Beslissing op bezwaar

Vergelijkbare documenten
Besluit. A. Verzoek om openbaarmaking. B. Relevante bepalingen. C. Overwegingen. Kenmerk: / Betreft: verzoek om openbaarmaking

Besluit. A. Verzoek om openbaarmaking. Kenmerk: / Betreft: verzoek om openbaarmaking

Plaatsing op internet Het besluit wordt op geplaatst.

Ministerie van Veiligheid en Justide

Beslissing op bezwaar

tegen het besluit van 13 maart 2017 in het kader van de subsidie SNL, kenmerk

Ministerie van Veiligheid en Justitie

Beslissing op bezwaar

PROCEDURE, STROOMSCHEMA EN CHECKLISTEN Openbaarheid van bestuur (Wob)

Handleiding behandeling WOB-verzoeken

APR 214. Ministerie van Volksgezondheid, Welzijn en Sport. Datum: Betreft: Beslissing op uw Wob-verzoek. Geachte

Besluit. A. Verloop van de procedure. B. Zienswijze. Kenmerk: / Betreft: verzoek om openbaarmaking

Besluit. A. Verloop van de procedure. Kenmerk: / Betreft: verzoek om openbaarmaking

Sociaal Juridisch Medewerker-Arbeidsvoorziening en Personeelswerk (Crebo 10026) over de periode bij ROC Landstede;

Hoofdstuk I. Definities

In dit besluit wordt verwezen naar de corresponderende nummers uit de inventarislijst, zodat per document duidelijk is wat is besloten.

Toelichting Zienswijzeprocedure

Aangetekend verstuurd Molenaar Abeln advocaten Carel H.J.M. Abeln J.J. Viottastraat JT AMSTERDAM

Kenmerk: / Betreft: afwijzing aanvraag nevenactiviteit Het exploiteren van twee digitale reclameschermen langs de Rijksweg.

Datum 31 juli 2015 Onderwerp Eerste deelbesluit wob-verzoek ICT-incidenten. Geachte

Werkinstructie Geheimhouding en besloten vergaderen

Wettelijk kader Uw verzoek valt onder de reikwijdte van de Wob. Voor de relevante artikelen verwijs ik u naar bijlage 1.

Beslissing op bezwaar

Beslissing op bezwaar

Beslissing op bezwaar

Weigerachtige behandeling Wob-verzoek Gemeente Weesp

Nationaal Coördinator Terrorismebestrijding en Veiligheid Ministerie van Veiligheid en Justftie

Wet van 31 oktober 1991, houdende regelen betreffende de openbaarheid van bestuur

Ministerie van Volksgezondheid, Welzijn en Sport

Transcriptie:

Beslissing op bezwaar Kenmerk: 678208/679078 Betreft: bezwaar tegen besluit op Wob-verzoek en besluit tot openbaarmaking daarvan Beschikking van het Commissariaat voor de Media betreffende het bezwaar van Kim Holland B.V. tegen het besluit op het verzoek om openbaarmaking van informatie op grond van de Wet openbaarheid van bestuur en het besluit tot openbaarmaking daarvan A. Procedure 1. Bij brief van 17 juni 2016, door het Commissariaat voor de Media (hierna: het Commissariaat) ontvangen op 21 juni 2016, is het Commissariaat verzocht om op grond van de Wet openbaarheid van bestuur (hierna: Wob) informatie openbaar te maken. 2. Op 29 september 2016 heeft Kim Holland B.V. desgevraagd aan het Commissariaat laten weten dat Kim Holland B.V. bezwaar heeft tegen het openbaar maken van een document dat betrekking heeft op Kim Holland B.V. 3. Op 6 oktober 2016 heeft Kim Holland B.V. de zienswijze verder aangevuld. 4. Op 11 oktober 2016 heeft het Commissariaat een besluit genomen op het Wob-verzoek. Het Commissariaat heeft besloten de door verzoekster gevraagde informatie gedeeltelijk openbaar te maken. Daarnaast heeft het Commissariaat besloten de volledige tekst van het besluit openbaar te maken, veertien dagen na de voorgeschreven bekendmaking daarvan, met uitzondering van de daarin vermelde persoonsgegevens en vertrouwelijke bedrijfsgegevens, door publicatie op zijn website. 5. Op 20 oktober 2016 heeft het Commissariaat aan Kim Holland B.V. ter kennisgeving het besluit op het Wob-verzoek gestuurd. In de brief is vermeld dat de zienswijze van Kim Holland B.V. niet is gevolgd. 6. Op 27 oktober 2016 heeft Kim Holland B.V. bezwaar gemaakt tegen de openbaarmaking van het besluit op het Wob-verzoek. 7. Op 21 november 2016 heeft het Commissariaat de ontvangst van het bezwaar bevestigd en de beslistermijn met zes weken verdaagd. 8. Op 29 november 2016 heeft Kim Holland B.V. bezwaar gemaakt tegen de openbaarmaking in het kader van het Wob-verzoek van het document met betrekking tot Kim Holland B.V. 9. Op 1 december 2016 heeft er een telefonische hoorzitting plaatsgevonden. Afgesproken is dat de twee bezwaren gevoegd worden behandelen. 10. Op 7 december 2016 heeft Kim Holland B.V. nadere gronden aangeleverd voor het bezwaar van 29 november 2016.

B. Juridisch kader 11. Voor een overzicht van de relevante bepalingen wordt verwezen naar de bijlage bij dit besluit. C. Ontvankelijkheid 12. Het Commissariaat overweegt dat Kim Holland B.V. bij brief d.d. 27 oktober 2016 en bij brief d.d. 29 november 2016 bezwaar heeft gemaakt tegen het besluit dat op 20 oktober 2016 bekend is gemaakt. Dit is gebeurd binnen de daarvoor gestelde termijn. 13. De bezwaren van Kim Holland B.V. zijn tijdig ingediend en voldoen aan de overige eisen die de Awb hieraan stelt. Deze bezwaren zijn daarom ontvankelijk. Nu de bezwaren ontvankelijk zijn, vindt op grond daarvan een volledige heroverweging van het bestreden besluit plaats. D. Overwegingen Bezwaren Kim Holland B.V. 14. Kim Holland B.V. heeft bezwaren tegen het besluit dat strekt tot openbaarmaking in het kader van het Wob-verzoek van het document met betrekking tot Kim Holland B.V (hierna: het bestreden besluit) en de openbaarmaking daarvan. 15. Kim Holland B.V. voert samengevat aan dat beide besluiten onevenredig benadelend zijn voor Kim Holland B.V. Wat betreft het bestreden besluit voert Kim Holland B.V. aan dat er een eenzijdig standpunt van het Commissariaat wordt weergegeven met betrekking tot het platform Kim Holland B.V., zonder perspectief, achtergrondinformatie of de zienswijze van Kim Holland B.V. Het openbaar maken van deze informatie zal leiden tot reputatieschade voor Kim Holland B.V. 16. Wat betreft de openbaarmaking van het bestreden besluit voert Kim Holland B.V. aan dat het besluit indexeerbaar zal worden in zoekmachines. De onoplettende internetgebruiker zou ten onrechte het idee kunnen krijgen dat het Commissariaat handhavend heeft opgetreden tegen Kim Holland B.V, aldus Kim Holland B.V. Oordeel Commissariaat 17. Het uitgangspunt van de Wob is dat er, in het belang van een goede en democratische bestuursvoering, voor een ieder een recht op openbaarmaking van de informatie bestaat. Bij de afweging omtrent het openbaar maken van informatie mag de persoon of het oogmerk van de verzoeker geen enkele rol spelen. Het recht op openbaarmaking op grond van de Wob dient uitsluitend het publieke belang van een goede en democratische bestuursvoering, welk belang de Wob vooronderstelt. 18. Ingevolge artikel 3, vijfde lid, van de Wob wordt een verzoek om informatie ingewilligd met inachtneming van het bepaalde in artikel 10 en 11 van de Wob. Een bestuursorgaan zal het verstrekken van de gevraagde informatie achterwege kunnen dan wel moeten laten wanneer zich één of meer van de in die artikelen genoemde uitzonderingsgronden en beperkingen voordoen. - 2 -

19. Op grond van artikel 10, tweede lid, aanhef en onder g, van de Wob blijft openbaarmaking van informatie achterwege voor zover het belang daarvan niet opweegt tegen het belang van het voorkomen van onevenredige bevoordeling of benadeling van bij de aangelegenheid betrokken natuurlijke personen of rechtspersonen dan wel van derden. 20. Openbaarmaking van de informatie met betrekking op Kim Holland B.V. leidt zoals is geoordeeld in het bestreden besluit naar het oordeel van het Commissariaat niet tot onevenredige benadeling. Het document betreft een standaard uitnodiging voor een voorlichtingsbijeenkomst van het Commissariaat. Dit document is naar meerdere commerciële mediadiensten op aanvraag gestuurd. Kim Holland B.V. heeft niet aannemelijk gemaakt dat de door haar veronderstelde reputatieschade zich daadwerkelijk zal voordoen. Aangenomen al dat dit nadeel zich zou voordoen, dan heeft Kim Holland evenmin aannemelijk gemaakt dat dit nadeel onevenredig zou zijn. 21. Ook het openbaar maken van het bestreden besluit waarin de bedrijfsnaam Kim Holland B.V. wordt genoemd leidt naar het oordeel van het Commissariaat niet tot onevenredige benadeling. Kim Holland B.V. heeft niet aannemelijk gemaakt dat het door haar veronderstelde nadeel dat de onoplettende internetgebruiker onterecht het idee zou kunnen krijgen dat het Commissariaat handhavend heeft opgetreden tegen Kim Holland B.V. zich daadwerkelijk voordoet noch dat dit onevenredig zou zijn. E. Besluit 22. Het Commissariaat: I. verklaart de bezwaren van Kim Holland B.V. ongegrond; II. handhaaft het besluit van 11 oktober 2016 met kenmerk 671481/675395 met betrekking tot het gedeeltelijk openbaar maken van de door verzoekster gevraagde informatie en handhaaft het besluit van 11 oktober 2016 met betrekking tot het openbaar maken van het besluit; III. besluit de volledige tekst van dit besluit openbaar te maken, veertien dagen na de voorgeschreven bekendmaking daarvan, met uitzondering van de daarin vermelde persoonsgegevens en vertrouwelijke bedrijfsgegevens, door publicatie op zijn website. Hilversum, 20 december 2016 COMMISSARIAAT VOOR DE MEDIA, prof. mr. dr. Madeleine de Cock Buning voorzitter drs. Eric Eljon commissaris Op grond van de Algemene wet bestuursrecht kan de natuurlijke persoon of rechtspersoon wiens belang rechtstreeks bij dit besluit is betrokken, daartegen binnen zes weken na de dag waarop dit besluit op de voorgeschreven wijze is bekendgemaakt, beroep instellen bij de Rechtbank van het arrondissement waarbinnen zijn woonplaats zich bevindt. - 3 -

Bijlage 1: Juridisch kader Artikel 3 Wob 1. Een ieder kan een verzoek om informatie neergelegd in documenten over een bestuurlijke aangelegenheid richten tot een bestuursorgaan of een onder verantwoordelijkheid van een bestuursorgaan werkzame instelling, dienst of bedrijf. 2. De verzoeker vermeldt bij zijn verzoek de bestuurlijke aangelegenheid of het daarop betrekking hebbend document, waarover hij informatie wenst te ontvangen. 3. De verzoeker behoeft bij zijn verzoek geen belang te stellen. 4. Indien een verzoek te algemeen geformuleerd is, verzoekt het bestuursorgaan de verzoeker zo spoedig mogelijk om zijn verzoek te preciseren en is het hem daarbij behulpzaam. 5. Een verzoek om informatie wordt ingewilligd met inachtneming van het bepaalde in de artikelen 10 en 11. Artikel 10 Wob 1. Het verstrekken van informatie ingevolge deze wet blijft achterwege voor zover dit: a. de eenheid van de Kroon in gevaar zou kunnen brengen; b. de veiligheid van de Staat zou kunnen schaden; c. bedrijfs- en fabricagegegevens betreft, die door natuurlijke personen of rechtspersonen vertrouwelijk aan de overheid zijn meegedeeld; d. persoonsgegevens betreft als bedoeld in paragraaf 2 van hoofdstuk 2 van de Wet bescherming persoonsgegevens, tenzij de verstrekking kennelijk geen inbreuk op de persoonlijke levenssfeer maakt. 2. Het verstrekken van informatie ingevolge deze wet blijft eveneens achterwege voor zover het belang daarvan niet opweegt tegen de volgende belangen: a. de betrekkingen van Nederland met andere staten en met internationale organisaties; b. de economische of financiële belangen van de Staat, de andere publiekrechtelijke lichamen of de in artikel 1a, onder c en d, bedoelde bestuursorganen; c. de opsporing en vervolging van strafbare feiten; d. inspectie, controle en toezicht door bestuursorganen; e. de eerbiediging van de persoonlijke levenssfeer; f. het belang, dat de geadresseerde erbij heeft als eerste kennis te kunnen nemen van de informatie; g. het voorkomen van onevenredige bevoordeling of benadeling van bij de aangelegenheid betrokken natuurlijke personen of rechtspersonen dan wel van derden. 3. Het tweede lid, aanhef en onder e, is niet van toepassing voorzover de betrokken persoon heeft ingestemd met openbaarmaking. [ ] Artikel 11 Wob 1. In geval van een verzoek om informatie uit documenten, opgesteld ten behoeve van intern beraad, wordt geen informatie verstrekt over daarin opgenomen persoonlijke beleidsopvattingen. 2. Over persoonlijke beleidsopvattingen kan met het oog op een goede en democratische bestuursvoering informatie worden verstrekt in niet tot personen herleidbare vorm. Indien degene die deze opvattingen heeft geuit of zich erachter heeft gesteld, daarmee heeft ingestemd, kan de informatie in tot personen herleidbare vorm worden verstrekt. 3. Met betrekking tot adviezen van een ambtelijke of gemengd samengestelde adviescommissie kan het verstrekken van informatie over de daarin opgenomen persoonlijke beleidsopvattingen plaatsvinden, indien het voornemen daartoe door het - 4 -

bestuursorgaan dat het rechtstreeks aangaat aan de leden van de adviescommissie voor de aanvang van hun werkzaamheden kenbaar is gemaakt. 4. In afwijking van het eerste lid wordt bij milieu-informatie het belang van de bescherming van de persoonlijke beleidsopvattingen afgewogen tegen het belang van openbaarmaking. Informatie over persoonlijke beleidsopvattingen kan worden verstrekt in niet tot personen herleidbare vorm. Het tweede lid, tweede volzin, is van overeenkomstige toepassing. Artikel 1 Wbp In deze wet en de daarop berustende bepalingen wordt verstaan onder: a. persoonsgegeven: elk gegeven betreffende een geïdentificeerde of identificeerbare natuurlijke persoon; [ ] - 5 -