Staphorst op de kaart

Vergelijkbare documenten
Wat weet jij over wonen? Dat ga je met je groepje opschrijven in een woordspin.

Opdracht 1 Nodig: kleurpotloden of stiften, poster Maak je huis mooi.

1. Van je juf of meester krijg je een plaatje. Bekijk je plaatje goed. 3. Zoek samen nog vier klasgenoten met een ander plaatje.

WERKBLAD mijn landschap

DOCENT. Thema: architectuur WONEN: TERUG IN DE TIJD! groep 5 en 6. Tip. Stadshagen

naam WERKBLAD in de buurt van de school Bekijk de buurt waar de school staat. Probeer de vragen te beantwoorden.

1. Je krijgt van je juf of meester een plaatje. Bekijk het plaatje goed.

Opdracht 1 Hoe werden mensen vroeger begraven? Je krijgt een fotoblad met oude grafmonumenten, zoals een piramide en een hunebed.

WERKBLAD pingo. naam. Heel lang geleden was het hier erg koud. Dat noemen we de ijstijd. Er waren heuvels, heel bijzondere heuvels.

1. Je krijgt van je juf of meester een plaatje. Bekijk het plaatje goed.

MOERASBOS IN STADSHAGEN. Thema: natuur

200 JAAR STATEN-GENERAAL

bijlagen groep 5 en 6

Speklappen en rookworsten

S C I E N C E C E N T E R

Archeologen logboek Namen:....

Feest in de Boeskoolstad

In je kracht. Werkboek voor deelnemers

Tijd. 10 min. 55 minuten

Naam van het project

H.A.N.G. PLEKKEN. Heel Aardig? Niet Geweldig! > OP BEZOEK BIJ HET NAI

Stap Vooruit 1. Hoe ga jij naar school? Start Veilig lopen. Les 1 Dit ontdek je: groep 4

K 1 Symmetrische figuren

Een deel van het onderzoek doe je met z n tweeën, het andere deel doe je zelfstandig. Dit onderzoek telt als repetitie A en B.

Op Voeten en Fietsen 1

Lekker spelen! gemeente Staphorst

Wat schrijf je en voor wie: een gedicht voor op een. Hoe pak je het schrijven van een gedicht aan?

Leren als een expert!

7-8. Frame. raa. Afbeelding 1: Damesfiets

Winkels in het dorp. Nodig: 1 poster winkels in het dorp, A3-formaat, fotoblad 1, schaar en lijm, stift

Een moeilijk woord voor Natuurbrug is Ecoduct. Wat dat nu precies is, legt de schrijver Frank van Pamelen hieronder nog eens uit.

* Hoe werkt de tijd? Zonnewijzer maken *

Waarom ga je schrijven: het Jeugdjournaalfilmpje bekijken

Opdracht 1 Deze week ga je precies bijhouden wat je allemaal eet en drinkt. Dat kun je noteren in je weekmenu, dat je van je juf of meester krijgt.

Spinners. Veel plezier! Juf Els en juf Anke

AVONTURENPAKKET DE UITVINDERS

Waarom ga je schrijven: het Jeugdjournaalfilmpje bekijken

Meander. Aardrijkskunde BAKKAARTEN THEMA 4

Wendy Smit, juli 2014

Vollenhove Wonen op een havezate

een kleine zonnewijzer binnen een grote zonnewijzer buiten

lesbrieven avonturenpakket de uitvinders en de verdronken rivier leerlingen werkblad Lesbrief 2:

OVER JOURNALING 10 WAT HEB JE NODIG? 12 TIPS & INSPIRATIE 14

Breuken(taal), meetkunde, voortzetting eerlijk verdelen

Ontwerp je eigen superbijzondere dier

ROL, SCHUIF EN BEDEK. MEER DOBBELSTEENWERKBLADEN? Kijk op heutinkvoorthuis.nl AANTAL SPELERS: 2-4

Licht & schaduw. Inlage

De nieuwe zorgmedewerker

ONTDEKKINGSREIZIGERS en AVONTURIERS. Van:

S C I E N C E C E N T E R

Er is post! LES 1. gemeente Hengelo

Schaken op de basisschool Werkboek 1, les 1: de beginstelling, de Toren en de Loper

AVONTURENPAKKET DE UITVINDERS

Lesbrief: Woonwijk van de toekomst Thema: Mens & Dienstverlenen in de toekomst

Thema 1 Concentratie. Waarom? Wanneer? Hoe? Kringgesprek

ga je een kunstzinnige selfie maken. Maar dan gewoon met je mobiele telefoon!

Waarom ga je schrijven: Nieuwsbegripfilmpje kijken. Wat voor tekst schrijf je en voor wie: een gedicht over Egypte

Lesideeën bij het boek:

Competentie: Leergebied: Zuid Nederland. Toepassen

lesbrieven water verzamelen avonturenpakket de uitvinders en de verdronken rivier leerlingen werkblad Lesbrief 1:

Handleiding. Geschikte tijd uitvoering jan feb mrt apr mei jun jul aug sep okt nov dec

BLAD 6: KARWEITJES EN KOZIJNEN

Inlage. Balans & evenwicht

BELAND JIJ OP EEN VULKANISCH EILAND?

plattegronden van delft

Zwijsen. jaargroep 4. naam: reken-wiskundemethode voor het basisonderwijs. rekentrainer. jij. Bezoek alle leuke dingen. Teken de weg.

Heb je een vraag over Meet the Professor? Stuur ook dan even een bericht naar Eline.

Oefenen met breuken. Circuitles voor groep 6

staat waar iedereen uit de klas woont

AAN DE SLAG MET AFVAL DOE-OPDRACHTEN Groep 7-8

GROEP 3 GROEP 4 GROEP 5 GROEP 6 GROEP 7 GROEP 8. limme Taal. Kranten en tijdschriften

Magneet & kompas. Inlage

Wat voor tekst schrijf je en voor wie: een gedicht voor op een poëziekaart. Hoe pak je het schrijven van een gedicht aan?

Doel: de kinderen leren hoe ze hun licht kunnen laten schijnen.

Knutselmap 1. De basis

TOELICHTING BETEKENIS GEVEN AAN BREUKEN

Ontwikkel je eigen ijsje!

Tekst lezen en verwijswoorden begrijpen

AVONTURENPAKKET DE UITVINDERS EN DE BEESTENBENDE

Ik heb geen idee wat het betekent. Ik heb dit woord wel eens gezien of gehoord.

Macramépatroon plantenhanger Chunky dots. Ontwerp: Natan van Heeswijck

Leerdoel: De leerlingen oefenen met herkennen van symmetrie van verschillende vormen.

aardrijkskunde PROVINCIES VAN NEDERLAND

LESSUGGESTIES BIJ DE BOEKENKIST COMING OF AGE - praktijkonderwijs

Paddenstoelen kweken in de klas

Spreekopdrachten thema 1 Voorstellen

Waarom ga je schrijven: het Jeugdjournaalfilmpje bekijken. Wat voor tekst schrijf je en aan wie?

Sorteer netjes! 1. Knip de kaartjes van bijlage 1 uit. Sorteer

lesbrieven werkbladen Lesbrief 3: avonturenpakket de uitvinders en het

Scratch les 3: Spirograaf

Themawerk: feesten in december THEMAWERK. Naam:.. Groep.

Werkblad Meander Thema 1: Onderweg

Winkelen in het bos?

TOELICHTING REKENEN MET BREUKEN

Rekentijger - Groep 4 Tips bij werkboekje A

Transcriptie:

Opdracht 1 Je krijgt een oude kaart van de. Deze kaart is in 1866 gemaakt. Dat is ongeveer 150 jaar geleden. Nodig: kleurpotloden 1. Onderstreep Rouveen, Staphorst en IJhorst met een rood potlood. 2. Zet een groene streep onder jouw woonplaats. 3. Schrijf twee andere plaatsnamen op die je herkent. 1......................................................................... 2......................................................................... 4. Kleur de weg van Rouveen naar Staphorst en IJhorst blauw. 5. Kleur de spoorlijn naar Zwolle paars.

Opdracht 2 Je krijgt nu een nieuwe kaart van de. 1. Onderstreep Staphorst, Rouveen en IJhorst. 2. Zijn Staphorst, Rouveen en IJhorst groter of kleiner dan op de oude kaart? Hoe zou dat komen, denk je? 3. Welke weg ligt er nu langs Staphorst die er vroeger niet was? Kleur de weg blauw. 4. Waarom zou deze weg zijn aangelegd? 5. Welke wegen zijn hetzelfde gebleven? Kleur deze groen. 6. Kleur de spoorlijn rood. 7. Ligt de spoorlijn op dezelfde plek als vroeger? 8. Wat vind je de grootste verandering tussen de oude en nieuwe kaart? 9. Wat is volgens jou vooral het hetzelfde gebleven?

Kaart van de uit 2010

Opdracht 3 Pak de oude kaart er weer bij. Deze opdracht doe je in een groepje van twee. Vroeger hadden de mensen geen auto. Als je ergens heen wilde, moest je lopen. Op de kaart kon je zien hoe ver je moest lopen. De afstand noemden ze toen half uur gaans. 1. Half uur gaans betekent hoeveel halve uren er nodig waren om ergens naar toe te lopen. Je ziet het rechts boven op de kaart staan. Kleur de lijn onder half uur gaans rood. 2. Hoe ver was het lopen van Rouveen naar het raadhuis in Staphorst? Dat weet je zo: a. Zoek Rouveen en het raadhuis in op. Zet er een streepje onder. b. Zoek nu de kortste route over de weg tussen Rouveen en het raadhuis. Kleur de weg groen. c. Meet tussen je duim en wijsvinger de rode lijn. Hoe vaak past de lijn in de weg van Rouveen naar het Raadhuis? Tip: Zet steeds een streepje op de weg om te onthouden waar je gebleven bent met meten. De rode lijn past.... x in de weg. d. Hoeveel halve uren zijn dat? En hoeveel hele uren? e. Je deed er ongeveer.... uur over om van Rouveen naar het raadhuis in Staphorst te lopen. 3. Onderzoek ook hoe lang je moest lopen van het raadhuis in Staphorst naar IJhorst. Je deed er ongeveer.... uur over om van Staphorst naar IJhorst te lopen. 4. Welke vervoermiddelen zijn er nu om tussen IJhorst, Staphorst en Rouveen te reizen? Noem er drie. 1........................................................................... 2........................................................................... 3........................................................................... 5. Duurt het reizen tussen IJhorst, Staphorst en Rouveen nu langer of korter dan vroeger? Waarom?

Opdracht 4 Pak de oude kaart er weer bij. 1. Bekijk Rouveen, Staphorst en IJhorst. Welke vorm hebben deze plaatsen? Streep het foute antwoord door. Rouveen: cirkel / lange streep Staphorst: cirkel / lange streep IJhorst: cirkel / lange streep 2. De zwarte blokjes op de kaart zijn boerderijen. Wat valt je op aan de plek waar de boerderijen zijn gebouwd? Streep het foute antwoord door. Rouveen: lange rij langs de weg / verspreid door het dorp Staphorst: lange rij langs de weg / verspreid door het dorp IJhorst: lange rij langs de weg / verspreid door het dorp 3. Welke twee plaatsen lijken het meeste op elkaar? 4. Leg je antwoord bij 3 uit.

Opdracht 5 Rouveen en Staphorst liggen in een veengebied. Veen is een grondsoort. Vroeger werd het veen afgegraven en gedroogd. Je kon het gebruiken om de kachel te laten branden. Als het veen was afgegraven, bleef er landbouwgrond over. Dat was een goede plek om een boerderij te bouwen. Het veengebied van Rouveen en Staphorst was verdeeld in acht slagen. Een slag kun je vergelijken met een woonwijk van nu. De bewoners groeven samen het veen af. Daarna kregen ze allemaal een akker. 1. Zoek de slagen van Rouveen op de oude kaart op en kleur ze oranje. Zuideindigerslag Monnikenslag Bisschopsslag Oosterslag 2. Zoek de slagen van Staphorst op de oude kaart op en kleur ze paars. Westermiddenwoldigerslag Achthoevenslag Bergerslag Bullingerslag 3. Op het kaartje hiernaast zie je hoe de akkers verdeeld werden. (De kleine zwarte blokjes langs de weg zijn boerderijen.) Wat valt je op aan de vorm van de akkers?................................................. 4. Zou deze vorm van de akkers handig geweest zijn voor de boeren, denk je? Waarom wel/niet?................................................. 5. Nu zijn veel akkers samengevoegd. Waarom zou dat gebeurd zijn, denk je?.................................................

Opdracht 6 Deze opdracht doe je met z n tweeën. Nodig: A3-papier, lijm, schaar, stiften, kleurpotloden Je hebt op de oude en de nieuwe kaart van de gezien wat er in de gemeente is veranderd en wat er hetzelfde is gebleven. Hoe zal het er straks uitzien? De gemeente wil voor kinderen leuke dingen bouwen in hun woonplaats. Jullie zijn door de gemeente gevraagd een plan te maken. Bijvoorbeeld voor een zwembad, pretpark of... Jullie mogen het zeggen! Op een poster laten jullie je plan zien. Je doet het zo: 1. Schrijf boven aan je papier Toekomst.. [woonplaats] volgens [naam] en.. [naam]. 2. Knip de kaart en de luchtfoto van jullie woonplaats uit. Plak ze op. 3. Bedenk wat jullie graag in je woonplaats zouden willen zien. Schrijf dat op. 4. Op welke plek moet het gebouwd worden? Zoek op de kaart en de luchtfoto een goede plek. Kruis de plekken aan. 5. Hoe komt het er uit te zien? Maak een tekening op de poster. 6. Trek dan een pijl van de tekening naar de goede plek op de kaart. 7. Wat is er nodig om jouw ontwerp te bouwen? Denk aan: moet er iets anders worden afgebroken? Moet er een weg of spoorlijn worden aangelegd? Of moet er een kanaal of een plas worden gegraven? etc. Geef dat ook aan op de kaart. 8. Schrijf overal een korte uitleg bij, zodat de mensen van de gemeente begrijpen hoe jullie je woonplaats willen veranderen. 9. Hang de poster op in de klas.