Programma Educatie 2015. Regio Utrecht Midden



Vergelijkbare documenten
Programma Educatie Regio Utrecht Midden

Programma Educatie Regio Utrecht Midden

Advies aan burgemeester: Zijn volmacht te verlenen aan wethouder J.I.M. Duindam voor het ondertekenen van het convenant namens de gemeente Woerden.

Gemeenteraad Zeist. Ontv. Griffie RIB Geachte raadsleden,

Convenant Educatie van de Arbeidsmarktregio Utrecht-Midden kenmerk

Regionaal Programma volwassenen Educatie 2018

Regionaal Programma Volwassenen Educatie 2017

[Typ hier] Regionaal Programma volwassenen Educatie 2019

adres» Spoorlaan 444 «5038 CH Tilburg post «Postbus DB Tilburg tel «

WEB Regionaal Programma Volwassenen Educatie

Een dekkend taalnetwerk in Utrecht TIP en TOP. Congres Taal voor het Leven 30 oktober 2013

Inhoud educatie-opleidingen, toetsing en certificering

Regionaal programma volwasseneneducatie 2015

Nota van B&W. onderwerp Volwasseneneducatie en ontwikkeling Taaihuis. Portefeuilehouder John Nederstigt

Stand van zaken uitvoering regionaal Educatieplan en budget volwassenen educatie 2017

Hoe vind je laaggeletterde bijstandsgerechtigden? Hannah Oostendorp (gemeente Elburg) & Anna van den Boogaard (L&S)

Oplegvel Collegebesluit

Informatie voor doorverwijzers Aanbod taalcoaching

Regioplan inzet WEB middelen 2015 Een taalinfrastructuur met regionale partners en geschoolde vrijwilligers.

Speerpuntennotitie aanpak laaggeletterdheid

Alleen ter besluitvorming door het College Bestuursagenda

Notitie Startersfonds provincie Utrecht 2009

Deze afspraken zijn concreet uitgewerkt in het uitvoeringsplan aanpak laaggeletterdheid

Burgemeester en wethouders van gemeente Amersfoort, gelezen de nota (...) d.d. (...) nr. (...);

Voor informatie en aanmeldingen kan er contact worden opgenomen de Taalhuiscoördinator(en) van het Alfa-college.

Collegevoorstel SAMEN LEVEN EN WERKEN. zaak_zaaknummer. Ja, namelijk uitgesteld (één week) Stad van actieve mensen. Samen leven en Werken

Banen en vestigingen per gemeente [2010] ALLE BANEN BE Nijverheid TOTAAL

Informatie voor doorverwijzers Aanbod taalcoaching

Samenwerkingsovereenkomst. Samenwerkingsovereenkomst Volwasseneneducatie Arbeidsmarktregio FoodValley

Zie voor volledige tekst Staatscourant: ministeriële regeling met de standaarden en eindtermen voor de opleiding digitale vaardigheden

BEANTWOORDING SCHRIFTELIJKE VRAGEN. Datum. 8 november Onderwerp. Ons kenmerk. Taaleis BSW/ RIS294999

Volwasseneneducatie en bestrijding laaggeletterdheid in Holland Rijnland

Informatie voor doorverwijzers. Aanbod ISKB taalcoaching

Opdrachtverstrekking volwasseneneducatie

Researchcentrum voor Onderwijs en Arbeidsmarkt (ROA), Maastricht University

tieve En Ect Educa traj

Cursussen voor volwassenen

JAARVERSLAG VAN HET BESTUUR 2015

Workshop Taal Werkt! 11 september 2014

Wet taaleis Participatiewet

Regionale visie op welzijn. Brabant Noordoost-oost

Regionaal Programma Volwassenen Educatie

Het non-formele bibliotheekaanbod voor volwassenen

Projectplan. Aanpak laaggeletterdheid bij patienten en/of medewerkers. [Naam organisatie] [auteur] [datum] Werken aan taal heeft veel voordelen

Subsidieaanvraag Taalhuis Netwerkaanpak tegen laaggeletterdheid

Betreft: Reactie van de Haagse Maatschap op Landelijke bezuinigingen kinderopvang (RIS )

Collegevoorstel. Zaaknummer Taalakkoord aanpak laaggeletterdheid Midden-Brabant

Met het nieuwe welzijnsbeleid werkt de gemeente Tiel vanuit de volgende uitgangspunten:

VIME NT1 Werkveld NT1: begrippen en verantwoording

Taal verbindt mensen Wij verbinden mensen met taal Want Taal doet meer dan schrijven, spreken en lezen Het is de sleutel naar een nieuwe toekomst!

Door slim samenwerken bereik je meer Workshop

In deze memo informeren wij u over het taalonderwijs in Veenendaal en de afhandeling van uw moties.

Routeformulier college en raad

WIJ BEGRIJPEN ELKAAR!

Werk, inkomen. sociale zekerheid. versie

Beleidsplan volwasseneneducatie

Voorbereiden door krachten te bundelen Visie op nieuwe taken Vernieuwingen in welzijn, (jeugd)zorg en werk... 2

Management samenvatting Ongekend Talent. De woorden Ongekend Talent zijn begonnen om een verhaal te vertellen

Taal en Werk. Hetty Wiersema Adviseur werk. Maria Sabel Taal voor het Leven. Lia Eekhout Taalhuis Kennemerwaard

Cursussen voor volwassenen

Transcriptie:

Programma Educatie 2015 (bestrijding laaggeletterdheid) Regio Utrecht Midden Taal: de basis om Mee te doen December 2014

Taal: de basis om mee te doen Dit document omvat het programma voor de aanpak van laaggeletterdheid in de regio Utrecht-Midden in het jaar 2015. De aanleiding voor dit programma is de wijziging in Wet educatie en beroepsonderwijs (Web), die op 1 januari 2015 van kracht wordt. De gewijzigde Web schrijft voor dat de gemeenten die samenwerken in een arbeidsmarktregio een gezamenlijk plan opstellen voor educatie en de bestrijding van laaggeletterdheid. Achtereenvolgens komen in dit document aan de orde: 1. Het nieuwe wettelijk kader blz. 2 2. Het doel van het programma blz. 3 3. De uitvoering blz. 4 4. De regionale samenwerking blz. 5 5. De financiering blz. 7 6. Regionale uitgangspunten en uitdagingen blz. 8 7. De opdracht aan ROC Midden-Nederland blz. 9 8. Aanvullend aanbod blz. 12 9. Samenvattend overzicht blz. 16 Bijlage: Begrippen en Taalniveaus 1. Het nieuwe wettelijk kader De Wet educatie en beroepsonderwijs (Web) heeft betrekking op taal- en rekenonderwijs voor volwassenen. De gewijzigde wet biedt gemeenten meer vrijheid in de uitvoering. Gemeenten krijgen de mogelijkheid om naast zogenoemd formeel aanbod (cursussen die opleiden voor een officieel certificaat of diploma) ook non-formele activiteiten te bekostigen. Bijvoorbeeld begeleiding door vrijwilligers of ondersteuning bij e-learning. Een andere belangrijke verandering is het stapsgewijs afbouwen van de gedwongen winkelnering bij de ROC s. In onze regio gaat het om het ROC Midden- Nederland. In 2015 is wettelijk voorgeschreven dat minimaal 75 procent van het budget dient te worden besteed bij ROC Midden-Nederland. In 2018 is het budget vrij besteedbaar. Op deze manier krijgen gemeenten de mogelijkheid maatwerk te bieden in het aanbod van activiteiten, bedoeld om laaggeletterdheid terug te dringen. De nieuwe Web verplicht gemeenten tot samenwerking bij de aanpak van laaggeletterdheid op de schaal van de arbeidsmarktregio s. In ons geval gaat het om de arbeidsmarktregio Utrecht Midden, die bestaat uit 15 gemeenten met Utrecht als contactgemeente. (Zie verder paragraaf 4 over regionale samenwerking). Voor de uitvoering is een regionaal budget beschikbaar in de vorm van een specifieke uitkering. Voor onze regio is dit in 2015 een budget van ca 2,75 miljoen. Dit bedrag zal in volgende jaren veranderen omdat het ministerie een nieuw objectief verdeelmodel ontwikkelt. In de eerste berichten over de gevolgen hiervan, is er sprake van een daling van het regionaal budget. 2

Nieuw is dat de regio maximaal 25 procent van de uitkering mag meenemen naar een volgend boekjaar. (Zie verder paragraaf 5 over de financiering). In paragraaf 6 formuleren we een aantal uitdagingen waar we in regionaal verband in 2015 richting aan willen geven. De paragrafen 7 en 8 bieden een uitwerking van de opdracht aan het ROC Midden-Nederland en de invulling van het overige aanbod, op het niveau van de vijf subregio s. We sluiten in paragraaf 9 af met een samenvattend overzicht. 2. Het doel van het programma De Wet educatie en beroepsonderwijs streeft naar een verbetering van taal- en rekenvaardigheid van burgers die deze vaardigheden onvoldoende beheersen. Het accent leggen wij daarbij op taal en de aanpak van analfabetisme en laaggeletterdheid. Want een goede beheersing van de Nederlandse taal is een basisvoorwaarden om mee te kunnen doen in de samenleving. Wie Nederlands kan spreken en schrijven, kan zich beter redden in werk, in de opvoeding en in sociale contacten. Dit sluit ook aan bij de vraag van burgers. Doel van dit programma is zoveel mogelijk inwoners, die de Nederlandse taal niet of onvoldoende beheersen, de kans te bieden hun taalniveau te verbeteren. Op het gebied van taalbeheersing onderscheiden we verschillende niveaus 1 : het niveau onder 1F; (analfabeet of anderstalig), niveau 1F (taalbeheersing op het niveau van groep 8 basisschool) en 2F (taalbeheersing op het eindniveau van MBO-2). Landelijk wordt uitgegaan van een percentage van circa 10% laaggeletterden (functionerend onder niveau 2F) in de bevolking. Wanneer dit percentage ook voor onze regio geldt, gaat het om een doelgroep van circa 80.000 inwoners in de regio Utrecht Midden, waarvan circa 30.000 in de gemeente Utrecht. Het ideaal is dat iedereen die in Nederland woont niveau 2F bereikt. Maar dat is geen realistische verwachting. De groep laaggeletterden kent een grote verscheidenheid in leeftijd, leefsituatie (werk, uitkering), herkomst (autochtoon, migrant), opleidingsniveau, leervermogen en leerwensen. De vraag is zeer divers. Sommigen willen meerdere jaren onderwijs volgen om de taal goed onder de knie te krijgen. Anderen willen liever een kort traject om een klein stapje verder te komen. Sommigen gaan graag naar school, anderen krijgen liever begeleiding van een taalmaatje of verbeteren hun taalvaardigheid thuis via digitale modules. In het aanbod van activiteiten willen we recht doen aan deze diversiteit, omdat we verwachten dat dat het meeste effect oplevert. In dit programma wordt aangegeven welke activiteiten in de regio zullen worden bekostigd uit de rijksbijdrage. Dit programma is niet bedoeld voor mensen die verplicht moeten inburgeren. Hun opleiding mag niet worden bekostigd uit de Web-middelen. 1 Voor een uitgebreidere beschrijving van begrippen en taalniveaus verwijzen wij naar bijlage 1 3

3. De uitvoering van het programma De wet biedt, zoals eerder gezegd, de mogelijkheid voor een gevarieerd aanbod. Zowel formeel aanbod als non-formeel aanbod komen in aanmerking voor bekostiging. Bij het eerste gaat het om cursussen die resulteren in een certificaat of diploma, met door het ministerie bepaalde kwaliteitseisen. Nonformeel aanbod is niet per definitie gericht op het behalen van diploma of certificaat, maar is ook niet vrijblijvend. Het moet wel degelijk resulteren in betere taalbeheersing. Uitgangspunt in de uitvoering is dat we het aanbod van taalactiviteiten laagdrempelig en waar mogelijk dichtbij huis willen leveren. Individuele gemeenten kennen hun inwoners en kunnen het beste bepalen welk aanbod voorziet in de behoeften. Daarom bouwen we het aanbod op vanuit de 15 gemeenten en de vijf subregio s die we binnen de regio Utrecht-Midden onderscheiden. In de uitvoering kunnen verschillende aanbieders een rol spelen. Een belangrijke aanbieder van formeel aanbod is nu nog ROC Midden-Nederland. In 2015 moet nog minimaal 75 procent van de rijksbijdrage worden besteed bij het ROC. Dit percentage loopt af naar 50 procent (2016), 25 procent (2017) en 0 procent (2018). ROC Midden-Nederland heeft besloten zijn Participatieopleidingen in deze periode af te bouwen. Dit betekent dat er de komende jaren een nieuwe invulling gevonden zal worden voor het gewenste formele taalaanbod. Voor een deel van de nieuwe instroom in 2015 zal reeds sprake zijn van een invulling door een nieuwe aanbieder. Hiervoor zal in de eerste helft van 2015 een aanbestedingsprocedure worden doorlopen. Ook andere partijen bieden taalonderwijs en taaltraining aan. Zo biedt Prago (Praktijk Gericht Onderwijs) onderwijs aan mensen met een licht verstandelijke beperking. De Volksuniversiteit biedt een cursus aan, die migranten met minimaal middelbare vooropleiding voorbereidt op het behalen van het staatsexamen NT2. Allerlei andere organisaties bieden eveneens taaltrainingen, vooral in de non-formele sfeer. Het gaat o.a. om bibliotheken, welzijnsinstellingen en organisaties die vluchtelingen ondersteunen. Veelal werken zij met vrijwilligers die als taalmaatje fungeren of kleine groepen begeleiden. 4

4. De regionale samenwerking De regio Utrecht-Midden telt 15 gemeenten, waarvan er 13 deel uitmaken van drie subregio s, te weten: Subregio Utrecht-Zuidoost o Bunnik, De Bilt, Utrechtse Heuvelrug, Wijk bij Duurstede, Zeist Subregio Lekstroom o Houten, Lopik, Nieuwegein, Vianen, IJsselstein Subregio Groene Hart van Utrecht o Montfoort, Oudewater, Woerden Stichtse Vecht Utrecht Utrecht is de door het Rijk aangewezen contactgemeente voor de regio Utrecht-Midden. Zeist, Nieuwegein en Montfoort zijn de vertegenwoordigers van de drie subregio s. Utrecht maakt vanwege zijn omvang geen deel uit van een subregio. Stichtse Vecht maakt geen deel uit van een subregio in deze arbeidsmarktregio, vanwege zijn nauwe samenwerking met de Noord-Hollandse gemeenten Weesp en Wijdemeren. Als contactgemeente heeft Utrecht de volgende (wettelijke) taken: Het opstellen van een regionaal programma in overleg met de andere gemeenten in de regio; het vervullen van de rol van opdrachtgever van ROC Midden-Nederland en voor eventuele andere aanbieders die op regionale schaal, voor meerdere subregio s activiteiten aanbieden; de verdeling van de (resterende) rijksbijdrage aan de gemeenten dan wel de contactgemeenten van de subregio s ten behoeve van lokale initiatieven; het verantwoorden van de uitgaven aan het ministerie voor zowel de regionale opdrachten (waarvoor Utrecht opdrachtgever is) als de opdrachten die door individuele gemeenten en subregio s worden verstrekt; het ontwikkelen van een kwaliteitswaarborg en een systematiek voor monitoring. Alle gemeenten in de regio hebben de volgende verantwoordelijkheden: Zorgen voor inzicht in de vraag naar taalonderwijs onder hun bewoners; het inbrengen van deze vraag in het overleg over het regionaal programma; het aantrekken van aanbieders voor subregionaal en lokaal aanbod door middel van contractering of subsidiëring; het leveren van verantwoordingsinformatie die de contactgemeente nodig heeft voor de verantwoording aan het ministerie; bepalen of zij al dan niet een eigen financiële bijdrage van deelnemers vragen. 5

De afstemming over de regionale samenwerking vindt plaats op ambtelijk niveau in het regionaal overleg educatie. Vertegenwoordigers van de vijf subregio s (één per subregio) komen tenminste eenmaal per kwartaal bij elkaar om de uitvoering te bewaken, afspraken te maken over monitoring en verantwoording en bestuurlijke besluitvorming voor te bereiden. Mocht een subregio tekort schieten in de uitvoering of in het afleggen van verantwoording hiervoor, dan kan de contactgemeente het verstrekte budget terugvorderen. Het ministerie heeft een eenvoudige verantwoordingssystematiek toegezegd. De Algemene Maatregel van Bestuur waarin de wijze van verantwoording wordt geregeld, moet nog worden gepubliceerd. De hoofdpunten van de regionale samenwerking zijn vastgelegd in een convenant tussen de 15 gemeenten in de regio, dat bestuurlijk wordt vastgesteld, samen met dit regionaal programma. 6

5. De financiering Financieel uitgangspunt is de specifieke uitkering van het Rijk, die in 2015 uitkomt op ca 2,75 miljoen. Dit budget is de optelsom van budgetten die door het Rijk zijn toegerekend aan de 15 gemeenten in de regio. Bij de verdeling van het regionaal budget gaan we uit van deze budgetten per gemeente. Iedere subregio heeft, zou je kunnen zeggen, een trekkingsrecht op haar aandeel in het totale regionale budget. Van het jaarlijkse budget mag maximaal 25 procent worden meegenomen naar een volgend jaar. Lastig en nogal technisch punt is dat het ministerie tevens heeft opgelegd dat 3% van het budget dat bij het ROC wordt besteed, extra aan het ROC dient te worden betaald, ter uitvoering van een afspraak die bestaat tussen ministerie en de ROC s. Deze afspraak heeft te maken met de financiering van extra personeelskosten waar het gaat om Werkloosheidswet en Arbeidsongeschiktheid. Daartoe is de rijksbijdrage verhoogd. In 2015 wordt tenminste 75 procent van het regionaal budget besteed bij ROC Midden-Nederland. Dat mag ook meer zijn, zolang dit past binnen het afbouw-schema dat binnen het ROC wordt gehanteerd. Onderstaande tabel bevat de budgetten per subregio en de verdeling hiervan over ROC Midden- Nederland en andere aanbieders. Subregio Budget (nieuw) Aandeel ROC (waarvan lumpsum WW/AO) Utrecht-Zuidoost 427.000 358.000 (lumpsum WW/AO 10.500) Lekstroom 431.000 355.500 (lumpsum WW/AO 10.500) Groene Hart van Utrecht 130.500 96.000 (lumpsum WW/AO 3.000) Stichtse Vecht 150.000 88.600 (lumpsum WW/AO 2.600) Utrecht 1.615.000 1.246.000 (lumpsum WW/AO 36.000) Andere uitgaven Resteert 69.000 Resteert 75.500 Resteert 34.500 Resteert 61.400 Resteert 369.000 Totaal 2.753.500 2.144.100 (78 %) (lumpsum WW/AO 64.300) 609.400 Het ministerie werkt aan een nieuw objectief verdeelmodel. Dit zal in volgende jaren resulteren in een ander budget voor de regio en ook een andere verdeling van het regionaal budget over de subregio s. De concept-doorrekening van het verdeelmodel leidt tot een verlaging van het regiobudget (circa 12%), met name voor de gemeente Utrecht (bijna 20%). De nieuwe verdeelsleutel wordt waarschijnlijk rond de jaarwisseling definitief vastgesteld. De budgetten worden gefaseerd aangepast in 2016 en 2017. Een procedure voor aanbesteding van de nieuwe regionale opdracht formeel taalaanbod wordt voorbereid. Deze procedure wordt in de eerste helft van 2015 doorlopen. Vanaf de zomer 2015 zullen daar de eerste deelnemers terecht kunnen. 7

Het is de bedoeling een opdracht te verstrekken voor de periode tot 2018; de periode waarin de opdracht aan het ROC wordt afgebouwd en dit regionaal programma geldt. In het verwervingsteam dat de aanbestedingsprocedure zal voorbereiden en uitvoeren, zullen naast Utrecht, enkele vertegenwoordigers van regiogemeenten deelnemen. 6. Regionale uitgangspunten en uitdagingen Wij onderschrijven de achterliggende gedachte van het wetsontwerp: gemeenten zijn het best zelf in staat om afwegingen te maken om lokaal een zo passend mogelijk aanbod te realiseren, op basis van de behoefte van inwoners. Zij zijn tevens het best in staat om aansluiting te zoeken bij de bestaande lokale infrastructuur en de lokaal geldende afspraken en werkwijzen. Daarom zijn in dit regionale plan, naast de geldende wettelijke voorwaarden, geen regionaal geldende prioriteiten of eisen opgenomen. Voor de regio geldt als gezamenlijk uitgangspunt dat wij Taal zien als basis om Mee te kunnen doen in de samenleving. Het beheersen van basisvaardigheden en vooral taalvaardigheid bevordert maatschappelijke en arbeidsmatige zelfredzaamheid en voorkomt onnodige problemen en isolement. We zien voor de komende jaren een aantal inhoudelijke uitdagingen: 1. Wij willen zoveel mogelijk aansluiten bij de mogelijkheden en motivatie van burgers. Er is een grote verscheidenheid in leeftijd, leervermogen en leerdoelen. Waar mogelijk willen we de kansen die de wet biedt, benutten om zoveel mogelijk passend aanbod te realiseren. Door inzet van professionals én van vrijwilligers, met een goede balans tussen continuïteit, vernieuwing en flexibiliteit. 2. Door het wegvallen van de rol van het ROC Midden Nederland zullen we in de eerste helft van 2015 een aanbestedingsprocedure opzetten om zorg te dragen voor nieuw formeel aanbod. 3. Daarnaast zal in de verschillende subregio s een nieuwe ontwikkeling ontstaan in de inzet van vrijwilligers naast het formele aanbod. Aanhaking aan de lokale infrastructuur, zorgdragen voor ondersteuning van taalvrijwilligers, zal de nodige aandacht vergen. 4. Om bovenstaande ontwikkelingen en uitdagingen te voeden, zullen we in 2015 voorstellen ontwikkelen, over de wijze waarop: - wij toe kunnen werken naar een kwaliteitswaarborg voor non-formeel aanbod; - wij een oordeel van deelnemers over de taaltrainingen in beeld kunnen krijgen; - wij zicht kunnen krijgen op de behoefte naar inhoudelijke of praktische ondersteuning onder vrijwilligers; - er een eenvoudige monitoring opgezet kan worden zodat we meer zicht krijgen op de bereikte doelgroepen, hun leerwensen en de resultaten die worden geboekt. 8

7. De opdracht aan ROC Midden-Nederland Als contactgemeente verstrekt Utrecht de regionale opdracht aan ROC Midden-Nederland. Uitgangspunt voor de opdracht is de vraag naar aanbod dat de subregio s in 2015 via het ROC willen realiseren. Hieronder zijn de gewenste activiteiten per subregio opgesomd. Waar mogelijk zullen taalvrijwilligers een actieve rol spelen rond de lessen van het ROC (en andere formele aanbieders). Hierover worden per subregio afspraken gemaakt. In de overzichten 2 hieronder zijn de bedragen opgenomen die betrekking hebben op de uitvoeringskosten voor de opdracht. Daarnaast dient rekening te worden gehouden met de 3% opslag voor de wettelijk opgelegde extra personeelslasten. A. Subregio Utrecht-Zuidoost In de subregio wordt ervoor gekozen om een groot deel van de rijksbijdrage te besteden aan aanbod van ROC Midden Nederland. De groepen zitten vol en voldoen aan de behoefte. Prioriteit wordt gegeven aan burgers met een bijstandsuitkering. Daarnaast krijgen burgers die bij Bureau Schuld Regeling een traject doorlopen, voorrang bij de rekencursus die in overleg met het Nibud is vormgegeven. Locaties voor de uitvoering zijn Zeist en Wijk bij Duurstede. Globaal gepland aanbod aantal groepen max. deelnemers globaal budget Taal 14 250 313.000 Rekenen 6 72 34.500 Totaal 20 322 347.500 Inclusief 3% lumpsum 358.000 B. Subregio Lekstroom Van de totale rijksbijdrage van circa 430.000,- is de regio Lekstroom voornemens om circa 360.500,- te besteden aan aanbod van het ROC Midden Nederland. Er is sprake van voorrang voor burgers met een bijstandsuitkering, waarbij andere deelnemers niet worden uitgesloten. Werk en Inkomen Lekstroom (WIL) is betrokken bij het vormgeven van het aanbod en de verwijzing van deelnemers. Locatie voor de uitvoering is in Nieuwegein. Globaal gepland aanbod aantal groepen max. deelnemers globaal budget NT1 5 60 85.000 NT2 7 100 235.000 Rekenen 6 72 30.000 Totaal 18 232 350.000 Inclusief 3% lumpsum 360.500 2 De intensiteit en duur van de verschillende groepen verschilt; daardoor is een één-op-één vergelijking in aantallen en kosten niet uit deze overzichten af te lezen. 9

C. Subregio Groene Hart van Utrecht Deze subregio is voornemens om van het totale rijksbudget in 2015 van circa 125.000,- een bedrag van circa 94.000,- te besteden voor activiteiten van ROC Midden Nederland. Tot nu toe waren de lesgroepen onvoldoende gevuld. Een vermindering van het aanbod en een verschuiving naar aanvullend aanbod op meerdere locaties is daarom voor de hand liggend. De nieuwe organisatie Ferm Werk zal naar verwachting meer deelnemers kunnen aanmelden. Andere verwijzers zijn zelforganisaties en bibliotheek Het Groene Hart. Locatie voor de uitvoering van de ROC-activiteiten is in Woerden (ROC-vestiging en Ferm Werk). Globaal gepland aanbod aantal groepen max. deelnemers globaal budget NT1 Basiscursus Taal en rekenen 2,5 30 33.500 NT2 1 12 39.500 Totaal 3,5 42 93.000 Inclusief 3% lumpsum 96.000 D. Subregio Stichtse Vecht Stichtse Vecht constateert dat al enkele jaren het aantal beschikbare leerplekken bij het ROC groter zijn dan het feitelijk gebruik, ondanks wervingsactiviteiten. Meer diversiteit in aanbod en in locaties is dan ook zeer gewenst. Daarom kiest Stichtse Vecht voor de inzet via ROC Midden Nederland van circa 88.000,- van het totaal beschikbare budget van 150.000,-. Uitvoeringslocatie voor de activiteiten van ROC is in Maarssen. Globaal gepland aanbod aantal groepen max. deelnemers globaal budget NT1 Basiscursus Taal en Rekenen 1 12 9.000 NT2 2 30 77.000 Nederlands als tweede taal Totaal 3 51 86.000 Inclusief 3% lumpsum 88.600 10

E. Subregio Utrecht In Utrecht werkt het ROC MN in verschillende locaties. Zowel van het ROC, als vanuit scholen of buurthuizen. Er bestaat nog ruimte voor instroom in NT1 groepen. Bij het NT2 aanbod Nederlands als Tweede taal, is sprake van wachtlijsten. Gelet op de afbouw van de activiteiten van het ROC is besloten per medio 2015 de instroom te stoppen in de groepen van 1F naar 2F. En de andere instroom stapsgewijs te verminderen. Prioriteit van het aanbod van ROC ligt bij de borging van continuïteit voor de bestaande deelnemers én het zorgdragen voor duidelijkheid in het veld van verwijzers. Medio 2015 zullen een aantal groepen zorgvuldig worden overgedragen naar de nieuw te contracteren aanbieder van formeel aanbod. Dit betreft met name de groepen van 1F naar 2F. Globaal gepland aanbod aantal groepen max. deelnemers globaal budget NT1 Basiscursus 20 240 400.000 NT2 18 222 691.000 1F > 2F* 9 108 119.000 Totaal 47 570 1.210.000 Inclusief 3% lumpsum 1.246.000 * Tot 1 juli 2015 Nieuwe opdracht formeel aanbod in voorbereiding Zoals gesteld zal in de eerste helft van 2015 een regionale aanbestedingsprocedure worden doorlopen om vanaf medio 2015 gefaseerd het formeel aanbod in de regio over te nemen van ROC Midden Nederland. Hierdoor borgen wij: - de toegang van nieuwe deelnemers, die in steeds mindere mate bij het ROC terecht zullen kunnen, - zoveel mogelijk continuïteit van de bestaande dienstverlening aan deelnemers bij het ROC, - de afspraken van een gestage afbouw van de opdracht aan het ROC MN met een jaarlijks verminderd budget met 25%. Aandachtspunt hierin is de gewenste decentrale uitvoering in de verschillende subregio s. Waar nodig zullen ROC-groepen worden overgebracht naar het aanbod van de nieuwe uitvoerder(s). De subregio Lekstroom en de gemeenten Utrecht en Stichtse Vecht hebben voor de financiering van deze opdracht in 2015 budget gereserveerd. Naar verwachting zal ook Zuidoost zich bij deze aanbesteding aansluiten. 11

8. Het aanvullend aanbod Zoals in het voorafgaande duidelijk werd, worden in diverse subregio s ook andere aanbieders (formeel of non-formeel) ingeschakeld bij het taalonderwijs. Organisaties als Prago en de Volksuniversiteit bieden aanbod voor specifieke doelgroepen, met inzet van docenten. Prago (Praktijk Gericht Onderwijs) richt zich op de doelgroep met een lichte verstandelijke beperking (b.v. voormalig leerlingen Praktijkonderwijs, Wajong-gerechtigden). De Volksuniversiteit heeft een breed aanbod voor allerlei talen en vaardigheden, maar specifiek voor taal is er een aanbod voor voorbereiding op het behalen van het staatsexamen NT2. Tot nu toe heeft Utrecht voorzien in subsidiëring van dit aanbod, zodat de eigen bijdrage voor deelnemers kon worden verminderd. Vanaf 2015 maken de subregio s hierin zelf een keuze. Daarnaast zijn er lokale partijen als welzijnsinstellingen, de bibliotheek of vrijwilligersorganisaties die een rol spelen of gaan spelen in de verzorging van taaltraining. Hieronder volgt een opsomming per subregio van de inzet van Rijksbudget Web voor deze activiteiten. A. Subregio Utrecht Zuidoost In de verschillende gemeenten zijn verschillende partijen actief. In Zeist heeft de bibliotheek Idea het initiatief genomen om een Taalhuis in te richten. Het Gilde voert een project Samenspraak uit en via het Welzijnswerk, Kerk en Samenleving en de Vrouwentaalgroep worden verschillende taalactiviteiten georganiseerd. In De Bilt zijn naast de Bibliotheek Idea, Steunpunt Vluchtelingen en Mens actief op het gebied van taalondersteuning. In Bunnik zijn taalhulpmaatjes actief via de Stichting Vluchtelingenwerkgroep Samenspraak en verzorgt de Stichting Cursussenproject taalcursussen. In Wijk bij Duurstede onderzoeken de welzijnsorganisatie en de Bibliotheek of de inrichting van een Taalpunt gewenst is. In de gemeente Utrechtse Heuvelrug heeft welzijnsorganisatie Welnuh een taalplatform opgericht, met taalaanbieders en de bibliotheek. Bovenstaande activiteiten worden niet financieel ondersteund vanuit het rijksbudget educatie. De subregio kiest er in 2015 niet voor om middelen in te zetten voor activiteiten van Prago of de Volksuniversiteit. Voor wat betreft de Prago-doelgroep wordt in eerste instantie, gedurende 2015, bezien of de studieregeling in de Participatiewet voor de ex-wayong/wsw doelgroep soelaas biedt. Waarschijnlijk wordt een deel van de bestemmingsreserve ingezet voor de financiering van het nieuwe formele aanbod. 12

B. Subregio Lekstroom Voor wat betreft het formele aanbod maakt subregio Lekstroom budget vrij om vanaf medio 2015 een nieuwe aanbieder (naast de activiteiten van het ROC MN) te kunnen contracteren. Hiervoor zal een belangrijk deel van de opgenomen bestemmingsreserve worden ingezet. Prago verzorgt in 2015 in zowel de gemeente Nieuwegein als in Houten een educatieprogramma aan circa 40 deelnemers dat niet uit het Rijksbudget Web wordt gefinancierd. Prago gaat daarnaast in 20152 pilots uitvoeren onder de noemer Prago Mobiel. De totale kosten bedragen 11.000,- en worden ten laste gebracht van het Rijksbudget Web. Pilot voor maximaal 15 deelnemers met een WSW-indicatie. o Toegankelijk voor deelnemers woonachtig in een gemeente van de Lekstroomregio o Bijgehouden wordt wat de leerprestaties zijn o Prago voldoet aan de verantwoordingseisen van de WEB Pilot voor maximaal 15 deelnemers woonachtig in Lopik (locatie in Lopik). Non-formeel Taalaanbod De Stichting Lezen en Schrijven heeft in de regio Lekstroom in 2014 onderzocht welke activiteiten er zijn op het gebied van non-formeel taalaanbod dat veelal met vrijwilligers wordt vormgegeven. In elke gemeente is sprake van een aanbod. Dit aanbod wordt verzorgd door de lokale Vluchtelingenwerk-organisaties, Welzijnsorganisaties en de bibliotheek. Het gaat om individuele taalmaatjes en groepsactiviteiten. In gemeente Nieuwegein wordt in 2014 nader onderzocht of er draagvlak is voor het creëren van een Taalplatform met de betrokken organisaties. Dit betreft een netwerk van organisaties waarbij de activiteiten op gebied van taalverwerving op elkaar worden afgestemd en de krachten zo worden gebundeld en overlap wordt verkleind. De Stichting Lezen en Schrijven biedt in de regio Lekstroom in 2014 een cursus Herkennen laaggeletterdheid aan taalvrijwilligers van de diverse organisaties. Het jaar 2015 zal de regio gelegenheid geven om de nieuwe mogelijkheden en ervaringen m.b.t. de inkoop van volwasseneneducatie, de nieuwe ontwikkelingen/initiatieven op gebied van de nonformele taaleducatie en mogelijk het in gebruik nemen van de Taalmeter door WIL te volgen. Het beleid voor 2016 e.v. zal op basis van die ervaringen worden bepaald. C. Subregio Groene Hart van Utrecht In het Groene Hart wordt ondersteuning van lokale initiatieven gewenst. Daarbij ligt de nadruk op het versterken van laagdrempelige, non-formele educatie binnen de lokale infrastructuur. Belangrijk is dat de diverse doelgroep zo goed mogelijk bediend wordt met een breed aanbod, dicht bij de vindplaats en meer geïntegreerd. In 2014 is een pilot gestart waarin Prago, Ferm Werk en Futura College samenwerken. Deze pilot met 2 groepen en 30 deelnemers loopt door in 2015. Hiervoor zal circa 21.000,- van de Rijksbijdrage 2015 worden benut. In samenwerking met Regiobibliotheek Het Groene Hart, taalaanbieders en Ferm Werk wordt in 2015 een begin gemaakt met de inrichting van Taalpunt of Taalhuis. Het Taalpunt of Taalhuis is een toegankelijke, fysieke plaats voor de aanpak van laaggeletterdheid. Een plek waar vragers, aanbieders, 13

activiteiten en collectie van de Nederlandse taal en andere basisvaardigheden bij elkaar komen. Door bundeling van krachten van diverse organisaties, zullen meer laaggeletterden bereikt worden en ontstaat er een gevarieerd aanbod dat goed aansluit bij de verschillende hulpvragen van laaggeletterden. Locatie is: Bibliotheek Het Groene Hart in Woerden. Hiervoor wordt circa 11.400,- van de Rijksbijdrage Web benut. In 2015 wordt nader onderzocht of andere maatschappelijke partners (zoals vrijwilligersorganisaties, zorginstellingen en de Volksuniversiteit Het Groene Hart, met leslocaties in meerdere gemeenten) een grotere rol kunnen gaan spelen. Er blijft nog enige ruimte beschikbaar voor eventuele bekostiging van activiteiten uit het Rijksbudget. D. Subregio Stichtse Vecht Stichtse Vecht streeft naar een betere bediening van de doelgroep laaggeletterden, met een meer gespreid en divers aanbod, niet alleen qua vorm, maar ook qua locatie. Ondersteuning van lokale initiatieven is gewenst, omdat er na de vorming van Stichtse Vecht veel cursisten uit kleinere kernen zijn uitgevallen bij ROC, vooral vanwege reisafstand. Daarbij ligt de nadruk op het versterken van laagdrempelige, non-formele educatie binnen de lokale infrastructuur. Belangrijk is dat de gevarieerde doelgroep zo goed mogelijk bediend wordt. Er zijn mogelijkheden voor besteding van circaa 60.000,- voor: - aanbesteding van een nieuwe opdracht formeel aanbod - activiteiten van Prago en Volksuniversiteit, - een lokaal Taalpunt. Bibliotheek Angstel, Vecht en Venen (AVV) en welzijnsinstelling Welzijn Stichtse Vecht bereiden het Taalpunt voor, waarmee Breukelen en Loenen beter bediend worden. Het Taalpunt zal ook het lokale taalaanbod van diverse partijen in kaart brengen en de toeleiding van laaggeletterden richting opleidingsmogelijkheden invullen. Op die wijze sluit dit Taalpunt goed aan bij de gewenste ontwikkelingen. Wij reserveren voor co-financiering van dit initiatief maximaal 22.000,- in 2015. Nader overleg zal plaatsvinden over de feitelijke inzet van dit bedrag. Voor de activiteiten van Prago wordt een bedrag van maximaal 12.900,- begroot, ten behoeve van 30 deelnemers. Voor de Volksuniversiteit wordt rekening gehouden met een maximum van 11 deelnemers, waarvoor 50% van de eigen bijdrage wordt gesubsidieerd. Hiervoor wordt maximaal 5.500,- begroot. Tot slot resteert een bestemmingsreservering van circa 20.000,-. Dit budget zal worden besteed om deel te kunnen nemen aan de aanbestedingsprocedure die moet leiden tot een nieuwe aanbieder van formeel aanbod vanaf medio 2015 en mogelijk bijkomende accountantskosten die voor dit programma noodzakelijk zijn. 14

E. Subregio Utrecht In december 2013 is in Utrecht de Herijking Volwasseneneducatie vastgesteld. Daarin is de koers vastgelegd voor de komende jaren. Als ambitie is geformuleerd dat in 2016 jaarlijks 3.000 Utrechters deel kunnen nemen aan taal-activiteiten, formeel en non-formeel. In het aanbod zullen zij worden ondersteund door 1.000 taalvrijwilligers. In Utrecht zijn circa 20 organisaties actief waar taalvrijwilligers diverse vormen van taalactiviteiten begeleiden. In dit Taalnetwerk, waarin ook het project Taal voor het Leven van de Stichting Lezen en Schrijven en de Bibliotheek belangrijke rollen vervullen, wordt constructief samengewerkt aan een aantal gewenste vernieuwingen. De belangrijkste punten zijn hieronder samengevat. Doelen en actiepunten in 2015: 1. Versterken samenhang en toegankelijkheid van formeel en non-formeel aanbod: - Vrijwilligers actief in het ROC-aanbod, in en om de klas - Inrichting van Taal Informatiepunten in de bibliotheekfilialen, waar vrijwilligers verwijzen naar passend aanbod - Een digitaal zoeksysteem om het taalaanbod te ontsluiten - Project taalcoach in de bieb - Introductie van de Taalmeter bij Werk en Inkomen - Pilot Startfase in twee bibliotheekfilialen - In 2015 zal extra aandacht worden besteed aan de verwijsmogelijkheden in het taalaanbod zij de buurtteams 2. Verbeteren ondersteuning taalvrijwilligers: - Inrichting van een Taal Ondersteuningspunt voor taalvrijwilligers (voorlichting, vraagbaak, methoden bank, wensen t.a.v. scholing of training) - Peiling onder de vrijwilligers over hun wensen en behoeften aan (taal)ondersteuning, inclusief concrete actiepunten voor de organisaties in het netwerk - Stimuleren van het volgen van de basistraining die wordt verzorgd door de Stichting Lezen en Schrijven - Kwantitatieve groei realiseren met inzet van verschillende partijen uit het taalnetwerk Naast de Rijksbijdrage is er in Utrecht een extra budget van 865.000,- gemeentebudget voor dit onderdeel beschikbaar. Dat is 340.000,- minder dan in 2014. Hieruit zijn en worden veel van bovenstaande activiteiten gefinancierd. Daarnaast wordt uit het gemeentebudget subsidie aan de Volksuniversiteit bekostigd en wordt de taalcomponent bij geïntegreerde trajecten van de MBO-afdeling in het ROC MN gefinancierd voor met name voormalige leerlingen van de Internationale Schakelklas. Voor wat betreft de inzet van de Rijksbijdrage van circa 1,61 mln, verwachten wij een budget van circa 1,2 mln in te zetten bij het ROC MN. De resterende 410.000,- zetten wij in op: - De financiering van de activiteiten van Prago (circa 75 deelnemers) 110.000,- - De vervangende opdracht voor Utrecht vanaf medio 2015 (circa 225.000,-) - Een bedrag van 34.000,- behouden wij vooralsnog als bestedingsreserve, om waar nodig gedurende het boekjaar in te kunnen spelen op vragen of knelpunten. 15

9. Samenvattend overzicht inzet rijksbudget Utrecht Midden Subregio en organisatie Schatting deelnemers Globale bedragen Utrecht Zuidoost - ROC Midden Nederland - Bestemmingsreserve 322 358.000 69.000 427.000 Lekstroom - ROC Midden Nederland - Prago - Bestemmingsreserve (o.a. voor nieuwe opdracht formeel aanbod) 196 30 361.500 11.000 58.500 431.000 Groene Hart van Utrecht - ROC Midden Nederland - Pilot Prago-Ferm Werk Futura - Taalpunt of Taalhuis - Bestemmingsreserve Stichtse Vecht - ROC Midden Nederland - Prago - Volksuniversiteit - Taalpunt - Bestemmingsreserve (o.a. voor nieuwe opdracht formeel aanbod) Utrecht - ROC Midden Nederland - Prago - Nieuwe opdracht formeel aanbod - Bestemmingsreserve 42 30 50 30 11 50 570 75 150-200 (half jaar) 96.000 21.000 11.400 2.100 130.500 88.600 12.900 5.500 22.000 21.000 150.000 1.246.000 110.000 225.000 34.000 1.615.000 Totaal Circa 1.500 (afgerond) 2.750.000 16

Bijlage Begrippen en Taalniveaus Taalniveaus zijn onderhevig aan naamsveranderingen. Er wordt meestal gebruik gemaakt van een Europese indeling (A1,A2, B1 etc.) De commissie Meyerink heeft een niveau-indeling gemaakt op een F-schaal. Voor de verschillende niveaus in deze schaal zijn eindtermen geformuleerd op het terrein van lezen, schrijven, spreken, luisteren, rekenen en digitale vaardigheden. De term Laaggeletterd wordt gebruikt voor personen met een taalbeheersing onder niveau 2F. De term analfabetisme in relatie tot de Nederlandse taalvaardigheid is afhankelijk van de moedertaal, maar komt in deze termen neer op functioneren onder niveau 1F. < 1 F Cursisten kunnen soms wel: een eenvoudig formulier invullen een werkopdracht lezen een notitie schrijven voor een collega hun eigen post beheren 1F Vergelijkbaar met eindniveau basisschool. Cursisten kunnen b.v. : een moeilijker formulier invullen e-mailen een werkverslag schrijven iets opzoeken op internet 2F cursisten kunnen b.v. : instromen op MBO niveau 3 zakelijke brieven schrijven met behulp van standaardformuleringen duidelijke meningen en gevoelens beschrijven Opleidingen NT1 (Nederlands als eerste taal) Ruim een miljoen autochtone Nederlanders beheersen de Nederlandse taal onvoldoende. De opleidingen NT1 zijn bedoeld om de taalvaardigheid van autochtone Nederlanders op een zodanig niveau te brengen dat de deelnemer een landelijke eindtoets kan halen. Opleidingen NT2 (Nederlands als tweede taal) Opleidingen NT2 zijn bedoeld om de taalvaardigheid van anderstaligen te verbeteren. Deelnemers kunnen op vijf niveaus aan de opleiding meedoen. Het is mogelijk om de NT2-opleiding af te sluiten met certificaten of een staatsexamen. Formeel aanbod Dit aanbod kenmerkt zich door regelgeving t.a.v. deskundigheid docenten en toetsen. De vorm is meestal een vaste lesgroep. Dit aanbod moet voldoen aan de eisen die het ministerie van OCW stelt. Non-formeel aanbod Kenmerkt zich door inzet van vrijwilligers, kan individueel of in (kleine) groepjes plaatsvinden. Over het algemeen is dit aanbod meer vraaggericht, gestuurd door wens en doelstelling van de deelnemer. Informeel leren Burgers maken geen gebruik van 'aanbod', maar zijn (al dan niet geholpen door iemand in het eigen netwerk) actief om de taal te leren, Hierbij maakt men gebruik van het netwerk, beschikbare methodes, internet, televisie enz. Situationeel leren / contextueel leren Laaggeletterden komen in bepaalde situaties niet verder of zelfs in de problemen omdat zij de taal niet begrijpen of onvoldoende kunnen rekenen. Er kan dan gericht worden ingezet op het leren van noodzakelijke begrippen, die van belang zijn voor die bepaalde situatie, zonder het algemeen Nederlands taalniveau centraal te stellen. Bijvoorbeeld Nederlands op de werkvloer, Taal en rekenen bij schuldhulpverlening, taal bij computergebruik. Taal is dan integraal onderdeel van de begeleiding. 17