WATER- SCHAPPEN & ENERGIE Resultaten Klimaatmonitor Waterschappen 2014 Waterschappen willen een bijdrage leveren aan een duurzame economie en samenleving. Hiervoor hebben zij zichzelf hoge ambities gesteld op het gebied van energieproductie en - besparing. De Klimaatmonitor Waterschappen 2014 geeft inzicht in de resultaten.
HOE DUURZAAM ZIJN DE WATERSCHAPPEN? Waterschappen hebben bij de uitvoering van hun waterbeheerstaken direct te maken met de gevolgen van de klimaatverandering. Dijken, polders, gemalen en watersystemen moeten worden aangepast en versterkt om Nederland veilig en leefbaar te houden. De zorg voor een goede kwaliteit en ecologie van het oppervlaktewater en de zuivering van het afvalwater zijn andere bekende (milieu)taken van de waterschappen. Minder bekend, maar niet minder belangrijk is de duurzame wijze waarop zij deze taken uitvoeren. De sector kent een bijzonder actief energie- en grondstoffenbeleid. Hiermee wordt een belangrijke bijdrage geleverd aan een duurzame economie en samenleving. De waterschappen hebben zichzelf een scherpe duurzaamheids opdracht gesteld en die verankerd in diverse akkoorden en convenanten. Dit past bij de traditie van waterschappen om zich te richten op lange termijn denken en verantwoorden. De Rijks overheid helpt op haar beurt met het wegnemen van belemmeringen die deze duurzame ambities in de weg kunnen staan. Waterschappen zijn grootverbruikers van energie, vooral voor de 340 afvalwaterzuiveringsinstallaties en ruim 3600 poldergemalen die zij in bedrijf hebben. Daarbij komt 85 % van het energieverbruik van de waterschapssector voor rekening van de afvalwaterzuiveringsinstallaties. Door energie te besparen en op een duur- zame manier te produceren verminderen de waterschappen niet alleen de uitstoot van broeikasgassen, maar besparen zij ook kosten (energienota). De investeringen verdienen zich op termijn terug en komen via de belastingen weer ten goede aan de burger. De waterschappen beschouwen het afvalwater dat zij ontvangen van huishoudens en bedrijven steeds meer als een bron van duurzame energie en grondstoffen. Door toepassing van innovatieve technieken kunnen schaarse stoffen, zoals fosfaat en cellulose, worden teruggewonnen. Het streven is gericht op duurzaam hergebruik van deze stoffen en het stimuleren van de circulaire economie door samen te werken met het bedrijfsleven. Een Green Deal met het Rijk moet deze ontwikkeling nog verder stimuleren. De waterschappen trekken rond dit thema samen op onder de vlag van de Energie- en Grondstoffenfabriek (www.energiefabriek.com, www.grondstoffenfabriek.nl). De waterschapssector heeft de ambitie een zichtbare bijdrage te leveren aan de nationale doelstellingen voor broeikasgassen en energie. Daarom hebben zij in 2010 een Klimaatakkoord gesloten met het Rijk waarin vier scherpe ambities zijn vastgelegd, die verder gaan dan die van het Rijk: 30% energie-efficiënter en zuiniger werken tussen 2005 en 2020 40% zelfvoorzienend door eigen duurzame energieproductie in 2020 30% minder uitstoot van broeikasgas tussen 1990 en 2020 100% duurzame inkoop in 2015 De Unie van Waterschappen heeft met het Rijk nog diverse andere akkoorden en convenanten gesloten waarin deze ambities zijn vastgelegd en verder uitgewerkt, zoals de Meerjarenafspraken energie-efficiency (2008), de Lokale Klimaatagenda (2011), het Bestuursakkoord Water (2011), het Ketenakkoord fosfaatkringloop (2011) en het SER Energieakkoord (2013). WAT IS DE KLIMAATMONITOR WATERSCHAPPEN 2014? Met de Klimaatmonitor Waterschappen, opgesteld door Arcadis, leggen de waterschappen verantwoording af over de voortgang van de gemaakte afspraken in de diverse akkoorden. De eerste Klimaatmonitor is opgesteld in 2012. De Klimaatmonitor Waterschappen 2014 bouwt hierop voort en brengt de tussentijdse voortgang in beeld voor onder andere energie-efficiëntie, duurzame energieproductie, reductie van broeikasgassen, duurzame inkoop, vervoer en maatschappelijk verantwoord ondernemen. Ook wordt een toekomstperspectief geschetst. WAT ZIJN DE BELANGRIJKSTE UITKOMSTEN? Energie-efficiency: 3% verbetering per jaar De doelstelling om 30% energie-efficiëntie te behalen in de periode 2005-2020 wordt ruimschoots behaald als de waterschappen de huidige trend van 3% efficiëntie per jaar voortzetten. Onder energie-efficiëntie wordt zowel energiebesparing als inzet van
duurzame energie verstaan. Naast de afvalwaterzuivering liggen er ook nog kansen in het watersysteem, bijvoorbeeld door de verbetering van de energie-efficiëntie van poldergemalen en bij mobiliteit en transport. Duurzame energie: loopt op tot 28% in 2013 en 40% in 2020 De waterschappen bevestigen in het SER Energieakkoord de afspraak om in 2020 minstens voor 40% zelfvoorzienend te zijn door de ontwikkeling van eigen duurzame energieproductie. Deze eigen productie staat gelijk aan het het elektriciteitsverbruik van een stad met 281.000 inwoners. De sector is goed op weg om deze doelstelling te halen. In 2013 was de eigen duurzame energieproductie gestegen tot bijna 28% van het totale energie verbruik. De meeste waterschappen richten zich tot nu toe vooral op biogas door slibvergisting op de rioolwaterzuiveringsinstallaties. Er worden steeds meer van deze zogenaamde Energiefabrieken gerealiseerd en vele staan op dit moment in de steigers. De productie van biogas bereikte in 2013 een record van 112 miljoen kuub. De sector is daarmee een van de grootste biogasproducenten in Nederland. De komende jaren gaat zij ook meer investeren in projecten voor wind- en zonne-energie, zo blijkt uit de Klimaat monitor. Gemiddeld wordt gerekend op terugverdientijden tussen 8 en 10 jaar. Waterschappen stellen ook eigen terreinen ter beschikking aan derden voor plaatsing van windturbines of zonnepanelen. AANDEEL OPWEKKING DE IN TOTAAL ENGERGIEBRUIK 40% WAARDE ALLEEN 36% VOOR 2013 VASTGESTELD 32% 28% 24% 20% 16% 12% 8% 4% 0% 2005 2006 2007 2008 2009 2010 2011 2012 2013 OPWEKKING DUURZAME ENERGIE DOOR WATERSCHAP OPWEKKING DUURZAME ENERGIE DOOR DERDEN OP TERREIN WATERSCHAP Reductie broeikasgassen: 50% in 2013 De doelstelling van de waterschappen is gericht op een vermindering van de CO 2 klimaatvoetafdruk met 30% in de periode 1990-2020. Op basis van de energiegegevens van de afvalwaterzuivering is in de periode 2005-2013 een vermindering van 244 kiloton CO 2 klimaatvoetafdruk gerealiseerd. Dat komt voornamelijk door de productie van biogas en door de inkoop van groene stroom. Dit betekent een vermindering van de CO 2 klimaatvoetafdruk ten opzichte van 2005 van ongeveer 50%. De verhoging van de duurzame energieproductie zal in de komende jaren tot een verdere reductie leiden. Ook wordt aandacht gegeven aan het gebruik van polymeren en zouten bij de afvalwaterzuivering. Figuur 1: Totale emissies per groep en de opbouw in 2013 (in CO 2 -equivalenten) 8.725 3% AFVALWATERZUIVERING (BRANDSTOF & ELEK.) AFVALWATERZUIVERING (METAALZOUTEN EN POLYMEREN) WATERSYSTEEM (BRANDSTOF & ELEK.) VRACHTTRANSPORT & PERSONENVERVOER HUISVESTING (BRANDSTOFFEN & ELEK.) 73.048 26% 11% 90.127 31% 30.221 84.503 29% Duurzaam inkopen: 93% in 2013 De waterschappen hebben afgesproken om in 2015 100% duurzaam in te kopen volgens vastgestelde criteria. Dit wordt niet meer door het Rijk via een landelijke monitor gevolgd. Eigen onderzoek laat zien dat de waterschappen in 2013 93% realiseren. Relevante inkoopcategorieën in dit kader zijn: de inkoop van energie, de aanleg van en het onderhoud aan infrastructurele werken, het gebruik van duurzame materialen en de inkoop van facilitaire goederen. Belangrijk is de recente landelijke ontwikkeling, dat de sector de criteria verbindt met de zogenaamde Aanpak Duurzaam GWW (Grond-, Weg-, en Waterbouw) en samen met onder andere Rijkswaterstaat en Binnenlandse Zaken actualiseert en doorontwikkelt. Uit de Klimaatmonitor komt naar voren dat het percentage elektriciteit wat groen is ingekocht nagenoeg 100% is.
Ontwikkeling CO 2 -emissie gerelateerd aan de inkoop van elektriciteit. CO2 EMISSIE (TON) 300.000 250.000 200.000 150.000 100.000 50.000 0 2005 2006 2007 2008 2009 2010 2011 2012 2013 INGEKOCHTE ELEKTRICITEIT, NIET DUURZAAM ( GRIJS ) INGEKOCHTE ELEKTRICITEIT, DUURZAAM ( GROEN ) Organisatie en techniek lijken meestal niet zozeer het probleem te zijn. In de praktijk loopt men wel aan tegen onduidelijkheden over allerlei juridische vraagstukken. Daarom heeft de Unie van Waterschappen samen met STOWA (het kenniscentrum van de waterschappen) een Juridische Handreiking Energie en Grondstoffen op laten stellen. In dit onderzoek worden alle juridische aspecten op een rij gezet en wordt aangegeven hoe hiermee kan worden omgegaan. Het onderzoek bevestigt het standpunt van het Rijk en de Unie van Waterschappen dat deze duurzame activiteiten passen binnen de wettelijke taken van het waterschap. Wel laat het onder zoek zien dat er nog enige knelpunten zijn in wet- en regelgeving. Deze knelpunten zullen in de komende jaren samen met het Rijk in het kader van de Green Deals en het SER Energieakkoord worden opgepakt. Toekomstverwachtingen Uit de Klimaatmonitor Waterschappen 2014 blijkt dat de waterschappen goed op weg zijn om de afgesproken ambities uit de diverse akkoorden en convenanten te realiseren. Om deze duurzaamheidsambities te kunnen halen zullen ook in de komende jaren alle zeilen moeten worden bijgezet. Waterschappen blijven hun uiterste best doen om de afspraken na te komen en gaan aan de slag met de aanbevelingen uit de Klimaatmonitor. Zo hebben de waterschappen al onderzoek laten doen naar de mogelijkheden om de energie-effciëntie bij poldergemalen te verbeteren. Waterschappen zijn enthousiast over de mogelijkheden. Investeringen die hiervoor nodig zijn, verdienen zich terug door een lagere energierekening. De Unie van Waterschappen heeft een actieprogramma opgesteld dat wordt uitgevoerd door een vijftal expertgroepen. Deze onderzoeken de inzet van alternatieve energiebronnen als windenergie, zonne-energie, waterkracht en bermmaaisel en wisselen onderling ervaringen en best practices uit. Ook stellen zij praktische hand reikingen op. Overzicht type projecten op gebied van duurzame energie en gepland jaar in gebruik ANDERS, ZIE BIJ TOELICHTING ZONNESTROOM WINDENERGIE WATERKRACHT WARMTE UIT EFFLUENT/INFLUENT OMGEVINGSWARMTE (BIJV. WKO/WARMTEPOMP) ENERGIE UIT OPPERVLAKTEWATER ENERGIE UIT AFVAL EN BIOMASSA 0 5 10 15 20 25 30 35 40 AANTAL PROJECTEN 2013 of eerder 2015-2015 2016-2017 2018-2020 na 2020 niet bekend Deze uitgave en de Klimaatmonitor zijn te vinden op www.uvw.nl onder het thema Duurzaamheid.
WATERSCHAPPEN LATEN ZIEN DAT DUURZAAMHEID EN KOSTENBESPARING HAND IN HAND GAAN.
BEZOEKADRES Koningskade 40 2596 AA Den Haag 070 351 97 51 Nederland POSTADRES Postbus 93218 2509 AE Den Haag Nederland info@uvw.nl www.uvw.nl