Tweede Kamer der Staten-Generaal

Maat: px
Weergave met pagina beginnen:

Download "Tweede Kamer der Staten-Generaal"

Transcriptie

1 Tweede Kamer der Staten-Generaal 2 Vergaderjaar Waterbeleid Nr. 63 BRIEF VAN DE MINISTER EN STAATSSECRETARIS VAN VERKEER EN WATERSTAAT Aan de Voorzitter van de Tweede Kamer der Staten-Generaal Den Haag, 24 februari 2006 Met deze brief informeren wij u over het besluit dat het Kabinet onlangs heeft genomen inzake de implementatie van de vorming van het Deltainstituut. 1. Van Kabinetsstandpunt naar vorming Delta-instituut In het Kabinetsstandpunt Brugfunctie TNO en de Grote Technologische Instituten (GTI s), dat in 2004 naar aanleiding van het advies van de Commissie-Wijffels is opgesteld, heeft het Kabinet de aanbeveling tot vorming van een Delta-instituut overgenomen. Daarbij heeft het Kabinet besloten dat het Delta-instituut zich dient te ontwikkelen tot een zelfstandig, vraaggestuurd kennisinstituut dat naast een belangrijke taakfunctie ook een marktfunctie moet vervullen. Het Delta-instituut moet hét strategisch en vraaggestuurd kennis- en innovatiecentrum van «deltakennis» worden, op internationaal topniveau. Het Kabinet ziet GeoDelft en WL Delft Hydraulics als de harde kern van het te formeren Delta-instituut. Bij de organisatorische integratie van beide instituten zijn tevens te betrekken de in aanmerking komende taken van de Specialistische Diensten van Verkeer en Waterstaat en TNO. 1 Ter inzage gelegd bij het Centraal Informatiepunt Tweede Kamer. Het Kabinet heeft de minister van V&W gevraagd de uitwerking van het besluit ter hand te nemen. In de periode november 2004-december 2005 heeft een Stuurgroep waarin vertegenwoordigd de departementen van V&W, EZ, OCW, alsmede de Raden van Toezicht van WL Delft Hydraulics en GeoDelft en de Raad van Bestuur van TNO aanbevelingen geformuleerd inzake de strategische delta-vraagstukken, de missie, de kerngebieden, de organisatorische vormgeving, het model van vraagsturing, de samenwerking met universiteiten en kennisinstellingen, de corporate governance, de betrokkenheid van de marktsector, de financiële aspecten, en het verdere implementatietraject. Het advies van de Stuurgroep is als bijlage bij deze brief opgenomen 1. Aan de hand van de hoofdlijnen van het Stuurgroepadvies wordt navolgend het kabinetsbesluit naar aanlei- KST tkkst ISSN Sdu Uitgevers s-gravenhage 2006 Tweede Kamer, vergaderjaar , , nr. 63 1

2 ding van dit advies geformuleerd. De voorstellen van het kabinet over de implementatie van het kabinetsstandpunt Brugfunctie TNO en de Grote Technologische Instituten (GTI s) zijn hierbij mede een richtsnoer. 2. Het Delta-instituut Strategische delta-vraagstukken en in de markt levende onderzoeksvragen en thema s Het Kabinet is van mening dat een krachtig kennis- en innovatiecentrum van «delta-kennis» van groot belang is om de laaggelegen, kwetsbare en overstromingsgevoelige Nederlandse delta duurzaam bewoonbaar te houden. De stijgende zeespiegel, extremere neerslaghoeveelheden en piekafvoeren van de rivieren in afwisseling met periodes van langdurige droogte, de daling van de Nederlandse bodem en de toenemende ruimtelijke druk plaatsen Nederland de komende decennia immers voor uitdagingen waarvoor conventionele benaderingen en technieken niet voldoen. Daarbij wordt de urgentie van de vorming van het Delta-instituut onderstreept door de recente hoogwaterproblematiek in het zuiden van de Verenigde Staten en Zuid-Oost-Azië, die op indringende wijze het belang heeft getoond van adequate oplossingen voor vraagstukken gerelateerd aan wonen, werken en bouwen in laaggelegen en dichtbevolkte deltagebieden. Een krachtig Delta-instituut dat bijdraagt aan het innovatieve vermogen van Nederland op het gebied van delta-vraagstukken zal naar het oordeel van het Kabinet ook de internationale concurrentiepositie van het bedrijfsleven versterken. Als gevolg van de klimaatverandering zal wereldwijd de vraag naar kennis en innovaties rond wonen, werken en bouwen in deltagebieden toenemen. Immers, meer dan de helft van de wereldbevolking en ruim 80 procent van de grote stedelijke agglomeraties concentreren zich in dergelijke gebieden. Dat leidt tot kansen op de mondiale markt, zowel voor het Delta-instituut als voor de met het Delta-instituut samenwerkende partijen uit het Nederlandse bedrijfsleven. In dit licht is de vorming van het Delta-instituut door het Innovatieplatform geïdentificeerd als één van de stimulerende acties voor de versterking van de internationale concurrentiepositie op het door het platform erkende sleutelgebied «water». Het Delta-instituut zal zich dan ook moeten ontwikkelen tot een kennis- en innovatiecentrum dat een onmisbare rol vervult voor het analyseren van en het aangeven van oplossingen voor strategische delta-vraagstukken. Die vraagstukken betreffen het ondervangen van effecten van klimaatverandering, inclusief de bescherming van ons land tegen overstroming, de instandhouding en duurzame ontwikkeling van het deltasysteem, het behoud en de verbetering van de kwaliteit van het water- en bodemsysteem, en het intensieve water- en ruimtegebruik in de delta. Daarnaast moet het Delta-instituut aansluiten op de in de markt levende onderzoeksvragen en thema s. Daarbij gaat het om de integrale aanpak van deltavraagstukken en multi-functioneel ruimtegebruik, het verbeteren van de waterkwaliteit en het beheer van de waterketen, en om het ontwikkelen van innovatieve praktijkoplossingen zoals nieuwe dijktechnologieën en funderingstechnieken voor zachte bodems. Het Kabinet heeft hoge verwachtingen van het innovatieve vermogen van het Delta-instituut. Het instituut zal een wezenlijke bijdrage moeten leveren aan de ontwikkeling en toepassing van innovatieve delta-kennis en -technologie voor een breed scala aan urgente vraagstukken. Alleen al rond waterveiligheid zijn als voorbeelden van op dit moment actuele vraagstukken te noemen: Tweede Kamer, vergaderjaar , , nr. 63 2

3 Uit het onderzoek Veiligheid Nederland in Kaart blijkt dat het faalmechanisme «opbarsten en piping» de grootste kans op een overstroming oplevert. Dit fenomeen ontstaat indien de kwelstroming onder de dijk zo groot wordt dat zand in wellen wordt afgevoerd, erosie-kanalen ontstaan (pipes) en daardoor de dijk wordt ondermijnd en kan doorbreken. Om tijdig het risico van opbarsten en piping te kunnen vaststellen en om dit faalmechanisme te voorkomen met adequate fysieke maatregelen is kennis nodig over de opbouw van de ondergrond en de omgeving van de dijk, van de samenstelling en sterkte van dijken, van effecten van bodemdaling, van grondwaterstromingen en van de te verwachten waterstanden. Voor de ontwikkeling van innovatieve oplossingen is met name de bundeling en integratie van civieltechnische, geo-technische en geologische kennis en kunde van cruciaal belang. De door het Delta-instituut op dit terrein te ontwikkelen innovaties zullen zowel kosteneffectiever dan conventionele maatregelen als mondiaal exporteerbaar zijn; De 75 jaar geleden als toonbeeld van waterbouwkundige innovatie aangelegde Afsluitdijk voldoet niet aan de huidige veiligheidsnorm, omdat de maatgevende omstandigheden gewijzigd zijn. Om de dijk en de kunstwerken (sluizen, stuwen) weer voor de komende 50 jaar duurzaam op orde te brengen en de waterstand in het IJsselmeer adequaat te kunnen beheersen, zijn de komende jaren wederom innovatieve maatregelen noodzakelijk; Om de vaker voorkomende én hogere pieken in de rivierafvoeren op te vangen is het project Ruimte voor de Rivier opgezet. Deze systeemsprong in het water- en ruimtelijke beleid en beheer zal de komende tien jaar moeten worden geïmplementeerd op basis van nieuwe kennis rond onder meer hoogwaterbescherming en dijkversterking, waterkwaliteit, de verwerking van baggerspecie, waterverdelingsmanagment, en beheer en inrichting van natuurlijke watersystemen (polders, uiterwaarden); De komende jaren dienen de «zwakke schakels» aan de kust structureel te worden versterkt om de veiligheid tegen overstroming duurzaam te kunnen blijven garanderen. Dit dient te gebeuren door een gecombineerde aanpak van verbetering van de veiligheid én van de ruimtelijke kwaliteit, waarbij rekening wordt gehouden met economische functies, recreatie, natuur en landschap. Voor de uitvoering van de op dit moment in ontwikkeling zijnde plannen zijn innovatieve kennis en creatieve oplossingen nodig die zijn gebaseerd op de integratie van vakgebieden, disciplines en benaderingen. Missie en scope Het Kabinet formuleert de missie voor het Delta-instituut als volgt: «Het Delta-instituut is het instituut in Nederland voor strategisch en toegepast onderzoek alsmede specialistisch advies voor deltavraagstukken. Het instituut doet dit voor Nederlandse overheden en bedrijven. Met haar onderscheidende kennis en specialistisch advies is het instituut ook op de internationale markt actief om via buitenlandse projecten kennis te ontwikkelen die ook in Nederland kan worden toegepast, om excellente Nederlandse kennis en kunde elders beschikbaar te maken, en om de internationale concurrentiepositie van het Nederlandse bedrijfsleven te versterken. Het Delta-instituut is een instituut van wereldfaam dat in Nederland en daarbuiten top-kwaliteit levert.» De kerngebieden voor het Delta-instituut moeten naar het oordeel van het Kabinet zijn: integraal waterbeheer, waterveiligheid, waterbouw en het beheer en onderhoud van waterkundige werken, grondwater, bodembeheer, geologie, benutting van de ondiepe ondergrond, geo-engineering, grond-constructie interactie, en ruimtelijke inpassing van infrastructuur en Tweede Kamer, vergaderjaar , , nr. 63 3

4 waterwerken. Het gaat hier in alle gevallen om kennisgebieden die cruciaal zijn om Nederland duurzaam bewoonbaar te houden. Juist de combinatie zowel inhoudelijk als organisatorisch van deze kennisgebieden zal een belangrijke impuls betekenen voor versterking van het innovatieve vermogen van Nederland op het gebied van delta-vraagstukken. De complexiteit van de problemen die op ons afkomen vraagt immers om integrale benaderingen en om oplossingen waarbij vele specialismen en vakgebieden gecombineerd worden. Van belang daarbij is ook benutting van kennis van het functioneren van ecosystemen, met het oog op waterbeheer en kennis van het natuurlijke water- en bodemsysteem. Door de bundeling van geo- en aanverwante milieuwetenschappen, ingenieurswetenschappen en biologische wetenschappen zal het Deltainstituut als kennis- en adviescentrum in de startfase een sterke bèta-/ technische oriëntatie hebben. Voor de beantwoording van de «vragen van morgen» zal het Delta-instituut overigens niet alleen bèta- en technische invalshoeken combineren en integreren maar ook gamma-wetenschappelijke competenties. Hierbij valt te denken aan vraagstukken rond de samenhang tussen het watersysteem en de ruimtelijke ordening, de ruimtelijke inpassing van infrastructurele werken, macro-economische afwegingen van waterbeheer, het betrekken van maatschappelijke overwegingen in technische oplossingen, en de combinatie van infrastructuur, water- en bodembeheer met landbouw, landschap en ruimtelijke ordening. Derhalve worden ook gamma-competenties als door het Deltainstituut te ontwikkelen kerngebied gezien. De geformuleerde missie en de combinatie van de kerngebieden verschaffen het Delta-instituut een mondiaal uniek karakter. In geen enkel land bestaat een instituut waar civiel-technische, geo-technische en geologische kennis en kunde rond delta-vraagstukken op deze wijze bijeen gebracht zijn. Het Kabinet is van mening dat het unieke karakter van het Delta-instituut een uitstekende basis verschaft om een internationaal toonaangevend kennis- en innovatie-centrum te worden. Dat het Deltainstituut die potentie bezit, blijkt onder meer uit de belangstelling die de afgelopen periode vanuit diverse landen is getoond. Directe verbindingen Het Delta-instituut zal de fundamenteel-wetenschappelijke delta-kennis die in Nederland en daarbuiten beschikbaar is effectief moeten omzetten in toepassingsgerichte kennis en specialistische adviezen voor overheden, kennisinstellingen en bedrijven. Het Delta-instituut ontwikkelt en bundelt daartoe kennis en kunde rond integraal waterbeheer, waterveiligheid, waterbouw en het beheer en onderhoud van waterkundige werken, grondwater, bodembeheer, geologie, benutting van de ondiepe ondergrond, geo-engineering, grond-constructie interactie, en ruimtelijke inpassing van infrastructuur en waterwerken. Daarvoor is kennis van het natuurlijke, fysieke water en bodemsysteem uiteraard een basisvoorwaarde. Bovendien zal het Delta-instituut intensieve en structurele samenwerkingsrelaties moeten aangaan met Nederlandse universiteiten en kennisinstellingen. Via deelname aan buitenlandse projecten zal het Delta-instituut (ervarings)kennis ontwikkelen die in Nederland kan worden toegepast. Het Delta-instituut zal niet optreden als concurrent van het bedrijfsleven maar zich juist moeten ontwikkelen tot een gezochte samenwerkingspartner voor private partijen. Wezenlijk is naar het oordeel van het Kabinet eveneens dat het Delta-instituut dient zorg te dragen voor voortdurende kennisoverdracht aan overheden, aannemerij, ingenieursbureaus, de Tweede Kamer, vergaderjaar , , nr. 63 4

5 toeleveringsindustrie en andere marktpartijen. Waar relevant zal de directie van het Delta-instituut het gesprek met marktpartijen over overdracht van marktrijpe taken moeten aangaan. Een nieuwe organisatie Het Kabinet is van mening dat de innovaties die nodig zijn om de Nederlandse delta de duurzaam bewoonbaar te houden alleen kunnen worden ontwikkeld indien alle relevante competenties en benaderingen daadwerkelijke gebundeld én geïntegreerd worden. Het Delta-instituut wordt dan ook een nieuwe, zelfstandige organisatie, waarin de voor de missie en scope relevante onderdelen van het huidige WL Delft Hydraulics (vrijwel alle onderdelen), van GeoDelft (vrijwel alle onderdelen), van de Specialistische Diensten van het ministerie van Verkeer en Waterstaat (de onderdelen kennisontwikkeling, innovatie-ontwikkeling, modellen en specialistisch advies) alsmede van TNO (ondiepe ondergrond) zijn opgenomen. Aldus ontstaat een robuust instituut, met in de startfase een personele omvang van 700 tot 800 fte. De jaaromzet zal in de startfase circa 87 mln bedragen, zijnde de som van de omzetten die de relevante onderdelen van de betrokken instituten op dit moment behalen uit opdrachten en subsidies van de overheid, het bedrijfsleven en het buitenland. Om de toekomstige taakfunctie een robuust karakter te geven, heeft het Kabinet besloten om de «taak-financiering» gedurende de periode ten minste op het huidige niveau te handhaven. De totale omvang van deze «taakfinanciering» bedraagt circa 36 mln per jaar (29 mln V&W, 1,5 mln EZ en 6 mln OCW/VROM, inclusief de binnen de scope van het Delta-instituut vallende doelfinanciering van TNO NITG). Het Deltainstituut zal worden gehuisvest in Delft en Utrecht, waardoor de (fysieke) samenwerkingsrelaties met de TU Delft en de Universiteit Utrecht blijven bestaan. De medewerkers van de in het Delta-instituut op te nemen onderdelen van de relevante Specialistische Diensten van Verkeer en Waterstaat, WL Delft Hydraulics en GeoDelft komen op de loonlijst van het Delta-instituut. Over de status van de medewerkers van het «ondiepe» deel van TNO-NITG zal in 2006 nadere besluitvorming plaatsvinden op basis van een onderzoek naar de wijze waarop zowel een slagvaardig Delta-instituut gerealiseerd kan worden als de continuïteit van de kennisbasis diep-ondiep van TNO NITG kan worden gegarandeerd. In het onderzoek zullen de merites van een tweetal varianten worden getoetst: (1) de medewerkers van het «ondiepe» deel van TNO NITG worden aangestuurd door de directie van het Delta-instituut maar worden vanuit TNO NITG bij het Delta-instituut gedetacheerd («zware» vorm van detachering) en (2) de betreffende medewerkers komen op de loonlijst van het Delta-instituut. In de directie van het Delta-instituut zal een directeur worden opgenomen die voor 50 procent in dienst is van het Delta-instituut en voor 50 procent in dienst van TNO. Deze gezamenlijke directeur krijgt twee specifieke taken: (1) het bewerkstelligen van een zo spoedig mogelijke integratie van de «TNO-competenties» in het Delta-instituut en (2) het zorg dragen voor het behoud van de kennisbasis diep-ondiep van TNO NITG. Ook de keuze voor de huisvesting van het Delta-instituut in Delft en Utrecht draagt bij aan het inhoudelijke behoud van de kennisbasis diep-ondiep van TNO NITG. De introductie van één gezamenlijk kennismanagementsysteem faciliteert de uitwisseling tussen het Delta-instituut en RWS en tussen het Delta-instituut en TNO. Tweede Kamer, vergaderjaar , , nr. 63 5

6 Corporate governance Het Kabinet acht het van wezenlijk belang dat het Delta-instituut een gezamenlijke onderneming wordt van de departementen van V&W, EZ, OCW, en van de stichtingen WL Delft Hydraulics en GeoDelft en van TNO. Deze «deelnemers» zullen zowel tijdens het vormingsproces als daarna hun inbreng in het Delta-instituut moeten kunnen voelen. Tegelijkertijd is het voor het daadwerkelijk functioneren van het Delta-instituut als vraaggestuurd kennis- en innovatiecentrum van groot belang dat de kennisvragende partijen aan overheids- en private zijde nauw bij het Deltainstituut betrokken zijn. Het Kabinet kiest daarom voor een Corporate Governance-structuur met de volgende organen: De Algemene Vergadering van Deelnemers. Hierin zijn het Rijk (de departementen van V&W, OCW, EZ (en VROM)), de Stichtingen WL Delft Hydraulics en GeoDelft, alsmede TNO vertegenwoordigd. De Algemene Vergadering van Deelnemers draagt de voorzitter en de leden van de Raad van Toezicht voor en adviseert de minister van V&W over de jaarrekening, het jaarverslag en over grote investeringen; Een Raad van Toezicht (eventueel Raad van Commissarissen) treedt op als werkgever voor de directie (onder meer: benoemt en ontslaat de leden van de directie), houdt toezicht op en adviseert over het beleid van de directie. De leden van de Raad van Toezicht zijn professionals met voldoende inhoudelijke deskundigheid; De Directie is eindverantwoordelijk voor de dagelijkse directievoering over het Delta-instituut en vertegenwoordigt het instituut in en buiten rechte. De directie dient in elk geval te bestaan uit een algemeen directeur (tevens eindverantwoordelijke en voorzitter van de directie), een wetenschappelijk directeur en bijvoorbeeld twee locatiedirecteuren voor de vestigingen in Delft en Utrecht (onder wie de door het Deltainstituut en TNO «gedeelde» directeur); Een Raad voor het Delta Onderzoek en een Industrial Advisory Board. De zelfstandige Raad voor het Delta Onderzoek heeft een inhoudelijke taak, namelijk het formuleren en prioriteren van de onderzoeksvragen voor de middellange en lange termijn. De voorzitter van de RDO biedt het programma ter goedkeuring in een gezamenlijke vergadering aan aan de minister van V&W. In de RDO zijn vertegenwoordigd de publieke kennisvragers (het Rijk, de Unie van Waterschappen, het Interprovinciaal Overleg en de Vereniging van Nederlandse Gemeenten, voor zover deze partijen een financiële en/of materiële bijdrage leveren aan het Delta-instituut) en de publieke kennispartners (universiteiten, kennisinstellingen). De eveneens zelfstandige Industrial Advisory Board heeft een inhoudelijke taak en adviseert de directie met betrekking tot de formulering van de middellange termijn-onderzoeksprogramma s en het contract research die met private middelen worden gefinancierd. In de IAB hebben zitting vertegenwoordigers van de R&D-afdelingen van betrokken bedrijven en van de relevante branche organisaties, voor zover deze een financiële en/of materiële bijdrage leveren in de financiering van het Delta-instituut. De onderzoeksprogrammering komt tot stand door intensief overleg tussen de directie, de RDO en de IAB. Daarbij is ook sprake van uitwisseling tussen RDO en IAB. De penvoerend minister stelt in ieder geval voor het RDO-gedeelte (waar de maatschappelijke vraagformulering plaats vindt) het onderzoeksprogramma vast; De minister van V&W als penvoerend minister namens het Rijk. De minister van Verkeer en Waterstaat benoemt en ontslaat, mede namens de ministers van EZ, OCW, VROMen eventueel andere ministers, de leden van de Raad van Toezicht, en stelt de statuten, de jaarre- Tweede Kamer, vergaderjaar , , nr. 63 6

7 kening en het jaarverslag, alsmede het met publieke middelen gefinancierde lange termijn-onderzoeksprogramma vast. Het Kabinet kiest er voor om bij de start van het instituut uit te gaan van de rechtsvorm van een stichting. Die keuze sluit aan bij de huidige situatie van de stichtingen WL Delft Hydraulics en GeoDelft. Mede op basis van de verdere invulling door de kwartiermaker zal een definitieve keuze worden gemaakt, onder meer in het licht van het verkrijgen van een wettelijk basis. Binnen twee jaar na de start van het instituut wordt de voorgestelde governance structuur geëvalueerd. Model van vraagsturing Als gevolg van de overdracht van taken en competenties van de Specialistische Diensten van het ministerie van V&W wordt de overheid op onderdelen sterk afhankelijk van het Delta-instituut. Als antwoord hierop zal een adequaat model van professionele vraagsturing vanuit de overheid worden ontwikkeld en worden lange-termijn onderzoeksprogramma s geformuleerd. De overheid kan uiteraard ook altijd een second opinion vragen aan buitenlandse partijen. De aansturing van het Delta-instituut door de minister van V&W worden vastgelegd in een reglement met uitgangspunten en procedures en in heldere meerjarige service level agreements. Om er van verzekerd te zijn dat de overheid in geval van calamiteiten voor specialistische kennis en advies direct terecht kan bij het Delta-instituut, wordt in de afspraken ook vastgelegd dat 15 procent van de capaciteit van het instituut altijd op afroep beschikbaar is voor spoedadvisering aan de rijksoverheid. In het model van vraagsturing vanuit de overheid zal de op te richten Raad voor het Delta-onderzoek (RDO) een centrale rol spelen. De in de RDO vertegenwoordigde departementen van V&W, EZ, OCW, VROMen LNV alsmede het Interprovinciaal Overleg (IPO), de Vereniging van Nederlandse Gemeenten, de Unie van Waterschappen, universiteiten (met name de Technische Universiteit Delft en de Universiteit Utrecht) en kennisinstellingen (bijvoorbeeld Alterra) zullen gezamenlijk vanuit de maatschappelijke kennisbehoefte met de directie van het Delta-instituut de middellange en lange-termijn kennisprogrammering gestalte geven. De aldus gestelde prioriteiten in het maatschappelijke kennisprogramma rond delta-vraagstukken zal door de voorzitter van de RDO in een gezamenlijke vergadering ter goedkeuring worden voorgelegd aan de minister van Verkeer en Waterstaat. Betrokkenheid private sector Het Kabinet acht inhoudelijke én financiële betrokkenheid van de private sector van groot belang voor het welslagen van het Delta-instituut. Alleen dan kan het Delta-instituut aansluiten op de in de markt levende onderzoeksvragen en thema s. Bovendien is betrokkenheid van de private sector een noodzakelijke voorwaarde wil het Delta-instituut duurzaam met haar onderscheidende kennis kunnen bijdragen aan de versterking van de internationale concurrentiepositie van het Nederlandse bedrijfsleven. Omgekeerd zal bij het Delta-instituut naast een sterke oriëntatie op de overheid uiteraard ook een adequate instelling richting bedrijfsleven aanwezig moeten zijn, bijvoorbeeld in de vorm van een basishouding waarbij kennisontsluiting naar het bedrijfsleven vanzelfsprekend is. De betrokkenheid van de private sector zal enerzijds tot uiting komen in opdrachten voor specialistisch advies en contract research en in specifieke (middel)lange termijn-onderzoeksprogramma s. De op te richten Industrial Tweede Kamer, vergaderjaar , , nr. 63 7

8 Advisory Board waarin vertegenwoordigd de relevante bedrijven en branche-organisaties zal de directie van het Delta-instituut adviseren over deze met private middelen gefinancierde onderzoeksprogrammering. Overigens ziet het Kabinet als perspectief voor de middellange termijn een verbinding en integratie van de programmeringsactiviteiten van de IAB en de RDO. Samenwerking met universiteiten en kennisinstellingen Om toegang te hebben tot de fundamenteel-wetenschappelijke kennis die in Nederland en daarbuiten ontwikkeld wordt en tot relevante toepassingsgerichte kennis waarover het Delta-instituut niet zelf beschikt, zal het instituut samenwerkingsrelaties aan moeten gaan met universiteiten en kennisinstellingen in binnen- en buitenland. Door deze samenwerkingsrelaties zal ook een nauwere aansluiting worden gerealiseerd tussen kennisvragen vanuit de praktijk en fundamenteelwetenschappelijk onderzoek. Van groot belang voor een permanente ontwikkeling van delta-kennis en -technologie is het creëren en in stand houden van een kritische massa aan promotie-onderzoek aan de Nederlandse universiteiten. Hierbij is te denken aan de koppeling van minimaal honderd promovendi aan de maatschappelijke kennisbehoefte rond delta-vraagstukken. Naast de eigen inbreng van de universiteiten (gefinancierd uit de eerste en tweede geldstroom) kan hiervoor een deel van de vraaggestuurde programmamiddelen aangewend worden. De programmering van dit vraaggestuurde promotie-onderzoek dient in nauwe samenhang met het strategische lange-termijnonderzoek van het Delta-instituut te geschieden. De RDO zal bij die afstemming en programmering een belangrijke rol vervullen. Belangrijke partners voor wetenschappelijk onderzoek zijn in de ogen van het Kabinet de Universiteiten van Delft en Utrecht, Wageningen Universiteit en Research Center, de Universiteit Twente, de Vrije Universiteit, UNESCO-IHE, Alterra, RIVM, NIOZ en enkele TNO-kennisgebieden. Die samenwerkingsrelaties zullen de vorm hebben van strategische allianties en samenwerking op ad hoc-basis in concrete projecten. Kwaliteitsimpuls Het Kabinet constateert dat de bundeling van de relevante competenties van WL Delft Hydraulics, GeoDelft, TNO NITG en de Specialistische Diensten van V&W een noodzakelijke stap is om als Delta-instituut de geformuleerde missie te kunnen realiseren. Wil het Delta-instituut zich echter in binnen- en buitenland daadwerkelijk manifesteren als kennis- en innovatiecentrum van internationaal top-niveau, dan zijn ook investeringen nodig in de kwaliteit en uitbreiding van de bestaande competenties, in ontwikkeling van nieuwe competenties en in kwalitatief hoogwaardige ondersteunende instrumenten (onder andere modellen, databases en kennismanagementsystemen). In dit kader is het van belang dat de belangrijkste publieke en private kennisvragers samen met de kwartiermaker en directie van het Deltainstituut komen tot een Plan van Aanpak voor de kwaliteitsimpuls. Op basis van de kennisbehoeften van overheden en bedrijfsleven zal bepaald worden op welke onderdelen het Delta-instituut onvoldoende is toegerust, welke gevolgen dit heeft voor de programmering en uitvoering van programma s en hoe de kwaliteitsimpuls zal worden gefinancierd. Tweede Kamer, vergaderjaar , , nr. 63 8

9 3. Implementatietraject Het Kabinet streeft er naar om het implementatietraject zo in te richten dat het Delta-instituut op 1 januari 2007 formeel van start kan gaan. Tot die datum is sprake van de voorbereidings- en oprichtingsfase. Gedurende deze fase blijven de betrokken instituten bestaan maar zal wel al op projectbasis worden samengewerkt onder aansturing van de zittende directies. Op deze wijze kunnen de instituten al in 2006 qua werkwijze en bedrijfscultuur naar elkaar toe groeien. Het implementatietraject zal onder de eindverantwoordelijkheid van de minister van Verkeer en Waterstaat plaats vinden, maar is uiteraard een gezamenlijke onderneming van het Rijk (in eerste aanleg de departementen van OCW, EZ alsmede V&W), van WL Delft Hydraulics, GeoDelft en TNO. Alle partijen zullen in dit traject een wezenlijke bijdrage moeten leveren in de concrete uitwerking van de contouren zoals die in dit Kabinetsbesluit zijn geschetst. In de voorbereidings- en oprichtingsfase is een belangrijke rol weggelegd voor de te benoemen kwartiermaker, die wordt belast met de uitwerking en de aansturing van de vormgeving van het Delta-instituut op basis van dit Kabinetsbesluit. De taken van de kwartiermaker hebben onder meer betrekking op het ontwerpen van de organisatiestructuur, de werkprocessen, de bedrijfsvoeringssystemen, het arbeidsvoorwaardenpakket, de vormgeving van de relaties met universiteiten en het bedrijfsleven, de strategie voor de periode , en de culturele integratie. Over deze en andere onderwerpen zal de kwartiermaker voorstellen doen aan een door de minister van V&W in te stellen Tijdelijke Raad van Toezicht. De kwartiermaker zal zijn werkzaamheden dienen te vervullen in nauwe samenwerking met de zittende directies van de betrokken instituten. De Tijdelijke Raad van Toezicht, waarin het Rijk, de stichtingen WL Delft Hydraulics en GeoDelft alsmede TNO zullen zijn vertegenwoordigd, zal op basis van de voorstellen van de kwartiermaker advies uitbrengen aan mij als penvoerend minister. De vorming van het Delta-instituut heeft uiteraard gevolgen voor de betrokken organisaties en hun medewerkers. Het is van groot belang dat de medewerkers zo spoedig mogelijk duidelijkheid verkrijgen over hun status en positie. Gedurende het implementatietraject zullen de ondernemingsraden van de bestaande instituten alsmede de vakbonden dan ook nauw betrokken dienen te zijn. 4. Evaluatie De vorming van het Delta-instituut is een belangrijke stap in implementatie van de aanbevelingen van de Commissie-Wijffels over het verbeteren van het innovatieve vermogen van de publieke kennisinfrastructuur. Het Kabinet beseft dat er nog veel werk moet worden verzet door de betrokken instituten, de kwartiermaker en de nieuwe directie van het Delta-instituut. Kort na afronding van het kwartiermakingsproces zullen wij de Kamer informeren over de stand van zaken rond de implementatie. Tevens zullen wij de Kamer een jaar na het daadwerkelijk van start gaan van het Delta-instituut informeren over het functioneren van het Deltainstituut. Binnen twee jaar zal de corporate governance-structuur worden geëvalueerd. De uitkomsten van die evaluatie zullen wij de Kamer eveneens toezenden. Tweede Kamer, vergaderjaar , , nr. 63 9

10 5. Financiering De kosten die voortvloeien uit de vorming van het Delta-instituut («institutiekosten») bedragen in totaal 14 miljoen, verspreid over een periode van drie jaar ( ). De financiering van deze kosten vindt op twee manieren plaats. Ten eerste zal 7 mln in 2010 worden opgebracht door het delta-instituut zelf uit de door haar gerealiseerde efficiency. De overige 7 mln zal gefinancierd worden door het agentschap Rijkswaterstaat. Eventuele intertemporele verschillen worden geaccommodeerd via het Infrastructuurfonds. Wij zijn van mening dat de vorming van het Delta-instituut langs de hier geschetste lijnen een goede invulling geeft aan de aanbevelingen van de Commissie-Wijffels om te komen tot meer eenduidigheid, focus en massa en het leggen van directe verbindingen inzake delta-vraagstukken. Nederland zal met het Delta-instituut beschikken over een kennis- en innovatiecentrum dat een wezenlijke bijdrage zal leveren aan de oplossing van de huidige en toekomstige delta-vraagstukken en dat ons land op dit gebied een positie met internationale allure zal verschaffen. De Minister van Verkeer en Waterstaat, K. M. H. Peijs De Staatssecretaris van Verkeer en Waterstaat, M. H. Schultz van Haegen Maas Geesteranus Tweede Kamer, vergaderjaar , , nr

IenM begroting 2015: inzetten op betere verbindingen in een schonere leefomgeving

IenM begroting 2015: inzetten op betere verbindingen in een schonere leefomgeving IenM begroting 2015: inzetten op betere verbindingen in een schonere leefomgeving 16 september 2014-15:25 Het ministerie van Infrastructuur en Milieu besteedt in 2015 9,2 miljard euro aan een gezond, duurzaam

Nadere informatie

Deltares. Enabling Delta Life

Deltares. Enabling Delta Life Profiel Deltares Deltares is een kennisinstituut met hoogwaardige kennis over water, bodem en ondergrond. Deltares draagt wereldwijd bij aan een veilig, schoon en duurzaam leven in delta s, kust- en riviergebieden.

Nadere informatie

Typering kennisbehoeften binnen de kennisagenda en relatie met programmering. Strategische kennisbehoeften

Typering kennisbehoeften binnen de kennisagenda en relatie met programmering. Strategische kennisbehoeften Procesgang vanaf de Nationale kennis- en innovatieagenda Water In het Nationaal Waterplan van 22 december 2009 is in Bijlage 2 de nationale kennis- en innovatieagenda Water (NKIAW) opgenomen. Deze kennis-

Nadere informatie

Nederland: de Maritieme Wereldtop

Nederland: de Maritieme Wereldtop 1 Nederland: de Maritieme Wereldtop Veilig, duurzaam en economisch sterk Maritiem Cluster in de Topsector Water: Innovatiecontract en Topconsortium Kennis en Innovatie V2.0, Samenvatting, 23 december 2011

Nadere informatie

Tweede Kamer der Staten-Generaal

Tweede Kamer der Staten-Generaal Tweede Kamer der Staten-Generaal 2 Vergaderjaar 2007 2008 31 200 VIII Vaststelling van de begrotingsstaten van het Ministerie van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap (VIII) voor het jaar 2008 Nr. 183 BRIEF

Nadere informatie

Nota inzake Economic Development Board

Nota inzake Economic Development Board Nota inzake Economic Development Board Inleiding De economische ontwikkeling van Noord-Limburg krijgt een grote impuls met de campusontwikkeling, maar daarmee zijn niet alle economische uitdagingen deze

Nadere informatie

Gevolgen voor de werkgelegenheid

Gevolgen voor de werkgelegenheid KRACHTIG ADVISEREN BIJ FUSIES EN OVERNAMES Met een divers team van organisatieadviseurs ondersteunen we ondernemingsraden bij het beoordelen van voorgenomen verkoop, fusies en overnames van bedrijven.

Nadere informatie

GOVERNANCE CODE WONINGCORPORATIES

GOVERNANCE CODE WONINGCORPORATIES GOVERNANCE CODE WONINGCORPORATIES November 2006 1 GOVERNANCE CODE WONINGCORPORATIES PRINCIPES I. Naleving en handhaving van de code Het bestuur 1 en de raad van commissarissen zijn verantwoordelijk voor

Nadere informatie

-Klimaatverandering, klimaatscenario s en gevolgen voor beleid en beheer-

-Klimaatverandering, klimaatscenario s en gevolgen voor beleid en beheer- Klimaatverandering; wat komt er op ons af? -Klimaatverandering, klimaatscenario s en gevolgen voor beleid en beheer- Het klimaat in Nederland gaat veranderen. Op dit moment is dat nog niet te merken. De

Nadere informatie

Aan de voorzitter van de Tweede Kamer der Staten-Generaal Postbus 20018 2500 EA DEN HAAG

Aan de voorzitter van de Tweede Kamer der Staten-Generaal Postbus 20018 2500 EA DEN HAAG a 1 > Retouradres Postbus 16375 2500 BJ Den Haag Aan de voorzitter van de Tweede Kamer der Staten-Generaal Postbus 20018 2500 EA DEN HAAG Datum: 22 april 2013 Betreft: Beleidsreactie op het advies "De

Nadere informatie

Convenant G32-Stedennetwerk en Platform31: Samenwerken aan Aantrekkelijke en Krachtige Steden, 2015 t/m 2018

Convenant G32-Stedennetwerk en Platform31: Samenwerken aan Aantrekkelijke en Krachtige Steden, 2015 t/m 2018 Convenant G32-Stedennetwerk en Platform31: Samenwerken aan Aantrekkelijke en Krachtige Steden, 2015 t/m 2018 De stichting, Stichting Platform31, gevestigd aan het Koningin Julianaplein 10 (7 e verdieping)

Nadere informatie

29876 Evaluatie AIVD Nr. 4 Brief van de minister van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties

29876 Evaluatie AIVD Nr. 4 Brief van de minister van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties 29876 Evaluatie AIVD Nr. 4 Brief van de minister van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties Aan de Voorzitter van de Tweede Kamer der Staten-Generaal Den Haag, 28 april 2005 Inleiding Bij deze doe ik

Nadere informatie

Deltaprogramma: het werk aan onze delta is nooit af. Katja Portegies Staf Deltacommissaris 11 juni 2014

Deltaprogramma: het werk aan onze delta is nooit af. Katja Portegies Staf Deltacommissaris 11 juni 2014 Deltaprogramma: het werk aan onze delta is nooit af Katja Portegies Staf Deltacommissaris 11 juni 2014 1 Tot 6.70 m. onder zeeniveau 60% overstroombaar gebied, daar wonen ongeveer 9 miljoen mensen met

Nadere informatie

College van Gedeputeerde Staten statenvoorstel. Aan Provinciale Staten, PS2008MME13-1 -

College van Gedeputeerde Staten statenvoorstel. Aan Provinciale Staten, PS2008MME13-1 - PS2008MME13-1 - College van Gedeputeerde Staten statenvoorstel Datum : 6 mei 2008 Nummer PS : PS2008MME13 Afdeling : ECV Commissie : MME Registratienummer : 2008int221948 Portefeuillehouder : Ekkers Titel

Nadere informatie

Tweede Kamer der Staten-Generaal

Tweede Kamer der Staten-Generaal Tweede Kamer der Staten-Generaal 2 Vergaderjaar 2015 2016 22 112 Nieuwe Commissievoorstellen en initiatieven van de lidstaten van de Europese Unie Nr. 2008 BRIEF VAN DE MINISTER VAN ECONOMISCHE ZAKEN Aan

Nadere informatie

Profiel NWO. Voorzitter en leden raad van toezicht

Profiel NWO. Voorzitter en leden raad van toezicht Profiel NWO Voorzitter en leden raad van toezicht NWO Voorzitter en leden raad van toezicht Algemeen De Nederlandse Organisatie voor Wetenschappelijk Onderzoek (NWO) zet zich in voor een sterk wetenschapsstelsel

Nadere informatie

Toegepast in 2014. Principe 1. Het bestuur is verantwoordelijk voor het in acht nemen van de Governance Code Cultuur

Toegepast in 2014. Principe 1. Het bestuur is verantwoordelijk voor het in acht nemen van de Governance Code Cultuur Appendi 105 Het Nieuwe Instituut Jaarverslag Verantwoording Governance Code Cultuur Toegepast in Principe 1 Het bestuur is verantwoordelijk voor het in acht nemen van de Governance Code Cultuur De organisatie

Nadere informatie

Voorwoord. In deze brochure geven wij u inzicht in de branche en de rol van NLingenieurs als haar vertegenwoordiger.

Voorwoord. In deze brochure geven wij u inzicht in de branche en de rol van NLingenieurs als haar vertegenwoordiger. Voorwoord De Nederlandse advies- en ingenieursbranche levert innovatieve en duurzame oplossingen voor de Nederlandse en internationale samenleving. De branche is bepalend geweest voor het ontstaan van

Nadere informatie

Profielschets Raad van Commissarissen Woningstichting Omnivera

Profielschets Raad van Commissarissen Woningstichting Omnivera Profielschets Raad van Commissarissen Woningstichting Omnivera 1 Uitgangspunten Het toezicht richt zich vooral op het bewaken van de maatschappelijke doelstellingen van de rechtspersoon. Continuïteit bij

Nadere informatie

2. voorbeeld beleidsartikel

2. voorbeeld beleidsartikel Artikel Algemene doelstelling Rol en verantwoordelijkheid minister Beleidsartikel 3. Innovatie (van het fictieve Ministerie van Groei en Geluk) Een relatief sterke positie van Nederland in de EU op het

Nadere informatie

Marktrijpe innovaties. Huis van Morgen (HvM) Visie Missie. Toepassingsgericht. Innovaties. Energiebesparing. Participanten.

Marktrijpe innovaties. Huis van Morgen (HvM) Visie Missie. Toepassingsgericht. Innovaties. Energiebesparing. Participanten. Huis van Morgen (HvM) Visie Missie Innovaties Participanten Initiatiefnemers Participeren in innovatie Word participant Voordelen participatie Marktrijpe innovaties Toepassingsgericht Energiebesparing

Nadere informatie

Het memo wordt afgesloten met een advies aan het Bestuurlijk Provinciaal handhavingsoverleg van 20 december 2012.

Het memo wordt afgesloten met een advies aan het Bestuurlijk Provinciaal handhavingsoverleg van 20 december 2012. B-PHO 20 december 12; agendapunt 5 MEMO Noties ter beoordeling van de voortzetting en positionering van de PHO werkgroepen Kwaliteit en Handhaving Bouwstoffen en Ketenbeheer in relatie tot de ontwikkeling

Nadere informatie

Sturingsfilosofie en Organisatiestructuur Waterschap Limburg

Sturingsfilosofie en Organisatiestructuur Waterschap Limburg Sturingsfilosofie en Organisatiestructuur Waterschap Limburg Uitgangspunten, hoofdlijnen en vervolgprocedure November 2015 Inhoud Bestuursopdracht als kader Visie 2020 en WBP als basis voor sturing en

Nadere informatie

Klimaatadaptatie in Zwolle (IJsselvechtdelta)

Klimaatadaptatie in Zwolle (IJsselvechtdelta) Agenda Stad Concernstaf CSADV Stadhuis Grote Kerkplein 15 Postbus 538 8000 AM Zwolle Telefoon (038) 498 2092 www.zwolle.nl Klimaatadaptatie in Zwolle (IJsselvechtdelta) Hoe houden we onze delta leefbaar

Nadere informatie

houdende instelling van een Adviescollege burgerluchtvaartveiligheid

houdende instelling van een Adviescollege burgerluchtvaartveiligheid Besluit van houdende instelling van een Adviescollege burgerluchtvaartveiligheid Op de voordracht van Onze Minister van Verkeer en Waterstaat van, nr. HDJZ/LUV/2007-, Hoofddirectie Juridische Zaken, gedaan

Nadere informatie

Participatie Stichting BioMedTech Zuid-Holland BESLUITEN

Participatie Stichting BioMedTech Zuid-Holland BESLUITEN Aanbiedingsformulier Onderwerp Participatie Stichting BioMedTech Zuid-Holland BESLUITEN behoudens advies van de Commissie voor Economische Zaken, Grondzaken, Toerisme en Parkeren, bijgaand raadsvoorstel

Nadere informatie

Brainport Eindhoven/ A2-zone (Brainport Avenue)

Brainport Eindhoven/ A2-zone (Brainport Avenue) Brainport Eindhoven/ A2-zone (Brainport Avenue) Nota Ruimte budget 75 miljoen euro voor Brainport Eindhoven en 6,8 miljoen voor ontwikkeling A2-zone Planoppervlak 3250 hectare (Brainport Eindhoven) Trekker

Nadere informatie

REGLEMENT DIRECTIE/RAAD VAN BESTUUR FONDS VOOR CULTUURPARTICIPATIE

REGLEMENT DIRECTIE/RAAD VAN BESTUUR FONDS VOOR CULTUURPARTICIPATIE REGLEMENT DIRECTIE/RAAD VAN BESTUUR FONDS VOOR CULTUURPARTICIPATIE Vastgesteld door het bestuur op: 4 juni 2014 Goedgekeurd door de raad van toezicht op: 4 juni 2014 HOOFDSTUK I. ALGEMEEN Artikel 1. Begrippen

Nadere informatie

Topsectoren. Hoe & Waarom

Topsectoren. Hoe & Waarom Topsectoren Hoe & Waarom 1 Index Waarom de topsectorenaanpak? 3 Wat is het internationale belang? 4 Hoe werken de topsectoren samen? 5 Wat is de rol voor het MKB in de topsectoren? 6 Wat is de rol van

Nadere informatie

4. Ondersteuning van het Plan van Aanpak Europese Cultuurregio Randstad.

4. Ondersteuning van het Plan van Aanpak Europese Cultuurregio Randstad. Ruimte voor kunst en cultuur in de Randstad Doel De Minister van OCW en de wethouders Kunst en Cultuur van Amsterdam/Rotterdam/Den Haag en Utrecht stellen zich ten doel de internationale betekenis en concurrentiepositie

Nadere informatie

De Voorzitter van de Eerste Kamer Der Staten-Generaal Binnenhof 21-23 2513 AA Den Haag

De Voorzitter van de Eerste Kamer Der Staten-Generaal Binnenhof 21-23 2513 AA Den Haag > Retouradres Postbus 20901 2500 EX Den Haag De Voorzitter van de Eerste Kamer Der Staten-Generaal Binnenhof 21-23 2513 AA Den Haag Plesmanweg 1-6 Den Haag Postbus 20901 2500 EX Den Haag Bijlage(n) 3 Datum

Nadere informatie

Toespraak van staatssecretaris voor Ontwikkelingssamenwerking Ben Knapen op de Watersectorbijeenkomst, 2 februari 2011

Toespraak van staatssecretaris voor Ontwikkelingssamenwerking Ben Knapen op de Watersectorbijeenkomst, 2 februari 2011 Toespraak van staatssecretaris voor Ontwikkelingssamenwerking Ben Knapen op de Watersectorbijeenkomst, 2 februari 2011 Dames en heren, Laat ik beginnen met een citaat. Een rivier is een reusachtig organisme.

Nadere informatie

Verbinden van Duurzame Steden

Verbinden van Duurzame Steden Verbinden van Duurzame Steden Managen van verwachtingen Jan Klinkenberg, Netwerkmanager VerDuS Startbijeenkomst URD2-projecten 11 oktober 2012 Programma vanmiddag 13.00-13.15 uur Introductie VerDuS 13.15-15.15

Nadere informatie

Hengelo, Hart van Zuid

Hengelo, Hart van Zuid Hengelo, Hart van Zuid Nota Ruimte budget 14,5 miljoen euro Planoppervlak 50 hectare Trekker Ministerie van Volkshuisvesting, Ruimtelijke Ordening en Milieubeheer ROC van Twente Internationale potentie

Nadere informatie

Rijkswaterstaat: Uitvoeringsorganisatie van het ministerie van Infrastructuur en Milieu. Ir L.C. van Wagensveld

Rijkswaterstaat: Uitvoeringsorganisatie van het ministerie van Infrastructuur en Milieu. Ir L.C. van Wagensveld : Uitvoeringsorganisatie van het ministerie van Infrastructuur en Milieu Ir L.C. van Wagensveld 10 oktober 2013 Inhoud Introductie Wetenswaardigheden over Werkwijze Mogelijkheden 2 10 oktober 2013 Introductie

Nadere informatie

Het verbinden van water en MIRT VAN WENS NAAR MEERWAARDE

Het verbinden van water en MIRT VAN WENS NAAR MEERWAARDE Het verbinden van water en MIRT VAN WENS NAAR MEERWAARDE Rond het verbinden van water en ruimte zijn al veel stappen gezet. In het kader van de Vernieuwing van het MIRT is door Rijk, provincies en waterschappen

Nadere informatie

B-140 Green Deal: Groene Gevangenis Veenhuizen: naar een gevangenis voorzien van duurzame energie uit de regio

B-140 Green Deal: Groene Gevangenis Veenhuizen: naar een gevangenis voorzien van duurzame energie uit de regio B-140 Green Deal: Groene Gevangenis Veenhuizen: naar een gevangenis voorzien van duurzame energie uit de regio Partijen: De Minister van Economische Zaken, Landbouw en Innovatie, de heer drs. M.J.M. Verhagen,

Nadere informatie

IJsseldelta- Zuid. Nota Ruimte budget 22,4 miljoen euro. Planoppervlak 650 hectare

IJsseldelta- Zuid. Nota Ruimte budget 22,4 miljoen euro. Planoppervlak 650 hectare IJsseldelta- Zuid Nota Ruimte budget 22,4 miljoen euro Planoppervlak 650 hectare Trekker Ministerie van Volkshuisvesting, Ruimtelijke Ordening en Milieubeheer Aanleg Hanzelijn met linksonder viaducten

Nadere informatie

Functieprofiel: Manager Functiecode: 0202

Functieprofiel: Manager Functiecode: 0202 Functieprofiel: Manager Functiecode: 0202 Doel Zorgdragen voor de vorming van beleid voor de eigen functionele discipline, alsmede zorgdragen voor de organisatorische en personele aansturing van een of

Nadere informatie

FUNCTIEPROFIEL. VOORZITTER RAAD VAN TOEZICHT EN LID RAAD VAN TOEZICHT (profiel bedrijfsvoering)

FUNCTIEPROFIEL. VOORZITTER RAAD VAN TOEZICHT EN LID RAAD VAN TOEZICHT (profiel bedrijfsvoering) FUNCTIEPROFIEL VOORZITTER RAAD VAN TOEZICHT EN LID RAAD VAN TOEZICHT (profiel bedrijfsvoering) April 2016 DE ORGANISATIE Stichting is een onafhankelijke Nederlandse stichting die zich wereldwijd richt

Nadere informatie

Gevolgen van klimaatverandering voor Nederland

Gevolgen van klimaatverandering voor Nederland Gastcollege door Sander Brinkman Haagse Hogeschool Climate & Environment 4 september 2008 Introductie Studie Bodem, Water en Atmosfeer, Wageningen Universiteit Beroepsvoorbereidendblok UNFCCC CoP 6, Den

Nadere informatie

Regiovisie Bergen-Gennep-Mook en Middelaar

Regiovisie Bergen-Gennep-Mook en Middelaar Bijlage 5 bij Raadsvoorstel Regionale Agenda dd 16 mei 2011 Bestuursovereenkomst Regiovisie Bergen-Gennep-Mook en Middelaar Vastgesteld door de Stuurgroep Regiovisie Bergen, Gennep, Mook en Middelaar op

Nadere informatie

De motor van de lerende organisatie

De motor van de lerende organisatie De motor van de lerende organisatie Focus op de arbeidsmarkt Naast het erkennen van leerbedrijven is Calibris verantwoordelijk voor ontwikkeling en onderhoud van kwalificaties in de sectoren zorg, welzijn

Nadere informatie

1. Versterking dynamiek van het wetenschappelijk onderzoek op het terrein van de cultuur.

1. Versterking dynamiek van het wetenschappelijk onderzoek op het terrein van de cultuur. Werkprogramma 1998 De Ministers van EZ en OCenW hebben, blijkens de Voortgangsrapportage Wetenschapsbeleid (bijlage in het ontwerp Hoger Onderwijs en Onderzoek Plan 1998) met instemming kennis genomen

Nadere informatie

Innovatie-instrumenten voor bedrijven in Nederland. Naar de top! Ino Ostendorf MT-lid directie Innovatie & Kennis

Innovatie-instrumenten voor bedrijven in Nederland. Naar de top! Ino Ostendorf MT-lid directie Innovatie & Kennis Innovatie-instrumenten voor bedrijven in Nederland Naar de top! Ino Ostendorf MT-lid directie Innovatie & Kennis Ministerie van Economische Zaken, Landbouw & Innovatie Innovatie-instrumenten voor bedrijven

Nadere informatie

CONCEPT-OPDRACHT STICHTING EINDHOVEN/BRABANT 2018

CONCEPT-OPDRACHT STICHTING EINDHOVEN/BRABANT 2018 Hoort bij raadsvoorstel 27-2012 BIJLAGE 2 APPENDIX 1. CONCEPT-OPDRACHT STICHTING EINDHOVEN/BRABANT 2018 1. Doel van de opdracht Winnen van de titel Culturele Hoofdstad van Europa voor het project 2018Brabant

Nadere informatie

REGLEMENT EENHOOFDIGE RAAD VAN BESTUUR STICHTING AMERPOORT

REGLEMENT EENHOOFDIGE RAAD VAN BESTUUR STICHTING AMERPOORT REGLEMENT EENHOOFDIGE RAAD VAN BESTUUR STICHTING AMERPOORT 1. Taken en verantwoordelijkheden 1. Ingevolge de statuten bestuurt de Raad van Bestuur de Stichting onder toezicht van de Raad van Toezicht.

Nadere informatie

32673 Voordracht ter vervulling van twee vacatures in de Hoge Raad

32673 Voordracht ter vervulling van twee vacatures in de Hoge Raad 28753 Publiek-private samenwerking 32673 Voordracht ter vervulling van twee vacatures in de Hoge Raad Nr. 30 Brief van de minister van Economische Zaken en de staatssecretaris van Onderwijs, Cultuur en

Nadere informatie

Reglement Raad van Toezicht. Stichting Hogeschool Leiden CONCEPT 140331 ALGEMEEN

Reglement Raad van Toezicht. Stichting Hogeschool Leiden CONCEPT 140331 ALGEMEEN Reglement Raad van Toezicht Stichting Hogeschool Leiden ALGEMEEN Artikel 1. Algemene bepalingen 1. Dit reglement is het Huishoudelijk Reglement van de Raad van Toezicht, bedoeld in artikel 15 van de Statuten

Nadere informatie

Instruerend Bestuur Quickscan en checklist

Instruerend Bestuur Quickscan en checklist Instruerend Bestuur Quickscan en checklist Stade Advies BV Kwaliteit van samenleven Quickscan Instruerend Bestuur (0 = onbekend; 1 = slecht; 2 = onvoldoende; 3 = voldoende; 4 = goed; 5 = uitstekend) 1.

Nadere informatie

Fryslân Fernijt. Een nieuw Fries programma voor innovatie

Fryslân Fernijt. Een nieuw Fries programma voor innovatie Een nieuw Fries programma voor innovatie Om innovatie in Fryslân een impuls te geven hebben de en de Europese Commissie het Regionaal Innovatie Programma Fryslân (RIPF) opgezet. Dit programma wil de in

Nadere informatie

BIJLAGE E: PROCEDURE ZELFEVALUATIE RAAD VAN TOEZICHT

BIJLAGE E: PROCEDURE ZELFEVALUATIE RAAD VAN TOEZICHT BIJLAGE E: PROCEDURE ZELFEVALUATIE RAAD VAN TOEZICHT In de zelfevaluatie Raad van Toezicht worden de volgende onderwerpen besproken, met behulp van een vragenlijst: De mate waarin de Raad van Toezicht

Nadere informatie

RAAD VAN DE EUROPESE UNIE. Brussel, 24 november 2009 (OR. en) 15137/09 CRIMORG 164 ENFOPOL 271

RAAD VAN DE EUROPESE UNIE. Brussel, 24 november 2009 (OR. en) 15137/09 CRIMORG 164 ENFOPOL 271 RAAD VAN DE EUROPESE UNIE Brussel, 24 november 2009 (OR. en) 15137/09 CRIMORG 164 ENFOPOL 271 WETGEVINGSBESLUITEN EN ANDERE INSTRUMENTEN Betreft: BESLUIT VAN DE RAAD betreffende de oprichting van een Europees

Nadere informatie

Tweede Kamer der Staten-Generaal

Tweede Kamer der Staten-Generaal Tweede Kamer der Staten-Generaal 2 Vergaderjaar 1997 1998 25 615 Hoger Onderwijs en Onderzoek Plan 1998 Nr. 24 BRIEF VAN DE MINISTER VAN ONDERWIJS, CULTUUR EN WETENSCHAPPEN Aan de Voorzitter van de Tweede

Nadere informatie

1/2. Staten-Generaal. 30 910 Oprichting stichting Geonovum. Vergaderjaar 2006 2007

1/2. Staten-Generaal. 30 910 Oprichting stichting Geonovum. Vergaderjaar 2006 2007 Staten-Generaal 1/2 Vergaderjaar 2006 2007 A 30 910 Oprichting stichting Geonovum Nr. 1 BRIEF VAN DE MINISTER VAN VOLKSHUISVESTING, RUIMTELIJKE ORDENING EN MILIEUBEHEER Aan de Voorzitters van de Eerste

Nadere informatie

PROFIELSCHETS RAAD VAN COMMISSARISSEN WONINGBOUWVERENIGING POORTUGAAL

PROFIELSCHETS RAAD VAN COMMISSARISSEN WONINGBOUWVERENIGING POORTUGAAL PROFIELSCHETS RAAD VAN COMMISSARISSEN WONINGBOUWVERENIGING POORTUGAAL 1. Uitgangspunten Deze profielschets is vastgesteld en goedgekeurd in de vergadering van de Raad van Commissarissen d.d. 17 mei 2013

Nadere informatie

Reglement raad van toezicht Vastgesteld door de raad van toezicht op: 14 juni 2011

Reglement raad van toezicht Vastgesteld door de raad van toezicht op: 14 juni 2011 Reglement raad van toezicht Vastgesteld door de raad van toezicht op: 14 juni 2011 HOOFDSTUK I. ALGEMEEN Artikel 1. Begrippen en terminologie Dit Reglement is opgesteld ingevolge artikel 14 en 15 van de

Nadere informatie

Rotterdam Stadshavens

Rotterdam Stadshavens Rotterdam Stadshavens Nota Ruimte budget 31 miljoen euro Planoppervlak 1000 hectare (1600 hectare inclusief wateroppervlak) Trekker Ministerie van Volkshuisvesting, Ruimtelijke Ordening en Milieubeheer

Nadere informatie

REGLEMENT RAAD VAN BESTUUR ONZE LIEVE VROUWE GASTHUIS (OLVG)

REGLEMENT RAAD VAN BESTUUR ONZE LIEVE VROUWE GASTHUIS (OLVG) REGLEMENT RAAD VAN BESTUUR ONZE LIEVE VROUWE GASTHUIS (OLVG) Dit reglement Raad van Bestuur vervangt het reglement Raad van Bestuur van kracht sinds 01-04-2006, is goedgekeurd en vastgesteld door de Raad

Nadere informatie

In deze brief licht ik het voornemen tot oprichting van deze rechtspersoon nader toe.

In deze brief licht ik het voornemen tot oprichting van deze rechtspersoon nader toe. > Retouradres Postbus 20011 2500 EA Den Haag De voorzitter van de Tweede Kamer der Staten-Generaal Bestuur, Democratie & Financiën Europa en Binnenlands Bestuur Schedeldoekshaven 200 2511 EZ Den Haag Postbus

Nadere informatie

Tweede Kamer der Staten-Generaal

Tweede Kamer der Staten-Generaal Tweede Kamer der Staten-Generaal 2 Vergaderjaar 2015 2016 32 605 Beleid ten aanzien van ontwikkelingssamenwerking Nr. 177 BRIEF VAN DE MINISTERS VAN INFRASTRUCTUUR EN MILIEU, VOOR BUITENLANDSE HANDEL EN

Nadere informatie

Functieprofiel: Directeur Service Eenheid Functiecode: 0206

Functieprofiel: Directeur Service Eenheid Functiecode: 0206 Functieprofiel: Directeur Service Eenheid Functiecode: 0206 Doel Voorbereiden en uitvoeren van het beleid van in het algemeen en van de eigen service in het bijzonder, alsmede het leidinggeven aan de werkzaamheden

Nadere informatie

Naar een kennisprogramma Bodem & Ondergrond

Naar een kennisprogramma Bodem & Ondergrond Naar een kennisprogramma Bodem & Ondergrond Douwe Jonkers Directoraat-Generaal Ruimte & Water COB-congres 30 oktober 2014 Inhoud Aanleiding Thema s Werkwijze Start Kennisprogramma Bodem & Ondergrond Vandaag:

Nadere informatie

PROVINCIALE COMMISSIE LEEFOMGEVING (PCL) UTRECHT

PROVINCIALE COMMISSIE LEEFOMGEVING (PCL) UTRECHT 1 PROVINCIALE COMMISSIE LEEFOMGEVING (PCL) UTRECHT Aan: Gedeputeerde Staten van Utrecht en Provinciale Staten van Utrecht Pythagoraslaan 101 3508 TH Utrecht Datum: 1 oktober 2009 Ons kenmerk: PCL 2009/05

Nadere informatie

Waarom is het plan dat de Unie van Waterschappen nu voorlegt aan de staatssecretaris een deugdelijk en goed plan voor het toekomstig waterbeheer?

Waarom is het plan dat de Unie van Waterschappen nu voorlegt aan de staatssecretaris een deugdelijk en goed plan voor het toekomstig waterbeheer? Nederland waterland, Nederland waterschapsland Kernboodschap De waterschappen zijn gericht op de toekomst. Daarom hebben zij in het licht van de klimaatverandering en de economische crisis een plan gemaakt

Nadere informatie

Watersysteem van de Toekomst: vervolg debat-diner

Watersysteem van de Toekomst: vervolg debat-diner Memo Aan deelnemers diner-debat Eye Kopie aan Contactpersoon Rik van Terwisga Datum 8 januari 2015 Onderwerp Vervolg Debat-diner "Watersysteem van de Toekomst" Watersysteem van de Toekomst: vervolg

Nadere informatie

governance code kinderopvang preambule

governance code kinderopvang preambule governance code kinderopvang preambule Commissie Governance Kinderopvang in opdracht van NVTK en bdko Utrecht, oktober 2009 11 PREAMBULE Achtergrond Kinderopvangorganisaties zijn private ondernemingen

Nadere informatie

RIJK IN UITVOERING IN 18 FACTSHEETS. 1. Wegen, vaarwegen en hoofdwatersysteem

RIJK IN UITVOERING IN 18 FACTSHEETS. 1. Wegen, vaarwegen en hoofdwatersysteem Factsheet #14 Infrastructuur RIJK IN UITVOERING IN 18 FACTSHEETS 1. Wegen, vaarwegen en hoofdwatersysteem Waar gaat het over? De minister van Infrastructuur en Milieu (IenM) is verantwoordelijk voor aanleg,

Nadere informatie

Reglement Raad van Bestuur Stichting JoU

Reglement Raad van Bestuur Stichting JoU Van jou JoU Pieterstraat 1 3512 JT Utrecht 030-2361919 info@jou-utrecht.nl www.jou-utrecht.nl Reglement Raad van Bestuur Stichting JoU Reglement 1. Dit reglement dient ter aanvulling op de statuten van

Nadere informatie

Vereniging Nederlands Pensioenfonds voor de Sigarenindustrie en aanverwante Bedrijven

Vereniging Nederlands Pensioenfonds voor de Sigarenindustrie en aanverwante Bedrijven Vereniging Nederlands Pensioenfonds voor de Sigarenindustrie en aanverwante Bedrijven Reglement van de raad van toezicht 2015 administrateur Syntrus Achmea Pensioenbeheer Rijnzathe 10, 3454 PV Utrecht

Nadere informatie

Profiel lid Raad van Toezicht

Profiel lid Raad van Toezicht Profiel lid Raad van Toezicht De huidige Raad van Toezicht (RvT) bestaat uit zes leden. De RvT streeft naar een maatschappelijk heterogene samenstelling van leden die herkenbaar en geloofwaardig zijn in

Nadere informatie

Tweede Kamer der Staten-Generaal

Tweede Kamer der Staten-Generaal Tweede Kamer der Staten-Generaal 2 Vergaderjaar 2008 2009 31 239 Stimulering duurzame energieproductie Nr. 62 BRIEF VAN HET PRESIDIUM Aan de Voorzitter van de Tweede Kamer der Staten-Generaal Den Haag,

Nadere informatie

Overzicht gespreksonderwerpen uit de afgelopen IP-vergaderingen

Overzicht gespreksonderwerpen uit de afgelopen IP-vergaderingen Bijlage 1 Overzicht gespreksonderwerpen uit de afgelopen IP-vergaderingen Vergadering van 7 juli Sociale innovatie Gesproken over sociale innovatie. Er is een eerste gesprek geweest tussen leden van de

Nadere informatie

NATIONALE COALITIE DIGITALE DUURZAAMHEID BEGINSELVERKLARING. CONCEPT 4 juni 2007 DE UITDAGING

NATIONALE COALITIE DIGITALE DUURZAAMHEID BEGINSELVERKLARING. CONCEPT 4 juni 2007 DE UITDAGING NATIONALE COALITIE DIGITALE DUURZAAMHEID BEGINSELVERKLARING CONCEPT 4 juni 2007 DE UITDAGING Versterking van de wetenschap en een betere benutting van de resultaten zijn een onmisbare basis, als Nederland

Nadere informatie

Voortgangsbericht projectopdrachten en voortgang Strategische Agenda Versterking Veiligheidsregio's

Voortgangsbericht projectopdrachten en voortgang Strategische Agenda Versterking Veiligheidsregio's Aan Veiligheidsberaad Van DB Veiligheidsberaad Datum 17 september Voortgangsbericht projectopdrachten en voortgang Strategische Agenda Versterking Veiligheidsregio's Context en aanleiding Tijdens het Veiligheidsberaad

Nadere informatie

Tweede Kamer der Staten-Generaal

Tweede Kamer der Staten-Generaal Tweede Kamer der Staten-Generaal 2 Vergaderjaar 2012 2013 30 635 Octrooibeleid Nr. 2 BRIEF VAN DE MINISTER VAN ECONOMISCHE ZAKEN, LANDBOUW EN INNOVATIE Aan de Voorzitter van de Tweede Kamer der Staten-Generaal

Nadere informatie

VISIE OP TOEZICHT Vastgesteld door Raad van Commissarissen op 15 september 2016

VISIE OP TOEZICHT Vastgesteld door Raad van Commissarissen op 15 september 2016 VISIE OP TOEZICHT Vastgesteld door Raad van Commissarissen op 15 september 2016 Woningcorporaties staan voor het huisvesten van mensen met een bescheiden inkomen en voor kwetsbare groepen. Woningcorporaties

Nadere informatie

STICHTING CULTUUREDUCATIEGROEP Leiden

STICHTING CULTUUREDUCATIEGROEP Leiden PROFIELSCHETS LID RAAD VAN TOEZICHT Profiel: Cultureel Ondernemerschap STICHTING CULTUUREDUCATIEGROEP Leiden Inhoudsopgave 1. Stichting Cultuureducatiegroep 3 De organisatie 3 2. De Raad van Toezicht 3

Nadere informatie

KENNIS VOOR DE SAMENLEVING

KENNIS VOOR DE SAMENLEVING KENNIS VOOR DE SAMENLEVING Voortgangsrapportage 2006 Implementatie Kabinetstandpunt Brugfunctie TNO/GTI s 11 december 2006 R:\Spa\Vraagsturing TNO-GTI's\Kabinetsrapportage_2006.doc- 1 - Inhoudsopgave 1

Nadere informatie

Tweede Kamer der Staten-Generaal

Tweede Kamer der Staten-Generaal Tweede Kamer der Staten-Generaal 2 Vergaderjaar 2009 2010 32 314 Instelling van de Raad voor de leefomgeving en infrastructuur (Wet Raad voor de leefomgeving en infrastructuur) Nr. 3 MEMORIE VAN TOELICHTING

Nadere informatie

INTENTIEVERKLARING INZAKE STIMULERING VERVOERMANAGEMENT. Zoetermeer, donderdag 29 mei 1997

INTENTIEVERKLARING INZAKE STIMULERING VERVOERMANAGEMENT. Zoetermeer, donderdag 29 mei 1997 INTENTIEVERKLARING INZAKE STIMULERING VERVOERMANAGEMENT Zoetermeer, donderdag 29 mei 1997 1 INTENTIEVERKLARING DE ONDERGETEKENDEN: 1. Het ministerie van Verkeer en Waterstaat, vertegenwoordigd door de

Nadere informatie

BESTUURSREGLEMENT. Voor [naam betreffende stichting/vennootschap]

BESTUURSREGLEMENT. Voor [naam betreffende stichting/vennootschap] BESTUURSREGLEMENT Voor [naam betreffende stichting/vennootschap] 1 Inleiding 1.1 Dit bestuursreglement is een reglement in de zin van art. [...] van de statuten van [naam betreffende stichting/vennootschap]

Nadere informatie

Advies Bestuurlijke Vernieuwing VDH

Advies Bestuurlijke Vernieuwing VDH Advies Bestuurlijke Vernieuwing VDH Hoogland 26 juli 2012 1 Inleiding 3 2 Werkwijze 3 3 Bestuurlijke organisatie 3 4 Profiel bestuursleden 4 5 Commissie structuur 4 6 Vergroten draagvlak 5 7 Verdere procedure

Nadere informatie

LEFIER PROFIELSCHETS RAAD VAN COMMISSARISSEN MAART 2014. Profielschets raad van commissarissen Lefier ten behoeve van de werving 1

LEFIER PROFIELSCHETS RAAD VAN COMMISSARISSEN MAART 2014. Profielschets raad van commissarissen Lefier ten behoeve van de werving 1 LEFIER PROFIELSCHETS RAAD VAN COMMISSARISSEN MAART 2014 Profielschets raad van commissarissen Lefier ten behoeve van de werving 1 PROFIEL RAAD VAN COMMISSARISSEN 1. Kerntaken van de raad van commissarissen

Nadere informatie

De voorzitter van de Tweede Kamer der Staten-Generaal Postbus EA Den Haag

De voorzitter van de Tweede Kamer der Staten-Generaal Postbus EA Den Haag a 1 > Retouradres Postbus 16375 2500 BJ Den Haag De voorzitter van de Tweede Kamer der Staten-Generaal Postbus 20018 2500 EA Den Haag Rijnstraat 50 Den Haag Postbus 16375 2500 BJ Den Haag www.rijksoverheid.nl

Nadere informatie

TNO-instrumentarium Creatieve Industrie

TNO-instrumentarium Creatieve Industrie TNO-instrumentarium Creatieve Industrie Instrumenten TNO voor Innovatie Vraagarticulatie Kennisoverdracht Kennisontwikkeling Technologisch consult in samenwerking met Syntens Branche Innovatie Agenda Challenge

Nadere informatie

RAADSVOORSTEL. Aan de Raad van de gemeente Hattem, Inhoud Onderwerp. : Nieuwe governance-structuur Openbaar Onderwijs Zwolle Indiener

RAADSVOORSTEL. Aan de Raad van de gemeente Hattem, Inhoud Onderwerp. : Nieuwe governance-structuur Openbaar Onderwijs Zwolle Indiener RAADSVOORSTEL Inhoud Onderwerp : Nieuwe governance-structuur Openbaar Onderwijs Zwolle Indiener : College van B en W Voorstel behandeling : Ter vaststelling door gemeenteraad Bevoegd orgaan : Gemeenteraad

Nadere informatie

Tweede Kamer der Staten-Generaal

Tweede Kamer der Staten-Generaal Tweede Kamer der Staten-Generaal 2 Vergaderjaar 2015 2016 34 300 A Vaststelling van de begrotingsstaat van het Infrastructuurfonds voor het jaar 2016 Nr. 16 BRIEF VAN DE MINISTER VAN INFRASTRUCTUUR EN

Nadere informatie

Tweede Kamer der Staten-Generaal

Tweede Kamer der Staten-Generaal Tweede Kamer der Staten-Generaal 2 Vergaderjaar 2006 2007 30 800 VIII Vaststelling van de begrotingsstaat van het Ministerie van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap (VIII) voor het jaar 2007 Nr. 145 BRIEF

Nadere informatie

Missie en Visie ILOW

Missie en Visie ILOW Missie en Visie ILOW 1 Inleiding Het heeft behoefte aan het vastleggen van een éénduidige strategische koers. Het voorliggende document is bedoeld om in deze behoefte te voorzien. 2 Omgevingsanalyse Nederland

Nadere informatie

1/2. Staten-Generaal. Vergaderjaar A/ Nr. 1 BRIEF VAN DE MINISTER VAN BUITENLANDSE ZAKEN

1/2. Staten-Generaal. Vergaderjaar A/ Nr. 1 BRIEF VAN DE MINISTER VAN BUITENLANDSE ZAKEN Staten-Generaal 1/2 Vergaderjaar 2014 2015 34 046 Samenwerkingsovereenkomst tussen de Europese Unie en haar lidstaten, enerzijds, en de Zwitserse Bondsstaat, anderzijds, inzake de Europese satellietnavigatieprogramma

Nadere informatie

Project ZON. Hoofdvraag. Uitvoering. Regionale afstemming op en inbreng Deltaprogramma. Samenwerking met regio Zuid

Project ZON. Hoofdvraag. Uitvoering. Regionale afstemming op en inbreng Deltaprogramma. Samenwerking met regio Zuid Project ZON Hoofdvraag huidige droogte situatie (2010) gevolgen van de klimaatverandering (2050) zinvolle maatregelen Uitvoering gebied Regio-Oost aansturing vanuit RBO projectgroep Regionale afstemming

Nadere informatie

ļll II ii l i.»j 'i! l ľ l! l ľlľ l lľ l!ih»ll Deltacommissaris

ļll II ii l i.»j 'i! l ľ l! l ľlľ l lľ l!ih»ll Deltacommissaris Deltacommissaris > Retouradres Postbus 9Ũ653 2509 LR Den Haag Waterschap Peel en Maasvallei De weledelgestrenge heer mr. A.M.G. Gresel Postbus 3390 5902 RJ Venlo ii l i.»j 'i! l ľ l! l ľlľ l lľ l!ih»ll

Nadere informatie

in te stellen een Stedelijk Adviesorgaan Interculturalisatie onder de navolgende bepalingen:

in te stellen een Stedelijk Adviesorgaan Interculturalisatie onder de navolgende bepalingen: Instellingsbesluit Stedelijk Adviesorgaan Interculturalisatie Burgemeester en wethouders besluiten: in te stellen een Stedelijk Adviesorgaan Interculturalisatie onder de navolgende bepalingen: Waar in

Nadere informatie

vrom030224 Aan de Voorzitter van de Tweede Kamer der Staten-Generaal Den Haag, 11 april 2003

vrom030224 Aan de Voorzitter van de Tweede Kamer der Staten-Generaal Den Haag, 11 april 2003 vrom030224 Aan de Voorzitter van de Tweede Kamer der Staten-Generaal Den Haag, 11 april 2003 Hierbij bied ik u de antwoorden aan op de vragen d.d. 12 maart jl. gesteld door de commissie voor Volkshuisvesting,

Nadere informatie

Tweede Kamer der Staten-Generaal

Tweede Kamer der Staten-Generaal Tweede Kamer der Staten-Generaal 2 Vergaderjaar 2011 2012 21 501-33 Raad voor Vervoer, Telecommunicatie en Energie Nr. 362 BRIEF VAN DE MINISTER VAN INFRASTRUCTUUR EN MILIEU Aan de Voorzitter van de Tweede

Nadere informatie

Tweede Kamer der Staten-Generaal

Tweede Kamer der Staten-Generaal Tweede Kamer der Staten-Generaal 2 Vergaderjaar 2015 2016 31 568 Staatkundig proces Nederlandse Antillen Nr. 172 VERSLAG VAN EEN SCHRIFTELIJK OVERLEG Vastgesteld 4 maart 2016 De vaste commissie voor Onderwijs,

Nadere informatie

Bestuursreglement Baston Wonen

Bestuursreglement Baston Wonen Bestuursreglement Baston Wonen Artikel 1- Algemeen Dit bestuursreglement is een nadere uitwerking van de statuten van Baston Wonen Stichting te Zevenaar, hierna te noemen de stichting. Het geeft nadere

Nadere informatie

Lid Raad van Toezicht Met een achtergrond in het agrarisch bedrijfsleven en afkomstig uit Noord-Nederland

Lid Raad van Toezicht Met een achtergrond in het agrarisch bedrijfsleven en afkomstig uit Noord-Nederland Profiel Lid Raad van Toezicht Met een achtergrond in het agrarisch bedrijfsleven en afkomstig uit Noord-Nederland 9 november 2016 Opdrachtgever Van Hall Larenstein University of Applied Sciences Voor meer

Nadere informatie

DIRECTEUR BELEID EN STRATEGIE

DIRECTEUR BELEID EN STRATEGIE FUNCTIEPROFIEL DIRECTEUR BELEID EN STRATEGIE HOGESCHOOL LEIDEN Inhoudsopgave 1 Hogeschool Leiden 3 De organisatie 3 De structuur 3 De thema s 4 2 4 Plaats in de organisatie 4 Taken en verantwoordelijkheden

Nadere informatie