Integraal Veiligheidsplan. Houten 2011-2015



Vergelijkbare documenten
Taak en invloed gemeenteraad op de. Integrale veiligheid

Betreft Kadernota Integrale Veiligheid Westelijke Mijnstreek Veiligheid kent geen grenzen.

Veiligheidsbeeld gemeente Amersfoort

Integrale veiligheid. Uitvoeringsplan 2013 / 2014

Kadernota Integrale Veiligheid Westelijke Mijnstreek

Bijlage 3 Jaaruitvoeringsplan Tweestromenland 2015

Integraal veiligheidsbeleid

Resultaten gemeentebeleidsmonitor Veiligheid en leefbaarheid

Veiligheidsbeeld gemeente Amersfoort

O O *

agendanummer afdeling Simpelveld VI- onderwerp Kadernotitie Integraal Veiligheidsbeleid Gemeente Simpelveld

Een veilige stad begint in de buurt

Integraal Veiligheids Plan. Gemeente IJsselstein Regie, verbinding en daadkracht

Portefeuillehouder : J.J.C. Adriaansen Datum : 18 november : Burger en bestuur: Woensdrecht veilig

Raadsleden & Veiligheid. Een introductie

Rhenen. ontwikkeling in de periode januari-jun 2018 t.o.v. januari-jun 2017

Veiligheidscijfers Soest 2015 samenwerking loont

PROGRAMMABEGROTING

Beleidsplan Integrale Veiligheid

Wat is een Veiligheidshuis?

Ontwikkeling van misdrijven in Amersfoort

Voorbeeld Startnotitie Behorend bij Kernbeleid Veiligheid 3.0 d.d. september 2010

Tijdens de informatiebijeenkomst d.d. 12 februari 2015 heeft de politie een toelichting gegeven op deze politie(criminaliteits)cijfers.

Van: M. Elberse Tel.nr.: Nummer: 14A.00705

Prioritering Beleidskader Veiligheid Veiligheidsanalyse 2018

RAADSINFORMATIEBRIEF Oudewater 17R.00072

Veiligheid kernthema: maatschappelijk evenwicht & veiligheid

VOORBLAD RAADSVOORSTEL

Ontwikkeling van misdrijven in Amersfoort

GEVOLGEN VOOR JA/NEE ROUTING DATUM Communicatie Ja College 13 september 2011 Financieel

Raadsstuk. Onderwerp: integraal veiligheids- en handhavingsbeleid BBV nr: 2014/367894

Raadsvoorstel Integraal Veiligheidsbeleid Haarlemmermeer/ Prioriteiten meerjarenplan politie

Veiligheid Vleuten-De Meern Wijkraadvergadering 16 maart Utrecht.nl

Programma 2 Openbare Orde en Veiligheid

Via deze raadsinformatiebrief bieden wij de politie(criminaliteits)cijfers 2016 en de duiding er van ter kennisname aan.

Veiligheidsanalyse. m.b.t. integraal veiligheidsbeleid Gemeente Geertruidenberg en Drimmelen

*Z001F59E44 9* Leiderdorp, 16 september Afdeling: Concernzaken OOV en Rampen Onderwerp: Beleidsplan Integraal Veiligheidsbeleid

Startnotitie Integraal Veiligheidsplan Gemeente Molenwaard

Veiligheidsprogramma 2015

Toezicht- en Handhavingsplan 2016 Openbare Orde en Veiligheid Drank en Horecawet Gemeente Westvoorne

Raadsstuk. De raad der gemeente Haarlem,

Integrale gebiedscan gemeente Utrechtse Heuvelrug

Prioriteiten en doelstellingen voor Openbare Orde en Veiligheid Gemeente Sliedrecht

Jaarplan 2004 politie Geertruidenberg-Drimmelen

B A S I S V O O R B E L E I D

Hoe beoordelen Almeerders de leefbaarheid en veiligheid in hun buurt?

Van: M. van Milligen Tel nr: Nummer: 17A.00002

Mr. B.B. Schneiders burgemeester

Integrale Veiligheidsrapportage. Gemeente Littenseradiel. Januari t/m december 2011

Stadsmonitor. -thema Veiligheid-

gemeente Eindhoven RaadsvoorstelBeleidskader integrale veiligheid

MEMO AAN DE GEMEENTERAAD

Wat is Burgernet? Leeuwarden en Dantumadiel (politieregio Fryslân), Breukelen, Maarssen, De Ronde Venen en Nieuwegein (politieregio Utrecht).

Veiligheid in Leusden. We kijken even terug naar 2018.maar vooral vooruit!

CONCLUSIES EN AANBEVELINGEN EVALUATIE UITVOERINGSPLAN 2012 INTEGRAAL VEILIGHEIDSBELEID

Kadernota. Integrale Veiligheid WM "Veiligheid kent geen grenzen"

Raadsinformatieavond. Gemeente Woerden. Bert Roemeling Petrie Velthof. 12 februari 2015

Integraal Veiligheidsbeleid gemeente Castricum

INTEGRALE VEILIGHEID

Startnotitie Integraal Veiligheidsbeleid Naar een Integraal Veiligheidsbeleid

Samen werken aan veiligheid. Integraal veiligheidsplan gemeente Bunnik

Voorstel. Uitgangspunten regiovisie. De regiovisie gaat uit van de volgende uitgangspunten:

Convenant Buurtpreventie Blaricum

11 Stiens, 21 oktober 2014

Integrale Veiligheidsmonitor Hengelo 2011

B A S I S V O O R B E L E I D

Monitor Veiligheidsbeleid gemeente Groningen mei - augustus 2018

Veiligheidsavond Leiderdorp

Jaaruitvoeringsprogramma integrale veiligheid. Gemeente Beemster 2013

Integraal Veiligheidsplan Gemeente Baarn Samen voor meer veiligheid

Corporate brochure RIEC-LIEC

Analyse cijfers prioriteiten Veiligheid 2012 t/m 2016

Jaaruitvoeringsprogramma integrale veiligheid. Gemeente Purmerend mei 2013

Notitie Veiligheidsmonitor Amsterdam-Amstelland

Margret van Wijk, Frank Pleket. Advies: In te stemmen met de beantwoording in bijgaande RIB en deze aan de raad te sturen.

Uitvraag Vrouwenopvang

INTERN MEMO. Prioritering

Fact sheet. Veiligheidsmonitor Amsterdam-Amstelland Politie Eenheid Amsterdam. Veiligheidsbeleving buurt. nummer 4 februari 2013

Jaaruitvoeringsprogramma integrale veiligheid 2016

Vernieuwend Werken per

Integrale Veiligheidsmonitor Hengelo 2011

B A S I S V O O R B E L E I D

Gemeente Langedijk. Voorstel aan de raad

Jaarplan Veiligheid Jaarplan Veiligheid 2019

Veiligheid analyse Leerdam, ontwikkelingen tussen

Integraal Veiligheidsplan

Integrale Veiligheidsmonitor Hengelo 2011

Integraal Veiligheidsbeleid Deel 2, Veiligheid in Bronckhorst

Startnotitie integraal veiligheidsbeleid

Aan de gemeenteraad Gemeente Steenwijkerland Vendelweg XE Steenwijk Steenwijk, Nummer voorstel: 2014/47

Raadsinformatiebrief Nr. :

Monitor Veiligheidsbeleid gemeente Groningen januari-april 2018

Datum 12 april 2012 Onderwerp Inspectie Openbare Orde en Veiligheid rapport "Follow the Money"

Jaarplan 2011; CONCEPT 06/10. Samen in actie voor een veiliger regio Utrecht

Integraal Veiligheidsbeleid

Toespraak Annemarie Jorritsma Thema: Woninginbraken Bestuurdersdiner lokale veiligheid 29 oktober 2013

3.4 Programma Veiligheid en Handhaving

Tijdens het persoverleg op 24 januari 2012 heeft burgemeester Schmidt de politie(criminaliteits)cijfers 2011 gepresenteerd en geduid.

PROGRAMMA 8: OPENBARE ORDE EN VEILIGHEID

Uitvoeringsprogramma Integrale veiligheid 2012

Transcriptie:

Integraal Veiligheidsplan Houten 2011-2015

Samenvatting Missie/Visie Houten is een veilige gemeente. We willen het niveau van veiligheid dat we nu hebben bereikt graag vasthouden en waar mogelijk verhogen. De missie van de gemeente Houten luidt daarom dat we samen met de partners een integraal en op maat gesneden veiligheidsbeleid ontwikkelen én ten uitvoering brengen. Het resultaat van deze gezamenlijke inzet zal een afname van de criminaliteit en een versterking van de veiligheidsbeleving zijn. Strategische uitgangspunten De strategische uitgangspunten voor dit plan zijn: Zelfredzaamheid en eigen verantwoordelijkheid Ondersteunen kracht maatschappelijk middenveld Van zaakgericht naar dadergerichte aanpak Investeren in jeugd en jongeren Waarom dit IVP? Dit is het derde integrale veiligheidsplan van de gemeente Houten. Het plan vormt de drager voor het integraal veiligheidsbeleid in de gemeente Houten voor de periode 2011 tot en met 2015. Integraal veiligheidsbeleid betekent samen werken aan verbetering van de lokale veiligheid onder regie van de gemeente. Veiligheid is immers niet het exclusieve domein van één organisatie of instantie, veiligheidspartners hebben elkaar hard nodig om onveiligheid te bestrijden. Doel van het IVP is het bevorderen van de veiligheid en het veiligheidsgevoel. Om dat te bereiken worden in dit plan de prioriteiten vastgelegd waarop de partners extra inzet zullen leveren. Prioriteiten De prioriteiten voor de planperiode zijn: verkeersveiligheid, aanpak woninginbraak, fiets en veiligheid, leefbaarheid centrum en jongeren en veiligheid. Voor de eerste prioriteit bestaat een apart verkeersveiligheidsplan. De prioriteiten kunnen in de loop van de planperiode worden aangepast en/of vervangen al naargelang bepaalde ontwikkelingen daarom vragen. Ambities Het niveau van veiligheid dat we nu hebben bereikt en het gevoel/beleving van onze inwoners daarbij willen we graag vasthouden en waar mogelijk verhogen. Daarbij werken we intensief samen met al onze partners op het gebied van veiligheid. Als prestatie-indicator hanteren we het realiseren van een daling van de criminaliteit met 10% in 2014 ten opzichte van 2009. Als effectindicator hanteren we een stijging van het veiligheidsgevoel in Houten en in de eigen buurt met 1 procent in 2014 ten opzichte van 2010. Toezicht en handhaving in de openbare ruimte blijven minimaal op niveau en we onderzoeken mogelijkheden om deze aspecten door een andere inzet van politiesurveillanten en buitengewone opsporingsambtenaren (boa s) nog effectiever te maken. Tenslotte continueren we de projectmatige aanpak van fietsdiefstal en de geïntegreerde aanpak van georganiseerde criminaliteit via het RIEC. Doelstelling per prioriteit Verkeersveiligheid: afname van het aantal ziekenhuisgewonden in 2014 met 17% ten opzichte van het gemiddeld aantal gewonden in de periode 2006-2010. Woninginbraak: afname van het aantal woninginbraken in 2014 met 20% ten opzichte van 2010. Dit komt overeen met een halvering van de stijging die in 2010 is gerealiseerd. Fiets en veiligheid: afname van het aantal fietsdiefstallen in 2014 met 15% ten opzichte van 2010. Leefbaarheid centrum: afname van het aantal vernielingen met 10% in 2014 ten opzichte van 2010 en een toename van het veiligheidsgevoel op het Rond en in het stationsgebied met 1% in 2014 ten opzichte van 2010. Jongeren en veiligheid: afname van het aantal meldingen van jongerenoverlast met 10% in 2014 ten opzichte van 2010. Maximaal 1 problematische jeugdgroep in 2014. 2

1 Inleiding... 5 1.1 Waarom dit IVP?... 5 1.2 Hoe is dit IVP tot stand gekomen?... 5 1.3 Uitvoeringsplannen... 5 1.4 Leeswijzer... 6 2 STRATEGISCH KADER... 7 2.1 Landelijk, regionaal en lokaal kader... 7 2.1.1 Landelijk kader... 7 2.1.2 Regionaal Kader... 8 2.1.3 Lokaal kader... 10 2.2 Missie, visie en strategische uitgangspunten... 11 2.2.1 Missie... 11 2.2.2 Visie... 11 2.2.3. Strategische uitgangspunten... 11 2.3 Strategische partners... 12 3 ANALYSE... 14 3.1 Veiligheidsanalyse... 14 3.1.1 De politiecijfers... 15 3.1.2. De resultaten uit de leefbaarheidsmonitor 2010... 16 3.1.3. Externe veiligheid... 18 3.2 Terugblik IVP 2007-2010... 20 3.2.0 Algemeen... 20 3.2.1 Speerpunt 1: Verkeersveiligheid... 20 3.2.2 Speerpunt 2: Jongeren en veiligheid... 22 3.2.3 Speerpunt 3: Fietsdiefstal... 23 3.2.4 Speerpunt 4: RIEC... 24 3.2.5 Speerpunt 5: Genotmiddelen... 25 3.2.6 Speerpunt 6: Veiligheidshuis... 26 3.3 Kern van de problematiek/conclusie... 27 4 HOOFDDOELSTELLING EN AANPAK... 28 4.1 Hoofddoelstelling... 28 4.2 Veiligheidsaanpak op hoofdlijnen... 28 4.3 Toezicht... 28 4.3.1 De buitengewoon opsporingsambtenaar (boa)... 28 4.3.2 De politiesurveillant... 29 4.3.3 boa en/of politiesurveillant?... 30 5 PRIORITEITEN EN AMBITIES... 32 5.1 Prioriteit 1: Verkeersveiligheid... 32 5.1.1 Doelstelling... 32 5.1.2 Hoofdlijnen aanpak verkeersveiligheid... 33 5.1.3 Partners in de aanpak... 33 5.1.4 Relevante programma s... 33 5.2 Prioriteit 2: Woninginbraak... 33 5.2.1 Doelstelling... 34 5.2.2 Hoofdlijnen aanpak woninginbraak... 34 5.2.3 Partners in de aanpak... 34 5.2.4 Relevante programma s... 34 5.3 Prioriteit 3: Fiets en Veiligheid... 35 5.3.1 Doelstelling... 35 3

5.3.2 Hoofdlijnen aanpak Fiets en Veiligheid... 35 5.3.3 Partners in de aanpak... 35 5.3.4 Relevante programma s... 35 5.4 Prioriteit 4: Leefbaarheid Centrum... 36 5.4.1 Doelstelling... 36 5.4.2 Hoofdlijnen aanpak Leefbaarheid Centrum... 36 5.4.3 Partners in de aanpak... 36 5.4.4 Relevante programma s... 36 5.5 Prioriteit 5: Jongeren en Veiligheid... 37 5.5.1 Doelstelling... 37 5.5.2 Hoofdlijnen aanpak... 37 5.5.3 Partners in de aanpak Jongeren en Veiligheid... 38 5.5.4 Relevante programma s... 38 6 ORGANISATIE EN STURING... 39 6.1 Verantwoordelijkheid... 39 6.2 Overlegstructuur... 40 6.3 Evaluatie en Monitoring... 40 6.4 Uitvoeringsplan... 40 7 BEGROTING... 41 4

1 Inleiding 1.1 Waarom dit IVP? Dit is het derde integrale veiligheidsplan van de gemeente Houten. Het plan vormt de drager voor het integraal veiligheidsbeleid in de gemeente Houten voor de periode 2011 tot en met 2015. Integraal veiligheidsbeleid betekent samen werken aan verbetering van de lokale veiligheid onder regie van de gemeente. Veiligheid is immers niet het exclusieve domein van één organisatie of instantie, veiligheidspartners hebben elkaar hard nodig om onveiligheid te bestrijden. Samenwerken in de veiligheidsketen betekent dat inspanningen van alle betrokkenen op het gebied van pro-actie, preventie, handhaving en repressie goed op elkaar zijn afgestemd, elkaar goed aanvullen en versterken. Een samenwerking langs deze lijn vergt een goede coördinatie, afstemming en sturing: de gemeentelijke regierol. De gemeente wil deze regierol vervullen door het veiligheidsbeleid te initiëren, andere partijen te stimuleren en eventueel aan te spreken op hun verantwoordelijkheid, onderlinge verbanden te leggen en waar nodig sturend op te treden. Doel van het IVP is bevorderen van veiligheid en het veiligheidsgevoel. Om dat te bereiken worden in dit plan de prioriteiten vastgelegd waarop samen met de partners extra inzet wordt geleverd. Naast de prioriteiten die in dit IVP zijn opgenomen zijn er veel andere veiligheidsvraagstukken en werkzaamheden die dagelijks worden uitgevoerd. De veiligheidspartners zijn en blijven vanuit hun verantwoordelijkheid (wettelijke taak) te allen tijde aanspreekbaar op de aanpak van alle veiligheidsvraagstukken, ook de onderwerpen die niet tot de prioriteiten van dit IVP behoren. Kadernota Het integraal veiligheidsplan geeft de kaders aan waarbinnen de gemeente handelt en inzet verwacht van haar partners. Het veiligheidsbeleid wordt door het college in tweejaarlijkse uitvoeringsplannen concreet uitgewerkt. Deze worden afzonderlijk aangeboden. In het collegeprogramma Houten werkt! heeft het college van burgemeester en wethouders haar beleidsambities voor de periode 2010-2014 neergelegd. Ten aanzien van het veiligheidsbeleid is bepaald dat een veilige samenleving een basisrecht is voor iedereen. Dat geldt voor inwoners, mensen die in de gemeente werken of de gemeente bezoeken en de bedrijven die er zijn gevestigd. 1.2 Hoe is dit IVP tot stand gekomen? Het Integraal Veiligheidsplan is gebaseerd op twee pijlers: objectieve gegevens (met name politiecijfers) en subjectieve gegevens (uitkomsten leefbaarheidsmonitor). Deze kwantitatieve en kwalitatieve gegevens zijn vervolgens verdiept op verschillende wijzen. Er zijn wijkbijeenkomsten georganiseerd waarvan de uitkomsten zijn gebruikt als inkleuring van de gegevens uit de leefbaarheidsmonitor. Daarnaast zijn er diverse gesprekken gevoerd met de partners op het gebied van veiligheid. Deze gesprekken kenden diverse thema s (veilige woon- en leefomgeving, jeugd en veiligheid, crisisbeheersing enz.). De partners zijn direct of indirect betrokken bij de uitvoering van het veiligheidsbeleid. Zij kunnen op basis van ervaring en expertise goed inzicht verschaffen in wat er goed gaat en behouden moet blijven, maar ook welke ontwikkelingen zich voordoen en welke kansen kunnen worden benut. Al deze gegevens zijn bij elkaar gebracht en geanalyseerd. Aan de hand van deze analyse is op 17 mei een bijpraatavond voor de gemeenteraad georganiseerd en zijn de voorlopige resultaten voorgelegd en besproken. 1.3 Uitvoeringsplannen Het integraal veiligheidsbeleidplan 2011-2015 is kadernota. De kadernota beschrijft de visie op het veiligheidsbeleid in Houten voor de komende jaren met daaraan gekoppeld de doelstellingen die men wil bereiken. De gemeenteraad stelt de kaders vast en heeft een controlerende taak. Dit betekent dat de gemeenteraad de kadernota (het integraal veiligheidsplan) vaststelt inclusief de doelstellingen. Zo kan zij later in het proces ook daadwerkelijk invulling geven aan haar controlerende taak. Het college van burgemeester en wethouders is belast met het uitvoeren van de kadernota en het behalen van de doelstellingen. Het college stelt daartoe iedere twee jaar een uitvoeringsplan vast. In het 5

uitvoeringsplan wordt concreet neergelegd op welke wijze uitvoering wordt gegeven aan de doelstellingen uit de kadernota en welke afspraken er zijn gemaakt met de partners. In het uitvoeringsplan worden de uit te voeren activiteiten beschreven met daaraan gekoppeld de voor de uitvoering verantwoordelijke partner. De voortgang van de doelstellingen uit de kadernota wordt halverwege de planperiode geëvalueerd. Op basis daarvan kunnen doelen en/of activiteiten bijgesteld dan wel aangepast worden. Eventueel kunnen er op dat moment ook doelstellingen die behaald zijn vervallen of juist worden toegevoegd indien ontwikkelingen daartoe aanleiding geven (denk aan nieuw beleid vanuit het Rijk of een plotselinge stijging van criminaliteitscijfers). 1.4 Leeswijzer In hoofdstuk 2 wordt het strategisch kader geschetst waardoor het integraal veiligheidsbeleid wordt begrensd op zowel landelijk, regionaal en lokaal niveau. Daarbij worden uitgangspunten en partners benoemd en ook worden missie en visie op het integraal veiligheidsbeleid verwoord. In hoofdstuk 3 is de veiligheidsanalyse van de gemeente Houten opgenomen waaronder een terugblik op de speerpunten van het vorig IVP. Op basis van deze analyse komen in hoofdstuk 4 en 5 achtereenvolgens de hoofddoelstelling van het veiligheidsbeleid aan bod met daaraan gekoppeld de prioriteiten en ambities voor de komende planperiode. In hoofdstuk 6 wordt de organisatorische borging en sturing beschreven. Tenslotte zijn in hoofdstuk 7 de financiële aspecten van het plan neergelegd. 6

2 STRATEGISCH KADER 2.1 Landelijk, regionaal en lokaal kader 2.1.1 Landelijk kader Kabinetsbeleid Op 30 september 2010 zijn de Tweede Kamerfracties van VVD en CDA tot een regeerakkoord gekomen met als motto 'Vrijheid en verantwoordelijkheid'. Het regeerakkoord is de leidraad voor het beleid van het kabinet Rutte-Verhagen. Veiligheid is een kerntaak van de overheid. Randvoorwaarde voor vrijheid en vertrouwen is een omgeving die niet onveilig is en waar geen gevoelens van onveiligheid heersen. Het moet veiliger worden op straten, in wijken en de openbare ruimte. Het daadkrachtig aanpakken van straatterreur, overlast, intimidatie, agressie, geweld en criminaliteit vraagt om een zichtbaar, gezaghebbend en doortastend optreden van politie en justitie. Het kabinet heeft een uitgebreide lijst met doelstellingen opgesteld waaronder: Directer en effectiever aanpakken overlast, agressie, geweld en criminaliteit. Terugdringen grensoverschrijdend gedrag van risicojongeren, individueel en in bendes. Daders in hun eigen omgeving aanpakken. Veiligheidshuizen spelen hierbij een belangrijke rol en worden verder ontwikkeld. Bescherming van de samenleving tegen de daders van zware delicten als geweld- en zedendelicten door toereikende (gevangenis)straffen en maatregelen. Daders harder aanpakken, slachtoffers sterkere positie geven. Intensivering van de snelheidscontroles als de verkeersveiligheid in geding is. Bij substantiële snelheidsovertredingen volgen zwaardere boetes. Effectiever functioneren van politie ten behoeve van de veiligheid van burgers en dieren. Nationale politie onder verantwoordelijkheid van de minister die belast is met de zorg voor veiligheid. Met name de aanpak van grensoverschrijdend gedrag van jongeren, de rol van het veiligheidshuis en de intensivering van snelheidscontroles hebben effect op de veiligheidssituatie in Houten. Ontwikkeling nationale politie Het kabinet wil de organisatie van de politie veranderen, zodat die zich meer kan bezighouden met de veiligheid op straat. Daarom is het de bedoeling dat er per 1 januari 2012 één nationale politie komt. Op dit moment ligt het wetsvoorstel ter advisering bij de Raad van State. De opbouw van de politieleiding en de verdeling van de verantwoordelijkheden gaan veranderen. Er komt 1 landelijk politiekorps, dat is verdeeld in 10 regionale eenheden. De minister van Veiligheid en Justitie krijgt de volledige ministeriële verantwoordelijkheid voor de nationale politie. Dit houdt in dat de minister de begroting vaststelt en de kaders waarbinnen de nationale politie werkt. Het gezag over de politie verandert niet. De burgemeester en de officier van Justitie maken lokaal afspraken over de inzet van de politie. Iedere gemeente zal een veiligheidsplan maken op grond waarvan de burgemeester de politie aanstuurt. We volgen de ontwikkeling van de nationale politie op de voet en zijn met name geïnteresseerd in de wijze waarop invulling wordt gegeven aan het lokaal veiligheidsbeleid. In het huidig wetsvoorstel kiest het kabinet voor een topdown-benadering, waarbij de minister bepaalt hoeveel politiecapaciteit elke regio krijgt om nationale prioriteiten uit te voeren. De burgemeester dreigt daardoor bij de inzet van politie geen rekening te kunnen houden met de veiligheid en leefbaarheid in de wijk. De VNG heeft, op basis van het rapport Sleuren of sturen van prof. dr. P.W. Tops 1, in een reactie op het wetsvoorstel de minister concrete voorstellen gedaan om de betrokkenheid van de gemeenten te garanderen. De VNG stelt voor om de lokale veiligheid en dus de veiligheidsbeleving van burgers als uitgangspunt te nemen voor de verdeling van de politiecapaciteit. De minister is tot op bepaalde hoogte bereid om 1 Sleuren of sturen gemeenten en de sturing van veiligheid en politie, Rapport vervaardigd voor de commissie Bestuur en Veiligheid van de VNG, Prof. dr. P.W. Tops, dr. M. van Duin, P. van Os, Prof. dr. S. Zouridis 7

de voorstellen te betrekken bij de vorming van de nationale politie. Zeer recent is het definitieve wetsontwerp ingediend bij de Tweede Kamer. 2.1.2 Regionaal Kader Regionale Veiligheidsstrategie Binnen het Regionaal College werken gemeenten, politie en Openbaar Ministerie in de regio Utrecht samen om de integrale veiligheid te bevorderen. Voor de periode 2008-2011 is een Veiligheidsstrategie ontwikkeld als basis voor intensieve samenwerking 2. In dit meerjaren beleidsplan heeft het Regionaal College vijf veiligheidsthema s benoemd die de politie met prioriteit aanpakt. Het betreft: overlast; veel voorkomende criminaliteit; delicten met een grote impact op slachtoffers; ondermijning 3 ; gelijkwaardigheid 4. Vertaald naar de praktijk in Houten betekent dit prioritaire inzet op jongerenoverlast, fietsdiefstal, woninginbraak en de integrale aanpak van georganiseerde criminaliteit met ondersteuning van het RIEC. Per thema zijn een burgemeester, een Officier van Justitie en een districtschef als drivers benoemd. Zij stimuleren ontwikkelingen binnen de regio en hun veiligheidsthema om zo de doelstelling te behalen. De hoofddoelstelling uit de Regionale Veiligheidsstrategie 2008-2010 is een daling van de totale criminaliteit met 40% in 2011 ten opzichte van 2002. Op dit moment hebben we in het district Lekstroom een daling van gemiddeld 30% gerealiseerd. Houten heeft in 2010 een daling van 34% laten zien ten opzichte van de aangiftecijfers van 2002. In 2009 bedroeg de daling nog zelfs 38,8% en was Houten op dat moment koploper in de regio. De afname van het aantal aangiften is deels teniet gedaan door de forse toename van het aantal woninginbraken in 2010. Desondanks is Houten een van de veiligste gemeenten in de regio. Bureau Regionale Veiligheidsstrategie (RVS) Op 1 januari 2010 is het door het Regionaal College ingestelde bureau Regionale VeiligheidsStrategie (RVS) van start gegaan, vooralsnog voor een proefperiode van twee jaar. Het bureau is van de gemeenten, politie en Openbaar Ministerie van de regio Utrecht. Gezamenlijke doelstelling van het bureau is ondersteuning in het versterken van de veiligheidsaanpak. Voor 2011 heeft het bureau het eerste jaarplan als uitwerking van het meerjarenplan opgesteld. Bureau RVS is verantwoordelijk voor oplevering van een nieuwe veiligheidsstrategie 2012-2014 en zal eveneens een gezamenlijk jaarplan 2012 opstellen. Het bureau is daarnaast op dit moment bezig met een verkenning naar het verbeteren van de samenhang tussen regionale veiligheidsinitiatieven. Hierbij zijn de centrale pijlers de veiligheidshuizen, bureau RVS en het RIEC en het expliciete doel is te komen tot een eenvoudiger financieringssystematiek. Door het stroomlijnen van de diverse initiatieven is kostenreductie voor de partners een reële optie. Daarbij direct moet worden opgemerkt dat er door het wegvallen van bepaalde subsidies (bijv. voor burgernet) ook bepaalde extra kosten zullen ontstaan. Inmiddels liggen er voorstellen om het bureau RVS na de proefperiode per 1 januari 2012 structureel te maken. RIEC MN Houten is vanaf het prille begin (eind 2009) als pilotgemeente betrokken geweest bij de totstandkoming van het Regionaal Informatie en Expertise Centrum Midden Nederland (RIEC MN). Houten is als een van de eerste gemeenten in de regio Utrecht gestart met het toepassen van de wet Bibob. Doel daarbij is het voorkomen van vergunningenverlening aan criminelen zodat criminele organisaties niet ongewild worden gefaciliteerd bij bijvoorbeeld witwassen van geld. In die lijn is aansluiting bij het RIEC een logische vervolgstap omdat het RIEC verder gaat waar Bibob ophoudt. 2 Gezamenlijke Veiligheidsstrategie 2008 2011 Samen in actie! 3 Onder ondermijning wordt verstaan de vaak onzichtbare activiteiten, gepleegd door criminele organisaties. De vier subthema s betreffen: mensenhandel, georganiseerde wietteelt, heling en vastgoed. 4 Discriminatie is de belangrijkste verschijningsvorm van ongelijkwaardigheid. 8

Het RIEC MN is een samenwerkingsverband dat informatie-uitwisseling en samenwerking faciliteert tussen gemeenten, politie, Openbaar Ministerie, Belastingdienst en Bijzondere Opsporingsdiensten. Het doel van het RIEC MN is voorkomen dat de overheid criminelen faciliteert en voorkomen dat er een vermenging ontstaat tussen de boven- en de onderwereld. Het gaat hierbij veelal om het bestrijden van de onzichtbare criminaliteit, die plaatsvindt binnen de thematisch velden mensenhandel, hennepteelt, vastgoedfraude, witwassen en financieel-economische criminaliteit. Op verzoek van een burgemeester of convenantpartner kan het RIEC alle beschikbare informatie verzamelen over personen en locaties waarover een vermoeden is dat daar criminele activiteiten plaatsvinden. Samen met de convenantpartners wordt deze gebundelde informatie door het RIEC MN voorzien van een advies over de aanpak van het probleem en wie daarin een leidende rol moet krijgen. Daarnaast ondersteunt het RIEC MN gemeenten bij het uitvoeren van bestuurlijke aanpak en toepassen van o.a. de Wet bevordering integriteitsbeoordelingen door het openbaar bestuur (Wet Bibob). Ook geeft het RIEC MN trainingen en begeleidt intervisiebijeenkomsten gericht op het ontwikkelen van kennis over de toepassing van bestuurlijke instrumenten. Veiligheidshuis Binnen het veiligheidshuis wordt gewerkt aan de aanpak van jeugd, huiselijk geweld, veelplegers en de nazorg aan ex-gedetineerden. In 2010 is daar de doelgroep jongvolwassenen (gekoppeld aan de aanpak van jeugdgroepen) aan toegevoegd. De aanpak is systeemgericht (gericht op gezin en mogelijk groep waarin betrokkene zich begeeft) en verbindt de justitiële, civiel- en bestuursrechtelijke aanpak. Hierbij wordt steeds de link gelegd met de keten rondom zorg- en hulpverlening. Gemeenten, jeugd- en zorginstellingen, politie en justitiële partners werken gericht samen om problemen op het gebied van veiligheid te voorkomen en/of te verminderen. Terugdringen van recidive is de doelstelling van het Veiligheidshuis. Informatie over geprioriteerde personen en/of groepen wordt vanuit verschillende invalshoeken samengebracht. In het casusoverleg wordt aan de hand van de beschikbare informatie gezamenlijk een plan van aanpak vastgesteld waarvan de uitvoering wordt belegd bij betrokken partijen. Vervolgens wordt door het Veiligheidshuis de informatie teruggekoppeld. In de regio Utrecht zijn al vijf jaar twee regionale Veiligheidshuizen actief (Utrecht en Amersfoort). Houten neemt op basis van een prioriteit in het vorig IVP per 1 januari 2009 deel aan het Veiligheidshuis Utrecht en heeft samen met de overige vier Lekstroomgemeenten een adviseur gestationeerd in het Veiligheidshuis. Deze adviseur (informatiemakelaar) vertegenwoordigt de Lekstroomgemeenten in het Veiligheidshuis. Houten vervult de werkgeversrol voor deze adviseur. Burgernet Een van de initiatieven om burgers te betrekken bij bevordering van de veiligheid in hun leefomgeving is Burgernet. Door middel van een telefonisch netwerk worden bewoners via de meldkamer van de politie geïnformeerd over actuele veiligheids- en leefbaarheidsaspecten in hun wijken. Deze informatievoorziening heeft een positieve uitwerking op de beleving van overlast en onveiligheid. Ook worden burgers met behulp van Burgernet betrokken bij opsporings- en handhavingsactiviteiten van de politie. De doelstellingen van Burgernet zijn: verhogen van het gevoel van veiligheid bij de deelnemers; verhogen van het vertrouwen in de gemeente bij de deelnemers; verhogen van het vertrouwen in de politie bij de deelnemers; vergroten van de pakkans (heterdaad). Mede op basis van grote interesse uit de raad heeft Houten zich sinds 2010 aangesloten bij de tweede pilotfase van Burgernet, De uitrol van Burgernet is in Houten goed verlopen (april 2010). We hebben een relatief hoge deelnemersgraad (6,5%). In de beginfase heeft Burgernet in de regio (en daarmee ook in Houten) te maken gehad met verschillende technische problemen. Daardoor zijn er in het eerste jaar relatief weinig oproepen gedaan en acties geweest. Burgernet heeft de ambitie om de hoge deelnemersgraad vast te houden en zo mogelijk nog verder uit te bouwen. Daarnaast willen we in Houten het netwerk vaker inzetten als preventief instrument, bijvoorbeeld bij woning- en auto inbraken. Om deze doelen te bereiken maken we actief reclame voor Burgernet (artikelen in het plaatselijk nieuws enz.) maar ook berichten we elke drie maanden aan de deelnemers welke acties er in Houten zijn geweest en het resultaat ervan. Burgernet heeft een mailbox voor de deelnemers, vragen, klachten en opmerkingen die in deze mailbox belanden, handelt de gemeente elke week af. Snelle en adequate beantwoording van vragen en klachten draagt bij aan het vasthouden van de deelnemers en hun betrokkenheid bij het netwerk. Samen met andere gemeenten in de regio zorgen 9

we ervoor dat Burgernet breed wordt ingezet. Niet alleen als opsporingsmiddel, maar ook preventief. Tijdens de tweemaandelijkse regionale burgernet bijeenkomsten worden deze onderwerpen besproken en afspraken gemaakt. Burgernet is een uitstekende uitbreiding van ons veiligheidsinstrumentarium waarbij onze inwoners een actieve bijdrage kunnen leveren. 2.1.3 Lokaal kader Collegeprogramma Het college heeft op het gebied van veiligheid een aantal accenten gelegd. Zo zorgt de gemeente samen met haar inwoners en veiligheidspartners ervoor dat de criminaliteit in 2014 10% lager is dan in 2009. Verder blijven toezicht en handhaving minimaal op niveau. Hierbij onderzoeken we de mogelijkheden om het toezicht en de handhaving nog effectiever te maken door op een andere wijze politiesurveillanten en buitengewone opsporingsambtenaren (boa s) in te zetten. In navolging op het IVP van 2007-2010 wordt de projectmatige aanpak door gemeente en politie van fietsdiefstal voortgezet en wordt ook de versterkte integrale aanpak en bestrijding van georganiseerde criminaliteit gecontinueerd. Het verhogen van betrokkenheid van burgers bij de veiligheid in de buurt is een belangrijk onderdeel van het veiligheidsbeleid voor de komende jaren. Tenslotte zet het college zich in voor een volwaardig politiebureau binnen de gemeente Houten dat goed toegankelijk is voor onze inwoners. Prioriteiten politie Houten 2011 Het integraal veiligheidsplan en de prioriteiten die daarin bepaald zijn vormen de basis voor de inzet van de politie wijkteam Houten. De politie werkt deze prioriteiten vervolgens uit in een operationeel werkplan. De prioriteiten uit het werkplan 2011 vloeien voort uit het vorig IVP. Naast de basispolitiezorg 5 werkt het team aan de veiligheidsthema s uit de Regionale Veiligheidsstrategie (zie hierboven). De focus van het team ligt daarbij op de aanpak van woninginbraken en autokraken en overlast door jongeren. In de afgelopen jaren is doorlopend veel aandacht en tijd gestoken in de aanpak van jongerenoverlast. Hierdoor bestaat er op dit moment niet een echt openbare orde probleem op dit gebied. Om de problemen op het gebied van jongerenoverlast te voorkomen en beheersbaar te houden, blijft aandacht voor deze problematiek hoog op de agenda staan. De politie gebruikt de methodiek Beke/Ferwerda (ook wel shortlistmethodiek) om jeugdgroepen in beeld te brengen en te volgen. Gespecialiseerde werkvormen De gemeente Houten participeert in een aantal gespecialiseerde werkvormen. Zonder uitputtend te willen zijn, noemen we de volgende. Meldpunt Zorg en Overlast Houten is aangesloten bij het meldpunt zorg en overlast. Bij dit meldpunt kan iedereen uit Houten (inwoners maar ook professionals) die zich zorgen maakt over iemand met (veel) problemen zoals psychiatrische klachten, verslaving, vervuiling of schulden een melding doen over de betreffende persoon. Reguliere instellingen kunnen deze mensen vaak niet of onvoldoende bereiken via bestaande kanalen en hebben individuele meldingen nodig om gericht hulp te kunnen bieden. Advies- en Steunpunt Huiselijk Geweld (ASHG) Houten is aangesloten bij het Advies en Steunpunt Huiselijk Geweld stad en regio Utrecht (ASHG). Het ASHG voert de aanpak van de bestrijding huiselijk geweld uit in de stad en regio Utrecht. en is de spil in het netwerk van organisaties die samenwerken om tot een sluitende aanpak in de bestrijding van huiselijk geweld te komen. Werkgroep sociale problemen (Wesp) In deze werkgroep wordt integraal samengewerkt om sociale overlast te verkleinen. Op casusniveau wordt overlast en sociale problematiek besproken en een integrale aanpak afgestemd. Leden van het wesp melden regelmatig zaken aan bij het meldpunt zorg en overlast. Deelnemers aan dit overleg zijn: gemeente, politie, woningcorporatie Viveste, stichting begeleid wonen Utrecht (SBWU), Vitras algemeen maatschappelijk werk. 5 Basispolitiewerk; bestaat globaal uit politietoezicht, preventieadvies, afhandelen verkeersproblematiek, eenvoudig recherchewerk, verlenen van hulp en handhaven van wetten en regels. 10

2.2 Missie, visie en strategische uitgangspunten 2.2.1 Missie Het is de missie van de gemeente en haar partners een integraal veiligheidsbeleid te ontwikkelen en tot uitvoering te brengen met als resultaat enerzijds een afname van criminaliteit en anderzijds de verbetering van de veiligheidsbeleving en van de leefbaarheid. Ingrijpen aan de voorkant voorkomt dat er zwaar moet worden ingezet aan de achterkant: op repressie. Alle schakels van de veiligheidsketen moeten worden benut om criminaliteit en onveiligheidsgevoelens te voorkomen of te beperken. Het is niet alleen de verantwoordelijkheid van de gemeente om de veiligheid te bewaken. Inwoners, instellingen en ondernemingen hebben de verantwoordelijkheid een bijdrage te leveren aan de veiligheid. Partners en inwoners pakken samen de veiligheidsthema s op buurt- en wijkniveau aan. Een samenwerking van de inwoners versterkt de sociale samenhang in de straat, buurt en wijk. Dit draagt bij aan het verbeteren van de veiligheidsbeleving. 2.2.2 Visie Houten is een veilige gemeente. Ondanks de groei van het aantal inwoners is de criminaliteit ten opzichte van een aantal jaren geleden niet toegenomen maar het gevoel van veiligheid daarentegen wel. Het niveau van veiligheid dat we nu hebben bereikt en het gevoel/beleving van onze inwoners daarbij willen we graag vasthouden en waar mogelijk verhogen. Daarbij werken we intensief samen met al onze partners op het gebied van veiligheid. De gemeente streeft naar een Houten waarin de mensen zich prettig (blijven) voelen. Belangrijke kernwaarden zijn: elkaar aanspreken op ongewenst gedrag, maar ook weerbaar zijn en zich beschermd weten. De openbare ruimte is voor iedereen, zowel voor de jeugd als voor de oudere inwoners. Regels worden gehandhaafd en respect is de basisnorm. 2.2.3. Strategische uitgangspunten Zelfredzaamheid en eigen verantwoordelijkheid Het college heeft in haar beleidsambities voor de komende jaren neergelegd dat de versterking van de rol van de burger op het gebied van leefbaarheid en veiligheid van groot belang is. Burgers zijn immers in eerste instantie zelf verantwoordelijk voor hun eigen veiligheid. Van hen mag daarom worden verwacht dat zij actief bijdragen aan het vergroten van hun eigen veiligheid. Bovendien is gebleken dat een actieve houding van burgers hun zelfredzaamheid vergroot en tevens hun gevoel van veiligheid versterkt. Uiteraard kent de eigen verantwoordelijkheid van burgers haar grenzen. Daar waar de veiligheid van burgers gevaar loopt, moeten veiligheidsprofessionals klaarstaan om in te grijpen. De wijze waarop burgers kunnen meewerken aan het bevorderen van de veiligheid is divers. Het organiseren van een straatfeest of barbecue ter versterking van de sociale contacten kan daar al aan bijdragen. Het vergroten van de sociale samenhang, het kennen en gekend worden, speelt een belangrijke rol bij het gevoel van veiligheid. Daarnaast kunnen bewoners ook zorgen voor een schone omgeving door zelf actief een rol te spelen in het tegengaan van vervuiling in hun buurt. Uit onderzoek komt naar voren dat verloedering criminaliteit aantrekt. Een ander voorbeeld van burgerparticipatie op het gebied van veiligheid is Burgernet. Een telefonisch netwerk waarbij burgers door de politie kunnen worden ingeschakeld bij bijvoorbeeld het uitkijken naar een voortvluchtige verdachte of een vermiste persoon. Burgernet is in 2010 in Houten ingevoerd. Om burgers een basis te bieden om eigen initiatieven op het gebied van veiligheid te ontplooien is het bovendien van belang dat de burger weet hoe de veiligheidssituatie in zijn of haar buurt is. Daarom zijn er diverse regionale en lokale ontwikkelingen om burgers te informeren. Voorbeelden daarvan zijn de website www.stopdecriminaliteit.nl maar ook de woninginbraakbrieven die de gemeente stuurt aan directe buren van een pand waar is ingebroken. In deze brief worden bovendien praktische preventietips gegeven. Ondersteunen kracht maatschappelijk middenveld Ook het maatschappelijk middenveld willen we betrekken bij het veiliger maken van onze gemeente. Partners waaraan we denken zijn in eerste instantie ons welzijn- en jongerenwerk. Maar ook onze bedrijven en ondernemers (veilig ondernemen), scholen (aanpak van onveiligheid in en rond de school), en woningcorporaties (bijvoorbeeld de aanpak van woonoverlast en de woninginbraken). De nadruk bij het betrekken van het maatschappelijk middenveld ligt bij uitstek op het vlak van preventie en voorlichting. 11

Van zaakgericht naar dadergerichte aanpak Waar in het verleden de focus bij veiligheid vaak lag op de aanpak van zaken, is deze inmiddels verschoven naar de aanpak van de dader. Mede door de komst van de Veiligheidshuizen in Amersfoort en Utrecht is hierin een belangrijke stap gezet. Alle risicogroepen kunnen rekenen op bijzondere aandacht. De aanpak van veelplegers in de Veiligheidshuizen is een voorbeeld van een dadergerichte aanpak. Via een ketenaanpak, gericht op de combinatie van straf en zorg, wordt getracht het aantal veelplegers en de recidive te doen afnemen. Op termijn zal er een doorontwikkeling zijn van een dadergerichte aanpak naar een meer systeemgerichte aanpak (bijvoorbeeld gericht op het gezin/ de sociale omgeving van een dader). Investeren in jeugd en jongeren Houten kent geen grote problemen met jongeren of jongerengroepen. Met verreweg de meeste jongeren gaat het goed. Ze leveren noch voor zichzelf, noch voor hun omgeving problemen op. Jongeren hebben net als de overige inwoners van Houten het recht om gebruik te maken van de openbare ruimte. Soms gaat dit verblijf in de openbare ruimte gepaard met overlast in meerdere of mindere mate. Dit is iets van alle tijden en zeker niet exclusief toepasbaar op de jongeren van nu. Overlast en de ervaring ervan is bovendien erg subjectief van aard. Uit de respons van inwoners is wel duidelijk dat er behoefte bestaat aan begrenzing van overlast door jongeren. Om ervoor te zorgen dat er geen onaanvaardbare overlast ontstaat, wordt er via de ketenaanpak vooral geïnvesteerd in preventie. De eigen verantwoordelijkheid van bewoners en jongeren en hun ouders is het centrale uitgangspunt bij de aanpak van jeugdoverlast. In geval van problemen die niet onderling oplosbaar zijn, moet men kunnen vertrouwen op de ondersteuning en inzet van gemeente, jongerenwerk en politie. Door gerichte inzet van het jongerenwerk en het nemen van (preventieve) maatregelen op het gebied van de inrichting en het beheer van de openbare ruimte wordt overlast zoveel mogelijk beperkt. Daar ligt ook de nadruk in de aanpak van jongerenoverlast. Daar waar tenslotte de grenzen van het toelaatbare worden overschreden en het arsenaal aan preventieve maatregelen is uitgeput, wordt repressief ingegrepen. Een goede afstemming binnen de ketenaanpak (zowel in de fase van preventie als repressie of curatie/ jeugdzorg) is essentieel en wordt waar mogelijk verbeterd. 2.3 Strategische partners Behalve de gemeente en haar inwoners heeft een verscheidenheid aan andere organisaties een rol en verantwoordelijkheid met betrekking tot veiligheid en leefbaarheid. Politie Bij veiligheid en veiligheidsbeleid wordt vaak eerst naar de politie gekeken. Dat is begrijpelijk want de politie vervult een essentiële rol in het bevorderen van de veiligheid en in het optreden tegen criminaliteit. Maar het is niet altijd terecht. Er zijn immers veel meer partners die een belangrijke rol spelen in het veiligheidsdomein. Binnen de veiligheidszorg vormt de politiezorg wel een brug naar de partners in veiligheid en daarnaast ook een vangnet aan de achterkant van de keten als repressief optreden nodig is. Openbaar Ministerie Het Openbaar Ministerie (OM) is verantwoordelijk voor de strafrechtelijke rechtshandhaving. Daarnaast heeft het OM gezag over de opsporingstaken van de politie, waarmee een belangrijk deel van de politiecapaciteit is gemoeid. Voor de gemeente is het OM een belangrijke samenwerkingspartner, zeker waar het gaat om de aanpak van veelplegers en de jongerenoverlast. Maar ook waar het gaat om ondersteuning bij zaken die een gemeentelijke prioriteit hebben en een gezamenlijke aanpak vergen. Woningcorporatie Viveste Het belang van een woningcorporatie vloeit voort uit het feit dat zij verhuurder is van woningen. Zij is daarmee niet alleen verantwoordelijk is voor een goede staat van het verhuurde, maar ook aanspreekbaar voor de leefbaarheid van de directe omgeving van haar vastgoed. Ook draagt de woningcorporatie zorg voor het rustig woongenot van haar huurders, indien andere huurders dit verstoren door overlast. Daarbij is de woningcorporatie in het kader van wijk- en buurtgericht werken eveneens een belangrijke partner. 12

Welzijnsinstelling Van Houten en Co Bij het oplossen van problemen binnen de gemeenschap is er een belangrijke rol weggelegd voor welzijnsinstellingen. Van Houten en Co biedt als brede welzijnsinstelling ondersteuning aan alle Houtenaren met een welzijnsvraag. De organisatie biedt ondersteuning, begeleiding of advies aan iedereen die behoefte heeft aan de activiteiten van van Houten en Co, zich wil inzetten als vrijwilliger, iets voor de eigen wijk wil organiseren of een andere vraag heeft.. Het jongerenwerk van van Houten en Co speelt een belangrijke rol bij het voorkomen en verminderen van jongerenoverlast. De organisatie doet dit door met de jongeren in gesprek te gaan en de dialoog tussen jongeren en buurtbewoners op gang te brengen waarna afspraken worden gemaakt. Ook biedt het jongerenwerk de jongeren een breed scala aan activiteiten en kunnen jongeren er voor informatie en advies terecht. Scholen Veiligheid en jongeren zijn twee componenten die regelmatig tegelijk genoemd worden. Of het nu gaat om voorlichting over risicovol gedrag of concrete acties zoals controles van bromfietshelmen of fiets(verlichting). Scholen zijn daarom belangrijke partners bij de uitvoering van het veiligheidsbeleid. Zij maken de jongeren dagelijks mee en kunnen zaken als bijvoorbeeld voorlichting aan jongeren op een gestructureerde en directe wijze organiseren. In Houten betreft het scholen in zowel het basisonderwijs als in het voortgezet onderwijs, waarbij het voortgezet onderwijs naast college de Heemlanden inmiddels is uitgebreid met het Wellant en Het Houtens. Deze uitbreiding betekent voor de gemeente twee extra spelers en voor de scholen in Houten een extra verantwoordelijkheid op het gebied van veiligheid en jongeren. Andere partners De overige partners in het veiligheidsveld betreffen de winkeliers/ondernemers (Belangenvereniging Het Rond, Ondernemersvereniging Oude Dorp, Industrieel Kontakt Houten, Stichting Beveiliging Bedrijventerreinen Houten, Ondernemersvereniging Kleine Kernen), horecabedrijven (Koninklijke Horeca Nederland) en sportverenigingen. Tenslotte zijn ook de hulpdiensten (Brandweer, GGD en de Geneeskundige Hulp bij Ongevallen en Rampen (GHOR)) belangrijke partners. Flankerend beleid Het gemeentelijk veiligheidsbeleid staat niet op een eiland maar functioneert binnen een bredere omgeving. De flankerende beleidsprocessen voor dit IVP zijn de interne en externe beleidsprocessen. Hiermee wordt rekening gehouden in het veiligheidsbeleid, en op zijn beurt werkt het veiligheidsbeleid weer door in de processen. De onderstaande opsomming is niet uitputtend maar geeft wel een goed beeld. Interne beleidsprocessen Verkeersveiligheidsbeleid Algemene Plaatselijke Verordening Integraal handhavingsbeleid Externe beleidsprocessen Landelijke wetgeving: o.a. de aanpassing van de Politiewet (nationale politie) Beleid van de Veiligheidsregio Utrecht (VRU) Beleid van de ministeries van Veiligheid en Justitie en BZK Provinciaal beleid Regionale Veiligheidsstrategie 2008-2011 Integraal jeugdbeleid Integrale wijkaanpak: netwerk de Wijk voor elkaar Integraal horecabeleid Regionaal Jaarplan 2011 Evenementenbeleid Crisisbeheersing 13

3 ANALYSE 3.1 Veiligheidsanalyse Veiligheidsthema s Een definitie van veiligheid is bijzonder lastig te geven. Dit heeft te maken met het feit dat de overkoepelende term veiligheid veel verschillende facetten omvat. Op het terrein van integrale veiligheid wordt daarom gewerkt met veiligheidsthema s. Het gemeentelijk veiligheidsterrein beslaat vijf veiligheidsthema s en deze thema s vormen samen de structuur waarlangs de veiligheidsituatie in een gemeente wordt beoordeeld. De vijf thema s zijn: de veilige woon- en leefomgeving, bedrijvigheid en veiligheid, jeugd en veiligheid, fysieke veiligheid, en integriteit en veiligheid. Omwille van de leesbaarheid is in de onderhavige analyse de focus gelegd op die aspecten die in de gemeente Houten op de voorgrond treden. Andere aspecten zijn becijferd en besproken met professionals maar komen niet separaat terug in de analyse. Dit betekent overigens niet dat de gemeente aan deze onderwerpen weinig belang hecht of daarop geen beleid heeft ontwikkeld. Basis van het veiligheidsbeleid Het veiligheidsbeleid is gebaseerd op twee pijlers. De eerste pijler is de objectieve veiligheid die naar voren komt uit cijfers (de harde gegevens). De tweede pijler is de subjectieve veiligheid die tot uitdrukking wordt gebracht door (de mate van) het veiligheidsgevoel (zachte gegevens). In dit hoofdstuk worden beide onderdelen naast elkaar gelegd. Met gebruikmaking van de kennis van de partners in het veiligheidsbeleid en overige relevante informatie wordt een analyse gemaakt van de veiligheidssituatie in Houten. Op basis van die analyse wordt bepaald waar de prioriteiten voor de komende periode liggen. 14

3.1.1 De politiecijfers De eerste pijler van het veiligheidsbeleid zijn de objectieve cijfers van de politie. Delictsomschrijving Aangiften Gemeente Houten Aangiften district Lekstroom Groei/afname In procenten 2010 t.o.v. 2009 2009 2010 2009 2010 Houten District criminaliteit 1.625 1.750 8.495 8.301 +7,7% -2,3% woninginbraken 91 144 711 810 +58% +15% woninginbraak: pogingen 27 56 259 312 +103,7% +20% woninginbraak: geslaagd 64 88 452 498 +37,5% +10,2% geweld: totaal 127 89 752 541-29,9% -28,1% geweld: zeden 1 2 38 18 +100% -52,6% geweld: openlijk 10 12 66 37 +20% -44% geweld: bedreiging 37 24 197 138-35,1% -30% geweld: mishandeling 72 43 390 261-40,3% -33,1% geweld: straatroof 5 4 46 48-20% +4,3% geweld: overvallen 2 2 15 18 0% +20% autokraken 185 234 1.444 1.296 +26,5% -11,2% fietsdiefstal 254 251 910 845-1,2% -7,1% bromfietsdiefstal 23 22 107 134-4,3% +25,2% vernielingen 369 331 1.667 1.500-11,3% -10,1% Veel voorkomende 808 816 4.021 3.641 +1% -9,5% criminaliteit totaal bedrijfsinbraken 94 97 416 364 +3,2% -12,5% winkeldiefstal 50 50 288 257 0% -10,8% overval: pogingen 0 0 4 2 0% -50% overval: geslaagd 2 2 11 16 0% +45,5% overval: gewapend 0 0-0 - - overval: woningen 0 2-11 - - overval: overig object 0 0-11 - - overval: geldtransport Bron: Bureau RVS 0 0-2 - - Conclusie De totale criminaliteit binnen de vijf gemeenten van het district Lekstroom (Nieuwegein, Houten, IJsselstein, Lopik en Vianen) is in 2010 gedaald met 2,3% ten opzichte van 2009. In Houten is de totale criminaliteit gestegen met 7,7%. Deze stijging is voornamelijk bereikt door de explosieve toename van (pogingen tot) woninginbraken en autokraken. Gezamenlijke regiodoelstelling De hoofddoelstelling uit de Regionale Veiligheidsstrategie 2008-2011 is een daling van de totale criminaliteit met 40% in 2011 ten opzichte van 2002. In 2002 werd in het district Lekstroom 11820 keer aangifte gedaan van strafbare feiten. Dit betekent dat in 2010 in het district Lekstroom de geregistreerde criminaliteit met 30% is gedaald. In Houten werden in 2002 2656 aangiften gedaan. In 2009 bedroeg de daling nog zelfs 38,8% en was Houten op dat moment koploper in de regio. De 15

afname van het aantal aangiften is deels teniet gedaan door de forse toename van het aantal woninginbraken in 2010. Hoewel de doelstelling van -40% niet gerealiseerd is, kunnen we spreken van een behoorlijke afname. De aangiftebereidheid is bovendien gelijk gebleven waardoor de cijfers goed met elkaar kunnen worden vergeleken. De grootste stijgers voor district Lekstroom in het overzicht zijn woninginbraken (+15%), bromfietsdiefstal (+25,2%) en het aantal overvallen (+20%). Voor Houten is de grootste stijger het aantal woninginbraken (+58%). Verder valt de stijging van het aantal auto-inbraken op (+26%). Beide onderwerpen vallen onder de regionale veiligheidsthema s en zullen extra aandacht krijgen binnen het wijkteam Houten. Positieve ontwikkelingen zijn zichtbaar op het gebied van geweld en vernielingen. Zo is te zien dat In Houten het aantal geweldsdelicten in 2010 met 30% is afgenomen ten opzichte van 2009. Voor het gehele district was dit een afname van 28,1%. Het aantal vernielingen is eveneens gedaald zowel op districtsniveau (-10,1%) als in de gemeente Houten (-11,3%). 3.1.2. De resultaten uit de leefbaarheidsmonitor 2010 Cijfers over leven en wonen in Houten De gemiddelde inwoner van Houten is zeer tevreden over zijn leefomgeving. In rapportcijfers uitgedrukt scoort de woonomgeving een 7,8. Voor de leefbaarheid en veiligheid in de eigen buurt wordt respectievelijk een rapportcijfer 7,7 en 7,4 gegeven. Met deze cijfers behoort Houten tot de top van Nederlandse gemeenten, ook voor wat betreft de gemeenten tot 50.000 inwoners. Houtenaren voelen zich betrokken bij hun buurt. De sociale cohesie (sociale kwaliteit) is redelijk hoog in Houten, ook landelijk gezien. Bijna een derde van de bewoners geeft aan een actieve bijdrage te leveren aan de leefbaarheid en veiligheid in de eigen buurt. Conclusie Wonen in Houten wordt als prettig ervaren en Houtenaren zijn betrokken bij hun buurt. Cijfers over gevoelens van veiligheid % inwoners dat zich in het algemeen onveilig voelt in Houten Vaak Soms Zelden Nooit 2010 1% 23% 27% 49% 2008 1% 21% 33% 45% 2004-2006 2% 22% 32% 44% Conclusie De cijfers geven aan dat het veiligheidsgevoel in Houten verder is verbeterd. In 2010 voelde 76% van de inwoners van Houten zich zelden of nooit onveilig in Houten. In de eigen buurt ligt dit percentage zelfs op 91%. Hiermee is de doelstelling van het Integraal Veiligheidsplan 2007-2010 voor 2010 deels gehaald. Daarin werd gesteld dat 80% zich in 2010 zelden of nooit onveilig zou mogen voelen. Voor de eigen buurt was de doelstelling dat 90% zich zelden of nooit onveilig mocht voelen. Deze is met 91% gehaald (zie onderstaande tabel). % inwoners dat zich onveilig voelt in hun eigen buurt Vaak Soms Zelden Nooit 2010 1% 8% 12% 77% 2008 1% 9% 17% 70% 2004-2006 1% 11% 13% 73% Conclusie Het gevoel van onveiligheid in Houten neemt zichtbaar af. Van alle respondenten voelt 24% zich wel eens (vaak of soms) onveilig in Houten. Het gevoel van veiligheid is het grootst in de eigen buurt: in 16

de eigen buurt voelt maar 9% van de bewoners zich vaak (8%) of soms (1%) onveilig. Dit is vergelijkbaar met 2008, en gunstiger dan de jaren daarvoor (12%). Top 5 van meest voorkomende problemen in de buurt, naar wijk, 2010 Probleem 2010 Noordwesooswesoost Noord- Zuid- Zuid- Kleine Houten Kernen 1. Te hard rijden 19% 26% 31% 30% 57% 28% 2. Parkeeroverlast 18% 24% 16% 26% 23% 21% 3. Hondenpoep op straat 15% 24% 20% 20% 16% 19% 4. Rommel/zwerfafval 13% 17% 9% 10% 19% 13% 5. Overlast door jongeren 10% 19% 8% 11% Conclusie Aan bewoners is gevraagd wat men het belangrijkste probleem in de buurt vindt dat met voorrang zou moeten worden aangepakt. Men kon daarbij zelf de problemen noemen. De hoogste prioriteit zou volgens de bewoners moeten gaan naar het aanpakken van de parkeeroverlast. Het aandeel bewoners dat dit probleem naar voren brengt neemt bovendien stelselmatig toe, van 6% in 2004 tot 17% in 2010. Ook andere verkeersgerelateerde problemen worden steeds vaker genoemd, zoals te hard rijden (van 7% naar 15%) en verkeersveiligheid (van 3% naar 6%). Overlast door jongeren (7%) en door honden (en katten) (7%) staan beide op de derde plaats. Parkeeroverlast wordt in Zuidoost meer dan gemiddeld genoemd als probleem om met voorrang aan te pakken. In Zuidwest en de kleine kernen en het buitengebied is dat te hard rijden, ook in Zuidoost wordt dit probleem veel genoemd. In Noordoost is, naast parkeeroverlast, overlast door groepen jongeren volgens de bewoners het probleem dat met prioriteit moet worden aangepakt. De belangrijkste problemen die bewoners met voorrang aangepakt willen zien komen globaal overeen met de voorgaande top 5 van meest voorkomende problemen. Opvallend is echter de lagere prioriteit die bewoners aan zwerfvuil geven. Dit ondanks dat dit volgens bewoners relatief vaak voorkomt. Rangorde van de top 5* van meest voorkomende problemen in de buurt, 2002-2010 2002 2004 2006 2008 2010 Te hard rijden 35% 36% 33% 29% 28% Parkeeroverlast 14% 15% 16% 15% 21% Hondenpoep op straat 26% 27% 21% 21% 19% Rommel/zwerfafval 20% 20% 18% 15% 13% Overlast door jongeren 18% 19% 14% 9% 11% Overlast scooters/bromfietsers 24% 30% 23% 18% * *De overlast van scooters/bromfietsers stond tot 2008 in de top 5, maar is in 2010 niet gemeten, de overlast door jongeren komt daardoor in de top 5 terecht. Conclusie Te hard rijden is nog altijd het meest voorkomende probleem, maar het percentage bewoners dat aangeeft dat dit vaak voorkomt in de buurt neemt wel stelselmatig af (van 35% in 2002 naar 28% in 2010). Parkeeroverlast komt ook vaak voor (21%) en is ook toegenomen. Daarnaast ondervinden veel bewoners vaak overlast in de buurt door hondenpoep (19%) en zwerfvuil (13%). Beide vormen van overlast komen volgens de bewoners echter steeds minder vaak voor. Opvallend is verder dat overlast door jongeren in de loop der jaren minder vaak is genoemd, ondanks dat het aantal meldingen van jongerenoverlast wel degelijk is gestegen. Benchmark onderzoek waar staat je gemeente Het kwaliteitsinstituut voor Nederlandse gemeenten (KING) heeft in 2010 voor de eerste maal een benchmark uitgevoerd voor het maatschappelijk thema veiligheid. De gemeente Houten heeft deelgenomen aan deze benchmark en de uitkomsten ervan bevestigen het beeld dat Houten een veilige gemeente is waar de inwoners bijzonder tevreden zijn over de leefomgeving en zich veilig voelen. Houten behoort tot de kopgroep voor wat betreft gemeenten onder de 50.000 inwoners. 6 6 Voor meer informatie: www.waarstaatjegemeente.nl 17

3.1.3. Externe veiligheid Zoals aangegeven kent het gemeentelijke veiligheidsterrein vijf thema s waaronder het thema fysieke veiligheid. Onder dit thema vallen onder meer verkeersveiligheid en voorbereiding op rampenbestrijding maar ook externe veiligheid. Op het gebied van fysieke veiligheid zijn er belangrijke ontwikkelingen geweest in de afgelopen tijd. Deze ontwikkelingen betreffen de invoering van de Wet op de Veiligheidsregio s, het Gebruiksbesluit, de implementatie van Integraal toezicht en handhaving en de verdere doorvoering van Duurzaam Veilig. De mogelijke risicobronnen in Houten zijn op de risicokaart 7 vermeld en betreffen LPG tankstations en vulpunten, hogedruk aardgastransportleidingen, de spoorweg, snelweg en het Amsterdam-Rijnkanaal. In deze paragraaf willen we een aantal ontwikkelingen beschrijven op het gebied van externe veiligheid in Houten, zonder daar uitvoerig in te willen zijn. Het geeft echter wel een juiste inkleuring van de externe veiligheidssituatie in Houten. Definitie Externe veiligheid is een begrip uit het Besluit externe veiligheid inrichtingen (Bevi) en beschrijft de kans dat personen in de omgeving van een activiteit waar met gevaarlijke stoffen wordt gewerkt, slachtoffer worden van een ongeval met die stoffen. Externe veiligheid kan op twee manieren ingedeeld worden. Enerzijds transportrisico en anderzijds het risico bij inrichtingen. Situatie in Houten In Houten kennen wij de volgende risicoveroorzakers: 1. bedrijven met verhoogd extern veiligheidsrisico; 2. vervoer gevaarlijke stoffen over het spoor; 3. vervoer gevaarlijke stoffen over het water, met name Amsterdam-Rijnkanaal; 4. vervoer gevaarlijke stoffen over de weg, met name over de A27; 5. vervoer gevaarlijke stoffen door buisleidingen. Ad 1 Bedrijven Houten heeft drie bedrijven, allen LPG tankstations, die vallen onder de Externe Veiligheid normen. Deze bedrijven beschikken over actuele milieuvergunningen en voldoen aan de wettelijke normen. Ad 2,3,4 Basisnet Voor het vervoer van gevaarlijke stoffen over weg, water en spoor worden zogenaamde risicoplafonds vastgelegd in het binnenkort vast te stellen Basisnet. Voor Houten is vooral het Basisnet Spoor van belang omdat in Houten het risico van transport van gevaarlijke stoffen over het spoor hoger is dan bij transport over de weg of het water. Dit wordt met name veroorzaakt door het feit dat het spoor dwars door Houten loopt. Dat zorgt voor een hoger groepsrisico. De afstand tussen de snelweg / het Amsterdam-Rijnkanaal en aaneengesloten woonbebouwing is groter en daarmee is er een kleinere kans op een ongeval met veel slachtoffers. Langs de transportroutes over weg, water en spoor bevinden zich geen Plaatsgebonden Risico contouren. In het kader van het Basisnet Spoor worden maatregelen genomen zoals een voorkeursroutering vervoer gevaarlijke stoffen via de Betuweroute, warme-bleve-vrij 8 rijden, hotbox-detectie 9 en toepassen van Atbvv 10. Deze maatregelen hebben, ook voor het vervoer door Houten, een positief effect op het niveau van externe veiligheid langs het spoor. Daar waar zich bij nieuwe ontwikkelingen binnen de spoorzone kansen aandienen voor een verdere verbetering van de veiligheidssituatie, zet Houten zich expliciet in om deze kansen zoveel mogelijk te benutten. We zullen de definitieve vaststelling en implementatie van het Basisnet Spoor (en het parallel aan basisnet lopende 7 Voor de meest actuele informatie zie www.risicokaart.nl 8 BLEVE staat voor Boiling Liquid Expanding Vapour Explosion. Dat is de voor externe veiligheid maatgevende calamiteit die zich voordoet als een LPG tank door een brand tot ontploffing komt. BLEVE-vrij rijden houdt in dat de transport combinatie LPG/brandbare vloeistof, die het BLEVE - risico veroorzaakt, niet voorkomt. 9 Hotbox-detectie wordt toegepast om een mogelijke ontsporing van een trein door een vastgelopen as te voorkomen. Het bestaat uit een systeem van warmtesensoren dat in een dwarsligger in de spoorbaan gemonteerd wordt. Dit systeem registreert warmgelopen assen of wielen. De treindienstleider wordt via een signaleringssysteem gewaarschuwd. 10 Verbeterde versie van het systeem voor automatische treinbeïnvloeding dat ook ingrijpt als een trein bij lage snelheid een rood sein dreigt te negeren. 18

Programma Hoogfrequent Spoor) kritisch blijven volgen. De raad is onlangs over deze ontwikkeling met een collegebrief 11 geïnformeerd. Door de maatregelen die genomen worden binnen Basisnet Spoor neemt het te verwachten groepsrisico af van maximaal 8 keer de oriëntatiewaarde naar ongeveer 0,5 keer de oriëntatiewaarde van het groepsrisico. Dat betekent een aanzienlijke verbetering van het veiligheidsniveau ten opzichte van de situatie zonder Basisnet. Bovendien kunnen binnen het risicoplafond zoals dat in het Basisnet wordt vastgesteld alle nu geplande ruimtelijke ontwikkelingen op een verantwoorde wijze doorgang vinden. De te verwachten verbetering in de veiligheidssituatie rechtvaardigt het standpunt dat daarbij geen aanvullende maatregelen langs het spoor nodig zijn. De kans dat er een ongeval met gevaarlijke stoffen gebeurd is erg klein. Desondanks wordt bij ontwikkelingen binnen de spoorzone aangestuurd op het treffen van (preventieve) maatregelen als het zorgdragen voor goede risicocommunicatie, aandacht voor externe veiligheid bij situering van ingang en vluchtroutes en het opstellen en oefenen van ontruimingsplannen. Naar verwachting wordt het Basisnet in 2012 definitief vastgesteld. We zullen de implementatie van het Basisnet en de in dat kader te nemen maatregelen op de voet volgen. Als het nodig is nemen we zelf initiatief om concrete maatregelen sneller gerealiseerd te krijgen. Ad 5 Buisleidingen In Houten lopen diverse ondergrondse pijpleidingen, waarvan met name twee hogedruk aardgasleidingen een risicobron vormen. Deze leidingen lopen weliswaar door het grondgebied van Houten, maar niet binnen de Rondweg. Sinds 1 januari 2011 vallen deze aardgasleidingen onder het Besluit externe veiligheid Buisleidingen (BEVB). Het BEVB verplicht de Gasunie voor 1 januari 2014 bestaande PR knelpunten op te lossen. De gemeente heeft daarbij vooral een controlerende taak. Gemeenten zijn op grond van het BEVB verplicht uiterlijk 1 januari 2016 hun ruimtelijke plannen ten aanzien van de ligging van hoge druk gasleidingen te hebben geactualiseerd. We zorgen ervoor dat er bij nieuwe ruimtelijke ontwikkelingen geen nieuwe risicosituaties ontstaan. 11 Brief van het college aan de raad over externe veiligheid en de voortgang vaststelling Basisnet spoor, d.d. 6 april 2011 (11GR0153) 19

3.2 Terugblik IVP 2007-2010 3.2.0 Algemeen Inmiddels is de gemeente Houten aan haar derde integraal veiligheidsplan toe en dat is niet zonder reden. Integraal veiligheidsbeleid loont. Uit de cijfers van de politie regio Utrecht blijkt dat de veiligheid in de regio en ook in Houten is toegenomen. Door het veiligheidsbeleid integraal vorm te geven én gezamenlijk uit te voeren neemt niet alleen de onveiligheid af, maar groeit ook het gevoel van veiligheid onder de inwoners. Houten doet het goed op het gebied van veiligheid en wil dat graag zo houden. Daarom willen we ook voortborduren op de ingezette koers en met onze partners een nieuw beleidsplan tot uitvoering brengen. Voordat we toekomen aan de nieuwe beleidsdoelstellingen blikken we eerst terug op het vorige IVP. In het IVP 2007-2010 zijn zes speerpunten opgenomen. De terugblik omvat de speerpunten zoals deze zijn bepaald bij de voortgangsrapportage van 2009 12. 3.2.1 Speerpunt 1: Verkeersveiligheid In 2009 staat verkeersveiligheid nog steeds hoog genoteerd als veiligheidsprobleem dat volgens de inwoners van de gemeente Houten moet worden aangepakt. Omdat verkeersveiligheid een belangrijk maar ook veelomvattend thema is, is dit uitgewerkt in een apart beleidsplan, het Verkeersveiligheidsplan 2006-2010. Het verkeersveiligheidsplan vormt het kader voor de aanpak van verkeersonveiligheid in Houten. Inzet politie Terugkijkend op de afgelopen planperiode wordt duidelijk dat afspraken over de inzet van de politie op het speerpunt verkeersveiligheid niet op het juiste niveau zijn gemaakt. Er is volstaan met het maken van afspraken op ambtelijk niveau tussen gemeente en (individuele ambtenaren van) politie. Dit heeft er toe geleid dat de politie een aantal malen niet de gewenste inzet heeft kunnen leveren. Tijdens de behandeling van de perspectiefnota in de raad van juni 2011 is het beeld ontstaan dat dit gebrek aan inzet te wijten zou zijn aan de politie en het openbaar ministerie. Dat is niet helemaal juist. Het heeft te maken met het feit dat afspraken over de inzet van politie (ook) op beleidsniveau gemaakt moeten worden door de burgemeester en de wijkchef van de politie Houten. Dat is niet gebeurd. De wijkchef is vervolgens verantwoordelijk voor het nakomen van de gemaakte afspraken omtrent inzet van politiecapaciteit binnen de politieorganisatie. Dit uitgangspunt zal de komende periode beter en strakker worden gehanteerd. Bij de behandeling van de perspectiefnota is een motie van de ITH aanvaard waarin de burgemeester is verzocht om in overleg te treden met de hoofdofficier van Justitie van het Arrondissementsparket Utrecht en met de korpschef van politie. Doel van het overleg zou moeten zijn (meer) handhavingcapaciteit beschikbaar te krijgen van het Openbaar ministerie en politie voor de verkeersveiligheid in Houten. Gezien het voorgaande lijkt de uitvoering van de motie niet nodig en kan er met deze hiervoor beschreven werkwijze herhaling worden voorkomen. Snelheid in 30-km zones Wat hebben we gedaan? Metingen en inzet TSV-team De gemeente heeft twee snelheidsdisplays aangeschaft om te kunnen reageren op klachten over snelheden en tegelijkertijd het gedrag van automobilisten te kunnen beïnvloeden. De display meet de snelheid en laat deze ook direct zien aan de automobilist. In 2008 en 2009 hebben de displays op veel plaatsen gehangen. Uit metingen binnen de bebouwde kom blijkt dat snelheden boven 30 km per uur in woonwijken nauwelijks voorkomen. Daarentegen is in het buitengebied wel geconstateerd dat er harder gereden wordt dan is toegestaan. De inwoners van Houten vinden het belangrijk dat er gecontroleerd wordt op snelheid in 30-km zones. Voor de politie ligt de prioriteit echter niet bij snelheidscontroles in deze gebieden omdat er over het 12 voortgangsrapportage Integraal Veiligheidsplan (IVP), raadsbesluit 2009-029 20