Vergader- en presentatietechniek



Vergelijkbare documenten
Proefexamen OFFICE MANAGEMENT

Kantoorpraktijk Proefexamen onderdeel 1

Proefexamen REKENVAARDIGHEID

ANTWOORDEN VERGADER- EN PRESENTATIETECHNIEK

Proefexamen NOTULEREN

Schriftelijk proefexamen TELEFONEREN

Proefexamen BOEKHOUDEN

Proefexamen MANAGEMENT

Proefexamen SPREADSHEET

Antwoordenboek. Vergader- en presentatietechniek. Vergader- en presentatietechniek 1 Antwoordenboek

Een bespreking voorbereiden, notuleren en voorzitten

Proefexamen ANATOMIE EN FYSIOLOGIE

Kantoorpraktijk. Proefexamen onderdeel 1. Beschikbare tijd totale proefexamen (onderdeel 1 + 2): 90 minuten. Kantoorpraktijk Proefexamen

Proefexamen Organisatie van de Gezondheidszorg

Proefexamen KLANTCONTACTEN

Proefexamen MEDISCHE TERMINOLOGIE

Proefexamen NOTULEREN

Proefexamen JURIDISCHE KENNIS

Proefexamen MARKETING

Overleggen en vergaderen. 1.1 Behoefte. 1.2 Soorten vergaderingen. 1.3 Basismodel vergaderen. 1.4 Taken van de voorzitter

Proefexamen TOETSENBORDVAARDIGHEID

VMBO-T / Nederlands / 2011 / tijdvak 1

Proefexamen TEKSTVERWERKEN

Effectief overleg start met effectief voorzitterschap

Antwoordenboek Presentatietechniek

VMBO-T / Nederlands / 2011 / tijdvak 2

Proefexamen MEDISCHE TERMINOLOGIE

Proefexamen MEDISCHE TERMINOLOGIE

E-book. Met 10 waardevolle tips om een presentatie te maken

Proefexamen Pathologie. Deelexamen 1. In dit proefexamen worden vragen gesteld over: Hoofdstuk 1 t/m 8

Proefexamen MEDISCHE TERMINOLOGIE

Leerjaar 4 K Nieuw Nederlands

Leerjaar 4 G-T Nieuw Nederlands

Proefexamen Commerciële Administratie

Proefexamen Pathologie. Deelexamen 2. In dit proefexamen worden vragen gesteld over: Hoofdstuk 9 t/m 12

Correctievoorschrift VMBO-KB

Proefexamen ANATOMIE EN FYSIOLOGIE

Schrijven in vijf stappen. Erica. Theloosen. schrijft met het oog op mensen

Proefexamen ANATOMIE EN FYSIOLOGIE

Proefexamen MEDISCHE TERMINOLOGIE

PTA Engelse taal en literatuur HAVO Belgisch Park cohort

Randvoorwaarden In les 2 hebben leerlingen individueel een computer met internet nodig. Alternatief: leerling voert les 2 thuis uit.

Hoe geef ik een toolbox?

VERGADEREN VOOR DUMMIES

Medische Administratie

WORKSHOP OVERHEADPROJECTIE

Schoolexamenreglement

Handleiding Vergadertechnieken

Proefexamen OMGANGSKUNDE

Proefexamen Computerboekhouden met AccountView

Leerjaar 3 B Nieuw Nederlands

Praktijkinstructie Correspondentie en mondelinge contacten MVT 4 - keuzetaal 1 en 2 (CSE06.4, CSE11.4 /CREBO:50181, 50176)

PTA Engelse taal en literatuur HAVO Belgisch Park cohort

STAPPENPLANNEN HAVO-VWO

Proefexamen Praktijkvaardigheden Onderdeel 1

KIJKWIJZER MOEILIJKHEID ACTIVITEITEN. 1. Wereld onderwerp. van eenvoudig naar complex

PTA Engelse taal en literatuur HAVO Belgisch Park cohort

Protocol studievoortgang

Proefexamen Praktijkvaardigheden Onderdeel 1

Toelichting op het Programma van Toetsing en Afsluiting (PTA) Schooljaar

VMBO-T / Nederlands / 2010 / tijdvak 2

SECTORWERKSTUK

Proefexamen. Zakelijk Nederlands. De uitwerkingen van een aantal opdrachten noteer je op dit examen; dit examen moet dus ingeleverd

Lesmodule: vergaderen en notuleren. Deel 1: het voorbereiden van vergaderingen

MONDELINGE TAALVAARDIGHEID BK 2 MAKKELIJK GEZEGD. Wat ga je doen?

Kandidaat-versie. Theorie-examen (proef) Crebonummer 94830

Correctievoorschrift VMBO-BB

Het doel ITTL is dat je je op diverse terreinen vaardigheden leert. Het gaat hier niet alleen om ICT- vaardigheden

PTA Engelse taal en literatuur HAVO Belgisch Park cohort

Proefexamen Omgangskunde 1

Correctievoorschrift VMBO-BB 2015

Correctievoorschrift VMBO-GL en TL

2.9 Lesplan opzet workshop 8 Lesformulier

PTA Nederlands HAVO Belgisch Park cohort

DIDaCtIsCHe tips Voor DoCenten

Tuesday, February 8, Opleiding Interactieve Media

OR & VERGADEREN VARIATIE EN VERRASSING HOUDEN DE. Richard Broer trainer/adviseur VERGADERAARS ALERT!

De Heilige Geest in het Oude Testament

ALV-reglement van de ASVA studentenunie

Werkoverleg in de groothandel in Levensmiddelen, Zoetwaren, Tabaksproducten en Bakkerijgrondstoffen

Versie 10 juni 2015 Uitgave Centrum voor Bestuurlijke Activiteiten

PTA Nederlands HAVO Belgisch Park cohort

Dit verhaal. Een Goede Lezing. Voorbereiding. Overzicht. Waar moet ik op letten als ik een lezing geef Voldoet deze lezing aan wat hij zelf zegt?

Samenvatting Nederlands Hoofdstuk 2

HOERA, een meisje Ondertitel: Analyseren

RUSSISCHE TAAL EN LITERATUUR VWO (ELEMENTAIR) VAKINFORMATIE STAATSEXAMEN 2016 V15.7.0

Training. Vergaderen

2: vergaderen VASTE VOORZITTER EN NOTULIST

Leerjaar 3 G-T Nieuw Nederlands

Makkelijk gezegd MONDELINGE TAALVAARDIGHEID KGT 2 MAKKELIJK GEZEGD

- Was dat volgens jou een goede vergadering? Zo ja, waardoor kwam dat volgens jou? Zo nee, waarom kwam dat?

Sectorwerkstuk. Kandinsky College. locatie Sint Jorisschool

Proefexamen Pathologie. Deelexamen 3. In dit proefexamen worden vragen gesteld over: Hoofdstuk 13 t/m 15

Artikel 1 'Algemene Vergadering': De Algemene Vergadering van CNV Onderwijs zoals bedoeld in artikel 13 van de statuten.

Transcriptie:

Schriftelijk proefexamen Beschikbare tijd: 90 minuten 50803 Proefexamen

HET PROEFEXAMEN BESTAAT UIT 6 GENUMMERDE PAGINA'S. 5 MEERKEUZEVRAGEN, gericht op toetsing van kennis van het begrippenkader 0 OPEN VRAGEN, gericht op toetsing van inzicht in de samenhang van het begrippenkader BENODIGDE HULPMIDDELEN: pen kladpapier Richtlijnen voor de vaststelling van het eindcijfer Het eindcijfer komt tot stand door het resultaat van het schriftelijk examen (50%), en door het resultaat van het mondeling examen (50%).. Voor het mondeling examen wordt een cijfer op de schaal van 0 gegeven, volgens de normale afrondingsregels afgerond op decimaal (5,44 = 5,4 en 5,45 = 5,5);. Voor het schriftelijk examen wordt een cijfer op de schaal van 0 gegeven, volgens de normale afrondingsregels afgerond op decimaal (5,44 = 5,4 en 5,45 = 5,5); 3. Het eindcijfer is (0,5 x cijfer eindexamen + 0,5 x cijfer mondeling examen), afgerond op een geheel cijfer volgens de normale afrondingsregels (dus 5,49 = 5; 5,50 = 6) Voorbeeld: Een kandidaat behaalt voor het schriftelijk examen een 6,5 en voor het mondeling examen een 5,. Het eindcijfer is: 0,5 x 6,5 + 0,5 x 5, = 5,85 = 6. N.B.: de antwoorden op de vragen kunnen op het opgavenblad genoteerd worden. 50803 Proefexamen

Meerkeuzevragen Kruis het juiste antwoord aan.. Als in een vergadering een voorstel als hamerstuk wordt aangenomen noemen we dat: 0 bij acclamatie 0 bij meerderheid 0 bij consensus 0 bij handopsteken. Belangrijke eigenschappen voor de voorzitter van een vergadering zijn: 0 gezag, neutraliteit, vertrouwen, leeftijd en tactisch inzicht 0 gezag, neutraliteit, spreekvaardigheid, tactisch inzicht en vertrouwen 0 gezag, neutraliteit, vertrouwen, tactisch inzicht en voldoende vergaderervaring 0 gezag, vertrouwen, voldoende vergaderervaring, affiniteit en tactisch inzicht 3.. In het algemeen geldt ten aanzien van presentatiemiddelen: maak er met mate gebruik van.. Om met een beamer te kunnen werken, moet je ook over een computer beschikken. 0 stelling en zijn beide juist 0 stelling is juist en stelling is onjuist 0 stelling is onjuist en stelling is juist 0 stelling en zijn beide onjuist 4. Bij de analyse van de samenhang van een presentatie analyseer je: 0 onderwerp, aanleiding, omstandigheden en randvoorwaarden 0 randvoorwaarden, omstandigheden, publiek en spreker 0 randvoorwaarden, doel, publiek en spreker 0 opdracht, doel, publiek en spreker 5. Bij het maken van een schriftelijke rapportage: 0 hanteer je de vaste volgorde van inleiding, kern, slot 0 besluit je elke kop keurig met een punt 0 kun je met behulp van de tekstverwerker een index van behandelde begrippen opnemen 0 is het niet toegestaan gebruik te maken van beeldspraak Einde meerkeuzevragen 50803 3 Proefexamen

Open vragen. Verklaar de begrippen: Convocatie Notulen Agenda Agendabijlage Ordevoorstel. Wat is het verschil tussen het agendapunt wat verder ter komt en rondvraag? 3. Wat is de rol van de deelnemer aan een vergadering bij een besluitvormend agendapunt? 4. Noem drie mogelijke vergaderpunten bij het agendapunt notulen. 50803 4 Proefexamen

5. Noem twee (uitsluitend) visuele hulpmiddelen bij de presentatie, en noem van elke een voor- en een nadeel. 6. Welke drie vragen stel je jezelf bij het analyseren van het publiek bij een presentatie? Ligt elke vraag kort toe. 7. Noem vier mogelijke hoofddoelen en vier mogelijke specifieke doelen van een presentatie. 8. Teken een aandachtscurve bij een lezing zonder aandachttrekkers, en een aandachtscurve bij een lezing met aandachttrekkers. Aandachtscurve zonder aandachttrekkers Aandachtscurve met aandachttrekkers 50803 5 Proefexamen

9. Noem drie manieren om te variëren in het schriftelijk taalgebruik. 0. Je werkt bij een fietsenfabrikant. In een publicatie neem je een plaatje van een fiets op, de futurebike. Dit model behoort tot de luxere typen en wordt over enkele maanden op de markt gebracht. Bedenk bij het plaatje een onderschrift dat: a. neutraal is :... b. informatief is :... c. wervend is :... Motiveer van elk onderschrift waarom deze neutraal, informatief of wervend is. Einde open vragen Einde proefexamen 50803 6 Proefexamen

Antwoorden en normering proefexamen Meerkeuzevragen. a. c 3. a 4. d 5. c Punten Totaal aantal punten meerkeuzevragen: 0 Open vragen. Convocatie = uitnodiging voor een vergadering. Notulen = verslag van een vergadering. Agenda = werkprogramma van een vergadering (lijst met af te werken punten). Agendabijlage = schriftelijke toelichting op een agendapunt. Ordevoorstel = voorstel dat betrekking heeft op de volgorde van de agenda.. W.v.t.t.k. : Belangrijke en/of dringende punten, die te laat binnen kwamen om op de agenda te plaatsen (die punten zullen op de agenda van de volgende vergadering gezet worden). Rondvraag:Minder belangrijke zaken of onduidelijkheden, die niet als agendapunt opgevoerd hoeven te worden. 4 3. - Informatie kennen; - Nagedacht hebben over mening; - In principe een keuze vóór of tegen een besluit gemaakt hebben; - Bereid zijn om mening bij te stellen bij nieuwe goede argumenten. 4 x 4. - Notulen tekstueel aan de orde stellen - Notulen inhoudelijk aan de orde stellen - Notulen officieel vaststellen - Opmerkingen naar aanleiding van - Notulist(e) bedanken voor werk 3 x 5. - White board Voordeel: eenvoudig te gebruiken, geen gesleep nodig met materiaal. Nadeel: uitgeveegde tekst is weg, stiften vaak weg of leeg, kleding kan vies worden. - Black board Voor- en nadeel: zie white board (lees voor stiften : krijtjes ). - Flip-over Voordeel: eenvoudig te gebruiken, tekst is terug te halen, je kunt de tekstbladen ophangen, flip-over is gemakkelijk te vervoeren. Nadeel: Stiften vaak weg of leeg, kleding kan vies worden. 50803 Proefexamen, antwoorden en normering

- Tonen van voorwerpen Voordeel: werkt verhelderend, verlevendigt de presentatie. Nadeel: niet elk voorwerp heeft juiste formaat, kan lezing rommelig maken. - Overheadprojector Voordeel: je kunt professionele sheets vooraf klaarmaken. Nadeel: vaak verduistering nodig, sheets nodig. N.B.: door kandidaten genoemde voor- en nadelen, die plausibel zijn en in de antwoorden niet genoemd worden, mogen eveneens goed gerekend worden. 6. Wie: samenstelling, leeftijd, levensovertuiging, gevoeligheden, e.d. Weten: wat weet men al, niveau/voorinformatie, jargon, e.d. Willen: verwachtingen en doelen, behoefte van het publiek. 7. Hoofddoelen: informeren, informatie vragen, instrueren, overtuigen, inspireren, activeren, amuseren. Specifieke doelen: weten, vinden, kunnen, doen. Middelen: x Voordelen: x Nadelen: x (in totaal 6 punten) Vragen: 3 x Toelichting: 3 x 4 x 4 x 8. x,5 Aandachtscurve zonder aandachttrekkers Aandachtscurve met aandachttrekkers 9. - variëren in zinslengte; - variëren in woordkeus; - variëren in zinsbouw; - gebruik van stijlmiddelen (beeldspraak/stijlfiguren). 3 x 0. Bijvoorbeeld: Neutraal : De futurebike. Informatief : Over enkele maanden op de markt: de luxe futurebike. Wervend : Zweven over de weg De beoordeling van de motivatie wordt aan de docent overgelaten. Onderschrift: 3 x Motivatie: 3 x Totaal aantal punten open vragen: 50 Totaal aantal punten proefexamen 60 Cijfer proefexamen = aantal behaalde punten gedeeld door 6, afgerond op decimaal volgens de normale afrondingsregels (5,44 = 5,4; 5,45 = 5,5). Het cijfer van het schriftelijk examen bepaalt het eindcijfer voor de cursus voor 50%. 50803 Proefexamen, antwoorden en normering