Informatie Opleiding Leren van Delict (LvD) Den Dolder, mei 2014 Versie: 2.0 Auteur(s): Heidi van der Kuil/Sanne Hillege Dolderseweg 120, 3734 BL Den Dolder Postbus 37, 3734 ZG Den Dolder T 088 8800300 E info@180.nl I www.180.nl
De interventie en de bijbehorende opleiding De interventie Leren van Delict Gedragstraining voor jongeren die een gewelddadig delict pleegden, is te typeren als een cognitief-gedragsmatige interventie. Bij deze interventie leren jongeren sociaal-probleemoplossende vaardigheden waarbij het gepleegde delict en wat daaruit te leren valt telkens centraal staat. In de training gaat het om beïnvloeden van cognities en het aanleren van ander, prosociaal gedrag. De interventie beoogt bij de jongeren het volgende te bereiken; 1. het inzicht van de jongere in de eigen delictketen wordt vergroot, 2. de cognities die een jongere heeft over zichzelf en anderen wordt beïnvloed, 3. de jongere leert gevoelens en waarschuwingssignalen bij zichzelf te herkennen, 4. de jongere leert welke gevolgen zijn gedrag heeft en hoe hij zich in sociale situaties kan opstellen; ofwel sociaal-probleemoplossende vaardigheden. De interventie is met name gericht op het individuele functioneren van de jongere. Het programma, de interventie, wordt uitgevoerd door gedragswetenschappers werkzaam binnen een justitiële instelling. Zij voeren de individuele gesprekken met de jongeren in de 3 fasen van de interventie. Voordat de interventie kan worden uitgevoerd, dient een opleiding tot trainer leren van Delict te worden gevolgd. Binnen de Opleiding tot trainer Leren van Delict worden medewerkers getraind in het bespreken van de delictanalyse met de jongeren en de ouders, in het herkennen van verhoogde risicosituaties en jongeren leren hiermee om te gaan in de praktijk door het aanbieden van probleemoplossende vaardigheden. Tevens leren deelnemers om te gaan met weerstand van jongeren en cultuurverschillen die de overdracht van het programma belemmeren. De inhoud van de opleiding De opleiding tot trainer Leren van Delict is een combinatie van theorie, praktijk en vaardigheden oefenen. Ten behoeve van elk dagdeel wordt door de deelnemers relevante casuïstiek ingebracht. De training behelst 8 dagdelen, waarin de volgende zaken aan de orde komen; Dagdeel 1: uitleg en nadere beschouwing over de inhoud, theoretische achtergrond en de opbouw van de interventie. Geoefend wordt het onderdeel Uitleg van een delictbespreking aan de hand van een ingebrachte casus. Dagdeel 2: de relatie tussen risicotaxatie en Leren van Delict wordt uitgelegd met speciale aandacht voor de specifieke criminogene factoren die in Leren van Delict worden aangepakt. Aandacht wordt besteed aan de werkzame werkvormen, de samenwerking met de co-trainer en de presentatie aan de ouders. Geoefend wordt het onderdeel In kaart brengen delictgeschiedenis. Dagdeel 3: tijdens dit dagdeel staat de motiverende gespreksvoering van Miller & Rollnick centraal. Naast de theorie hierover wordt er geoefend met rollenspelen om deze vaardigheid onder de knie te krijgen. Dagdeel 4: Deelnemers krijgen uitleg over het gebruik van rollenspelen en het gebruik van de video. Aansluitend wordt er geoefend aan de hand van een concrete casus gericht op het onderdeel Bespreken delictanalyse met ouders. TYP HIER DE TITEL 2
Dagdelen 5 en 6: deelnemers oefenen aan de hand van rollenspelen de verschillende fasen van de interventie. Speciale aandacht is er voor de competenties die nodig zijn om als trainer goed te kunnen functioneren (motiverende gespreksvoering, duidelijke communicatiestijl, goede instructies geven, omgaan met weerstanden, gebruik van video). Dagdeel 7: in dit dagdeel komen de onderwerpen cross culturele verschillen en verschillen in cognitieve niveaus aan de orde en de consequenties hiervan voor het verloop van de interventie leren van Delict. Dit onderwerp wordt verder uitgediept aan de hand van rollenspelen. Dagdeel 8: dit dagdeel staat in het teken van Hoe ga ik om met moeilijke momenten? Het dagdeel wordt afgesloten met een eindtoets en de opleidingsevaluatie. Alle deelnemers worden beoordeeld door de opleiders. Een trainer kan pas starten met een training als alle onderdelen tenminste als voldoende worden beoordeeld door de opleiders. Het competentieprofiel van ieder trainer wordt besproken en schriftelijk vastgelegd en vervolgens verstuurd naar de programmacoördinator. Dit competentieprofiel vormt de basis voor verder supervisie en intervisie. Het materiaal dat aan de deelnemers uitgereikt wordt, kent de volgende handleidingen/werkboeken: 1. programmahandleiding LvD 2. theoretische handleiding LvD 3. werkboek LvD 4. persoonlijk doelenboek LvD 5. Handouts 6. Literatuurbundel Doelstelling(en)en doelgroep van de training Het hoofddoel van de interventie Leren van Delict is voorkomen dat jongeren opnieuw gewelddadige delicten plegen. De uitvoering van de interventie is gericht op het verminderen van de kans op gewelddadige recidive, het verminderen van de kans op het plegen van andersoortige (niet-gewelddadige) delicten en het verminderen van betrokkenheid van de jongeren bij (gewelddadige) incidenten tijdens zijn verblijf in de inrichting. Het doel van de bijbehorende opleiding is om de deelnemers/trainers voor te bereiden op het uitvoeren van de gedragsinterventie LvD bij jongeren. Daartoe leert de trainer de inhoud van de training en is vervolgens in staat deze kennis ook toe te passen. De doelgroep van de opleiding betreft gedragswetenschappers.
Toelatingsvereisten Een trainer moet een universitaire opleiding in de gedragswetenschappen hebben afgerond en de SAVRY training en YOUTURN training gevolgd hebben. Daarnaast beschikken zij over de volgende competenties: 1. kennis van de problematiek van de doelgroep, mede nodig om een functieanalyse en hypothesen gerelateerd aan het delictgedrag te kunnen opstellen, 2. gedrag van een persoon kunnen afkeuren maar niet de persoon zelf, 3. jongeren durven confronteren en aanspreken op zijn gedrag op een professionele en niet-veroordelende wijze, 4. kennis van de cognitieve gedragstherapie en de meeste relevante modellen kunnen toepassen en uitdragen (model vijf G s, sociale informatie verwerking, delictketen, 5. een professionele- en niet veroordelende opstelling in confrontatie met andere waarden en normen. Te behalen kwalificatie en voorwaarden waaronder Er is een 100% aanwezigheidsverplichting. Elk dagdeel wordt afgesloten met schriftelijke of mondelinge evaluatie. Voor de schriftelijke evaluatie wordt een evaluatieformulier ingezet. Na vier dagdelen (2 dagen) vindt een tussenevaluatie plaats. Na het voltooien van de trainingscyclus vindt een eindtoets plaats. De opleiders beoordelen of de deelnemer de opleiding met positief resultaat afgesloten heeft. Bij een positieve beoordeling wordt het certificaat uitgereikt. Speciale voorwaarden verbonden aan de training De interventie/programma LvD is een door de door erkenningscommissie van Justitie erkende interventie. Dit betekent dat een instelling die de interventie uitvoeren zich aan de volgende voorwaarden moet houden: 1. De organisatie, faciliteiten en de financiële randvoorwaarden moeten in orde zijn. 2. In de begroting van de inrichting wordt rekening gehouden met de kosten die het invoeren van de trainingen, inclusief de opleiding van trainers en co-trainers, beloningsbeleid, tijdinvestering, extra formatie etc. met zich meebrengt. 3. Alle instellingen die met de interventie/programma LvD willen werken, moeten zich houden aan het integriteitsbeginsel, inhoudende dat de uitvoering conform de handleidingen verloopt. Om dit te monitoren moet een instelling een programmacoördinator hebben. Deze houdt per justitiële jeugdinrichting in de gaten of Leren van Delict op de afgesproken manier wordt uitgevoerd. Tevens ondersteunt en begeleidt de programma coördinator de trainers met intervisie of supervisie.
De studiebelasting van de training De opleiding voor trainer Leren van Delict is door Stichting 180 voor accreditatie voorgelegd aan het Beroepsregister voor agogen en maatschappelijk werkers (Bamw). Trainingen/cursussen die bijdragen aan competentieversterking en het methodisch handelen van professionals (op basis van beroepsprofielen van maatschappelijk werkers en andere sociaal agogen en het competentieprofiel Jeugdzorgwerker) komen in aanmerking voor toekenning van registerpunten. Professionals kunnen op basis van die punten en hun eigen registratie laten zien dat zij zich voortdurend bijscholen. In onderstaande tabel is de waardering van de BAMw weergegeven. Naam Training 4-daagse opleiding tot trainer LvD VGCT accreditatiepunten K&J/OG accreditatiepunten Aantal contacturen Aantal studiebelastinguren 32 32 32 8 Tot slot Nadere informatie over de inhoud van de opleiding is te verkrijgen bij: Heidi van der Kuil, HvanderKuil@intermetzo.nl landelijk programma coördinator Leren van Delict. Sanne Hillige, s.hillege@debascule.com Informatie over de eerstvolgende opleiding en inschrijving is te verkrijgen bij het Bedrijfs Bureau van Stichting 180. Te bereiken onder nummer 088-8800320.