PLANTEN LEREN KENNEN

Vergelijkbare documenten
Cursus natuurgids PLANTEN LEREN KENNEN

Cursus natuurgids PLANTEN LEREN KENNEN

Samenvatting Thema 5 Planten Brugklas Nectar

Bouw zaadplanten. CC Naamsvermelding 3.0 Nederland licentie.

Cursus Natuur-in-zicht

Ongeslachtelijke voortplanting : Een deel van een individu groeit uit tot een nieuw individu.

PLANTEN. Pearson Basisboek biologie Havo Hoofdstuk 4 Linda Grotenbreg (MSc.)

Samenvatting Planten VMBO 4a Biologie voor Jou

Cellen aan de basis.

Samenvatting Biologie Hoofdstuk 5

Wat is classificatie? = het ordenen van gegevens Volgens criteria Voor iedereen bruikbaar

Cursus natuurgids LES 2 : PLANTEN DETERMINEREN

LES 2 : PLANTEN DETERMINEREN

Het rijk van de planten

Planten: vorm en functie 1. Ginkgo biloba

Samenvatting Biologie Planten en cellen

Ongeslachtelijke voortplanting: een deel van een organisme groeit uit tot een nieuw organisme

Samenvatting Biologie Hoofdstuk 5: planten

Aantekeningen Hoofdstuk 2: Planten, dieren, mensen BBL. 2.1 Namen 1 Hoe komen planten en dieren aan hun naam? De naam van een plant of een dier kan: *

Samenvattingen. Samenvatting Thema 1: Stofwisseling. Basisstof 1. Organische stoffen:

108 keer beoordeeld 10 maart Biologie samenvatting Thema 4

Planten en hun omgeving vmbo-b34. CC Naamsvermelding 3.0 Nederland licentie.

PLANTEN. Basis maakt de vragen 1 t/m 35. Voor iedere vraag kan 1 punt behaald worden

Boombiologie. Basiskennis 1. Boomanatomie (1) Boomanatomie (3) Boomanatomie (2) Het samenstel van deze organen vormen samen een organisme: de boom

1 Stoffen worden omgezet. Stofwisseling is het vormen van nieuwe stoffen en het vrijmaken van energie. Kortom alle processen in organismen.

Aantekeningen Hoofdstuk 2: Planten, dieren, mensen KGT

Zijn er bij deze onderwerpen deficiënties, dan kun je via de volgende sites je kennis vergroten: - -

Plantenkennis voor de groene ruimte. J. Helmers P. Hanemaaijer

Biologie VWO thema: Planten Tweede deel. Docent: A. Sewsahai

Boekverslag door O. 810 woorden 28 juni keer beoordeeld. Verslag Praktische Opdracht Ordening

In de ecologie bestudeert men de relatie tussen de organismen en het milieu waar ze voorkomen.

Cursus Hout in Boomopbouw en -architectuur

Samenvatting Biologie Samenvatting hoofdstuk 1 bvj

Informatie reader. Over bomen

5.1=planten bekijken ZOEK OP ZOMERHOUT EN LENTEHOUT!!! Biologie samenvatting 5.1 t/m 5.4

Samenvatting Biologie 5.1 t/m 5.4

Hout. Primaire en secundaire groei. Primaire groei : bij kruidachtige planten (wortel, stengel, ) zie cursus plantkunde

Groencursus IVN Best. Onze waardering voor de natuur. Voedsel en kringloop. Planten. Kringloop Koolstof. Het belang van planten

Antwoorden Biologie Planten

Bos & milieu. Bomen 2013/12

Praktische opdracht Biologie Natuurlijke ordening

Organismen die organisch en anorganische moleculen kunnen maken of nodig hebben zijn heterotroof

Samenvatting door F woorden 3 juni keer beoordeeld. Biologie voor jou

Planten en hun omgeving. CC Naamsvermelding 3.0 Nederland licentie.

Ordening. Bacteriën Schimmels Planten Dieren

Pauze. Osmose. Fysiologie. Celdeling en groei. Plantencel. Differentiatie. En toen was er koffie!

Ordening. Planten Dieren Bacteriën Schimmels

Samenvatting Biologie Hoofdstuk 1 Stofwisseling

Taxonomen (ca. 1850): Organismen vertonen kenmerken van zowel planten als dieren. Wetenschappers gingen dus op kenmerken letten.

Plantenkennis. Coniferen. lijst 1 G41-G31-GB1+2

Celmembraan (duh! dat maakt het een cel) Celwand Ribosomen (voor eiwitsynthese) Soms: uitsteeksels zoals flagel (zweepstaart)

Stengel één- versus tweezaadlobbige plant (zie tekeningen p.4) Blad één- versus tweezaadlobbige plant (zie tekeningen p.5)

3 Factoren die het watergehalte van organismen 40 bepalen. 3.1 Bepalende factoren voor watergehalte Belang van water voor levende wezens 41

Henry N. Hassankhan Scholengemeenschap Scholen Gemeenschap Lelydorp [HHS-SGL) Docent: A. Sewsahai

GENETICA EN EVOLUTIE. Pearson Basisboek biologie VWO Hoofdstuk 3 Linda Grotenbreg (MSc.)

Werkbladen. Kiezen voor Bomen. voor de leerlingen

Doelstelling 1: Je moet de organismen kunnen indelen in 4 rijken en van elk rijk de kenmerken kunnen noemen.

Biologie ( havo vwo )

BOOMVERZORGING. Plantkunde

Bouw en functie van de plant, De plant en zijn onderdelen

EENVOUDIGE CURSUS SYSTEMATIEK

T2. Planten Biosoft TCC - Lyceumstraat

Samenvatting Biologie Hoofdstuk 1 Examen

1 Gewassen en hun afwijkingen Kennismaking met de plant Afwijkingen in de teelt Afsluiting 24

w r k b o e k Biologie met

Werkstuk Biologie Dierenrijk

TABELLARISCH OVERZICHT VAN DE EIGENSCHAPPEN VAN PLANTENWEEFSELS

PLANTEN. basiskennis

Fotosynthese vmbo-kgt12. CC Naamsvermelding 3.0 Nederland licentie.

Planten. over bloemetjes en bijtjes Knollen en citroenen

Samenvatting Biologie Stofwisseling

Project Planten ABC. Week 1ABC: Algemeen

groep 7-8 planten beter bekeken Planten kunnen iets wat wij niet kunnen. Van water, zonlicht en CO 2 bospeen alle spullen klaar? Dan kun je verder.

Voorbeelden organel: celkern, vacuole, mitochondriën en endoplasmatisch rediculum.

Aantekeningen Hoofdstuk 1: Vier rijken Vergelijken KGT

Werkgroep KNNV IJssel en Lek. Blauwe passiebloem (Passiflora caerulea)

Werkstuk Biologie De ordening van het leven

17/03/2016. Planten 2. Cursus Natuurgids. 1. Overleven 2. Voortplanting 3. Concurrentie

Module Productkennis bloemen en planten

Samenvatting Biologie Hoofdstuk 3

Bouw van zaadplanten vmbo-kgt34. CC Naamsvermelding-GelijkDelen 3.0 Nederland licentie.

Planten. en hun namen

BOMEN EN STRUIKEN. IVN Helden 1 Bomen

Planten en hun omgeving vmbo-kgt34. CC Naamsvermelding-GelijkDelen 3.0 Nederland licentie.

Planten en de mens vmbo-b12. CC Naamsvermelding 3.0 Nederland licentie.

Evolutie van de generatiewisseling

1 Gras Bouw en leefwijze van planten Indeling van de grassen Mengselkeuze Kwaliteit van de graszode 17 1.

Onderdelen van de cel

Groene Detailhandel. Bol- en knolgewassen

Samenvatting Biologie Ecologie Thema 3

Kruidachtigen. Datum: woensdag 8 februari Leerjaar 1 en 2 Tuin, Park en Landschap

Onderdelen van de cel

Samenvatting Biologie Thema 3 Ecologie

Aanpassingen van delen van de plant aan de levensomstandigheden

Er groeit iets in Meise!

werkblad ontstaansgeschiedenis planten b i o d o e n.n l > biologie / mens en natuur / landbouw > bloemen en planten > aanpassingen

1 Kenmerken van de plant De uiterlijke kenmerken van een plant Het inwendige van de plant Afsluiting 21

Om de organismen in te delen moet je letten op de volgende kenmerken: celwand, celkern en bladgroenkorrels.

Planten 2. Cursus Natuurgids

De cel, didactische schrijfopdracht 4 VMBO T Een reis door de subcellulaire structuur van de cel

Transcriptie:

Cursus natuurgids PLANTEN LEREN KENNEN Hoofdstukken 1. Afbakening 2. Wat maakt een plant een landplant? 3. Hoe is een landplant gebouwd? 4. Welke groepen landplanten zijn er? 5. Wat kan je nog met planten? 6. Tot slot 1

1. Afbakening Overzicht : 1.1. Planten in brede zin. 1.2. Planten in enge zin. 1. Afbakening 1.1. Planten in brede zin Plantae - Roodwieren - Kranswieren - Groenwieren > Archaeplastida - Glaucophyta - Landplanten 2

1. Afbakening 1.2. Planten in enge zin Plantae - Landplanten > Embryophyta 2. Wat maakt een plant een landplant? Overzicht : 2.1. Meercellige eukaryoten 2.2. Bouwstof: cellulose. 2.3. Fotosynthese. 2.4. Generatiewisseling. 2.5. Groeipunten. 3

2. Wat maakt een plant een landplant? 2.1. Meercellige eukaryoten - Opgebouwd uit meerdere cellen. - Chromosomen verpakt in een duidelijk begrensde celkern. 2. Wat maakt een plant een landplant? 2.2. Cellulose als bouwstof Cellulose 4

2. Wat maakt een plant een landplant? 2.2. Cellulose als bouwstof : samenvatting - Cellulose (C 6 H 10 O 6 ) n - Suikerketen met witte kleur. - Cellulose is een koolhydraat en biedt planten hun kenmerkende stevigheid. - Dieren (en de mens) zijn opgebouwd uit minder stevige eiwitten. zonlicht 10 zuurstof Bladgroenkorrels suikerstroom koolstofdioxide 2. Wat maakt een plant een landplant 2.3a. Fotosynthese Water & mineralen 5

2. Wat maakt een plant een landplant? 2.3a. Fotosynthese : samenvatting - Brandstof van organismen = suikers. - Planten zijn autotroof (uniek kenmerk). - Bladgroenkorrels produceren glucose. - De energie voor dit proces is afkomstig van het (zon)licht. 12 koolfstofdioxide zuurstof wordt opgenomen en suikers worden verbrand 2. Wat maakt een plant een landplant 2.3b. Ademhaling 6

2. Wat maakt een plant een landplant? 2.3b. Ademhaling : samenvatting - Glucose wordt verbrand via ademhaling, net zoals bij dieren. - Ademhaling is het omgekeerd chemisch proces. - Een deel glucose wordt omgezet in cellulose en andere chemische verbindingen. 2. Wat maakt een plant een landplant? 2.3c. Fotosynthese en ademhaling Voor de uitwisseling van gassen hebben: - Bladeren: huidmondjes - Stengels: lenticellen (= kurkporiën) 7

2. Wat maakt een plant een landplant? 2.4. Generatiewisseling - 2. Wat maakt een plant een landplant? 2.5. Groeipunten 8

2. Wat maakt een plant een landplant? 2.5. Groeipunten : samenvatting - Apicale groeipunten of meristemen. - Op de eindpunten wortels en stengels. - Op de knopen. - Produceren stamcellen. 3. Hoe is een landplant gebouwd? Overzicht : 3.1. Algemene bouw. 3.2. Knopen knoppen. 3.3. Wortel. 3.4. Stengel. 3.5. Blad. 3.6. Vaten. 3.7. Hout en jaarringen. 3.7. Celstructuur : met water gevulde vacuole. 9

3. Hoe is een landplant gebouwd? 3.1. Algemene bouw Kruidig Houtig - Stengel - Stam - Zijstengel - Tak, twijg - Scheut - Loot 3. Hoe is een landplant gebouwd? 3.2. Knoppen knopen - Knop = groeipunt van stengel, blad, of bloem. - Knoop = aanhechtingspunt van een blad. 10

3.3. Wortel Beuk 3. Hoe is een landplant gebouwd? 3.3. Wortel : samenvatting - Wortelstelsel of wortelsysteem. - Functies : - opname van water en voedingsstoffen. - verankering in de bodem. - opslag van voedingsstoffen. - Knoppen : GEEN! - Knopen : GEEN! - het orgaan van de plant dat zich in de bodem bevindt. 11

3. Hoe is een landplant gebouwd? 3.3. Wortel - Enkele bijzondere gevallen : - Wortelstelsel ontbreekt (Maretak). - Luchtwortels (Orchidëeën). - Steltwortels (Maïs). - Hechtwortels (Klimop). - Zwevende wortels (Kroos). - Ademwortels (Moerascipres). Maretak geen wortels 12

Tijgerorchis luchtwortels Maïs steltwortels 13

Klimop hechtwortels zwevende wortels Veelwortelig kroos Klein kroos 14

Moerascipres Moerascipres ademwortels ademwortels 3.4. Stengel Kantige basterdwederik 15

3. Hoe is een landplant gebouwd? 3.4. Stengel : samenvatting - Stengelstelsel of stengelsysteem - Functies : - transport van water en voedingsstoffen. - dragen van de bladeren. - opslag van voedingsstoffen. - Knoppen : stengel-, blad- en bloemknoppen. - Knopen : aanwezig en gelijk aan het aantal bladeren. 3.5. Blad Beuk 16

3. Hoe is een landplant gebouwd? 3.5. Blad : samenvatting - Bladerenstelsel. - Functie : - opnemen en afgeven van gassen. - fotosynthese. - Knoppen : GEEN! - Knopen : GEEN! 3. Hoe is een landplant gebouwd? 3.5. Blad 17

3. Hoe is een landplant gebouwd? 3.5. Blad - Enkele bijzondere gevallen : - Steunblaadjes in de vorm van bladdoorns (Valse acacia). - Bladeren vervormd tot bladdoorns (Cactus). - Bladeren gereduceerd tot schubben (Paardenstaart). - Bladeren ontbrekend (Asperge). Valse acacia (Robinia pseudoacacia) bladdoorns 18

Schoonmoederstoel (Echinocactus grusonii) bladdoorns Reuzenpaardenstaart schubvormige bladeren 19

Wilde asperge gebundelde zijtakjes (bladeren snel afvallend) 3. Hoe is een landplant gebouwd? 3.6. Vaten - Stelsel van kanalen waarlangs water en voedingsstoffen getransporteerd worden. - De vaten zijn gebundeld in vaatbundels. 20

3. Hoe is een landplant gebouwd? 3.6. Vaten - Zeefvaten in bastweefsel : neerwaarts transport. - Houtvaten in houtweefsel : opwaarts transport - Cambium (stamcellaag) vormt beide weefsels. Bladval 21

3. Hoe is een landplant gebouwd? 3.6. Vaten : samenvatting bladval - Sapstroom tijdens de winter of droogte : - Uitdroging voorkomen. - Afsterven bovengrondse delen. - Bladval. - Verlaging van de snelheid van de sapstroom. - Naaldbomen? 3.7. Jaaringen en hout Cambiumring Hout Jaarringen 22

3. Hoe is een landplant gebouwd? 3.7. Jaarringen en hout : samenvatting groei - Primaire groei : alle planten. - Secundaire groei : houtige planten. - Cambiumring maakt secundaire groei mogelijk. - Jaarring. 3. Hoe is een landplant gebouwd? 3.7. Celstructuur : met water gevulde vacuole - Uniek voor planten. - Zorgt voor gespannen cellen en dus extra stevigheid. - Bladgroenkorrels in de randzone. 23

Aan jullie Bijzondere aanpassingen - Planten hebben behoefte aan licht, water en mineralen. - Maar die behoefte verschilt van plant tot plant. - Ken je planten met bijzondere aanpassingen in functie van licht, water, bodem, mineralen, of klimaat? 4. Welke groepen landplanten zijn er? Overzicht : - 4.1. Sporenplanten versus zaadplanten. - 4.2. Mosplanten. - 4.3. Varenplanten. - 4.4. Zaadplanten 24

Sporen versus zaden Europese lork Europese lork Brede lathyrus 25

4. Welke groepen landplanten zijn er? 4.1. Sporenplanten versus zaadplanten : samenvatting - Sporenplanten : - voortplantingseenheid = spore. - vormen geen kegels, noch bloemen - Zaadplanten : - voortplantingseenheid = zaad. - vormen kegels of bloemen. Gewoon peermos 26

Parapluutjesmos : alleen bladeren Watervorkje 27

4. Welke groepen landplanten zijn er? 4.2. Mosplanten : samenvatting - Vaatstelsel en wortelstelsel afwezig. - Plant alleen met bladeren, of met stengel en bladeren. - Sporen worden meestal gevormd in sporenkapsels. - Uitzonderingen : landvorkjes en watervorkjes. - Sporenkapsel = sporofyt. Moeraswolfsklauw Bospaardenstaart Brede stekelvaren 28

sori sori Voorkiem 29

4. Welke groepen landplanten zijn er? 4.3. Varenplanten : samenvatting - Vaatstelsel en wortelstelsel aanwezig. - Plant met stengel en bladeren. - Sporen worden gevormd in sporendoosjes (sporangia). - Bij de meeste varens bevinden de sporendoosjes zich in hoopjes, de sori. - Varenplant = sporofyt. - Geslachtsorganen op een voorkiem of protonema. 4. Welke groepen landplanten zijn er? 4.3. Varenplanten - Wolfsklauwgewassen : bladeren schub- of lijnvormig. - Paardenstaarten : bladeren schubvormig en in kransen. - Varens : bladeren fors met sporendoosjes op de onderzijde. 30

4. Welke groepen landplanten zijn er? 4.4. Zaadplanten - Zaadknop. - Stamper. - Meeldraden. 4. Welke groepen landplanten zijn er? 4.4. Zaadplanten - Naakzadigen. - Bedektzadigen. 31

4. Welke groepen landplanten zijn er? 4.5. Zaadplanten : Naaktzadigen - Ginkgoachtigen - Bladeren waaiervormig. - Zaden in een gesloten zaadrok. - Slechts 1 (nog overlevende) soort. * Zaadrok = vlezig omhulsel dat ontstaat uit de zaadsteel. 4. Welke groepen landplanten zijn er? 4.4. zaadplanten : Naaktzadigen - Naaldbomen - Bladeren naald- of schubvormig. - Zaden in kegels, kegelbessen, of zaadrok. - Een slordige 600 soorten. 32

4. Welke groepen landplanten zijn er? 4.4. Zaadplanten : Bedektzadigen - Eenzaadlobbigen - Kruidig (uitz. : palmachtigen). - Zaden met 1 zaadlob. - Bladeren (meestal) parallel- of kromnervig. 4. Welke groepen landplanten zijn er? 4.4. Zaadplanten : Bedektzadigen - Eenzaadlobbigen - Enkele uitzonderlijke gevallen wat bladeren betreft. - Bladeren zonder duidelijke nerven (Eendenkroos). - Bladeren draadvormig (Ruppia, Zannichellia). - Bladeren netnervig (Aronskelksoorten). - Bladeren kromnervig, maar netnervig tussen de hoofdnerven (Eenbes). 33

Klein kroos Zannichellia (ondergedoken waterplant) 34

Gevlekte aronskelk Eenbes 35

4. Welke groepen landplanten zijn er? 4.4. Zaadplanten : Bedektzadigen - Tweezaadlobbigen - Kruidig of houtig. - Zaden met 2 zaadlobben. - Bladeren (meestal) hand-, veer-, of netnervig. 4. Welke groepen landplanten zijn er? 4.4. Zaadplanten : Bedektzadigen - Tweezaadlobbigen - Een uitzonderlijk geval wat bladeren betreft - Bladeren parallel- of kromnervig, maar met sterk uitpuilende nerven op de onderzijde (Weegbreesoorten). 36

Smalle weegbree Quiz : welke groep? A. Mosplant B. Wolfsklauwgewas C. Paardenstaart D. Varen E. Naaktzadige F. Eenzaadlobbige G. Tweezaadlobbige 37

Quiz : welke groep? A. Mosplant B. Wolfsklauwgewas C. Paardenstaart D. Varen E. Naaktzadige F. Eenzaadlobbige G. Tweezaadlobbige Quiz : welke groep? A. Mosplant B. Wolfsklauwgewas C. Paardenstaart D. Varen E. Naaktzadige F. Eenzaadlobbige G. Tweezaadlobbige 38

Quiz : welke groep? A. Mosplant B. Wolfsklauwgewas C. Paardenstaart D. Varen E. Naaktzadige F. Eenzaadlobbige G. Tweezaadlobbige Quiz : welke groep? A. Mosplant B. Wolfsklauwgewas C. Paardenstaart D. Varen E. Naaktzadige F. Eenzaadlobbige G. Tweezaadlobbige 39

Quiz : welke groep? A. Mosplant B. Wolfsklauwgewas C. Paardenstaart D. Varen E. Naaktzadige F. Eenzaadlobbige G. Tweezaadlobbige Quiz : welke groep? A. Mosplant B. Wolfsklauwgewas C. Paardenstaart D. Varen E. Naaktzadige F. Eenzaadlobbige G. Tweezaadlobbige 40

Quiz : welke groep? A. Mosplant B. Wolfsklauwgewas C. Paardenstaart D. Varen E. Naaktzadige F. Eenzaadlobbige G. Tweezaadlobbige Quiz : welke groep? A. Mosplant B. Wolfsklauwgewas C. Paardenstaart D. Varen E. Naaktzadige F. Eenzaadlobbige G. Tweezaadlobbige 41

Quiz : welke groep? A. Mosplant B. Wolfsklauwgewas C. Paardenstaart D. Varen E. Naaktzadige F. Eenzaadlobbige G. Tweezaadlobbige 5. Wat kan je nog met planten? Overzicht : - 5.1. Plantengemeenschappen en vegetatiekunde. - 5.2. Sociale impact van een vergeten plantensymboliek. 42

5. Wat kan je nog met planten? 5.1. Plantengemeenschappen en vegetatiekunde - Plantengemeenschap : groep planten met dezelfde behoeften wat licht, water, bodem, mineralen en klimaat betreft en om die reden in de vrije natuur altijd samengroeien. - Vegetatiekunde : wetenschap die plantengemeenschappen bestudeert. 5. Wat kan je nog met planten? 5.1. Plantengemeenschappen en vegetatiekunde - Vegetatiekunde om de vegetatiekunde. - Vegetatiekunde in functie van natuurbeheer. 43

5. Wat kan je nog met planten? 5.2. Sociale impact van een vergeten plantensymboliek - Een rode roos schenken aan je geliefde. - Waarom doen we het? Rode roos 44

5. Wat kan je nog met planten? 5.2. Sociale impact van een vergeten plantensymboliek - Met rijst gooien naar een pas gehuwd koppel. - Waarom doen we het? Met rijst gooien 45

5. Wat kan je nog met planten? 5.2. Sociale impact van een vergeten plantensymboliek - Taarten bakken met een boon op 6 januari. - Waarom doen we het? Taart met boon 46

5. Wat kan je nog met planten? 5.2. Sociale impact van een vergeten plantensymboliek - Een boeketje Lelietje-van-dalen schenken op 1 mei. - Waarom doen we het? Lelietje-van-dalen 47

5. Wat kan je nog met planten? 5.2. Sociale impact van een vergeten plantensymboliek - Chrysanten plaatsen op graven op 1 november. - Waarom doen we het? Chrysanten 48

5. Wat kan je nog met planten? 5.2. Sociale impact van een vergeten plantensymboliek - Een kerstboom zetten op 25 december. - Waarom doen we het? Kerstsymboliek 49

6. Tot slot. 6.1. Zijn er vragen? 6.2. Wat vind je van de les? 6.3. Praktische afspraken 50