Zwemmen onder water is de max!



Vergelijkbare documenten
Schoolzwemmen. Leerlijnoefeningen Ondiep Diep Benodigdheden Aandachtspunten. Klimmen op een drijvende mat en vervolgens gaan staan.

Watersafety test 12. Baan Vier - Schoolzwemmen - pg 1

Paco s T- shirtrace Voorbereiding: - zwemmers verdelen in groepen van bijvoorbeeld 4 of 5 zwemmers - voor elke groep 1 T- shirt voorzien

Estafette. Paco s T-shirt race Voorbereiding: zwemmers verdelen in groepen van bijvoorbeeld 4 of 5 zwemmers. Voor elke groep 1 T-shirt voorzien.

WATERGEWENNING. Succes!

Borstcrawl keerpunt: - De benadering - De rol - Voeten plaatsen / afzet - Handbeweging

Tot slot nog enkele praktische tips:

Doelstellingen Activiteit Organisatie Materiaal/opmerkingen Opwarming: cardio-vasculaire prikkeling

De nieuwe leerlijn zwemmen?

WATERGEWENNING. voor kleuters. De eerste stap om te leren zwemmen aesh-watergewenning.indd 1

Watervrij/buikdrijven Van niets naar geel. De kinderen moeten de volgende dingen kunnen om naar het volgende groepje te gaan.

3.2 idem vorige oef. maar nu zijn de armen opwaarts gestrekt en hou je de plank enkel vast met je handen a) Voer deze oef.

wemplezier Van... tot SWIMMING SCHOOL A-B-C-Zwemmen_kids_brochure_Juni_2016_NL_final.indd 1 30/06/ :57:51

Watergewenning. voor kleuters. De eerste stap om te leren zwemmen

Watergewenningsoefeningen ter voorbereiding op de zwemles Februari 2017

DOELSTELLING: DUUR: 6 lessen: - 1-3: aanleren + inoefenen beenbeweging - 4: aanleren armbeweging - 5-6: inoefenen volledige slag

Leer zwemmen met Fred Brevet

Lesplan zwemlessen sportcentrum de Trits.

TOP-SAMENWERKINGSSPELEN

Calcimatics start steeds met een opwarming. Zo is de overgang dan niet-bewegen naar actief worden niet te bruusk en voorkom je letsels.

Voorbereiding Zwem4daagse. Training 1: schoolslag. Doel Verbeteren ligging bij de schoolslag

Leerlijn zwemmen: van watergewenning tot zwemmen. Nathalie Hens

Geraardsbergsestraat 31, 9660 Brakel

A diploma Zwemsurvival

Hoera, kleurtje blauw

Bouncebal. Voorbereiding voor hockeyvormen

zwemmen Filip Roelandt schoolzwemmen 5 februari 2010

Hier vind je wat ideeën en tips om een verantwoorde schaatsles te geven.

1. Beenbeweging. Doel: Beschrijving van de test: Uitleg voor de sporter: Aandachtspunten testleider: Scorebepaling: Materiaal:

Geen tijd om elke dag te sporten? Kom thuis in actie met 1-minuut oefeningen!

schoolslag voor beginners

playbook SPRINGSAUTE TIKTOUCHE BEESTBETE DARTFLECHE

Reddingsbrigade Nederland IJmuiden, september Examenprotocol Junior Redder

Gymlessen (onderbouw) Zomerspelen

Oefeningen met de fitnessbal

schoolslag enkelvoudige rugslag borstcrawl rugcrawl samengestelde rugslag 25

Leer zwemmen. met Fred Brevet. Sportdienst Kuurne

Lesplan elementair Zwemmen / Zwem ABC

Naam lesgever << Zelf in te vullen >> Datum les << Zelf in te vullen >> Duur van de les << Zelf in te vullen >>

basis leergang startduik

Warming up. Shuttle tikkertje. Hoe lang? Doel van het spel Wat heb ik nodig? Organisatie. Start. Speelregels Hoe maak ik het makkelijker?

Tik me dan als je kan!

Doelstellingen van Zwem-ABC (basiselementen)

Fitnessbal training. Kern training / Core stability

Gymrooster groep 3 Opgesteld voor 20 weken, dus twee keer in het jaar uitvoeren Elske Schudde CZ 09/10

Inleiding. Kern A B A B A B A B A B A B A B. Groep 7 en 8 Les 1 Klassikale les. Kerndoel

Open water zwemmen. Tips en trainingssuggesties

DE WEK Programma Site De olympische spelen. De Olympische Spelen. Pagina 1 van 1

Lesbrief 5 VEILIG LEREN VALLEN VOOR LEERLINGEN IN HET BASISONDERWIJS

Niveau 1. Duur van de les. 45 minuten

Lessen 1 ste middelbaar

TRI-TENNIS NEDERLAND DIVERSE SPELVORMEN. zowel voor jong als oud, ongeacht je spelniveau

werkblad Basisopstelling 2 Vak 1 Glijden en klimmen Vak 2 Rollen op verhoogd vlak 1 Vak 3 Doeljagerbal Materiaal

G.S.Z.V. DE GOLFBREKER. Techniekoefeningen. Oefeningen per slag. Trainers G.S.Z.V. De Golfbreker 24/09/2013

Oranje slingers. Stofzuigen bij Maxima & Willem-Alexander. Speluitleg: Speluitleg:

1 Namen leerspel. Alle typen

Algemene basis voor het geven van handbalinitiatie op scholen/speelplein

Lesthema Sprinten 3: Teamsprint Groep 5 6

Initiator Zwemmen Basisvaardigheden

Werkstuk LO Tikspelen

De gymles van begin tot eind

ENVOZ DIPLOMA A-B-C. Bijzonderheden: 1. Minimaal 50% van de af te leggen afstand moet in voor de kandidaat diep water afgelegd worden.

Lichaams- en balbeheersing bij supermicroben en microben. Kaderweekend VBL 21 mei 11

Didactiek zwemmen lagere school

Oefenstof voor aquamove:

ZWEMEISEN PER NIVEAU,STICKERVERDELING EN DIPLOMA EISEN

gerelateerde aandoeningen

Estafettespelen. Beschrijving van de activiteit

Lesthema Sprinten 3: Teamsprint Groep 7 8

Leren zwemmen. De Mini-Orka s: leren overleven voor kleutertjes vanaf 4 jaar die in het bezit zijn van een ISB diploma zeehond of waterschildpad

Leren zwemmen. De Mini-Orka s: leren overleven voor kleutertjes vanaf 4 jaar die in het bezit zijn van een ISB diploma zeehond of waterschildpad

Rood 60 min Maximaal tempo Minimum 1,5-2,5 dagen 1 l water 1 yoghurt (of ander

Lesthema Sprinten 3: Teamsprint Groep 3 4

Inleiding. Kern. Groep 3 en 4 Les 1 Klassikale les. Kerndoel

Leerlijn Zwemmen en Buitenspelen (pleinactiviteiten)

Leren zwemmen. De Mini-Orka s: leren overleven voor kleutertjes vanaf 4 jaar die in het bezit zijn van een ISB diploma zeehond of waterschildpad

Cambridge Health Plan Benelux BV

GET FIT 2 HIKE Rompstabilisatie

INITIATIEPROTOCOL ONDERWATERHOCKEY

1. Abdominal Crunch - Rechte buikspieren

Op vakantie les 8. Doelen: punt. vindt.

Bungelende emmer. Benodigdheden: emmertje, touw, kleine ballen Aantal spelers: 3+ Voorbereiding : geen Leeftijd: 4+ Soort: spel

BLIJ MET EEN EI. Blij met een ei, april 2011 Speel-o-theek De Dobbelsteen

Het spellenboek. De plaatjes laten zien wat je bij elk spelletje nodig hebt. Hieronder zie je wat elk plaatje betekent:

Watergewenning met kleuters

Bekkenkanteling: maak afwisselend een bolle- en holle rug, waarbij romp en hoofd stil blijven liggen op de onderlaag.

Hiervoor zet ik me in! in klas

LES 24. GROEP: 3 t/m 8 Reis rond de wereld. Groep 3/4 - De leerlingen werken tijdens de reis met elkaar samen. Ze krijgen een groot groepsgevoel en

Samen met Fred Brevet en de leerlijn zwemmen ZWEM BREVETTEN

Deelschoolwerkplan Zwemmen BIJLAGEN ROOSTER.

14.5. Impressie / Plattegrond

LES 32. GROEP: 3 t/m 8 Over de kop gaan, Tikspelen, Balanceren.

ZWEMTIPS EN SCHEMA S 11STEDENZWEMTOCHT

Transcriptie:

Zwemmen onder water is de max! Dit document geeft je een pak ideeën om bij kinderen en jongeren het onderwater zwemmen verder te ontwikkelen. In de eerste plaats moet het een plezante ervaring zijn om de geneugten van het onderwater zwemmen te ontdekken; vervolgens is het wel goed meegenomen dat er tegelijkertijd heel wat vaardigheden worden opgepikt die in een later zwemstadium heel goed van pas zullen komen. Kinderen houden van uitdagende spelletjes, onbewust verleggen ze daarmee ook hun grenzen en vergroten ze er hun kennen en kunnen mee. Als je de onderwater oefeningen in een spelvorm giet, gaat het leren vanzelf. Zo leren ze beter inschatten wat kan onderwater en hoe je veilig speelt. Het is belangrijk dat kinderen zich ook onder water veilig voelen en geen angst hebben, het verhoogt hun zelfvertrouwen en zelfredzaamheid; hierbij is het onderwater oriënteren en het zich onderwater kunnen verplaatsen een voorwaarde. De voorgestelde oefeningen zijn bedoeld voor kinderen die kunnen zwemmen en onder water durven te gaan. Afhankelijk van hun niveau kunnen de oefeningen worden aangepast. Als het goed is, hebben de kinderen voldoende watergewenning achter de rug, ondervind je toch problemen, ga dan een stapje terug -zie tips onderaan. Een idee om tijdens de ZWEMBADDAGen de kids uit te dagen met een onderwater-circuit of plezante waterspelen. Tijdens het schoolzwemmen kunnen ze eventueel worden voorbereid door tijdens de les oefeningen in het onderwaterzwemmen aan te bieden. ISB wenst je fijne ZWEMBADDAGen toe!

Het onderwaterzwemmen hebben we opgedeeld in een aantal vaardigheden. Bij elke vaardigheid zijn er vervolgens voldoende oefeningen en spelletjes voorhanden om eigen variaties te bedenken. 1 Watertrappen en wrikken Watertrappen en tegelijkertijd een ballon of bal omhoog tikken. Tijdens watertrappen opdrachten uitvoeren als in de handen klappen boven het hoofd, om de lengte-as draaien, eendenduik De kinderen staan in rij opgesteld bij het watertrappen en er wordt een bal boven het hoofd doorgegeven of afwisselend tussen de benen, de laatste zwem naar voor enz., dit kan ook in estafette vorm Zo hoog mogelijk reiken tijdens het watertrappen door een voorwerp te moeten aanraken boven het hoofd. Zo lang mogelijk watertrappen met een handicap, 1 been stil, 1 been en 1 hand stil enz. 2 Drijven Veel lucht innemen zodat het drijfvermogen vergroot en de benen zakken. Met vlotter drijven op rug, dan zonder vlotter. vertrekken aan de kant, krachtig afstoten en laten uitdrijven, wie komt het verst? Afwisselend op buik en rug. Drijven in buiklig en draaien naar ruglig, aantal x herhalen. Drijven in ruglig en wrikken met de handen zodat je voortbeweegt. Blijf 2 min. Onbeweeglijk liggen, beweeg enkel om te ademen. Combinatie oefeningen: op fluitsignaal zwemmen, 2 x fluiten is watertrappen, 3 x fluiten is drijven. 3 Onderduiken - zonder vinnen Onderduiken oefenen in het diep: door hoepels zwemmen die op verschillende dieptes geplaatst zijn, zonder ze te raken. Indien er geen 'echte' hindernissen beschikbaar zijn, kan je ook zwemmen onder vlotterlijnen, onder de benen door zwemmen of door buitenbanden van een fiets. In estafettevorm voorwerpen van de bodem duiken en in een emmer die op de bodem staat, leggen. Tiikkertje onder water: wie onder water zwemt kan niet getikt worden Vijf tikkers staan langs de kant van het zwembad, vijf zwemmers in een afgebakende zone. De tikkers proberen van op de kant de zwemmers te tikken met een bal. De zwemmers kunnen de bal ontwijken door onder water te duiken. 2 of 3 zwemmers zorgen ervoor dat de ballen terug aan de tikkers bezorgd worden.

Iedereen staat (of watertrapt) in een kring. 1 zwemmer legt een parcours af tussen de benen, onder de armen, rond of binnen de cirkel. Een tweede zwemt erachteraan en probeert een exacte kopie te maken. 4 Zwemmen met vinnen Afwisselend op de rug en op de buik met een plank zwemmen met vinnen, aandacht voor gestrekte benen. Vertrek aan de muur en stoot zo ver mogelijk af met vinnen. Behoud de pijlfase na afstoot tot je volledig stil ligt. Per twee naast elkaar onder water zwemmen en een voorwerp doorgeven. Je mag enkel boven komen om 1x te ademen als je het voorwerp niet hebt. Lees al zwemmend een tijdschrift (of geplastificeerde tekst) zonder dat het nat wordt. 5 Oriënteren onder water Diertjes of ander aantrekkelijke voorwerpen opduiken, koprollen maken onder water, zijwaarts rollen in het water, de letters va je naam zwemmen over de bodem, op je handen lopen op de bodem, door de benen zwemmen, inspringen en op het zitvlak landen. Onder een zeil zwemmen, begin met klein zeil; maak een gat in het zeil om er in boven water te komen. Boven komen met de vuist boven het hoofd zodat het zeil niet aan het hoofd blijft kleven. 6 Onder water duiken startend in het water Dalen met de voeten eerst, na afduwen met de handen aan de kant. Met de voeten eerst naar de bodem gaan en daar in een hoepel staan, hurken en stevig afduwen om boven te komen. Rondzwemmen in het ondiepe gedeelte van het zwembad en een handstand uitvoeren. Met een eendenduik onder de benen door duiken. Door hoepels duiken die op verschillende diepte staan/hangen met een denduik. Voorwerpen opduiken met eendenduik.

7 Onder water zwemmen Kinderen hebben de neiging om zich voor het onderwater gaan, op te pompen; laat hen ervaren dat ze met een gewone ademhaling gemakkelijker zijn. Door lucht te laten ontsnappen kan de duikboot op diepte blijven, door het hoofd voorver te buigen kan je duiken en het hoofd in de nek helpt om te stijgen. Als ze (te) diep gaan, komt er druk op de oren dus leer hen klaren (neus dicht en voorzichtig snuiten zonder te lossen of slikken. In heupdiep water met de rug tegen de kant staan, buigen in diepe hurkzit, met de voeten afduwen tegen de kant en vlak over de bodem glijden, arm- en beenbewegingen en vervolgens weer glijden (om het verst). Voorwerpen op de bodem over een bepaalde afstand verschuiven. Een voorwerp opduiken, door hoepels zwemmen en het voorwerp boven brengen. 2 Touwen zijn in de breedte van het bad gespannen, voor het eerste touw een eendenduik, onder water tot voorbij het tweede touw zwemmen, de afstand steeds vergroten. Tikspel: 1 of meerdere tikkers proberen zoveel mogelijk zwemmers aan te tikken, door onder water te zwemmen ben je veilig, Wie getikt werd, staat in spreidstand om verlost te worden (door de benen zwemmen). Zwemmen en op het signaal een oppervlakte duik maken en naar de bodem gaan, daar 3 slagen schoolslag en weer boven komen, dit herhalen tot het einde is bereikt. Reddersprong en daarna een eendenduik naar de bodem waar een ankerkoord ligt, deze volgen zo ver mogelijk. Per 2 eerst een oppervlakteduik uitvoeren, de 2de doet alle bewegingen na onder water van de eerste. Per 2 een oppervlakteduik uitvoeren en onderwater hand in hand zover mogelijk zwemmen of een bepaald traject volgen. Circuitduiken: verschillende duikopdrachten zijn uitgezet, wie kan er de meeste uitvoeren of wie voert ze het snelst uit; voorwerpen opduiken, een voorwerp verleggen, door hoepels duiken, onder en over drijfmatten zwemmen. Tunnelduiken: kinderen staan achter elkaar in spreidstand met ongeveer 1m tussen; om beurt zwemmen de kinderen door de benen, zover mogelijk; het aantal tunnels of de tussenafstand kan telkens groter worden gemaakt. 2 groepen staan tegenover elkaar opgesteld; in het midden op gelijke afstand tussen de 2 groepen ligt er een voorwerp op de bodem. Iedereen krijgt een nummer, de spelleider roept telkens een nr., de respectievelijke nrs. zwemmen onder water om zo snel mogelijk het voorwerp dat in het midden ligt mee te nemen naar hun kamp. De groep die het meest er in lukte, wint. Duiktik: In het midden van het zwembad ligt een aantal duikringen op de bodem, de deelnemers trachten zoveel mogelijk ringen op te duiken en naar de kant te brengen; de tikker kan enkel iemand tikkken die een duikring vastheeft; de ringen worden per stuk opgedoken, wie getikt is met een ring in de hand, moet de ring terug op de bodem leggen. Voordat een ring mag worden opgedoken, moet je eerst de kant van het zwembad aantikken.

Tips : Als er kinderen zijn met watervrees die wel in het water durven en kunnen zwemmen maar krampachtig hun hoofd boven houden, is het belangrijk om die vrees eerst op een rustige manier te overwinnen, alvorens met onderwaterzwemmen wordt gestart. Watervrees kan diep geworteld zijn en moet eerst serieus worden aangepakt. De paniek komt voor uit gebrek aan vertrouwen; aan dat vertrouwen moet eerst worden gewerkt. Geef het kind veiligheid door stap voor stap te gaan: eerst staand, daarna hurkend en tenslotte liggende positie. Start telkens met een houvast vb plankje. Geef het kind de tijd om op eigen tempo de vrees te overwinnen en vertrouwen op te bouwen. Maak gebruik van speelse activiteiten zodat de nadruk komt te liggen op het plezante en de vrees vanzelf op de achtergrond geraakt. Geef het veel aanmoedigingen en maak complimentjes bij elke kleine overwinning. Doe een stapje terug en laat het kind pijlen, let op gestrekt lichaam, armen en benen, over de bodem bewegen met gestrekt lichaam, handen steunen op de bodem; daarna het kind verder trekken, ook onder water, pijlen door een hoepel, onder de benen, 2 hoepels; in ondiep voorwerpen laten opnemen enz. opbouwen totdat het zelfvertrouwen voldoende groot is om de oefeningen zoals hierboven beschreven mee te doen. Gebruik de woorden vliegtuigje of raket en maak er een leuk spelletje van. Als onderwaterzwemmen een activiteit is tijdens de zwembaddagen, werk dan in niveaugroepen, beginners hebben uiteraard een andere aanpak nodig.

Onderwaterspelen Enkele voorbeelden van spelen onderwater ter inspiratie. Drijven of zinken Iedereen zwemt rustig in een afgesproken deel van het zwembad. De spelleider roept een voorwerp, als dat voorwerp zwaarder is dan water, duikt iedereen onder voor enkele sec. Als het voorwerp lichter is dan water, moet iedereen op de rug verder drijven (of zwemmen). Als het voorwerp drijft op water moet iedereen gewoon verder zwemmen. Wie fout reageert, valt uit en moet aan de kant. Je kan de opdrachten uitbreiden en het spel moeilijker maken, afhankelijk van het niveau van de zwemmers. Eenden gevecht De zwemmers staan per 2 tegenover elkaar opgesteld in gehurkte houding, het hoofd en schouders komen nog boven water. De tegenstander moet worden omgestoten of achteruit worden gedreven. De zwemmers huppelen naar elkaar toe en trachten met de handen om elkaar omver te duwen. De handen van de tegenspeler mogen niet worden vastgegrepen. Zeehonden en Zeeleeuwen De zwemmers staan in 2 rijen opgesteld en kijken naar elkaar, op 1m50 tot 2m in heupdiep of borstdiep water. De ene rij zijn de zeehonden, de andere de zeeleeuwen. De rijen staan in het midden van het bad opgesteld. Zegt de spelleider zeeleeuw dan moet deze rij op de vlucht gaan door zo snel mogelijk naar de rand te zwemmen, de zeehonden gaan in achtervolging. Elke zeehond die een zeeleeuw kan tikken alvorens hij bij de rand is, verdient één punt voor zijn ploeg. Als de zeeleeuw onder water is, is hij veilig en kan hij niet worden aangetikt. Variatie: rijen staan met de rug naar elkaar toe opgesteld, de aangetikte speler gaat naar het andere kamp, er wordt gespeeld tot er 1 ploeg is uitgeschakeld. Tijdens de achtervolging wordt de roep veranderd, vluchter worden achtervolgers en omgekeerd. Onderwaterhockey Voor de betere zwemmers kan je een keertje onderwaterhockey organiseren, een super plezante afwisseling die iedereen zal verrassen. Het traint het goed kunnen bewegen onder water met daarbovenop de gekende meerwaarde om een teamsport te spelen. Start alvast in het oefenen te zwemmen met een snorkel en vinnen. Zo kan je bij onderwaterhockey club Orka Bilzen (www.orcabilzen.be) een instructeur huren die een groep op korte tijd de do s en don ts bijbrengt. Onderwaterrugby Met een gewone bal kan het ook maar beter is een zinkend exemplaar te nemen; je vult een oude bal of ballon met water waaraan een sterk zoutoplossing is toegevoegd. De bal moet ongeveer 5 kg wegen om te kunnen stuiten op de bodem. De spelers die de bal niet hebben, mogen door de andere spelers niet worden vastgehouden. Verder gebruik je de gangbare

regels van rugby en je speelt het over een voldoende groot deel van het zwembad. Om te scoren moet de bal aan de kant van de bodem worden gelegd op de ring. Onderwatercircuit Kinderen ervaren het als heel uitdagend en plezant om een circuit te zwemmen onder water. Bepaal vooraf hoeveel plaats je hebt en over welke materialen je kan beschikken. Afhankelijk van het niveau van de groep zet je de posten uit. Overzicht van materialen die kunnen worden gebruik voor het opstellen van een onderwatercircuit. Duikringen, duikstokken Duikhoepels Onderzeetunnel Wateralgen Verzwaarde halve cirkels Doorzwemmat Sommigen blijven verticaal staan Hoepels met gewichten, verstelbare hoogte Verticale hindernissen, afbakenen van zones, slalom Verticale hindernissen, afbakenen van zones, slalom Vlakke onderzijde met ingewerkt gewicht, staan op de bodem, om parcours uit te zetten Met openingen om door te zwemmen Onderwaterbal Met water gevulde bal, stuiten op de bodem Verzwaarde tapijten Driedimensionaal parcours Tweedimensionaal parcours Reuze boei Blijven op de bodem liggen, gekoppeld aan spel Met koord, waterdrijvers en zinkers om onder water een parcours uit te zetten Drijvende ronde schijven, stokken en vlaggen om aan het wateroppervlak een parcours uit te zetten Luchtgevuld Flexibeam/ronde buizen Flexibele sterke buizen (cilinders) met oneindig veel combinatiemogelijkheden Munten duiken Dit eenvoudige spel, wordt nog steeds erg gesmaakt door de jonge zwemmertjes. Duik zoveel mogelijk munten of om het even welk zinkende voorwerpen op vanaf de bodem van het bassin. Op het startsein gaan de kinderen op zoek. Er mogen geen hulpmiddelen zoals duikbrillen worden gebruikt. De deelnemers kunnen de opgedoken munten inleveren voor een snoepje of het aantal opgedoken voorwerpen kan worden geteld. Ieder gevonden voorwerp telt als één punt.