Docentenhandleiding Van Start

Vergelijkbare documenten
NT2 op maat. Docentenhandleiding

Thema Taalhulp Grammatica. Kennismaken: naam, woonplaats, land, taal, werk. Begroeten, vragen hoe het gaat, reageren, bedanken, dag zeggen

Methodes, cursussen en andere veelgevraagde materialen voor NT2

Schets van het onderwijsprogramma Route 3, jaar havo/vwo

1 Inleiding 2 Doelgroep 3 Doelstelling 4 Duur 5 Kenmerken van het materiaal

De mogelijkheid om te differentiëren: een aansprekend en op maat gesneden leertraject voor iedere leerling!

Inleiding 8 DEEL Les 1 - ik ben, jij bent 14 A1 - Ik kan het werkwoord zijn goed gebruiken. Ik kan vertellen wie ik ben en waar ik ben.

Schets van het onderwijsprogramma Route 3, jaar vmbo kader/gl/tl

TRAINING WERKEN MET. Training Werken met. Ella Bohnenn Fouke Jansen. In opdracht van Stichting Expertisecentrum ETV.nl

BIJLAGE BIJ DE INLEIDING DE TIEN STAPPEN

Schets van het onderwijsprogramma. Route 2, 16+ mbo 2. april 2016

Schets van het onderwijsprogramma. Route 2, 16+ mbo entree. april 2016

WERKEN MET WERKEN MET LINK VU-NT2

NT2. Natuurlijk leren en inburgeren. NT2 op maat. Bestel snel via De complete voorbereiding op het staatsexamen!

Schets onderwijsprogramma en lessentabel Route 3, jaar vmbo kader/gl/tl

Handleiding - 26 modules 'Inburgeringsexamen A2 - Studieboek'

Schets onderwijsprogramma en lessentabel. Route 2, 16+ mbo 2. april 2016

Schets van het onderwijsprogramma Route 1, jaar praktijkschool vso

Verleg je grenzen! Waarom kiest ú voor de nieuwe Taalblokken? Taalblokken Engels Brochure MBO

Themaboek IBL1 - Internationaal marktanalist

Schets onderwijsprogramma en lessentabel Route 3, jaar havo/vwo

Schets van het onderwijsprogramma Route 2, jaar vmbo basis

ANTWOORD OP 28 VRAGEN UIT DE LINK WEBINAR

Schets van het onderwijsprogramma Route 1, 16+ (begeleid) werk, inburgering

Uitgeverij Intertaal Adressen Uitgeverij Intertaal Informatie voor docenten Klantenservice en bestelinformatie

Schets onderwijsprogramma en lessentabel Route 2, jaar vmbo basis

Handleiding bij begeleiding van studenten die beginnen met het leren van Nederlands (A1). (ontworpen voor het basisexamen inburgering A1)

Voorwoord. Veel succes met de schrijftraining! Amsterdam, februari Freek Bakker Joke Olie. 6 Voorwoord

Nederlands. Taal vitaal nieuw / Taal totaal nieuw J. Schneider-Broekmans, H. Wynands e.a.

Support desk Nova College Taal in de buurt Nieuwsbrief Supportdesk Taal in de Buurt, nummer 2, februari 2011

11. De leerling leert verder vertrouwd te raken met de klank van het Frans door veel te luisteren naar gesproken en gezongen teksten.

Engelse taal. Kennisbasis Engelse taal op de Pabo

Schets van het onderwijsprogramma Route 3, 16+ mbo 3-4, hbo(-schakel), vavo

Handleiding Nederlands leren. in de bibliotheek NT2 SCHOOL NT2. Natuurlijk Nederlands leren en inburgeren

Tips voor extra werkvormen. Thema 1 Kennismaken en begroeten. Oefening 1 en 2. Oefening 6. Grammatica Tegenwoordige tijd

Inhoud. Voorwoord 6. Inleiding 7

Handleiding DISK: Lesgeven met DISK

Methodeanalyse Talent

Nieuwe woorden correct kunnen schrijven, kunnen vertalen van N-F en van F-N en kunnen gebruiken in mondelinge en schriftelijke zinnen.

Instructieboek bij Basisexamen Inburgering - Studieboek. Ad Appel

Nederlands. Stap nieuw C. Boeken, E. Le Page e.a. Doelgroep Anderstaligen met een laag tot middelbaar opleidingsniveau,

Workshop Oriëntatie op Nederlands voor taalvrijwilligers

Drie maal taal. Taal beschouwen in realistische situaties

Product Informatie Blad Toets Engels

Een trainingsprogramma in woordenboekgebruik

Verleg je grenzen! Waarom kiest ú voor het nieuwe Taalblokken? Taalblokken Engels Brochure MBO

Kerndoelen - ERK. Kerndoelen en Common European Framework of Reference (ERK) 2. Library en ERK 6

De Alfa-leerling autonoom aan het werk met DigLin+

De leerling leert strategieën te gebruiken voor het uitbreiden van zijn Duitse woordenschat.

Standaardrapportage (strikt vertrouwelijk)

TAALCOMPLEET. Nederlands voor anderstaligen KNM. 5 e druk 2016 ISBN KNM: Copyright: KleurRijker B.V.,

Naam leerlingen. Groep BBL 1 Nederlands. Verdiepend arrangement. Basisarrange ment. Leertijd; 5 keer per week 45 minuten werken aan de basisdoelen.

Didactische verantwoording. Allemaal taal. Taal en communicatie voor pedagogisch medewerkers in de kinderopvang en op de peuterspeelzaal

Docentenhandleiding TaalCompleet 2

Programmering Leerstof & Toetsing VWO

BEKNOPTE INFORMATIE UIT DE ALGEMENE DOCENTENHANDLEIDING

Vroeg vreemd (buur)taalonderwijs

DOCENTENHANDLEIDING. Lieske Adèr en Margreet Verboog. Een aanstekelijke manier om spreektaal te oefenen

My name is Tom is een methode Engels voor alle groepen van de basisschool.

Accelerative Integrated methodiek een doe -methode van elkaar leren

Verleg je grenzen! Waarom kiest ú voor het nieuwe Taalblokken? Taalblokken Nederlands Brochure MBO

- Zullen: een voorstel doen, praten over sterke voornemens, praten over alledaagse plannen, iets beloven

Woordenschat: Je gebruikt eenvoudige woordenschat om over jezelf en wat je meemaakt te vertellen, eventueel met behulp van een online vertaalsite.

Naam leerlingen. Groep BBL1 Engels. Verdiepend arrangement. Basisarrange ment. Leertijd; 3 keer per week 45 minuten werken aan de basisdoelen.

Deel 1, 2 en 3. Kroniek van het Nederlands als vreemde taal. Alice van Kalsbeek (Universiteit van Amsterdam)

SW-PORTAL VOOR BASISVAARDIGHEDEN

Aartsbisdom Mechelen-Brussel Vicariaat Onderwijs Diocesane Pedagogische Begeleiding Secundair Onderwijs

Common European Framework of Reference (CEFR)

Voorwoord. Wij wensen u veel plezier en inzicht in het gebruik van de leerlijnen! Team Mondomijn. Bedankt!

Go 100. Leer 100 Chinese karakters. Handleiding Go 100

Voorwoord. Graag bedanken we iedereen die een bijdrage heeft geleverd aan dit document:

De vragen sluiten aan bij de belevingswereld van de leerlingen en zijn onderverdeeld in de volgende vijftien categorieën:

1. INLEIDING 2. LESMATERIAAL

Niveaus Europees Referentie Kader

Verleg je grenzen! Compleet vernieuwd! Waarom kiest ú voor de nieuwe Taalblokken? Taalblokken Nederlands Brochure MBO

DELFTSE METHODE. 30 jaar Delftse methode: praktijkgericht, onconventioneel en natuurlijk.

Checklist Begrijpend lezen en woordenschat Curriculum Nederlands ? - + +

SLO-analyse Just do it! - Bekadidact

Doorlopende leerlijn vaardigheden Frans ERK (PO - havo/vwo) 2009 Streefniveaus en eindniveaus ERK per vaardigheid

Nederlands voor Arabisch taligen A0 A1/A2

2 x per week 45 minuten werken aan de basisdoelen, daarnaast verrijking en verdiepingswerk op Studiemeter.nl.

20/20 English Didactische verantwoording

VSO leerlijn Engels (uitstroom arbeid)

INTAKE INTERVIEW. We help you improve your English language skills.

WERKEN MET DE METHODE ZUGSPITZE. Toelichting voor de docent

Oranje stappers maak je zo

Van A tot Zorg Nederlandse taal in de zorg

Kan krom recht worden? De aanpak van ingeslepen taalfouten

Product Informatie Blad Toets Engels

Niveaus van het Europees Referentiekader (ERK)

WERKEN MET HET WOORDENBOEK. Een trainingsprogramma in woordenboekgebruik

Hoe te leren voor de UNIT toetsen

Taalblokken Duits Factsheet Keuzedelen

Europees Referentiekader

Transcriptie:

Docentenhandleiding Van Start Inleiding Doel Het doel van Van start is om midden-opgeleide NT2-leerders te stimuleren en te activeren om hun Nederlandse taalvaardigheid op A2-niveau te brengen. Ontstaansgeschiedenis Zowel voor laagopgeleiden als voor hoogopgeleiden was er al een breed assortiment aan NT2-lesmethodes beschikbaar. In het vakgebied ontstond echter een steeds grotere behoefte aan een totaalmethode voor midden-opgeleide NT2-leerders. Van start is geschreven om dit gat in het aanbod van NT2-lesmethodes op te vullen. Doelgroep Van start is een basismethode Nederlands als tweede taal voor middenopgeleide volwassenen binnen en buiten Nederland. De methode is gericht op anderstaligen die een opleiding (willen) volgen of een beroep (willen) uitoefenen op mbo-niveau. Maar ook voor hoger opgeleiden die in een wat lager tempo willen leren, is de methode heel geschikt. In termen van de inburgeringswetgeving kan de methode gebruikt worden door anderstaligen die het taalniveau A2 willen verwerven dat vereist is voor het inburgeringsexamen, of door anderstaligen die het A2-niveau willen verwerven om vervolgens verder te gaan met niveau B1, richting staatsexamen NT2 niveau I. In het laatste geval kunnen ze na het afronden van Van start verder gaan met de vervolgmethode Op dreef (van niveau A2 naar niveau B1). Niveau Een NT2-leerder kan met Van start beginnen als hij nog over geen enkele kennis van het Nederlands beschikt. Hij is een absolute beginner. Wanneer de NT2-leerder zijn Nederlands al heeft ontwikkeld tot niveau A1, kan hij bij thema 5 beginnen. De methode brengt de NT2-leerder op niveau A2 in termen van het Europees referentiekader (ERK). Met dit niveau beantwoordt hij aan de eisen van het taalniveau van het inburgeringsexamen. Ook kan hij ervoor kiezen om, na het afronden van Van start, verder te gaan met niveau B1 richting staatsexamen NT2 niveau I. Boom uitgevers Amsterdam, 2016 Van start 1

Materiaal De leergang bestaat uit een boek en een uitgebreide website (www.nt2school. nl). In het boek staan de thema s, een lijst met onregelmatige werkwoorden en de transcripten van de luisteroefeningen. Op de website is het volgende materiaal te vinden: de geluidsfragmenten; de antwoordsleutels van de oefeningen; extra materiaal voor de docent; de docentenhandleiding; de totale woordenlijst (alfabetisch) met vertalingen in Arabisch, Engels, Frans en Spaans. Tijdsinvestering Elk thema in het boek bestaat uit deel A en deel B. Als een les twee uur zou duren, zou een docent ongeveer drie lessen nodig hebben om een deel door te werken. In totaal komt dat neer op zes lessen voor een thema (twaalf uur per thema). Dit betekent een totaal van zesennegentig contacturen. Daarnaast moet de cursist nog minimaal zestig uur aan zelfstudieopdrachten besteden. Dit is een algemene inschatting van de tijdsinvestering die nodig is om het boek door te werken. We benadrukken dat dit per groep en per individuele NT2-leerder kan verschillen, afhankelijk van taalachtergrond, taalgevoeligheid en persoonlijke omstandigheden. Ook is het belangrijk dat NT2-leerders gestimuleerd worden om regelmatig het taalaanbod van de methode te herhalen, zodat de stof niet alleen passief maar ook actief is verworven. Boom uitgevers Amsterdam, 2016 Van start 2

Didactische achtergrond Met het leren van een nieuwe taal maakt elke taalleerder een nieuwe start. Dit kan spannend en inspirerend zijn. Met Van start krijgen NT2-leerders een gestructureerde en plezierige leeromgeving aangeboden, zodat ze hun taalniveau kunnen ontwikkelen en het Nederlands met veel vertrouwen kunnen gebruiken in het dagelijks leven. Van start is gebaseerd op de volgende vier pijlers: 1 Het Europees Referentiekader (ERK) 2 Het ABCD-model van Neuner 3 Praktisch, toepasbaar taalaanbod 4 Contextgerelateerd onderwijs 1 Het Europees referentiekader (ERK) In het Europees Referentiekader staat beschreven wat een taalleerder beheerst wanneer hij niveau A2 heeft verworven, gespecificeerd voor luister-, lees-, spreek- en schrijfvaardigheid. De ontwikkeling van Van start is hier sterk op gebaseerd. Dat wil zeggen dat het Europees Referentiekader een leidende rol heeft gespeeld bij de keuze voor woordenschat, grammatica, thematiek en werkvormen. Elke thema is voorzien van nieuw taalaanbod (dialogen, taalhulp, extra luister- en leesteksten en grammatica) met bijbehorende werkvormen (open vragen, invuloefeningen, schrijf- en spreekopdrachten en werkvormen ter activering van de grammaticaregels). Met deze variatie aan taalaanbod en werkvormen kan de NT2-leerder alle taalvaardigheden tot het A2-niveau van het ERK ontwikkelen. 2 Het ABCD-model van Neuner Het ABCD-model van Neuner is bepalend geweest bij de ontwikkeling van Van start. We zullen hier eerst het model van Neuener presenteren. Vervolgens zullen we toelichten waarom dit model zo belangrijk is voor Van start en de doelgroep. Dit zullen we ook toelichten met een voorbeeld uit het boek. 2.1 De oefeningentypologie van Neuner De oefeningentypologie van Neuner beschrijft de ideale opbouw van oefeningen in het (communicatieve) taalonderwijs, en onderscheidt in die opbouw 4 fasen. Deze fasen zijn opgebouwd van receptief, via reproductief naar productief. Ook bouwen ze op van gesloten naar open, en van voorspelbare naar onvoorspelbare oefeningen. Hieronder een korte omschrijving van elk van de fasen. A: De oefeningen in deze fase zijn vooral gericht op receptieve taalvaardigheden. In deze zogenaamde semantiseringsfase staat het aanbieden van taalmiddelen centraal. Dat wil zeggen dat de nadruk ligt op het begrijpen van teksten (zowel in gesproken als in geschreven vorm). De vaardigheden zijn daarom met name luisteren en lezen. B: In de B-fase worden de taalmiddelen ingeslepen. We noemen deze fase dan ook de consolideringsfase. Concreet gezegd wordt hier de taal (woorden, zinnetjes, grammaticale structuren) aangeboden en geoefend Boom uitgevers Amsterdam, 2016 Van start 3

die nodig is om te kunnen communiceren in de doeltaal. De oefeningen zijn vaak sterk gestructureerd. Zelf spreken en schrijven komen voor het eerst aan bod. C: De volgende fase biedt de leerlingen de ruimte om de taal die in de vorige twee fasen opgestoken is te gaan produceren en zo uitdrukking te geven aan eigen ideeën. De taalproductie in deze fase is nog gestuurd. D: In deze laatste fase komen de leerlingen tot vrije productie van de taal, waarbij ze slechts weinig of zelfs geen hulpmiddelen meer aangeboden krijgen. Het doel is hier om echte communicatie tot stand te brengen. 2.2 Het belang van het ABCD-model voor Van Start en de doelgroep Van start is geschreven voor middenopgeleide NT2-leerders. Het leren van de taal kan voor deze doelgroep als lastig worden ervaren. Er is zo veel te leren. Waar moet je beginnen? Wij zijn van mening dat een taalleerder zijn taal zo goed mogelijk kan ontwikkelen met een methode waarin rekening wordt gehouden met het ABCD-model van Neuner. Met een stap-voor-stap-aanpak waarbij een taalleerder steeds begeleid wordt van receptieve oefeningen naar vrije productie, zal hij ervaren dat het leren van de taal een behapbaar proces is. Zeker op A-niveau bestaat het leren van een taal uit blokjes aanbod die op een logische manier op elkaar gestapeld kunnen worden. Voordat een taalleerder verder kan stapelen zal hij de stappen A, B, C en D moeten doorlopen om een stevige basis te hebben voor het volgende blok. De taalleerder zal baat hebben bij deze gestructureerde aanpak. Door eerst de mogelijkheid te krijgen om te luisteren, te lezen en te kopiëren, zal hij met meer zekerheid de stap zetten naar vrije productie. Hierdoor zal hij het leren van het Nederlands als een plezier gaan ervaren. Ook voor de docent biedt het een handig houvast bij het voorbereiden van de lessen. 2.3 Een praktijkvoorbeeld In deze paragraaf willen we het belang van het ABCD-model illustreren aan de hand van een voorbeeld uit Van start. Het gaat om de taalhulp Café en restaurant en oefening 12 tot en met 16 (thema 5A, pagina 143 tot en met 148). A: Het taalaanbod wordt geïntroduceerd met een taalhulp (maaltijden en gangen, lekker of niet? Een dialoog in een café/restaurant) en met oefening 12. De NT2-leerder kan naar het taalaanbod luisteren en meelezen. Hij bevindt zich dus in de receptieve fase. B: Bij oefening 13 worden voorbeelddialogen als luistertekst aangeboden (bij een lunchcafé, snackbar en restaurant) waarbij de NT2-leerder ontbrekende zinnen moet invullen. Hij kan dus voor het eerst zelf schrijven, maar de oefening is nog sterk gestuurd. Het gaat eigenlijk om kopiëren. C: Oefening 14 is een oefening waarbij de NT2-leerder antwoord moet geven op vragen die over de taalhulp en de dialogen gaan. Hij kan dus nu de verworven taal zelf gaan produceren. Bij oefening 15 kan hij uitdrukking geven aan zijn eigen ideeën over eten en drinken, thuis of in een etablissement. Boom uitgevers Amsterdam, 2016 Van start 4

D: Bij oefening 16 kunnen NT2-leerders in tweetallen zelf dialogen spreken bij de menukaartjes van oefening 13. Bij deze laatste stap gaat het om vrije productie. Het meeste taalaanbod en bijbehorende oefeningen in Van start zijn gebaseerd op dit model. Dit zorgt ervoor dat er in de lessen een goede balans ontstaat tussen aanbod en uitleg van de docent en oefeningen waarbij de NT2- leerder zelf aan de slag kan gaan. In het laatste geval kan de docent rondlopen voor vragen en feedback. Ten slotte kan de docent oefeningen weer klassikaal bespreken. 3 Praktisch toepasbaar taalaanbod Bij het ontwikkelen van Van start hebben we gekozen voor taalaanbod dat de NT2-leerder direct kan toepassen in zijn dagelijks leven. Dit hangt ook weer nauw samen met de beschrijvingen van het Europees Referentiekader. Dit betekent dat de dialogen en voorbeeldzinnen aansluiten bij de dagelijkse praktijk: persoonlijke gegevens beschrijven, afspraken maken, boodschappen doen, iets bestellen. Ook sluiten de grammaticablokken in het boek zo veel mogelijk aan bij het thema waarin ze worden aangeboden. Het gebruik van er als plaats wordt bijvoorbeeld aangeboden in het thema waarin de weg vragen en plaatsen in de stad worden behandeld. Bij de grammaticaoefeningen worden woorden gebruikt die in het thema aangeboden zijn. Dit zorgt voor een extra herhalingsmoment. 4 Contextgerelateerd taalaanbod Het taalaanbod van Van start vindt altijd plaats in een natuurlijke context, of het nu gaat om woordenschat, zinnen van een taalhulp of een grammaticale structuur. Wanneer taalaanbod geïsoleerd wordt aangeboden, zal de taalleerder niet weten hoe hij het in de praktijk kan gebruiken. Het woord afspraak krijgt bijvoorbeeld pas echt betekenis als hij weet met welke werkwoorden het gebruikt kan worden: een afspraak maken, verzetten, afzeggen. Pas dan zal hij het woord in een zin kunnen gebruiken. Hetzelfde geldt voor grammatica. Het uit het hoofd leren van de onregelmatige werkwoorden zal bijvoorbeeld alleen nuttig zijn, als het werkwoord ook in een voorbeeldzin aangeboden wordt. Boom uitgevers Amsterdam, 2016 Van start 5

Thema s Van Start bestaat uit de volgende acht thema s: Thema 1 Thema 2 Thema 3 Thema 4 Thema 5 Thema 6 Thema 7 Thema 8 Kennismaken en begroeten Persoonsgegevens Familie en relaties Boodschappen doen, de weg vragen Iets afspreken Reizen, openbaar vervoer Wonen Gezondheid Eigenlijk bevat het boek zestien afgeronde units, omdat elk hoofdstuk bestaat uit deel A en deel B. In deel A wordt het thema geïntroduceerd en basiswoordenschat en grammatica aangeboden. In hoofdstuk B wordt het thema verder uitgebouwd. Elk deel heeft een gemiddelde lengte van 15 pagina s. In de inleiding (paragraaf tijdsinvestering) vindt u suggesties over de gemiddelde lestijd per thema en de tijd die de cursist daarnaast aan zelfstudie zou moeten besteden. Boom uitgevers Amsterdam, 2016 Van start 6

Opbouw per hoofdstuk De delen A en B hebben grotendeels dezelfde opbouw. U vindt in elk deelhoofdstuk de volgende onderdelen: Openingsdialogen Bij de openingsdialogen is het transcript opgenomen in de les. Erboven staat steeds de instructie A Luister naar de dialogen. Lees mee. De dialogen zijn te horen op de website, en de cursisten kunnen direct meelezen. Zo kunnen ze vertrouwd raken met het thema en kan de docent direct aandacht besteden aan woorden en taalhulp die later in de les terugkomen. U kunt er als docent ook voor kiezen om de dialogen eerst te laten horen zonder de tekst erbij, om de luistervaardigheid te trainen en de vragen bij de dialogen wat uitdagender te maken. Onder de dialogen volgt een selectie van zinnen uit de dialogen (B). De audio hiervan staat ook op de website. Na elke zin is er een korte pauze waarin de cursist de zinnen kan naspreken. De website heeft overigens geen opnamefunctie, maar als de cursist zijn eigen uitspraak wil terughoren, zou hij de oefening kunnen inspreken op een mobiele telefoon of andere voice recorder. Woorden Na de openingsdialogen volgen enkele oefeningen onder het kopje woorden. Hierin worden de nieuwe woorden geoefend die in de openingsdialogen voorkomen. De meeste oefeningen zijn multiple choice: binnen een zin: Kies het goede woord of voor de hele oefening Vul in. Kies uit: waarbij de te kiezen woorden in alfabetische volgorde boven de oefening staan. In de laatste thema s wordt dit afgewisseld met wat meer productieve oefeningen. Taalhulp De term taalhulp is bedacht voor de al langer bestaande reeks voor hoger opgeleiden (De opmaat, De sprong en De finale) en wordt ook gebruikt in Van start. De taalhulp bevat praktische overzichten en zinnen die de cursist nodig heeft voor bepaalde taalfuncties (b.v. kennismaken, een afspraak maken, boodschappen doen, informatie vragen, etc.). De taalhulp is ingesproken en kan op de website beluisterd worden. Na de meeste taalhulpschema s volgt een naspreekoefening (Taalhulp-luisteren en lezen). De audio van deze oefening staat ook op de website, met pauzes tussen de zinnen. De instructie bij deze oefeningen is steeds: A Luister en lees mee. B Luister, lees mee en zeg na. C Luister nog een keer en zeg na. Kijk niet in het boek. Op deze manier zal de cursist zich de zinnen beter kunnen eigenmaken, maar uiteraard bent u vrij om van de instructie af te wijken, afhankelijk van de studievaardigheid van uw cursisten. Boom uitgevers Amsterdam, 2016 Van start 7

Grammatica Ook in Van start is er relatief veel aandacht voor grammatica. Vergeleken met De opmaat zijn de stappen wel wat kleiner en worden bepaalde thema s nog niet aangeboden (b.v. imperfectum en reflexieve werkwoorden worden wel in De opmaat, maar niet in Van start behandeld). De theorie wordt direct gevolgd door wat receptieve oefeningen ( Kies de goede vorm, Vul de goede vorm in, etc.) en verderop in het thema vindt de cursist enkele meer productieve oefeningen (spreken: vraag-antwoord en schrijven: zinnen afmaken). Bij deze oefeningen gaat het in eerste instantie om communicatie. De grammaticale structuur wordt hier impliciet geoefend en is dus een middel, geen doel op zich. Bij de terminologie hebben we ervoor gekozen zowel de Nederlandse (b.v. enkelvoud-meervoud) als Latijnse term (singularis-pluralis) te geven. Veel docenten zullen hier waarschijnlijk hun twijfels bij hebben ( Wat moeten middenopgeleiden met die abstracte termen? ). We realiseren ons de verschillen in visie hierop in het werkveld, maar we hebben de Latijnse termen toch toegevoegd vanwege de herkenbaarheid in andere talen. Om een voorbeeld te noemen: voor veel cursisten (ook de minder hoog opgeleiden) is de term presens makkelijker te herleiden dan onvoltooid tegenwoordige tijd. Of, en zo ja, welke grammaticale termen u zelf expliciet wil aanbieden, daarin bent u uiteraard vrij. Luisteren De luisteroefeningen die niet aan het begin van een thema staan, verschillen van de openingsdialogen omdat de cursist de tekst nu niet kan meelezen. Zo worden het dus echte luisteroefeningen. De transcripten van deze oefeningen zijn wel opgenomen als appendix in het boek (vanaf pagina 265). Indien gewenst, kunt u de cursisten naar deze transcripten verwijzen of ze in de les gebruiken voor de uitleg van vocabulaire en uitdrukkingen. Lezen Leesvaardigheid komt op twee manieren aan bod. 1 In combinatie met luisteren. De tekst van de openingsdialogen (A) en de daar-uit geselecteerde zinnen (B) staan in het boek, dus de cursist kan de tekst meelezen tijdens het luisteren. Bij luisteroefeningen verderop in elk thema is de tekst niet in de les opgenomen (zie ook de uitleg bij de paragraaf Luisteren) 2 In korte, authentieke leesteksten. In de eerste thema s is dit nog nauwelijks mogelijk, maar vanaf thema 3 worden deze teksten geleidelijk aan geïntroduceerd.. Het gaat dan voornamelijk om informatieve teksten (b.v. openingstijden van winkels, de ov-chipkaart, medicijngebruik, advertenties van studentenkamers, etc.). De teksten zijn afkomstig van websites en zijn soms wat vereenvoudigd, maar we hebben ernaar gestreefd ze zo authentiek mogelijk te houden. Boom uitgevers Amsterdam, 2016 Van start 8

Spreken Spreekvaardigheid wordt op verschillende manieren geoefend. 1 In oefeningen gekoppeld aan taalhulp: deze oefeningen zijn nog sterk gestructureerd. De cursist kan hier de aangeboden zinnen uit de taalhulp toepassen in naspreekoefeningen (individueel) en in vraag-antwoordoefeningen (in tweetallen). De laatstgenoemde oefeningen worden soms gecombineerd met schrijfvaardigheid: cursisten stellen elkaar vragen en schrijven de informatie op. 2 In oefeningen gekoppeld aan grammatica: cursisten stellen elkaar vragen waarin een bepaalde grammaticale structuur wordt geoefend. De vragen zijn realistisch en dus niet bedoeld als grammatica-drill. De grammaticale structuur wordt zo wel impliciet geoefend (voorbeeld: thema 3, oefening 18) 3 In open spreekoefeningen. Deze oefeningen staan meestal ergens aan het eind van een thema. De cursisten kunnen nu wat vrijer met elkaar spreken in tweetallen of kleine groepjes. De gespreksonderwerpen houden wel verband met het behandelde thema, zodat de cursist het aangeboden vocabulaire en de taalhulp nogmaals kan oefenen. Schrijven Ook schrijfvaardigheid wordt op verschillende manieren geoefend. 1 In oefeningen gekoppeld aan taalhulp, b.v. het invullen van een formulier (persoonsgegevens), een werkdag beschrijven (tijd + activiteit), de tekst van een dialoog compleet maken (telefoneren). 2 In oefeningen gekoppeld aan grammatica, b.v. zinnen schrijven met: Hij zegt dat (indirecte rede, bijzin). Elk thema (les B) wordt afgesloten met een schrijfoefening: Maak de zinnen af waarin de aangeboden grammatica terugkomt. 3 In meer open schrijfoefeningen, bv. een e-mail afmaken, een reactie op Facebook zetten, instructies noteren. Woordenlijsten Elk thema wordt afgesloten met een woordenlijst van de in dat thema (dus deel A en deel B samen) aangeboden nieuwe woorden. Bij de zelfstandige naamwoorden is het lidwoord en de meervoudsvorm toegevoegd, bij de werkwoorden de infinitief. De woordenlijsten zijn niet vertaald, maar naast elk woord is schrijfruimte voor de cursist om, indien gewenst, een notitie toe te voegen (b.v. de vertaling, of een synoniem). Stimuleer uw cursisten om na elk thema deze woordenlijsten regelmatig te herhalen om de woordkennis te activeren. Op de website van het boek zijn de acht woordenlijsten gecombineerd tot één complete alfabetische woordenlijst, vertaald in vier talen: Arabisch, Engels, Frans en Spaans. Boom uitgevers Amsterdam, 2016 Van start 9