Werkblad:weersverwachtingen



Vergelijkbare documenten
Manieren om een weersverwachting te maken Een weersverwachting kun je op verschillende manieren maken. Hieronder staan drie voorbeelden.

Leerlingboekje Sonnenborgh

Het klimaat is het gemiddelde weer in een bepaald gebied over een langere tijdsperiode. Meestal wordt hiervoor 30 jaar gebruikt.

HFDST 6. HET WEER IN ONZE STREKEN

Een les met WOW - Luchtdruk

Wat is Meteorologie?

Een les met WOW - Luchtdruk

Samenvatting aardrijkskunde H9:

Thema 5 Weer en klimaat

H4 weer totaal.notebook. December 13, dec 4 20:10. dec 12 10:50. dec 12 11:03. dec 15 15:01. Luchtdruk. Het Weer (hoofdstuk 4)

Samenvatting natuurkunde Recht evenredig verband =als de ene grootheid 2x zo groot wordt, is dat met de andere grootheid ook zo.

K1 Geofysica. Diagnostische toets. Weer en klimaat vwo. Paragraaf 1.2 Atmosfeer

Inhoud. Praktische gegevens 3 - Doelgroep - Leerdoelen - Tijdsduur - Aansluiting bij lesmethoden - Keuze van de onderzoeksplek

Leren voor de biologietoets. Groep 8 Hoofdstuk 5

12. Depressies, fronten en andere neerslagproducerende weersystemen

Samenvatting Aardrijkskunde 4.1 t/m 4.6

THEMA 4 - WEERSVOORSPELLING

Het weer hv123. CC Naamsvermelding-GelijkDelen 3.0 Nederland licentie.

Inhoud 1. Wat voor weer wordt het? 3 2. Het weerbericht 4 3. Temperatuur 5 4. Wind 5. Neerslag 6. Bewolking Filmpje Pluskaarten Bronnen 17

> Schatting van de verplaatsingssnelheid

De leerling: weet wat luchtdruk is weet dat je met een barometer de luchtdruk kunt meten

Een les met WOW - Wind

Samenvatting Aardrijkskunde Hoofdstuk 2

Regen en het weer voorspellen

KLIMAAT GLOBAAL. We beginnen met enkele observaties: aardrijkskunde 4 e jaar. De zonnehoogte in Ukkel doorheen de dag, doorheen het jaar.

Theorie windmodellen 15.1

Lesvoorbereiding Student leraar secundair onderwijs groep 1

6. Luchtvochtigheid. rol bij het A g g r e g a t i e t o e s t a n d e n v a n w a t e r. 6.1 inleiding. 6.2 Aggregatietoestanden

Les 5: Factoren van weer en klimaat

BOUW JE EIGEN WEERSTATION MET METEOZ

De kap. Wijs aan: gordingen zwaardstijlen wolfsbalkjes brilstuk (achterkeuvelensbalk) hoekstijltjes raamstijl

Aanvulling lesmateriaal brandweerduiker A2 en B1

3. De atmosfeer. 3.1 Verticale indeling

De kap. Wijs aan: gordingen zwaardstijlen wolfsbalkjes brilstuk (achterkeuvelensbalk) hoekstijltjes raamstijl

Werkstuk ANW Weersvoorspelling

Werkblad Naut Thema 5: Weer en klimaat

Het weer. CC Naamsvermelding 3.0 Nederland licentie.

11. Weersituaties Inleiding Weertype

Inspectie Verkeer en Waterstaat

Lessenserie bij WOW. Weather Observations Website HAVO - VWO. WOW lessenserie 1

Klimaat is een beschrijving van het weer zoals het zich meestal ergens voordoet, maar ben je bijvoorbeeld in Spanje kan het ook best regenen.

Aardrijkskunde samenvatting H2: Klimaat: is een beschrijving van het gemiddelde weer over een periode van 30 jaar.

Een les met WOW - Temperatuur

PRAKTISCHE ASPECTEN VAN DE SYNOPTISCHE WEERANALYSE

Het weer: docentenblad

Veranderend weer en klimaatverandering

Een les met WOW - Wind

THEMA 3 WEER & KLIMAAT. LES 1 Een echte meteoroloog. Deze les gaat over: Bij dit thema horen ook: Meten met weerinstrumenten

Een les met WOW - Temperatuur

Een les met WOW - Neerslag

neerslag: regen, hagel en sneeuw ringen in het weer waarnemen regen meten

Van de regen in de drup

Lessenserie bij WOW. Weather Observations Website VMBO. WOW lessenserie 1

WOW-NL in de klas. Les 2 Aan de slag met WOW-NL. Primair Onderwijs. bovenbouw. WOW-NL Les 2 1

Pedagogische ACTIVITEITEN

Storm in het nieuws!

Beknopt Stormrapport 17 juli 2004

Het weer van 28 april 2012

Naam: klas:1 nr: Datum: Lesuur:

Een les met WOW - Neerslag

Docenteninformatie. Leerlingenmateriaal. Lesbrief. Winterstormen op de Atlantische Oceaan

Examen Inleiding Atmosfeer 8 mei 2014 EXAMEN INLEIDING ATMOSFEER. 8 mei 2014, 13:30-16:30 uur

1. De atmosfeer Weerkaart voor zaterdag 9 januari 2010

Toets_Hfdst2_WeerEnKlimaat

Thema: De K van Moeilijkheid : ** Ruimte aarde milieu Tijdsduur : *** Weerboekje. Na deze opdracht weet meer over temperatuur, onweer en de weerkaart

Wat is weer? Definitie. Atmosfeer

Samenvatting Aardrijkskunde Weer en Klimaat hoofdstuk 3

- Meteorologie. zaterdag 1 november :21. Deltavliegen Pagina 1

Samenvatting Aardrijkskunde Hoofdstuk en

Tentamen Inleiding Atmosfeer 3 mei 2016 UITWERKINGEN TENTAMEN INLEIDING ATMOSFEER. 3 mei 2016, 13:30-16:30 uur

Samenvatting Aardrijkskunde Hoofdstuk 2

Meteorologie. In de meteorologie wordt de luchtdruk uitgedrukt in:

1 Kun je aan planten zien wat je aan moet?

Twisters: linksom of rechtsom? -Vragen en opdrachten bij de lesposter-

bij een examen de antwoorden van iemand anders proberen te lezen en te gebruiken

Opdrachten bij Weer en klimaat. (Tekstboek en de ELO) Temperatuurverschillen op aarde.

Meteorologie. Cirrus, cirrocumulus en cirrostratus zijn; A lage bewolking B middenbewolking C hoge bewolking. 1) Altocumulus en altostratus zijn ;

De algemene luchtcirculatie

Spreekbeurten.info Spreekbeurten en Werkstukken

Het weer vmbo-kgt34. CC Naamsvermelding 3.0 Nederland licentie.

De massadichtheid, dichtheid of soortelijke massa van een stof is de massa die aanwezig is in een bepaald

Handleiding bij lessenserie WOW

7,5. Samenvatting door Anne 867 woorden 12 april keer beoordeeld. Aardrijkskunde. paragraaf 2. klimaten wereldwijd.

In een hogedrukgebied: o Is weinig bewolking o Is weinig wind o Is het zomers warm en s winters koud.

7,8. Samenvatting door een scholier 1815 woorden 30 november keer beoordeeld

4. Straling, warmte, temperatuur

Opdrachten bovenbouw hv

hoofdstuk AK Noordhoff Uitgevers bv

Zorg en Hoop 0.8. Nickerie 0.0 Hoogste waarde Kustgebied: Albina 18.0 Hoogste waarde Binnenland: Laduani 19.6

Tentamen Inleiding Atmosfeer 11 mei 2017 TENTAMEN INLEIDING ATMOSFEER. 11 mei 2017, 13:30-16:30 uur

Het kleine proefjesboek. Ik ben weerman/weervrouw

* Hoeveel daalt de luchtdruk als we alleen al de troposfeer doorlopen van onder naar boven?

Werkkatern 3 Hoog boven ons hoofd. Het weer waarnemen en meten

ONDERZOEKERS:...(vul je naam in) Volg de aanwijzingen en ontdek met de cijfercode wat de naam van de boom is. Onze boom heet :...

Anemometer PCE-007 precisie anemometer met dockconnector, geheugen en software voor het meten van de luchtsnelheid, de temperatuur en de volume stroom

Transcriptie:

Weersverwachtingen Radio, tv en internet geven elke dag de weersverwachting. Maar hoe maken weerdeskundigen deze verwachting, en kun je dat niet zelf ook? Je meet een aantal weergegevens en maakt zelf een verwachting. Daarna ga je dieper in op een paar belangrijke weerbouwstenen die je moet kennen om een professionele weersverwachting te kunnen maken. Manieren om een weersverwachting te maken Een weersverwachting kun je op verschillende manieren maken. Hieronder staan drie voorbeelden. De bestendigheid methode gaat er vanuit dat de omstandigheden die het weer bepalen niet zullen veranderen. Dus, als het vandaag overwegend bewolkt was en er 2 mm regen is gevallen, zal dat morgen ook gebeuren. Deze methode is vooral geschikt voor regio s waar het weer weinig verandert. De trend methode kijkt naar de richting en snelheid van o.a. hoge- en lagedrukgebieden en regenzones. Als een regengebied zo n 300 km ten westen van ons ligt en met een snelheid van 100 km per dag naar het oosten opschuift, dan zal het hier over 3 dagen gaan regenen. Deze methode werkt goed als de weersystemen zoals drukgebieden en fronten vrij constant blijven verplaatsen en niet van snelheid of richting veranderen. De analogie methode kijkt naar de weerkaart van vandaag en vergelijkt de situatie met een vergelijkbare situatie in het verleden. Je gaat er dan vanuit dat wat er toen gebeurde, nu ook zal gebeuren. Stel, het is vandaag warm en erg zonnig, maar er komt een koufront aan. Dit gebeurde twee weken geleden ook, en toen ging het onweren toen s avonds het koufront aankwam. Dus je verwacht hetzelfde voor vandaag. Deze methode werkt alleen goed als je echt een vergelijkbare situatie (=analogie) kunt vinden. Opdracht 1. Lees de tekst over manieren om weersverwachtingen te maken hierboven en beantwoord de volgende vragen: 1a. Welke van de bovenstaande methodes denk jij dat het beste werkt voor Nederland? 1b. Waarom denk je dat deze methode het beste werkt?

1c. Welke methode is volgens jou het minst betrouwbaar om een weersverwachting voor Nederland te maken, en waarom? Een eenvoudige weersverwachting maken Door naar de wolken te kijken, kun je een eenvoudige weersverwachting maken. Op de laatste bladzijde van deze opdracht vind je een wolkenkaart. Opdracht 2. 2a. Pak de wolkenkaart en bekijk de wolken. Welk(e) wolkentype(n) zie je buiten? 2b. Wat voor weer verwacht je op basis van deze wolken? Gegevens in een weersverwachting Een gedetailleerde weersverwachting maken is een stuk ingewikkelder. Weer speelt zich voornamelijk af in de onderste laag van de atmosfeer, de troposfeer. Voor een weersverwachting moet je om te beginnen de toestand van de atmosfeer weten. Om die te bepalen kun je de luchtdruk, de temperatuur, de windrichting en snelheid en de (relatieve) vochtigheid van de lucht meten. Hieronder staan deze begrippen kort uitgelegd. Luchtdruk Luchtdruk is de kracht die een kolom lucht uitoefent op een oppervlak, bijv. het aardoppervlak. Afhankelijk van de temperatuur heeft zo n kolom lucht een bepaald gewicht. Hoe warmer de lucht, hoe lichter hij is. Luchtdruk wordt gemeten in millibar of hectopascal (hpa). Aan het aardoppervlak ligt de luchtdruk normaal gesproken tussen de 940 en 1060 hpa. Luchtdruk meet je met een barometer. Als de luchtdruk snel verandert, is er meestal slechter weer op komst.

Temperatuur Temperatuur is de mate van warmte (of kou) uitgedrukt in graden. In Europa gebruiken bijna alle landen graden Celsius. Sommige andere landen, zoals de VS, gebruiken graden Fahrenheit. De buitentemperatuur kun je met een min-max thermometer meten. Windsnelheid en -richting Wind wordt onder andere veroorzaakt door een verschil in luchtdruk tussen twee plaatsen. Hoe groter het verschil, hoe harder het waait. Windsnelheid kun je meten met een cupanemometer. De richting van de wind wordt aangegeven op de windroos. Je geeft de windrichting altijd als de windstreek waar de wind vandaan komt: wind uit het noordoosten waait richting het zuidwesten. Bij noordoosterwind wijst de pijl op de weerkaart dus naar het zuidwesten. Luchtvochtigheid De luchtvochtigheid geeft aan hoeveel vocht er in de lucht zit. Lucht kan maar een beperkte hoeveelheid vocht bevatten. Hoeveel dat is, hangt af van de temperatuur. Hoe warmer het is, hoe meer vocht de lucht kan bevatten. Luchtvochtigheid meet je met een hygrometer. Opdracht 3. Je gaat deze vijf waarden nu zelf buiten meten. Je krijgt daarvoor alle benodigde apparatuur. Vul hieronder in wat je gemeten hebt. Vul ook de plaats, datum en tijd in. Plaats: Datum: Tijd: -Luchtdruk: -Temperatuur: -Windsnelheid: -Windrichting: -Luchtvochtigheid: Let op! De meetgegevens van één plaats en moment zijn niet genoeg om een weersverwachting te maken. Je moet ook weten hoe waarden veranderen. Dat kan door meerdere metingen te doen, of door gegevens te gebruiken die je bijvoorbeeld op internet kunt vinden.

Een weerkaart Weerdeskundigen gebruiken de gegevens die je net gemeten hebt om een weerkaart op te stellen. Aan de hand van de weerkaart kunnen ze een weersverwachting maken. Als je een weerkaart bekijkt, zie je twee belangrijke elementen: lijnen met gelijke luchtdruk (isobaren) en de bijbehorende hoge- en lagedrukgebieden, en fronten. Hoge- en lagedrukgebieden worden aangegeven met H en L, fronten zijn aangegeven als lijnen met bolletjes en/of puntjes. Lage- en hogedrukgebieden Een hogedrukgebied is een gebied waar de luchtdruk ten opzichte van de omgeving het hoogst is. In een lagedrukgebied is de luchtdruk juist het laagst ten opzicht van de omgeving. De lucht draait rondom een drukgebied. Op het noordelijk halfrond draait de lucht rondom een hogedrukgebied aan de grond rechtsom en weg van het centrum. In het midden ontstaat een gat dat wordt aangevuld met lucht uit hogere luchtlagen. Om een lagedrukgebied draait de lucht aan de grond linksom, naar het centrum toe. Daar is dan teveel lucht, die omhoog gestuwd wordt naar hogere luchtlagen.

Regen ontstaat als vochtige lucht opstijgt en daardoor afkoelt en condenseert (heel kort door de bocht: omdat het in de onderste laag van de atmosfeer kouder wordt naarmate je hoger komt en koude lucht minder water kan bevatten). De lucht in het centrum van een lagedrukgebied stijgt op, wat (regen)wolkenvorming bevordert. Daardoor is het vaak slecht weer als er een lagedrukgebied boven ons land ligt. De lucht in een hogedrukgebied daalt, waardoor het vaak helder weer is als er een hogedrukgebied boven ons land ligt. Op een luchtdrukkaart staan lijnen van gelijke druk: isobaren. Lucht verplaatst zich van gebieden met hoge druk naar gebieden met lage druk. Zo ontstaat wind. Hoe dichter de isobaren bij elkaar liggen, hoe harder het waait. Als je alleen met luchtdruk te maken zou hebben, zou de wind rechtstreeks van H naar L waaien, loodrecht op de isobaren. Maar door verschillen invloeden, o.a. de draaiing van de aarde en de ruwheid van het aardoppervlak, waait de wind rechtsom naar buiten om een hogedrukgebied en linksom naar binnen om een lagedrukgebied, bijna parallel aan de isobaren. Dit kun je zien op de plaatjes van het hoge- en lagedrukgebied op de vorige bladzijde (de blauwe pijlen). Opdracht 4. Bekijk de plaatjes van de luchtdruk (en temperatuur) hieronder. Uit welke richting denk je dat de wind boven Nederland waait in deze situaties? 4a. 4b. 4c. Kijk nu eens naar de luchtdruk die je gemeten hebt bij opdracht 3. Is Nederland onder invloed van een hoge- of een lagedrukgebied?

4d. Kijk nu eens naar de windrichting die je gemeten hebt bij opdracht 2. Waar denk je dat het drukgebied ligt ten opzichte van Nederland? (Geef je antwoord in een windstreek, bijvoorbeeld ten noordoosten.) extra Controleer aan de hand van de luchtdrukkaarten op www.buienradar.nl of je vraag 4c en 4d goed had. Fronten Behalve drukgebieden hebben ook fronten een grote invloed op het weer. Lucht kan warm of koud zijn en veel of weinig vocht bevatten. Als lucht in een groot gebied dezelfde eigenschappen (temperatuur, relatieve vochtigheid) heeft, dan kun je over een luchtsoort spreken. Luchtsoorten bewegen over het aardoppervlak. De scheidingslijn tussen twee verschillende luchtsoorten die elkaar ontmoeten (botsen) heet een front. Er zijn veel verschillende typen fronten, bijvoorbeeld een warmtefront, een koufront en een occlusiefront. Langs een front ontstaat vaak neerslag. Op een weerkaart wordt een warmtefront aangegeven met bolletjes op de lijn in de richting waarin de lucht beweegt. Een koudefront wordt weergegeven met puntjes op de lijn in de richting waarin de lucht beweegt. Opdracht 5. Een warme, vochtige luchtsoort botst een koude luchtsoort. Vlak voor het front regent het. Hoe komt dat? Naast drukgebieden en fronten zijn er nog meer processen die het weer beïnvloeden. Daar gaat deze opdracht niet op in.