebben. Als je een soa hebt, is het beter dat tegen niemand te zeggen. Als na een tijdje de verschijnselen van een soa verdwijnen, is de soa waarschijnlijk vanzelf overgegaan. Een kind kan bij de geboorte besmet worden met gonorroe. Je kunt je tegen soa s laten inenten. Je kunt met hiv besmet worden door een vuile injectienaald. Je kunt schaamluis krijgen door in het bed te slapen van iemand die schaamluis heeft. Op een vieze wc kun je besmet worden met een soa. Seronegatief betekent dat je antistoffen hebt gemaakt. Tabel 10 Soa s. 17

18 5 Kruis aan of de volgende beweringen juist of onjuist zijn. beweringen juist onjuist Een echtpaar en hun acht kinderen vormen een grootfamilie. Een gescheiden vrouw die met haar moeder en haar twee kinderen samenleeft, vormt een grootfamilie. Een gescheiden vrouw en haar twee kinderen vormen een gezin. Mensen die samenleven, hebben een langdurige losse band met elkaar. Bülent is de Turkse vriend van Petra. Ze kent hem al lang. Petra zegt: Bülent is vreselijk lui. De uitspraak van Petra is een vooroordeel. Petra kent inmiddels heel wat Turkse mensen. Ze zegt: Alle Turkse mensen zijn aardig en gastvrij. De uitspraak van Petra is een vooroordeel. Tabel 11 Samen leven. 6 Vul de ontbrekende woorden in. Kies uit: beeldvorming discriminatie emancipatie rolconflict rolgedrag rolverwisseling tolerant tolerantie. Let op: sommige woorden hoef je niet te gebruiken. 1 Het gedrag dat anderen van iemand verwachten heet rolgedrag. 2 Wanneer de verschillende rollen van iemand niet met elkaar samengaan, spreek je van rolconflict. 3 Als een groep mensen dezelfde rechten krijgt als andere groepen mensen spreek je van emancipatie. 18

19 Basisstof 6 Voortplanting bij dieren 1 Kruis aan of de volgende beweringen juist of onjuist zijn. beweringen juist onjuist Een dekking is geslachtsgemeenschap tussen een mannetjesdier en een vrouwtjesdier. Dieren die hun jong verstoppen, hebben meestal maar één jong. Een veulen kan meteen na de geboorte lopen. Drachtigheid is zwangerschap bij dieren. Loopsheid van een hond is hetzelfde als menstruatie bij een vrouw. Gekoppeld staan bij een paring is een kenmerk van katten. Een kat die klaaglijk miauwt en steeds aandacht vraagt, is waarschijnlijk krols. Tabel 12 Voortplanting bij zoogdieren. 2 Zet een kruisje in de juiste kolom. In tabel 13 staan kenmerken van de voortplanting bij landdieren en waterdieren. Bij wie horen deze kenmerken? kenmerken landdieren waterdieren geen schaal om de eieren een kalkschaal om de eieren inwendige bevruchting meestal veel broedzorg Tabel 13 Kenmerken van de voortplanting bij landdieren en waterdieren. 3 Zet een streep door de onjuiste woorden. 1 Bij boomkikkers bewaart het MANNETJE / VROUWTJE de eieren IN DE BEK / OP DE RUG. 2 Bij cichliden bewaart het MANNETJE / VROUWTJE de jongen IN DE BEK / OP DE RUG. 19

20 4 Beantwoord de volgende meerkeuzevragen. In afbeelding 13 is een vogelei schematisch getekend. Afb. 13 Een vogelei (schematisch). Vraag 1 t/m 3 gaan over afbeelding Welk deel levert water aan het embryo? [] deel 1 [ ] deel 2 [ ] deel 3 [ ] deel 4 [ ] deel 5 2 Hoe heet het deel dat is aangegeven met nummer 7? [] eivliezen [ ] eiwit [ ] hagelsnoer [ ] kalkschaal 3 Welk deel ontstaat in de eileider? [ ] deel 1 [ ] deel 2 [] deel 6 [ ] deel 7 4 Twee leerlingen praten over eieren van vogels. Annemieke zegt: Eieren in een nest op de grond zijn meestal wit. Boris zegt: Als er weinig eieren in een nest liggen, zijn de eieren meestal spits. Wie heeft of hebben gelijk? [ ] Alleen Annemieke heeft gelijk. [] Alleen Boris heeft gelijk. [ ] Annemieke en Boris hebben allebei gelijk. [ ] Geen van beiden heeft gelijk. 20

21 Basisstof 7 Voortplanting bij zaadplanten 1 Noteer de namen. In afbeelding 14 is een bloem schematisch getekend. Afb. 14 Een bloem (schematisch). Noteer de namen van de genummerde delen. 1 = stempel 2 = stijl 3 = vruchtbeginsel 4 = stamper 5 = kelkblad 6 = helmknop 7 = helmdraad 8 = meeldraad 9 = kroonblad 10 = bloemsteel 2 Kruis aan of de volgende beweringen juist of onjuist zijn. Afb. 15 Een bloem. 21

22 beweringen juist onjuist De kelkbladeren van een bloem zijn meestal opvallend gekleurd. De bloemkelk beschermt de bloem in de knop tegen uitdroging en kou. Deel P in afbeelding 15 dient voor het aanlokken van insecten. De functie van de meeldraden is het vormen van zaden. In de helmhokjes van de meeldraden ontstaan eicellen. De functie van een stamper is het vormen van eicellen. Een vruchtbeginsel van een stamper kan meer dan één zaadbeginsel bevatten. Elk zaadbeginsel bevat meerdere eicellen. Tabel 14 3 Beantwoord de volgende meerkeuzevragen. 1 Wat is bestuiving? [ ] Het ontstaan van een stuifmeelbuis uit een stuifmeelkorrel. [] Het overbrengen van stuifmeel van een meeldraad op de stempel(s) van een bloem van dezelfde plantensoort. [ ] Het versmelten van de kern van een stuifmeelkorrel met de kern van een eicel. [ ] Het vrijkomen van stuifmeel uit de helmhokjes van een meeldraad. 2 In afbeelding 16 zijn drie bloeiende planten getekend. Afb. 16 Drie bloeiende planten. 22

23 Insecten kunnen stuifmeel overbrengen zoals met de pijlen is aangegeven. Welke pijl geeft of welke pijlen geven bestuiving aan? [ ] alleen pijl 1 [ ] alleen pijl 2 [] alleen pijl 2 en 3 [ ] pijl 1, 2 en 3 3 In afbeelding 17 zijn twee bloeiende koebraamstruiken getekend. Insecten kunnen stuifmeel overbrengen zoals met pijlen is aangegeven. Afb. 17 Twee bloeiende koebraamstruiken. Welke van deze pijlen geeft (geven) zelfbestuiving aan? [ ] alleen pijl 1 [ ] alleen pijl 2 [] alleen pijl 1 en 3 [ ] pijl 1, 2 en 3 De volgende gegevens behoren bij de vragen 4 en 5. Afb. 18 Een takje van een hazelaar. 23

24 Afbeelding 18 geeft een takje van een hazelaar weer met twee typen bloeiwijzen: P en Q. De hazelaar is een struik die vroeg in het voorjaar bloeit. Al in februari kun je de lange katjes (Q) van de hazelaar zien. In tekening 2 is een deel van zo n katje Q vergroot weergegeven. Als je tegen zo n katje tikt, komt er veel droog poeder uit. Aan de takjes zit nog een ander type bloeiwijze. Deze bloeiwijze P is in tekening 1 vergroot weergegeven. De vruchten van een hazelaar heten hazelnoten. Wanneer er geen andere hazelaars in de buurt staan, komen er aan alleenstaande hazelaars meestal geen hazelnoten tot ontwikkeling. 4 Zal bij een hazelaar gewoonlijk kruisbestuiving optreden of zelfbestuiving? Zal de bestuiving door insecten gebeuren of door de wind? [ ] kruisbestuiving door insecten [] kruisbestuiving door de wind [ ] zelfbestuiving door insecten [ ] zelfbestuiving door de wind 5 Uit welke bloeiwijzen kunnen na bestuiving en bevruchting hazelnoten groeien? [ ] uit geen van deze bloeiwijzen [] alleen uit bloeiwijze P [ ] alleen uit bloeiwijze Q [ ] zowel uit bloeiwijze P als uit bloeiwijze Q De volgende gegevens behoren bij de vragen 6 t/m 8. Afb. 19 bloem 1 bloem 2 bloem 3 Drie bloemen (schematisch). In afbeelding 19 zijn drie bloemen schematisch getekend. 6 Welke van deze bloemen is (zijn) eenslachtig? [ ] alleen bloem 1 [ ] alleen bloem 2 [ ] alleen bloem 3 [] bloem 2 en 3 24

25 7 Bij welke van deze bloemen kan stuifmeel van een meeldraad zorgen voor bestuiving van dezelfde bloem? [] bij bloem 1 [ ] bij bloem 2 [ ] bij bloem 3 8 Uit welke van deze bloemen kunnen vruchten met zaden ontstaan? [ ] uit bloem 1 en 2 [] uit bloem 1 en 3 [ ] uit bloem 2 en 3 4 Zet een kruisje in de juiste kolom. In tabel 15 staan kenmerken van insectenbloemen en windbloemen. Bij wie horen deze kenmerken? Afb. 20 Enkele stuifmeelkorrels (schematisch). Afb. 21 Een beschrijving van een plant in een plantengids. kenmerken er worden veel stuifmeelkorrels gevormd de stuifmeelkorrels van afbeelding 20 de helmknoppen en stempels steken buiten de bloemen uit de plant die in afbeelding 21 wordt beschreven Tabel 15 Kenmerken van insectenbloemen en windbloemen. insectenbloem windbloem 25

26 5 Kruis aan of de volgende beweringen juist of onjuist zijn. Afb. 22 Een stamper (schematisch). beweringen juist onjuist Bevruchting is het versmelten van de kern van een mannelijke geslachtscel met de kern van een vrouwelijke geslachtscel. Bevruchting vindt plaats op het moment dat uit een stuifmeelkorrel een stuifmeelbuis groeit. In één vruchtbeginsel kan maar één keer een bevruchting plaatsvinden. In afbeelding 22 geeft P de kern van een eicel aan. In afbeelding 22 heeft bevruchting plaatsgevonden. Tabel 16 6 Beantwoord de volgende meerkeuzevragen. 1 Wat ontstaat er na de bevruchting uit de bevruchte eicel? [] een kiem [ ] een vrucht [ ] een zaad 2 In afbeelding 23 is een bloem van een appelboom schematisch getekend. Er heeft bevruchting plaatsgevonden. Afb. 23 Een bloem van een appelboom (schematisch). 26

27 Wat ontwikkelt zich na de bevruchting uit deel Q? [ ] een appel [] een appelpit [ ] het klokhuis van een appel 3 Een voorbeeld van een vrucht is een peul. Uit welk deel van een bloem is een peul ontstaan? [ ] de bevruchte eicel [] het vruchtbeginsel [ ] het zaadbeginsel 4 Een zaad bevat veel reservevoedsel. Waarvoor is dit reservevoedsel bedoeld? [ ] het aanlokken van insecten [ ] het beschermen van het zaad [] het kiemplantje dat bij kieming ontstaat De volgende gegevens behoren bij de vragen 5 en 6. Afb. 24 Een druiventros en een doorgesneden druif uit de tros. In afbeelding 24 zijn een druiventros en een doorgesneden druif uit de tros getekend. Een druif is een vrucht. De druiven van de tros bevatten gemiddeld vijf pitten. Pitten zijn zaden. 5 Hoeveel vruchtbeginsels zijn er bij de vorming van deze druiventros betrokken geweest? [ ] slechts 1 vruchtbeginsel [] ongeveer 25 vruchtbeginsels [ ] ongeveer 125 vruchtbeginsels 6 De doorgesneden druif bevat vier pitten. Hoeveel zaadbeginsels zijn er betrokken geweest bij de vorming van de pitten in de doorgesneden druif? En hoeveel stuifmeelkorrels? [ ] één zaadbeginsel en één stuifmeelkorrel [ ] vier zaadbeginsels en één stuifmeelkorrel [] vier zaadbeginsels en vier stuifmeelkorrels 27

28 7 Zet een kruisje in de juiste kolom. In afbeelding 25 zijn delen van planten getekend met vruchten en zaden. In tabel 17 staan manieren waarop vruchten en zaden kunnen worden verspreid. Kruis aan op welke manier de vruchten en zaden worden verspreid. 1 balsemien 2 braam 3 es 4 gele morgenster 5 kleefkruid Afb. 25 Vruchten en zaden. plant verspreiding door de wind dieren de plant zelf balsemien braam es gele morgenster kleefkruid Tabel 17 Verspreiding van vruchten en zaden. 28

29 Basisstof 8 Erfelijkheid 1 Beantwoord de volgende vragen. 1 Welke stof in een celkern bevat de informatie voor erfelijke eigenschappen? DNA 2 Komen in een levercel van een vrouw de chromosomen enkelvoudig voor of in paren? in paren 3 Hoeveel chromosomen bevat de kern van een huidcel van een man? 46 4 Hoeveel chromosomen bevat de kern van een zaadcel van een man? 23 5 Bij de mens is de oogkleur een erfelijke eigenschap. Bevatten de chromosomen in de cellen van je ogen de informatie voor je oogkleur? ja 2 Kruis aan of de volgende beweringen juist of onjuist zijn. 1 rups 2 vlinder Afb. 26 Een rups en een vlinder. Foto 1 is een rups. De vlinder van foto is van hetzelfde dier, enkele weken later genomen. De rups is een vlinder geworden. 29

30 Afb. 27 Chromosomen beweringen juist onjuist Een gen in een chromosoom maakt deel uit van het genotype van een organisme. Het genotype van een mens komt tot stand bij de geboorte. Het fenotype van een organisme ligt vast op het moment van bevruchting. Ieder chromosoom bevat één gen. In een levercel komen de genen in paren voor. De rups en de vlinder in afbeelding 26 hebben hetzelfde genotype. De twee genen van een genenpaar bevatten informatie voor dezelfde erfelijke eigenschap. Bij geslachtelijke voortplanting versmelten een eicel en een zaadcel. Het genotype van cel 1 in afbeelding 27 is hetzelfde genotype als de moeder. Bevruchting in afbeelding 27 is alleen mogelijk als cel 2 hetzelfde genotype heeft als cel 1. Cel 3 in afbeelding 27 heeft hetzelfde genotype als cel 1. Tabel 18 30

31 3 Kruis aan of de volgende beweringen juist of onjuist zijn. beweringen juist onjuist (Het gen voor bruine oogkleur is dominant over het gen voor blauwe oogkleur.) Iemand die zowel een gen voor bruine ogen als een gen voor blauwe ogen heeft, heeft bruine ogen. Mensen verschillen van elkaar doordat hun genen niet allemaal hetzelfde zijn. ( Wel tongrollen is dominant over niet tongrollen.) Als beide ouders allebei niet kunnen tongrollen, kunnen ze een kind krijgen dat wel kan tongrollen. Tabel 19 4 Vul de ontbrekende woorden in. Medewerkers van een fruitbedrijf proberen een nieuw ras te kweken. 1 Ze kiezen de twee bomen met de grootste peren uit. Dit uitkiezen heet selectie. 2 Ze brengen stuifmeel van de ene boom over naar stampers van de andere boom. Dit betekent dat ze de twee bomen kruisen. 3 Door al deze activiteiten zijn ze bezig met de veredeling van peren. 31

Bevruchting : het versmelten van de kern van een eicel + zaadcel - door bevruchting ontstaat een bevruchte eicel : nieuw individu

Bevruchting : het versmelten van de kern van een eicel + zaadcel - door bevruchting ontstaat een bevruchte eicel : nieuw individu Thema 3. Voortplanting en ontwikkeling 1. Voorplanting en bevruchting Voorplanting begint bij de bevruchting Bevruchting : het versmelten van de kern van een eicel + zaadcel - door bevruchting ontstaat

Nadere informatie

Paragraaf 6.1 Primaire en secundaire geslachtskenmerken

Paragraaf 6.1 Primaire en secundaire geslachtskenmerken H6 Voortplanting Vragen en antwoorden Paragraaf 6.1 Primaire en secundaire geslachtskenmerken 1. Wat zijn geslachtskenmerken? Kenmerken waaraan we kunnen zien of iemand een man of een vrouw is. 2. Wat

Nadere informatie

Aantekeningen hoofdstuk 3 Voortplanting BBL

Aantekeningen hoofdstuk 3 Voortplanting BBL Aantekeningen hoofdstuk 3 Voortplanting BBL 3.1 Zwanger 1. Wanneer ben je vruchtbaar? Vruchtbaar zijn: de. van een jongen kunnen een.. van een meisje bevruchten. Jongens zodra ze. vormen. Meisjes zodra

Nadere informatie

DEEL 3 THEMA 1 RELATIES EN SEKSUALITEIT BASISSTOF 1

DEEL 3 THEMA 1 RELATIES EN SEKSUALITEIT BASISSTOF 1 BASISSTOF 1 Puberteit: periode van ongeveer 12 tot 18 jaar waarin kinderen snel veranderen. In de puberteit verander je lichamelijk, geestelijk en sociaal. Pubers: kinderen in de puberteit. Geestelijke

Nadere informatie

Primaire geslachtskenmerken

Primaire geslachtskenmerken Puberteit Primaire geslachtskenmerken -Secundaire geslachtskenmerken -Puberteit -Hormonen -Hypofyse -Groeispurt Wat is het?: Geslachtskenmerken die je vanaf je geboorte hebt. Voorbeelden: Vagina en Penis

Nadere informatie

Voortplanting bij dieren

Voortplanting bij dieren Voortplanting bij dieren Opdracht 1 Geef aan of de beweringen juist of onjuist zijn: 1. De primaire geslachtskenmerken heb je vanaf je puberteit 2. Geslachtshormonen zorgen voor veranderingen in de puberteit

Nadere informatie

samenvatting doelstelling 1. doelstelling 3. doelstelling 2. doelstelling 4.

samenvatting doelstelling 1. doelstelling 3. doelstelling 2. doelstelling 4. Samenvatting doelstelling 1. Je moet primaire en secundaire geslachtskenmerken kunnen noemen bij jongens en bij meisjes. Geslachtskenmerken: kenmerken waaraan we het geslacht (man of vrouw) herkennen.

Nadere informatie

Geslachtelijke voortplanting: de kernen van twee geslachtscellen (eicel en zaadcel) versmelten. Dat het bevruchting. Ze vormen samen een nieuwe cel.

Geslachtelijke voortplanting: de kernen van twee geslachtscellen (eicel en zaadcel) versmelten. Dat het bevruchting. Ze vormen samen een nieuwe cel. Samenvatting Voortplanting en ontwikkeling Geslachtelijke voortplanting: de kernen van twee geslachtscellen (eicel en zaadcel) versmelten. Dat het bevruchting. Ze vormen samen een nieuwe cel. Geslachtscellen

Nadere informatie

thema 3 Voortplanting en ontwikkeling basisstof basisstof 1 Het voortplantingsstelsel van een man

thema 3 Voortplanting en ontwikkeling basisstof basisstof 1 Het voortplantingsstelsel van een man basisstof 1 Het voortplantingsstelsel van een man De voortplantingsorganen bij een man liggen in de balzak, de onderbuik en de penis. Balzak: hierin liggen twee teelballen en twee bijballen. Teelballen:

Nadere informatie

VOORTPLANTING BIJ DE MENS

VOORTPLANTING BIJ DE MENS VOORTPLANTING BIJ DE MENS 1 Vruchtbaarheid Alle levende wezens planten zich voort om niet uit te sterven. Mensen ook. Dat is één van de redenen waarom we voortplantingsorganen en seksuele gevoelens hebben.

Nadere informatie

Biologie Samenvatting H11+12

Biologie Samenvatting H11+12 Biologie Samenvatting H11+12 11.1 Puberteit Hoe noem je de verschillen tussen jongens en meisjes? Alle kenmerken waarin jongens en meisjes verschillen, heten geslachtskenmerken. Primaire geslachtskenmerken:

Nadere informatie

Aantekeningen Hoofdstuk 3 Voortplanting 3 VMBO KGT

Aantekeningen Hoofdstuk 3 Voortplanting 3 VMBO KGT Aantekeningen Hoofdstuk 3 Voortplanting 3 VMBO KGT 3.1, zwanger en bevallen 1. Wanneer ben je vruchtbaar? Naam Functie 1 Eileider Hierin vindt de bevruchting plaats. Brengt de bevruchte eicel naar de baarmoeder.

Nadere informatie

Mannelijk voortplantingsorgaan:

Mannelijk voortplantingsorgaan: Aantekeningen hoofdstuk 3 Voortplanting BBL 3.1 Zwanger 1. Wanneer ben je vruchtbaar? Vruchtbaar zijn: de zaadcellen. van een jongen kunnen een eicellen.. van een meisje bevruchten. Jongens zodra ze sperma.

Nadere informatie

Huiswerkopdrachten. over seks, SOA en anticonceptie. love-control.nl. Opdracht 1

Huiswerkopdrachten. over seks, SOA en anticonceptie. love-control.nl. Opdracht 1 Huiswerkopdrachten Opdracht 1 In de afbeelding worden onder andere enkele delen van het voortplantingsstelsel van de man weergegeven. Enkele organen zijn in de afbeelding aangegeven met letters. Deze organen

Nadere informatie

Samenvatting Biologie voor Jou VMBO 3 Thema 3 Voortplanting

Samenvatting Biologie voor Jou VMBO 3 Thema 3 Voortplanting Samenvatting Biologie voor Jou VMBO 3 Thema 3 Voortplanting 3.1 Bevruchting = kernen van twee geslachtscellen smelten samen Mitose = gewone celdeling beide dochtercellen evenveel chromosomen als moedercel

Nadere informatie

Tussen de trofoblast en de kiemschijf wordt de navelstreng gevormd.

Tussen de trofoblast en de kiemschijf wordt de navelstreng gevormd. Biologie SE4 Hoofdstuk 6 Paragraaf 1 Tijdens de ovulatie komt een eicel vrij uit een van de beide ovaria. Deze eicel komt terecht in een eileider. Een van de zaadcellen die de tocht van de vagina naar

Nadere informatie

PLANTEN. Basis maakt de vragen 1 t/m 35. Voor iedere vraag kan 1 punt behaald worden

PLANTEN. Basis maakt de vragen 1 t/m 35. Voor iedere vraag kan 1 punt behaald worden BK402: PLANTEN Basis maakt de vragen 1 t/m 35. Voor iedere vraag kan 1 punt behaald worden Kader maakt de vragen 1 t/m 45. Voor iedere vraag kan 1 punt behaald worden Beantwoord de volgende vragen. 1 Een

Nadere informatie

Insectenbloemen worden dus alleen door bijen bezocht. Hieronder zie je een cartoon waarin beide soorten bloemen zijn afgebeeld.

Insectenbloemen worden dus alleen door bijen bezocht. Hieronder zie je een cartoon waarin beide soorten bloemen zijn afgebeeld. Les 3: de bij en de bloem (deel 1) De vorige lessen heb je veel geleerd over de bouw van de bij. Zo heb je goed naar zijn kop en poten gekeken. Door het tekenen weet je nu hoe de bij in elkaar zit en je

Nadere informatie

werkboek Bij deze lessen kan je ook Het Grote Voortplantingsspel gebruiken. ISBN

werkboek Bij deze lessen kan je ook Het Grote Voortplantingsspel gebruiken. ISBN go G ed el ge ez ke en ur en d do or werkboek Bij deze lessen kan je ook Het Grote Voortplantingsspel gebruiken. ISBN 978-90-301-2711-6 9 789030 127116 Puberteit 1 Duid met een boogje de periode aan en

Nadere informatie

Het onderste deel van de stamper is het vruchtbeginsel. Hierin liggen de eicellen. Na bevruchting groeien hier vruchten.

Het onderste deel van de stamper is het vruchtbeginsel. Hierin liggen de eicellen. Na bevruchting groeien hier vruchten. Bloemen en zaad Voor voortplanting heb je zaad nodig. Maar waar komt zaad vandaan? Om dat te kunnen uitleggen, moet je weten hoe een bloem is opgebouwd en wat bestuiving en bevruchting is. Opbouw van een

Nadere informatie

Biologie Voortplanting en ontwikkeling Havo

Biologie Voortplanting en ontwikkeling Havo Biologie Voortplanting en ontwikkeling Havo D O C E N T : A. S E W S A H A I H E N R Y N. H A S S A N K H A N S C H O L E N G E M E E N S C H A P L E L Y D O R P ( HHS- S G L ) Boek: 4H Doelstellingen

Nadere informatie

Voortplanting. Examen VMBO-GL en TL. biologie CSE GL en TL. Bij dit examen hoort een bijlage.

Voortplanting. Examen VMBO-GL en TL. biologie CSE GL en TL. Bij dit examen hoort een bijlage. Examen VMBO-GL en TL Voortplanting biologie CSE GL en TL Bij dit examen hoort een bijlage. Dit examen bestaat uit 29 vragen. Voor dit examen zijn maximaal 36 punten te behalen. Voor elk vraagnummer staat

Nadere informatie

Voortplanting en ontwikkeling

Voortplanting en ontwikkeling Auteur Laatst gewijzigd Licentie Webadres Ivis Cambungo 11 June 2015 CC Naamsvermelding 3.0 Nederland licentie http://maken.wikiwijs.nl/61033 Dit lesmateriaal is gemaakt met Wikiwijs Maken van Kennisnet.

Nadere informatie

Voortplanting bij planten

Voortplanting bij planten Voortplanting bij planten Opdracht 1 1. Wanneer spreken we van ongeslachtelijke voortplanting? 2. Een uitloper en een wortelstok zijn beide stengels waaraan jonge planten ontstaan. Wat is het verschil

Nadere informatie

Kinderen groeien op tot volwassenen in verschillende fasen. Iedereen groeit. Maar ons lichaam maakt heel ons leven kleine of grote veranderingen mee.

Kinderen groeien op tot volwassenen in verschillende fasen. Iedereen groeit. Maar ons lichaam maakt heel ons leven kleine of grote veranderingen mee. Groei en ontwikkeling Kinderen groeien op tot volwassenen in verschillende fasen. Iedereen groeit tot maximaal tot hij of zij 18 jaar is. Maar ons lichaam maakt heel ons leven kleine of grote veranderingen

Nadere informatie

Samenvatting Planten VMBO 4a Biologie voor Jou

Samenvatting Planten VMBO 4a Biologie voor Jou Samenvatting Planten VMBO 4a Biologie voor Jou 2.1 Ongeslachtelijke voortplanting = voortplanting waarbij geen bevruchting plaats vindt; hierbij groeit een stukje van de volwassen plant uit tot een nieuwe

Nadere informatie

Samenvatting Thema 5 Planten Brugklas Nectar

Samenvatting Thema 5 Planten Brugklas Nectar Samenvatting Thema 5 Planten Brugklas Nectar 5.1 4 organen van de plant: Wortels o Opnemen water met voedingsstoffen (mineralen) o Stevigheid o Opslag van reservestoffen Stengel o o Transport van water

Nadere informatie

Bouw zaadplanten. CC Naamsvermelding 3.0 Nederland licentie.

Bouw zaadplanten. CC Naamsvermelding 3.0 Nederland licentie. Auteur VO-content Laatst gewijzigd 16 December 2016 Licentie CC Naamsvermelding 3.0 Nederland licentie Webadres http://maken.wikiwijs.nl/87623 Dit lesmateriaal is gemaakt met Wikiwijs Maken van Kennisnet.

Nadere informatie

De geslachtsontwikkeling, zoals het meestal gaat 1

De geslachtsontwikkeling, zoals het meestal gaat 1 De geslachtsontwikkeling, zoals het meestal gaat Je bent zo mooi anders dan ik, natuurlijk niet meer of minder maar zo mooi anders, ik zou je nooit Deze infobrochure heeft als doel om de ontwikkeling uit

Nadere informatie

Samenvattingen. Samenvatting Thema 4: Erfelijkheid. Basisstof 1. Basisstof 2. Erfelijke eigenschappen:

Samenvattingen. Samenvatting Thema 4: Erfelijkheid. Basisstof 1. Basisstof 2. Erfelijke eigenschappen: Samenvatting Thema 4: Erfelijkheid Basisstof 1 Erfelijke eigenschappen: - Genotype: o genen liggen op de chromosomen in kernen van alle cellen o wordt bepaald op moment van de bevruchting - Fenotype: o

Nadere informatie

Ongeslachtelijke voortplanting: een deel van een organisme groeit uit tot een nieuw organisme

Ongeslachtelijke voortplanting: een deel van een organisme groeit uit tot een nieuw organisme Samenvatting Thema 2: Planten Basisstof 1 Ongeslachtelijke voortplanting: een deel van een organisme groeit uit tot een nieuw organisme - Gebeurt door mitose (gewone celdeling) - Alle nakomelingen hebben

Nadere informatie

Puberteit - HV 2. Saskia Tuenter. CC Naamsvermelding-GelijkDelen 3.0 Nederland licentie.

Puberteit - HV 2. Saskia Tuenter. CC Naamsvermelding-GelijkDelen 3.0 Nederland licentie. Puberteit - HV 2 Auteur Laatst gewijzigd Licentie Webadres Saskia Tuenter 06 March 2016 CC Naamsvermelding-GelijkDelen 3.0 Nederland licentie http://maken.wikiwijs.nl/72986 Dit lesmateriaal is gemaakt

Nadere informatie

Docent: A. Sewsahai KLASSE: 6 VWO

Docent: A. Sewsahai KLASSE: 6 VWO Henry N. Hassankhan Scholengemeenschap Scholen Gemeenschap Lelydorp [HHS-SGL ARTHUR A. HOOGENDOORN ATHENEUM - VRIJE ATHENEUM AAHA Docent: A. Sewsahai KLASSE: 6 VWO Legenda leerstofafbakening: PAARS: OUDE

Nadere informatie

kleuter 4 6 jaar Veters strikken. Zijn vaak al zindelijk. (Maar er kunnen ook andere dingen genoemd worden)

kleuter 4 6 jaar Veters strikken. Zijn vaak al zindelijk. (Maar er kunnen ook andere dingen genoemd worden) NAKIJKBLAD Opdracht 1 Iedere levensfase heeft bepaalde kenmerken. Zet bij elke levensfase van wanneer tot wanneer hij ongeveer duurt. Zet er ook bij wat er in die levensfase gebeurt (kies steeds 2 dingen.)

Nadere informatie

Voorplanting bij zaadplanten vmbo-b34. CC Naamsvermelding 3.0 Nederland licentie. https://maken.wikiwijs.nl/73622

Voorplanting bij zaadplanten vmbo-b34. CC Naamsvermelding 3.0 Nederland licentie. https://maken.wikiwijs.nl/73622 Auteur VO-content Laatst gewijzigd 13 juli 2016 Licentie CC Naamsvermelding 3.0 Nederland licentie Webadres https://maken.wikiwijs.nl/73622 Dit lesmateriaal is gemaakt met Wikiwijs van Kennisnet. Wikiwijs

Nadere informatie

auteurs ARTEUNIS BOS MARIANNE GOMMERS ONNO KALVERDA RUUD PASSIER THEO DE ROUW GERARD SMITS BEN WAAS RENÉ WESTRA

auteurs ARTEUNIS BOS MARIANNE GOMMERS ONNO KALVERDA RUUD PASSIER THEO DE ROUW GERARD SMITS BEN WAAS RENÉ WESTRA 4 HAVO biologie voor jou uitwerkingenboek BIOLOGIE VOOR DE BOVENBOUW havo auteurs ARTEUNIS BOS MARIANNE GOMMERS ONNO KALVERDA RUUD PASSIER THEO DE ROUW GERARD SMITS BEN WAAS RENÉ WESTRA VIJFDE DRUK MALMBERG

Nadere informatie

De bouw en functie van Bloemen

De bouw en functie van Bloemen Auteur Laatst gewijzigd Licentie Webadres Tijn Meurkens 06 oktober 2015 CC Naamsvermelding 3.0 Nederland licentie https://maken.wikiwijs.nl/67071 Dit lesmateriaal is gemaakt met Wikiwijs van Kennisnet.

Nadere informatie

De bouw en functie van Bloemen

De bouw en functie van Bloemen Auteur Laatst gewijzigd Licentie Webadres Tijn Meurkens 06 October 2015 CC Naamsvermelding 3.0 Nederland licentie http://maken.wikiwijs.nl/67071 Dit lesmateriaal is gemaakt met Wikiwijsleermiddelenplein.

Nadere informatie

Voortplanting bij zaadplanten vmbo-kgt34

Voortplanting bij zaadplanten vmbo-kgt34 Auteur VO-content Laatst gewijzigd 08 April 2016 Licentie CC Naamsvermelding-GelijkDelen 3.0 Nederland licentie Webadres http://maken.wikiwijs.nl/63368 Dit lesmateriaal is gemaakt met Wikiwijsleermiddelenplein.

Nadere informatie

Erfelijkheid. Examen VMBO-GL en TL. biologie CSE GL en TL. Bij dit examen hoort een bijlage.

Erfelijkheid. Examen VMBO-GL en TL. biologie CSE GL en TL. Bij dit examen hoort een bijlage. Examen VMBO-GL en TL Erfelijkheid biologie CSE GL en TL Bij dit examen hoort een bijlage. Dit examen bestaat uit 26 vragen. Voor dit examen zijn maximaal 30 punten te behalen. Voor elk vraagnummer staat

Nadere informatie

4 HAVO thema 3 Voortplanting EXAMENTRAINER OEFENVRAGEN

4 HAVO thema 3 Voortplanting EXAMENTRAINER OEFENVRAGEN Examentrainer Vragen Nieuwe appels! Zo af en toe zie je hem in de winkel, maar hij zou er al veel langer moeten liggen, de Santana, een gloednieuw appelras, glanzend rood, zoetzuur, lekker bros en sappig.

Nadere informatie

Zijn er bij deze onderwerpen deficiënties, dan kun je via de volgende sites je kennis vergroten: - -

Zijn er bij deze onderwerpen deficiënties, dan kun je via de volgende sites je kennis vergroten: -  - VOORKENNIS BIOLOGIE Inhoud Organen en Cellen... 2 Voortplanting... 3 Erfelijkheid... 3 Planten... 4 Verbranding en ademhaling... 5 Voeding en vertering... 5 De cursus biologie, die je voorbereidt op het

Nadere informatie

VAK: BIOLOGIE METHODE: Biologie voor jou 3VMBO- BK Deel 1 en 2 KLAS: 3 CONTACTUREN PER WEEK: 3 x 50 minuten per week

VAK: BIOLOGIE METHODE: Biologie voor jou 3VMBO- BK Deel 1 en 2 KLAS: 3 CONTACTUREN PER WEEK: 3 x 50 minuten per week PROGRAMMA VAN TOETSING EN AFSLUITING TSG VMBO CURSUSJAAR 2016-2017 NIVEAU BASIS VAK: BIOLOGIE METHODE: Biologie voor jou 3VMBO- BK Deel 1 en 2 KLAS: 3 CONTACTUREN PER WEEK: 3 x 50 uten per week P periode

Nadere informatie

Liefde? Naam: Datum: Seksuele opvoeding. Van wie kan je allemaal houden? Wat doe jij voor iemand die je graag ziet?

Liefde? Naam: Datum: Seksuele opvoeding. Van wie kan je allemaal houden? Wat doe jij voor iemand die je graag ziet? Liefde? Van wie kan je allemaal houden? Wat doe jij voor iemand die je graag ziet? Vind jij verliefd zijn hetzelfde als liefde? Is vriendschap ook liefde? Ben jij al verliefd geweest? Kan je verliefd zijn

Nadere informatie

Seks en relaties Woordenlijst

Seks en relaties Woordenlijst Seks en relaties Woordenlijst Inhoud Vriendschappen en relaties 3 Lichaamsdelen 4 Seksualiteit 6 Seks en masturbatie 8 Veilige seks en voorbehoedsmiddelen 10 Misbruik 12 2 Vriendschappen en relaties Vriendje

Nadere informatie

De leraar legt dit eerst uit, daarna maken de leerlingen deze vragen

De leraar legt dit eerst uit, daarna maken de leerlingen deze vragen ANTWOORDEN SEKSUALITEIT A3 Opdracht Anticonceptiepil 1,3,5 Test jezelf tijdens de les! De leraar legt dit eerst uit, daarna maken de leerlingen deze vragen OPDRACHTEN 1 tijdens de les 4 B 2 D 3 C 5 C 6

Nadere informatie

Inhoud. Voorwoord 5. Trefwoordenlijst 113. Inhoud

Inhoud. Voorwoord 5. Trefwoordenlijst 113. Inhoud Inhoud Voorwoord 5 6 Steeds meer planten! 9 6.1 Geslachtelijke variaties 9 6.2 Van eicel tot zaad 11 6.3 Allemaal gelijk 14 6.4 De juiste behandeling 24 6.5 Verschillende bollen en knollen 28 6.6 Afsluiting

Nadere informatie

Over het MEISJESLICHAAM op www.sense.info

Over het MEISJESLICHAAM op www.sense.info Over het MEISJESLICHAAM op www.sense.info Op Sense.info vind je allemaal informatie over seks, relaties en hulp bij problemen. Ga naar www.sense.info. In het menu zie je alle onderwerpen. -Klik op MEISJESLICHAAM

Nadere informatie

Werkvormen k Zag 2 beren over lichamelijkheid

Werkvormen k Zag 2 beren over lichamelijkheid Werkvormen k Zag 2 beren over lichamelijkheid Werkbladen over lichamelijke verandering (4.4) Onderbroekenspel Werkbladen over lichamelijke verschillen (4.3) Max en Maxima Werkbladen over man-vrouw verschillen

Nadere informatie

Man en vrouw vmbo-b34. CC Naamsvermelding 3.0 Nederland licentie.

Man en vrouw vmbo-b34. CC Naamsvermelding 3.0 Nederland licentie. Auteur VO-content Laatst gewijzigd Licentie Webadres 12 July 2016 CC Naamsvermelding 3.0 Nederland licentie http://maken.wikiwijs.nl/73616 Dit lesmateriaal is gemaakt met Wikiwijsleermiddelenplein. Wikiwijsleermiddelenplein

Nadere informatie

Samenvatting Erfelijkheid Vmbo 3a Biologie voor Jou. Erfelijke informatie ligt in de celkern in de chromosomen. Chromosomen bestaan weer uit DNA.

Samenvatting Erfelijkheid Vmbo 3a Biologie voor Jou. Erfelijke informatie ligt in de celkern in de chromosomen. Chromosomen bestaan weer uit DNA. Samenvatting Erfelijkheid Vmbo 3a Biologie voor Jou 4.1 Fenotype Genotype = waarneembare eigenschappen van een individu = de erfelijke informatie in het DNA Genotype + milieufactoren = fenotype Erfelijke

Nadere informatie

Voortplanting. Lesbrief. Werkgroep Schoolactiviteiten. I.V.N. afd.hengelo. Tel. O74 2770390

Voortplanting. Lesbrief. Werkgroep Schoolactiviteiten. I.V.N. afd.hengelo. Tel. O74 2770390 Voortplanting Lesbrief Werkgroep Schoolactiviteiten I.V.N. afd.hengelo Tel. O74 2770390 1 Deze lesbrief wordt U aangeboden door het I.V.N. afd. Hengelo Voortplanting = zorgen voor jonge planten A. Inleiding

Nadere informatie

Informatiefolder. Zwangerschap en kinderwens

Informatiefolder. Zwangerschap en kinderwens Informatiefolder en kinderwens Inhoudsopgave Algemeen 3 Kinderwens 3 Foliumzuur s- en ovulatietesten 5 Geneesmiddelen 6 Bostvoeding Medicatiebegeleiding Algemeen De vrouw maakt tijdens haar leven een aantal

Nadere informatie

VAK: BIOLOGIE METHODE: Biologie voor jou 3VMBO- BK Deel 1 en 2 KLAS: 3 CONTACTUREN PER WEEK: 3 x 50 minuten per week

VAK: BIOLOGIE METHODE: Biologie voor jou 3VMBO- BK Deel 1 en 2 KLAS: 3 CONTACTUREN PER WEEK: 3 x 50 minuten per week PROGRAMMA VAN TOETSING EN AFSLUITING TSG VMBO CURSUSJAAR 205-206 NIVEAU BASIS VAK: BIOLOGIE METHODE: Biologie voor jou 3VMBO- BK Deel en 2 KLAS: 3 CONTACTUREN PER WEEK: 3 x uten per week P periode C code

Nadere informatie

Levensfasen vmbo-b12. CC Naamsvermelding 3.0 Nederland licentie.

Levensfasen vmbo-b12. CC Naamsvermelding 3.0 Nederland licentie. Auteur VO-content Laatst gewijzigd Licentie Webadres 08 June 2016 CC Naamsvermelding 3.0 Nederland licentie http://maken.wikiwijs.nl/62411 Dit lesmateriaal is gemaakt met Wikiwijsleermiddelenplein. Wikiwijsleermiddelenplein

Nadere informatie

Man en vrouw vmbo-kgt34. CC Naamsvermelding-GelijkDelen 3.0 Nederland licentie.

Man en vrouw vmbo-kgt34. CC Naamsvermelding-GelijkDelen 3.0 Nederland licentie. Auteur VO-content Laatst gewijzigd Licentie Webadres 23 December 2016 CC Naamsvermelding-GelijkDelen 3.0 Nederland licentie http://maken.wikiwijs.nl/63362 Dit lesmateriaal is gemaakt met Wikiwijs Maken

Nadere informatie

3 Rundveefokkerij Melkproductiecontrole Selectie Fokwaardeschatting Inseminatieplannnen 69 3.

3 Rundveefokkerij Melkproductiecontrole Selectie Fokwaardeschatting Inseminatieplannnen 69 3. Inhoud Voorwoord 5 Inleiding 6 1 Veiligheidsvoorschriften 9 1.1 Genen en hun vererving 9 1.2 Genotype en fenotype 14 1.3 Erfelijke gebreken 18 1.4 Genfrequenties 25 1.5 Afsluiting 27 2 Fokmethoden 28 2.1

Nadere informatie

HOOFDSTUK 6: VOORTPLANTING. 1: Embryonale ontwikkeling

HOOFDSTUK 6: VOORTPLANTING. 1: Embryonale ontwikkeling HOOFDSTUK 6: VOORTPLANTING 1: Embryonale ontwikkeling Bevruchting: - Tijdens de ovulatie komt een eicel vrij uit een van beide ovaria: de eicel omringd met cellen uit het ovarium komt in een eileider.

Nadere informatie

primaire geslachtkenmerken Geslachtskenmerken die al bij de geboorte aanwezig zijn

primaire geslachtkenmerken Geslachtskenmerken die al bij de geboorte aanwezig zijn Vragen bij paragraaf 2.2 en 2.3 Puberteit Periode waarin hormonale veranderingen zorgen voor ontwikkeling van kind tot volwassene hormonale stelsel Orgaanstelsel dat hormonen aanmaakt hormonen Signaalstofffen

Nadere informatie

LICHAMELIJKE EN EMOTIONELE ONTWIKKELING groep per

LICHAMELIJKE EN EMOTIONELE ONTWIKKELING groep per LICHAMELIJKE EN EMOTIONELE ONTWIKKELING groep per 5 prior 5 per 6 prior 6 per 7 prior 7 per 8 prior 8 A. ANATOMIE EN FYSIOLOGIE B. VOORTPLANTING elk lichaamsdeel heeft een naam en een functie de geslachtsdelen,

Nadere informatie

Examen VMBO-GL en TL-COMPEX

Examen VMBO-GL en TL-COMPEX Examen VMBO-GL en TL-COMPEX 2008 tijdvak 1 dinsdag 27 mei totale examentijd 2 uur biologie CSE GL en TL COMPEX Vragen 1 tot en met 31 In dit deel van het examen staan de vragen waarbij de computer niet

Nadere informatie

2 Voortplanten met organen Bouw en werking van geslachtsorganen Werking van geslachtshormonen Afsluiting 31

2 Voortplanten met organen Bouw en werking van geslachtsorganen Werking van geslachtshormonen Afsluiting 31 Inhoud Voorwoord 5 Inleiding 6 1 Voortplanten van genen 9 1.1 Genetica 9 1.2 Kruisingen 13 1.3 Crossing-over en mutatie 16 1.4 Erfelijkheid en praktijk 17 1.5 Inteelt en inteeltdepressie 21 1.6 Afsluiting

Nadere informatie

OMSCHRIJVING LESSTOF

OMSCHRIJVING LESSTOF PROGRAMMA VAN TOETSING EN AFSLUITING KLAS 3 VAK : : Biologie METHODE : Biologie voor Jou KLAS: : 3 NIVEAU : KADER CONTACTUREN PER WEEK 3 X 50 MINUTEN PER WEEK STUDIEJAAR : 2017-2018 EINDCIJFER KLAS 3 MOET

Nadere informatie

zwanger worden en zijn

zwanger worden en zijn zwanger worden en zijn Inhoud 1 Het begin: de bevruchting 3 1.1 De eierstokken (ovaria) 3 1.2 De eisprong en de eicel 4 1.3 Het slijm van de baarmoederhals 4 1.4 De eileider 4 1.5 De bevruchting 5 1.6

Nadere informatie

Menstruatiecyclus vmbo-b34. CC Naamsvermelding 3.0 Nederland licentie.

Menstruatiecyclus vmbo-b34. CC Naamsvermelding 3.0 Nederland licentie. Auteur VO-content Laatst gewijzigd Licentie Webadres 12 July 2016 CC Naamsvermelding 3.0 Nederland licentie http://maken.wikiwijs.nl/73618 Dit lesmateriaal is gemaakt met Wikiwijs Maken van Kennisnet.

Nadere informatie

Voortplantingshormonen

Voortplantingshormonen Voortplantingshormonen De menstruatiecyclus bij de mens is een gebeurtenis waarbij verschillende processen tegelijkertijd en in onderlinge afhankelijkheid plaats vinden. De aanvang, het voortduren en het

Nadere informatie

Patientenvoorlichting Voortplantingsgeneeskunde (fertiliteit)

Patientenvoorlichting Voortplantingsgeneeskunde (fertiliteit) Patientenvoorlichting Voortplantingsgeneeskunde (fertiliteit) Zwanger worden en zijn Elke zwangerschap begint met het binnendringen van een zaadcel in een eicel: de bevruchting. Bij de bevruchting spelen

Nadere informatie

Eindexamen vmbo gl/tl biologie I

Eindexamen vmbo gl/tl biologie I Beoordelingsmodel Aan het juiste antwoord op een meerkeuzevraag wordt 1 scorepunt toegekend. Een kringloop 1 A 2 A 3 maximumscore 2 letter T 1 uit de uitleg moet blijken dat reducenten dode resten afbreken

Nadere informatie

Voortplanting bij dieren vmbo-b34. CC Naamsvermelding 3.0 Nederland licentie.

Voortplanting bij dieren vmbo-b34. CC Naamsvermelding 3.0 Nederland licentie. Auteur VO-content Laatst gewijzigd Licentie Webadres 13 July 2016 CC Naamsvermelding 3.0 Nederland licentie http://maken.wikiwijs.nl/73579 Dit lesmateriaal is gemaakt met Wikiwijsleermiddelenplein. Wikiwijsleermiddelenplein

Nadere informatie

PROGRAMMA VAN TOETSING EN AFSLUITING TSG VMBO CURSUSJAAR 2015-2016 NIVEAU KADER

PROGRAMMA VAN TOETSING EN AFSLUITING TSG VMBO CURSUSJAAR 2015-2016 NIVEAU KADER PROGRAMMA VAN TOETSING EN AFSLUITING TSG VMBO CURSUSJAAR 2015-2016 NIVEAU KADER VAK: BIOLOGIE METHODE: Biologie voor jou 3VMBO- K Deel 1, 2, 3 en 4 KLAS: 3 CONTACTUREN PER WEEK: 4 x 50 uten per week P

Nadere informatie

Doelstelling 3 Je moet primaire en secundaire geslachtskenmerken kunnen noemen bij jongens en bij meisjes.

Doelstelling 3 Je moet primaire en secundaire geslachtskenmerken kunnen noemen bij jongens en bij meisjes. Biologie Thema 2 Samenvatting Doelstelling 1 Je moet van de delen van het voortplantingsstelsel van een man de functies en kenmerken kunnen noemen. Teelballen (testes): produceren zaadcellen (spermacellen)

Nadere informatie

Examen VMBO-BB. biologie CSE BB. tijdvak 1 woensdag 20 mei 13.30-15.00 uur. Beantwoord alle vragen in dit opgavenboekje.

Examen VMBO-BB. biologie CSE BB. tijdvak 1 woensdag 20 mei 13.30-15.00 uur. Beantwoord alle vragen in dit opgavenboekje. Examen VMBO-BB 2015 tijdvak 1 woensdag 20 mei 13.30-15.00 uur biologie CSE BB Naam kandidaat Kandidaatnummer Beantwoord alle vragen in dit opgavenboekje. Dit examen bestaat uit 36 vragen. Voor dit examen

Nadere informatie

1: Jongens en meisjes

1: Jongens en meisjes 1: Jongens en meisjes - Pubertijd is de tijd waarin het lichaam volwassenen wordt en loopt van je 10 de tot 17 de. - De adolescentie is de tijd waarin een mens geestelijk volwassen wordt en loopt vanaf

Nadere informatie

ERFELIJKHEID. 1 N i e t a l l e m a a l h e t z e l f d e Afbeelding 17-2

ERFELIJKHEID. 1 N i e t a l l e m a a l h e t z e l f d e Afbeelding 17-2 ERFELIJKHEID 1 N i e t a l l e m a a l h e t z e l f d e Afbeelding 17-2 Afbeelding 17-1 Mensen uit elkaar houden vind je vast makkelijker. Toch hebben ook mensen veel meer overeenkomsten dan verschillen.

Nadere informatie

Lees eerst informatie 1 tot en met 7 en beantwoord dan vraag 34 tot en met 51. Bij het beantwoorden van die vragen kun je de informatie gebruiken.

Lees eerst informatie 1 tot en met 7 en beantwoord dan vraag 34 tot en met 51. Bij het beantwoorden van die vragen kun je de informatie gebruiken. Zwangerschap Lees eerst informatie tot en met en beantwoord dan vraag tot en met. Bij het beantwoorden van die vragen kun je de informatie gebruiken. p In de afbeelding van informatie is een deel van het

Nadere informatie

4 HAVO thema 4 Erfelijkheid EXAMENTRAINER OEFENVRAGEN

4 HAVO thema 4 Erfelijkheid EXAMENTRAINER OEFENVRAGEN Examentrainer Vragen Karyogrammen In afbeelding 1 zijn twee karyogrammen weergegeven. Deze karyogrammen zijn afkomstig van een eeneiige tweeling. Het ene kind is van het mannelijk geslacht zonder duidelijke

Nadere informatie

Inhoud. Voorwoord 5. Mag ik u een paar vragen stellen? 6

Inhoud. Voorwoord 5. Mag ik u een paar vragen stellen? 6 Inhoud Voorwoord 5 Mag ik u een paar vragen stellen? 6 9 Steeds meer planten! 13 9.1 Geslachtelijke variaties 13 9.2 Van eicel tot zaad 16 9.3 Allemaal gelijk 20 9.4 De juiste behandeling 27 9.5 Verschillende

Nadere informatie

Level 1. Vul het juiste woord in

Level 1. Vul het juiste woord in Level 1 Vul het juiste woord in Keuze uit: Gen, Allel, Locus, Dominant, Recessief, Co-dominantie, Monohybride kruising, Dihybride kruising, Autosoom, Autosomale overerving, X-chromosomale overerving, Intermediair

Nadere informatie

Naut. Natuur en techniek HANDLEIDING THEMA 4 LES 1

Naut. Natuur en techniek HANDLEIDING THEMA 4 LES 1 Naut Natuur en techniek HANDLEIDING THEMA 4 LES 1 8 Thema 4 Voortplanting thema 4 Voortplanting les 1 les 2 les 3 les 4 72 2 VOORAF Vertel dat bij voortplanting vaak wordt gezegd: dat gaat over de bloemetjes

Nadere informatie

Jongetje of meisje? hv12. CC Naamsvermelding-GelijkDelen 3.0 Nederland licentie.

Jongetje of meisje? hv12. CC Naamsvermelding-GelijkDelen 3.0 Nederland licentie. Auteur VO-content Laatst gewijzigd 24 October 2016 Licentie CC Naamsvermelding-GelijkDelen 3.0 Nederland licentie Webadres http://maken.wikiwijs.nl/62534 Dit lesmateriaal is gemaakt met Wikiwijs Maken

Nadere informatie

Voorbereiding toelatingsexamen arts/tandarts. Biologie voortplanting 6/29/2013. dr. Brenda Casteleyn

Voorbereiding toelatingsexamen arts/tandarts. Biologie voortplanting 6/29/2013. dr. Brenda Casteleyn Voorbereiding toelatingsexamen arts/tandarts Biologie voortplanting 6/29/2013 dr. Brenda Casteleyn Met dank aan: Leen Goyens (http://users.telenet.be/toelating) en studenten van forum http://www.toelatingsexamen-geneeskunde.be

Nadere informatie

Zwanger worden en zijn

Zwanger worden en zijn Zwanger worden en zijn Patiënteninformatie Zwanger worden en zijn Inhoudsopgave 1 Inleiding 2 Het begin: de bevruchting 2.1 De eierstokken (ovaria) 2.2 De eisprong en de eicel 2.3 Het slijm van de baarmoederhals

Nadere informatie

1 Bespreek de tekening tijdens de les 2 D 3 C 4 B 5C 6 A 7 C 8 B. Open vragen

1 Bespreek de tekening tijdens de les 2 D 3 C 4 B 5C 6 A 7 C 8 B. Open vragen ANTWOORDEN VOORTPLANTING EN SEKSUALITEIT Serie a Opdracht Anticonceptiepil 1,3,5 Schema samen doornemen! OPDRACHTEN 1 Bespreek de tekening tijdens de les 2 D 3 C 4 B 5C 6 A 7 C 8 B Open vragen 1 Bij sterilisatie

Nadere informatie

Voortplanting bij bloemplanten. Volledige naam: Nummer: Klas:

Voortplanting bij bloemplanten. Volledige naam: Nummer: Klas: Voortplanting bij bloemplanten Volledige naam: Nummer: Klas: 1. Bouw van de volkomen bloem Hoeveel verschillende onderdelen merk je op per bloem?... Hoeveel verschillende soorten bladeren zijn er aanwezig?...

Nadere informatie

Naut. Natuur en techniek HANDLEIDING THEMA 4 LES 2

Naut. Natuur en techniek HANDLEIDING THEMA 4 LES 2 Naut Natuur en techniek HANDLEIDING THEMA 4 LES 2 8 Thema 4 Voortplanting thema 4 Voortplanting les 1 les 2 les 3 les 4 72 2 VOORAF Vertel dat bij voortplanting vaak wordt gezegd: dat gaat over de bloemetjes

Nadere informatie

zwanger worden en zijn

zwanger worden en zijn zwanger worden en zijn 2 Inhoud Inleiding 4 1 Het begin: de bevruchting 4 1.1 De eierstokken (ovaria) 4 1.2 De eisprong en de eicel 4 1.3 Het slijm van de baarmoederhals 5 1.4 De eileider 5 1.5 De bevruchting

Nadere informatie

Inhoud. Voorwoord 5. Mag ik u een paar vragen stellen? 6

Inhoud. Voorwoord 5. Mag ik u een paar vragen stellen? 6 Inhoud Voorwoord 5 Mag ik u een paar vragen stellen? 6 6 Steeds meer planten! 13 6.1 Geslachtelijke variaties 13 6.2 Van eicel tot zaad 16 6.3 Allemaal gelijk 18 6.4 De juiste behandeling 24 6.5 Verschillende

Nadere informatie

Vraag Antwoord Scores. Aan het juiste antwoord op een meerkeuzevraag wordt één punt toegekend.

Vraag Antwoord Scores. Aan het juiste antwoord op een meerkeuzevraag wordt één punt toegekend. Beoordelingsmodel PGD Aan het juiste antwoord op een meerkeuzevraag wordt één punt toegekend. 1 B 2 B 3 maximumscore 1 de (cel)kern / de chromosomen / de genen / DNA 4 C 5 maximumscore 1 Uit de uitleg

Nadere informatie

Liefde is hv12. CC Naamsvermelding-GelijkDelen 3.0 Nederland licentie.

Liefde is hv12. CC Naamsvermelding-GelijkDelen 3.0 Nederland licentie. Auteur Laatst gewijzigd Licentie Webadres VO-content 25 October 2016 CC Naamsvermelding-GelijkDelen 3.0 Nederland licentie http://maken.wikiwijs.nl/62562 Dit lesmateriaal is gemaakt met Wikiwijs Maken

Nadere informatie

Planten. over bloemetjes en bijtjes Knollen en citroenen

Planten. over bloemetjes en bijtjes Knollen en citroenen Planten over bloemetjes en bijtjes Knollen en citroenen Deze bijeenkomst Planten versus dieren Indeling van het plantenrijk Voortplanting Ecosystemen Indeling van het leven op aarde Er zijn 4 rijken: Bacteriën

Nadere informatie

Klas 2. Herhaling biologie klas 1

Klas 2. Herhaling biologie klas 1 Klas 2 Herhaling biologie klas 1 1 Herhaling Biologie Klas 1 De eerste lessen zullen we besteden aan een herhaling van de lesstof uit de eerste klas. Deze herhaling bestaat uit tekeningen, vragen en aantekeningen.

Nadere informatie

Menstruatiepijn, Dysmenorrhoe

Menstruatiepijn, Dysmenorrhoe Menstruatiepijn, Dysmenorrhoe Wat is het? Sommige vrouwen hebben pijn vlak voor en tijdens de menstruatie. Meestal gaat het om steken en krampen in de onderbuik. Vaak trekt de pijn ook naar de rug of de

Nadere informatie

Fenotype nakomelingen. donker kort 29 donker lang 9 wit kort 31 wit- lang 11

Fenotype nakomelingen. donker kort 29 donker lang 9 wit kort 31 wit- lang 11 1. Bij honden is het allel voor donkerbruine haarkleur (E) dominant over het allel voor witte haarkleur (e). Het allel voor kort haar (F) is dominant over het allel voor lang haar (f). Een aantal malen

Nadere informatie

pag voor het eerst ongesteld Over veranderende gevoelens In deze folder: pag 8 Wat gebeurt er met je lichaam? pag 4

pag voor het eerst ongesteld Over veranderende gevoelens In deze folder: pag 8 Wat gebeurt er met je lichaam? pag 4 De puberteit komt eraan! Als je 10 bent, begint je puberteit. Maar wat is dat nou eigenlijk? Je verandert van een meisje in een vrouw. Je gaat je ook anders voelen en gedragen. Dat gebeurt niet van de

Nadere informatie

Bijlage VMBO-KB. biologie CSE KB. tijdvak 1. Deze bijlage bevat informatie. KB-0191-a-11-1-b

Bijlage VMBO-KB. biologie CSE KB. tijdvak 1. Deze bijlage bevat informatie. KB-0191-a-11-1-b Bijlage VMBO-KB 2011 tijdvak 1 biologie CSE KB Deze bijlage bevat informatie. KB-0191-a-11-1-b Vleermuizen - Informatie Lees eerst informatie 1 tot en met 6 en beantwoord dan vraag 40 tot en met 50. Bij

Nadere informatie

Voorbereiding post 5. Kleuren om (van) te snoepen Groep 3-4

Voorbereiding post 5. Kleuren om (van) te snoepen Groep 3-4 Voorbereiding post 5 Kleuren om (van) te snoepen Groep 3-4 Welkom bij IVN Valkenswaard-Waalre Dit is de digitale voorbereiding op post 5: Kleuren om (van) te snoepen, voor groep 3 en 4. Inhoud: Algemeen

Nadere informatie

Alles over de puberteit. puberteit

Alles over de puberteit. puberteit Alles over de puberteit seks puber Hormonen puberteit Sperma Experimenteren Zaadlozing verliefd seks puber Hormonen puberteit sperma Experimenteren Zaadlozing verliefd Wat gebeurt er met je tussen je 10

Nadere informatie

Vraag Antwoord Scores. Aan het juiste antwoord op een meerkeuzevraag wordt één punt toegekend.

Vraag Antwoord Scores. Aan het juiste antwoord op een meerkeuzevraag wordt één punt toegekend. Beoordelingsmodel PGD Aan het juiste antwoord op een meerkeuzevraag wordt één punt toegekend. 1 B 2 B 3 maximumscore 1 de (cel)kern / de chromosomen / de genen / DNA 4 C 5 maximumscore 1 Uit de uitleg

Nadere informatie