Getting Integrated Functioneel ontwerp webbased leerobjecten Engels December 2007 Algemeen Opgesteld door : Frank Volmerink, Melanie Brandenburg (PCC), Rukie Renes (Willem Blaeu), Miep Post (Willem Blaeu), Jacob Blokker (Dalton) Vak : Engels Sectoren : Techniek, Zorg en welzijn, Economie Niveau : kader Leerjaar : 3 en 4 Studiebelasting : 3 lesuren per leereenheid Leerlijn Er is een leerlijn van 1 introducerende vocabulaire leereenheid en 15 vaardigheids leereenheden per leerjaar per sector opgesteld. De inhoud van de vaardigheidsleereenheden is direct gekoppeld aan het Europees Referentiekader (ERK zie ook www.europeestaalportfolio.nl ). Zie bijlage Blauwdruk Getting Integrated Engels VMBO 3 voor de verdere uitwerking van de 15 vaardigheids leereenheden voor leerjaar 3. Elke leereenheid is in principe uniform en wordt afgesloten met een korte toets. Direct na de leereenheid volgt dan een praktijkopdracht. Onderwerpen (ontleend aan ERK): Zie bijlage Blauwdruk Getting Integrated Engels VMBO 3 Doel(en): Zie bijlage Blauwdruk Getting Integrated Engels VMBO 3 Noodzakelijke voorkennis: ERK niveau A1 op alle vaardigheden Registratie (in administratie van ELO) van: datum en tijden naam en klas/groep leerling bij toets-eenheden: resultaten en score Rol van de docent: Coach / begeleider van het leerproces Onderdelen vocabulaire leereenheden Inleidend scherm o Omvang te behandelen woordenlijst: plm. 100 woorden Schermen met interactieve oefeningen (alle interacties gaan gepaard met bronnen: illustraties van de betreffende woorden): o Klikvraag Één goed antwoord Meerdere goede antwoorden Togglevraag Koppelvraag Pulldown menu vraag o Sleepvraag Standaard sleepvraag Volgordervraag horizontaal Volgordervraag verticaal o Invulvraag Invulvraag Open vraag Getting Integrated Functioneel ontwerp webbased leerobjecten Engels (december 2007) 1 van 6
Toetsschermen Onderdelen vaardigheidsleereenheden Inleidend scherm Scherm met bron o Tekening o Animatie o Video o Audio Schermen met interactieve oefeningen: o Klikvraag Één goed antwoord Meerdere goede antwoorden Togglevraag Koppelvraag Pulldown menu vraag o Sleepvraag Standaard sleepvraag Volgordervraag horizontaal Volgordervraag verticaal o Invulvraag Invulvraag Open vraag Eventuele schermen met game Toetsschermen Getting Integrated Functioneel ontwerp webbased leerobjecten Engels (december 2007) 2 van 6
Bijlage - Blauwdruk Getting Integrated Engels VMBO 3 Leereenheid 1 Luisteren Leereenheid 2 Lezen Leereenheid 3 Spreken Leereenheid 4 Gesprekken Leereenheid 5 Schrijven deel A A1 A2 (m.n. passieve vaardigheden op of in de richting van A2) Luisteren naar aankondigingen en/of instructies Luisteren A1 3. Luisteren naar aankondigingen en instructies 3.1. kan in vertrouwde situaties, korte, duidelijke instructies begrijpen 3.2. kan korte, eenvoudige waarschuwingen begrijpen Luisteren A2 3. Luisteren naar aankondigingen en instructies 3.1 kan in vertrouwde situaties eenvoudige feitelijke informatie begrijpen 3.2 kan een korte uitleg begrijpen 4. Luisteren naar (tv, videoen) geluidsopnames 4.1 kan relevante informatie uit korte, voorspelbare, luisterteksten begrijpen Present continuous Future Trappen van vergelijking Oriënterend lezen, daarna gedetailleerder Lezen A2 2. Oriënterend lezen 2.1 kan specifieke info vinden en begrijpen in eenvoudig, alledaags materiaal. 2.2 kan in lijsten, overzichten en formulieren specifieke info vinden en begrijpen 3. Lezen om info op te doen 3.1 kan specifieke info begrijpen in eenvoudige teksten Much, many, few, little Simple past Past continuous Mondeling instructies geven aan een groep Spreken A1 2.1 kan een korte, vooraf geoefende mededeling voorlezen aan een groep. Spreken A2 1. Monologen 1.4 kan op een eenvoudige manier vertellen hoe iets gedaan moet worden. 2.1 kan voor een groep in korte, vooraf ingeoefende zinnen iets aankondigen of meedelen. Lezen A1 4. Instructies lezen 4.1 kan eenvoudige, korte instructies begrijpen Must, have to, should, ought to Bezittelijk vnw Informele gesprekken voeren Gesprekken voeren A1 1.3 kan eenvoudige info vragen en geven over welbevinden. 3. Zaken regelen 3.1 kan om dingen vragen, iets aanbieden, voor iets bedanken, begrijpen wanneer om iets gevraagd wordt. 4. Informatie uitwisselen 4.1 kan eenvoudige info over vertrouwde, concrete onderwerpen vragen of geven. 4.3 kan om verduidelijking vragen, eventueel met behulp van gebaren. 4.4 kan in eenvoudige bewoordingen zeggen wat hij/zij wel en niet leuk vindt en vragen wat anderen wel en niet leuk vinden. Gesprekken voeren A2 1.1 kan in alledaagse situaties op eenvoudige manier bekenden en onbekenden aanspreken, groeten, zich bij hen voor iets verontschuldigen. Tags Some, any May, might, be allowed Vrij schrijven: iets over jezelf vertellen in een korte e-mail en/of kort formulier Schrijven A1 1.2 kan een kort, eenvoudig sms je of e-mail schrijven. 2. Aantekeningen, berichten, formulieren 2.1 kan een eenvoudig formulier invullen 2.2 kan een eenvoudige lijst met vragen over zichzelf invullen. 2.3 kan eenvoudige aantekeningen maken 4. Vrij schrijven 4.1 kan een paar eenvoudige zinnen opschrijven over zichzelf of over andere mensen. Past continuous Present perfect Getting Integrated Functioneel ontwerp webbased leerobjecten Engels (december 2007) 3 van 6
Leereenheid 6 Luisteren Leereenheid 7 Lezen Leereenheid 8 Spreken Leereenheid 9 Gesprekken Leereenheid 10 Schrijven deel B A1-A2 Streven = grootste gedeelte A2 vaardigheden afdekken Luisteren naar tv of video of geluidsopname Luisteren A2 1. Gesprekken tussen moedertaalsprekers verstaan 1.1 Kan het onderwerp bepalen van een langzaam en duidelijk gesproken gesprek. 3.3 kan aanwijzingen over de werking van apparaten begrijpen als die aan (=bij?) het apparaat worden uitgelegd 4. Luisteren naar tv, videoen geluidsopnames 4.2 kan korte, duidelijke berichten van telefonische computers en antwoordapparaten begrijpen. 4.3 kan herkennen wat de hoofdpunten zijn van nieuwsberichten op tv, als er een duidelijke visuele ondersteuning is Luisteren B1 4. Luisteren naar tv, video en geluidsopnames 4.1 kan belangrijke details begrijpen in eenvoudige, langzaam en duidelijk gesproken radioprogramma s 4.2 kan hoofdpunten begrijpen in tv programma s over vertrouwde onderwerpen als er betrekkelijk langzaam en duidelijk gesproken wordt. Correspondentie lezen Lezen A2 lezen 1.1 kan een korte, eenvoudige brief, email of fax begrijpen 1.2 kan een korte, eenvoudige standaardbrief of circulaire begrijpen 2. Oriënterend lezen 2.3 kan alledaagse borden en mededelingen begrijpen 2.4 kan eenvoudige advertenties met weinig afkortingen begrijpen 3. Lezen om info op te doen 3.2 kan de hoofdlijn begrijpen van eenvoudige teksten in een tijdschrift, krant of op een website. 3.3 kan korte, beschrijvende teksten over vertrouwde onderwerpen begrijpen. --- Some, any Used to Either or Presentatie over je huisdier Spreken A2 1. Monologen 1.1 kan vertrouwde zaken en personen op een eenvoudige manier beschrijven. 1.2 kan in een serie korte zinnen info geven over zichzelf en anderen 1.3 kan in eenvoudige, korte zinnen vertellen over ervaringen, gebeurtenissen en activiteiten 2.2 kan een kort, eenvoudig, vooraf ingeoefend praatje houden voor een groep. --- Can, be able Had better, should, must, have to Telefonisch informatie uitwisselen via een helpdesk Gesprekken voeren A2 1.2 kan op een eenvoudige wijze voorkeur en mening uitdrukken over vertrouwde alledaagse onderwerpen 1.4 kan in beperkte mate meedoen aan eenvoudige gesprekken over alledaagse, bekende onderwerpen 3. Zaken regelen 3.8 kan een eenvoudig telefoongesprek voeren 4. Informatie uitwisselen 4.1 kan eenvoudige aanwijzingen en instructies geven en opvolgen. 4.2 kan beperkte info uitwisselen over eenvoudige, concrete zaken. --- First, second, etc datums Aantekeningen maken en Formulier invullen Schrijven A2 1.3 kan aan een eenvoudige chatsessie deelnemen 2. Aantekeningen, berichten, formulieren 2.1 kan standaardformulieren invullen. 2.2 kan eenvoudige notities en aantekeningen maken voor zichzelf. 2.3 kan eenvoudige notities en aantekeningen maken voor anderen. 2.4 kan korte, eenvoudige berichten schrijven over zaken van direct belang. 4. Vrij schrijven 4.1 kan in korte, eenvoudige zinnen vertrouwde zaken beschrijven. 4.2 kan in korte, eenvoudige zinnen een persoon beschrijven 4.3 kan kort en eenvoudig een gebeurtenis of een ervaring beschrijven. --- Plaats voor tijd Always, often, sometimes, never laten --- Which, who, what Whose, whom Getting Integrated Functioneel ontwerp webbased leerobjecten Engels (december 2007) 4 van 6
Leereenheid 11 Luisteren Leereenheid 12 Lezen Leereenheid 13 Spreken Leereenheid 14 Gesprekken Leereenheid 15 Schrijven deel C A2+ Combinatie van (resterende) A2 en (een aantal) B1 vaardigheden N.B. Bij Gesprekken voeren is het A2- niveau nog niet helemaal afgerond. Gesprekken tussen moedertaalsprekers verstaan luisteren B1 1. Gesprekken tussen moedertaalsprekers verstaan 1.1 kan de hoofdpunten volgen van gesprekken over een voor hem/haar interessant onderwerp. 1.2 kan van discussies over actuele en vertrouwde thema s de hoofdlijnen volgen. 2. Luisteren als lid v.e. live publiek 2.1 kan een beschrijving begrijpen van iets wat vertrouwd is of wat hem/haar persoonlijk interesseert2.2 kan algemene zaken en de belangrijkste info begrijpen in korte praatjes over vertrouwde onderwerpen. - Meervouden And, but, or Instructies lezen Lezen A2 4. Instructies lezen 4.1 kan eenvoudige, goed gestructureerde instructies begrijpen. Lezen B1 4. Instructies lezen 4.1 kan duidelijk geschreven ondubbelzinnige instructies begrijpen 2. Oriënterend lezen 2.1 kan relevante info vinden en begrijpen in brochures en korte officiële documenten 2.2 kan in langere teksten over thema s binnen het eigen interessegebied info zoeken. - Can, may Could, might Een publiek toespreken Spreken B1 1. Monologen 1.1 kan een eenvoudige beschrijving geven van vertrouwde zaken binnen het eigen vakterrein of interessegebied. 2.2 kan een eenvoudige presentatie of spreekbeurt houden. - May, might, could + have Past perfect Telefonisch uitnodigen; gast ontvangen. Gesprekken voeren A 2 1.2 kan op een eenvoudige wijze voorkeur en mening uitdrukken over vertrouwde alledaagse onderwerpen 1.3 kan iemand correct ontvangen en op zijn/haar gemak stellen. 3. Zaken regelen 3.4 kan in een vertrouwde situatie eenvoudige voorstellen doen en op voorstellen reageren. 3.5 kan afspraken maken. 3.6 kan iemand uitnodigen en op uitnodigingen ingaan of afslaan. 3.8 kan een eenvoudig telefoongesprek voeren (= ook WB B) 3.9 kan communicatie in stand houden. - Future Myself, ourselves Correspondentie Correspondentie A2 1.1 kan een eenvoudig persoonlijk briefje of e-mail schrijven 1.2 kan een contactpersoon een korte bevestiging (e-mail of fax) van gemaakte afspraken schrijven. 1.3 kan aan een eenvoudige chatsessie deelnemen Schrijven B1 1.1 kan in brieven of e-mails feitelijke zaken beschrijven en nieuwtjes uitwisselen. 1.2 kan brieven of e-mails schrijven over persoonlijke zaken 1.3 kan eenvoudige brieven schrijven aan instanties en zakelijke contacten. 1.4 kan op advertenties reageren. 1.5 kan deelnemen aan discussies op internet over bekende thema s of over thema s uit vak- en interessegebied. 4. Vrij schrijven 4.1 kan eenvoudige gedetailleerde beschrijvingen geven van bekende onderwerpen binnen het eigen interessegebied. 4.3 kan een eenvoudig opstel schrijven over een onderwerp dat hem/haar interesseert. - passive Getting Integrated Functioneel ontwerp webbased leerobjecten Engels (december 2007) 5 van 6
Getting Integrated Functioneel ontwerp webbased leerobjecten Engels (december 2007) 6 van 6