Over gebaande wegen.van normatief naar veilig en heel pagina 0 van 22 pagina s -2018 Ontwerpbureau Openbare Ruimte
Inhoudsopgave 1 Samenvatting... 2 2 Inleiding... 3 2.1 Achtergrond en doelen... 3 2.2 Leeswijzer... 3 3 Inventarisatie... 4 3.1 Algemeen... 4 3.2 Kwantitatieve gegevens... 4 3.3 Kwalitatieve gegevens... 5 4 Van normen via belangen naar veilig en heel... 6 4.1 Normatief beheer... 6 4.2 Beleidsomslag: beheer vanuit belangen... 6 4.3 Een nieuwe beheerstrategie: veilig en heel... 6 5 Hoe beheren wij dan?... 7 5.1 Algemeen... 7 5.2 Kwantiteit en kwaliteit... 7 5.3 Het onderhoud... 8 5.4 Kostenopbouw... 8 6 Uitgangspunten bij het beheer van wegen... 8 7 Financiële onderhoudsbehoefte...11 7.1 Algemeen...11 7.2 Uitgangspunten...11 7.3 Kosten versus budgetten...12 8 Risicoparagraaf...13 Bijlage 1 Aanlegjaar en verhardingstype...14 Bijlage 2 Financiële onderhoudsbehoefte 2014-2023...15 Bijlage 3 Percentages toegerekend aan wegbeheer bij rehabilitaties...16 Bijlage 4 Voorbeeld beheersysteem...17 Bijlage 5 Begrippenlijst...19 pagina 1 van 22 pagina s
1 Samenvatting De gemeente Heusden bezit ongeveer 2.9 miljoen m2 verhardingen. Deze verhardingen moeten goed worden beheerd. Dit beheerplan geeft aan hoe de gemeente dit uitvoert. Daarvoor is gekeken naar hoe dit in het verleden plaatsvond, hoeveel verhardingen er zijn en in welke staat deze zich bevinden. Ook zijn de bijbehorende beschikbare financiële middelen inzichtelijk gemaakt. Dit was nodig omdat in de afgelopen jaren diverse taakstellende bezuinigingen zijn doorgevoerd. Hierdoor liepen budget en beleid/beheer niet meer gelijk op met elkaar. Dit beheerplan volgt op het beleidsplan voor onderhoud van wegen waarin staat dat we de strategie van veilig en heel gaan volgen. Het geeft inzicht in hoe deze strategie tot stand kwam, de gehanteerde uitgangspunten en berekeningen en het laat zien hoe de onderhoudsbehoefte er in tijd en middelen uitziet. Deze onderhoudsbehoefte past binnen de in de begroting beschikbare budgetten. pagina 2 van 22 pagina s
2 Inleiding 2.1 Achtergrond en doelen Artikel 16 van de Wegenwet regelt het onderhoud van wegen, de toegankelijkheid van openbare wegen en bevat enkele verplichtingen voor de wegbeheerder. Een van die verplichtingen is de hen toegewezen wegen in goede staat te houden en verantwoord te beheren. De begrippen in goede staat en verantwoord behoren tot de beleidsvrijheid van de gemeente. De afgelopen jaren zijn er diverse taakstellende bezuinigingen doorgevoerd op de budgetten voor wegenonderhoud. Zo ontstond een situatie waarin budget en beleid/beheer niet meer gelijk oplopen. Het doel van dit beheerplan is dan ook het weer in balans brengen van budget en beleid/beheer. Daarbij wordt uitgegaan van de in het beleidsplan genoemde strategie veilig en heel. Traditioneel gaat het wegbeheer uit van normen vanuit de CROW. Dit beheerplan laat dit los en richt primair de pijlen op het veilig en heel houden van de weg. Esthetica en comfort zijn daarbij van secundair belang en worden slechts meegenomen voor zover dat past binnen het primaire doel. 2.2 Leeswijzer Hoofdstuk 1 bevat de samenvatting van dit beheerplan. Hoofdstuk 2 geeft achtergronden en doelen weer en bevat een leeswijzer. Hoofdstuk 3 beschrijft de inventarisatie. Hoofdstuk 4 laat zien hoe is gekomen tot een andere beheerstrategie. Hoofdstuk 5 beschrijft hoe het beheerproces is ingericht. Hoofdstuk 6 beschrijft welke uitgangspunten worden gehanteerd bij het wegbeheer. Hoofdstuk 7 bevat de financiële onderhoudsbehoefte. Hoofdstuk 8 geeft aan welke risico s er zijn. De bijlagen geven in woord en beeld een nadere onderbouwing. pagina 3 van 22 pagina s
3 Inventarisatie 3.1 Algemeen Bij het opstellen van een beheerplan is het van belang om inzicht te hebben in de omvang en de kwaliteit van het te onderhouden areaal. Deze gegevens werden bijgehouden in het wegbeheersysteem zoals dat aanwezig was in de gemeente Heusden. Dit systeem was voor een groot deel gestoeld op beheer volgens de CROW-systematiek. Dit was niet BGT-proof en het vereiste specifieke kennis om het goed te bedienen. Daarom is een eigen systeem gebouwd op basis van de aanwezige database. De aanwezige gegevens zijn geanalyseerd en aangevuld waar dit nodig was. Om goed te kunnen beheren is het noodzakelijk onderscheid te maken in wegtypen. Dat komt omdat er verschillen zijn in beheerfrequenties, vervangingsfrequenties en de aard van de te nemen maatregelen. Deze verschillen vloeien met name voort uit het gebruik van de weg en het materiaal waar de weg van is opgebouwd. Hieronder is in tabel 1 de gehanteerde categorisering te zien. 3.2 Kwantitatieve gegevens De gemeente Heusden is verantwoordelijk voor het beheren van bijna 2,9 miljoen m2 verhardingen. In tabel 1 is een overzicht opgenomen van de onderverdeling van deze oppervlakte per wegtype. Wegcategorie Volume Percentage Asfaltverharding wegtype: 3 (gebiedsontsluitingsweg) 620.994 22% Asfaltverharding wegtype: 4,5,6 (weg in bebouwd gebied) 235.024 8% Asfaltverharding wegtype fiets/voetpad 117.537 4% Asfaltverharding industrie 91.909 3% Elementenverharding wegtype: 3 (gebiedsontsluitingsweg) 51.001 2% Elementenverharding wegtype: 4,5,6 (weg in bebouwd gebied) 1.142.833 40% Elementenverharding wegtype fiets/voetpad 568.722 20% Elementenverharding waterdoorlatend 7.267 0% Halfverharding gebonden 39.728 1% Totaal 2.875.015 100% Tabel 1 Oppervlakte per beheercategorie Uit de tabel blijkt dat grofweg 62% van de wegen bestaat uit elementenverhardingen, 37% bestaat uit asfaltwegen en nog 1% zijn halfverhardingen. Van de elementenverhardingen ligt het merendeel (66%) binnen de bebouwde kom. Daarentegen ligt het merendeel (58%) van de asfaltverhardingen buiten de bebouwde kom. Het is ook interessant om te kijken naar de leeftijdsopbouw van het wegenbestand. Met name in de jaren 1960-1970 zijn veel wegen aangelegd. Veel van deze wegen zijn aangelegd in asfalt. In bijlage 1 is dit grafisch weergegeven. Het kan op enig moment een piek veroorzaken in de maatregelen die nodig zijn om de wegen op orde te houden. Dat geldt in belangrijke mate voor asfaltwegen omdat deze gevoelig zijn voor uitgesteld onderhoud en dit leidt al snel tot kapitaalvernietiging. pagina 4 van 22 pagina s
Wegen buiten de bebouwde kom zijn veelal wegen met een hogere verkeersintensiteit en een hogere snelheid. Een asfaltverharding is daarvoor het meest geschikt. Binnen de bebouwde kom heeft de weg naast verkeersontsluiting meer functies: er liggen bijvoorbeeld kabels en leidingen in, er wordt water in/op geborgen en afgevoerd etcetera. Deze verschillende functies zorgen ervoor dat vaker aan de weg wordt gewerkt (opnemen en herstel) zonder dat daar vanuit wegbeheer een aanleiding voor is. Er is dus behoefte aan flexibiliteit en een lagere kwetsbaarheid voor die werkzaamheden. Elementenverhardingen scoren op dat vlak veel hoger en zijn daarom de meest aangewezen vorm van verharding. Ook is het zo dat elementenverhardingen veel minder gevoelig zijn voor kapitaalvernietiging door uitgesteld groot onderhoud. Naar de toekomst toe is de verwachting cq. de visie dat het aandeel elementenverhardingen in de bebouwde kom gaat toenemen en het aandeel asfalt verder afneemt. Het wegtype halfverhardingelementen komt nog niet voor in de tabel en de grafiek. Het betreft hier bijvoorbeeld grasbetonstenen. Deze zijn al wel aanwezig maar maken nu nog onderdeel uit van de andere wegtypes. Dat is zo gedaan omdat het maar kleine vakken betreft. De verwachting is echter dat dit soort verhardingen in de toekomst vaker zullen worden aangelegd voor waterberging en bodeminfiltratie. 3.3 Kwalitatieve gegevens De kwaliteit van de wegen is bekeken in het licht van veilig en heel. De conclusie is dat het wegenareaal in grote lijnen hieraan voldoet. Verder is vastgesteld dat er geen situaties zijn waar door uitgesteld onderhoud kapitaalvernietiging optreedt. De uitgangssituatie is zodanig op orde dat we aan de slag kunnen met de strategie veilig en heel. pagina 5 van 22 pagina s
4 Van normen via belangen naar veilig en heel 4.1 Normatief beheer Het kader voor het wegenbeheer van de afgelopen jaren is het beleidsplan wegen 2006-2015. In het kort geeft dit beleidsplan aan dat het beheren van de wegen gebeurt volgens de CROW-methode voor wegbeheer. Deze methode omvat het proces van gegevensbeheer, onderhoudsmaatregelen en kosten. Het is gedetailleerd uitgewerkt in normen voor ingrijpmomenten, maatregelen en kosten. De gemeente Heusden heeft het beheer in het verleden vrij letterlijk uitgevoerd: we toetsten aan de norm en als deze niet gehaald werd dan troffen we een maatregel. Dat lijkt goed maar heeft ook een aantal nadelen. Zo is het lastig om werkzaamheden af te stemmen met andere werken in de openbare ruimte. Maar zo wordt vooral voorbij gegaan aan de vraag of het strikt naleven van de norm wel de meest doelmatige en kostenefficiënte wijze van beheer is. Gaandeweg is het besef ontstaan dat normatief beheer leidt tot mooie wegen maar dat daar ook een heel hoog prijskaartje aan hangt. 4.2 Beleidsomslag: beheer vanuit belangen Waarom beheren wij wegen? Om normen te halen? Nee, het beheren van wegen doen we om verkeersbewegingen van A naar B en vice versa mogelijk te maken. Dat moet kunnen over een weg die veilig en heel is. Normen kunnen daarbij ondersteunend zijn maar geen doel op zich. Wat zijn de belangen van de gemeente Heusden: een weg moet veilig zijn en de weggebruiker moet gebruik kunnen maken van de weg zonder dat daarbij schade ontstaat. Daarnaast moet de weg zo worden beheerd dat er geen kapitaalvernietiging ontstaat door (te) lang uitgestelde maatregelen. Dit is in het nieuwe beleidsplan vertaald in de visie veilig en heel. 4.3 Een nieuwe beheerstrategie: veilig en heel Uit de inventarisatie blijkt dat de kwaliteit van de wegen, in algemene zin, redelijk tot goed is. Heusden heeft haar wegen aardig op orde en er is ruimte om beleidsuitgangspunten bij te stellen. Belangrijke randvoorwaarden daarbij zijn dat deze keuzes niet tot kapitaalvernietiging (specifiek bij asfalt), onveilige situaties of verlies van functie mogen leiden. In plaats van het beheer vanuit normen is gekozen voor de beheerstrategie veilig en heel. Daarbij worden esthetica en comfort min of meer losgelaten en zijn de beheermaatregelen uitsluitend gericht op veiligheid, (technisch) functioneren en het voorkomen van kapitaalvernietiging. Kortom de weg is veilig, functioneel en wordt kostentechnisch goed beheerd. Aspecten zoals lelijk of niet comfortabel zijn op zichzelf dus geen redenen om over te gaan tot het treffen van maatregelen. pagina 6 van 22 pagina s
5 Hoe beheren wij dan? 5.1 Algemeen Formuleren van een strategie is een eerste stap maar daarnaast is het van belang om te bepalen hoe dit in het veld wordt bereikt. Daarvoor is inzicht nodig in: - de kwantiteit (wat is er in beheer); - de kwaliteit (hoe ligt het erbij); - het onderhoud (wat moet er gedaan worden en wanneer); - de kostenopbouw. Op basis van dit inzicht is een vertaling gemaakt naar een Heusdens systeem en een Heusdense methodiek waarmee het beheer wordt bepaald. 5.2 Kwantiteit en kwaliteit Kwantiteit In hoofdstuk 3 staat hoeveel wegen onze gemeente beheert en wat het kwaliteitsniveau is. Op basis hiervan is het systeem gevuld en zijn onderhoudscycli opgesteld waarmee de beoogde kwaliteit in stand gehouden kan worden. In het systeem is per straat opgenomen wat er aan verharding aanwezig is, tot welke beheercategorie dit behoort en wat het aanlegjaar of het jaar van rehabilitatie was. Veranderingen in het wegenareaal zoals nieuwe wegen, wegreconstructies of rehabilitaties worden in het wegbeheersysteem opgenomen/doorgevoerd. Hiermee houden we grip op ons beheer. Kwaliteit De kwaliteit van het wegenareaal wordt vastgesteld door weginspecties. Juist bij de strategie veilig en heel is dat van groot belang. De maatregelen worden immers pas kort voor het moment dat de weg niet meer veilig is of (technisch) niet meer kan functioneren, getroffen. Ook het risico op kapitaalvernietiging (met name bij asfalt) is alleen beheersbaar door goed te inspecteren. Op basis van de onderhoudscyclus worden de wegen geselecteerd die in een bepaald jaar worden geïnspecteerd. Aan de hand van de in het veld geconstateerde kwaliteit kan de weg een correctiejaar krijgen waarmee de onderhoudscyclus naar voren of naar achter geschoven kan worden. De resultaten uit de inspectie worden gebruikt als basis voor een kwaliteitsmonitor van de wegen in de gemeente. Hiermee kan het wegbeheer verder verfijnd worden en nog meer worden toegespitst op de Heusdense situatie. Inspecties Hoe ziet het inspectieregime in Heusden eruit? Op basis van dit beheerplan wordt jaarlijks een overzicht gemaakt van de wegen die binnen 5 jaar toe zijn aan een (beheer)maatregel. Deze wegen worden in dat jaar geïnspecteerd om te bepalen in hoeverre ze daadwerkelijk voldoen aan het criterium veilig en heel. Aan de hand van de uitkomsten van de inspectie en op basis van gezond verstand worden de exacte uitvoeringsmaatregel en het uitvoeringsjaar bepaald. De eerste inspectie vond dit jaar (2014) al plaats. De wegen die nog niet op basis van het inspectieregime zijn bekeken, worden gevolgd op basis van het piepsysteem. We hebben veel medewerkers die buiten zijn en acute problemen kunnen signaleren. Daarnaast zal er door het afhandelen van klachten en meldingen worden voorkomen dat er onveilige- of schadesituaties ontstaan. pagina 7 van 22 pagina s
5.3 Het onderhoud Beheeractiviteiten/werkpakketten Op basis van de indeling in beheercategorieën is ook het onderhoud vormgegeven. Per categorie zijn de beheeractiviteiten opgenomen. Deze beheeractiviteiten zijn onderbouwd met werkpakketten die in een bepaald cyclusjaar worden uitgevoerd. Het nulpunt van een cyclus is de aanleg van een weg of het moment van rehabilitatie. In bijlage 4 is dit aan de hand van een voorbeeld verduidelijkt. Innovatie en aanpassen werkpakketten De werkpakketten zijn opgesteld/samengesteld op basis van de huidige kwaliteit van de weg in samenhang met de techniek die het meest voor de hand ligt om de maatregel goed uit te kunnen voeren. Het is echter geen automatisme; wanneer het bijvoorbeeld doelmatig is om een andere maatregel te treffen (zoals het aanbrengen van een slijtlaag) dan doen we dat. De markt staat daarnaast niet stil en komt steeds met innovatieve technieken. We spreken de verwachting uit dat we, door maximaal gebruik te maken van deze innovaties, de toekomstige kosten laag kunnen houden. Bij het opstellen van de onderhoudscycli is daar al op voorgesorteerd. Verder is beheren een voortdurend proces van bedenken, doen, evalueren en waar nodig bijstellen. In dat kader zullen de werkpakketten steeds kritisch worden bekeken en waar nodig aangepast. 5.4 Kostenopbouw De kosten van het wegenbeheer in Heusden zijn het resultaat van de hoeveelheden, de beheercategorie (en het daarbij behorende werkpakket), de onderhoudscyclus en, niet in de laatste plaats, de prijzen per eenheid. De kosten per eenheid zoals die in het beheersysteem staan, komen uit een kostenprogramma uit de civiele techniek. Er is kritisch gekeken naar het niveau van deze kosten omdat door de jaren heen is gebleken dat de markt steeds onder de door de gemeente geraamde bedragen inschreef. Dat is geanalyseerd en daar zijn grofweg twee oorzaken voor te noemen. Op de eerste plaats is het zo dat een aannemer het werk naar zijn eigen bedrijfsvoering efficiënter kan uitvoeren dan dat er standaard geraamd wordt. We hebben dit een ervaringskorting genoemd. De hoogte van deze korting is 10% ten opzichte van de standaardkostprijzen. Daarnaast is het zo, dat door de enorme werkhonger die er op dit moment heerst, de prijzen erg laag zijn. Maar ook de grondstofprijzen zoals asfalt zijn op dit moment laag. Dit is bestempeld als marktwerking en de hoogte van deze korting is op 20% gesteld. Daarbij is van belang dat waar de ervaringskorting een min of meer permanent karakter heeft, de korting van de marktwerking veel sterker aan verandering onderhevig is. Dat is zeker op de langere termijn een risico. Vooralsnog is de korting van de marktwerking over de hele looptijd van het beheerplan/het beheersysteem doorgevoerd. Dit is dus iets dat voortdurend in de gaten moet worden gehouden. In de openbare ruimte zijn ook andere belangen aan de orde. Zo kan een weg worden aangepakt vanwege rioolwerkzaamheden of een wijkvernieuwing. Bij de berekening van de rehabilitatiekosten is ervan uitgegaan dat bij bepaalde beheercategorieën een bijdrage van andere beleidsvelden plaatsvindt. Zie daarvoor bijlage 3. 6 Uitgangspunten bij het beheer van wegen De uitgangspunten voor het beheren en onderhouden van de wegen moeten transparant en betrouwbaar zijn voor iedereen die te maken heeft met de wegen. Voorop staat dat de realisatie van de onderhoudsmaatregelen niet wordt belemmerd en dat onderhoudsachterstanden zoveel mogelijk worden voorkomen danwel ingelopen. Daarbij is pagina 8 van 22 pagina s
het nodig dat de systematiek eenvoudig en inzichtelijk is, en gebaseerd op objectieve grondslagen. Hierna wordt nader ingegaan op uitgangspunten bij het onderhoud, de aanpassingen en de uitbreidingen van de wegen. Uitgangspunt 1: areaalwijzigingen Omdat het areaal is opgenomen in een beheersysteem zijn het te onderhouden wegenareaal en de daaruit voortvloeiende kosten altijd actueel. Uitgangspunt 2: geluidsreducerende verhardingen slechts zeer selectief toepassen Vanuit het oogpunt van geluidsreductie kan er een geluidsreducerende verharding worden aangebracht. Naar de huidige stand van de techniek laten deze verhardingen zien dat ze (en dat geldt met name voor asfalt) een kortere levensduur hebben dan reguliere verhardingen. Daarnaast vragen deze verhardingen een hogere onderhoudsinspanning. Tot nu toe laten de beschikbare materialen zien dat de geluidsreductie met het ouder worden van de weg (sterk) afneemt. De oorzaak is vooral het afnemen van de holle ruimte in het verhardingsmateriaal. Vandaar dat het aanbrengen van geluidswerende verhardingen zoveel als mogelijk moet worden vermeden. In het Handboek Wegen staat wel een opbouw voor situaties waarin toch een geluidswerende verharding in asfalt moet worden aangelegd. Uitgangspunt 3: gladheidsbestrijding alleen met zout uitvoeren In tijden van schaarste op het gebied van strooizout wordt door Rijkswaterstaat het beschikbare strooizout geclaimd. Daarbij wordt ook aangegeven dat gemeenten best met een zout/zand mengel of louter met zand kunnen strooien. Het strooien met zand betekent bij waterdoorlatende verhardingen of geluidreducerende verhardingen meteen functieverlies en dus versnelde vervangingsinvesteringen. Er wordt daarom alles aan gedaan om niet te strooien met zand of zand/zoutmengsels. pagina 9 van 22 pagina s
Uitgangspunt 4: beperking asfalt binnen de bebouwde kom De verhardingen binnen de bebouwde kom bieden naast de verkeersfunctie ook ruimte aan veel kabels en leidingen. Er is daarom behoefte aan een verharding die zich makkelijk laat bewerken/herstellen. Bovendien is asfalt erg gevoelig voor uitgesteld onderhoud. Het gebied binnen de bebouwde kom kent een grotere dynamiek dan buiten de bebouwde kom waardoor onderhoud niet altijd op het voor asfalt optimale moment kan worden uitgevoerd. Dit leidt dan tot kapitaalvernietiging. Daarom is het streven om binnen de bebouwde kom wegen te hebben die bestaan uit elementenverharding. Uitgangspunt 5: uitvoeren kabel- en leidingwerken volgens Handboek K&L Het uitvoeren van kabel- en leidingwerken conform het Handboek Kabels en Leidingen (vastgesteld juli 2014) en goed toezicht zorgt ervoor dat de kwaliteit van de wegen intact blijft. Er ontstaat dan geen toename van de door de gemeente uit te voeren onderhoudswerkzaamheden. Uitgangspunt 6: aandacht voor de wegbermen De bermen hebben ook een (technische) functie voor het in stand houden van wegen. Vooral de afwatering is van belang. Voor het behalen van de beoogde levensduur van de weg is het van belang dat de berm het afstromende water van de weg kan verwerken. Het is belangrijk dat het afroven van bermen goed en tijdig wordt uitgevoerd. Verder moeten kuilen en laagtes in de berm tijdig worden aangevuld om gevaarlijke situaties te voorkomen. pagina 10 van 22 pagina s
7 Financiële onderhoudsbehoefte 7.1 Algemeen Op basis van de gegevens zoals beschreven in paragraaf 5.4 is er een doorrekening gemaakt om de onderhoudskosten van de wegen te bepalen. 7.2 Uitgangspunten Bij het rekenwerk zijn (aanvullend op paragraaf 5.4) de volgende uitgangspunten gehanteerd: Er wordt uitgegaan van het huidige wegenareaal. Met toekomstige uitbreidingen (nieuwbouw, aanleg randweg, aanleg vrijliggende fiets/voetpaden en uitbreiding verharding binnen de bebouwde kom) is geen rekening gehouden. Er wordt gewerkt met het huidige prijsniveau. De kosten zijn exclusief btw. Bij vervanging wordt uitgegaan van hetzelfde verhardingsmateriaal. Bij vervanging wordt rekening gehouden met (co)financiering door externe invloeden (rioolvervanging, wijk- en buurtvernieuwing). In bijlage 3 is dat ook te zien. Er wordt geen rekening gehouden met kwaliteitsvermindering door werkzaamheden van derden aan kabels en leidingen die in de weg liggen. Door een goed Handboek Kabels en Leidingen en een strakke naleving daarvan is dat een verantwoorde keuze. Er wordt geen rekening gehouden met klimatologische ontwikkelingen. Er wordt geen rekening gehouden met veranderingen in het toekomstig weggebruik (in aantal bewegingen of in aslasten). De kosten dekken enkel het opnieuw veilig en/of functioneel maken van de weg. Er wordt geen rekening gehouden met esthetica, het verbeteren van het wegcomfort of het veranderen van de weginrichting anders dan vanuit veiligheid of het voorkomen van schade. De kosten van markeringen zijn meegenomen in de berekening. pagina 11 van 22 pagina s
7.3 Kosten versus budgetten Het wegbeheer volgens veilig en heel is binnen de beschikbare budgetten uit te voeren. Dit is berekend voor de periode 2014 tot en met 2023. Dit kan omdat we uitgaan van een nieuwe strategie, een nieuw wegbeheersysteem en omdat we op een nieuwe manier gaan inspecteren. Hierdoor is een doorrekening voor een nog langere termijn omgeven met te veel variabelen. Voorsorteren op eventuele hogere of lagere kosten en daar nu maatregelen op treffen is niet zinvol. In bijlage 2 is de financiële onderhoudsbehoefte voor de periode tot en met 2023 weergegeven. pagina 12 van 22 pagina s
8 Risicoparagraaf Wat zijn de aandachtspunten en risico s voor de gemeente Heusden naar de toekomst toe op het gebied van wegbeheer? In de jaren 1960-1970 zijn veel wegen aangelegd. Op enig moment zal er een piek kunnen ontstaan in de vervangingskosten. Hoe groot deze piek is, wanneer deze precies zal ontstaan en of deze te spreiden is in de tijd, is nu niet exact te duiden. Dit zal nauwgezet worden gevolgd met de weginspecties. Hierdoor zal duidelijk moeten worden hoe dit zich ontwikkelt in relatie tot de nieuwe beheerstrategie. Bij het opstellen van dit beheerplan is uitgegaan van een inschatting van de marktomstandigheden. Als deze wijzigen, dan heeft dit ook gevolgen voor de kosten van het wegbeheer. Daarbij valt te denken aan het wegvallen van de heersende werkhonger. pagina 13 van 22 pagina s
Bijlage 1 Aanlegjaar en verhardingstype pagina 14 van 22 pagina s -2018 Ontwerpbureau Openbare Ruimte
Bijlage 2 Financiële onderhoudsbehoefte 2014-2023 2014 2015 2016 2017 2018 2019 2020 2021 2022 2023 Totaal kosten Veilig en Heel 539.892,00 690.306,00 642.939,00 302.832,00 467.804,00 729.678,00 1.433.106,00 913.692,00 650.423,00 834.138,00 Totaal beschikbare budgetten 665.000,00 690.000,00 730.000,00 725.000,00 725.000,00 725.000,00 725.000,00 725.000,00 725.000,00 725.000,00 Raming vs budgetten 125.108,00-306,00 87.061,00 422.168,00 257.196,00-4.678,00-708.106,00-188.692,00 74.577,00-109.138,00 Verrekening onderhoudsreserve - 125.108,00 306,00-87.061,00-422.168,00-257.196,00 4.678,00 708.106,00 188.692,00-74.577,00 109.138,00 Eindstand onderhoudsreserve 635.000,00 760.108,00 759.802,00 846.863,00 1.269.031,00 1.526.227,00 1.521.549,00 813.443,00 624.751,00 699.328,00 pagina 15 van 22 pagina s
Bijlage 3 Percentages toegerekend aan wegbeheer bij rehabilitaties Wegcategorie Percentage Asfaltverharding wegtype: 3 (gebiedsontsluitingsweg) 90% Asfaltverharding wegtype: 4,5,6 (weg in bebouwd gebied) 50% Asfaltverharding wegtype fiets/voetpad 90% Asfaltverharding industrie 50% Elementenverharding wegtype: 3 (gebiedsontsluitingsweg) 80% Elementenverharding wegtype: 4,5,6 (weg in bebouwd gebied) 50% Elementenverharding wegtype fiets/voetpad 50% Elementenverharding waterdoorlatend 50% Halfverharding gebonden 100% Totaal 100% pagina 16 van 22 pagina s -2018 Ontwerpbureau Openbare Ruimte
Bijlage 4 Voorbeeld beheersysteem Voorbeeld In onderstaande figuren is te zien dat na 51 jaar de weg toe is aan het werkpakket Wt A3 Gedeeltelijk groot onderhoud + conserveren. Dit werkpakket bestaat op zijn beurt uit het uitfrezen van een laag van 6 cm asfalt en het aanbrengen van een inlage over 15% van de oppervlakte van het wegvak. Vervolgens wordt een dunne deklaag aangebracht. pagina 17 van 22 pagina s
pagina 18 van 22 pagina s
Bijlage 5 Begrippenlijst Beschrijving van de belangrijkste begrippen uit het wegenbeheerplan. Soms zijn ter verduidelijking referentiebeelden bijgevoegd. Elementenverharding Elementenverharding is een open verharding. Deze is opgebouwd uit naast elkaar gelegen elementen, zoals betonstraatstenen of straatklinkers, betontegels, grasbetonstenen, kinderkopjes, kasseien, enzovoort. Tussen de elementen wordt de ruimte opgevuld met zand, vaak voegzand of brekerzand. Een fundering is aanwezig als de verharding belast kan worden door zwaar verkeer. Het nadeel van elementenverhardingen is dat de elementen ten opzichte van elkaar kunnen verschuiven en individueel kunnen verzakken. Hierdoor ontstaat sneller niveauverschil door spoorvorming of gaten. Met name ook (ondergrondse) waterstromen hebben een grote invloed op elementenverhardingen. De eigenschappen van een elementenverharding qua stroefheid, comfort, het leegzuigen van voegen en geluidsoverlast zorgen ervoor dat dit type doorgaans alleen wordt toegepast op wegen met een lagere snelheid. Met name in verblijfsgebieden (erftoegangswegen) wordt vaak een elementenverharding toegepast. Enerzijds doordat de eigenschappen daar prima voor geschikt zijn en anderzijds doordat de esthetische waarde van klinkers of keien hoger wordt gewaardeerd dan asfalt- of betonverhardingen. Maar ook het feit dat het gemakkelijker is om de verharding te herstellen bij kabel- of leidingwerkzaamheden, boomwortels en dat er geen gas kan ophopen onder de verharding maakt het een geschikte verharding binnen de bebouwde kom. Waterdoorlatende verharding Een bijzondere vorm van elementenverharding is de waterdoorlatende verharding. Deze heeft min of meer dezelfde eigenschappen als normale verharding. Het verschil is dat er door een speciale fundering, en meer en grotere voegen, water in de weg verwerkt kan worden. pagina 19 van 22 pagina s
Halfverhardingelementen Een verharding die bestaat uit betonnen- of kunststofelementen, waar gras of kruiden in kunnen groeien en die waterdoorlatend is. Vaak toegepast naast wegen als parkeerplaats of oprit. Halfverharding gebonden Een halfverharding die bestaat uit onsamenhangend materiaal dat meer draagkracht levert dan de originele grond. Voorbeelden van verhardingsmaterialen zijn grind, gebroken puin (menggranulaat) en gebroken natuursteen. Rijcomfort Het rijcomfort heeft onder andere te maken met de vlakheid van de verharding, waardoor asfaltverhardingen meestal comfortabeler worden ervaren dan elementenverhardingen. Daarnaast heeft een weg een bepaald afschot om te zorgen dat het water naar de kant van de weg (naar een goot of berm) wordt geleid. In bochten wordt verkanting toegepast om een voertuig met hogere snelheid door een bocht te kunnen laten rijden. pagina 20 van 22 pagina s
Stroefheid De stroefheid is een belangrijke variabele in verband met de verkeersveiligheid. Om bestuurbaar te blijven moet een voertuig grip hebben op de verharding en daarnaast beperkt een voldoende stroeve weg de remafstand. Beheercyclus/Onderhoudscyclus De cyclus die een weg doorloopt vanaf het moment van aanleg tot en met het moment van rehabilitatie. Tussen moment van aanleg en rehabilitatie vinden beheeractiviteiten als klein onderhoud, groot onderhoud, reconstructie plaats. pagina 21 van 22 pagina s