Docentenhandleiding - Cursus Bed opmaken Over het leerpakket In deze cursus leert de student: een bed opmaken voor een zorgvrager, waarbij hij rekening houdt met de wensen en behoeftes van de zorgvrager. Daarbij leert hij waarom hygiënisch werken belangrijk is en hoe hij dat kan doen. Hij leert ook welke hulpmiddelen er zijn rondom het bed en wanneer hij die in kan zetten. Specificaties Titel: Soort: Werksituatie: Eindproduct: Beroepstaak: Bed opmaken Cursus verpleeg- en verzorgingshuiszorg, thuiszorg, ziekenhuiszorg, kinderopvang, gehandicaptenzorg, geestelijke gezondheidszorg, alle werksituaties Filmpje over bed opmaken voor stagiaires 6 Bed opmaken Niveau: 2 KD: Zorg en Welzijn Helpende 2012-2013 Kerntaak: Werkproces: Competenties: Kernwoorden: Tijd 1 Bieden van zorg en ondersteuning op basis van een werkplanning 1.2 Ondersteunt bij huishouden en de woon- of verblijfsomgeving of opvangsituatie L Materialen en middelen inzetten R Op de behoeften en verwachtingen van de klant richten T Instructies en procedures opvolgen Bed verschonen, bed opmaken, hulpmiddelen, hygiëne, matras, molton, dekbed, kussens 20 SBU Prestatie-indicatoren L. De helpende zorg en welzijn maakt op basis van de vraag die speelt de juiste keuze voor de te gebruiken (schoonmaak-)middelen, -materialen en -methoden en gebruikt deze doelmatig en doeltreffend, zij gaat zorgvuldig om met de materialen en de middelen en zorgt ervoor dat deze goed onderhouden zijn, zodat de ondersteuning bij het huishouden en een schone, verzorgde en functionele leefomgeving kostenbewust en efficiënt zijn gerealiseerd. R. De helpende zorg en welzijn gaat na wat de wensen, behoeften en mogelijkheden van de cliënt/zorgvrager zijn met betrekking tot de ondersteuning van het huishouden en de leefomgeving, wonen en verblijf en stamt haar werkzaamheden en tips aan de cliënt/zorgvrager hierop af. T. De helpende zorg en welzijn werkt volgens de werkplanning, instructies, richtlijnen, (veiligheids-) voorschriften, de beroepscode en visie van de organisatie, zodat de kwaliteit van de ondersteuning bij het huishouden en een schone, verzorgde en functionele leefomgeving gegarandeerd worden. Handleiding cursus: beroepstaak 6 v2 1 Copyright Edu Actief b.v. 2010
Inleiding cursus Als inleiding kan de student aangeven dat het misschien eenvoudig lijkt om een bed op te maken, maar dat er bij het opmaken van een bed voor een zorgvrager toch heel wat komt kijken. Het is belangrijk dat daarbij rekening wordt gehouden met de wensen en behoeftes van de zorgvrager. Iedereen denkt toch weer anders over een lekker opgemaakt bed. Laat een aantal studenten vertellen hoe voor hen een lekker opgemaakt bed eruitziet. Op de volgende website staan verschillende oefeningen die te maken hebben met het opmaken van een bed. http://www.hennyjellema.nl/praktijkvakken/bedopmaken/voorbladbedopmaken.htm Laat de studenten oefening 5a maken. Nu weten ze welke materialen er gebruikt kunnen worden om een bed op te maken. Voorbeeld cursusplanning Bij het inplannen van het project kunt u uitgaan van de volgende verdeling Totaal: 20 SBU Docententijd: 10% (2 uur) Voorbereiding, vooronderzoek: 20% (4 uur) Uitvoeren: 50% (10 uur) Oplevering, evaluatie en beoordeling: 20% (4 uur) Antwoorden Opdracht 1: Een goede voorbereiding 1. Je legt van tevoren alles klaar. 2. Je overlegt met de zorgvrager. Opdracht 2: Materialen klaarleggen Voor het opmaken van het bed van meneer Barends leg je het volgende klaar: Onderlaken, sprei, sloop, deken, laken Opdracht 3: Soorten bedden en matrassen a. Een waterbed heeft een matras die gevuld is met water. Het water wordt steeds op dezelfde temperatuur gehouden. b. Een seniorenbed is een bed dat hoger is; je kunt er makkelijker uit stappen. c. Een drukverlagende matras is eerst hard, maar als je erop gaat liggen wordt het door de warmte van je lichaam zachter. d. Een hoog-laagbed kun je in hoogte verstellen, zodat je met een goed houding kunt werken. Er zijn ook bedden waarbij het hoofdeinde en voeteneinde verstelbaar zijn. Opdracht 4: De juiste volgorde De juiste volgorde voor het afhalen van het bed is: 1 Haal de slopen van de kussens. 2 Haal de dekbedhoes binnenstebuiten van het bed af. 3 Laat het dekbed en de kussens luchten. 4 Haal het onderlaken van het bed. 5 haal eventueel het molton van het bed. 6 Draai eventueel de matras om. Handleiding cursus: beroepstaak 6 v2 2 Copyright Edu Actief b.v. 2010
Opdracht 5: Vaste volgorde Op die manier komen alle onderdelen op de juiste manier op het bed te liggen. Het is ook handig omdat je dan niets kunt vergeten. Opdracht 6: Waar of niet waar Bij het opmaken van het bed houd je rekening met de wensen van de zorgvrager Als je het bed opmaakt, zet je altijd een raam open Als je bedklossen gebruikt, kun je het bed niet meer verplaatsen Als je het bed opmaakt, leg je kussens en het dekbed altijd buiten om te luchten Waar Niet Opdracht 7: Hulpmiddelen rondom het bed Je gebruikt de hulpmiddelen als volgt: Papegaai (foto 4): om zichzelf in bed omhoog te trekken hoofdsteun/rugsteun (foto 3): om met het bovenlichaam wat hoger te liggen dekenboog (foto 1): om te voorkomen dat het dekbed op de benen drukt kussentjes (foto 2): om een arm of hand te ondersteunen. Opdracht 8: Hoofdsteun/rugsteun a. Bij de volgende aandoeningen is het prettig om wat hoger in de kussens te liggen: bij luchtwegaandoeningen en bij hartklachten b. Deze zorgvragers hebben het vaak benauwd, dan is het prettig om wat hoger te liggen. Opdracht 9: Hygiënisch werken Zo werk je hygiënisch bij het opmaken van het bed: doe de vuile was direct in de wasmand of wasmachine, zet een raam open als dat mogelijk is, was je handen voor en na het opmaken van het bed Opdracht 10: Het dekbed a. De juiste foto is foto 2. b. Zo komt het dekbed niet op de grond terecht. Opdracht 11: Rekening houden met de wensen van de zorgvrager Je gaat akkoord met het voorstel van meneer Barends. Opdracht 12: Wensen van de zorgvrager Je gaat akkoord met het voorstel van mevrouw Barends. Opdracht 13: Lichaamshouding a. Hulpmiddelen om met een goede houding te kunnen werken zijn bedklossen en een hoog-laagbed. b. Een hoog-laagbed levert echt een juiste werkhoogte. Opdracht 14: Decubitus a. Bij het opmaken van het bed kun je decubitus helpen voorkomen door het onderlaken goed strak te trekken. b. Plooien in het onderlaken irriteren de huid en kunnen decubitus veroorzaken. Handleiding cursus: beroepstaak 6 v2 3 Copyright Edu Actief b.v. 2010
Opdracht 15: Decubitus tegengaan Bij ernstige decubitus wordt een anti-decubitusmatras gebruikt. Dit is een luchtmatras. Er is dan minder druk op de wond. Opdracht 16: Lichaamshouding Op foto 2 werkt de helpende met een goede houding. Hier heeft de Helpende namelijk een rechte rug. Opdracht 17: Dekenboog Als een zorgvrager een dekenboog heeft, heb je een etra deken nodig. Opdracht 18: Wiegendood a.een baby overlijdt onverwachts, zonder dat daar eigenlijk een oorzaak voor is. b.25 keer Opdracht 19: Veilig laten slapen Laat de baby altijd op de rug slapen, voorkom dat de baby te warm ligt, zorg voor veiligheid in de wieg (dus geen kussens, hoofdbeschermer, dekbed of plastic zeiltje), geen speeltjes of knuffels, blijf bij de baby in de buurt, houd de baby rookvrij, geef bij voorkeur borstvoeding, houd een fopspeen achter de hand, gebruik geen geneesmiddelen met een slaapverwekkende bijwerking, let op rust en regelmaat Opdracht 20: Wieg opmaken a. De volgende materialen kun je bij het opmaken van een wieg niet gebruiken in verband met het risico op wiegendood: kussen, zeiltje. b. Door deze materialen kan een baby makkelijk verstikt raken. Opdracht 21: Een samenvatting maken Ter beoordeling van de leerkracht. Opdracht 22: Instructie voor hygiënisch werken Ter beoordeling van de leerkracht. Opdracht 23: De wieg Op foto 2 ligt de baby op de juiste manier in de wieg. De baby kan dan niet met zijn voeten gaan bewegen. Als hij dat wel kan, kan hij onderuit zakken en onder de deken terechtkomen met zijn hoofdje. Opdracht 24: Vaktermen uitgelegd a. protocol: document van de instelling waarin precies staat hoe je een handeling, zoals bed opmaken, uit moet voeren b. decubitus: doorliggen c. dekenboog: hulpmiddel in bed waardoor het dekbed niet op de benen drukt d. werkhoogte: de hoogte waarop je werkt, bij een goede werkhoogte werk je met een rechte rug Opdracht 25: Tips voor veilig werken Zorg voor automatische lampen, zorg voor een alarmeringssysteem, zorg voor een bedstang, pas op voor losliggende snoeren rond het bed, zorg voor rookmelders, zorg dat er voldoende ruimte rondom het bed is. Opdracht 26: Een zorgvrager in coma a. Een dekenboog, zandzakjes en kussentjes b. Een papegaai en een hoofdsteun/ rugsteun kunnen door deze zorgvragers niet gebruikt worden, want ze kunnen zich niet optrekken en niet rechtop in bed zitten. Handleiding cursus: beroepstaak 6 v2 4 Copyright Edu Actief b.v. 2010
Opdracht 27: Zorgvrager in bed Houd rekening met de wensen van de zorgvrager. Vertel de zorgvrager wat je gaat doen. Let op de veiligheid van de zorgvrager, gebruik een bedhek. Opdracht 28: Prioriteiten stellen Je trekt het bed glad, zodat het er netjes uitziet. De volgende keer, als je meer tijd hebt, doe je alles iets zorgvuldiger. Opdracht 29: Tillift Bij zorgvrager die niet meer zelfstandig of alleen met hulp uit bed kunnen komen, als de hulp te belastend is voor de zorgverlener. Opdracht 30: Het maken van een filmpje over bed opmaken voor stagiairs Bij deze opdracht moet de student een filmpje maken over het opmaken van het bed voor stagiairs. In het filmpje moeten de volgende punten aan bod komen: 1 de juiste volgorde van handelingen bij het opmaken van het bed 2 het opmaken van het bed terwijl de zorgvrager erin ligt 3 hygiënisch werken bij het opmaken van het bed 4 met een goede houding werken bij het opmaken van het bed 5 het juiste gebruik van hulpmiddelen rondom het bed Als het maken van een filmpje niet mogelijk is, kan de student ook een instructie door middel van foto s maken. Hiervoor gelden dezelfde uitgangspunten als voor het filmpje. De student gebruikt maimaal 15 foto s Opdracht 31: Wat je geleerd? Bij deze opdracht moet de student de opdrachten nog eens doorlopen en bij elke opdracht aangeven wat zij van die opdracht geleerd heeft. Als de student van die opdracht iets geleerd heeft, geeft zij dat aan met een vrolijke kleur. Als de student van die opdracht minder geleerd heeft, geeft zij dat aan met een sombere kleur. Als de student die opdracht prettig en leuk vond om te doen, geeft zij dat aan met een smiley. Opdracht 32: Hoe is het gegaan? Dit zijn individuele vragen die de student kan beantwoorden. leg de bedoeling hiervan wel uit. Opdracht 33: Nabespreken a. Reflectie: hier gaan de studenten samen met de docent kijken wat zij heeft geleerd en of de kennis aanwezig is. U kunt hier vragen over de theorie stellen. b. De student moet duidelijk omschrijven hoe zij zich bepaalde kennis toch eigen gaat maken. Laat de student vertellen en opschrijven waar zij de informatie vandaan gaat halen en wanneer hij dit gaat doen. Beoordeling filmpje De student vult eerst zelfstandig het formulier in. Zij geeft het aan de docent, die op zijn beurt het formulier ook invult. Bespreek dit samen met de student en kom samen tot een eindbeoordeling. Handleiding cursus: beroepstaak 6 v2 5 Copyright Edu Actief b.v. 2010
Etra Informatie over het opmaken van een bed voor een zorgvrager: www.ziekenverzorgende.nl www.veiligslapen.info www.wiegendood.nl Handleiding cursus: beroepstaak 6 v2 6 Copyright Edu Actief b.v. 2010