Reactie Rabobank Consultatiedocument Eind- en toetstermen



Vergelijkbare documenten
Diplomaplicht in het bedrijfsvoeringsmodel.

Reactie Consultatiedocument

Datum : 4 november 2011 Contactpersoon : Nelleke Sterrenberg Onderwerp : Consultatie Modulaire structuur Doorkiesnummer :

Reacties CDFD/consultatieronde

Jan Smuldersstraat 22 Postbus ZG Vessem. Telefoon : (0497) CDFD Fax: (0497) T.a.v. Mevr. Mr. F.

CONSULTATIEDOCUMENT MODULAIRE STRUCTUUR WFT-VAKBEKWAAMHEID OKTOBER 2011

PA en ander geneuzel. EFP Noord Leeuwarden, 23 september Richard Meinders SVC

College Deskundigheid Financiële Dienstverlening Per: Hoevelaken, 9 november 2011

PE-PLUS TOETSTERMEN WFT-MODULE. Consumptief Krediet

WFT Pensioen, bedreiging of kans?! Sander Sanders mpla

WFT Pensioen, bedreiging of kans?! E.H.A.M. Lacroix MPLA/FFP

Toetsmatrijzen initiële Wft-examens

PE-PLUSTOETSTERMEN WFT-MODULE. Hypothecair krediet

CONSULTATIEDOCUMENT CONCEPT ADVIES HERZIENING WFT - VAKBEKWAAMHEIDSSTRUCTUUR. Eind- en toetstermen

NOTITIE TOETSMATRIJZEN VOOR INITIËLE EXAMENS BINNEN NIEUWE WFT- VAKBEKWAAMHEIDSTRUCTUUR

Betreft: Reactie FFP op consultatie Wijzigingsbesluit financiële markten 2013

BGFO Herziening WFt vakbekwaamheidstructuur

Samenstelling initiële Wft-examens

TOETSTERMEN INHAAL-/PE-EXAMEN. Adviseur Zorgverzekeringen

Wft Pensioenvergunning. Praktische gevolgen

Wft-portfolio De heer J. Jansen

VERKORTE LEERGANG VERMOGENSPLANNER

BIJLAGE 1 EINDTERMEN WFT-MODULE PENSIOENVERZEKERINGEN

Mr. J. Oosterbaan Martinius Algemeen directeur Bureau D & O

ADVIES HERZIENING WFT- VAKBEKWAAMHEIDSSTRUCTUUR. Eind- en toetstermen

C u r s u s a a n b o d C o n s i s A c a d e m i e

CONSULTATIEDOCUMENT CONCEPT VASTSTELLING INHOUD INHAAL-/PE-EXAMENS WFT-VAKBEKWAAMHEID Eind- en toetstermen

De hierin besproken toetsmatrijzen betreffen de initiële Wft-examens

College Deskundigheid Financiële Dienstverlening Postbus CN DEN HAAG. Amersfoort, 13 september 2012

WFT- module pensioenverzekeringen. 27 maart 2012 Bram Krijnen RPC

De diplomaplicht en het nieuwe vakbekwaamheidsgebouw

Wft-portfolio De heer V. Voorbeeld

TOETSTERMEN INHAAL-/PE-EXAMEN. Volmacht Overig. Bijlage E

Toetsmatrijs PE-PLUS EXAMENS WFT-VAKBEKWAAMHEID College Deskundigheid Financiële Dienstverlening Januari 2014, Den Haag

mr. Niels Mourits directeur FIDIN Vereniging g voor Pensioenrecht Utrecht, 8 juni 2010

Welke producten vallen onder de nieuwe Wft-vergunning Pensioenverzekeringen? Onder de nieuwe vergunning Wft Pensioenverzekeringen komen te vallen:

Aanleiding & Doel. o Aanleiding / Doel o Informeren om vooruit te kunnen lopen op de veranderingen:

Vereniging van Vermogensbeheerders & - Adviseurs. 23 september Alex Poel. Beleggingsbeleid

Toelichting op. Eind- en toetstermen nieuwe instroom. Schoonmaak- en Glazenwassersbranche

TOELICHTING BIJ EIND- EN TOETSTERMEN VOOR HET SEU EXAMEN PAYROLL

BIJLAGE 1 TERUGKOPPELING CONSULTATIE CONCEPT ADVIES HERZIENING WFT- VAKBEKWAAMHEIDSSTRUCTUUR

_SFPA_ Smit Financiële Planning & Advies

Competenties met indicatoren bachelor Civiele Techniek.

KANDIDAAT BROCHURE. Wft-examens en PEplus-examens

Bantopa Terreinverkenning

Competentieprofiel Afstudeerscriptiebegeleider Praktijkopleiding RA

CONSULTATIEDOCUMENT CONCEPT ADVIES MODULE ZORGVERZEKERINGEN. Eind- en toetstermen

Wijzigingsregeling Regeling eindtermen en toetstermen examens financiële dienstverlening Wft en Regeling gelijkstelling diploma s vakbekwaamheid Wft

Wft Vermogen oefenexamen

PE-PLUSTOETSTERMEN. Adviseur/Module Basis

Ministerie OCW Aan mevr. M. van Bijsterveld-Vliegenthart, Staatssecretaris Postbus BJ Den Haag

Nationale Hypotheek Garantie Bijkomende kosten van 105% naar 106%

Wft PE. Neemt uw vakbekwaamheid wel echt toe? 2009 Guus de Jonge

Specialist Inkomensverzekeringen. Ondersteuningsformule voor de specialist Verzuim & Inkomen

Aan de Voorzitter van de Tweede Kamer der Staten Generaal Postbus EA 'S-GRAVENHAGE

PE Wft-Schadeverzekeringen Periode t/m Deelmodule Schade Particulieren. Onderdeel a. Bezitsverzekeringen

Datum 16 januari 2012 Ons kenmerk TGFO-EHBo Pagina 1 van 5. Betreft

Leidraad tweedepijler pensioenadvisering

Nedasco Gezond Werken Pakket

Wft-portfolio De heer V. Voorbeeld

Wft-portfolio De heer V. Voorbeeld

Werkopdracht vijfde ontwikkelsessie. Opbrengsten ontwikkelsessie 5. Wat zijn bouwstenen?

KANDIDAAT BROCHURE. Wft-examens en PEplus-examens

1 Inleiding 1. 2 Bepaling netto woonlasten Inleiding Werkelijke bruto woonlasten Annuïtaire netto woonlasten 4

Duurzame Inzetbaarheid

Matrix referentieprofiel Kredietbeoordelaar Lokale Banken Visie 2010+

Dienstenwijzer Visie Verzekeringen

Op basis van de afgegeven vergunningen door de AFM is advisering mogelijk met betrekking tot de navolgende producten:

Dienstverleningsdocument EB- verzekeringen. Uitvoeringsafspraken tussen AHC Human Capital en. <<Naam WERKGEVER>> + logo. AHC: Arlette Hatchett

Wft-portfolio De heer V. Voorbeeld

Transcriptie:

Reactie Rabobank Consultatiedocument Eind- en toetstermen Geachte College Deskundigheid Financiële Dienstverlening, Met deze brief gaat de Rabobank in op uw uitnodiging van 26 juli 2012 om te reageren op de einden toetstermen van de herziene structuur Wft-vakbekwaamheid. Allereerst bedanken we u voor de mogelijkheid om te reageren op de voorgenomen regelgeving. Via deze reactie levert de Rabobank daar graag een bijdrage aan. Wij steunen het idee om de kwaliteit van financieel advies te verbeteren door de vakbekwaamheid van medewerkers te verhogen. De ambitie van het nieuwe vakbekwaamheidsbouwwerk ligt in lijn met de ambitie van de Rabobank. Wij geloven in een vakbekwaamheidsstelsel waarbij het realiseren van klantdoelstellingen vanuit een integrale kijk centraal staat. Aandacht voor (inventarisatie van) klantbehoeften, vaardigheden en een hogere vakbekwaamheid van de medewerker passen bij het Rabobank beleid. We hebben eerder al kenbaar gemaakt dat we in het huidige bedrijfsvoeringsmodel hierin reeds voorzien. Wij vinden het daarom belangrijk dat het accent verschuift van het opleiden van adviseurs voor een functie (modulegericht) naar het leren voor een beroep(skwalificatie) waarbij een integrale benadering van het vak voorop staat. Helaas constateren wij dat het bouwwerk productgericht is zowel op indeling als op inhoud. Deze feedback hebben wij ook al eerder gegeven bij de consultatie van het bouwwerk. Wij zetten grote vraagtekens bij de mate waarin de kwaliteit van advies verbetert door een productgericht bouwwerk. Nu de uitwerking concreter is, zien wij dat de productgerichte aanpak leidt tot een indeling die onvoldoende aansluit op de klantbehoefte en een beperkte onderwijskundige vernieuwing zonder een stevig fundament. Zo kan de inventarisatie van de klantbehoefte over de gehele linie sterker aan de orde komen. De productgerichte aanpak leidt tot het opleiden van specialisten. Hierdoor komt integraal advies vanuit klantbehoeften en eenvoudig advies voor de retailmarkt onder druk te staan. De klant gaat dan voor een eenvoudig advies een relatief hoge prijs betalen. Aangezien de onderzoeken en leidraden van de AFM het klantbelang centraal stellen. ervaren wij de uitwerking van het vakbekwaamheidsbouwwerk als niet passend. In het volgende hoofdstuk doen we aanbevelingen om integrale advisering en de klantbehoefte beter vorm te geven. In hoofdstuk 2 beantwoorden we de vragen die u heeft gesteld aan marktpartijen en tot slot reageren we in de bijlage per WFT module. Hoogachtend, Rik Op den Brouw Directeur Particulieren Rabobank Nederland 1

1. Aanbevelingen Om integrale advisering en de klantbehoefte beter vorm te geven stellen wij de volgende aanbevelingen voor. 1. Splits de beroepskwalificatie Inkomen particulier en Inkomen zakelijk In de beroepskwalificatie Inkomen zijn eindtermen opgenomen voor zowel de particuliere als de zakelijke klant. Een zeer groot deel van de vakbekwaamheidseisen gaan over dienstverlening aan de zakelijke klant en / of werkgever. Dit sluit niet aan op de dagelijkse praktijk van de bancaire sector (en ook bij een aantal intermediairs). Het overgrote deel van het klantbestand zijn particuliere klanten. Adviseurs worden gericht opgeleid voor of de zakelijke of de particuliere klantbediening. Dit resulteert in gedegen vakbekwaamheid afgestemd op de klantbehoefte. In het bouwwerk vragen we van veel adviseurs dat zij zich gaan bekwamen op klantbehoeftes die zij niet bedienen. Dit zal leiden tot een geringe verbetering van het advies omdat kwaliteitsverbetering niet realiseerbaar is, immers de adviseur gebruikt de inhoud niet bij zijn werkzaamheden. Een alternatief kan zijn dat de minister goedkeurt dat de eindtermen die relevant zijn voor de particuliere klant worden toegevoegd aan vermogen en hypotheken. 2. Splits Schade zakelijk in kleinzakelijk en grootzakelijk ; kleinzakelijk kan een variant zijn van de module Wft Schade Particulier. Door de nieuwe diploma-eisen is er sprake van een forse verzwaring van de vakbekwaamheidseisen voor medewerkers die in schadeverzekeringen bemiddelen voor klanten binnen de kleinzakelijke markt. Denk hierbij aan kleine MKB-ers en ZZP-ers (i.c. bedrijven met een omzet tot EUR 1 miljoen). Deze medewerkers moeten op basis van het voorstel aan dezelfde eisen voldoen als de eisen die worden gesteld aan verzekeringsspecialisten die ondernemingen adviseren binnen de midden- en grootzakelijke markt. Dit betreft de modules Wft Basis, Wft Schade Particulier en Wft Schade Zakelijk. Om de volgende redenen vinden wij dit een onwenselijke situatie: De complexiteit van het bemiddelen in schadeverzekeringen voor kleinzakelijke klanten is vele malen kleiner dan die bij het geven van verzekeringsadvies aan grootzakelijke ondernemingen. Het productassortiment schadeverzekeringen dat wordt aangeboden aan kleinzakelijke klanten is veel eenvoudiger en compacter dan het assortiment dat wordt gehanteerd bij de advisering in de grootzakelijke markt. Door bovenstaande redenen is het niet in het belang van de kleinzakelijke klant om forse vakbekwaamheidseisen te stellen aan de medewerkers die zich met deze bemiddeling bezig houden. De voorgestelde diploma-eisen vormen volgens ons een onevenredige zware belasting, die zal leiden tot een substantiële en onnodige verhoging van de bemiddelingskosten voor de kleinzakelijke klant. 3. Lijn de toetstermen van de module Vermogen uit op de leidraden van de AFM op het gebied van beleggen èn formuleer eisen op verschillende niveaus. De kwaliteit van de uitwerking van de beroepskwalificatie Beleggen is goed. Er moet meer aandacht komen voor de behoeften en doelstellingen van de klant en de inventarisatie daarvan. Zowel het belang van inventariseren als het monitoren op de doelstellingen van de klant zijn zaken die terugkomen in het normenkader van de Rabobank als de leidraden van de AFM. Daarnaast lijkt deze beroepskwalificatie aan te sturen op het profiel van een beleggingsspecialist. 2

In de markt zijn er echter ook een groot aantal adviseurs die de behoefte van de klant ten aanzien van beleggen inventariseren en als product een mixfonds adviseren. Voor deze adviseurs gaan de nieuwe eisen veel te ver. Wij adviseren daarom in één beroepskwalificatie eisen voor de Wft Vermogen op verschillende niveaus te formuleren in overeenstemming met de complexiteit van klantbediening conform de richtlijnen van een extern kwalificatieraamwerk als EQF. 4. Verbeter onderwijskundige vernieuwing a. Formuleer kwalificatieprofielen voor een duidelijk normenkader Werken met beroepskwalificaties is een goed startpunt. Maar gebrekkige uitwerking leidt tot beperkt effect en onduidelijkheid bij certificering en opleidingsontwikkeling. Het is noodzakelijk om op basis van de beroepskwalificaties kwalificatieprofielen te ontwikkelen. Een kwalificatieprofiel bestaat uit een beschrijving van de context van het beroep en de kerntaken. Per kerntaak zijn beschreven: werkzaamheden, beoordelingscriteria, keuzes en dilemma s. Wat is de noodzaak van kwalificatieprofielen? Deze profielen maken het verschil tussen gewenst en ongewenst gedrag duidelijk. Het kwalificatieprofiel is het uitgangspunt voor het ontwikkelen van integrale leeractiviteiten en toetsen per functie. Als kwalificatieprofielen ontbreken dan ontbreekt een duidelijk toetskader. Juist dat kader is nodig om te komen tot een beroepsstandaard en om grote aantallen adviseurs te toetsen. b. Heldere definities Daarnaast moeten begrippen in het vakbekwaamheidsbouwwerk eenduidiger en feitelijker worden gedefinieerd: De algemeen gehanteerde definitie voor competenties is het geheel van kennis, vaardigheden en houding. Gedrag is dan het resultaat. Echter in de nieuwe vakbekwaamheidseisen is gedrag nu ook als eindterm opgenomen. Hiermee ontstaat een vreemde dubbeling in de beschrijving van de eisen. De term professioneel gedrag vervult een belangrijke rol in het document. De minister geeft echter nergens een duidelijke definitie voor die term. Ook wordt gesteld dat professioneel gedrag is opgenomen in de uitwerking van competenties en vaardigheden, terwijl ze als zelfstandige eindtermen zijn opgenomen. De uitwerking lijkt hier zichzelf tegen te spreken. De topmodule heeft een belangrijke plek in het bouwwerk. Een omschrijving als het gezicht maken de definitie echter subjectief en daarmee multi-interpretabel. Dit maakt het lastig om als basis te dienen waarop opleiders en exameninstituten straks hun interventies en examens moeten gaan vormgeven. c. Kosten examineren. De Rabobank voorziet dat de examenkosten voor het toetsen van communicatieve vaardigheden in het bouwwerk gaan toenemen. Assesments zijn duur. Wij pleiten voor experimenten om binnen het kader van de Wft en de daaruit voortvloeiende exameneisen te onderzoeken of examinering in de praktijk van het beroep betrouwbaar is uit te voeren. Naast een centrale examendatabank bieden dergelijke manier van examineren mogelijkheden voor onderwijskundige vernieuwing. We sluiten hierbij aan bij ontwikkelingen in het beroepsonderwijs waarbij vergelijkbare vormen van praktijktoetsing worden ontwikkeld. 3

3. Beantwoording vragen van het ministerie Vraag 1: Zijn de beschrijvingen van de beroepskwalificaties voldoende duidelijk? Wij vinden om meerdere redenen dat de beroepskwalificaties onduidelijk zijn: De beschrijvingen van de beroepskwalificaties zijn verschillend opgebouwd. Termen worden door elkaar gehaald. Eenduidigheid is op dit punt vereist. In relatie tot onze 4 e aanbeveling (onderwijskundige vernieuwing) is het raadzaam om in het verlengde van de beroepskwalificaties (functies) kwalificatieprofielen te maken. De onderlinge samenhang tussen beroepskwalificaties, kwalificatieprofielen, kwalificaties, einden toetstermen leidt volgens ons tot meer consistentie en helderheid van beschrijvingen. Het onderscheid tussen certificeren en opleiden is daarmee dan ook geborgd. De beschrijving van de adviesfuncties is redelijk herkenbaar maar te specialistisch voor het realiseren van klantdoelstellingen vanuit een integrale kijk. Om dit doel te realiseren hebben wij een aantal verbeteringen geformuleerd onder aanbeveling 3 (Vermogen). Vraag 2: Herkent u het takenpakket van de beroepsbeoefenaar? Wij vinden dat het omschreven takenpakket en de geformuleerde eisen onvoldoende aansluiten op de praktijk van veel beroepsbeoefenaren. Wij hebben hiervoor de volgende argumenten: Bij de beroepskwalificaties Inkomen, Schade zakelijk en Vermogen vragen wij ons af hoeveel adviseurs een functie vervullen die zo breed en specialistisch is. Wij zijn van mening dat de generalist in het bouwwerk ontbreekt. Juist deze generalist kan de doelstellingen van de klant integraal bekijken. Dergelijk profiel kan worden gerealiseerd door een zware Basismodule voor complexe advisering te ontwikkelen. Bovendien zijn de taken vaak niet goed vertaald naar de eind- en toetstermen. Het inventariseren van de klantbehoefte in al haar facetten krijgt over de gehele linie in eind- en toetstermen te weinig aandacht maar wordt welke elke keer als taak benoemd. Met onze 3 e aanbeveling (Vermogen) doen we een suggestie voor verbetering. De complexiteit van klantbehoeften is onvoldoende geïntegreerd in de beroepskwalificaties en eind- en toetstermen. Dit aspect speelt een rol bij Inkomen en Vermogen en komt terug in onze 1 e en 3 e aanbeveling. Waarom elke adviseur opleiden tot beleggingsspecialist terwijl hij slechts een beperkt deel van zijn kennis, houding, vaardigheden en gedrag in de praktijk kan toepassen? Overeenkomstig de praktijk ligt het voor de hand om vakbekwaamheidseisen voor de particuliere en zakelijke klantbediening te scheiden. Vraag 3: Zijn de eindtermen juist en volledig geformuleerd, en wel zodanig dat er sprake is van een toereikend deskundigheidsniveau voor de specifieke beroepsuitoefenaar op het wettelijk minimumniveau? Het begrip hoger basisniveau is vaag en niet gerelateerd aan een externe norm. Een link met NLQF/ EQF ligt voor de hand ten aanzien van de formulering van kwalificaties en eenduidigheid / consistentie van de eisen. Zie ook onze eerdere motivatie over het ontbreken van een kwalificatieprofiel waarover wij ook een aanbeveling hebben gedaan (onderwijskundige vernieuwing). 4

Vraag 4: Zijn de vaardigheden, competenties en het professioneel gedrag voldoende zichtbaar in het bouwwerk? Afgezien van de aandacht voor vaardigheden, competenties en professioneel gedrag kunnen wij deze vraag niet met een volmondig ja beantwoorden. Dit heeft mede te maken met de manier waarop begrippen, beroepskwalificaties en toets- en eindtermen zijn geformuleerd. Vraag 5: Zijn de toetstermen juist en volledig geformuleerd? De toetstermen zijn zo algemeen geformuleerd dat de Rabobank zich er vaak in kan vinden. Toch is het vaak onduidelijk wat precies met een toetsterm wordt bedoeld. Hierdoor is er ruimte voor verschillende manieren en niveaus om op te toetsen. Zeker omdat een toetskader ontbreekt. 5

Bijlage: Reactie Rabobank per Wft-module Module Hypotheken Algemene kennis en vaardigheden Eindterm 1a: De persoon maakt bij zijn werkzaamheden gebruik van actuele kennis van de relevante wet- en regelgeving en de van toepassing zijnde richtlijnen en gedragscodes (zelfregulering) Toetsterm 1a. 1: De kandidaat kan de fiscale gevolgen voor de klant in kaart brengen met betrekking tot de eigen woning, zoals de Wet op de inkomstenbelasting, Wet op de loonheffing, Wet belastingen rechtsverkeer, Wet omzetbelasting, schenk- en erfbelasting. (B) Reactie Rabobank: Deze eindterm is zo algemeen beschreven dat onduidelijk is wat een adviseur moet kennen en kunnen. Naar onze mening ligt hier een grens. De adviseur moet dit zeker begrijpen maar is geen specialist. Toetsterm 1a. 4: De kandidaat heeft kennis van de relevante regelgeving op het gebied van het erfrecht, het huwelijksvermogensrecht en overige samenlevingsvormen, de publiekrechtelijke gebruiksbeperkingen, het overeenkomstenrecht, sociale verzekeringen, de WSNP en overige relevante regelgeving op het gebied van de eigen woning. Reactie Rabobank: Hier staat kennisniveau K vanuit de Rabobank vinden wij de toepassing van deze relevante regelgeving belangrijker. De vereiste kennis lijkt diepgaand te zijn op bepaalde onderdelen. De vraag daarbij is hoe ver de kennis van de adviseur moet reiken. Voor erfrecht en publiekrechtelijke gebruiksbeperkingen verwijzen we vanuit de Rabobank nu naar een notaris of fiscalist om er voor te zorgen dat de klant op de juiste manier wordt geholpen. Eindterm 1b: De persoon baseert zijn werkzaamheden op kennis van de markt, marktontwikkelingen en processen Toetsterm 1b. 8 De kandidaat kan uitleggen wat een weduweverklaring (ook wel partnerverklaring) behelst. K Reactie Rabobank: De motivatie bij eindterm 1.a, toetsterm 1a. 4 is ook van toepassing deze eindterm. Competenties Eindterm 3c: De persoon demonstreert en/of bewijst dat hij de klant kan adviseren met betrekking tot de financiering van de eigen woning door middel van een hypotheekconstructie of op ander wijze, en het bemiddelingstraject tot stand kan laten komen. Het advies van de kandidaat is concreet, klant specifiek en reproduceerbaar en inclusief aflossingsconstructie mede gebaseerd op het restschuldrisico, renteconstructie en de daarbij behorende woonlastenbeschermer(s) of vergelijkbare en alternatieve oplossingsrichtingen. Reactie Rabobank: In deze eindterm staat reproduceerbaar. Niet alle financiële instellingen gebruiken dit uitgangspunt, reconstrueerbaarheid is ook een term die de AFM in haar leidraden gebruikt. Het verzoek is om de leidraden en onderzoeken van de AFM op dit punt en andere punten te volgen en beide begrippen in de eindtermen op te nemen. Voor de volledigheid zijn beide begrippen opgenomen in de bijlage. 6

Wft Inkomen Voor de dienstverlening aan particuliere klant is slechts 20% van de eind- en toetstermen relevant. De relevantie voor de Rabobank adviseur is daarmee zeer beperkt. Idealiter zouden onze adviseurs kennis moeten hebben van regelingen van sociale voorzieningen en de inhoudelijke productkennis van de Hypotheekbescherming om te adviseren. Binnen de praktijk van de zakelijke dienstverlening heeft de Rabobank er voor gekozen om een aantal eenvoudige inkomensproducten in de markt te zetten, WIA is daarbij niet relevant. Een aparte Adviseur Inkomen / Employment Benefits is gerechtvaardigd als we kijken naar de complexiteit van eisen als het gaat om de bediening van de ondernemer en de ondernemer in privé. Wij zien dat terug in de volgende eindtermen. Deze eisen zijn pittig voor medewerkers in onze praktijk door hun breedte: Eindterm 2b.1 blz. 4: in de kleinzakelijke dienstverlening werken we niet met berekeningsprogramma s voor uitkeringsrechten en fiscaliteiten van inkomensverzekeringen. Slechts premieberekening. 4d.4 blz. 7: het product WGA eigen risicodragen wordt straks niet meer verkocht in de kleinzakelijke dienstverlening. Benoemen van dilemma s rondom Eigen risico dragen-uwv zal een adviseur dus niet aan de orde kunnen stellen. 1b.blz 8: Alles rondom WIA, WW, invloed van een CAO op loondoorbetalingsverplichting, de gevolgen van de Pensioenwet voor de AOV, Wet Verbetering Poortwachter, etc. is buiten het gezichtsveld van de adviseurs. Dit komt het hele document terug. 31.1 blz. 10: onze adviseurs zullen geen IB-aangiftes, VW-rekeningen, jaarverslagen, etc. gebruiken. Eindterm 3.b blz. 19 collectieve inkomensverzekeringen voor werknemers worden niet verkocht in de kleinzakelijke dienstverlening. Eindterm Ij. Blz. 28 schadebegeleiding is niet aan orde in de kleinzakelijke dienstverlening. 7

Wft Vermogen Zoals bekend is de Wft vermogen module een opleiding die zowel voor de zakelijke als particuliere markt van toepassing is. Wft Vermogen is een consultatiedocument van goede kwaliteit. De eind- en toetstermen kunnen nog nader worden aangescherpt. De algemene motivatie hiervoor is opgenomen bij aanbeveling 3 (Vermogen). De structuur van Wft Vermogen heeft in de huidige opzet als gevolg hebben dat voor de dienstverlening aan particuliere klanten uitsluitend specialisten in dienst hebben. Dat komt de toegankelijkheid, van het advies niet ten goede evenmin als integraal onderhoud vanuit klantperspectief (kosten, tijdsbeslag, toegankelijkheid, overzicht). Wij stellen een aanscherping voor op de volgende punten: In de toetstermen mist hoe je met beleggen over een lange periode vermogen kunt opbouwen en wat er onderweg allemaal kan gebeuren met de portefeuille. Nu zijn de eisen te sterk gericht op de portefeuille op dit moment en het risico nu. Belangrijker is hoe portefeuilles zich over lange periodes kunnen gedragen. Dit is niet opgenomen in de eind- en toetstermen, maar is essentieel voor doelstellingen van klanten. Ook mist de spanning tussen rendement en risico bij het beleggen over lange perioden. Het staat expliciet (en terecht) in het hoofddocument, maar in de toetstermen is dit punt niet uitgewerkt. Bij het deel Oplossingen die aansluiten bij risicoprofielen kijkt de tekst ouderwets naar wat een portefeuille in een jaar kan bereiken. Dit zou vervangen moeten worden door Oplossingen die passen bij een doelstelling op termijn en bij het risico dat een klant wil lopen. Andere zaken over beleggen gericht op het bereiken van doelstellingen ontbreken (en dat is nu juist de kern in het consultatiedocument). Voor de advisering in de midden- / grootzakelijke markt ontbreekt de eis dat van een adviseur wordt verwacht dat hij op het gebied van aansprakelijkheidsrisico s de klant van relevante praktijkvoorbeelden kan voorzien. Dit ontbreekt op dit moment. Daarnaast gaat het stuk wetgeving ver voor de beperkte set aan producten die een specialist binnen de midden- / grootzakelijke markt adviseert. Denk aan uitleg geven over de wet op de Medische Keuring. Slechts een klein deel van de eisen wordt benut door de specialist verzekeren in de midden- / grootzakelijke markt. Er wordt veel kennis van de leven markt vereist zoals bijvoorbeeld het interpreteren van een uniform Pensioen Overzicht. 8