de aangifte - algemeen 1 belastingaangifte vanaf ajr 2015 deels gewestelijke invulling: vak IX en vak X de federale bevoegdheden: de codes worden voorafgegaan door 1 of 2 de gewestelijke bevoegdheden: de codes worden voorafgegaan door een 3 of 4 invloed 6 e staatshervorming op de personenbelasting: wettelijke basis: Bijzondere financieringswet van 6 januari 2014 (BFW) (BS 31.01.2014) afspraken tussen de federale overheid en de gewesten omtrent bevoegdheden t.g.v. de uitbreiding van de fiscale autonomie gebruik van opcentiemen om eigen accenten mogelijk te maken Wet van 8 mei 2014 tot wijziging van het WIB92 (BS 28.05.2014) aanpassing van het WIB92 aan de nieuwe bevoegdheden Invoering van een gewestelijke aanvullende belasting op de personenbelasting als bedoeld in titel III/1 van de bijzondere wet van 16.01.1989 betreffende de financiering van gewesten en gemeenschappen en tot wijziging van de regels op het gebied van de belasting van niet-inwoners tijdelijke bepalingen waarvan de gewesten desgevallend kunnen afwijken wanneer deze gebruik maken van hun nieuwe bevoegdheden op BNI wordt niet ingegaan in deze bespreking (categorie niet inwoner met tehuis verdwijnt) invloed 6 e staatshervorming op de personenbelasting: wettelijke basis Vlaams decreet dd 19.12.2014 houdende bepalingen tot begeleiding van de begroting 2015 (BS 30.12.2014) Waalse Decreet van 12.12.2014 (BS 23.01.2015) => invulling omtrent de nieuwe bevoegdheden door de gewesten verschenen circulaires: Circulaire AAFisc Nr. 29/2014 (nr. Ci.RH.331/633.424) d.d. 07.07.2014 Circulaire AAFisc Nr. 6/2015 (nr. Ci.RH.331/633.998) dd. 03.02.2015 Circulaire AAFisc Nr. 1/2015 (nr. Ci.RH.331/635.143) dd. 12.01.2015 AAFisc Nr. 29/2014 (nr. Ci.RH.331/633.424) d.d. 07.07.2014 KB 30.09.2014 tot wijziging KB/WIB92 betreffende belastingverminderingen (BS 9.10.2014) KB 30.06.2014 tot wijziging van het KB/WIB92 betreffende belastingverminderingen (BS 10.07.2014) info site FOD Financiën: bericht dd17.11.2014 en FAQ 28.11.2014 BBB info ajr 2016 1
vanaf wanneer worden die bevoegdheden overgeheveld? de gewesten kunnen vanaf 1 juli 2014 eigen regels vastleggen i.v.m. de gewestelijke opcentiemen op de federale personenbelasting een aantal fiscale uitgaven worden overgedragen naar de gewesten, die voortaan de exclusieve bevoegdheid hebben om belastingvoordelen in die domeinen te verlenen praktisch: van toepassing vanaf ajr 2015 beperking: de gewesten kunnen: geen voordelen verlenen die de belastbare basis verminderen de gewesten mogen niet raken aan de belastbare grondslag! => aftrekken van de belastbare grondslag zijn verboden (door BFW) vanaf wanneer worden die bevoegdheden overgeheveld? enige federale aftrekbare besteding die blijft bestaan: de betaalde onderhoudsuitkeringen evenwicht tussen aftrek en belastbaarheid er kunnen ook geen nieuwe aftrekbare bestedingen worden toegevoegd vermits een federale invloed op het bedrag van de gewestelijke opcentiemen verboden is aanpassing WIB92 is bijgevolg noodzakelijk gevolgen: vanaf ajr. 2015 worden alle aftrekbare bestedingen omgezet in een belastingvermindering: de aftrek voor enige woning als bedoeld in art. 104, 9 WIB92, zoals dit bestond voor het werd opgeheven door art. 20, 2, W 08.05.2014, en de bijkomende interestaftrek als bedoeld in art. 104, 9 WIB92, zoals dit bestond voor het werd gewijzigd door de programmawet van 27.12.2004 de aftrek beoogd door art. 14 WIB92 (gewone interestaftrek en aftrek van erfpachtof opstalvergoedingen) wordt vanaf het aj. 2015 niet meer toegepast op uitgaven betaald met betrekking tot de eigen woning de gedeeltelijke verrekening van de onroerende voorheffing als bedoeld in art. 277 WIB92 zoals dit bestond vooraleer het werd opgeheven door de programmawet van 27.12.2004, maakt vanaf het aj. 2015 het voorwerp uit van een gewestelijke belastingvermindering, gezien dit voordeel betrekking heeft op de eigen woning van de belastingplichtige BBB info ajr 2016 2
standstill-bepaling de bestaande federale regeling blijft van toepassing tot het gewest een eigen fiscale regeling in de plaats stelt de federale regeling wordt dus tijdelijk overgenomen door de gewesten tot wanneer de gewesten andersluidende maatregelen nemen. ondertussen hebben het Vlaams en het Waals Gewest eigen invulling gegeven aan o.a. de woonfiscaliteit uitgebreid opcentiemenmodel overdracht voorheen beperkt tot maximaal 6,75% van de in elk gewest gelokaliseerde opbrengst van de personenbelasting de winwinlening, de renovatieovereenkomsten, enz. door de uitbreiding van de gewestelijke fiscale autonomie inzake PB (art. 5/1, 1, en 3 lid BFW) kunnen de gewesten voortaan onbegrensd: opcentiemen heffen op een deel van de personenbelasting (35,117 %); gewestelijke forfaitaire kortingen toestaan; (enkel forfaitair) gewestelijke belastingvermeerderingen invoeren (% (enkel prop)); gewestelijke belastingverminderingen (% (prop.) of forfait) terugbetaalbare belastingkredieten toestaan (% (prop) of forfait) de agglomeraties en de gemeenten blijven de mogelijkheid hebben om aanvullende belastingen te heffen inzake personenbelasting uitgebreid opcentiemenmodel art. 5/6, BFW, stelt dat de gewesten bij de toepassing van gewestelijke opcentiemen, kortingen, belastingvermeerderingen en -verminderingen en belastingkredieten het principe van de progressiviteit moeten respecteren dit houdt in dat naarmate de basisbelasting (cf. art. 5/2, 2, 2, BFW) stijgt, de verhouding tussen het bedrag van de opcentiemen en belastingvermeerderingen tot de basisbelasting niet mag afnemen en de verhouding tussen het bedrag van de kortingen, belastingverminderingen en belastingkredieten en de basisbelasting niet mag toenemen gevolg: enkel éénvormige tarieven mogelijk door de gewesten BBB info ajr 2016 3
uitgebreid opcentiemenmodel de gewesten kunnen een aanvullende belasting op de gereduceerde belasting Staat heffen stel: PB Staat = 100 euro voorheen bedroeg de dotatie van de Staat aan de Gewesten: 26 euro na de hervorming wordt de dotatie vervangen door gewestelijke opcentiemen: 100 25,99 (autonomiefactor) = 74,01 = gereduc. belasting Staat (PB) 74,01 x 35,117 % (opcentiemen) = 25,99 = gewestelijke belasting (PB) PB Staat autonomiefactor = federale belasting autonomiefactor voor ajr 2015 2017 vastgelegd op 25,99 (vanaf ajr 2018 bij KB) de opcentiemenschaal is voorlopig vastgelegd op 35,117 % voor ajr 2015-2017 en volgende tot zolang het gewest geen eigen belastingschaal heeft aangenomen uitgebreid opcentiemenmodel de federale overheid blijft exclusief bevoegd voor: de inkomensschaal en het toepasselijke belastingtarief daar komen drie gewestelijke belastingschalen bij onder de vorm van opcentiemen: uitgebreide opcentiemenmodel => een gewestelijk en een federaal spoor in de belastingberekening totaal: 4 belastingschalen voor de berekening van de PB op termijn kan deloyale concurrentie ontstaan (maar overlegprocedure) daarom is voorzien in een beperking van de marge: 90% regel + max. 1000 euro voordeelregel gewestelijke belastingverminderingen en belastingkredieten: 1. uitgaven voor het verwerven of het behouden van de woning die de eigen woning is op het moment van betaling (kapitaalsaflossingen, intresten en premies van beleende ILV art. 145/37 en 145/38 WIB92) (incl. erfpacht en opstalvergoeding) tegen een marginale aanslagvoet: bouwsparen, woonbonus tegen 30%: andere gevallen: lange termijnsparen 2. de uitgaven voor onderhoud en restauratie van beschermde monumenten en landschappen: 30% (art. 145/36 WIB92); 3. de uitgaven betaald voor prestaties in het kader van plaatselijke werkgelegenheidsagentschappen en voor prestaties betaald met dienstencheques andere dan sociale dienstencheques: 30% (art. 145/21 WIB92); 4. de energiebesparende uitgaven in een woning met uitzondering van de interesten voor groene leningen: dakisolatie: 30% (d.d. 30.06.2014 beperkt tot de dan bestaande federale belastingvermindering voor dakisolatie) (art. 145/47 WIB92, zoals ingevoegd bij art. 55 W 08.05.2014); BBB info ajr 2016 4
gewestelijke belastingverminderingen en belastingkredieten 5. de uitgaven ter beveiliging van woningen tegen inbraak of brand: 30% (art.145/31 WIB92); vanaf 1.01.2015 enkel nog in BHG 6. de uitgaven voor de vernieuwing van tegen een redelijke huurprijs in huur gegeven woningen: 5% (art.145/30 WIB92) 7. vermindering wegens verrekening onroerende voorheffing: 12,5% 8. winwinlening en Vlaamse renovatielening: 2,5% de gewesten kunnen tevens de voorwaarden zelf bepalen overgangsbepaling: maar zolang het gewest geen eigen bepalingen heeft opgemaakt omtrent deze belastingverminderingen blijft de gewestelijke belastingvermindering berekend tegen de bepalingen zoals ze bestonden in de fiscale wetgeving dd. 30.06.2014 federale bevoegdheden federaal is gebleven: de vaststelling van de belastbare basis PB (beroepskosten, investeringsaftrek, ) de belastingen op interesten, dividenden, (verhuur/concessie r.g.) royalty's, loten van effecten van leningen, meerwaarden op roerende waarden en titels (concreet: de inkomsten in art. 17, 1, 1 tot 3 ; 90, 6 en 9 WIB92, en meerwaarden op roerende waarden en titels, andere dan aandelen, die op grond van art. 90, 1, WIB92 belastbaar zijn (vb. obligaties) ongeacht of ze afzonderlijk of gezamenlijk belast worden. = "roerende inkomstenbox"; op die roerende inkomstenbox worden geen gewestelijke opcentiemen berekend. Deze opsomming is exhaustief. => wel gewestelijke opcentiemen op andere roerende inkomsten: - inkomsten uit auteursrechten en (lijf)renten (art. 17 1, 4 en 5 WIB92) het begrip en de controle van de fiscale woonplaats ook federaal gebleven: de bedrijfsvoorheffing; de roerende voorheffing; de belasting van niet-inwoners de diensten van de belastingen: inkohiering, inning en invordering de belastingaangifte procedure omtrent bezwaar en ambtshalve ontheffing, aangifte en vestiging van de aanslag verminderingen voor gezinslasten de progressiviteit van de personenbelasting BBB info ajr 2016 5
federale belastingverminderingen: uitgaven voor een woning die niet de eigen woning is op het moment van betaling (kapitaalsaflossingen, intresten en premies van beleende ILV (art 145/1, 3, art. 526, 539 en 145/1,2 en 145/4 WIB92) tegen de marginale aanslagvoet: bouwsparen, woonbonus tegen 30%: andere gevallen (lange termijnsparen) andere uitgaven: de belastingverminderingen het lange termijnsparen, zoals: bijdragen voor een aanvullend pensioen groepsverzekering: 30% (art. 145/1, 1 en 145/3, WIB 92); premies individuele levensverzekeringspremies: 30% (wanneer de levensverzekering niet dient tot het waarborgen of wedersamenstellen van een lening met betrekking tot een woning) (art. 1451, 2 en 145/4, WIB 92); verwerving van werkgeversaandelen: 30% (art. 145/1, 4 en 145/7, WIB 92); (de overdracht binnen de vijf jaar na het verwerven van de aandelen wordt voortaan gesanctioneerd met een terugname van de belastingvermindering onder de vorm van een federale belastingvermeerdering en dit voor overdrachten vanaf 1 januari 2014 die zijn verbonden met een aj. 2015 en later (art. 1457, 2, WIB 92, ingevoegd bij art. 28, W 08.05.2014)); federale belastingverminderingen: betalingen voor het pensioensparen: 30% (art. 145/1, 5 en 145/8 tot 145/16, WIB 92), inclusief premiebetalingen voor een pensioenspaarverzekeringscontract dat dient voor het waarborgen of wedersamenstellen van een lening voor het verwerven of behouden van een woning die de eigen woning is van de belastingplichtige; de overgedragen belastingverminderingen voor energiebesparende uitgaven (uitdoofscenario): 40% (art. 1452/4, 1, WIB 92 zoals gewijzigd door art. 30, W 08.05.2014); de overgedragen belastingvermindering voor lage energiewoningen, passiefwoningen of nul energiewoningen (uitdoofscenario) (art. 145/24, 2, WIB 92 zoals het bestond voor het werd opgeheven bij artikel 41 van de wet van 28 december 2011 houdende diverse bepalingen, en bij toepassing van art. 535, WIB 92, verleend vanaf aj. 2012); de belastingverm. interesten van groene leningen: 30% (uitdoofscenario) (art. 145/24, 3, WIB 92); de belastingverm. voor elektrische voertuigen: 15% (art. 145/28, WIB 92); de belastingverm. voor uitgaven van een ontwikkelingsfonds: 5% (art. 145/32, WIB 92); federale belastingverminderingen: de belastingvermindering voor giften: 45% (art. 145/33, WIB 92); de belastingvermindering voor kinderoppas: 45% (art. 145/35, WIB 92); de belastingvermindering voor bezoldigingen van een huisbediende: 30% (art. 145/34, WIB 92); de belastingvermindering voor het presteren van overwerk: (art.154bis WIB 92) volgende belastingverminderingen worden opgeheven vanaf ajr 2015: het verwerven van obligaties van het Kringloopfonds (art. 145 26, WIB 92), het Startersfonds (art. 145 27, WIB 92) het Fonds ter reductie van de globale energiekost (art. 145 29, WIB 92) BBB info ajr 2016 6
welk gewest is bevoegd voor de opcentiemen? dit wordt bepaald door de plaats (gewest) waar de belastingplichtige op 1 januari van het ajr zijn fiscale woonplaats heeft gevestigd (art.5/1 2 BFW en nieuw art. 2 1, 15 WIB92)) = LOCALISATIECRITERIUM 1.01.ajr is bijgevolg bepalend voor het hele belastbaar tijdperk stel: iemand verhuist op 24.12.2014 van Oostende naar Namen is op 1.01.2015 inwoner van Wallonië: betaalt daardoor Waalse opcentiemen op zijn gereduceerde belasting staat over de inkomsten van 2014 fiscale woonplaats: het gebruik van de vermoedens van art. 2 1,1 WIB92 (rijksinwoner) zijn van toepassing om het begrip inwoner van een gewest te bepalen (geen definitie in de BFW) het betreft de werkelijke verblijfplaats waar de vitale betrekkingen plaatsvinden, waar de persoon effectief en duurzaam verblijft welk gewest is bevoegd voor de opcentiemen? weerlegbaar vermoeden: inschrijving in het bevolkingsregister onweerlegbaar vermoeden: de plaats waar het gezin effectief is gevestigd bij betwisting is de federale belastingadministratie bevoegd voor gemeenschappelijk belaste gehuwden/wettelijke samenwonenden is de fiscale woonplaats de plaats waar het gezin is gevestigd voor het jaar van feitelijke scheiding en beide belastingplichtigen wonen in een verschillend gewest: de fiscale woonplaats: de laatste echtelijke verblijfplaats (waar het gezin gevestigd was) het begrip zetel van fortuin als criterium is voor rijksinwoners afgeschaft; enkel nog van toepassing bij niet-inwoners per ajr en per bpl. is er slechts één fiscale woonplaats mogelijk fiscale woonplaats er is wel voorzien in een compensatiemechanisme voor Brussel gelet op de pendelaars, de ambtenaren tewerkgesteld bij internationale instellingen, enz in beginsel zou de invoering van de aanvullende gewestelijke opcentiemen neutraal moeten zijn. BBB info ajr 2016 7
Belastingberekening belastingberekening belastingberekening roerende inkomstenbox gereduceerde belasting staat gewestelijke opcentiemen op gereduceerde belasting staat BBB info ajr 2016 8
belastingberekening vanaf aanslagjaar 2015 zijn de verrekenbare voorheffingen beperkt tot de bedrijfsvoorheffing en de roerende voorheffing overflowmechanisme : uitgebreid opcentiemenmodel de federale belastingverminderingen voor bepaalde uitgaven die bij gebrek aan federale aanrekeningbasis niet kunnen worden aangerekend, worden aangerekend op het eventuele saldo van de gewestelijke personenbelasting met betrekking tot de gezamenlijk belaste inkomsten (art. 178/1, 1, tweede lid, WIB 92 dat uitvoering geeft aan art. 5/3, 1, 1, BFW) in afwachting van eigen regels die door de gewesten worden vastgelegd, is het saldo van de gewestelijke kortingen en belastingverminderingen dat niet kan worden verrekend met de gewestelijke opcentiemen en de gewestelijke belastingvermeerderingen, verrekenbaar op het eventuele saldo dat overblijft van de federale belasting na toepassing van de federale belastingverminderingen (art. 5/3 1, 2 en 81quater, eerste lid, 3, BFW) aanrekeningsregels fed. en gewest. belastingverminderingen federale belastingverminderingen: worden aangerekend op de gereduceerde belasting Staat verhoogd met de belasting op de dividenden, intresten, royalty s, loten van effecten op leningen en meerwaarden op roerende waarden en titels (= roerende inkomstenbox) uitsluitend op de belasting m.b.t. de gezamenlijk belaste inkomsten gewestelijke belastingverminderingen: gewestelijke belastingverminderingen en kortingen worden aangerekend op de gewestelijke opcentiemen en belastingvermeerderingen zowel op de opcentiemen m.b.t. de gezamenlijk als de afzonderlijk belaste inkomsten BBB info ajr 2016 9
aanrekeningsregels fed. en gewest. belastingverminderingen wat bij overschot van federale of gewestelijke belastingverminderingen? overschot van federale belastingverminderingen wordt verrekend met het saldo van de gewestelijke personenbelasting (art. 178 1 WIB 92) ( de gezamenlijk belaste, NIET de afzonderlijk belaste) overschot van gewestelijke belastingverminderingen en kortingen wordt verrekend met het saldo van de federale personenbelasting TENZIJ gewest anders bepaalt (art. 81quater, eerste lid, 3 BFS) aanrekeningsregels fed. en gewest. belastingverminderingen Vlaamse en Waalse wetgever hebben beslist dergelijke aanrekening toe te staan voor alle belastingverminderingen die ingevolge de zesde staatshervorming zijn overgeheveld naar de gewesten saldo gewestelijke belastingverminderingen en kortingen zullen aangerekend worden op de federale personenbelasting zowel m.b.t. de gezamenlijke als de afzonderlijke inkomsten wetgeving: Vlaams decreet van 19 december 2014 houdende bepalingen tot begeleiding van de begroting 2015 (B.S. 30 december 2014) Art. 178 1, 3 WIB 92 Waals decreet van 12 december 2014 overflowmechanisme: (*) belasting staat 1.000,00 autonomiefactor 25,99 % gew. opcentiemen: 35,117 % gereduceerde belasting staat/gew. belasting 740,10 259,90 belastingvermindering eigen woning - 200,00 belastingvermindering dienstencheques -100,00 belastingvermindering pensioensparen 150,00 personenbelasting (fed/gew) 590,10 (40,10) niet aangerekend: (40,10) aanrekening overflow: 550,00 40,19 totale belasting: 550,00 een verrekening van een belastingtegoed op gewestelijk niveau met de federale belasting (of omgekeerd) kan niet leiden tot een negatieve totale belasting BBB info ajr 2016 10
voorbeeld Jan is een bpl. die alleen wordt belast hij woont in Antwerpen hij heeft volgende inkomsten in 2014 netto-beroepsinkomen: 50.000 euro aftrekbaar onderhoudsgeld: 3.000 euro (= 80%) pensioensparen: 940 euro gift: 100 euro dienstencheques: 1.000 euro verkoop app. aan zee: belastbare meerwaarde: 25.000 euro ingehouden BV: 21.000 euro netto beroepsinkomen: 50.000 - onderhoudsgeld: - 3.000 netto globaal belastb. ink. 47.000 afzonderlijk belastb. div. ink. 25.000 federale belasting basisbelasting op gez.bel. Inkomen: 18.912,50 vermindering wegens bel. vrije som: - 1.767,50 hoofdsom: 17.145,00 gewestbelasting belasting op meerwaarde 16,5%: 4.125,00 totaal federale belastingen 21.270,00 belasting op bep. roerende ink. 0,00 belasting op andere inkomsten: 21.270,00 gereduceerde belasting Staat: 74,01 % 15.741,93 gewestelijke opcentiem: (74,01 x 35,117%= 25,99 %) 5.528,07 vermindering gift (45%): - 45,00 Vermindering pensioensparen (30%) - 282,00 vermindering dienstencheques (30%) - 300,00 federale belasting 15.414,93 5.228,07 totale belasting 20.643,00 bedrijfsvoorheffing - 21.000,00 aanv. gem.bel. (8%) +1.651,44 te betalen: 1.294,44 hoewel de fiscale neutraliteit een streefdoel was van de zesde staatshervorming, wordt dat doel niet (helemaal) bereikt: - de omzetting van aftrekbare bestedingen aftrek enige woning en bijzondere interestaftrek in een belastingvermindering is fiscaal niet neutraal - het afschaffen van een aftrekbare besteding is een ingreep die raakt aan de kern van de belastingberekening: nml. het belastbaar inkomen zal toenemen aantal gevolgen (zowel fiscale als niet-fiscale) : wijziging gemiddelde aanslagvoet gevolgen voor de berekening huwelijksquotiënt invloed op te betalen bijdrage sociale zekerheid invloed op recht op studiebeurzen lagere belastingvermindering vervangingsinkomsten. BBB info ajr 2016 11
wijziging gemiddelde aanslagvoet omdat de belastingverminderingen bouwsparen, LTS en de specifieke uitgaven naar achteren zijn verschoven in de berekening zal dit een weerslag hebben op de berekening van de gemiddelde aanslagvoet oude definitie: gemiddelde aanslagvoet = verminderde basisbelasting gezamenlijk belastbaar inkomen verminderde basisbelasting = basisbelasting - na aftrek belastingvrije som - na aftrek belastingverminderingen van art. 145 WIB92 (bouwsparen, langetermijnsparen, specifieke uitgaven) - na aftrek belastingvermindering pensioenen en vervangingsinkomsten - vóór aftrek belastingvermindering buitenlandse inkomsten wijziging gemiddelde aanslagvoet nieuwe definitie: gemiddelde aanslagvoet = verminderde basisbelasting gezamenlijk belastbaar inkomen verminderde basisbelasting = basisbelasting - na aftrek belastingvrije som - na aftrek belastingvermindering pensioenen en vervangingsinkomsten - vóór aftrek belastingvermindering buitenlandse ink. - na aftrek federale belastingverminderingen - er wordt geen rekening gehouden met de gewestelijke belastingverminderingen om impact gewestelijke regels op de belasting staat te vermijden gevolg: de gemiddelde aanslagvoet stijgt wijziging gemiddelde aanslagvoet Art 171,5 WIB 92: opzeggingsvergoedingen, inschakelingsvergoedingen, achterstallen, : Afzonderlijk belastbaar tegen de gemiddelde aanslagvoet van het laatste vorige jaar met een normale beroepswerkzaamheid Nieuwe definitie van gemiddelde aanslagvoet: van toepassing wanneer het laatste vorig jaar waarin de Bp een normale beroepswerkzaamheid heeft gehad, verbonden is met hat AJ 2015 of een later AJ ( om de herberekening van de gemiddelde aanslagvoet volgens de nieuwe regels op AJ 2014 of vroeger te vermijden) Art 171,6 WIB 92: vervroegd vakantiegeld, achterstallige onderhoudsuitkeringen, : Afzonderlijk belastbaar tegen de gemiddelde aanslagvoet van het jaar zelf Nieuwe definitie van gemiddelde aanslagvoet: van toepassing van AJ 2015 MAAR toegeving: voor dergelijke vergoedingen betaald of toegekend in 2014 of 2015, wordt bij de berekening van de gemiddelde aanslagvoet TOCH nog de gewestelijke belastingverminderingen in rekening gebracht 2 jaar uitstel BBB info ajr 2016 12
fiscaal voordeel art. WIB92 gewestelijke belastingvermindering enige woning 145/37-145/38 gewestelijke belastingvermindering BS & LTS 145/39-145/42 gewestelijke belastingvermindering gewone intresten 145/43 gewestelijke belastingvermindering OV 145/44 gewestelijke belastingvermindering bijk. intrestaftrek 145/45 federale belastingvermindering enige woning 539 federale belastingvermindering LTS 145/1, 2e en 3e federale belastingvermindering BS (vóór 1993) 516 federale belastingvermindering BS (vanaf 1993) 526 2 federale gewone intrestaftrek 14 federale belastingvermindering bijkomende intresten 526 1 KB 30.09.2014 tot wijziging KB/WIB92 betreffende belastingverminderingen (BS 9.10.2014) KB 30.09.2014 tot wijziging van het KB/WIB92 betreffende belastingverminderingen (BS 6.10.2014 federale bevriezing van bedragen door de federale programmawet van 19.12.2014 worden een aantal bedragen niet meer geïndexeerd vanaf AJ 2015 tem AJ 2018 de bedragen worden bevroren op het niveau van AJ 2014 werkgeversaandelen: 750 euro ipv 760 euro lage energiewoning: 450 euro ipv 460 euro passiefhuis: 900,00 euro ipv 910,00 euro nul- energiewoning: 1810,00 euro ipv 1830,00 euro pensioensparen: 940,00 euro ipv 950,00 euro Vanaf ajr 2019 is terug indexering mogelijk vertrekkende van het niveau ajr 2014 BBB info ajr 2016 13